07f Amtshalve wijzigingen
Tekst van het document
Bestemmingsplan ‘Bernadettelaan 12, Tienray’
Overzicht ambtshalve wijziging
Tijdens de ter inzagelegging van het ontwerp bestemmingsplan heeft het bevoegd gezag het noodzakelijk geacht om ambtshalve een voorwaardelijke verplichting in de regels van het bestemmingsplan toe te voegen waarmee het realiseren en in stand houden van ten minste vier inmetselkasten noodzakelijk is om het leefgebied van de gewone dwergvleermuis te compenseren alvorens de betreffende gronden en bouwwerken in gebruik te mogen nemen. Dit heeft geleid tot de volgende toevoegingen in de bestemmingsplan toelichting en de voorwaardelijke verplichting als toevoeging in de bestemmingsplan regels. Daarnaast is het vervolgonderzoek archeologie afgerond, waar ook een extra paragraaf voor is opgenomen in de bestemmingsplan toelichting.
Verandering voor ecologie Permanente verblijfsplaatsen in de toekomstige situatie In het nader onderzoek naar vleermuizen is geconcludeerd dat in het gebouw één paarverblijfplaats van de gewone dwergvleermuis is aangetroffen. In dit kader zijn er 5 (tijdelijke) alternatieve verblijfsplaatsen gerealiseerd in de directe omgeving van het plangebied door het ophangen van uitwendige vleermuiskasten. Deze uitwendige vleermuiskasten zijn echter niet geschikt als permante voorziening. Omdat er met het nader onderzoek een verblijfsplaats is aangetroffen, moeten er bij de bouw van de nieuwe woningen permanente voorzieningen worden gerealiseerd. Deze permanente voorzieningen moeten voor een vergelijkbaar aantal inwendig in gebouwen worden gerealiseerd. Uitgaande van één verblijfsplaats dienen er minimaal 4 permanente voorzieningen te worden gerealiseerd. Deze permanente voorzieningen dienen allen inwendig in het gebouw gerealiseerd, of een combinatie van inwendig en uitwendig. Voor permanente inpandige vervanging van verblijfsplaatsen kan gedacht worden aan verblijfplaatsen realiseren in spouwmuren, achter gevelbetimmering, achter boeiboorden of sierlijsten, bij dakconstructies of in muren door middel van inmetselkasten.
Om te waarborgen dat er daadwerkelijk minimaal vier permanente voorzieningen worden gerealiseerd bij de woningbouw, is in de regels van het bestemmingsplan een voorwaardelijke verplichting opgenomen waarmee het realiseren en in stand houden van ten minste vier inmetselkasten noodzakelijk is om de betreffende gronden en bouwwerken in gebruik te mogen nemen. In voorliggende situatie is er voor gekozen om te kiezen voor inmetselkasten als permanente inpandige vervanging van verblijfsplaatsen. De andere genoemde mogelijkheden zijn ook toegestaan, maar worden niet aan de voorwaardelijke verplichting gekoppeld. Bij de beoordeling van het bouwplan en de locaties van de inmetselkasten moet worden afgestemd met een deskundig ecoloog.
Paragraaf 6.2 – Maatschappelijke uitvoerbaarheid Na het vooroverleg heeft het bestemmingsplan de procedure van artikel 3.8 en verder van de Wet ruimtelijke ordening doorlopen. Op 27 januari 2022 heeft het ontwerpbestemmingsplan gedurende zes weken ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn er geen zienswijzen ingediend. Wel heeft het bevoegd gezag het noodzakelijk geacht om ambtshalve een voorwaardelijke verplichting in de regels van het bestemmingsplan toe te voegen waarmee het realiseren en in stand houden van ten minste vier inmetselkasten noodzakelijk is om de betreffende gronden en bouwwerken in gebruik te mogen nemen. Tijdens de sloop van het gebouw is een verblijfsplaats van een gewone dwergvleermuis verloren gegaan. De inmetselkasten dienen als permanente vervanging van de verblijfsplaatsen voor vleermuizen.
Toevoeging aan de Regels 3.3.4 Voorwaardelijke verplichting vleermuizen Het gebruiken en (doen) laten gebruiken van de gronden en/of bouwwerken conform de in artikel 3.1 opgenomen bestemmingsomschrijving is alleen toegestaan indien in het plangebied, in totaal ten minste vier, inmetselkasten als permanente verblijfsplaats voor vleermuizen zijn gerealiseerd en in stand worden gehouden. De locaties van de inmetselkasten worden afgestemd met een deskundig ecoloog.
Aanvulling archeologisch onderzoek Door RAAP is een archeologisch vooronderzoek in de vorm van proefsleuven (d.d. 14 april 2022) uitgevoerd. Het rapport is opgenomen als bijlage bij dit bestemmingsplan. Hierna wordt ingegaan op de conclusies van het onderzoek. Verspreid over de proefsleuven zijn archeologische resten aangetroffen onder het cultuurdek. Op basis van de waardering van de aangetroffen resten kan worden geconcludeerd dat het niet gaat om een behoudenswaardige vindplaats. De gespecificeerde archeologische verwachting kan niet worden bevestigd. Op basis van het onderzoek kan worden geconcludeerd dat het plangebied niet van archeologische waarde is. Het selectieadvies in het onderzoek luidt dan ook om het plangebied vrij te geven voor de geplande ontwikkeling. Het aspect archeologie vormt geen belemmering voor onderhavig initiatief.