CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

2023.12.12 overzicht technische vragen en antwoorden

Gemeenteraad 12 december 2023, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Antwoorden technische vragen10.128 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Titel Vraag 0. Thema gemeentelijk accommodatiebeleid Afwegingskader en MJIP: •Hoe gaat de gemeente ervoor zorgen dat het Afwegingskader niet leidt tot overbodige bureaucratie en inmenging in particuliere initiatieven? •Op welke manier worden de criteria voor financiële bijdragen aan accommodaties vastgesteld, en hoe zorgt de gemeente ervoor dat dit eerlijk en transparant gebeurt? •In hoeverre zal de MeerJarenInvesteringsPlanning (MJIP) rekening houden met de principes van een kleinere overheid en financiële verantwoordelijkheid van particuliere initiatieven? 2.Nauwe afstemming met andere projecten: •Hoe kan de gemeente ervoor zorgen dat de afstemming met andere projecten niet leidt tot een te grote invloed van de overheid op lokale initiatieven? •In hoeverre wordt de input van lokale gemeenschappen meegenomen bij het afstemmen van het accommodatiebeleid op andere projecten? 3.Vitaal maatschappelijk middenveld: •Hoe gaat de gemeente ervoor zorgen dat het accommodatiebeleid de vitaliteit van het maatschappelijk middenveld ondersteunt zonder te veel inmenging? •Zijn er mechanismen ingebouwd om ervoor te zorgen dat het beleid niet nadelig uitpakt voor specifieke groepen of initiatieven? 4.Overcapaciteit van accommodaties: •Hoe gaat de gemeente om met de overcapaciteit van bepaalde accommodaties, en op welke manier zal dit leiden tot een efficiënter gebruik van middelen? •Op welke

manier zal de gemeente samenwerken met lokale verenigingen om de overcapaciteit aan te pakken zonder hun autonomie te beperken? 5.Ongelijke situaties en taakverdeling: •Hoe kan de gemeente de ongelijkheid in de taakverdeling tussen gemeente en verenigingen rechtvaardigen en verminderen? •Op welke manier zal de nieuwe taakverdeling bijdragen aan een evenwichtige samenwerking tussen de gemeente en lokale initiatieven? 6.Duurzaamheid en eigen bijdragen: •Hoe wordt duurzaamheid gestimuleerd zonder dat het tot buitensporige kosten leidt voor lokale verenigingen? •In hoeverre wordt er rekening gehouden met de financiële draagkracht van lokale verenigingen bij het verwachten van eigen bijdragen? 0.

Vragen RIB23_042: Als bij het accommodatiebeleid geclusterd gaat worden, heeft elk van de kernen nog voldoende voorzieningen? (waarom ja/nee) Wat heeft, vanuit college, de voorkeur bij de financiële herverdeling? Wat zijn criteria om te kiezen voor budgetneutraal of niet budget neutrale accommodatie? Hoe wordt gekeken of een accommodatie multifunctioneel kan zijn of hoemeer functies onder een dak of park gevestigd kunnen worden? Gemeentelijke Rol en Beleidskaders: In hoeverre wordt de rol van de gemeente in het accommodatiebeleid gedefinieerd, en hoe wordt voorkomen dat het te veel intervenieert in lokale initiatieven? Op welke manier worden de relevante beleidskaders geanalyseerd, en hoe zorgt de gemeente ervoor dat deze kaders de vrijheid van lokale verenigingen niet beperken? Actualisatieproces en Betrokkenheid van de Raad: Hoe wordt de betrokkenheid van de gemeenteraad gewaarborgd in het actualisatieproces, en op welke manier kunnen raadsleden invloed uitoefenen op de uitkomst? Is er ruimte voor directe input van lokale verenigingen en gemeenschappen, en hoe wordt ervoor gezorgd dat dit serieus wordt genomen in het proces? Vertegenwoordiging van Diverse Verenigingen: Hoe zorgt de gemeente ervoor dat diverse verenigingen, ongeacht hun omvang, gelijkwaardig worden vertegenwoordigd in het proces? Op welke manier wordt rekening gehouden met de verschillende behoeften en

mogelijkheden van kleine en grote verenigingen? Financiële Afwegingskader: In hoeverre wordt het financiële afwegingskader ontwikkeld met het oog op het behouden van financiële autonomie van lokale verenigingen? Wordt het financiële afwegingskader openbaar gemaakt, en zo ja, hoe wordt transparantie gegarandeerd om ervoor te zorgen dat lokale verenigingen de redenering achter financiële beslissingen begrijpen? Interactief Proces met Dorpen: Hoe wordt gegarandeerd dat het interactieve proces met de dorpen niet leidt tot een te grote betrokkenheid van de overheid en dat lokale autonomie wordt gerespecteerd? Op welke manier wordt rekening gehouden met verschillen tussen dorpen, en hoe wordt de vrijheid van elke gemeenschap gerespecteerd in het proces? Actualisatie Impact: Wat is de verwachte impact van de actualisatie van het accommodatiebeleid op lokale verenigingen, en hoe wordt ervoor gezorgd dat zij niet onnodig worden beperkt? Welke maatregelen worden genomen om ervoor te zorgen dat lokale verenigingen soepel kunnen blijven opereren zonder overmatige inmenging van de overheid?

Antwoord antwoord griffie: Deze vragen zijn geen onderdeel van het agendapunt 5 , de informatieve behandeling van de raadsvoorstellen van 19 december, maar van thema Gemeentelijk accommodatiebeleid. De vragen worden dan ook niet in deze app beantwoord. De vragen en antwoorden kunnen mondeling aan de orde komen tijdens de behandeling van het thema.

Portefeuillehouder Elbert Joosten

Fractie BVNL

Soort vraag Technisch

antwoord griffie: RIB 23.042 is al in de raadsavond van 23 mei behandeld en is enkel ter kennisname bij het thema Gemeentelijk accommodatiebeleid gevoegd. Het is dus geen onderdeel van het agendapunt 5 , de informatieve behandeling van de raadsvoorstellen van 19 december en de vragen worden dan ook niet in deze app beantwoord. De vragen en antwoorden kunnen mondeling aan de orde komen tijdens de behandeling van het thema.

Elbert Joosten

BVNL

Technisch

3,4 VINKENPAS

Perceel wordt omgezet van 'Agrarisch met waarden’ naar ‘Natuur’. 1 Waarom moet de dataset met kenmerk NL.IMRO.1507.SNVINKEPAS14-BPV niet aangepast te worden? 2 Welke eisen worden er gesteld dat dit perceel ook daadwerkelijk natuur wordt en hoe wordt dat gecontroleerd? 3 Welke natuurwaarden worden gerealiseerd en hoe wordt dat gecontroleerd?

1. Niet duidelijk is wat met deze vraag wordt bedoeld. Zowel het ontwerpbestemmingsplan alsook Eric Beurskens het vastgestelde bestemmingsplan moeten op de landelijke voorziening (www.ruimtelijkeplannen.nl) worden geplaatst. Hiervoor is een zogenaamde dataset nodig, waarin de bestanden zitten, die nodig zijn om het bestemmingsplan digitaal raadpleegbaar te kunnen maken op www.ruimtelijkeplannen.nl. Deze dataset heeft het 'NL.IMRO'- kenmerk. Het vast te stellen bestemmingsplan is ongewijzigd ten opzichte van het ontwerpbestemmingsplan. Daarom wordt de gemeenteraad voorgesteld om het bestemmingsplan ongewijzigd vast te stellen. 2. Door het vaststellen van het bestemmingsplan krijgt het perceel de bestemming 'Natuur' en worden de regels verbonden aan de natuurbestemming op het perceel van toepassing. De invulling van de natuurbestemming vindt plaats door de aanleg in instandhouding van de bij het bestemmingsplan behorende landschappelijke inpassing. Het Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo heeft met de grondeigenaren een overeenkomst gesloten waarin een kwalitatieve verplichting en een kettingbeding is opgenomen voor de instandhouding van de landschappelijke inpassing. Vanuit de gemeente vindt er geen fysieke controle plaats.

Wel zijn er afspraken met het Ontwikkelbedrijf Grernport Venlo waarin wij als gemeente worden bijgepraat over de ontwikkelingen binnen de klavers en de verwezenlijking van het landschapsplan waarbij wij als gemeente ook sturend op kunnen treden. 3. Ten aanzien van de te realiseren natuur is aansluiting gezocht bij het Landschapskader Noorden Midden-Limburg. In dat landschapskader is aangegeven welke natuurontwikkeling in het beekdal van de Kattenstaartse beek wenselijk is om de voor dat gebied aan de orde zijnde kernkwaliteiten te verbeteren. Als bijlage is het van belang zijnde deel uit het Landschapskader Noord- en MiddenLimburg toegevoegd. De natuurontwikkeling zoals met de landschappelijke inpassing wordt voorzien, sluit aan bij de natuurontwikkeling voor de beekdalen zoals beoogd in het landschapskader.

Perspectief HadM Technisch

3/4 vinckenpas

1.Er is een verschil tussen de verbeelding en de landschappelijke inpassing. Welke is correct.?

1. De verbeelding maakt onderdeel uit van het vast te stellen bestemmingsplan Vinkepas 13 en die Eric Beurskens is correct. Het landschappelijk inpassingsplan Is verdeeld in een drietal deelgebieden, te weten deelgebied A, B en C. Voor wat betreft deelgebied C, is de landschappelijke inpassing afhankelijk van het onderzoek dat nog loopt naar de mogelijke verlegging van de Kattenstaartsebeek,. Zie daarvoor ook paragraaf 4.2 van de toelichting van het bestemmingsplan. Door nu deelgebied C alvast mee te nemen in de natuurbestemming wordt alvast voorgesorteerd op de toekomstige natuurinvulling van dit perceel. 2. Bij beide bestemmingsplannen Vinkepas 13 en 14 blijft het eigendom van de gronden bij de huidige eigenaren. Het Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo heeft met beide eigenaren een overeenkomst gesloten voor de vestiging van een kwalitatieve verplichting met daarbij een kettingbeding voor het onderhoud en de instandhouding van de natuur. Met deze overeenkomst en daarbij het vaststellen van een natuurbestemming is voor de toekomst gezekerd dat deze gronden de natuurbestemming behouden en de te realiseren robuuste groenstructuur als compensatie voor de ontwikkeling van de bedrijventerreinen binnen het Klavertje 4-gebied in stand blijft. 3.

Het Ontwikkelbedrijf Greenport Venlo financiert de bestemmingsplannen voor de locatie Vinkepas 13 en 14 en financiert ook de aanleg van de natuur. 4. Nee, er is geen financiële afdracht verbonden aan het wijzigen van het agrarisch bouwvlak in een woonbestemming Het gaat immers om een bestaande woning, die in plaats van een agrarische bedrijfswoning een burgerwoning wordt. Normaal gesproken kan een agrarisch bouwvlak met een in het bestemmingsplan opgenomen wijzigingsbevoegdheid worden gewijzigd in een woonbestemming. In de Structuurvisie is uitdrukkelijk bepaald dat bij toepassing van een wijzigingsbevoegdheid géén financiële bijdragen gelden. Voor de locatie Vinkepas 13 is gekozen voor een bestemmingsplan omdat het plan niet alleen voorziet in het wijzigen van het agrarisch bouwvlak in een woonbestemming maar ook voorziet in het wijzigen van een deel van het achterliggend perceel in de bestemming 'Natuur'. Voor het wijzigen van een agrarische bestemming in een natuurbestemming gelden op grond van de Structuurvisie geen financiële afdrachten.

Essentie

Technisch

BVNL

Politiek

2.Wie is uiteindelijk eigenaar van de grond waar de natuur op wordt gecreëerd? 3.Wie financierde de bestemmingsplan procedure, aanplant, ed ? 4. De woning plus omliggende grond krijgen de bestemming burgerwoning. Zijn hier ook financiële afdrachten aan verbonden, net als bij nieuwbouw met bestemmingswijziging in het buitengebied?

4. Voorstel tot het vaststellen van het bestemmingsplan Vinkepasdat 14er temet Sevenum: -Er wordt aangegeven Greenport Venlo afspraken zijn gemaakt voor realiseren van natuur. Wanneer zal Greenport Venlo dit uitvoeren? -Welke stappen gaat de gemeente zetten, bij het steeds meer verdwijnen van agrarische grond, om onze voedselzekerheid te waarborgen? -Is de gemeente er zich van bewust dat het verdwijnen van agrarische grond nog meer kan betekenen?

Eric Beurskens

5 krediet Debije Hegelsom

Ad1. Dat was ook het uitgangspunt. Helaas is de stichting tegen onvoorziene zaken aangelopen en Elbert Joosten heeft zij te maken gekregen met kostenstijgingen die zij zelf, ondanks diverse maatregelen (besparingen, acties etc), niet kon oplossen. Daarnaast wil zij aanvullend in duurzaamheid investeren. Ad 2. Vanwege de maatschappelijke meerwaarde van zaal Debije voor het hele dorp. Nagenoeg alle verenigingen maken straks gebruik van het gerenoveerde, duurzame gebouw. Een aanwinst voor het dorp. De stichting heeft gepoogd het tekort zelf op te lossen maar is daar ten dele in geslaagd. Zij is niet in staat een aanvullende financiering af te sluiten omdat de druk op de exploitatie te zeer toeneemt. Ad 3. Elke 8 weken vindt er een voortgangsoverleg plaats met de stichting waarin de stand van zaken wordt besproken en eventuele knelpunten. Dit is gestart na besluitvorming door uw raad in juli 2022. In het eerst kwartaal van 2023 informeerde de stichting ons over gestegen prijzen en onvoorziene zaken. Haar streven was om dit zelf op te vangen (bezuinigen, acties etc). Dit bleek slechts gedeeltelijk mogelijk. Rond de zomer zijn we daarom gestart met een onderzoek naar een aanvullende garantstelling of lening. Dat bleek ook niet haalbaar zonder dat de exploitatie van de stichting te zeer onder druk werd gezet. Ook het gemeentelijk risico nam daarmee toe. Ad 4.

De raad verstrekt een krediet. Het college van B&W verleent vervolgens een investeringssubsidie aan de stichting Parochiehuis Hegelsom. Ad 5. Elke aanvraag wordt kritisch bekeken: is er sprake van een maatschappelijke meerwaarde, wat is nodig, wat kan de stichting zelf, wat is basis en wat is extra etc. etc. Dat bespreken we met de aanvrager. Ook de financieringsopzet wordt geanalyseerd: is er sprake van een reële raming, ontbreken er posten, is er een post onvoorzien etc. Ondanks deze zorgvuldige voorbereiding kan er toch sprake zijn van onvoorziene zaken of te laag begrote posten. Ad 6. Het aanvullende krediet van € 203.000 komt op de gemeentelijke balans te staan en wordt via de omslagrente van 1% gefinancierd. Ad 7. De stichting werkt met contracten o.b.v. offertes. Tijdens een bouwproject kan er echter altijd sprake zijn van onvoorzien meer -en minderwerk. Daarnaast vormden voor de subsidie-aanvraag medio vorig jaar geoffreerde prijzen uit 2022 de basis. Deze prijzen bleken in 2023, toen de opdracht werd gegund fors hoger. Ook de sloop bracht tegenvallers tegen het licht. Hiertoe had de stichting een post onvoorzien in haar begroting. Deze blijkt echter niet voldoende groot om deze tegenvallers op te vangen. Ad 8. Gereserveerde budgetten voor de afwerking en inrichting zijn nu ingezet om de bouw af te ronden. Dat betekent dat gelden hiervoor nu ontbreken.

Dat doet afbreuk aan de vernieuwde accommodatie em de vele inspanningen van vrijwilligers. 5. Raadsvoorstel 5 Zaal Debije Eerder is €750.000 subsidie verleend plus voor €1.000.000 garant gestaan en nu opnieuw wordt Ad 1. Tijdens een bouwproject kan er altijd sprake zijn van onvoorzien meer -en minderwerk omdat Elbert Joosten €203.000 gevraagd omdat de verbouwing hoger uitvalt. De aannemer heeft een offerte met vaste bijvoorbeeld zaken niet of te laag zijn begroot. Voorafgaand aan de sloop is bijvoorbeeld een bouwsom neergelegd. visuele inspectie in het pand uitgevoerd. Op basis hiervan is een kostenraming opgesteld. Deze 1)Hoe kan het dat er nu toch nog onvoorziene werkzaamheden zijn? kostenraming bleek te laag. Dat had onder andere te maken met leidingwerk dat werd aangetroffen 2)Is er garantie dat er niet nog een keer aanvullend geld nodig is? in en om het gebouw en vervangen diende te worden. Daarnaast bleek het pand in een slechtere 3)Onvoorziene werkzaamheden keuken €85.000. staat te zijn dan voorzien. Hiertoe had de stichting een post onvoorzien in haar begroting. Deze A Hoezo waren deze niet voorzien? blijkt echter niet voldoende groot om deze tegenvallers op te vangen. B Is dit meerwerk? Ad 2. Met deze aanvullende subsidie kan de verbouwing worden afgerond.

Eventuele resterende Er was een post onvoorzien in het oorspronkelijke plan, waarom is deze niet toereikend? tekorten dient de stichting zelf op te lossen. 4)Deze extra kosten leveren een kostenbesparing op in de toekomst. Kan dit extra bedrag dan niet Ad 3a Tijdens de voorbereidingen voor de bouw bleken er kansen te liggen om slim om te gaan terugbetaald worden uit die besparing? Met andere met de geproduceerde warmte uit de keuken en deze als verwarming te gebruiken. Dit komt in de woorden: de gemeente schiet het bedrag voor, maar Debije betaalt dit terug met het bedrag van stook/ verwarmkosten ten goede. Tevens is het beheersen van de temperatuur als ook de de kostenbesparing over de komende 10 jaar. luchtkwaliteit hiermee verbeterd. 5) Bestrating openbare ruimte €20.000 Ad 3b. Deze werkzaamheden waren niet meegenomen in de opdracht voor de keuken en daarom Waarom zijn die werkzaamheden en kosten eerder niet meegenomen in het plan? is er sprake van meerwerk. De post onvoorzien bood ook onvoldoende ruimte. 4. De optie om een aanvullende garantstelling of lening te verstrekken hebben we onderzocht. Dat bleek niet haalbaar zonder dat de exploitatie van de stichting onder druk werd gezet. We zien dat een gezonde exploitatie van een gemeenschapsaccommodatie lastig is.

Dat is ook gebleken uit onze rondgang bij de besturen in het kader van de actualisatie van ons accommodatiebeleid. Reserveren voor groot onderhoud is vaak een sluitpost. Deze investering geeft ruimte in de exploitatie om ook afdoende voor bijvoorbeeld groot onderhoud te reserveren. 5. Tijdens de sloop is niet geregistreerd leidingwerk aangetroffen. Herstel c.q. verleggen hiervan en aanleg van terras leidden tot meerkosten in het herstel van de bestrating . Ook het herstel van de bestrating op gemeentelijk terrein was vooraf onvoldoende begroot. 5. Raadsvoorstel 5: Parochiehuis Hegelsom Elbert Joosten 1. Als extra verduurzamingsmaatregel wordt een warmtewisselaar toegevoegd. Waarom is deze Ad 1. Tijdens de voorbereidingen voor de bouw bleken er kansen te liggen om slim om te gaan aanpassing niet voorafgaand gepland en begroot? met de geproduceerde warmte uit de keuken en deze als verwarming te gebruiken. Dit komt in de 2. Wat is het gevolg als de warmtewisselaar niet wordt toegevoegd (zowel voor de begroting als de stook/ verwarmkosten ten goede. Tevens is het beheersen van de temperatuur als ook de extra kosten voor het gemeenschapshuis) luchtkwaliteit hiermee verbeterd. 3. Zijn andere verduurzamingsmaatregelen onderzocht? Ad 2. Er is geen sprake van duurzaam hergebruik van opgewekte warmte. Er zijn geen voordelen 4.

In de aangepaste begroting zitten nog steeds een aantal onzekerheden (subsidies die nog niet in de exploitatie. zeker zijn en ramingen). Hoe gaat het college ervoor zorgen dat er niet over een tijd alsnog een Ad 3. Er zijn meerdere opties onderzocht. Het toepassen van een wamtewisselaar bleek op basis aanvullende financiering wordt gevraagd? van een advies van een derde de beste oplossing. 5. Waarom is de bestrating niet al vooraf begroot? Ad 4. De fondswerving loopt. Enkele subsidies zijn al toegezegd. Eventuele resterende tekorten dient de stichting zelf op te vangen. Ad 5. Tijdens de sloop is niet geregistreerd leidingwerk aangetroffen. Herstel c.q. verleggen hiervan en aanleg van een terras leidde tot meerkosten in het herstel van de bestrating. 1. Iets meer dan 1 jaar geleden heeft de stichting aangegeven dat alle overschrijdingen voor rekening van de stichting waren. Wat is de waarde van die uitspraak? 2. Waarom is het College bereid dit toch te gaan betalen. 3. Sinds wanneer is de overschrijding bekend. Graag onderbouwd met de relevante documenten. 4. Is er sprake van een krediet of een subsidie? 5. Hoe wil het College dit soort zaken in de toekomst voorkomen, met in het achterhoofd het Gasthoes. 6. Tegen welke rente wordt de subsidie gefinancierd. 7. Waarom is niet gekozen voor het afsluiten van contracten met aanneemsommen. 8.

Is er concreet inzichtelijk wat voor gevolgen het heeft voor de stichting wanneer er geen gelden worden vrijgemaakt?

Perspectief HadM Technisch

Hart voor HadM

Technisch

PvdA

Technisch

5. Voorstel tot verstrekken een krediet van-Wat 203.00 aan Stichting Parochiehuis Hegelsom: is de terugverdientijd van de 85.0000 euro voor de warmtewisselaar? oMet welke tarieven wordt hier gerekend bij de terugverdientijd? -Hoeveel offertes zijn er opgevraagd voor deze warmtewisselaar? -Zijn er alternatieve mogelijkheden onderzocht? -Welke rente zal de gemeente vragen voor de 203.000 euro lening? -Hoe wordt het maatschappelijk risico zo laag mogelijk gehouden?

Elbert Joosten ad 1. ca 5 jaar (afhankelijk van de energieprijzen) ad 2. De gecontracteerde tarieven van de energieleverancier. Indien gewenst kunnen we deze aanvullend opvragen bij de stichting. Ad 3. De stichting is verplicht het gemeentelijk aanbestedingsbeleid te volgen. Voor werken van deze omvang mag zij enkelvoudig onderhands aanbesteden. Ad 4. Alternatieve mogelijkheden zijn onderzocht. Deze optie bleek het best passend, ook qua rendement. Ad 5. De gemeente verstrekt geen geldlening aan de stichting dus is er ook geen sprake van rente. Ad 6. We hebben een eerste recht van hypotheek gevestigd op het pand. Daarnaast ontvangen we een risico-opslag voor de verleende garantstelling.

BVNL

Technisch

5. Vragen raadsvoorstel 5. Parochiehuis Hegelsom 1. De oorspronkelijke begroting had ook een post onvoorzien. Hoe kan het dat deze post ontoereikend is gebleken?

Essentie

Technisch

6 WMO verordening

Perspectief HadM Technisch

Ad 1. Tijdens een bouwproject kan er altijd sprake zijn van onvoorzien meer -en minderwerk omdat Elbert Joosten bijvoorbeeld zaken te laag of niet zijn begroot. Voorafgaand aan de sloop is bijvoorbeeld een visuele inspectie in het pand uitgevoerd. Op basis hiervan is een kostenraming opgesteld. Deze 2. De duurzaamheidsmaatregelen hebben een positieve uitkomst op de exploitatie. Hoe groot is kostenraming bleek te laag. Dat had onder andere te maken met leidingwerk dat werd aangetroffen deze positieve uitkomst? Kan door deze positieve uitkomst het bedrag voor de in en om het gebouw en vervangen diende te worden. Daarnaast bleek het pand in een slechtere duurzaamheidsmaatregelen niet worden geleend i.p.v. als subsidie worden verstrekt? staat te zijn dan voorzien. Hiertoe had de stichting een post onvoorzien in haar begroting. Deze blijkt echter niet voldoende groot om deze tegenvallers op te vangen. 3. De oorspronkelijke verbouwing is gedaan met een vaste aanneemsom. Hoe kan het dat de Ad 2. Samen met de stichting hebben we gekeken naar de mogelijkheid het tekort op te vangen stijging van de kosten dan bij de stichting/gemeente komt te liggen en niet bij de aannemer? Is er door de huidige lening, waar wij als gemeente garant voor staan, te verhogen van € 1.000.000 naar hier sprake van aanvullende wensen en eisen i.p.v. een toename van de bouwkosten? € 1.200.000.

Dat kost de gemeente niets. We zijn van mening dat de extra kosten van een aanvullende lening van € 200.000 (ca. € 15.000 per jaar) de exploitatie van het gemeenschapshuis 4. Waardoor komt deze aanvraag nu naar de raad? Was dit al eerder bekend binnen het huis? Is zodanig onder druk zet dat dat dit niet verstandig is om te doen. Het risico dat onze garantstelling het college ‘in control’ geweest tijdens dit proces? Als het college niet ‘in control’ is geweest, hoe voor de lening van € 1 mln. uiteindelijk zou worden aangesproken zou ook flink toenemen kunnen we dit in de toekomst beter doen? Ad 3. Tijdens een bouwproject kan er altijd sprake zijn van onvoorzien meer -en minderwerk. Daarnaast vormden voor de subsidie-aanvraag medio vorig jaar geoffreerde prijzen uit 2022 de 5. Er wordt gesproken van aanvullende fondsenwerving. Wat gebeurt er als deze fondsen niet basis. Deze prijzen bleken, bij contractering van de aannemer in 2023 fors hoger. Onder andere worden geworven? hiertoe had de stichting een post onvoorzien in haar begroting. Deze blijkt echter niet voldoende groot om deze en andere tegenvallers op te vangen. 6. In het plan zijn de extra kosten €203.000. Echter wordt er gesproken over een verlaging van de Ad 4. Elke 8 weken vindt er een voortgangsoverleg plaats met de stichting waarin de stand van kosten van €70.000 door zelfwerkzaamheden door de stichting.

We zien deze afname van de zaken wordt besproken en eventuele knelpunten. Dit is gestart na besluitvorming door uw raad in kosten nergens terug. Welke kosten zijn hierdoor weggevallen? juli 2022. In het eerst kwartaal van 2023 informeerde de stichting ons over gestegen prijzen en onvoorziene zaken. Haar streven was om dit zelf op te vangen (bezuinigen, acties etc). Dit bleek 7. Zijn er bij het college meer projecten bekend waarbij we een extra kredietaanvraag kunnen slechts gedeeltelijk mogelijk. Rond de zomer zijn we daarom gestart met een onderzoek naar een verwachten? aanvullende garantstelling of lening. Dat bleek ook niet haalbaar zonder dat de exploitatie van de stichting onder druk werd gezet. 8. Is er de mogelijkheid om te bezuinigen op de verbouwing i.p.v. een extra krediet te verstrekken? Ad 5. De stichting heeft dan beperktere middelen voor de inrichting van haar pand. Versobering van de inrichting danwel uitstel van bepaalde investeringen is dan noodzakelijk. Ad 6. De besparingen zijn al verdisconteerd in alle kosten die begroot zijn. De eigen werkzaamheden bestaan uit door vrijwilligers uitgevoerde sloopwerkzaamheden, verfwerk, kabels trekken en zelf gebouwd interieur. Als deze werkzaamheden aan derden waren uitbesteed, waren deze kosten vele malen hoger. Ad 7. Politieke vraag Ad 7.

Wanneer bij projecten er onverwachte meerkosten zijn, wordt altijd gekeken of dit binnen de beschikbare middelen opgelost kan worden. Daar waar mogelijk wordt dit dan ook gedaan. Als dit niet het geval/toereikend is, zal er altijd een kredietvoorstel met onderbouwing naar de raad komen. Zoals b.v. bij project Weisterbeek, zoals gisteravond toegelicht. Er zijn op dit moment geen lopende projecten waarvoor eerder al een kredietaanvraag is goedgekeurd, waarvoor een extra kredietaanvraag in voorbereiding is. Ad 8. Diverse maatregelen zijn al genomen (extra fondswerving, crowdfunding etc). Verder bezuinigen is niet meer mogelijk. Roy Bouten De vraag die je zou kunnen stellen is of het niet veel wenselijker zou zijn om die eigen bijdragen te 1. Klopt, het zou wenselijker zijn om de eigen bijdrage inkomensafhankelijk te maken. Volgens de differentiëren naar inkomensniveaus. Dit zou voordelen kunnen hebben. Je belast de mensen die wet mag dit nu niet. Het (demissionair) kabinet heeft aangegeven een inkomensafhankelijke eigen het prima kunnen betalen hoger. bijdrage voor de Wmo te willen invoeren vanaf 1 januari 2026. Dit biedt je de mogelijkheid om de eigen bijdrage voor het sociale minimum en inkomens tot 2. Als er een inkomensafhankelijke eigen bijdrage komt, wil het kabinet inderdaad een inname van bijvoorbeeld 130 of 150% van het sociaal minimum te bevriezen op het huidige niveau.

Per saldo het gemeentefonds, omdat gemeenten meer inkomsten krijgen uit de eigen bijdrage. zal het voor de gemeente meer inkomsten genereren. 3. De omgekeerde toets houdt in dat we we bij een hulpvraag van de inwoner eerst gaan kijken 1 Klopt deze aanname? naar wat de inwoner nodig heeft. Daarbij stellen we de vraag welk effect de inwoner wil bereiken. 2 De vraag is dan ook gerechtvaardigd of de stijging aan inkomsten voor gemeenten niet gekort Daarna gaan we kijken of dit past binnen de grondwaarden (dit is de reden dat de wet is gaat worden op het Gemeentefonds? geschreven) van de diverse wetten (Wmo, Jeudwet, Participatiewet etc). De grondwaarde van bijvoorbeeld de Wmo is 'meedoen aan het maatschappelijk leven'. Tevens worden meerdere Omgekeerde toets verordeningen (o.a. jeugd, participatie, schulphulpverlening, leerlingenvervoer, wmo) 3 Wat gaat werkelijk veranderen tov de huidige situatie? samengevoegd tot 1 verordening voor het sociaal domein. Alles wordt tevens in begrijpbare taal 4 Waarom nu het item omgekeerde toets in dit raadsvoorstel? geschreven. 4.

Er is bewust gekozen om de omgekeerde toets uitdrukkelijk in voorstel terug te laten komen (zoals ook gebeurd is in de re-integratieverordening participatie in mei 2023): zo laten we de verbinding zien met het transformatieplan sociaal domein (waar de omgekeerde toets een onderdeel van is), geven we een doorkijkje in wat nog komen gaat (omgekeerde toets) in de toekomst en leggen we uit waarom nu met een aanpassing van de verordening Wmo komen vanaf 1-1-2024.

6. 06a rv Verordening Wmo

6. Raadsvoorstel 6 WMO

6. Voorstel tot vaststellen bedrag Wmo

6. WMO verordening

6. WMO verordening

6. WMO verordening

7 Delegatiebesluit Omgevingsplan

Dit betekent dat we bij een hulpvraag van de inwoner eerst gaan kijken naar wat de inwoner nodig Roy Bouten heeft. Daarbij stellen we de vraag welk effect de inwoner wil bereiken. Daarna gaan we kijken of dit past binnen de grondwaarden (dit is de reden dat de wet is geschreven) van de diverse wetten (Wmo, Jeudwet, Participatiewet etc). De grondwaarde van bijvoorbeeld de Wmo is 'meedoen aan het maatschappelijk leven'. Roy Bouten Aanvrager moet zelf behandelplan opstellen. In de beantwoording van de vragen wordt uitgegaan dat er met behandelplan het pgb-budgetplan 1)Wat als aanvrager zelf niet kan aangeven welke hulp aanvrager nodig heeft, is dan bedoelt wordt. We kennen namelijk geen behandelplan voor pgb. cliëntondersteuner bevoegd het behandelplan te schrijven? 1. Ja, bij een pgb-budgetplan kan er hulp van een ander worden ingeschakeld (bijvoorbeeld een 2)Zo nee, wie doet het dan? cliëntondersteuner) bij het invullen. 3)Aanvrager moet altijd zelf om een PGB vragen. Waarom wordt aanvrager niet direct de keuze 2. n.v.t. voorgelegd? 3. De inwoner heeft altijd een keuze voor een pgb of zorg in natura (ZIN). Voor een pgb moeten 4)Het is wettelijk geregeld dat een hulpvrager zelf de keuze heeft voor hulp in natura of PGB. echter wel de budgethouder pgb-vaardig zijn én een pgb budgetplan worden opgesteld.

We Waarom heeft Horst aan de Maas ervoor gekozen de inwoners niet op de hoogte te stellen van stimuleren in Horst aan de Maas het gebruik van zorg via zorg in natura. deze keuze? 4. We gaan eerst uit van de (hulp)vraag van de inwoner en doen hier onderzoek naar. Daarna komt pas de de vorm van hulp (ZIN of pgb) aan bod. Via de website van de gemeente kunnen inwoners alle informatie zien over een pgb. Deze informatie geven we uiteraard ook aan de inwoner aangeeft een pgb te willen. Roy Bouten . Het lijkt uit het raadsvoorstel een technische aangelegenheid om het bedrag te verhogen. Echter Sinds de invoering van het abonnementstarief in 2020 is er nooit een indexatie geweest van de zijn gemeentes hier niet toe verplicht. Wat is de onderbouwing voor het verhogen van dit bedrag? eigen bijdrage (dit tarief is vast blijven staan op €19,- per maand). Dit terwijl er de afgelopen jaren wel sprake is geweest van inflatie. De reden van de verhoging van het bedrag is dus dat kosten voor de voorzieningen stijgen. Bij het raadsvoorstel staat dat de wijzigingen van de hoogte pgb’s sociaal netwerk bewust nog niet Volgens jurisprudentie geldt de uitspraak van de CrvB alleen voor nieuwe pgb's sociaal netwerk en Roy Bouten zijn meegenomen in de verordening Wmo. Er wordt aangegeven dat het nieuwe tarief –conform niet voor lopende pgb's sociaal netwerk.

Als budgethouders met een lopende indicatie zich melden uitspraak CRvB- voor alle nieuwe indicaties gaat gelden. Wat als budgethouders die al een lopende krijgen zij dus geen verhoging. indicatie hebben zich melden en om een verhoging vragen? Hebben zij dan ook recht op een verhoging conform de jurisprudentie? Roy Bouten De verordening Wmo wordt in 2025 vervangen door de omgekeerde toets. Tot die tijd blijft artikel Het is correct dat enkel het tarief bij nieuwe indicaties pgb's sociaal netwerk wordt aangepast. De 14 lid 4 van de verordening naar wij begrijpen ongewijzigd. Dat artikel klopt strikt genomen toch niet verordening Wmo klopt voor nieuwe pgb's sociaal netwerk dan ook niet. Er is gekozen om dit punt meer sinds de uitspraak van de CRvB, nu het wettelijk minimumloon niet meer volstaat voor pgb’s mee te nemen in de verordening in 2025, omdat we de werkwijze in praktijk in lijn is met die van de sociaal netwerk (begeleiding en HH)? Is het correct dat als enkel het tarief bij nieuwe indicaties uitspraak van het CrvB. pgb’s wordt aangepast en de verordening verder ongewijzigd blijft op dit punt, de verordening juridisch gezien niet klopt? Waarom wordt er dan toch voor gekozen dit punt pas in 2025 te wijzigen? Roy Bouten Sinds de inkomenstoets is vervallen, vragen steeds meer rijkere hulpbehoevenden huishoudelijke hulp aan bij hun gemeente.

Het aantal hulpbehoevenden met een hoger inkomen dat gebruikmaakt van huishoudelijke hulp, is sinds 2019 flink toegenomen. Hoe ontwikkelt deze trend zich in Horst aan de Maas? Wat is de visie van het college op deze ontwikkeling? Zeker in het kader van zelfredzaamheid en eigen kracht. Thijs Kuipers 1 Is af te dwingen dat de raad bevoegdheid blijft houden over ingrijpende ontwikkelingen, zoals 1.Is af te dwingen dat de raad bevoegdheid blijft houden over ingrijpende ontwikkelingen, zoals beschreven bij de kanttekeningen? beschreven bij de kanttekeningen? 2 Welke mandaten heeft de raad al verleend of welke bevoegdheden heeft de raad al gedelegeerd De raad blijft bij ingrijpende wijzigingen in het omgevingsplan bevoegd. Bij een BOPA is dat anders. op dit moment aan anderen, zoals het college of griffie? Graag zien wij een overzicht Die bevoegdheid is wettelijk overgegaan naar het college. Wel is de raad bevoegd om aan te 3 Wanneer is de raad aan zet om het omgevingsplan wel/niet mee in te stemmen? geven dat in bepaalde gevallen een adviesrecht geldt. Het college moet conform het advies besluiten (bindend advies) Wijziging verordening Wmo (19 december 2023) In de notitie staat; De omgekeerde toets is een methodiek die toetst op het beoogd effect en wat de uitwerking is op de persoon. Pas als laatste stap wordt gekeken of een voornemen indruist tegen de wet.

Wat betekent dit precies???

2.Welke mandaten heeft de raad al verleend of welke bevoegdheden heeft de raad al gedelegeerd op dit moment aan anderen, zoals het college of griffie? Graag zien wij een overzicht. In de beantwoording richten we ons op het voorliggend delegatiebesluit in relatie tot het omgevingsplan. In de bestemmingsplannen zijn momenteel wijzigings- en uitwerkingsbevoegdheden voor het college opgenomen. Via overgangsrecht blijven deze gedurende de looptijd van het tijdelijk omgevingsplan in stand, daarna is alleen het delegatiebesluit nog van toepassing. 3.Wanneer is de raad aan zet om het omgevingsplan wel/niet mee in te stemmen? Per 1 januari 2024 beschikt de gemeente over een omgevingsplan van rechtswege. Dat is het ‘tijdelijke omgevingsplan’ en dat bestaat uit alle huidige bestemmingsplannen (en andere ruimtelijke besluiten), de Bruidsschat (huidige rijksregels die gedecentraliseerd worden) en een aantal verordeningen, zoals de erfgoedverordening, bodemkwaliteitskaarten en de afvalwaterverordening. Dit ‘tijdelijke omgevingsplan’ voldoet niet aan de eisen van de Omgevingswet en moet in de periode tot 1 januari 2032 worden omgezet naar het omgevingsplan ‘nieuwe stijl’. Dit gebeurt niet in één keer maar zal stap voor stap, in gebiedsdelen, plaatsvinden waarbij de raad steeds een wijziging van een gedeelte van het omgevingsplan vaststelt.

Momenteel worden de voorbereidingen getroffen voor de eerste wijziging. De planning is dat in het najaar van 2024 een eerste deelgebied als ontwerpbesluit ter visie kan worden gelegd. Daarna wordt het plan ter besluitvorming voorgelegd aan de raad.

VVD

Technisch

Hart voor HadM

Technisch

Essentie

Technisch

PvdA

Technisch

PvdA

Technisch

PvdA

Politiek

Perspectief HadM Technisch

7. Delegatie omgevingsplan

- Welke omgevingsprogramma’s komen er? - Welke omgevingsprogramma zijn dan wettelijk verplicht ter aanbieding aan de gemeenteraad? - Welke omgevingsprogramma’s delegeren we aan het College? - In hoeverre blijven we als raad op de kaderstellende rol, als in de programma’s mogelijk ook kaders worden geschept?

Thijs Kuipers 1.Welke omgevingsprogramma’s komen er? Het strategisch beleid (op hoofdlijnen) dat wordt vastgelegd in de omgevingsvisie wordt uitgewerkt in programma’s. Deze programma’s kunnen gericht zijn op gebieden of op thema’s zoals volkshuisvesting of mobiliteit. Al bestaande beleidsdocumenten worden t.z.t. omgevormd naar programma’s. Er is (nog) geen volledige lijst: uit zowel onze wettelijke verplichtingen als de omgevingsvisie volgen de programma’s waarmee we aan de slag gaan. Het aantal en de aard van de programma’s hangt af van het detailniveau van de omgevingsvisie en de noodzaak of wens om beleid op onderdelen verder uit te werken, uitvoering integraal op te pakken of voortgang te monitoren

Essentie

Technisch

Thijs Kuipers

Essentie

Technisch

Thijs Kuipers

Hart voor HadM

Technisch

2.Welke omgevingsprogramma zijn dan wettelijk verplicht ter aanbieding aan de gemeenteraad? Programma’s worden vastgesteld door het college en niet door de raad. Dat sluit niet uit dat programma’s voor instemming of ondersteuning aan de raad worden voorgelegd. Dat geeft de raad comfort en het college politieke dekking. Als programmaonderdelen samengaan met financiële verplichtingen is een rol van de gemeenteraad belangrijk vanwege het wettelijke budgetrecht van de raad (de begroting) 3.Welke omgevingsprogramma’s delegeren we aan het College? Programma’s worden niet gedelegeerd aan het college omdat dit op grond van de Omgevingswet een bevoegdheid van het college is. Daarbij kan de raad wel richting geven door in de omgevingsvisie op te nemen welke programma’s in ieder geval worden opgesteld. 4.In hoeverre blijven we als raad op de kaderstellende rol, als in de programma’s mogelijk ook kaders worden geschept? De omgevingsvisie is de basis voor het uitwerken van beleid in de programma’s. In de omgevingsvisie worden de kaders en het beleid op hoofdlijnen door de raad vastgesteld. De raad blijft, net als in de huidige situatie, bevoegd om de beleidskaders vast te stellen. De uitwerking ervan in programma’s ligt bij het college.

7. Omgevingsplan

07 -omgevingsplan. Bij het omzetten naar omgevingsplan worden daar ook zaken gewijzigd als in het veegplan ? Dus kan er dan bestemmingsplan wijzigingen doorgevoerd worden die de raad en burgers niet zien ?

1.Bij het omzetten naar omgevingsplan worden daar ook zaken gewijzigd als in het veegplan? Bij het inwerking treden van de Omgevingswet gaan alle geldende bestemmingen over in het Omgevingsplan. Deze gaan op in wat we noemen “het tijdelijke deel van het Omgevingsplan” Daarbij worden geen wijzigingen aangebracht. Op termijn zal wellicht de vorm van een veegplan gekozen worden voor meerdere samenhangende ontwikkelingen die als één wijziging omgevingsplan in procedure kunnen. 2.Dus kan er dan bestemmingsplan wijzigingen doorgevoerd worden die de raad en burgers niet zien? Wijzigingen van bestemmingsplannen, en na 1-1-2024 het omgevingsplan, worden altijd voorbereid met toepassing van afdeling 3.4 Awb. Dat betekent dat het ontwerpbesluit voor een ieder ter visie wordt gelegd en de gelegenheid wordt geboden te reageren. In de basis is de raad bevoegd tot het vaststellen van de wijziging van het omgevingsplan, tenzij deze bevoegdheid aan het college is gedelegeerd.

7. Raadsvoorstel 7 Delegatiebesluit

Wij hebben bij verschillende andere gemeenten gekeken hoe zij dit hebben geregeld. Daarbij vergeleken ontbreken bij dit voorstel in onze optiek een paar voor de raad belangrijke zaken. 1) Waarom is gekozen voor deze opzet bij het wijzigen Delegatiebesluit en actualiseren omgevingsplan? 2) Waarom zijn er geen punten opgenomen voor evaluatie en terugkoppeling/informatie naar de raad?

1.Waarom is gekozen voor deze opzet bij het wijzigen Delegatiebesluit en actualiseren omgevingsplan? Met de voorgestelde opzet wordt aangesloten bij de delegatiebesluiten van verschillende andere gemeenten. Het betreft veel gekozen mogelijkheden die winst opleveren voor zowel de burgers, organisatie en de gemeenteraad. 2.Waarom zijn er geen punten opgenomen voor evaluatie en terugkoppeling/informatie naar de raad? Het delegatiebesluit kan op ieder moment worden geëvalueerd en indien de raad dat wenst worden aangepast. Uit oogpunt van efficiëntie is hier geen expliciete bepaling over opgenomen.

7. Voorstel tot het wijzigen van het delegatiebesluit en actualiseren vanzijn hetals omgevingsplan Noot vooraf: Het zou prettig bijgaande vragen op hoofdlijnen beantwoord kunnen worden voor de raadsavond van 12 december (in het overzicht technische vragen). Eventuele verdiepende behandeling/toelichting kan ons inziens ook plaatsvinden tijdens de bijeenkomst van de raadswerkgroep omgevingswet op 13 december.

Thijs Kuipers 1.Wat betekent dit voorstel voor de rol van de raad bij de lokale ruimtelijke ordening? Kunnen we in de toekomst minder agendapunten verwachten omdat we onder de omgevingswet omgevingsplannen niet meer of in mindere mate vaststellen zoals dat nu met bestemmingsplannen wel gebeurt? Het vaststellen van het omgevingsplan en van wijzigingen omgevingsplan is bevoegdheid van de 1.Wat betekent dit voorstel voor de rol van de raad bij de lokale ruimtelijke ordening? Kunnen we raad. Wel zal de initiatiefnemer op grond van wettelijke mogelijkheden in meer gevallen kunnen in de toekomst minder agendapunten verwachten omdat we onder de omgevingswet kiezen voor een vergunningprocedure via de buitenplanse omgevingsplanactiviteit. In dat geval omgevingsplannen niet meer of in mindere mate vaststellen zoals dat nu met bestemmingsplannen wordt de activiteit toegestaan zonder het planologisch kader te wijzigen, is het college bevoegd wel gebeurt? gezag en heeft de raad adviesrecht in aangewezen gevallen. 2.Is het verlenen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit een bevoegdheid van het college? Zo ja, onder argument 1.1. staat vermeld dat het verwerken van een dergelijk besluit in het 2.Is het verlenen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit een bevoegdheid van het college? omgevingsplan een administratieve handeling is.

Wordt het hiermee de facto makkelijker voor het Zo ja, onder argument 1.1. staat vermeld dat het verwerken van een dergelijk besluit in het college om buitenplans vergunde situaties om te zetten naar permanente situaties zonder de raad omgevingsplan een administratieve handeling is. Wordt het hiermee de facto makkelijker voor het hierin mee te nemen? college om buitenplans vergunde situaties om te zetten naar permanente situaties zonder de raad 3.Onder argument 1.2. wordt gesteld dat het college visies en programma’s kan doorvertalen in hierin mee te nemen? omgevingsplannen. Hoe wordt de raad meegenomen in deze doorvertaling? Welke bevoegdheden Een besluit tot het verlenen van een BOPA is inderdaad een bevoegdheid van het college. De raad heeft de raad bij het wijzigen van een omgevingsplan als we instemmen met het voorliggende heeft gevallen aangewezen waarover de raad een bindend advies kan geven aan het college. De voorstel? procedure voor een BOPA is een zorgvuldig traject. Uit de Omgevingswet volgt de verplichting om 4.Onder argument 2.1. wordt gesteld dat het college vaak snel moet handelen bij het nemen van een BOPA binnen 5 jaar na onherroepelijk worden te verwerken in het omgevingsplan. Dat is een een voorbereidingsbesluit. Wat is de huidige werkwijze omtrent het nemen van een administratieve handeling, zolang deze één-op-één wordt overgenomen.

Dit is vergelijkbaar met de voorbereidingsbesluit en hoe wordt de raad hierin betrokken? Indien relevant: hoe werkt de huidige Uitgebreide Omgevingsvergunning. voorgestelde toekomstige werkwijze af van de huidige werkwijze? 5.Onder kanttekening 1.1. worden ‘impactvolle gevoelige ontwikkelingen’ genoemd. Waarom is dit 3.Onder argument 1.2. wordt gesteld dat het college visies en programma’s kan doorvertalen in niet verder gespecificeerd? In hoeverre is het mogelijk om hier een verdere specificering in aan te omgevingsplannen. Hoe wordt de raad meegenomen in deze doorvertaling? Welke bevoegdheden brengen? heeft de raad bij het wijzigen van een omgevingsplan als we instemmen met het voorliggende voorstel? Een wijziging van het omgevingsplan wordt vastgesteld door de raad. Het delegatiebesluit verandert dit in beginsel niet. In eerste aanleg worden de doelen uit omgevingsvisie en vervolgens de programma’s voor zover relevant vertaald naar direct werkende regels in het omgevingsplan, dat wordt vastgesteld door de raad. Het delegatiebesluit bevat de mogelijkheid om een beleidsarme wijziging van het omgevingsplan te delegeren aan het college. 4.Onder argument 2.1. wordt gesteld dat het college vaak snel moet handelen bij het nemen van een voorbereidingsbesluit.

Wat is de huidige werkwijze omtrent het nemen van een voorbereidingsbesluit en hoe wordt de raad hierin betrokken? Indien relevant: hoe werkt de voorgestelde toekomstige werkwijze af van de huidige werkwijze? De noodzaak tot het nemen van een voorbereidingsbesluit komt niet vaak voor maar kan in voorkomende gevallen ongewenste ontwikkelingen tegenhouden of grondspeculatie voorkomen. De Omgevingswet vervangt het voorbereidingsbesluit uit de Wro en de Wabo. Daarmee wordt de werking van de voorbereidingsbescherming op een aantal punten veranderd. In dit verband is de belangrijkste wijziging dat het voorbereidingsbesluit onder de Omgevingswet geen afzonderlijk besluit meer is met een zelfstandige werking. In het omgevingsplan wordt een gebied aangewezen waar voorbeschermingsregels voor gelden. De aanwijzing is dan een wijziging van het omgevingsplan waardoor het een bevoegdheid van de raad wordt. Met het delegeren van de bevoegdheid aan het college kan de proceduretijd verkort worden. Bij het opleggen van een voorbereidingsbescherming is snelheid veelal geboden. De raad wordt na het opleggen van de voorbereidingsbescherming wel op de hoogte gesteld van het genomen besluit. 5.Onder kanttekening 1.1. worden ‘impactvolle gevoelige ontwikkelingen’ genoemd.

Waarom is dit niet verder gespecificeerd? In hoeverre is het mogelijk om hier een verdere specificering in aan te brengen? De term ‘impactvolle gevoelige ontwikkelingen’ verwijst naar de motie van de raad van 8 februari 2022. Hierin heeft de raad, bewust met een open formulering, het college gevraagd om ontwikkelingen waarvan gaandeweg blijkt dat deze gevoelig liggen, voor advies aan de raad voor te leggen. Het doel van deze kanttekening is dat ondanks de delegatie richting het college, in bepaalde gevallen het college toch van mening kan zijn dat een wijziging aan de raad voorgelegd moet worden. Dit is het geval als een ruimtelijke ontwikkeling grote impact heeft op de omgeving, door meerdere tegenstrijdige belangen in een gebied, door de complexiteit van het plan of door politieke gevoeligheid. Er is in deze gevallen altijd sprake van maatwerk, waarbij soms aan de voorkant en vaker gedurende de informele fase blijkt dat sprake is van een gevoelige ontwikkeling. Daarom is het passend om niet vooraf een lijst van potentieel gevoelige ontwikkelingen vast te leggen.

CDA

Technisch

7. Voorstel tot het wijzigen van het Delegatiebesluit eninitiatieven/ actualiseren van het Omgevingsplan: -Bestaande verleende vergunningen gaan geen hinder vinden deze wijziging? -Zijn er al instructieregels vanuit provincie en het Rijk om het omgevingsplan aan te passen? Zo ja, welke? -Welke nadelen ziet het college?

1.Bestaande initiatieven/verleende vergunningen gaan geen hinder vinden deze wijziging? Nee, er wordt niet getornd aan bestaande rechten op basis van een verleende vergunning.

Thijs Kuipers

BVNL

Technisch

Thijs Kuipers

Perspectief HadM Technisch

2.Zijn er al instructieregels vanuit provincie en het Rijk om het omgevingsplan aan te passen? Zo ja, welke? Het Rijk heeft instructieregels opgenomen in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en de provincie in de provinciale omgevingsverordening. Zowel het Bkl als de verordening van de provincie treden in werking als de Omgevingswet in werking treedt. Vanaf dat moment gelden de instructieregels. Bij iedere wijziging van het omgevingsplan moet voldaan worden aan de instructieregels van het Rijk en de provincie. Ook geldt dat op 1 januari 2032 het tijdelijk omgevingsplan geheel moet zijn omgezet naar het omgevingsplan nieuwe stijl. Dan moet het omgevingsplan dus in zijn geheel voldoen aan alle instructieregels. 3.Welke nadelen ziet het college? We zien geen nadelen. Het voorgestelde delegatiebesluit doet recht aan de kaderstellende rol van de raad waarbij beleidsarme uitvoeringskwesties zo eenvoudig mogelijk worden afgedaan. Dit past in de bedoeling van de omgevingswet om procedures sneller en transparant te laten verlopen in het belang van inwoners en bedrijven.

8 Verordening Uitvoering en Handhaving 1 Hoe kan de raad checken of aan de kwaliteitscriteria voor wat betreft de processen wordt 1. Jaarlijks legt het college verantwoording af in de vorm van het Jaarverslag VTH. Dit jaarverslag voldaan? wordt altijd ter kennisname aangeboden aan de raad. 2 Hoe kan de raad checken of aan de inhoudelijke kwaliteit van de geleverde resultaten als vergunning en wijze, aanpak en duur van toezicht en handhaving wordt voldaan? 2. Zie antwoord vraag 1. 3 Wat zijn de kwaliteitscriteria? 4 Is het beter elk kwartaal verantwoording door B&W af te leggen? 3. De kwaliteitscriteria zijn aan veranderingen onderhevig. De huidige kwaliteitscriteria zijn 5 Voor zover de kwaliteitscriteria niet zijn of konden worden nageleefd, doen burgemeester en opgenomen in 'Kwaliteitscriteria 2.3. (2022) Deel B', welke als bijlage is toegevoegd. wethouders daarvan gemotiveerd opgave. Welke motieven zijn wat betreft college acceptabel? 6 Is het een optie, dat tijdens een jaar de kwaliteitscriteria niet zijn of konden worden nageleefd, 4. Het is een wettelijke verplichting om jaarlijks verantwoording af te leggen. Hieraan geeft het doet B&W daarvan terstond melding aan de gemeenteraad en vergezeld van een verbetervoorstel? college gehoor. Wat betekent dat voor de raad? 5. In het komende jaarverslag zal het college hierover verantwoording afleggen.

6. Zie antwoord vraag 5. Thijs Kuipers Nee, overgangsrecht is niet van toepassing. Nieuwe verordening treedt direct in werking met de inwerkingtreding van de Omgevingswet. De oude verordening wordt ingetrokken. Grondprijzen Ad 1: volgens het schema uitwerking woningbouwprogramma naar betaalbaarheid (zie bijlage) is er Eric Beurskens 1 Hoe duur mag volgens het College een betaalbare woning zijn? sprake van een betaalbare woning als de koopprijs maximaal € 355.000 bedraagt (zie ook bijlage). 2 Wat is volgens het College een starterswoning? Dit is overigens prijspeil 2023. 3 Uitgaande van 30 % sociale huurwoningen de verwachte bouwplannen, wat betekent dat per Ad 2: het college heeft starterswoningen niet nader gedefinieerd, er wordt aangesloten bij jaar aan gederfde inkomsten als de grondprijs voor sociale huur 10 euro lager wordt, uitgedrukt in betaalbare koop/huurwoningen. zie eveneens de bijlage. euro's. Ad 4: de doelgroepenverordening - waarin wordt bepaald dat er in een plan minimaal 30% sociale 4 Hoeveel starterswoningen worden er elk van de komende 5 jaar gebouwd? huur, 37% goedkope koop en/of betaalbare koop/huur, en maximaal 33 % overig (hogere prijzen) 5 Hoe hoog zijn de gederfde inkomsten voor de gemeente als de grondprijs met 19 euro wordt gerealiseerd moet worden - wordt van toepassing verklaard op elk initiatief (mits van een minimale verlaagd? omvang).

Via het bestemmingsplan (vanaf 2024: omgevingsplan) wordt dit aan de raad 6 Welke van de exploitaties uit de projectenrapportage worden negatief als een of beide voorstellen aangeboden ter vaststelling. De planning is afhankelijk van de voorbereidingstijd en het is niet van zouden worden ingevoerd? jaar tot jaar aan te geven hoeveel woningen van elk type er gerealiseerd gaan worden. De 1000 woningen ambitie is onze leidraad en daarover ontvangt de raad jaarlijks een update. Ad 3, 5 en 6: De beantwoording is voor de kort beschikbare tijd niet mogelijk. In het raadsvoorstel is in argument 1.3 aangegeven dat een stijging van € 5 per m² een stijging van ca. € 750 per kavel voor sociale huurwoningen betekent. Daaruit is af te leiden dat een daling van € 10 per m² een derving van € 1500 per kavel voor sociale huurwoningen betekent. Zo is ook de prijsdaling van € 19 per m² te berekenen, namelijk € 2850 per m² per kavel. De wethouder zal verder op deze vragen ingaan.

8. Verordening Uitvoering en Handhaving Moet (Omgevingsrecht) in dit voorstel2024 geen overgangsrecht worden opgegenomen?

VVD

9 Gronprijsbrief

Perspectief HadM Technisch

9. Grondbrief

Waarom verhogen we de grondprijs bij sociale huurwoningen maar niet bij bedrijventerreinen?

9. Raadsvoorstel 9 Grondprijsbrief Wat mag er op reststroken gebouwd worden? 9. Vaststellen van de grondprijsbrief 2024Waarom kiest het college er niet voor, om net als in Tienray, alvast een nieuwe prijs te benoemen in het geval de huidige opties/afspraken komen te vervallen of als er nieuwe kavels beschikbaar komen in onze gemeente. In Tienray geldt voor nieuwe opties verhoging van 85,- naar 92,50. Een soort gelijke afspraak zouden we toch ook kunnen maken voor de rest van de gemeente? 9. Voorstel tot het vaststellen van de Grondprijsbrief 1. Wat zijn 2024 de gevolgen voor de toegankelijkheid van nieuwbouwprojecten van sociale huur / betaalbare koop voor diverse inkomensgroepen?

Eric Beurskens De gemeente heeft op de bedrijventerreinen waar de gemeente kavels uit kan geven nog nauwelijks kavels beschikbaar. Alleen in Tienray is dat nog wel het geval. Vandaar dat we daar wel de prijs verhogen. De prijsstijgingen die we ook als gemeente voor onze rekening krijgen voor de aanleg van het openbaar gebied, nopen tot deze prijsstijging. Voor de sociale woningbouw hebben we het zo beperkt mogelijk gehouden. De belangen van de diverse doelgroepen zijn meegewogen in de voorgestelde grondprijzen. Eric Beurskens In principe mag er niets op gebouwd worden. Het is bedoeld als toevoeging aan de tuin. Er zijn nagenoeg geen bedrijfskavels meer beschikbaar op de bedrijventerreinen die de gemeente Eric Beurskens uit kan geven. Alleen in Tienray zijn nog kavels waar geen opties op liggen/prijsafspraken voor gelden.

In argument 1.3 is beschreven wat de stijging van de grondprijs voor effect heeft op de te betalen prijs voor de kavel. Dit is zeer beperkt. Voor een sociale kavel gaat het om ca. € 750 per kavel. Voor een starterswoning kan dat ca. € 1800 per kavel betekenen. Op de totale koopprijs zijn dit slechts marginale verschillen.

Eric Beurskens

Technisch

Essentie

Technisch

Hart voor HadM D66-Groenlinks

Technisch Technisch

PvdA

Technisch

9. Voorstel tot het vaststellen van de Grondprijsbrief 2024: -Welke bedrijventerrein zijn als zichtlocatie aangewezen? -Welke gevolgen kan dit hebben voor de ambities in nieuwbouw?

10 Belastingen

10b_3rb Rioolheffing Artikel 5.5 1 Hoe gaat de belastingplichtige dit aantonen en hoe wordt dat gecontroleerd? 2 Wat betekent dit artikel voor de inzet van ambtenaren?

10. Precario belasting

Vraag over de precariobelasting Agenda punt 10 blz 4 raadsvoorstel M.i.v. 1 januari 2024 wordt Grubbenvorst als één van de drie grote kernen van de gemeente meegenomen in het hogere tarief voor de precariobelasting binnen de bebouwde kom.

Vraag wat is: Waarom, wat is er veranderd? 10. Vragen bij agenda punt 10b.3 rb verordening rioolheffing De verordening is nu nog uitgebreider ingevuld als in eerdere behandelingen van dit agenda punt aangegeven en naar ons inziens komt veel tegenbewijslast bij de aangeslagen bedrijven dan wel burgers te liggen Vraag 1 is een burgerwoning met een grondwaterpomp verplicht een water meter te monteren? Vraag 2 wat wordt de verbruiksheffing voor een woning met grondwaterpomp Vraag 3 geld eerder genoemde antwoorden ook voor bedrijven? Vraag 4 is dit juridisch houdbaar?

Zichtlocaties gelden op kavelniveau, niet op gehele bedrijventerreinen. Dit zijn dan kavels langs bv. Eric Beurskens grote doorgaande wegen/snelwegen. Ik neem aan dat de tweede vraag ook betrekking heeft op de bedrijventerreinen. Dan is het antwoord dat dit maar beperkt gevolgen zal hebben. Het aan te kopen perceel is in dat geval € 10 per m² duurder. De keus ligt dan ook bij de koper. Elbert Joosten De belastingplichtige kan een verzoek doen tot aanpassing van het waterverbruik. Dit kan schriftelijk of digitaal. Aantonen kan afhankelijk van de situatie via afrekeningen van de watermaatschappij, de eigen administratie, aanwezige (extra) meters of een eigen onderbouwing. Niet iedere belastingplichtige zal een verzoek indienen. Dit gezien de drempel en omdat een correctie op het waterverbruik pas effect heeft als daarmee de heffing in een lager tarief(staffel) valt. De controle wordt gedaan op basis van de ontvangen stukken, gegevens van vergelijkbaar verbruik en er wordt gebruik gemaakt van landelijke kengetallen van bijv. het CBS en het drinkwaterplatform. We verwachten geen stormloop aan verzoeken. Voor de inzet van ambtenaren zal dit naar verwachting van beperkte invloed zijn. Elbert Joosten Voor de 3 grote kernen in HadM geldt een hoger tarief voor de precariobelasting dan voor de overige kernen. Voor Grubbenvorst stond dit nog (abusievelijk) op het lagere tarief.

Het college wil één lijn trekken in ieder geval voor de drie grote kernen. Dit is nu gelijkgetrokken per 2024.

BVNL

CDA

Technisch

Eric Beurskens

CDA

Technisch

Vraag 1 Voor een burgerwoning met een grondwaterpomp geldt geen verplichting voor een watermeter. In het algemeen zijn onttrekkingen tot een debiet van 10m3 per uur niet vergunningplichtig. Vraag 2 Zie staffel, dit is dan afhankelijk van het afgenomen water van de waterleidingmaatschappij. Niet vergunningplichtige onttrekking wordt niet meegenomen in de heffing. Vraag 3 Nee. Voor bedrijven geldt een ander regime. Bij een vergunningplicht zal aangegeven zijn hoeveel onttrokken mag worden. Vaak zijn er dan al watermeters.

Vraag 5 bij artikel 5.5 is een % genoemd met een minimaal aantal m3 waarom is hier voor gekozen Vraag 4 ? Ja Vraag 6 het percentage en minimum bij voorgaande vraag geeft een te hoge heffing indien iemand bv 580 m3 wordt aangeslagen en kan aantonen 15 % niet in het riool terecht komt, dit is namelijk maar 15 % vermindering met een totale van 87m3, waarom is hier niet gekozen voor werkelijk verbruik na tegenbewijs last?

Vraag 5 en 6 Dit is opgenomen om (dure en tijdrovende) discussies over kleine hoeveelheden m³ water die niet op de riolering worden geloosd te voorkomen en hiermee de een de belasting efficient te kunnen heffen. Hierbij is aansluiting gezocht bij de VNG-modelverordening. Een zekere ruwheid in de belastingheffing is fiscaal geaccepteerd.

Vraag 7 bij artikel 5.4 wordt genoemd: De eerste volzin is niet van toepassing indien vaststelling van de hoeveelheid opgepompt water Vraag 7 geschiedt op grond van enige andere wettelijke bepaling. Welke wettelijke bepalingen worden hier Dit is conform de VNG-modelverordening. Er is andere regelgeving die metingen of registratie bedoeld? voorschrijven zoals bijvoorbeeld de Waterwet. Vraag 8 waarom wordt er niet aangesloten bij de vervuilingseenheden van het zuiverings schap als hoogte van de verbruikers heffing

Vraag 8 De Raad heeft op 20 december 2022 en vervolgens op 24 oktober 2023 een keuze gemaakt en ingestemd met de nieuwe heffingssystematiek op basis van het waterverbruik en niet op basis van vervuilingseenheden . Voor de afwegingen wordt verwezen naar de betreffende raadsvoorstellen.

Technisch

Perspectief HadM Technisch

11 2e bijstelling begroting 2023

1 Waarom vindt de bijstelling begroting plaats net voor het einde van het boekjaar? Autonome ontwikkelingen Daarnaast zijn er enkele vragen met betrekking tot een schijn van belangenverstrengeling voorgelegd aan een advocatenbureau. 2 Welke belangenverstrengelingen zijn dat? Extra eenmalige middelen voor erfgoed Het college stelt voor € 90.000 extra budget voor erfgoed beschikbaar te stellen. Het geld wordt ingezet voor het opstellen van een beleidsnota Erfgoed, een visie op de erfgoedwaarden van Kasteel en voor het reguliere onderhoud van het kasteel. 3 Wat zijn de kosten van het onderhoud en waarom niet uit het budget regulier onderhoud? Uitvoering van het sociaal integratieplan arbeidsmigranten We stellen voor om de middelen die gereserveerd zijn voor de uitvoering van het sociaal integratieplan arbeidsmigranten een jaar op te schuiven. 4 Waarom? 5 Vanwege langere benodigde voorbereidingstijd zal de daadwerkelijke bouw van een aantal woningbouwprojecten verschuiven van 2023 naar 2024. Graag uitleg.

1. Het overschrijden van budgetten wordt als een onrechtmatigheid gezien in de jaarrekening. De bijstelling is een laatste mogelijkheid om bestaande budgetten nog voor het einde van het jaar bij te stellen waar nodig / wenselijk. En een onrechtmatigheid in de jaarrekening te voorkomen. 2. Het betreft de adviesaanvraag of enkele raadsleden, die lid waren van een energie coöperatie, bij de behandeling over het raadsvoorstel m.b.t. het proces windmolens, wellicht zich van beraadslaging en stemming zouden moeten onthouden. 3. In de erfpachtovereenkomst uit 2015 met Stichting Kasteel Huys ter Horst (verder: Stichting) is opgenomen dat de Stichting jaarlijks € 15.000 aan bijdrage zou ontvangen voor het onderhoud van de kasteelruïne, gedurende een termijn van 5 jaar. Bij het opstellen van de pachtovereenkomst is er destijds vanuit gegaan dat in 2020 de nieuwbouw gereed zou zijn en dat er een exploitatie op het kasteel zou zitten. Dan zou een jaarlijkse bijdrage van de gemeente niet meer nodig zijn. In de overeenkomst is opgenomen dat na het verstrijken van de 5 jaar opnieuw bekeken zou worden of nieuwe afspraken nodig waren. Het eerder gehanteerde bedrag van € 15.000 volstaat voor de stichting om de benodigde reguliere onderhoudswerkzaamheden uit te voeren. Besloten is dit bedrag met terugwerkende kracht over de periode 2021 t/m 2025 toe te kennen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13612981/1