07e Concept Jaarverantwoording 2025
Tekst van het document
Indicatoren Kaderstelling en verbinding
Realisatie
• Met alle structurele partners en buurregio’s (binnen- en buitenland) is jaarlijks contact. • Afspraken zijn helder en eenduidig vastgelegd.
Gerealiseerd
• We hebben inzicht in de voorbereiding van GHOR-partners, gemeentelijk crisisorganisaties en overige (vitale) partners. • Mijlpalen en verantwoording van ERMWIC-project.
Gerealiseerd
Deels gerealiseerd
Gerealiseerd
Indicatoren GHOR
Realisatie
• Zorginstellingen zijn zich bewust van hun rol en eigen verantwoordelijkheid binnen de zorgketen. • Adviseert over crisisbeheersing om zorgcontinuïteit verstoring te beperken, als ook over risicobeheersing om crises te voorkomen. • Borgen van een kwalitatief hoogstaande crisisorganisatie die 24/7 paraat is.
Gerealiseerd
• Verbinden van geneeskundige hulpverlening met openbare orde en veiligheid.
Gerealiseerd
• Visie zelfredzaamheid GHOR en veiligheidsregio ten uitvoering brengen.
Gerealiseerd
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 20 -
Gerealiseerd Gerealiseerd
23 april 2026
• Bieden van handelingsperspectieven tijdens rampen en crises.
Gerealiseerd
• Adviseren van sociale netwerken en zorginstellingen rondom verminderd zelfredzamen.
Gerealiseerd
Indicatoren Bevolkingszorg
Realisatie
• Van de functionarissen binnen de Oranje Kolom die actief zijn binnen de multidisciplinaire teams neemt iedere functionaris minimaal 1x per jaar deel aan een multidisciplinaire bijscholing of oefening. • Elke functionaris binnen de Oranje Kolom neemt minimaal 1x per jaar deel aan een monodisciplinaire opleiding of oefening. • Alle nieuwe functionarissen die binnen de Oranje Kolom actief zijn, volgen een startbekwaamheidstraject voor de functie die zij gaan uitoefenen. • In alle gevallen zijn de teams na alarmering binnen de gestelde opkomsttijden operationeel
Gerealiseerd
Gerealiseerd Gerealiseerd Gerealiseerd
Wat heeft het gekost? Totaal Programma Crisisbeheersing bedragen in duizenden euro's Begroting 2025 na w ijziging
Realisatie 2025
Totaal lasten
8.369
8.434
Totaal baten
8.299
8.483
-71
50
Saldo van baten en lasten Toevoegingen aan reserves
0
0
Onttrekkingen aan reserves
620
78
Gerealiseerde resultaat
550
127
De realisatie wordt toegelicht in paragraaf 6.3.3 Programma Crisisbeheersing.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 21 -
23 april 2026
2.4
Bedrijfsvoering/Overhead
Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? Met betrekking tot de reguliere activiteiten binnen bedrijfsvoering, als het gaat om de onderdelen personeel & organisatie, financiën & control, informatievoorziening & technologie, communicatie en huisvesting, heeft het afgelopen jaar in het teken gestaan van basis op orde brengen en doorontwikkeling van de bedrijfsvoering. Naast de reguliere activiteiten hebben een aantal strategische vraagstukken een grote rol gespeeld. Strategisch huisvestingsplan In het kader van het strategische huisvestingsplan hebben een aantal ontwikkelingen gespeeld. Om VRLN toekomstbestendig te huisvesten heeft zich de kans voor gedaan om een groot aantal onderdelen van de organisatie op één locatie te huisvesten. Bestuurlijke besluitvorming hierover is in 2025 afgerond en daarmee ook de keuze om voor de toekomst op het nieuw te ontwikkelen veilingterrein in Venlo de hoofdlocatie van de VRLN te huisvesten. Daarnaast is in het afgelopen jaar het pand aan de Nijmeegseweg verkocht en ook voor de GGD zijn in diverse gemeenten de locaties verhuisd met het oog op de toekomst. Strategisch personeelsplan Op de in het strategisch personeelsplan genoemde uitdagingen is onverminderd doorgewerkt. Het jaar 2025 stond met name in het teken van binden en boeien (behouden van personeel). De website 'Werken bij’ is live gegaan, met werkgeversverhalen in woord en beeld.
De introductiedag voor nieuwe medewerkers is geactualiseerd. VRLN wil dat medewerkers zich welkom voelen en dat hun onboarding soepel verloopt. Daarom is afgelopen jaar ook ingezet op de optimalisatie van een aantal processen en systemen, o.a. Werving en selectie en het instroomproces. Gezien alle ontwikkelingen is het voor VRLN belangrijk om grip te hebben en te houden op het personeelsbestand. Door middel van strategische personeelsplanning wordt de vertaling gemaakt van de ontwikkelingen naar zowel de kwaliteit als de kwantiteit van het personeelsbestand. In 2025 is het strategische personeelsplanning traject voor de Brandweer afgerond en voor de afdeling Bedrijfsvoering opgestart. Aansluiting bij landelijke platforms en Informatiebeveiliging In 2025 heeft VRLN belangrijke stappen gezet om de bedrijfsvoering toekomstbestendig en veilig te houden. De toenemende digitalisering en de groeiende dreigingen op het gebied van cyberveiligheid maken informatieveiligheid tot een topprioriteit. VRLN staat voor de uitdaging te voldoen aan alle geldende normen en regels. In 2025 is veel geïnvesteerd op het gebied van informatiebeveiliging en daardoor is ook het certificaat NEN7510 behaald. In 2025 zijn forse stappen gezet om te voldoen aan de diverse kaders en normen, we liggen op koers om structureel te voldoen aan deze kaders in de volle breedte van de organisatie.
Naast beleidsmatige borging zijn ook technische maatregelen geïmplementeerd. Zo is monitoring op netwerkverbindingen en gebruikersapparatuur ingericht via Security Information and Event Management (SIEM) en wordt bij calamiteiten direct opgeschaald met ondersteuning vanuit een Security Operations Centre (SOC). Deze voorzieningen zijn in 2025 aanbesteed en succesvol geïmplementeerd. Het jaar kende enkele situaties waarin verhoogde alertheid noodzakelijk was, zoals tijdens de NAVO-top. Dit vereiste directe inzet van ICT-capaciteit en intensieve monitoring, wat heeft geleid tot extra uren en kosten, maar ook tot een aantoonbaar robuuster beveiligingsniveau. Daarnaast heeft VRLN zich aangesloten bij de landelijke platforms van GGD-GHOR Nederland en het Nederlands Instituut Publieke Veiligheid (NIPV). Hiermee is geborgd dat kennisdeling, beleidsafstemming en samenwerking plaatsvinden op landelijk niveau. Deze aansluiting draagt bij aan uniforme toepassing van autorisatienormen en versterkt onze positie in landelijke netwerken.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 22 -
23 april 2026
Wat heeft het gekost? Totaal Overhead bedragen in duizenden euro's Begroting 2025 na w ijziging
Realisatie 2025
Totaal lasten
23.162
24.855
Totaal baten
21.326
21.232
Saldo van baten en lasten
-1.836
-3.623
Toevoegingen aan reserves
75
265
Onttrekkingen aan reserves
505
519
Gerealiseerde resultaat
-1.406
-3.369
De realisatie wordt toegelicht in paragraaf 6.3.4 Programma Bedrijfsvoering/Overhead.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 23 -
23 april 2026
2.5
Risk Factory
Hebben we bereikt wat we wilden bereiken? Doelgroepen In 2025 is de Risk Factory voor tweedejaarsleerlingen van het voortgezet onderwijs (VO) geopend. In het eerste kalenderjaar hebben meer dan 1000 VO-leerlingen de Risk Factory bezocht. Daarnaast is in 2025 ook gestart met de ontvangst van individuele senioren. De uitbreiding van doelgroepen is naar wens en zoals gepland verlopen. De doelgroepen groep 8 leerlingen en groepen senioren zijn in 2025 zoals andere jaren naar tevredenheid verlopen. Om goed te blijven aansluiten zijn in 2025 voor alle doelgroepen 11 nieuwe scenario's (door)ontwikkeld. Blijvende afstemming met Zuid-Limburg en andere Veiligheidsregio's De blijvende afstemming met Zuid-Limburg heeft uiteindelijk geresulteerd in een positief besluit van het Algemeen Bestuur in Zuid-Limburg over het haalbaarheidsonderzoek voor een Risk Factory in Zuid-Limburg. Dit haalbaarheidsonderzoek is opgesteld in samenwerking met Limburg-Noord. De samenwerking tussen alle Risk Factories is in 2025 verstevigd. Steeds meer Veiligheidsregio's tonen interesse in het concept. Naast Zuid-Limburg, opent er in 2026 ook een Risk Factory in ZuidHolland-Zuid. Wat heeft het gekost? Totaal Risk Factory bedragen in duizenden euro's Begroting 2025 Realisatie 2025 na w ijziging Totaal lasten
787
804
Totaal baten
787
797
Saldo van baten en lasten
0
-7
Toevoegingen aan reserves
0
0
Onttrekkingen aan reserves
0
3
Gerealiseerde resultaat
0
-4
De realisatie wordt toegelicht in paragraaf 6.3.5 Risk Factory.
2.6
Algemene dekkingsmiddelen
VRLN kent als algemeen dekkingsmiddel het saldo van de financieringsfunctie, zijnde - € 26.250. De hoogte van het bedrag in 2025 is met name veroorzaakt door de hogere rente op de financieringsmarkt en lagere renteopbrengsten van de rekening courant ten opzichte van de begroting.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 24 -
23 april 2026
3.
Paragrafen
3.1
Weerstandsvermogen en risicomanagement
In 2025 is de nota risicomanagement en weerstandsvermogen geactualiseerd en vastgesteld door het Algemeen Bestuur (4 juli 2025). Gekoppeld aan deze actualisatie is bepaald een weerstandsvermogen van 1 aan te houden, met een marge van 0,2 (zowel positief als negatief). Dit is afgeleid van de tabel van het Nederlands Adviesbureau voor Risicomanagement (NAR). Wanneer de beschikbare weerstandscapaciteit een afwijking geeft buiten de marges van het weerstandsvermogen, kan deze door een besluit van het Algemeen Bestuur worden aangepast. Het weerstandsvermogen is de ratio tussen de benodigde weerstandscapaciteit op basis van de risicoanalyse en de beschikbare weerstandscapaciteit. De beschikbare weerstandscapaciteit bestaat uit de algemene reserve en de post onvoorzien. Weerstandscapaciteit
(bedragen in duizenden euro's) Stand per 31 decem ber 2025
Algemene reserves
1.449
Onvoorzien
50
Weerstandscapaciteit
1.499
Met een rekenmodel waarbij zowel kans van optreden als financieel risico worden meegenomen, zijn de strategische risico's binnen de VRLN gewogen. Het uitgangspunt is het meenemen van strategische risico’s met een grote omvang in de paragraaf risicomanagement. Hierbij ligt de focus op grote financiële gevolgen van risico’s. De benodigde weerstandscapaciteit gaat uit van het restrisico (netto risico) dat de organisatie loopt in het jaar. Daartoe wordt voor de verschillende risico’s beoordeeld wat de effectiviteit is van de aanwezige beheersingsmaatregelen en/of aanvullende maatregelen genomen kunnen worden. Het is niet waarschijnlijk dat alle risico’s zich in één jaar voordoen in hun maximale omvang. Voor het jaar is een inschatting gemaakt van de kans van uitkomen op basis van beschikbare data en expertise. De bestaande risico’s zijn volgens deze methode opnieuw beoordeeld gedurende het jaar. De risico’s uit voorgaande jaren zijn gemanaged en er is een actuele risicolijst op basis van het actuele beleid opgesteld. In het kader van risicomanagement zijn risico’s met meer dan € 100K impact op de benodigde weerstandscapaciteit meegenomen in deze paragraaf. De totale lijst van risico's binnen de organisatie beperkt zich niet tot onderstaande.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 25 -
23 april 2026
Oorzaak Risicogebeurtenis
Financieel gevolg
Kans
Benodigde weerstandscapaciteit
% t.o.v. totaal weerstandscapaciteit
Milieu aansprakelijkheid als gevolg van bluswater vervuiling PFAS
75%
€
600.000
€
450.000
18%
Business Continuity Management (BCM)
50%
€
800.000
€
400.000
16%
Geopolitieke spanningen
50% €
350.000
€
175.000
7%
Wegvallen van maatwerk- en markttaken
5% €
8.600.000
€
430.000
18%
Mentale arbeidsongeschiktheid (PTSS)
50% €
200.000
€
100.000
4%
Complexiteit verantwoording subsidie bijdragen
5% €
4.500.000
€
225.000
9%
Sociaal Domein Oekraïne
50%
710.000
€
355.000
15%
Wet DBA regeling (Deregulering beoordeling arbeidsrelaties)
50% €
350.000
€
175.000
7%
Rotterdam-Rijn Pijpleiding (RRP)
5% €
2.500.000
€
125.000
5%
€
100%
Totaal
€
18.610.000
€
2.435.000
Evenredig beschikbare weerstandscapaciteit met een weerstandvermogen ratio
1,00
€
2.435.000
Minimaal beschikbare weerstandscapaciteit met een weerstandvermogen ratio
0,80
€
1.948.000
Maximaal beschikbare weerstandscapaciteit met een weerstandvermogen ratio
1,20
€
2.922.000
Milieu aansprakelijkheid De complexiteit rondom de PFAS vervuiling in de bodem als gevolg van (oefen)bluswater. De PFASverontreiniging brengt gezondheidsrisico’s, juridische, financiële en/of bestuurlijke risico’s met zich mee. Die financiële impact is nog onduidelijk en kan erg groot zijn. Voor de Nijmeegseweg is reeds een storting in een bestemmingreserve gedaan, maar onduidelijk is of deze toereikend is. Business Continuïteit Management Er is een verhoogde landelijke aandacht voor bedrijfscontinuïteit, die een complexiteit krijgt door de nieuwe richtlijnen en de Wet weerbaarheid kritieke entiteiten (Wwke 2026). Het doel van de Wwke is om de fysieke en digitale weerbaarheid te verbeteren van organisaties die essentiële diensten leveren. Dit geeft grote uitdagingen voor de doelstelling veiligheid en gezondheid van inwoners en de bedrijfsvoering van VRLN. Een versnelde uitvoering van het mitigeren van het risico, waarbij financiering hiervoor nog onduidelijk is. Geopolitieke Spanningen Door geopolitiek spanningen nemen de economische-, militaire- en digitaal risico's toe. Denk hierbij onder ander aan de cyberaanvallen op onze netwerken en de handelsbarrières. Vervallen van maatwerk- en markttaken Aanvullende (maatwerk)taken en/of markttaken die zijn belegd bij de VRLN maar geen wettelijke verankering hebben, hebben het risico te kunnen vervallen. Denk daarbij o.a.
aan: Reizigersvaccinatie, Publieke Gezondheidszorg Asielzoekers, diverse specifiek uitkeringen (o.a. COVID) maatwerkafspraken rondom Jeugdgezondheidszorg. Mentale arbeidsongeschiktheid (PTSS) Geen uniformiteit aanspraak vergoeding kosten mentale arbeidsongeschiktheid (PTSS) van medewerkers binnen veiligheidsregio’s. Het NIPV en het ministerie van Justitie en Veiligheid coördineren het procesplan en mogelijke toezeggingen. Veiligheidsregio dragen zelf het financieel risico bij uitval van een medewerker als gevolg van PTSS. Complexiteit verantwoording subsidie bijdragen Sisa-uitkeringen rijk en andere (subsidie)bijdragen van bijvoorbeeld interegg en ZonMW zijn divers en complex. Er is onvoldoende (tussentijds inzicht) in de verantwoordingseisen en de verplichte dossiervorming.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 26 -
23 april 2026
Overheidsbeleid sociaal domein Oekraïne: van incidenteel naar structureel De GGD is uitvoerder van de van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek voor Oekraïense ontheemden. Via gemeenten ontvangt de VRLN hiervoor een aanvullende compensatie. De compensatie wordt jaarlijks aan het einde van het jaar door het Rijk vastgesteld en uitgekeerd op basis van Oekraïense ontheemden per gemeente. De compensatie kent daarmee een incidenteel karakter terwijl nog onduidelijk is of Oekraïense ontheemden op termijn terugkeren naar Oekraïne. Daarmee ontstaat een risico op structurele (kwantitatieve) uitbreiding van de taken, terwijl daar mogelijk geen financiering voor is. Wet Deregulering beoordeling arbeidsrelaties (DBA) De VRLN maakt regelmatig gebruik van ingehuurde professionals. Wanneer niet is voldaan aan de verplichtingen uit de Wet DBA, is mogelijk sprake van schijnzelfstandigheid en een arbeidsrelatie. Door het onzorgvuldig naleven vergroot het de kans van een boete, heffingen of aansprakelijkheden. RRP Venlo De Rotterdam-Rijn Pijpleiding (RRP) voorzieningen voor bestrijden tankbrand zijn niet geborgd. Ondanks de kleine kans kunnen de gevolgen van een dergelijk scenario zeer groot zijn en ook risico's opleveren voor de omgeving. Daarnaast kunnen aanzienlijke financiële risico's voor de Veiligheidsregio ontstaan.
3.1.1 Financiële kengetallen De financiële kengetallen geven aan over hoeveel financiële ruimte VRLN beschikt om structurele en incidentele lasten te dekken of op te vangen. Financiële kengetallen
(in percentages)
000100
Realisatie 2024
Begroting 2025
Realisatie 2025
Netto schuldquote
28,7%
47,1%
29,1%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
28,7%
47,1%
29,1%
Solvabiliteitsratio
21,7%
8,3%
22,2%
Structurele exploitatieruimte
0,1%
0,5%
0,4%
Netto schuldquote Het kengetal netto schuldquote, ook wel bekend als de netto-schuld als aandeel van de inkomsten, zegt het meest over de financiële vermogenspositie. De netto schuldquote geeft aan of de gemeenschappelijke regeling investeringsruimte heeft. Daarnaast geeft het kengetal inzicht in de flexibiliteit van de begroting. Hoe hoger de schuld, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeenschappelijke regeling ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. In de uitgave ‘Houdbare Gemeentefinanciën’ van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is aangegeven dat wanneer de schuld lager is dan de jaaromzet (100%) dit als voldoende kan worden bestempeld. Voor veiligheidsregio’s wordt 80% als norm aangehouden. VRLN blijft onder de norm. In de begroting is nog uitgegaan van hogere vaste en vlottende schulden ten opzichte van de realisatie. Daarnaast is de realisatie van vlottende activa in verhouding niet veel lager dan de vlottende activa in de begroting. Zo is de verhouding vaste en vlottende schulden ten opzichte van de vlottende activa in de realisatie gunstiger dan in de begroting.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 27 -
23 april 2026
Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft de mate aan waarmee de bezittingen zijn betaald met eigen middelen. Hoe hoger de verhouding eigen vermogen ten opzichte van het totale vermogen, hoe financieel gezonder de gemeenschappelijke regeling. VRLN is in staat aan haar kortlopende en langlopende schulden te voldoen. Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. Structurele baten zijn voornamelijk de gemeentelijke bijdragen en de rijksbijdrage. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Het percentage voor VRLN ligt ultimo 2025 op 0,4%. Dit betekent dat er geen structurele lasten gedekt worden met incidenteel geld.
3.2
Bedrijfsvoering
3.2.1 Personeel Onderstaande tabel geeft de omvang van het personeel in ambtelijk dienstverband en het aantal brandweervrijwilligers weer.
3.2.2 Rechtmatigheidsverantwoording Het Dagelijks Bestuur geeft aan in hoeverre de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties, rechtmatig tot stand zijn gekomen. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het Algemeen Bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en interne verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het Algemeen Bestuur bepaald en bedraagt 2% van de totale lasten en is daarmee vastgesteld op € 1,9 miljoen. De rapporteringsgrens is bepaald op 10% en vastgesteld op € 195K. Conclusie Het Dagelijks Bestuur stelt vast dat de omvang van de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties die niet rechtmatig tot stand zijn gekomen € 2,5 miljoen bedraagt. Dit is hoger dan de daarvoor gestelde grens van € 1,9 miljoen. Van de niet rechtmatig tot stand gekomen verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties is volgens het Dagelijks Bestuur een bedrag van € 867K acceptabel op basis van de door het Algemeen Bestuur vastgestelde afspraken.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 28 -
23 april 2026
De resterende onrechtmatigheid (€ 1,6 miljoen) blijft onder de verantwoordingsgrens, de baten en lasten worden derhalve als rechtmatig tot stand gekomen beschouwd. Toelichting op de afwijkingen Begrotingscriterium In de begroting zijn de maxima voor de lasten vermeld die door het Algemeen Bestuur zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheersingshandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikende van het begrotingsbedrag alsmede het begrotingsjaar van belang zijn. Volgens het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording Provincies en Gemeenten) dienen de afwijkingen in de jaarrekening herkenbaar te worden opgenomen en van een toelichting te worden voorzien. Bij de overwegingen of begrotingsafwijkingen leiden tot een begrotingsonrechtmatigheid worden de uitgangspunten uit de Kadernota Rechtmatigheid 2025, zoals uitgewerkt in de Financiële Verordening en het Controle- en rechtmatigheidsprotocol, gehanteerd. In onderstaande tabel is dit samengevat. Classificatie Begrotingsafw ijking
Rechtm atig
Onrechtm atig
Acceptabel (passend binnen beleid)
n.v.t.
Bij overschrijding van de toleranties: altijd onrechtmatig indien niet tijdig (voor 31 december) geautoriseerd door het algemeen bestuur
De overschrijding die aangemerkt is als onrechtmatig w ordt als acceptabel aangemerkt w anneer: - Overschrijdingen aantoonbaar door (hogere) directe baten w orden gedekt. - Overschrijdingen tijdig (voor 31 december) zijn gemeld aan het algemeen bestuur en het algemeen bestuur (actief) besluit de overschrijding als acceptabel (passend binnen het beleid) aan te duiden. - Overschrijdingen niet door de ambtelijke organisatie en/of het dagelijks bestuur gedurende het boekjaar voorzien hadden kunnen w orden. Waarbij de overschrijding tijdig (uiterlijk bij de verantw oording in de jaarverantw oording ) gemeld is aan het algemeen bestuur.
- de overschrijding dekt niet (direct en/of aantoonbaar) een overschrijding van de lasten en/of investeringen. - de overschrijding is niet tijdig (uiterlijk bij de verantw oording in de jaarverantw oording) gemeld aan het algemeen bestuur.
n.v.t.
Overschrijdingen tav baten
- de overschrijding dekt aantoonbaar een overschrijding van de lasten en/of investeringen. - de overschrijding is tijdig (uiterlijk bij de verantw oording in de jaarverantw oording) gemeld aan het algemeen bestuur.
Onderschrijding tav baten, lasten en investeringskredieten
- de onderschrijdig is tijdig (voor 31 December) gemeld aan het algemeen bestuur en het algemeen bestuur heeft niet tegen het classificeren als rechtmatig besloten. - de onderschrijdingen hadden niet door de ambtelijke organisatie en/of het dagelijks bestuur gedurende het boekjaar voorzien kunnen w orden. Waarbij de onderschrijding uiterlijk bij de verantw oording in de jaarverantw oording gemeld is aan het algemeen bestuur. - ondanks de onderschrijding is aan de (inhoudelijke) doelstellingen, zoals in de geautoriseerde begroting(sw ijziging) is vastgesteld, is voldaan.
Overschrijdingen tav lasten en investeringskredieten
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 29 -
n.v.t. - de onderschrijdig is niet tijdig gemeld aan het algemeen bestuur of het algemeen bestuur heeft tegen het classificeren als rechtmatig besloten.
23 april 2026
De verschillen tussen de geautoriseerde lasten en de gerealiseerde lasten worden hieronder per programma weergegeven. Resultaat, exclusief mutaties reserves
(bedragen in duizenden euro's) Verschil begroting realisatie
Begroting 2025 na w ijziging
Realisatie 2025
Totaal lasten
28.926
26.942
1.984
Totaal baten
27.575
28.900
1.325
Totaal lasten
36.088
35.735
353
Totaal baten
38.351
37.829
-522
Totaal lasten
8.369
8.434
-64
Totaal baten
8.299
8.483
185
Totaal lasten
23.162
24.855
-1.692
Totaal baten
21.326
21.232
-94
Totaal lasten
787
804
-17
Totaal baten
787
797
10
Program m a
Publieke Gezondheid
Brandw eerzorg
Crisisbeheersing
Overhead
Risk Factory
Netto totaal
1.467
Cum ulatief totaal
6.247
Programma Publieke Gezondheid Voor het programma Publieke gezondheid is een onderschrijding op de lasten (€ 2,0 miljoen) en een overschrijding op de baten (€ 1,3 miljoen) vastgesteld. De afwijkingen ten opzichte van de begroting zijn specifiek toegelicht in paragraaf 6.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten. Van deze begrotingsafwijkingen is op basis van de vastgestelde uitgangspunten € 0 als onrechtmatig aangemerkt. Hierbij worden de overschrijdingen van de baten bij de vaststelling van de jaarrekening door het Algemeen Bestuur geautoriseerd. De onderschrijdingen van de lasten/baten zijn rechtmatig als de onderschrijding niet door de ambtelijke organisatie en/of het Dagelijks Bestuur gedurende het boekjaar voorzien hadden kunnen worden, of wanneer ondanks de onderschrijdingen aan de (inhoudelijke) doelstellingen van de begroting zijn voldaan. Programma Brandweerzorg Voor het programma Brandweerzorg is een onderschrijding op de lasten (€ 353K) en onderschrijding op de baten (€ 522K) vastgesteld. De afwijkingen ten opzichte van de begroting zijn specifiek toegelicht in paragraaf 6.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten. Van deze begrotingsafwijkingen is op basis van de vastgestelde uitgangspunten € 0 als onrechtmatig aangemerkt.
De onderschrijdingen van de lasten/baten zijn rechtmatig als de onderschrijding niet door de ambtelijke organisatie en/of het Dagelijks Bestuur gedurende het boekjaar voorzien hadden kunnen worden, of wanneer ondanks de onderschrijdingen aan de (inhoudelijke) doelstellingen van de begroting zijn voldaan.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 30 -
23 april 2026
Programma Crisisbeheersing Voor het programma Crisisbeheersing is een overschrijding van de lasten (€ 64K) en een overschrijding op de baten (€ 185K) vastgesteld. De afwijkingen ten opzichte van de begroting zijn specifiek toegelicht in paragraaf 6.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten. Van deze begrotingsafwijkingen is op basis van de vastgestelde uitgangspunten € 64K als onrechtmatige overschrijding van de lasten aangemerkt. Hiervan is € 64K acceptabel gezien deze overschrijding van de lasten door directe hogere baten wordt gedekt. Hierbij worden de (overige) overschrijdingen van de baten bij de vaststelling van de jaarrekening door het Algemeen Bestuur geautoriseerd. Programma Bedrijfsvoering/Overhead (Incl. Risk Factory) Voor het programma Bedrijfsvoering/Overhead (incl. Risk Factory) is een overschrijding van de lasten (€ 1,7 miljoen) en een onderschrijding van de baten (€ 94K) vastgesteld. De afwijkingen ten opzichte van de begroting zijn specifiek toegelicht in paragraaf 6.3 Toelichting op het overzicht van baten en lasten. Van deze begrotingsafwijkingen is op basis van de vastgestelde uitgangspunten € 1,7 miljoen als onrechtmatige overschrijding van de lasten aangemerkt. Hiervan is € 803K acceptabel, waarvan een bedrag van € 253K wordt gecompenseerd door geautoriseerde onttrekkingen uit de reserves en een bedrag van € 10K door hogere baten.
Daarnaast wordt een bedrag van € 540K als acceptabel aangemerkt gezien dit betrekking heeft op het programma gezondheidszorg, waarvoor voldoende dekking binnen het programma bestaat. Een bedrag van € 906K als gevolg van een ongeautoriseerde overschrijding van de lasten, blijft als onrechtmatig aangemerkt. Investeringskredieten In 2025 zijn geen afwijkingen geconstateerd ten aanzien van investeringen in het boekjaar waar geen gevoteerd krediet tegenover staat. Ten aanzien van overschrijdingen van de gevoteerde kredieten in het huidige boekjaar is een overschrijding van € 570K geconstateerd. Dit komt door een toename in de inkoopprijzen, waarbij de kredieten niet tijdig zijn bijgesteld. Daarnaast heeft gedurende het eind van 2025 versneld een investering plaatsgevonden, waarvoor in 2026 kredietvaststelling zou gaan plaatsvinden. Tevens is er een onderschrijding op de gevoteerde kredieten van € 567K. Deze onderschrijding komt voort uit het vervullen van investeringen waarbij niet de volledige kredietruimte noodzakelijk is gebleken. Aan de doelstellingen van de investeringen is voldaan, derhalve zijn deze begrotingsafwijkingen, conform de vastgestelde afspraken, rechtmatig. De investeringen worden in paragraaf 6.2.1 Vaste activa specifiek toegelicht.
Voorwaardencriterium Het voorwaardencriterium heeft betrekking op het naleven van gestelde voorwaarden bij de uitvoering van de financiële beheersingshandelingen. Deze voorwaarden komen voort uit diverse wet- en regelgeving en hebben onder meer betrekking op aspecten van de administratieve bepalingen, duur, normbedragen, bevoegdheden, aanbestedingen, ontvangen subsidies en uitkeren voor zover deze relevant zijn voor de financiële rechtmatigheid. In het door het Algemeen Bestuur vastgestelde normenkader voor de jaarverantwoording 2025 zijn de externe en interne regelgeving opgenomen. De geconstateerde onrechtmatigheidsfouten ten aanzien van het voorwaardencriterium, op basis van het vastgestelde normenkader, hebben de rapporteringsgrens van € 191K niet overschreden. Aanbestedingsrechtmatigheid De regels over aanbesteden staan in de Aanbestedingswet 2012 en het Aanbestedingsbesluit. In de Gids Proportionaliteit zijn de voorschriften uitgewerkt over de eisen, voorwaarden en criteria die aan inschrijvers en inschrijvingen worden gesteld. Conform het vastgestelde normenkader leidt het niet naleven van de aanbestedingswet 2012, met betrekking tot de Europese aanbestedingsnormbedragen bij een aanbesteding van opdrachten, tot een
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 31 -
23 april 2026
financiële rechtmatigheidsfout. Hierbij wordt een overschrijding van de EU-aanbestedingsgrens bepaald over 4 jaren, als onrechtmatig aangemerkt. In 2025 is er sprake geweest van overschrijding van de EU-aanbestedingsgrens voor de inkoop van leveringen en diensten (met een drempelwaarde van € 221K (exclusief btw)) voor twee crediteuren. De oorzaken voor deze onrechtmatige uitgaven hebben betrekking op dat deze opdrachten stilzwijgend, niet wetmatig zijn verlengd en/of een nieuwe aanbesteding niet tijdig heeft plaatsgevonden. De vastgestelde onrechtmatigheid betreft hierbij € 150K. Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium In 2025 zijn geen bijzonderheden ten aanzien van misbruik en oneigenlijk gebruik geconstateerd.
3.3
Onderhoud kapitaalgoederen
De belangrijkste kapitaalgoederen die de veiligheidsregio in eigendom heeft betreffen gebouwen, vervoermiddelen (brandweervoertuigen) en ander brandweermaterieel. Ten aanzien van vervanging van materieel zijn soberheid, doelmatigheid en regionale uniformiteit belangrijke uitgangspunten. In het kader van risicogerichtheid en focus wordt de standaardisering op onderdelen minder. De brandweer moet dan ook investeren in nieuwe innovatieve technische middelen. Ook wordt er bij aanschaf van nieuwe voertuigen gekeken naar duurzame initiatieven waarbij de primaire inzetfunctie van het voertuig in kwaliteit gelijk moet blijven aan de gestelde eisen. De fasering van duurzame voertuigen wordt het eerste zichtbaar bij de piket voertuigen. Aandacht is hierbij wel nodig voor de gevolgen voor de infrastructuur, zoals laadfaciliteiten op de locaties van de veiligheidsregio en bij piket functionarissen. Harmonisatie huisvestingslasten brandweerlocaties Met ingang van 2017 zijn de exploitatielasten integraal onderdeel van de begroting van de veiligheidsregio. De lasten van groot onderhoud worden in rekening gebracht bij de gemeenten en het onderhoud wordt in opdracht van de gemeenten door de gemeente of VRLN uitgevoerd. Jaarlijks wordt in samenspraak een onderhoudsprogramma opgesteld.
Meerjaren Onderhoudsplannen Voor gebouwen in eigendom van VRLN en de gehuurde brandweerkazernes zijn Meerjaren Onderhoudsplannen (MJOP’s) opgesteld. Sinds de verkoop van het kantoorgebouw aan de Nijmeegseweg in 2024 gaat het om 10 gebouwen in eigendom (2 kantoorgebouwen en 8 brandweerkazernes) en 22 brandweerkazernes met een huurcontract. De veiligheidsregio heeft de volgende gebouwen in eigendom: Locatie
Adres
Plaats
Hoofdvestiging GGD (Venlo)
Drie Decembersingel
Venlo
Hoofdvestiging GGD (Roermond)
Oranjelaan
Roermond
Brandweerkazerne Echt
Bandertlaan
Echt
Brandweerkazerne Gennep
Paesplasweg
Gennep
Brandweerkazerne Horst
Westsingel
Horst
Brandweerkazerne Ittervoort
Aziëstraat
Ittervoort
Brandweerkazerne Nederweert
Smisserstraat
Nederweert
Brandweerkazerne Stramproy
Bergerothweg
Stramproy
Brandweerkazerne Venlo
Ariënsstraat
Venlo
Brandweerkazerne Weert
De Savorin Lohmanstraat
Weert
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 32 -
23 april 2026
Op 8 juli 2022 is het MJOP 2022-2026 door het Algemeen Bestuur vastgesteld, maar vanwege de actuele situatie is deze in 2024 bijgesteld. Daarbij is tevens bepaald dat de besparing uit het strategisch huisvestingsplan wordt ingezet voor het opvangen van de stijging van de kosten van het onderhoud.
3.4
Vennootschapsbelasting
Vanaf 1 januari 2016 zijn overheidsondernemingen van bijvoorbeeld gemeenten, provincies en waterschappen belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (VPB). Met deze wetswijziging wil de Nederlandse overheid gelijkheid creëren tussen overheidsondernemingen en private ondernemingen. Voor zover bekend zijn de hiermee samenhangende financiële gevolgen voor de veiligheidsregio zeer beperkt. Voor de vennootschapsbelasting die op de activiteiten drukt die door de belastingdienst als VPB-plichtig worden aangemerkt, is voor 2025 geen bedrag geraamd. Omdat wij activiteiten verrichten tegen kostprijs en zonder winstoogmerk verwachten wij geen heffing over 2025.
3.5
Financiering
Het beleid van VRLN inzake de financiering is vastgelegd in het treasurystatuut. Het Dagelijks Bestuur heeft het treasurystatuut op 11 maart 2022 opnieuw vastgesteld. Risicobeheer (kasgeldlimiet en renterisiconorm) De kasgeldlimiet laat zien welk risico er bestaat ten aanzien van vlottende schulden. De renterisiconorm is een maatstaf om te bepalen welke kredietrisico’s de veiligheidsregio loopt op de vaste schulden. Dit zijn de schulden met een looptijd langer dan één jaar. Onderstaande tabel geeft het renterisico van de vlottende schuld voor het jaar 2025. Kasgeldlimiet
(bedragen in duizenden euro's) 000100
1e kwartaal
2e kwartaal
(1) Vlottende schuld
667
0
0
2.000
(2) Vlottende middelen
525
204
291
240
(3) Netto vlottend schuld (+) of overschot (-) (1) -(2)
141
-204
-291
1.760
(4) Gemiddelde van (3)
(Jaar t = 2025)
3e 4e kwartaal kwartaal
141
-204
-291
1.760
(5) Toegestane kasgeldlimiet In geld In percentage
7.935 8,20%
7.935 8,20%
7.935 8,20%
7.935 8,20%
Ruimte (5) groter dan (4)
7.794
8.139
8.226
6.175
Overschrijding (4) groter dan (5)
-
-
-
-
(6) Berekening kasgeldlimiet (7) Rekeningtotaal 2025 (8) Percentage regeling
96.770 8,20%
96.770 8,20%
96.770 8,20%
96.770 8,20%
(6)=(7)*(8) kasgeldlimiet 2025
7.935
7.935
7.935
7.935
In 2025 is op het einde van het boekjaar voldaan aan de norm voor de kasgeldlimiet (plafond voor financiering korter dan één jaar) op grond van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido).
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 33 -
23 april 2026
Onderstaande tabel geeft het renterisico van de vaste schuld. Renterisiconorm (bedragen in duizenden euro's)
2025 Omvang begroting
97.333
(1) Renteherzieningen
0
(2) Aflossingen
6.037
(3) Renterisico (1) + (2)
6.037
(4) Renterisiconorm
19.467
(5a) = (4) > (3) Ruimte onder renterisiconorm
13.429
(5b) = (3) > (4) Overschrijding van de renterisiconorm
n.v.t.
Berekening renterisiconorm ad (4) (4a) Begrotingstotaal jaar (t) (4b) Percentage regeling (4) = (4a) * (4b) / 100 Renterisiconorm jaar (t)
97.333 20 % 19.467
De renterisiconorm is het bedrag ter grootte van 20% van het begrotingstotaal van 2025. Het renterisico op de vaste schuld mag de renterisiconorm niet overschrijden. Dit is ook niet het geval. Liquiditeitsplanning en financieringspositie In 2025 is een kasgeldlening aangetrokken van € 6 miljoen. De vaste geldleningen in combinatie met de andere vaste en kortlopende geldleningen, reserves en voorzieningen en het betalingsritme van de gemeenten is voldoende gebleken om de lopende uitgaven inclusief investeringen te bekostigen. Rentekosten en renteopbrengsten In 2025 zijn de volgende rentekosten en renteopbrengsten gerealiseerd: Rentekosten: Rente vaste geldleningen Rente eigen financieringsmiddelen Rente kortlopende geldleningen
€ 222.029 € 3.500 € 7.039
Renteopbrengsten: Rente rekening-courant/spaarrekeningen
€ 206.318
3.6
Verbonden partijen
De veiligheidsregio kent geen verbonden partijen.
3.7
Wet open overheid
In het kader van de openbaarmaking uit eigen beweging (hfs 3 Wet open overheid) maakt de VRLN vergaderstukken van openbare bestuursvergadering openbaar via de website. Dit geldt voor de categorieën waarvoor deze verplichting op dit moment geldt. Zodra de wet gaat gelden voor andere onderdelen, zal de VRLN ook die betreffende stukken actief openbaar maken. Beleidsnotities, waaronder het beleidsplan VRLN worden op dit moment al actief gedeeld via de website. Daarnaast worden bepaalde documenten gepubliceerd op overheid.nl. Aan de eisen gesteld aan het verstrekken van informatie op verzoek (hfs 4 Openbaarmaking op verzoek) voldoet de VRLN zoals beschreven in de Woo.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 34 -
23 april 2026
Deel C Jaarrekening
4.
Balans per 31 december 2025
Balans per 31 december 2025
(bedragen in duizenden euro's)
ACTIVA
31 december 2025
31 december 2024
0
0
44.513
41.105
VASTE ACTIVA Immateriële vaste activa
Materiële vaste activa -
Investeringen met een economisch nut
44.513
41.105
Financiële vaste activa
0
0
TOTAAL VASTE ACTIVA
44.513
41.105
125
31
VLOTTENDE ACTIVA Voorraden -
Gereed product en handelsgoederen
125
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
31
5.132
8.185
-
Vorderingen op openbare lichamen
2.016
2.325
-
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijdkorter dan één jaar
2.959
5.618
-
Overige vorderingen
157
242
Liquide middelen
161
481
-
Kassaldi
5
2
-
Banksaldi
155
478
Overlopende activa -
-
2.773
2.191
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
34
180
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
2.740
2.011
TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA
8.190
10.888
TOTAAL ACTIVA
52.703
51.993
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 35 -
23 april 2026
Balans per 31 december 2025
(bedragen in duizenden euro's)
PASSIVA
31 december 2025
31 december 2024
11.708
11.268
VASTE PASSIVA Eigen vermogen -
Algemene reserve
1.449
1.605
-
Bestemmingsreserves
7.969
5.948
-
Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
2.290
3.716
Voorzieningen
4.674
3.335
-
Voorzieningen voor verplichtingen, verliezen en risico's
3.087
1.803
-
Voorzieningen ter egalisering van kosten
1.587
1.532
-
Voorzieningen voor middelen van derden w aarvan de bestemming gebonden is
0
0
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer -
Onderhandse leningen van binnenlandse banken en overige financiële instellingen
14.934 14.934
TOTAAL VASTE PASSIVA
20.971 20.971
31.317
35.575
9.923
3.949
VLOTTENDE PASSIVA Netto-vlottende schulden met een rentetypische looptijd korter dan één jaar -
Overige kasgeldleningen
-
Banksaldi
-
Overige schulden
6.000
0
0
0
3.923
3.949
11.463
Overlopende passiva -
-
-
12.469
Verplichtingen die in het begrotingsjaar zijn opgebouw d en die in een volgend begrotingsjaar tot betaling komen (met uitzondering van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume)
9.869
7.018
De van de Europese en Nederlandse overheidslichamen ontvangen voorschotbedragen voor uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel die dienen ter dekking van lasten van volgende begrotingsjaren
2.876
4.435
Overige vooruitontvangen bedragen die ten bate van volgende begrotingsjaren komen
-1.281
1.016
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA
21.386
16.418
TOTAAL PASSIVA
52.703
51.993
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 36 -
23 april 2026
5.
Het overzicht van baten en lasten (bedragen in duizenden euro's) Realisatie 2024
Prim aire begroting 2025
Begroting 2025 na w ijziging
Realisatie 2025
Publieke Gezondheid
27.792
24.300
28.926
26.942
Brandw eerzorg
33.977
38.601
36.088
35.735
Crisisbeheersing
8.307
7.844
8.369
8.434
Bedrijfsvoering/Overhead
19.016
19.629
23.112
24.855
0
0
787
804
Lasten (excl. toevoegingen aan reserves)
Risk Factory Onvoorzien
0
50
50
0
89.091
90.423
97.333
96.770
Publieke Gezondheid
10.414
7.047
11.384
12.709
Brandw eerzorg
6.410
6.464
6.519
5.997
Crisisbeheersing
3.432
2.349
3.154
3.338
Bedrijfsvoering/Overhead
3.582
1.637
1.842
2.123
Totaal lasten Baten (excl. onttrekkingen aan reserves)
Risk Factory
0
0
787
797
Algemene dekkingsmiddelen
462
350
350
-26
Totaal baten program m a's
24.299
17.847
24.035
24.938
Publieke Gezondheid
16.974
17.240
16.191
16.191
Brandw eerzorg
30.740
32.137
31.833
31.833
Baten gem eentelijke bijdragen
Crisisbeheersing
5.035
5.200
5.145
5.145
Bedrijfsvoering/Overhead
15.297
17.726
19.135
19.135
0
0
0
0
Totaal baten gem eentelijke bijdragen
68.046
72.304
72.304
72.304
Totaal baten
92.345
90.151
96.338
97.242
Publieke Gezondheid
-404
-13
-1.352
1.957
Brandw eerzorg
3.173
0
2.263
2.095
Crisisbeheersing
160
-294
-71
50
Bedrijfsvoering/Overhead
-137
-266
-2.136
-3.596
Risk Factory
Saldo (excl. m utaties reserves)
Risk Factory
0
0
0
-7
462
350
350
-26
0
-50
-50
0
Totaal program m a's
3.254
-273
-995
472
Saldo van baten en lasten
3.254
-273
-995
472
Algemene dekkingsmiddelen Onvoorzien
Toevoegingen aan reserves
77
77
77
266
Onttrekkingen aan reserves
539
350
2.558
2.084
Gerealiseerde resultaat
3.716
0
1.486
2.290
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 37 -
23 april 2026
6.
Toelichtingen
6.1
Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling
De Veiligheidsregio dient als gemeenschappelijke regeling te voldoen aan de verslaggevingsvoorschriften zoals deze ook voor gemeenten gelden. Deze voorschriften zijn vastgelegd in het BBV. De waarderingsgrondslagen zijn bepaald aan de hand van het BBV dan wel aan de hand van algemeen in het maatschappelijk verkeer aanvaarde normen. De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vindt plaats op basis van historische kosten. De activa en passiva worden opgenomen tegen nominale waarde, tenzij anders vermeld. 6.1.1 Baten en lasten De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden vóór het einde van het begrotingsjaar worden in acht genomen als zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q. schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten-gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt.
Daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten-gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Als er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (reorganisaties) dient wel een verplichting gevormd te worden. 6.1.2 Vaste activa De materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de verkrijgings- of vervaardigingsprijs verminderd met eventuele bijdragen van derden, onttrekkingen aan de reserves en/of voorzieningen en de afschrijvingen. De activa met een relatief geringe betekenis worden in het jaar van aanschaf direct ten laste van de rekening van baten en lasten gebracht. Afschrijving van de activa (lineair of annuïtair (annuïtair bij de Drie Decembersingel bij aanschaf in 2003/2004)) vindt plaats met inachtneming van de verwachte gebruiksduur of nuttigheidsduur. In voorkomende gevallen wordt de afschrijving aangepast aan de herziene verwachte gebruiksduur. Bij de waardering wordt in voorkomende gevallen rekening gehouden met een bijzondere vermindering van de waarde, indien deze naar verwachting duurzaam is.
Dergelijke afwaarderingen worden teruggenomen als ze niet langer noodzakelijk blijken. Het bestuur heeft in 2016 de afschrijvingstermijnen opnieuw vastgesteld. Deze termijnen worden gehanteerd voor nieuwe investeringen. De investeringen uit eerdere jaren worden afgeschreven op basis van de gebruiksduur die op het moment van de investering werd gehanteerd. 6.1.3 Vlottende activa Voorraden Gerede producten worden gewaardeerd tegen de kostprijs of tegen de marktwaarde indien de marktwaarde lager is dan de kostprijs. Dat laatste doet zich vooral voor indien voorraden incourant worden. De kostprijs bestaat uit de betaalde inkoopprijs.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 38 -
23 april 2026
Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar De vorderingen op openbare lichamen, rekening-courant verhouding met het Rijk en de overige vorderingen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Indien noodzakelijk wordt een voorziening in mindering gebracht voor verwachte oninbaarheid. Liquide middelen en overlopende posten Deze activa worden tegen nominale waarde opgenomen. 6.1.4 Vaste passiva Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit een algemene reserve en bestemmingsreserves. Binnen de bestemmingsreserves is een onderscheid gemaakt tussen reserves met een specifiek bestedingsdoel en bestemmingsreserves die zijn gevormd ter dekking van eerder gedane investeringen. Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. De onderhoudsegalisatievoorzieningen zijn gebaseerd op een meerjarenraming van het uit te voeren groot onderhoud aan (een deel van) de kapitaalgoederen, waarin rekening is gehouden met de kwaliteitseisen die ter zake geformuleerd zijn. In de paragraaf kapitaalgoederen is het beleid nader uiteengezet. Voorzieningen verlofsaldi Het verlofsaldo bestaat uit een wettelijk deel, een bovenwettelijk deel, gekochte uren IKB (Individueel keuzebudget) en verlofsparen. Voor het wettelijk deel mag geen voorziening aangehouden worden.
Voor het bovenwettelijk deel is de inschatting dat hiervan 50% bovenmatig is, waarvoor een voorziening gevormd is. De voorzieningen IKB en spaarverlof betreffen uren gekocht door medewerkers die in zijn geheel in de voorziening opgenomen zijn. Vaste schulden met een rentetypische looptijd van één jaar of langer Vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde, verminderd met gedane aflossingen. 6.1.5 Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. 6.1.6 Rechtmatigheidsverantwoording De rechtmatigheidsverantwoording ziet toe op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet. De financiële rechtmatigheidsverantwoording gaat hierbij in op het begrotingscriterium, voorwaardencriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik (M&O) criterium. De verantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de Financiële Verordening Veiligheidsregio Limburg-Noord 2025, het Controle- en rechtmatigheidsprotocol Veiligheidsregio Limburg-Noord 2025 en op basis van de Kadernota Rechtmatigheid 2025. In het Controle- en rechtmatigheidsprotocol wordt specifiek ingegaan op de verantwoordings- en rapporteringsgrenzen die bij de rechtmatigheidsverantwoording worden gehanteerd.
Daarnaast worden de specifieke criteria toegelicht, samenvattend: Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de Financiële Verordening en het Controle- en Rechtmatigheidsprotocol is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor de
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 39 -
23 april 2026
overschrijding van baten dat deze als onrechtmatig worden beschouwd indien de afwijkingen gedurende het begrotingsjaar wel al bekend zijn of behoorden te zijn bij de ambtelijke organisatie en/of het dagelijks bestuur, maar niet (tijdig bij vaststelling van de jaarverantwoording) zijn gemeld bij het algemeen bestuur. Tenzij de overschrijding van de baten een overschrijding van de lasten en/of investeringen dekt, in dit geval wordt de overschrijding tevens als rechtmatig aangemerkt. Voor de onderschrijdingen van de baten, lasten en investeringskredieten geldt dat de begrotingsafwijkingen als onrechtmatig worden beschouwd indien deze niet (tijdig, voor het einde van het boekjaar) aan het algemeen bestuur zijn gemeld, maar de afwijkingen gedurende het begrotingsjaar wel al bekend zijn of behoorden te zijn bij de ambtelijke organisatie en/of het dagelijks bestuur. De onderschrijdingen worden alsnog als rechtmatig beschouwd indien desondanks de onderschrijding, aan de (inhoudelijke) doelstellingen van de begroting(swijzing) zijn voldaan. Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals door het Algemeen Bestuur, op 5 december 2025, is vastgesteld. Ten aanzien van het M&O criterium is het M&O-beleid van de organisatie leidend bij het voorkomen en opsporen van misbruik en oneigenlijk gebruik.
Omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.
6.2 6.2.1
Toelichting op de balans Vaste activa
Immateriële vaste activa VRLN kent geen immateriële vaste activa. Materiële vaste activa VRLN kent slechts investeringen met een economisch nut. De investeringen met economisch nut worden, inclusief het verloop van de boekwaarde, als volgt onderverdeeld:
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 40 -
23 april 2026
De belangrijkste in het boekjaar gedane investeringen zijn: Investeringsoverzicht (>100k)
(bedragen in duizenden euro's)
Gevoteerd krediet
Werkelijk besteed in 2025
Cumulatief besteed t/m 2025
Restant krediet
Voorbereidingskrediet nieuwbouw kazerne Heythuysen
100
118
150
Haakarmbak Basis Ontsmettings Eenheid Roermond
325
328
328
-3
Specialisatische Brandbestrijdings Eenheid (SBE) Container
450
115
115
335
Schuimblusvoertuig Roermond
1.151
1.014
1.014
137
Schuimblusvoertuig Venlo
-50
1.151
1.014
1.014
137
Tankautospuit Gennep
430
365
513
-83
Tankautospuit Meerlo
430
323
466
-36
Tankautospuit Lomm
600
178
178
422
Tankautospuit Wessem
600
593
593
7
Tankautospuit Susteren
600
534
534
66
Tankautospuit Ittervoort
600
178
178
422
Oefensets Vakbekwaamheid
120
120
120
0
SIV Snel Interventie Voertuig centrumpost
210
118
118
92
SIV Snel Interventie Voertuig centrumpost
210
117
117
93
Piketvoertuig 23-6121
130
121
121
9
Piketvoertuig 23-6117
130
121
121
9
Pagers (1000 stuks)
550
535
535
15
Project infra 3.0 Netwerk en werkplek
740
1.138
1.138
-398
Project infra 3.0 Communicatieplatvorm
718
0
0
718
Overige investeringen (< € 100.000)
924
924
924
0
10.169
7.952
8.275
1.894
Totaal
Financiële vaste activa VRLN heeft geen financiële vaste activa. 6.2.2
Vlottende activa
Voorraden De in de balans opgenomen voorraden bestaan uit de volgende categorie: Voorraden
(bedragen in duizenden euro's)
Boekwaarde per 31 december 2025
Boekwaarde per 31 december 2024
Gereed product en handelsgoederen
125
31
Totaal
125
31
Deze voorraden gereed product betreffen vaccins.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 41 -
23 april 2026
Uitzettingen kleiner dan één jaar De in de balans opgenomen uitzettingen met een rentetypische looptijd van een jaar of minder worden als volgt gespecificeerd: Uitzettingen met een rentetypische looptijd korter dan één jaar
(bedragen in duizenden euro's)
Boekwaarde per 31 december 2025
Boekwaarde per 31 december 2024
Vorderingen op openbare lichamen
2.016
2.325
Uitzettingen in 's Rijks schatkist met een rentetypische looptijdkorter dan één jaar
2.959
5.618
157
242
5.132
8.185
Overige vorderingen Totaal
In 2025 is het noodzakelijk gebleken om een voorziening voor oninbare vorderingen in te stellen. Voor de rekening-courantverhouding met het Rijk worden hieronder weergegeven het drempelbedrag voor het begrotingsjaar 2025 en voor ieder kwartaal het bedrag aan middelen, bedoeld in artikel 2, vierde lid, van de Wet financiering decentrale overheden, dat in het kader van het drempelbedrag door de veiligheidsregio buiten ’s Rijks schatkist is aangehouden. Wet financiering decentrale overheden
(bedragen in duizenden euro's)
Kwartaal 1
Kwartaal 2
Kwartaal 3
Kwartaal 4
525
204
291
240
Drempelbedrag
1.947
1.947
1.947
1.947
Ruimte onder drempelbedrag
1.421
1.742
1.656
1.707
Overschrijding van het drempelbedrag
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
n.v.t.
Op dagbasis buiten 's Rijks schatkist gehouden middelen
Liquide middelen Het saldo van de liquide middelen bestaat uit de volgende componenten: Liquide middelen
(bedragen in duizenden euro's)
Boekwaarde per 31 december 2025
Boekwaarde per 31 december 2024
Kassaldi
5
2
Banksaldi
155
478
Totaal
161
481
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 42 -
23 april 2026
Overlopende activa De post overlopende activa kan als volgt onderscheiden worden: Overlopende activa
(bedragen in duizenden euro's)
Boekwaarde per 31 december 2025
Boekwaarde per 31 december 2024
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
34
180
Overige nog te ontvangen bedragen en de vooruitbetaalde bedragen die ten laste van volgende begrotingsjaren komen
2.740
2.011
Totaal
2.773
2.191
De van Europese en Nederlandse overheidslichamen nog te ontvangen voorschotbedragen die ontstaan door voorfinanciering op uitkeringen met een specifiek bestedingsdoel
Saldo 31 december 2024
(bedragen in duizenden euro's)
Toevoegingen (uitgaven)
Ontvangen bedragen
Saldo 31 december 2025
Overige Europese en Nederlandse overheidslichamen Kansrijke Start
180
0
180
0
0
34
0
34
180
34
180
34
Het Rijk Specifieke Uitkering aanvullende Seksuele Gezondheidszorg 2025 Totaal
6.2.3
Vaste passiva
Eigen vermogen Het in de balans opgenomen eigen vermogen bestaat uit de volgende posten: Eigen vermogen (bedragen in duizenden euro's) Boekwaarde per 31 december 2025
Boekwaarde per 31 december 2024
Algemene reserve
1.449
1.605
Bestemmingsreserves
7.969
5.948
Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
2.290
3.716
Totaal
11.708
11.268
Het verloop in 2025 wordt in volgend overzicht per reserve weergegeven:
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 43 -
23 april 2026
Verloopoverzicht reserves
(bedragen in duizenden euro's) Boekw aarde per 31 decem ber 2024
Toevoeging
Bestem m ing resultaat vorig boekjaar
Onttrekking
Verm indering ter dekking van afschrijvingen
Boekw aarde per 31 decem ber 2025
Algemene reserve
1.605
970
1.126
0
0
1.449
Algem ene reserve
1.605
970
1.126
0
0
1.449
Reserve kapitaallasten huisvesting 3DS Venlo
61
3
0
0
13
51
Reserve kapitaallasten huisvesting GGD Roermond
16
1
0
0
15
2
Subtotaal reserves t.b.v. dekking kapitaallasten
78
4
0
0
28
53
Reserve transformatie Meldkamer
295
0
50
0
0
245
Reserve CMA (Centraal Meld- en Actiepunt)
138
0
138
0
0
0
Reserve assurantie eigen risico
645
83
3
0
0
724
Reserve Taakherschikking en Ouderportaal
372
0
38
0
0
335
0
1.618
32
0
0
1.586
Reservering Natuurbrandbestrijding
230
0
0
0
0
230
Reservering Informatieveiligheid
279
0
0
0
0
279
Reserve w aarborgen paraatheid Brandw eer en dienstverlening GGD
300
0
0
0
0
300
Bestemmingsreserve Rijksbijdrage (BDUR) Crisisbeheersing
900
0
0
0
0
900
Bestemmingsreserve Versterken GGD
269
0
269
0
0
0
Bestemmingsreserve CAO-stijging 2025
432
0
432
0
0
0
Bestemmingsreserve Tw eede Loopbaanbeleid
210
0
0
0
0
210
Bestemmingsreserve Bodemsanering Nijmeegsew eg
0
1.127
0
0
0
1.127
Bestemmingsreserve Weerbare Samenleving/Bedrijfscontinuïteit
0
180
0
0
0
180
Egalisatiereserve Kapitaallasten Brandw eerzorg
1.800
0
0
0
0
1.800
Subtotaal overige bestem m ingsreserves
5.870
3.008
961
0
0
7.917
Bestem m ingsreserves
5.948
3.012
961
0
28
7.969
Het gerealiseerde resultaat volgend uit het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening
3.716
2.290
0
3.716
0
2.290
Gerealiseerd resultaat
3.716
2.290
0
3.716
0
2.290
Totaal
11.268
6.272
2.087
3.716
28
11.708
Bestem m ingsreserves t.b.v. dekking van kapitaallasten
Overige bestem m ingsreserves
Reserve onderhoud gebouw en (niet) in eigendom
Onder ‘bestemming resultaat’ staan de toevoegingen of onttrekkingen vermeld uit hoofde van de bestemming van het resultaat van het voorgaande boekjaar. Onder ‘afschrijvingen’ staan de verminderingen vermeld in verband met afschrijvingen op activa waarvoor een specifieke bestemmingsreserve is gevormd. Het Algemeen Bestuur autoriseert bestedingen door middel van de jaarrekening, waarin mutaties en de reserves individueel worden toegelicht en bij de jaarrekening geconstateerde afwijkingen in toevoegingen en onttrekkingen door het Algemeen Bestuur worden geautoriseerd. Deze bestemmingsreserves zijn opgenomen in deze jaarrekening, waarbij het Algemeen Bestuur bij de jaarverantwoording 2025 een besluit gaat nemen. Algemene reserve Op basis van het besluit van het Algemeen Bestuur d.d. 6 december 2024 wordt € 1.324.000 onttrokken aan de algemene reserve ten behoeve van het versterkingsplan GGD voor de kosten in 2025. Door een onderbesteding in de personeelslasten van het versterkingsplan is er € 198.000 minder onttrokken. Het Algemeen Bestuur heeft 4 juli 2025 bij het vaststellen van de jaarverantwoording 2024 ingestemd met het storten van € 970.000 vanuit het rekeningresultaat 2024 in de algemene reserve.
Reserve kapitaallasten gebouw Drie Decembersingel te Venlo Deze reserve wordt ingezet om een deel van de kapitaallasten op te vangen samenhangend met de aankoop/inrichting van het gebouw Drie Decembersingel te Venlo. Hiervoor wordt jaarlijks een bedrag onttrokken aan deze reserve en wordt jaarlijks rente toegevoegd.
Jaarverantwoording 2025 VRLN
- 44 -
23 april 2026
Reserve kapitaallasten gebouw Oranjelaan Roermond Deze reserve wordt ingezet om een deel van de kapitaallasten op te vangen samenhangend met de aankoop/inrichting van het gebouw Quadrivium aan de Oranjelaan in Roermond. Hiervoor wordt jaarlijks een bedrag onttrokken aan deze reserve en wordt jaarlijks rente toegevoegd. Reserve transformatie meldkamer Op 21 december 2012 heeft het Algemeen Bestuur besloten tot het vormen van een reserve ten behoeve van de schaalvergroting meldkamer brandweer. De meldkamer van Limburg-Noord is samengevoegd met de meldkamer van Zuid-Limburg en in 2016 heeft de verhuizing naar Maastricht plaatsgevonden. De bestemming van de reserve is in de jaarrekening 2021 verruimd. Ook de kosten van de transformatie van de informatievoorziening mogen ten laste van de reserve worden gebracht. In 2024 is er € 637.000 overgeheveld van deze reserve naar de algemene reserve (Algemeen Bestuur 9 september 2024). Tevens is toen besloten dat er de komende vijf jaar, jaarlijks, een bedrag wordt onttrokken ten behoeve van de exploitatie. Wat daarna resteert wordt toegevoegd aan de algemene reserve. In 2025 is een bedrag van € 50.000 onttrokken ten behoeve van de exploitatie. Reserve CMA (Centraal Meld- en Actiepunt) De reserve CMA is gevormd in het kader van de vereffening van resultaten op het specifiek ten laste van de centrumgemeente Venlo uitgevoerde CMA.
Het Algemeen Bestuur heeft besloten dat de activiteiten voor het CMA ingaande 2018 zijn beëindigd. De eventuele frictiekosten komen ten laste van deze reserve en eventueel restsaldo wordt geretourneerd aan de gemeente Venlo. In 2019 en 2020 zijn nog frictiekosten onttrokken aan de reserve CMA. Na 2020 tot en met 2024 is het resterende bedrag (€ 138.000) van de bestemmingsreserve niet meer gewijzigd. Er zijn geen personen meer (boventallig) in dienst voor het programma CMA en er worden geen kosten meer verwacht. De reserve is opgeheven en uitgekeerd aan de gemeente Venlo. Reserve assurantie eigen risico Bij de aanbesteding van de verzekeringen is ervoor gekozen een deel van de verzekeringen met betrekking tot het materieel stop te zetten en dit risico zelf te dragen. In 2015 is voor dit doel de bestemmingsreserve assurantie eigen risico gevormd. De bestemmingsreserve wordt ingezet om het eigen risico van schades op te vangen. In 2025 is € 83.000 gestort en € 3.000 onttrokken ten behoeve van de afwikkeling van de verzekeringsuitkeringen 2025 en voor het opvangen van de hogere verzekeringspremie aansprakelijkheid vanwege het aansluiten op de landelijke regeling. Voor risico’s op het gebied van de dienstongevallen wordt vanaf 2024 een beroep gedaan op het landelijk door de veiligheidsregio’s ingerichte Waarborgfonds.
Reserve taakherschikking en ouderportaal Vanwege de coronapandemie is in 2020 de implementatie van het ouderportaal stopgezet, deze is in 2021 hervat. Daarnaast is in 2020 ook de taakherschikking binnen de jeugdgezondheidszorg vanwege corona stopgezet. In 2025 is een start gemaakt met taak herschikt werken. Er is tijdelijk een projectleider gefinancierd (€38.000) voor het opzetten en implementeren van taak herschikt werken. Hierdoor is er tevens nog financiële ruimte voor de uitvoering van de taakherschikking. Reserve onderhoud gebouwen (niet) in eigendom Bij het vaststellen van de jaarverantwoording 2024 heeft het Algemeen Bestuur ingestemd met het vormen van een reserve groot onderhoud gebouwen VRLN. De reserve wordt gevormd uit het vrijgevallen bedrag uit de voorziening groot onderhoud gebouwen. Bestaande uit € 1.240.661 met betrekking tot gebouwen in eigendom en € 377.627 met betrekking tot gebouwen niet in eigendom. Met de vorming van deze reserve kan de VRLN in de toekomst blijven beschikken over voldoende