CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 05. Verslag op hoofdlijnen Informatiebijeenkomst A73

Gemeenteraad 11 juli 2023, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Bijlagen2.682 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag op hoofdlijnen informatiebijeenkomst A73/Maaslijn d.d. 5 oktober 2022

Aanwezigen: Inwoners gemeente (met name binnen en grenzend aan zoekgebieden) Natuur en Milieufederatie Limburg Dorpsraad Grubbenvorst Grondeigenaren Ondernemers (Burger)raadsleden

Introgesprek met wethouder Thijs Kuipers Doel avond: mensen informeren over de gebiedsvisie, het proces/afwegingen. Daarnaast het ophalen van wensen, ideeën, zorgen en belangen. In de nog te houden werkateliers (agrarische structuur, leefbaarheid en natuur) vindt een verdere verdiepingsslag plaats. Aanwezigen worden uitgenodigd hier aan deel te nemen. Meer info volgt bij het toesturen van het verslag. Als eerste wordt een toelichting gegeven op de landelijke en gemeentelijke opgave op het gebied van energiebesparing en duurzame opwek van energie. Daarbij wordt aangegeven dat er vele duurzame toepassingen zijn (duurzame warmte, groen gas, kernenergie, geothermie), maar dat voor de komende jaren enkel zon- en windenergie een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan CO2 besparing door duurzame energie te leveren. De gemeente heeft 2 doelstellingen voor 2030: • 35% energiebesparing ten opzichte van het verbruik in 2017 • van de benodigde energie die we verbruiken in 2030 moet in ieder geval 30% lokaal duurzaam worden opgewekt. Dit betekent dat in 2030 nog 70% een combinatie is van duurzame landelijke opwek (bijvoorbeeld via windmolens op zee) en fossiele brandstoffen. Dus ook na 2030 moeten we verder inzetten op duurzame energie om tot 100% duurzame energie te komen.

Om 30% lokaal duurzaam op te wekken (lokaal is in onze eigen gemeente) wordt ingezet op alle daken vol met zonnepanelen en dubbel ruimtegebruik (bijvoorbeeld zonnepanelen boven parkeerplaatsen, zonnepanelen boven fruitteelt). Alle daken vol levert 4% duurzame energie op en ook dubbel ruimtegebruik leidt tot 4% duurzame opwek van energie. Om tot 30% lokale duurzame opwek te komen in 2030 zijn ook zonneweides en windmolens nodig. Vanuit een enquête onder inwoners is aangeven dat we 1/3 willen opwekken via windmolens en 2/3 via zon. Voor grootschalige opwek via zon wordt vooral gekeken naar het gebied Mariapeel. En voor wind naar het gebied tussen de A73 en de Maas. Vanuit een kansenkaart is in beeld gebracht welke gebieden er in de gemeente zijn waar deze grootschalige opwek mogelijk is. Naast de huidige zoekgebieden Mariapeel en A73/Maaslijn zijn er nog enkele andere gebieden die (minder) kansrijk zijn. Arcadis en Reindonk Energie geven tijdens deze bijeenkomst een toelichting/informatie van hun activiteiten m.b.t. de windmolens. De presentaties worden samen met het verslag toegestuurd. Toelichting Arcadis In de op te stellen gebiedsvisie gaan we aan de slag met de sporen windenergie (vertrekpunt), leefbaarheid, agrarische structuur en natuur. Voor het onderdeel windenergie voeren we een haalbaarheidsonderzoek uit.

Naast de milieutechnische haalbaarheid (= milieu-randvoorwaarden zoals geluid, slagschaduw, natuur etc.), kijken we ook naar de zorgen van de omgeving en de sociale haalbaarheid (wat is een acceptabel plan voor inwoners m.b.t. onder andere zeggenschap en lokaal eigendom). Daarbij kijken we naar: • Wat kan er wel en niet op het gebied van windenergie? • Wat zijn de gevolgen voor en zorgen van de omgeving? • Wat zijn de randvoorwaarden om windenergie mogelijk te maken? • En waarom zijn windmolens wel of niet mogelijk? Het gebied A73/Maaslijn is als meest kansrijk gebied aangewezen voor het plaatsen van (meerdere) windmolens. Het gebied is op de kaart (zie presentatie) blauw omlijnd. Deze lijnen zijn indicatief/kunnen dus nog wijzigen. Het gebied rond de Boabelseloop/Schuitwater is afgevallen (december 2021) en ligt inmiddels buiten het zoekgebied. De 3 zoekgebieden (Hoogheide, Witveld en Klaver 11) liggen voor het opstellen van de gebiedsvisie vast en zijn rood omlijnd. Tussen de vaststelling van de visie en het bouwen van de windmolens ligt ongeveer 5 jaar. De planning is om in februari 2023 de gebiedsvisie vast te laten stellen door de raad. Samen met de randvoorwaarden voor lokaal eigendom (sociale haalbaarheid) een globale businesscase (rol van de gemeente en hoe je dit organiseert).

Vragen aanwezigen Vraag: Worden de plannen voor het gebied met de gemeente Venlo afgestemd, o.a. op gebied van leefbaarheid/milieu? In dit gebied gebeurt al zoveel; een concentratie van diverse activiteiten. Ja, de plannen worden afgestemd. Gemeenten zijn in het kader van de RES (Regionale EnergieStrategie) hierover met elkaar in gesprek. Vraag/opmerking: Bewoners (net buiten het gebied) Witveldweg voelen zich niet gehoord. Er gebeurt van alles om hen heen, maar ze worden niet direct bij de plannen betrokken. Alle bewoners in en buiten de zoekgebieden worden uitgenodigd om deel te nemen aan en mee te denken in de werkateliers. Dan kan men zorgen, bevindingen en vragen met elkaar bespreken voor alle sporen. Vraag: Gewezen wordt op de huidige netschaarste (geen ruimte op het stroomnet om stroom te krijgen of terug te leveren). Hoe verhoudt zich dit tot het doel van KODE om 30% van de energie lokaal en duurzaam op te wekken met eigen stroom? Zo heeft Freshpark blijkbaar zonnepanelen van daken verwijderd en elders geplaatst (kapitaalvernietiging) terwijl er ook op andere plekken in het gebied zonneweides worden aangelegd. Het duurt nog zo’n 5 jaar voordat er netcapaciteit bijkomt doordat de infrastructuur voldoende is uitgebreid. Dit betreft dan capaciteit vanuit de energiecentrales naar alle gebieden (lokaal).

Dit kost tijd, enerzijds vanwege alle ruimtelijke procedures, maar ook vanwege alle materialen en ruimte die nodig zijn voor de fysieke ondergrondse kabels en nieuwe stations. Wat de zonnepanelen bij Freshpark betreft: het achteraf verwijderen klinkt onlogisch. Voordat panelen worden geplaatst, wordt normaliter eerst gecheckt of men kan terug leveren. Pas als het bedrijf akkoord heeft van Enexis, zal pas worden overgegaan op het aanvragen van vergunning en het plaatsen van de zonnepanelen.

Vraag: Is er al gekeken naar de trekvlucht van vleermuizen/vogels in de 3 zoekgebieden? De windenergiegevoeligheidskaarten van de Vogelbescherming zijn een belangrijk hulpmiddel bij het vinden van locaties van windparken. Is de kaart bij de gemeente/Arcadis bekend? Deze kaart is niet bekend bij gemeente of Arcadis. Er wordt uiteraard welk rekening gehouden met de trekvlucht van vogels/vleermuizen (de kaart zal ook bekeken/meegenomen worden). Binnen de goudgroene/zilvergroene natuurzones (Limburgse deel van het Nationale Natuurnetwerk) komen sowieso geen windmolens. Binnen de goudgroene zone streeft de provincie Limburg naar behoud en beheer van de al aanwezige natuur, en de ontwikkeling van nieuwe natuur. Binnen de zilvergroene natuurzone staat het benutten van kansen voor natuur en landschap centraal. Vraag: Wordt het geluid cumulatief (het geluid van alle geluidmakers zoals snelweg en bedrijven) en ook ’s nachts berekend? Het zoekgebied ligt immers tegen de A73 aan. In de eerste ‘vingeroefening’ (het haalbaarheidsonderzoek) door Arcadis wordt cumulatie van geluid niet meegenomen. Er wordt enkel naar gemiddelden gekeken: hoeveel geluid produceert een windmolen. Dat wordt in de milieutechnische rapportage weergegeven. Bij een daadwerkelijk inpassing van molens in het gebied wordt hier wel naar gekeken, inclusief metingen overdag en ’s nachts.

Dit zal nodig zijn in het kader van de milieu-effecten studie die ook moet worden uitgevoerd op een later moment. Vraag: Boomtelers in gebied Hoogheide hebben hun input/puntenlijst eerder al bij de gemeente ingeleverd. Ze hebben nog geen reactie hierop ontvangen. Wat gebeurt er met de lijst? Alle input, dus ook deze lijst, wordt in de gebiedsvisie verwerkt. Arcadis kent de lijst (heldere probleemstelling en vragen). Een aantal van de punten (onder andere de zorgen over het geluid) wordt beantwoord in de milieutechnische rapportage. Ter aanvulling: enkel objecten (bijvoorbeeld woningen) die in de buurt van windmolens liggen zijn voor de Wet geluidhinder geluidsgevoelig. Dus niet mensen die in de buurt van windmolens werken. Hier gelden vanuit deze wet geen normen of afstanden voor. De Arbowet over werkomstandigheden. Vraag: Doet energiecoöperatie Reindonk aan het project mee? Moet je in het verkenningsgebied wonen om aan de coöperatie te kunnen deelnemen? Reindonk heeft een meervoudige relatie met de gemeente. Men onderzoekt nu de sociale haalbaarheid van windenergie (voorwaarden voor lokaal eigendom), maar heeft ook een intentieovereenkomst met de gemeente gesloten (behoud eigenaarschap windmolens voor eigen gemeenschap). Men wil in de toekomst geld ophalen voor duurzame opwek-initiatieven onder de leden van de coöperatie.

Deze initiatieven worden samen met de bewoners gerealiseerd. Iedere inwoner van Horst aan de Maas kan lid van de coöperatie worden. De coöperatie wil een relatie met haar leden opbouwen en initiatieven met de bewoners realiseren. Ondernemers in het gebied kunnen daarnaast ook zelf "molenaar" worden. De gemeente heeft bepaald dat er sprake moet zijn van lokaal eigenaarschap (streven is 50%) bij windmolens en zonneweides. Dus ook financieel: dit gebeurt door middel van het uitgeven van obligaties. Inwoners/ondernemers kunnen daarmee ook mede-eigenaar worden van een windmolen. Naast dus de eigenaar van de grond en eventueel een commercieel bedrijf.

Inwoners zijn er inmiddels van doordrongen dat we op het gebied van energie iets moeten. Idealiter besluit de omgeving wat een acceptabel plan is en niet de raad. Als we als gemeente en inwoners zelf de regie houden, kunnen we hier ook zelf vorm aan geven. De coöperatie wil hierover graag met belanghebbenden in gesprek via aparte sessies dan wel een werkatelier. Een kritische grondhouding is een prima uitgangspunt voor verder overleg. Vraag: Hoeveel windmolens gaan er komen? Het aantal windmolens bepaalt straks de gemeenteraad. In KODE (Kaders voor Opwerk Duurzame Elektriciteit) wordt uitgegaan van 7 stuks. Dit aantal is indicatief. In KODE staat ook de verdeling voor opwek lokaal energieverbruik: 1/3 door windmolens en 2/3 door zonneweides. Wijk je hiervan af, dan heeft dit uiteraard gevolgen wat betreft het aantal benodigde molens en hectares zonneweide. Opmerking: Het door elkaar gebruiken van termen als Watt en Joules komt de leesbaarheid van een verslag niet ten goede. Wat is het verschil tussen watt en terajoules? Graag verwijzen we naar de volgende website voor een toelichting.

Hier staan ook veel andere Energie begrippen uitgelegd: Energie begrippen - De complete lijst met uitleg van alle energiebegrippen (energieleveranciers.nl) Vraag: Wanneer is een windmolen afgeschreven en wie is dan eigenaar van het probleem? En hoe zit het met de diverse onderdelen nadat de windmolen is afgeschreven. Windparken worden gemiddeld voor zo’n 25-30 jaar vergund. Parken moeten daarna verplicht worden verwijderd. Dit wordt aan de voorkant in een overeenkomst al vastgelegd met de eigenaar van de windmolen. Voor het verwijderen van de molens moet de eigenaar al geld reserveren om straks ook de kosten te kunnen betalen. De van beton gemaakte palen kunnen al worden gerecycled. Door de samenstelling van de rotorbladen/wieken kan dat nog niet. Maar er wordt al gezocht naar oplossingen. Vraag: De gedachte dat de hoogte van windmolens nog zal toenemen, levert vraagtekens op. Wat betekent een keuze voor lagere molens voor het aantal (toename)? Hoeveel energie moeten we lokaal opwekken, omgerekend naar het aantal molens? Arcadis kijkt in de haalbaarheidsstudie nu enkel hoeveel windmolens er maximaal in het gebied zouden kunnen passen, inclusief de opwekcapaciteit. 2 x zo hoog betekent ruwweg 4 x zoveel vermogen aan opwek. De hoogte wordt mede bepaald door het windklimaat. Hoe meer naar het zuidoosten van Nederland, hoe minder hard de wind op een bepaalde hoogte waait.

In Horst aan de Maas is sprake van een laag windklimaat. In dergelijke gebieden worden meestal hogere molens met grotere rotorbladen (wieken) geplaatst. Suggestie: Laat de hoogte van de molens door de directe omgeving bepalen.

Vraag: Is het mogelijk dat alle windmolens in één zoekgebied worden geplaatst of worden ze verspreid over de 3 zoekgebieden? Beide is mogelijk. Arcadis onderzoekt objectief/onafhankelijk het effect van het plaatsen van de molens in het gebied. Daarvoor heeft men in eerste instantie hindercirkels getrokken op 1000 meter vanaf de rand van de dorpskernen. Vraag: De verspreiding van zonneweides en windmolens over de gemeente is niet duurzaam. Wat is de vervolgstap/gebeurt er na 2030: alsnog een combinatie van windmolens en zonneweides? Een combinatie van beide is op meerdere vlakken (o.a. infrastructuur/dubbel ruimtegebruik/wind altijd/zon overdag) interessant. Hier wordt dan ook zeker naar gekeken. Tegenover het gebruik van landbouwgronden voor de aanleg van zonneweides staat de gemeente terughoudend. Wat er na 2030 gebeurt? Hierover bestaat nog geen concreet beeld. Naar verwachting weinig doorontwikkeling op het gebied van zonne-energie. Onduidelijk of de alternatieven voor duurzame energie dan al te gebruiken zijn. De eerder geuite zorg en signalen van bewoners (cumulatie van ontwikkelingen in het gebied) heeft de gemeente goed in de oren geknoopt.

Vraag: Hoeveel stroom levert een windmolen op? Dit is natuurlijk afhankelijk van de hoogte van de windmolen en de lengte van de bladen, maar 8 molens staan ongeveer gelijk aan het stroomverbruik van zo’n 30.000 huishoudens (dit is dan ongeveer 3 - 4 Megawatt). Vraag: In hoeverre wordt er rekening gehouden met de inbreng/zorgen van bewoners op gebied van leefbaarheid bij de huidige plannen? Er wordt zeker geluisterd naar en rekening gehouden met de bewoners. Zie voorbeeld Schuitwater. Ook wordt er een werkatelier leefbaarheid georganiseerd waarin dieper op de zorgen van bewoners zal ingegaan. Vraag: Wat zijn de wettelijke afstanden tussen de windmolens en woningen? De landelijke politiek moet deze normen nog bepalen. De afstand wordt bepaald door de milieueffecten. Daarbij is het geluid (dBA) de meest bepalende norm. Afhankelijk van de hoogte van de molen ligt deze tussen de 350-500 meter. Het jaargemiddeld geluidniveau Lden dat veroorzaakt wordt door een windmolen of -park mag bij een geluidgevoelig object (bijvoorbeeld een woning) niet meer bedragen van 47dB. Daarnaast geldt een maximaal toelaatbare waarde voor het jaargemiddelde geluidniveau in de nachtperiode Lnight van 41 dB. Meer informatie is te lezen op de volgende website: Factsheet Geluid.PDF (rvo.nl). Op dit moment worden de normen opnieuw bepaald door de landelijke overheid.

De informatie op deze site gaat in op de normen zoals ze voorheen golden. De nieuwe normen zullen naar verwachting in dezelfde grootte gaan gelden.

Lden is Europese maat om geluidsbelasting door omgevingslawaai over een heel etmaal uit te drukken. De milieueffecten/knelpunten worden door Arcadis gerapporteerd. Doordat er zowel voor hoge windmolens, als lage windmolens dit in beeld wordt gebracht, is duidelijk wat de effecten zijn in geval een maximale variant (worst case). Vraag: Wat is het brongeluid van een windmolen? Arcadis gaat uit van tussen 80 en 90/95 dB. Dat is altijd wel afhankelijk van de hoogte van de molen. Vraag: Wordt het laagfrequente geluid van een windmolen nu al gemeten? Nee. Dat gebeurt pas bij een vervolgonderzoek. Vraag: Hoe kijkt Arcadis tegen de huidige aanpak aan? Ze vindt het goed dat in het voorstadium al gesprekken met belanghebbenden worden gevoerd. Zorgen die er leven, moeten nu boven tafel komen en aan de raad meegegeven worden.

Een rondje langs de aanwezigen levert de volgende aandachtspunten op: • zorgen worden geuit over het totaalplaatje (gestapeld effect van alles wat er al in het gebied speelt); • zoek een ander gebied voor de windmolens; • hoe hard zijn de rode lijnen op het kaartje: wat is leidend (het aantal windmolens of de benodigde opwekcapaciteit)?; • als er molens komen, plaats deze dan in één lijn met de molens van de Greenport; • beperk de horizonvervuiling; • kijk nu al naar het laagfrequent geluid; • maak duidelijk (inzichtelijk) welk gebieden overlast krijgen; • de plannen voor de windmolens is weer een nieuwe ontwikkeling in het gebied (cumulatie van overlast). Wanneer houdt het op?; • cumulatie overlast voor de fauna. Binnen de nog te organiseren werkateliers wordt ervan uit en naast windenergie ook gekeken naar de leefbaarheid, agrarische structuur en natuur in het onderzoeksgebied. Informatie hierover, ook om aan te melden volgt. Tot slot komt er in de gebiedsvisie informatie terug over de businesscase (globaal nog) en de ontwikkelstrategie (welke rol de gemeente neemt in de verdere ontwikkeling). Mededeling: De website Energielandschap Horst aan de Maas is niet up to date. Dat klopt: de gemeente komt binnenkort met een eigen pagina op de gemeentelijke website. Dit zal op de website energielandschap ook worden aangegeven.

Afsluiting Er wordt nu enkel een koers uitgezet voor mogelijkheden. Gekeken wordt naar het meest kansrijke gebied om daarbinnen aan te geven wat de effecten van windmolens zijn. Er is nog geen beslissing genomen over een definitieve locatie. Dat is straks aan de raad. Daarbij wordt duidelijk aangegeven wat de zorgen zijn vanuit onze inwoners. Alle aanwezigen worden bedankt voor hun inbreng en krijgen op korte termijn het verslag en de presentatie toegestuurd. Ook volgt er nog meer informatie over de werkateliers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12857706/1