03d BKK samengevoegd incl. bijlagen v2
Tekst van het document
Rapport Projectnummer: 349858 Referentienummer:SWNL0244275 Datum: 24-05-2019
Bodemfunctieklassenkaart en bodemkwaliteitskaart Regio Limburg Noord
Definitief
1 (24)
Verantwoording Titel Subtitel
Bodemfunctieklassenkaart en bodemkwaliteitskaart Regio Limburg Noord
Projectnummer
349858
Referentienummer
SWNL0244275
Revisie
D2
Datum
24-05-2019
Auteur(s)
Jos Reijerink
E-mailadres
jos.reijerink@sweco.nl
Gecontroleerd door
Stef Vorstermans
Paraaf gecontroleerd
Goedgekeurd door
Peter Kaasenbrood
Paraaf goedgekeurd
2 (24)
Inhoudsopgave 1
Inleiding .................................................................................................................. 5
1.1
Algemeen................................................................................................................. 5
1.2
Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid ................................................................... 5
2
Regionale bodemfunctieklassenkaart ................................................................. 5
2.1
Inleiding ................................................................................................................... 5
2.2
Werkwijze ................................................................................................................ 5
2.3
Bodemfunctieklassenkaart ...................................................................................... 6
3
Regionale bodemkwaliteitskaart .......................................................................... 6
3.1
Algemeen................................................................................................................. 6
3.2
Randvoorwaarden ................................................................................................... 6
3.2.1
Algemeen ..............................................................................................................................6
3.2.2
Definitie beheergebied ..........................................................................................................7
3.2.3
Dieptetraject ..........................................................................................................................7
3.2.4
Gemeente Venlo, gemeente Nederweert, deelgebied Ooijen -Wanssum en Roerdelta (Roermond) ...........................................................................................................................7
3.2.5
Diffuus verontreinigde waterbodem en arseengebieden .......................................................8
3.2.6
Te beschouwen stoffen .........................................................................................................9
3.2.7
Uit te sluiten gebieden...........................................................................................................9
3.3
Bepaling bodemkwaliteit ........................................................................................ 10
3.3.1
Algemeen ............................................................................................................................10
3.3.2
Indeling plangebied in deelgebieden ...................................................................................10
3.3.3
Gegevensverzameling en gegevensverwerking..................................................................12
3.3.4
Evaluatie gebiedsindeling ...................................................................................................15
3.3.5
Bodemkwaliteitszones.........................................................................................................17
3.3.6
Grootschalige bodemtoepassing .........................................................................................19
3.4
Bodemkwaliteitskaart ............................................................................................. 22
3.4.1
Ontgravingskaart .................................................................................................................22
3.4.2
Toepassingskaart ................................................................................................................22
3.4.3
Grondstromenmatrix ...........................................................................................................22
3.4.4
Gebruik van de bodemkwaliteitskaart als milieuhygiënische verklaring ..............................24
3 (24)
Bijlage 1.
Regionale ligging plangebied
Bijlage 2.
Bodemfunctieklassenkaart
Bijlage 3.
Arseengebieden
Bijlage 4.
Mijnsteengebieden
Bijlage 5.
Deelgebieden
Bijlage 6.
Waarnemingenkaart
Bijlage 7.
Gridkaarten
Bijlage 8.
Statistische kengetallen en frequentieverdelingen
Bijlage 9.
Ontgravingskaart
Bijlage 10.
Toepassingskaart
4 (24)
1
Inleiding
1.1 Algemeen De gemeenten in Regio Limburg Noord willen voor het Besluit bodemkwaliteit gezamenlijk beleid opstellen. Om aan dit beleid invulling te geven, hebben de gemeenten Sweco Nederland B.V. opdracht gegeven een regionale bodemfunctieklassenkaart (BFK), een bodemkwaliteitskaart (BKK) en een Nota bodembeheer op te stellen. Bijlage 1 geeft de regionale ligging weer van de gemeenten die deel uitmaken van Regio Limburg Noord. In voorliggend rapport worden de regionale bodemfunctieklassenkaart en de bodemkwaliteitskaart gepresenteerd en wordt de wijze waarop deze kaarten tot stand zijn gekomen, toegelicht. De Nota bodembeheer waarin het generieke en gebiedsspecifieke beleid nader is uitgewerkt, is in een separaat rapport opgenomen. 1.2 Kwaliteitsborging en onafhankelijkheid Sweco wil met haar producten en diensten zo goed mogelijk aan de behoeften, doelstellingen en eisen van haar opdrachtgevers voldoen. Ondanks het feit dat Sweco Nederland B.V. bij de uitvoering van deze werkzaamheden aansluit bij landelijke kwaliteitsrichtlijnen en regelgeving, is het niet mogelijk om garanties af te geven ten aanzien van een eventueel beschreven verontreinigingssituatie. Sweco Nederland B.V. accepteert dan ook geen aansprakelijkheid ten aanzien van mogelijke beslissingen die de opdrachtgever of derden naar aanleiding van het door Sweco Nederland B.V. opgestelde bodemkwaliteitskaart nemen.
Sweco Nederland B.V. verklaart hierbij dat zij, de NV waar Sweco Nederland B.V. deel van uitmaakt en haar onderaannemers, geen belang hebben bij de uitkomsten van de bodemkwaliteitskaart. Het onderzoek is derhalve volgens de eisen uit het Besluit bodemkwaliteit onafhankelijk uitgevoerd.
2
Regionale bodemfunctieklassenkaart
2.1 Inleiding Het Besluit bodemkwaliteit schrijft voor dat gemeenten een bodemfunctieklassenkaart vaststellen waarop de functies van de bodem (wonen en industrie) zijn weergegeven. Deze bodemfunctiekaart is een noodzakelijk instrument voor duurzaam bodembeheer. Als er geen bodemfunctieklassenkaart is opgesteld, kan binnen het generieke toetsingskader alleen grond worden toegepast die voldoet aan de achtergrondwaarden (AW2000). 2.2 Werkwijze De werkwijze die is gevolgd bij het opstellen van de bodemfunctieklassenkaart staat vermeld in bijlage J, behorende bij artikel 4.9.2 van de Regeling bodemkwaliteit. Hieronder wordt de werkwijze nader toegelicht. De bodemfunctieklassenkaart geeft de ligging aan van: • gebieden met de bodemfunctieklasse wonen; • gebieden met de bodemfunctieklasse industrie; • overige gebieden.
5 (24)
Uitgangspunt van de wijze van indeling is dat de bodemfunctieklasse die wordt toegekend aan een gebied, overeenkomt met de gevoeligste bodemfunctie(klasse) binnen het betreffende gebied. De gevoeligheid van de bodemfunctieklassen en bodemfuncties ten opzichte van elkaar is in toenemende gevoeligheid: Industrie industrie infrastructuur bebouwing (openbaar) groen
→
Wonen wonen met tuin plaatsen waar kinderen spelen groen met natuurwaarden
→
Landbouw/Natuur moestuinen en volkstuinen natuur landbouw
Onder de functieklassen staan de bodemgebruiksvormen aangegeven die tot de betreffende functieklasse behoren. Om de bodemfunctieklassenkaart praktisch hanteerbaar te houden en om te veel versnippering te voorkomen, dient deze globaal van opzet te zijn. Dit betekent dat kleine oppervlakken met afwijkende functies (bijvoorbeeld bedrijfswoningen op een industrieterrein) niet apart worden onderscheiden. Bij het opstellen van de bodemfunctieklassenkaart is gebruik gemaakt van de volgende bronnen: • de eerder vastgestelde bodemfunctieklassenkaarten; • toekomstige bestemmingsplannen die nog niet zijn meegenomen op de eerder vastgestelde bodemfunctieklassenkaarten. Op die manier is bij het opstellen van de bodemfunctieklassenkaart ook rekening gehouden met toekomstige ontwikkelingen. De aanvullingen op de bestaande bodemfunctieklassenkaarten zijn aangeleverd door de gemeenten. 2.3 Bodemfunctieklassenkaart De bodemfunctieklassenkaart is opgenomen in bijlage 2. De bodemfunctieklassen Wonen en Industrie zijn met respectievelijk geel en paars op de kaart aangegeven. Zoals vermeld op de kaart, hebben de verharde wegen en spoorwegen de functieklasse Industrie. Vanwege het schaalniveau van de kaart zijn deze niet als zodanig weergegeven.
3
Regionale bodemkwaliteitskaart
3.1 Algemeen In paragraaf 3.2 worden de randvoorwaarden besproken die bij het opstellen van de bodemkwaliteitskaart zijn gehanteerd. In paragraaf 3.3 komt de gevolgde werkwijze bij het opstellen van de bodemkwaliteitskaart aan de orde. In paragraaf 3.4 wordt de bodemkwaliteitskaart gepresenteerd. 3.2
Randvoorwaarden
3.2.1 Algemeen Voor het opstellen van een bodemkwaliteitskaart is in de Richtlijn Bodemkwaliteitskaarten (VROM en V&W, d.d. 3 september 2007) en het Wijzigingsblad (d.d. 1 januari 2016) bij de ’Richtlijn bodemkwaliteitskaarten versie 3 september 2007’ een aantal randvoorwaarden opgenomen waaraan de kaart moet voldoen. Aspecten waarover de bodemkwaliteitskaart minimaal duidelijkheid moet verschaffen, worden in de Richtlijn vermeld. Deze zijn: • het (deel van het) beheergebied waarvoor een bodemkwaliteitskaart wordt opgesteld; • de diepte en het aantal te onderscheiden dieptetrajecten waarover de uiteindelijke bodemkwaliteitskaart een uitspraak doet;
6 (24)
• • • • • •
de stoffen die in de bodemkwaliteitskaart zijn opgenomen; het deel van het beheergebied (onder andere de verdachte locaties) waarvoor de bodemkwaliteitskaart niet geldig is (indien van toepassing); de lintvormige diffuus belaste deelgebieden die worden onderscheiden (indien van toepassing); de onderscheidende kenmerken op basis waarvan de bodemkwaliteitszones worden gedefinieerd; de kwaliteitseisen waaraan een bodemkwaliteitszone moet voldoen om te kunnen worden vastgesteld; de statistische kengetallen op basis waarvan de bodemkwaliteitszones worden gekarakteriseerd.
De eerste vijf aspecten worden in deze paragraaf besproken, de overige aspecten komen in de paragraaf 3.3 aan de orde. 3.2.2 Definitie beheergebied Het beheergebied1 waarvoor de bodemkwaliteitskaart is opgesteld, betreft Regio Limburg Noord. Deze regio omvat de volgende gemeenten: • Mook en Middelaar; • Gennep; • Bergen; • Venray; • Horst aan de Maas; • Venlo; • Peel en Maas; • Beesel; • Weert; • Nederweert; • Leudal; • Roermond; • Maasgouw; • Roerdalen; • Echt-Susteren. 3.2.3 Dieptetraject De bodemkwaliteitskaart heeft betrekking op de volgende dieptetrajecten: • bovengrond: traject 0,0 - 0,5 m -maaiveld (mv); • ondergrond: traject 0,5 - 2,0 m -mv. 3.2.4
Gemeente Venlo, gemeente Nederweert, deelgebied Ooijen -Wanssum en Roerdelta (Roermond) De gemeenten Venlo en Nederweert hebben recentelijk een nieuwe bodemkwaliteitskaart vastgesteld. Om die reden zijn de vigerende2 bodemkwaliteitskaarten van deze gemeenten ongewijzigd opgenomen in de regionale bodemkwaliteitskaart. Dit geldt ook voor het projectgebied Ooijen-Wanssum (zie figuur 3.1) waarvoor een projectspecifieke bodemkwaliteitskaart is opgesteld. Voor deze gemeenten respectievelijk het projectgebied geldt dat de actuele bodemkwaliteitskaart ten tijde van het grondverzet als Bbk-bewijsmiddel moet worden gehanteerd.
1
het beheergebied heeft betrekking op het grondgebied waarvoor de genoemde gemeenten bevoegd zijn in het kader van het Besluit bodemkwaliteit 2 peildatum 1 augustus 2018
7 (24)
Figuur 3.1
Projectgebied Ooijen-Wanssum
Met betrekking tot de Roerdelta, heeft de gemeente Roermond bij de totstandkoming van de vorige bodemkwaliteitskaart lokale maximale waarden (LMW’s) vastgesteld (gebiedsspecifiek beleid). Deze bodemkwaliteitszone is ongewijzigd opgenomen in de onderhavige regionale bodemkwaliteitskaart. Momenteel vindt herinrichting van het gebied plaats in twee fasen. Hierbij is sprake van veel grondverzet, waaronder het aanbrengen leeflagen. Fase 1 is nagenoeg gereed, fase 2 wordt opgestart. Na afronding van fase 2 wordt geëvalueerd of aanpassing van het gebiedsspecifieke beleid gewenst is. 3.2.5 Diffuus verontreinigde waterbodem en arseengebieden De beekdalen van de Niers, de Roer en de Tungelroyse Beek zijn diffuus verontreinigd door (vroegere) meandering van deze beken. Vanwege de mogelijk afwijkende bodemkwaliteit zijn deze beekdalen als aandachtsgebied aangegeven op de kaart met arseen kansrijke gebieden. Hetzelfde geldt voor de arseengebieden waar door natuurlijke bodemprocessen sprake kan zijn van verhoogde arseengehalten. Ook deze gebieden zijn in bijlage 3 als aandachtsgebieden op de verschillende kaartlagen vermeld.
Waterbodems van watergangen in beheer van Waterschap Limburg of Rijkswaterstaat en de uiterwaarden van de Maas (in beheer van Rijkswaterstaat) maken geen deel uit van de bodemkwaliteitskaart omdat hiervoor Rijkswaterstaat en het Waterschap Limburg bevoegd gezag Besluit bodemkwaliteit zijn. Binnen de uiterwaarden komen zogenaamde drogere oevergebieden voor, die niet worden overstroomt door de Maas. Daarom zijn in deze gebieden de gemeenten wél bevoegd gezag Besluit bodemkwaliteit. De watergangen in beheer van Waterschap Limburg staan aangegeven op de legger. De watergangen in beheer van Rijkswaterstaat en de uiterwaarden van de Maas staan vermeld op de kaarten van de Waterregeling. Opgemerkt wordt dat de (toekomstige) kaarten en leggers leidend zijn en niet de bodemkwaliteitskaart.
8 (24)
3.2.6 Te beschouwen stoffen Voor deze bodemkwaliteitskaart wordt uitgegaan van het basispakket uit de NEN 5740, aangevuld met de stoffen arseen en chroom die ook in verhoogde gehalten in de bodem van het beheergebied kunnen voorkomen: • metalen (arseen, barium, cadmium, chroom, kobalt, koper, kwik, lood, molybdeen, nikkel en zink); • PAK’s (10 van VROM); • minerale olie; • polychloorbifenylen (PCB’s); • cyanide (Roerdelta); • bestrijdingsmiddelen (plangebied Ooijen-Wanssum). 3.2.7 Uit te sluiten gebieden De onderhavige bodemkwaliteitskaart moet een representatief beeld geven van de diffuse bodemkwaliteit van het plangebied. De uitgesloten gebieden zijn voor zover mogelijk als niet-gezoneerd op de BKK aangegeven. Dat betekent dat voor deze gebieden de BKK niet gebruikt kan worden als milieuhygiënische verklaring in het kader van het Besluit bodemkwaliteit. In deze gebieden dient een ander bewijsmiddel (bijvoorbeeld een partijkeuring) te worden uitgevoerd om de milieuhygiënische kwaliteit van de grond vast te stellen. Dit geldt ook voor de uiterwaarden 3 van de Maas die, zoals boven aangegeven, geen deel uitmaken van de bodemkwaliteitskaart. In enkele grindgaten in de gemeente Maasgouw komen grote hoeveelheden mijnsteen in de (water)bodem voor. In de Regeling bodemkwaliteit zijn de betreffende gebieden (zie bijlage 4) aangewezen.
Mijnsteen mag uitsluitend in deze gebieden worden toegepast. Voorkomen wordt daardoor dat mijnsteen buiten de aangewezen gebieden in Limburg op of in de (water)bodem wordt toegepast. De mijnsteengebieden maken geen deel uit van de bodemkwaliteitskaart. Behalve bovengenoemde gebieden, zijn ook de verdachte locaties uitgesloten van de bodemkwaliteitskaart (bijvoorbeeld): • gemeente Venlo: onder andere de locaties industrieterrein Spikweien, BBP Weselseweg, R.R.P. Herongerber, Venlo Centrum Zuid, NS-emplacement Venlo/ Venlo zuid; • gemeente Venray: vliegbasis ‘De Peel’; • gemeente Weert: Akzo; Spoorwegenemplacement; Tungelerwallen; MOB-complex; • gemeente Roermond: Solvaygebied; • gemeente Echt-Susteren: Industrieterrein De Loop;
3
exclusief de drogere oevergebieden
9 (24)
•
•
gemeente Nederweert: provinciale wegen, inclusief de onverharde wegbermen (andere beheerorganisatie); locaties met of die verdacht zijn voor een sterk bodemverontreiniging: − waarneembare en niet waarneembare zinkaswegen (inclusief de onverharde wegbermen); − met puin verharde wegen (inclusief de onverharde wegbermen); − erven in het buitengebied; − voormalige bedrijfsterrein glasverwerkingsbedrijf bij Roeven; − de gemeentewerf; (voormalige) stortplaatsen (specifiek voor wat betreft de ontgravingskaart); gesaneerde locaties in het kader van de Wet bodembescherming (specifiek voor wat betreft de ontgravingskaart); de veen- en natuurgebieden De Baanen, De Zoom, ’t Kruis, Groote Moost en Groote Peel (met uitzondering van de hierin gelegen zandgebiedjes); de waterbodems en het grondwater; gemeente Roerdalen: tracé van de IJzeren Rijn; Akzo-terrein te Herkenbosch.
Bovengenoemde lijst is niet uitputtend. Vanwege de vaak beperkte omvang zijn niet alle bovengenoemde locaties specifiek op kaart aangegeven. Uit vooronderzoek moet blijken of de bodemkwaliteitskaart een representatief beeld geeft van de bodemkwaliteit ter plaatse. 3.3
Bepaling bodemkwaliteit
3.3.1 Algemeen De gevolgde procedure bij het maken van de bodemkwaliteitskaart is conform hoofdstuk 1 (Opstellen van bodemkwaliteitskaarten voor de landbodem) van de Richtlijn Bodemkwaliteitskaarten (VROM en V&W, 2007) en het Wijzigingsblad d.d. 1 januari 2016. De werkzaamheden met betrekking tot het maken van de bodemkwaliteitskaart kunnen als volgt worden ingedeeld: 1. het indelen van het gebied in deelgebieden; 2. gegevensverzameling en gegevensverwerking; 3. evaluatie gebiedsindeling; 4. vaststellen van de bodemkwaliteitszones; 5. het opstellen van de bodemkwaliteitskaart. Onderstaand worden per stap de uitgevoerde werkzaamheden beschreven. 3.3.2 Indeling plangebied in deelgebieden In deze stap wordt het gebied waar de bodemkwaliteitskaart voor wordt opgesteld, ingedeeld in deelgebieden. Binnen een deelgebied wordt een vergelijkbare milieuhygiënische bodemkwaliteit verwacht. Voor de indeling van de deelgebieden zijn de bodemkwaliteitszones van de vorige bodemkwaliteitskaarten van de deelnemende gemeenten als uitgangspunt genomen4. In paragraaf 3.3.4 worden deze gevalideerd. Tabel 3.1 geeft de resulterende deelgebieden. In de tabel zijn per deelgebied de betreffende bodemkwaliteitszones van de vorige bodemkwaliteitskaarten aangegeven. De deelgebieden zijn op kaart aangegeven in bijlage 5. 4
de indeling in deelgebieden van de eerder vastgestelde bodemkwaliteitskaarten is gebaseerd op onderscheidende kenmerken (bodemopbouw, gebruikshistorie, ontwikkeling wijken of gebieden, e.d.).
10 (24)
Gemeente Horst a/d Maas heeft geen eerder vastgestelde bodemkwaliteitskaart. De voor de bodemkwaliteitskaart benodigde meetgegevens zijn door middel van aanvullende boringen en analyses verzameld5. Hierbij is onderscheid gemaakt in de volgende deelgebieden: bovengrond in de bebouwde kom, bovengrond buiten de bebouwde kom, ondergrond (binnen en buiten de bebouwde kom). Uit de gebiedsindeling van omliggende gemeenten blijkt dat de bebouwde kom en boven-/ondergrond de enige relevante onderscheidende kenmerken zijn voor de indeling in deelgebieden. Uit de meetgegevens blijkt dat zowel de bovengrond (zowel binnen als buiten de bebouwde kom) als de ondergrond worden ingedeeld in de klasse Landbouw/Natuur. Tabel 3.1
Indeling in deelgebieden nieuwe bodemkwaliteitskaart ten opzichte van de oude bodemkwaliteitskaart
Deelgebieden nieuwe bodemkwaliteitskaart
Bovengrond Landbouw/Natuur Wonen Roermond1) Wonen Weert 4) Wonen Overige gemeenten Industrie Roermond, Beesel 2) Industrie Peel&Maas Roerdelta 6) Niet gezoneerd Peel&Maas (deelgebied H) 3) Ondergrond Landbouw/Natuur Wonen Weert Wonen Roermond Binnenstad Industrie Roermond Havengebied
Aanwezige bodemkwaliteitszone van de vorige bodemkwaliteitskaarten Maas&Roer Bergen, EchtHorst Peel & Roerdalen Gennep, Susteren a/d Maas Mook & Maas 5) Middelaar, X X
X
X
X
X
X
Venray
Weert
X
X X
X
X
X
X X X X
X
X
X
X
X
X
X
X X
X X
1) betreft de deelgebied ’Roermond Binnenstad’ 2) betreft de volgende deelgebieden:
•
Roermond Havengebied Roermond, Beesel Bedrijven voor 1970 • Overige bedrijven en industrie 3) betreft deelgebied H (Bosbeek en De Berckt) met van nature verhoogde arseengehalten. 4) op basis van berekeningen van de door Weert aangeleverde bodemrapporten heeft een wijziging van bodemkwaliteitsklassen plaats gevonden (ten opzichte van de eerdere vastgestelde bkk). 5) indeling op basis van veld- en laboratoriumonderzoek dat in het kader van het opstellen van de regionale bodemkwaliteitskaart is uitgevoerd. 6) voor dit gebied geldt gebiedsspecifiek beleid met lokale maximale waarden (zowel bovengrond als ondergrond). •
De deelgebieden Landbouw/Natuur bestaan uit de gezamenlijke zones Landbouw/Natuur van de vorige bodemkwaliteitskaarten. Dit geldt zowel voor de bovengrond als voor de ondergrond. Bij de indeling in de deelgebieden Wonen zijn de ‘grotere’ steden (Roermond en Weert) als separaat deelgebied aangemerkt, omdat de bodemkwaliteit mogelijk afwijkt van het deelgebied Wonen van de overige gemeenten (Wonen overige gemeenten). De deelgebieden Industrie komen overeen met de zones op de vorige bodemkwaliteitskaart, met uitzondering van deelgebied H in gemeente Peel & Maas (arseengebied) die op de nieuwe bodemkwaliteitskaart als niet-gezoneerd wordt aangemerkt. de resultaten zijn vastgelegd in de notitie ‘Bodemonderzoek i.k.v. integratie Horst a/d Maas in de regionale bodemkwaliteitskaart Noord- en Midden-Limburg’, Sweco Nederland B.V., 24 oktober 2016, referentienummer SWNL0194058. 5
11 (24)
3.3.3
Gegevensverzameling en gegevensverwerking
3.3.3.1 Gegevensverzameling In deze stap zijn de analysegegevens die van het beheergebied beschikbaar zijn, verzameld en geschikt gemaakt voor verwerking tot een bodemkwaliteitskaart. De analyses zijn afkomstig van de bodemonderzoeken die in het verleden in het beheergebied zijn uitgevoerd. Hiertoe zijn door de individuele gemeenten XML-exportbestanden aangeleverd uit hun bodeminformatiesysteem (BIS). Deze bestanden bevatten de meetgegevens van alle ingevoerde bodemonderzoeken. De gegevens zijn samengevoegd in één databestand. Dit bestand bevat onder andere de volgende informatie: • X-, Y-coördinaten van de boring/waarneming; • (meng)monsternaam; • monstertraject; • gehalten (metalen, PAK, minerale olie, PCB’s). Bij gemeente Horst a/d Maas, die niet in het bezit is van een bodeminformatiesysteem, zijn de bodemgegevens van nieuwe waarnemingen gebruikt, die in het kader van het opstellen van voorliggende bodemkwaliteitskaart zijn verzameld6. 3.3.3.2
Gegevensvoorbehandeling
Selectie gegevens Voor de dataset die gebruikt is voor het berekenen van de bodemkwaliteit, zijn de volgende selectiecriteria gebruikt: • datum > 2004-12-31: alleen de onderzoeken jonger dan tien jaar worden geselecteerd 7; • type_ not in ('8','9','10'): de data van de volgende bodemonderzoeken worden niet meegenomen in de dataset: nader bodemonderzoek; saneringsplan; sanering. X-, Y-coördinaten Bij een aantal waarnemingen zijn de x-, y-coördinaten niet in de aangeleverde datasets aanwezig. In dat geval zijn de x-, y-coördinaten van het middelpunt van de onderzoekslocatie gehanteerd (mits de polygoon van de onderzoekslocatie beschikbaar is). Naar verwachting heeft dit geen invloed op de uitkomsten van de berekeningen, omdat de kans dat een monster daardoor in een onjuiste bodemkwaliteitszone terechtkomt, gering wordt geacht. Meetpunten waarbij geen x-, y-coördinaten konden worden vastgesteld, zijn niet in de dataset meegenomen omdat dan niet bekend is in welke deelgebied de waarneming zich bevindt. Rapportagegrens Voor elke parameter zijn gehalten onder de rapportagegrens vervangen door rekengehalten. De rapportagegrenzen zijn, zoals voorgeschreven in de Regeling bodemkwaliteit, vermenigvuldigd met de factor ‘0,7’. Hiermee ontstaat een reëel positief getal dat statistisch gezien de meest waarschijnlijke waarde tussen nul en de rapportagegrens weergeeft.
Notitie ‘Bodemonderzoek i.k.v. integratie Horst a/d Maas in de regionale bodemkwaliteitskaart Noord- en MiddenLimburg’, referentienummer SWNL0194058 d.d. 24 oktober 2016. 7 in deelgebieden Industrie Peel&Maas en Wonen (Echt-Susteren) zijn ook de waarnemingen uit de periode vóór 2005 geselecteerd om tot het vereiste aantal waarnemingen te komen. Uit de vergelijkbaarheidstoets blijkt dat gebruik van deze gegevens niet leidt tot een andere klasse-indeling, zie paragraaf 3.3.3.4. 6
12 (24)
Gecorrigeerde PCB-gehalten Bij inspectie van het databestand bleek dat met betrekking tot PCB onrealistisch hoge gehalten in het databestand voorkwamen, veroorzaakt doordat gehalten die in ug/kg d.s. zijn gerapporteerd als mg/kg d.s. zijn ingevoerd. Dit betekent dat de ingevoerde gehalten een factor 1.000 te hoog zijn. Daarnaast is bij een aantal gehalten de decimale punt op de verkeerde plek gekomen. Deze gehalten zijn gecorrigeerd, zoals aangegeven in tabel 3.2. Tabel 3.2
Gecorrigeerde PCB-gehalten
Oud gehalte (mg/kg d.s.)
Nieuw gehalte (mg/kg d.s.)
14 9,8 0,7 7 4,9 0,07 0,049
0,014 0,0098 0,007 0,007 0,0049 0,007 0,0049
Aantal in de aangeleverde datasets 49 91 4 39 376 32 144
Mengmonsters De door de gemeenten aangeleverde waarnemingen bestaan zowel uit puntmonsters (monster afkomstig uit één boring) als uit mengmonsters (meerdere boringen zijn samengevoegd tot één mengmonster). Uit IPO-onderzoek (p.m. bronvermelding) blijkt dat het gebruik van zowel puntmonsters als mengmonsters geen invloed heeft op de statistische berekeningen. Daarom zijn beide typen monsters in de dataset meegenomen. Met betrekking tot de mengmonsters wordt opgemerkt dat de waarnemingen één keer in het gegevensbestand zijn meegenomen om te voorkomen dat deze waarnemingen onevenredig zwaar meewegen in de data-analyse. 3.3.3.3 Uitbijteranalyse Van de aangeleverde BIS-bestanden is na de gegevensvoorbehandeling één groot databestand gevormd dat in GIS is ingevoerd. In het GIS staan tevens de shapes (grenzen) van de bodemkwaliteitszones van de eerder vastgestelde bodemkwaliteitskaarten (zie tabel 3.1). Op die manier kan per bodemkwaliteitszone een selectie worden gemaakt van de waarnemingen (gehalten) die tot een bepaalde bodemkwaliteitszone behoren. Het opsporen van de extreme gehalten is in drie stappen uitgevoerd. In de eerste stap zijn de extreme gehalten opgespoord op basis van de hoogste gehalten van de stoffen die klasse-bepalend zijn.
Vervolgens is in stap 2 een statistische analyse van de data gemaakt (heterogeniteitscoefficient (HC) en histogrammen) om na te kunnen gaan of er vanuit statistisch oogpunt extreme gehalten kunnen worden aangewezen. De heterogeniteitscoefficiënt HC wordt berekend met: HC = (P95-P5)/(Industrie – AW2000) waarin: P5: P95: Industrie: AW2000:
5-Percentielwaarde 95-Percentielwaarde Omgerekende toetsingsnorm voor ‘Industrie’ Omgerekende toetsingsnorm voor ‘AW2000’
Hiermee kan per stof worden bepaald hoe heterogeen de diffuse bodemverontreiniging over een bodemkwaliteitszone is verdeeld. Een sterke heterogeniteit (> 0,7) kan veroorzaakt worden door uitbijters.
13 (24)
Op basis van deze informatie is in stap 3 door de gemeenten nagegaan welke extreme gehalten uitbijters betreffen die uit de dataset mogen worden verwijderd. Hieronder is de werkwijze in meer detail toegelicht. Stap 1 – Opsporen extreme gehalten op basis van klasse-indeling • Per bodemkwaliteitszone is nagegaan welke stoffen bepalend zijn voor de klasseindeling. • Vervolgens zijn in samenspraak met de afzonderlijke gemeenten de extreme gehalten opgespoord. Stap 2 – Statistische analyse • Berekening van de heterogeniteitscoefficiënt (HC). Bij een heterogeniteitscoefficiënt > 0,7 is sprake van een sterke heterogeniteit, die mogelijk wordt veroorzaakt door extreme gehalten. • Vervaardiging histogram. Gehalten die in de staart van het histogram liggen, zonder aansluiting met lagere gehalten, duiden op potentiele uitbijters. Stap 3 – Aanwijzen uitbijters De extreme gehalten zijn door de gemeenten beoordeeld om na te gaan of sprake is van uitbijters die uit de dataset verwijderd mogen worden. Hierbij is rekening gehouden met de volgende aspecten: a. extreme gehalten die deel uitmaken van de ‘achtergrondgehalten’ (dus behoren tot de gebiedskwaliteit), mogen niet uit de dataset verwijderd worden; b. extreme gehalten die afkomstig zijn van een lokale puntbron dienen uit de dataset te worden (immers puntbronnen zijn uitgesloten van de BKK); c.
extreme gehalten die een gevolg zijn van een fout in het onderzoek of bij de invoer van gegevens, moeten uit de dataset worden verwijderd. De door de gemeenten aangewezen uitbijters die uit de dataset zijn verwijderd, zijn in een separaat Excel-bestand beschikbaar. 3.3.3.4 Vergelijkbaarheidstoets Om een zo groot mogelijke dataset te verkrijgen en daarmee meer betrouwbare statistische kengetallen, is er voor gekozen om de data van de laatste tien jaar te gebruiken voor het vervaardigen van de bodemkwaliteitskaart. Conform de Richtlijn dient voor de gegevens ouder dan vijf jaar geverifieerd te worden of de gegevens nog van toepassing zijn. Uit het feit dat de bodemkwaliteitsklassen op de nieuwe bodemkwaliteitskaart niet afwijken van de oorspronkelijke kwaliteitsklassen (zie tabel 3.3) wordt geconcludeerd dat de oude gegevens nog van toepassing zijn. Bij deelgebied Weert-Wonen (ondergrond) wijkt de nieuwe bodemkwaliteitsklasse (Landbouw/Natuur) wel af van de oorspronkelijke kwaliteitsklasse (Wonen). Dit verschil kan niet verklaard worden. Uit de dataset blijkt echter dat zowel de oude gegevens als de nieuwe gegevens in dezelfde bodemkwaliteitsklasse resulteren (Landbouw/Natuur), zodat ook hier geconcludeerd kan worden dat de oude gegevens bruikbaar zijn.
Hierbij wordt opgemerkt dat de klassebepalende parameters (metalen en PAK) van de bodemkwaliteitskaart stoffen zijn die van nature moeilijk afbreken. Dat betekent dat op locaties waar geen grondverzet heeft plaatsgevonden ook de data ouder dan vijf jaar representatief zijn voor de bodemkwaliteit.
14 (24)
3.3.4
Evaluatie gebiedsindeling
3.3.4.1 Aantal waarnemingen Er is per deelgebied geëvalueerd of het aantal meetgegevens toereikend is om de bodemkwaliteit voldoende nauwkeurig te kunnen vaststellen. In paragraaf 2.2.2 van de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten is aangegeven dat per deelgebied minimaal twintig meetgegevens verzameld moeten worden. Met betrekking tot de spreiding van de waarnemingen, geldt dat de waarnemingen ruimtelijk voldoende verspreid over het deelgebied moeten liggen: • voor aaneengesloten deelgebieden: bij een systematische indeling in twintig vakken zijn in ten minste tien vakken één of meer waarnemingen gedaan; • voor elk niet-aaneengesloten deel van een deelgebied zijn ten minste drie waarnemingen beschikbaar. Afwijkende regels voor nieuwe stoffen Voor de ‘nieuwe stoffen’ (barium, kobalt en molybdeen) zijn de regels uit het Wijzigingsblad (d.d. 1 januari 2016) bij de ’Richtlijn Bodemkwaliteitskaarten versie 3 september 2007’ van toepassing: Barium Voor barium bestaat op dit moment geen norm. De destijds voor deze stof geldende normen zijn per 4 april 2009 (Stcrt. 2009, 67) ingetrokken omdat de interventiewaarde lager was dan het gehalte dat van nature in de bodem voorkomt. Dit blijft gehandhaafd.
De onderzoeksgegevens over barium moeten voortaan wel in de bodemkwaliteitskaarten worden meegenomen, aangezien barium onderdeel uitmaakt van het stoffenpakket, met dien verstande dat geen eisen worden gesteld aan het aantal waarnemingen. Deze gegevens kunnen namelijk een indicatie zijn voor de aanwezigheid van antropogene bronnen die ook andere verontreinigingen met zich mee kunnen brengen. Indien verhoogde barium-gehalten ten opzichte van de natuurlijke achtergrond worden aangetroffen ten gevolge van een antropogene bron, blijft de bestaande regeling in bijlage B, weergegeven in voetnoot 17 bij tabel 2 ‘Normwaarden voor toepassen van grond en baggerspecie in oppervlaktewater en voor de bodem of oever van een oppervlaktewaterlichaam waarop grond of baggerspecie wordt toegepast (waarden voor een standaardbodem, in mg/kg ds)’, van kracht. Kobalt en molybdeen Voor kobalt en molybdeen is eerder al uit onderzoek gebleken dat deze stoffen vrijwel niet van invloed zijn op de kwaliteitsklasse die voor een zone wordt bepaald. Om deze reden zal naast de bestaande regeling worden toegestaan dat bij meer dan 30 waarnemingen per bodemlaag in het gehele beheergebied op niveau van (een deel van het) beheergebied mag worden onderzocht of deze stoffen invloed kunnen hebben op de bodemkwaliteitsklasse.
Als dat niet het geval is mag voor kobalt en molybdeen voor elke bodemkwaliteitszone (in de zin van artikel 1.1 van de Regeling bodemkwaliteit) uitgegaan worden van de statistische gegevens van het beheersgebied. Er hoeft dan niet te worden getoetst aan het minimale aantal waarnemingen per zone (20) en per deelgebied (3). Als dat niet het geval is en kobalt en molybdeen mogelijk wel bepalend voor de klasse zijn, blijven de normale regels onverkort van kracht. PCB In het onderzoek van CSO is vastgesteld dat geen enkel indelingscriterium uit de Richtlijn bodemkwaliteitskaarten relevant is voor PCB. Het organisch stofgehalte daarentegen is wel van invloed op de kwaliteitskarakterisering van een gebied. Daarom kan ervoor gekozen worden om voor PCB na het definiëren van de (eerder vastgestelde) voorlopige deelgebieden en de beschikbaar zijnde representatieve bodemgegevens aparte PCB-deelgebieden te definiëren. Deze zogenaamde PCB-deelgebieden worden gebaseerd op een clustering van de bestaande voorlopige deelgebieden voor zover sprake is van hetzelfde (gemiddelde) organische stofgehalte in de ranges van 0-4%, 4-8% en >8%. Voor de deelgebieden voor PCB vindt controle plaats op een aanvullende minimumeis voor het vereiste aantal waarnemingen voor PCB (minimaal dertig waarnemingen indien sprake is van geclusterde deelgebieden).
15 (24)
Indien gebruik wordt gemaakt van de uitzonderingsmogelijkheid voor PCB's ontstaan er PCB-deelgebieden die twee of meer deelgebieden op basis van de overige stoffen omvatten. In de bodemkwaliteitskaart wordt de indeling in deelgebieden voor de overige stoffen aangehouden en worden in die afzonderlijke deelgebieden telkens voor PCB de statistische kenmerken van het grotere PCB-deelgebied aangehouden".
Zoals uit bovenstaande blijkt, worden met betrekking tot barium geen eisen gesteld aan het aantal waarnemingen. Bij kobalt en molybdeen blijkt uit de statistische analyses dat binnen het bodembeheergebied van de bodemkwaliteitskaart meer dan dertig waarnemingen beschikbaar zijn en dat deze stoffen niet bepalend zijn voor de bodemkwaliteitsklasse (zie tabel 3.4, paragraaf 3.3.5). Dit betekent dat voor deze stoffen geen eisen hoeven te worden gesteld met betrekking tot het minimum aantal waarnemingen (twintig per deelgebied). Met betrekking tot PCB geldt dat de gemiddelde organische stofgehalten van de deelgebieden lager liggen dan 4%. Dit betekent dat het totale beheergebied als één PCB-deelgebied beschouwd kan worden. Het aantal PCB-waarnemingen voldoet (ruimschoots) aan de eis van minimaal dertig stuks. De ligging van de waarnemingen is opgenomen in bijlage 6. Uit bijlage 6 blijkt dat de waarnemingen voldoende ruimtelijk verspreid over de deelgebieden liggen. Met betrekking tot de gemeente Venray wordt opgemerkt dat met betrekking tot de ondergrond in het centrum van Venray onvoldoende waarneming beschikbaar zijn om de gemiddelde milieuhygiënische bodemkwaliteit vast te stellen. Er is gekozen om geen extra waarnemingen uit te voeren, omdat wordt verwacht dat de komende vijf jaar grondverzet in deze zone minimaal zal plaatsvinden.
Dit houdt in dat grond uit deze zone altijd onderzocht moet worden (bijvoorbeeld partijkeuring) alvorens deze elders mag worden toegepast. Bij de actualisatie van de kaart zal worden bekeken of dan voldoende bodemdata beschikbaar zijn om deze zone wel te classificeren.
3.3.4.2 Beoordeling gridkaarten Om te kunnen beoordelen of sprake is van ruimtelijke clustering van punten met dezelfde kwaliteitsklasse, zijn gridkaarten vervaardigd waarbij per grid van 500 x 500 m op basis van de gemiddelde gehalten (inclusief toetsingsregels) de klasse is bepaald (zie bijlage 7). Opmerkingen: • De gridcellen moeten niet op individuele basis worden bekeken, omdat het aantal waarnemingen per cel sterk varieert (van 1 tot meer dan 30). Op de kaart krijgen ze allemaal hetzelfde ‘gewicht’; de begrenzing van de gridcellen willekeurig is gekozen (daardoor kan een groene gridcel (=AW) naast een oranje cel(=industrie,) naast elkaar liggen, terwijl het gemiddelde van beide gridcellen klasse wonen zou kunnen zijn; • Omdat de gebiedsindeling van de bkk ook gebaseerd is op historische informatie, bodemopbouw en dergelijke dienen de gridkaarten (die alleen maar zijn gebaseerd op berekeningen) te worden gezien als hulpmiddel om afwijkingen op te sporen. Op basis van gebiedskennis moet vervolgens bekeken worden of extra deelgebieden moeten worden onderscheiden. Het is dus niet juist om op basis van alleen gridkaarten een bkk op te stellen. Uit de gridkaarten blijkt dat in de bovengrond een tweetal clusters cellen wordt aangetroffen waarin de kwaliteit afwijkt van de kwaliteit die op de ontgravingskaart staat aangegeven.
De betreffende clusters op de gridkaart zijn blauw omcirkeld. Het betreft clusters industrie die in het deelgebied ‘Landbouw/Natuur’ voorkomen in de gemeenten Gennep en Weert.
16 (24)
Uit een nadere beschouwing van de dataset van gemeente Gennep blijkt dat sprake is van waarnemingen met hoge minerale oliegehalten van verdachte locaties. Deze waarnemingen zijn daarom uit de dataset verwijderd. Bij gemeente Weert betreft het clusters verhoogde zink- en cadmiumgehalten. Deze bevinden zich in gebieden waar de bodemkwaliteitskaart vanwege het heterogene karakter van de gehalten onder voorwaarden als bewijsmiddel mag worden gebruikt. Deze gebieden zijn met een arcering op de bodemkwaliteitskaart aangegeven. 3.3.4.3 Toetsingsregel nikkel8 Primair zand en klei met natuurlijk verhoogde nikkelgehalten worden sinds de wijziging van de toetsingsregels niet meer geclassificeerd als schoon materiaal. Grote hoeveelheden primair materiaal en de bodem van locaties die zijn opgehoogd met primair materiaal, worden als gevolg van deze gewijzigde toetsingsregels onbedoeld ingedeeld in de bodemkwaliteitsklasse industrie. Om dit urgente knelpunt het hoofd te bieden is besloten om de toetsingsregel voor de Achtergrondwaarden (art. 4.2.2. lid 5 van de Regeling bodemkwaliteit) aan te passen. Deze aanpassing houdt in dat voor nikkel geen toetsing plaatsvindt aan de Maximale waarde voor de bodemkwaliteitsklasse wonen. Hierdoor wordt het primaire materiaal op dezelfde wijze getoetst als onder het regime van het Bouwstoffenbesluit bodem- en oppervlaktewaterenbescherming.
Binnen enkele jaren zal de normstelling voor nikkel worden herzien. De toetsingsregel voor de Achtergrondwaarde is als volgt: De kwaliteit van grond of baggerspecie overschrijdt niet de Achtergrondwaarden, bedoeld in de tabellen 1 en 2 in bijlage B, indien ten opzichte van de Achtergrondwaarden bij meting van tenminste X stoffen het rekenkundig gemiddelde gehalte van maximaal Y stof(fen) verhoogd is (voor waarden X en Y zie artikel 4.2.2. lid 4 van de Regeling). en verhoging bedraagt per stof ten hoogste twee maal de daarvoor geldende Achtergrondwaarde en overschrijdt niet de daarvoor geldende Maximale waarde voor de klasse wonen. Voor nikkel vervalt de onderstreepte zinsnede. Er hoeft voor nikkel dus geen toetsing plaats te vinden aan de Maximale waarde voor de bodemkwaliteitsklasse wonen. 3.3.5
Bodemkwaliteitszones
3.3.5.1 Samenvoeging deelgebieden tot bodemkwaliteitszones Op basis van de voorgaande stappen zijn van onderstaande deelgebieden statistische berekeningen uitgevoerd om te bepalen of samenvoeging van deelgebieden mogelijk is. • Bovengrond: Landbouw/Natuur; Wonen Roermond; Wonen Weert; Wonen overige gemeenten; Industrie Roermond, Beesel; Industrie Peel & Maas; Roerdelta (gebiedsspecifiek beleid).
8
Bron: www.bodemplus.nl
17 (24)
•
Ondergrond Landbouw/Natuur; Wonen (Weert); Wonen (Roermond binnenstad); Industrie (Roermond havengebied); Roerdelta (gebiedsspecifiek beleid).
Op basis van de gemiddelde gehalten is per deelgebied de bodemkwaliteitsklasse bepaald. Vervolgens worden op basis van gelijke bodemkwaliteitsklasse de deelgebieden samengevoegd tot bodemkwaliteitszones. Tabel 3.3 geeft per deelgebied de berekende kwaliteitsklasse op basis van de gemiddelde gehalten. Tabel 3.3
Bodemkwaliteitsklasse per deelgebied
Deelgebied Bovengrond Landbouw/Natuur Wonen Roermond Wonen Weert Wonen Overig gemeenten Industrie Roermond, Beesel Industrie Peel&Maas Ondergrond Landbouw/Natuur Wonen (Weert) Wonen (‘Roermond binnenstad’) Industrie (‘Roermond havengebied’) Roerdelta
Kwaliteitsklasse Landbouw/Natuur
Wonen
Industrie
X X X X X X X X X X gebiedsspecifiek beleid
Behalve bovengenoemde deelgebieden zijn ook de bodemkwaliteitszones van de bodemkwaliteitskaarten van de gemeenten Venlo en Nederweert en van plangebied OoijenWanssum te onderscheiden. Zoals aangegeven in paragraaf 3.2.4, zijn deze bodemkwaliteitszones ongewijzigd opgenomen in de bodemkwaliteitskaart van regio Limburg Noord. Uit bovenstaande tabel blijkt dat voor het deelgebied Wonen (Weert) in de ondergrond de klasse Landbouw/Natuur wordt berekend (was Wonen). De kwaliteitsklassen van de overige deelgebieden zijn niet gewijzigd. Samenvoeging van de deelgebieden op basis van dezelfde bodemkwaliteitsklasse resulteert in de volgende bodemkwaliteitszones: • Bovengrond Landbouw/Natuur; Wonen; Industrie; Roerdelta (gebiedsspecifiek beleid); • Ondergrond Landbouw/Natuur; Wonen (Roermond binnenstad); Industrie (Roermond havengebied); Roerdelta (gebiedsspecifiek beleid). De bodemkwaliteitszones zijn voor elke stof gekarakteriseerd waaronder het gemiddelde, de heterogeniteitscoefficiënt en verschillende percentielwaarden (zoals P90 en P95), zie bijlage 8. In bijlage 8 zijn voor elke bodemkwaliteitszone per stof tevens de frequentieverdelingen opgenomen, zodat een visueel beeld wordt verkregen van de spreiding in de gehalten.
18 (24)
3.3.5.2 Gemiddelde gehalten en klassebepalende parameters Tabel 3.4 geeft een overzicht van de gemiddelde gehalten per bodemkwaliteitszones van de bovengrond. Uit de tabel blijkt dat in de zone Landbouw/Natuur van alle stoffen de gemiddelde gehalten voldoen aan de Achtergrondwaarden. In de zone Wonen zijn metalen en PAK de klassebepalende parameters: de gemiddelde gehalten van deze stoffen liggen boven de Achtergrondwaarden. In de zone Industrie zijn minerale olie en PAK de klassebepalende stoffen. Tabel 3.5 geeft een overzicht van de gemiddelde gehalten per bodemkwaliteitszones van de ondergrond. Uit de tabel blijkt dat in de zone Landbouw/Natuur van alle stoffen de gemiddelde gehalten voldoen aan de Achtergrondwaarden. Met betrekking tot PCB is het totale beheergebied als één PCB-deelgebied beschouwd (zie paragraaf 3.3.4). Uit de tabellen blijkt dat de gemiddelde PCB-gehalten in de klasse Wonen worden ingedeeld. Mogelijk is dit het gevolg van verhoogde rapportage-grenzen. De verhoogde PCB-gehalten hebben geen effect op de klasse-indeling van de bodemkwaliteitszones. Bij de bodemkwaliteitszone Landbouw/Natuur is PCB de enige parameter die wordt ingedeeld in de klasse Wonen. De toetsingsregel van het Besluit bodemkwaliteit leidt ertoe dat deze bodemkwaliteitszone in de klasse ‘Landbouw/Natuur’ blijft9. Bij de bodemkwaliteitszones Wonen en Industrie is PCB niet klassebepalend.
3.3.5.3 Percentielwaarden Als de 95-percentielwaarde van de zone van herkomst groter is dan de Interventiewaarde moet via invoer van de 95-percentielwaarde in de Risicotoolbox zijn vastgesteld dat op de locatie van toepassing bij die 95-percentielwaarde geen overschrijding van het saneringscriterium plaatsvindt. Uit de berekende P95-percentielwaarden (zie bijlage 8) blijkt dat in geen van de zones P95waarden voorkomen die de interventiewaarde overschrijden. Berekeningen met de Risicotoolbox zijn daarom niet nodig. 3.3.6 Grootschalige bodemtoepassing In een grootschalige bodemtoepassing mag grond tot en met de klasse industrie worden toegepast. Bovendien geldt als voorwaarde dat de emissietoetswaarden niet mogen worden overschreden. In alle zones van de bodemkwaliteitskaart zijn de gemiddelde gehalten lager dan de maximale waarde klasse industrie en worden de emissietoetswaarden niet overschreden (zie de tabellen 3.4 en 3.5). Dit betekent dat in alle zones van de bodemkwaliteitskaart de grond voldoet aan de eisen van een grootschalige bodemtoepassing.
9
Deze toetsingsregel is als volgt: De kwaliteit van de bodem overschrijdt niet de Maximale Waarden voor de kwaliteitsklasse wonen wanneer maximaal 2 stoffen verhoogd zijn ten opzichte van de Maximale Waarden voor de kwaliteitsklasse wonen. De verhoging mag per stof ten hoogste de Maximale Waarde voor de kwaliteitsklasse wonen vermeerderd met de Achtergrondwaarde voor die stof bedragen, waarbij voor alle stoffen geldt dat de gehalten van de gemeten stoffen kleiner zijn dan of gelijk zijn aan de Maximale Waarden voor de kwaliteitsklasse industrie.
19 (24)
Tabel 3.4
Samenvatting statistische kengetallen bovengrond (niet-gestandaardiseerd)
Bodemkwaliteitszone Landbouw/Natuur
Wonen
Industrie
PCB-bovengrond
1)
Aantal Gem ET1) Klasse Aantal Gem ET1) Klasse Aantal Gem ET1) Klasse
Arseen Barium 2069 1437 5.94 30,48 26,2 <AW <AW 786 358 5,90 34,99 26,3 AW AW 106 183 6,16 53,08 25 AW AW
Cadmium Chroom 3571 1905 0,36 12,74 2,69 109 <AW <AW 1121 721 0,46 12,89 2,73 108 Wonen AW 260 94 0,30 13,32 2,59 106 AW AW
Kobalt 1466 3,91 50 <AW 360 3,15 50 AW 175 6,37 47 Wonen
Koper 3611 11,59 62 <AW 1130 16,06 62 AW 267 15,08 59 AW
Kwik Lood 3484 3603 0,08 26,58 3,5 209 <AW <AW 1082 1129 0,11 40.63 3,53 211 AW Wonen 260 272 0,11 42,57 3,57 204 Wonen Wonen
Minerale olie 3452 30,02 <AW 995 38,68 AW 311 41,27 Industrie
Molybdeen 1459 1,08 105 <AW 360 1,05 105 AW 171 0,97 105 AW
Nikkel 3479 7,12 43 <AW 1084 7,31 43 AW 275 12,62 41 AW
PAK 3449 1,44 <AW 995 3,09 Wonen 291 10,06 Industrie
PCB
Aantal
1878
Gem Klasse
0,00826 Wonen
ET: emissietoetswaarde
20 (24)
Zink 3694 61,27 213 <AW 1165 85,67 215 Wonen 261 63,43 203 AW
Tabel 3.5
Samenvatting statistische kengetallen ondergrond (niet-gestandaardiseerd)
Bodemkwaliteitszone Landbouw/Natuur
Arseen Barium Cadmium Chroom Kobalt
Nikkel
PAK
PCB
Zink
3602
1831
1613
3620
3505
3618
3622
1604
3512
3413
3660
Gem
5,16
29,40
0,31
12,08
3,89
13,24
0,07
19,29
32,13
1,04
7,82
1,09
41,09
1)
26,0
2,63
110
51
61
3,52
208
-
105
44
-
213
Klasse
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
Aantal
40
96
136
136
96
138
136
144
170
96
136
125
141
Gem
9,62
71,69
0,34
14,18
8,67
30,56
0,27
76,81
31,41
1,23
15,88
3,42
89,45
1)
27
2,81
111
52
65
3,58
215
-
105
45
-
223
<AW Wonen
Wonen Wonen Wonen
Klasse
<AW
<AW
<AW
<AW
<AW
Wonen
Wonen
Wonen
Aantal
60
86
126
43
83
126
126
136
220
83
126
149
165
Gem
6,35
107,90
0,54
13,86
7,86
21,16
0,12
92,36
100,79
1,28
14,68
17,21
175,53
1)
27
2,66
112
54
63
3,57
211
-
105
46
-
220
<AW Wonen Wonen
Industrie
<AW
Klasse
1)
Minerale olie Molybdeen
1576
ET
PCB ondergrond
Lood
1978
ET
Industrie (Roermond Havengebied)
Kwik
Aantal
ET
Wonen (Roermond binnenstad)
Koper
<AW
Wonen
Wonen
<AW Wonen
<AW Industrie
Industrie
Aantal
1663
Gem
0,0062
Klasse
Wonen
ET: emissietoetswaarde
21 (24)
3.4
Bodemkwaliteitskaart
3.4.1 Ontgravingskaart De ontgravingskaart geeft de kwaliteitsklasse aan van de liggende bodem en daarmee de kwaliteitsklasse van de ontgraven grond. De ontgravingskaarten (bovengrond en ondergrond) zijn opgenomen in bijlage 9. 3.4.2 Toepassingskaart De toepassingskaart geeft weer welke kwaliteitseis (bodemkwaliteitsklasse) de aan te voeren grond dient te voldoen. De toepassingskaart is een combinatie van de bodemkwaliteitsklasse van de ontvangende bodem en de functieklasse van de ontvangende bodem, zoals vermeld op de bodemfunctieklassenkaart. Op basis van deze dubbele toets waarbij de strengste eis doorslaggevend is, is van elke zone de toepassingseis volgens onderstaande tabel bepaald. Tabel 3.6
Toepassingseisen op basis van bodemfunctieklasse en bodemkwaliteitsklasse
Bodemfunctieklasse Geen functie Geen functie Geen functie Wonen Wonen Wonen Industrie Industrie Industrie
Bodemkwaliteitsklasse Landbouw/Natuur Wonen Industrie Landbouw/Natuur Wonen Industrie Landbouw/Natuur Wonen Industrie
Toepassingseis Landbouw/Natuur Landbouw/Natuur Landbouw/Natuur Landbouw/Natuur Wonen Wonen Landbouw/Natuur Wonen Industrie
De toepassingskaart is opgenomen in bijlage 10. 3.4.3 Grondstromenmatrix Tabel 3.7 geeft de grondstromenmatrix, waarin de mogelijkheden van grondverzet tussen de deelgebieden zijn aangegeven. Opmerkingen projectgebied Ooijen-Wanssum Met betrekking tot projectgebied Ooijen-Wanssum wordt opgemerkt dat de regio Limburg Noord de (water)bodemkwaliteitskaart van dit projectgebied heeft geaccepteerd. Daarom mogen grondstromen uit het beheergebied van Rijkswaterstaat (deel plangebied OoijenWanssum) op basis van de (water)bodemkwaliteitskaart en de Nota bodembeheer binnen de regio worden toegepast. Dit geldt echter niet vice versa omdat Rijkswaterstaat de bodemkwaliteiskaart van de Regio Limburg Noord niet heeft geaccepteerd. In de Nota bodembeheer Ooijen-Wanssum zijn Lokale Maximale Waarden opgesteld voor de Uitbreiding van het industrieterrein Wanssum. Deze LMW’s faciliteren enkel de eventuele grondstromen uit de betreffende bodemkwaliteitszone (23a, waterbodem) naar dit industrieterrein.
22 (24)
Tabel 3.7
Grondstromenmatrix
Van:
Roerdelta
Industrie Roermond Havengebied
Wonen Roermond Binnenstad
Landbouw/Natuur
Ondergrond (toepassingskaart)
Roerdelta
Wegbermen Nederweert
Industrie
Wonen
Landbouw/Natuur
Bovengrond(toepassingskaart)
Naar:
Bovengrond (ontgravingskaart) Landbouw/Natuur Wonen Industrie Wegbermen Nederweert Roerdelta Ondergrond(Ontgravingskaart) Landbouw/Natuur Wonen Roermond Binnenstad Industrie Roermond Havengebied Roerdelta Bkk kan dienen als milieuhygienische verklaring indien door middel van een NEN5725 onderzoek is aangetoond dat de ontgravingslocatie onverdacht is. Voor de op de ontgravingskaart gearceerde gebieden in Weert en Roermond gelden specifieke eisen (zie nota bodembeheer).
Hergebruik binnen Roerdelta is alleen mogelijk op basis van de voorwaarden die staan beschreven in de Nota bodembeheer van regio Limburg Noord Bkk kan niet worden gebruikt als milieuhygiënische verklaring. Er dient onderzoek plaats te vinden conform de geldende wetten en normen.
23 (24)
3.4.4 Gebruik van de bodemkwaliteitskaart als milieuhygiënische verklaring Het gebruik van de bodemkwaliteitskaart als milieuhygiënische verklaring (bewijsmiddel) voor de kwaliteit van de toe te passen grond en baggerspecie of als bewijsmiddel voor de ontvangende bodem is alleen toegestaan, indien: 1. de toepassingslocatie en de plaats van herkomst van de grond of baggerspecie gelegen zijn binnen het beheergebied waarop de bodemkwaliteitskaart betrekking heeft; 2. voor alle gemeten stoffen de P95 van de bodemkwaliteitszone van herkomst niet leidt tot een overschrijding van het saneringscriterium op de toepassingslocatie; 3. wordt voldaan aan de randvoorwaarden voor het gebruik van de bodemkwaliteitskaart als bewijsmiddel, die zijn opgenomen in de Nota bodembeheer van Regio Limburg Noord. Ad 1 De bodemkwaliteitskaart kan als bewijsmiddel worden gebruikt voor grondverzet binnen het beheergebied Regio Limburg Noord. Indien er grond buiten het beheergebied wordt toegepast, dient het Bbk-bevoegd gezag van de locatie waar de grond wordt toegepast de bodemkwaliteitskaart in een op te stellen Nota bodembeheer vast te stellen. Ad 2 Omdat geen P95-waarden boven de interventiewaarde zijn aangetroffen, leidt de toepassing van grond en/of baggerspecie uit het beheergebied Regio Limburg Noord niet tot een overschrijding van het saneringscriterium.
24 (24)
Bijlage 1. Regionale ligging plangebied
Mook en Middelaar Gennep Bergen
Venray Horst aan de Maas Venlo Nederweert
Beesel
Leudal
Roermond Maasgouw Roerdalen Echt-Susteren Topografische ligging
Bodemkwaliteitskaart Limburg Noord Opdrachtgever: 15 Limburgse gemeenten Projectnummer: 349858 Status: Definitief Datum: 6-4-2018 Schaal: 1:400.000 Formaat: A4 Getekend: JR 0
4.000
8.000
12.000
16.000
© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
20.000
24.000 meter
´
Esri Nederland, Community Map Contributors
K:\Algemeen\BDM\Jos Reijerink\TOOLS\GISTOOLS\Sweco sjablonen\Topografische liggingJR.mxd 6-4-2018 14:15:32
Weert
Peel en Maas
Bijlage 2. Bodemfunctieklassenkaart
Mook en Middelaar
Gennep
Bergen
Venray
Horst aan de Maas
Venlo
Peel en Maas
Nederweert
Beesel
Leudal
Weert
Roermond
Maasgouw Roerdalen
Legenda
Echt-Susteren
Beheergebied RWS Wonen
Industrie
Verharde wegen en spoorwegen: Bodemfunctieklasse Industrie
Bodemfunctieklassenkaart
Bodemkwaliteitskaart Limburg Noord Opdrachtgever: 15 Limburgse gemeenten Projectnummer: 349858 Status: Definitief Datum: 1-5-2019 Schaal: 1:75.000 Formaat: A0 Getekend: BJ - Gecontroleerd: JR 0
750
1.500
2.250
3.000
© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
3.750
4.500 meter
´
Esri Nederland, Community Map Contributors
\\sweco\nl\AMS01\Legacy\P\HOU\PRJ500\349858\GIS\mxd\A0P_BK K_BFK K_20190501.mxd 1-5-2019 15:57:47
Bodemfunctiekaart
Bijlage 3. Arseengebieden
Legenda Gemeentegrens
Arseengebieden
Arseengebied Bosbeek en De Berckt Arseengebied Eckeltsebeek en Horsterbeek Arseengebied Beesel Arseengebied Roermond IJzerrijke zandgronden meest lemige gleijgronden Oude rivierkleigronden Waargenomen ijzeroer + arseen in oude rivierkleigronden
Arseengebieden
Bodemkwaliteitskaart Limburg Noord Opdrachtgever: 15 Limburgse gemeenten Projectnummer: 349858 Status: Definitief Datum: 2-8-2018 Schaal: 1:250.000 Formaat: A3 Getekend: BJ - Gecontroleerd: JR 0
2.500
5.000
7.500
10.000
© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
12.500
15.000 meter
´
Esri Nederland, Community Map Contributors
\\sweco\nl\AMS01\Legacy\P\HOU\PRJ500\349858\GIS\mxd\A3P_Arseengebieden_20180802.mxd 2-8-2018 13:52:00
Waargenomen ijzeroer volgens Tesch (1938/1939)
Bijlage 4. Mijnsteengebieden
Aandachtsgebieden Regio Limburg Noord: Mijnsteengebieden
Esri Nederland & Community Maps Contributors
Legenda Gemeentegrenzen Bron: Provincie Limburg Mijnsteengebieden Bron: Waterregeling Beheer waterkwaliteit
0
Drogere oevergebieden
4,5
9
± 18
Esri Nederland & Community MapsKilometers Contributors
Bijlage 5. Deelgebieden
Mook en Middelaar
Gennep
Bergen
Venray
Horst aan de Maas
Venlo
Peel en Maas
Nederweert
Beesel
Leudal
Weert
Roermond
Maasgouw Roerdalen
Legenda Beekdalen, niet limitatief Beheergebied RWS
Deelgebieden ontgravingskaart bovengrond Landbouw/Natuur
Wonen Roermond Wonen Weert Wonen Overige gemeenten Industrie Peel en Maas Industrie Wegen Nederweert Roerdelta Niet gezoneerd
Deelgebieden bovengrond obv. vorige bkk's Bodemkwaliteitskaart Limburg Noord Opdrachtgever: 15 Limburgse gemeenten Projectnummer: 349858 Status: Definitief Datum: 20-8-2018 Schaal: 1:75.000 Formaat: A0 Getekend: BJ - Gecontroleerd: JR 0
750
1.500
2.250
3.000
© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
3.750
4.500 meter
´
Esri Nederland, Community Map Contributors
\\sweco\nl\AMS01\Legacy\P\HOU\PRJ500\349858\GIS\mxd\A0P_BK K_ZoneringB G_20180820.mxd 20-8-2018 11:25:46
Echt-Susteren
Industrie Roermond, Beesel
Mook en Middelaar
Gennep
Bergen
Venray
Horst aan de Maas
Venlo
Peel en Maas
Nederweert
Beesel
Leudal
Weert
Roermond
Maasgouw Roerdalen
Legenda Beekdalen, niet limitatief Beheergebied RWS
Deelgebieden ontgravingskaart ondergrond Landbouw/Natuur
Wonen Roermond Binnenstad Industrie Roermond Havengebied Industrie wegen Nederweert Roerdelta Niet gezoneerd
Deelgebieden ondergrond obv. vorige bkk's Bodemkwaliteitskaart Limburg Noord Opdrachtgever: 15 Limburgse gemeenten Projectnummer: 349858 Status: Definitief Datum: 20-8-2018 Schaal: 1:75.000 Formaat: A0 Getekend: BJ - Gecontroleerd: JR 0
750
1.500
2.250
3.000
© Sweco Nederland B.V. Alle rechten voorbehouden
3.750
4.500 meter
´
Esri Nederland, Community Map Contributors
\\sweco\nl\AMS01\Legacy\P\HOU\PRJ500\349858\GIS\mxd\A0P_BK K_ZoneringOG_20180820.mxd 20-8-2018 11:25:13
Echt-Susteren
Wonen Weert
Bijlage 6. Waarnemingenkaart
! !
! ! ! ! !
! !
!! ! ! ! ! ! !!
!
!
! !! ! ! ! !! ! !! ! !!! !
! ! ! !
! !! ! ! ! !!
Mook en Middelaar ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !
!! !!
! ! ! ! ! ! !
!
!
!
!
!! ! ! ! !
!! !
! ! ! ! ! ! ! !
!
! ! ! ! ! ! !
!
!
! !! ! !! !! !
! ! ! !! ! !! ! ! ! !
! !! ! ! ! ! !
! ! ! ! ! !! !
!
! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! !!!! ! ! !!! !!!!! ! !!!!!!!! ! !!!! ! ! !!!!!!!!! ! ! ! !! !! !!! ! !! !!! ! ! ! ! !
! !
!!
! !!!!!!!! ! ! ! !! ! !! ! !!!! !! ! ! ! !
! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! !! ! !! ! ! ! ! !! ! ! ! !! ! !! ! !! ! !!! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! !! !!! !! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! !! ! !!! ! !
! !
!
! !
! ! ! ! !! ! ! !
!
!
! ! !
Gennep
!! !! !! !!!! ! !! !! !! !! !! ! ! !! ! ! ! !
! ! !
! !
!! !
! ! ! !
! ! ! !! ! ! ! !! ! !
! ! ! !
! !!
!
! ! !
! !
! ! ! ! !
! ! !! ! !
!
! ! !! ! !! ! ! !!!
! ! ! ! !
!
! ! ! !
!
!
! ! ! ! ! !! ! !! !!! !
!
! !
! ! !
Bergen !
!! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! !
!
!
!!
! !
! !
!
!
!
!
!
!
! !!
!
!
!
!
!
!
! !
! !
!
!! ! ! ! ! !
! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !
!
!
! !! !!
! ! ! ! !
! !!! !
!
!
!
!
! ! ! !
! !
!
!
!
!
!
! ! !
! !! !
!
!
!
!
! !
!
! !!
!
!
!
!
! ! !!
!
!
!
!
! !
! ! !
!
! !
!
!
! !
!! !
!
!
!
!
!!
!
! ! !
!
!
! !
!
! ! !!
! !!
! !
!
!
!
!
! !
!
!
! !
!! !
! !
!
!
! ! ! ! !
!
!
! !
!
!! !
!
!
!
!!
Venray
!!
!
!
!
!
!! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! !! ! ! ! !
!
!
!
!
! !
! !
!
!
!
!
! !
!
!
!
!
! !
!
!
! !
!
! !
!
!
!
! !
!
!
!
! !
!
!
! ! ! ! !
!
!
!
Horst aan de Maas
! !
!
!
!
!
!
! !
!
!
!
! ! ! !
!
! !
!
Venlo
! !
! !
! ! ! !
!
!
! !
!
! !
!
!
!
!
!
!
!
! ! ! !
!
!
! ! !
!
Peel en Maas
!
!
!
!
! !! !
! !
!
! ! !
!
!
!
!
!
! !
! ! ! ! ! ! ! !!! !!! ! ! ! ! !! ! ! ! !
!
!
! !!
!
!
! ! !
!!
!
!
! !
!
!
! ! ! !
!!!
! !
! !!
!
!! ! ! !! !
! !
! ! !! ! !
!!! !! !! !! !! ! ! ! !
!!
!
!!! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! !! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !!!!! ! !
! !!! !
! ! !
!!! ! ! ! !! ! ! ! !!! ! ! !! !! ! ! !! ! !
!
!
! ! ! ! ! !
Weert
!
!
!!! !
!
! ! ! ! ! ! ! ! ! !
!!
! ! ! !
! ! ! ! ! ! ! ! !
!
!! !
!
! ! !
!
!
! ! ! !
!
!
!!! ! ! !! !
!
! ! ! ! ! ! !!!! ! ! ! ! !! ! !! !! ! !! ! ! !! ! ! !!
! ! ! ! ! ! ! !!! !! ! ! ! !
! ! ! ! ! !! ! ! ! !
! ! ! ! ! !
! !! ! ! !! !! ! !
Leudal
! !
! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! !
! ! ! ! !
! ! ! ! ! ! ! ! !
! !
!!
! ! ! ! !! ! ! ! ! !
! !! ! !! ! ! ! !! !!!
! ! ! !!
! !!
!
!
! ! ! ! ! ! ! !
!! ! !! ! ! ! !!! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! !!!!!! ! ! ! ! ! !!!! ! ! ! ! !!!! ! ! !! !! !! ! ! ! ! !!!! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! !! !! ! ! ! ! ! ! !! !! ! !! !! ! ! ! ! !
! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !
! !!!!!!! ! ! ! !! !! !!!!! !!!! ! !!!!!!!!! !! ! ! ! !
!
!
!
! !
! !
! ! ! !
!
!
! ! !
!
! ! ! ! !! ! ! ! ! !!!! !
! !
!
!
! ! ! !! !!
!
! ! ! ! !!
! !
! !!
! ! !!!! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! !! !
!
!! ! ! ! !
! !
! ! ! ! ! ! ! ! ! !! ! ! ! ! ! !
! ! ! ! !!! !! !
!!
! ! !
!
! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !
! ! ! ! ! ! !
! ! !! !! ! !! ! ! ! ! ! ! ! ! !
! ! !
! ! ! !
!! !! !! ! ! ! !!! !!
! ! ! ! ! !! ! ! ! !!
!
! ! ! !!!
!
!
!
!! ! ! ! ! !!! !! !! ! ! ! ! ! ! !!
!!
!
!! ! ! !! ! !!! ! !
! !
!
! ! ! ! ! ! !! ! !
!! !
! ! ! ! ! !! !
!! ! !
! ! ! ! ! ! ! ! ! ! ! !!
! ! ! !! ! ! ! ! !!! ! !!
! ! ! ! ! !
! !
Maasgouw
!
!
! ! ! ! !!
!
!
! !
! !! ! !
!
! !! !!
!
!
!!
!
!!
! !!
!
!
! !
!
! ! !
! !
! !
!
! ! ! !! ! !!!!!! ! !!! !! ! ! !! ! !! ! ! !!!!! ! ! ! ! ! ! !!! ! ! !! ! !! !!! ! !! ! ! !!! !!! ! !! !! !!! !! ! ! ! ! ! !! ! !! ! !!! ! !!!! !! ! !! ! ! ! !!! !!! ! ! ! ! ! ! !! ! ! !! !!! ! ! ! ! ! !
!
! !! ! ! ! ! ! !! ! !!! !! ! !
! !
! !! !
!
!
!!
! !
! !
! ! ! !! !! ! !! ! ! ! !! ! !! !!! ! !! ! !!! !! ! ! !!! ! ! !! !! !
!
!
!
! !!
!! !
!
! !
!
! ! !
!
!
!
!
!
!
!
! !
!
!
! ! ! !!!! ! ! !! ! ! ! !
! ! !! ! ! !! ! !
! !!
! !! !! ! ! ! !! !!! !
! !
! ! !! ! !
! !
!
!
! !! ! ! !! ! ! !! ! ! ! ! !
Beheergebied RWS
Deelgebieden ontgravingskaart bovengrond Landbouw/Natuur
Wonen Overige gemeenten Industrie Roermond, Beesel
! !
Industrie Wegen Nederweert !
Roerdelta Niet gezoneerd
!
!
!
Beekdalen, niet limitatief
Industrie Peel en Maas
! !
!
!
Waarnemingen bovengrond
Wonen Weert !
!
!
!
!
! !!! ! !
Wonen Roermond
!
!
!
!
!
! ! ! ! !!
! !! ! !
! !!
! !
!
! ! ! !
!! ! !
!
!
!!
! !
Echt-Susteren
! ! !!
! !
!
! ! ! ! ! !! !
! !
! ! ! ! ! ! ! !! !! ! ! !! !
!
!
!
!
! !! ! ! !! !! ! ! ! ! ! ! ! !! !!
! !
! !
!
!
! !
!
! !