Eindverslag informatieronde HadM
Tekst van het document
Eindverslag Informatieronde Horst aan de Maas
31 maart 2026 1
Inhoudsopgave 1. Inleiding 2. De opdracht 3. Werkwijze 4. Politieke cultuur, omgangsvormen 5. Beleid 2026 - 2030 6. De coalitievoorkeuren van de partijen 7. De mogelijkheden voor een brede meerderheidscoalitie en vervolg 8. Collegeprogramma en raadsakkoord 9. Conclusies en advies
3 3 3 4 4 5 6 7 8
10. Bijlagen
9
2
1. Informatieopdracht
9
2a. Verslag CDA
10
2b. Verslag Leef
12
2c. Verslag Essentie
14
2d. Verslag BVH
16
2e. Verslag VVD
18
2f. Verslag Perspectief
20
2g. Verslag SP
22
1. Inleiding Op 18 maart jl. zijn de verkiezingen voor de gemeenteraad geweest. Leon Litjens heeft als vertegenwoordiger van de grootste partij na overleg met de andere fracties in de gemeenteraad ons gevraagd om als informateurs op te treden. Wij hebben die opdracht graag aanvaard.
2. De opdracht De opdracht, die als bijlage 1 is bijgesloten, luidt als volgt: “Opdracht: • In gesprek te gaan met alle partijen over: - Reflectie op uitslag - Speerpunten (die men graag in raadsakkoord wil terugzien) - Breekpunten (inhoudelijk en/of partijen) - Obstakels vanuit het verleden - Gewenste coalitie - Eventueel voor te dragen bestuurders - Etc. • Op basis van deze gesprekken een advies te formuleren dat aan de raad wordtaangeboden op 1 april met een advies over de te nemen vervolgstappen.”
3. Werkwijze Op 21 maart hebben wij een mondelinge toelichting gekregen over de opdracht. Wij hebben een gesprek gehad met de gemeentesecretaris en het afdelingshoofd Planning & Control tevens Concerncontroller, die ons op hoofdlijnen informatie over de actuele ontwikkelingen in de organisatie en de financiële positie van de gemeente hebben gegeven. Vanaf 25 maart hebben wij, ondersteund door de griffier Ruud Poels, gesprekken gevoerd met alle fracties uit de nieuwe gemeenteraad. Daarbij hebben wij in hoofdlijnen onder meer de volgende onderwerpen besproken: • •
•
•
Reflectie over de verkiezingsuitslag Beleid 2026-2030 - de uitdagingen 2026-2030 - de belangrijkste thema’s, beleidswensen, de belangrijkste gewenste investeringen - de financiële dekking en de belastingdruk De relatie met andere partijen - de belangrijkste verschillen en overeenkomsten met andere partijen - de onderlinge verhoudingen, respect en omgangsvormen - oude gevoeligheden De samenstelling van het nieuwe college - de verkiezingsuitslag en de daarmee verbonden collegesamenstelling - welke partijen, breed of smal, afspiegeling - deelnamebereidheid en wethouderskandidaten - breekpunten en speerpunten - coalitieprogramma/raadsprogramma
Van de gesprekken zijn verslagen gemaakt. De verslagen zijn door partijen geaccordeerd en partijen hebben ermee ingestemd de verslagen als openbare stukken toe te voegen aan het verslag. Deze zijn als bijlage 2a t/m 2g bijgevoegd. Ter afronding hebben na de eerste gespreksronde met 4 partijen nog verduidelijkende gesprekken plaatsgevonden. 3
4. Politieke cultuur, omgangsvormen Meerdere partijen hebben in de gesprekken aandacht gevraagd voor de onderlinge verhoudingen tussen partijen en de bestuurscultuur. Men vindt dat beiden voor verbetering vatbaar zijn en de komende raadsperiode om bijzondere aandacht vragen. Woorden als transparantie, afspraak is afspraak, eerlijkheid, fatsoen en respect voor elkaar, dienstbaarheid, betrouwbaarheid en herstel van vertrouwen zijn gebruikt. Voor wat betreft de onderlinge verhoudingen hebben we vastgesteld dat er een Raadsontwikkelingstraject wordt gestart. Het is zaak via dat traject hier ook echt werk van te maken. Voor de bestuurscultuur in relatie tot de burgers en de samenleving in brede zin is het wenselijk, zo niet noodzakelijk, om daar in het kader van de formatie van een nieuw college en een eventueel raadsakkoord gepaste aandacht aan te geven en afspraken over te maken.
5. Beleid 2026 - 2030 Wij concluderen op basis van de gevoerde gesprekken dat er over het brede terrein van de beleidsitems weliswaar de nodige verschillen zijn, maar dat er tegelijkertijd op hoofdlijnen en hoofditems door de bank genomen grote overeenkomsten zijn tussen de in de gemeenteraad vertegenwoordigde partijen. Dat geldt bv. voor belangrijke beleidsterreinen als het sociaal domein en volkshuisvesting. Op die terreinen liggen majeure opgaven, maar de op tafel liggende oplossingsrichtingen worden breed gedragen. De verschillen tussen partijen op die terreinen taxeren wij als goed overbrugbaar. We zien sterke overeenkomsten in de doelen. De weg naar die doelen toe worden soms anders gezien. Er zijn wel duidelijke verschillen van mening zichtbaar op het gebied van het ruimtelijk en economisch beleid. De vastgestelde Omgevingsvisie verdeelt partijen. Enkele partijen willen een nieuwe Omgevingsvisie of een flinke aanpassing, anderen zijn tevreden met het huidige plan. De ontwikkelingen in de agrarische sector worden verschillend beoordeeld, waarbij het zoeken naar een balans tussen nieuwe ontwikkelingsruimte voor economische (agrarische) activiteiten en het beschermen van natuur en landschap inzet is van de discussie. In relatie daarmee speelt ook de huisvesting van de vele arbeidsmigranten. Alle partijen hebben aangegeven dat er geen breekpunten zijn.
Een belangrijk aandachtspunt vormen de gemeentelijke financiën. De meerjarenbegroting is tot en met 2027 sluitend. Voor 2028 en 2029 is er een tekort van 2%. Daarbij moet nog vermeld worden dat in de meerjarenbegroting is ingeboekt een nog in te vullen taakstelling voor het sociale domein van 1,5 miljoen en voor de organisatie 1 miljoen. Dat betekent dat er zonder nieuw beleid al een fikse uitdaging ligt. De OZB ligt iets boven het landelijk gemiddelde. Het voornemen van meerdere partijen om de belastingdruk te stabiliseren of zelfs te verlagen is gelet op bovenstaande ook ambitieus.
4
6. De coalitievoorkeuren van de partijen Onderstaand per partij de voorkeuren voor de collegesamenstelling met tussen haakjes het aantal zetels van de partijen, die de coalitie dragen, en daarachter de verdeling van de wethoudersposten zoals partijen dit zien. Als partijen al een wethouderskandidaat hebben is dit ook aangegeven en is hun naam genoemd. CDA – kandidaat wethouder Leon Litjens (bij 2 nog niet bekend): ziet CDA en Leef als basis voor nieuwe coalitie 1ste – CDA en Leef met verbreding VVD – (16) - 2 / 2 / 1 2de – CDA en Leef met verbreding Essentie en VVD – (21) - 1 / 1 / 1 / 1 Leef – kandidaat wethouder Roy Bouten (bij 2 nog niet bekend): ziet Leef en CDA als basis voor nieuwe coalitie 1ste – CDA en Leef met verbreding Essentie en Perpectief – (20) 1/1/1/1 2de – CDA en Leef met verbreding Essentie en VVD – (21) - 1/1/1/1 (Perspectief sluit beter aan bij programma, maar vanuit haalbaarheid wordt hier de VVD genoemd) Essentie – kandidaat wethouder Kay Thijssen: 1ste – CDA, Leef en Essentie (18) 2de – CDA, Leef, Essentie en VVD – (21) - 1/1/1/1 Belang van Horst – kandidaat wethouder Imke Emons (bij portefeuille Energie kan het een andere kandidaat zijn – Rob Driessen) 1ste – CDA, VVD, Essentie en BvH (19) VVD – kandidaat wethouder nog niet bekend (interne selectieprocedure loopt) 1ste – CDA, Leef, VVD (16) 2de – CDA, Leef, VVD, Essentie (21) 1/1/1/1 Perspectief –
kandidaat wethouder Lotte Spreeuwenberg 1ste – Leef, Essentie, Perspectief en SP (14) SP – geen kandidaat genoemd, profielen op basis van raadsakkoord kandidaten zoeken De SP heeft geen specifieke voorkeur voor samenstelling genoemd maar voorkeur raadsakkoord en op basis daarvan profielen en dan kandidaten selecteren.
5
7. De mogelijkheden voor een brede meerderheidscoalitie en vervolg In de basis zijn er diverse mogelijkheden om te komen tot meerderheidscoalities. In de overwegingen van de informatieopdracht is ons meegegeven dat de wens is om te komen tot een brede coalitie die een afspiegeling is van de uitslag, de thematiek in de verkiezingen en waar recht wordt gedaan aan die partijen die gewonnen hebben. Gebaseerd op de gesprekken zien wij het grootste draagvlak voor een combinatie van CDA, Leef, Essentie, VVD. Deze 4 partijen geven allen aan dit als een haalbare coalitie te zien. Deze samenstelling doet recht aan de verkiezingsuitslag en is een goede afspiegeling van de verhoudingen in de gemeenteraad. Ook zorgt deze samenstelling voor continuïteit en stabiliteit. Er ontstaat een krachtige en door veel partijen gewenste brede coalitie met in het college een goede mix van bestuurservaring en nieuwe bestuurders. Varianten hierop, de primaire voorkeuren van CDA, Leef, Essentie en de VVD, maar ook de voorkeur van Perspectief zijn getalsmatig mogelijk, maar passen niet of minder binnen de gegeven randvoorwaarden in de informatieopdracht en de daarbij behorende overwegingen. Voor de door Belang van Horst aan de Maas voorgestelde variant is geen draagvlak gebleken.
Samenvattend: • de combinatie CDA, Leef, Essentie en VVD kan rekenen op 21 van de 27 zetels, dus breed • doet recht aan de verhoudingen in de raad, Leef kleurt het linkse spectrum en VVD (duidelijk winnaar met een extra zetel) brengt de balans op rechts. • met de bewezen bestuurlijke ervaring van beoogd bestuurders Litjens en Bouten, nieuwe gemeentebestuurder Kay Thijssen en de nog bekend te maken wethouderskandidaat voor de VVD ontstaat een krachtig college. Wel is er de wens dat alvorens tot de formatiefase met de vier partijen wordt overgaan procesafspraken worden gemaakt waarin ook voor een aantal bilaterale gesprekken tussen partijen voldoende plek is ingeruimd. Wij verwachten dat deze gesprekken zorgen voor een sterkere basis voor een succesvol formatieproces. Mocht uit deze gesprekken onverhoopt blijken dat onoverbrugbare verschillen blijven bestaan dan dient een nieuwe informatieronde te worden gestart. Het gaat om de volgende gesprekken: Gesprek CDA en Essentie: Om een goede frisse start te kunnen maken achten wij dit gesprek noodzakelijk. Voor beide partijen zijn er geen obstakels uit het verleden, maar wel gevoeligheden, die om een goed gesprek vragen. Gesprek Leef en VVD: Om te kijken of er voldoende basis is (inhoud en onderling vertrouwen) om samen verder te gaan.
Gesprek Leef en CDA: Dit gesprek wordt door beide partijen nodig geacht om na te gaan of inhoudelijke verschillen overbrugd kunnen worden. Tenslotte merken we op dat meerdere partijen hebben aangeven een formatieproces te willen opstarten onder leiding van (een) onafhankelijk externe formateur(s).
6
8. Collegeprogramma en raadsakkoord In de overwegingen bij de opdracht voor de informatie wordt gemeld dat er een brede wens is om met een raadsakkoord te gaan werken. In de gesprekken hebben we vastgesteld dat de percepties over hoe een raadsakkoord eruitziet nogal verschillen. Leef gaat ervan uit dat het raadsakkoord gaat over de onderwerpen waar raadsbrede overeenstemming is of bereikt kan worden en dat de overige thema’s een plek krijgen in een coalitieakkoord. De SP gaat uit van een raadsakkoord, dat door de hele gemeenteraad gedragen wordt. Het bevat het beleid, waarover overeenstemming bestaat, en afspraken hoe om te gaan met de delen van het beleid waarover partijen van mening verschillen. Volgens deze partij is een raadsakkoord de basis voor de collegesamenstelling en kunnen er op basis daarvan profielschetsen worden opgesteld voor de te benoemen wethouders. Twee partijen (BVH en VVD) geven aan dat ze weinig zien in een raadsakkoord. Essentie heeft weliswaar de voorkeur om stappen te zetten om tot een raadsakkoord in de volle breedte te komen, maar schat in dat het inhoudelijk lastig gaat worden om de verschillende partijen op één lijn te krijgen. In dit verband verwijst men nog naar de start van de vorige raadsperiode. Het voorgaande overziende stellen wij ons de vraag of een raadsakkoord haalbaar is en op voldoende draagvlak kan rekenen.
Twee partijen zien het niet zitten en als het niet raadsbreed wordt is er voor de SP geen sprake meer van een raadsakkoord. Vorenstaande en de uitdrukkelijke wens van veel partijen om ook de oppositie in het proces mee te nemen is voor ons aanleiding geweest na te denken over alternatieven om het gewenste doel – de raad in de volle breedte te betrekken bij de plannen voor de voorliggende raadsperiode zo kort mogelijk te benaderen. Het eerste wat kan worden overwogen is om in het begin van het formatieproces alle partijen de gelegenheid te geven input te leveren voor het door de beoogde coalitiepartijen te schrijven programma. Meerdere partijen, o.a. Perspectief en SP, geven aan daarmee te kunnen instemmen, als blijkt dat een breed raadsakkoord niet haalbaar is. Een andere optie, die overwogen kan worden, is om het conceptakkoord voor te leggen aan de niet in de coalitie participerende partijen en hen voor de vaststelling de gelegenheid te geven daarop te reageren. Het is dan aan de coalitievormende partijen of ruimte kan worden gevonden aanpassingen en/of wensen te honoreren.
7
9. Conclusies en advies Gelet op al het bovenstaande komen wij tot de volgende bevindingen en het volgende advies: 1.
Er bestaat geen eenduidige perceptie over wat een raadsakkoord is. Wij adviseren nog eens kritisch te kijken naar haalbaarheid en draagvlak en de hiervoor geschetste alternatieven in overweging te nemen.
2. Er zijn door geen enkele partij breekpunten op tafel gelegd. 3. Ondanks verschillen delen de partijen de hoofdlijnen en koers op belangrijke beleidsterreinen. Dat geldt echter in mindere mate voor de beleidsterreinen economie en ruimte. Daar zijn op onderdelen duidelijke verschillen. 4. Bijzondere aandacht verdienen de gemeentelijke financiën. Bij de huidige vooruitzichten is de financiële beleidsruimte beperkt, terwijl de ambities groot zijn. 5. Een belangrijk aandachtspunt is de bestuurscultuur. Wij adviseren om daar in het akkoord aandacht aan te besteden en te zorgen dat dit in het voorgenomen Raadsontwikkelingstraject wordt ingepast. 6. Wij adviseren alvorens met de formatie te starten procesafspraken te maken, waarin ook ruimte wordt geboden om de eerdergenoemde bilaterale gesprekken te laten plaatsvinden. 7. Voor het vervolg adviseren wij (een) onafhankelijke formateur(s) te benoemen met de opdracht om met CDA, Leef, Essentie, en VVD te starten met de formatiefase om te komen tot een coalitieakkoord. Horst, 31 maart 2026 Erik Ronnes, Arie Stas
8
Bijlage 1 | Informatieopdracht Betreft: informatieopdracht | Aan: dhr. E. Ronnes en dhr. A. Stas Geachte dhr. Ronnes en Stas, Ten eerste wil ik u danken dat u beide heeft toegezegd om, op verzoek van het CDA Horst aan de Maas, als informateur te willen gaan optreden. In mijn rol als fractievoorzitter van het CDA Horst aan de Maas heb ik n.a.v. het duidingsdebat en de samenvatting van de burgemeester van dit debat (https://horstaandemaas. raadsinforma.e.nl/vergadering/1476445 ) de volgende opdracht geformuleerd: Overwegingen (op basis van voorlopige uitslag): • De uitslag van de verkiezingen laat zien dat Horst aan de Maas rechtser heeft gestemd.
Centrumrechts: 2/3 en Links: 1/3; • Belang van Horst aan de Maas en de VVD een zetel gewonnen hebben; • De SP weer terugkeert in de raad; • Dat ‘veranderen’ een thema is; • Dat er voor het nieuwe gemeentebestuur grote uitdagingen liggen; • Dat er grote waarde gehecht wordt aan een frisse en goede start waarbij er onder externe begeleiding zowel in de raad, college als de organisatie gewerkt gaat worden aan goede onderlinge verhoudingen, gedeelde waarden, er fatsoenlijk met elkaar wordt omgaan, er stabiliteit is, er open en transparant gewerkt en gehandeld wordt, met respect voor elkaars rollen, een samenwerking die verbindend is naar elkaar en de samenleving en waarbij ook ingegaan wordt op het verleden en het wegnemen van blokkades, te vereffenen rekeningen zodat partijen met een schone lei beginnen aan deze periode; • Dat Horst aan de Maas een krachtig college nodig heeft dat als 1 team, met 1 opdracht echt collegiaal gaat samenwerken, dat inzet op goede relaties met de raad en de omgeving (van buiten naar binnen).
Een college dat met creativiteit, lef, ‘het kan wel’, ondernemerschap en daadkracht aan de slag gaat waarbij bewezen bestuurlijke ervaring die past bij het voorgaande de basis de kern van dit nieuwe college dient te vormen; • Dat de wens is om te komen tot een brede coalitie die een afspiegeling is van de uitslag, de thematiek in de verkiezingen en waar recht gedaan wordt aan partijen die gewonnen hebben; • Dat er een brede wens is om met een raadakkoord te gaan werken. Opdracht: • In gesprek te gaan met alle partijen over: o Reflectie op uitslag o Speerpunten (die men graag in raadsakkoord wil terugzien) o Breekpunten (inhoudelijk en/of partijen) o Obstakels vanuit het verleden o Gewenste coali.e o Eventueel voor te dragen bestuurders • Op basis van deze gesprekken een advies te formuleren dat aan de raad wordt aangeboden op 1 april met een advies over de te nemen vervolgstappen. De informateurs kunnen zich laten ondersteunen door de gemeente op het gebied van verslaglegging, communica.e, afspraken inplannen etc. Met vriendelijke groet, Leon Litjens CDA Horst aan de Maas Informatie over de informateur: Dhr. E. Ronnes: https://www.linkedin.com/in/eronnes/ Dhr. A. Stas: https://leeforstaandemaas.nl/kandidaten/arie-stas/ 9
Bijlage 2a | Verslag CDA Gesprek met de informateurs en het CDA Datum: Locatie: Aanwezig: Verslaglegging:
Woensdag 25 maart 19.30 uur B&W kamer gemeentehuis Informateurs: Erik Ronnes en Arie Stas CDA: Leon Litjens en Annemie Craenmehr Ruud Poels
De volgende onderwerpen zijn aan de orde gekomen: Reflectie over verkiezingsuitslag Horst aan de Maas stemt rechtser, waarbij het CDA de grootste is. LEEF heeft het goed gedaan er is een klein verschil met CDA. Er zijn drie winnaars: SP, BvH en VVD en de coalitie verliest. Essentie is de grootste verliezer en we missen hun kritische blik op afgelopen periode (zagen we wel bij LEEF). Horst aan de Maas heeft gestemd voor verandering. De conclusie is een brede coalitie: niet sec over rechts, niet sec over links. Via midden met links en rechts, waarbij recht wordt gedaan aan de verhouding rechts – links (65% - 35%) met winnaars. Er dienen aan de voorkant goede afspraken te worden gemaakt ten behoeve van de rust in het college, raad en organisatie. Inzet op bestuurskracht waarbij houding, gedrag, creativiteit een grote rol spelen en de ervarenheid van de beoogd bestuurders.
Beleid 2026-2030 De bestuurscultuur is voor het CDA het belangrijkste speerpunt, waarbij een aantal kernwaarden worden genoemd: fatsoenlijk, respect & resultaatgerichte politiek (daadkracht), Leiderschap, Dienstbaar, Inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisatie staan centraal, van “Buiten naar Binnen”, transparant, betrouwbaar, afspraak is afspraak ,vertrouwen herstellen, overheid die die op voorgrond treedt als het noodzakelijk is en zwakkeren ondersteuning biedt, kansen & behoeften en ondernemerschap staan centraal, beleid en regels zijn helpend geen doel op zichzelf, “Het kan wel”, laten ons niet leiden door luidruchtige minderheden, oppositie: beter bedienen dan de coalitie. Op het onderdeel woningbouw wordt meer ambitie, innovatie, creativiteit, regie en lef verwacht. Wat betreft de leefbaarheid wordt gepleit voor sterke gemeenschappen en de inrichting van een Dorpenfonds (40 miljoen euro). Dit is niet voor enkel voor investeringen, maar ook om zodat initiatiefnemers ondersteuning kunnen inhuren. Initiatief moet vanuit het dorp komen en overheid faciliteert. De omgevingsvisie is een zwaarwegend punt. Deze moet van tafel, dan wel aangepast worden. De visie is (op onderdelen) te idealistisch, niet realistisch, te weinig integraal, er missen onderdelen en weinig flexibel, zit te veel op verbieden ipv stimuleren.
Onvoldoende rekening gehouden met bepaalde relevante ontwikkelingen zoals grondprijsontwikkeling. Er moet ruimte komen om te ondernemen waardoor brede welvaart behouden kan blijven. De lasten zijn te ver doorgeschoten, de OZB (in euro’s) moet de komende 4 jaar worden bevroren. Handhaving: focus op grote overtreding/milieu/arbeidsmigranten en minder op dakkapellen en evenementen. Bij handhaving evenementen moet houding en gedrag ook anders worden. Het CDA houdt zich aan de wet, zoals bijvoorbeeld de spreidingswet en de opvang van asielzoekers. De relatie met andere partijen Er zijn geen breekpunten, maar de Omgevingsvisie is een zwaarwegend punt. Voor windmolens zijn er genoeg alternatieven. Er worden geen partijen uitgesloten. N.a.v. het verleden, dient wel het e.e.a. met Essentie te worden uitgesproken. Het is echter niet onoverkomelijk. Ook met Leef is een gesprek noodzakelijk, met name over de of de inhoudelijke verschilpunten overwonnen kunnen gaan worden. 10
De samenstelling van het nieuwe college De eerste voorkeur is een coalitie tussen het CDA, Leef en de VVD met 5 wethouders (CDA/Leef 2 en 1 voor de VVD). VVD i.p.v. BVH is om het de inschatting is dat die twee partijen elkaar niet gaan vinden. Er dient dan wel eerst een verkenning tussen Leef en CDA plaats te vinden of de inhoudelijke verschillen overbrugd kunnen worden. Er is echter geen obstakel om breder te gaan kijken, bijvoorbeeld naar Essentie, maar daar moet wel een eigen reflectie plaatsvinden, daar zij alles bij het oude willen laten. Terwijl juist een nieuwe krachtige bestuurscultuur nodig is en Horst aan de Maas ook voor verandering heeft gestemd. Voor het CDA moet derhalve niet de macht van het getal de doorslag geven. In geval van een college met Leef, Essentie en de VVD kan het CDA meegaan in een college dat bestaat uit 4 wethouders (voor iedere partij 1). Voor het CDA is een cultuurverandering, goed samenwerken (in en tussen college, raad en organisatie en omgeving), herstelt vertrouwen en resultaten boeken het allerbelangrijkste doel en de opstelling van het CDA is dienstbaar aan dat doel. Cultuurverandering is iets van alle partijen en hiervoor dienen dan ook schriftelijke afspraken over worden gemaakt door alle partijen en de organisatie.
Vervolgproces Volgens het CDA zou er een eerste verkenning tussen het CDA en Leef moeten plaatsvinden over de inhoudelijke verschillen tussen beide partijen. Vervolgens kan het resultaat van deze gesprekken met de gehele raad gedeeld worden om vervolgens een proces op te starten om te komen tot een (raads)akkoord. Het CDA vraagt zich af of een raadsakkoord haalbaar is maar wil daar wel aan meewerken om te kijken of dit behulpzaam is voor het maken van een nieuwe start. Het eventueel te sluiten raadsakkoord is de basis voor de formatiefase, die daarna begint. Hoe die er uit ziet, met wel of geen externe (in)formateur, dat kan op dat moment worden bepaald. Indien de verschillen tussen Leef en CDA niet overbrugbaar zijn, dan dient er een nieuwe informatieronde te beginnen.
11
Bijlage 2b | Verslag Leef Gesprek met de informateurs en Leef Datum: Locatie: Aanwezig: Verslaglegging:
Woensdag 25 maart 20.30 uur B&W kamer gemeentehuis Informateurs: Erik Ronnes en Arie Stas Leef: Roy Bouten en Els van Enckevort Ruud Poels
De volgende onderwerpen zijn aan de orde gekomen: Reflectie over verkiezingsuitslag Leef heeft met 6 zetels en 4.673 stemmen een stevig mandaat van de kiezer gekregen. In vergelijk met eerdere verkiezingen was het verschil met de grootste partij nog nooit zo klein geweest. Daarnaast heeft een partij in Horst aan de Maas (buiten het CDA) nog nooit dit grote aantal stemmen gehaald. Op inhoud bestaat er niet veel verschil tussen de (grootste) partijen. Eenieder wil bouwen in alle kernen, er is ambitie voor een goede balans tussen natuur en economie en er moet een goed voorzieningenniveau zijn. Maar in de uitwerking zitten daar wel degelijk belangrijke verschillen tussen Leef en CDA. Op een paar thema’s zoals migratie zijn er een aantal verschillen. Om die reden wordt er gepleit voor een raadsakkoord, waar de overeenkomsten tussen alle partijen (ongeveer 70 tot 80%) worden vastgelegd. De partijen die samen gaan formeren, moeten afspraken maken over 20 tot 30 % waar nog geen overeenstemming is, voordat er een coalitie akkoord is. Horst aan de Maas is wat naar rechts opgeschoven en dat komt door het verlies van links van 11 naar 9 zetels. Het advies is om een centrum college te vormen, met een nuance naar rechts. Daar hoort Leef (als links van het midden) ook bij, zeker als men bedenkt dat 40 % van haar leden partijloos zijn.
Speerpunten Beleid 2026-2030 Leef heeft 10 speerpunten: 1. Betaalbaar en beter bouwen naar lokale behoefte. 2. Investeren in gezondheid van mensen, dus in woon-leef en zorgconcepten. Bij schaarste in de zorg dient de gemeente de regie te nemen om die zorg voor zoveel mensen beschikbaar te houden. Leef weet dat er op dit punt verschil van mening is met de VVD. 3. Natuur en landschap moeten beschermd worden en daarbij zijn keuzes nodig. 4. Ook bij economie moeten er keuzes worden gemaakt. Gelet op tekort op ruimte, energie en arbeid geen import van bedrijven buiten de gemeente. Maar ook vooral geen uitbreiding van bedrijvigheid die afhankelijk is van goedkope arbeid. Hierover moeten goede afspraken worden gemaakt, bijv. bij Klaver 7. Stel dat de helft van het gebied een groene buffer wordt, dan voor de lokale bedrijven kijken naar alternatieven. 5. Klaver 7 kan voorbeeld zijn voor “Meer, met en door inwoners (burgerparticipatie)”. Invoering burgerberaad (geen referendum). Bijv. bij debat over opvang van ontheemden. 6. Omgevingsvisie heeft de botsproeven doorstaan en kan overeind blijven, bij ongewenste effecten alsnog de betreffende onderdelen op een effectieve manier aanpassen. 7. Doorontwikkelen van stabiliteitsaanpak. Wetgeving is geen doel maar een middel. Het sociaal vangnet overeind houden op huidig niveau. Doorontwikkeling van onze Loods.
Hier heeft de VVD onlangs een tegenstem laten horen, deze partij wordt weer genoemd, omdat andere partijen hen als mogelijke partner in het te vormen college zien. 8. Bij goede dienstverlening, hoort een goede werkgever en goede huisvesting c.q. gemeentehuis, dat toegankelijk is voor mensen met een beperking. Ook dit kan spannend worden, omdat andere partijen hier wellicht anders over denken.
12
9. Verantwoordelijkheid nemen op bij opvang ontheemden. 10. Transparant, open, eerlijk en collegiaal bestuur, zowel in de raad, college en richting organisatie. Een bestuurder zal nooit een ambtenaar mogen opdragen wat het advies moet zijn. Deze heeft de eigen verantwoordelijkheid over zijn of haar advies, zo ook het bestuur dit over zijn besluit heeft. Desgevraagd naar de financiering wil Leef niet de kaasschaafmethode hanteren. Allereerst dient naar efficiency gekeken te worden. Indien dat niet voldoende is, dienen er keuzes te worden gemaakt. De laatste optie is lastenverhoging, met de focus op de toeristenbelasting voor de grootschalige toeristische bedrijven, zoals de bungalowparken en Toverland. Voor Leef zijn er geen breekpunten, tenzij gevraagd wordt om de wet niet uit te voeren etc. De relatie met andere partijen/samenstelling van het nieuwe college Het advies is een centrum college (CDA, leef en Essentie), waarbij men wil verkennen naar zowel links (Perspectief) als rechts (VVD). Men ziet de uitslag en verwacht te zien waar het advies naartoe gaat, maar het heeft de voorkeur om Perspectief te betrekken in de verkenning. Leef gaat niet met het CDA, VVD maar zonder Essentie in een college zitten. Leef en CDA zouden eerst met elkaar in gesprek moeten gaan, of de verschillen te overbruggen zijn.
Daarnaast zouden er gesprekken moeten zijn tussen CDA en Essentie en Leef met VVD om te kijken of er voldoende basis is (inhoud en onderling vertrouwen) om samen verder te gaan. Vervolgens kan de formatie begonnen worden. Desgevraagd, het is zeker niet de bedoeling dat Leef en het CDA samen met een notitie komen om daarmee de formatie in te gaan. Er kan uiteraard wel over hetgeen besproken is , gecommuniceerd worden. We hebben aangegeven dat het ons mogelijk zinvol lijkt ook gesprekken te laten plaatsvinden tussen CDA-Essentie en leef-VVD Nadat het gesprek tussen Leef en het CDA heeft plaatsgevonden, dient er nagedacht te worden over de vervolgstappen, waarbij de anderen ook worden betrokken. Dit kan in een raadsvergadering en/of raadsakkoord gebeuren. Naar alle waarschijnlijkheid zal de formatie daarna onder begeleiding van een of meerdere onafhankelijke (in)formateurs moeten plaatsvinden. Voor Leef zijn er verschillende manieren om tot een raadsakkoord te komen, bijvoorbeeld het vastleggen wat alle partijen bindt. Dit dient dan wel voor 28 mei plaats te vinden om het nog in de Programmabegroting te kunnen verwerken. Tenslotte is het beeld van Leef dat het advies en verslag van de informateur in de raad van 1 april wordt aangeboden en dat vervolgens daar het debat over de vervolg stappen plaatsvindt.
13
Bijlage 2c | Verslag Essentie Gesprek met de informateurs en Essentie Datum: Locatie: Aanwezig: Verslaglegging:
Donderdag 26 maart 11.30 uur B&W kamer gemeentehuis Informateurs: Erik Ronnes en Arie Stas Essentie: Kay Thijssen en Jules Perry Ruud Poels
De volgende onderwerpen zijn aan de orde gekomen: Reflectie over verkiezingsuitslag Essentie is één van de winnaars. Ze hebben 500 stemmen meer dan de vorige keer gekregen en zijn trots op het resultaat. Het is altijd een stabiele partij geweest en de kiezer beloont deze stabiliteit. Voor het overige zijn er weinig grote verschuivingen. Beleid 2026-2030 Er zijn geen obstakels, maar wel speerpunten: Betaalbare woningen in iedere kern, waarbij de impact op leefbaarheid van woningbouw in kleine kernen duidelijk naar voren komt. Mobiliteit en verkeersoplossingen met bijzondere aandacht voor vrachtverkeer in de Maasdorpen. Programma Economie: daar moeten keuzes worden bij o.a. de revitalisering bedrijventerreinen. Daarnaast moeten ook de problemen met netcongestie en klimaatadaptie worden aangepakt. De wensendruk is groot, daartegenover staan lasten. Het is de vraag of het reëel is, deze niet te verhogen, mede omdat het ravijnjaar er aan komt. De lastendruk moet wel in vergelijk met de regio gemiddeld lager zijn. Er is een verschil in investeringen en uitgaven. Investeringen leveren waarschijnlijk rendement op. Desgevraagd geeft Essentie aan dat er geen thema’s zijn, waarin zij fundamenteel anders in zitten. Het gaat meer om de manieren om zaken te bereiken.
Het is een open en jonge fractie, waarbij de aandacht uitgaat naar de juiste verhoudingen, “check en balances” , bijvoorbeeld bij de portefeuilleverdeling. Ook gaan ze het gesprek aan met partijen met “extremere opvattingen” , bijv. over de spreidingswet, maar het is natuurlijk de vraag of ze eruit komen. Over alles valt te praten, ook over de Omgevingsvisie. De basis is het principe ,laten we daar aan vasthouden. Als het niet werkt, dan passen we het na evaluatie aan. Essentie is pragmatisch constructief waarin de accenten kunnen verschuiven en na de felle debatten beginnen we weer op 0. De relatie met andere partijen/ De samenstelling van het nieuwe college Er is een goede band met Leef en men staat inhoudelijk dicht bij het CDA en de VVD. Stabiliteit moet het uitgangspunt zijn, het vertrouwen dat diegenen met wie de afspraken worden gemaakt, zowel in de raad als het college, er na 4 jaar nog steeds zijn. De wisselingen in de afgelopen periode waren zeer lastig, ook voor de buitenwereld. Er zijn echter geen obstakels uit het verleden, men wil vooruit, met het startpunt op 0. Het streven is een harmonieuze samenwerking, daar er af en toe polarisatie was. Een cultuurverandering kan nodig zijn, waarbij alles met elkaar besproken moet kunnen worden en dat daarover goede afspraken worden gemaakt. Essentie is vies van populisme, zeker in het geval bij volle tribunes.
14
Het heeft de voorkeur heeft om stappen te zetten om tot een raadsakkoord in de volle breedte te komen, maar dit zal inhoudelijk lastig gaan worden met de verschillende partijen. Het doel is, dat de kloof tussen oppositie en coalitie kleiner wordt en dat in gezamenlijkheid zoveel mogelijk afspraken worden gemaakt. Op de vraag, hoe een raadsakkoord tot stand kan komen en of hierdoor het formatieproces niet te lang gaat duren, wordt verwezen naar de start van de vorige raadsperiode. Daar liepen 2 parallelle sporen, het Hoofdlijnenakkoord en het coalitieakkoord. Deze laatste is zelfs niet in de raad aan de orde geweest. Hoe het nu zou moeten, dat is nog niet duidelijk, als het maar gezamenlijk gebeurd. Een coalitie met CDA, Leef en Essentie is numeriek voldoende en zou het motorblok moeten zijn. Voor een breed gedragen college zou de VVD daaraan kunnen worden toegevoegd, waarbij er dan 4 wethouders zijn. De kandidaat wethouder voor Essentie is Kay Thijssen, vanwege zijn ruime ervaring met het raadswerk en zijn werkervaring en netwerk in de gemeentelijke omgeving. Wat betreft het vervolgproces heeft men de inbreng van Leef in deze gesprekken gelezen. Een gesprek tussen het CDA en Leef is geen probleem, maar dat is geen onderdeel van het formatieproces. Daar kan ook geen document vooraf worden opgesteld, zoals landelijk bij de formatie is gebeurd.
Er moet een gezamenlijk start zijn met de partijen die gaan formeren, het liefst met een externe begeleider. Hierover moeten we met elkaar op 1 april in de raadsvergadering in debat gaan, nadat het verslag van de informateurs aan de raad is aangeboden.
15
Bijlage 2d | Verslag BVH Gesprek met de informateurs en BVH Datum: Locatie: Aanwezig: Verslaglegging:
Vrijdag 27 maart 15.00 uur B&W kamer gemeentehuis Informateurs: Erik Ronnes en Arie Stas BVH: Imke Emons en Rob Driessen Ruud Poels
De volgende onderwerpen zijn aan de orde gekomen: Reflectie over verkiezingsuitslag BVH is zeer tevreden met de forse groei van 52% in stemmen; dit is een duidelijk democratisch mandaat van de kiezer voor een andere koers.” Met hun 3 zetels zijn ze bewust van hun positie in de raad. De kiezer heeft aangegeven, dat er een iets rechtsere koers moet komen, maar wat is rechts/links ? BVH wil in deze alles open houden en overhandigen als symbool 2 blanco papieren. Speerpunten Beleid 2026-2030 1. De mensen moeten het vertrouwen in de gemeente weer terugkrijgen. Bij de belangrijke onderwerpen/dossiers moeten de inwoners op de eerste plaats staan. Dit moeten de raadsleden en het college gezamenlijk uitdragen. 2. Het sociaal domein is voor BVH een belangrijk dossier. 3. Aandacht voor de dorpen en de leefbaarheid, waarbij elke kern belangrijk is. 4. Financien, daar moet men kritisch op blijven en minder risico’s nemen. BVH is pertinent tegen het verhogen van de lasten voor onze inwoners. Men wil kijken naar alternatieve oplossingen en keuzes maken zoals gezonde bedrijven dat ook doen: door scherpe keuzes te maken op basis van een goed onderbouwd plan met een sluitende dekking en offerte. 5. Economie, bij de investeringen moet een goede uitleg plaatsvinden, ook naar de inwoners (communicatie). Horst is van nature ondernemend, maar de sector heeft het moeilijk.
Ze hebben ruimte nodig en missen het vertrouwen om te investeren. 6. Wonen, de studerenden willen terug, vinden wel een baan maar geen woning. BVH volgt de wettelijke plichten, dus ook de spreidingswet. Zij zijn echter hier geen voorstander van, maar zullen de wettelijke kaders uiteraard volgen, maar niet meer dan strikt onze taak. De doorstroomlocatie in deze gemeente is ook voor Venlo en Peel en Maas. Omdat deze gemeenten de deur dichthouden en er blijkbaar niets stevig op papier staat, zit Horst aan de Maas nu met deze locatie in de maag. Hier moet een oplossing voor komen. De relatie met andere partijen/samenstelling van het nieuwe college BVH zit daar open in, de democratie moet spreken. Zij willen als volwassen partijen gezamenlijk het gesprek aangaan met álle relevante fracties om tot een gedragen akkoord te komen, zonder vooraf partijen specifiek te benoemen of uit te sluiten. De BVH is nu een lokale partij, er zijn werkgroepen die op verschillende onderdelen het verkiezingsprogramma hebben geschreven. Ze zijn op die manier van onderaf zelf tot standpunten gekomen, terwijl die voorheen landelijk bovenaf werden opgehaald. Ze zitten er nu anders, constructiever in. Desgevraagd zijn er ook geen (oude) gevoeligheden met andere partijen. Er wordt altijd informeel nagepraat bij de vergaderingen.
16
Er zijn heel veel manieren en mogelijkheden om een college te vormen en BVH is daar graag bij. Ze zijn immers het meeste gegroeid, na 4 jaar oppositie wil men zelf aan het stuur zitten en er moet verandering komen. Voor een combinatie met CDA, VVD en BVH komt men 1 zetel te kort. Om die reden zal Essentie als stabiele middenpartij moeten aansluiten. Leef wordt niet uitgesloten, maar er zal dan moeten worden gepraat over de statushouders (wat een gevoelig punt is) en de sociale huur. Ook de omgevingsvisie is een punt. Leef heeft als enige partij gezegd, dat deze niet wordt aangepast. Ze hebben de brief van de inbreng van Leef gelezen, vandaar hun blanco inbreng. Imke Emons is primair de wethouders kandidaat, tenzij men de portefeuille Energie krijgt, dan is Rob Driessen meer aangewezen. Bij de vraag of er eerst een raadsakkoord moet zijn en daarna het coalitieakkoord is het antwoord dat idealiter een raadsbreed akkoord de voorkeur heeft. Het besef is er echter dat een (unaniem) compleet raadsprogramma moeilijk realiseerbaar is en lang zal duren. Een goed alternatief is dat de formerende partijen, voordat er een coalitieakkoord is, bij de overige partijen gaan ophalen wat daarin kan worden meegenomen. BVH heeft 4 jaar terug als enige oppositiepartij het hoofdlijnenakkoord ondersteund, want bij een start is er geen reden om geen vertrouwen te hebben.
Maar men is uiteindelijk door het college c.q. coalitie teleurgesteld. Het is daarom van het grootste belang dat het vertrouwen er weer komt, bijvoorbeeld door openheid en transparantie. Door samen te werken op overeenkomsten en niet van de tegenstellingen uit te gaan. Hiervoor wordt dan ook direct na de installatie een raadsontwikkeltraject gestart.
17
Bijlage 2e | Verslag VVD Gesprek met de informateurs en VVD Datum: Locatie: Aanwezig: Verslaglegging:
Vrijdag 27 maart 16.00 uur B&W kamer gemeentehuis Informateurs: Erik Ronnes en Arie Stas VVD: Joep Peeters en Pieter Goedhart Ruud Poels
De volgende onderwerpen zijn aan de orde gekomen: Reflectie over verkiezingsuitslag Er is tevredenheid en trots over de verkiezingen. De VVD is gegroeid en dat komt door de standvastigheid in de raad en betrouwbaarheid. De CDA is de grootste en de linkerkant heeft 2 zetels verloren, er is gekozen voor een college met een rechtser signatuur. Er zijn veel overeenkomsten tussen de VVD en andere partijen, er is dan ook een brede basis voor samenwerking. Speerpunten Beleid 2026-2030 Aandacht voor de dorpen, bouwen/wonen naar behoefte en dat de jeugd er kan blijven wonen. De leefbaarheid, daar zijn de sociale voorzieningen nodig om de verenigingen, en activiteiten zoals carnaval en kermis te behouden. Want daar gaat de verbinding van uit. Als een beroep op de gemeente wordt gedaan, dan moet deze meedenken en faciliteren i.p.v. de verwijzing om naar de buurdorpen voor een fusie te kijken. Het gaat om houding en cultuur, leer te luisteren naar de dorpsraden en de vrijwilligers/inwoners. Aandacht voor de Financien, leefbaarheid mag geld kosten, maar dit wordt niet bekostigd door verhoging OZB. Er dient te worden gekeken naar de ambtelijke organisatie, daar is ruimte, bijv. veel inhuur. De gemeente moet terug naar de kerntaken (wonen, leefbaarheid en verkeersveiligheid). Desgevraagd is de VVD van mening dat men zich altijd aan de wet moet houden.
Ook de spreidingswet, maar je hoeft niet meer te doen, dan is voorgeschreven. De relatie met andere partijen/samenstelling van het nieuwe college Er is een inhoudelijke gelijkenis met het CDA en Essentie, dat bleek ook uit de Stemwijzer. Leef staat verder van de VVD af, maar daar kan men samen uitkomen. Er zijn met de BVH programmatisch veel overeenkomsten en er is in de oppositie goed samengewerkt. Het is echter een nieuwe partij en de vraag is of ze in een college verbindend naar de raad kunnen werken, of daar de chemie voor zal zijn. Ze worden echter niet op voorhand uitgesloten. Met Perspectief is het waarschijnlijk moeilijk samenwerken, en zeker niet met hun achterban. Over de SP valt moeilijk iets te zeggen, alhoewel de omgang met de lijsttrekker goed is. In de formatie dienen de eerder aangehaalde beleidspunten te worden besproken. Daarnaast zal over windmolens gesproken worden, het is geen breekpunt, maar er moet praktisch mee worden omgegaan. De Omgevingsvisie is ook een aandachtspunt. Het is onrealistisch om te zeggen, dat deze van tafel moet, maar er moet wel naar de impact worden gekeken en op onderdelen eventueel aangepast. Tenslotte is Klaver 7 ook een onderwerp van bespreking, namelijk de grootte van de kavels en de toewijzing aan lokale ondernemers.
18
Er zijn geen oude gevoeligheden, maar er moet wel worden gewerkt aan een nieuwe cultuur van samenwerking en onderling vertrouwen. Een paar keer koffiedrinken met elkaar is niet voldoende, maar het raadsontwikkeltraject geeft hoop dat dit goed wordt opgepakt. Voor de VVD is er geen voorkeur om eerst een breed raadsakkoord/programma vast te stellen om van daaruit een coalitieakkoord op te bouwen. Daarvoor zijn verschillen binnen de raad te groot en het resultaat is dan een slap en abstract akkoord. Het stellen van doelen, zoals minimaal 30 % sociale huur is geen probleem, maar wel hoe er te komen. Het is realistischer dat de partijen die gaan formeren en een akkoord sluiten, dit aan de anderen op een serieuze manier ter bespreking voorleggen. Voor de VVD is de eerste voorkeur een coalitie met het CDA en Leef. Indien dit niet haalbaar is, dan moet Essentie erbij worden betrokken en het streven is een college waarbij, de 4 partijen ieder een wethouder levert. De kandidaat voor de VVD moet eerst nog intern worden besproken. Het formatieproces moet dan ook door de 4 partijen gezamenlijk worden gestart, in ieder geval wat betreft de procesafspraken. Het is immers gericht op collegiaal bestuur. Men kan zich wel voorstellen, dat gelet op het verleden het CDA en Essentie nog eens met elkaar apart gaan praten.
19
Bijlage 2f | Verslag Perspectief Gesprek met de informateurs en Perspectief Datum: Locatie: Aanwezig: Verslaglegging:
Vrijdag 27 maart 18.30 uur B&W kamer gemeentehuis Informateurs: Erik Ronnes en Arie Stas Perspectief: Sjoerd Cox en Lotte Spreeuwenberg Ruud Poels
De volgende onderwerpen zijn aan de orde gekomen: Reflectie over verkiezingsuitslag Perspectief is de vorige periode met 3 zetels begonnen, maar door afsplitsing waren dat vanaf 2023 er maar 2. De vraag is of de uitslag van huidige verkiezingen dan een verlies of een bestendiging is. Ook bij de conclusie dat rechts gewonnen heeft kan men vraagtekens zetten: het is in Horst aan de Maas niet altijd duidelijk wie centrum of rechts is, omdat dit per dossier kan verschillen. Perspectief hoopt op een progressieve voortzetting. Hiermee bedoelen zij, dat de kiezer vroeger traditioneel stemde, maar nu meer nadenkt bij zijn keuze. Perspectief is een idealistische partij, die ver vooruit denkt naar de toekomst en de jeugd en juist daar een rol kan hebben. Er zijn veel overeenkomsten met de andere partijen in de richting die men op wil, maar de manieren waarop en het tempo verschillen. Speerpunten Beleid 2026-2030 Perspectief is tegen het neo-liberalisme. Er moeten voor de lange termijn goede keuzes worden voor behoud van de natuur, het welzijn van de inwoners en het sociaal domein. Jongeren staan hierbij vooraan, maar er is voor iedereen een fijn Horst aan de Maas. Er moet daarvoor wel worden geïnvesteerd in de toekomst en je ontkomt daarbij niet aan lastenverhoging.
Perspectief denkt dat veel mensen zelf goede ideeën hebben om zaken aan te pakken en er moet door de gemeente worden geïnvesteerd in de gemeenschappen. Hier is een balans en beweging voor nodig. Er moet een efficiënte ambtelijke organisatie zijn met veel meer openbaarheid. Er mag kritisch gekeken worden naar welke externe inhuur van belang is en welke kan worden verminderd. Tenslotte wil men meer aandacht voor de kleinschalige projecten in de lokale gemeenschappen i.p.v. prestigeprojecten, zoals Greenport of ’t Gasthoes. De relatie met andere partijen/samenstelling van het nieuwe college Er is een kloof met het CDA op agrarisch gebied en met BVH op het sociaal domein. Met Leef, Essentie en de SP valt goed samen te werken, maar dat is dan wel een smalle basis in de raad en je sluit de grootste uit. Met de VVD kan op verschillende dossiers goed samengewerkt worden, maar er is groot verschil op het gebied van economische keuzes. Maar een echt breekpunt is een standpunt zoals “eigen inwoners eerst”. In een raadsakkoord zouden deze kloven overbrugd kunnen worden. Perspectief is opgericht om bij de grote thema’s een alternatief te kunnen bieden, hierover kan gepraat worden en waarschijnlijk ook overeenstemming worden gehaald. Het gaat echter om de manier waarop. Bijvoorbeeld, indien het CDA naar duurzame landbouw wil, valt zeker te praten over het hoe en het tempo.
In een raadsprogramma is iedereen het er over eens dat er een goede leefomgeving moet zijn. Maar wat betekent dat en is dat abstract gezien goed uitvoerbaar?
20
Het is voor Perspectief een gewetensvraag of zij een raadsprogramma met akkoord van 27 leden willen hebben, of een coalitieakkoord waar zij onderdeel van vormen met 14 zetels. Idealiter wil men in het college, maar zo ook een zo breed mogelijk raadsprogramma, beiden zijn weinig realistisch. Nu hebben zij weinig ruimte voor inbreng en die zouden ze graag meer willen hebben, des te meer omdat ze denken, dat die ruimte er ook is. Die willen ze aan de voorkant inbrengen en willen serieus genomen worden. Het vooraf input leveren voor een collegeprogramma spreekt aan en het is dan ook zeker geen bezwaar, dat de formerende partijen, het concept coalitieakkoord aan de overige partijen voor eventuele aanvulling voorleggen. Er zijn geen oude gevoeligheden, maar waarschijnlijk wel bij de andere partijen jegens Perspectief. Bijvoorbeeld bij het CDA vanwege de kwestie met een voormalige wethouder aan het begin van de laatste raadsperiode. Bij Perspectief staan de jongeren vooraan, ook in de fractie. Zij willen qua samenwerking een nieuwe start, terwijl op de inhoud de idealen van Perspectief sterk blijven staan. Lotte Spreeuwenberg, die binnenkort weer in de gemeente komt wonen, en vanaf het begin zeer nauw bij Perspectief betrokken is geweest, is de wethouders kandidaat.
21
Bijlage 2g | Verslag SP Gesprek met de informateurs en SP Datum: Locatie: Aanwezig: Verslaglegging:
Vrijdag 27 maart 17.00 uur B&W kamer gemeentehuis Informateurs: Erik Ronnes en Arie Stas SP: Sebastian Lutterberg en Paul Geurts Ruud Poels
De volgende onderwerpen zijn aan de orde gekomen: Reflectie over verkiezingsuitslag De SP is blij met de zetel, die nu definitief vaststaat. Er zijn 3 winnaars, de VVD, BVH en de SP. Leef en Perspectief zijn de verliezers. De claim dat rechts de raadsverkiezingen in Horst aan de Maas gewonnen heeft, is gestoeld op drijfzand. Want er is geen onderzoek gedaan naar motieven van kiezers om op een bepaalde partij te stemmen. En sowieso: wat is de definitie van “rechts”? Het moet wat de SP betreft in het algemeen niet gaan om de grootte van een fractie, het gaat in deze om het belang van de kiezers en daarom pleit de SP voor een breed raadsakkoord, gestoeld op de vele overeenkomsten in de verkiezingsprogramma’s. Als “veranderen” het motto zou moeten zijn, dat zou op dit punt een meer transparant, eerlijk en betrouwbaar bestuur tot uiting moeten komen, dat controleerbaar is en waarbij belangenverstrengeling uitgesloten wordt. Waar het gaat om integriteitskwesties uit het verleden dient er waar nodig alsnog onafhankelijk onderzoek plaats te vinden. Speerpunten Beleid 2026-2030 Waar het gaat om de inhoud van het (raads)akkoord dienen de waarden van de SP, solidariteit, menswaardigheid en gelijkwaardigheid in het akkoord terug te vinden zijn. Vandaaruit gelden als speerpunten: 1.
Meer betaalbare sociale huurwoningen; aan het einde van de raadsperiode is dit 30 % van het totale bestand woningen. 2. Er dient samen met jongeren gewerkt te worden aan Horst aan de Maas als een leuke plek voor jongeren om te blijven wonen, of om na hun studie weer naar terug te komen. 3. Inwoners/ouderen hebben toegang tot goede en professionele zorg en in alle kernen worden zorgbuurthuizen gerealiseerd. Hier wordt als voorbeeld de Smetenhof in Lottum genoemd, een goed initiatief, maar in verband met een aantal belemmerende factoren is de realisatie nog uitgebleven. Aan het wegnemen van die factoren moet gewerkt worden. Bijvoorbeeld door prestatieafspraken kan dit worden opgelost. 4. Natuur en rust zijn belangrijk. Er moeten middelen zijn om de natuur en rust optimaal te beschermen en waar nodig uit te breiden. 5. Regulering van arbeidsmigratie, de instroom moet worden beperkt, stoppen van uitbuiting en realiseren van menswaardige huisvesting, losgekoppeld van werkgevers. Het is fictie dat het merendeel van de arbeidsmigranten weer naar het land van oorsprong terugkeren. Er ontstaat door het huidige beleid een schaduwsamenleving. De overlast moet worden tegengegaan en de gemeente heeft hier een verantwoordelijkheid.
De SP heeft er een hekel aan, als overheden over en weer naar elkaar wijzen, met als eindresultaat dat er niets of nauwelijks wat wordt gedaan aan de problematiek. 6. Voor duurzame energie moet draagvlak zijn en het moet betaalbaar en beschikbaar zijn. Wat betreft de financiering is de SP van mening dat niet alles met geld oplosbaar is. De SP belooft geen belastingverlaging en misschien is verhoging noodzakelijk, om doelen die gunstig zijn voor de burgers, te bereiken.
22
De relatie met andere partijen/samenstelling van het nieuwe college Zoals gezegd is de SP voor een breed raadsakkoord. Waar het gaat om collegevorming wijst de SP de stelling af, dat gekozen dient te worden voor “bewezen ervaren bestuurders”. “Ervaring” sec is geen garantie voor kwaliteit en ook goede wethouders zijn ooit onervaren begonnen. De SP pleit voor het samenstellen van het college op basis van profielen voor de wethouders, die door de raad worden opgesteld en afgeleid van het brede raadsakkoord. Het raadsakkoord is de basis waar het college zich aan dient te houden. De SP is er van overtuigd dat – met goede wil - op grond van de partijprogramma’s een ruime basis aanwezig is om tot een gedragen document te komen. Daar waar punten te veel verschillen kunnen per onderdeel in de raad afzonderlijke afspraken worden gemaakt over de wijze van afhandeling. Indien dat niet lukt, heeft een breed akkoord geen zin. Een raadsakkoord heeft voor de SP dus de voorkeur boven een coalitieakkoord. Een coalitieakkoord is een next best oplossing. Als er toch een coalitieakkoord komt is het van belang – in het verlengde van het pleidooi van de SP voor een breed akkoord - dat dit voor inbreng/ aanvulling aan de overige partijen wordt voorgelegd. De SP ziet mogelijkheden voor een college samen met Leef, Essentie en Perspectief.
Maar er zijn – op basis van te vinden meerderheden – meer combinaties mogelijk. Obstakels Er dient bij de collegevorming uitdrukkelijk onderzoek plaats te vinden naar de mogelijke posities van verschillende kandidaten voor het wethouderschap op basis van integriteit en eventuele belangenverstrengeling. De SP heeft constateert dat het eerdere interne conflict binnen het CDA (wat leidde tot de vorming van de fractie Vur Iederien”) dreigt om te slaan in een extern conflict tussen CDA en Essentie. Dat kwam tot uiting in het duidingsdebat. Deze partijen moeten duidelijk met elkaar in gesprek om het conflict uit de wereld te halen en het proces binnen de raad niet te verstoren, c.q. polarisatie op basis van verhoudingen in plaats van op basis van inhoud te voorkomen.
23
Volg de raad! 24