RIB.23.068 Zorgdossier Sturing op kwaliteit
Tekst van het document
Stuknummer: 23.0004928
Raad 26-09-2023 RIB.23.068
raadsinformatiebrief van
: Burgemeester en wethouders
portefeuillehouder
: R. Bouten
aan
: De leden van de gemeenteraad
datum
: 09/08/2023
status
: Schriftelijke raadsvragen
openbaar
: Ja
Onderwerp Antwoorden raadsvragen VVD zorgdossier Sturing en Inkoop
Aanleiding De VVD heeft raadsvragen gesteld: Zorgdossier Sturing op kwaliteit/controle Programma en Inkoop Sociaal Domein.
Beantwoording WMO-Zorg Administratieve zaken: 1. Matchingsformulier: Moet door de gemeente worden beoordeeld en teruggestuurd naar zorgaanbieder. Waarom gebeurt dit niet of nauwelijks waardoor vertraging optreedt in het starten van de behandeling? Ambtenaren binnen gemeente HadM “vergeten” dit vanwege de grote werkdruk of menen dat dit ingevuld moet worden door de zorgaanbieders. Wat is de mening van het College met betrekking tot dit formulier en kan zij aangeven wat de meerwaarde is van een dergelijk formulier? Het matchingsformulier wordt gedeeltelijk door de verwijzer en gedeeltelijk door de aanbieder gevuld. Dit is een uniforme werkafspraak tussen alle gemeenten in de regio Noord-Limburg en de gecontracteerde aanbieders. De implementatie van het formulier is per gemeente apart gedaan, passend binnen de processen van die specifieke gemeente. In Horst aan de Maas liep dit tegelijk met een aantal andere implementaties, waardoor dit niet helemaal vloeiend is verlopen. Inmiddels werken alle consulenten met het matchingsformulier. 2. Waarom mogen zorgaanbieders in het nieuwe stelsel geen contact hebben met cliënten voordat cliënten met ambtenaren van de gemeente hebben gesproken? Voor zorgaanbieders praktisch een onwerkbare situatie omdat vaak een zorgvraag opkomt bij b.v. familie van cliënten en die gaan handelen.
Bij de gemeente HadM duurt het nu gemiddeld 8 weken tot er een eerste inventarisatie is gemaakt middels een zogenaamd “keukentafel” gesprek”. Tijdens corona was dit zelfs opgelopen tot 4 maanden terwijl aan de andere kant zorgondernemers plaatsen vrij hadden. Initiatieven om dit op korte termijn gezamenlijk op te lossen zouden door gemeente Horst aan de Maas niet omarmt worden. Waarom niet? Binnen de Wmo is bepaald dat de gemeentelijke toegang (die is gemandateerd door het college om namens het college te verwijzen, in Horst aan de Maas de gebiedsteams) mag verwijzen naar WmoBezoekadres: BezoekAdres, PlaatsBA
Postadres / PostCodePA PlaatsPA
T TelefoonNummer
F FaxNummer
Pag. 2 van 8
ondersteuning. Binnen de Jeugdwet is bepaald dat een aantal wettelijke verwijzers mogen verwijzen naar jeugdhulp in het kader van de Jeugdwet: de gemeentelijke toegang die is gemandateerd door het college om namens het college te verwijzen (in Horst aan de Maas de gebiedsteams), de gecertificeerde instellingen en de huisarts, medisch specialist of jeugdarts. Bij het verhelderen van de vraag onderzoeken zij wat de cliënt/het gezin nodig heeft en of inzet van Wmo- of jeugdhulp noodzakelijk is binnen de kaders van de betreffende wet. Deze wettelijke verwijzers mogen Wmo- of jeugdhulp indiceren/hiernaar verwijzen en als deze is geïndiceerd, is de gemeente verplicht deze te betalen. Zolang deze indicatie of verwijzing niet heeft plaatsgevonden, zijn er geen afspraken over hoe de cliënt het beste geholpen kan worden, met welke kwaliteitseisen, wanneer we tevreden zijn en welke prijsafspraken we hierover maken. Een aanbieder kan daarom niet starten zonder een indicatie. Daarnaast zijn zorgaanbieders vaak ook commerciële partijen. Het komt regelmatig voor dat aanbieders zelf cliënten benaderen, bijvoorbeeld door flyers voor bepaalde hulptrajecten te verspreiden (bijv. op scholen) of door zelf actief cliënten te werven voor een bepaalde hulpvorm, bijv. groepstrainingen. Dit belemmert het werk van verwijzers in hun taak om objectief de specifieke situatie van de cliënt te beoordelen. 3.
Doordat er pas laat een keukentafel gesprek aangevraagd wordt zien de zorgondernemers dat de doorstroom van WMO naar WLZ vaak binnen een jaar een feit is. Waarom niet de WMO zorgprofessional zelf inzetten voor dat ene jaar zeker omdat zij diegene zijn die de acceptatie doet en aantal dagdelen vaststelt? Levert veel tijdswinst op voor gemeente. De Wmo-consulent van de gemeente heeft een verwijzende rol. Een indicatie voor de Wlz loopt altijd via het CIZ. Voordat een Wlz-indicatie een feit is, kan Wmo-hulp nodig zijn. Gemeente Horst aan de Maas kiest ervoor langdurigere hulpverlening in te zetten door middel van een indicatie bij een gecontracteerde aanbieder. 4. Wachtlijst bemiddeling: Er is geen centrale administratie bij het Sociaal Domein of gemeente HadM waar wachtlijsten en beschikbaarheid van zorgaanbieders voor WMO staan afgestemd. Daardoor doet het zich regelmatig voor dat cliënten meerdere dagdelen bij verschillende zorg-ondernemers hun dagbesteding bezetten: Is dit wel efficiënt en wenselijk? Er zijn meermaals acties geweest om wachtlijsten inzichtelijk te krijgen, maar dit blijkt ontzettend lastig. Áls wee dit doen, willen we dat het betrouwbaar is.
Waarom lastig: Enerzijds om eenzelfde definitie te hanteren van wachten, want vanaf welk moment meet je? En is een wachtlijst altijd erg? Of wil je het vooral hebben over het moment waarop wachten schadelijk wordt? Ook keuzes van cliënten zelf hebben invloed op een wachtlijst (bijv. het komt nu niet uit). Anderzijds is het ook lastig, omdat we met veel verschillende zorgaanbieders samenwerken, die ieder weer veel verschillende zorgvormen kennen met allemaal een andere wachtlijst en wachttijd. Dit vraagt ook om een lastenverzwaring bij aanbieders om voor elke hulpvorm wekelijks de wachtlijst up to date te houden. Ook fluctueert een wachtlijst vaak behoorlijk en hebben spoedcasussen invloed hierop. 5. Er wordt via het sociaal domein samengewerkt met 9 verschillende gemeenten. Waarom is het dan nog steeds zo dat iedere gemeente daarboven op nog specifieke eisen stelt? De MGR Sociaal Domein is een gemeenschappelijke regeling van de 7 Noord-Limburgse gemeenten. Daarnaast zijn voor één module de 7 Midden-Limburgse gemeenten toegetreden tot de MGR Sociaal Domein. De contracten en afspraken met zorgaanbieders zijn voor alle 7/14 gemeenten gelijk en een gemeente kan hier niet van afwijken. Voor de uitvoering van de toegang (in Horst aan de Maas de gebiedsteams) is afgesproken dat we zoveel mogelijk uniform werken, maar er zijn onderdelen waarop gemeenten eigen keuzes kunnen maken.
2
Pag. 3 van 8
Financiële zaken: 6. In de aanbesteding is in eerste instantie een vast bedrag afgesproken voor bijvoorbeeld WMO segment 2B ouderen dagbesteding voor alle geselecteerde marktpartijen. In oktober 2022 heeft er een prijscorrectie plaatsgevonden na een gesprek met de gemeente Horst aan de Maas. Deze prijscorrectie is doorgevoerd bovenop de jaarlijkse indexering. Is dit met instemming van alle partijen gebeurd? Ja. 7. Cliëntenvervoer van en naar de locatie wordt in sommige gevallen als “niet gecontracteerd” bestempeld en valt daarmee in de laagste vergoedingen-schaal. Tarieven voor vervoer van diezelfde client, dezelfde afstand, zouden vanuit WLZ en WMO twee tot wel drie maal hoger zijn. Vanuit WLZ wordt de hoogste vergoeding betaald op basis van taxitarief terwijl er geen specifieke begeleiding is tijdens het vervoer. Hoe kan het dat deze tarieven zoveel verschillen? Vervoer naar dagbesteding is in eerste instantie een verantwoordelijkheid van de cliënt en zijn netwerk. Als zij dit niet zelf kunnen, kan een verwijzer hier een indicatie voor afgeven. Hiervoor hanteert de regio Noord-Limburg voor Wmo 1 tarief zonder rolstoel en 1 tarief met rolstoel. Deze tarieven zijn afgesproken met de aanbieders en liggen vast in contracten. Vanuit de Wlz hebben aanbieders andere contracten met andere afspraken, dus kunnen tarieven ook verschillen. 8.
Indexering van overeengekomen tarief vindt plaats op basis van beschikking van een jaar. In de praktijk betekent dit dat iemand die een beschikking heeft gekregen op 1 december de zorgverlening gedurende het gehele opvolgende jaar tegen het oude tarief kan declareren terwijl de kosten wel zijn gestegen. Zorgverleners kunnen hierdoor in de problemen komen. Waarom is er niet gekozen voor jaarlijkse indexatie op basis van het kalender jaar? We hebben als regio het zorgdomein gesegmenteerd, zodat we per segment passende keuzes konden maken. Sommige zorgvormen financieren we daarom op basis van stukstarieven (bijv. hulp bij huishouden), sommige op basis van PxQ (bijv. pleegzorg) en andere zorgvormen op basis van “eurotrajecten” (bijv. GGZ). Bij stukstarieven en PxQ wordt de indexering direct per 1 januari van het nieuwe jaar doorgevoerd. Bij eurotarieven is hier destijds een andere keuze gemaakt, omdat het systeemtechnisch niet mogelijk was en op die manier wilden we de administratieve lasten voor gemeenten en aanbieders beperken. Het benoemde probleem is bekend en de volgende oplossing wordt onderzocht: Hierdoor misgelopen indexering compenseren met een toeslag en dit ook met terugwerkende kracht repareren voor voorgaande jaren. Hierop is nog wel regionale besluitvorming nodig. Communicatie, Innovatie en Transparantie: 9.
Standaard terugbelverzoeken van contractmanagers hebben een doorlooptijd van een week. Hoe kan het dat hun bereikbaarheid zo slecht is? Welke acties worden ondernomen om de bereikbaarheid te verhogen? De capaciteit van de MGR is per +/- mei op orde, waardoor deze problemen zijn opgelost. 10. Uit de verschillende gesprekken is gebleken dat er een groot verloop is bij de contractmanagers. Is er sprake van onderbezetting en zijn er openstaande vacatures? De capaciteit van de MGR is per +/- mei op orde, waardoor deze problemen zijn opgelost. 11. Besluiten van gemeente HadM zijn volgens zorgondernemers onherroepelijk en er bestaat geen mogelijkheid om in beroep te gaan tegen een beslissing. Hoe en waar kan een eventueel bezwaar worden gemaakt? Gemeente Horst aan de Maas indiceert hulp en ondersteuning voor cliënten. Dit wordt vastgelegd in een leefzorgplan, wordt opgestuurd naar de cliënt, deze ondertekent het leefzorgplan en vervolgens maakt de gemeente een beschikking. De beschikking is het officiële besluit van de gemeente waaruit blijkt dat de inwoner recht heeft op een bepaalde hulpvorm. Als de inwoner het niet eens is met dit besluit, kan hij
3
Pag. 4 van 8
bezwaar maken (zie Bezwaar en beroep | Gemeente Horst aan de Maas). Een zorgaanbieder kan geen bezwaar maken tegen dit besluit, omdat dit een besluit voor de inwoner betreft. Wel kan een zorgaanbieder hierover in gesprek gaan met de betreffende verwijzer en, wanneer nodig, een signaal afgeven bij contractmanagement (MGR) om dit te bespreken. 12. Waarom is geen adviesraad binnen de gemeente HadM op het gebied van sociaal domein, terwijl dit wel het geval is bij andere gemeenten, zoals b.v. in Venray . De gemeente Horst aan de Maas kent de BurgerAdviesRaad die ons gevraagd en ongevraagd mag adviseren op onder andere zaken uit het Sociaal Domein. 13. Inmiddels heeft de gemeente Nijmegen ruime ervaring opgedaan met dit systeem van zorg inkoop en heeft besloten om weer terug te gaan naar het oude systeem. Ambtenaren binnen de gemeente Nijmegen hebben aangegeven dat het systeem gewoon niet werkt en tot veel frustratie leidt bij zowel ambtenaren, zorgprofessionals als cliënten. Wat is uw voorlopige mening na een jaar volgens dit nieuwe systeem te hebben gewerkt ? Vanuit het project sturing en inkoop hebben we gekeken naar een zo goed mogelijk passende systematiek voor de regio Noord-Limburg en vanuit wat we willen bereiken zijn we tot deze systematiek gekomen. We weten dat er geen ultieme systematiek is en elke systematiek kent zijn eigen voor- en nadelen.
Met name bij een grote overgang zoals de regio deze gehad heeft van 2021 naar 2022 lopen zaken goed en zijn er knelpunten. De grote lijnen staan en zo’n grote verandering heeft tijd nodig om bijgeschaafd te worden. Hier zijn we als gemeente, samen met de andere gemeenten, MGR, aanbieders, toegangen, enz. dagelijks mee bezig en hebben we alle vertrouwen in. Jeugdzorg Administratieve zaken : 14. Stichting Kwaliteit Jeugd (SKJ) registratie is een vereiste voor alle zorgaanbieders op gebied van jeugd. Gemeenten gaan echter verschillend om met de duur van een zogenaamd Erkenning Verworven Competenties (EVC) traject. De Gemeente Horst aan de Maas hanteert een standaard transitietijd van 2 jaar, terwijl andere gemeenten 5 jaar hiervoor nemen? Vorenstaande heeft negatieve gevolgen voor zorgaanbieders en hun personeel. Waarom hanteert de gemeente HadM een andere transitietijd dan de andere gemeenten? We herkennen dit punt niet. Gemeente Horst aan de Maas heeft geen andere keuzes gemaakt in het omgaan met EVC-trajecten en in principe loopt dit via de contracten met de MGR. Ook de MGR herkent dit punt niet. 15. Matchingsformulier; Idem als omschreven bij WMO. Zie antwoord vraag 1. 16.
Waarom mogen zorgaanbieders in het nieuwe stelsel geen contact hebben met cliënten voordat cliënten met ambtenaren van de gemeente hebben gesproken? Idem als bij WMO voor zorgaanbieders praktisch een onwerkbare situatie omdat vaak een zorgvraag opkomt en omgeving van cliënten gaat handelen. Bij de gemeente HadM duurt het nu gemiddeld 8 weken tot er een eerste inventarisatie is gemaakt middels een zogenaamd “keukentafel” gesprek”. Zie antwoord vraag 2. 17. De gemeente zou maar een beperkt aantal namen van zorgverleners doorgeven. Welke systematiek wordt gehanteerd door uw medewerkers om iedere gecontracteerde ondernemer gelijke kansen te geven op de deze verwijzing? De regio heeft ervoor gekozen een beperkter aantal aanbieders te contracteren door de kwaliteitseisen te verhogen, maar het aantal aanbieders op sommige segmenten is nog steeds groot (50+). Elke aanbieder heeft zijn eigen expertise. Onze verwijzers kennen veel aanbieders en hebben met veel aanbieders ervaring. Ook overleggen ze veelvuldig met hun team (inclusief gedragswetenschapper),
4
Pag. 5 van 8
ook als het gaat om welke aanbieder(s) passend zijn. Toch blijft dit mensenwerk en hebben verwijzers ook voorkeuren voor partijen waar de samenwerking zeer prettig mee verloopt. Dit geven zij mee aan cliënten, echter zijn cliënten vrij om te kiezen voor elke gecontracteerde aanbieder die bij kan dragen aan het oplossen van de hulpvraag. 18. Als er capaciteit is bij een zorgverlener en er is een leefzorgplan opgesteld moet dit door client worden ondertekent alvorens de procedure verder kan gaan. In de praktijk betekent dit dat het tot wel 4 maanden kan duren voordat er een matching tot stand is gebracht. (zie ook matchingformulier en financiële zaken). Welke maatregelen gaat de gemeente treffen om de wachttijd tot een behandeling te minimaliseren? Wettelijk gezien is een ondertekend leefzorgplan pas een officiële aanvraag. Deze hebben we als gemeente nodig om een beschikking op te kunnen stellen. Een aanbieder kan pas betaald krijgen voor geleverde hulp, als de beschikking definitief verstuurd is. Dit proces stroomlijnen we zo goed mogelijk, maar kost ook tijd. We blijven in gesprek hierover en passen zaken aan waar mogelijk. 19. Wachtlijst bemiddeling: er is geen centrale administratie bij Sociaal domein of gemeente HadM waar wachtlijsten en beschikbaarheid van zorgaanbieders voor ambulante jeugdzorg.
Daardoor kan er dus geen monitoring plaatsvinden van wachtlijsten (groei of daling) of overcapaciteit (daling of stijging). Andere gemeenten zoals bijv. Helmond hebben een digitaal systeem wat de wachttijden en beschikbaarheid weergeeft en dat gebruikt wordt voor monitoring. Zo’n systeem is snel, overzichtelijk en tijdbesparend. Waarom gaat de gemeente HadM niet over op zo’n digitaal systeem? Wij hebben veelvuldig onderzoek gedaan naar de beste manier om wachtlijsten te monitoren, maar komen daarbij tot de conclusie dat dit systeem ons probleem niet oplost, maar wel veel tijd en geld kost. Voor aanvullend antwoord zie vraag 4. 20. Waarom audit de gemeente HadM al haar leveranciers?. Naast zeer veel tijd betekent dit tevens een extra kostenpost van ongeveer 1500 euro voor zorgaanbieders. Dit terwijl de zorgprofessionals SKJ geregistreerd zijn en gecontroleerd worden door de beroepsgroep middels een kwaliteitskeurmerk. Een ZPP-er vragen om een rapport Verantwoord Maatschappelijk Ondernemen is ons inziens schieten met een kanon op een mug en gaat ten koste van de beschikbare capaciteit. De MGR beheert de contracten namens de 7 gemeenten. In de contracten hebben we veel zaken geregeld, zowel op zorg- en kwaliteitsgebied als ook op ondernemersgebied. Hier hebben we als regio/gemeenten een taak in die contractueel of wettelijk is vastgelegd.
Dit is de reden dat we contractgesprekken voeren met onze aanbieders, maar ook bepaalde onderdelen, zoals een jaarrekening of plan van aanpak Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen opvragen. 21. Zorgleveranciers geven aan dat voor een ambulante jeugd zorgverlener er structureel 1 dagdeel per week verloren gaat aan administratieve last. Welke maatregelen gaat de gemeente treffen in het kader van de samenwerking om deze last te reduceren? Waar mogelijk zijn we met aanbieders in gesprek over thema’s om administratieve lasten te beperken, maar op andere onderdelen kunnen we wettelijk of contractueel geen andere keuzes maken. Om de administratieve lasten te beperken hebben we contracten voor minimaal 4 tot maximaal 10 jaar gesloten. Voordeel is dat dit administratieve lasten enorm beperkt, omdat we niet jaarlijks een nieuwe aanbesteding of contracteringsronde hoeven te doen. Nadeel is dat veel is vastgelegd, wat we niet kunnen wijzigen. Op deze onderdelen kunnen we binnen het huidige contract dus ook niks bijstellen.
Financiële zaken: 22. In de aanbesteding is in eerste instantie de hoogte van dagtarief Jeugdzorg vastgesteld op 112 euro/dag/per kind in gemeente HadM. Het laagste in heel Nederland wat ook door de rechter is bevestigd en gecorrigeerd is naar 148,37 euro/dagdeel. Dit tarief is volgens zorgverleners nog steeds
5
Pag. 6 van 8
onvoldoende om kostendekkend te zijn. Zeker in het geval van meervoudige gedragsproblematiek waar een gedragstherapeut moet worden ingeschakeld. Ter vergelijk in NO Brabant wordt een tarief gehanteerd van 190 euro; In Zuid Limburg 167 euro/dag/per kind. Is het bekend dat zorgverleners uit de gemeente HadM geen jeugd uit onze gemeente opnemen, maar wel de jeugd uit NO-Brabant? Uit de context wordt opgemaakt dat dit gezinshuizen betreft. Daarop het volgende antwoord: Elke regio heeft zijn eigen eisen gesteld, waaronder kwaliteitseisen. Dit maakt dat regio’s niet zomaar op basis van tarief te vergelijken zijn, want hier kunnen wezenlijk andere eisen achter zitten die zorgen voor hogere of lagere kosten. In onze regio hebben we een kostprijsonderzoek gedaan, waarbij aanbieders onderdeel zijn geweest om de parameters mee te bepalen. Daar kwam deze kostprijs als passend uit. Vervolgens zijn, na het kort geding, de parameters nog aangepast, waarop het tarief ook is aangepast. We willen nadrukkelijk niet concurreren met onze buurregio’s, daarom verhogen we de tarieven niet verder. We zijn als regio met de gecontracteerde aanbieders in gesprek over hoe we pleeg- en gezinshuisouders kunnen behouden én nieuwe kunnen aantrekken. 23.
Zorgcontracten van een jaar geven geen basis voor continuïteit bij de zorgverleners; In de gezinszorg waar vaak voor meer jaren bancaire investeringen nodig zijn om de kwaliteit van zorg en huisvesting op peil te houden is deze financiële onduidelijkheid onverantwoord naar client en zorgondernemer. Zijn zorgcontracten, gelet op vorenstaande, voor langere tijd mogelijk? We hebben op dit moment contracten voor minimaal 4 en maximaal 10 jaar. 24. Indexering van tarief vind plaats op basis van beschikking van een jaar. In de praktijk betekent dit dat iemand die een beschikking heeft gekregen op 1 december de zorgverlening gedurende het gehele opvolgende jaar tegen het oude tarief mag declareren terwijl de kosten wel zijn gestegen. Zorgverleners kunnen hierdoor in de problemen komen. Kunnen tarieven tussentijds in redelijkheid niet worden aangepast? Zie antwoord vraag 8. 25. Gemeente HadM is zeer restrictief met het verstrekken van een PGB budget en verwijst standaard naar Sociaal Domein. Hoe is het dan toch mogelijk dat er echter een uitzondering is die dit wel voor haar cliënten voor elkaar krijgt? Onze verwijzers onderzoeken de hulpvraag van cliënten en kijken vervolgens welke hulp het best passend is. In de meeste gevallen is Zorg in Natura passend. Dit betreft onze gecontracteerde aanbieders.
Dit zorgt ook voor de minste administratieve lasten voor zowel cliënt, aanbieder als gemeente. Bij sommige hulpvragen kan een pgb juist wel passend zijn. Daarbij is pgb-vaardigheid van de budgethouder een belangrijk punt wat onderzocht wordt. Is een pgb het best passend bij de hulpvraag én is de budgethouder pgb-vaardig? Dan kan een pgb afgegeven worden. 26. Steeds meer zorgaanbieders in HadM kiezen ervoor om niet een contract aan te gaan met sociaal domein. Dit scheelt ongeveer 5-10 % aan administratieve tijd en tariefstelling is daarmee onderhandelbaar. In tegenstelling tot WMO zorg, constateren wij dat er binnen de jeugdzorg hogere tarieven wordt vergoed voor niet gecontracteerde zorgverleners omdat er een capaciteit probleem is. Dus aan de ene kant bespaar je door een lager tarief op te leggen via een centrale aanbesteding maar aan de andere kant vliegt het geld er uit aan niet gecontracteerde zorg. Hoe vaak maakt de gemeente HadM gebruik van niet gecontracteerde zorgverleners? We zijn zeer terughoudend met de inzet van niet gecontracteerde aanbieders. Als één van de gecontracteerde aanbieders de zorg kan bieden, kan er nooit gekozen worden voor een nietgecontracteerde aanbieder. Enkele redenen wanneer wel voor een niet gecontracteerde aanbieder wordt gekozen: - Als de cliënt ver weg woont (denk bijv.
Amsterdam, Rotterdam, Friesland, enz.), maar gemeente Horst aan de Maas wel verantwoordelijk is, dan is een zorgaanbieder uit die regio beter passend.
6
Pag. 7 van 8
-
Als de cliënt een zeer specifieke zorgvraag heeft waarvoor expertise nodig is die geen enkele gecontracteerde aanbieder kan bieden. - Er is slechts één of een zeer beperkt aantal gecontracteerde aanbieders die deze hulp kan bieden, maar daar is een vertrouwensbreuk ontstaan. 27. De IT ondersteuning dmv Negometrix / Vecozo systeem zou de declaratiestroom moeten ondersteunen, echter dit systeem is volgens gebruikers zeer rigide / gebruiksonvriendelijk. Inmiddels zijn er verschillende gemeenten binnen het sociaal domein die aan de zorgaanbieder vragen om buiten het systeem om te declareren. Waarom houdt de gemeente HadM vast aan declaraties via dit systeem? Om administratieve lasten te beperken werken we met het landelijk afgesproken systeem. Declareren buiten dit systeem vraagt bij duizenden indicaties per jaar namelijk nog veel meer administratieve lasten, zowel bij gemeenten als bij aanbieders. 28. Financiële transitie van Jeugdwet naar WMO is in Horst aan de Maas niet goed geregeld waardoor en lange tijd onduidelijkheid heerst bij cliënten. Voorbeeld van begeleid wonen. Er wordt een tarief / vergoeding gehanteerd van > 3000 euro per maand voor iemand die 17 is . Indien client 18 wordt is er slechts een budget beschikbaar van 800 euro.
Om deze financiële val te voorkomen is er bestaande wetgeving; “verlengde jeugdzorg wet” die door andere gemeenten binnen het sociaal domein wordt gebruikt om snel duidelijkheid te verschaffen aan deze kwetsbare jongeren. Gemeente HadM doet dit niet en zorgt dus voor veel stress bij deze kwetsbare jongeren. Waarom maakt de gemeente HadM geen gebruik maakt van deze verlengde jeugdzorg wet? De verlengde Jeugdwet kan en mag alleen ingezet worden als er geen andere voorliggende wet is. Wanneer een cliënt op 17-jarige leeftijd zelfstandig wonen training ontvangt, is er binnen de Wmo vanaf 18-jarige leeftijd begeleiding beschikbaar. Dan kan en mag de Jeugdwet hier niet meer voor worden ingezet. Naast het veranderende wettelijk kader van Jeugdwet naar Wmo, zijn er meer wettelijke kaders waar gebruik van gemaakt kan worden. Denk bijvoorbeeld aan een uitkering en toeslagen. Dit wordt altijd meegenomen in het complete verhaal en wordt per cliënt specifiek bepaald. Communicatie, Innovatie en transparantie: 29. In grote lijnen zie omschrijving, opmerkingen en vragen bij WMO. N.v.t. 30. De productomschrijving van de gecontracteerde zorg is in elke gemeente anders. Iedere gemeente hanteert daarbij zijn eigen regels en dit zorgt voor verwarring bij de zorgverlener die cliënten heeft van verschillende gemeenten. Dit zorgt voor extra administratieve last bij de zorgverlener.
Kan dit niet anders geregeld worden? De 7 gemeenten van Noord-Limburg hanteren dezelfde productbeschrijvingen die beschikbaar zijn op de website van de MGR. Andere regio’s kunnen andere productbeschrijvingen gebruiken. Elke aanbieder heeft zelf de keus om met één of meerdere regio’s contracten te sluiten. Twee procespunten Naar aanleiding van de vragen willen we nog twee punten meegeven: 1. In een aantal vragen zijn onjuiste feiten en aannames geslopen. Deze hebben we niet benoemd in de beantwoording. We hebben geprobeerd de vragen op die manier te beantwoorden zoals we denken dat ze zijn bedoeld. 2. Een aantal vragen (dertien) is in eerdere gesprekken al beantwoord. Dit omdat we, naar aanleiding van het traject van bestuurlijke vernieuwing graag met vragenstellers in gesprek gaan. Onze voorkeur gaat in het vervolg uit naar vragen 1 keer beantwoorden, gelet op de ambtelijke capaciteit.
7
Pag. 8 van 8
Bijlagen Geen.
8