CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

04e Planregels

Gemeenteraad 7 juli 2026, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Bijlagen10.358 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Artikel 13

Algemene gebruiksactiviteiten

13.1 Strijdig gebruik Onder strijdig gebruik met de functies wordt in ieder geval verstaan het (laten) gebruiken van gronden en/of bouwwerken voor en/of als: a. het (bedrijfsmatig) vervaardigen, opslaan, verwerken of herstellen van goederen en het opslaan en be- of verwerken van producten en mest; b. het plaatsen van kampeermiddelen; c. verblijfsrecreatie bij dagrecreatieve functies; d. het gebruik van gronden als volkstuin; e. het beoefenen van lawaaisporten; f. opslag voor de voorgevelrooilijn; g. detailhandel; h. verkooppunt voor motorbrandstoffen, al dan niet inclusief lpg, i. het gebruik van de gronden en opstallen voor een seksinrichting; j. intensief militair gebruik; k. opslag en/of stalling van aan het gebruik onttrokken voer- en vaartuigen en kampeermiddelen, anders dan in het kader van een normaal gebruik overeenkomstig het bestaand gebruik; l. permanente bewoning van bijbehorende bouwwerken; m. permanente bewoning van recreatiewoningen/verblijfsrecreatieve voorzieningen; n. een coffeeshop, growshop, smartshop of een daarmee vergelijkbaar bedrijf; o. geurgevoelig alsmede voor gewasbeschermingsmiddelen gevoelig object object, indien de afstand minder dan 50 m bedraagt tot: 1. omliggende agrarische bouwpercelen; 2. op het moment van wijziging van het gebruik aanwezige boomteelt en fruitteelt boomgaarden; 3.

gronden waarop in een periode van ten hoogste 24 maanden voorafgaand aan de gebruikswijziging boomteelt of fruitteelt aanwezig was (gelet op de herplantmogelijkheden);

21

4.

gronden welke op het moment van inwerkingtreding van het omgevingsplan in eigendom of pacht zijn van fruiten/of boomteeltbedrijven.

Artikel 14

Algemene aanduidingsregels

14.1 Cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke waarden Ter plaatse van de aanduidingen in de navolgende tabel zijn de gronden tevens bestemd voor het behoud, de bescherming, de ontwikkeling en/of het herstel van de desbetreffende cultuurhistorische, landschappelijke en natuurlijke waarden welke zijn opgenomen in de navolgende tabel: Overige zone - beekdal - Beekdalen zijn belangrijke structuurdragers van het landschap met (al dan niet rechtlijnige) beeklopen. - Doorgaans natte structuur, waardoor de beekdalen functioneren als ecologische verbindingszones. - Hoge natuurwaarde voor: Reulsberg en 't Ham; omgeving Kasteelpark Ter Horst (flora, amfibieën en vogels), en zone Groote Molenbeek. - Specifieke functie voor (strategische) waterberging. 14.2 Milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied Venloschol 14.2.1 Omschrijving Ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied Venloschol' zijn de gronden mede bestemd voor de bescherming van de kwaliteit van het grondwater ten behoeve van de winning van (drink)water. 14.2.2 Bouwregels Binnen het grondwaterbeschermingsgebied mag worden gebouwd voor zover dat op grond van de onderliggende functie is toegestaan met inachtneming van de voorwaarden, zoals die door de Omgevingsverordening Limburg worden gesteld.

14.3 milieuzone – spuitvrije zone 14.3.1 Omschrijving De gronden ter plaatse van de aanduiding ‘milieuzone – spuitvrije zone’ zijn mede aangewezen als spuitvrije zone vanwege de bescherming van de gezondheid als gevolg van het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen. 14.3.2 Gebruiksregel Op de gronden is het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen niet toegestaan

Artikel 15 Omgevingsvergunning voor werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden 15.1 Omgevingsvergunningplicht Het is verboden zonder of in afwijking van een omgevingsplanactiviteit ter plaatse van de hierna genoemde functies of aanduidingen de daarbij aangegeven werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden uit te voeren te doen of te laten uitvoeren: Werken, geen bouwwerken zijnde, of werkzaamheden** a b c d e f g h a c d e f g a b c d e f g h a b c d e f h

Ter plaatste van de functie / aanduiding Natuur Waarde – Groenblauwe mantel overige zone - beekdal * zie artikel 15.2, onder a. ** de onderstaande letters geven aan dat een omgevingsplanactiviteit is vereist (activiteit onder voorwaarden mogelijk)

22

De letters worden hierna verklaard: Werken, geen bouwwerk zijnde, of werkzaamheden: a. het aanleggen en verharden van wegen en paden en het aanleggen of aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen; b. het aanplanten van bomen, hakhout en andere houtopstanden hoger dan 1,50 m; c. het vellen en rooien van bomen, hakhout en andere diepwortelende beplantingen en het verrichten van handelingen, die de dood of ernstige beschadiging daarvan ten gevolge hebben of kunnen hebben; d. het aanbrengen, verwijderen of verleggen van ondergrondse transport-, energie- en telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur; e. het verlagen of het verhogen van het waterpeil, tenzij dit een maatregel is van het bevoegde waterschap; f. het aanleggen, (ver)graven, verruimen, dempen of herprofileren van watergangen, sloten en andere waterpartijen g. het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe in ieder geval worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage; h. het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of andere wijze indrijven van voorwerpen in de bodem. 15.2 Uitzonderingen vergunningplicht Een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in lid 15.1 is niet vereist voor werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden: a.

die worden uitgevoerd in het kader van het normale onderhoud en beheer van de gronden en de daaraan toegekende functie(s); b. op de gronden gelegen binnen (agrarische) bouwvlakken danwel binnen voor ‘wonen’ aangewezen gronden; c. die op het moment van inwerkingtreding van het plan in uitvoering waren of konden worden uitgevoerd krachtens een vóór dat tijdstip geldende of aangevraagde vergunning. 15.3 Beoordelingsregels Burgemeester en wethouders verlenen de omgevingsvergunning als bedoeld in lid 15.1 alleen indien: a. door de in lid 15.1 genoemde werken, geen bouwwerken zijnde, of van werkzaamheden, dan wel door de gevolgen daarvan, hetzij direct, hetzij indirect de waarden, belangen en/of functies die het plan beoogt te beschermen, niet blijvend onevenredige of niet onevenredig kunnen worden aangetast, dan wel de mogelijkheden voor het herstel van die waarden of functies niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind, tenzij hieraan door het stellen van voorwaarden voldoende tegemoet kan worden gekomen. b. De ontwikkeling passend is binnen het inrichtingsplan, zoals opgenomen in bijlage 1. c. Streekeigen beplanting van lokale herkomst wordt aangeplant. d.

Voordat het bevoegd gezag een omgevingsvergunning als bedoeld in lid 15.1 verleent, wordt bij de volgende bestemmingen en aanduidingen schriftelijk advies ingewonnen bij het waterschap en wordt de Keur van het waterschap in acht genomen: 1. overige zone – beekdal.

23

Hoofstuk 4 Artikel 16 a.

b.

b.

c. d.

Overgangsrecht bouwwerken

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsplanactiviteit voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot, 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsplanactiviteit voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Het eerste lid is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.

Artikel 17 a.

Overgangsregels

Overgangsrecht gebruik

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan en hiermee in strijd is, met dien verstande dat: 1. Het bepaalde onder a is niet van toepassing op het toepassen van gewasbeschermingsmiddelen op gronden ter plaatse van de aanduiding 'milieuzone – spuitvrije zone' en het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan. Het is verboden het met het omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld in het eerste lid, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in het eerste lid, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Het eerste lid is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende omgevingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

24

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/17078314/1