CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

05c Concept statuten stichting Akkoord! Primair Openbaar

Gemeenteraad 6 juni 2023, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot wijziging van de Gemeenschappelijke Regeling “de Regeling toezicht op het openbaar primair onderwijs” en in stemmen met toetreding van de gemeente Leudal tot het gemeenschappelijk orgaan toezicht op het primair openbaar onderwijs.5.893 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Concept statuten Stichting Akkoord! primair openbaar

Definitief Concept 26 januari 2023

STATUTEN Artikel 1 Begripsbepalingen In deze statuten wordt verstaan onder: a. gemeenteraad: de gemeenteraden van Beesel, Horst aan de Maas, Peel en Maas, Venlo en Leudal en de gemeenten die na vandaag nog de instandhouding van de openbare scholen aan de stichting hebben overgedragen; b. college van B&W: de colleges van burgemeester en wethouders van de onder a vermelde gemeenten; c. GOTPOO: het Gemeenschappelijk Orgaan Toezicht op het Primair Openbaar Onderwijs zoals genoemd in de gemeenschappelijke regeling (gebaseerd op Wet Gemeenschappelijke Regelingen); het GOTPOO is ingesteld door de (rechtsvoorgangers) van de gemeenten als onder a genoemd; Indien het GOTPOO wordt beëindigd, wordt onder GOTPOO de gemeenteraden van de gemeenten verstaan; d. stichting: Stichting "AKKOORD!" primair openbaar, statutair gevestigd te gemeente Venlo, ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel onder dossiernummer: 12049896; e. bestuur: het bevoegd gezag van de stichting; f. raad van toezicht: het orgaan dat belast is met de functie intern toezicht als bedoeld in artikel 17b WPO; g. scholen: de openbare scholen voor primair onderwijs die onder het bestuur van de stichting vallen; h. GMR: de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad verbonden aan de scholen, die de bevoegdheden heeft als toegekend in de Wet Medezeggenschap op Scholen; i.

schriftelijk: bij brief, e-mail, of bij boodschap die via een ander gangbaar communicatiemiddel wordt overgebracht en op schrift kan worden ontvangen. j. WPO: de Wet op het primair onderwijs; Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, sluit een verwijzing naar een begrip of woord in het enkelvoud een verwijzing naar de meervoudsvorm van dit begrip of woord in en omgekeerd. Tenzij anders blijkt of kennelijk anders is bedoeld, sluit een verwijzing naar het mannelijke geslacht een verwijzing naar het vrouwelijke geslacht in en omgekeerd.

Artikel 2 Naam en zetel De stichting draagt de naam: Stichting Akkoord! primair openbaar. 1.

De stichting heeft haar zetel in de gemeente Venlo.

2.

De stichting is opgericht voor onbepaalde tijd.

Artikel 3 Doel 1.

Het doel van de stichting is het doen geven van openbaar onderwijs aan de scholen die onder haar gezag vallen, in de zin van de WPO en/of andere onderwijswetten.

Definitief concept 26 januari 2023

2.

De stichting tracht dit doel te verwezenlijken door: a) de instandhouding van één of meer scholen voor openbaar onderwijs: b) het stichten, overnemen en beheren daarvan; c) alles in de ruimste zin van het woord.

3.

De stichting beoogt niet het maken van winst.

Artikel 4 Karakter openbaar onderwijs 1.

Het openbaar onderwijs draagt overeenkomstig artikel 46 WPO bij aan de ontwikkeling van de leerlingen met aandacht voor de godsdienstige, levensbeschouwelijke en maatschappelijke waarden zoals die leven in de Nederlandse samenleving en met onderkenning van de betekenis van de verscheidenheid van die waarden.

2.

Het Onderwijs wordt verzorgd vanuit de waarden van het openbaar onderwijs.

3.

De stichting oefent alle taken en bevoegdheden van het bevoegd gezag als bedoeld in de onderwijswetgeving uit.

Artikel 5 Middelen en beheer 1.

De stichting hanteert alle wettige middelen die kunnen bijdragen aan de verwezenlijking van de doelstelling, de verwerving van de daartoe benodigde middelen bij overheden, bedrijven, fondsen, financiële instellingen, loterijen en particulieren inbegrepen.

2.

Erfstellingen worden slechts onder het voorrecht van boedelbeschrijving aanvaard.

Artikel 6 Organen 1.

De stichting wordt bestuurd door het college van bestuur.

2.

De stichting kent een raad van toezicht, die toezicht houdt op het beleid van het college van bestuur, het functioneren van het college van bestuur en de algemene gang van zaken binnen de stichting.

3.

Ten aanzien van elke door de stichting in standgehouden school stelt het college van bestuur een leidinggevende aan als bedoeld in de WPO.

Definitief concept 26 januari 2023

Artikel 7 College van bestuur; samenstelling en benoeming 1.

Het college van bestuur bestaat uit ten minste een en ten hoogste twee personen. Het aantal leden van het college van bestuur wordt door de raad van toezicht vastgesteld.

2.

Alle leden, waaronder ook de voorzitter, van het college van bestuur worden benoemd door de raad van toezicht, na verkregen advies van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad en voorts met inachtneming van het bepaalde in lid 4 en lid 5.

3.

Benoeming vindt plaats aan de hand van een door de raad van toezicht, vast te stellen openbare werving- en selectieprocedure en op basis van een vooraf openbaar gemaakte algemene profielschets, alsmede in geval van een meerhoofdig college van bestuur, een profielschets per zetel. De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad wordt in de gelegenheid gesteld advies uit te brengen ter zake de profielschets(en).

4.

De verdere procedure voor de benoeming van de leden van het college van bestuur kan, met inachtneming van de relevante wettelijke bepalingen en daaruit voortvloeiende rechten voor de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad, worden geregeld in het reglement college van bestuur.

5.

De leden van het college van bestuur worden benoemd voor de duur van hun arbeidsovereenkomst of voor een andere door de raad van toezicht te bepalen periode. De vaststelling van de bezoldiging en overige arbeidsvoorwaarden van de leden van het college van bestuur geschiedt door de raad van toezicht. Bij de vaststelling van de bezoldiging en overige arbeidsvoorwaarden wordt aangesloten bij de voor bestuurders in de sector geldende normen. Jaarlijks wordt door de raad van toezicht in de jaarrekening verantwoord welke bedragen zijn toegekend aan de leden van het college van bestuur.

6.

In vacatures in het college van bestuur wordt zo spoedig mogelijk voorzien. Bij ontstentenis of belet van alle leden van het college van bestuur of van het enige (overgebleven) lid van het college van bestuur wordt het college van bestuur waargenomen door één persoon, niet uit het midden van de raad van toezicht, die daartoe door de raad van toezicht is of wordt aangewezen. Gaat de raad van toezicht niet binnen zes weken tot een zodanige aanwijzing over dan wordt het college van bestuur waargenomen door de persoon die daartoe door de gemeenteraden bij gelijkluidend besluit wordt aangewezen.

7.

In geval van vacatures behoudt het college van bestuur zijn bevoegdheden.

8.

Een lid van het college van bestuur kan niet tegelijkertijd de functie van intern toezichthouder vervullen bij een andere onderwijsorganisatie in dezelfde sector. Een lid van het college van bestuur kan ook niet tegelijkertijd de functie van toezichthouder vervullen bij een organisatie in een aanpalende onderwijssector in hetzelfde voedingsgebied.

9.

Een (oud-)toezichthouder van de stichting kan niet binnen vier jaar na aftreden benoemd worden tot college van bestuur van de stichting.

Definitief concept 26 januari 2023

Artikel 8 College van bestuur; schorsing en ontslag, de-fungeren, belet en ontstentenis

1.

De raad van toezicht schorst en ontslaat de leden van het college van bestuur. Een besluit tot ontslag

wordt

slechts

genomen

na

verkregen

advies

van

de

gemeenschappelijke

medezeggenschapsraad.

2.

Voor een besluit tot schorsing of ontslag is het aantal stemmen vereist, dat gelijk is aan het

aantal leden van de raad van toezicht min één in een vergadering waarin alle leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn. Indien in deze vergadering niet alle leden van de raad van toezicht aanwezig of vertegenwoordigd zijn, zal binnen veertien dagen, maar in beginsel na tenminste één dag na het houden van de eerste vergadering een tweede vergadering worden bijeengeroepen, waarin ongeacht het ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde aantal leden, met wederom het aantal stemmen dat gelijk is aan het aantal

leden van de raad van toezicht min één, besluiten over een zodanig voorstel kunnen worden genomen. 3.

Indien een lid van het college van bestuur is geschorst, dient de raad van toezicht binnen drie maanden na ingang van de schorsing te besluiten tot ontslag dan wel tot opheffing of verlenging van de schorsing. Bij gebreke van een besluit als bedoeld in de vorige zin, vervalt de schorsing. Een besluit tot verlenging van de schorsing kan slechts eenmaal worden genomen en de schorsing kan daarbij ten hoogste worden verlengd voor drie maanden, ingaande op de dag waarop de raad van toezicht het besluit tot verlenging heeft genomen.

4.

Overige zaken ten aanzien van schorsing, ontslag en de-fungeren worden bij reglement college van bestuur geregeld.

Artikel 9 College van bestuur; taken en bevoegdheden 1.

Het college van bestuur is belast met het besturen van de stichting. Bij de vervulling van zijn taak richt het college van bestuur zich naar het belang van de stichting. Het college van bestuur zet zich in voor handhaving van het karakter van het openbaar onderwijs.

2.

Het college van bestuur kan (indien het college uit twee personen bestaat) onderling vaststellen welk lid met welke taak in het bijzonder zal zijn belast. Een zodanige taakverdeling laat de gezamenlijke verantwoordelijkheid van het college van bestuur voor het gehele college van bestuur onverlet.

3.

Het college van bestuur is voorts belast met de aansturing van de leidinggevenden en de taken en uitoefening van bevoegdheden welke het college van bestuur als bevoegd gezag zijn toebedeeld.

4.

Het college van bestuur legt voor de door hem uitgevoerde bestuurlijke taken en bevoegdheden verantwoording af aan de raad van toezicht en draagt zorg voor een goede en tijdige informatievoorziening aan de raad van toezicht, waarbij hij ten minste vier keer per jaar de raad van toezicht informeert over de algemene gang van zaken binnen de stichting. Het college van bestuur is gehouden terstond door de raad van toezicht gevraagde inlichtingen en gegevens te verstrekken.

Definitief concept 26 januari 2023

5.

Het college van bestuur stelt een keer in de vier jaar een strategisch beleidsplan op en formuleert hierin concrete doelstellingen voor de scholen die door de stichting in stand worden gehouden, daarbij rekening houdend met de belangen van hen die bij die scholen zijn betrokken.

6.

Het college van bestuur stelt jaarlijks, na goedkeuring door de raad van toezicht, doch uiterlijk 1 februari van het betreffende jaar, een begroting vast en legt in het jaarverslag en de jaarrekening verantwoording af over de mate waarin de vastgestelde missie en doelstellingen worden gehaald.

7.

Het college van bestuur is bevoegd tot het verrichten van alle rechtshandelingen, daaronder met name ook begrepen het besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen, en tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk schuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt. De in dit lid bedoelde besluiten zijn onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht.

8.

Voorts heeft het college van bestuur voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht nodig voor het nemen van besluiten met betrekking tot:

a.

het aangaan van financiële verplichtingen en samenwerkingsovereenkomsten welke niet binnen de begroting zijn opgenomen en waarvan het belang meer bedraagt dan een door de raad van toezicht in het reglement college van bestuur aan het college van bestuur meegedeeld bedrag;

b.

de beëindiging van de dienstbetrekking van een aanmerkelijk aantal werknemers tegelijkertijd of binnen een kort tijdsbestek;

c.

ingrijpende wijziging van de arbeidsomstandigheden van een aanmerkelijk aantal werknemers in dienst van de stichting;

d.

een aanvraag tot faillissement of van surseance van betaling;

e.

opheffing, fusie of afsplitsing van (een deel van) door de stichting in standgehouden scholen (afsplitsing op schoolniveau), waarbij na het nemen van het besluit tot vrijwillige opheffing door het bestuur de procedure van artikel 148 Wpo in acht genomen moet worden;

f.

het aangaan of verbreken van duurzame samenwerking met een andere rechtspersoon indien deze samenwerking of verbreking van ingrijpende betekenis is voor de stichting of de in stand te houden scholen;

g.

fusie met een andere stichting, overname of afsplitsing van een deel van de stichting (afsplitsing op stichtingsniveau) of stichting van een nieuwe school ;

h.

het vaststellen of wijzigen van het strategisch meerjarenplan;

i.

wijziging van het managementstatuut en het reglement college van bestuur

j.

het verrichten van handelingen waarbij een direct of indirect tegenstrijdig belang bestaat tussen een lid van het college van bestuur en de stichting.

Voor het begrip "tegenstrijdig belang" wordt aansluiting gezocht bij artikel 2:239 lid 6 Burgerlijk Wetboek.

Artikel 10 College van bestuur; vertegenwoordiging en werkwijze 1.

De stichting wordt vertegenwoordigd door het college van bestuur. Daarnaast wordt (indien van

Definitief concept 26 januari 2023

toepassing) de stichting vertegenwoordigd door elk lid van het college van bestuur afzonderlijk. 2.

Krachtens besluit van het college van bestuur kan aan één of meer leden van het college van bestuur of andere personen een volmacht worden verleend om de stichting te vertegenwoordigen. De gevolmachtigde vertegenwoordigt de stichting met inachtneming van de grenzen van zijn volmacht.

3.

Het college van bestuur legt zijn besluiten schriftelijk vast en stelt deze op verzoek van eenieder beschikbaar, tenzij het bepaalde in lid 4 onder a., b. of c. van toepassing is.

4.

Vergaderingen van het college van bestuur zijn openbaar. Het college van bestuur kan besluiten tot een besloten vergadering indien het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen:

a.

het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer;

b.

de economische of financiële belangen van de stichting;

c.

het belang van voorkoming van onevenredige bevoordeling of benadeling van bij de aangelegenheden betrokken natuurlijke personen dan wel derden. Van een besloten vergadering wordt een afzonderlijk verslag opgemaakt dat niet openbaar wordt gemaakt, tenzij het college van bestuur anders beslist.

5.

Het college van bestuur zal met inachtneming van deze statuten, een reglement college van bestuur opstellen waarin aangelegenheden hen intern betreffende, daaronder begrepen de vergaderwijze, overige werkwijze en de wijze waarop de door hen te nemen besluiten tot stand komen, alsmede de eventuele onderlinge verdeling van taken, nader worden geregeld. Het reglement wordt vastgesteld door de raad van toezicht. Dit geldt ook voor eventuele wijzigingen die op enig later moment worden aangebracht.

Artikel 11 Raad van toezicht; samenstelling en benoeming 1.

De raad van toezicht bestaat uit een door de raad van toezicht te bepalen aantal leden van ten minste drie en ten hoogste vijf natuurlijke personen. Is het aantal leden minder dan bepaald, dan behoudt de raad van toezicht zijn bevoegdheden onverminderd de verplichting om onverwijlde maatregelen tot aanvulling van zijn ledental te nemen.

2.

De leden van de raad van toezicht worden (her)benoemd door de gemeenteraad, met inachtneming van het hierna bepaalde.

3.

De leden van de raad van toezicht worden benoemd voor een periode van vier jaar. Aftreden geschiedt volgens een door de raad van toezicht op te stellen rooster van aftreden. Een volgens het rooster van aftreden aftredend lid van de raad van toezicht is herbenoembaar na evaluatie volgens de procedure zoals omschreven in het reglement raad van toezicht. Herbenoeming is slechts eenmaal mogelijk.

4.

Tenminste een derde gedeelte, doch geen meerderheid, van de leden van de raad van toezicht wordt benoemd op bindende voordracht van de GMR waarvan tenminste één lid op bindende voordracht van de oudergeleding van de GMR in hun rol als vertegenwoordiging van de ouders van de leerlingen die ingeschreven zijn op de betrokken school of scholen.

Definitief concept 26 januari 2023

5.

De overige leden worden benoemd op voordracht van de raad van toezicht.

6.

Voor de zetels in de raad van toezicht ten aanzien waarvan de oudergeleding van de gemeenschappelijke

medezeggenschapsraad

en

de

gemeenschappelijke

medezeggenschapsraad een hen toekomend voordrachtsrecht niet hebben uitgeoefend binnen zes weken na daartoe door de raad van toezicht te zijn uitgenodigd, heeft de raad van toezicht een voordrachtsrecht, doch slechts voor één zittingsperiode. 7.

Ten behoeve van de werving en selectie van nieuwe leden van de raad van toezicht stelt de raad van toezicht bij een vacature een werving- en selectiecommissie in, bestaande uit leden van de raad van toezicht en tenminste één lid van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. Een vertegenwoordiging van het college van bestuur treedt op als adviseur van de commissie maar heeft geen stemrecht. De samenstelling en werkwijze van de werving- en selectiecommissie wordt door de raad van toezicht vastgesteld.

8.

De verdere procedure voor de benoeming van de leden van de raad van toezicht kan worden geregeld in het reglement bestuur en toezicht.

Artikel 12 Raad van toezicht; schorsing, ontslag, de-fungeren, belet en ontstentenis 1.

Een lid van de raad van toezicht kan worden geschorst en ontslagen door de gemeenteraad, al dan niet op verzoek van de raad van toezicht. Een lid van de raad van toezicht kan onder meer worden geschorst en ontslagen wegens:

a.

verwaarlozing van zijn taak of onvoldoende functioneren;

b.

onverenigbaarheid van functies of belangen;

c.

wijziging van de omstandigheden of andere redenen op grond waarvan zijn handhaving als lid van de raad van toezicht redelijkerwijs niet in het belang is van de stichting.

2.

Een lid van de raad van toezicht kan voorts worden geschorst door de raad van toezicht wegens één van de in lid 1 genoemde gronden, voor een periode van ten hoogste drie maanden. Indien een lid van de raad van toezicht wordt geschorst door de raad van toezicht, deelt de voorzitter van de raad van toezicht dit per omgaande schriftelijk aan de gemeenteraden mee.

3.

Voor het einde van de schorsingsperiode als genoemd in het vorige lid, neemt de raad van toezicht een besluit tot verlenging dan wel opheffing van de schorsing. Een schorsing kan éénmaal worden verlengd, voor ten hoogste een periode van drie maanden, ingaande op de datum waarop het besluit tot verlenging van de schorsing wordt genomen.

4.

Het betrokken lid van de raad van toezicht wordt in de gelegenheid gesteld zich te verantwoorden en kan zich daarbij doen bijstaan door een raadsman. Het besluit tot (voorstel tot) ontslag wordt niet eerder genomen dan nadat het betrokken lid van de raad van toezicht in de gelegenheid is gesteld te worden gehoord.

5.

Overige zaken ten aanzien van schorsing, ontslag en de-fungeren worden bij reglement raad van toezicht geregeld.

6.

In geval van ontstentenis of belet van één of meer leden van de raad van toezicht nemen de overblijvende leden, of neemt het overblijvende lid, de voltallige taken van de raad van toezicht waar. Een niet voltallige raad van toezicht blijft volledig bevoegd.

Definitief concept 26 januari 2023

7.

In geval van ontstentenis of belet van alle leden van de raad van toezicht en het niet binnen zes maanden door de gemeenteraad benoemen van nieuwe leden van de raad van toezicht of de aanwijzing door de gemeenteraad van een persoon die de taken van de raad van toezicht waarneemt, geschiedt onder verwijzing naar het bepaalde in artikel 299 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek de benoeming door de rechtbank van het arrondissement waar de stichting statutair is gevestigd op verzoek van de meest gerede belanghebbende. Gaat de rechtbank hier niet toe over, dan kan door het meest gerede afgetreden lid van de raad van toezicht, op verzoek van het college van bestuur, met inachtneming van het in deze statuten bepaalde, een tijdelijk nieuw lid van de raad van toezicht worden benoemd, die op zijn beurt voorziet in de voordracht voor benoeming van nieuwe leden van de raad van toezicht door de gemeenteraad conform het bepaalde in deze statuten.

Artikel 13 Raad van toezicht; taken en bevoegdheden 1.

De raad van toezicht heeft tot taak toezicht te houden op het beleid van het college van bestuur en op de algemene gang van zaken binnen de stichting. De raad van toezicht staat het college van bestuur met raad terzijde en fungeert als klankbord. De raad van toezicht kan het college van bestuur gevraagd en ongevraagd adviseren. Bij de vervulling van zijn taak richt de raad van toezicht zich naar het belang van de leerlingen en hun ouders, de belangen van de overige stakeholders, het belang van de onderwijsorganisatie en naar het belang van de samenleving en weegt deze verschillende belangen af.

2.

De taken en bevoegdheden van de raad van toezicht zijn zodanig dat de raad van toezicht een deugdelijk en onafhankelijk intern toezicht kan uitoefenen. Onverminderd het overigens bij of krachtens deze statuten bepaalde, is de raad van toezicht belast met:

a.

het goedkeuren van de besluiten van het college van bestuur als genoemd in deze statuten;

b.

het toezien op de verwezenlijking van de grondslag en de doelstelling van de stichting, het bereiken van de doelen en gewenste resultaten en het belang van de samenleving;

c.

het houden van toezicht op het functioneren van het college van bestuur en het toezien op de naleving door het college van bestuur van de wettelijke verplichtingen, de code voor goed bestuur als bedoeld in artikel 171 lid 1 WPO en eventuele afwijkingen van die code;

d.

het toezien op de rechtmatige verwerving en de doelmatige, efficiënte en rechtmatige bestemming en aanwending van financiële middelen.

3.

De raad van toezicht legt verantwoording af over de uitvoering van de taken en de uitoefening van de bevoegdheden als hiervoor genoemd, in het jaarverslag van de stichting.

4.

Het college van bestuur verstrekt de raad van toezicht gevraagd en ongevraagd alle informatie omtrent alle onderwerpen de stichting betreffende die voor een goed functioneren van de raad van toezicht naar het oordeel van de raad van toezicht nodig of dienstig zijn. De raad van toezicht kan ter zake nadere regels stellen.

5.

De raad van toezicht is bevoegd inzage te nemen en te doen nemen van alle boeken, bescheiden, overige gegevensdragers en correspondentie van de stichting; de raad van toezicht heeft te allen

Definitief concept 26 januari 2023

tijde toegang tot alle bij de stichting in gebruik zijnde ruimten en terreinen. 6.

De raad van toezicht kan voor rekening van de stichting in de uitoefening van zijn taak zich doen bijstaan door één of meer deskundigen.

Artikel 14 Raad van toezicht; werkwijze, vergadering en besluitvorming 1.

De raad van toezicht vergadert ten minste zesmaal per jaar en voorts zo dikwijls de voorzitter of twee of meer leden van de raad van toezicht dit wenselijk acht(en).

2.

De oproeping tot de vergadering van de raad van toezicht geschiedt schriftelijk aan ieder lid van de raad van toezicht en wordt verzonden door de raad van toezicht in opdracht van degene die het houden van de vergadering heeft verlangd. De bijeenroeping vermeldt de plaats en het tijdstip van de vergadering en de in de vergadering te behandelen onderwerpen.

3.

De termijn van oproeping bedraagt ten minste vijf dagen, de dag van oproeping en die van vergadering niet meegerekend. In spoedeisende gevallen kan de termijn van oproeping worden verkort, zulks ter beoordeling van de voorzitter.

4.

Een lid van de raad van toezicht kan zich ter vergadering door een schriftelijk gevolmachtigd ander lid van de raad van toezicht doen vertegenwoordigen.

5.

De voorzitter leidt de vergaderingen van de raad van toezicht; bij zijn ontstentenis of afwezigheid voorziet de vergadering zelf in de leiding. De voorzitter wijst een notulist aan.

6.

Vergaderingen van de raad van toezicht zijn in beginsel openbaar. De raad van toezicht kan besluiten tot een besloten vergadering op grond van het bepaalde in artikel 10 lid 4 onder a., b. of c.

7.

De raad van toezicht zal met inachtneming van deze statuten, een reglement raad van toezicht vaststellen waarin aangelegenheden het intern toezicht betreffende, daaronder begrepen de vergaderwijze, overige werkwijze en de wijze waarop de door hen te nemen besluiten tot stand komen, alsmede de eventuele onderlinge verdeling van taken, nader worden geregeld.

Artikel 15 Boekjaar en Jaarstukken 1.

Het boekjaar van de stichting is het kalenderjaar.

2.

Na de goedkeuring door de raad van toezicht wordt de jaarlijkse begroting uiterlijk 1 februari van het betreffende jaar vastgesteld door het college van bestuur. Het college van bestuur zendt de begroting daarna ter kennisneming aan het GOTPOO en de gemeenteraden.

3.

Jaarlijks binnen zes maanden na afloop van het boekjaar van de stichting, behoudens verlenging van deze termijn met ten hoogste vijf maanden door de raad van toezicht op grond van bijzondere omstandigheden, maakt het college van bestuur een jaarverslag (inclusief jaarrekening) op over dat boekjaar. Bij het opmaken van het jaarverslag houdt het college van bestuur rekening met hetgeen bepaald is in het strategisch beleidsplan en de doelstellingen van de stichting en legt het college van bestuur verantwoording af over de specifieke kenmerken van het openbaar onderwijs. Bij het opmaken van de jaarrekening houdt het college van bestuur rekening met

Definitief concept 26 januari 2023

hetgeen bepaald is over bezoldiging en honorering college van bestuur en leden raad van toezicht. 4.

Het jaarverslag moet vooraf worden goedgekeurd door de raad van toezicht.

5.

Het jaarverslag wordt openbaar gemaakt.

6.

De raad van toezicht draagt jaarlijks het college van bestuur op de jaarrekening te laten onderzoeken en valideren door een door de raad van toezicht aangewezen registeraccountant.

7.

Na de voorafgaande goedkeuring door de raad van toezicht wordt het jaarverslag vervolgens vastgesteld door het college van bestuur. Het college van bestuur zendt het jaarverslag met een verklaring van de registeraccountant omtrent rechtmatigheid en doelmatigheid, vóór één juli ter kennisneming aan het GOTPOO en de gemeenteraden.

8.

De jaarstukken worden na vaststelling openbaar gemaakt.

Artikel 16 Wijziging van de statuten 1.

Het college van bestuur is bevoegd de statuten te wijzigen. Het besluit tot statutenwijziging is onderworpen aan de voorafgaande goedkeuring van de raad van toezicht. Het besluit tot statutenwijziging is voorts onderworpen aan de instemming van het GOTPOO.

2.

Indien sprake is van een meerhoofdig college van bestuur zal een besluit tot statutenwijziging worden genomen in een voltallige vergadering van het college van bestuur. Is de vergadering van het college van bestuur waarin een besluit tot statutenwijziging aan de orde is niet voltallig, dan zal een nieuwe vergadering worden bijeengeroepen, te houden niet eerder dan twee en niet later dan vier werkweken na de bedoelde vergadering, waarin het besluit kan worden genomen, ongeacht het aantal aanwezigen.

3.

Het besluit van zowel het college van bestuur als de raad van toezicht wordt genomen met volstrekte meerderheid van stemmen.

4.

Bij de oproeping tot de vergadering, waarin een voorstel tot statutenwijziging zal worden gedaan, dient zulks te worden vermeld. Tevens dient een afschrift van het voorstel, bevattende de woordelijke tekst van de voorgestelde wijziging, bij de oproeping te worden gevoegd. De termijn van de oproeping bedraagt in dit geval ten minste twee weken.

5.

Een statutenwijziging treedt eerst in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. Elk lid van het college van bestuur is bevoegd deze akte te doen verlijden.

6.

Het college van bestuur is verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en een volledige doorlopende tekst van de gewijzigde statuten neer te leggen op het kantoor van het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister.

7.

Het hiervoor in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing op het besluit tot juridische fusie en het besluit tot juridische splitsing van de stichting.

Definitief concept 26 januari 2023

Artikel 17 Ontbinding en vereffening 1.

Het college van bestuur is bevoegd de stichting te ontbinden. Ten aanzien van een besluit tot ontbinding van de stichting is het bepaalde in het direct voorafgaande artikel van deze statuten van overeenkomstige toepassing.

2.

De stichting blijft na haar ontbinding voortbestaan, voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Gedurende de vereffening blijven de bepalingen van deze statuten zoveel mogelijk van kracht. In stukken en aankondigingen die van haar uitgaan, moeten aan de naam van de stichting worden toegevoegd de woorden "in liquidatie".

3.

De vereffening geschiedt door het college van bestuur, dan wel door een door het college van bestuur aan te wijzen (rechts)persoon.

4.

Een eventueel batig saldo wordt uitsluitend uitgekeerd aan een door het college van bestuur, met goedkeuring van de raad van toezicht, aan te wijzen fiscaal erkende algemeen nut beogende instelling met een gelijksoortige doelstelling of aan een buitenlandse instelling die uitsluitend of nagenoeg uitsluitend het algemeen nut beoogt en die een gelijksoortige doelstelling heeft.

5.

Na afloop van de vereffening blijven de boeken, bescheiden en andere gegevensdragers van de ontbonden stichting gedurende zeven jaar berusten onder een door de vereffenaars aan te wijzen natuurlijk persoon of rechtspersoon. Deze persoon is gehouden zijn aanwijzing ter inschrijving op te geven aan het door de Kamer van Koophandel gehouden handelsregister.

Artikel 18 Extern toezicht karakter openbaar onderwijs 1.

In aanvulling op de taken en bevoegdheden van de raad van toezicht en de taken en bevoegdheden van de Inspectie van het Onderwijs zoals volgt uit de Wet op het onderwijstoezicht, geldt gelet op het openbaar karakter van het onderwijs voorts het navolgende:

a.

de gemeenteraad kan zich vanuit haar wettelijke taak en verantwoordelijkheden voor het openbaar onderwijs wenden tot het college van bestuur van de stichting. De gemeenteraad ziet daarbij toe vanuit haar wettelijke verantwoordelijkheid voor het openbaar onderwijs;

b.

de gemeenteraad is bevoegd in geval van ernstige taakverwaarlozing door het college van bestuur of het functioneren van het college van bestuur in strijd met de WPO, maatregelen te nemen die zij nodig acht om de continuïteit van het onderwijsproces te waarborgen en heeft het recht om - indien en voor zover dat noodzakelijk is - zelf te voorzien in het bestuur van de scholen en zo nodig de stichting te ontbinden.

c.

De gemeenteraad stelt, alvorens zij overgaat tot maatregelen als bedoeld in de vorige volzin, de raad van toezicht in de gelegenheid in overleg te treden met de gemeenteraad en de mogelijkheden te verkennen en uit te voeren die noodzakelijk zijn om de gerezen bezwaren tegen het door het college van bestuur gevoerde beleid of het functioneren van het college van bestuur op andere wijze weg te nemen.

Definitief concept 26 januari 2023

Artikel 19 Vrijtekening en vrijwaring 1.

Definitie: Waar in dit artikel wordt gesproken over lid, wordt daaronder begrepen een lid van het college van bestuur of een lid van de raad van toezicht.

2.

Vrijtekening: De stichting zal een lid niet aansprakelijk stellen voor schade die de stichting lijdt als gevolg van enig handelen of nalaten van een lid in diens hoedanigheid van lid van het college van bestuur respectievelijk lid van de raad van toezicht.

3.

Vrijwaring: De stichting zal een lid schadeloosstellen voor het bedrag dat dit lid aan een derde dient te vergoeden voor de schade die derden lijden als gevolg van enig handelen en/of nalaten van een lid in diens hoedanigheid van lid van het college van bestuur of lid van de raad van toezicht van de stichting. De stichting zal tot vergoeding overgaan van het bedrag dat een lid gehouden is op grond van een in kracht van gewijsde gegaan rechterlijk of arbitraal vonnis of van een met die derde(n) overeengekomen vaststellingsovereenkomst, mits de verdediging in de desbetreffende procedure door of namens de stichting is gevoerd respectievelijk de desbetreffende vaststellingsovereenkomst is gesloten met de uitdrukkelijke schriftelijke goedkeuring van de stichting en het lid volledige medewerking aan de stichting heeft gegeven bij het voeren van de verdediging respectievelijk de desbetreffende schikkingsonderhandelingen.

4.

Geen vrijtekening en vrijwaring in bepaalde gevallen: Aan de in lid 2 van dit artikel omschreven vrijtekening en de in lid 3 van dit artikel opgenomen vrijwaring kan een lid geen rechten ontlenen indien de desbetreffende schade het gevolg is van diens opzettelijk handelen of nalaten. Van een zodanig handelen en/of nalaten is in ieder geval sprake wanneer dat handelen en/of nalaten het gevolg heeft of met dat handelen of nalaten werd beoogd het desbetreffende lid en/of anderen verbonden aan de stichting en/of derden, in welk opzicht dan ook onrechtmatig te bevoordelen. Ook kan een lid van het college van bestuur geen rechten ontlenen aan de in lid 2 van dit artikel omschreven vrijtekening als hij een handeling heeft verricht waarvoor hij eerst goedkeuring van de raad van toezicht nodig had, en die goedkeuring niet heeft gevraagd en gekregen.

5.

Aan de in lid 2 omschreven vrijtekening en de in lid 3 omschreven vrijwaring kan een lid geen rechten ontlenen voor zover de schade als bedoeld in dit artikel is verzekerd en wordt vergoed door een verzekeraar.

6.

Definitie schade: Onder schade in de zin van dit artikel wordt mede verstaan de over enig te vergoeden bedrag verschuldigde wettelijke rente, de proceskosten welke een lid gehouden is te voldoen en/of de ten behoeve van de verdediging van het lid gemaakte rechtsbijstand kosten, mits deze kosten in redelijkheid zijn gemaakt en in redelijke verhouding staan tot de omvang van de schade.

7.

Kosten: Kosten door een lid gemaakt voor het voeren van verweer zullen door de stichting worden

Definitief concept 26 januari 2023

voorgeschoten tijdens een actie of procedure, mits het betreffende lid zich schriftelijk en onherroepelijk jegens de stichting heeft verbonden tot terugbetaling daarvan indien uit een in kracht van gewijsde gegaan vonnis volgt dat hij geen aanspraak kan maken op de vrijwaring door de stichting. De stichting kan nadere voorwaarden aan de uitbetaling verbinden, zoals het stellen van zekerheid. 8.

Geldigheidsduur: De vrijtekening en vrijwaring als bedoeld in dit artikel blijven gelden voor een persoon die geen lid meer is en komen ook ten goede aan de erfgenamen of legatarissen van het lid.

9.

Wijziging artikel: Dit artikel kan zonder toestemming van de personen die aanspraak maken op vrijtekening en vrijwaring gewijzigd worden. Deze personen kunnen echter aanspraak blijven maken op de bescherming als geboden door dit artikel voor schade als gevolg van handelen of nalaten tijdens de periode dat dit artikel van kracht is.

Artikel 20 Overgangsbepalingen 1.

Conform het bepaalde in artikel 11 lid 2 worden leden van de raad van toezicht benoemd door de gemeenteraden. Deze leden zijn: 1. Marie-Louise Harriette Gerda Feijen, geboren te Tegelen op 11-12-1981 2. Renier Peter Albertus Hendrix, geboren te Roermond op 19-03-1957; 3. Ralf Jordan, geboren te Roermond op 28-07-1975; 4. Ralf Karel Hubert Krewinkel, geboren te Kerkrade op 12-11-1974; 5. Renate Schuttelaar, geboren te Sittard op 11-04-1975. Het eerste lid wordt benoemd op bindende voordracht van de ouders van de leerlingen die zijn ingeschreven op de betrokken scholen conform WPO artikel 48 lid 12b. Het tweede lid wordt benoemd op bindende voordracht van de GMR conform WPO artikel 17a lid 2. De leden drie, vier en vijf zijn (bij gebrek aan een raad van toezicht) benoemd op voordracht van het huidige bestuur. De benoemingen gaan in per één augustus tweeduizend tweeëntwintig.

2.

De raad van toezicht maakt het aftreden van de leden zichtbaar in het rooster van aftreden.

3.

Als eerste voorzitter college van bestuur zal benoemd worden de bij het passeren van deze akte benoemde directeur-bestuurder van Stichting ‘Akkoord!” Primair Onderwijs, te weten de Roel Versleijen, geboren te Venlo op 06-04-1964.

Artikel 21 Slotbepalingen 1.

In alle gevallen waarin de bepalingen van deze statuten in strijd blijken te zijn met de wet, prevaleert de wet.

2.

In alle gevallen de stichting betreffende waarin deze statuten niet voorzien, beslist het college van bestuur na goedkeuring van de raad van toezicht.

Definitief concept 26 januari 2023

Einde van de akte Als notaris verklaar ik nog het volgende. Wij ondertekenen deze akte in de gemeente Horst aan de Maas. Dit doen wij op de datum die in het begin van deze akte staat. Ik heb de identiteit van de aanwezige persoon vastgesteld. De aanwezige persoon heeft op tijd voor het ondertekenen een ontwerp van de akte ontvangen. Ik heb de inhoud van deze akte aan haar verteld. Ook gaf ik een toelichting. Zij kent de gevolgen die voor haar uit deze akte voortvloeien. De aanwezige persoon vindt het goed dat ik de akte niet volledig voorlees. Daarom heb ik de akte gedeeltelijk voorgelezen. Meteen na de gedeeltelijke voorlezing hebben de aanwezige persoon en ik de akte ondertekend.

Definitief concept 26 januari 2023

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12745257/1