CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2 Ambtelijke duiding concept advies

Gemeenteraad 16 december 2025, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: MER + Aanvulling MER2.102 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 2 Ambtelijke duiding concept eindadvies Zoals in de in procesmemo aangegeven informeren we u graag, in aanvulling op de reeds aan u verstrekte stukken ten behoeve van de behandeling van het bestemmingsplan Toverland tijdens de raadsavond op 2 december, inhoudelijk over het concept eindadvies van de commissie mer op de MER en de Aanvulling MER bij het bestemmingsplan Toverland. Dit concept eindadvies van de commissie mer treft u in bijlage 1 bij de procesmemo. In deze memo gaan we in op de adviezen en aanbevelingen en de wijze waarop deze punten in de besluitvorming zijn of nog kunnen worden meegenomen. Concept eindadvies en eindadvies commissie mer Op 21 november 2025 hebben we het concept eindadvies ontvangen van de commissie mer. Op 27 november 2025 vindt het adviesgesprek met de commissieleden plaats. In dit gesprek licht de commissie het advies toe en is er ambtelijk de mogelijkheid verduidelijkende vragen te stellen. In de week van 2 december 2025 verwachten we het eindadvies. Dat eindadvies wordt openbaar beschikbaar gesteld via de website van de commissie mer (www.commissiemer.nl). Het definitieve eindadvies zullen we u ook toesturen, waarbij eventuele wijzigingen ten opzichte van het conceptadvies zijn gemarkeerd. Zeker is dat het definitieve eindadvies geen andere strekking zal hebben dan het concept eindadvies waar deze memo op gebaseerd is.

Leeswijzer In deze memo informeren we u over de inhoudelijke punten van het advies en de wijze waarop we tegen deze punten aankijken. Onze zienswijze brengen we in het adviesgesprek in. De concrete bespreekpunten zijn onderaan deze memo opgenomen. Na het adviesgesprek van 27 november met de commissie mer ronden zij het advies af tot een definitief eindadvies. Daarbij kunnen nog wijzigingen worden aangebracht ten opzichte van het concepteindadvies. Er komen echter geen nieuwe adviespunten bij, het zal slechts gaan om nuanceringen van het conceptadvies. Onderstaande duiding geeft daarom al een volledige weergave van hoe met het eindadvies kan worden omgegaan. Aanvullend op deze memo zullen wij u na het adviesgesprek nog informeren over de resultaten van het gesprek en de concrete aanpassingen die wij zien om aan de adviezen van de commissie mer te voldoen bij het vaststellen van het bestemmingsplan. Deze concrete aanpassingen kunnen in de besluitvorming worden betrokken. Inhoudelijke beoordeling concept eindadvies Een advies van de commissie mer kenmerkt zich door twee beoordeling categorieën: adviezen en aanbevelingen. Het uitvoeren van een advies wordt essentieel beschouwd

voor het volwaardig meewegen van de belangen in de besluitvorming. Een aanbeveling is bedoeld om de kwaliteit van de besluitvorming te verbeteren. Adviezen In het conceptadvies geeft de commissie mer aan dat op de volgende punten nog informatie ontbreekt (advies): • Geluid van publieksevenementen: er is niet aangetoond dat voldaan wordt aan de dB(C) waarde uit het gemeentelijk beleid (Beleid Geluidnormering bij evenementen); • Geluid- en lichteffecten vuurwerkshows: het piekgeluid van vuurwerk is niet in beeld gebracht en de lichteffecten zijn niet beschreven; • Intern salderen stikstofdepositie: er is niet aannemelijk gemaakt dat het in de projectfase mogelijk is om intern te salderen. Onderstaand lichten we per onderdeel het conceptadvies toe evenals de wijze hoe we voorstellen met het conceptadvies om te gaan. Geluid van incidentele bedrijfssituaties: publieksevenementen Het advies is te beschrijven of en hoe de publieksevenementen voldoen aan het ‘beleid Geluidnormering bij evenementen’ van de gemeente en onderbouw als deze niet voldoen en waarom dat aanvaardbaar is. Dit advies heeft betrekking op de beoordeling van het geluidniveau van de lage tonen (dB(C)). In het beleid is bepaald dat het verschil in dB(A) en dB(C) niet meer mag zijn dan 14 dB. De commissie constateert dat niet gemotiveerd is dat hieraan wordt voldaan.

Het akoestisch onderzoek dat bij het bestemmingsplan is gevoegd dat aan u ter beschikking is gesteld is deze beoordeling wel opgenomen. Het akoestisch onderzoek is op dit punt aangepast nadat de stukken aan de commissie mer zijn toegezonden. Uit het onderzoek blijkt dat het verschil niet meer is dan 10 dB. Daarmee wordt voldaan aan het beleid van de gemeente. Geluid- en lichteffecten vuurwerkshows Het advies is een berekening te maken van het geluid van vuurwerkshows en daarbij de effecten op de Natura 2000-gebieden in beeld te brengen, waaronder de effecten hiervan op vogels in de omgeving als ook de cumulatie met licht afkomstig van vuurwerk. In het advies van de commissie mer uit 2024 op het ontwerp heeft de commissie een vergelijkbaar advies gegeven. Er zijn geen wettelijke rekenmethodieken om het effect van vuurwerk op vogels te bepalen, zowel voor geluid- als voor lichteffecten. Publicaties over het effect van vuurwerk op vogels hebben betrekking op de jaarwisseling waarbij in heel Nederland gelijktijdig en langdurig vuurwerk wordt afgestoken en er beperkt mogelijkheid is om te schuilen. In geval van een vuurwerkshow in Toverland is het effect daar niet mee

te vergelijken, immers op enige afstand van Toverland is er geen of beperkt effect van vuurwerk. De natuurspecialisten van Kragten hebben geadviseerd dat de geluidseffecten op vogels groter is dan de lichteffecten. Immers in een bosgebied bijvoorbeeld dringt het geluid door maar licht wordt tegengehouden door het groen of andere obstakels. Het effectgebied vanwege geluid is daarmee veel groter. Het onderzoek naar de effecten van vuurwerk op vogels richt zich daarom alleen op de geluidseffecten. Er hebben daarom geluidsmetingen plaatsgevonden tijdens een representatieve vuurwerkshow met gecertificeerde meetinstrumenten volgens een erkende onderzoeksmethode. In andere onderzoeken naar effecten van geluid op natuur wordt gebruik gemaakt van een drempelwaarde van 43 dB(A) waarbij voor geluid geen negatief effect meer optreedt voor de natuur. Die drempelwaarde is ook voor het onderzoek naar de geluideffecten van Toverland op de natuur gehanteerd. Daarbij zijn de feitelijk gemeten geluidniveaus van de vuurwerkshows in het geluidmodel ingevoerd om de effecten op de omgeving te kunnen bepalen. De commissie mer geeft tevens aan dat een geluidniveau van vuurwerk piekgeluid betreft en het geluid in het geluidmodel van Toverland een gemiddeld geluidniveau bepaald.

Daarmee zou het invoeren van de meetgegevens in het model niet leiden tot representatieve resultaten ten tijden van de vuurwerkshows. De afstand waarop het maximaal geluidniveau tijdens een vuurwerkshow 43 dB(A) is wordt daarmee in twijfel getrokken. Daarom zou ook niet te concluderen zijn dat in Natura 2000-gebieden het geluidniveau lager dan 43 dB(A) is en dus dat er geen negatief effect optreedt. Over de rekenmethodiek zal Kragten ons nog nader adviseren. We zijn op dit moment onvoldoende bekend met de technische kant van de bewerking van het model met de gemeten geluidniveaus van het vuurwerk. Het advies van Kragten is beschikbaar voorafgaand aan het adviesgesprek met de commissie mer, zodat we dit kunnen betrekken bij de bespreking. Deze onderbouwing zal een van de aanvullingen zijn die we naar aanleiding van het eindadvies van de commissie mer voorstellen alsnog te verwerken in het bestemmingsplan met de vaststelling. Benadrukt moet wel dat de afstand van de 43 dB(A) contour tot het dichtstbijzijnde natura2000-gebied voldoende ruim is om te kunnen constateren dat ook als het model geen representatieve resultaten geeft het geluidniveau in het natura2000-gebied niet meer bedraagt dan 43 dB(A). Daarop aangevuld is het zo dat de vergunningen voor het afsteken van het vuurwerk voor de vuurwerkshows door de provincie worden verleend.

Daarbij worden geen regels gesteld ten aanzien van geluid op de omgeving (zowel vanuit het oogpunt van het beschermen van de natuur als vanuit het oogpunt van gezondheid voor omwonenden). Ruimtelijk gelden er dus geen regels voor het afsteken van vuurwerk en de effecten daarvan. In het bestemmingsplan Toverland dat nu voorligt zijn regels opgenomen over onder andere geluid, maar ook over aantal, duur en moment in jaar. Als het

bestemmingsplan in werking treedt gelden er dus meer regels ter bescherming van de omgeving dan in de huidige situatie. Intern salderen stikstofdepositie Het advies is om aannemelijk te maken dat intern salderen in de projectfase uitvoerbaar zal zijn in het licht van het additionalieitsvereiste. We hebben het advies van de commissie mer voorgelegd aan Paul Bodden jurist Omgevingsrecht en specialist op het gebied van natuurbeschermingsrecht (waaronder stikstofdepositie). Hij geeft aan dat de redenatie van de commissie mer ten aanzien van het additionaliteitsvereiste juridisch onjuist en onhoudbaar lijkt. Het is al geruime tijd bestendige jurisprudentie van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State dat, vanwege de afzonderlijke toetsingkaders voor projecten (zoals omgevingsvergunningen) en plannen (zoals bestemmingsplannen), er bij de besluitvorming over plannen niet hoeft te worden ingegaan op de uitvoerbaarheid van het plan in relatie tot een nog benodigde natuurvergunning, waar het additionaliteitsvereiste wordt toegepast. Deze bevoegdheid ligt ook bij de provincie en niet bij de gemeente. Jurisprudentie hierover is echter wel sterk in ontwikkeling. De ‘Rendac-lijn’ (voor intern salderen is ook een natuurvergunning benodigd en daarbij moet het additionaliteitsvereiste worden toegepast) kan dan ook voor plannen van toepassing worden.

Op dit moment is dat echter niet zo en ten tijde van het vaststellen van het bestemmingsplan moet aan de dan geldende regels (wetgeving en jurisprudentie) worden voldaan. Het bestemmingsplan met de bijbehorende documenten voldoet daar aan. Het additionaliteitsvereiste is een juridische eis uit de Europese Habitatrichtlijn. Het houdt in dat stikstofruimte die door een bedrijf wordt vrijgemaakt alleen gebruikt mag worden als die stikstofruimte niet nodig is voor het behoud van de natuur in stikstofgevoelige gebieden (Natura 2000-gebieden). Het bevoegd gezag, in dit geval de provincie, beoordeelt of er aan deze eis wordt voldaan. Overigens merken we op dat het kan dat de jurisprudentie zich verder ontwikkeld gedurende de periode dat het bestemmingsplan nog in procedure is (beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State). Als het betekent dat daardoor ook het additionaliteitsvereiste op dit plan van toepassing wordt, kan voor Toverland gebruik gemaakt worden van de stikstofbank voor de Peelbergen. Dit heeft niet de voorkeur maar maakt het wel mogelijk om in dat geval het bestemmingsplan Toverland (op dit punt) in werking te laten treden. Aanbevelingen

1. Aanbevolen wordt om de afwikkeling van de entree van Toverland goed te monitoren en vroegtijdig maatregelen te ontwikkelen voor het geval dat de doorstroming stagneert. Deze monitoring wordt al voorbereid als onderdeel van het grotere monitoringssysteem dat wordt uitgewerkt als uitvloeisel van de samenwerkingsovereenkomst tussen de Provincie, Toverland en de gemeente over de verkeersafwikkeling en het treffen van maatregelen om de doorstroming te bevorderen. 2. Aanbevolen wordt enkele omissies in de regels over geluid aan te passen. Het klopt dat een aantal van de constateringen fout zijn in de regels. Het voorstel is de aanpassingen in de besluitvorming te betrekken. Het betreft een foutieve eenheid (LAmax, moet zijn LAw,max) en de maximale normen voor de grote en kleine vuurwerkshows zijn omgedraaid.

Bespreekpunten adviesgesprek commissie mer 27 november 2025 Geluid; publieksevenementen 1. Onder paragraaf 2.4.1 heeft u in het advies eind-concept aangegeven dat de aanvulling niet onderbouwd dat aan het beleid van de gemeente wordt voldaan ten aanzien van de geluidsgrenswaarde dB(C). Het voorstel is om aan de beoordelingsregels voor evenementen toe te voegen dat het verschil tussen dB(A) en dB(C) niet meer mag bedragen dan 14 dB. Daarmee is geborgd dat aan het beleid van de gemeente moet worden voldaan. Nemen we daarmee de tekortkoming weg? Vuurwerk 2. In paragraaf 2.4.2 onder ‘Geluidseffecten grote vuurwerkshows’ staat in het eindconcept dat de conclusie nog niet kan worden gevolgd als het gaat om het uitsluiten van geluidsverstoring op Natura 2000- gebieden. We bespreken graag de motivering daarvoor, waarbij de basis daarvoor is gelegen in het feit dat de afstand van Natura 2000-gebieden tot Toverland groter is dan de afstand van Evertsoord tot Toverland. 3. Daarmee hangt samen de toepassing van het geluidmodel voor Toverland voor het berekenen van het geluidniveau als gevolg van het vuurwerk. Het geluidmodel gaat uit van een equivalent geluidniveau en geluid als gevolg van vuurwerk moet worden gezien als piekgeluid. U constateert in het advies eindconcept dat het combineren van deze eenheden niet voor de hand ligt.

We hebben hierover met de geluidsexpert gesproken en bespreken de resultaten daarvan graag in het adviesgesprek. 4. In paragraaf 2.4.2 onder ‘Geluid- en lichteffecten tezamen’ staat in het advies eindconcept dat in de aanvulling op het MER geen aandacht is besteed aan de effecten van licht en de cumulatie van licht en geluid door vuurwerk op met name vogels. We bespreken en motiveren graag de daarin gemaakte keuzes. Stikstof 5. In het conceptadvies is aangegeven dat niet aannemelijk is gemaakt dat aan het additionaliteitsvereiste kan worden voldaan. We bespreken dit graag in het adviesgesprek aangezien we benieuwd zijn hoe de commissie dit bedoeld heeft, juist in het licht van de bij ons bekende jurisprudentie waaruit een andere beredeneerlijn blijkt ten aanzien van het additionaliteitsvereiste in plannen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16294996/1