06c.28 Bijlage 11-Quickscan flora fauna
Tekst van het document
Als aan deze drie vereisten voldaan is, kan een ontheffing worden verleend. Voor een aantal handelingen is bovendien vrijstelling mogelijk, bijvoorbeeld in de vorm van een provinciale verordening of een gedragscode.
Quickscan flora en fauna, Zonnepark Californië te Horst aan de Maas, juni 2019
29
Tabel 1. Verbodsbepalingen per categorie beschermde soorten Categorie 1 (§ 3.1 Wnb)
Categorie 2 (§ 3.2 Wnb)
Categorie 3 (§ 3.3 Wnb)
Art 3.1 lid 1
Art 3.5 lid 1
Art 3.10 lid 1a
Het is verboden in het wild levende
Het is verboden soorten in hun
Het is verboden soorten opzettelijk te
vogels opzettelijk te doden of te
natuurlijke verspreidingsgebied
doden of te vangen
vangen
opzettelijk te doden of te vangen
Art 3.1 lid 2
Art 3.5 lid 4
Art 3.10 lid 1b
Het is verboden opzettelijk nesten,
Het is verboden de
Het is verboden de vaste
rustplaatsen en eieren van vogels te
voortplantingsplaatsen of rustplaatsen
voortplantingsplaatsen of rustplaatsen
vernielen of te beschadigen, of nesten
van dieren te beschadigen of te
van dieren opzettelijk te beschadigen
van vogels weg te nemen
vernielen
of te vernielen
Art 3.1 lid 3
Art. 3.5 lid 3
-
Het is verboden eieren te rapen en
Het is verboden eieren van dieren in
deze onder zich te hebben
de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen
Art 3.1 lid 4 en lid 5
Art 3.5 lid 2
Het is verboden vogels opzettelijk te
Het is verboden dieren opzettelijk te
storen, tenzij de storing niet van
verstoren
-
wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort -
Art 3.5 lid 5
Art 3.10 lid 1c
Het is verboden plantensoorten in hun
Het is verboden plantensoorten in hun
natuurlijke verspreidingsgebied
natuurlijke verspreidingsgebied
opzettelijk te plukken en te
opzettelijk te plukken en te
verzamelen, af te snijden, te
verzamelen, af te snijden, te
ontwortelen of te vernielen
ontwortelen of te vernielen
Zorgplicht Voor alle in het wild levende planten en dieren, ook niet beschermde soorten, kent de Wet natuurbescherming een zorgplicht. De zorgplicht houdt in dat een ieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving. Dit betekent dat voorafgaand aan handelingen inzichtelijk moet zijn welke natuurwaarden aanwezig zijn, de kwetsbaarheid hiervan en de mogelijke gevolgen die de handeling hiervoor kan hebben. Bij de uitvoering van de handelingen dienen negatieve gevolgen zoveel mogelijk te worden voorkomen, dan wel beperkt of ongedaan te worden gemaakt. De zorgplicht is altijd van toepassing, ongeacht vrijstelling of ontheffing.
Natura 2000 (bron: Rijksoverheid) In 2017 is de Wet natuurbescherming in werking getreden. De wet biedt een beschermingskader voor de flora en fauna binnen de aangewezen beschermde gebieden, de zogenaamde Natura 2000gebieden en bijzondere nationale gebieden. De wet bepaalt dat projecten en andere handelingen die de kwaliteit van de habitats kunnen verslechteren of die een verstorend effect kunnen hebben op de soorten, niet mogen plaatsvinden zonder vergunning. Ook plannen moeten getoetst worden op hun gevolgen voor de Natura 2000gebieden. Dit gebeurt met de habitattoets.
Quickscan flora en fauna, Zonnepark Californië te Horst aan de Maas, juni 2019
30
De habitattoets bestaat uit drie onderdelen: oriëntatiefase (en vooroverleg); verslechterings- en verstoringstoets; passende beoordeling. De oriëntatiefase maakt geen deel uit van de in de wet geregelde procedures. In de praktijk is deze stap nodig. Gezamenlijk met het bevoegd gezag wordt bepaald of goedkeuring van het plan nodig is en welke verdere procedure doorlopen moet worden. Afhankelijk van de kans en omvang van de effecten op een Natura 2000-gebied bestaat de vervolgprocedure uit het uitvoeren van een verslechterings- en verstoringstoets, een passende beoordeling of geen enkele toetsing. Indien er geen kans is op negatieve effecten op een Natura 2000-gebied is geen goedkeuring voor de plannen of het project nodig. Als uit de oriëntatiefase is gebleken dat er kans is op significant negatieve effecten voor het Natura 2000-gebied, dient een passende beoordeling te worden uitgevoerd. Indien uit de passende beoordeling blijkt dat er kans is op een significant negatief effect moet aan de volgende criteria worden voldaan: er zijn geen alternatieve oplossingen voor het project die minder of geen negatieve effecten hebben voor het Natura 2000-(deel)gebied; er is sprake van dwingende redenen van groot openbaar belang; er is voorzien in compenserende maatregelen. Alléén als aan deze voorwaarden wordt voldaan, kan goedkeuring worden verleend.
Indien uit de oriëntatiefase is gebleken dat er een kans is op (niet-significante) negatieve effecten, dient een verslechterings- en verstoringstoets te worden uitgevoerd. Met dit onderzoek wordt bepaald: of deze kans reëel is en of de verslechtering of verstoring aanvaardbaar is.
Natuurnetwerk Nederland / Ecologische hoofdstructuur (bron: Rijksoverheid) Natuurgebieden in Nederland zijn erg versnipperd. Het Natuurnetwerk Nederland (voorheen EHS) heeft als doel om natuurgebieden te vergroten en met elkaar te verbinden. Door verbindingen tussen natuurgebieden te maken, kunnen planten en dieren zich makkelijker verspreiden over meer gebieden. Hierdoor zijn deze gebieden beter bestand tegen negatieve milieu-invloeden. In grotere natuurgebieden kunnen bovendien meer soorten planten en dieren leven. Het doel van het afwegingskader Ecologische Hoofdstructuur is om de EHS als netwerk van natuurgebieden te beschermen tegen negatieve effecten van ruimtelijke ingrepen. Dat betekent niet dat ontwikkelingen zoals woningbouw en bedrijvigheid, verboden zijn. Door het doorlopen van het afwegingskader wordt vastgesteld of, en zo ja, onder welke voorwaarden een ontwikkeling in de Ecologische Hoofdstructuur kan worden toegelaten. De bescherming van de Ecologische Hoofdstructuur vindt plaats door het nee-tenzij-regime uit de Nota Ruimte. Dit houdt in dat ruimtelijke ingrepen in de EHS met een negatief effect op de EHS in principe niet zijn toegestaan. Onder voorwaarden kan hiervan worden afgeweken. De beleidsmatige basis voor het afwegingskader voor de Ecologische Hoofdstructuur is de Nota Ruimte.
Daarnaast hebben Rijk en provincies een beleidskader Spelregels EHS opgesteld. Het Quickscan flora en fauna, Zonnepark Californië te Horst aan de Maas, juni 2019
31
beleidskader geeft een uitwerking, verduidelijking en aanscherping van de verschillende onderdelen van het afwegingskader. De provincies laten de inhoud van de Spelregels EHS doorwerken in het provinciaal ruimtelijk beleid. De bescherming van de EHS gebeurt via de regelgeving van de ruimtelijke ordening. Het beschermingsregime is onder de Wro door het Rijk vastgelegd in de AMvB Ruimte en werkt via provinciale verordeningen.
Quickscan flora en fauna, Zonnepark Californië te Horst aan de Maas, juni 2019
32