06a rv BpToverland
Tekst van het document
Raadsvoorstel stuknummer: 25.0006724
Raadsvoorstel onderwerp
RV vaststellen Bestemmingsplan verbrede reikwijdte Toverland
datum raad
16 december 2025
portefeuillehouder
Eric Beurskens
bladnummer 2025.087 agendapunt
6
behandeld door
Voorstel 1. In te stemmen met het zienswijzenrapport (bijlage A) 2. Het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte ‘Toverland’ met identificatiecode NL.IMRO.1507.BPToverland2023-BPV1, dat conform artikel 1.2.4 van het Besluit ruimtelijke ordening is vastgelegd op een GBKN-ondergrond, gewijzigd vast te stellen (bijlage B, C en D). 3. De bevoegdheid om het omgevingsplan te wijzigen te delegeren aan het college van burgemeester en wethouders, voor zover het gaat om het wegbestemmen of verleggen van de dubbelbestemmingen ‘Leiding – Leidingstrook’ en ‘Leiding – Gas’ en de daarbij behorende gebiedsaanduidingen ‘veiligheidszone leidingstrook’ en ‘veiligheidszone gasleidingen’, voor het gebied dat door middel van arcering is aangeduid op ‘kaart delegatiebesluit’ (bijlage E) én daarvoor de volgende beleidsregels vast te stellen: a. De dubbelbestemming ‘Leiding – Leidingstrook’ en de daarbij behorende gebiedsaanduiding ‘veiligheidszone leidingstrook’ mag worden verwijderd of verlegd, indien de reserveringszone, zoals opgenomen in de Structuurvisie Buisleidingen 2012-2035 (of een opvolger hiervan), ter plaatse van de dubbelbestemming is verlegd; b. Ter hoogte van het gearceerde gebied (‘Kaart delegatiebesluit’) mag de dubbelbestemming ‘Leiding – Gas’ en de daarbij behorende gebiedsaanduiding ‘veiligheidszone gasleiding’ worden verwijderd, indien: i.
De leidingen ter plaatse van de dubbelbestemming fysiek zijn verlegd; of ii. De leidingen ter plaatse van de dubbelbestemming formeel buiten bedrijf zijn gesteld. c. Het kostenverhaal door middel van een anterieure overeenkomst en/of publiekrechtelijk, met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke bepalingen uit de Wet ruimtelijke ordening en de daarbij behorende uitvoeringswetgeving is geregeld. Na inwerkingtreding van de Omgevingswet moet, voor zover aan de orde, het privaatrechtelijk en/of publiekrechtelijk kostenverhaal met inachtneming van de Omgevingswet en de daarbij behorende uitvoeringswetgeving zijn geregeld. d. Het college van burgemeester en wethouders verschaft de raad op de voet van artikel 10:16 lid 2 van de Algemene wet bestuursrecht inlichtingen over de uitoefening van de gedelegeerde bevoegdheid. 4. Het PlanMER (2023) en de Aanvulling MER ‘een magische toekomst voor Toverland’ (2025) als bijlagen bij het bestemmingsplan vast te stellen (bijlage F en G). 5. Geen exploitatieplan vast te stellen omdat kostenverhaal anderszins is verzekerd.
Aanleiding Attractiepark Toverland in Sevenum heeft de ambitie om zich de komende jaren verder te blijven door ontwikkelen naar een themapark met een aantal bezoeken van ca 3,7 miljoen per jaar. Een belangrijk onderdeel
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 2 van 10
vervolg raadsvoorstel
van deze ambitie is enerzijds het uitbreiden van het attractiepark zelf en anderzijds het toevoegen van verblijfsaccommodatie, zodat bezoekers uit een groter gebied kunnen worden aangetrokken en meerdaags verblijven. Om deze ambitie verder uit te bouwen, is het voor Toverland wenselijk om te kunnen beschikken over een flexibel planologisch kader. Het huidige bestemmingsplan biedt daarvoor onvoldoende mogelijkheden. Daarom is in de geest van de Omgevingswet een zogenaamd bestemmingsplan met verbrede reikwijdte opgesteld. Ten behoeve van de besluitvorming over dit bestemmingsplan met verbrede reikwijdte wordt tevens een mer-procedure doorlopen. Beoogd resultaat Een vastgesteld bestemmingsplan met verbrede reikwijdte “Toverland” vóór 1 januari 2026, zodat de uitbreiding van Toverland naar een toekomstbestendig attractiepark planologisch gefaciliteerd is. Door in dit plan de gehele ambitie van Toverland mee te nemen voor de komende 20 jaar in plaats van telkens aparte procedures te volgen, worden de belangen van de omgeving beter meegewogen en geborgd. Achtergrondinformatie/Tijdlijn In 2023 is het ontwerpbestemmingsplan Toverland ter visie gelegd, samen met het MER. Tegelijkertijd is de MER aangeboden aan de Commissie mer, die oordeelt over de volledigheid van de afweging en de juistheid van de benadering.
De Commissie mer heeft geadviseerd om het MER op een aantal punten aan te vullen/te wijzigen: • Alle maximale mogelijkheden in het MER in beeld brengen; • De referentiesituatie juist weergeven • Uitgangspunten verkeersberekeningen inzichtelijk maken en samenhang met andere ontwikkelingen in de Peelbergen • Geluid als gevolg van evenementen beschrijven • Externe veiligheid aanvullen voor de reserveringsstrook voor de buisleidingen • Lichtuitstraling bij hoge attracties beoordelen • Stikstofberekeningen actualiseren op basis van de maximale mogelijkheden bestemmingsplan • MER aanvullen met inzichten uit de natuurdoelanalyse (grondwateronttrekkingen) Naar aanleiding van het advies van de Commissie mer zijn diverse aanvullende onderzoeken uitgevoerd. Ten aanzien van de vraag over verkeer en de samenhang met andere ontwikkelingen in de Peelbergen zijn, in samenwerking met de provincie, Rijkswaterstaat en Toverland uitgangspunten geformuleerd voor de verkeersonderzoeken van beide grote ontwikkelingen. Op deze manier is voor beide plannen de basis overeenkomstig. Daaruit is een nieuw verkeersonderzoek gevolgd. Dat onderzoek is tevens gebruikt om de analyse voor de stikstofdepositie te actualiseren. Daarbij is rekening gehouden met de veranderde regelgeving voor stikstof. Als gevolg daarvan is ook een voortoets uitgevoerd.
Geconcludeerd wordt dat significante effecten kunnen worden uitgesloten en daarmee dat stikstof niet belemmerend is voor dit plan. De gevraagde aanvullingen en aanpassingen zijn in de Aanvulling MER verwerkt. De Aanvulling MER is opnieuw aan de Commissie mer voorgelegd voor advies. Het advies wordt verwacht in de eerste week van december. Op dit moment is nog geen zicht op de strekking van het advies. De Aanvulling MER is ook bij deze adviesnota gevoegd (bijlage 6). Het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte voor Toverland is niet eerder voor vaststelling aangeboden omdat het proces om te komen tot gezamenlijke uitgangspunten voor de verkeersanalyse met de provincie,
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 3 van 10
vervolg raadsvoorstel
Rijkswaterstaat en Toverland behoorlijk tijd heeft gekost. Deze uitgangspunten waren benodigd om het verkeeronderzoek en daarmee samenhangende onderzoeken te kunnen uitvoeren. Inmiddels is een overeenkomst met de provincie en Toverland opgesteld waarin onder andere afspraken zijn vastgelegd over de verantwoordelijkheden per partij bij het aanpassen van infrastructuur en het afwikkelen van de kosten voor de aanpassingen van infrastructuur als gevolg van de ontwikkelingen in het gebied. Daarnaast hebben ontwikkelingen op het gebied van stikstofdepositie en natuurherstel geleid tot veranderde benadering van stikstofdepositie. De onderzoeken zijn daarop aangepast en aangevuld. Daarbij is met de meest recente versie van de Aerius-calculator gerekend (7 oktober). Argumenten 1.1. Uit het zienswijzenrapport komen belangrijke wijzigingen voor het vast te stellen bestemmingsplan naar voren Gedurende de periode van ter inzagelegging zijn er 12 zienswijzen ontvangen. Alle 12 de zienswijzen zijn ontvankelijk verklaard. In bijlage 1 ‘Zienswijzenrapport’ zijn alle zienswijzen samengevat en beantwoord. De zienswijzen zijn afgewogen en hebben op een aantal punten geleid tot wijzigingen. Het bestemmingsplan en het MER zijn onder andere op de volgende punten aangepast naar aanleiding van de zienswijzen en ambtshalve voorstellen.
onderwerp Actualiseren verkeersonderzoek en daaraan gerelateerde onderzoeken (stikstof, geluid, luchtkwaliteit) Beschouwen ontwikkeling in samenhang met Grandorse (verkeersafwikkeling, geluid, stikstof) Optimaliseren regeling verblijfsrecreatie Aanpassen onderzoek stikstof Regeling uitbreiden lichtuitstraling Aanvullen aanvaardbaarheid lichtuitstraling Aanpassen onderbouwing buisleidingen en regels inhoudelijk in overeenstemming brengen met wensen Gasunie Toevoegen actualiseren provinciaal beleid en instructieregels Aanpassing motivering groepsrisico Aanvulling motivering externe veiligheid in relatie tot DRC Aanvullen regels geluid als gevolg van Attractiepark Toverland en vuurwerk Aanvullen paragraaf water ten aanzien van watergebruik, afvalwater, afvoer van water en onttrekking grondwater Opstellen voortoets Effecten van vuurwerk op dieren toevoegen Regeling verblijfsrecreatie optimaliseren en aantal bedden terugbrengen vastleggen Natuurvriendelijke verlichting
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
plandeel Toelichting en MER Toelichting en MER Regels en toelichting Toelichting en MER Regels Toelichting en MER Regels en toelichting Toelichting Toelichting en MER Toelichting en MER Regels, Toelichting en MER Toelichting en MER MER Toelichting Regels Regels
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 4 van 10
vervolg raadsvoorstel
Spuitzones
Regels, verbeelding en toelichting Regels en toelichting
Huisvesting internationale werknemers
2.1. Er is sprake van een goede ruimtelijke ordening Aan een ruimtelijke ontwikkeling kan worden meegewerkt wanneer kan worden voldaan aan een goede ruimtelijke ordening. Hiervoor worden in de toelichting van het bestemmingsplan de beleidsmatige en milieuhygiënische haalbaarheid aangetoond (zie argumenten 2.4 en 2.7/4.1). 2.2 De ondergrond van de verbeelding is ontleend aan de GBKN-kaart en de wijze van vaststelling is een wettelijke verplichting. Het bestemmingsplan wordt fysiek en digitaal vastgesteld, zoals de Wet ruimtelijke ordening voorschrijft. 2.3 De gemeenteraad is bevoegd gezag om het bestemmingsplan vast te stellen. De Omgevingswet is niet van toepassing op dit ruimtelijk besluit. Dit bestemmingsplan wordt afgerond onder de wetgeving van de Wet ruimtelijke ordening (Wro), omdat de ontwerpversie vóór 1 januari 2024 ter inzage is gelegd. Het vaststellen van een bestemmingsplan op grond van de Wro is een bevoegdheid van de gemeenteraad. 2.4 Het bestemmingsplan biedt de ruimtelijke kaders voor de ontwikkeling van Toverland. Toverland is de afgelopen jaren gegroeid tot een attractiepark dat deel uitmaakt van de top van de Benelux en verder. Sinds de opening van de nieuwste twee thema-gebieden (Port Laguna en Avalon) is Toverland zowel qua beleving als ook qua aantal daggasten het op één na grootste attractiepark van Nederland.
Deze positie is bereikt middels het constant realiseren van de visie: ‘magische gelukservaringen creëren’. Het kunnen handhaven van de strategische kaders is van belang voor een gezonde bedrijfsvoering van attractiepark Toverland. De recreatiemarkt groeit enerzijds, anderzijds innoveert de Leisure industrie snel en kan de consument kiezen uit steeds uniekere ervaringen. Het is derhalve cruciaal om pionier te zijn en voorop te lopen in het creëren van unieke belevingen. Om deze unieke belevingen te kunnen blijven bieden is het nodig om door te ontwikkelen en de visie van Toverland te verwoorden in een nieuw bestemmingsplan. Middels dit bestemmingsplan wenst Toverland te groeien naar een bezoekersaantal van ongeveer 3,7 miljoen in de komende 20 jaar. De ontwikkeling betreft naast de uitbreiding van het attractiepark ook de realisatie van verblijfsrecreatie zodat meerdaagse bezoeken binnen de inrichting mogelijk zijn en het verzorgingsgebied van Toverland wordt vergroot. Om ontwrichting van de bestaande verblijfsrecreatiestructuur te voorkomen is een koppeling met het bezoek aan het attractiepark geborgd in het bestemmingsplan. 2.5 De Crisis- en herstelwet biedt mogelijkheden om met het bestemmingsplan met verbrede reikwijdte alvast te oefenen met de nieuwe Omgevingswet. Vanaf 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden.
Vooruitlopend op de wetswijziging bood de Crisis- en herstelwet de mogelijkheid een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte op te stellen. Dit instrument biedt als voordeel dat flexibelere regels gesteld kunnen worden, zodat Toverland de ruimte heeft om afhankelijk van de vraag en marktontwikkelingen het attractiepark te laten uitbreiden. Het instrument bestemmingsplan met verbrede reikwijdte kan tot uiterlijk 1 januari 2026 worden toegepast.
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 5 van 10
vervolg raadsvoorstel
2.6 Minder procedures door het vaststellen van een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte en meer duidelijkheid voor de omgeving. In de voorgaande jaren diende Toverland ongeveer elke 3 tot 4 jaar een aanvraag in voor een wijziging van een bestaand of voor een nieuw bestemmingsplan. Indien dit zo zou blijven, zou er sprake kunnen zijn van ‘salami tactiek’, waardoor het totale beeld en de gevolgen daarvan uit het zicht zouden raken. Middels een bestemmingsplan voor de langere termijn is de toekomstvisie van Toverland bekend en is nu al breed onderzoek gedaan naar de uitvoerbaarheid daarvan. De ontwikkelruimte die Toverland krijgt met dit bestemmingsplan is ingegeven door de aanvaardbare belasting van de omgeving. Dat geeft zekerheid voor zowel Toverland als de omgeving. 2.7/4.1 Integrale afweging met alle relevante thema’s voor de fysieke leefomgeving De ontwikkeling van Toverland heeft effecten op de omgeving en verschillende aspecten van de fysieke leefomgeving. De beoordeling van deze aspecten op de gehele ambitie geeft een evenwichtig beeld. In het bestemmingsplan en in het MER zijn deze beoordelingen weergegeven. Naast de ruimtelijke aspecten, zoals attracties en gebouwen, zijn ook thema’s als verkeer, vuurwerk, evenementen zoals Halloween etc, van invloed op het leefcomfort in de omgeving.
Dit nieuwe BPVR geeft op eenduidige wijze de spelregels voor zowel de fysieke ontwikkelingen alsook het beperken van de impact op het leefcomfort van omwonenden. Met de onderzoeken die zijn uitgevoerd is bepaald binnen welke kaders Toverland kan uitbreiden. De omgeving is daarvoor het uitgangspunt. Verkeer Mede naar aanleiding van opmerkingen van de Commissie mer en zienswijzen over de samenhang van de ontwikkeling van Toverland met andere ontwikkelingen in de Peelbergen, is een aanvullend en geactualiseerd verkeersonderzoek uitgevoerd. Daarin zijn de te verwachten verkeerskundige effecten van het voornemen op basis van recente verkeersgegevens en verkeersmodellen (Verkeersmodel Limburg, regiomodel Noord-Limburg, prognosejaar 2040) in beeld zijn gebracht. Tevens is rekening gehouden met overige voorziene ontwikkelingen in de omgeving (met name de voorgenomen ontwikkeling van Grandorse). Met de ontwikkeling van Toverland tot 3,7 bezoeken per jaar neemt de verkeersgeneratie ook toe. Met de huidige infrastructuur kan het verkeer niet zondermeer worden afgewikkeld. Met de provincie en Toverland zijn afspraken gemaakt over de maatregelen die nodig zijn in de ontwikkelfases van Toverland voor de komende jaren. In het bestemmingsplan is als voorwaarde gesteld dat een ontwikkeling alleen mogelijk is als de verkeersafwikkeling is zeker gesteld.
Deze voorwaarde geldt voor alle uitbreidingen die bijdragen aan meer dan 1,69 bezoeken per jaar voor Toverland en op de gronden die in het huidige bestemmingsplan niet al aangewezen zijn voor het attractiepark. Geluid Voor Toverland is een geluidmodel gebouwd. In het model zijn alle activiteiten van Toverland ondergebracht met de bijbehorende geluidsproductie. Bij ieder uitbreidingsplan van Toverland wordt het model aangevuld om te bepalen wat de geluidseffecten zijn op de omgeving. In het bestemmingsplan zijn maximale niveaus opgenomen voor de geluidgevoelige functies (woningen) in de omgeving. Een uitbreiding mag er niet toe leiden dat deze waarden worden overschreden. Zo is een aanvaardbaar geluidniveau gegarandeerd op de woningen in de omgeving.
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 6 van 10
vervolg raadsvoorstel
Vuurwerk Onderdeel van de beleving bij Toverland is de vuurwerkshows die aan het eind van de dag worden opgevoerd. Naast dat het voor de bezoeker een bijzondere ervaring is, levert het hinder op in de omgeving. Zowel voor omwonenden als voor de natuur (dieren). Vanwege de omgeving zijn in het bestemmingsplan regels opgesteld voor de vuurwerkshows. Er zijn twee soorten shows onderscheiden; grote en kleine shows. Voor beide soorten zijn verschillende regels gesteld. Die regels hebben betrekking op maximale geluidniveaus, zwaarte van het vuurwerk en het aantal shows dat jaarlijks mag worden opgevoerd. Daarnaast is bepaald dat het afsteken van vuurwerk in het broedseizoen en bij vorstdagen niet is toegestaan. Dit ter bescherming van de dieren. Ecologie en stikstof Uit de uitgevoerde berekeningen voor de plansituatie blijkt dat de stikstofdepositie toename in zowel de aanlegals gebruiksfase niet meer dan 0,00 mol N/ha/jaar bedraagt. Met de uitvoerbaarheidstoets, zoals opgenomen in de voortoets, is aangetoond dat met toepassing van intern salderen als mitigerende maatregel het project vergunbaar is. Het aspect stikstofdepositie vormt geen belemmering voor de realisatie van het plan. Externe veiligheid De Commissie mer heeft in haar eerste advies met name aandacht gevraagd voor externe veiligheid vanwege de reserveringszone voor de leidingenstrook (Delta Rhine Corridor).
In de oorspronkelijke voornemens was het mogelijk om onder andere waterstof, koolstofdioxide en ammoniak te transporteren via deze leidingen. De veiligheidsgevolgen van met name ammoniak zijn momenteel nog niet goed te bepalen. De beschikbare rekenmethoden zijn niet geschikt voor deze gevaarlijke stof. Inmiddels zijn de plannen om ammoniak door deze leidingstrook te transporteren voor de korte termijn (circa tot 2032) niet aan de orde. Hierover is een kamerbrief gepubliceerd in december 2024. Dat betekent dat vooralsnog geen rekening hoeft te worden gehouden voor het transporteren van met name ammoniak. Voor de langere termijn blijft het transporteren van deze stof wel binnen de scope. Wanneer deze plannen concreet worden, zal opnieuw bekeken moeten worden wat de effecten zijn voor de veiligheid. Lichthinder Toverland maakt gebruikt van verlichting. Zeker in de avondperiode is dat zichtbaar vanuit de omgeving. Om het effect op de omgeving te beperken zijn in het bestemmingsplan regels gesteld aan het lichtniveau dat Toverland mag uitstralen. Er is daarbij onderscheid gemaakt tussen gronden grenzend aan de NNN en overige gronden. Ten behoeve van het bestemmingsplan en het MER is onderzocht wat het lichtniveau van Toverland nu is. Het attractiepark voldoet ook nu aan de normen.
Spuitzones Een groot deel van de gronden waar Toverland zal uitbreiden zijn nog in gebruik als agrarische grond. De gronden zijn echter in eigendom van of in pacht door Toverland. Op de gronden worden geen gewasbeschermingsmiddelen toegepast. Aan de noordzijde van het plangebied zijn nog een aantal voor Agrarisch aangewezen percelen. Op het perceel ten westen van de Schorfvenweg is het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen binnen een afstand van 50 meter tot de grens van het bestemmingsplan Toverland niet toegestaan. Deze regel is in het bestemmingsplan Grandorse opgenomen. Aan de oostzijde van de Schorfvenweg blijven enkele percelen over war het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen niet
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 7 van 10
vervolg raadsvoorstel
uitgesloten. Vanwege deze mogelijkheid is in het bestemmingsplan Toverland een regeling opgenomen waarbij binnen 50 meter tot de grens van deze bestemming geen driftgevoelige functies zijn toegestaan, tenzij aangetoond dat deze afstand kleiner kan zijn. In deze zone valt de landschappelijk inpassing van 30 meter breed. 3.1 Delegatiebevoegdheid voor snel opheffen gebruiksbeperkingen Toverland na verleggen of buitenwerkstellen van de leidingen en reserveringsstrook voor buisleidingen De leidingstrook (reservering voor meer meerdere nieuwe transportleidingen) en bestaande gasleidingen liggen deels over de gronden van Toverland. Het transporteren van stoffen als aardgas, CO 2 en H2 hebben effect op de veiligheidssituatie voor onder andere de medewerkers en bezoekers van het park. Rondom deze leidingen zijn daarom veiligheidszones aangewezen waarbinnen beperkingen gelden voor de gebruik én de aanwezigheid van grote groepen mensen. Dat heeft direct gevolgen voor de gebruiksmogelijkheden van de gronden voor Toverland. Met de Gasunie vinden gesprekken plaats over een mogelijke verplaatsing van de gasleidingen naar gronden op voldoende afstand van Toverland. Ook over de reserveringszone voor de nieuwe buisleidingen vinden deze gesprekken plaats.
Voor vaststelling van het bestemmingsplan is daarover echter nog geen duidelijkheid maar als het betreffende bevoegd gezag (nu Gasunie) instemt met verlegging of buitenwerkingstelling kan met het delegatiebesluit de dubbelbestemming uit het voorliggende bestemmingsplan worden aangepast of verwijderd. Voor de reserveringsstrook geldt dan overigens wel dat eerst op rijksniveau de aanwijzing moet worden aangepast in de structuurvisie. Voor de bestaande gasleidingen geldt dat deze eerst buiten bedrijf moeten zijn gesteld of verlegd. Met een delegatiebesluit wordt de bevoegdheid om het omgevingsplan te wijzigen voor een specifiek aspect overgelaten aan het college. De proceduretijd wordt daarmee aanzienlijk verkort. In dit geval is een dergelijk besluit te verantwoorden omdat er slechts enkele belanghebbenden zijn. Enerzijds Toverland die zonder de dubbelbestemmingen meer gebruiksvrijheid heeft binnen de kaders van het voorliggende bestemmingsplan en anderzijds de Gasunie die, voordat de wijziging wordt voorbereidt, al akkoord gegeven heeft. Een nadere belangenafweging is dan niet nodig.
5.1 Door het sluiten van de Anterieure Overeenkomst wordt het kostenverhaal anderszins verzekerd in de zin van artikel 6.12 lid 2 Wro (onder de Ow: artikelen 13.13 lid 3 en 13.18 lid 1 Ow), zodat er voor de Gemeente geen verplichting bestaat om voor het kostenverhaal een exploitatieplan vast te stellen. Met Toverland is een anterieure overeenkomst gesloten. Daarin is onder andere het kostenverhaal voor het bestemmingsplan geborgd. Het gaat dan om het verhalen van de kosten die de gemeente maakt om het bestemmingsplan in procedure te brengen. Tevens bevat deze overeenkomst bepalingen over de landschappelijke inpassing, de GKM en planschade. Gelet op het feit dat het traject om te komen tot een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte reeds in 2020 in gang is gezet, is de oude GKM regeling voor de Peelbergen in deze overeenkomst opgenomen en niet de nieuwe regeling uit de Nota Kostenverhaal. Bouwleges of afwijkingen van dit bestemmingsplan worden additioneel in rekening gebracht. Kanttekeningen 2.1 Deadline om bestemmingsplan met verbrede reikwijdte vast te stellen is op 1 januari 2026
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 8 van 10
vervolg raadsvoorstel
In de Crisis en herstelwet is bepaald dat een bestemmingsplan met verbrede reikwijdte vóór 1 januari 2026 moet worden vastgesteld. Wanneer vaststelling vóór deze datum niet plaatsvindt dient een wijziging van het omgevingsplan te worden voorbereid. De procedure zoals afgelopen jaren gevoerd moet dan opnieuw worden doorlopen. De ontwikkeling van Toverland kan dan voorlopig alleen plaatsvinden voor zover dat past binnen het huidige bestemmingsplan en anders op basis van BOPA’s. Daarmee is er geen integrale regie meer op de toekomstige situatie voor Toverland en de omgeving. 2.2 Stikstofbenadering blijft onzeker Uit het onderzoek stikstof blijkt dat er geen toename van stikstofdepositie plaatsvindt op de omliggende Natura2000-gebieden. Hiermee is de uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan op dit onderwerp onderbouwd. Echter, de beleidsontwikkelingen en juridische uitspraken over stikstofdepositie volgen elkaar recentelijk snel op. Het kan zijn dat na vaststelling van dit plan de uitgangspunten veranderen en andere maatregelen nodig blijken. Dat is nu niet te overzien en het is ook niet mogelijk daar nu op te anticiperen. De gekozen werkwijze en motivering voor stikstof voldoet aan de huidige inzichten. Voor concrete initiatieven van Toverland zijn omgevingsvergunningen nodig. Het is niet uitgesloten dat dan ook een omgevingsvergunning voor een Natura2000-activiteit benodigd is.
2.3 Verkeer en verkeersdrukte zal toenemen Met de uitbreiding van Toverland zullen er meer bezoekers komen. Dit zal gevolgen hebben voor het aantal verkeersbewegingen. Het zal drukker worden. Daarom hebben we in een aanvullende overeenkomst met de provincie en Toverland afspraken gemaakt over het monitoren van de verkeersdrukte en, wanneer er te veel congestie ontstaat, welke maatregelen genomen moeten worden en wie ze betaald. Op dit moment is niet vast te stellen wanneer ontwikkelingen zullen plaatsvinden en hoe, afhankelijk van de verkeerstoename én de autonome ontwikkelingen van het verkeer, de doorstroming zal zijn. De provincie en Rijkswaterstaat zullen de komende jaren plannen maken voor eventuele aanpassingen aan de infrastructuur. Die aanpassingen zijn mede bepalend voor de verkeersafwikkeling en congestievorming. Daar komt bij dat een deel van de ontwikkelruimte van Toverland momenteel al planologisch mogelijk is. Zolang Toverland binnen de huidige planologische kaders uitbreidt, is er geen grondslag om Toverland (financieel) verantwoordelijk te stellen voor problemen in de afwikkeling van het verkeer. Financiële consequenties Met de anterieure overeenkomst is het kostenverhaal anderszins verzekerd in de zin van de Wro zodat er geen verplichting bestaat om een exploitatieplan vast te stellen.
Het kostenverhaal bestaat in deze uit 3 onderdelen, te weten: plankosten, toezichtskosten en bijdrage GKM (oude regeling). • In de anterieure overeenkomst is een bedrag van € 190.000 voor plankosten opgenomen. Dit bedrag komt ten gunste van de loonsommen. Van dit bedrag is al € 152.000 ontvangen. Het resterende bedrag van € 38.000 zal na vaststelling van het bestemmingsplan worden betaald. • Daarnaast is een bedrag van € 100.000 opgenomen voor toezichtskosten, te betalen in 15 gelijke termijnen. Indexatie vindt niet plaats. Dit bedrag komt eveneens ten gunste van de loonsommen. Toverland is de eerste termijn verschuldigd op 1 januari van het kalenderjaar dat volgt op het jaar waarin het Bestemmingsplan onherroepelijk wordt. • Voor de GKM bijdrage is Toverland nog een bedrag verschuldigd van de oude overeenkomst. Voor deze nieuwe overeenkomst is een rekenmethode overeengekomen voor de berekening van de GKM bijdrage over de m² van toekomstige uitbreidingen, een en ander conform bijlage 3 van de overeenkomst. Er is nadrukkelijk onderscheid gemaakt tussen landschappelijke inpassing en GKM. Toverland mag
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 9 van 10
vervolg raadsvoorstel
natuurcompensatie in natura inzetten, mits de gemeente daar voorafgaand toestemming voor heeft verleend. De te ontvangen GKM gelden worden verantwoord op de Reserve Gebiedsontwikkeling de Peelbergen. Van daaruit vindt gerichte compensatie in het gebied plaats. Vervolgtraject / communicatie 1. Het bestemmingsplan en de PlanMER Toverland (inclusief Aanvulling MER) worden ter vaststelling aangeboden aan de gemeenteraad. 2. Omdat het bestemmingsplan gewijzigd wordt vastgesteld wordt de provincie gevraagd of zij kan instemmen met de wijzigingen voorafgaand aan de publicatie. 3. Na akkoord van de provincie vindt publicatie van het bestemmingsplan en PlanMER (inclusief Aanvulling MER) plaats op www.ruimtelijkeplannen.nl en op www.officiëlebekendmakingen.nl. 4. Daags na de publicatie worden het bestemmingsplan en de bijbehorende stukken gedurende zes weken fysiek ter inzage gelegd in het gemeentehuis. 5. Belanghebbenden kunnen gedurende deze termijn beroep instellen bij de Raad van State. Als het plan onherroepelijk wordt, kan Toverland vergunningen aanvragen voor de verder ontwikkeling van het attractiepark.
Burgemeester en wethouders van Horst aan de Maas, De burgemeester, {HAND1}
De secretaris, {HAND}
drs. R.F.I. Palmen
A.M.L.T. van Iersel – Purnot (MA)
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50
Pag. 10 van 10
vervolg raadsvoorstel
Bijlagen A. Zienswijzenrapport B. Vast te stellen bestemmingsplan verbeelding C. Vast te stellen bestemmingsplan regels D. Vast te stellen bestemmingsplan toelichting E. Kaart delegatiebesluit F. Vast te stellen PlanMER mt bijbehorende bijlagen (2023) G. Vast te stellen Aanvulling MER met bijbehorende bijlagen (2025)
Bezoekadres: Wilhelminaplein 6, Horst
Postbus 6005 / 5960 AA Horst
T 077 – 477 97 77
F 077 – 477 97 50