CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

38 Provincie Limburg 24-0099978 (geanonimiseerd)

Gemeenteraad 28 mei 2024, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Ingekomen brieven.2.783 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

:

.

provincie

De raden

van

de

Cluster Uw

wa

limburg

«

ih

Limburgse gemeenten

FIN

kenmerk

Behandeld

(geanonimiseerd)

Telefoon

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) | 16

Ons kenmerk

DOC-00637429

Maastricht

Bijlage(n)

1

Verzonden

april 2024

_f 8 APR. 2024

Onderwerp

Begrotingscirculaire

2025

Geachte raad,

Hierbij sturen wij u de Begrotingscirculaire 2025 voor de Limburgse gemeenten en gemeenschappelijke en die regelingen toe. Met deze begrotingscirculaire informeren wij u over onderwerpen die nu spelen u over de manier informeren waarop wij uw wij belangrijk zijn voor uw begroting 2025-2028. Daarnaast komende begroting en meerjarenraming beoordelen. college van uw gemeente ontvangt een Begrotingscirculaire 2025. Het

afschrift

van

deze

brief

en

(geanonimise rd) 43 389

99 99

Limburglaan 10

Postbus 5700

+31

(geanonimiseerd) VN Maastricht

(geanonimiseerd) veestricht

TN

www.limburg.nl

een

exemplaar van

de

Begrotings-

circulaire 2025

Inhoudsopgave

2

1.

Inleiding

3

2.

Financiële ontwikkelingen

4

2. 1 2. 2 2. 3 2. 4 2. 5 2. 6

Gemeentefonds Klimaat- en energiebeleid Jeugdzorg Notitie incidenteel-structureel Eigen bijdrage Wmo-voorzieningen Inflatie

4 5 5 5 6 6

3.

Ontwikkelingen Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)

7

4.

Specifieke onderwerpen

8

4. 1 Bevindingen begroting 2024 en jaarrekening 2022 4. 2 Wet gemeenschappelijke regelingen 4. 3 Inzicht in de structurele begrotingspositie

8 9 9

5.

10

Tot slot

Begrotingscirculaire 2025

Inleiding

1.

Ieder jaar krijgt u van ons uitgangspunten voor de komende begroting (begrotingscirculaire). De begroting en meerjarenraming geven een raming (inschatting) van de kosten en opbrengsten voor de komende vier jaar. De informatie in deze circulaire is belangrijk voor het opstellen en het vaststellen van uw begroting 2025 en meerjarenraming 2026 - 2028. De begrotingscirculaire heeft als doel om u vooraf duidelijkheid te geven. Met deze begrotingscirculaire informeren wij u over onderwerpen die nu spelen en die belangrijk zijn voor uw begroting 2025-2028. Daarnaast informeren wij u over de manier waarop wij uw komende begroting en meerjarenraming beoordelen.

Is uw begroting in 2025 niet structureel en reëel in evenwicht? Dan dient u ervoor te zorgen dat dit evenwicht tijdig wordt hersteld in de meerjarenraming, uiterlijk in 2028.

Het doel van financieel toezicht is het bevorderen van een gezonde financiële positie bij gemeenten en gemeenschappelijke regelingen. De regels over financieel toezicht staan in de Gemeentewet, het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) en het Gemeenschappelijk Financieel Toezichtkader voor Gemeenten en voor Gemeenschappelijke regelingen (GTK). U heeft als gemeenteraad het budgetrecht. In die rol bent u er verantwoordelijk voor dat uw gemeente financieel gezond is. Een begroting die structureel en reëel sluit is daarvoor noodzakelijk:

Door de daling van de algemene uitkering vanaf 2026 presenteren veel gemeenten een niet (structureel) sluitende meerjarenraming (2026 en 2027) bij de begroting 2024. Misschien geldt dit ook voor uw gemeente. Wij hebben als toezichthouder een onafhankelijke rol. Wij beoordelen uw begroting op basis van het wettelijke criterium van structureel en reëel evenwicht. Uw begroting 2025 moet dus structureel en reëel in evenwicht zijn als het laatste jaar van de meerjarenraming 2026-2028 dat niet is.

•

De structurele taken dient u te bekostigen met structurele opbrengsten. Dat betekent dat tegen-

jaarlijkse terugkerende kosten, voldoende jaarlijkse terugkerende opbrengsten staan. ‘Reëel ramen’ wil zeggen dat u de kosten goed inschat en dat ze passend zijn voor de taken. Zorg ervoor dat u uw kosten en opbrengsten realistisch raamt en dat de taken die daarbij horen haalbaar zijn. over

•

3

Begrotingscirculaire 2025

Veel onderwerpen in deze begrotingscirculaire gaan over het gemeentefonds. Maak helder of u bij het maken van de begroting de mei- óf september circulaire als uitgangspunt neemt. Wissel dus niet elk jaar tussen deze twee, en verwerk de circulaire volledig in de begroting. U kunt uit voorzichtigheid ervoor kiezen om lagere opbrengsten te ramen dan de in de door u meegenomen circulaire.

Voor 1 januari 2025 krijgt u van ons een brief over de toezichtvorm voor 2025. Repressief (regulier) toezicht is standaard. Dit geldt als uw begroting voldoet aan de eisen. Preventief (verscherpt) toezicht is uitzondering. Dat geldt als uw begroting niet voldoet aan de wettelijke criteria.

Heeft u vragen over deze circulaire? Of over de vertaling hiervan in uw begroting? Neem dan gerust contact op met de ambtelijke contactpersoon voor uw

gemeente.

2.

Financiële ontwikkelingen

2. 1

Gemeentefonds

De indexatie van het volumedeel wordt vanaf 2027

gebaseerd op basis van de (gemiddelde) ontwikkeling van het bruto binnenlands product van de afgelopen 8 jaar.

Nieuwe financierings systematiek Het kabinet Rutte 4 heeft besloten om na 2025 een nieuwe financieringsmethodiek in te voeren voor gemeenten en provincies. Het doel van het Rijk is om

een

“stabiele(re) financiering en daarmee

meer

autonomie voor deze medeoverheden” te bereiken. De nieuwe systematiek koppelt de ontwikkeling van

het gemeentefonds (dat heet ‘accres’) los van de ontwikkeling van de rijksuitgaven. In plaats daarvan koppelt het Rijk de ontwikkeling van het gemeentefonds aan de ontwikkelingen van het bruto binnenlands product. Het huidige systeem eindigt in 2025 en het nieuwe systeem gaat in met ingang van 2027. Het accres bestaat uit een volumedeel en een nominaal deel. Met het volumedeel bedoelen we dat deel dat gaat over de compensatie van bevolkingsgroei en reëel accres. Met het nominale deel bedoelen we de compensatie voor loon- en prijsontwikkeling. De accresstanden voor 2022 tot en met 2025 voor gemeenten veranderen alleen door loon- en prijsontwikkelingen. Het Rijk heeft het volumedeel van het accres voor gemeenten voor 2022-2025 vastgezet. Dit doet het Rijk omdat de nieuwe financieringssystematiek eraan komt. De VNG heeft hiermee ingestemd. Het Rijk heeft bij de voorjaarsnota 2023 besloten om vanaf 2027 jaarlijks € 1 miljard extra beschikbaar te stellen aan gemeenten. Eerder had het Rijk al € 1 miljard beschikbaar gesteld voor 2026. Het volumedeel van het accres staat daarmee vast tot en met 2026.

4

Begrotingscirculaire 2025

De indexatie voor het loon- en prijsdeel verandert vanaf 2027 mee met de prijsontwikkeling bruto binnenlands product van het lopende jaar. Dit besloot het Rijk in de voorjaarsnota 2023 zodat het gemeentefonds op reëel niveau blijft.

Wilt u meer lezen over het verschil tussen de oude en nieuwe financieringssystematiek? Meer informatie hierover kunt u lezen op de site van de VNG.

Herijking gemeentefonds Vanaf 1 januari 2023 is het verdeelmodel van het gemeentefonds volledig herzien. Het doel van het Rijk is een stabiel verdeelmodel dat zoveel mogelijk aansluit bij de kosten van de gemeenten. Een ‘ingroeipad’ zorgt ervoor dat de gevolgen van de herziening beperkt blijven. Tot en met 2027 blijven de financiële gevolgen beperkt tot maximaal € 37,50 per inwoner. Dat geldt voor alle gemeenten. Daarbij maakt het niet uit of uw gemeente voordeel of nadeel heeft van het nieuwe verdeelmodel. Voor sommige gemeenten is het voor- of nadeel van de herverdeling groter dan € 37,50 per inwoner. Verwacht u een groter voordeel door de herverdeling dan € 37,50? Dan kunt u hier nog geen rekening mee houden. Het voordeel kan kleiner zijn dan waar u nu vanuit gaat. Verwacht u een groter nadeel dan € 37,50? Dan kunt u hier uit voorzichtigheidsoverwegingen rekening mee houden in uw raming na 2027.

Het nieuwe verdeelmodel is geen eindstation en zal continu onderhoud vragen. Het Rijk evalueert en

Het advies van de Raad van het Openbaar Bestuur zal eind maart 2024 verschijnen. Dit advies gaat

beoordeelt het verdeelmodel of het nog beter kan. Het Rijk is van plan om de evaluatie voor de zomer van 2024 af te ronden. In de meicirculaire van 2025 leest u hier dan meer over.

over

2. 2

Klimaat- en energiebeleid

de bekostiging en governance van de decentrale uitvoering van het klimaat- en energiebeleid. Daarin staat waarschijnlijk dat het bedrag vanaf 2027 minimaal net zo hoog zal zijn als in 2023.

2. 3

Jeugdzorg

Uitgangspunt financieel toezicht Gemeenten spelen een belangrijke rol in de uitvoering van de klimaat en energieplannen. Het kabinet ondersteunt gemeenten hierbij met geld voor de jaren 2023 tot en met 2025. In de brief ministerie van

Economische Zaken en Klimaat leest u hier meer over.

Met dit geld kunnen gemeenten extra personeel aantrekken. Gemeenten kunnen meer kennis opdoen en experts inhuren. Gemeenten moeten ervanuit kunnen gaan dat ze dit geld elk jaar

krijgen. Anders kunnen ze geen langdurige verplichtingen aangaan. Rijk, provincies en gemeenten overleggen nog om ook te zorgen voor zekerheid na

jeugdzorg

In het voorjaar 2023 stuurden wij u informatie over

landelijke richtlijn voor het opnemen van de jeugdgelden in de begroting 2024. Deze richtlijn zullen wij actualiseren in het geval het Rijk bij de meicirculaire 2024 niet met een nieuwe oplossing komt. Op die manier weet u waar u aan toe bent bij het opstellen van de meerjarenraming 2026-2028. Wij zullen u hierover dan tijdig informeren. onze

2. 4

2025.

Notitie incidenteel-

structureel

Voor de jaren 2023 tot en met 2030 is er in totaal € 5,38 miljard beschikbaar voor de uitvoeringskosten voor gemeenten en provincies. In 2023 kregen gemeenten € 341 miljoen. Het bedrag dat u kreeg voor uw gemeente voor 2023, mag u vanaf 2025 jaarlijks in uw begroting opnemen. Hierover hebben wij u in het voorjaar van 2023 geïnformeerd. We gaan er dan wel vanuit dat u dit bedrag zowel aan de opbrengsten- als de kostenkant opneemt. Want het extra geld dat u krijgt, is bestemd voor extra

klimaat- en energietaken. Voor de jaren 2024 en 2025 is meer geld beschikbaar dan wat gemeenten in totaal in 2023 zullen ontvangen. Of uw gemeente recht heeft op dit extra geld, hangt af van uw plannen. Dit heet daarom planfinanciering. Elk plan krijgt een vast bedrag, afhankelijk van het type plan (zero-emissiezone, windpark, zonneweide of gebouw). De precieze bedragen per plan zijn nog niet vastgesteld. Er is geen maximaal bedrag per aanvraag. In totaal is hier voor 2024 € 90 miljoen en in 2025 € 300

miljoen beschikbaar.

5

opgaven

Begrotingscirculaire 2025

In het Bestuurlijk Overleg Financiële verhoudingen (BOFv) van 21 november 2023 is de notitie incidenteel/structureel vastgesteld. In deze notitie staan

afspraken en verduidelijking over het onderwerp incidenteel/structureel. Eén van de afspraken gaat over de inzet van incidenteel geld voor structurele uitgaven. Gemeenten mogen een deel van de algemene reserve gebruiken voor structurele kosten. De voorwaarden hiervoor staan in deze notitie. Ook het bestaande beleid over de inzet van reserves is opgenomen in de notitie. We adviseren gemeenten om hierover vooraf af te stemmen met de toezichthouder. Geef helder aan in

begroting, wanneer u gebruik maakt van deze mogelijkheid. Neem deze onttrekking op in het verplichte overzicht van structurele reservemutaties en zorg voor een duidelijke toelichting. uw

2. 5

Eigen bijdrage Wmo-voorzieningen

Het kabinet is van plan om

één onderdeel van de Wmo 2015, namelijk de huishoudelijke hulp, een passende eigen bijdrage in te voeren. In het coalitieakkoord van het demissionair kabinet staat dat dit geldt vanaf 1 januari 2025. De ingangsdatum is verschoven naar 1 januari 2026. Inwoners betalen dan voor alle Wmo-voorzieningen een eigen bijdrage, waarvoor nu het abonnementstarief geldt. De hoogte van die bijdrage is afhankevoor

lijk van hun inkomen. Het Rijk verwacht dat de invoering van de inkomensafhankelijke eigen bijdrage de druk bij gemeenten verlaagt op het gebruik van Wmo-voorzieningen. En dat de Wmo 2015 daardoor langer betaalbaar blijft. Wij vragen van u om de geraamde opbrengsten voldoende te onderbouwen.

2. 6 Inflatie Inflatie betekent dat alles duurder wordt. Dit heeft invloed op de begroting- en meerjarenraming van gemeenten. Dit geldt voor het reëel ramen van zowel de kosten als de opbrengsten. Door de hoge inflatie hebben wij hier extra aandacht voor. Geef de financieel technische uitgangspunten duidelijk aan in uw begroting. Raamt u in uw meerjarenraming uw opbrengsten op basis van lopende prijzen? Dan gaan we ervan uit dat u uw kosten ook op deze basis raamt.

6

Begrotingscirculaire 2025

3.

Ontwikkelingen Besluit Begroting en Verantwoording (BBV)

Er zijn nieuwe notities van de commissie BBV

gepubliceerd: •

• •

Notitie grondbeleid in de begroting jaarstukken 2023 Notitie rente 2023 Notitie overhead 2023

en

In 2024 werkt de commissie BBV waarschijnlijk aan een nieuwe notitie over de Balans. Ook komt er een nieuwe versie van de Notitie Verbonden partijen.

7

Begrotingscirculaire 2025

4.

Specifieke onderwerpen

4. 1

Bevindingen begroting 2024 en jaarrekening 2022

Tekorten meerjarenraming en scenario’s Veel gemeenten presenteren in de meerjarenraming 2025-2027 een tekort, vooral vanaf 2026. Dit komt door de nieuwe financieringssystematiek, en door de opschalingskorting. Het Rijk en gemeenten zijn nog in gesprek over de financiële verhoudingen. Dat betekent dat nog niet zeker is of u na 2025 extra geld krijgt. Denk alvast na over verschillende scenario’s. En over maatregelen die daarbij passen. Daardoor heeft u de financiële en beleidsmatige gevolgen beter in beeld. U heeft dan beter inzicht in wat de verschillende scenario’s voor uw gemeente kan betekenen. De VNG heeft u een brief gestuurd met een begrotingsadvies. Ook de VNG adviseert u om alvast ombuigingen zo goed mogelijk in kaart te brengen.

Onderuitputting Tijdens ons onderzoek merkten wij dat niet altijd duidelijk is hoe wij omgaan met onderuitputting. Onderuitputting geeft aan welk deel van het budget aan het eind van het jaar niet is uitgegeven. Het geeft daarmee het verschil aan van de uitgaven ten opzichte van de begroting. Een voorbeeld van onderuitputting is lagere uitgaven voor onderhoudswerkzaamheden ten laste van de exploitatie, doordat werk niet (volledig) is uitgevoerd door bijvoorbeeld slechte weersomstandigheden. Een ander voorbeeld is dat het budget salaris niet volledig is uitgegeven door ontstane vacatures of doordat vacatures pas later ingevuld werden. Ook een investering die later is opgeleverd, kan leiden tot lagere kapitaallasten dan die in een bepaald jaar waren geraamd.

Jaarrekeningen van gemeenten hebben de laatste jaren steeds vaker een positief saldo. Meestal komt dit door eenmalige voordelen. Onderuitputting geldt alleen voor de jaarrekening. Het kan een eenmalig voordeel opleveren. Als deze voordelen een structureel karakter hebben, dan kunt u ervoor kiezen om het budget aan te passen. De gemeente moet kosten en opbrengsten realistisch ramen.

8

Begrotingscirculaire 2025

4. 2

Wet gemeenschap-

pelijke regelingen Op 1 juli 2022 is deze wet gewijzigd. Door deze wijziging krijgen volksvertegenwoordigers, zoals

gemeenteraadsleden en statenleden meer invloed op de besluitvorming van dit soort regelingen en kunnen ze die beter controleren. Daarnaast wordt met deze wijziging geregeld dat in het geval van een uittreding er in ieder geval vooraf afspraken moeten worden gemaakt over de

gevolgen voor het vermogen van de rechtspersoon. Daarbij moet worden gedacht aan afspraken over personeel, contracten, huisvesting en investeringen. Voor deze wijziging geldt een implementatieperiode van twee jaar. Gemeenten zorgen ervoor dat de nieuwe regeling van hun gemeenschappelijke regelingen tijdig is vastgesteld.

4. 3

Inzicht in de structurele begrotingspositie

Ook dienen al de reservemutaties opgenomen te worden in het overzicht van incidentele baten en lasten omdat in principe alle stortingen in en onttrekkingen aan reserves incidenteel van aard zijn. De uitzonderingen, de structurele reservemutaties, maakt u inzichtelijk op het ook verplichte overzicht van beoogde structurele toevoegingen en onttrekkingen aan de reserves. Alle reservemutaties zijn of opgenomen in dit overzicht of in het overzicht van incidentele baten en lasten. Belangrijk aandachtspunt hierbij is de aansluiting met alle reservemutaties. Dit totaal dient dan ook aan te sluiten met: •

•

•

De toevoegingen en onttrekkingen

aan reserves

conform bovenstaande tabel; De som van de incidentele reservemutaties (overzicht incidentele baten en lasten) en de structurele reservemutaties (overzicht structurele toevoegingen en onttrekkingen aan reserves); De bijlage met daarin het meerjarig verloop van de reserves. Structureel begrotingssaldo (bedragen x € 1. 000)

2024202520262027

Saldo baten en lasten voor mutaties reserves

-500

Toevoegingen en onttrekkingen

1. 000

aan reserves

Het inzicht in de structurele begrotingspositie blijft een belangrijk aandachtspunt voor alle gemeenten.

Als u de begroting vaststelt waarbij de baten en lasten met elkaar in evenwicht zijn, betekent dit nog niet dat u heeft voldaan aan de Gemeentewet. U heeft de verantwoordelijkheid de begroting structureel in evenwicht vast te stellen. Structureel evenwicht betekent dat structurele lasten gedekt worden door structurele baten. De incidentele lasten mogen worden gedekt door structurele en door incidentele baten. De financieel toezichthouder heeft de wettelijke taak om te beoordelen of er sprake is van structureel en reëel evenwicht. Wij dringen erop

aan

in het raadsvoorstel, de

aanbiedingsbrief of de inleiding van de begroting in te gaan op het structurele begrotingssaldo. Onderstaande tabel geeft hierbij het vereiste inzicht. De in de tabel opgenomen bedragen moeten één op één aansluiten op het overzicht van baten en lasten en het overzicht van incidentele baten en lasten van uw begroting.

9

Begrotingscirculaire 2025

Begrotingsdsaldo

500

Waarvan incidentele baten en lasten (saldo)

300

Structureel begrotingssaldo

200

Bovenstaande tabel met het structureel begrotingssaldo zien we steeds vaker opgenomen in de begroting, maar bij veel gemeenten kunnen met name de financiële aansluitingen nog verbeterd worden. Dit geldt tevens voor de toelichtingen bij de incidentele baten en lasten.

5.

Tot slot

Heeft u vragen over deze begrotingscirculaire of bij het opstellen van de begroting 2025, dan kunt u contact opnemen met uw toezichthouder.

10

Begrotingscirculaire 2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14164872/1