RIB.23.031 Jaarverslag CRK 2018-2021
Tekst van het document
Stuknummer: 23.0000208
Raad 11-04-2023 RIB.23.031
raadsinformatiebrief van
: Burgemeester en wethouders
portefeuillehouder
: Eric Beurskens
aan
: De leden van de gemeenteraad
datum
: 02/05/2022
status
: Actieve informatie
openbaar
: Ja
Onderwerp RIB jaarverslagen van 2018-2020 en 2021 van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit. Aanleiding Op basis van de Verordening op de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK) 2012 heeft de CRK de verplichting om jaarlijks een verslag van haar werkzaamheden op te stellen voor de gemeenteraad. In de afgelopen jaren zijn de jaarverslagen niet opgesteld en daarna niet tijdig aangeleverd. Bijgaand treft u daarom de jaarverslagen aan over de jaren 2018-2020 en 2021. Het jaarverslag voor 2022 ontvangt u voor 1 april. Jaarverslag 2018-2020 In de jaren 2018 tot en met 2020 zijn door de secretaris van de CRK geen verslagen opgesteld. In 2021 is er voor gekozen om door de secretaris ad interim een cumulatief jaarverslag op te stellen. Dit cumulatieve jaarverslag is echter niet aangeboden aan het college van B&W en de gemeenteraad. Jaarverslag 2021 In 2021 is een nieuwe secretaris van de CRK aangesteld. In samenwerking met de commissieleden is een jaarverslag opgesteld voor 2021. Dit jaarverslag is aangeboden aan de portefeuillehouder. Daarna is door prioritering van werkzaamheden en beperkte capaciteit is het jaarverslag niet verder de procedure in gestuurd. Jaarverslag 2022 Inmiddels is de commissie in samenwerking met de secretaris het jaarverslag van 2022 aan het opstellen.
Dit jaarverslag dient conform de afgesproken termijnen aangeboden te worden aan het college van B&W en de gemeenteraad. Kennisgeving aan de gemeenteraad De jaarverslagen zijn opgesteld ter kennisgeving aan de Gemeenteraad van Horst aan de Maas conform artikel 12b, derde lid van de Woningwet en artikel 9.14 van de Bouwverordening. De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Via deze raadsinformatiebrief bieden wij u het cumulatieve jaarverslag van 2018-2020 en het jaarverslag van 2021 ter kennisneming aan.
Bezoekadres: BezoekAdres, PlaatsBA
Postadres / PostCodePA PlaatsPA
T TelefoonNummer
F FaxNummer
Pag. 2 van 2
Communicatie De informatie in het jaarverslag is openbaar, maar wordt naast de kennisgeving aan uw raad niet separaat gepubliceerd.
Bijlagen • Jaarverslag Commissie Ruimtelijke Kwaliteit 2018-2020 • Jaarverslag Commissie Ruimtelijke Kwaliteit 2021
2
Jaarverslag 2021 Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Gemeente Horst aan de Maas
Inhoud 1.
Inleiding.................................................................................................... 5
2.
Werkwijze................................................................................................. 5
3.
Bouwplannen ........................................................................................... 7
4.
Beleidsontwikkeling ................................................................................. 9
5.
Evaluatie Welstandsnota ....................................................................... 10
6.
Voorbeeld projecten ............................................................................... 12
7.
Samenstelling van de CRK .................................................................... 20
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
2
Horst januari 2022 Dit jaarverslag is opgesteld ter kennisgeving aan de Gemeenteraad van Horst aan de Maas conform artikel 12b, derde lid van de Woningwet en artikel 9.14 van de Bouwverordening. De Commissie Ruimtelijke Kwaliteit van de gemeente Horst aan de Maas legt in dit document vast de door haar verrichte werkzaamheden in 2021.
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
3
Voorwoord Een adviserende stem Met de komst van de Omgevingswet staan we aan de vooravond van een nieuwe fase voor de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK). Ik wil terugblikken op onze werkzaamheden door in het kort onze benaderingswijze te schetsen. Vier kernelementen hiervan hebben we vanaf onze start als CRK in 2013, ontwikkeld en verfijnd. Vanuit mijn rol als voorzitter heb ik bijzondere aandacht besteed aan het zorgdragen voor de integraliteit van de advisering/toetsing en aan het ervoor waken dat toetsing alleen kwalitatieve aspecten betreft.
De CRK adviseert aanvragers om te komen tot kwalitatieve verbeteringen in de aanvragen. Dit gaat met inachtneming van de motieven van de aanvrager. Daarnaast wordt de CRK door de ambtelijke organisatie regelmatig gevraagd te adviseren bij nieuwe beleidsontwikkelingen.
Toetsing op kwaliteit De CRK toetst uitsluitend op kwalitatieve aspecten die van betekenis zijn binnen de context van de openbare ruimte.
Een luisterend oor In een eerste gesprek worden het hoe en waarom van een aanvraag nauwkeurig verkend. Zo krijgen we een beeld van de motieven van de aanvrager: welke dromen streeft men na, welke economische perspectieven hoopt men te realiseren etc.
Namens de Commissie voor Ruimtelijke Kwaliteit,
Dhr. Wil Janssen, voorzitter van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Horst aan de Maas ……………….
Een integrale blik Een aanvraag wordt vanuit diverse perspectieven beschouwd: naast de (traditionele) architectonische/stedenbouwkundige invalshoek wordt ook gekeken naar het behouden/versterken van landschappelijke en natuurwaarden en het herkenbaar houden/maken van cultuurhistorische waarden. Ook wordt nadrukkelijk aandacht besteed aan economische aspecten en transitieprocessen, b.v. op het vlak van energie en van dierenwelzijn, die nu spelen. Bij een uiteindelijke waardering houdt de CRK met al deze facetten rekening.
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
4
1. Inleiding Het meest recente welstandsbeleid is op 20 november 2012 door de gemeenteraad vastgelegd in de Welstandsnota Horst aan de Maas. In deze nota heeft de gemeenteraad bepaald, dat niet langer meer alle plannen preventief getoetst dienen te worden aan redelijke eisen van welstand door een onafhankelijke adviescommissie. Loslaten en wederzijds vertrouwen zijn de kernbegrippen voor het beleid. In het beleid zijn sneltoetscriteria opgenomen zodat plannen ambtelijk getoetst kunnen worden. Voor de dorpskernen en monumentale gebieden/gebouwen geldt de voorwaarde dat deze plannen altijd worden voorgelegd aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK. Dit team van onafhankelijke deskundigen hebben de taak om initiatiefnemers te adviseren en te coachen. De werking van de “Welstandsnota” dient in de gemeenteraad geëvalueerd te worden. In dit jaarverslag is een evaluatie vanuit het perspectief van de CRK gegeven. Met dit jaarverslag worden het college en de gemeenteraad geïnformeerd over de uitgevoerde werkzaamheden en uitgebrachte adviezen van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit.
2. Werkwijze De CRK heeft in 2021, zoals voorgaande jaren, tweewekelijks advies uitgebracht over bouwplannen die zijn geagendeerd in de commissie met mandaat. De volledige CRK is zoals gebruikelijk een keer in de vier weken bijeen gekomen.
Dit jaarverslag is ook een moment om vooruit te kijken. Dat is vooral naar de komst van de Omgevingswet. De inwerkingtreding hiervan is vooralsnog 1 juli 2022. Op grond van de ruimtelijke ordening en het welstandsbeleid dienen niet meer alle vergunningen voorgelegd te worden aan de CRK, maar vallen vele gebieden dan wel bouwwerken niet meer onder een preventieve welstandstoets of kunnen ambtelijk beoordeeld te worden aan de hand van vereenvoudigde welstandscriteria. Vergaderingen van de CRK zijn openbaar. Bij het indienen van een bouwplan kan een initiatiefnemer aangeven of deze aanwezig wil zijn bij de behandeling of een toelichting te geven. Daar is frequent gebruik van gemaakt. Van de aanwezigheid van toelichters is geen aantekening gemaakt. Opdrachtgevers, architecten en belangstellenden konden zich aanmelden om een toelichting te geven, vragen te stellen of om met de commissie van gedachten te wisselen. De commissie heeft uitvoering gegeven aan haar wettelijke taak de voorgelegde bouwplannen te toetsen aan de relevante welstandscriteria. Bij een negatief advies heeft de commissie, als dat mogelijk was, een oplossingsrichting aangegeven. De dagen na een zitting werden de aanvragers per mail op de hoogte gebracht van het advies. Daarbij werd de geadresseerde gewezen op de mogelijkheid vragen te stellen over het advies.
Zo nodig kon het advies worden toegelicht en konden eventuele oplossingsrichtingen worden doorgesproken. In 2021 hebben weinig aanvragers van deze mogelijkheid gebruik gemaakt. Mogelijk dat de schriftelijke advisering voldoende duidelijkheid bood.
Het jaarverslag biedt een terugblik op de wijze waar op in 2021 uitvoering is gegeven aan de taken van de CRK zoals vastgesteld in de Verordening. De CRK heeft veel plannen kunnen beoordelen ondanks de maatregelen met betrekking tot Corona. Ook heeft de CRK de actualiteiten gezien in de bouwplannen waar het de ontwikkelingen op de woningmarkt betreffen.
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
5
Wijze van beoordelen
Corona
Conform Artikel 5 van de verordening hanteert de CRK de volgende wijze van beoordelen:
Vanwege de maatregelen heeft de CRK aan het begin van het jaar de bijeenkomsten niet fysiek kunnen afhandelen. Er is voor gekozen om de vergaderingen via Teams te voeren. Plantoelichters konden zodoende ook aansluiten en hebben daar ook gebruik van gemaakt.
De Commissie heeft als taak het bevoegd gezag op verzoek of uit eigen beweging te adviseren over onder andere de toepassing van de Woningwet, de Monumentenwet 1988, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Bouwverordening Horst aan de Maas, de Erfgoedverordening, het gemeentelijke monumentenbeleid en over het gemeentelijk ruimtelijk beleid zoals structuurvisie, bestemmingsplannen, kwaliteitsmenu e.d. •
•
De commissie brengt op basis van de Woningwet, de wet algemene bepalingen omgevingsrecht, de Bouwverordening en de Welstandsnota het welstandsadvies uit tenzij het een aanvraag omgevingsvergunning betreft die op grond van het Welstandsbeleid afgedaan kan worden door het lid architectuur/stedenbouw, dan kan het lid architectuur/stedenbouw zelfstandig het advies uitbrengen als zijnde een advies van de commissie. De commissie brengt op basis van de Monumentenwet 1988, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en de Erfgoedverordening het monumentenadvies uit.
De commissie adviseert over: •
•
ruimtelijke kwaliteitsaspecten (aangaande inpassing van groen, water compensatiemaatregelen) en adviezen aangaande cultuurhistorie en archeologie van in voorbereiding zijnde structuurplannen, bestemmingsplannen, stedenbouwkundige plannen, landschapsplannen, beeldkwaliteitsplannen en andere relevante beleidsstukken; stedenbouwkundige, landschappelijke en architectonische ontwikkelingen die van belang zijn voor de ruimtelijke kwaliteit in de gemeente.
Leden van de commissie kunnen voor specifieke projecten door het college als supervisor worden benoemd. De supervisor adviseert ten aanzien van deze projecten ten aanzien van zijn of haar deskundigheid.
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
6
3. Bouwplannen In 2021 zijn ca. 800 aanvragen ingediend (principeverzoeken, omgevingsvergunningen, voorloperzaken en ruimtelijke plannen opstellen) (bron: Squit). Daarvan zijn 392 beoordelingsverzoeken aan CRK voorgelegd. Dat wil zeggen dat ca. 56% van de plannen ambtelijk zijn afgehandeld zonder tussenkomst van de CRK. Dit is consistent met de percentages sinds 2018. Plannen (totaal)
392
akkoord
238
61%
akkoord onder voorwaarden
79
20%
niet akkoord
47
12%
overig
21
5%
aangehouden
8
2%
Grafiek: overzicht plannen en beoordeling in percentages in grafiekvorm.
Tabel: overzicht van aantallen behandelde plannen en percentages van totaal Tevens zijn in de grote commissie diverse plannen behandeld die via een intern verzoek door een projectleider of omgevingsmanager zijn voorgelegd. Het betreffen hier vooroverleggen of opvolging van de stand van zaken van projecten. In 2021 zijn 47 adviesaanvragen niet akkoord beoordeeld. Daarvan zijn 17 plannen een 2e keer ingediend en alsnog akkoord bevonden en 2 plannen zijn een 3e keer akkoord bevonden in 2022. Er zijn 14 aanvragen beëindigd door via een vergunning vrij alternatief (6 stuks). Zes plannen pasten niet binnen het beleid. Bij 2 plannen betrof het slopen of verplaatsen van een karakteristiek pand waar de CRK niet mee kon instemmen.
Grafiek: overzicht plannen die de eerste keer in de behandeling niet akkoord zijn beoordeeld.
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
7
In 2021 zijn 32 plannen twee keer behandeld. Na de tweede behandeling zijn 23 plannen akkoord bevonden en 7 plannen zijn akkoord bevonden onder voorwaarden. Er zijn geen plannen vaker dan twee keer behandeld in 2021. Daarmee zijn 360 unieke bouwaanvragen behandeld. 1e keer
2e keer
Akkoord
7
23
Akkoord onder voorwaarden
7
7
Niet akkoord
12
1
Buiten behandeling
3
Ingetrokken
1
(daarna mits)
aangehouden
1
(daarna akkoord)
beëindigd
1
(daarna niet akkoord)
Tabel: overzicht aantal plannen meerdere malen behandeld en resultaat.
In 2021 zijn uiteindelijk 96% van de adviesaanvragen akkoord bevonden of akkoord onder voorwaarden. Drie kwart van de adviesaanvragen direct akkoord bevonden. De resterende plannen hebben onder begeleiding een vervolg gekregen.
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
8
4. Beleidsontwikkeling De inwerkingtreding van de Omgevingswet is uitgesteld tot 1 juli 2022 (op het moment van schrijven). In Horst aan de Maas zal in de loop van 2022 bepaald moeten worden op welke wijze het ruimtelijk kwaliteitsbeleid, waar de welstandszorg deel van uitmaakt, vorm zal krijgen. In aanloop naar deze invulling wil de CRK het volgende meegeven op deze ontwikkeling: Hoofddoel van de nieuwe wetgeving is een goede leefomgevingskwaliteit. In de nieuwe wet wordt meer verantwoordelijkheid bij de initiatiefnemer van een project gelegd, die daarbij ook meer vrijheid krijgt toebedeeld. De grote opgave voor de gemeente wordt dan ook, om in projecten waarin de markt het voortouw heeft, kwaliteit af te dwingen. Van de marktpartijen wordt verwacht dat zij bereid zijn om het eigen belang te koppelen aan de maatschappelijke doelen van energietransitie, klimaatadaptatie, biodiversiteit en goede omgevingskwaliteit. Op dit moment is het welstands- en monumentenbeleid het belangrijkste instrument van de gemeente om de kwaliteit te waarborgen. Voor de nieuwe marktgerichte uitvoeringspraktijk zullen deze instrumenten echter niet meer voldoende zijn. Met betrekking tot het welstandsbeleid vraagt de Omgevingswet niet alleen om ‘wering van inbreuken op de schoonheid’, zoals dat 100 jaar geleden werd genoemd, maar vraagt juist om een kwaliteitsimpuls.
Voortaan moeten de kwalitatieve ambities en de doelen van de gemeenschap worden neergelegd in de verplichte omgevingsvisie. Daarin moet het gaan over beeldkwaliteit, over maatschappelijke doelen als gezondheid, verduurzaming en energievoorziening, mobiliteit, economie en solidariteit.
aanzien van gemeentelijke monumenten een harmonisatie in Horst aan de Maas nog moet plaatsvinden, want voor een deel van de gemeente (Meerlo, Tienray en Swolgen) bestaan geen formele gemeentelijke inventarisaties en aanwijzingen. Eveneens dient er een actualisatie van de aanwijzingen van gemeentelijke monumenten plaats te vinden, omdat in het verleden uitgangspunten werden toegepast die letterlijk door de tijd zijn ingehaald. Het betreft met name de cultuurhistorische bijzondere kernen Tienray en Griendtsveen. Daarnaast dient ook aandacht uit te gaan naar bijzondere modernere uitingsvormen van architectuur, zoals uit de periode van de naoorlogse wederopbouw. (Voor meer specifiekere informatie wordt verwezen naar de paragrafen 6 en 7 van het jaarverslag van 2018-2020)
Omgevingsdialoog In de verordening Ruimte is ook het voeren van een omgevingsdialoog vastgelegd. Deze dialoog moet er toe leiden dat aandacht wordt besteed aan de wensen en zorgen van de omgeving wanneer het gaat om ruimtelijke gevolgen. Het is de bedoeling om zo wensen en belangen te betrekken voor meer draagvlak en om, in een vroeg stadium, te informeren hoe een initiatief past in de leefomgeving. Voor het voeren van een omgevingsdialoog is het belangrijk dat de initiatiefnemer informeert naar maatschappelijke doelen en kwalitatieve ambities die zijn neergelegd in de Omgevingsvisie.
Erfgoed en monumenten Met betrekking tot het erfgoedbeleid is een belangrijke stap gezet middels de notitie Van erfgoed tot omgevingswaarde, waarin aandacht werd gevraagd voor de betekenis van archeologie, monumenten en landschappen voor de openbare ruimte. Voor archeologie werd gewezen op erosie-voorkomende maatregelen op (erg) belangrijke sites en het gebruik van specifieke (regionale) onderzoekagenda’s, waardoor het beleid doeltreffender en efficiënter kan worden. Bij monumentenbeleid werd geconstateerd dat er ten Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
9
5. Evaluatie Welstandsnota De adviezen van de CRK worden beoordeeld op de criteria zoals gesteld in de Welstandsnota. De Welstandsnota is in 2021 vastgesteld en kent geen wijzigingen sindsdien. In aanvulling op de Welstandsnota maakt de CRK gebruik van de publicatie ‘van Erfgoed naar Omgevingswaarden’ uit 2020 om zich te baseren op de aanwezige waarden. Gedurende het jaar is gebleken dat diverse thema’s niet beschreven zijn in de Welstandsnota. Het gaat daarbij om bijvoorbeeld het plaatsen van zonnepanelen en zonnecollectoren. In mindere mate gaat het hier ook om technische installaties zoals warmtepompen en airconditioning units. Zonnepanelen Met de Limburgse zonneladder wordt de lijn van de motie Dik-Faber in de Tweede Kamer, die ook in het ontwerp van de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) is uitgewerkt en overgenomen. Essentie van deze lijn is om bij de duurzame opwek van zonne-energie landbouwgronden en natuurgebieden zoveel mogelijk te ontzien. Inspanningen richten zich primair op zon op dak en op gevels én het benutten van andere mogelijkheden in bebouwd en onbebouwd gebied (dubbel grondgebruik). Doel van de zonneladder is dan ook om stimulerend te werken voor een optimale benutting van zonnepanelen in trede 1 tot en met 3: 1. Op daken en gevels van gebouwen; 2. Onbenutte terreinen in gebouwd gebied; 3.
Gronden in buitengebied met een andere primaire functie dan landbouw of natuur. In lijn met de landelijke voorkeursvolgorde houdt ook de Limburgse zonneladder geen volgtijdelijkheid in. Bij deze voorkeursvolgorde is zorgvuldigheid van belang. Een goede ruimtelijke afweging en landschappelijke inpassing, lokaal draagvlak, het doorlopen van zorgvuldige procedures en combineren van meerdere doelen (meervoudig ruimtegebruik). In de zonneladder wordt aan de hand van vijf treden de volgende (voorkeurs)volgorde gehanteerd:
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
1. Toepassing van zonnepanelen op daken en gevels van gebouwen; 2. Gebruik van (onbenutte) terreinen in bebouwd gebied; 3. Gronden in buitengebied met een andere primaire functie dan landbouw of natuur; 4. Gronden in gebruik voor landbouw; 5. Uitsluitingsgebieden. Hoe hoger op de ladder (eindigend bij 5), hoe strikter de voorwaarden voor ontwikkelingen van grootschalige zonneparken zijn. De beoordeling van kleine bouwwerken heeft incidenteel geleidt tot onduidelijkheid gezorgd bij initiatiefnemers. In het bijzonder bij het plaatsen van dakkapellen. Enkele termen zijn onvoldoende concreet om daar een objectief oordeel over te kunnen vellen. Het advies van de CRK is om tenminste op dit onderdeel de welstandsnota te actualiseren. In de welstandsnota mist momenteel ook een hardheidsclausule en excessenregeling. Bij een actualisering van de Welstandsnota dient onderzocht te worden om dit ook toe te voegen.
Beeldkwaliteitsplannen Met de ontwikkeling van diverse woonwijken binnen de gemeente ontstaat een conflict met de huidige welstandscriteria voor die gebieden. In de verbeelding is geen rekening gehouden met deze nieuwe woonwijken. Het beoogde toetsingskader of beeldkwaliteit is dan niet te handhaven. Een beeldkwaliteitsplan (BKP) helpt de beoordeling van plannen waar een afwijking op de welstandsnota gewenst is. Om te voorkomen dat een BKP uit de tijd raakt is het mogelijk een BKP voor periode van 10-15 jaar te laten gelden tijdens de ontwikkeling van een gebied. Om daarna terug te vallen op de Welstandsnota. De CRK adviseert om voor nieuwe ontwikkelingsgebieden een BKP op te stellen. Een BKP helpt de beoordeling van de plannen. Een BKP dient opgesteld te worden door het stedenbouwkundige bureau dat het stedenbouwkundig plan heeft opgesteld. Dit is essentieel voor de beoordeling van de plannen. In 2021 heeft de CRK gezien dat de gemeente dit uitstekend heeft ingevuld.
10
Samenwerking De CRK wil de gemeente complimenten geven voor de ontwikkelingen in de 2e helft van 2021 met betrekking tot de samenwerking in de projecten. De ervaring heeft geleerd dat door vroegtijdig de CRK te betrekken de kwaliteit van de plannen sterk is verbeterd. De CRK heeft gemerkt dat door een nieuwe werkwijze waarbij in de projecten de omgeving tijdig betrokken is de kwaliteit en het draagvlak verbeterd. Als derde is de CRK zeer te spreken over de kwaliteit van de stedenbouwkundige en landschappelijke bureaus de aangesteld zijn voor de ontwerpen. In het bijzonder de volgende projecten: Meteriksveld II in Meterik en Maoleveld in Sevenum. Voor de doorlopende ontwikkeling en instandhouding van ruimtelijke kwaliteit is een goede en tijdige afstemming tussen de betrokken vakgebieden (stedenbouw, architectuur, openbare ruimte, monumentenzorg, landschap en groenvoorziening) onontbeerlijk. In het perspectief van de Omgevingswet is noodzakelijk dat de gemeente in haar begeleidende rol over de nodige kennis en ervaring kan blijven beschikken zodat ruimtelijke kwaliteit voor jaren kan worden geborgd. Steeds vaker worden in een vroegtijdig stadium inlichtingen gevraagd over de haalbaarheid van een bouwinitiatief, ook wanneer het om welstandsaspecten gaat. Dit verloopt via de Omgevingsmanagers. Mogelijk dat hierdoor in een later stadium minder vragen overblijven.
Wanneer een bouwplan geheel overeenkomstig eerdere adviezen werd aanpast of uitgewerkt, werd dit plan niet meer aan de voltallige commissie voorgelegd maar besproken in de kleine commissie en zo mogelijk geaccordeerd.
1. beleidsgerichte advisering op een moment dat een gemeente nadenkt over het functioneren van de stad – over de vormgeving van reclamebeleid, de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk, de realisatie van een gasloze wijk bijvoorbeeld; 2. opgavegerichte advisering, over de vraag wat een activiteit kan bijdragen aan de omgevingskwaliteit en welke publieke belangen kunnen profteren van, of te lijden hebben onder de activiteit – het is dus een zoeken naar koppelkansen en maatschappelijke meerwaarde van een initiatief; 3. ontwerpgerichte advisering – het optimaliseren van een conceptontwerp in het licht van de kwaliteitsambities uit het beleid en de belangen en wensen van omwonenden; 4. beoordelingsgerichte advisering waarin de vraag beantwoord wordt of een ingediende vergunningaanvraag niet in strijd is met vastgestelde beleidsregels over welstand, erfgoed en dergelijke en met de afspraken die eerder zijn gemaakt. De CRK adviseert op basis van deze beknopte evaluatie dat de welstandsnota op onderdelen onderhavig is aan actualisatie. Het advies is om de Welstandsnota breder binnen de gemeente te evalueren. Bovenstaande thema’s dienen onderdeel te zijn van een eventuele actualisatie.
Advies De CRK wil op basis van de ervaringen van de afgelopen jaren aan de Raad voorstellen om de ‘Handreiking adviesstelsel omgevingskwaliteit, deel 1’ van de Federatie Ruimtelijke Kwaliteit, VNG en het ministerie van OCW, als leidraad te gebruiken om te komen tot een nieuwe gemeentelijke adviescommissie met een passend takenpakket. In de Handreiking wordt een samenhangend adviesstelsel geschetst waarmee gemeenten aan een goede omgevingskwaliteit kunnen werken. Er worden vier fases of niveaus van advisering in onderscheiden:
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
11
6. Voorbeeld projecten Tijdens 2021 zijn veel bouwplannen beoordeeld door de CRK. Enkele van deze bouwplannen willen we als voorbeeld projecten toelichten. Het zijn voorbeelden van bouwplannen die typerend zijn voor de recente ontwikkelingen in Horst aan de Mas, zoals het transformeren van langgevelboerderijen naar woningen. Ook een bijzonder bouwplan in opdracht van de gemeente voor een nieuwe sporthal in Meterik is noemenswaardig als excellent voorbeeld van goed opdrachtgeverschap. De recente uitbreidingen in Meterik en Sevenum als stedenbouwkundige opgaven dient vermeld te worden. Een actueel thema van verduurzaming en energie in de Bemmelstraat verdient extra aandacht.
Langgevelboerderij I Bouwplan
Verbouwen van een schuur tot woonhuis
Adres
Meterikseweg 110A
Plaatsnaam
Horst
Architect
Janssen Wuts Architecten B.V. – Baarlo
WABO-nr.
2020-0957
Toelichting
Gevelkarakteristiek aan de straatgevel behouden.
Bestaande situatie – luchtfoto
Krachtig enkelvoudige bouwmassa aan de achterzijde in het bouwblok geschoven. Interessante samensmelting tussen bestaande karakteristieke architectuur en eigentijdse architectuur met een helder concept en fraai uitgewerkt. Uiteindelijk plan
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
12
Langgevelboerderij II Bouwplan
Verbouwen van een langgevelboerderij tot 3 woningen
Adres
Crommentuijnstraat 38 A en B
Plaatsnaam
Meterik
Architect
Nikki Ummenthun – America
WABO-nr.
2021-0540
Toelichting
In nauw overleg met de initiatiefnemers, de ontwerper en de commissie is gezocht naar de
Oorspronkelijk plan
beste invulling van de huidige woonwensen en eisen met respect voor de oorspronkelijke kwaliteiten van de boerderij. In enkele sessies is er een kwaliteitsslag gemaakt waar iedereen tot grote tevredenheid mee uit de voeten kan.
Uiteindelijk plan
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
13
Sporthal – maatschappelijk vastgoed Bouwplan
Bouwen van een nieuwe sporthal
Adres
Speulhofsbaan 45
Plaatsnaam
Meterik
Architect
Lichtstad Architecten – Eindhoven
WABO-nr.
2021-0715
Toelichting
De gemeente Horst aan de Maas verdient een
Impressie vanaf de sportvelden
compliment geven voor het selecteren goede architect. Dit getuigt van goed opdrachtgeverschap. De architect heeft gezocht naar een conceptuele inpassing – relatie kassen met sheddaken – mooie compacte oplossing in het landschap. Kleuren en materialen sluiten prima aan op de omgeving.
Impressie vanaf de zijgevel met duidelijk de sheddaken in beeld
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
14
Meterikseveld II – Meterik Bouwplan
Uitbreidingswijk Meteriksveld II
Adres
Meteriksveld
Plaatsnaam
Meterik
Stedenbouwkundige
MTD landschapsarchitecten – Ruud Dubbeld – ‘sHertogenbosch
Toelichting
Doordat de gemeente geen stedenbouwkundige in dienst had werden de afgelopen jaren nieuwe uitbreidingsplannen niet integraal genoeg door professionals aangepakt.
Dit plan is een goed voorbeeld van de gewijzigde aanpak. Door het aantrekken van adviseurs die zowel Landschap als stedenbouw in huis hebben. Ontstaan goed doordachte plannen. Het Meterikse
Stedenbouwkundig ontwerp
veld en. ’t Maoleveld zijn goede voorbeelden. Heldere structuren , goede overgangen naar het landschap, efficiëntie , goede verhouding uitgeefbaar, heldere verkeersafwikkeling, etc zijn in deze plannen gewaarborgd.
Kritische opmerking: Archeologisch onderzoek had eerst plaats moeten vinden om daar inspiratie uit te halen.
Maquette
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
15
Mäoleveld – Sevenum Bouwplan
Stedenbouwkundig plan ‘t Mäoleveld
Adres
Voorste Hees
Plaatsnaam
Sevenum
Stedenbouwkundige
Buro Lubbers landschapsarchitectuur & stedenbouw – Vught
Toelichting
Doordat de gemeente geen stedenbouwkundige in dienst had werden de afgelopen jaren nieuwe uitbreidingsplannen niet integraal genoeg door professionals aangepakt.
Dit plan is een goed voorbeeld van de gewijzigde aanpak. Door het aantrekken van adviseurs die zowel Landschap als stedenbouw in huis hebben ontstaan goed doordachte plannen. Het Meterikse veld en. ’t Maoleveld zijn goede voorbeelden.
Concept stedenbouwkundig plan
Heldere structuren, goede overgangen naar het landschap, efficiëntie, goede verhouding uitgeefbaar, heldere verkeersafwikkeling, etc. zijn in deze plannen gewaarborgd.
Principeprofiel wadi
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
16
Veemarkt 5-7 – Horst Bouwplan
Realiseren van 12 appartementen
Adres
Veemarkt 6
Plaatsnaam
Horst
Architect
Driessen Architectuur – Venray
WABO-nr.
2021-0645
Toelichting
Een interessante binnenstedelijke opgave met een stevige verdichting. In eerste instantie ontworpen als solitair gebouw. Oorspronkelijk een sterk symmetrische oplossing. Aansluiting met bestaande gevelwand ontbrak. Advies commissie adviseerde om gebruik te maken van de gegevens uit de
Huidige situatie
context. Met een ‘steeg’ tussen nieuwbouw en pand Veemarkt 7a vormt de entree van het nieuwe woonblok. De sterke symmetrie is verlaten. Kiezen voor een rustige gevelopzet die naastliggende panden in hun waarde laat.
Impressie van nieuwe ontwikkeling
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
17
Apostelwoning – Griendtsveen Bouwplan
Bijgebouw transformeren tot barbiershop
Adres
Ericaweg 5
Plaatsnaam
Griendtsveen
Architect
De Loods Architecten en Adviseurs – Aarle-Rixtel
WABO-nr.
2021-0092, 2021-0280
Toelichting
Het betreft het bijbouwen bij één van de karakteristieke apostelwoningen in Griendtsveen Een fraai ontwerp dat meer dan perfect aansluit op de bestaande karakteristiek. Hierdoor ontstaat een fraai ensemble. Het is een verrijking van het geheel. Zonder dominant te worden. Impressie van de Barbiershop
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
18
Energie en verduurzaming Bouwplan
Houtbouw nieuwbouw ca. 23-27 appartementen
Adres
Bemmelstraat
Plaatsnaam
Horst
Architect
Fletts & LOER architecten / Ekowood
Opdrachtgever
Wonen Limburg
WABO-nr. Toelichting
De woningcorporatie is voornemens om een volledig houten woningcomplex te realiseren. Hiervoor hebben zij een prijsvraag uitgeschreven. De commissie ziet dit als een eigentijdse oplossing van duurzaam bouwen in het centrum van Horst.
Referentiebeeld, bron Fletts en LOER architecten – Parijsch Culemborg
Het is een prima initiatief van Wonen Limburg. Een voorbeeld van bouwen in Hout. Ondanks eigentijdse vormgeving en materialisering sluit het ontwerp prima aan op de bestaande context. Met een goede schaal en maat passend in de omgeving.
Situatieschets, bron: www.ekowoodhouses.nl
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
19
7. Samenstelling van de CRK Uitgangspunt is een commissie die is samengesteld uit vijf deskundige en ervaren adviseurs. Deskundigheid en onafhankelijkheid zijn belangrijke voorwaarden om uitvoering te kunnen geven aan een goed en transparant welstandbeleid. De leden die in 2021 samen de commissie vormden waren: • • • • •
De heer W. Janssen, voorzitter van de commissie Mevrouw A. Hermans, specialist economie (voornamelijk agrarisch) Mevrouw A. Verhoeven, specialist landschappen en groenplannen De heer J. Schatorjé, specialist cultuurhistorie, monumenten en archeologie De heer Maarten Willems, specialist stedenbouw en architectuur
Kleine Commissie In de kleine commissie worden plannen voorgelegd die voldoen aan het bestemmingsplan maar niet aan de ambtelijke sneltoetscriteria. Deze commissie handelt onder mandaat van de voltallige commissie. Deze plannen worden voorgelegd aan de specialist stedenbouw en architectuur van de Commissie ruimtelijke kwaliteit. De kleine commissie vergadert op de dinsdagmorgen op de oneven weken.
Ambtelijke ondersteuning: •
Secretaris – Dienco Bolhuis (Q1-Q3), René de Weijer (Q4)
Voltallige Commissie De voltallige commissie toetst bestemmingsplannen en uitgebreide omgevingsvergunningen aan de ruimtelijke kwaliteit zoals opgenomen in de Wet ruimtelijke ordening. Doel is om samen met de aanvrager en de adviseur van de aanvrager in een zo vroeg mogelijk stadium de uitgangspunten en de ruimtelijk relevante aspecten duidelijk te krijgen. Zo kan de aanvrager gericht een plan uitwerken en wordt voorkomen dat er onnodige onderzoeken uitgevoerd moeten worden. Door de integrale aanpak van de commissie kan bijvoorbeeld als de ruimtelijk kwaliteit van de nieuwbouw een hoge kwaliteit heeft geadviseerd worden om de aanplant van groen achterwege te laten of kan in een heel vroeg stadium de historische kwaliteit van de omgeving of het gebouw worden vastgesteld. De voorzitter bewaakt de integraliteit van de advisering.
Jaarverslag 2021 – CRK – Horst aan de Maas
20
JAARVERSLAGEN 2018-2020 COMMISSIE RUIMTELIJKE KWALITEIT (CRK) HORST AAN DE MAAS
Inhoud 1.
Inleiding ........................................................................................................................................... 3
2.
Achtergrond ..................................................................................................................................... 4
3.
Verplichte evaluatieonderwerpen .................................................................................................... 6
4.
Resultaten ........................................................................................................................................ 7
5.
Voorbeeldprojecten ....................................................................................................................... 10
6.
Aandachtspunten ........................................................................................................................... 13
2
1. Inleiding Het vigerende welstandsbeleid is op 20 november 2012 door de gemeenteraad vastgelegd in de Welstandsnota Horst aan de Maas. In deze nota heeft de gemeenteraad bepaald, dat niet langer meer alle plannen preventief getoetst dienen te worden aan redelijke eisen van welstand door een onafhankelijke adviescommissie. Loslaten en wederzijds vertrouwen zijn de kernbegrippen voor het beleid. In het beleid zijn sneltoetscriteria en streefpercentages opgenomen zodat plannen ambtelijk getoetst kunnen worden. Voor de dorpskernen en monumentale gebieden/gebouwen geldt de voorwaarde dat deze plannen altijd worden voorgelegd aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit (CRK). Dit team van onafhankelijke deskundigen heeft de taak om initiatiefnemers te adviseren en te coachen. De werking van de “Welstandsnota” dient in de gemeenteraad geëvalueerd te worden. Deze evaluatie heeft betrekking op de jaren 2018-2020 en is, ingevolge artikel 12c van de Woningwet, wettelijk verplicht. Mede vanwege de uitbraak van het coronavirus en personele mutaties in de organisatie, zijn werkzaamheden van de commissie en de samenstelling van jaarverslagen achterop geraakt. Dat wordt met dit meervoudig jaarverslag over de jaren 2018-2020 rechtgezet.
Daarnaast zijn er met het oog op de komende omgevingswet een aantal specifieke beleidsonderdelen, direct betrekking hebbende op de taken van de CRK, door de gemeentelijke organisatie en de CRK in deze verslagjaren voorbereid. Ook dit wordt in dit jaarverslag toegelicht. Hiermee worden het college en de gemeenteraad geïnformeerd over de uitgevoerde werkzaamheden en uitgebrachte adviezen.
3
2. Achtergrond Voltallige commissie. De gemeente Horst aan de Maas heeft gekozen voor een commissie met een brede deskundigheid. De commissie bestaat uit de volgende leden: • De heer W. Janssen, voorzitter van de commissie. • Mevrouw A. Hermans, specialist economie (voornamelijk agrarisch). • Mevrouw A. Verhoeven, specialist landschappen en groenplannen. • De heer J. Schatorjé, specialist cultuurhistorie (historische geografie, monumenten en archeologie). • De heer M. Willems, specialist stedenbouw en architectuur. Met uitzondering van de heer M. Willems (2018) zijn de commissieleden al langere tijd als adviseur CRK aan de gemeente Horst aan de Maas verbonden. De termijnen van vier leden zijn volgens de verordening1 verstreken. Een verlenging van de termijnen is noodzakelijk om de leden van de commissie een formele bevoegdheid te geven. Het college van B&W dient hier een actief besluit in te nemen. De voltallige commissie biedt aan om de huidige taken en verantwoordelijkheden uit te blijven voeren tot de inwerkingtreding van de nieuwe Omgevingswet. De reden hiervoor is mede gelegen in de noodzaak van continuïteit zolang toekomstige (organisatorische en beleidsmatige) veranderingen duidelijk zijn. In principe stellen de betreffende leden van de CRK dan hun zetels ter beschikking, waarna het College van B&W een nadere invulling bepaalt.
De voltallige commissie toetst bestemmingsplannen en uitgebreide omgevingsvergunningen aan de ruimtelijke kwaliteit zoals opgenomen in de Wet ruimtelijke ordening. Doel is om samen met de aanvrager en de adviseur van de aanvrager in een zo vroeg mogelijk stadium de uitgangspunten en de ruimtelijk relevante aspecten duidelijk te krijgen. Zo kan de aanvrager gericht een plan uitwerken en wordt voorkomen dat er onnodige onderzoeken uitgevoerd moeten worden. Door de integrale aanpak van de commissie kan bijvoorbeeld als voor de ruimtelijk kwaliteit van de nieuwbouw een hoge kwaliteit is geadviseerd, de aanplant van groen aangepast worden of kan in een heel vroeg stadium de historische kwaliteit van de omgeving of het gebouw worden vastgesteld, waardoor hier beter op kan worden gereflecteerd. De voorzitter bewaakt de integraliteit van de advisering. De voltallige commissie vergadert in beginsel elke eerste dinsdag van de maand en kan waar nodig nog aanvullend overleg plannen. De voltallige grote commissie kwam in 2018 acht keer bijeen. In het jaar 2019 kwam de voltallige commissie zeven maal bijeen en in 2020 elf maal. Daarnaast werd in deze jaren op verzoek van de organisatie door afzonderlijke leden naar specifieke onderwerpen gekeken die onderwerp waren van beleidsvoorbereiding. De omschrijving van deze werkzaamheden treft u aan in hoofdstuk 4 (resultaten).
Kleine commissie In de kleine commissie worden plannen voorgelegd die voldoen aan het bestemmingsplan, maar niet aan de ambtelijke sneltoetscriteria. Deze plannen worden voorgelegd aan de specialist stedenbouw en architectuur. De kleine commissie vergadert in beginsel iedere dinsdagmorgen in de even weken. Toetsingskader Artikel 12c Woningwet bepaalt dat het college de gemeenteraad ten minste over de navolgende onderwerpen dient te informeren: • Op welke wijze het college is omgegaan met de adviezen van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit 1 10b.1_rb_Verordening_CRK
4
•
In welke gevallen waarin niet is of wordt voldaan aan artikel 12, eerste lid, zij zijn overgegaan tot oplegging van een last onder bestuursdwang of oplegging van een last onder dwangsom.
In hoofdstuk 3 worden bovenstaande onderwerpen nader uitgewerkt in de paragrafen 3.1. (Afwijken welstandsadvies) en 3.2. (Handhaving).
5
3. Verplichte evaluatieonderwerpen Afwijken welstandsadvies Het college heeft de mogelijkheid om bij strijdigheid van een bouwplan met redelijke eisen van welstand, toch de vergunning te verlenen indien het van oordeel is dat daarvoor zwaarwegende redenen zijn bijvoorbeeld van economische of maatschappelijke aard (artikel 44 lid 1 sub d Woningwet). In 2018 heeft het college geen gebruikt gemaakt van deze bevoegdheid. Ook in de jaren 2019 en 2020 heeft het college (voor zo ver nog te achterhalen) vastgehouden aan het advies van de CRK. Handhaving Het college vraagt de commissie ook in de twee volgende situaties om advies: • Bij de constatering dat een bouwwerk zonder of in afwijking van de vergunning is uitgevoerd. De zaak wordt dan eerst aan de kleine commissie voorgelegd om te toetsen of het illegale bouwwerk voldoet aan de redelijke eisen van welstand. Voldoet het bouwplan hieraan dan wordt geadviseerd aan het college om op basis van dit aspect medewerking te verlenen aan de vergunning. Indien het niet mogelijk is een vergunning te verlenen dan is het college bevoegd – op grond van artikel 40 Woningwet - handhavend hiertegen op te treden.
• Ten tweede kan het college indien het uiterlijk van een bouwwerk of standplaats, niet zijnde een bouwwerk (ex artikel 45, eerste lid Woningwet) in ernstige mate in strijd is met redelijke eisen van welstand (artikel 12a, eerste lid, onderdeel b) - op grond van artikel 19 Woningwet - aanschrijven tot het opheffen van die strijdigheid. In 2018 zijn er geen zaken voor deze twee mogelijke situaties aan de commissie voorgelegd. Datzelfde heeft ook niet plaatsgevonden in 2019 en 2020.
6
4. Resultaten Op grond van de wetgeving en het welstandsbeleid behoeven niet meer alle verzoeken voorgelegd te worden aan de Commissie ruimtelijke kwaliteit. In veel gebieden en bij diverse bouwwerken hoeft geen preventieve welstandstoets meer te worden uitgevoerd en kan ambtelijk worden beoordeeld aan de hand van vereenvoudigde welstandscriteria. Dit werkt voor de organisatie en de indieners van plannen doorgaans soepel. In het onderstaand overzicht vindt u het aantal verzoeken die zijn ingediend en beoordeeld: Voltallige commissie De commissie is de afgelopen jaren meerdere keren gevraagd advies te geven bij grote complexe ruimtelijke projecten, cultuurhistorische en landschappelijke vraagstukken en nieuwe ontwikkelingen in het (veelal agrarisch) ruimtegebruik. Kenmerkend voor een belangrijk deel van de bespreekpunten in de voltallige commissie is de complexheid van de materie, vooral bij grotere projecten (bijvoorbeeld plannen rondom Kasteelse Bossen) en de toename van ‘inbreiding’ in grote monumentale complexen (zoals Steinhagen, bestaande gebouwen en nieuwbouwplannen in beschermd dorpsgezicht Griendtsveen), waardoor projecten meermaals per jaar terugkomen en menig project ook ontwikkelprocessen kent van meerdere jaren.
Zo kwamen de ontwikkelingen rondom de Kasteelse Bossen gedurende de drie verslagjaren acht keer aan bod, en die bij het grote monumentale boerderijcomplex Steinhagen vijf maal. Vooral laatstgenoemd project is een goed voorbeeld van kwaliteitsgerichte samenwerking tussen opdrachtgevers, architect en CRK, zodat complexe vraagstukken tot kwalitatief goede en integrale ruimtelijke oplossingen kunnen leiden met perspectief voor toekomstige jaren. Bijzonder was in 2020 het verzoek van de woningcorporatie Wonen Limburg om met de CRK een rondgang te maken langs een aantal oudere woonwijken, waarbij adviezen konden worden gegeven voor kwaliteitsimpulsen op het gebied van stedenbouw, waarbij specifieke aandacht uitging voor wonen, recreëren, openbaar groen en verkeer. De behandeling van diverse ‘eenvoudige’ monumentale of karakteristieke bouwwerken ( van monument tot ‘gevoelige’ nieuwbouw in beschermde omgeving) leidde doorgaans in een-twee besprekingen tot een voor allen aanvaardbaar resultaat. Een goed voorbeeld hiervan is de ontwikkeling van de kasteelboerderij, waarbij met name ook werd gekeken naar de inpassing van het complex van aandachtsgebieden is de parkachtige omgeving. Een enkele keer was de CRK teleurgesteld over het uiteindelijke resultaat bij de verandering van karakteristieke panden.
De redenen hiervoor zijn de gedateerde regelgeving en het soms beperkte inlevingsvermogen van begeleidende partijen. Daarnaast was de CRK ook betrokken bij nieuwe beleidsontwikkelingen waarin juist de integraliteit van ruimte en landschap van groot belang wordt (Omgevingswet, huisvesting arbeidsmigranten, Peelontwikkeling, inbreiding boerderijen, energietransitie, etc). Soms kon worden volstaan met een enkele bespreking (‘Groene draad’), terwijl regelmatig agendering in meer bijeenkomsten noodzakelijk was (huisvesting arbeidsmigranten, agrarisch ruimtegebruik) vanwege de aanwezigheid van meer perspectieven.
7
De CRK hecht eraan te melden dat men juist bij complexe nieuwe ruimtelijke vraagstukken graag betrokken is bij advisering vanwege de het multidisciplinaire karakter. Mede gezien het ontbreken van een eigen stedenbouwkundige binnen de gemeentelijke organisatie is een tijdige bespreking van ruimtelijke vraagstukken van essentieel belang om de veelal positieve ruimtelijke kwaliteit verder te optimaliseren. Ook moet worden geconstateerd dat in Horst aan de Maas relatief veel zelfstandige kleine adviesbureaus werkzaam zijn. Deze kleine bureaus waarderen het overleg met de CRK om zo het plan naar een hoger niveau te kunnen tillen of om in een zo vroeg mogelijk stadium een beeld te krijgen van de mogelijkheden. Daarom vraagt men ook bewust een gesprek met de CRK aan. Kleine commissie In 2018 werden 308 plannen binnen de kleine commissie afgehandeld. Daarvan zijn: • 208 plannen akkoord bevonden, • 86 plannen onder voorwaarden akkoord bevonden, • 14 plannen niet akkoord bevonden. In 2019 werden 290 plannen beoordeeld, merendeels door de kleine commissie (exacte aantallen zijn niet meer te achterhalen); waarvan • 152 plannen akkoord bevonden, • 115 plannen onder voorwaarden akkoord bevonden, • 23 plannen niet akkoord bevonden.
In 2020 werden 324 plannen beoordeeld, waarvan • 185 plannen akkoord bevonden, • 120 plannen onder voorwaarden akkoord bevonden, • 19 plannen niet akkoord bevonden. Ambtelijke beoordeling sneltoetscriteria 92 plannen zijn in 2018 via de sneltoetscriteria afgehandeld; de aantallen in 2019 en in 2020 konden niet meer achterhaald worden. Bestuurlijk wordt gestreefd dat 60% van alle bouwplannen ambtelijk afgehandeld kan worden. In 2018 werd 23% van de plannen ambtelijk afgehandeld. Het is duidelijk dat het gestelde streefdoel niet werd gerealiseerd. De reden komt voornamelijk omdat de sneltoetscriteria vooral betrekking hebben op bouwwerken die door verandering van wetgeving vergunningsvrij zijn geworden. Met andere woorden: sneltoetscriteria hebben dus vooral betrekking op bouwwerken waar geen vergunning meer voor aangevraagd hoeft te worden, zodat sneltoetscriteria vervallen. Er is dus aanleiding om de criteria opnieuw te valoriseren. Omgevingswet. Vanaf 2015 is vanuit de ambtelijke organisatie geparticipeerd in een provinciale pilot ter voorbereiding van de beoogde omgevingswet. Belangrijke subdoelen daarin zijn participatie vanuit lokale bewonersgroepen en verenigingen, met name op het gebied van waardevol erfgoed en landschappen, alsmede het goed (tijdig en nuttig) informeren door middel van de ontwikkeling en inzet van nieuwe digitale mogelijkheden.
Dat laatste is niet alleen een instrument voor afweging van omgevingswaarden, maar biedt ook mogelijkheden op het gebied van bijvoorbeeld toerisme en recreatie (“waar ben ik en wat zie ik daar voor iets bijzonders”). Nadat in eerdere jaren vanwege de toegenomen rol van gemeenten in het archeologiebeleid de archeologische waarden in de gemeente waren vastgesteld, werd in de afgelopen jaren, conform richtlijnen van de Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed, op vergelijkbare wijze landschappelijke en gebouwde 8
waarden (rijks- en gemeentemonumenten en door inwoners voorgedragen ‘karakteristieke’ panden) onderzocht. In 2017, 2018 en 2019 werd met enthousiaste lokale partijen (heemkundeverenigingen, L.G.O.G. Ter Horst, Landschap Horst aan de Maas) inventarisaties opgesteld van karakteristieke panden in elke nederzetting van de gemeente Horst aan de Maas. Daarnaast werden de structuren en karakteristieken van cultuurlandschappen cartografisch vastgelegd. De resultaten van deze bottum up-werkwijze werden in 2020 vertaald in digitale kaarten van omgevingswaarden, en top down analyses, door twee leden van de CRK, van 1) de historische geografie, 2) de landschapstopografie, 3) de bewoningsgeschiedenis van de gemeente en 4) van elke nederzetting, met 5) bijbehorende plaatselijke lijsten van monumentale en karakteristieke panden. Aldus ontstond in 2020 een document from the middle (tussen vakdisciplines en burgerparticipatie), dat de hoeksteen vormt van het toetsingskader voor de beoogde omgevingswet. De integrale omgevingswaardenkaart maakt inzichtelijk waar meerdere kwaliteiten op locaties samenkomen. Er ontstaat zo inzicht in een samenhangende bundeling van bijzondere waarden.
Het voldoet dan aan de principes van integraal omgevingsbeleid dat de burger/initiatiefnemer helpt bij het afwegen van keuzen en de gemeente helpt bij cruciale vragen omtrent ruimtelijke instandhouding, inpassing of transformering. Het is niet toevallig dat dit lijvige en goed gedocumenteerde document Van erfgoed naar omgevingswaarden op 17 september 2020 werd gepresenteerd tijdens het symposium ‘Leven in Horst aan de Maas: vroeger, nu en in de toekomst’, dat georganiseerd werd bij het afscheid van erfgoed-ambtenaar Dienco Bolhuis, verantwoordelijk voor de participatie van Horst aan de Maas in de provinciale pilot. Veel vertegenwoordigers van provinciale- en lokale heemkunde- en landschapsverenigingen, waren die dag in Horst aan de Maas om o.a. getuigen te zijn van de wijze hoe gemeentelijke inspanningen en lokale participanten hadden geleid tot een inspirerend instrument voor de vorming van een omgevingsvisie in Horst aan de Maas. Dit ambtelijk product lijkt tevens een echt ‘hebbedingetje’ te zijn voor inwoners met belangstelling voor de ‘herkomst en vormgeving’ van hun gemeenschap. Vanaf de presentatie op 17 september 2020 is reeds meerdere malen van de visie ‘van erfgoed naar omgevingswaarde’ gebruik gemaakt. Waardoor een ‘transparante’ toetsing op een eenvoudige manier mogelijk is.
9
5. Voorbeeldprojecten Voorbeeld 1 Een zorginstelling streefde naar gebruik en aanpassing van het monumentale boerderijcomplex van Steinhagen te Sevenum. Toen dit vanwege nationale regelgeving niet mogelijk bleek, was een groep inwoners van Sevenum geïnteresseerd te zijn om hier een wooncomplex van een aantal huishoudens te realiseren. In een reeks van bijeenkomsten met opdrachtgevers, architect, en CRK is een plan ontwikkeld waarin de diverse ruimtelijke onderdelen (wonen, recreëren, tuinieren, energietransitie, parkeren, inpassing in landschap) in goede harmonie werd ontwikkeld. Al met al is dit een heel goede ontwikkeling en mooie herbestemming van een monumentale boerderij. Het plan van Steinhagen te Sevenum is met waardering en enthousiasme begeleid door de voltallige commissie vanwege de moderne en toekomstgerichte integrale visie van de opdrachtgevers. Het begint bij juist opdrachtgeverschap!
Voorbeeld 2 Een ander voorbeeld van de doorontwikkeling van een monumentaal gebouw is de verbouwing van het Gasthoes tot multifunctionele accommodatie met behoud van de monumentale karakteristieken. Daarnaast kon de CRK ook handreikingen meegeven voor de opwaardering van buitenruimte. Hiermee werd een verbetering van de relatie tussen het beeldbepalende gebouw en haar directe omgeving gerealiseerd. Inmiddels is hieraan uitvoering gegeven door herontwikkeling van niet alleen het Gasthoes, maar ook de directe omgeving. Om de ruimtelijke kwaliteit te stimuleren worden soms door de CRK inspiratieschetsen gemaakt.
10
Na de verbouwing van het Gasthoes is het bestaande pand Gasthuisstraat 26 (Ramses Pizzeria) een dissonant in deze omgeving. Door de ambtelijke organisatie is aan de CRK gevraagd een inspiratieschets te maken, met als uitgangspunt om met minimale middelen de ruimtelijke kwaliteit te verbeteren.
Voorbeeld 3 Direct tegenover het gemeentehuis wordt op de hoek van de Veemarkt en het Wilhelminaplein wordt de bestaande Restaria Horst in de richting van de Loevestraat op de verdieping uitgebreid met een 9 tal appartementen. Op de begane grond wordt een compacte parkeeroplossing gerealiseerd. Na enkele positieve gesprekken met architect en ontwikkelaar is een hoogwaardig plan ontstaan. Waardoor er een prima ruimtelijke relatie tussen Gemeentehuis, bibliotheek en nieuwbouw in dit gebied wordt gerealiseerd. Op dit moment wordt gewerkt aan de realisatie. Voorbeeld 4 Ten behoeve van een uitbreiding van het dorp Lottum is mede naar aanleiding van het ontbreken van een stedenbouwkundige binnen de gemeente , mee gedacht over de gewenste ruimtelijke kwaliteit van dit nieuw te ontwikkelen woongebied. Door een goede samenwerking tussen de diverse gemeentelijke afdelingen en de CRK is het stedenbouwkundig plan ontwikkeld.
11
Voorbeeld 5 Door een aantal bewoners van Hegelsom is het plan opgevat om in de vorm van een CPO project een plan te ontwikkelen voor een zestal starterswoningen en een viertal seniorenwoningen. In overleg met deze bewoners, hun adviseur, de gemeente Horst aan de Maas en de CRK is aan de Langstraat een stedenbouwkundige structuur ontwikkeld.
12
6. Aandachtspunten Harmonisatie en actualisatie bestaand beleid Naast een beleidsinstrument en een ‘hebbedingetje’ leverde het werken aan omgevingswaarden ook inzicht op in een aantal hiaten in het beleid rond omgevingswaarden in de fusiegemeente Horst aan de Maas (zie blz 8 Van erfgoed naar omgevingswaarden). Hierover moeten de komende jaren voorbereidingen worden getroffen en besluiten worden genomen zodat het gemeentelijke beleid geharmoniseerd en geactualiseerd kan worden. Het betreft: Algemeen: • Burgers zijn doorgaans zeer betrokken bij bijzondere waarden in hun eigen omgeving. Mensen vinden dit interessant en willen er meer over weten. Daarom is communicatie en het beleefbaar maken van omgevingsbeleid zeer essentieel, Archeologiebeleid: • Er bevinden zich in de gemeente Horst aan de Maas een beperkt aantal vindplaatsen die zo belangrijk én zichtbaar zijn, maar geen (beschermd) archeologische rijksmonumenten, dat een bescherming tegen erosie-maatregelen noodzakelijk is. Het voorstel is derhalve om het nut en noodzaak van gemeentelijke archeologische monumenten voor Horst aan de Maas te onderzoeken, en de belangrijkste, nog niet gewaardeerde archeologische terreinen in kaart te brengen en te waarderen. • Daarnaast is het voor een doeltreffend en efficiënt archeologiebeleid zeer nuttig om een onderzoek agenda op te stellen.
Omdat dit samenhangt met ontwikkelingen in een groter gebied dan louter de gemeente, is het efficiënter om dat samen met (een paar) regiogemeenten te doen. Daartoe moet het huidige beleid echter eerst worden geëvalueerd, om inzichtelijk te kunnen maken wat wel en niet zinvol is om op te graven. Uiteindelijk kunnen zo vooral kennishiaten worden gedicht in plaats van het zoveelste van hetzelfde te onderzoeken, wat dan grotendeels achterwege kan blijven. Monumentenbeleid: • Niet alle kernen van de gemeente Horst aan de Maas kennen gemeentelijke monumenten. Tijdens de inventarisatie van kernkwaliteiten zijn echter in de dorpen, Meerlo, Tienray en Swolgen wel gebouwen aangetroffen die thuis horen op een gemeentelijke monumentenlijst. Dankzij de nu verrichte werkzaamheden zal een voorbereidend onderzoek hiervoor minder arbeidsintensief zijn. • Het dorp Tienray heeft een bijzondere geschiedenis als bedevaartsoord dat daarvoor zelfs de status van beschermd dorpsgezicht relevant is te onderzoeken (zie daarvoor de gemaakte dorpsbeschrijvingen). Het voorstel is derhalve voor deze drie kernen uit de voormalige gemeente Meerlo/Wanssum- net als voor alle andere kernen uit de gemeente Horst aan de Maas is gedaangemeentelijke monumenten te benoemen. • Griendtsveen is van rijkswege beschermd dorpsgezicht.
Tijdens de vaststelling van rijks beschermde dorpsgezichten, was de gemeente Horst bezig met de vaststelling van de gemeentelijke monumentenlijst. Om die reden is toen besloten te wachten met het aanwijzen van een monumentenstatus van andere panden in Griendtsveen, totdat het rijk de procedure had afgerond. Echter nadat Griendtsveen rijks beschermd dorpsgezicht werd, is ‘vergeten’ de overige monumentale panden formeel gemeentelijk monument te maken. Het voorstel is om de overige monumentale panden van Griendtsveen de status van gemeentelijk monument te geven. • De gemeentelijke monumentenlijsten zijn vrijwel allemaal in de vorige eeuw ontstaan en dragen daarmee ook sporen van de gedateerde visies. Net als het rijk de afgelopen jaren begonnen is met jonge monumenten te benoemen, zou de gemeente Horst aan de Maas de gemeentelijke
13
monumentenlijst per dorp opnieuw moeten toetsen en met name kritisch moeten kijken naar voortbrengselen van jongere architectuur. Zo heeft het provinciale inventarisatieproject MIP ook in de gemeente Horst aan de Maas diverse bouwwerken geselecteerd die een bescherming rechtvaardigen. Aldus zijn ook de architectonische kwaliteiten van de Sint-Lambertuskerk in Horst op rijksniveau bekend geraakt en in 2019 beschermd als Wederopbouwarchitectuur van rijksniveau. Het voorstel is derhalve om ook de gemeentelijke monumentenlijsten kritisch te toetsen, met name kwalitatief hoogwaardige voorbeelden van recentere architectuur, panden met ensemblewaarde en bijzondere gebruiksgeschiedenis. Speciale aandacht Naast deze specifieke punten wat betreft harmonisatie en actualisering, ziet de CRK de noodzaak om komende tijd speciale aandacht te vragen voor: • Transformatie platteland: Ons platteland zal de komende tijd sterk aan veranderingen onderhevig zijn. Nu vooruitkijken wordt bemoeilijkt door het rappe tempo waarin de afgelopen jaren nieuwe ontwikkelingen zich aanmeldden. Maar dat het aanzien van de agrarische bebouwing gaat veranderen staat buiten kijf. Algemeen wordt verwacht dat het aantal agrarische bedrijfslocaties zal afnemen. Vrijkomende bebouwing vraagt om nieuwe invullingen.
Bedrijfsvoering vraagt om nieuwe schaal- en verschijningsvormen: van teelt ondersteunende voorzieningen zoals hagelnetten, verbreding van economische functies zoals boerencampings tot energietransitie met duurzame opwek van zon- en windenergie. Hoe integreren we al deze veranderingen in de agrarische ruimtelijke structuur, waar ook steeds meer aandacht gewenst is voor bosaanleg, natuuronderhoud, klimaatadaptie et cetera. Hoe om te gaan met oude waarden als bijvoorbeeld ‘open landschappen’ en het streven om dit weer te herstellen of geven we het op in bepaalde gebieden. Al deze ontwikkelingen brengen deels nieuwe en andere effecten op de fysieke ruimte teweeg die het aanzien van het buitengebied zullen veranderen. Paradoxaal kan worden geconstateerd dat we voor de historisch belangrijkste ingrepen staan die fysieke ruimte in de toekomst bepalen. Dat vereist een brede visie in een zeer complexe materie, die een groot verantwoordelijkheidsgevoel vraagt met het oog op toekomstige generaties bewoners.
• Visie Griendtsveen: in de omgeving van Griendtsveen komen beleidsterreinen van monumentenzorg (nederzetting Griendtsveen, Peel-Raam-linie, monumentale kanalenstructuur), samen met natuurbehoud (N2000 gebieden), problemen rond stikstof-emissies (intensieve veeteelt), verdroging en kansen rondom waterbeheer (kanalen) en toekomstperspectieven voor bewoners en noodzakelijke voorzieningen. Daarbij wordt een integrale benadering niet alleen bemoeilijkt door sectorale scheidingen, maar ook een bestuurlijke ‘verdeling’ (Deurne-Horst aan de Maas; Noord Brabant-Limburg). Voordat integrale visies kunnen worden ontwikkeld zullen er vooral bestuurlijke mogelijkheden en perspectieven moeten worden verkend • Laten we de veranderende woonwensen in dorpen en wijken over aan de markt en de woningcorporaties of wel gaat de gemeente daarin sturend optreden op basis van duidelijke trends en demografische ontwikkelingen die ruimtelijk perspectieven hebben om goed te landen. • Aanvrager meer betrekken bij het overleg: in principe worden de aanvrager en zijn adviseur altijd uitgenodigd bij een overleg. Een verbetering zou zijn wanneer dit automatisch uit de systemen zou volgen (uit Squit). Daarnaast is het een optie om een vrije inloop te organiseren zodat architecten met een eerste concept plan kunnen komen om even de grote lijnen af te stemmen.
Er zijn reeds duidelijke signalen ontvangen dat dit zeer op, prijs wordt gesteld door opdrachtgevers en architecten. • Honoreren we gerealiseerde ruimtelijke kwalitatieve impulsen met een predicaat of prijs? • CRK ‘geeft’ niet alleen advies, maar wil ook nieuw beleid en denkrichtingen tot zich laten komen, bijvoorbeeld de in het kader van RES opgestelde richtlijnen/handreikingen voor de inpassing van zonneparken groter dan 10 ha. Versie: JSch: definitief 30 juli 2021. 14