08c.2 Verkennend bodemonderzoek Kranestraat 67 (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Analyse
Eenheid
01PFAS 002 (0-50) 004 (0-50) 005 (0-50) 006 (0-50)008 (0-50) 009 (0-50) 011 (0-50) 012 (050) 015 ( Oordeel G. W. G. S. S. D
Bodemtype correctie Fractie < 2 µm Organische stof volgens gloeiverlies methode
25 3. 2
Voorbehandeling Cryogeen malen % (m/m) % (m/m) ds % (m/m) ds µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS µg/kg DS
Aangenomen waarde Gemeten waarde
G. S. S. D.
Gestandaardiseerde meetwaarde
RAG LAN WON IND
< = Rapportagegrens dan wel landbouw/natuur
ln
WON
IND
0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1 0. 1
1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 9 1. 9 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 4 1. 9 1. 4
3 3 3 3 7 7 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 7 3
3 3 3 3 7 7 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 3 7 3
#
85. 7 3. 2 96 0. 2 < 0.1 < 0.1 < 0.1
0. 2 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 0. 2 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 < 0.1 0. 3 0. 3
0. 2 0. 07 0. 07 0. 07 0. 2 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 2 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07 0. 3 0. 3
ln rg rg rg
ln rg rg rg rg rg rg rg rg rg rg rg rg rg
ln rg rg rg rg rg rg rg rg rg rg rg
ln ln
Monsteromschrijving Datum Monstername 01PFAS 002 (0-50) 004 (0-50) 005 (0-17-10-2024 50) 006 (0-50)008 (0-50) 009 (0-50)
Legenda # G. W.
rg
LAN
Uitgevoerd
Bodemkundige analyses Droge stof Organische stof Gloeirest PerFluoroCarbon(PFC) PFBA (Perfluor-n-butaanzuur) PFPeA (Perfluor-n-pentaanzuur) PFHxA (Perfluor-n-hexaanzuur) PFHpA (Perfluor-n-heptaanzuur) PFOA lineair (Perfluor-n-octaanzuur) PFOA vertakt (perfluoroctaanzuur) PFNA (Perfluor-n-nonaanzuur) PFDA (Perfluor-n-decaanzuur) PFUnDA (Perfluor-n-undecaanzuur) PFDoDA (Perfluor-n-dodecaanzuur) PFTrDA (Perfluor-n-tridecaanzuur) PFTeDA (Perfluor-n-tetradecaanzuur) PFHxDA (Perfluor-n-hexadecaanzuur) PFODA (Perfluor-n-octadecaanzuur) PFBS (Perfluor-n-butaansulfonzuur) PFPeS (Perfluor-n-pentaansulfonzuur) PFHxS (perfluorhexaansulfonzuur) PFHpS (Perfluor-n-heptaansulfonzuur) PFOS lineair (perfluoroctaansulfonzuur) PFOS vertakt (perfluoroctaansulfonzuur) PFDS (Perfluor-n-decaansulfonzuur) 4:2 FTS (4:2 Fluortelomeersulfonzuur) 6:2 FTS (6:2 Fluortelomeersulfonzuur) 8:2 FTS (8:2 Fluortelomeersulfonzuur) 10:2 FTS (10:2 Fluortelomeersulfonzuur) MePFOSAA (N-methylperfluor-n-octaansulfonamido-azi EtFOSAA (N-ethylperfluor-n-octaansulfonamido-azijn PFOSA (perfluoroctaansulfonamide) MeFOSA (n-methyl perfluoroctaansulfonamide) 8:2 diPAP (8:2 Fluortelomeerfosfaat diester) som PFOA (factor 07) , som PFOS (factor 07) , Eurofins Nr. M2M-202400495336
RAG
Kwaliteitseis dan wel oordeel landbouw/natuur Kwaliteitseis dan wel oordeel wonen/industrie Kwaliteitseis dan wel overschrijding industrie (niet toepasbaar) < = Rapportagegrens dan wel landbouw/natuur Kwaliteitseis dan wel oordeel landbouw/natuur
Deze toetsing is met de grootste zorg samengesteld Eurofins Analytico B. V. is echter niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.
Mocht u een probleem in deze toetsing signaleren dan verzoeken wij u vriendelijk dit door te geven aan eol.helpdesk @eurofins.com
Page 1 of 1
Uw Project Certificaat Toetsing Versie
Horst , Kranestraat 67 (24282001A) AR-421-2024-037954-01 BoToVa T13/T130 Kwaliteit van ondiep grondwater / Beoordeling aan interventiewaarde bodemkwaliteit 2. 0. 18
Analyse
Eenheid G. W.
001-1-1 G. S. S. D
Maximale waarden Oordeel
RG
S
-
20 0. 2 2 2 0. 05 2 3 2 10
50 0. 4 20 15 0. 05 5 15 15 65
625 6 100 75 0. 3 300 75 75 800
-
0. 2 0. 2 0. 2
0. 2 7 4
30 1000 150
Metalen Barium (Ba) Cadmium (Cd) Kobalt (Co) Koper (Cu) Kwik (Hg) Molybdeen (Mo) Nikkel (Ni) Lood (Pb) Zink (Zn)
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
22 1. 6 17 4. 3 < 0. 050 < 2. 0 12 < 2. 0 180
22 1. 6 17 4. 3 0. 035 1. 4 12 1. 4 180
Vluchtige Aromatische Koolwaterstoffen Benzeen Tolueen Ethylbenzeen o-Xyleen mp-Xyleen , Xylenen (som) factor 07, BTEX (som) Styreen Naftaleen
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
< 0. 2 < 0. 2 < 0. 2 < 0. 1 < 0. 2 0. 21 < 0. 9 < 0. 2 < 0. 02
0. 14 0. 14 0. 14 0. 07 0. 14 0. 21
-
-
0. 2
0. 2
70
0. 14 0. 014
-
0. 2 0. 02
6 0. 01
300 70
Vluchtige organische halogeenkoolwaterstoffen Dichloormethaan Trichloormethaan Tetrachloormethaan Trichlooretheen Tetrachlooretheen 11-Dichloorethaan , 12-Dichloorethaan , 111-Trichloorethaan , , 112-Trichloorethaan , , cis 12-Dichlooretheen , trans 12-Dichlooretheen , CKW (som) Tribroommethaan Vinylchloride 11-Dichlooretheen , 12-Dichloorethenen (Som) factor 07, , 11-Dichloorpropaan , 12-Dichloorpropaan , 13-Dichloorpropaan , Dichloorpropanen som factor 0. 7
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
< 0. 2 < 0. 2 < 0. 1 < 0. 2 < 0. 1 < 0. 2 < 0. 2 < 0. 1 < 0. 1 < 0. 1 < 0. 1 < 1. 6 < 0. 2 < 0. 1 < 0. 1 0. 14 < 0. 2 < 0. 2 < 0. 2 0. 42
0. 14 0. 14 0. 07 0. 14 0. 07 0. 14 0. 14 0. 07 0. 07 0. 07 0. 07
-
0. 2 0. 2 0. 1 0. 2 0. 1 0. 2 0. 2 0. 1 0. 1
0. 01 6 0. 01 24 0. 01 7 7 0. 01 0. 01
1000 400 10 500 40 900 400 300 130
-
0. 2 0. 1 0. 2
0. 01 0. 01 0. 01
630 5 10 20
-
0. 6
0. 8
80
Minerale olie Minerale olie (C10-C12) Minerale olie (C12-C16) Minerale olie (C16-C21) Minerale olie (C21-C30) Minerale olie (C30-C35) Minerale olie (C35-C40) Minerale olie totaal (C10-C40)
µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l µg/l
< 10 < 10 < 10 < 15 < 10 < 10 < 50
7 7 7 10. 5 7 7 35
-
50
50
600
Eurofins Nr. 421-2024-00103159
Monsteromschrijving 001-1-1
0. 14 0. 07 0. 07 0. 14 0. 14 0. 14 0. 14 0. 42
> sw -
> sw
-
-
-
-
Datum Monstername 17-10-2024
Legenda G. W. G. S. S. D. RG S T I -
> sw > t > iw
Gemeten waarde (Gemiddelde) waarde omgerekend naar standaardbodem Rapportagegrens Streefwaarde Tussenwaarde Interventiewaarde < = Steefwaarde > Streefwaarde > Tussenwaarde (halve som) > Interventiewaarde
De toetsing is met de grootste zorg samengesteld door Eurofins Analytico B. V. en HMB B. V. . Deze zijn niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing. Bron toetsing: Bodem Toets- en Validatieservice (BoToVa): beheer Rijkswaterstaat.
Bijlage | 5 Achtergrondinformatie 1.
Toelichting bij verschillende onderzoeken/onderzoekstappen
Vooronderzoek Ook wel bekend als historisch onderzoek. Het betreft het verzamelen van informatie over de locatie middels archiefonderzoek , historisch bronnen en kaarten en een locatie-inspectie. Het vooronderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 5717 (waterbodem) en de NEN 5725 (landbodem). In het geval van asfaltonderzoek is de opzet omschreven in de CROW 210. Verkennend bodemonderzoek Op basis van de gekozen strategie (onverdachte of verdachte locatie) worden een aantal boringen en/of peilbuizen geplaatst. Een aantal grond- en grondwatermonsters wordt geanalyseerd op de relevante parameters. In de rapportage wordt verwoord of de milieuhygiënische kwaliteit voldoende is voor hetgeen is voorgenomen of dat nader bodemonderzoek noodzakelijk is. Het verkennend bodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 5740. Nader bodemonderzoek Het in één of meerdere fasen vaststellen van de aard , oorzaak , mate , omvang en ligging van een verontreiniging. In de rapportage wordt de verontreinigingssituatie omschreven. Over het algemeen wordt ook een risicobeoordeling uitgevoerd). Uitvoering (behoudens voor asbest) conform de NTA 5755. Verkennend asbest in grondonderzoek Onderzoek naar asbest in de bodem met minder dan 50 gewichtsprocent bodemvreemd materiaal. In de rapportage wordt verwoord of het asbestgehalte aanleiding geeft tot nader onderzoek. Uitvoering conform de NEN 5707.
Verkennend asbest in puinonderzoek Onderzoek naar asbest in funderingslagen , stortlocaties en wegen met meer dan 50 gewichtsprocent bodemvreemd materiaal. In de rapportage wordt verwoord of het asbestgehalte aanleiding geeft tot nader onderzoek. Uitvoering conform de NEN 5897. Nader asbest in grond- of puinonderzoek Onderzoek naar de oorzaak , mate , omvang en ligging van een asbestverontreiniging. In de rapportage worden de verontreinigingssituatie omschreven. Over het algemeen wordt ook een risicobeoordeling uitgevoerd. Uitvoering conform de NEN 5707 of NEN 5897. Verkennend waterbodemonderzoek Onderzoek voor het bepalen van de milieuhygiënische kwaliteit van de waterbodem en daaruit vrijkomende baggerspecie. In de rapportage wordt verwoord dat de milieuhygiënische kwaliteit voldoende is voor hetgeen is voorgenomen of dat nader waterbodemonderzoek noodzakelijk is. Het verkennend waterbodemonderzoek wordt uitgevoerd conform de NEN 5720. Partijkeuring Ook wel bekend als AP04. Een onderzoek gericht op het vervoeren en elders toepassen bouwstof. In de rapportage worden de hergebruiksmogelijkheden verwoord. Asfaltonderzoek Onderzoek naar de laagopbouw conform de CROW 210.
en
teerhoudendheid
van
van
grond of
asfalt. Het asfaltonderzoek wordt uitgevoerd
2.
Toetsingskader
De toetsingen worden conform de geldende richtlijnen uitgevoerd. Voor parameters anders dan asbest geschiedt dit middels BoToVa (Bodem Toets- en Validatieservice). In de toetstabellen zijn ook de normwaarden voor de geanalyseerde parameters weergegeven. De toetsingswaarden zijn opgenomen in de Regeling Bodemkwaliteit bijlage B , Besluit Activiteiten Leefomgeving Bijlage IIA en Besluit Kwaliteit Leefomgeving bijlage Vd. De meest recente versies zijn te raadplegen via wetten. overheid. nl. De toetsingswaarden zijn als volgt gedefinieerd: Waarde Landbouw/natuur Voor grond en baggerspecie bij regeling vastgestelde gehalten aan chemische stoffen voor een goede bodemkwaliteit , waarvoor geldt dat er geen sprake is van belasting door lokale verontreinigingsbronnen. Deze waarden zijn (door gemeenten) vastgesteld in het project ‘achtergrondwaarden 2000 (AW 2000)’. Interventiewaarde Waarde waarmee voor verontreinigende stoffen in grond en grondwater het concentratieniveau wordt aangegeven waarboven sprake is van ernstige vermindering of dreigende vermindering van de functionele eigenschappen die de bodem heeft voor mens , plant of dier. In het grondwater aangeduid als signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering.
Streefwaarden grondwater Aanduiding van het ijkpunt voor de milieukwaliteit voor de lange termijn , uitgaande van verwaarloosbare risico’s voor het ecosysteem waarbij voor metalen onderscheid wordt gemaakt tussen diep en ondiep grondwater. Tussenwaarde (formeel vervallen) Voor grond: het rekenkundig gemiddelde van de achtergrondwaarde en de interventiewaarde van een verontreinigende stof. Voor grondwater: het rekenkundig gemiddelde van de streefwaarde en de interventiewaarde van een verontreinigende stof. De tussenwaarde is de concentratiegrens waarboven in beginsel nader onderzoek wordt uitgevoerd , omdat het vermoeden van ernstige bodemverontreiniging bestaat. Naast de toetsing aan de bovenstaande waarden kan ook (indicatief) getoetst worden aan bodemkwaliteitsklassen (‘Landbouw/natuur’ , ‘Wonen’ , ‘Industrie’ , ‘Matig verontreinigd’ of ‘Sterk verontreinigd’).
Waterbodem De analyseresultaten kunnen getoetst worden aan de voorwaarden voor de volgende generieke toetsingskaders: 1. toepassen in oppervlaktewater Inhoudend: het gericht plaatsen van bagger waarbij een nieuwe waterbodem ontstaat. Daarvoor wordt de waterbodemkwaliteit , met behulp van het toetsingsprogramma BoToVa , onderverdeeld in de klassen ‘niet verontreinigd’ , ‘licht verontreinigd’ , ‘matig verontreinigd’ of ‘sterk verontreinigd’ 19 . Ook de kwaliteit van de ontvangende waterbodem is van belang; 2. verspreiden over aangrenzend perceel hiervoor wordt de msPAF-toets 20 gebruikt tenzij al bekend is dat sprake is van ‘vrij toepasbare (verspreidbare) baggerspecie’(zie punt 1) 3. toepassing op landbodem de waterbodemkwaliteit wordt in het kader van deze toepassing onderverdeeld in de klassen ‘landbouw/natuur’ , ‘wonen’ , ‘industrie’ , ‘matig verontreinigd’ of sterk verontreinigd’ 21
19 20
msPAF
21
De normwaarden zijn afkomstig uit de Regeling Bodemkwaliteit ‘Vrij toepasbare bagger’ kan zonder aanvullende toetsingen onder meer verspreid worden op het aangrenzende perceel. Een aanvullende toetsing met behulp van msPAF is alleen noodzakelijk bij de klassen licht of matig verontreinigd meer stoffen Potentieel Aangetaste Fractie van lagere organismen. De msPAF-toets is een methode om ecologische risico’s te bepalen. De toets geeft een indicatie over het deel van de aanwezige organismen dat nadelige gevolgen kan ondervinden als gevolg van het aanwezige mengsel van verontreinigingen. Op basis van het criterium dat de verspreidbare hoeveelheid bagger minimaal gelijk moet blijven , is de norm gesteld op msPAF-metalen < 50% en msPAF-organisch < 15%. Naast de msPAF zijn 7 stoffen individueel genormeerd te weten cadmium , kwik , lood , molybdeen , nikkel , PCB en minerale olie De analyseresultaten worden , na omrekening tot gehalten standaardbodem , getoetst aan de normwaarden voor toepassen van grond op of in de bodem (Regeling bodemkwaliteit)
3.
Betrouwbaarheid
van
onderzoeken
Bodemonderzoeken worden op zorgvuldige wijze verricht volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden. Het gehele proces van offerte tot en met rapportage is geborgd in een gecertificeerd ISO 9001 kwaliteitssysteem. Analyses vinden , tenzij anders vermeld , plaats in geaccrediteerde laboratoria. HMB B. V. streeft bij elk milieuhygiënisch onderzoek naar een optimale representativiteit. Echter , een dergelijk onderzoek is gebaseerd op het verrichten van een beperkt aantal monsterlocaties en het nemen en analyseren van een beperkt aantal monsters. Hierdoor blijft het mogelijk , dat plaatselijke afwijkingen in de samenstelling van grond en/of grondwater aanwezig zijn , welke tijdens het onderzoek niet naar voren zijn gekomen. HMB B. V. is niet aansprakelijk
voor
hieruit voortvloeiende schade of gevolgen
van
welke aard ook.
Hierbij wordt er tevens op gewezen , dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Beïnvloeding van grond- en grondwaterkwaliteit zal ook plaats kunnen vinden na uitvoering van dit onderzoek , bijvoorbeeld door bouwrijp maken of aanvoer van grond van elders. Naarmate een langere tijd is verlopen na uitvoering van het onderzoek , dient men meer voorzichtigheid te betrachten en voorbehoud te maken bij het gebruik van de onderzoeksresultaten.
Bijlage | 6 Uittreksel kadastrale kaart Situatietekening
Kadastrale kaart
12345 25
Uw referentie: 24282001A
Deze kaart is noordgericht
Schaal 1: 1000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens Bebouwing
Kadastrale gemeenteHorst Sectie M Perceel 2995
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. Voor een eensluidend uittreksel , geleverd op 25 september 2024De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele De bewaarder van het kadaster en de openbare registers eigendomsrechten voor , waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
schaal
omgevingskaart
1:10000
LEGENDA
Boring tot 0,5
m-mv
Boring tot 2,0
m-mv
Peilbuis Gat Huisnummer
Onderzoekslocatie
Bebouwing (buitenmuur) Perceelsgrens (Kadaster) Topografie Begrenzing water Foto:
opnamerichting
en
nummer
(geanonimise rd)
Bezoekadres: Telefoon:
h”
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) 077
-
info@hmbgroep.nl www.hmbgroep.nl Aan
de maten
kunnen
geen
rechten
worden
ontleend.
(geanonimiseerd)