CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

31 RUD LN 24-0099990 (geanonimiseerd)

Gemeenteraad 20 augustus 2024, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Ingekomen brieven23.673 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

14 alinea's met “uitwisseling”: 385 396 678 680 683 707 1028 1125 1197 1210 1220 1282 1316 1330

Van:

(WB geanonimise rd) @rudlimburgnoord.nl>

(geanonimiseerd) B RUDLimburgNoord

Verzonden:

donderdag 4 juli 2024

13:46

(geanonimiseerd) <e (geanonimiseerd) eetenmaas-nl>; Griffie Beesel MMM (geanonimiseerd) veesel.nl>; Griffie NN gemeente Bergen <Meverzen.nr; (geanonimiseerd) griffie gemeente Echt-Susteren Me (geanonimiseerd) ecnt-susteren.nr; griffie gemeente Gennep (geanonimiseerd) griffie gemeente Leudal (geanonimiseerd) Me zenneo.nl>; griffier MMWonorstaandemaas.nl>; (geanonimiseerd) edel!» griffie gemeente Maasgouw (geanonimiseerd) Me Mo zemeentemaasgouw.nl>; griffie gemeente Mook en Middelaar <Me (geanonimiseerd) nookenmiddelaar.nl>; griffie gemeente Nederweert <Menecerweert.n; (geanonimiseerd) Peel en Maas Roerdalen griffie gemeente (geanonimiseerd) griffie gemeente (geanonimiseerd) <Mereelenmaas.nl>; <Meroerdalen.nl= DL_Griffie <Me (geanonimiseerd) roermond.nl>; griffie gemeente Venlo (geanonimiseerd) MW evenio.nl>; griffie gemeente Venray Weert Griffier Provincie Limburg EE nl>; (geanonimiseerd) griffie gemeente (geanonimiseerd) nl roerdalen.nl> (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) rvlimbur. nl> (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Aan:

j—

de hera Onderwerp: Aanbieding Geachte

griffiers,

Namens

het

Noord

Wij

Dagelijks

(RUDLN)

vertrouwen

Bestuur

bieden

erop

wij

u

van

vastgestelde jaarrekening en jaarverslag

de

bijgaand

u hiermee

Hoogachtend, Namens het Dagelijks

Met

definitief

van

de RUD

vriendelijke groet,

Coördinatiecentrum

RUD

Limburg

Noord

Postbus 900, 6040 AX Roermond Markt 31, 6041 EM Roermond

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)

RUD _

NOORD

2023 GR RUD LN

Gemeenschappelijke Regeling Regionale Uitvoeringsdienst Limburg het definitieve jaarverslag en jaarrekening 2023 ter kennisname aan.

voldoende

Bestuur

Moen,

te hebben

Limburg

geïnformeerd.

Noord.

Jaarverslag

en

2023 GR

RUD

Limburg

>

(geanonimiseerd)

Noord

Jaarrekening

Inhoudsopgave Voorwoord

3

1

Inleiding 1. 1 Algemeen 1. 2 Voorschriften BBV 1. 3 Bestuurlijke organisatie 1. 4 Leeswijzer 1. 5 Resultaat

5 5 5 5 5 6

2

Jaarverslag 2023 2. 1 Programmaverantwoording 2. 2 Wat hebben we bereikt? 2. 3 Wat hebben we daarvoor gedaan?

7 7 7 8

2. 3. 1 Uitvoering 2. 3. 2 Organisatie-brede opgaven 2. 3. 3 Vakinhoudelijke opgaven

8 24 28

2. 4 Wat heeft het gekost?

31

3

Paragrafen 3. 1 Weerstandsvermogen en risicobeheersing 3. 2 Financiering 3. 3 Onderhoud kapitaalgoederen 3. 4 Bedrijfsvoering

32 32 35 36 36

4

Jaarrekening 2023 4. 1 Balans inclusief toelichting

41 41

4. 1. 1 Balans inclusief toelichting 4. 1. 2 Toelichting op de balans per 31 december 2023

4. 2 Overzicht van baten en lasten inclusief toelichting 4. 3 Overzicht van incidentele baten en lasten inclusief toelichting 4. 4 Overzicht van reserves en voorzieningen 4. 5 Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) 4. 6 Rechtmatigheidsverantwoording

43 45

51 58 59 61 63 1

4. 7 Niet uit de balans blijkende verplichtingen en rechten

64

Besluit tot vaststelling

65

Controleverklaring van de onafhankelijke accountant

66

Bijlage 1 SISA-Verantwoording

67

Bijlage 2 Risico-inventarisatie

68

Bijlage 3 Bijdrage per deelnemer

70

Bijlage 4 Berekening kengetallen

73

2

Voorwoord De Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (RUD LN) verzorgt een belangrijk deel van de vergunningverlening, het toezicht en de handhaving in Limburg Noord. Hierdoor dragen we

bij aan de verbetering van de kwaliteit, gezondheid en veiligheid van de leefomgeving

De gemeenten, provincie en gemeentelijke samenwerkingsverbanden werken binnen de RUD samen om de in onze regio beschikbare capaciteit en kennis zo goed mogelijk in te zetten. Het werkgebied van de RUD LN is congruent met de veiligheidsregio. De RUD LN bestaat al sinds 1 januari 2013 en is dus inmiddels 10 jaar actief. In 2018 is de organisatie overgegaan van een samenwerking op basis van een bestuursovereenkomst, naar een gemeenschappelijke regeling met 16 deelnemers; de 15 gemeenten in de veiligheidsregio Limburg Noord en de Provincie Limburg. IBP: Verbeteringen VTH stelsel Naar aanleiding van het rapport van de commissie van Aartsen uit 2021 is een programma gestart om de aanbevelingen van de commissie in concrete acties ter versterking van het stelsel van omgevingsdiensten om te zetten. Het functioneren van de omgevingsdiensten heeft grote impact op de leefomgeving. Om gezondheid en veiligheid te kunnen blijven waarborgen zullen alle diensten versterkt moeten worden. De milieuproblematiek wordt complexer en ondanks de grote inspanningen in het verleden ontkomen we niet aan deze extra inspanning. Alle betrokken partners, gemeenten, provincies, ministeries en omgevingsdiensten zijn ervan doordrongen dat actie nodig is. Het Interbestuurlijk Programma (IBP) versterking VTH geeft een impuls aan de benodigde versterking.

Extra middelen zijn hiervoor verstrekt, maar de diensten zullen steviger moeten gaan worden om de toekomstige uitdagingen aan te kunnen. Maar hoe kunnen die diensten dan steviger worden? Hiervoor is in 2023 een basis gelegd en de term “robuustheid” geïntroduceerd. Gedefinieerd is aan welke criteria en normen een omgevingsdienst moet voldoen om dit predicaat te behalen. Alleen robuuste diensten zijn in staat de toekomstige uitdagingen aan te gaan. Eind van 2023 werd op basis van zelfevaluaties duidelijk dat bijna alle omgevingsdiensten hierin nog een opgave hebben. Voor sommigen is die beperkt, maar voor anderen fors. Dit laatste geldt ook voor de RUD Limburg Noord. Op 21 december verstrekte het Algemeen Bestuur de opdracht om een plan van aanpak te maken waarmee de RUD LN in 2026 kan gaan voldoen aan de eisen voor een robuuste omgevingsdienst. Eigen plannen In het afgelopen jaar zijn al diverse stappen genomen om structurele verbeteringen bij onze dienst te bereiken. De jaarlijkse opdracht voor het uitvoeren van de VTH-taken, het regionale uitvoeringsprogramma, is dit jaar geheel anders opgezet. Gedurende het jaar zijn hier forse inspanningen voor verricht door de werkgroep RUP. Dit resulteerde in een herziening van de Producten en Dienstencatalogus (PDC), het RUP 2024 zelf en een regionale werkverdeling die op dit programma gebaseerd is. Daarmee is voor het eerst

3

RUD

NOORD

vooraf bekend wie het AB vormt de is dus

voor

welke taken in 2024 zal werken.

aan

opdracht

de RUD LN

aan

om

De

goedkeuring

deze taken uit te

voeren

regionaal perspectief opgezet. Erg spannend

het eerst vanuit

de sturing hoe

komend jaar zal gaan.

uitvoering),

het RUP door

van en

Het vraagt op onderdelen loslaten van lokale sturing ten gunste van sturing als gezamenlijke dienst.

hierop

dit het

(op

de

Nieuwe omgevingswet Naast de van -__

-__

“kanteling”

het RUP, vroeg ook

van

de komst

van

de Omgevingswet

veel aandacht

medewerkers.

Voorbereiding op nieuwe taken (b.v. gemeenten, energietaken).

taken op

Anders inrichten

de te controleren

informatie

van

over

bodemgebied

van

provincie

naar

bedrijven (van

activiteiten). inrichtingenbestanden gebaseerd Zorgen dat de zaaksystemen (Rx-Mission) goed zijn ingericht en rapportagesystemen (monitoring) worden aangepast. Mutaties in bevoegdheden voor bedrijven (b.v. van provincie naar gemeente). Gegevens voor bedrijven met externe veiligheidsrisico’s (b.v. met propaantanks) “omzetten” in landelijke voorzieningen. De Omgevingswet is bedoeld om minder regels te hebben en meer inzicht in de situatie te geven voor initiatiefnemers. Om dat te bereiken is veel werk gedaan en zal ook de komende jaren nog heel veel werk nodig zijn. In veel gevallen ligt er nu een betrouwbaar en werkbaar fundament, maar is het gebouw dat hierop komt te rusten nog “under naar

bestanden

op Milieubelastende

-_

-__

-__

construction”.

Arbeidsmarkt Het aantal

en

vergrijzing voor

werving

het inzetten op zij-instromers. Enerzijds zien we weinig nieuwe aanwas van de technische opleidingen komen. Anderzijds neemt de uitstroom van medewerkers

openstaande

daalt niet, ondanks steeds

richting

vacatures

meer

aandacht

en

pensioen groeiend tekort zien, en waar dit wordt aangevuld missen nieuwe medewerkers nog ervaring. Toch lukt het wonderwel nog steeds om nieuwe medewerkers te werven. Het zal geen verrassing zijn dat de werkdruk blijvend hoog is. toe.

Zowel

De balans

regionaal

gebrek moeilijk

aan

als

een

landelijk maakt

middelen vaak

dit het invullen

de ambities

groeiend beroep

een

(tarieven) aan

verbonden

Tot slot valt ook de toename

golf aan cao-afspraken

van

beperkte, blijven

is geschikte nieuwe medewerkers

Ook veroorzaakt dit kosten

laat

vacatures

lastig.

Waar vroeger het liggen omdat het

de middelen vaak

te vinden.

op de private sector

(inhuur), waar

(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)

hogere

zijn.

de loonkosten op. Na de hoge inflatie kwam op gang om de stijgende kosten te compenseren. van

wel

immers

een

RUD

NOORD

1 1.1

Inleiding Algemeen

De 15 gemeenten in Limburg Noord en de provincie zijn deelnemers van de GR RUD LN. De circa 129 fte die taken hebben verricht onder de koepel van deze samenwerking hebben

gezamenlijke verantwoordelijkheid om (1) de kwaliteit van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden te verbeteren bij de uitvoering van VTH-taken en (2) de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving te verbeteren. een

1.2 Voorschriften

BBV

De wijze waarop decentrale overheden hun financiële administratie inrichten en verantwoorden is geregeld in het de Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). In 2016 is de BBV vernieuwd.

gemeenschappelijke regelingen is de vernieuwde BBV van kracht met ingang van 2018. De jaarrekening 2023 van de RUD LN is opgezet conform de nieuwe voorschriften van de BBV. Tevens is de rechtmatigheidsverantwoording vanaf boekjaar 2023 van toepassing en in deze jaarrekening opgenomen. 1.3

Voor

Bestuurlijke organisatie

Het bestuur

van

de RUD

LN

bestaat uit

een

Algemeen

en

een

Dagelijks Bestuur.

Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur bestond in 2023 uit 16 leden, waaronder de voorzitter. De colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten en Gedeputeerde Staten van de provincie hebben uit hun midden elk één lid en één plaatsvervangend lid aangewezen.

Dagelijks Bestuur Het Dagelijks Bestuur is door en uit het Algemeen Bestuur gekozen. Het Dagelijks Bestuur bestaat uit vijf leden, waarbij een portefeuillehouder verdeling is toegepast. De voorzitter De voorzitter

van

de RUD

Limburg

Noord is de heer

(geanonimiseerd) BN wethouder

van

de

gemeente Maasgouw. 1.4

Leeswijzer

In hoofdstuk

2 treft u het

waarin op hoofdlijnen het heeft gekost. In hoofdstuk

jaarverslag

staat wat

2023

aan.

Het betreft de

programmaverantwoording, gedaan en wat

de RUD heeft bereikt, wat zij daarvoor heeft

3 wordt inzicht gegeven in de verplichte paragrafen: weerstandsvermogen risicobeheersing, financiering, onderhoud kapitaalgoederen en bedrijfsvoering.

en

In hoofdstuk 4 treft u de jaarrekening 2023 aan. In de bijlagen vindt u: 1. SISA-verantwoording; 2. De risico-inventarisatie; 3. De deelnemersbijdrage over 2023; 4. De berekening van kengetallen.

1. 5 Resultaat Wij sluiten het boekjaar 2023 af met een saldo van € 382. 072. In de gemeenschappelijke regeling RUD LN is het volgende opgenomen: “Alvorens het rekeningresultaat te bepalen, vindt een controle plaats op de opbrengsten en kosten in het kader van de vennootschapsbelasting. Een saldo op deze activiteiten zal worden verrekend met de betreffende opdrachtgevers. “Het jaarlijks saldo wordt verdeeld over de deelnemers conform de verdeelsleutels” . “In afwijking van het onder lid 5 bepaalde kan het Algemeen Bestuur incidenteel besluiten om saldo toe te voegen aan een nader te benoemen reserve of weerstandsvermogen”. Aan het Algemeen Bestuur wordt voorgesteld om het resultaat niet in mindering te brengen op de uiteindelijk bijdrage van de partners maar dit resultaat beschikbaar te houden binnen de RUD en in 2024 in te zetten voor een deel van de incidentele kosten voor het plan van aanpak om te komen tot een robuuste omgevingsdienst en het daaruit voorvloeiende op te stellen bedrijfsplan. Voor een nadere specificatie van het bovenstaande wordt verwezen naar de toelichtingen in de volgende hoofdstukken.

6

2

Jaarverslag 2023

2. 1 Programmaverantwoording Hierna wordt, via de programmaverantwoording en de paragrafen, verantwoording afgelegd over de realisatie van de bij de begroting 2023 voorgenomen uitvoering in het jaar 2023.

2. 2 Wat hebben we bereikt? In de begroting 2023 is de doelstelling van het programma opgenomen: in een gezamenlijke verantwoordelijkheid met de deelnemers de

kwaliteit van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden verbeteren bij de uitvoering van VTHtaken én de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving te verbeteren. De GR RUD LN wil daarbij een innovatieve, flexibele, slagvaardige en efficiënte organisatie zijn, die bijdraagt aan de verbetering van de kwaliteit, gezondheid en veiligheid van de leefomgeving en aan de verbetering van

de dienstverlening aan burgers en bedrijven. De RUD • wil een vanzelfsprekende deskundige partner zijn in de regio voor het bereiken van de (kern)doelen van de Omgevingswet; • zit bij de partners aan tafel en werkzaamheden worden in gezamenlijkheid uitgevoerd. De RUD LN kan daarbij flexibel inspringen op veranderende behoeften vanuit haar deelnemers en de maatschappij; • groeit van de uitvoeringsdienst zoals we nu zijn naar een robuuste Omgevingsdienst die input levert aan (milieu)beleid en adviseert bij de aanpak van maatschappelijke vraagstukken over de leefomgeving; • werkt volgens de wettelijke kwaliteitscriteria.

7

De RUD heeft afgelopen jaar onder meer op de volgende wijze bijgedragen aan de

kwaliteitsverbetering van dienstverlening aan burgers, bedrijven en belanghebbenden bij de uitvoering van VTH-taken én aan verbetering van de kwaliteit, veiligheid en gezondheid van de leefomgeving: Initiatiefnemers, vergunninghouders en belanghebbenden werden ondersteund door deskundige medewerkers namens het bevoegd gezag. Specialisten werden, waar mogelijk, ingezet op de dossiers die specialistische kennis vereisten. Door toezicht werkzaamheden regionaal te (her)verdelen naar kundigheid en ervaring werden toezichthouders in hun “branche-expertise” ingezet. Gevolg is dat ondernemer en toezichthouder elkaar vaktechnisch beter begrijpen. Door het wegnemen van deze “afstand” werd de kans op naleving vergroot en werd de toezichthouder als toegevoegde waarde ervaren. Op basis van de probleemanalyse zijn controles uitgevoerd bij de objecten en activiteiten met de grootste risico’s. Nieuwe ontwikkelingen en ontwikkelingen op het gebied van innovatieve vormen van toezicht werden gevolgd. Tevens heeft zijn er diverse opleidingen gevolgd. De uitwerking van het plan van aanpak doorontwikkeling RUD Limburg Noord en het Interbestuurlijk Programma zijn opgepakt.

2. 3 Wat hebben we daarvoor gedaan? 2. 3. 1 Uitvoering Takenpakket De GR RUD LN heeft voor alle deelnemers de basistaken uitgevoerd zoals bedoeld in artikel 7. 1 van het Besluit Omgevingsrecht. Daarnaast heeft de RUD LN op verzoek van enkele deelnemers het volledige milieutakenpakket en/of taken op basis van de Wet algemene bepalingen Omgevingsrecht, het Bouwbesluit, de Wet ruimtelijke ordening, de APV en bijzondere wetten uitgevoerd.

Hieronder is het takenpakket in 2023 per deelnemer weergegeven.

8

Tabel 1

Ingebracht takenpakket

Partner

per 1-1-2023*

Basistakenpakket

Specialistische Wabo VTH taken

Milieu bij Niet-RUD bedrijven

Wabo breed

BRIKS (bouwen/slopen en gebruik)

APV

Beesel

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Bergen

Ja

Deels

Ja

Nee

Ja

Deels

Echt-Susteren

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Gennep Horst aan de Maas Leudal

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Ja

Ja

Nee

Nee

Nee

Maasgouw Mook en Middelaar Nederweert

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Nee

Peel en Maas

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Roerdalen

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Ja

Roermond

Ja

Ja

Ja

Deels

Ja

Nee

Venlo

Ja

Deels

Nee

Nee

Nee

Nee

Venray

Ja

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

Weert Provincie Limburg

Ja

Ja

Ja

Deels

Nee

Nee

Ja**

n. v. t.

n. v. t.

n. v. t.

n. v. t.

n. v. t.

* Er zijn deelnemers die (verzoek)taken niet hebben ingebracht, maar wel als werkzaamheden hebben verantwoord. ** De provinciale taken, provinciale inrichtingen (BTP), in het werkgebied RUD LN zijn door de provincie ondergebracht bij de RUD Zuid. De Provincie heeft aangegeven dat zij geen gegevens meer over het programma en de voortgang van het uitvoeringsprogramma kunnen verstrekken.

Onder de Omgevingswet verandert het begrip ‘inrichting’ in milieubelastende activiteit (MBA). De RUD LN is in 2023 gestart met het omzetten van de inrichtingen in MBA’s. Deze (administratieve) wijzigingen zijn in 2023 zo veel mogelijk gecombineerd met de reguliere taken zoals het uitvoeren van een controle en het afhandelen van een melding. Deze omzetting van inrichtingen naar milieubelastende activiteiten komt in de overzichten terug als “Omzetting MBA”.

Werkwijze Uitvoering heeft plaatsgevonden door uitwisseling van specialistische kennis en capaciteit tussen de deelnemers. Naast de taken op het gebied van vergunningverlening, handhaving en toezicht zijn door de RUD LN ook coördinerende, afstemmende en adviserende taken verricht. De krapte op de arbeidsmarkt was ook dit jaar een knelpunt.

9

Voor zowel de leidinggevenden als de uitvoereinde medewerkers waren de extra werkzaamheden die ontstonden door de doorontwikkeling van de RUD LN en het Interbestuurlijk Programma VTH (IBP) taakverzwarend. Naarmate er steeds meer werk voortvloeit uit dit programma werd en wordt de druk op het regulier werk groter. Borging kwaliteit De gemeenteraden hebben met hun Verordening kwaliteit VTH bepaald dat uitvoering van de VTH-taken dient te voldoen aan de kwaliteitscriteria. Dit is ook zo vastgelegd in de gemeenschappelijke regeling van de RUD Limburg Noord. De kwaliteitscriteria bestaan naast procescriteria uit eisen aan de kritieke massa: voldoende medewerkers met de vereiste opleiding en kennis én een minimale frequentie waarmee zij de betreffende activiteiten uitvoeren (vlieguren). De kwaliteitseisen die aan de producten en diensten van de RUD worden gesteld, zijn verwoord in de Producten- en Dienstencatalogus (PDC).

Jaarlijks voert de RUD een beoordeling uit of voldaan wordt aan de kwaliteitscriteria voor de taken die in de RUD zijn belegd. Voor deze beoordeling wordt gebruik gemaakt van Ervaringsprofielen (EVP’s); iedere RUD-medewerker dient minimaal 1x per 5 jaar een dergelijk EVP traject te doorlopen. Van de 209 medewerkers hebben er 191 een actueel EVP of doorlopen op dit momenteel een EVP-traject voor één of meerdere taken. De overige 18 (grotendeels nieuwe) medewerkers worden in 2024 gestimuleerd een EVPtraject te doorlopen. Met deze medewerkers voldoen we aan de kwaliteitscriteria voor het grootste takenpakket: casemanagement, vergunningverlening milieu, toezicht milieu (met

uitzondering van complex toezicht afval en procesindustrie), vergunningverlening en toezicht bouwen en RO en bodem, evenals de juridische specialismen en technische specialismen sloop en asbest, constructieve veiligheid, bodem, geluid en energiebesparing. Voor het specialisme luchtkwaliteit beschikken we over voldoende menskracht, maar is het werkpakket van de RUD te klein. Voor het specialisme externe veiligheid beschikken we over voldoende werk, maar is de capaciteit te beperkt. Voor de specialismen ketentoezicht, afvalwater, BOA, brandveiligheid, bouwfysica, groen en ecologie, stedenbouw en inrichting openbare ruimte, kostenverhaal en planeconomie en cultuurhistorie heeft de RUD een te klein werkpakket om te kunnen voldoen. Voor deze taken moet het takenpakket van de RUD toenemen OF moeten we met andere overheden zoeken naar een schaal van uitvoering, zodat werkzaamheden vanaf 2024 ook conform de kwaliteitscriteria uitgevoerd kunnen worden. Dit is bijvoorbeeld mogelijk door deze specialismen te beleggen bij een andere overheid die (in totaal) wel een voldoende groot

werkpakket heeft.

10

Samenspel op basis van de PCDA cyclus Het samenspel binnen de gemeenschappelijke regeling tussen het RUD-bestuur, het coördinatiecentrum en de deelnemers is ingericht op basis van de PDCA-cyclus. Deze is in het onderstaande figuur weergegeven:

Monitoring De uit te voeren werkzaamheden zijn opgenomen in het Regionaal Uitvoeringsprogramma (RUP) 2023. Alle deelnemers verplichten zich tot uitvoering van de RUD-werkzaamheden. Zij rapporteren maandelijks het aantal geleverde producten en diensten. In 2023 is er met behulp van rapportages (dashboards) en de tussentijdse bestuursrapportage gerapporteerd aan de deelnemende partners.

Evenals voorgaande jaren blijft het verzamelen van de gegevens over de uitgevoerde werkzaamheden complex. Dit geldt zeker voor het verzamelen van de producten die gemaakt worden buiten de reguliere “VTH-afdelingen” van de partners. Sinds de overgang naar Rx. Mission zijn gegevens niet goed uit het systeem te halen. Daarbij zijn gegevens in verschillende systemen zijn opgeslagen. Hierdoor was de productie “lastiger” inzichtelijk te maken.

11

Resultaten Het RUP betreft het totale werkpakket dat door de RUD LN wordt uitgevoerd. Voor een visueel overzicht van de resultaten in 2023 verwijzen wij naar onderstaande grafieken. Het getoonde RUP is echter, zoals reeds vermeld, exclusief het uitvoeringsprogramma en de daaraan verbonden realisatie van de provincie. Dit aangezien deze gegevens alleen binnen de RUD Zuid voor handen zijn. Wij gaan hieronder in op de grootste onderdelen van het gerealiseerde RUP. Doordat de uitvoerende medewerkers in dienst zijn bij de deelnemers, worden de kosten van het RUP grotendeels verantwoord in de jaarrekeningen van de deelnemers. Alleen de werkzaamheden die onderling zijn uitgewisseld, komen tot uitdrukking in de financiën van de RUD. Dit jaar is 2% van het RUP via uitwisseling gerealiseerd. Deze uitwisseling is financieel zichtbaar bij het product Wabo-taken, taakveld 8. 3 Wonen en Bouwen en als onderdeel bij het product Basis- en milieutaken, taakveld 7. 4 milieubeheer.

Grafiek 1

Gerealiseerde uren in procenten t. o. v. de planning / RUP 2023 89%

1. Vergunningen milieu

79% 84% 84%

2. Toezicht milieu

92%

3. BRIKS

102% 91% 91%

4. APV

102%

5. Juridisch en overig

113% 93% 96%

Totaal 0%

20%

40% 2023

60%

80%

100%

120%

2022

De totale realisatie is procentueel gezien afgenomen ten opzichte van 2022. Dit is te verklaren door een toename van het takenpakket in 2023, terwijl de capaciteit niet is

meegegroeid. Tabel 2 Realisatie uitgedrukt in capaciteit (gerekend met een norm van 1350 uur) omvang totale RUP omvang totale realisatie Realisatie % 2022 133 fte 129 fte 96% 2023 139 fte 129 fte 93%

12

Er is dus voor circa 6 fte meer aan werk gepland (ruim 8. 000 uur) terwijl er nagenoeg hetzelfde aan werk is verricht als voorgaand jaar. Indien we dit specificeren naar de vijf productgroepen resulteert dit in onderstaande tabel:

Tabel 3 Capaciteit verdeeld over de vijf productgroepen (gerekend met norm 1350 uur) Afgerond op hele Capaciteit Capaciteit % Capaciteit Capaciteit % formaties begroot ingezet realisatie begroot ingezet realisatie Vergunningverlening milieu Toezicht milieu Briks APV

Juridisch en overig

2022 26 fte

2022 20 fte

2022

2023 23 fte

2023

79%

2023 26 fte

27 fte 36 fte 8 fte 37 fte

22 fte 36 fte 8 fte 42 fte

84% 102% 91% 113%

27 fte 38 fte 10 fte 39 fte

23 fte 35 fte 9 fte 39 fte

84% 92% 91% 102%

89%

De ingezette capaciteit in 2023 vergeleken met 2022 toont het volgende beeld

Grafiek 2

Ingezette capaciteit in fte’s in 2023

1. Vergunningen milieu

20

versus

2022

23 23 22

2. Toezicht milieu

35

3. BRIKS 4. APV

8

36

9 39

5. Juridisch en overig 0

10

20 2023

30

40

42 50

2022

Hieronder gaan wij dieper in op de vijf productgroepen Vergunningen milieu Deze productgroep valt uiteen in producten op het gebied van vergunningverlening voorzien van kengetallen en in adviezen zonder kengetallen. Daarom rapporteren we zowel het aantal producten als de ingezette capaciteit. In grafiek 3 zijn het aantal geplande vergunningen in 2023 versus het aantal gerealiseerde vergunningen in aantallen weergegeven.

13

Grafiek 3

Aantal vergunningen 2023

580

4V niet-vergunningplichtig

472 131

3V overige vergunningplichtig

60 123

2V IPPC agrarisch

64 26

1V IPPC industrieel

42 0

100 gepland

200

300

400

500

600

gerealiseerd

De gerealiseerde vergunningen is absoluut gezien lager dan vorig jaar. Vergunningen zijn echter veelal vraag gestuurd.

Actualisatie vergunning agrarische IPPC-bedrijven Al enige tijd loopt er een regionale aanpak / project voor de actualisatie van de vergunningen voor agrarische bedrijven die onder de IPPC-richtlijn vallen. De best beschikbare technieken zijn op Europees niveau aangepast en dan moeten bedrijven daar uiterlijk vijf jaar later aan voldoen. In onze regio zijn er zo’n 466 agrarische bedrijven die hier onder vallen. Vanwege dat grote aantal is voor een projectmatige benadering gekozen. De gemeenten hebben daarvoor in totaal 3,3 fte aan capaciteit opgenomen in het RUP. Daarvan is 47% gerealiseerd. Er zijn in totaal 35 vergunningen aangepast en 15 vergunningen ingetrokken. In grafiek 4 wordt de totale capaciteit zichtbaar gemaakt voor vergunningverlening.

14

Grafiek 4

Capaciteit in fte’s voor vergunningverlening

1,3

omzetting MBA

0,3 12,9

specialistisch advies

12,0 4,1

4V niet-vergunningsplichtig

5,2 2,7 2,1

3V overige vergunningsplichtig

3,9

2V IPPC agrarisch

2,5 0,6 0,7

1V IPPC industrieel 0,0

2,0 gepland

4,0

6,0

8,0

10,0

12,0

14,0

gerealiseerd

Ondanks dat er in aantallen in de categorie 4 V niet vergunningsplichtig minder is gerealiseerd dan begroot is er daar wel meer capaciteit ingezet dan begroot. Dit komt doordat er ook capaciteit benodigd was voor maatwerkvoorschriften (circa 0,3Fte) en uren voor overige milieu vergunningstaken (circa 2,5 fte). Dit is ook het geval bij IPPC industrieel. De omzetting naar MBA’s is een heel traject wat nog doorloopt de aankomende periode. Dit is ook de reden waarom de licenties voor VIA-tool, die wij hier onder andere voor hebben ingezet, hebben verlengd met een korte doorloop in 2024. In grafiek 5 is visueel weergegeven welke producten de grootste afwijkingen in uren vertonen ten opzichte van de planning. Het betreft hier zowel de producten die verantwoord zijn op aantallen maal kengetal als de producten die verantwoord zijn op uren.

15

Grafiek 5

Grootste afwijkingen gerealiseerde vergunningsuren t. o. v. de planning / het RUP 2023

De taken op het gebied van vergunningen en milieumeldingen zijn vraag gestuurd. Het aantal producten en uren betreft dan ook een prognose. In 2023 waren er minder werkzaamheden voor inrichtingen met een vergunningplicht en meer werkzaamheden voor inrichtingen met een meldingsplicht. 2V IPPC agrarisch Voor 2023 waren 20 revisievergunningen en 30 veranderingsvergunningen gepland. In werkelijkheid zijn er 9 revisievergunningen en 17 veranderingsvergunningen opgesteld. In werkelijkheid is er net zoveel capaciteit ingezet dan vorig jaar circa 2,5 Fte. 3V overige vergunningsplichtig Ten opzichte van vorig jaar is hier circa 0,6 fte meer op ingezet. Er is meer ingezet op revisievergunningen dan vorig jaar. Desondanks was er meer begroot. Er waren 22 revisievergunningen begroot en er zijn 14 revisievergunningen gerealiseerd. 16 Specialistisch advies en trillingen Een toets van geluid en trillingen komt het meeste voor bij ruimtelijke plannen en is dan geen basistaak. Ondanks dit gegevens is hier voor het merendeel van de partners in meer of mindere mate werk uitgevoerd. De advisering is voor 46% van de verwachte werkvoorraad in RUD-verband uitgevoerd. Opmerkelijk is dat voor één partner 1 fte aan werk gepland stond die niet is uitgevoerd binnen de RUD. Het is onbekend of deze

specialistische adviezen door de betreffende deelnemer en eventueel ook andere deelnemers wel is uitgevoerd, maar niet in de monitoring is opgenomen. Bovenstaande was ook al zo in 2022.

16

12 Specialistisch advies externe veiligheid Evenals voorgaand jaar blijkt dat de advisering op het gebied van externe veiligheid achterblijft bij de prognose. Voor dit vakgebied is de beschikbare expertise (ca. 1,5 fte) wel volledig ingezet. Er is formatieve ruimte maar vacatures blijken lastig in te vullen. 4V Niet vergunningsplichtig Zoals eerder aangegeven is dit jaar veel tijd ingezet op overige uren vergunningverlening

milieu. 15 Bodem, bouwstoffen en water Bodem en grondstromen is in 2023 door het merendeel van de deelnemers als taak ingebracht binnen de RUD. Er is meer tijd besteed dan vooraf geraamd. Deze hogere inzet is met name bij drie deelnemers gerealiseerd. Er zijn meer werkzaamheden in RUD-verband

uitgevoerd voor de afhandeling van meldingen van grondstromen en bodemenergiesystemen en er zijn meer adviezen afgegeven. Ten opzichte van vorig jaar is de inzet wel met circa 0. 4 fte verlaagd. De raming was ongeveer gelijk aan het jaar 2022. Deze taken komen in het basistakenpakket te vallen onder de Omgevingswet en zullen daarmee worden opgenomen in de probleem- en risicoanalyse en worden door vertaald in het RUP. 20 Milieuadvies bij ruimtelijke plannen Er is meer milieuadvies uitgebracht bij ruimtelijke plannen in 2023. Dit is een activiteit dat niet tot het basistakenpakker behoort. In 2023 is er één deelnemer geweest die deze werkzaamheden in RUD-verband heeft gerapporteerd, maar deze taak niet in het (R)UP 2023 had ingebracht. Daardoor is de overproductie ontstaan. Dit was eveneens het geval in het jaar 2022. Echter is er dit jaar 0. 3 fte meer ingezet dan in 2022.

Toezicht milieu Het milieutoezicht bestaat enerzijds uit het toezicht programma volgens de toezichtstrategie en anderzijds uit informatie gestuurd toezicht. De toezichtstrategie voor bedrijven met één of meer milieubelastende activiteiten bestaat uit het uitvoeren van periodieke, volledige controles met een risico gestuurde frequentie. In het RUP zijn producten in aantallen met bijbehorende kengetallen opgenomen, maar ook producten waar geen kengetallen voor zijn opgenomen. Deze producten worden in uren verantwoord. In grafiek 6 zijn het aantal geplande versus gerealiseerde toezichtcontroles weergegeven in

aantallen.

17

Grafiek 6

Aantal periodieke controles volgens toezicht programma 2023 98

handhavingscontrole

193

hercontrole

629

475

administratieve controle

188 0

deelcontrole overig

263

104 158

deelcontrole energie

204 795 790

volledige controle 0

100

200

300

gepland

400

500

600

700

800

900

gerealiseerd

Er zijn minder volledige controles uitgevoerd dan in 2022: 795 in 2023 tegenover 1175 in 2022. Hier was bij de planning, het RUP ook al rekening mee gehouden, aangezien er voor gekozen is om een deel van de toezichthouders in te zetten voor de omzetting van inrichtingen naar milieubelastende activiteiten. Die omzetting is voor 1625 bedrijven voltooid. Verder zijn er meer handhavingscontroles uitgevoerd dan verwacht. Voor een enkele casus van een last onder dwangsom of bestuursdwang moet soms veel vaker een inspectie ter plaatse uitgevoerd worden en dat leidt snel tot een toename van het aantal

handhavingscontroles. Ten opzichte van 2022 zijn het aantal uitgevoerde hercontroles nagenoeg gelijk. Naast aantallen voert de RUD ook producten uit die alleen geregistreerd worden op uren. Deze zijn hieronder in grafiek 7 weergegeven.

Grafiek 7 Ingezette formatie toezicht bij niet bedrijven t. o. v. de planning / het RUP 2023 Omzetting MBA

4,3

2,8

30T Advies na meldingen, klachten en ongewone voorvallen

4,0 3,7

26T Milieutoezicht bij sloop met asbest 11T Milieutoezicht opsporen milieucriminaliteit buitengebied

0,2

2,0 0,0

5,0

0,6

10T Toezicht op grondstromen, bouwstoffen en bodem

gepland

4,6

1,0

2,0

2,8 3,0

4,0

5,0

6,0

gerealiseerd

18

Het informatie gestuurd toezicht vindt plaats op basis van klachten en meldingen (30T) en er is gespecialiseerd toezicht naar aanleiding van meldingen van asbestsloop (26T) en de opslag en het gebruik van grond (10T). Deze laatste twee thema’s worden steeds meer op regionale schaal georganiseerd. Dit is een goede eerste stap in de richting van

ketentoezicht. Het toezicht op grondstromen, bouwstoffen en bodem (10T) is lager uitgekomen dan begroot. In het uitvoeringsprogramma was rekening gehouden met nieuwe (basis-) taken op het gebied van bodemsanering. Dat zijn taken waarvoor de provincie Limburg het bevoegd gezag is voor de meeste locaties en onder de Omgevingswet overgedragen worden aan gemeenten. Omdat de Omgevingswet in 2023 opnieuw werd uitgesteld zijn deze taken niet door de RUD LN uitgevoerd. Er is zelfs voor bijna 400 uur meer op ingezet dan in 2022.

Milieutoezicht bij sloop en asbest (26T). De inzet was begroot op de werkelijke inzet van 2022. Dit jaar is er in werkelijkheid meer werk op verricht. Het opsporen van milieucriminaliteit door middel van ketentoezicht (11T) is een basistaak. In onze regio zijn drugsdumpingen en mestfraude relevante thema’s. Dat wordt met gebiedstoezicht opgespoord. Het ontbreekt momenteel aan capaciteit bij de politie en het Openbaar Ministerie en waardoor er nog geen strafrecht wordt ingezet. De werkelijk ingezette formatie is nagenoeg gelijk aan het jaar 2022.

Tenslotte is een deel van de toezicht capaciteit besteed aan de omzetting van inrichtingen naar milieubelastende activiteiten. In paragraaf 2. 3. 3 wordt dit project nader omschreven.

BRIKS De afkorting BRIKS staat voor de producten die vallen onder bouwen, reclame, inritten,

kappen van bomen en slopen van bouwwerken. Het betreft de advisering op aangevraagde vergunningen voor de activiteit bouwen en slopen en activiteiten in de openbare ruimte. Uitgezonderd is het toezicht op sloop met asbest, deze is onder de productgroep toezicht milieu opgenomen. De BRIKS producten zijn uiteen te zetten in vergunningverlening en specialistisch advies en toezicht. Deze zijn apart in onderstaande grafieken opgenomen.

19

Grafiek 8 Ingezette formatie vergunningverlening planning / het RUP 2023 19 Specialistisch advies energie en klimaat

0,6 0,7

28V Advies m. b. t. gemeentelijke verordeningen

0,8 0,6

en

advies t. o. v. de

1,3 1,5

24 Specialistisch advies constructieve veiligheid

1,7

23 Specialistisch advies brandveiligheid

1,2 1,7

Overige adviezen

1,1 5,4

21V Vergunningverlening bouw (complex)

5,9 9,8

21V Vergunningverlening bouw (eenvoudig)

8,7 0,0

1,0

gepland

2,0

3,0

4,0

5,0

6,0

7,0

8,0

9,010,0

gerealiseerd

De BRIKS-taken worden voor een zestal deelnemers uitgevoerd. De resultaten zijn weergegeven zonder de generieke c. q. ondersteunende werkzaamheden zoals casemanagement en administratieve intake. Die zijn geregistreerd onder de

productgroep ‘Juridisch en overig’. Ondanks dat de activiteiten in deze productgroep in hoofdzaak geen milieutaken zijn, is er wel milieukundige expertise nodig om te toetsen aan de regels die betrekking hebben op de kwaliteit van de leefomgeving. Deze regels staan in onder andere het Bouwbesluit, de Wet Algemene bepalingen omgevingsrecht en het bestemmingsplan. Denk aan de bescherming tegen geluidsoverlast, maatregelen ten behoeve van externe veiligheid of beperking van emissies van schadelijke stoffen in de lucht. Vooral op vergunningverlening bouw eenvoudig is minder ingezet dan gepland. Ook ten opzichte van 2022 is er circa 1,5 fte minder op ingezet.

20

Grafiek 9

Ingezette formatie voor toezicht BRIKS t. o. v. de planning / RUP 1,6

Overig toezicht

0,1

Klachten, meldingen en ongewone voorvallen in de openbare ruimte

2,0 0,0

21T Toezicht bouwen en RO (eenvoudig) realisatiefase

1,4 2,4

21T Toezicht bouwen en RO (complex) realisatiefase

4,4 5,2 0,0

gepland

1,0

2,0

3,0

4,0

5,0

gerealiseerd

Opvallend is dat er voor klachten, meldingen en ongewone voorvallen in de openbare ruimte nagenoeg geen capaciteit is ingezet terwijl er 2 fte waren begroot. Dit ligt in lijn met 2022. Deze taak is door 4 deelnemers ingebracht. Doordat deze taken over afdelingen heen gaat is het mogelijk dat de deelnemers de werkelijke productie niet gerapporteerd hebben. De prioritering van het toezicht voor controles tijdens de realisatiefase is naar verwachting ook een reden dat – bij beperkte capaciteit – zeer beperkt preventief toezicht op bestaande bouw (overige toezicht) is uitgevoerd. Dit ligt in lijn met 2022. Het programma voor BRIKS is daarnaast lastig te plannen, aangezien dit marktafhankelijk is. Geconcludeerd kan worden dat de inschatting redelijk overeenkomt met de vraag. APV

Taken op grond van de Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) bestaan uit het afhandelen van vergunningen en toestemmingen voor activiteiten in de openbare ruimte en het toezicht daarop.

Grafiek 10 Ingezette formatie voor taken op grond van de APV t. o. v. de planning / het RUP 2023 6,1 5,9

45T Advies gebiedstoezicht 1,3 1,1

Vergunningverlening overig 0,6 0,6

Vergunningverlening drank- en horecawet

2,1

Vergunningverlening APV

1,5 0,0 gepland

1,0

2,0

3,0

4,0

5,0

6,0

gerealiseerd

21

Net als voorgaande jaren is er veel ingezet op advies gebiedstoezicht (45T). De inzet is net iets lager geweest dan gepland. De planning is echter fors bijgesteld ten opzichte van 2022. In werkelijkheid is er voor ruim 1 fte meer ingezet dan in 2022. Ook op vergunningverlening APV is dit jaar iets meer ingezet dan in 2022. Desondanks nog

wel lager dan gepland.

Juridisch en overig De juridische ondersteuning voor vergunningverlening en bij handhaving wordt ingezet zodra er besluitvorming moet plaatsvinden met rechtsgevolgen. Dat geldt voor het beschikken op een aanvraag, maar ook voor het besluit om een last onder dwangsom op te leggen of te innen. Het overzicht maakt geen onderscheid naar de grondslag van de besluiten. Overige taken bestaan uit ondersteunende werkzaamheden zoals intake, casemanagement, publiceren en dergelijke. In de productgroep zijn ook projecten en regionale activiteiten opgenomen. Onder de lokale projecten is ook het agrarisch IPPC project opgenomen voor twee deelnemers.

Grafiek 11 RUP 2023

Ingezette formatie voor juridisch advies t. o. v. de planning / het

1,5 1,5

Overige juridische ondersteuning

9,2

36T Juridisch Toezicht en Handhaving

10,8 6,0

36V Juridisch Vergunningverlening

7,4 0,0

2,0 gepland

4,0

6,0

8,0

10,0

12,0

gerealiseerd

22

Grafiek 12 Ingezette formatie voor generieke producten o. activiteiten t. v. de planning / het RUP 2023

en

regionale

8,6

lokale projecten

4,0 2,8

regionale projecten

2,0 4,0

landelijke projecten

5,0 6,4

Intake, casemanagement, publicatie

8,5 0,0

2,0 gepland

4,0

6,0

8,0

10,0

12,0

gerealiseerd

Op 36V en 36T is iets meer capaciteit ingezet dan in 2022. Op lokale projecten is ruim minder capaciteit, circa 5,7 fte, ingezet dan in 2022. De helft is ontstaan op het project actualiseren IPPC inrichtingen. Bij één deelnemer was hier formatie voor gepland maar lijkt er geen formatie op ingezet. Mogelijk dat de registratie nog niet juist is opgenomen. Op de overige lokale projecten is er één deelnemer geweest die deze taken niet had ingebracht maar er wel capaciteit op heeft verantwoord en één deelnemer waarbij dit

andersom geldt. De landelijke en regionale projecten zijn met name door 3 deelnemers ingebracht. Wat betreft intake, casemanagement en publicatie blijkt tenslotte dat verantwoording lastig is gebleken. Voor casemanagement zijn er drie deelnemers die deze taak niet hadden ingebracht maar hier wel capaciteit op hadden verantwoord. Voor intake waren dit twee deelnemers. Voor beschikkingen waren tenslotte drie deelnemers die deze taak wel hadden ingebracht maar geen capaciteit hadden verantwoord.

Algemene onderdelen Tenslotte wordt hieronder nog ingegaan op enkele algemene onderdelen. Dit jaar is 2% van het RUP via uitwisseling gerealiseerd. Dit is gelijk aan 2022. De uitwisseling heeft wel op alle vlakken plaatsgevonden, zowel op reguliere vergunningverlening en toezicht als op specialistische expertises, zoals bijvoorbeeld geluid,

bodem en cultuurhistorie. De krapte op de arbeidsmarkt is verder toegenomen in het afgelopen jaar. Het werven van gekwalificeerde medewerkers verliep moeizaam en vacatures bleven relatief lang open staan. Omdat er wel reguliere uitstroom plaatsvond (doorstroom, pensionering), werd de vacaturedruk hoger en moest vaak op inhuur worden teruggevallen en/of werkzaamheden 23

worden uitgesteld. De inhuur wordt opgenomen als eigen productie en heeft daarmee een “negatieve” invloed op het uitwisselingspercentage. De 2% uitwisseling wordt verrekend met de vastgestelde uurtarieven van de RUD LN. Hierdoor is ervoor circa € 366. 000 uitgewisseld. In 2022 was dit nog € 324. 000. Deze uitwisseling is zichtbaar in de jaarrekening, voor € 268. 000 onder het product Basismilieutaken, en voor € 98. 000 op het product Wabo-taken. Hoewel het bereiken van een hoog uitwisselingspercentage geen doel op zich is, geeft het wel een indicatie van de

onderlinge samenwerking weer. Het aantal controles bij milieu-inrichtingen waar één of meer overtredingen zijn geconstateerd was 15%. Dit percentage was in 2022 16%. De overige algemene onderdelen konden door personeelskrapte in verband met zieke medewerkers, dit jaar niet worden opgeleverd. Hierdoor kan de tabel prestatie-indicatoren dit jaar ook niet goed worden weergegeven.

2. 3. 2 Organisatie-brede opgaven Aan onderstaande thema’s is in 2023 speciale aandacht besteed.

Gezamenlijk VTH -systeem De RUD en haar deelnemers hebben samen een VTH systeem ingekocht dat werken onder de nieuwe omgevingswet mogelijk maakt. Het implementeren is inmiddels bij alle partners gebeurd. In deze applicatie kunnen we borgen dat we volgens dezelfde processen, en met dezelfde documenten werken. Uitwisseling van werk kan nu centraal in de ‘RUDomgeving’ van de applicatie gebeuren. Vanuit deze omgeving vindt ook de verplichte aanlevering van toezichtsresultaten aan de landelijke inspectieview plaats. Met deze centrale voorziening nemen ook de mogelijkheden voor voortgangsbewaking (dashboards), monitoring en kwaliteitsborging toe. Helaas kunnen door wijzigingen in de functionaliteiten nog niet alle mogelijkheden voor centrale voortgangsbewaking, monitoring en kwaliteitsborging van RUD-taken volledig benut worden. We hopen dit in 2024 op te lossen.

24

Omgevingsdiensten en het VT-stelsel Het Rijk heeft het afgelopen jaar samengewerkt en werkt nog steeds samen met de VNG, de IPO en ODNL aan het interbestuurlijk programma VTH (IBP). In het IBP zijn de 10 door de commissie van Aartsen voorgestelde maatregelen omgezet in acties binnen 6 pijlers, te weten: 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Robuuste Omgevingsdiensten en financiering Bestuursrechtelijke en strafrechtelijke handhaving en vervolging Informatievoorziening VTH Kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt Onafhankelijke uitvoering van toezicht en handhaving Monitoring kwaliteit milieutoezicht

Het kabinet heeft extra middelen beschikbaar gesteld voor de versterking van het VTHstelsel in de vorm van een specifieke uitkering, SPUK IBP. Eind 2022 is een voorzichtige start gemaakt. In 2023 is landelijk veel gewerkt aan pijler 1. Zo zijn er robuustheidscriteria opgesteld waaraan de omgevingsdiensten moeten voldoen. Voor 1 oktober hebben alle omgevingsdiensten een zelftoets moeten indienen bij het ministerie waarop getoetst werd aan welke criteria wel of niet voldaan werd. De vervolgstap was dat de omgevingsdiensten een plan van aanpak moeten opstellen, waarin duidelijk wordt hoe zij denken te gaan voldoen aan alle criteria om zo voldoende robuust te worden binnen het versterkte VTH stelsel. Dit plan dient uiterlijk 1 april 2024 bestuurlijk te zijn vastgesteld, waarna de uitwerking uiterlijk 1 april 2026 gereed dient te zijn. Op 21 december heeft het Algemeen Bestuur opdracht gegeven om een onafhankelijk adviseur dit plan te laten opstellen vóór 1 april 2024. De RUD LN moet met het plan een robuuste omgevingsdienst worden en dus voldoen aan de ontwikkelde criteria hiervoor. Wel is de bedoeling hierbij zoveel mogelijk de verworvenheden van de huidige organisatieopzet te behouden. Onder pijler 4 ‘Kennisinfrastructuur en arbeidsmarkt’ is in 2023 het project ‘Opleiding en kwaliteit’ uitgevoerd. De RUD LN heeft in dit project de projectleidersrol vervult.

Er zijn aanbevelingen gedaan voor het portfolio voor een meerjarig opleidingsplan voor de ODNL Academie voor 2025-2028. Hierin zijn aanbevelingen voor traineeships en de kwaliteitscriteria meegenomen. Deze aanbevelingen zijn ook opgenomen in het strategisch meerjarenplan van de ODNL Academie voor 2024-2028 en vormen een basis voor de aanbesteding van het meerjarig opleidingsplan, die start in 2024. De aanbevelingen m. bt. de kwaliteitscriteria worden door de projectgroep, die de kwaliteitscriteria 3. 0 opstelt,

verwerkt. Tenslotte is in 2023 veel ingezet op pijler 3 in het kader van scholing en opleiding van medewerkers. Op de overige pijlers is nog niet zo veel ingezet. Landelijk gezien is het project ook langzaam van start gegaan. Het ministerie heeft dan ook besloten om het project met een jaar te verlengen. Hier hebben wij gebruik van gemaakt, wat betekent dat wij in 2024 nog werkzaamheden voor het project kunnen verrichten en daarmee het nog niet bestede subsidiebedrag kunnen inzetten.

25

Plan van aanpak doorontwikkeling RUD Limburg Noord (PVA ODLN) In de begroting 2023 werd al aangekondigd dat er voor de opstelling van het plan van aanpak incidentele middelen nodig zouden zijn. Daarnaast zouden er naar waarschijnlijkheid ook structurele kosten uit voortvloeien. Voor het eerste deel was een begrotingswijzigingsprocedure aangekondigd. In december 2022 heeft het Algemeen Bestuur dan ook de begrotingswijziging definitief vastgesteld. De begroting voor 2023 is daarop aangepast, zodat er middelen beschikbaar waren voor de opstelling van het plan van aanpak. De verbeteringen in het plan van aanpak gingen in op de uitvoering en zijn gebaseerd op het aanpassen van onderdelen uit de bedrijfsvoering, de zogenaamde big-8. De onderdelen waar we ons op hebben gericht en richten, zijn: Kaders voor het uitvoeringsbeleid Verbeteren regionaal Uitvoeringsplan Monitoring van de uitvoering Kwaliteit van de uitvoering Sturing op uitvoering taken en financiën Aanpassing van de juridische basis (de GR) Voor het project was een projectorganisatie ingericht met tijdelijke externe ondersteuning. Na de zomervakantie is de inhuur beëindigd en wordt het resterend traject intern getrokken. De beschikbaar gestelde middelen waren zowel voor de externe ondersteuning, programmamanager en penvoerder, als voor inhoudelijke externe ondersteuning als ook voor een BI tool en een EVP dashboard.

Eind 2022 heeft de werkgroep RUP (regionaal uitvoeringsprogramma) de nieuwe werkwijze opgeleverd. In 2023 is deze verder uitgewerkt en heeft de werkgroep RUP de nieuwe werkwijze geïmplementeerd, zodat het RUP 2024 volgens de nieuwe wijze is opgesteld. Eveneens hebben zij gezorgd voor een centrale werkverdeling op het gebied van toezicht. In 2024 zal de werkwijze geïntegreerd moeten worden in het primaire proces, waardoor ook een team aangesteld zal moeten worden. Verder is in 2023, onder begeleiding van een externe, de Producten- en dienstencatalogus aangepast. De werkgroep sturing heeft tweede helft 2023 een voorstel gemaakt over de versterking van de sturing. Zij hebben een conceptadvies opgesteld. Deze zal in 2024 nog verder vormgegeven moeten worden, in gezamenlijkheid met het plan van aanpak dat opgesteld moet worden hoe de RUD LN robuust gaat worden. Een extern bureau heeft de opdracht gekregen om een EVP dashboard op te stellen. Deze zijn in samenwerking met het VTH kenniscentrum, dat de EVP’s voor de RUD LN uitvoert, aan de slag gegaan. In 2024 verwachten wij een eerste oplevering van het dashboard. Door de omstandigheden die de invoering van Rx. Mission met zich meegebracht heeft, heeft het nog niet geleid tot de invoering van een BI tool. Dit is al aangekondigd in de bestuursrapportage, waardoor het budget voor de tool is overgeheveld naar 2024.

26

Tenslotte heeft de externe ondersteuning in de vorm van de programmamanager haar taken in de zomer van 2023 afgerond en overgedragen aan de “stuurgroep” om de uitvoering verder uit te werken en de adviezen op te leveren. Door drukte in de gemeentelijke organisaties en de impact die het interbestuurlijk programma met zich mee heeft gebracht heeft dit nog geen concreet vervolg en verder uitwerking gekregen. Doordat taken dus doorschuiven naar 2024, is niet het volledige budget besteed. Omgevingsdiensten Nederland Het stelsel van omgevingsdiensten is mede door het IBP (interbestuurlijk programma) in een stroomversnelling gekomen. De vereniging van directeuren omgevingsdiensten (ODNL) ontwikkelt zich tot een centraal bureau dat kennisontwikkeling- en deling bevordert en dat als aanspreekpunt gaat werken voor landelijke partners en ontwikkelingen. De opzet van een centraal opleidingsinstituut (ODNL-Academy) is daar een voorbeeld van. In de ontwikkelfase van het bureau wordt sterk op de inbreng vanuit de 29 omgevingsdiensten geleund. De bijdrage vanuit de RUD LN is hier bescheiden aan. Visitaties

Als onderdeel van het IBP (pijler 6) is een methodiek ontwikkeld waarmee de sector zichzelf versterkt. Op basis van die methodiek worden alle omgevingsdiensten gevisiteerd. Naast een schriftelijke zelfevaluatie maakt ook een bezoek van een visitatiecommissie, onder leiding van een onafhankelijk voorzitter, onderdeel uit van de visitatie. Op 12 en 13 december 2023 werkt onze dienst bezocht. De commissie was behoorlijk kritisch en zal begin 2024 haar rapport uitbrengen. Ketensamenwerking Samenwerking in de keten gebeurt meestal door de lokale medewerkers van de aangesloten gemeenten. Er zijn slechts enkele onderwerpen waar dit op centraal niveau gebeurt. Voorbeelden hiervan zijn de aanpak van mestproblematiek in Brabant en Limburg (NVWA), de ontwikkeling van geografische tools voor externe veiligheid (Veiligheidsregio) en de dialoog over waterkwaliteit en lozingen (Waterschap). Arbeidsmarkt De krapte op de arbeidsmarkt heeft ertoe geleid dat vacatures bij de gemeenten en provincie niet altijd ingevuld konden worden en werkzaamheden door (duurdere) inhuur moest plaatsvinden. Deze krapte geldt niet alleen in onze regio, maar landelijk binnen het gehele VTH-domein en daarbuiten. De vooruitzichten zijn niet gunstig. Meer en complexere taken in een krappe arbeidsmarkt betekent: meer doen met minder mensen. Efficiency verhogen dus.

De nieuwe opzet van het RUP en de werkverdeling is een goede basis. De inhuur zal nu op basis van centrale afwegingen plaats moeten gaan vinden. Om dit goed te kunnen doen zal in 2024 een actuele probleem- en risicoanalyse nodig zijn en de implementatie van de sturing op de uitvoering van het RUP. We hebben aandacht voor de aanwezige kwaliteit en kennis bij de medewerkers. De RUD Limburg Noord investeert permanent in kennis, kunde en competenties van de medewerkers werkzaam binnen de RUD Limburg Noord. De RUD-academie verzorgt cursussen en trainingen gericht op de praktijk. Zo willen we de medewerkers blijven boeien en binden aan onze organisaties.

27

2. 3. 3 Vakinhoudelijke opgaven Omgevingswet De start is eindelijk gemaakt. Het takenpakket van de RUD LN valt vrijwel volledig onder de reikwijdte van de Omgevingswet. Vanuit de projectleiders overleggen Omgevingswet in Noord- en Midden Limburg vindt een terugkoppeling plaats naar de RUD LN. De veranderingen als gevolg van de Omgevingswet zijn legio en het zal meerdere jaren kosten om deze door te voeren. Naast een andere werkwijze, zit het hem veelal in de veranderingen in het gebruik van data. De data komt van de bevoegde gezagen (bron) maar wordt door het gebruik van inspectieview milieu gemakkelijker en voor meer partijen toegankelijk. Ook de burgers en bedrijven kunnen daardoor sneller inzage krijgen en dat is precies de bedoeling. Een andere werkwijze vraagt ook veranderingen in werkprocessen. Zo gaan we werken met milieubelastende activiteiten (MBA’s) in plaats van inrichtingen, verandert de vergunningplicht (meer algemene regels, minder vergunningen) en vinden er wijzigingen in het takenpakket van gemeenten en omgevingsdiensten plaats. In 2023 is er vanuit het project ‘Van inrichting naar MBA’s’ ter ondersteuning van de ombouw de VIA-Tool gebruikt. Het gebruik van deze tool loopt nog tot begin 2024 door.

Bodemtaken Na de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden daardoor onder meer provinciale bodemtaken overgebracht naar de gemeenten. Omdat het hierbij om basistaken gaat komen deze taken (behoudens de beleidsvorming) in het takenpakket van de RUD. In 2023 is er op basis van een eerder rapport binnen de kennisgroep bodem een werkwijze bedacht om de extra taken die met de start van de omgevingswet overgaan van de provincie naar de omgevingsdienst goed te kunnen oppakken. Daarbij wordt de benodigde formatie niet versnipperd over alle gemeenten maar gebundeld bij enkele deelnemers en worden de extra kosten hiervan met elkaar verrekend. Het betekent wel dat alle deelnemers de gestegen kosten, vanuit de taken waarvoor zij het bevoegd gezag zijn, moeten dragen. Het is nu eenmaal extra werk. De overgang van provincie naar gemeenten vraagt om een warme overdracht en tevens zal het bodeminformatiesysteem (BIS) moeten worden aangepast. Bouwen onder private kwaliteitsborging De Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen gaat gelijk met de nieuwe Omgevingswet in op 1 januari 2024. De gebeurt stapsgewijs. Dat geeft alle betrokken partijen de kans om ervaring op te doen met de nieuwe werkwijze voor toezicht in de bouw. De wet moet enerzijds de bouwkwaliteit een impuls geven, maar anderzijds geen verdere juridisering of kostenverhoging in de hand werken.

Met de wet wordt de positie van de particuliere en zakelijke bouwconsument versterkt. De invoering van deze wet betekent dat de technisch-inhoudelijke toetsing aan en toezicht op het Bouwbesluit 2012 voor de gemeenten grotendeels vervalt en er een aantal voornamelijk administratieve taken bijkomen. De bevoegde gezagen zijn verantwoordelijk voor deze taken. Enkele partners hebben deze taken ingebracht in de RUD Limburg Noord. In 2023 hebben gemeenten zich op de nieuwe werkwijze kunnen voorbereiden.

28

Toezicht op energiebesparing Het toezicht op energiebesparing wordt jaarlijks vastgelegd in het uitvoeringsprogramma. Bij het toezicht op de informatieplicht energiebesparingen, waarbij bedrijven moeten melden wat ze hebben gedaan aan (verplichte) energiebesparing, heeft de RUD LN vanaf 2020 ondersteuning gekregen van een externe partij (ReDo-groep, gefinancierd door het Ministerie van EZK). Deze financiering betrof de derde ronde versterkte uitvoering energiebesparings- en informatieplicht (VUE 3) die per 1 december 2023 is afgerond. In totaal is in de periode 2020-2023 landelijk 18,5 miljoen euro besteed. Hiermee heeft het toezicht op dit onderwerp een sterke stimulans gekregen. Voor het werkgebied van de RUD LN was € 825. 456 beschikbaar. Dit bedrag is echter niet via de RUD-begroting zichtbaar, aangezien EZK deze middelen rechtstreeks met ReDo heeft verrekend. De werkwijze was namelijk dat het bedrag verdeeld en geoormerkt per gemeente beschikbaar stond gesteld op een rekening bij het rijk. De coördinerende taken die vanuit de RUD zijn verricht zijn: het aan vragen van de middelen; het afstemmen met de gemeenten over de uit te voeren taken; het aanbesteden en opdracht verlenen aan een in te huren bureau (ReDo); het bewaken van de voortgang en indien nodig afstemmen met gemeenten; het accorderen van de uitgevoerde werkzaamheden door het externe bureau.

Na verkrijgen van het akkoord op de uitgevoerde werkzaamheden kon het externe bureau de kosten declareren bij het rijk. Met behulp van het ingehuurde bureau ReDo zijn we erin geslaagd om iets meer dan 97% van de budgetten te benutten. Meer informatie over de besteding van de rijksmiddelen is te vinden op de website van de versterkte uitvoering van de energiebesparingsplicht: https://vue. databank. nl Naast de VUE-regeling is eind 2022 ook de Specifieke Uitkering Toezicht en Handhaving Energiebesparingsplicht (SPUK-THE) beschikbaar gesteld, die ervoor zorgt dat er de komende jaren (looptijd 2022 – 2026) binnen de RUD’s structureel meer expertise voor energiebesparing binnen toezicht en handhaving kan worden opgebouwd. Met een onderbouwing in de vorm van een plan van aanpak heeft de RUD LN het maximale budget van € 2. 089. 929 aangevraagd. Om deze middelen te kunnen inzetten moet aan een aantal voorwaarden worden voldaan. Deze zijn: middelen moeten worden besteed aan additionele inzet merendeels in de vorm van medewerkers in dienst bij de RUD; middelen dienen te worden ingezet voor producten die zijn vermeld in de regeling; er dient (half) jaarlijks verantwoording te worden afgelegd over de besteding van

middelen; 40% van het budget moet aan het einde van het jaar minimaal zijn gespendeerd; Indien middelen niet voor de genoemde producten worden ingezet kan er worden teruggevorderd. Gelet op de eerste voorwaarde is besloten om een team energie-toezicht te verbinden aan de RUD LN. Vandaar dat eind 2022 gestart is met een eerste wervingsprocedure. Dit bleek nog niet zo eenvoudig te zijn. Er zijn meerdere gesprekken en bijeenkomsten georganiseerd. Dit heeft erin geresulteerd dat vanaf 1 oktober 2023 een coördinator energie voor circa 0,4 fte in dienst is genomen. Daarnaast hebben er afrondende

29

gesprekken met een viertal medewerkers plaatsgevonden. Drie medewerkers zullen samen voor 2,1 fte per 1-1-2024 in dienst treden van de RUD. De vierde medewerker zal later nog volgen. Dit is het eerste begin om de extra uitvoerende werkzaamheden uit te voeren. Doordat de werving langer heeft geduurd kon niet aan de voorwaarde dat 40% van het budget van 2022 en 2023 eind 2023 gespendeerd diende te zijn, worden voldaan. Hierover heeft in december een gesprek plaatsgevonden waarin het ministerie heeft aangegeven deze voorwaarde nog niet toe te passen, mits er een aangepast plan ingediend zou worden. Het aangepast plan is eind 2023 ingediend. Net als in 2022 zijn de voornaamste uitgevoerde werkzaamheden in 2023 dan ook van voorbereidende aard, zoals het bijstellen van het plan, de planning en de gehele wervingsprocedures. Het risico verbonden aan het in dienst hebben van personeel wordt niet binnen de SPUKgelden opgevangen waardoor dit in de risico-inventarisatie en het weerstandsvermogen meegenomen zal moeten worden.

Asbest Door de kennisgroep Asbest is gewerkt aan eenduidige werkwijze zoals de toepassing van gezamenlijke uitvoeringsrichtlijnen en standaardbrieven voor alle gemeenten binnen de RUD NL. Deze gelijke werkwijze geven niet alleen voordelen voor de toezichthouders die de asbestsaneringen op locatie controleren maar ook duidelijkheid aan diegenen die sloopmeldingen binnen RUD LN gemeenten indienen. Geluid Met het in werking treden van de Omgevingswet wordt de wet- en regelgeving over het milieuthema geluid ingrijpend gewijzigd. Daarbij staat voorop het voorkomen van onbeheerste groei van het geluid door verbetering van de bewaking van geluidniveaus en bescherming tegen cumulatie van geluid van verschillende geluidbronnen. De gemeenten krijgen er een aantal geluidtaken bij. Verder zal meer informatie-uitwisseling tussen afdelingen en andere bestuursorganen moeten gaan plaatsvinden én moet er een landelijk geluidregister komen. In 2023 is gewerkt aan het op orde brengen van de informatievastlegging. IPPC Veehouderijen Op 21 februari 2017 zijn er Europese regels voor het actualiseren van de toepassing van de best beschikbare technieken (BBT) voor IPPC-inrichtingen (veehouderijen) gepubliceerd. Op grond van deze publicatie heeft het bevoegd gezag een actualisatieplicht om binnen 4 jaar na publicatie (21 februari 2021) van de BBT-publicatie voor de IPPC-installatie vast te

30

stellen of de vergunningvoorschriften voldoen aan deze BBT-conclusies en indien nodig te actualiseren. Deze actualisatie loopt al enige tijd via een regionale aanpak / project. Ondanks enige achterstand is naar verwachting eind 2024 de actualisatie afgerond.

2. 4 Wat heeft het gekost? In onderstaande tabel zijn de totale baten en lasten opgenomen voor de uitvoering. In paragraaf 4. 2 als onderdeel van de jaarrekening is een nadere toelichting opgenomen op de

lasten en baten. Tabel 4 Taakveld

2023 primaire begroting

Lasten 1Programmauitvoering Basis- en milieutaken Projecten Wabotaken 2Coordinatiecentrum

2023

7 92. 000€ € 1 05. 000€ 21. 000€ 1. 107. 000€ 50. 000€ € € 2. 075. 000€

Baten 5Programmauitvoering Bestuurskosten Coördinatiecentrum 7Betalingsverkeer Onvoorzien Basis en milieutaken Projecten Wabotaken Totaal baten

21. 000€ 1. 107. 000€ € 50. 000€ 7 55. 000€ € 1 05. 000€ 2. 038. 000€

Resultaat Resultaat voor bestemming 6Onttrekking reserve 0. 10 mutaties reserves 6Storting reserve 0. 10 mutaties reserves Resultaat na bestemming

€ € € €

2023

BegrotingsSPUK Wijzigingen wijziging PVAregelingen*BERAP 2023

7. 4 milieubeheer € 7. 4 milieubeheer € 8. 3 wonen en bouwen € 0. 1 bestuur € 0. 4 overhead € 3Onvoorzien 0. 8 overige baten en lasten€ 4Vennootschapsbelasting0. 9 vpb € 7Betalingsverkeer 0. 5 Treasury € Totaal lasten €

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14426685/1