Bijdrage inspreker G.Hermans
Tekst van het document
Bijdrage Ger Hermans
Ik sta hier vandaag om mijn diepe bezorgdheid te uiten over het gebrek aan handhavend optreden door het college ten aanzien van herhaalde vernielingen aan ons cultureel erfgoed, met name tijdens de consolidatiewerkzaamheden aan het nationaal erkende rijksmonument, Kasteel Huys ter Horst. Cultureel erfgoed vormt de ziel van onze samenleving, en het behoud ervan is zowel een verplichting als een morele plicht om het voor toekomstige generaties te bewaren. De gebeurtenissen voor en tijdens de start van de consolidatiewerkzaamheden in het voorjaar van 2021 hebben ons laten zien dat dit erfgoed ernstig in gevaar is gebracht. De beoogd archeoloog van bureau RAAP, het grootste adviesbureau voor archeologie en cultuurhistorie in Nederland, gaf vóór de start van de consolidatie aan zijn betrokkenheid bij de werkzaamheden niet te willen voortzetten. Stichting kasteel Huys ter Horst negeerde dit signaal. De werkzaamheden werden uitgevoerd in strijd met de wet en contrair de verleende vergunning, met als triest resultaat het verlies van waardevolle historische informatie. Zorgwekkend is het gebrek aan handhavend optreden door het college. Na herhaaldelijke illegale werkzaamheden en vernielingen kwam er slechts een stillegging en startte een onderzoek. Wethouder Geurts rechtvaardigde het ontbreken van handhaving door te stellen dat de stichting een tweede kans verdiende.
Er werden duidelijke afspraken gemaakt, waaronder het tijdig en structureel melden van bouwwerkzaamheden en bodemingrepen door de stichting aan de gemeente. Al vrij snel werd duidelijk dat de afspraken niet werden nageleefd. Er werden opnieuw illegale (graaf)werkzaamheden verricht, waarbij archeologische en bouwhistorische informatie verloren ging. De cultuurhistorische waarde van het Rijksmonument ging verder achteruit! Voortzetting van het vandalisme door de stichting zal er toe leiden dat de cultuurhistorische waarde van het kasteel op den duur vergaand verloren zal gaan. Er resteert dan alleen de herinnering aan de locatie als plaats van een kasteel en wellicht een deel van de archeologische waarden, aldus te lezen in een rapport van RAAP. Dit is onaanvaardbaar, want ons kasteel is niet alleen een erfenis die we moeten koesteren en beschermen, maar het vormt ook het kloppende hart van onze geschiedenis en identiteit. Het feit dat mijn verzoeken en vragen over deze kwestie onbeantwoord zijn gebleven, ondermijnt het vertrouwen in het college en het erfgoedbeschermingsbeleid. Het antwoord op mijn verzoek tot handhaving, waarin ik juridisch werd afgewimpeld omdat ik geen "belanghebbende" zou zijn, is zeer onbevredigend. Als betrokken burger zie ik dit als een ontwijking van verantwoordelijkheid en een poging om de kwestie te bagatelliseren.
De Rijksdienst voor het Culturele Erfgoed en de provincie hebben beide aangegeven dat er sprake was van onvoldoende handhavend optreden. Het is nu aan u, geachte leden van de raad, om deze zaak serieus op te pakken en ervoor te zorgen dat er duidelijkheid komt over hoe ons college is omgegaan met haar verantwoordelijkheid ten aanzien van ons erfgoed. Ik roep u allen dringend op om deze zaak serieus te nemen en ervoor te zorgen dat er volledige transparantie komt over hoe ons college met betrekking tot ons erfgoed heeft gehandeld. We kunnen niet toestaan dat ons erfgoed zo gemakkelijk wordt vernietigd. We moeten de redenen begrijpen waarom er geen handhavend optreden heeft plaatsgevonden, ondanks bewust en bij herhaling schade toebrengen aan ons erfgoed. Dit is essentieel voor het herstel van vertrouwen in het college en voor de bescherming van ons erfgoed voor toekomstige generaties. Ik waardeer ten zeerste uw aandacht voor deze kwestie.