CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

08.4D.2. Concept gewijzigde GR RUD LN wijzingen zichtbaar.PDF 207

Gemeenteraad 24 oktober 2023, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot het niet indienen van zienswijzen tegen de ontwerpbesluiten van het college over de wijziging van Gemeenschappelijke Regelingen SDLN, Omnibuzz, VRLN en RUD LN, per 1 juli 2024.9.181 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

o Eerste wijziging Gemeenschappelijke regeling regionale uitvoeringsdienstRegeling Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord (GR RUD LN) Geldend van 01 12 2017 t/m heden

Intitule Gemeenschappelijke rogoling regionale uitvoeringsdienst Limburg Noord

Gedeputeerde Staten van Limburg, maken ter voldoening aan het bepaalde in de Provinciewet en Algemene wet bestuursrecht bekend de integrale tekst van: Gemeenschappelijke regeling regionale uitvoeringsdienst Limburg Noord.

Het college van gedeputeerde staten van de provincie Limburg Gelet op het bepaalde in artikel 51, lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen en de verkregen toestemming van de Provinciale Staten van de provincie Limburg;

Concept 17508-03-2023

De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Beesel, Bergen (L), Echt-Susteren, Gennep, Horst aan de Maas, Leudal, Maasgouw, Mook en Middelaar, Nederweert, Peel en Maas, Roerdalen, Roermond, Venlo, Venray en Weertr en het college van gedeputeerde staten van de provincie Limburg; Gelet op het bepaalde in artikel 51, lid 2 van de Wet gemeenschappelijke regelingen en de door de colleges van burgemeester en wethouders van hun gemeenteraden verkregen toestemming;

Overwegende overwegende dat:

Het Rijk, het Interprovinciaal Overleg en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten in 2009 afspraken hebben gemaakt over de vorming van regionale uitvoeringsdiensten, het takenpakket dat deze diensten in ieder geval moeten gaan uitvoeren en de kwaliteitsnormering van vergunningverlening en handhaving;

Deze afspraken hebben geleid tot een verbetering van de uitvoering van de VTH taken in de afgelopen jaren;

Het gewenst is deze huidige bereikte situatie te consolideren;

Vanaf januari 2013 de RUD Limburg Noord operationeel is, gebaseerd op een bedrijfsconcept dat bestaat uit een netwerkmodel op basis van een bestuursovereenkomst;

Genoemde afspraken een wettelijke verankering hebben gekregen in een wijziging van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (wet VTH) en de hierop te baseren wijziging van het Besluit Omgevingsrecht met als belangrijkste speerpunten een samenwerking in omgevingsdiensten, kwaliteit van de uitvoering door omgevingsdiensten en informatieuitwisseling tussen handhavingspartners;

1 van 21

o Dozo wottolijko vorankoring botokont dat do RUD Limburg Noord uitorlijk op 1 januari 2018 moot zijn de Regionale Uitvoeringsdienst Limburg Noord met ingang van 1 december 2017 is opgoricht als oen Openbaar Lichaam zoals bedoeld in do Wot gomoonschappolijko rogolingon artikel 52 lid 1 jo. artikel 8, lid 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr):

Gelet op:

Do Wot gomoonschappolijko rogolingon, do Provinciewet, do Gomoontowot, do Algomono wot bestuursrecht on do Wot algomono bepalingen omgovingsrocht:

Besluiten: Vasttostollon do navolgende ontwikkelingen in de bestuurspraktijk, de wetgeving en jurisprudentie aanleiding hebben gegeven tot actualisering en aanpassing van de gomoonschappolijko regeling voor do Regionale Uitvooringsdionst Limburg Noord van do doolnomondo gomoonton on do provincie.;

gelet op:

de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Provinciewet, de Gemeentewet, de Algemene wet bestuursrecht en de Wot algomono bepalingen omgovingsroebtOmgovingswot:

de van de gemeenteraden en provinciale staten verkregen toestemming:

besluiten vast te stellen de eerste wijziging van de gemeenschappelijke regeling Regionale Uitvoeringsdienst Limburg-Noord met ingang van 1 juli 2024, waardoor deze als volgt komt te luiden:

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

Artikel 1 Begripsbepaling 1. 1.In dozo gomoonschappolijko regeling wordt verstaan onder:

a.

Burgemeester on wethouders: do colleges van burgemeester on wethouders van do doolnomondo gomoonton;

b.

Deelnemers: do aan dozo regeling doolnomondo gomoonton on do provincie Limburg;

c.

Dorde: organisatie niet zijnde oen van do deelnemers;

d.

Facultatieve taken: taken niet zijnde do taken uit hot wottolijk basistakenpakket;

o.

Gastorganisatio: één van do doolnomondo gomoonton aan dozo regeling die do uitvooringsdionst faciliteert op hot gebied van bedrijfsvoering, zoals ""personeelsaangelegenheden, informatisering, organisatie, financiën, automatisering, communicatie on huisvesting/facilitaire zaken (PIOFACH)"]" on waartoe oen afzonderlijke

2 van 21

o o—dienstverleningsovereenkomst tussen de uitvoeringsdienst en de gastorganisatie wordt geslotenf,

f.

Gedeputeerde staten: het college van gedeputeerde staten van de provincie Limburg;

g.

0—S Het wettelijk basistakenpakket: het takenpakket zoals bedoeld in artikel 137.12 lid 1 van

het Besluit Omgovingsrocht; o—h, Bpsu+t-Orngevingsrechtbesluit: h.

Het takenpakket Limburg Noord (TPLN): het takenpakket van de GR RUD Limburg Noord bestaande uit het wettelijke basistakenpakket als bedoeld in artikel 137.12 lid 1 van het Besluit OmgevingsrechtT Besluit Omgevingsbesluitrecht, de milieutaken voor niet-RUDinrichtingen en Wabo specialistische milieutaken zoals ""ketentoezicht"-"", "sloop en asbest",-"", "afvalwater (indirecte lozingen)",-")", "bodem, waterenwater en bouwstoffen", "", "externe veiligheid",-"". "geluid",-"", "groen en ecologie" en "luchtkwaliteit" zoals genoemd onder de punten 11" en 17 t/m 23 van de Kwaliteitscriteria 2.1;

"luchtkwaliteit" zoals genoemd onder de punten 11 en 17 t/m 23 van de Kwaliteitscriteria 2.12: het op 28 juni 2012 door VNG, IPO en het Rijk bestuurlijk vastgestelde document waarin criteria zijn opgenomen waaraan vergunningverlening, toezicht en handhaving in het omgevingsrecht moeten voldoen, alsmede de hierop volgende vastgestelde versies;

i.

Lijnmanagersoverleg: overleg tussen de directeur van de GR RUD LN en de lijnmanagers van de deelnemers; o—k,

j.

Minister: de Minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties;

k.

Openbaar lichaam: het openbaar lichaam als bedoeld in artikel 2 van deze regeling;

l.

Provinciale staten: provinciale staten van de provincie Limburg;

m.

Raden: de raden van de deelnemende gemeenten;

n.

Regeling: deze gemeenschappelijke regeling;

o.

Secretarissen: de gemeentesecretarissen van de deelnemende gemeenten en de

o—m,

directeursecretaris van de provincie Limburg;

p.

Uitvoeringsdienst: de regionale uitvoeringsdienst Limburg-Noord die voor alle deelnemers belast is met tenminste het wettelijk basistakenpakket. De uitvoeringsdienst kan voor alle deelnemende gemeenten worden belast met de uitvoering van het takenpakket Limburg-

o—ŅosrįíTEJJieņ-de-űveíjgeiisuJîiîieviiiķenr, Uitvoeringseenheid: eenheid van medewerkers in dienst bij de gemeente Roermond gespecialiseerd in vergunningverlenende en toezichthoudende taken met betrekking tot voormalige provinciale inrichtingen die zijn komen te vallen onder het gemeentelijk bevoegd gezag.

3 van 21

o q___Uitvoeringsprogramma: overzicht van de taken en per taak de hiervoor benodigde middelen (menskracht, geld) die door de deelnemer(s) voor het eerstvolgende jaar gepland worden;

Wabo: Wet algemene bepalingen omgovingsrocht;

Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen. --------Wabo: Wet algemene bepalingen ĮomgovingsrochtĮ__________________________________________ qq Werkgebied: het grondgebied van de aan deze gemeenschappelijke regeling deelnemende

Met opmerkingen [LI]: Schrappen? Met opmerkingen [BZ2R1]: ja

gemeenten.;

s. 2.

2. Wet: de Wet gemeenschappelijke regelingen.

Waar in deze regeling artikelen van de Provinciewet Provinciewet of de Gemeentewet, Gemeentewet, dan wel andere wettelijke regelingen van overeenkomstige toepassing worden verklaard, wordt -tenzij anders vermeld- in die artikelen voor de provincie, provinciale staten, gedeputeerde staten en de commissaris van de koning, respectievelijk de gemeente, de raad, burgemeester en wethouders, de burgemeester, gelezen: het openbaar lichaam, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de voorzitter.

Artikel 2 Instelling, doel en beleid 1.

4rEr is een openbaar lichaam welke rechtspersoonlijkheid bezit als bedoeld in artikel 52, eerste lid, juncto artikel 8, eerste lid van de Wet, Wet, genaamd Regionale Uitvoeringsdienst Limburg— Noord, verder te noemen de Uitvoeringsdienst.

2.

2rHet openbaar lichaam wordt aangegaan voor onbepaalde tijd en is statutair gevestigd te Venlo.

3.

3.Het openbaar lichaam is ingesteld ter behartiging van de individuele en gezamenlijke belangen

De vestigingsplaats van medewerkers kan afwijken van deze statutaire vestigingsplaats.

van de deelnemers op het gebied van de uitvoering van taken van toezicht op en handhaving van de milieuvoorschriften krachtens de Wet algemene bepalingen omgovingsrocht Wet algemene bepalingen oļmgevingswet en de daarop gebaseerde regelgevingfeehtļ on do overige milieuwet on regelgeving, alsook voor de uitvoering van taken op het gebied van vergunningverlening

Met opmerkingen [L3]: Vraag aan Boels Zanders: Volstaat vervangen door Omgevingswet?

krachtens deze wet- en regelgeving, zoals omschreven in Hoofdstuk 2 van deze regeling.

Met opmerkingen [BZ4R3]: Zie tekstvoorstel

4.

4rHet openbaar lichaam is bevoegd tot het op verzoek en ten behoeve van één of meerdere

5.

SrDe regeling doet geen afbreuk aan regelgevende, besluitvormende en verordenende

6.

êrDeelnemers verlenen voor de uitvoering van het wettelijk basistakenpakket en voor zo ver van

deelnemers en/of derden verrichten van diensten.;

bovoogdhodonbevoegdheden en verantwoordelijkheden van de afzonderlijke deelnemers,.

toepassing voor het takenpakket Limburg-Noord (TPLN) en de overige facultatieve taken, middels de daartoe benodigde besluiten mandaten, machtigingen en volmachten met inbegrip van de mogelijkheid tot ondermandaat, submachtiging en subvolmacht, aan de directeur van de RUD.

Hoofdstuk 2 Taken

4 van 21

o Artikel 3 Takenpakket Limburg Noord 1.

1rDe uitvoeringsdienst draagt zorg voor de uitvoering van tenminste de taken zoals opgenomen in het wettelijk basistakenpakket. Daarnaast draagt de uitvoeringsdienst op verzoek van een deelnemer zorg voor de uitvoering van het takenpakket Limburg-Noord (TPLN). Uitvoering vindt plaats in samenwerking tussen de deelnemers door uitwisseling van specialistische kennis en capaciteit en hiertoe wordt een dienstverleningsovereenkomst tussen deelnemers en openbaar lichaam afgesloten.

2.

TrNaast de taken op het gebied van vergunningverlening, handhaving en toezicht behoren tot het takenpakket van de uitvoeringsdienst ook coördinerende, afstemmende en adviserende taken die voor de deelnemers tezamen worden verricht.

3.

3.Voor het wettelijk basistakenpakket en het takenpakket Limburg-Noord (TPLN) stelt het algemeen bestuur dhet gezamenlijke uitvoerings- en handhavings en uitvoeringsbeleidstrategie vast conform artikel 137.52 van het Omgevingsbesluit besluit Omgevingsrecht. besluit____________

Met opmerkingen [L5]: Uít te zoeken door VTH-jurist: ín

Omgevingsrecht. In dezeit beleidstrategie zijn tevens de handhavingsarrangementen met het OM

welke bepaling bij of krachtens Omgevingswet gaat dit landen? Het Omgevingsbesluit heeft het in art. 13.5 over een

en de politie, de opdrachten van het algemeen bestuur en de vastgestelde landelijke prioriteiten verwerkt. 4.

4rDe gemeentelijke deelnemers hanteren een in het algemeen bestuur overeengekomen uniforme methode voor probleemanalyse, risicoanalyse, prioriteitstelling en programmering van het wettelijk basistakenpakket en het takenpakket Limburg-Noord (TPLN) en leggen op basis hiervan een uniform uitvoeringsniveau vast.

Artikel 3a Uitvoeringseenheid 1iEr is een uitvooringūoonhoid voor vergunningverlenings en toezichttaken met betrekking tot voormalige provinciale inrichtingen die onder gemeentelijk bevoegd gezag zijn gekomen. Deze eenheid bestaat uit medewerkers in dienst bij de gemeente Roermond. 2.De activiteiten van de eenheid zijn opgenomen in het uitvoeringsprogramma van de GR RUD LN. 3iTaakinhoudelijk functioneert deze eenheid rechtstreeks onder de verantwoordelijkheid van de directeur GR RUD LN. De directeur neemt maatregelen indien de eenheid het betreffende deel van het uitvoeringsprogramma niet kan realiseren. De dagelijkse sturing vindt plaats door de direct leidinggevende van de gemeente Roermond. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roermond treedt op als werkgever voor de medewerkers van deze eenheid. 4.De betreffende deelnemers nemen verplicht de diensten van deze eenheid af. 5iDe kosten worden verdeeld op basis van een voor deze eenheid specifieke verdeelsleutel. Deze verdeelsleutel wordt door het AB vastgesteld en is gebaseerd op wat daarover is vastgelegd in artikel 10 lid 4 van de in Bestuursovereenkomst RUD Limburg Noord versie 4.0 (14 november 2014). Artikel 3b Uitvoering provinciale taken1 1.

ITaakinhoudelijk functioneren de hiertoe aangewezen- medewerkers medewerkers die de provinciale taken^uitvoeren die zijn ondergebracht in de GR RUD LN onder de verantwoordelijkheid van de directeur van de GR RUD Zuid-Limburg. De directeur van de GR RUD LN neemt, in overleg met de provincie, maatregelen indien de GR RUD ZL GR RUD ZL het betreffende deel van het uitvoeringsprogramma van de RUD LN niet kan realiseren.

2.

TrArtikel 3, lid 3, van de regeling is niet van toepassing voor de Provincie.

5 van 21

"uitvoerings- en handhavingsstrategie" en in art. 13.8 over een "uitvoeringsprogramma".

O

RUD NOORD

Artikel 4 Andere taken fysieke omgeving 1. 1-in aanvulling op de taken uit het wettelijk basistakenpakket en het takenpakket LimburgNoord kan de uitvoeringsdienst, voor zover dit geen verstoring veroorzaakt in de uitvoering van de taken uit het wettelijk basistakenpakket en het takenpakket Limburg-Noord, op verzoek van een deelnemer en na goedkeuring van het dagelijks bestuur, ook andere adviserende, ondersteunende en uitvoerende werkzaamheden op het gebied van de zorg voor de omgeving verrichten. 2. 2-Voor de uitvoering van de andere taken worden aanvullende dienstverleningsovereenkomsten gesloten tussen de betreffende deelnemer(s) en het openbaar lichaam.

Artikel 5 Werkzaamheden voor derden Onverminderd de verplichtingen die voortvloeien uit de in artikelartikelen 3 en 4 bedoeldehiervoor vermelde taken, kan de uitvoeringsdienst op verzoek van derden adviserende, ondersteunende en uitvoerende werkzaamheden op het gebied van zorg voor de omgeving verrichten na goedkeuring van het algemeen bestuur.

Artikel 6 Volgorde inzet medewerkers 1. 1.in het uitvoeringsprogramma stelt het algemeen bestuur, op voorstel van de afzonderlijke gomoontoliikogemeenteliike deelnemers, de formatie en de functies vast voor het uitvoeren van de taken (artrin artikel 3 en 4)- in het eerstvolgende jaar. De medewerkers met een duurzaam dienstverband bij de deelnemers, gericht op de uitvoering van het uitvoeringsprogramma worden als eerste ingezet. Hieronder vallen ook de medewerkers van de gemeenschappelijke regeling MER en de daartoe aangewezen medewerkers van de gemeenschappelijke regeling regionale uitvoeringsdienst Zuid Limburg alsmede medewerkers van andere gemeenschappelijke regelingen tussen deelnemers. Hieronder vallen ook do medewerkers van do gemeenschappelijke regeling MER on do daartoe aangewezen medewerkers van do gemeenschappelijke regeling regionale uitvoeringsdienst Zuid Limburg alsmede medewerkers van andere gemeenschappelijke regelingen tussen deelnemers. 2. 2.indien de gemeentelijke deelnemers in gezamenlijkheid voor de uitvoering van taken niet kunnen voldoen aan de eisen zoals bedoeld in artikel 3, lid 3 van deze regeling of indien er onvoldoende capaciteit beschikbaar is, sluit de gemeentelijke deelnemer, na melding aan de GR RUD LN dat inzet van extra capaciteit nodig is, voor deze taken overeenkomsten met externe dienstverleners.

Van het sluiten van de overeenkomst tot inhuur wordt de GR RUD LN onverwijld op de hoogte gesteld.

Hoofdstuk 3 Het bestuur

Ş-1--Het Algemeen Bestuur

Artikel 7 Samenstelling Algemeen Bestuur 1. 1.Het openbaar lichaam heeft een algemeen bestuur. De colleges van burgemeester en wethouders en gedeputeerde staten wijzen ieder uit hun midden één lid van het algemeen bestuur aan. 2. 2.De colleges van burgemeester en wethouders en gedeputeerde staten wijzen gelijktijdig in ieder geval één vervangend lid van het algemeen bestuur aan die de door hen benoemde leden bij ontstentenis of verhindering vervangen. 3. 3.De directeur van de GR RUD LN neemt als secretaris en adviseur deel aan het overleg van het algemeen bestuur. 6 van 21

o Artikel 8 Zittingsduur 1.

4rDe leden en plaatsvervangende leden van het algemeen bestuur worden aangewezen en treden af op de dag waarop de zittingsperiode van de colleges van burgemeester en wethouders respectievelijk gedeputeerde staten afloopt. Aftredende leden kunnen opnieuw als lid of plaatsvervangend lid worden aangewezen.

2.

^.Wanneer een lid of plaatsvervangend lid van het algemeen bestuur geen lid meer is van een college van burgemeester en wethouders respectievelijk gedeputeerde staten, houdt dit lid tevens op lid of plaatsvervangend lid van het algemeen bestuur te zijn.

3.

3.Een lid of plaatsvervangend lid van het algemeen bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Dit

4.

4rIndien tussentijds de plaats van een lid of plaatsvervangend lid vacant komt, wijst het

gebeurt door schriftelijke mededeling aan het algemeen bestuur.

betrokken college van burgemeester en wethouders respectievelijk gedeputeerde staten zo spoedig mogelijk een nieuw lid of plaatsvervangend-Jid-,aan. 5.

5.Een lid of plaatsvervangend lid van het algemeen bestuur dat zijn lidmaatschap ter beschikking

6.

6rBij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende bestuursleden bevoegd

7.

TrWanneer iemand wordt aangewezen om een vacante plaats in het algemeen bestuur te

heeft gesteld, blijft in functie totdat een nieuw lid of plaatsvervangend lid is aangewezen.

besluiten te nemen.

vervullen, treedt hij af op het moment waarop degene in wiens plaats hij is benoemd, zou hebben moeten aftreden. 8.

8.Het lidmaatschap van het algemeen bestuur is onverenigbaar met de betrekking van ambtenaar, door of vanwege het bestuur van één der deelnemers dan wel door of vanwege het bestuur van het openbaar lichaam aangesteld of daaraan ondergeschikt. Met ambtenaar wordt voor de toepassing van dit lid gelijkgesteld zij die in dienst van één der deelnemers dan wel van het openbaar lichaam op arbeidsovereenkomst naar burgerlijke recht werkzaam zijn.

Artikel 9 Werkwijze 1.

1.Het algemeen bestuur stelt voor zijn vergaderingen een reglement van orde vast.

2.

2.Het algemeen bestuur vergadert in ieder geval tweemaal per jaar. Meerdere vergaderingen kunnen ingelast worden wanneer de voorzitter of het dagelijks bestuur dit nodig acht, of wanneer twee of meer leden van het algemeen bestuur, onder opgave van redenen, dit schriftelijk verzoeken.

3.

3.De vergaderingen van het algemeen bestuur zijn openbaar. De deuren zijn gesloten wanneer minimaal ti^e van het aantal leden hierom verzoekt of de voorzitter dit nodig acht en het algemeen bestuur vervolgens als zodanig besluit.

4.

4.Artikel 15, eerste lid Gemeentewet. Gemeentewet, artikel 15, eerste lid Provinciewet, artikel Provinciewet, artikelen X7 en X8 Kieswet- Kieswet zijn van overeenkomstige toepassing op de leden van het algemeen bestuur.

Artikel 10 Vergaderquorum 1.

1rHet algemeen bestuur kan slechts vergaderen en besluiten nemen indien meer dan de helft

2.

ündien het vereiste aantal leden als bedoeld in lid 1 niet aanwezig is bij een vergadering, kan de

3.

ârüp vergaderingen als bedoeld in lid 2 is het bepaalde van lid 1 niet van toepassing, [met dien

van het aantal leden van het algemeen bestuur aanwezig is.

voorzitter een nieuwe vergadering beleggen, welke binnen twee weken dient plaats te vinden.

verstande dat het algemeen bestuur over de begroting, een begrotingswijziging en de jaarstukken alleen kan beraadslagen en voorlopige besluiten kan nemen. De niet aanwezige

7 van 21

o lodon hobbon do mogolijkhoid om binnen tien werkdagen to roagoron op hot verslag van do vergadering. Indion er niet wordt gereageerd, wordt men geacht ingostomd te hobbon mot do voorlopige bosluiton. Do voorlopige bosluiton wordon binnon tion workdagon omgozot in dofinitiovo bosluiton of, afhankelijk van do roactios, vorvallon do bosluiton. |______________________

Artikel 11 Besluitvorming 1.

Met opmerkingen [BZ6]: Geschrapt ivm strijd mot do wet. Do wet (Algemene wet bestuursrecht) kont hot concept van voorlopige besluiten niet.

1.Een lid van hot algomoon bestuur hooft één stom. *—ļĩ.Do stomvordoling wordt in iodor goval één maal por vior jaar herijkt.

2.

«—3.Do herijking van do stomvordoling wordt vastgostold door hot algomoon bestuur.)__________

Met opmerkingen [BZ7]: Ook hier is hot advies om deze

4rBosluitvorming vindt plaats mot oen meerderheid van stommen tenzij in do regeling anders is

bepalingen te schrappen ivm strijd mot do wet. Artikel 13 van do Wgr vereist namelijk dat do stemverhouding in do

bopaald. 3.

-Srlndion do stommen mot betrekking tot oen bepaald voorstol staken, wordt hot betrokken

regeling is opgonomon. Deze kan nadien niet aanvullend wordon vastgostold door hot AB.

onderworp aangehouden tot do eerstvolgende vergadering van hot algomoon bestuur. Indion do stommen wederom staken, wordt hot voorstol geacht te zijn verworpen. Ingeval do stommen bij herstemming over bosluiton mot betrekking tot benoeming, voordracht of aanbeveling van personen staken, beslist do voorzitter behoudens als hot gaat om do functie van voorzitter. 4.

6rBij hot doen van benoemingen, keuzon, voordrachten on aanbevelingen betreffende personen wordt schríftelijk gestemd, in do overige gevallen mondeling. Besluiten van het bestuur worden alleen aan zienswijzen onderworpen indien de wet of deze

5.

regeling dat expliciet voorschrijft. Artikel 12 Inlichtingen- en verantwoordingsplicht 1—

1.Hot algomoon bestuur gooft aan do radon, burgomoostor on wethouders, provinciale staten of

godoputoordo staten, do door één of moor lodon van do radon, burgemeester on wethouders, provinciale staten of godoputoordo staten gevraagde inlichtingon. Hot roglomont van ordo van hot algomoon bestuur rogolt do wijzo waarop uitvoering wordt gogovon aan dozo bepaling. 2—

2.Eon lid van hot algomoon bestuur gooft aan burgomoostor on wethouders of godoputoordo

staten dio dit lid hooft aangewezen do door één of moordoro lodon van burgomoostor on wethouders of godoputoordo staten gevraagd of ongevraagd inlichtingon voor hot door hom in dat bestuur govoordo boloid, op do wijzo dio door dit bestuursorgaan is bepaald. 3—

3.Eon lid van hot algomoon bestuur kan door burgomoostor on wethouders of godoputoordo staten dio dit lid hooft aangewezen tor verantwoording wordon goroopon voor hot door hom govoordo boloid, op do wijzo dio door dat bestuursorgaan is bepaald. |____________________________

Met opmerkingen [BZ8]: Als besproken, stollen wij voor

a

om dit ondordool to vorplaatson naar oon apart hoofdstuk.

Artikel 123 Taken Algemeen Bestuur

Do inlichtingon- on verantwoordingsplicht is nu namelijk verdoold over do hoofdstukkon 12, 17 on 20. Daarbij komt

a.

Bepalen van do strategische koers van do uitvoeringsdienst;

dat do actieve informatieplicht óók geldt voor do voorzitter. In dat verband is hot praktischer om allo inlichtingon- on informatieplichten te clusteren. Zie daarvoor hot voorstol in paragraaf 5.

b.

Beoordelen on vaststellen van dehet handhavings on uitvoerings- en handhavingsteeiedstrategie. zoals bedoeld in artikel 3, lid 3 van dozo regeling; «—c

c.

Beoordelen van on vooraf instemmen mot do dionstvorloningsovoroonkomst tussen deelnemers; .—d

d.

Beoordelen on vaststellen van hot inhoudelijk jaarverslag, do begroting on do jaarrekening;

o.

Hot ondorzookon van do mogolijkhodon tot afstomming on stroomlijning van do beleidsuitgangspunten van do deelnemers;

8 van 21

o f.

Bewaken van afspraken over de bestuurlijke vertegenwoordiging vanuit de regio in overleggen en bijeenkomsten (provinciaal, landelijk);

g.

Uitvoering van de geschillenregeling, zoals bedoeld in artikel 1037 van deze [regeling);

h.

Vaststellen van het regionaal uitvoeringsprogramma;.

Vaststellen van het jaarlijkse evaluatieplan, de evaluatie en de adviezen.

4 52-JHet Dagelijks Bestuur

Artikel 143 Samenstelling Dagelijks Bestuur 1.

1.Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en tweevier andere leden, door en uit het algemeen bestuur aan te wijzen.

2.

2iDo leden en plaatsvorvancondoDe leden worden gekozen in de eerste vergadering van het

3.

3.De directeur van de GR RUD LN neemt als secretaris en adviseur deel aan het overleg van het

algemeen bestuur, waarin het algemeen bestuur in een nieuwe samenstelling bijeenkomt.

dagelijks bestuur.

Artikel 154 Zittingsduur 1.

ĥHet (plaatsvervangend) lidmaatschap van het dagelijks bestuur eindigt zodra het lidmaatschap van het algemeen bestuur eindigt of wanneer het lid van het dagelijks bestuur als zodanig ontslag neemt.

2.

3.De aanwijzing van leden van het dagelijks bestuur ter vervulling van plaatsen die door overlijden, ontslag of om een andere reden tussentijds zijn opengevallen vindt plaats binnen twee maanden na het tijdstip waarop de vacature is ontstaan. Een tussentijds tot lid van het dagelijks bestuur benoemd lid treedt af op het moment waarop degene in wiens plaats hij is benoemd zou aftreden.

3.

3.Een lid van het dagelijks bestuur kan te allen tijde ontslag nemen. Hij doet daarvan schriftelijk

4.

4.Het algemeen bestuur kan één of meer leden van het dagelijks bestuur ontslag verlenen, indien

mededeling aan het algemeen bestuur.

dezen het vertrouwen van het algemeen bestuur niet meer bezitten.

Artikel 165 Werkwijze 1.

ĥHet dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter of ten minste twee leden dit nodig

2.

3rHet dagelijks bestuur stelt een reglement van orde vast voor zijn vergaderingen. Dit reglement

3.

3.De voorzitter en elk lid hebben één stem. In het geval de stemmen staken, heeft de voorzitter

4.

4.De vergaderingen van het dagelijks bestuur worden met gesloten deuren gehouden, tenzij in

oordelen.

wordt medegedeeld aan het algemeen bestuur.

een doorslaggevende stem.

de regeling anders is bepaald of het dagelijks bestuur anders bepaalt. 5.

In de vergaderingen van het dagelijks bestuur kan slechts worden beraadslaagd en besloten, indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden aanwezig is.

6.

6.Indien het vereiste aantal leden niet aanwezig is, belegt de voorzitter, onder verwijzing naar dit artikel, opnieuw een vergadering welke binnen één week dient plaats te vinden.

9 van 21

Met opmerkingen [L9]: Let op vernummering

Ĵ

o

RUD NOORD

7—7. Bij het doen van benoemingen, keuzen, voordrachten en aanbevelingen betreffende personen wordt schriftelijk gestemd, in de overige gevallen mondeling. Met opmaak: Inspringing: Verkeerd-om: 0,63 cm, ------ Artikel 17 Inlichtingen en verantwoordingsplicht 1—1iDo leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording schuldig voor het door het dagelijks bestuur gevoerde beleid. Het reglement van orde van het algemeen bestuur regelt de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan deze bepaling. 2—2iHet dagelijks bestuur geeft, ieder tezamen en afzonderlijk, uit eigen beweging dan wel op verzoek van het algemeen bestuur of een of meer leden daarvan, aan het algemeen bestuur alle

Regelafstand: Meerdere 1,03 rg, Genummerd + Niveau: 1 + Nummeringstijl: 1, 2, 3, ... + Beginnen bij: 1 + Uitlijning: Links + Uitgelijnd op: 0,63 cm + Inspringen op: 0,63 cm Met opmaak: Standaard, Inspringing: Verkeerd-om: 0,63 cm, Genummerd + Niveau: 1 + Nummeringstijl: 1, 2, 3, ... + Beginnen bij: 1 + Uitlijning: Links + Uitgelijnd op: 0,63 cm + Inspringen op: 0,63 cm

inlichtingen die nodig zijn voor een juiste beoordeling van het door het dagelijks bestuur Met opmaak: Afstand Na: 0 pt, Genummerd + Niveau:

gevoerde beleid. 3—3iDe aflegging van verantwoording als bedoeld in het eerste lid, alsmede het na voorafgaand verzoek verstrekken van inlichtingen als bedoeld in het tweede lid, geschieden op de wijze zoals

1 + Nummeringstijl: 1, 2, 3, ... + Beginnen bij: 1 + Uitlijning: Links + Uitgelijnd op: 0,63 cm + Inspringen op: 0,63 cm

is aangegeven in het reglement van orde voor de vergaderingen van het algemeen bestuur. 4.—4iHet algemeen bestuur is bevoegd in het reglement van orde voor zijn vergadering nadere regels te stellen ten aanzien van de wijze waarop door het dagelijks bestuur dan wel de leden ervan inlichtingen dienen te worden verschaft respectievelijk verantwoording dient te worden afgelegd. 5.

5.Het algen

i bestuur kan regelen van welke besluiten van het dagelijks bestuur kennisgeving

wordt gedaan aan de leden van het algemeen bestuur. Daarbij kan het algemeen bestuur de gevallen bepalen waarin met terinzagelegging kan worden volstaan. 6—6iDe leden 1 tot en met 5 zijn van overeenkomstige toepassing ten aanzien van de voorzitter.

Met opmerkingen [BZ10]: Verplaatst naar paragraaf 5. Met opmaak: Inspringing: Verkeerd-om: 0,63 cm,

7.

ŝ

Regelafstand: Meerdere 1,03 rg, Genummerd + Niveau: 1 + Nummeringstijl: 1, 2, 3, ... + Beginnen bij: 1 + Uitlijning: Links + Uitgelijnd op: 0,63 cm + Inspringen op: 0,63 cm, Afbreken

53--De voorzitter

Met opmaak: Inspringing: Verkeerd-om: 0,63 cm, -Artikel 1

De voorzitter

1.

1ïDe voorzitter wordt door en uit het algemeen bestuur aangewezen.

2.

2De voorzitter is tevens voorzitter van het algemeen bestuur en voorzitter van het dagelijks

3.

3.Bij afwezigheid of ontstentenis van de voorzitter wordt hij vervangen door de

Regelafstand: Meerdere 1,03 rg, Genummerd + Niveau: 1 + Nummeringstijl: 1, 2, 3, ... + Beginnen bij: 1 + Uitlijning: Links + Uitgelijnd op: 0,63 cm + Inspringen op: 0,63 cm

bestuur.

plaatsvervangende voorzitter. Deze wordt aangewezen tijdens de eerste vergadering van het algemeen bestuur. 4.

4rDe stukken die van het algemeen bestuur of het dagelijks bestuur uitgaan, worden door de

5.

5.De voorzitter vertegenwoordigt het openbaar lichaam in en buiten rechte. Hij kan deze

voorzitter ondertekend.

vertegenwoordiging aan een door hem aan te wijzen gemachtigde opdragen.

5 4 De adviesraad 54 De ĮadviesraadĮ________________________________________________________________________________

tweede tranche). Let op vernummering.

Artikel 179 De adviesraad 1.

Met opmerkingen [L11]: Bestaande artikelen 19 t/m 22 over adviesraad handhaven (heroverwegen/aanpassen ihkv

Het algemeen bestuur stelt een adviesraad in, waarin qualitate qua de secretarissen van de deelnemende gemeenten en de directeur van de Provincie of bij ontstentenis hun plaatsvervangers alsmede de directeur van de uitvoeringsdienst zitting hebben.

10 van 21

o 2.

De adviesraad adviseert aan het dagelijks bestuur en de directeur van de uitvoeringsdienst.

3.

De directeur van de uitvoeringsdienst is voorzitter van de adviesraad.

Artikel 1820 Zittingsduur 1.

De leden van de adviesraad hebben zitting voor onbepaalde tijd en treden af op de dag waarop zij hun functie van gemeentesecretaris of directeur van de provincie niet meer vervullen.

2.

Bij het bestaan van één of meer vacatures blijven de resterende leden van de adviesraad bevoegd besluiten te nemen.

Artikel 319 Werkwijze adviesraad 1.

De adviesraad kan slechts vergaderen indien meer dan de helft van het aantal leden van de adviesraad aanwezig is. Indien het vereiste aantal leden niet aanwezig is bij een vergadering, kan de voorzitter een nieuwe vergadering beleggen, welke binnen twee weken dient plaats te vinden. Op deze nieuwe vergadering behoeft niet meer dan de helft van het aantal leden van de adviesraad aanwezig te zijn.

2. 3.

De adviesraad stemt op basis van meerderheid over zijn uit te brengen adviezen. Indien de stemmen met betrekking tot een voorstel staken, wordt het betrokken voorstel aangehouden tot de eerstvolgende vergadering van de adviesraad. Indien de stemmen wederom staken, wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.

Artikel 202 Taken adviesraad De taak van de adviesraad omvat tenminste: a.

Het adviseren van dagelijks bestuur en directeur over de programmering en de evaluatie en de bijbehorende maatregelen;

b.

Het adviseren over strategische thema's zoals (niet limitatief) de bedrijfsvoering, de doorontwikkeling van de organisatie en financiën.

c.

Het adviseren op verzoek van directeur en dagelijks bestuur.

55 Inlichtingen- en verantwoordingsplicht en Pparticipatie en informatieverschaffing

Artikel 213 Inlichtingenplichten

1. Het bestuur geeft de raden van de gemeenten en provinciale staten schríftelijk alle inlichtingen die de raden onderscheidenlijk provinciale staten nodig hebben voor de uitoefening van hun taken. 2. Het dagelijks bestuur geeft, ieder tezamen en afzonderlijk, uit eigen beweging dan wel op verzoek van het algemeen bestuur of een of meer leden daarvan, aan het algemeen bestuur alle inlichtingen die nodig zijn voor een juiste beoordeling van het door het dagelijks bestuur gevoerde beleid. 3. Het bestuur geeft de raden van de gemeenten, respectievelijk provinciale staten op verzoek van de raden, respectievelijk provinciale staten of één of meer leden daarvan zo spoedig mogelijk schríftelijk de door hen gevraagde inlichtingen. 4. Een lid van het algemeen bestuur verschaft het college respectievelijk gedeputeerde staten dat hem heeft aangewezen alle inlichtingen die door het college, respectievelijk gedeputeerde staten of een of meer leden daarvan worden verlangd, op de wijze die door dit bestuursorgaan is bepaald. 5. Ieder college, respectievelijk gedeputeerde staten is bevoegd een door hem aangewezen lid in het algemeen bestuur ontslag te verlenen, indien dit lid het vertrouwen van de raad, respectievelijk provinciale staten niet meer bezit. In dat geval zijn de artikelen 49 en 50 van de Gemeentewet, respectievelijk de Provinciewet van overeenkomstige toepassing.

11 van 21

o Artikel 224 Verantwoordingsplichten

1. De colleges, raden, gedeputeerde staten en provinciale staten kunnen een lid van het algemeen bestuur dat zij hebben aangewezen ter verantwoording roepen voor het door hem in het alge meen bestuur gevoerde beleid, op de wijze die door dat bestuursorgaan is bepaald. 2. De leden van het dagelijks bestuur zijn, tezamen en afzonderlijk, aan het algemeen bestuur verantwoording schuldig voor het door het dagelijks bestuur gevoerde beleid . Het reglement van orde van het algemeen bestuur regelt de wijze waarop uitvoering wordt gegeven aan deze bepaling. 3. De aflegging van verantwoording als bedoeld in het tweede lid geschiedt op de wijze zoals is aangegeven in het reglement van orde voor de vergaderingen van het algemeen bestuur.

Artikel 235 19 De adviesraadBurgerparticipatie Ingezetenen van de provincie en de gemeenten en belanghebbenden kunnen via de reguliere procedures bij gedeputeerde staten en provinciale staten respectievelijk de raden en de colleges van burgemeester en wethouders betrokken worden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van beleid.

Artikel 201. Het algemeen bestuur stelt een adviesraad in, waarin qualitate qua de socrotarissongooft de raden van de deelnemende gemeenten en de directeur van de Provincie of bij ontstentenis hun plaatsvervangers alsmede do directeur van do uitvoeringsdienst zittingprovincialo staten van Limburg schríftelijk allo inlichtingen die do radon onderscheidenlijk provinciale staten nodig hebben voor do uitoefening van hun taken.

Artikel 2.Do adviesraad adviseert aan21 «—Hot algemeen bestuur onderscheidenlijk hot dagelijks bestuur on do directeur van do uitvoeringsdienst. «—3.Do directeur van do uitvoeringsdienst is voorzitter van do adviesraad, besluit niet tot hot vaststellen Artikel 20 Zittingsduur «—1iDo loden van meerjarige strategische plannen dan nadat do adviesraad hebben zitting voor onbepaalde tijd on treden afradon van do doolnomondo gemeenten onderscheidenlijk provinciale staten van Limburg gedurende twaalf weken in do gelegenheid zijn gestold om schriftolijk op do dag waarop zijhot concept hun functie van gemeentesecretaris of directeur van do provincie niet moor vervullen. «—2.Bij hot bostaanzionswijzon tor kennis van één of moor vacatures blijven do resterende loden van do adviesraad bevoogd besluiten te nomen.

Artikel 21 Werkwijze adviesraad «—1iDo adviesraad kan slechts vergaderen indion moor dan do helft van hot aantal loden van do adviesraad aanwezig is. Indion hot vereiste aantal loden niet aanwezig is bij oen vergadering, kan do voorzitter oen nieuwe vergadering beleggen, welke binnen twee weken dient plaats te vindon. Op deze nieuwe vergadering behoeft niet moor dan do helft van hot aantal loden van do adviesraad aanwezig te zijn. »—2iDo adviesraad stemt op basis van meerderheid over zijn uit te brengen adviezen. »—3iIndion do stommen mot betrekking tot oen voorstol staken, wordt hot betrokken voorstol aangehouden tot do eerstvolgende vergadering van do adviesraad. Indion do stommen wederom staken, wordt hot voorstol geacht te zijn verworpen. 12 van 21

RUD

O

NOORD

Artikel 22 Taken adviesraad Do taak van do adviesraad omvat tenminste: Hot adviseren van dagelijks bestuur on directeur over do programmering on do evaluatie on do bijbehorende maatrocolon:to brengen. .—b Hot adviseren ovor strategische thema's zoals (niot limitatiof] do bedrijfsvoering, do doorontwikkoling van do organisatie on financiën.

Hot adviseren op vorzook van directeur on dagolijks bestuur.

Hoofdstuk 4 Bevoegdheden

Artikel 232264 Bevoegdheden Algemeen Bestuur 1.

4»Do bevoegdheden die bij do regeling worden overgedragen, berusten bij hot algemeen

2.

2rHet algemeen bestuur kan besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen,

bestuur, tenzij bij wet of in do regeling anders is bepaald.

maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen, indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang. Het besluit wordt niet genomen dan nadat de raden en provinciale staten een ontwerpbesluit is toegezonden en in de gelegenheid zijn gesteld hun wensen en bedenkingen ter kennis van het algemeen bestuur te brengen. 2.3. Hot algemeen bestuur kan aan hot dagelijks bestuur bevoegdheden van hot algemeen bestuur ovordragon, tenzij do aard van do bevoegdheid zich daartegen verzot. 3.4.3.

Het algemeen bestuur kan in ieder geval niot ovordragon do bevoegdheid tot:

a. hot vaststellen van do begroting of van do jaarrekening, bedoeld in artikel 58 Wgr; e---- b. b. hot heffen van rechten, bedoeld in artikel 54, eerste lid onder a Wgr;. b.c. het vaststellen van verordeningen door strafbepaling of bestuursdwang te handhaven. e—e. hot vaststellen van verordeningen door strafbepaling of bestuursdwang to handhaven. «—4iArtikol 56b Wgr is van ovoroonkomstigo toepassing op oon algomoon verbindend bosluit dat wordt gonomon op grond van hot oorsto lid. 4.5.5rIn afwijking van artikel 10:16, oorsto lid, van de Algomono wot bestuursrecht Algemene wet bestuursrecht kan hot algomoon bestuur beperkingen stollen aan do uitoefening van do ovorgodragon bevoegdheid. 5.6.6rTon aanzion van do bevoegdheden die mot toepassing van hot oorsto lid zijn ovorgodragon, zijn do regels die bij of krachtens do wot zijn gestold mot betrekking tot do uitoefening daarvan on hot toezicht daarop van ovoroonkomstigo toepassing.

Artikel 242753 Bevoegdheden Dagelijks Bestuur 1.

1.Hot dagelijks bestuur is in ieder geval bevoogd:

a.

hot dagelijks bestuur van hot openbaar lichaam te voeren, voor zover niot bij of krachtens do wot of do regeling hot algomoon bestuur hiermee is belast; e-----b.

13 van 21

«--------

Met opmaak: Lijstalinea, Inspringing: Eerste regel: 0

RUD

O

NOORD

b.

beslissingen van het algemeen bestuur voor te bereiden en uit te voeren;

c.

regels vast te stellen over de ambtelijke organisatie van het openbaar lichaam;

d.

medewerkers van het openbaar lichaam te benoemen, te schorsen en te ontslaan;

e.

tot privaatrechtelijke rechtshandelingen van het openbaar lichaam te besluiten, met uitzondering van privaatrechtelijke rechtshandelingen als bedoeld in artikel 55a Wgr; Wgr;

f.

te besluiten namens het openbaar lichaam, het dagelijks bestuur of het algemeen bestuur rechtsgedingen, bezwaarprocedures of administratief beroepsprocedures te voeren of handelingen ter voorbereiding daarop te verrichten, tenzij het algemeen bestuur, voor zover djįhet het algemeen bestuur aangaat, in voorkomende gevallen anders beslist.

2. 3rHet dagelijks bestuur neemt, ook alvorens is besloten tot het voeren van een rechtsgeding, alle conservatoire maatregelen en doet wat nodig is ter voorkoming van verjaring of verlies van recht of bezit.

Artikel 286 Zienswijze Het algemeen bestuur onderscheidenlijk het dagelijks bestuur besluit niet tot het vaststellen van meerjarige strategische plannen dan nadat de raden van de deelnemende gemeenten onderscheidenlijk provinciale staten van Limburg gedurende twaalf weken in de gelegenheid zijn gesteld om schriftelijk op het concept hun zienswijzen ter kennis van het dagelijks bestuur te brengen.

Hoofdstuk 5 Organisatiebepalingen

Artikel 25297 De directeur 1. 1.De uitvoeringsdienst heeft een directeur die onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur belast is met de leiding van de uitvoeringsdienst en met de zorg voor een juiste taakvervulling door de uitvoeringsdienst. 2__2rDe directeur van de uitvoeringsdienst fungeert als secretaris van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur, is voorzitter van de adviesraad en het lijnmanagersoverleg en is leiding­ gevende van de medewerkers van de ambtelijke organisatie. Het dagelijks bestuur legt de instructie van de directeur vast in een directiestatuut. 2^3.3rHet dagelijks bestuur benoemt, schorst en ontslaat de directeur. âT4.4rVoor een adequate taakuitoefening beschikt de directeur over voldoende bevoegdheden overeenkomstig het bepaalde in artikel 2 lid 6 van deze regeling.

Artikel 28263025 De ambtelijke organisatie van de uitvoeringsdienst 1rHet dagelijks bestuur kan in een organisatieverordeningbepaalt de hoofdstructuur van de organisatie, de directie, de taken, de bevoegdheden en de werkwijze van de ambtelijke organisatie van de uitvoeringsdienst bepalen. »—2iHot dagelijks bestuur stelt een rechtspositie en arbeidsvoorwaardenregeling vast voor de medewerkers van de ambtelijke organisatie van de uitvoeringsdienst. «—3iHet dagelijks bestuur is belast met het aanstellen als medewerker, het tewerkstellen op arbeidsovereenkomst naar burgerlijk recht en met het schorsen en ontslag van de medewerkers van de ambtelijke organisatie van de uitvoeringsdienst. Het dagelijks bestuur neemt daarbij de vastgestelde rechtspositie en arbeidsvoorwaardenregeling in acht.

14 van 21

o *—4iHot dagelijks bestuur kan do in hot vorige lid bodooldo bovoogdhodon opdragon aan do directeur van do uitvoeringsdienst, tenzij hot ambtonaron botroft die belast zijn mot functie! van loidinggovondo aard dio rechtstreeks ondor do diroctour rossortoron.

Artikel

9273126 Gastorganisatie

Om ervoor to zorgen dat do diroctour on do medewerkers van do ambtolijko organisatie van do uitvooringsdionst hun werkzaamheden kunnen uitvooron, wordt gebruik gemaakt van oen gastorganisatie.

Hoofdstuk 6 Financiën

Artikel 2832027 Begroting Ton aanzion van do begroting van hot openbaar lichaam is hot bopaaldo in 5 7 van Hoofdstuk 4 van do Wot van toepassing.

Artikel 29 Jaarrekening Ton aanzionl.

Het dagelijks bestuur zendt de ontwerpbegroting en bijbehorende stukken ten

minste twaalf

weken voordat deze aan het algemeen bestuur worden aangeboden toe aan de

colleges en

raden onderscheidenlijk aan gedeputeerde staten en provinciale staten.

2.

____De ontwerpbegroting wordt door de colleges voor eenieder ter inzage gelegd en, tegen

________ betaling van de kosten, ook algemeen verkrijgbaar gesteld. 3.

____De raden en provinciale staten kunnen bij het dagelijks bestuur hun zienswijze over de

________ontwerpbegroting naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren waarin ________deze zienswijze is vervat bij de ontwerpbegroting, zoals deze aan het algemeen bestuur ter ________vaststelling wordt aangeboden. 4.

____Het dagelijks bestuur stelt de raden van de gemeenten en provinciale staten voorafgaande

________aan het vaststellen van de begroting schríftelijk en gemotiveerd in kennis van zijn ________oordeel over de zienswijze, bedoeld in het derde lid, alsmede van de eventuele ________conclusies die het daaraan verbindt. 5.

____Het algemeen bestuur stelt jaarlijks de begroting vast in het jaar voorafgaande aan dat

________waarvoor zij dient. 6.

____Binnen twee weken na vaststelling, doch in ieder geval vóór de in artikel 58, tweede lid, van

do jaarrekening_______ de Wet genoemde datum zendt het dagelijks bestuur de begroting aan de Minister van hot openbaar lichaam 7.

Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties.

____Nadat de begroting is hot bopaaldo in 5 7vastgesteld zendt het algemeen bestuur de

begroting aan de raden van Hoofdstuk 4_______ de gemeenten en aan provinciale staten, die ter zake bij de Minister van do Wot Binnenlandse Zaken________ en Koninkrijksrelaties hun zienswijze naar voren kunnen brengen. 8______ Het bepaalde in het eerste, derde, vierde, zesde en zevende lid van dit artikel is, met ________ uitzondering van de in het derde en het zesde lid genoemde termijnen, van ________overeenkomstige toepassing op besluiten tot wijziging van de begroting. 9.______ Het achtste lid is niet van toepassing op wijzigingen van de begroting, die niet leiden tot een overschrijding van de jaarlijkse bijdragen van de deelnemers.

Artikel 3033128 Jaarrekening en jaarverslag 1______ Van de baten en lasten van het openbaar lichaam wordt door het dagelijks bestuur over elk ________ begrotingsjaar verantwoording afgelegd aan het algemeen bestuur, onder overlegging van de ________conceptjaarrekening, het jaarverslag met daarbij behorende bescheiden, zoals vermeld in artikel 217 van de Provinciewet. Na de eigen oordeelsvorming zendt het dagelijks bestuur de 15 van 21

o ________voorlopige jaarrekening jaarlijks vóór de in artikel 58b van de Wet genoemde datum toe aan ________de raden en provinciale staten. 2______ Het dagelijks bestuur zendt de jaarrekening binnen twee weken na de vaststelling, doch in ________ ieder geval vóór de in artikel 58, vierde lid, van de Wet genoemde datum het jaar volgende ________op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft aan de Minister van Binnenlandse Zaken ________en Koninkrijksrelaties en voorts aan de raden en provinciale staten. 3.______ Behoudens later in rechte gebleken onregelmatigheden, ontlast de vaststelling van de ________ jaarrekening de leden van het dagelijks bestuur ten aanzien van het daarin verantwoorde financieel beheer.

Artikel 34239 Doorberekening van kosten 1.

4rDe benodigde middelen voor de uitvoering van de taken van de ambtelijke organisatie van de uitvoeringsdienst, zoals bedoeld in artikel 26285 van deze regeling, worden in een programma begrotingprogrammabegroting door het algemeen bestuur vastgesteld.

2.

2.Het algemeen bestuur legt de verdeling van deze kosten over de deelnemers vast met behulp van een verdeelsleutel. *—3.ledere deelnemer betaalt bij wijze van voorschot de benodigde middelen voor:

3.

uitvoering van de taken van de ambtelijke organisatie van de uitvoeringsdienst, zoals bedoeld in artikel 26285 van deze regeling;.

uitvoering van de taken van de uitvoeringseenheid, zoals bedoeld in artikel 3a van deze regeling. 4.

4.Een deelnemer betaalt bij wijze van voorschot de benodigde middelen voor de uitvoering van de taken conform het regionaal uitvoeringsprogramma waarvoor capaciteit van andere deelnemers wordt ingezet. De bevoorschotting van de uitvoering geschiedt op basis van de eisen, zoals bedoeld in artikel 3 lid 3 en artikel 4 van deze regeling, of een nader door de deelnemer gedefinieerd hoger kwaliteitsniveau. De tarifering voor deze producten en diensten is gebaseerd op voor calculatorischevoorcalculatorische integrale kostprijs. Alvorens het rekeningresultaat te bepalen, vindt een controle plaats op de opbrengsten en kosten in het kader van de vennootschapsbelasting. Een saldo op deze activiteiten zal worden verrekend met de betreffende opdrachtgevers zodat aan hen de na calculatorischenacalculatorische kostprijs in rekening wordt gebracht.

5__5rHet jaarlijks saldo wordt verdeeld over de deelnemers conform de verdeelsleutels zoals opgenomen in lid 2 van dit artikel. 6.__6rin afwijking van het onder lid 5 bepaalde kan het Algemeen Bestuur incidenteel besluiten om saldo toe te voegen aan een nader te benoemen reserve of weerstandsvermogen. »—7iHot jaarlijks saldo, voor de begroting zoals bedoeld in lid 2b, wordt verdeeld over de deelnemers conform de verdeelsleutel als opgenomen in lid 5 van artikel 3a. Hoofdstuk 7 Overige bepalingen

Artikel 3135330 Archief

16 van 21

Met opmaak: Inspringing: Verkeerd-om: 0,65 cm, Genummerd + Niveau: 1 + Nummeringstijl: 1, 2, 3, ... + Beginnen bij: 1 + Uitlijning: Links + Uitgelijnd op: 0,63 cm + Inspringen op: 0,63 cm

o 1__4rHet dagelijks bestuur draagt zorg voorvan hot samenwerkingsverband is verplicht de onder hem berustende archiefbescheiden overeenkomstigin goede, geordende en volgenstoegankelijke staat te brengen en te bewaren, alsmede zorg te dragen voor de vernietiging van daarvoor in aanmerking —komende archiefbescheiden. 1.2. Overeenkomstig een door het algemeen bestuur vasttevast te stellen regeling Ingevolge artikel 40 van de Archiefwet 1995.verordening. welke aan gedeputeerde staten wordt medegedeeld, draagt het dagelijks bestuur zorg voor de archiefbescheiden van het bestuur van het samenwerkingsverband. 3.

_2rDe gastorganisatie zorgt voor kosten. verbonden aan de uitoefening van de in het tweede lid

4.

Voor de bewaring van de op grond van artikel 12, eerste lid en artikel 13, eerste lid van

bedoelde zorg, komen ten laste van het samenwerkingsverband. de-Archiefwet 1995 over te brengen archiefbestanden van de in Archiefwet 1995, over te brengen archiefbescheiden van het bestuur van het samenwerkingsverband wijst het dagelijks bestuur een archiefbewaarplaats van een van de deelnemers aan. 2.5. Ten aanzien van het beheer van de archiefbescheiden van het bestuur van het samenwerkingsverband, voor zover deze regeling genoemde bestuursorganenarchiefbescheiden niet zijn overgebracht naar een archiefbewaarplaats, is, onder de bevelen van het dagelijks bestuur, met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Archiefwet 1995 belast de Įarchivarisl. Met betrekking tot dit toezicht stelt het algemeen bestuur een verordening vast, welke aan gedeputeerde staten wordt medegedeeld. 6.

De archivaris wordt door het dagelijks bestuur benoemd, geschorst en ontslagen.

7.

In afwijking van het vorige lid kan het dagelijks bestuur ook de archivaris van de deelnemer als bedoeld in het vierde lid aanwijzen als archivaris van het samenwerkingsverband.

Artikel 3336431 Toetreding 1.

1rHet betreffende bestuursorgaan dat wil toetreden, dient hiertoe een verzoek in bij het dagelijks bestuur. Het betreffende bestuursorgaan voegt hierbij het besluit tot toestemming van zijn vertegenwoordigend orgaan.

2.

2rHet dagelijks bestuur brengt het verzoek ter kennis van het algemeen bestuur en geeft daarbij

3.

3Toetreding kan geschieden nadat het algemeen bestuur hiertoe bij unanimiteit heeft besloten.

4.

4rEen lid van het algemeen bestuur kan slechts voor toetreding stemmen, nadat hij hiervoor de

een advies over de toetreding.

instemming van het bestuursorgaan van de deelnemer die hem heeft aangewezen heeft verkregen. Dit bestuursorgaan kan deze instemming pas verlenen na verkregen toestemming van zijn vertegenwoordigend orgaan.

Artikel 3337532 Uittreding *—1.Een deelnemer kan uit de regeling treden door toezending aan het algemeen bestuur van een daartoe strekkend besluit van het bestuursorgaan dat de regeling mede is aangegaan na verkregen toestemming van het vertegenwoordigend orgaan van de betreffende deelnemer als bedoeld in artikel 51 van de Wet. 1.

2rEen College van burgemeester en wethouders van een van de deelnemende gemeenten of het college van gedeputeerde staten kan besluiten tot uittreding uit de regeling, onverminderd het bepaalde in artikel 51 van de wet en bij of krachtens artikel 18.21 van de omgevingswet.

2.

Een college zendt het besluit tot uittreding aangetekend aan het algemeen bestuur. Daarbij wordt een opzegtermijn van twee jaar, ingaande op 1 januari van het eerstvolgende kalenderjaar, in acht genomen, tenzij de colleges unaniem een andere opzegtermijn overeenkomen of de wet tot een andere datum dwingt.

17 van 21

Met opmerkingen [L12]: Ik begrijp dat RUD nu geen archivaris heeft. RUD dient in gesprek te gaan met archivaris Roermond of deze in staat is dit op zich te nemen. T.z.t. regelen in separate DVO (gaat verder dan de huidige 'bedrijfsvoerings-DVO'.

o *—Het alcomoondagelijks bestuur besluit over do voorwoorden waaronder do uittreding geëffectueerd kan worden on rocoltinventariseert de financiële on overige gevolgen van de uittreding. «—3.Uittreden vindt niet eerder plaats dan mot ingang van 1 januari van hot jaar volgende op dat waarin do , de wijze waarop met deze gevolgen kan of moet worden omgegaan en de voorwaarden voor uittreding noodzakolijko wijziging van deze regeling in werking is getreden. »—4iHot uittreden van oen van do deelnemers leidt niet tot opheffing van do regeling. 3.

5iNa ontvangst van hot in hot eerste lid vermelde besluit wordt oen, in overleg mot do uittrodondo deelnemer aan te wijzen, onafhankelijke registeraccountant opdracht verleend oen plan op te stollen dat ton minste inzicht geeft in allo kosten die direct of indirect samonhangon mot do uittreding. Hot plan wordt , welke nadien worden vastgesteld in een door het algemeen bestuur envast te stellen uittredingsplan.

4.

Uiterlijk zes maanden na het moment van uittreding stelt het algemeen bestuur het uittredingsplan vast. De daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen zijn bindend.

■1.5. Nadat het uittredingsplan is vastgesteld, is de uittredende deelnemer gehouden om binnen zes maanden de daarin voor de uittredende deelnemer omschreven financiële verplichtingen bindondaan de regeling te voldoen.

18 van 21

RUD

O

NOORD

Artikel 38633 1.

Procedure voor opstellen en vaststellen uittredingsplan

Het in artikel 352, lid 3 vermelde uittredingsplan bevat de financiële, juridische, personele en organisatorische gevolgen die gedurende een termijn van vijf jaar het directe gevolg zijn van de uittreding. Tevens bevat het uittredingsplan de uittreedsom die betaald moet worden door de uittredende deelnemer.

2.

Voor het opstellen van het uittredingsplan wijst het algemeen bestuur een onafhankelijke adviseur aan die in opdracht van het algemeen bestuur het concept-uittredingsplan voorbereidt. De kosten voor het uittredingsplan komen voor rekening van de uittredende deelnemer.

3.

Het algemeen bestuur wijst de onafhankelijke adviseur aan op basis van een gezamenlijke voordracht van de uittredende deelnemer en de directeur/voorzitter. Indien geen overeenstemming kan worden bereikt over een gezamenlijke voordracht, wijst het algemeen bestuur de onafhankelijke adviseur aan op basis van een bindende voordracht van een selectiecommissie bestaande uit drie leden van het algemeen bestuur, waaronder in ieder geval een vertegenwoordiger in het algemeen bestuur van de uittredende deelnemer.

4.

De onafhankelijke adviseur neemt bij het bepalen van de uittreedsom het bepaalde in dit artikel en in artikel 352 in acht en baseert zich daarbij op de jaarrekening van het begrotingsjaar direct voorafgaand aan het moment van uittreding. Tevens past de onafhankelijke adviseur bij de berekening van de uittreedsom een risico-opslag van 10% op de uittreedsom toe om eventueel onvoorziene toekomstige kosten gerelateerd aan de uittreding te ondervangen. Deze opslag vrijwaart de uittredende deelnemer van alle toekomstige onvoorzienbare kosten.

5.

Het algemeen bestuur is gehouden redelijkerwijs al het mogelijke te doen om de uittreedsom zo laag mogelijk te houden. Het algemeen bestuur onderzoekt in dat kader met de uittredende deelnemer de mogelijkheid tot overname van personeel, activa en contracten. Het voorgaande behoeft echter niet te leiden tot wijziging van overeenkomsten met en verplichtingen jegens derden die zijn aangegaan respectievelijk bepaald voorafgaand aan het tijdstip van ontvangst door het algemeen bestuur van het besluit tot uittreding van de deelnemer.

Artikel 37934 Opheffing en liquidatie 1. 1rDeze regeling kan op voorstel van het algemeen bestuur worden opgeheven door een daartoe strekkendmet instemming van alle deelnemers minus één, onverminderd het bepaalde bij of krachtens artikel 18.21 van de Omgevingswet. Het besluit van de betrokken bestuursorganentot opheffing wordt niet genomen voordat de raden onderscheidenlijk provinciale staten van de deelnemers, met inachtneming gedurende 12 weken in de gelegenheid zijn gesteld om schríftelijk op de voorgestelde opheffing hun zienswijze ter kennis van de daartoe strekkende bepalingen van de Wet-rhet college te brengen. 2.

2.Door het algemeen bestuur wordt een liquidatieplan opgesteld na alle deelnemers te hebben geraadpleegd. Het bepaalde in de artikelen 352 en 363 is zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

3. 3.Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemers tot deelneming in de financiële gevolgen van de opheffing. Het liquidatieplan voorziet ook in de gevolgen die de opheffing heeft voor het personeel. 4.

4.Toewijzing van personeel aan de deelnemers vindt plaats bij besluit van het algemeen bestuur.

5.

Bij de ontbinding van het openbaar lichaam in verband met opheffing van de regeling of anderszins, blijft het openbaar lichaam voortbestaan voor zover dat voor de vereffening van het vermogen noodzakelijk is.

Artikel

84035 Beëindiging taken 19 van 21

ORŲD NOORD

1. 1.Een deelnemer kan het afnemen van taken als genoemd in de artikelen 3 en 4 lid 1 van deze regeling beëindigen, behoudens het wettelijk basistakenpakket. Dit geschiedt wanneer meer dan de helft van de leden van het algemeen bestuur instemt met de afwikkeling van de financiële en organisatorische gevolgen hiervan. 2. ündien een deelnemer taken niet meer wil afnemen, zal in het kader van de in het eerste lid bedoelde afwikkeling van de financiële gevolgen daarvan een toewijzing van personeel aan deze deelnemer plaatsvinden en zal er een compensatie verschuldigd zijn voor de overige rechten en verplichtingen als de uitvoeringsdienst voor die taken personeel en/of daarvoor verplichtingen heeft aangegaan. De hoogte van compensatie wordt nader bepaald door het algemeen bestuur. 3. 3.De hoeveelheid toe te wijzen personeel wordt bepaald op basis van de begroting over het jaar voorafgaand aan het jaar van de beëindiging van de taken. 4. 4rBeëindiging van het afnemen van taken als bedoeld in het eerste lid kan slechts plaatsvinden met ingang van 1-januari van het jaar, volgende op dat waarin het algemeen bestuur met de beëindiging instemt. 5.

SrNa ontvangst van het in het eerste lid vermelde besluit tot beëindiging van het afnemen van taken, wordt aan een in overleg met de betreffende deelnemer aan te wijzen onafhankelijke registeraccountant opdracht verleend een plan op te stellen dat ten minste inzicht geeft in alle kosten, die direct of indirect samenhangen met de beëindiging. Het plan wordt vastgesteld door het algemeen bestuur en de daarin voor de beëindigende deelnemer omschreven financiële verplichtingen zijn bindend.

Artikel 1.

94136 Wijziging

IrWijziging van de regeling kan plaatsvinden bij daartoe strekkende instemmende besluiten van de bestuursorganen van alle deelnemers die de regeling zijn aangegaan, na verkregen toestemming van de vertegenwoordigende organen van de deelnemersminus één.

2. 3rZowel het dagelijks bestuur, als de bestuursorganen van de deelnemers kunnen voorstellen doen tot wijziging van de regeling. 3. 3.Een besluit tot wijziging dat conform het gestelde in het eerste lid tot stand is gekomen, treedt in werking op de in het wijzigingsbesluit genoemde datum, maar niet eerder dan

dat het

wijzigingsbesluit is bekendgemaakt.

Artikel 40237 Geschillen 1.

1rIndien een deelnemer de afspraken en contracten die vallen onder de reikwijdte van deze regeling niet nakomt, dan wel er anderszins een conflict ontstaat tussen een of meerdere deelnemers met de ambtelijke organisatie van de uitvoeringsdienst of directeur, wordt de kwestie voorgelegd aan het algemeen bestuur.

2. 3rHet algemeen bestuur doet een bindende uitspraak. 3. 3iIndionlndien (een) deelnemer(s) zich niet kan/kunnen vinden in de uitspraak van het algemeen bestuur zal het geschil worden voorgelegd aan de bevoegde rechter. 4. 4iIndienlndien een conflict niet wordt opgelost en de deelnemers het risico lopen dat contracten niet worden nagekomen, kan het algemeen bestuur besluiten om de directeur de bevoegdheid te geven om de taakuitvoering (waar sprake is van contractrisico) over te nemen van de betreffende deelnemer en op kosten van die betreffende deelnemer uit te laten voeren.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13195866/1