CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

11a rv Wmo en Jeugdwet SD

Gemeenteraad 8 juni 2026, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot het vaststellen van het beleidsplan Toezien, toezicht & handhaving Wmo en Jeugdwet Noord- en Midden-Limburg juni 2026 – 2033.2.092 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Raadsvoorstel stuknummer: 26.0002109

Raadsvoorstel onderwerp

RV Beleidsplan en uitvoerend kader toezien, toezicht en handhaving Wmo en Jeugdwet Sociaal Domein Noord- en Midden-Limburg

datum raad

8 juni 2026

portefeuillehouder

Roy Bouten

bladnummer 2026.051 agendapunt

11

behandeld door

Voorstel 1. Het beleidsplan ‘toezien, toezicht & handhaving Wmo en Jeugdwet Noord- en Midden-Limburg juni 2026 – 2033’ vast te stellen (bijlage 1); 2. Kennis te nemen van bijgaand advies van de Adviesraad sociaal domein Horst aan de Maas (bijlage 2); 3. Kennis te nemen van bijgaand uitvoerend kader ‘toezien, toezicht en handhaving Wmo en Jeugdwet NoordLimburg 2026-2028 (bijlage 3). Aanleiding Gemeenten zijn op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo) en de Jeugdwet verantwoordelijk om toezicht te organiseren voor rechtmatigheid (Wmo en Jeugdwet) en kwaliteit (Wmo), terwijl het landelijke kwaliteitstoezicht op jeugdhulp wordt uitgevoerd door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). Toezicht en handhaving zijn belangrijk om te waarborgen dat inwoners veilige en passende ondersteuning ontvangen en dat publieke middelen doelmatig worden besteed. Een groeiend aandachtspunt is het voorkomen en bestrijden van zorgfraude door malafide zorgaanbieders, waarbij gemeenten hun toezicht, inkoop en contractafspraken versterken om misbruik van gemeentelijke middelen te voorkomen en de kwaliteit en betrouwbaarheid van ondersteuning voor inwoners te waarborgen. In 2019 heeft het college het ‘Regionaal toezicht- en handhavingskader Wmo en Jeugdwet’ vastgesteld. Sindsdien hebben zich verschillende ontwikkelingen voorgedaan die aanleiding geven om het beleid te actualiseren.

Gelet op toetreding van Midden-Limburg tot de MGR en aanbevelingen uit het onderzoek van de Rekenkamer ‘Zorgfraude in beeld?’ en het onderzoek van het Regionaal Informatie- en Expertisecentrum Limburg (RIEC) ‘Ondermijning in de zorg: het Limburgse zorgstelsel in gevaar?’ is het wenselijk het bestaande beleidskader te actualiseren en te vervangen door een gezamenlijk beleidsplan voor toezien, toezicht en handhaving binnen de Wmo en de Jeugdwet voor Noord- en Midden‑Limburg. Dit beleidsplan, inclusief het uitvoerend kader, is opgesteld in samenwerking met de deelnemende gemeenten en de MGR. Naast de adviesraad sociaal domein hebben onder andere de VNG en het RIEC Limburg waardevolle feedback geleverd op het voorliggende beleidsplan.

Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst

Postbus 6005 / 5960 AA Horst

T 077 – 477 97 77

F 077 – 477 97 50

Pag. 2 van 6

vervolg raadsvoorstel

Beoogd resultaat Met het vaststellen van voorliggend beleidsplan- en bijbehorend uitvoerend kader geven de veertien gemeenten in Noord- en Midden-Limburg richting aan een gezamenlijke aanpak van toezicht en handhaving binnen de Wmo en Jeugdwet. Voorliggende plannen hebben tot doel: • de kwaliteit, rechtmatigheid en doelmatigheid van zorg en ondersteuning te waarborgen; • misbruik en oneigenlijk gebruik van publieke middelen te voorkomen en tegen te gaan; • de samenwerking en informatiepositie van gemeenten bij toezicht en handhaving te versterken. Argumenten 1.1 De regio Noord- en Midden-Limburg creëren een gezamenlijk kader voor toezicht en handhaving. Handhaving in de praktijk vraagt om bestuurlijke keuzes en duidelijke kaders. Het beleidsplan en uitvoerend kader geven een gezamenlijk en eenduidig kader voor toezien, toezicht en handhaving binnen de Wmo en Jeugdwet voor de gemeenten in Noord- en Midden-Limburg. Hiermee ontstaat een consistente werkwijze binnen deze regio, inclusief de MGR, en wordt richting gegeven aan de manier waarop gemeenten toezicht houden en handhaven. Het uitvoerend kader wordt op dit moment nog op Noord-Limburgs en Midden-Limburgs niveau apart vastgesteld. Deze uitvoerende kaders zijn voor beide regio's eenduidig in inhoud, behalve bijlage 2. In bijlage 2 is namelijk het toetsingskader van de toezichthouders opgenomen.

Op dit moment is er nog sprake van twee verschillende toetsingskaders, omdat de toezichthouders in de regio Noord- en MiddenLimburg momenteel nog met verschillende kaders werken. Zodra alle toezichthouders in dienst zijn bij de MGR, zullen zij gaan werken met één uniform toetsingskader. Uitgangspunt is dus dat het volgende uitvoerend kader op niveau Noord- en Midden-Limburg wordt vastgesteld. 1.2

Er wordt invulling gegeven aan de aanbevelingen uit het rekenkameronderzoek Noord-Limburg. Het beleidsplan en uitvoerend kader geven concrete invulling aan de aanbevelingen uit het eindrapport ‘Zorgfraude in beeld? Een rekenkameronderzoek naar de gemeentelijke aanpak van fraude door zorgaanbieders in Noord-Limburg’. In dit onderzoek wordt onder meer geconcludeerd dat een expliciete visie op de aanpak van zorgfraude ontbreekt en dat het fraudebewustzijn binnen gemeentelijke organisaties versterkt kan worden. Ook blijkt hieruit dat gemeenten in de praktijk terughoudend zijn met handhaving, vooral vanwege juridische complexiteit, een hoge bewijslast en de kosten en duur van procedures. De rekenkamer concludeert dat dit de effectiviteit van toezicht onder druk zet. Met dit beleidsplan formuleren gemeenten een gezamenlijke visie met bijbehorende kaders op toezicht en handhaving en worden randvoorwaarden gecreëerd voor een effectievere aanpak van zorgfraude.

1.3

Het beleidsplan sluit aan bij aanbevelingen over het rapport ‘Ondermijning in de zorg’. Het Regionaal Informatie- en Expertisecentrum Limburg (RIEC Limburg) heeft in het rapport ‘Ondermijning in de zorg: het Limburgse zorgstelsel in gevaar?’ (26 augustus 2025) gewezen op risico’s van ondermijning binnen de zorgsector. In het rapport worden gemeenten opgeroepen om hun toezichten handhavingsinstrumentarium te versterken en beter samen te werken bij het signaleren en aanpakken van misstanden. Het voorliggende beleidsplan en uitvoerend kader draagt bij aan het versterken van deze aanpak binnen de regio Noord- en Midden-Limburg.

Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst

Postbus 6005 / 5960 AA Horst

T 077 – 477 97 77

F 077 – 477 97 50

Pag. 3 van 6

vervolg raadsvoorstel

1.4

Een gezamenlijk beleidsplan leidt tot efficiënte regionale samenwerking en betere informatieuitwisseling. Door toezicht en handhaving regionaal te organiseren kunnen veertien gemeenten expertise bundelen en beschikbare capaciteit efficiënter inzetten. Specialistische kennis op het gebied van toezicht en fraudeonderzoek is vaak schaars. Regionale samenwerking maakt het mogelijk deze kennis te delen en toezicht professioneler te organiseren. Daarnaast draagt het beleidsplan en uitvoerend kader bij aan een betere samenwerking en informatie-uitwisseling tussen gemeenten, toezichthouders en andere betrokken partijen. Ook maakt het trends, risico’s en patronen beter zichtbaar, zowel binnen als buiten het sociaal domein.

1.5

Het beleidsplan biedt ruimte voor bijsturing vanuit een lerende organisatie. Het beleidsplan vormt het strategische kader voor toezicht en handhaving binnen de Wmo en de Jeugdwet. De verdere uitwerking van dit beleid gebeurt in een uitvoerend kader dat door het college wordt vastgesteld. Vanuit het principe van een lerende organisatie is ervoor gekozen om deze uitwerking bij het college te beleggen. Dit maakt het mogelijk om snel in te spelen op nieuwe inzichten, signalen uit de praktijk en ontwikkelingen binnen het sociaal domein. Tegelijkertijd blijven de hoofdlijnen van het beleid en de uitgangspunten voor toezicht en handhaving transparant en zorgvuldig vastgesteld, terwijl de uitvoering flexibel kan worden aangepast. Het jaar 2026 geldt als overgangs- en implementatiejaar voor de nieuwe regionale uitvoeringsstructuur, waarin de toezichthouders gezamenlijk opereren. In 2027 kan vervolgens werkenderwijs worden onderzocht op welke punten het uitvoerend kader moet worden bijgesteld of verder verbeterd. Een voorbeeld hiervan is de rolverdeling tussen de toezichthouders en contractmanagement binnen de MGR. Deze is nog niet overal eenduidig georganiseerd. Dit heeft gevolgen voor onder meer de afstemming bij meldingen, de opvolging van toezichtbevindingen en de inzet van handhavingsmaatregelen.

In het uitvoerend kader zijn doelen opgenomen om deze samenwerking te verduidelijken en de procesafspraken verder uit te werken. Dit vraagt nog om nadere concretisering en afstemming met de betrokken ketenpartners. Door dit soort punten stap voor stap te verbeteren in de praktijk, wordt de uitvoeringsstructuur steeds robuuster. Op basis van deze overwegingen is ervoor gekozen om het uitvoerend kader in 2028 te evalueren en waar nodig aan te passen.

1.6 en 3.1 Er is ruimte voor lokale uitvoering binnen de regionaal vastgestelde kaders Hoewel het beleidsplan de gezamenlijke visie en uitgangspunten voor toezicht en handhaving vastlegt, blijft er ruimte nodig voor lokale invulling van dit beleid. Gemeenten verschillen in omvang, organisatie en uitvoeringspraktijk. Het is daarom belangrijk dat gemeenten binnen de door de raad vastgestelde kaders zelf kunnen bepalen hoe deze uitgangspunten het beste worden toegepast in hun lokale context. Deze beleidsruimte draagt bij aan maatwerk, sluit aan bij lokale verantwoordelijkheden en zorgt ervoor dat gemeenten adequaat kunnen reageren op specifieke ontwikkelingen of casuïstiek. Het uitvoerend kader biedt hiervoor de noodzakelijke flexibiliteit, terwijl de strategische koers en bestuurlijke kaders stevig blijven geborgd door de raad.

Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst

Postbus 6005 / 5960 AA Horst

T 077 – 477 97 77

F 077 – 477 97 50

Pag. 4 van 6

vervolg raadsvoorstel

2.1

Het beleidsplan is integraal tot stand gekomen met input van de lokale Adviesraden. De Adviesraden van Noord- en Midden-Limburgse gemeenten hebben de kans gehad om suggesties te geven op het concept beleidsplan en kritisch mee te denken, waarna de adviezen integraal zijn gebruikt bij de verdere aanscherping van het beleidsplan en de ontwikkeling van het uitvoerend kader.

Kanttekeningen 1.1 en 3.1 Er zijn verschillen in lokale uitvoering. Hoewel de regionale samenwerking een belangrijke stap vooruit is, blijft de variatie in lokale uitvoering een punt van zorg dat blijvende aandacht en actieve afstemming vereist om de kwaliteit, rechtmatigheid en eenduidigheid van toezicht en handhaving te borgen. Er zijn nog verschillen tussen gemeenten in lokale verordeningen, beleidsregels en werkprocessen. Deze variatie heeft invloed op de uitvoerbaarheid van toezicht en handhaving en vraagt om continue afstemming tussen gemeenten, toezichthouders, contractmanagement en juridische ondersteuning om regionale uniformiteit en uitvoerbaarheid te borgen. 1.2

Voldoende capaciteit is noodzakelijk. Uitbreiding en versterking is nodig om te kunnen voldoen aan de ambitie van proactief toezicht, themagerichte onderzoeken, calamiteitentoezicht en publicatie van rapporten. Dit vraagt om uitbreiding van de toezichtcapaciteit (kwaliteit én rechtmatigheid) en capaciteit voor de aandachtsfuncionarissen1 binnen gemeenten, waarbij in Midden-Limburg ook de taak van de aandachtsfunctionaris nog geregeld moet worden. Ook vraagt dit om structurele inzet en middelen voor contractmanagement, toegang en juridische ondersteuning. Het is aan de deelnemende gemeenten om hierin keuzes te maken.

1.3 en 3.1 Het is mogelijk dat er een niet-gelijktijdige vaststelling is binnen de regio Noord- en Midden-Limburg. Door de gemeenteraadsverkiezingen in maart 2026 is onzeker of alle nieuwe raden en colleges van de veertien deelnemende gemeenten al vóór het zomerreces 2026 volledig zijn geïnstalleerd. Hierdoor kan de behandeling en vaststelling van het beleidsplan en uitvoerend kader per gemeente verschillen in tempo, waardoor de regionale besluitvorming niet volledig gelijktijdig verloopt. Dit vraagt om flexibiliteit in planning en goede afstemming tussen de deelnemende gemeenten, zodat de implementatie ondanks verschillen in lokale tijdslijnen zorgvuldig en uniform kan plaatsvinden. Financiële consequenties De MGR Noord- en Midden-Limburg werkt op basis van het beleidsplan en uitvoeringskader een begroting (concept uitvoeringsplan) uit waarin inzichtelijk gemaakt wordt wat de (financiële) consequenties zijn Het (concept) uitvoeringsplan wordt besproken met de deelnemende gemeenten met het doel binnen de bestaande financiële kader te blijven. Voor onze gemeente betekend dit dat vooralsnog ervan uit wordt gegaan dat de bijdrage van € 8495,88 voor toezicht kwaliteit en € 20.586,17 voor rechtmatigheid toereikend is.

1

De aandachtfunctionaris fungeert als contactpersoon voor de toezichthouders kwaliteit (Wmo) en rechtmatigheid (Wmo en Jeugdwet) en informeert hen over de lokale relevante ontwikkelingen.

Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst

Postbus 6005 / 5960 AA Horst

T 077 – 477 97 77

F 077 – 477 97 50

Pag. 5 van 6

vervolg raadsvoorstel

Wanneer dit niet het geval is dient de MGR inzichtelijk te maken wat de (financiële) consequenties zijn. En is het aan de deelnemende gemeenten de taak hier keuzes in te maken. Mochten de gemaakte keuzes van de deelnemende gemeenten leiden tot extra kosten, dan wordt hier een begrotingswijziging voor gemaakt. Zowel de begroting (/uitvoeringsplan) als de begrotingswijziging legt de MGR via een zienswijze voor aan de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. Vervolgtraject / communicatie - Het beleidsplan wordt gepubliceerd op de website van de MGR en de deelnemende gemeenten via Overheid.nl. - Inwoners en zorgaanbieders worden geïnformeerd via nieuwsbrieven, informatiebijeenkomsten en digitale kanalen. - Intern wordt het plan toegelicht aan medewerkers in het sociaal domein, met aandacht voor hun rol in signalering en samenwerking. Het college stelt op basis van dit beleidsplan het uitvoerend kader vast waarin de werkwijze van toezicht en handhaving in de praktijk wordt uitgewerkt.

Burgemeester en wethouders van Horst aan de Maas, De burgemeester, {HAND1}

De secretaris, {HAND}

drs. R.F.I. Palmen

A.M.L.T. van Iersel – Purnot (MA)

Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst

Postbus 6005 / 5960 AA Horst

T 077 – 477 97 77

F 077 – 477 97 50

Pag. 6 van 6

vervolg raadsvoorstel

Bijlagen Bijlage 1 Bijlage 2 Bijlage 3

Beleidsplan toezien, toezicht en handhaving Wmo en Jeugdwet Noord- en Midden-Limburg 2026-2033. Advies van de Adviesraad sociaal domein Horst aan de Maas Uitvoerend kader toezien, toezicht en handhaving Wmo en Jeugdwet Noord-Limburg 2026-2028

Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst

Postbus 6005 / 5960 AA Horst

T 077 – 477 97 77

F 077 – 477 97 50

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16933533/2