1310 Inwoner 24-0177805 (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Problemen binnen de gemeentelijke organisatie en de raad 24-09-2024
--------------------------
Gemeente Horst a d. Maas
College en raad van de gemeente Horst aan de Maas Ingekomen
2 ^ SEP. 202^
Wilhelminaplein 6 ---—----------
Afd
Horst
I
Geacht college en geachte leden van de raad van Horst aan de Maas, Binnen de gemeente hebben we diverse problemen die hebben geleid tot een slecht functionerende raad en slechte onderlinge verhoudingen, ook met het college. De hoofdoorzaken die te herkennen zijn, zijn: »
De hoogdravende positieve taal die aan de realiteit voorbij gaat en zo voorkomt dat problemen worden geaccepteerd.
*
De zeer enge band tussen coalitie en college, die gezonde kritiek afremt en afglijden niet herkent.
*
Die enge band zorgt er tevens voor dat de oppositie zich alleen en eenzaam voelt en op geen enkele manier het gevoel heeft bij te kunnen dragen.
»
Het gebrek aan inhoudelijke sturing door het college op diverse gebieden en de ambtelijke organisatie met alle mandaten gewoon zijn gang laat gaan.
*
De bij herhaling onjuiste of misleidende informatie die door de wethouders met de raad wordt gedeeld.
*
Het gebrek aan het meten van de uitvoering van het werk, terwijl toch geldt dat: The proof of the pudding is in the eating! Burgers ervaren hoe het college zaken van de raad uitvoert en daarop is nauwelijks sturing en controle.
Meerdere járen zijn signalen afgegeven aan de raad, waar het mis liep en de organisatie met willekeur, veel te traag, en vaak op gevoel ipv goede argumenten besluiten neemt. Dit viel doorgaans in onvruchtbare bodem. Dat er geen oor was, bij het college, maar ook binnen de raad, werd eindelijk ook duidelijk binnen de coalitie zelf, waar een afscheiding plaats vond door inefficiënt en ineffectief beleid door het college, maar ook de onmogelijkheid om hier binnen die partij en binnen de coalitie een helder geluid te laten horen. De onmacht die daaruit blijkt, is datzelfde gevoel waar de oppositie al járen mee worstelt. In het verdere betoog zal ik proberen e. e. a. duidelijk te maken, met het doel de basis te bieden voor aanpassingen die zowel een betere samenwerking in de raad als een effectiever en
beter werkende gemeentelijke organisatie te bewerkstelligen.
Nadere beschouwing: De hoogdravende taai:
Als je vindt datje in de gezondste gemeente woont, terwijl we mee het hoogste alcohol verbruik hebben onder jongeren en het woon en leefklimaat roemt terwijl een groot aantal inwoners dagelijks in een boven gerechtelijke stank moeten wonen, als we vinden dat we heel innovatief zijn, maar vooral werk laten doen door laag betaalde migranten, als we vinden dat we een welvarende gemeente zijn, maar v. w. b. het gezinsinkomen tot de onderkant van het land behoren, als. . . . . . . Ja, als we onszelf geweldig vinden, waarom zou je je dan nog inspannen. Kenmerkend is de gebruikte term :de " publieksvriendelijke versie." De schrijfwijze herkenbaar in de openbare collegebesluiten en de college adviezen. AANDACHTSPUNT 1: NOEM DE DINGEN BIJ HUN NAAM.
KORT EN KRACHTIG ZONDER
POEHAA. De zeer enge band tussen coalitie en college
Bij debatten blijkt keer op keer de innige band tussen college en coalitie. Regelmatig wordt ook gesteld dat de raad er is om de kaders te stellen en het college moet zorgen voor de uitvoering. Het is echter de wijze van uitvoering die bepaalt hoe de burgers bediend worden. Door die denkwijze is jarenlang de inhoudelijke controle op die uitvoering ontweken. Bij kritische geluiden uit de gemeenschap werden die ook stelselmatig gebagatelliseerd door de wethouder en genegeerd door een groot deel van de raad. Het belang om die wel tijdig op te pikken mag toch blijken uit Californië, de vergeten GKM bedragen, en handhaving waar de signalen vanuit de samenleving werden aangedragen, maar in eerste instantie steeds genegeerd. Bescherming was belangrijker dan verbetering. Daardoor kon de effectiviteit van het gemeentelijk apparaat afglijden, nog versterkt door de afstandelijke weinig richting gevende houding van het college. De wethouder had steeds het laatste woord en waarom zou je daaraan twijfelen. . . . als coalitie. Zo konden we afglijden. AANDACHTSPUNT 2: LAAT HET DUALISME OOK IN HORST AAN DE MAAS ZORGEN EEN GEZONDE
EN OPBOUWENDE
VOOR
HOUDING,ONGEACHT DE POLITIEKE KLEUR OF
VERBANDEN.
Bovenstaande zal ook de verhoudingen tussen oppositie en coalitie verbeteren doordat in een oprecht dualisme samenwerken en zoeken naar verbeteringen een gezamenlijk doel kan worden van coalitie en oppositie. Samen verbeteren. Het gebrek aan inhoudelijke sturing door het college
Met dezelfde denkwijze als de coalitie, acteert ook het college erg op afstand. Het uitgangspunt dat goede medewerkers automatisch leidt tot een goede uitvoering zorgt ook daar, met vrijwel onbegrensde mandaten, tot weinig controle momenten, nog extra gevoed door een sterke verdedigende houding in plaats van een open houding om tot verbeteringen te komen. Hierbij twee voorbeelden en opmerkingen, niet om te veroordelen, maar om te zien waar we anders moeten acteren.
1.
Na een zwartboek over VTH
is een reeks van járen geleden, begonnen met een sterk verwaarloosde taak van handhaving, te verbeteren. Daartoe is door de verantwoordelijk wethouder een andere en grotere organisatie neergezet. Daarbij is ,
ook strikter opgetreden. Vooral tegenover kleinere bedrijven en particulieren was dat merkbaar. Namen kan en wil ik hier niet noemen. Het neerzetten van een organisatie is echter niet voldoende. De wethouder heeft ervoor gekozen zich op afstand van specifieke gevallen te houden. Begrijpelijk gezien het risico van zijn eigen kwetsbaarheid. Maar dat betekent ook dat de wethouder, die leidinggevend en sturend zou moeten zijn, het werk laat uitvoeren door zijn organisatie, maar ook alleen die organisatie als bron van informatie heeft. De gedachte dat de uitvoering in goede handen is en dat er op de uitvoering geen inhoudelijke steekproef controle nodig is, heeft intussen geleid tot een behoorlijke rechtsongelijkheid, twijfel over bestuurlijke integriteitszaken respectievelijk onbehoorlijk bestuur, het verlies of bedreiging van het voortbestaan van bedrijven of een menselijke benadering van particulieren. Het door het volgen van enge regeltjes onmogelijk maken van praktische oplossingen en voorkomen van vertraging en hoge kosten voor initiatiefnemers. Logische oplossingen zijn onmogelijk geworden door inhoudelijke afwezigheid van de verantwoordelijke, zijnde de wethouder. Alle signalen over de problemen zijn door wethouder en coalitie genegeerd. Dit heeft geleid tot een zeer grote verspilling van ambtenaren capaciteit, ook door gebrek aan interne afstemming met vergunningverleners.
2. Een ander geval waar die afwezigheid pregnant is, is bv bij het actualiseren van vergunningen aan de IPPC eisen, waar we al 3 jaar achter liggen en dat in combinatie met de visie veehouderij zou moeten worden uitgevoerd. Binnen dit veld is zowel in de IPPC richtlijnen en visie veehouderij veel interpretatie en beslissingsruimte en net zo zijn die er met toepassing van de crisis en herstelwet en het SLA. Veel instrumenten dus die vragen om heldere richtlijnen, zeker als het gaat om extreme situaties. Over uitwassen is regelmatig ingesproken. Bij controle op diverse niveaus en verschillende plaatsen binnen de organisatie, blijkt echter dat de vergunningverleners met mandaat naar eigen inzicht kunnen handelen zowel de leiding als de uitvoerders geen enkele richtlijn of kaders van de verantwoordelijk wethouder hebben meegekregen. Noch is er vanuit de leiding enige en
richting gegeven in dit proces. 3. Opsomming van waarnemingen: Uit een reeks van waarnemingen kan bij vergunning verlening worden geconstateerd dat uitspraken richting vragenstellers op geen enkele wijze schriftelijk (incl. mail) worden genoteerd. Dat maakt een positie van inwoners kwetsbaar, zoals ook al meermalen is gebleken. Bij de GKM waarde vaststelling blijkt dat er tussen verschillende ambtenaren een heel andere insteek wordt gekozen en men tot willekeurige bedragen komt. Als het gaat om wel of niet mogelijk maken van vergunningen, wordt herhaaldelijk de woorden " Dat vind ik. " gebezigd in plaats van echte argumenten. Dit leidt tot willekeur door persoonlijke meningen. Veel vertraging
kan ontstaan door de schoonheidscommissie over futiliteiten en zo ook worden tekeningen soms onnodig afgekeurd, waar door, ook weer persoonlijke meningen , veel tijd verloren gaat en initiatiefnemers onnodig op hoge kosten worden gejaagd. Gevels die iets afwijken, maar veel beter zijn dan de oorspronkelijk gedachte uitvoering, leiden tot handhaving en kleine aanpassingen waarvoor onnodig grote kosten moeten worden gemaakt. Kortom , het verlening en handhavingsproces is regeltjes werk geworden. AANDACHTSPUNT 3: HET COLLEGE DIENT STEEKSPROEFGEWIJS INHOUDELIJK TE CONTROLEREN HOE DE UITVOERING VAN BELEID WORDT GEËFFECTIVEERD OM VERBETERMOGELIJKHEDEN TE HERKENNEN EN AFGIJDEN TE VOORKOMEN. INHOUDELIJK DESKUNDIGHEID DIENT OOK BINNEN HET COLLEGE TE WORDEN OPGEBOUWD EN STURING AAN PROJECTEN DIENT TE WORDEN GEGEVEN. De bij herhaling onjuiste of misleidende informatie. Door wethouders wordt bij regelmaat onjuiste of misleidende informatie met de raad gedeeld. Hoewel in een enkele keer dit wel heel opzichtig is, is dit waarschijnlijk niet opzettelijk. Het gebrek van inhoudelijk op de hoogte zijn van het functioneren van de organisatie en het mogelijk zoeken van makkelijke antwoorden , zou de oorzaak kunnen zijn Ook hier geldt dat er bij steekproeven, het college zou moeten doorvragen waarop de antwoorden zijn gebaseerd.
Woorden doen er echter toe, wat soms ook duidelijk wordt als raadsleden in hun betoog zich op info van de wethouder baseren of deze napraten. Het onjuist informeren en gebrek aan controle maken de wethouders kwetsbaar. AANDACHTSPUNT 4: OOK BIJ HET VERSTUREN VAN INFORMATIE NAAR DE RAAD OF HET GEVEN VAN ANTWOORDEN DIENT DE BETROUWBAARHEID TE WORDEN VERHOOGD DOOR HET REGELMATIG DIEPER DOORVRAGEN. Het gebrek
aan
het meten
van
de uitvoering
van
het werk.
Met regelmaat worden er acties aangekondigd, zoals extra toezicht op migranten verblijven. Het lijkt er op dat er niet vanaf het begin wordt nagedacht hoe de effectiviteit van de acties wordt gemeten en hoe de voortgang kan worden gerapporteerd. Als dit wel het geval zou zijn, zou bij vragen uit de raad, steeds snel een antwoord kunnen worden gegeven over de voortgang. Verantwoording duurt vaak zeer lang. Tevoren goed nadenken over de verantwoording leidt automatisch ook tot een beter plan. Het sluiten van de cirkel wordt onvoldoende beleden wat mag blijken uit de jaarlijkse verantwoording: We lezen bijvoorbeeld: Wat willen we bereiken, wat gingen we daarvoor doen en als laatste, wat hebben we gedaan. De kernvraag, " wat hebben we bereikt " ontbreekt en juist daar gaat het om.
AANDACHTSPUNT 5 ZAKEN IN GANG
: ZOWEL
VOOR DE RAAD ALS HET COLLEGE
GELDT,
DAT ALVORENS
TE ZETTEN, HET VAN BELANG IS NA TE GAAN WAT WE WILLEN BEREIKEN
EN HOE WE DAT GAAN
CONTROLEREN.
SLOT:
bedoeling de indruk te wekken dat alle problemen zijn benoemd, noch mag de indruk bestaan dat genoemde voorbeelden voor het gehele apparaat gelden. Noch is het de bedoeling te veroordelen. Wel is mijn mening dat je alleen beter kunt worden door aan geconstateerde tekortkomingen te werken en open te staan voor opmerkingen en kritiek, vanuit welke hoek dan ook. Ik hoop dat het niet nodig is om nog meer kikkers uit de kruiwagen van de coalitie te laten springen. Wel hoop ik dat duidelijk is, dat controle niet Het is niet de
is, maar dat iedereen daar recht op heeft om steeds beter te worden. Ook betekent controle dat er interesse is voor je werk. Helder overleg en openstaan voor elkaars vies
opmerkingen zal zowel
ons
college als de raad tot een beter functionerend geheel kunnen
kunt
u me
maken.
Uiteraard, zoals altijd
,
(geanonimise rd) (geanonimiseerd)
benaderen
voor
diepgaander informatie.