04c.6 Bijlage 6 BP Toelichting Verkennend bodemonderzoek
Tekst van het document
Verkennend bodemonderzoek Deken Creemerstraat 56 e.o. te Horst (Mikado)
Verkennend bodemonderzoek Deken Creemerstraat 56 e.o. te Horst (Mikado) Aeres Milieu Projectnummer Status rapport Datum
: AM21449 : Definitief (versie 1) : 30 november 2021
Opdrachtgever
: BRO Industriestraat 94 5931 PK Tegelen
Opgesteld door Paraaf
: ing. T.K.P.G. Thijssen :
Gecontroleerd door Paraaf
: ing. J.M.G. Reuver :
Aeres Milieu B.V. Noordhoven 4 6042 NW ROERMOND (t) 0475 – 320 000 e-mail: info@aeres-milieu.nl www.aeres-milieu.nl
2001 + 2002
Disclaimer Het onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden (opzet conform NEN 5740 en interpretatie aan de hand van de Leidraad Bodembescherming). Opgemerkt wordt dat bij een verkennend bodemonderzoek sprake is van een steekproefsgewijze bemonstering en het nemen van een beperkt aantal monsters. De mogelijkheid blijft daarom bestaan dat puntverontreinigingen, welke niet voortkomen uit het historisch onderzoek, niet door het onderzoek worden aangetoond. Daarnaast blijft het mogelijk dat lokale afwijkingen in de samenstelling van het bodemmateriaal voorkomen. Tot slot wordt erop gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Het bovenstaande betekent dat Aeres Milieu op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert voor maatregelen of mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Aeres Milieu uitgevoerde bodemonderzoek neemt. Tevens wordt opgemerkt dat Aeres Milieu voor het verkrijgen van de voor het historisch onderzoek noodzakelijke informatie (mede) afhankelijk is van externe bronnen. Voor Aeres Milieu is niet te verifiëren of deze bronnen altijd volledig en zonder fouten zijn. Hierdoor kan Aeres Milieu niet instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.
Pagina | 2 AM21449
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING..............................................................................................................................................................................................................4
2.
VOORONDERZOEK .............................................................................................................................................................................................6 2.1
Inleiding ............................................................................................................................................................................................................6
2.2
Aanvullende informatie t.a.v. asbest ......................................................................................................................................................6
2.3
Onderzoekshypothese .................................................................................................................................................................................6
3.
ONDERZOEKSSTRATEGIE ................................................................................................................................................................................7 3.1
Inleiding ............................................................................................................................................................................................................7
3.2
Onderzoeksstrategie ....................................................................................................................................................................................7
4.
VELDWERKZAAMHEDEN ..................................................................................................................................................................................8 4.1
Algemeen .........................................................................................................................................................................................................8
4.2
Grondbemonstering ......................................................................................................................................................................................8
4.3
Grondwatermonstername ...........................................................................................................................................................................9
5.
LABORATORIUMONDERZOEK..................................................................................................................................................................... 10 5.1
Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 10
5.2
Grond(meng)monsters .............................................................................................................................................................................. 10
5.3
Grondwatermonsters ................................................................................................................................................................................. 12
5.4
Toetsing van de gestelde hypothese .................................................................................................................................................. 13
6.
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ........................................................................................................................................................... 14
Bijlagen: 1 2 3 4 5 6 7 8
Topografische en kadastrale overzichtskaart Foto’s onderzoekslocatie Situatietekening onderzoekslocatie met boorpunten Boorprofielen Verklaring veldmedewerker Toetsingstabellen en analyserapport grond(meng)monster(s) Toetsingstabellen en analyserapport grondwatermonster(s) Rapportage vooronderzoek juni 2020
Pagina | 3 AM21449
1. INLEIDING In opdracht van BRO heeft Aeres Milieu een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd voor de planlocatie Mikadoterrein gelegen aan de Deken Creemerstraat 56 e.o. te Horst (gemeente Horst aan de Maas). De onderzoekslocatie ligt aan de Deken Creemerstraat 56 e.o. te Horst (Mikado). Kadastraal is de locatie bekend als Horst, sectie B, nummers 7715, 7716, 7717, 8264 en 8299 (ged.). De coördinaten volgens het R.D. stelsel zijn X = 201.576 / Y = 385.575. De onderzoekslocatie heeft een oppervlakte van circa 2,3 hectare. Zie bijlage 1 voor een topografische en kadastrale kaart. Op onderstaande luchtfoto is de begrenzing van de onderzoekslocatie weergegeven (rode contour).
Afbeelding 1: begrenzing onderzoekslocatie (bron luchtfoto: pdokviewer )
Aan de adreslocatie Deken Cremersstraat 56 ligt het hoofdgebouw van het woonzorgcentrum. Ten oosten hiervan zijn geschakeld woonunits gelegen. De paden bestaan uit een asfalt- of klinkerverharding. Naast de paden is veelal gras aanwezig. Aan de achterzijden van de units is veelal een klein tuintje aanwezig, ingericht met bomen en struiken. In de zuidwesthoek van de onderzoekslocatie is een kleine kinderboerderij en speeltuin aanwezig. Achter de woonunits gelegen aan de van Bronckhorststraat zijn een vijftal schuurtjes annex fietsstallingen gelegen, voorzien van een asbestverdacht golfplaten dak zonder dakgoten. De grote binnenplaats van het complex is voorzien van asfaltpaadjes, gras, bomen, klim- en speeltoestellen en een tweetal schuurtjes met een asbestverdacht golfplaten dak.
Pagina | 4 AM21449
Aanleiding Dit bodemonderzoek is uitgevoerd in verband met de beoogde nieuwbouwplannen en herinrichting van het gebied.
Doel Het doel van het verkennend onderzoek is, middels een steekproef, het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit ter plaatse. Het onderzoek is niet bedoeld om een exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven.
Onderzoek Dit bodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de NEN 5740. Het verkennend bodemonderzoek bestaat uit een vooronderzoek naar de historie en bodemgesteldheid van de onderzoekslocatie en aanvullend hierop een bodemonderzoek op het perceel. Het vooronderzoek NEN5725 is uitgevoerd in 2020. Aeres Milieu B.V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. In hoofdstuk 2 is het vooronderzoek en de daaruit volgende onderzoekshypothese beschreven. Naar aanleiding van de opgestelde hypothese wordt in hoofdstuk 3 de onderzoeksstrategie opgesteld. In hoofdstuk 4 worden de veldwerkzaamheden (grond-
en
grondwateronderzoek)
beschreven.
Hoofdstuk
5
beschrijft
de
laboratoriumwerkzaamheden
en
de
onderzoeksresultaten. Het rapport wordt afgesloten met hoofdstuk 6, waarin de conclusies en enkele aanbevelingen staan beschreven. Bemonstering en laboratoriumonderzoek vonden plaats in oktober-november 2021. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de protocollen van de BRL SIKB 2000. De chemische analyses zijn uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam. SGS Environmental Analytics B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025. Alle analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatie Schema 3000 (AS3000).
Pagina | 5 AM21449
2. VOORONDERZOEK 2.1
Inleiding
Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de bepaling van de onderzoeksstrategie op onderhavige locatie in 2020 een vooronderzoek uitgevoerd. De resultaten van het vooronderzoek zijn opgenomen in de rapportage ‘Vooronderzoek NEN5725 Mikadoterrein Horst’ opgesteld door Aeres Milieu (AM19365 d.d. 12 juni 2020). De rapportage is opgenomen in bijlage 8. Gebaseerd op de verzamelde gegevens uit het vooronderzoek is de onderzoekslocatie als “onverdacht” beschouwd op het voorkomen van bodemverontreiniging. Er bestaat geen aanleiding te vermoeden dat ter plaatse van de planlocaties sprake is van een bodemverontreiniging. Bij de uitgevoerde veldinspectie op 29 mei 2020 is gebleken dat de daken van de fietsenstallingen zijn voorzien van asbestverdachte golfplaten. Op basis van de verzamelde informatie, en de uitgevoerde veldinspectie is de onderzoekslocatie als verdacht beschouwd op het voorkomen van asbest in de bodem.
2.2
Aanvullende informatie t.a.v. asbest
Voor de beoogde sloopwerkzaamheden binnen het plangebied is op 1 september 2021 een asbestinventarisatie uitgevoerd (GBB Asbestinventarisatie en- advies BV, projectnummer 21-1673 d.d. 13-09-2021). Het voornemen is om de gebouwen aan de Deken Creemerstraat 56, Van Bornestraat 1, 2, 3 en 4, Van Bronckhorststraat 27, 29, 31 en 33 en Van Bitterswijckstraat 15, 17, 19 en 21 te slopen. De gebouwen dateren allemaal van na 1994 en zouden technisch gezien geen asbesthoudende toepassingen kunnen en mogen bevatten. Tijdens het inventarisatieonderzoek zijn tevens de golfplaten op de fietsenstallingen en bergingen binnen het plangebied geïnspecteerd. In de geïnspecteerde gebouwen zijn geen asbestverdachte toepassingen waargenomen. De golfplaten zijn niet asbesthoudend.
2.3
Onderzoekshypothese
Gebaseerd op de informatie uit de uitgevoerde asbestinventarisatie wordt de eerder opgestelde hypothese dat de locatie verdacht is op het voorkomen van asbest bijgesteld. De aanwezigheid van asbestverdacht materiaal in de bodem wordt niet verwacht (onverdacht).
Pagina | 6 AM21449
3. ONDERZOEKSSTRATEGIE 3.1
Inleiding
Op basis van de verzamelde informatie uit het vooronderzoek (NEN 5725) en de gestelde onderzoekshypothese(n) voor de onderzoekslocatie, is een onderzoeksstrategie opgesteld conform de richtlijnen van de onderzoeksnorm NEN 5740 (BodemLandbodem; Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond van het Nederlands Normalisatie-Instituut.
3.2
Onderzoeksstrategie
Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de strategie ‘ONV’ uit de NEN 5740. In principe worden boringen willekeurig verspreid over de gehele onderzoekslocatie. Voor het vaststellen van de milieuhygiënische conditie van de bodem (grond en grondwater) van de onderzoekslocatie zal volgens onderstaande strategie veldwerk en monstername voor laboratoriumanalyse plaatsvinden. ONDERZOEKSNORM NEN 5740 'ONV' Aantal boringen
Aantal te onderzoeken (meng)monsters
oppervlakte
tot 0,5 m
èn tot 2 m
èn met peilbuis
bovengrond
ondergrond
grondwater
2,3 hectare
23
7
3
4
3
3
NEN-grond incl. lutos
NEN-grond incl. lutos
NEN-grondwater
Analysepakket
Tabel 3.1: Veldwerk, monstername en analysestrategie volgens NEN 5740 ‘ONV’ Uit elke boring worden monsters genomen in trajecten van ten hoogste 0,5 m.
Legenda bij tabel 3.1 m: meter beneden maaiveld lutos: lutum en organische stofgehalte De bovengrond en de ondergrond worden onderzocht op de stoffen uit het NEN 5740 ‘standaardpakket’: • drogestof-bepaling • 9 zware metalen • 10 polycyclische aromatische koolwaterstoffen • 7 polychloorbifenylen (PCB) • minerale olie Tevens bepaalt het laboratorium het gehalte aan organische stof en lutumgehalte voor het vaststellen van een toetsingskader voor de lokale bodemkwaliteit. Het grondwater wordt onderzocht op de stoffen uit het NEN 5740 ‘standaardpakket’: • 9 zware metalen • 8 vluchtige aromatische koolwaterstoffen (incl. naftaleen) • 21 vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen • minerale olie
Pagina | 7 AM21449
4. VELDWERKZAAMHEDEN 4.1
Algemeen
Conform de onderzoeksstrategie, zoals beschreven in hoofdstuk 3, is op de onderzoekslocatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De werkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 conform protocollen 2001 en 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. Voor het traceren van de kabels en leidingen is voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden een KLIC melding verricht.
4.2
Grondbemonstering
Op 1 november 2021 zijn de boringen geplaatst volgens de in paragraaf 3.2 weergegeven onderzoeksstrategie. De werkzaamheden zijn uitgevoerd door de heer H. van den Tillaar, erkend monsternemer in het kader van de BRL SIKB 2000 voor de protocollen 2001, 2002 en 2018. Assistentie is verleend door de heer M. van Eijk. De boringen zijn verricht met behulp van de Edelmanboor (ø 7 of 10 cm). Zie voor de boorpuntlocaties bijlage 3. Gebaseerd op de diepte en stroming van het freatisch grondwater zijn drie boringen afgewerkt met een peilbuis. Deze zijn verdeeld op de onderzoekslocatie geplaatst, ter plaatse van boorpunt 3, 20 en 33. De bovenkant van elk peilbuisfilter is onder de aangetroffen grondwaterstand geplaatst. Tijdens de installatie van de peilbuizen is geen werkwater gebruikt. Het opgeboorde bodemmateriaal is volgens de classificatienorm voor onverharde bodems (NEN 5104) beoordeeld. Daarnaast is vastgesteld in hoeverre het opgeboorde materiaal mogelijke aanwijzingen biedt voor de aanwezigheid van visueel zichtbare verontreiniging. Bij boring 4 in de Van Bornestraat zijn in de toplaag onder de klinkers resten baksteen (uiterst baksteen houdend) en sporen beton aangetroffen. In de toplaag van boring 28 in het voetpad bij de Van Blitterswijckstraat zijn in de toplaag bijmengingen met baksteen (sterk baksteen houdend) en sporen asfalt aangetroffen.
In de Van Bornestraat is onder het klinkerzand in de boringen 7 en 15 respectievelijk een baksteen en betonlaag aangetroffen. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen en de bodemopbouw heeft laagsgewijze bemonstering plaatsgevonden. De uitkomende grond en alle zintuiglijk waargenomen bijzonderheden zijn per boring beschreven in de profielbeschrijvingen (zie bijlage 4). In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN 5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een inspectie van het terrein plaatsgevonden. Op het maaiveld en in de vrijkomende grond zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen.
Pagina | 8 AM21449
De aangetroffen verhardingsresten van baksteen, beton en asfalt onder de bestrating van de boringen in de Van Bornestraat en het voetpad bij de Van Blitterswijckstraat worden niet als asbestverdacht beschouwd. Het voorliggende onderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem binnen de onderzoekslocatie.
4.3
Grondwatermonstername
De peilbuizen zijn een week na plaatsing op 9 november 2021 bemonsterd conform protocol 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. De bemonstering is uitgevoerd door erkend veldwerker van Aeres Milieu, de heer L. Koomen. Voorafgaand aan de bemonstering is de grondwaterstand opgenomen en zijn de zuurgraad (pH) en het elektrischegeleidingsvermogen (Ec) van het grondwater bepaald. Deze waarden waren constant bij monstername. De geleidbaarheid is gecorrigeerd voor de grondwatertemperatuur. De geleiding is een maat voor de concentratie aan opgeloste stoffen in het water, terwijl de pH de zuurgraad van het water aangeeft (pH<7: zuur, pH = 7: neutraal, pH>7: basisch). De grondwatermonsters zijn in het veld, voor zover noodzakelijk gefiltreerd en geconserveerd. De in het veld gemeten parameters zijn in tabel 4.2 samengevat. Peilbuis 03
Filterdiepte (m-mv.) 2,7 - 3,7
Grondwaterstand (m-mv. 2,5
pH (-)
Ec (µS/cm)
5,9
665
Troebelheid (NTU) 170
20
3,1 - 4,1
2,8
6,3
456
60,4
33
3,1 - 4,1
2,8
6,3
478
83,3
Tabel 4.2: Resultaten veldmetingen tijdens grondwatermonstername
De meetresultaten van de pH en EC wijken niet af van natuurlijk of regionaal voorkomende waarden. In het grondwater in de peilbuizen is wel sprake van een verhoogde troebelheid (>10 NTU). Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de gehalten aan organische parameters in het grondwater. Bij het voorliggende onderzoek is de index van geen enkele organische parameter verhoogd (zie 5.3 grondwateranalyse). De eventuele overschatting van de gehalten als gevolg van een verhoogde troebelheid heeft geen gevolgen voor de interpretatie van de onderzoeksgegevens en de conclusies van dit rapport. Aanvullend onderzoek naar de verhoogde troebelheid is daarom niet uitgevoerd.
Pagina | 9 AM21449
5. LABORATORIUMONDERZOEK 5.1
Algemeen
De analyses zijn uitgevoerd door het onderzoekslaboratorium van SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam. SGS Environmental Analytics B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025, waar verdere conservering en (voor)behandeling van de monsters plaats heeft gevonden.
5.2
Grond(meng)monsters
In het laboratorium zijn voor het chemisch onderzoek van de grondmonsters uit de boven- en ondergrond al dan niet mengmonsters samengesteld volgens onderstaande tabel. De keuze voor het samenstellen van deelmonsters tot een mengmonster of het analyseren van individuele monsters is gebaseerd op de zintuiglijke waarnemingen in het veld en op de onderzoeksstrategie. Vanwege de visueel waargenomen bijmengingen zijn twee extra monsters geselecteerd (M5 en M6) voor analyses.
Analysemonster MM1
Traject (m -mv) 0 - 0,5
Deelmonsters
Analysepakket
01 (0 - 0,5)
Standaardpakket incl. lu/os
05 (0 - 0,5) 06 (0 - 0,5) MM2
0 - 0,5
03 (0,15 - 0,5)
Standaardpakket incl. lu/os
08 (0 - 0,45) 09 (0 - 0,25) 11 (0,1 - 0,5) 13 (0 - 0,5) 14 (0,2 - 0,5) 21 (0 - 0,5) MM3
0 - 0,5
16 (0,15 - 0,5)
Standaardpakket incl. lu/os
18 (0,25 - 0,5) 19 (0 - 0,45) 20 (0,15 - 0,5) 26 (0 - 0,45) 27 (0,15 - 0,5) MM4
0 - 0,6
23 (0 - 0,25)
Standaardpakket incl. lu/os
24 (0 - 0,5) 25 (0,15 - 0,6) 29 (0 - 0,5) 30 (0 - 0,5) 31 (0 - 0,5) 32 (0 - 0,5) 33 (0 - 0,5) M5
0,08 - 0,4
04 (0,08 - 0,4)
Standaardpakket incl. lu/os
M6
0 - 0,3
28 (0,0 - 0,3)
Standaardpakket incl. lu/os
Pagina | 10 AM21449
Analysemonster MM7
Traject (m -mv) 0,5 - 1,5
Deelmonsters
Analysepakket
03 (1,0 - 1,5)
Standaardpakket incl. lu/os
06 (0,7 - 1,1) 08 (0,5 - 1,0) 11 (0,5 - 1,0) 20 (0,5 - 1,0) 25 (0,6 - 1,0) 31 (0,6 - 1,1) MM8
0,3 - 0,9
04 (0,4 - 0,9)
Standaardpakket incl. lu/os
07 (0,4 - 0,9) 15 (0,3 - 0,8) MM9
1,0 - 2,0
06 (1,5 - 2,0)
Standaardpakket incl. lu/os
08 (1,5 - 2,0) 11 (1,5 - 2,0) 20 (1,0 - 1,5) 25 (1,5 - 2,0) 27 (1,1 - 1,5) 33 (1,0 - 1,5) Tabel 5.1: samenstelling analysemonsters en analysepakket
De analyseresultaten van de grond(meng)monsters worden in de volgende tabel samengevat, waarbij door middel van onderstaande sterrencodering de mate van verontreiniging is aangegeven. *
Het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan de het gemiddelde van de achtergronden interventiewaarde;
**
het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde;
***
het gehalte is groter dan de interventiewaarde.
In de Regeling bodemkwaliteit (RBK) is vastgelegd dat de toetsing altijd moet plaatsvinden door het gevonden gehalte in een monster eerst te corrigeren met het lutum en organisch stof gehalte (=berekende concentratie) en vervolgens te vergelijken met de grenswaarden van de Regeling Bodemkwaliteit. In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende achtergrondwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 6 voor de toetsingstabellen en het analyserapport. (Meng)monster
Zintuiglijke waarnemingen
Verhoogde component
MM1
Traject (m -mv) 0 - 0,5
geen bijmengingen/bijzonderheden
--
Berekende concentratie [mg/kg d.s.] en toetsing -
MM2
0 - 0,5
geen bijmengingen/bijzonderheden
Kwik
0,185
*
Zink
168
*
MM3
0 - 0,5
geen bijmengingen/bijzonderheden
--
-
-
MM4
0 - 0,6
geen bijmengingen/bijzonderheden
--
-
-
M5
0,08 - 0,4
uiterst baksteenhoudend, sporen beton
Kobalt
29,9
*
Molybdeen
2,1
*
Nikkel
125
***
Pagina | 11 AM21449
(Meng)monster
M6
Traject (m -mv)
0 - 0,3
Zintuiglijke waarnemingen
Verhoogde component
sterk baksteenhoudend, sporen asfalt
PAK
Berekende concentratie [mg/kg d.s.] en toetsing 2,78 *
Som PCB
0,0695
*
Minerale olie
200
*
Lood
50,3
*
PAK
2,33
*
Som PCB
0,0352
*
Minerale olie
417
*
MM7
0,5 - 1,5
geen bijmengingen/bijzonderheden
--
-
-
MM8
0,3 - 0,9
geen bijmengingen/bijzonderheden
--
-
-
MM9
1,0 - 2,0
geen bijmengingen/bijzonderheden
--
-
-
Tabel 5.2: Toetsingsresultaten van de grond(meng)monsters
Uit de analyseresultaten blijkt dat grondmengmonster MM2 (dieptetraject 0-0,5 m-mv.) licht verhoogd is met kwik en zink. Het separaat geanalyseerde grondmonster M5 (boring 4, dieptetraject 0,08-0,4 m-mv.) met bijmengingen aan baksteen en beton is sterk verhoogd met nikkel en licht verhoogd met kobalt, molybdeen, PAK, som PCB en minerale olie. Grondmonster M6 (boring 28, traject 0-0,3 m-mv) met bijmengingen aan baksteen en asfalt is licht verhoogd met lood, PAK, som PCB en minerale olie. In de overige geanalyseerde mengmonsters van de bovengrond (MM1, MM3 en MM4) en de ondergrond (MM7 t/m MM9) zijn geen gehalten gemeten verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden.
5.3
Grondwatermonsters
De analyseresultaten van de grondwatermonsters worden in de volgende tabel samengevat, waarbij door middel van onderstaande sterrencodering de mate van verontreiniging is aangegeven.
*
Het gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of de detectiegrens, indien deze hoger is) en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde;
**
het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde;
***
het gehalte is groter dan de interventiewaarde.
In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende streefwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 7 voor de toetsingstabellen en het analyserapport. Peilbuis 03
20
Filtertraject [m-mv] 2,7 - 3,7
3,1 - 4,1
Grondwaterstand [m-mv.]
Verhoogde component
2,5
Barium
Gemeten concentratie [µg/l] en toetsing 130 *
Cadmium
7,2
***
Nikkel
25
*
Zink
670
**
Barium
72
*
2,8
Pagina | 12 AM21449
Peilbuis 33
Filtertraject [m-mv] 3,1 - 4,1
Grondwaterstand [m-mv.]
Verhoogde component
2,8
Barium
Gemeten concentratie [µg/l] en toetsing 150 *
Cadmium
9,0
***
Nikkel
30
*
Zink
820
***
Tabel 5.3: Toetsingsresultaten van de grondwatermonsters
Uit de analyseresultaten blijkt dat het grondwater afkomstig uit peilbuis 3 (benedenstrooms/uitstromend) sterk verhoogd is met cadmium, matig verhoogd is met zink en licht verhoogd is met barium en nikkel. In het grondwater uit peilbuis 20 (centraal gesitueerd) is een licht verhoogd gehalte aan barium aangetoond. Het grondwater uit peilbuis 33 (bovenstrooms/instromend) is sterk verhoogd met cadmium en zink en licht verhoogd met barium en nikkel. De licht tot sterk verhoogde gehalten aan zware metalen worden waarschijnlijk van buiten de onderzoekslocatie aangevoerd, aangezien in de ondergrondmonsters geen verhoogde concentraties gemeten zijn. Op de locatie zijn ook geen verontreinigingsbronnen aan te wijzen die in relatie zouden kunnen staan met de verhoogd aangetroffen gehalten. De verhogingen met zware metalen worden regelmatig in het grondwater van Noord- en Midden Limburg aangetroffen en passen in het beeld van de verhoogde achtergrondconcentraties. Aangezien op de onderzoekslocatie geen aanwijsbare bronnen zijn gevonden, worden de verontreinigingen toegeschreven aan de verhoogde achtergrondconcentraties conform de circulaire van de provincie Limburg d.d. 12 september 1995 (nr. 95/36199V).
5.4
Toetsing van de gestelde hypothese
Geconcludeerd kan worden dat de berekende concentraties in de grond in tegenspraak zijn met de vooraf geformuleerde hypothese dat de locatie als onverdacht beschouwd kan worden. Behoudens het aangetoonde sterk verhoogde gehalte aan nikkel ter plaatse van boring 4 in de Van Bornestraat liggen de gemeten berekende concentraties ruim beneden de tussenwaarde (= het gemiddelde van de achtergrondwaarden (AW2000) en de interventiewaarden voor grond). Indien er ter plaatse van de Van Bornestraat (graaf)werkzaamheden zijn voorzien dient ter plaatse van boring 4 een nader bodemonderzoek uitgevoerd te worden naar de omvang van het sterk verhoogde gehalte aan nikkel.
Ook de gemeten concentraties aan zware metalen in het grondwater zijn in tegenspraak met de vooraf opgestelde hypothese dat de locatie onverdacht is. De licht tot sterk verhoogde gehalten aan zware metalen worden toegeschreven aan de regionaal verhoogde achtergrondwaarden. Het uitvoeren van een nader bodemonderzoek wordt niet noodzakelijk geacht.
Pagina | 13 AM21449
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Tijdens de veldinspectie op de locatie zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van bodemverontreiniging of bronnen van verontreiniging. In het opgeboorde bodemmateriaal van de bovengrond bij de boringen 4 en 28 zijn zintuiglijk bijmengingen aan baksteen en beton of asfalt waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat grondmengmonster MM2 (dieptetraject 0-0,5 m-mv.) licht verhoogd is met kwik en zink. Het separaat geanalyseerde grondmonster M5 (boring 4, dieptetraject 0,08-0,4 m-mv.) met bijmengingen aan baksteen en beton is sterk verhoogd met nikkel en licht verhoogd met kobalt, molybdeen, PAK, som PCB en minerale olie. Grondmonster M6 (boring 28, traject 0-0,3 m-mv) met bijmengingen aan baksteen en asfalt is licht verhoogd met lood, PAK, som PCB en minerale olie. In de overige geanalyseerde mengmonsters van de bovengrond (MM1, MM3 en MM4) en de ondergrond (MM7 t/m MM9) zijn geen gehalten gemeten verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden. Het freatisch grondwater is licht tot sterk verhoogd met zware metalen. De milieuhygiënische conditie van de bodem vormt, met uitzondering van de Van Bornestraat, geen belemmering voor de voorgenomen planontwikkeling.
Indien er ter plaatse van de Van Bornestraat (graaf)werkzaamheden zijn voorzien dient ter plaatse van boring 4 een nader bodemonderzoek uitgevoerd te worden naar de omvang van het sterk verhoogde gehalte aan nikkel. Indien er werkzaamheden plaatsvinden, waarbij grond vrijkomt, kan de grond mogelijk niet zonder meer worden afgevoerd of elders worden toegepast. Ten aanzien van hergebruik van deze grond elders is het Besluit Bodemkwaliteit en het Tijdelijk Handelingskader PFAS van toepassing. Het freatisch grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie is niet multifunctioneel toepasbaar. Het wordt daarom afgeraden het freatisch grondwater te gebruiken voor consumptie, besproeiing of proceswater. In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN 5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een inspectie van het terrein plaatsgevonden. Op het maaiveld en in de vrijkomende grond zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. De aangetroffen verhardingsresten van baksteen, beton en asfalt onder de bestrating van de boringen in de Van Bornestraat en het voetpad bij de Van Blitterswijckstraat worden niet als asbestverdacht beschouwd. Het voorliggende onderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem binnen de onderzoekslocatie.
Pagina | 14 AM21449
aeres milieu
Bijlage 1 Topografische en kadastrale situatie
AM21449
Kadastrale kaart
Uw referentie: AM21449
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Horst B 7716
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 11 oktober 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
aeres milieu
Bijlage 2 Foto’s onderzoekslocatie
AM21449
AM21449
Foto 1
Foto 2
Foto 3
Foto 4
Foto 5
Foto 6
AM21449
Foto 7
Foto 8
Foto 9
Foto 10
Foto 11
Foto 12
AM21449
Foto 13
Foto 14
Foto 15
Foto 16
Foto 17
Foto 18
AM21449
Foto 19
Foto 20
Foto 21
Foto 22
Foto 23
Foto 24
AM21449
Foto 25
Foto 26
Foto 27
Foto 28
Foto 29
aeres milieu
Bijlage 3 Situatietekening met boorpuntlocaties
AM21449
201476
201501
201526
201551
201576
201601
201626
201651
201676
201701
385650 385625 385600 385575 385550
Legenda
385525
385525
385550
385575
385600
385625
385650
385675
201451
385675
201426
Boorpuntenkaart (A3) AM21499 Horst Deken Creemersstraat 56 e.o.
Plangebied Foto's
boring tot 2,0 m-mv peilbuis Achtergrond: OpenTopo (Map5), Kadastrale kaart WFS PDOK
201426
201451
201476
201501
201526
201551
201576
201601
201626
201651
201676
201701
385500
N
Boringen boring tot 0,5 m-mv
v1.0_23-11-2021_LK
385500
Schaal
aeres milieu
Bijlage 4 Boorprofielen
AM21449
getekend volgens NEN 5104
Boring:
01
Boring: 0
0
tuin
50
50
Boring:
0 5
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, grijsbruin, Edelmanboor
1
50
Boring: 0 8 15
1
klinker
Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, lichtbeige, Edelmanboor
50
50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen wortels, sporen grind, licht, Edelmanboor
0 8
klinker
04
0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, grijsgeel, Edelmanboor
1 40
50 2
2
tuin Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, grijsbruin, Edelmanboor
1
03
0
02
Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, uiterst baksteenhoudend, sporen beton, donker, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, beigegeel, Edelmanboor
90
90
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, lichtbeige, Edelmanboor
100 3 150
150
Zand, zeer fijn, matig siltig, grijsoranje, Edelmanboor
4 200
250
300
350 370
Boring:
05
Boring: 0
0
50
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, grijsbruin, Edelmanboor
1 50
tuin
06 tuin Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, grijsbruin, Edelmanboor
1 50 2
70
Zand, zeer fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor
3 100
110
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, oranjebeige, Edelmanboor
4 150 5 200
200
Projectnaam: Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst Projectcode: AM21449
Opdrachtgever: BRO
getekend volgens NEN 5104
Boring:
07
Boring: 0 8 15
0 1
40
klinker
2 90
0
0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor Volledig baksteen, uiterst betonhoudend, grijsrood, Graven
50
08 tuin Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, grijsbruin, Edelmanboor
1 45
50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, beigegrijs, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, zwak siltig, grijsgeel, Graven
2 100 3 150
150
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, oranjebeige, Edelmanboor
4 200
200
Boring:
09
0
Boring: 0
tuin
25
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, grijsbruin, Edelmanboor
1 2 50
50
Boring: 0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen wortels, grijsbeige, Edelmanboor
2 50
3 100
100
tuin
Edelmanboor
50
50
12 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen wortels, beigebruin, Edelmanboor
klinker Zand, zeer fijn, matig siltig, grijsbeige, Edelmanboor
1
Boring: 0 10
50
0 8
0
11 1
10
1
20
2 50
tuin Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, grijsbruin, Edelmanboor
50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor
0 8
klinker
Zand, zeer fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, licht oranjebeige, Edelmanboor
4 150 5 200
200
Boring:
13
0
Boring: 0
tuin
50
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, sporen grind, donker grijsbruin, Edelmanboor
1 50
14
0 1
20
50
Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor
2 50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, donker, Edelmanboor
Projectnaam: Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst Projectcode: AM21449
Opdrachtgever: BRO
getekend volgens NEN 5104
Boring:
15
Boring: 0 8 15
0 1
30
klinker
2 80
Boring:
0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor Volledig beton, Graven
50
50
klinker
0
50
50
50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
0 10
tuin
Zand, zeer fijn, zwak siltig, licht geelgrijs, Edelmanboor
18 1 2
Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor
1
klinker
Zand, zeer fijn, zwak siltig, beigegeel, Edelmanboor
Boring: 0 8
0 8 15
1
17
0
16
25
3 50
50
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen wortels, geelbeige, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, uiterst wortelhoudend, grijsbruin, Edelmanboor
Boring:
19
Boring: 0
0
tuin
0 5 15
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
1 45 50
50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor
20
1 50
50
tuin Zand, zeer fijn, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, neutraalbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor
2 100
100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, licht oranjegrijs, Edelmanboor
3 150 4 200
200
Zand, zeer fijn, zwak siltig, licht oranjegrijs, Edelmanboor 250
300
300
Zand, zeer fijn, matig siltig, licht oranjegrijs, Edelmanboor 350
400
Boring:
21
Boring: 0
0
tuin
0
Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1 50
410
50
22 1
0 10
2 50
60
gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen wortels, grijsbeige, Edelmanboor Zand, zeer fijn, siltig, sporen roest, grijsbeige, Edelmanboor
3 100
4 150
160 170
Zand, matig fijn, zwak siltig, licht cremegrijs, Edelmanboor
200
Zand, zeer fijn, matig siltig, licht bruinoranje, Edelmanboor
5 200
Projectnaam: Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst Projectcode: AM21449
Opdrachtgever: BRO
getekend volgens NEN 5104
Boring:
23
0
Boring: 0
gras
25
Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, zwak wortelhoudend, donkerbruin, Edelmanboor
1 2 50
50
Boring:
Zand, zeer fijn, zwak siltig, licht geelgrijs, Edelmanboor
1 60
klinker
50
50
26 0
0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, licht grijsgeel, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
tuin Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
1 45 50
50
Zand, zeer fijn, matig siltig, geelbeige, Edelmanboor
Zand, zeer fijn, zwak siltig, grijsbeige, Edelmanboor
2
gras Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen wortels, bruingrijs, Edelmanboor
1
Boring: 0 8 15
50
0
0
25
0
24
100
100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, licht oranjegrijs, Edelmanboor
3 150 4 200
200
Boring:
27
Boring: 0 8 15
0
1 50
50 2
klinker
0
0
gras
30
Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, sterk baksteenhoudend, sporen asfalt, donkerbruin, Edelmanboor
1
Zand, zeer fijn, zwak siltig, licht beigegrijs, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen grind, donkerbruin, Edelmanboor
28
50
2 80
Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor
100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor, Zwak geelgrijs fijn zand
110
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, licht oranjegrijs, Edelmanboor
3 150 4 200
200
Boring:
29
Boring: 0
0
50
0
0
Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen wortels, donkerbruin, Edelmanboor
1 50
gras
30 Zand, zeer fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen wortels, licht grijsbruin, Edelmanboor
1 50
gras
50
Projectnaam: Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst Projectcode: AM21449
Opdrachtgever: BRO
getekend volgens NEN 5104
Boring:
31
Boring: 0
0
gras
50
gras Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
1 50
60
0
0
Zand, matig fijn, matig siltig, zwak humeus, sporen wortels, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1
32
50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor
2 100
3 150
160
Zand, zeer fijn, matig siltig, sporen roest, oranjegeel, Edelmanboor
4 200
200
Boring:
33 0
0
gras Zand, zeer fijn, zwak siltig, matig humeus, licht bruingrijs, Edelmanboor
1 50
50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, licht bruingrijs, Edelmanboor
2 100
100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, lichtgrijs, Edelmanboor
3 150 4 200
200
Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, beigegrijs, Edelmanboor 250
300
350
350
Zand, zeer fijn, matig siltig, beigegrijs, Edelmanboor 400
410
Projectnaam: Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst Projectcode: AM21449
Opdrachtgever: BRO
Legenda (conform NEN 5104) grind
klei
geur
Grind, siltig
Klei, zwak siltig
Grind, zwak zandig
Klei, matig siltig
geen geur zwakke geur matige geur sterke geur
Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10 Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000
Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
>10000
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
monsters geroerd monster
Zand, uiterst siltig
overige toevoegingen zwak humeus
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
ongeroerd monster volumering
overig bijzonder bestanddeel
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
aeres milieu
Bijlage 5 Verklaring veldmedewerker
AM21449
VERKLARING Hierbij verklaar ik (ondergetekende) dat de veldwerkzaamheden onafhankelijk van de opdrachtgever zijn uitgevoerd conform de eisen van de BRL 2000 en de bijbehorende protocollen. Projectnummer
AM21449
Onderzoekslocatie
Deken Cremersstraat 56 e.o. Horst
Opdrachtgever
BRO
Afwijkingen van BRL 2000 (protocol)
Nee
Ja, aard en motivatie afwijkingen beschrijven
Uitvoering werkzaamheden protocol 2001
1 november 2021
Uitvoering werkzaamheden protocol 2002
9 november 2021
Gecertificeerd monsternemer
H. van den Tillaar
L. Koomen
aeres milieu
Bijlage 6 Analyseresultaten grond(meng)monsters met achtergrond en interventiewaarden
AM21449
Projectnaam Projectcode
Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst AM21449
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
MM1 1 or
MM2 2 or
br
AW 1/2(AW+I)
Ja 88.6 <1 Geen
-----
Ja 90.2 <1 Geen
-----
organische stof (gloeiverlies)(% vd DS)
2.0
--
2.4
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) 4.2
--
2.4
--
<20 <0.2 <1.5 10 <0.05 12 <0.5 <3 22
42.5 0.233 2.98 19.2 0.0486 18.1 0.35 5.18 47
33 0.25 3.9 8.5 0.13 26 <0.5 11 73
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -<0.01 fenantreen 0.01 -0.01 antraceen <0.01 -<0.01 fluoranteen 0.02 -0.03 benzo(a)antraceen 0.01 -0.02 chryseen 0.01 -0.02 benzo(k)fluoranteen 0.01 -0.01 benzo(a)pyreen 0.01 -0.02 benzo(ghi)peryleen 0.01 -0.02 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.01 -0.02 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 0.104 0.104 0.164 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) <1 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) <1 PCB 153(µg/kgds) <1 PCB 180(µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 4.9 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
<5 <5 11 16 30
-------24.5
a
----150
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9
<5 <5 6 8 <20
RBK eis
br
monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink
I
122 0.42 13.1 17.1 0.185 40.3 0.35 31 168
*
*
0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140
6.8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20
1.5
21
40
0.35
20
510
1000
4.9
190
2595
5000
35
----------0.164
-------20.4
a
----58.3
Monstercode en monstertraject 1 13563104-001 MM1 01(1) 05(1) 06(1) 2 13563104-002 MM2 03(1) 08(1) 09(1) 11(2) 13(1) 14(2) 21(1)
De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.
22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 1 2% 4.2% 2 2.4% 2.4%
Projectnaam Projectcode
Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst AM21449
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
MM3 3 or
MM4 4 or
br
AW 1/2(AW+I)
Ja 89.9 <1 Geen
-----
Ja 94.0 <1 Geen
-----
organische stof (gloeiverlies)(% vd DS)
1.4
--
2.8
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) 3.6
--
4.0
--
<20 <0.2 <1.5 7.8 <0.05 15 <0.5 <3 <20
45.2 0.235 3.14 15.3 0.049 22.9 0.35 5.4 30.7
<20 <0.2 <1.5 5.5 <0.05 11 <0.5 <3 <20
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -<0.01 fenantreen 0.01 -0.02 antraceen <0.01 -<0.01 fluoranteen 0.03 -0.03 benzo(a)antraceen 0.02 -0.02 chryseen 0.02 -0.02 benzo(k)fluoranteen 0.02 -0.02 benzo(a)pyreen 0.02 -0.02 benzo(ghi)peryleen 0.02 -0.02 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.02 -0.02 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 0.174 0.174 0.184 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) <1 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) <1 PCB 153(µg/kgds) <1 PCB 180(µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 4.9 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
<5 <5 <5 <5 <20
-------24.5
a
----70
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9
<5 10 9 11 30
RBK eis
br
monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink
I
43.4 0.226 3.03 10.4 0.0484 16.5 0.35 5.25 29.6
0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140
6.8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20
1.5
21
40
0.35
20
510
1000
4.9
190
2595
5000
35
----------0.184
-------17.5
----107
Monstercode en monstertraject 1 13563104-003 MM3 16(1) 18(3) 19(1) 20(1) 26(1) 27(1) 2 13563104-004 MM4 23(1) 24(1) 25(1) 29(1) 30(1) 31(1) 32(1) 33(1)
De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.
22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 3 1.4% 3.6% 4 2.8% 4%
Projectnaam Projectcode
Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst AM21449
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
M5 5 or
M6 6 or
br
AW 1/2(AW+I)
Ja 88.2 37 Stenen
-----
Ja 84.8 20 Puin
-----
organische stof (gloeiverlies)(% vd DS)
1.1
--
3.6
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) <2
--
2.2
--
52 <0.2 8.5 16 <0.05 26 2.1 43 50
202 0.241 29.9 33.1 0.0503 40.9 2.1 125 119
*
* ***
40 0.27 1.7 9.7 <0.05 33 <0.5 5.4 52
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -<0.03 fenantreen 0.17 -0.24 antraceen 0.07 -0.07 fluoranteen 0.48 -0.56 benzo(a)antraceen 0.39 -0.30 chryseen 0.34 -0.26 benzo(k)fluoranteen 0.26 -0.17 benzo(a)pyreen 0.44 -0.29 benzo(ghi)peryleen 0.33 -0.22 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.29 -0.20 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 2.777 2.78 * 2.331 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) 1.7 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) 3.1 PCB 153(µg/kgds) 3.6 PCB 180(µg/kgds) 3.4 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 13.9 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
<5 6 17 16 40
Monstercode en monstertraject 1 13563104-005 M5 04(1) 2 13563104-006 M6 28(1)
RBK eis
br
monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink
I
151 0.432 5.85 18.9 0.0495 50.3 0.35 15.5 117
*
0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140
6.8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20
1.5
21
40
0.35
-# ---------2.33
*
---
<2.1
# --
--
<2.4
# --
--
<1.9
# --
--
<2.2
# --
----
<2.1 2.2 3.0
69.5
*
12.69
200
----*
<5 7 35 110 150
# --35.2
*
20
510
1000
4.9
417
----*
190
2595
5000
35
De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.
22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 5 1.1% 2% 6 3.6% 2.2%
Projectnaam Projectcode
Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst AM21449
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
MM7 5 or
MM8 7 or
br
AW 1/2(AW+I)
Ja 93.0 <1 Geen
-----
Ja 93.7 <1 Geen
-----
organische stof (gloeiverlies)(% vd DS)
1.1
--
<0.5
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) <2
--
<2
--
<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20
54.2 0.241 3.69 7.24 0.0503 11 0.35 6.12 33.2
23 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -<0.01 fenantreen <0.01 -<0.01 antraceen <0.01 -<0.01 fluoranteen <0.01 -<0.01 benzo(a)antraceen <0.01 -<0.01 chryseen <0.01 -<0.01 benzo(k)fluoranteen <0.01 -<0.01 benzo(a)pyreen <0.01 -<0.01 benzo(ghi)peryleen <0.01 -<0.01 indeno(1,2,3-cd)pyreen <0.01 -<0.01 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 0.07 0.07 0.07 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) <1 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) <1 PCB 153(µg/kgds) <1 PCB 180(µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 4.9 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
<5 <5 <5 <5 <20
-------24.5
a
----70
<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9
<5 <5 <5 <5 <20
RBK eis
br
monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink
I
89.1 0.241 3.69 7.24 0.0503 11 0.35 6.12 33.2
0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140
6.8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20
1.5
21
40
0.35
20
510
1000
4.9
190
2595
5000
35
----------0.07
-------24.5
a
----70
Monstercode en monstertraject 1 13563104-007 MM7 03(3) 06(3) 08(2) 11(3) 20(2) 25(2) 31(2) 2 13563104-008 MM8 04(2) 07(2) 15(2)
De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.
22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 5 1.1% 2% 7 0.5% 2%
Projectnaam Projectcode
Deken Creemersstraat 56 e.o. Horst AM21449
Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype
monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)
MM9 7 or
AW 1/2(AW+I)
-----
organische stof (gloeiverlies)(% vd DS) <0.5
--
KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) <2
--
0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140
6.8 102 115 18 290 96 68 430
920 13 190 190 36 530 190 100 720
20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20
POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -fenantreen <0.01 -antraceen <0.01 -fluoranteen <0.01 -benzo(a)antraceen <0.01 -chryseen <0.01 -benzo(k)fluoranteen <0.01 -benzo(a)pyreen <0.01 -benzo(ghi)peryleen <0.01 -indeno(1,2,3-cd)pyreen <0.01 -pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 0.07 0.07
1.5
21
40
0.35
POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) <1 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) <1 PCB 153(µg/kgds) <1 PCB 180(µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 4.9
20
510
1000
4.9
190
2595
5000
35
MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40
20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20
RBK eis
br
Ja 94.0 <1 Geen
METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink
I
<5 <5 <5 <5 <20
77.5 0.241 3.69 7.24 0.0503 11 0.35 6.12 33.2
-------24.5
a
----70
Monstercode en monstertraject 1 13563104-009 MM9 06(5) 08(4) 11(5) 20(3) 25(4) 27(3) 33(3)
De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.
22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 7 0.5% 2%