05n Bijlage 9 Quickscan Flora en Fauna Faunaconsult (geanonimiseerd)
Tekst van het document
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat 1 te Broekhuizenvorst
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat Opdrachtgever: Opstellers/controle: Veldwerk:
1 te Broekhuizenvorst
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) L_
werkt volgens de protocollen in de kennisdocumenten van BIJ12. Onze onderzoeken voldoen landelijk geldende normen en opdrachtgevers hebben een basis om ons aan te spreken op de kwaliteit van de door ons aangeleverde producten. Onze ecologen voldoen aan de deskundigheidseisen zoals gesteld door RVO. We hechten groot belang aan maatschappelijk verantwoord ondernemen en we zijn PSO gecertificeerd. laarmee
aan
de
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
1
Inhoud 1
Inleiding: Aanleiding
nme
Ll
__ Doel en status van dit document
1.2
…
ven enen
ananas envevenenveveneneneneevenenenenvenenenen
Leeswijzer Wet en regelgeving 21 TAISTAINB 2.2 Bescherming van 1.3
2
oaeen
3
8
nmmmmmnnerevervenvnne
venen
eeens
enverveevenerenrerenersveevarsnenevenvenvernereernosneneesrenvervevversnenenesvarenvnevenveenvenneeensoev
23
Natura 2000-gebieden… _Natuumetwerk Nederland.
24
Beschermde
.
nnn
plantenenrdieren;
arseen
Werkwijze Beschrijving van de werkzaamheden 32 Werkwije Aanwezige beschermde natuurwaarden 4.1 Beschrijving plangebied 4.2 Natura 2000-gebieden 3.1
…
…
EEE
….anananvenenenenenveneneneneneevenenenenvevenenenenn
nn
4
.
…
…
5
Beschermde
planten
en
…
…
…
__Natuurnetwerk Nederland
4.3 4.4
…
…
dieren
…
…
…
…
….
_ Mogelijke
effecten op beschermde natuurwaarden. Natura 2000 Natuurietwerk Nederland.
5.1 92 5.3 6
…
ennen
nnen
…
evens
eneevenenvenvenenvenvenenvenenveneevenvenenvenenvenvenenvenvevenvene
nnen
Beschermde planten en dieren. _Cônclusiës èn aanbeveliigenimenerrnerververevversrererenreesvverenvenseerendernwoneeeveereeneenverenveestevennneneeenen
6.1 6.2
Natura 2000 __Natuurnetwerk Nederland …
nennen
enen
:
eneevenenvenvenenvenvenenvenenveneevenvenenvenenvenvenenvenvenenvene
…
nn
Beschermde 63 Literatuur
plantenen:dieren:arnensrenmnnen
Bijlage
per beschermingsregime
neee
…nneneneneneneneneneneeenenenenenenenenenenenenenenenenensenenenenenenenenenenenenenenenennenveesenenenenenenenenenen.
1:
Toelichting
(geanonimiseerd)
…
nanne
enen venenenenvenenenennn 16
eneneverveneneneneevenenen
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
2
1
Inleiding
1.l
Aanleiding
(geanonimiseerd) begeleidt (geanonimiseerd) |
de
1.2
van
de locatie 1 te ruimtelijke ontwikkeling Nachtegaalstraat op Broekhuizenvorst. De (voorgenomen) ontwikkelingen hebben aanleiding gegeven voor deze quickscan natuurwetgeving. Hierin is nagegaan welke effecten de ingreep heeft op lokaal voorkomende beschermde flora en fauna. Daarnaast is nagegaan welke invloed de ingreep heeft op beschermde Natura 2000-gebieden en overige beschermde natuurgebieden.
Het
Doel
en
status
risico bestaat dat het
dit document
plangebied
deel uitmaakt
van
leefgebieden
Dit document geeft inzicht in de mogelijke knelpunten in het kader mogelijke effecten als gevolg van het project. Het
doel
diverse beschermde
natuurwetgeving
en
soorten.
-beleid
en
natuurwetgeving de geplande ontwikkeling in de effect hebben negatief weg op beschermde natuurwaarden (plant- en diersoorten en bijbehorende leefgebieden) en beschermde gebieden. Dit document geeft aan of en welke vervolgstappen noodzakelijk zijn om te voldoen aan de minimale onderzoekinspanning vanuit de Wet natuurbescherming en het Natuurnetwerk Nederland. Daarnaast worden mitigerende (verzachtende) maatregelen aangegeven om significant negatieve effecten op voorhand te voorkomen en daarmee te voldoen aan de natuurwetgeving. van
staat.
1.3
dit document is ingreep kan
van van
De
om
vast te stellen of de
een
Leeswijzer
In hoofdstuk 2 wordt
Hoofdstuk een korte beschrijving gegeven van de relevante wet- en regelgeving. van van 3 beschrijft de werkzaamheden en de de inventarisaties de geplande werkwijze natuurwaarden. hoofdstuk 4 worden de resultaten van de beleids- en veldinventarisaties In weergegeven. Hoofdstuk 5 beschrijft de effecten van de voorgenomen ingreep op Natura 2000gebieden, de in en nabij het plangebied aanwezige natuurwaarden, evenals de mogelijke overtredingen op de Wet natuurbescherming. Hoofdstuk 6 geeft de conclusies en aanbevelingen weer.
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
3
2
Wet-en
2.1
Inleiding
regelgeving
In dit hoofdstuk wordt
toelichting gegeven op de juridische bescherming van de Nederlandse natuurbescherming (Wnb), die per 1 januari 2017 is ingegaan, vervangt drie wetten: de Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en Faunawet en de Boswet. De Natuurbeschermingswet 1998 zorgde voor de bescherming van (natuur)gebieden en de Flora- en faunawet regelde de bescherming van alle in het wild levende planten- en diersoorten, dus ook buiten de beschermde gebieden. Bij werkzaamheden met betrekking tot ruimtelijke ingrepen, moest worden nagegaan of deze negatieve gevolgen zouden kunnen hebben voor beschermde soorten en/of beschermde gebieden. Bij kap van bomen moest worden bepaald of de Boswet van toepassing was (de Boswet regelde het behoud van bosopstanden of compensatie ervan). De basis van de nieuwe wetgeving blijft in grote lijnen gelijk, al De
natuur.
verandert
2.2
een
er
wel
aantal zaken.
een
Bescherming
Natura
korte
Wet
van
Natura
2000-gebieden
benaming voor een Europees netwerk van natuurgebieden waarin belangrijke flora voorkomen, gezien vanuit een Europees perspectief. Wat betreft gebiedsbescherming, vervalt de bescherming van de Beschermde natuurmonumenten. Deze vallen echter vrijwel altijd (op enkele kleine gebieden na) binnen Natura 2000 of het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen EHS) en houden dus indirect wel bescherming, zij het niet in dezelfde mate. De provincies hebben daarnaast de bevoegdheid om bijzondere provinciale landschappen of bijzondere provinciale natuurgebieden aan te wijzen. Zij kunnen in een later stadium door de Minister worden toegevoegd aan Natura 2000gebieden. en
2000 is de
fauna
Verder
verandert
namelijk gebaseerd
Natura 2000-gebieden internationale verplichtingen op
er
voor
weinig. en
die
De
bescherming
zijn
niet veranderd.
van
deze
gebieden
is
zijn (instandhoudings)doelen (voor soorten en vegetatietypen) opgesteld. dat zijn handelen of nalaten, gelet op de instandhoudingdoelen, nadelige gevolgen voor een Natura 2000-gebied kan hebben, is verplicht deze handelingen achterwege te laten of te beperken. Het bevoegd gezag kan schadelijke activiteiten beperken en eisen dat een de Wnb wordt vergunning op aangevraagd. Regulier beheer en bestaand gebruik zijn opgenomen in Natura 2000-beheerplannen. Na vaststelling van de beheerplannen hoeft daarvoor geen vergunning aangevraagd te worden. Per
2000-gebied
Natura
Iedereen die vermoedt
Wetlands
gebieden
worden en
of kan weten
beschermd
door
het
internationale
Het
zijn
ook
Natura
2000-
wat betreft Natura
2000-
vroeger de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) genoemd, nieuw aan te leggen natuurgebieden. Het netwerk
is het
Toetsing van de voorgenomen werkzaamheden gebieden is opgenomen in hoofdstuk 5. 2.3
Ramsar-verdrag.
daardoor beschermd door de Wnb. in het plangebied
aan
de Wnb
Natuurnetwerk Nederland
Het Natuurnetwerk Nederland (NNN), Nederlandse netwerk van bestaande
en
moet
natuurgebieden beter verbinden met elkaar en met het omringende agrarisch gebied. Het NNN is gebaseerd op provinciale regelgeving, die met ingang van de Wnb niet is veranderd. In het Natuurnetwerk Nederland liggen: bestaande natuurgebieden, waaronder de 20 Nationale Parken; gebieden waar nieuwe natuur aangelegd wordt; landbouwgebieden, beheerd volgens agrarisch natuurbeheer; e e e
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
4
e
e
Vanaf
ruim
6
miljoen hectare grote Waddenzee; alle Natura 2000-gebieden. 2014
zijn
de
provincies
wateren:
meren,
verantwoordelijk
rivieren,
voor
de
de kustzone
begrenzing
van
de Noordzee
ontwikkeling
en
en
van
de
dit
natuurnetwerk. Tot die tijd was de Rijksoverheid hiervoor verantwoordelijk. In het Natuurpact hebben de provincies met het rijk afgesproken om tot 2027 80.000 hectare natuur in te richten. Het NNN moet
uiteindelijk samen met de natuurgebieden Ecologisch Netwerk (PEEN) vormen. De
in andere
Europese
landen het
aaneengesloten pan-Europees
zoals ook al in paragraaf 2.2 aangegeven de bevoegdheid om bijzondere provincies hebben provinciale landschappen of bijzondere provinciale natuurgebieden aan te wijzen. Veel provincies hebben de Nationale Landschappen (sinds 2011 geen onderdeel meer van nationaal beleid) in hun provinciale beleid opgenomen, De
—
toetsing
opgenomen 2.4 De
-
van de voorgenomen in hoofdstuk 5.
Beschermde
lijsten met
werkzaamheden
in het
plangebied
het
aan
provinciale
beleid
is
planten en dieren
beschermde
zijn veranderd. Er zijn soorten die voorheen beschermd waren en onder de Wnb niet meer en andersom. Zo zijn een aantal soorten orchideeën, de kleine modderkruiper rode bosmieren sinds 1 januari 2017 niet meer beschermd. De Wnb kent drie algemene en van waarin de voorschriften de beschermingsregimes Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn en twee verdragen (Bern en Bonn) zijn geïmplementeerd en waarin aanvullende voorschriften zijn gesteld voor de dier- en plantensoorten die niet onder die specifieke voorschriften vallen, maar wel bescherming behoeven (zie bijlage l voor een toelichting op verboden handelingen, afwijkingsmogelijkheden en criteria voor ontheffing/vrijstelling per beschermingsregime): Vogels alle vogels in de zin van de Vogelrichtlijn (paragraaf 3.1 van de Wnb). Verder nemen de meeste provincies de onder de Flora- en faunawet benoemde vogelsoorten waarvan het nest jaarrond werd beschermd over. Voor een aantal vogelsoorten geldt dat hun nesten jaarrond beschermd zijn, ook als de soort op het moment van de handeling geen gebruik maakt van het nest. Dit is het geval wanneer een vogelsoort jaarlijks terugkeert naar zijn nest en niet of nauwelijks in staat is om elders in zijn leefgebied een vervangend nest te vinden of te maken. soorten
-
-
Internationaal beschermde soorten alle dieren en planten, genoemd in de Bonn
-
bijlagen bij
de
Habitatrichtlijn
en
de
verdragen
van
Bern
en
(paragraaf Wnb); Overige beschermde soorten soorten genoemd in de bijlage bij de Wnb, die niet onder de reikwijdte van paragraaf 3.2 vallen (paragraaf 3.3 van de Wnb). Hieronder vallen onder meer de ‘algemene’ soorten die onder de Florafaunawet bij ruimtelijke ingrepen waren vrijgesteld. Vrijwel al deze soorten zijn door alle en provincies eveneens voor ruimtelijke ingrepen vrijgesteld (een uitzondering geldt bijvoorbeeld voor de mol, die onder de Wnb niet meer is beschermd).
De
3.2
beschermde
van
de
provincie verschillen. Provincies hebben de bevoegdheid bij provinciale verordening vrijstelling te verlenen voor nationaal beschermde soorten. De Provincie Limburg heeft de “Beleidsneutrale Wijzigingsverordening Hoofdstuk 3 Natuur van de Omgevingsverordening Limburg 2014’ opgesteld (Provincie Limburg, 2016) en ‘Beleidsregels van ten behoeve de passieve soortenbescherming onder de Wet natuurbescherming in Limburg’ (Gedeputeerde Staten van Limburg, 2017). Dit houdt in dat de meeste soorten die onder de Wet Natuurbescherming als beschermde soort zijn aangewezen, ook in de Provincie Limburg worden status
van
soorten
kan
echter
per
om
beschermd.
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
5
Voor soorten die ook niet in de (artikel 1.11 Wnb) als vangnet.
bijlagen van de Wnb worden genoemd, fungeert de zorgplichtbepaling Op grond van deze bepaling moeten schadelijke handelingen voor alle in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving in beginsel achterwege worden gelaten, dan wel moeten maatregelen worden genomen om schadelijke gevolgen (zoveel mogelijk) te voorkomen. De toetsing van de voorgenomen werkzaamheden fauna is opgenomen in hoofdstuk 5.
(geanonimiseerd)
in het
plangebied
aan
de Wnb
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
wat
betreft flora
1 te Broekhuizenvorst
en
6
3
Werkwijze
3.1
Beschrijving van de werkzaamheden
In het
plangebied
worden
de
woonboerderij
en
de twee
schuren/stalruimtes
inpandig
verbouwd
studio’s in te maken. Er zullen dakramen en extra deuren ramen worden appartementen Een afbeelding met de voorgestane situatie is hierbeneden aangegeven (zie figuur 3.1). en
architectenbureau
om
er
geplaatst.
esen san
ACHTERGEVEL
VOORGEVEL
(teur
(geanonimiseerd) LINKERGEVEL
(ars
pestaand)
RECHTERGEVEL
(a.s
bestaand)
|
nechtegsolstret plan
ACHTERGEVEL
(ais
Figuur
3.1.
32
Werkwijze
bestaand)
Voorgestane
situatie. Bron:
(geanonimiseerd) |
De
quickscan is uitgevoerd door middel van een veldbezoek en een bronnenonderzoek. Op 19 september 2023 heeft Faunaconsult het plangebied bezocht, evenals de omringende zone. Hierbij werden beschermde planten geïnventariseerd en werd beoordeeld voor welke plant- en diersoorten het plangebied een geschikte habitat biedt. De te verbouwen gebouwen zijn van binnen en buiten met behulp van een ladder, zaklamp en RIDGID SeeSnake geïnspecteerd. Waarnemingen van soorten in het plangebied zijn genoteerd. Met betrekking tot zoogdieren werd speciaal gelet op pootafdrukken, krabsporen, wissels, uitwerpselen, haren, graafsporen, holen en potentieel geschikte verblijfplaatsen. Het bureauonderzoek is gebaseerd op vrij verkrijgbare verspreidingsbronnen en waarnemingen van soorten:
Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit (www.natura2000.nl/gebieden); (www.ravon.nl); FLORON (www.floron.nl); SOVON (www.sovon.nl); Zoogdiervereniging (www.zoogdiervereniging.nl); -NDFF Verspreidingsatlas (www.verspreidingsatlas.nl). -
-
Ministerie
van
RAVON
-
-
-
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
7
4
Aanwezige
4.1
Beschrijving plangebied
Het Het
beschermde
natuurwaarden
plangebied (figuur 4.1) bevindt zich aan de Nachtegaalstraat ten noorden plangebied is omgeven door de tuin van de woning en landbouwgebied. ,
van
Broekhuizenvorst.
Het plangebied zelf bestaat uit een woonhuis met bijbehorende tuin die behouden blijft, een inpandige werkschuur en een open werkschuur (het meest zuidelijke gebouw). Tussen het woonhuis en de inpandige werkschuur is een klinker verharding aanwezig. Tussen de inpandige werkschuur en de
openschuur is verruigd grasland van voornamelijk Engels raaigras aanwezig. Verder komen er rondom plangebied plantensoorten voor als paardenbloem, grote weegbree, vogelmuur, zachte ooievaarsbek, smalle weegbree, Canadese fijnstraal, buxus, esdoorn, boerenhortensia en duizendblad.
het
S
BS
&
ke
Nachtegaal straat
Figuur
4.1. Het
plangebied (rood omlijnd).
4.2
Natura
2000-gebieden
Bron:
Google Maps.
Figuur 4.2. laat de ligging van het plangebied zien ten opzichte van nabijgelegen Natura 2000gebieden. Het Nederlandse Natura 2000-gebied ‘Maasduinen’ is het meest dichtbij gelegen Natura 2000-gebied, op een afstand van 960 meter ten westen van het plangebied. De Nederlandse Natura 2000-gebieden ‘Boschhuizerbergen’, ligt op 9.6 km van het plangebied. Overige Natura 2000gebieden liggen op meer dan 10 km van het plangebied verwijderd.
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
8
Figuur Bron:
4.3
4.2. Natura Natura
2000-gebieden (blauw
2000 Network
en
rood
gearceerd)
ten
opzichte
van
het
plangebied (rode stip).
Viewer
Natuurnetwerk Nederland
plangebied ligt op zo’n 36 meter ten noorden van het dichtstbijzijnde onderdeel van Goudgroene Natuurzone, het Limburgse deel van Natuurnetwerk Nederland (NNN). Zie figuur 4.3 het hierna volgend kader. Het
Goudgroene natuurzone goudgroene natuurzone vormt het Limburgse deel van het NNN. Binnen de goudgroene zone streeft provincie naar behoud en beheer van de reeds aanwezige natuur, en de ontwikkeling van nieuwe natuur. De
de en
de
Zilvergroene natuurzone Binnen de zilvergroene natuurzone staat het benutten van kansen voor natuur en landschap centraal. De zilvergroene natuurzone maakt echter geen onderdeel uit van het NNN, maar ondersteunt wel de functionaliteit en effectiviteit van de goudgroene natuurzone. De provincie stimuleert de ontwikkeling van natuur en landschap binnen de zilvergroene zones met subsidies en natuurcompensaties. Bronsgroene landschapszone De bronsgroene landschapszone
omvat de landschappelijk waardevolle beekdalen en bufferzones rond bestaande aanwezige (extensievere) landbouwgebieden, monumenten, kleinere landschapselementen, waterlopen e.d. Een kwart van de bronsgroene landschapszone wordt gevormd door het winterbed van de Maas. In Zuid-Limburg omvatten deze zones ook de steilere hellingen, droogdalen en de belangrijkste landschappelijke verbindingen naar het Maasdal. Het beleid binnen de bronsgroene landschapszone is er op gericht om de landschappelijke kernkwaliteiten te behouden, te beheren, te ontwikkelen en te beleven. Deze zone bestaat hoofdzakelijk uit landbouwgronden. Binnen deze zone komen op bestemmingsplanniveau andere bestemmingen en functies voor zoals infrastructuur, woningen en toeristische voorzieningen e.d.
natuurgebieden
met de
daarin
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
9
mi
Goudgroene
natuurzone
Zilvergroene
natuurzone
Bronsgroene landschapszone
Figuur 4.3. Ligging van het plangebied natuurzone). Bron: Provincie Limburg. 44
Beschermde
(rood
omlijnd)
ten
opzichte
van
het
NNN
(Goudgroene
planten en dieren
Vogels en zoogdieren woonhuis, de inpandige werkschuur en de open werkschuur hebben een spits dak dat is belegd Doordat de gevelpannen op een gladde trespa plaat zijn aangebracht, hebben met dakpannen. vleermuizen en vogels te weinig houvast om hier het dak in te gaan (zie figuur 4.4.1). Huismus- en gierzwaluwnesten zijn in deze daken afwezig doordat er onder de onderste rij dakpannen onvoldoende ruimte is (zie figuur 4.4.2). Beide werkschuren hebben enkelwandige gevels. Het woonhuis heeft weliswaar spouw, maar open stootvoegen of andere kieren zijn afwezig. Verder zijn er ook geen vogelnesten, braakballen, uitwerpselen, etc. op de zolders, of in de schuren waargenomen (zie figuur 4.4.3). Het
Overige
jaarrond beschermde vogelnesten zijn in het plangebied afwezig. Verder zijn er vink, spreeuw, houtduif, kraai, witte kwikstaart en huismus in en rondom het plangebied waargenomen. Tijdens het broedseizoen broeden er mogelijk algemeen voorkomende vogels in de vegetatie van de tuin rondom het plangebied. Omdat de vegetatie ongemoeid blijft, zijn vogels niet in tabel 4.4 opgenomen.
Volgens
de
waren
in 2021
er
natuurgegevens twee
(niet
van
nader
de
Provincie
getoonde)
Limburg
(www.natuurgegevensprovincielimburg.nl) soorten (roofvogels/uilen) in het veldbezoek blijkt dat nesten van voorgenoemde
territoria van
kilometerhok in het plangebied aanwezig. Uit soorten zeker niet in het plangebied voorkomen.
het
kwetsbare
Sporen van overige kleine marterachtigen, eekhoornnesten, dassenwissels, dassenburchten, holen etc. zijn afwezig. Algemene zoogdieren als de veldmuis en bosmuis kunnen wel in het plangebied voorkomen.
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
10
(geanonimiseerd) Figuur
4.4.2.
Onder
Figuur
4.4.3.
De
de onderste
rij dakpannen
hebben
vogels
geen
toegang.
inpandige werkschuur
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
11
Planten In het
plangebied zijn alleen algemene, niet-beschermde planten waargenomen (zie paragraaf 4.1). Volgens de natuurgegevens van de Provincie Limburg (www.natuurgegevensprovincielimburg.nl) groeiden er in 2016 in het kilometerhok waarin het plangebied zich bevindt, geen planten die onder de Wet natuurbescherming zijn beschermd. Dit kilometerhok is echter onvolledig onderzocht. Amfibieën
en
Amfibieën
andere soorten
werden
tijdens
waargenomen. Wateren die als voorplantingswater plangebied afwezig. Het is wel mogelijk dat enkele algemene plangebied als landhabitat zullen gebruiken (zie tabel 4.4). Reptielen en andere
kunnen dienen zijn amfibieënsoorten het
in
het
veldbezoek
niet
het
soorten, die beschermd zijn onder de Wnb, zijn niet een
overzicht
plangebied Tabel
4.4.
van
de beschermde
soorten
die
te verwachten in het plangebied. Tabel 4.4 geeft (mogelijk) voortplantingsplaatsen en rustplaatsen in het
hebben.
(Potentieel)
in het
plangebied
voorkomende
de soorten in de Wnb
is
eveneens
Nederlandse
en
wetenschappelijke
beschermde
soorten. Het
naam/
met
jaarrond
beschermd
Bosmuis
van
weergegeven.
Vogels naam
beschermingsregime
nest
Internationaal | beschermde |
beschermde
soorten
soorten
Overige
(Apodemus sylvaticus)
Huisspitsmuis
(Crocidura russula
Veldmuis
(Microtus arvalis)
Gewone
pad
Bruine kikker
(Bufo bufo (Rana temporaria
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
12
5
Mogelijke
5.1
Natura 2000
effecten op beschermde
natuurwaarden
Door
de voorgenomen werkzaamheden kan verstoring door geluid en beweging optreden. Deze effecten zijn zeer lokaal; bovendien ligt het meest nabijgelegen Natura 2000-gebied ‘Maasduinen’ op een afstand van 960 meter van het plangebied. Tussen dit Natura 2000-gebied en het plangebied in enkele liggen landbouwgebieden met akkers, en de rivier de Maas. Vanwege de afstand verwachten van de wij voorgenomen werkzaamheden geen effect op bovengenoemd Natura 2000-gebied.
Bovengenoemd
2000-gebieden bevatten stikstofgevoelig habitattype, overbelasting door stikstof. De werkzaamheden zullen leiden tot wat Vanwege de afstand tussen de voorgenomen Natura en het verwachten echter 2000-gebieden plangebied wij geen significant effect op verder van het bovengenoemd (en plangebied gelegen) Natura 2000-gebied. tenminste
en
enkele
andere
van
de in
paragraaf 4.2 genoemde
één
dat
Natura
te maken
heeft met stikstofuitstoot.
Natuurnetwerk Nederland
5.2 Het
dichtstbijzijnde onderdeel van het NNN bevindt zich op zo’n 36 meter ten zuiden van het plangebied. Wegens deze afstand hebben de voorgenomen werkzaamheden waarschijnlijk geen noemenswaardig effect op de natuurwaarden in het NNN. 5.3
Beschermde
Als
van
gevolg optreden:
de
planten en dieren werkzaamheden
kunnen
onderstaande
effecten
op
beschermde
flora
fauna
en
Bij de werkzaamheden kunnen vaste voortplantings- en of rustplaatsen van algemene beschermde zoogdieren en amfibieën worden verstoord. Individuen kunnen hierbij worden verstoord en/of gedood. -
In de tabel 5.3 zijn de mogelijke overtredingen van de verbodsbepalingen van de Wnb In hoofdstuk 6 wordt uitgelegd hoe deze overtredingen kunnen worden voorkomen. Tabel 5.3.
verklaring
Mogelijke overtredingen van algemene verbodsbepalingen van de Wnb. Zie bijlage van de beschermingscategorieën en een overzicht van alle verbodsbepalingen.
Soort
Beschermingsregime nb
_|Art.
Algemeen grondgebonden zoogdieren
Overige
1
voor
een
| Art. | Art. | Art. | Art. | Art. | Art. | 35 | 35 | 3.5 | 3.10
313135 lid 1 lid lid 1
2
voorkomende
en
weergegeven.
2 lid
lid
4 lid1
3|lid
soorten
X
amfibieën
Artikel 3.1
(m.b.t. Vogels)
-lid 1: het -
opzettelijk doden en vangen van vogels lid 2: het opzettelijk vernielen en beschadigen van nesten, rustplaatsen en eieren en het wegnemen
van
nesten
Artikel 3.5 -
-
-
-
(m.b.t. Internationaal beschermde soorten): lid 1: het opzettelijk doden of vangen van soorten lid 2: het
opzettelijk verstoren van soorten opzettelijk vernielen en rapen van eieren van soorten lid 4: het beschadigen en vernielen van de voortplantingsplaatsen en rustplaatsen van soorten lid 3: het
Artikel 3.10 lid 1
(m.b.t. A-soorten): het is verboden (a) in het wild levende A-soorten opzettelijk te doden of te vangen; (b) de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van de A-soorten opzettelijk te beschadigen of te vernielen; en De onder (a) en (b) genoemde verboden zijn niet van toepassing op de bos-, huisspits- en veldmuis voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende ervan of roerende zaken bevinden (artikel 3.10 lid 3 Wnb).
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
13
6
Conclusies
6.1
Natura 2000
en
aanbevelingen
De
plannen zullen naar onze mening waarschijnlijk geen effect op de natuurwaarden in Natura 2000gebieden hebben. Om elk risico uit te sluiten, is het echter te overwegen de te verwachten stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden te laten bepalen. Indien daaruit blijkt dat er een significante toename is te verwachten, is er een vergunning nodig op grond van de Wnb. 6.2 De
Natuurnetwerk Nederland
plannen
hebben
geen bezwaren
6.3
waarschijnlijk geen negatieve vanuit het provinciale natuurbeleid.
effecten
op het NNN.
Daarom
zijn
er
op
dit punt
_ Beschermde planten en dieren
Algemeen voorkomende grondgebonden zoogdieren en amfibieën In het plangebied komen mogelijk zoogdieren en amfibieën voor, die onder de Wnb zijn beschermd. Het gaat om algemeen voorkomende soorten (zogenaamde A-soorten), waarvoor in Limburg een vrijstelling geldt in geval van ruimtelijke ontwikkeling en beheer en onderhoud. Dit houdt in dat deze soorten verstoord mogen worden, zonder dat daar vooraf een ontheffing voor is verkregen. Wel geldt altijd de Zorgplicht (artikel 1.11 Wnb); deze houdt in dat nadelige gevolgen voor dieren en planten altijd zoveel mogelijk moeten worden voorkomen. Om aan de algemene zorgplicht te voldoen, moeten dieren die tijdens de werkzaamheden worden aangetroffen, zo snel mogelijk naar een aangrenzende locatie buiten het plangebied worden verplaatst.
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
14
Literatuur e
e
e
Gedeputeerde Staten van Limburg. 2017. Beleidsregels ten behoeve van de passieve soortenbescherming onder de Wet natuurbescherming in Limburg. Provinciaal blad nr. 5634. Ministerie van Economische Zaken, 2016. Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Ministerie van Economische Zaken, Den Haag. Provinciale Staten van Limburg, 2016. Beleidsneutrale Wijzigingsverordening hoofdstuk 3 Natuur van de Omgevingsverordening Limburg 2014. Provinciaal blad nr. 6983. Provincie Limburg.
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
15
Bijlage
1:
Toelichting per beschermingsregime
Vogels Verbodsbepalingen en afwijkingsmogelijkheden Het beschermingsregime voor vogels is neergelegd in de artikelen 3.1 tot en met 3.4 van de Wnb. Deze bepalingen gelden voor alle van nature in Nederland in het wild levende vogels van soorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn. Op grond van de artikelen 3.1 en 3.2 gelden voor deze vogels de volgende verboden: _ het opzettelijk doden en vangen van vogels (artikel 3.1 lid 1 Wnb) _ het opzettelijk vernielen en beschadigen van nesten, rustplaatsen en eieren en het wegnemen van nesten (artikel 3.1 lid 2 Wnb) het en houden van eieren (artikel 3.1 lid 3 Wnb) rapen _ van van het storen indien dit opzettelijk vogels wezenlijke invloed is op de staat van _ instandhouding van de desbetreffende soort (artikel 3.1 lid 4 en 5 Wnb) _ het verkopen, vervoeren voor verkoop, onder zich hebben voor verkoop of ten verkoop aanbieden van (gemakkelijk herkenbare delen of producten van) dode of levende vogels (artikel 3.2 lid 1 Wnb) _ het, anders dan voor verkoop, houden en vervoeren van (gemakkelijk herkenbare delen of producten van) dode of levende vogels (artikel 3.2 lid 6 Wnb) _ het, voor zover bij of krachtens de Wnb toegestaan, vangen of doden van vogels met kort verboden middelen en het achtervolgen met behulp van in de Vogelrichtlijn gezegd genoemde vervoermiddelen overeenkomstig de in de Vogelrichtlijn omschreven wijze (artikel
3.4 lid 1 Wnb). e e
e e
e
e
e
—
—
Het
beschermingsregime gaat uit van het ‘nee, tenzij-principe’. Dit betekent dat de genoemde schadelijke handelingen verboden zijn, tenzij het bevoegd gezag een afwijking van het verbod toestaat. Die toestemming kan worden verleend door middel van een ontheffing of vrijstelling. ontheffing of vrijstelling van staten (°GS’) kunnen vrijwel alle hierboven omschreven verboden ontheffing verlenen. Provinciale staten (‘PS’) kunnen daarnaast bij verordening vrijstelling verlenen van deze verboden. Voor een paar specifieke verboden is de minister van Economische Zaken (de “minister” het bevoegd gezag, namelijk de verboden die zien op de verkoop en het vervoer van vogels. Indien een afwijking van een verbodsbepaling wordt toegestaan, moet daarbij in ieder geval worden bepaald op welke soort de afwijking betrekking heeft, welke middelen, installaties of methoden voor het vangen of doden zijn toegestaan en welke voorwaarden gelden ter beperking van de risico’s en met betrekking tot het tijdstip en de plaats van de handeling. Daarnaast moet voor de verlening van een ontheffing of vrijstelling aan een aantal cumulatieve criteria zijn voldaan. Dit betekent dat er: _ geen andere bevredigende oplossing mag bestaan, _de maatregelen niet mogen leiden tot verslechtering van de staat van instandhouding van de Criteria
voor
Gedeputeerde
e e
e
desbetreffende soort en _de ontheffing nodig is in verband met één van de volgende zes gronden: -_het belang van de volksgezondheid of de openbare veiligheid; -_het
belang van de veiligheid van het luchtverkeer; voorkoming van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, visserij of wateren; -__ter bescherming van flora of fauna; -__voor onderzoek of onderwijs, het uitzetten of herinvoeren van soorten of voor de daarmee samenhangende teelt; of -__om het vangen, het onder zich hebben of elke andere wijze van verstandig gebruik van bepaalde vogels in kleine hoeveelheden selectief en onder strikt gecontroleerde omstandigheden toe te staan. -_
ter
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
16
Internationaal beschermde Internationaal beschermde Deze deze
soorten
zijn strikt beschermd praktijk vaak aangeduid als de “strikt beschermde soorten’, omdat voor strikte voorwaarden ontheffing van een verbodsbepaling kan worden voorbeelden van habitatsoorten zijn de drijvende waterweegbree, de rugstreeppad soorten
soorten worden in de soorten alleen onder
verkregen. Bekende en de zandhagedis.
Verbodsbepalingen belangrijkste verboden uit de Wnb zijn: _ het opzettelijk doden of vangen van habitatsoorten (artikel 3.5 lid 1 Wnb) _ het opzettelijk verstoren van habitatsoorten (artikel 3.5 lid 2 Wnb) _ het opzettelijk vernielen en rapen van eieren van habitatsoorten (artikel 3.5 lid 3 Wnb) _ het beschadigen en vernielen van de voortplantingsplaatsen en rustplaatsen van habitatsoorten (artikel 3.5 lid 4 Wnb) _ het opzettelijk plukken en verzamelen, afsnijden, ontwortelen en vernielen van habitatsoorten (artikel 3.5 lid 5 Wnb) _ het, anders dan voor verkoop, onder zich hebben of vervoeren van habitatsoorten (artikel 3.6 lid 2 Wnb).
De
e e e e
e
e
ontheffing of vrijstelling Gedeputeerde Staten kunnen van deze verboden ontheffing verlenen en Provinciale Staten kunnen bij verordening vrijstelling verlenen van deze verboden (artikel 3.8 lid 2 en 3.9 lid 2 Wnb). Er is een aantal (cumulatieve) criteria (opgesomd in artikel 3.8 lid 5 Wnb) om ontheffing of vrijstelling te kunnen verlenen; deze worden slechts verleend indien: _er geen andere bevredigende oplossing bestaat (alternatieventoets); er geen afbreuk wordt gedaan aan het streven de populaties van de betrokken soort in hun natuurlijk verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan; _de ontheffing of vrijstelling nodig is: -__in het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats; -_ter voorkoming van ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom; in het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten; -__voor onderzoek en onderwijs, repopulatie of herintroductie van deze soorten, of voor de daartoe benodigde kweek, met inbegrip van de kunstmatige vermeerdering van planten; of -__om het onder strikt gecontroleerde
omstandigheden mogelijk te maken op selectieve en binnen wijze bepaalde grenzen een beperkt, bij de ontheffing of vrijstelling vastgesteld aantal van bepaalde dieren van de aangewezen soort te vangen of onder zich te hebben, onderscheidenlijk een beperkt bij de ontheffing of vrijstelling vastgesteld aantal van bepaalde planten van de aangewezen soort te plukken of onder Criteria
voor
e e
e
-
zich te hebben.
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
17
Overige beschermde Algemeen Overige beschermde
soorten
niet beschermd vanwege de Europese wet- en regelgeving. Het gaat hier om de in het wild levende diersoorten die worden genoemd in onderdeel A van de bijlage bij de Wnb. Voorbeelden zijn de hermelijn en de wezel (‘A-soorten’). Daarnaast worden vaatplanten soorten
zijn
beschermd van de soorten die worden genoemd akkerboterbloem en de muurbloem (‘B-soorten’).
wijzen, omdat zij niet voldoende worden beschermd door enkel de zorgplicht. Het gaat daarbij in het bijzonder om soorten die in Nederland in hun voortbestaan worden bedreigd. Op de bijlagen zijn dan ook bijvoorbeeld de Rode Lijst-soorten aangewezen. om
deze
soorten
bij
in onderdeel B in de bijlage bij de Wnb, zoals de Uit de wetsgeschiedenis is gebleken dat het nodig is
wet
aan
te
Verboden handelingen Het is verboden op grond van artikel 3.10 lid 1 Wnb: (a) in het wild levende A-soorten opzettelijk te doden of te vangen; (b) de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van de A-soorten vernielen en
opzettelijk
te
beschadigen
of te
(c) B-soorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. De onder (a) en (b) genoemde verboden zijn niet van toepassing op de bos-, huisspits- en veldmuis voor zover deze dieren zich in of op gebouwen of daarbij behorende ervan of roerende zaken bevinden (artikel 3.10 lid 3 Wnb). Voor deze overige soorten gelden dus minder verboden dan voor de strikt beschermde soorten. Zo is bijvoorbeeld het (opzettelijk) verstoren van soorten niet verboden. Ruimere afwijkingsmogelijkheden Voor de overige soorten gelden beschermde
afwijkingsmogelijkheden dan voor de strikt (dat afwijkingsmogelijkheden voor Habitatsoorten bepaalt) is overeenkomstige toepassing op de overige soorten. Dit betekent dat een ontheffing of
soorten.
bovendien
Artikel 3.8 Wnb
ruimere
de
grotendeels van vrijstelling slechts wordt verleend indien: er geen andere bevredigende oplossing bestaat (alternatieventoets); er geen afbreuk wordt gedaan aan het streven de populaties van de betrokken soort in hun natuurlijk verspreidingsgebied in een gunstige staat van instandhouding te laten voortbestaan; _de ontheffing of vrijstelling nodig is: -__in het belang van de bescherming van de wilde flora of fauna of in het belang van de instandhouding van de natuurlijke habitats; van -__ter voorkoming ernstige schade aan met name de gewassen, veehouderijen, bossen, visgronden, wateren of andere vormen van eigendom; -__in het belang van de volksgezondheid, de openbare veiligheid of andere dwingende redenen van groot openbaar belang, met inbegrip van redenen van sociale of economische aard en met inbegrip van voor het milieu wezenlijke gunstige effecten; -__voor onderzoek en onderwijs, repopulatie of herintroductie van deze soorten, of voor de daartoe benodigde kweek, met inbegrip van de kunstmatige vermeerdering van planten; of -__om het onder strikt gecontroleerde omstandigheden mogelijk te maken op selectieve binnen en wijze bepaalde grenzen een beperkt, bij de ontheffing of vrijstelling van aantal vastgesteld bepaalde dieren van de aangewezen soort te vangen of onder zich te hebben, onderscheidenlijk een beperkt bij de ontheffing of vrijstelling vastgesteld aantal van
bepaalde planten van de aangewezen soort te plukken of onder e e
e
zich te hebben. Anders
dan
voor
Habitatsoorten,
kan
voor
de
overige
soorten
ook
ontheffing
of
vrijstelling
worden
verleend als dit noodzakelijk is (artikel 3.8 lid 2): -__in het kader van de ruimtelijke
inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daarop volgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied;
(geanonimiseerd)
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
18
voorkoming van schade of overlast, met inbegrip van schade aan sportvelden, schietterreinen, industrieterreinen, kazernes, of begraafplaatsen; -__ter beperking van de omvang van de populatie van dieren, in verband met door deze dieren ter plaatse en in het omringende gebied veelvuldig veroorzaakte schade of in verband met de maximale draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden; -_ter voorkoming of bestrijding van onnodig lijden van zieke of gebrekkige dieren; -_in het kader van bestendig beheer of onderhoud in de landbouw of bosbouw; in het kader van bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer; -__in het kader van bestendig beheer of onderhoud van de landschappelijke kwaliteiten van een bepaald gebied, of ten behoeve van het algemeen belang. -__ter
-
-_
Overzicht
verbodsbepalingen
Wet
natuurbescherming (Ministerie van
Economische
Zaken, 2016)
Beschermingsregime soorten
Beschermingsregime soorten
Beschermingsregime andere
Vogelrichtlijn 6 3.1 Wn
Habitatrichtlijn 6 3.2 Wn
soorten
Art 3.1 lid1
Art 3.5 lid1
Art 3.10 lid 1a
Het is verboden in het wild levende
Het is verboden soorten in hun
vogels opzettelijk te doden of te vangen.
natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen
Het is verboden soorten opzettelijk te doden of te vangen
Art 3.1 lid 2
Art3.5lida
Het is verboden
Het is verboden de
opzettelijk nesten, rustplaatsen en eieren van vogels te vernielen of te beschadigen, of nesten van vogels weg te nemen
Art 3.10 lid 1b voortplantingsplaat-
of rustplaatsen van dieren beschadigen of te vernielen sen
5 3.3 Wn
te
Het is verboden de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren opzettelijk te beschadigen of te
vernielen
Art 3.1 lid 3
Art 3.5 lid 3
Het is verboden eieren te rapen en deze
Het is verboden eieren van dieren in de
onder zich te hebben
natuur
Niet
van
toepassing
opzettelijk te vernielen of te
rapen Art 3.1 lid q en lid 5 Het is verboden
vogels opzettelijk te storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort Niet van toepassing
Art 3.5 lid 2 Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren
Het is verboden
Art 3.10 lid zc Het is verboden
vernielen
vernielen
Arn
3.slids
plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te
(geanonimiseerd)
Niet van toepassing
plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te
Quickscan natuurwetgeving Nachtegaalstraat
1 te Broekhuizenvorst
19