09c Bijlage 1 Locatiestudie basisonderwijs Sevenum
Tekst van het document
Definitief
Locatiestudie basisonderwijs Sevenum Gemeente Horst aan de Maas
1 juli 2024
Inhoudsopgave 1.
Inleiding
3
1.1
Aanleiding
3
1.2
Aanpak – geschiedenis onderzoek
3
1.3
Opzet rapportage
5
2.
Ruimtelijke uitgangspunten
6
3.
Locatie
9
3.1
Locaties
9
4.
Onderwijsvisie & pedagogisch klimaat
12
4.1
Onderwijskundige vernieuwing
12
4.2
Kansen voor een doorlopende leerlijn
12
4.3
Identiteit schoolorganisaties
13
5.
Bouwtechnische kwaliteit
14
5.1
Algemene bouwtechnische kwaliteit
14
5.2
Duurzaamheid
14
5.3
Flexibiliteit, multifunctionaliteit en uitbreidbaarheid
14
6.
Planning en procedures
15
6.1
Algemeen
15
6.2
Omgevingsvergunning
15
6.3
Planning ontwerp en realisatie
16
6.4
Tijdelijke maatregelen
16
7.
Financiën
17
7.1
Stichtingskosten Kindcentrum
17
7.2
Overige (tijdelijke) kosten
19
8.
Risicoprofiel - samenvatting
21
Bijlage 1 Locatieonderzoek WY. Architecten
23
Bijlage 2 Locatieonderzoek Thomas Architecten
24
Bijlage 3 Onderbouwing uitgangspunten pedagogische partners
25
Bijlage 4 Risicomatrix per onderwerp
26
1.
Inleiding
1.2
Aanpak – geschiedenis onderzoek
Basisscholen De Ezelsbrug en De Krullevaar hebben onderwijskundig en bouwtechnisch
1.1
Aanleiding
Op 15 december 2020 is het “Integraal Huisvestingsplan Onderwijs Horst aan de Maas 2020-2035” (IHP) vastgesteld door de gemeenteraad. In het uitvoeringsprogramma is de gezamenlijke huisvesting van de Sevenumse scholen als een van de knelpunten benoemd. In de centrumvisie Sevenum, welke op 7 maart 2023 door de raad is vastgesteld, is benoemd dat de haalbaarheid van de voorkeurslocatie op de huidige locatie van de scholen nader moet worden onderzocht. Dit onderzoek is een herijking van de locatiestudie van WY.architecten (bijlage 1). In de locatiestudie is gekeken naar de kansen en knelpunten voor de realisatie van een gezamenlijk gebouw voor Sevenumse scholen De Ezelsbrug en De Krullevaar en hun partner in kinderopvang, ’t Nest. In overleg met deze partners en de gemeente herijken we het locatieonderzoek voor twee mogelijke locaties: Den Eigen (huidige locatie) en Luttelseweg (Sportpark ’t Spansel). Hierbij moet worden opgemerkt dat de locatie Luttelseweg een andere is dan in het onderzoek van WY.architecten. Voor dit onderzoek is de locatie naast de brandweerkazerne onderzocht.
behoefte aan (ver)nieuwbouw. Hiertoe is in 2019 een locatiestudie uitgevoerd, waarbij ook de kinderopvang en buitenschoolse opvang van t Nest is meegenomen. Er is behoefte aan een herijking van de locatiestudie en tegelijkertijd verbreding met een aantal scenario’s en nader inzicht in de haalbaarheid. In aanvulling op het rapport van WY.architecten moet inzichtelijk worden gemaakt wat de knelpunten en kansen zijn als een deel van de gebouwen blijft staan en wordt gerenoveerd. Vanuit het oogpunt van duurzaamheid en vanwege de ruimtelijk-functionele kwaliteit is er een wens om het gebouw van De Krullevaar te behouden en in het kindcentrum (KC) te integreren. Het schooldeel van De Ezelsbrug uit de jaren vijftig zou dan plaats moeten maken om het nieuwe kindcentrum te kunnen realiseren. De voormalige bibliotheek waar ’t Nest haar intrek heeft genomen ligt excentrisch en zou in ieder geval voor de realisatie van de ruimtelijkfunctionele ambities gesloopt moeten worden. Het gebouw van tafeltennisvereniging SETA is onlangs volledig verduurzaamd. Het is onwenselijk om dit gebouw te slopen voor eventuele nieuwbouw omdat dit kapitaalvernietiging betekent. Daar staat tegenover dat het gebouw de mogelijkheden voor nieuwbouw op deze locatie en de realisatie van de onderwijskundige ambities belemmert.
Naast twee afgeleiden van dit vernieuwbouwscenario moet daarom ook volledige nieuwbouw op de bestaande locatie en de locaties “Markt” en “Luttelseweg” worden afgewogen. In totaal zouden daarmee zes scenario’s moeten worden afgewogen. De scenario’s moeten worden onderzocht op de volgende thema’s: 1. Financieel (alle kosten op basis van kengetallen) 2. Flexibiliteit, multifunctionaliteit & uitbreidbaarheid 3. Onderwijsvisie & Pedagogisch klimaat 4. Ruimtelijke kwaliteit & Omgeving 5. Streven naar energieneutraliteit 6. Risicoprofiel
Figuur 1: Te onderzoeken locaties
3
verdieping worden geplaatst dan wenselijk vanuit de pedagogische visie. Toch blijft er (normatief) voldoende ruimte om te spelen en is het mogelijk om alle partners voldoende zichtbaar te maken vanaf de straat. Uiteindelijk hebben de partners echter aangegeven dat zij te grote bezwaren zien in dit scenario. Het lijkt niet mogelijk om alle partners een gelijkwaardige positie en uitstraling hebben in het gebouw en op de locatie als ook voldaan aan de voorwaarde om: Het bestaande gebouw van de Krullevaar, dat is gebouwd volgens de visie op het Jenaplanonderwijs, in stand blijft voor deze school en integraal in het geheel kan worden opgenomen; ’t Nest op een strategische positie in het gebouw kan worden opgenomen waarmee de samenwerking met beide scholen gelijkwaardig kan worden gerealiseerd en alle partFiguur 2: Partners kindcentrum Sevenum
ners gezamenlijk kunnen optrekken; De onderwijskundige visie van de individuele partners tot zijn recht kunnen komen;
Met de locatiestudie van WY-architecten ligt er een goede basis voor het onderzoek. De
Een centrale entree voor het KC als geheel kan worden gerealiseerd.
projectkaders zijn na het opstellen van het onderzoek wel enigszins bijgesteld. Er is daarom gestart met een nadere analyse en waar nodig bijstelling van de projectkaders. Tijdens de eerste fase van het onderzoek zijn twijfels geplaatst bij de mogelijkheden om de onderwijskundige ambities te realiseren in scenario’s (inclusief en exclusief het gebouw van SETA) waarbij de Krullevaar wordt gerenoveerd. Daarnaast bleek het nodig om de onderwijskundige visie aan te scherpen. Er is daarom besloten om dit nader te onderzoeken en voor de uitwerking van de scenario’s de uitkomsten van dit onderzoek een architectonisch bureau in te schakelen. De oplevering in april 2024 van het onderzoek door Thomas Architecten (bijlage 2) heeft aangetoond dat het in principe mogelijk is om het gewenste programma van het KC te realiseren op de locatie Den Eigen en daarbij het gebouw van de Krullevaar te behouden. Er zijn varianten onderzocht waarbij het gebouw van tafeltennisvereniging SETA behouden
Figuur 3: Selectie uit variantenstudie Thomas Architecten
blijft en varianten waarbij het gebouw wordt gesloopt en integraal in het KC wordt opgenomen. Hierbij is opgemerkt dat het gebouw van de Krullevaar enigszins onhandig op de kavel
Daarnaast benoemen de partners ook het verschil tussen de normatieve ruimtebehoefte
ligt om het programma rondom het bestaande gebouw te plaatsen en de kinderopvang
en het uiteindelijk te realiseren programma: De ruimtebehoefte voor gebouw en speelplein
goed aan te sluiten. Daarnaast moet er voor de Ezelsbrug meer programma naar de
blijkt altijd groter door de ruimtelijk/functionele vertaling van visie en ambitie in ruimtelijk en
4
indelingsverlies. De toelichting op deze essentiële uitgangspunten voor de pedagogische
1.3
partners is als bijlage 3 bij dit rapport opgenomen. Hiermee valt het renovatie-scenario af.
In de rapportage gaan we allereerst in op de (ruimtelijke) uitgangspunten voor de realisatie
Opzet rapportage
van het kindcentrum. Daarna gaan we achtereenvolgens in op de kansen en knelpunten Splitsing van het gebouw in meerdere losstaande delen is voor alle partners inclusief de
van de locatie, de onderwijsvisie & het pedagogisch klimaat, de bouwtechnische kwaliteit
gemeente ongewenst omdat hiermee de flexibiliteit in de opvang van groei en krimp wordt
en duurzaamheid. In hoofdstukken 6 en 7 gaan we in op respectievelijk de planning en
beperkt alsmede de mogelijkheden om effectief en efficiënt om te gaan met de kinderop-
financiële consequenties van de scenario’s. In hoofdstuk 8 worden al deze onderwerpen
vang en vooral de buitenschoolse opvang.
gewogen in de risicomatrix. In de bijlage is de risicomatrix per thema nader uitgewerkt.
Ten opzichte van de rapportage WY.architecten is er bewust gekozen om in deze rapportage het begrip Kindcentrum (KC) te hanteren en niet langer te spreken over een Integraal Kindcentrum (IKC) de onderwijskundige partners hebben de afgelopen periode intensief samengewerkt en vooral duidelijk gemaakt dat het verschil in de onderwijskundige visie van de scholen juist hetgeen is dat waardevol is en ook in het gebouw (met name de onderbouw, jongste klassen) tot uiting zou moeten komen. Van een IKC waarbij er sprake is van één bestuur en één pedagogische visie is derhalve geen sprake. Dit laat onverlet dat de gezamenlijke huisvesting en de samenwerking met één vaste partner voor kinderopvang in een KC een meerwaarde vormt voor de flexibiliteit in huisvesting en de realisatie van doorgaande leerlijnen. In de periode tot de oplevering van het onderzoek naar de realisatie van de onderwijskundige visie is tegelijkertijd de ontwikkeling van de locatie Markt verder uitgewerkt door de eigenaar. Op basis hiervan resteert er onvoldoende ruimte om het programma van het programma op deze locatie te realiseren. Gezien de status van het verzoek tot herontwikkeling komt deze locatie te vervallen.
Met deze uitkomsten zijn er uiteindelijk drie scenario’s gewogen: Nieuwbouw kindcentrum op locatie Den Eigen, behoud van het bestaande gebouw van SETA Nieuwbouw kindcentrum met integratie van het ruimtelijk programma voor SETA op de locatie Den Eigen Nieuwbouw kindcentrum op locatie Luttelseweg (sportpark ‘t Spansel)
5
2.
Ruimtelijke uitgangspunten
voor het bewegingsonderwijs, maar speelt het ook een belangrijke rol bij de weekstart en afsluiting.
Algemeen Ten aanzien van de locatiestudie uit 2019 zijn de uitgangspunten enigszins aangepast. Het gaat dan met name om de leerlingenprognoses. In het onderzoek van WY.architecten werd uitgegaan van 660 leerlingen, verdeeld over 22 groepen. Hiermee wordt uitgegaan van 30 leerlingen per groepsruimte. De leerlingenprognoses tonen een kleiner leerlingenaantal van maximaal 540 leerlingen, maar met 25 leerlingen per groep, betekent dit 23 groepen. Voor ’t Nest is de ruimtebehoefte ook naar beneden bijgesteld. Ruimtebehoefte onderwijs Voor het basisonderwijs zijn er volgens de prognose 2023 structureel 23 groepen. Conform de Verordening voorzieningen huisvesting onderwijs gemeente Horst aan de Maas en het aantal geprognosticeerde leerlingen in 2038 is de normatieve ruimtebehoefte van 3.116 m² BVO. Op basis van de leerlingenprognoses van de afgelopen jaren zien we wel verschillen tussen de scholen, maar blijft het totaal aantal leerlingen gelijk. Het is dan ook belangrijk dat er flexibiliteit is in de toebedeling van de groepsruimtes aan de scholen. De wens vanuit de schoolbesturen is 2.140 m² Bruto Vloer Oppervlak (BVO) voor De Ezelsbrug en 1.353 m² BVO voor De Krullevaar. Dit is in totaal 3.493 m² BVO, 377 m2 meer dan de behoefte volgens de verordening en de uitgangspunten zoals worden opgenomen in het integraal huisvestingsplan (IHP).
De bekostiging materiele instandhouding (MI) is gebaseerd op het aantal leerlingen. Dus surplus op gebouw en/of buitenruimte is een financieel risico voor het schoolbestuur. In de berekening is derhalve uitgegaan van de normatieve ruimtebehoefte.
Tot voor kort was het uitgangspunt dat het programma van De Krullevaar volledig op de begane grond moet worden gerealiseerd. De gesprekken over de inpassing op de locatie, de samenwerking en flexibiliteit hebben ertoe geleid dat deze eis is losgelaten. Het is wel belangrijk dat de onderbouw van beide scholen op de begane grond wordt gerealiseerd, net als de kinderdagopvang (0 – 4 jaar) met personeelsruimtes en 1 stamgroepruimte BSO van ’t Nest. Ruimtebehoefte kinderopvang Kinderopvang ’t Nest heeft een wens voor 987 m² BVO. Dit is opgebouwd uit drie onderdelen: Voor de kinderdagopvang (0 – 4 jaar) zijn er 96 kindplaatsen in 6 groepen. Dit betekent een minimale binnenspeelruimte van 336 m² BVO conform het Besluit kwaliteit kinderopvang (minimaal 3,5 m² per kind). Bruto moet er echter met andere ruimtebehoefte worden gerekend, vanwege de behoefte aan onder andere slaapruimte, sanitair en keuken (inclusief berging). Hierbij komt de behoefte, zoals geformuleerd door ’t Nest, op 753 m² BVO. Voor de buitenschoolse opvang zijn er maximaal 154 kindplaatsen verdeeld over 5 tot 7 groepen. Voor 3 groepen moet er een eigen exclusieve stamgroepruimte van 52 m² BVO per groep komen. Per groep is er 100 m² BVO binnenruimte nodig. Voor 5 tot 7 groepen is dit in totaal 500 tot 700 m² BVO.
Hiervan wordt 156 m² BVO in de drie stamgroepruimtes gevonden en de resterende 344 tot 544 m² BVO in medegebruik van ruimtes van de basisscholen of op externe locaties. Staf- en dienstruimtes van 78 m² BVO.
In de locatiestudie van WY.architecten wordt gesproken over één benodigd speellokaal voor het KC. Op dit moment hebben beide scholen een speellokaal. Op basis van de leerlingenprognoses moet worden geconstateerd dat, op basis van 3,75 klokuren voor de onderbouw, één speellokaal onvoldoende capaciteit heeft voor het bewegingsonderwijs van deze doelgroep. In het lesprogramma van de Krullevaar wordt het lokaal niet alleen gebruikt
Ruimtebehoefte buitenterrein Sinds het opstellen van de locatiestudie door WY.architecten in 2019 heeft de vereniging nederlandse gemeenten (VNG) de uitgangspunten voor de buitenruimte in de laatste modelverordeningen aangepast: De grootte van een schoolplein is gestaffeld en kent niet langer een maximale grootte van 600 m2. Daarnaast moet de ruimtebehoefte voor voorzieningen zoals fietsenstallingen en opslag separaat worden berekend en gaat 6
daarmee niet langer ten koste van het speeloppervlak. Hoewel deze aanpassingen (nog)
De gemeente hanteert een parkeernorm van 0,8 parkeerplaats per lokaal voor onderwijs
niet in de verordening van de gemeente Horst aan de Maas zijn doorgevoerd lijkt het wel
en 1 parkeerplaats per 100 m² kinderopvang. Dit betekent een parkeerbehoefte van 19
verstandig om op deze aanscherpingen te anticiperen.
parkeerplaatsen voor beide scholen en maximaal 10 parkeerplaatsen voor de kinderopvang. In totaal zijn er dus maximaal 29 parkeerplaatsen nodig voor het personeel van beide
Hier staat tegenover dat samenwerking in een KC kansen biedt voor gezamenlijk gebruik
scholen en de kinderopvang.
van buitenruimte: Zones voor verschillende leeftijdsgroepen met verschillende thema’s. Er kan worden bekeken of er gezamenlijk gebruik gemaakt kan worden van dezelfde ruimte
De kwaliteit van de buitenruimte wordt in eerste instantie bepaald door de beschikbare bui-
en of het nodig/ wenselijk is een deel van de openbare ruimte als speelterrein in te richten.
tenruimte. Normatief is er 1.488 m2 aan buitenruimte nodig. De scholen hebben aangege-
Vooral voor de jongste groepen moet dan wel rekening worden gehouden met afsluitbaar-
ven behoefte te hebben aan een ruimer oppervlak van normatief nodig is. De partners
heid van het terrein en toezicht op deze kinderen. Sociale controle is ook gewenst.
hebben in hun programma van eisen aangegeven behoefte te hebben aan 3.609 m2. Bewegend- en contextrijk onderwijs maakt een belangrijk onderdeel uit van alle drie de peda-
In het door de pedagogische partners opgestelde programma van eisen wordt uitgegaan
gogische partners. De huidige locatie voldoet in ieder geval aan de normatieve
van het volgende programma:
ruimtebehoefte. Het braakliggende terrein van de voormalige sportzaal biedt kansen om
Een speelterrein met een omvang van 2.150 m² BVO voor De Ezelsbrug en 1.125 m²
het gewenste oppervlak aan buitenruimte te realiseren en daarmee het buitenspelen voor
BVO voor De Krullevaar. Dit is in totaal 3.225 m² BVO.
zowel de gebruikers van het kindcentrum als voor de buurt te verbeteren en/of kwalitatief
Een speelterrein van 384 m² BVO voor kinderopvang ’t Nest (4 m² per kind).
groen aan te brengen.
Hiermee vragen de partners om een buitenterrein van 3.609 m2. Zoals hiervoor benoemd is de bekostiging voor het onderhoud van buitenruimte vanuit het Normatief ziet de ruimtebehoefte er anders uit. De omvang van het speelterrein conform
rijk gebaseerd op het aantal leerlingen en is daarmee het surplus op buitenruimte een fi-
de verordening is 1.200 m² BVO (600 m² per school). Het Besluit kwaliteit kinderopvang
nancieel risico voor het schoolbestuur. Bij het speelplein kan dit worden ondervangen door
hanteert 3 m² buitenspeelruimte per kind. Dit betekent 288 m² BVO in totaal voor 96 kind-
deze buitenruimte in te richten als openbare ruimte. Hierover moeten dan wel afspraken
plaatsen. Betekent een normatieve ruimtebehoefte van 1.488 m2.
worden gemaakt tussen de gemeente en het schoolbestuur. Een dergelijke oplossing ligt echter meer voor de hand bij de locatie Den Eigen dan de Luttelseweg.
Daarnaast moet rekening worden gehouden met opstelplaatsen voor fietsen en afvalcontainers. Voor de scholen gaan we ervan uit dat 50% van de leerlingen op de fiets komt. Dit
Ruimtebehoefte SETA
getal is in aansluiting op de kengetallen van het kennisinstituut CROW. In dat geval is er
In het scenario waarbij het gebouw van SETA wordt gesloopt en integraal onderdeel uit-
voor de leerlingen ongeveer 600 m2 nodig om fietsen te kunnen stallen. Voor het personeel
maakt van het kindcentrum is het belangrijk dat het nieuw te realiseren gebouwdeel aansluit
gaan we uit van 1 fiets per groep. Dat betekent dat er 31 fietsen gestald moeten kunnen
bij de eisen van SETA en het huidige gebruik van het Stapvast-gebouw. Vanuit SETA is
worden met een benodigde oppervlakte van 58 m2. Voor de berging van spelmateriaal en
aangegeven dat er behoefte is aan eenzelfde ruimte voor de speelzaal en ondersteunende
het plaatsen van afvalcontainers moet rekening worden gehouden met respectievelijk 24
ruimtes, zoals de kleedkamers, kantine en bergingen. Het Stapvast-gebouw heeft een op-
m2 (8 m2 per partner) en 12 m2 voor de rolcontainers. Totaal is er daarom nog bijna 700
pervlak van circa 400 m2 (inclusief zolder).
m2 nodig.
7
Hoewel de pedagogische partners voldoende mogelijkheden zien voor samenwerking en vooral de positie van het gebouw op de locatie als een beperking zien, is er vanuit SETA zelf zeer beperkt enthousiasme om het bestaande gebouw te verlaten.
8
3.
Locatie
De locatie Den Eigen ligt centraal in het voedingsgebied van beide scholen, tegen het centrum van Sevenum. Mede hierdoor hebben zowel de schoolbesturen als de kinderopvang
3.1
Locaties
de voorkeur uitgesproken voor deze centrale locatie. Voor de scholen is ook de afstand tot voorzieningen, zoals sporthal Kruisweide, belangrijk. Kruisweide ligt op loopafstand van het scholencomplex (550 meter over de weg en 350 meter hemelsbreed). Andere sportvoor-
Locatie Den Eigen
zieningen, zoals sportpark ‘t Spansel liggen verder weg (850 meter over de weg, 750 m
De locatie, Den Eigen, de percelen waarop de Ezelsburg, de Krullevaar en ’t Nest zijn ge-
hemelsbreed).
huisvest hebben een totale oppervlak van 6.040 m2. Indien het huidige parkeerterrein en de groenstrook van het voormalige sportgebouw worden meegerekend, kan er nog ruim
Hierbij moet worden opgemerkt dat, vanwege de ligging nabij het centrum de verkeersdruk
2.000 m2 worden gebruikt bij de herinrichting. Inclusief het kavel waarop het gebouw Stap-
relatief hoog is. Op de schoolroute over de Raadhuisstraat zijn een tweetal lastige kruis-
vast van SETA staat is er uiteindelijk ruim 9.000 m2 beschikbaar.
punten. Dit zou een reden kunnen zijn voor de dorpsraad en de oudergeleding van de medezeggenschapsraden om deze locatie als minder aantrekkelijk te beschouwen.
Voor nieuwbouw op deze locatie zijn meerdere opties mogelijk. Het belangrijkste verschil is of het huidige gebouw van SETA behouden blijft of dat dit gesloopt wordt. Bij sloop van
Het perceel heeft al een maatschappelijke bestemming. Het kindcentrum kan binnen de
het SETA gebouw kan er bij de nieuwbouw een combinatie van speellokaal en ruimte voor
regels van het omgevingsplan worden gerealiseerd. Wel moet er een binnenplanse omge-
SETA gemaakt worden. Hiermee kan, ofwel het totale ruimtegebruik worden beperkt, ofwel
vingsplanprocedure te worden doorlopen.
het gebruik van de voorzieningen worden geoptimaliseerd: Bijvoorbeeld de speellokalen echt in te richten voor sport en bewegen (onafhankelijk van elkaar en samen te gebruiken) voor zowel de scholen als de kinderopvang en de ruimte van SETA ook geschikt te maken voor muziek en podiumkunsten (de verwachting is dat de frequentie van dit gebruik minder is dan sport en bewegen). In dat geval zouden de speellokalen ook interessant worden voor conditietrainingen voor de leden van SETA. De tafeltennisvereniging heeft aangegeven vooral ‘smiddags te trainen, maar ook minimaal 3 ochtenden gebruik te maken van hun speelzaal. Inzetten van de speelruimte van SETA als speelzaal is derhalve geen optie. Nadere afspraken hierover moeten nog gemaakt worden voor de vertaling in programma en financiën gaan we derhalve nog uit van 4 onafhankelijke programma’s. Nadeel bij een ontwikkeling op deze locatie is de realisatie van tijdelijke huisvesting. Het is niet mogelijk om de nieuwbouw te realiseren zonder de gebruikers tijdelijk (ongeveer 2 jaar) op een andere locatie onder te brengen. Geen van de betrokken partijen is voorstander van een tijdelijke huisvesting en de verhuizing hier naartoe. Voor de participatie van SETA kan dit zelfs een breekpunt zijn.
Figuur 4: Uitsnede locatie Den Eigen uit kaart bestemmingsplan Kernen Sevenum
9
Bij herinrichting van de locatie is het belangrijk om de verkeerveiligheid te verbeteren. Het
Locatie Luttelseweg
huidige aantal parkeerplaatsen nabij de locatie is voldoende. Vanwege de parkeervoorzie-
Naast de locatie Den Eigen behoort de locatie Luttelseweg tot de mogelijke huisvestings-
ningen aan deze straat en de ruimtelijke mogelijkheden om de verkeerssituatie voor lang-
locatie. Het betreft een perceel tegenover sportpark ’t Spansel en achter de brandweerka-
zaam en gemotoriseerd verkeer te verduidelijken en daarmee de verkeersveiligheid te
zerne, in de oksel van de bebouwing van Sevenum. Het totale kavel heeft een oppervlak
verbeteren (bijvoorbeeld door het aanleggen van een kiss and ride zone) zou een centrale
van circa 2,5 hectare, waarvan een deel voor het KC kan en moet worden bestemd.
entree aan de Wilhelminastraat logisch zijn. In de variant waarbij het gebouw van SETA blijft staan, vormt dit gebouw echter een visuele barrière.
De locatie ligt tegenover sportpark ‘t Spansel waar voetbalvereniging Sparta ’18 is gehuisvest. Hierdoor lijkt een grotere samenwerking met de voetbalvereniging en meer bewe-
Locatie Den Eigen, de mgr. Evertsstraat, is uit een klimaat stresstest naar voren gekomen
gingsonderwijs in de buitenlucht voor de hand te liggen. Ten opzichte van de locatie Den
als waterknelpunt. Om aan de eisen van het waterschap Limburg te voldoen moeten er
Eigen is de afstand tot Sporthal Kruisweide groter (1,2 kilometer over de weg en 1 kilometer
maatregelen worden getroffen om het water tijdens hevige regen op te vangen en de wegen
hemelsbreed).
begaanbaar te houden voor hulpdiensten. Dit perceel aan de rand van Sevenum moet nog worden verworven en een agrarische bestemming. Voor het realiseren van het kindcentrum moet daarom het omgevingsplan worden aangepast. Beide zaken leveren een risico op voor de planvorming: Kan het perceel tijdig en binnen de financiële kaders worden verworven? Hoe reageert de buurt op de voornemens? Zijn er nog aspecten die vanuit de inventarisatie op natuur- en milieuaspecten naar voren komen? De ligging in de oksel van de bebouwde kern van Sevenum, tussen de Luttelseweg en het bebouwingslint langs de Steeg, maken dit echter een relatief logische ontwikkeling dan de door WY.architecten onderzochte locatie aan de Scheperstraat. Daar komt bij dat er geen woningen direct aan de beoogde locatie van het KC grenzen en daarmee (geluids)overlast wordt beperkt. Voor de positionering van het gebouw op het kavel moet wel rekening worden gehouden met een zogenaamde “spuitzone” van 50 meter vanaf het oefenterrein van de brandweer. Andersom moet wel worden onderzocht of de realisatie van het KC en deze geluidsgevoelige bestemming beperkingen oplevert voor de activiteiten van de brandweer (oefeningen). Ook op deze locatie is het belangrijk om een verkeersveilige situatie te realiseren. AanFiguur 5: Uitsnede uit klimaat stresstest
dachtspunt hierbij is de naastgelegen brandweerkazerne. Bij het uitrukken van de brandweerautos is er sprake van gebruik van sirenes. De toestromende vrijwilligers van de brandweer zijn echter niet standaard voorzien van deze alarmering en kunnen bij een uitruk tijdens het in- of uitgaan van de scholen voor een gevaarlijke situatie zorgen.
10
Aan de overzijde van het perceel zijn in sportpark ‘t Spansel voldoende parkeerplaatsen voor ouders en personeel beschikbaar (de gebruikstijden van de voetbalvereniging en het KC overlappen nauwelijks). Wel is het verstandig een kiss and ride voorziening te realiseren. de entree naar de school niet direct aan de Scheperstraat te situeren en een directe doorsteek voor voetgangers naar het parkeerterrein van ‘t Spansel te maken.
Figuur 6: Uitsnede locatie Luttelseweg bestemmingsplan Buitengebied Horst aan de Maas
11
4.
Onderwijsvisie & pedagogisch klimaat
4.1
Onderwijskundige vernieuwing
Vernieuwing in het onderwijs kan op het gebied van het vernieuwen van het leerplan, de inhoud van het onderwijs, maar ook op de wijze waarop les wordt gegeven (onder andere
De optimale situatie hiervoor wordt bereikt door minimaal de onderbouw van beide organisaties en de kinderopvang op de begane grond te situeren. Volgens de bijlage ‘ruimtebehoefte/ programma uitgangspunten’ is dit het geval wanneer er minimaal circa 3.000 m2 BVO op de begane grond gesitueerd wordt. In de praktijk is het bij deze ruimtereservering mogelijk om gezamenlijk gebruik van ruimten in de uitwerking van het ontwerp te optimaliseren ten behoeve van het realiseren van een doorlopende leerlijn.
verschillende groepsgrootte of groepsdoorbroken onderwijs en de rol die de leerkracht heeft). Het klassieke frontale lesgeven, waarbij een leraar voor de klas kennis overdraagt, heeft de afgelopen jaren steeds meer plaats gemaakt voor contextrijk lesgeven waarbij wordt ingespeeld op de kennis die de leerlingen al hebben en het verschil tussen deze leerlingen in beschikbare kennis en de wijze waarop zij deze kennis tot zich nemen. Ook
Voor beide locaties is het mogelijk om het gewenste programma op de begane grond te realiseren. Op de locatie Luttelseweg zouden aanvullende ambities ten aanzien van samenwerking met partners met zorg voor en ontwikkeling van kinderen kunnen worden onderzocht.
de intrede van digitale leermiddelen heeft de manier van lesgeven veranderd. Een nieuw gebouw realiseren voor de komende 40 jaar. Het is dan ook belangrijk dat het gebouw voldoende flexibel is om voortschrijdend inzicht op het gebied van onderwijs op te vangen. Dit uitgangspunt moet tot uiting komen in het ontwerp van het gebouw. Denk hierbij een constructieve opzet die het mogelijk maakt om tussenwanden en de klimaat installaties aan te passen. Aangezien er in alle scenario’s uit wordt gegaan van nieuwbouw, zouden de kansen voor onderwijskundige vernieuwing niet afhankelijk hoeven te zijn voor het te kiezen scenario. De uitdaging voor het ontwerpende team is hooguit groter op de locatie Den Eigen, waarbij SETA behouden blijft. Het ontwerpende team heeft in dit geval beperkingen ten aanzien van de beschikbare ruimte. Zoals al in het onderzoek van Thomas architecten werd benoemd ligt dit pand onhandig op de kavel en blokkeert het gebouw het zicht op het KC.
4.2
Kansen voor een doorlopende leerlijn
Op de locatie Den Eigen biedt de aanwezigheid van SETA aanvullende mogelijkheden voor
Zoals al in het rapport van WY.architecten werd genoemd ontstaat een doorlopende leerlijn
de buitenschoolse opvang (BSO): vooral voor de midden- en bovenbouw zijn er aanvul-
wanneer het pedagogisch programma van de kinderopvang naadloos overloopt in het on-
lende mogelijkheden om sport- en bewegen een integraal onderdeel te laten vormen van
derwijsprogramma van de kleutergroepen in het basisonderwijs. Naast het afstemmen van
het pedagogisch programma. In het scenario waarbij SETA integraal in het gebouw wordt
leermethodieken tussen kinderopvang en basisonderwijs, is het in de ruimtelijke indeling
opgenomen kan hier actief in de ontwerpfase op worden ingespeeld. Voor de locatie Lut-
van het KindCentrum (KC) van belang dat de verschillende partners in het gebouw ook in
telseweg zijn er soortgelijke mogelijkheden voor de BSO. In dit geval gaat het om de inzet
contact met elkaar kunnen staan en ruimten van elkaar kunnen benaderen en gebruiken.
van de voetbalvelden voor sport- en bewegen. In beide gevallen zijn er mogelijkheden om
12
de verenigingsruimte van respectievelijk SETA en Sparta’18 te gebruiken bij evenementen,
Voor locatie Luttelseweg geldt dat bij volledige nieuwbouw dit thema, zowel de eigenheid
ofwel bij groei van het aantal BSO-kinderen. De ervaring leert dat het voor het behoud van
per partner als de eigenheid van het geheel in de uitwerking van het ontwerp meegenomen
bovenbouwleerlingen voor de BSO een meerwaarde kan zijn om een ruimte separaat van
kan worden.
midden- en onderbouw te hebben, waarin activiteiten kunnen worden georganiseerd die beter aansluiten bij hun wensen.
4.3
Identiteit schoolorganisaties
De afzonderlijke schoolorganisaties willen graag ‘herkenbaar’ zijn in een gebouw waarin meerdere partners gehuisvest gaan worden. Tegelijkertijd moet ook de meerwaarde van het KC als geheel tot uiting komen in het gebouw, inclusief een centrale entree. Vooral dit laatste bleek onvoldoende naar tevredenheid te kunnen worden gerealiseerd in de studies van Thomas architecten. Voor locatie Den Eigen zijn in de huidige situatie de partners al in verschillende bouwdelen gesitueerd, met ieder een eigen entree. In het scenario waarbij het gebouw van SETA gehandhaafd blijft zouden de partners hun eigen entree hebben. In het scenario waarbij SETA integraal onderdeel wordt van het KC, is het mogelijk om een centrale entreepartij te realiseren in de richting van Wilhelminastraat en daarmee ook de herkenbaarheid van het geheel te realiseren.
13
5.
Bouwtechnische kwaliteit
en verscheidenheid in het geheel te vergroten. Door voorzieningen te combineren kan de hiermee bespaarde ruimte en investering op een andere manier worden ingezet.
5.1
Algemene bouwtechnische kwaliteit
Uitgangspunt voor de realisatie van het kindcentrum zijn de kwaliteitskaders onderwijshuisvesting en kinderopvang en daarmee het landelijke basiskader. Hierbij wordt ingestoken op sober en doelmatig, waarbij toekomstbestendigheid ook een belangrijke rol speelt. Voor het binnenklimaat wordt uitgegaan voor een gebalanceerde ventilatie en basisverlichting. Daarnaast wordt uitgegaan van duurzame warmte opwekking.
5.2
Duurzaamheid
Op locatie Den Eigen is al sprake van het delen van faciliteiten. Sinds het rapport van WYarchitecten zijn de scholen van (Dobbelsteen en Horizon) al samengevoegd tot de Ezelsbrug. In de nieuwbouwplannen is het ook de intentie om de buitenschoolse opvang (BSO) van ’t Nest onder te brengen in het gebouw. Er zijn landelijk voldoende goede voorbeelden waarbij de ruimtes van de scholen, zoals leerpleinen en speellokalen worden gebruikt door de kinderopvang. De mogelijkheden hiervoor zijn op allebei de locaties gelijk. De maximaal gewenste bouwhoogte voor onderwijs betreft 2 bouwlagen. Vanwege de
Zoals in het rapport van WY.architecten is opgenomen levert een compacte bouwvorm in
wens om compact te bouwen is dit tegelijkertijd de minimale bouwhoogte. De mate waarin
2 bouwlagen, met een vierkante plattegrond, een optimale verhouding tussen vloeropper-
het perceel nog uitbreidingen toelaat in relatie tot de oppervlakte voor speelterrein is in dit
vlakte en transmissieverlies door de bouwschil. Met andere woorden: Een compact gebouw
thema bepalend. Voor de locatie Den Eigen zijn, in het scenario waarbij het gebouw van
zorgt ervoor dat het energieverlies van het gebouw tot een minimum wordt beperkt en daar-
SETA behouden blijft, de mogelijkheden tot toekomstige uitbreiding beperkt. Het speelter-
mee ook de energielasten voor de gebruikers. Hierbij spelen echter ook zaken als compar-
rein is in deze optie al gefragmenteerd en zou door uitbreiding nog kleiner worden en/of
timentering (het opdelen van het gebouw op basis van gebruikers en gebruikstijden) en
anders moeten worden ingedeeld. In dit scenario wordt het gebruik van het terrein van de
uiteraard het gebruik zelf een belangrijke rol.
voormalige sportzaal noodzakelijk of is het noodzakelijk voorzieningen te treffen om een derde bouwlaag te realiseren. Dit laatste betekent dat het nodig is om de constructie van
Aangezien er in alle scenario’s uit wordt gegaan van nieuwbouw zijn daarmee de kansen
het bestaande gebouw zwaarder uit te voeren en ook voor de stijgpunten en de installaties
voor energiezuinig en duurzaam bouwen gelijk. Hooguit ligt er in het scenario op de locatie
in het gebouw te anticiperen op uitbreiding. Voor de realisatie van een KC in 3 (of meer)
Den Eigen, waarbij SETA wordt behouden, een extra architectonische uitdaging.
bouwlagen zijn er ondertussen voldoende goede voorbeelden. Het anticiperen op de derde bouwlaag vraagt niet alleen om aanvullende investeringen, maar ook om aanpassing van
5.3
Flexibiliteit, multifunctionaliteit en uitbreidbaarheid
Nieuwbouw geeft mogelijkheden om flexibiliteit integraal te vertalen in het gebouwconcept.
de ruimtelijke kaders (toegestane te realiseren bouwhoogte). Hiervoor is het nodig om een buitenplanse omgevingsvergunningsprocedure te doorlopen..
De mogelijkheden tot uitwisseling van onderwijsruimten door toekomstige verschuivingen in leerlingaantallen, worden met name bepaald door de mate waarin de ruimten van de
Aangezien de locatie Luttelseweg nog relatief blanco is, moet uitbreiding in de planvorm-
verschillende partners aan elkaars bouwdeel grenzen. Daarnaast zijn de type ruimten die
ming mee kunnen worden genomen. Hierbij is het verstandig om niet alleen rekening te
aan elkaar grenzen van invloed. Het is belangrijk dat de partners in gesprek gaan over nut
houden met uitbreiding die ruimtelijk en functioneel goed aansluit, maar ook rekening te
en noodzaak van specifieke eigen voorzieningen. Specifieke eigen voorzieningen zijn van-
houden met beperking van de overlast tijdens de realisatie van deze uitbreiding.
uit het oogpunt van een behoud van eigen identiteit wellicht gewenst, maar gezamenlijk en generiek gebruik vergroot de flexibiliteit en daarmee juist de mogelijkheid om de kwaliteit
14
6.
Planning en procedures
overschreden (tenzij er meer dan 2 bouwlagen worden gerealiseerd) en de plannen onderdeel uitmaken van de centrumvisie Sevenum, is de kans op bezwaren beperkt, mits de
6.1
Algemeen
plannen rekening houden met de stedenbouwkundige schaal van de locatie. Dit laatste betekent dat moet worden voorkomen dat het gebouw als één grote massa overkomt.
Bij de ontwikkeling van het KC speelt niet alleen het eindresultaat mee, maar ook de wijze waarop dit resultaat kan worden bereikt en de bijbehorende planning. In dit hoofdstuk gaan we in op deze aspecten: benodigde vergunningsprocedures, planning voor ontwerp en realisatie, tijdelijke maatregelen.
Locatie Luttelseweg De locatie Luttelseweg heeft op dit moment een agrarische bestemming. Dit betekent dat de omgevingsvergunning moet worden aangepast. Een dergelijke procedure kent idealiter een doorlooptermijn van 26 weken en treed 4 weken na het besluit in werking. De voorbe-
6.2
Omgevingsvergunning
reiding van deze procedure is echter veel complexer dan in het geval van een binnenplanse
In de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) staan de regels opgenomen waar-
omgevingsvergunning. Om de omgevingsvergunning aan te passen moeten alle factoren
aan moet worden voldaan voordat er met de realisatie van het KC wordt overgegaan. Sinds
integraal worden onderzocht, afgewogen en onderbouwd. Onderdeel hiervan is de afwe-
1 januari 2024 is de omgevingsvergunning, een geïntegreerde vergunning voor o.a. bou-
ging waarom een ontwikkeling buiten de grenzen van de bebouwing van Sevenum nood-
wen, ruimte, natuur en milieu, van kracht. Standaard moet voor het verkrijgen van de ver-
zakelijk en een meer duurzame optie is dan de binnenstedelijke locatie Den Eigen
gunning een plan worden ingediend dat voldoet aan de eisen van het bouwbesluit.
(zogenaamde laddertoets duurzame verstedelijking).
Daarnaast worden er eisen gesteld die afhankelijk zijn van de locatie. Daarnaast is er sprake van een toename van het aantal verkeersbewegingen van en naar Locatie Den Eigen
de locatie. Er moet duidelijk worden gemaakt of en hoe dit verkeersveilig kan worden afge-
Op de locatie Den Eigen passen de plannen voor het KC binnen het bestemmingsplan. Er
wikkeld.
kan daarom worden volstaan met een binnenplanse omgevingsvergunning. Voor een reguliere procedure moet rekening worden gehouden met een beslistermijn van 8 weken,
Ook geluid speelt een belangrijke rol in de beoordeling van de plannen. Qua geluid kunnen
waarbij er eenmalig een verlenging van 6 mogelijk is.
2 zaken relevant zijn: 1. geluid vanuit de omgeving op de nieuw te bouwen school (omliggende bedrijven en
Voor deze locatie moet inzichtelijk worden gemaakt dat bestaande flora en fauna niet in het geding komt, of er milieukundige bezwaren zijn voor deze ontwikkeling. Dit betekent onder andere dat eventuele vogels en vleermuizen die nestelen op of in de bestaande gebouwen
brandweerkazerne) 2. geluid van activiteiten van de school (installaties, spelende kinderen, eventueel. verkeersaantrekkende werking) op de omliggende woningen
tijdig kunnen mitigeren voordat deze gebouwen worden gesloopt. Daarnaast moet inzichtelijk worden gemaakt wat de plannen betekenen voor de waterhuishouding in het gebied.
Ten behoeve van 1 dient een quickscan bedrijven en milieuzonering uitgevoerd te worden
Aangezien de locatie al is ingericht met veel steenachtige materialen en het de intentie is
waarbij duidelijk wordt of en zo ja, welke, bedrijven akoestisch relevant zijn. Hiervoor dient
om een compact gebouw te realiseren, is er waarschijnlijk niet of nauwelijks verschil.
dan nader akoestisch onderzoek plaats te vinden. De brandweerkazerne verdient hierbij extra aandacht (eventueel ook bij de inpandige indeling van de school hiermee rekening
Onderdeel van de vergunningsprocedure is raadpleging en inspraak door omwonenden.
houden).
Aangezien de bestemming niet wijzigt, de voorwaarden aan bouwhoogte niet worden
15
Ook dient een akoestisch onderzoek plaats te vinden naar de geluiduitstraling van de
in kaart worden gebracht: welke materialen komen voor hergebruik in aanmerking of kun-
school naar de omgeving. Geadviseerd wordt dit in een vroegtijdig stadium te doen zodat
nen op een andere manier bijdragen aan circulariteit. Een circulaire sloop vraagt om een
bij het ontwerp van de school en locatie van de speelplaats hiermee rekening kan worden
goede voorbereiding (het opstellen van een materialenpaspoort) en een zorgvuldige de-
gehouden (bebouwing kan eventueel geluid van de speelplaats naar omliggende bebou-
montage en sloop. Materialen van het huidige gebouw gebruiken in het nieuwe gebouw is
wing afschermen).
alleen mogelijk als dit volgtijdelijk past en tussentijds opgeslagen kunnen worden.
Tenslotte moet worden onderzocht wat de gevolgen zijn van deze ontwikkeling voor het
Voor het ontwerp, de aanbesteding en de uitvoering moet rekening worden gehouden met
milieu, de flora en de fauna en moeten er maatregelen worden getroffen om negatieve
een doorlooptijd van minimaal 2 jaar. Deze doorlooptijd is wel afhankelijk van de planning
gevolgen te compenseren. Zo moet er, vanwege de toename van het verhard oppervlak
van de scholen. Verhuizingen moeten worden afgestemd op vakantieperiodes om de over-
sprake zijn van compensatie ten aanzien van de waterhuishouding in het gebied.
last te beperken. Liefst wordt in de zomervakantie verhuisd om de rust tijdens het schooljaar te bewaren.
Het totaal aan voorbereiding van het omgevingsplan (de onderzoeken, de raadplegingen met de buurt en de vertaling om de randvoorwaarden voor de planontwikkeling in een om-
6.4
gevingsplan te verwerken) vergt een langere doorlooptijd dan de binnenplanse procedure
In het geval van sloop en nieuwbouw op de locatie Den Eigen is het ook nodig om tijdelijke
op de locatie Den Eigen. Er moet rekening worden gehouden met een extra doorlooptijd
maatregelen te nemen. Voor de gebruikers van de scholen en de kinderopvang moet tij-
van een half jaar tot een jaar.
dens de sloop ten nieuwbouw een ander onderkomen gevonden worden. Dit betekent dat
Tijdelijke maatregelen
er ofwel noodlokalen moeten worden geplaatst op een locatie in Sevenum, ofwel dat er
6.3
Planning ontwerp en realisatie
tijdelijk elders ruimte wordt gevonden. Voor dit laatste kan worden gedacht aan het voor-
De procedure voor ontwerp en realisatie is in beide nieuwbouw gevallen relatief gelijk. Wel
malige schoolgebouw aan het Raadhuisplein. Afhankelijk van de beschikbare ruimte bete-
moet rekening worden gehouden met de omstandigheden in de markt. Om een succesvol
kent dit dat de sloop in één of meerder fase kan of moet plaatsvinden.
aanbestedingstraject te kunnen doorlopen moet rekening worden gehouden met de portefeuillevoorraad van de marktpartijen en risico in de planontwikkeling. Is er kans op voort-
Voor de tijdelijke huisvesting moet een alternatieve locatie worden gezocht en ingericht. De
schrijdend inzicht van de betrokken partners van het KC dan lijkt het verstandiger om een
plaatsing van de units kan echter binnen enkele weken plaatsvinden. Al met al vraagt de
traditioneel ontwerp- en realisatietraject te doorlopen, waarbij bijstelling van de plannen tot
sloop van de gebouwen en de plaatsing van de units ongeveer om een langere doorlooptijd
de start van de bouw relatief eenvoudig kan worden doorgevoerd. Met geïntegreerd traject
van een half jaar, vergelijkbaar met de langere vergunningsperiode van de Luttelseweg.
kunnen marktpartijen een efficiënte en effectieve planning doorlopen en is er eerder zicht op het financiële risico van het traject, omdat de prijsafspraken nog voor of tijdens het ont-
Vooral voor de kleinere kinderen is het belangrijk om het aantal verhuisbewegingen tot een
werptraject worden gemaakt.
minimum te beperken en het moment van de verhuizing slim te kiezen.
Sloop van de bestaande gebouwen op de locatie Den Eigen, de plaatsing van tijdelijke units
Deze tijdelijke maatregelen zijn niet nodig bij verhuizing naar de locatie Luttelseweg.
en de verhuizing naar deze units zorgt ervoor dat de benodigde doorlooptijd langer is. Voorafgaand is het nodig om te onderzoeken of sloop betekent dat er kans is op het vrijkomen van gevaarlijke stoffen (asbest). Daarnaast moeten de ambities ten aanzien van de sloop 16
7.
Financiën
Ad. Grondkosten Onder grondkosten worden de kosten verstaan die nodig zijn voor het verwerven en bouw-
Bij het opstellen van de stichtingskostenraming is rekening gehouden met alle kosten die
rijp maken van het terrein. Overige locatie gebonden kosten (zoals eventuele bodemver-
door de gemeente als opdrachtgever van het kindcentrum gedragen moeten worden. In dit
vuiling, planschade, omleggen van kabels en leidingen, archeologie, explosieven en
hoofdstuk gaan we in op de verschillen in de kosten voor de realisatie van het gebouw en
mitigerende maatregelen voor flora en fauna) zijn niet opgenomen. Voor de locatie Den
de kosten voor de tijdelijke voorzieningen.
Eigen is op dit moment niet inzichtelijk of er in de grond kabels, leidingen, gebouwresten of vervuiling is. Voor de locatie Luttelseweg, die nu als agrarische grond wordt gebruikt, lijkt
7.1
het risico op kabels, leidingen en vervuiling beperkt. Na keuze van de locatie moet dit nader
Stichtingskosten Kindcentrum
Het grootste deel van de kosten voor de verschillende scenario’s wordt bepaald door de stichtingskosten. In onderstaande tabel worden deze stichtingskosten benoemd en vervol-
Grondkosten Sloopkosten gebouwen Verwerving grond (7.000 m2) Overige grondkosten
Locatie Den Eigen Nieuwbouw Nieuwbouw exclusief Inclusief SETA SETA €
180.000 € p.m.
205.000 p.m.
Luttelseweg
Ad realisatiekosten Voor de realisatie van schoolgebouwen is in het IHP een normbedrag opgenomen. Deze kosten geven een goed beeld van de marktconforme prijzen van schoolgebouwen, maar gaat niet specifiek in op prijsverschillen door het omvang van het bouwvolume, bereikbaar-
€
175.000 p.m
heid van de bouwlocatie. Voor een eenduidige vergelijking van verschillende projecten binnen de gemeente en daarmee besluitvorming is het verstandig uit te gaan van dit standaardbedrag. De realisatiekosten zijn gebaseerd op bedragen zoals worden gehanteerd in het IHP dat
Realisatiekosten Realisatiekosten Kindcentrum Opslag ENG Realisatiekosten SETA Realisatie kiss and ride Overige bijkomende kosten Onderzoekskosten tbv vergunning Leges Onvoorzien Prijsstijgingen tot start bouw Totaal (inclusief BTW)
ten van de bestaande gebouwen. Voor de locatie Luttelseweg is rekening gehouden met verwervingskosten.
gens per onderwerp nader toegelicht. Omschrijving
worden onderzocht. Wel is er voor de locatie Den Eigen rekening gehouden met sloopkos-
€ 10.640.000 € 10.640.000 € 10.640.000 779.000 € 779.000 € 779.000 € - € 1.210.000 € 80.000 € 80.000 € 80.000
op dit moment wordt geactualiseerd. In het bedrag dat gehanteerd wordt in het IHP zijn de volgende zaken opgenomen: Bouwkosten voor de realisatie van het kindcentrum (gasloos); Opslag voor frisse scholen klasse B, waarbij er aanvullende eisen zijn ten aanzien van
P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. P.M. € 640.000 € 710.000 € 640.000 € 12.319.000 € 13.627.000 € 12.312.000
het binnenklimaat, dan zijn opgenomen in het bouwbesluit; Kosten voor de inrichting van het buitenterrein (conform normatieve grootte en uitgegaan van tegelverharding); Bijkomende kosten voor projectbegeleiding en honoraria voor ontwerpers en adviseurs; In het IHP wordt uitgegaan van een standaardbedrag per m2 schoolgebouw. Dit bedrag omvat dezelfde opbouw als de normbedragen waarvan de VNG uit gaat, maar is getoetst
17
aan de werkelijke, marktconforme bedragen. In dit bedrag zitten niet alleen de bouwkosten,
dergelijke hoogte in deze fase van de planvorming verstandig. Er zijn geen specifieke sport-
maar ook een groot deel van de bijkomende kosten.
voorzieningen in de raming opgenomen, zoals hulpstaal of vloerposten om sporttoestellen respectievelijk aan het dak te kunnen bevestigen of in de vloer te kunnen vastzetten.
Het kindcentrum moet een toekomstbestendige huisvesting bieden voor de partners. Aangezien de klimaatdoelstellingen uitgaan van energie neutrale gebouwen (ENG) in 2050 en
Op zowel de locatie Den Eigen als de locatie Luttelseweg zijn op dit moment reeds vol-
het IHP inzicht geeft in de plannen met een meerjaren perspectief, is er een opslag hiervoor
doende parkeerplaatsen aanwezig. Hiervoor zijn derhalve geen aanvullende kosten opge-
meegenomen in de raming. Deze opslag is ook gehanteerd in het IHP. Een ENG-gebouw
nomen. Voor de verkeersveiligheid gaan we echter wel uit van realisatie van één kiss-and-
vraagt om een ander gebouw- en installatieconcept dan een bijna energieneutraal gebouw
ride-voorziening. Aanvullende maatregelen om de openbare inrichting aan te passen en de
(BENG). Hoewel de nadere afspraken over welke partij verantwoordelijk is voor deze extra
verkeersveiligheid te verbeteren worden geacht te zijn opgenomen in de algemene reser-
investering nog moeten vastgelegd in het IHP en hoe zich dit verhoudt tot de lagere ge-
veringen voor (her)inrichting en onderhoud van het openbaar gebied.
bruikskosten, is er wel alvast geanticipeerd op deze aanvullende eisen. Ad overige bijkomende kosten Nota bene: In het IHP wordt voor renovatie van gebouwen uitgegaan van een bedrag dat bijna gelijk-
In het bedrag waarmee de VNG rekent zijn de locatiegebonden kosten voor aansluiting op
waardig is aan nieuwbouw: Het aanpassen van bestaande gebouwen aan de actuele eisen ten aanzien
gas- water en elektriciteitsnetwerk niet opgenomen. Ook de leges voor de omgevingsver-
van gebouwkwaliteit, duurzaamheid en binnenmilieu vraagt om een behoorlijke investering. Vooral de
gunning en de hiervoor benodigde onderzoeken zijn hierin niet opgenomen. In het geval
bijkomende kosten (projectbegeleiding, ontwerp en uitwerking) zijn relatief hoog. In het geval van re-
van de locatie Luttelseweg moet rekening worden gehouden met hogere leges en ook ho-
novatie en uitbreiding moet echter ook rekening worden gehouden dat het lastiger is om de uitbreiding
gere onderzoekskosten.
ruimtelijk/functioneel goed op het bestaande gebouw aan te sluiten. Er moet daarom rekening worden gehouden met zogenaamd indelingsverlies en daarmee extra te realiseren gebouwoppervlak. Het afgevallen scenario waarbij het gebouw van de Krullevaar zou worden gerenoveerd is daarmee niet beduidend goedkoper dan de nieuwbouw-variant.
De bouwkosten per m2 zijn in de verschillende scenario’s zijn gelijkwaardig. In het scenario waarbij SETA integraal in de planvorming wordt opgenomen wordt er uiteindelijk een groter bouwvolume gerealiseerd en zijn daarom de bouwkosten hoger. Voor het scenario op de locatie Den Eigen waarbij het gebouw van tafeltennisvereniging SETA integraal in het nieuwbouwplan wordt opgenomen is uitgegaan van actuele kenge-
Figuur 7: Uitsnede capaciteitskaart Netbeheer Nederland (24-05-2024)
tallen vanuit het Bouwkostenkompas. Het Bouwkostenkompas geeft een goed inzicht in de bouwkosten per gebouwtypen. In dit geval is gymzaal met een vrije hoogte van 5,5 meter
Aandachtspunt is bij de ontwikkeling van het KC is de netcongestie. Bovenstaande uitsnede
als uitgangspunt genomen. Hoewel tafeltennis vraagt om een minimale vrije hoogte van 4
van de capaciteitskaart van Netbeheer Nederland toont een rode arcering. Dit betekent dat
meter, heeft de vereniging op dit moment een vrije hoogte die overeenkomt met die van
er geen transportcapaciteit beschikbaar is en dat de grenzen voor congestiemanagement
een gymzaal. Vanuit de wens tot multifunctioneel gebruik van deze ruimte lijkt een
bereikt zijn. Er zullen maatregelen moeten worden genomen om deze periode te
18
overbruggen. Tot die tijd is het niet mogelijk om een daadwerkelijk energieneutraal gebouw
Locatie Den Eigen – tijdelijke huisvesting
op te leveren. De mogelijkheden om te tijdelijke probleem op te lossen zijn afhankelijk van
In het geval van de locatie Den Eigen is er een noodzaak om tijdelijke huisvesting te reali-
het gekozen installatieconcept. Daarnaast wordt er hard gewerkt aan alternatieven. Kosten
seren. De omvang van deze tijdelijke huisvesting is afhankelijk van het ontwerp en de mo-
voor de overbrugging zijn daarom op dit moment nog niet inzichtelijk te maken. Aangezien
gelijkheden tot fasering: Is het mogelijk om ’t Nest te behouden tijdens de realisatie (en is
er reeds gebouwd programma op de locatie Den Eigen aanwezig is, inclusief de bijbeho-
dit wenselijk in verband met de overlast van de naastgelegen bouwwerkzaamheden). Is het
rende aansluitingen, lijkt de kans op een (tijdelijke en/of tijdige) oplossing groter.
mogelijk om een (aantal) leerlingen onder te brengen in leegstaande gebouwen elders (zoals het voormalige schoolgebouw van De Horizon aan het Raadhuisplein). Welke voorzie-
Om het waterknelpunt op de mgr. Everststraat op te lossen lijkt de locatie Den Eigen en de
ningen moet er in deze bestaande gebouwen worden getroffen om tijdelijk als huisvesting
realisatie van het KC een kans voor de gemeente Horst aan de Maas. Als het KC op deze
te gebruiken (rekening houden met minimaal 2 schooljaren)? Wat betekent het om slechts
locatie wordt gerealiseerd, betekent dit dat in ieder geval een deel van de regen onder-
een deel van de kinderen op een andere locatie onder te brengen voor de inzet van perso-
gronds opgevangen moet worden. De investeringen hiervoor zijn beduidend hoger dan bo-
neel, het halen en brengen van de kinderen en de beleving van de kinderen?
vengrondse opvang. De oplossing voor het waterknelpunt en de daarbij behorende investering is afhankelijk van de inrichting van het perceel. Het verschil in investeringen kan
Tijdelijke huisvesting is een relatief dure oplossing. Hierbij zijn er twee opties: huur of koop.
echter oplopen tot 2 miljoen euro.
Als we dit vergelijken met de tijdelijke huisvesting van het Dendron college (prijspeil 2022) en prijsstijgingen doorvoeren (anderhalf jaar indexeren naar 2024) moet rekening gehou-
Onvoorzien
den worden met een investering van ruim € 975,- per m2 BVO of een huurprijs van minimaal
Een post onvoorzien is niet opgenomen in het normbedrag voor de realisatiekosten. Vooral
€ 9.500,- per week. Naast de huur van de units moet ook rekening worden gehouden met
op de locatie Den Eigen, waarbij rekening moet worden gehouden met inpassing in en
het transport en aansluiten van de units. Na gebruik van de units moeten deze natuurlijk
aansluiting op een bestaande locatie lijkt het verstandig om hier een post voor op te nemen.
ook weer worden afgevoerd. Naast de kosten moet echter ook een locatie worden gevonden om deze tijdelijke units te plaatsen.
Prijsstijgingen Het verschil tussen de verschillende scenario’s wordt veroorzaakt door het feit dat voor het scenario Den Eigen, waarbij het gebouw van SETA behouden blijft, een complexere bouwstroom is. Ondanks het feit dat er een kleiner programma hoeft te worden gerealiseerd, kan
Tijdelijke voorzieningen Den Eigen
Nieuwbouw excl. SETA
Benodigd oppervlak
Nieuwbouw incl. SETA 3.000 m2
3.400 m2
hierbij minder efficiënt worden gewerkt. De bouwtijd van dit plan is daarom iets langer ge-
Aankoop units
€
2.925.000
€
3.315.000
houden dan in het scenario waarbij SETA in het bouwplan is geïntegreerd. Voor de locatie
Huurprijs per week
€
9.500
€
10.750
Luttelseweg geldt dat de voorbereidingstijd langer is, in verband met de te doorlopen pro-
Huurprijs 2 jaar (minimale huurtermijn)
€
988.000
€
1.118.000
Plaatsingskosten
€
150.000
€
155.000
Verwijderingskosten
€
80.000
€
85.000
Naast de kosten om het KC te realiseren is er sprake van bijkomende kosten voor beide
Totale kosten huur tijdelijke units
€
1.218.000
€
1.358.000
locaties.
Kosten tijdelijke locatie
cedure.
7.2
Overige (tijdelijke) kosten
P.M.
P.M.
19
De units moeten tijdelijk op een beschikbare locatie worden geplaatst. Op de locatie Den Eigen zelf is hiervoor onvoldoende ruimte. Het is dus belangrijk om hiervoor een alternatieve locatie te zoeken. Indien deze (nog) niet van de gemeente is kunnen daar ook aanvullende kosten voor nodig zijn. Denk hierbij aan huur of kosten voor woonrijp maken van de locatie (inrichting buitenterrein of verwijderen obstakels van locatie). Locatie Luttelseweg - leerlingenvervoer In het geval van de locatie Luttelseweg zijn tijdelijke huisvestingskosten niet nodig. Wel moet er rekening gehouden worden met het transport van en naar sportzaal Kruisweide. Wettelijk is een afstand van 1 km hemelsbreed toegestaan. Hieraan wordt precies voldaan. Via de weg is de afstand echter langer (ongeveer 1,2 km). De schoolbesturen zijn geen voorstander van vervoer naar de sportzaal. Het verdient daarom de voorkeur om, in afstemming, te bekijken welke oplossing kan worden gevonden (op de fiets, clusteren uren bewegingsonderwijs, gebruik voetbalvelden) en hoe de kosten worden verdeeld. De scholen hebben op basis van de leerlingenprognoses behoefte aan 9 en 14 uren bewegingsonderwijs. In het uiterste geval betekent dit dat er 5 dagen busvervoer nodig is. Dit komt al snel op een blijvende jaarlast van € 150.000,-.
Daarnaast moet worden onderzocht hoeveel jaar dit leerlingenvervoer naar de locatie Kruisweide (nog) nodig is.
20
8.
Risicoprofiel - samenvatting
Planning Planningstechnisch lijkt de voorkeur uit te gaan naar de locatie Luttelseweg. Hoewel de
In de risicomatrix (zie bijlage 1) zijn de aspecten die in voorgaande hoofdstukken aan de
benodigde vergunningsprocedure meer tijd en energie vraagt, wordt dit gecompenseerd
orde zijn gekomen overzichtelijk weergegeven om een afweging tussen de verschillende
door de sloop op de locatie Den Eigen en vooral de noodzaak om leerlingen tijdelijk naar
scenario’s te maken.
een andere locatie te verplaatsen. De volgordelijkheid en afhankelijkheid van deze onderdelen ten opzichte van elkaar maken de kans op uitloop op de planning het grootst op de
Toekomstbestendigheid
locatie Den Eigen. Tenslotte weegt vooral de overlast voor de kinderen en het personeel
De 3 scenario’s betreffen alle drie nieuwbouw. Hiermee kan de toekomstbestendigheid en
op de locatie Den Eigen door in het oordeel.
de wijze waarop de visie op gebruik en samenwerking van het gebouw en de buitenruimte in het ontwerp kan worden vertaald als gelijkwaardig worden beschouwd. Wel moet bij het
Financieel
scenario waarbij het gebouw van SETA wordt behouden worden opgemerkt dat de relatie
Financieel is er een verschil tussen de verschillende scenario’s zichtbaar. Hierbij is de lo-
tussen gebouw en buitenruimte, net als in de huidige situatie, niet optimaal is.
catie Den Eigen vooral duurder vanwege de tijdelijke voorzieningen. Daarnaast vraagt deze locatie om extra investeringen om het waterknelpunt op te lossen.
Ruimtelijk programma Alle drie de locaties bieden voldoende ruimte om het normatieve ruimtelijke programma te
Op termijn kan de locatie Luttelseweg duurder uitpakken als er over een langere periode
realiseren. De aanvullende wensen ten aanzien van buitenruimte zijn op de locatie Den
gebruik moet worden gemaakt van leerlingenvervoer.
Eigen alleen mogelijk als de openbare ruimte aan de Wilhelminastraat (parkeerterrein en terrein voormalige gymzaal) bij het plan worden betrokken.
Omschrijving
Locatie Den Eigen Nieuwbouw exclusief SETA
Nieuwbouw Inclusief SETA
Op beide locaties zijn de voorzieningen voor parkeren en fietsenstalling voldoende (te rea-
Stichtingskosten (inclusief BTW)
€
12.319.000
€
13.627.000
liseren).
Huur tijdelijke units (2 jaar)
€
1.218.000
€
1.358.000
Kosten leerlingenvervoer (jaarlijks)
Luttelseweg
€ 12.312.000 €
150.000
Duurzaamheid Ook ten aanzien van de duurzaamheid verschillen de scenario’s nauwelijks. Een uitdaging
Conclusie
vormt het energieneutraal maken van het gebouw, vooral met de huidige netcongestie.
Op basis van de hierboven genoemde punten is er geen duidelijke voorkeur voor een bepaalde locatie. Financieel lijkt de locatie Luttelseweg het best passend, tenzij er over een
Bereikbaarheid
langere periode dan 9 jaar van leerlingenvervoer gebruik moet worden gemaakt. Ook de
Ten aanzien van de bereikbaarheid is er wel een duidelijk verschil tussen de locaties. De
benodigde investeringen om het waterknelpunt op te lossen zijn naar verwachting hoger
locatie Den Eigen is hierbij in het voordeel vanwege de centrale ligging in het voedingsge-
als het KC op de locatie Den Eigen blijft. Tenslotte lijkt de locatie Luttelseweg een betere,
bied en de nabijheid van de binnensportvoorzieningen. Daar staat tegenover dat de ver-
minder risicovolle, oplossing tijdens de uitvoeringsfase. Het is wel belangrijk om zo spoedig
keersdruk nabij deze locatie hoger is en dat de nabijheid van de buitensportvoorzieningen
mogelijk nader milieutechnisch onderzoek uit te voeren voor de locatie Luttelseweg om
een pré is voor de locatie Luttelseweg.
eventuele risico’s in kaart te brengen.
21
Toekomstbestendigheid
D’n Eigen Nieuwbouw Kindcentrum en behoud gebouw SETA Nieuwbouw Kindcentrum inclusief SETA score toelichting score toelichting 0 Gebouw kan volledig worden ontworpen om aan + Gebouw kan volledig worden ontworpen om aan de pedagogische visie te voldoen. Behoud van het de pedagogische visie te voldoen. gebouw van SETA maakt het echter lastig om de meest geschikte configuratie te realiseren, vooral in combinatie met het buitenterrein.
Luttelseweg, sportpark 't Spansel Nieuwbouw Kindcentrum score toelichting + Gebouw kan volledig worden ontworpen om aan de pedagogische visie te voldoen.
Ruimtelijk programma +
Bij volledige nieuwbouw kan het normatieve programma op deze locatie worden uitgevoerd. Uitgangspunt is een compact en tweelaags gebouw.
+
Bij volledige nieuwbouw kan het normatieve programma op deze locatie worden uitgevoerd. Uitgangspunt is een compact en tweelaags gebouw.
+
Bij volledige nieuwbouw kan het normatieve programma op deze locatie worden uitgevoerd. Uitgangspunt is een compact en tweelaags gebouw.
Duurzaamheid
+
Nieuwbouw kan duurzaam gebouwd worden.
+
Nieuwbouw kan duurzaam gebouwd worden.
+
Nieuwbouw kan duurzaam gebouwd worden.