CConstaterende datHorst aan de Maas
Koppel je AI →
Document · PDF

03c.2 Bijlage 2 Verkennend bodemonderzoek

Gemeenteraad 8 maart 2022, gemeente Horst aan de MaasBij agendapunt: Voorstel tot het vaststellen van het bestemmingsplan Langstraat 7/Kogelstraat 25, Hegelsom.11.190 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Verkennend bodemonderzoek Kogelstraat 25 en Langstraat 7 te Hegelsom

Verkennend bodemonderzoek Kogelstraat 25 en Langstraat 7 te Hegelsom Aeres Milieu Projectnummer Status rapport Datum

: AM21399 : Definitief (versie 1) : 19 oktober 2021

Opdrachtgever

: Reland Burg. Verdijkplein 1 5835 AR Beugen

Opgesteld door Paraaf

: ing. T.K.P.G. Thijssen :

Gecontroleerd door Paraaf

: ing. J.M.G. Reuver :

Aeres Milieu B.V. Noordhoven 4 6042 NW ROERMOND (t) 0475 – 320 000 e-mail: info@aeres-milieu.nl www.aeres-milieu.nl

2001 + 2002

Disclaimer Het onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden (opzet conform NEN 5740 en interpretatie aan de hand van de Leidraad Bodembescherming). Opgemerkt wordt dat bij een verkennend bodemonderzoek sprake is van een steekproefsgewijze bemonstering en het nemen van een beperkt aantal monsters. De mogelijkheid blijft daarom bestaan dat puntverontreinigingen, welke niet voortkomen uit het historisch onderzoek, niet door het onderzoek worden aangetoond. Daarnaast blijft het mogelijk dat lokale afwijkingen in de samenstelling van het bodemmateriaal voorkomen. Tot slot wordt erop gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Het bovenstaande betekent dat Aeres Milieu op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert voor maatregelen of mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Aeres Milieu uitgevoerde bodemonderzoek neemt. Tevens wordt opgemerkt dat Aeres Milieu voor het verkrijgen van de voor het historisch onderzoek noodzakelijke informatie (mede) afhankelijk is van externe bronnen. Voor Aeres Milieu is niet te verifiëren of deze bronnen altijd volledig en zonder fouten zijn. Hierdoor kan Aeres Milieu niet instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.

Pagina | 2 AM21399

INHOUDSOPGAVE 1.

INLEIDING ...................................................................................................................................................................................................................4

2.

VOORONDERZOEK ..................................................................................................................................................................................................5

3.

4.

5.

6.

2.1

Inleiding ............................................................................................................................................................................................................5

2.2

Topografische beschrijving........................................................................................................................................................................5

2.3

Bewoningsgeschiedenis ..............................................................................................................................................................................6

2.4

Dossieronderzoek ..........................................................................................................................................................................................6

2.5

Bodemopbouw en geo(hydro)logie .........................................................................................................................................................8

2.6

Beschrijving van de onderzoekslocatie .................................................................................................................................................8

2.7

Bodemkwaliteitskaart ..................................................................................................................................................................................9

2.8

Onderzoekshypothese .................................................................................................................................................................................9

ONDERZOEKSSTRATEGIE .................................................................................................................................................................................. 10 3.1

Inleiding ......................................................................................................................................................................................................... 10

3.2

Onderzoeksstrategie ................................................................................................................................................................................. 10

VELDWERKZAAMHEDEN .................................................................................................................................................................................... 11 4.1

Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 11

4.2

Grondbemonstering ................................................................................................................................................................................... 11

4.3

Grondwatermonstername ........................................................................................................................................................................ 12

LABORATORIUMONDERZOEK .......................................................................................................................................................................... 13 5.1

Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 13

5.2

Grond(meng)monster(s)............................................................................................................................................................................ 13

5.3

Grondwatermonsters ................................................................................................................................................................................. 15

5.4

Toetsing van de gestelde hypothese .................................................................................................................................................. 15

CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ................................................................................................................................................................ 16

Bijlagen: 1 2 3 4 5 6 7

Topografische en kadastrale overzichtskaart Foto’s onderzoekslocatie Situatietekening onderzoekslocatie met boorpunten Boorprofielen Verklaring veldmedewerker Toetsingstabellen en analyserapport grond(meng)monster(s) Toetsingstabellen en analyserapport grondwatermonster(s)

Pagina | 3 AM21399

1. INLEIDING In opdracht van Reland heeft Aeres Milieu een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie: Adres onderzoekslocatie

: Kogelstraat 25 en Langstraat 7 te Hegelsom

Gemeente

: Horst aan de Maas

Kadastrale registratie

: Horst, sectie M, nummer 237

Oppervlakte

: circa 770 m2

Dit bodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de NEN 5740. Het verkennend bodemonderzoek bestaat uit een vooronderzoek naar de historie en bodemgesteldheid van de onderzoekslocatie en aanvullend hierop een bodemonderzoek op het perceel.

Aanleiding Dit bodemonderzoek is uitgevoerd in verband met de beoogde bestemmingswijziging. De huidige bedrijfsbestemming wordt omgezet in een woonbestemming. Hierbij wordt de bestaande bedrijfswoning (Kogelstraat 25) in een burgerwoning omgezet en wordt op het westelijk deel van het perceel, ter plaatse van de huidige bedrijfsbebouwing (Langstraat 7), een nieuw woningbouwkavel gerealiseerd.

Doel Het doel van het verkennend onderzoek is, middels een steekproef, het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit ter plaatse. Het onderzoek is niet bedoeld om een exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven.

Onderzoek Aeres Milieu B.V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. In hoofdstuk 2 is het vooronderzoek en de daaruit volgende onderzoekshypothese beschreven. Naar aanleiding van de opgestelde hypothese wordt in hoofdstuk 3 de onderzoeksstrategie opgesteld. In hoofdstuk 4 worden de veldwerkzaamheden (grond-

en

grondwateronderzoek)

beschreven.

Hoofdstuk

5

beschrijft

de

laboratoriumwerkzaamheden

en

de

onderzoeksresultaten. Het rapport wordt afgesloten met hoofdstuk 6, waarin de conclusies en enkele aanbevelingen staan beschreven. Bemonstering en laboratoriumonderzoek vonden plaats in september 2021. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de protocollen van de BRL SIKB 2000. De chemische analyses zijn uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam. SGS Environmental Analytics B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025. Alle analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatie Schema 3000 (AS3000).

Pagina | 4 AM21399

2. VOORONDERZOEK 2.1

Inleiding

Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de bepaling van de onderzoeksstrategie op onderhavige locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit vooronderzoek zijn opgenomen in voorliggend hoofdstuk. De in paragraaf 2.1 t/m 2.6 opgenomen informatie is afkomstig van/uit: •

de opdrachtgever;

•

het kadaster;

•

topotijdreis.nl;

•

het dinoloket;

•

gemeente Horst aan de Maas;

•

provincie Limburg;

•

terreininspectie.

In principe richt het vooronderzoek zich op alle percelen waarop het onderzoek betrekking heeft én de direct hieraan grenzende percelen. Indien een direct aangrenzend perceel smal (< 10 m breed) is, worden ook de percelen hier weer aan grenzend meegenomen. Indien de aangrenzende percelen groot zijn, wordt alleen het gedeelte van deze percelen binnen 25 meter vanaf de grens van de bodemonderzoekslocatie in beschouwing genomen, tenzij er aanleiding bestaat toch het gehele perceel te onderzoeken.

2.2

Topografische beschrijving

De onderzoekslocatie ligt in de bebouwde kern van Hegelsom. Kadastraal is de locatie bekend als Horst, sectie M, nummer 237. De coördinaten volgens het R.D. stelsel zijn X = 200.248/ Y = 383.586. Zie bijlage 1 voor een kadastrale kaart. Op onderstaande luchtfoto is de globale begrenzing van de onderzoekslocatie weergegeven (gele omlijning).

Pagina | 5 AM21399

2.3

Bewoningsgeschiedenis

In het kader van het vooronderzoek is historisch kaartmateriaal bestudeerd. De ontwikkeling van de locatie en directe omgeving is weergegeven op onderstaande kaarten. Uit het kaartmateriaal van 1900 blijkt dat locatie bestaat uit bos. Het stratenpatroon (Kogelstraat en Langstraat) zoals dat heden ten dage aanwezig is, is al aanwezig. In 1940 is de locatie in gebruik als agrarisch bouwland. Op de topografische kaart van 1967 is voor het eerst bebouwing waar te nemen op de locatie en de aangrenzende percelen. Uit de BAG viewer (Basisregistratie Adressen en Gebouwen) blijkt echter dat de eerste bebouwing op de locatie dateert van 1959, dit betreft de woning. In de navolgende jaren neemt de bebouwing in de omgeving van het plangebied toe.

jaartal 1900

jaartal 1940

jaartal 1967

jaartal 1980

jaartal 1995

jaartal 2010

Afbeelding 2: geraadpleegde historische kaarten (bron kaarten: topotijdreis.nl)

2.4

Dossieronderzoek

Voor het verkrijgen van historische informatie van de onderzoekslocatie is een informatieverzoek ingediend bij de gemeente Horst aan de Maas. Gevraagd is naar uitgevoerde bodemonderzoeken en/of bodemsaneringen, verleende hinderwet- of milieuvergunningen, bouw- en/of sloopvergunningen, de aanwezigheid van onder- en/of bovengrondse brandstoftanks en gegevens over calamiteiten. Tevens is gevraagd of de locatie en de directe omgeving verdacht is op het voorkomen van verhoogde gehalten aan PFAS en/of GenX, of dat er ter plaatse bronlocaties bekend zijn voor PFAS of GENX. Door een medewerker van het team vergunningen van de gemeente zijn bouw- en milieuvergunningdossiers digitaal beschikbaar gesteld. Pagina | 6 AM21399

Ter plaatse van de onderzoekslocatie en de aangrenzende percelen zijn voor zover bekend geen bodemonderzoeken uitgevoerd. Op de locatie heeft, voor zover bekend, geen bovengrondse of ondergrondse opslag van oliehoudende producten plaatsgevonden.

Voor de onderzoekslocatie zijn de in tabel 2.1 weergegeven (relevante) bouwvergunningen geraadpleegd. Datum

Bouwvergunning

Opmerkingen

17-01-1959

Bouwen van een woning

In de beschikbaar gestelde vergunningstukken wordt geen melding gemaakt van toegepaste asbesthoudende bouwmaterialen.

11-03-1963

Bouwen van een diepvriescel met garage

In de beschikbaar gestelde vergunningstukken wordt geen melding gemaakt van toegepaste asbesthoudende bouwmaterialen.

21-02-1966

Bouwen van een kantoor

In de beschikbaar gestelde vergunningstukken wordt geen melding gemaakt van toegepaste asbesthoudende bouwmaterialen.

10-06-1968

Bouwen van een garage met opslagruimte

In de beschikbaar gestelde vergunningstukken wordt geen melding gemaakt van toegepaste asbesthoudende bouwmaterialen.

17-07-1972

22-04-1985

Bouwen van een opslagruimte en een

In de beschikbaar gestelde vergunningstukken wordt geen melding

afscheidingsmuur

gemaakt van toegepaste asbesthoudende bouwmaterialen.

Bouwen van een carport

In de beschikbaar gestelde vergunningstukken wordt geen melding gemaakt van toegepaste asbesthoudende bouwmaterialen.

Tabel 2.1.: Overzicht geraadpleegde (relevante) bouwvergunningen (bron: gemeente Horst aan de Maas)

Voor de onderzoekslocatie zijn de in tabel 2.2 weergegeven (relevante) milieuvergunningen geraadpleegd. Datum

Milieuvergunning/-melding

Opmerkingen

06-04-1964

Hinderwetvergunning voor het oprichten van

Geen bijzonderheden

een diepvrieskluis voor vlees en groenten 10-02-1969

Hinderwetvergunning voor het oprichten van

Aard van de inrichting: reparatie- en timmerwerkplaats

een machinale houtbewerkingsinrichting

De activiteiten bestaan uit het vervaardigen van houten kozijnen, schaalstukken

etc..

Binnen

houtbewerkingsmachines

de

inrichting

aanwezig:

zijn

lintzaag,

de

volgende freesbank,

vandiktebank en schaafbank. In de stukken is geen melding gemaakt van de opslag van milieugevaarlijke stoffen. 27-08-1973

Hinderwetvergunning voor het uitbreiden

Aard van de inrichting: reparatie- en timmerwerkplaats

van de machinale houtbewerkingsinrichting

Geen bijzonderheden/wijzigingen t.a.v. bodem.

met een opslagruimte 02-07-1996

Intrekken verleende milieuvergunning

Tijdens een bedrijfsbezoek is gebleken dat de inrichting niet meer in gebruik is en er gedurende 3 jaren geen gebruik is gemaakt van de eerder verleende vergunning.

Tabel 2.2: Overzicht geraadpleegde (relevante) milieuvergunningen (bron: gemeente Horst aan de Maas)

Er is geen informatie bekend dat op de locatie of directe omgeving (bedrijfs)activiteiten hebben plaatsgevonden die een potentiële bron zijn voor PFAS en/of GenX. Voor zover bekend hebben er op de locatie geen ophogingen, opvullingen of dempingen plaatsgevonden. Pagina | 7 AM21399

Uit informatie van de provincie Limburg (ondergrondportaal Limburg) blijkt dat binnen of direct nabij het onderzoeksgebied geen (voormalige) stortplaatsen of ernstige bodemverontreinigingen bekend zijn.

2.5

Bodemopbouw en geo(hydro)logie

De bodemopbouw van de onderzoekslocatie wordt schematisch weergegeven in tabel 2.3. Diepte [m-mv]

Hydrogeologische eenheid

Lithologie

0 – 8,2

Formatie van Boxtel

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind

8,2 – 24

Formatie van Beegden

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit grof zand, grind en midden zand, weinig zandige klei en fijn zand, een spoor klei en kans op stenen, keien en blokken

24 – 39

Kiezeloöliet Formatie

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, weinig klei, zandige klei, fijn zand en grind en een spoor bruinkool

39 – 47,5

Formatie van Breda

Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand en kleiig zand, weinig grof zand en glauconietzand en een spoor klei, bruinkool, grind en schelpen

Tabel 2.3: Geo(hydro)logische indeling (bron: Dinoloket identificatienummer B52G0006)

Het maaiveld ter plaatse van de onderzoekslocatie bevindt zich op een hoogte van circa 26,3 meter +NAP. De stroming van het freatisch grondwater is oostelijk gericht en bevindt zich op een hoogte van circa 24 meter + NAP. De onderzoekslocatie bevindt zich niet binnen de grenzen van een grondwaterbeschermingsgebied.

2.6

Beschrijving van de onderzoekslocatie

Op 2 september 2021 is een veldinspectie uitgevoerd. Hierbij is gelet op het terreingebruik en de aanwezigheid van ondergrondse tanks, stookplaatsen, (half)verhardingslagen, ophogingen, storthopen, dempingen, afgravingen en asbestverdacht materiaal op het terrein. Een fotoreportage van de onderzoekslocatie is opgenomen in bijlage 2. De onderzoekslocatie is grotendeels bebouwd met de woning Kogelstraat 25 en de achterliggende (voormalige) timmerwerkplaats aan de Langstraat. Voor de woning ligt een kleine tuin. Ten zuiden van de woning ligt een oprit verhard met tegels. De (voormalige) timmerwerkplaats is voorzien van een betonvloer en wordt momenteel gebruikt als opslag- en klusruimte. Het buitenterrein bij de (voormalige) timmerwerkplaats aan de Langstraatzijde is verhard met beton. Ter plaatse van het zuidelijk deel van het buitenterrein is een overkapping aanwezig. Het dak van de overkapping bestaat uit asbestverdachte golfplaten. Het dak watert af in zuidelijke richting. Langs de zuidelijke dakrand is een goot aanwezig voor de afvoer van afstromend hemelwater. Er zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van bronnen voor verontreinigingen (bijv. opslag milieugevaarlijke stoffen etc.).

De onderzoekslocatie wordt aan de noordzijde begrensd door het woonperceel Kogelstraat 27, aan de oostzijde door de Kogelstraat, aan de zuidzijde door de woonpercelen Kogelstraat 23 en Langstraat 9 en aan de westzijde door de Langstraat.

Pagina | 8 AM21399

2.7

Bodemkwaliteitskaart

Uit de regionale bodemkwaliteitskaart Limburg Noord (Sweco, 24-05-2019) blijkt dat de onderzoekslocatie voor de bovengrond en ondergrond ligt in het deelgebied ‘landbouw/natuur’. Voor zowel de bovengrond als de ondergrond geldt de ontgravingsklasse ‘landbouw/natuur’. Op de bodemfunctieklassenkaart heeft de locatie de functieklasse ‘wonen’.

2.8

Onderzoekshypothese

Gebaseerd op de verzamelde gegevens uit het vooronderzoek (langdurig menselijk gebruik en vml. bedrijfsmatige activiteiten) is de onderzoekslocatie als “verdacht” beschouwd op het voorkomen van bodemverontreiniging. Op basis van de uitgevoerde veldinspectie is gebleken dat een overkapping op het westelijk terreindeel (zijde Langstraat) bestaat uit asbestverdachte golfplaten. Het dak watert af in zuidelijke richting. Langs de zuidelijke dakrand is een goot aanwezig voor de afvoer van afstromend hemelwater. Eventuele asbesthoudende deeltjes van verwerende dakplaten worden met het afstromend regenwater afgevoerd. Gelet op de aanwezigheid van een goot en een betonverharding onder de overkapping wordt de aanwezigheid van asbest in de bodem vooralsnog niet verwacht.

Pagina | 9 AM21399

3. ONDERZOEKSSTRATEGIE 3.1

Inleiding

Op basis van de verzamelde informatie uit het vooronderzoek (NEN 5725) en de gestelde onderzoekshypothese(n) voor de onderzoekslocatie, is een onderzoeksstrategie opgesteld conform de richtlijnen van de onderzoeksnorm NEN 5740 (BodemLandbodem; Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond van het Nederlands Normalisatie-Instituut.

3.2

Onderzoeksstrategie

Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de strategie ‘VED-HE’ uit de NEN 5740. In principe worden boringen willekeurig verspreid over de gehele onderzoekslocatie. Voor het vaststellen van de milieuhygiënische conditie van de bodem (grond en grondwater) van de onderzoekslocatie zal volgens onderstaande strategie veldwerk en monstername voor laboratoriumanalyse plaatsvinden. ONDERZOEKSNORM NEN 5740 'VED-HE' Aantal boringen oppervlakte

tot 0,5 m in de verdachte laag

770 m²

5

boring tot de onderzijde van de verdachte laag met een maximum van 2 m 1

èn boring met peilbuis 1,2)

Aantal te onderzoeken (meng)monsters grond grondwater (verdachte laag)

1

3 (+1 ondergrond)

1

Tabel 3.1: Veldwerk, monstername en analysestrategie volgens NEN 5740 “verdacht” 1) Deze boringen worden doorgezet tot 0,5 m onder de verdachte laag. Indien de grondwaterspiegel zich dieper dan 5 m beneden het maaiveld bevindt, kan plaatsing van peilbuizen achterwege blijven. De peilbuizen worden in dat geval vervangen door boringen tot tenminste 5,5 m beneden maaiveld. 2) Wanneer de verontreiniging vooral in het grondwater wordt verwacht, wordt het aantal peilbuizen uitgebreid.

Legenda bij tabel 3.1 m: meter beneden maaiveld lutos: lutum en organische stofgehalte De bovengrond en de ondergrond worden onderzocht op de stoffen uit het NEN 5740 ‘standaardpakket’: • drogestof-bepaling • 9 zware metalen • 10 polycyclische aromatische koolwaterstoffen • 7 polychloorbifenylen (PCB) • minerale olie Tevens bepaalt het laboratorium het gehalte aan organische stof en lutumgehalte voor het vaststellen van een toetsingskader voor de lokale bodemkwaliteit. Het grondwater wordt onderzocht op de stoffen uit het NEN 5740 ‘standaardpakket’: • 9 zware metalen • 8 vluchtige aromatische koolwaterstoffen (incl. naftaleen) • 21 vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen • minerale olie Pagina | 10 AM21399

4. VELDWERKZAAMHEDEN 4.1

Algemeen

Conform de onderzoeksstrategie, zoals beschreven in hoofdstuk 3, is op de onderzoekslocatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De werkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 conform protocollen 2001 en 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. Voor het traceren van de kabels en leidingen is voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden een KLIC melding verricht.

4.2

Grondbemonstering

Op 2 september 2021 zijn de boringen geplaatst volgens de in paragraaf 3.2 weergegeven onderzoeksstrategie. De werkzaamheden zijn uitgevoerd door de heer L. Koomen, erkend monsternemer in het kader van de BRL SIKB 2000 voor de protocollen 2001, 2002 en 2018. Assistentie is verleend door de heer M. van Eijk De boringen zijn verricht met behulp van de Edelmanboor (ø 7 of 10 cm). Zie voor de boorpuntlocaties bijlage 3. De boorpunten 1, 6 en 7 zijn rondom de woning geplaatst. De boorpunten 2 en 5 zijn in de voormalige timmerwerkplaats gesitueerd. Boring 3 en 4 zijn op het buitenterrein aan de Langstraat verricht. Boorpunt 3 is na drie maal herplaatsen gestuit op beton. Boorpunt 4 is op 0,5 m-mv gestuit op een ondoordringbare laag. Deze boring is vervangen door de (extra) boring 8. Deze boring is doorgezet tot 1,05 m-mv. Gebaseerd op de diepte en stroming van het freatisch grondwater is een boring afgewerkt met een peilbuis (zie bijlage 2). Deze is centraal op de onderzoekslocatie geplaatst, ter plaatse van boorpunt 1. De bovenkant van het peilbuisfilter is onder de aangetroffen grondwaterstand geplaatst. Tijdens de installatie van de peilbuis is geen werkwater gebruikt. Het opgeboorde bodemmateriaal is volgens de classificatienorm voor onverharde bodems (NEN 5104) beoordeeld.

Daarnaast is vastgesteld in hoeverre het opgeboorde materiaal mogelijke aanwijzingen biedt voor de aanwezigheid van visueel zichtbare verontreiniging. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen en de bodemopbouw heeft laagsgewijze bemonstering plaatsgevonden. De uitkomende grond en alle zintuiglijk waargenomen bijzonderheden zijn per boring beschreven in de profielbeschrijvingen (zie bijlage 4). In tabel 4.1 zijn de boringen beschreven waarin zintuiglijk afwijkingen zijn geconstateerd. Boring 3

Diepte boring (m -mv) 0,55

Traject (m -mv) 0,15 - 0,2

Grondsoort

Waargenomen bijzonderheden

--

volledig asfalt

Pagina | 11 AM21399

Boring

Diepte boring (m -mv)

Traject (m -mv) 0,2 - 0,55

Grondsoort

Waargenomen bijzonderheden

Zand

sporen baksteen, gestaakt op beton

4

0,50

0,06 - 0,5

Zand

sporen baksteen, gestaakt op ondoordringbare laag

5

1,30

0,25 - 0,3

--

volledig asfalt

0,3 - 0,5

--

volledig baksteen

0,5 - 0,8

Zand

matig baksteenhoudend

Tabel 4.1: Overzicht zintuiglijke afwijkingen

In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN 5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een inspectie van het terrein plaatsgevonden. Op het maaiveld en in de vrijkomende grond zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. De aangetroffen bijmengingen aan baksteen worden niet als asbestverdacht beschouwd. Het voorliggende onderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem binnen de onderzoekslocatie.

4.3

Grondwatermonstername

De peilbuis is op 13 september 2021 bemonsterd conform protocol 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. De bemonstering is uitgevoerd door erkend veldwerker van Aeres Milieu, de heer L. Koomen. Voorafgaand aan de bemonstering is de grondwaterstand opgenomen en zijn de zuurgraad (pH) en het elektrischegeleidingsvermogen (Ec) van het grondwater bepaald. Deze waarden waren constant bij monstername. De geleidbaarheid is gecorrigeerd voor de grondwatertemperatuur. De geleiding is een maat voor de concentratie aan opgeloste stoffen in het water, terwijl de pH de zuurgraad van het water aangeeft (pH<7: zuur, pH = 7: neutraal, pH>7: basisch). De grondwatermonsters zijn in het veld, voor zover noodzakelijk gefiltreerd en geconserveerd. De in het veld gemeten parameters zijn in tabel 4.2 samengevat. Peilbuis 1

Filterdiepte (m-mv.) 2,9 – 3,9

Grondwaterstand (m-mv. 2,6

pH (-) 6,8

Ec (µS/cm) 426

Troebelheid (NTU) 9,63

Tabel 4.2: Resultaten veldmetingen tijdens grondwatermonstername

De meetresultaten wijken niet af van natuurlijk of regionaal voorkomende waarden.

Pagina | 12 AM21399

5. LABORATORIUMONDERZOEK 5.1

Algemeen

De analyses zijn uitgevoerd door het onderzoekslaboratorium van SGS Environmental Analytics B.V. te Rotterdam. SGS Environmental Analytics B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025, waar verdere conservering en (voor)behandeling van de monsters plaats heeft gevonden.

5.2

Grond(meng)monster(s)

In het laboratorium zijn voor het chemisch onderzoek van de grondmonsters uit de boven- en ondergrond al dan niet mengmonsters samengesteld volgens onderstaande tabel. De keuze voor het samenstellen van deelmonsters tot een mengmonster of het analyseren van individuele monsters is gebaseerd op de zintuiglijke waarnemingen in het veld en op de onderzoeksstrategie.

Analysemonster MM1

Traject (m -mv) 0 - 0,5

Deelmonsters

Analysepakket

1 (0 - 0,5)

Standaardpakket incl. lu/os

6 (0,05 - 0,5) 7 (0 - 0,5) MM2

0,06 - 0,55

MM3

0,06 - 0,55

2 (0,15 - 0,5)

Standaardpakket incl. lu/os

8 (0,06 - 0,55) 3 (0,25 - 0,55)

Standaardpakket incl. lu/os

4 (0,06 - 0,5) MM4

0,55 - 1,5

2 (1,0 - 1,5)

Standaardpakket incl. lu/os

5 (0,8 - 1,3) 8 (0,55 - 1,05) Tabel 5.1: samenstelling analysemonsters en analysepakket

De analyseresultaten van de grond(meng)monsters worden in de volgende tabel samengevat, waarbij door middel van onderstaande sterrencodering de mate van verontreiniging is aangegeven.

*

Het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan de het gemiddelde van de achtergronden interventiewaarde;

**

het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde;

***

het gehalte is groter dan de interventiewaarde.

In de Regeling bodemkwaliteit (RBK) is vastgelegd dat de toetsing altijd moet plaatsvinden door het gevonden gehalte in een monster eerst te corrigeren met het lutum en organisch stof gehalte (=berekende concentratie) en vervolgens te vergelijken met de grenswaarden van de Regeling Bodemkwaliteit. Pagina | 13 AM21399

In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende achtergrondwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 6 voor de toetsingstabellen en het analyserapport. (Meng)monster MM1

MM2

Traject (m -mv) 0 - 0,5

0,06 - 0,55

Zintuiglijke waarnemingen

Verhoogde component

geen bijmengingen/bijzonderheden

Cadmium

Berekende concentratie [mg/kg d.s.] en toetsing 0,697 *

Zink

149

*

PAK

3,24

*

Som PCB

0,0278

*

Cadmium

0,704

*

PAK

19,1

*

geen bijmengingen/bijzonderheden

MM3

0,06 - 0,55

sporen baksteen

PAK

1,86

*

MM4

0,55 - 1,5

geen bijmengingen/bijzonderheden

--

-

-

Tabel 5.2: Toetsingsresultaten van de grond(meng)monsters

Uit de analyseresultaten blijkt dat bovengrond rondom de woning (MM1, traject 0-0,5 m-mv) licht verhoogd is met cadmium, zink PAK en som PCB. Bovengrond mengmonster MM2 (traject 0,06-0,55 m-mv) is licht verhoogd met cadmium en PAK. De bovengrond met sporen baksteen (MM3, traject 0,06-0,55 m-mv) is licht verhoogd met PAK. In de ondergrond (MM4, traject 0,55-1,5 m-mv.) zijn geen gehalten gemeten verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden.

Toelichting verhoogde gehalten Zware metalen bezitten een geringe mobiliteit in de bodem en hechten zich met name aan slib- en kleideeltjes. Zware metalen komen van nature in bepaalde concentraties in de bodem voor. Deze concentraties kunnen verhoogd voorkomen in het stedelijk milieu. De afgifte vindt onder andere plaats door dakpannen, dakgoten, kabels en leidingen, verkeer en afval. Ook depositie van zware metalen op de bodem door industriële activiteiten is een mogelijke oorzaak van verhoogde concentraties. Tot de bedrijfsactiviteiten die verontreiniging van de bodem met zware metalen kunnen veroorzaken worden onder andere gerekend galvanische bedrijven, grafische industrie, sloperijen en metaalbewerkende industrie.

De afkorting PAK staat voor Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen. Het gaat hierbij om een verbindingsklasse van meer dan 200 stoffen, die bestaan uit twee of meer aan elkaar verbonden benzeenringen. Ze ontstaan met name bij verbrandingsprocessen, en kunnen dus zowel een synthetische als een natuurlijke oorsprong hebben. PAK’s ontstaan o.a. door onvolledige verbranding van minerale olie zoals die ook in het verkeer plaatsvindt. Ze worden tevens gevormd bij het proces van droge destillatie van steenkool, zoals die bij gas- en cokesfabrieken werd toegepast. Daarnaast kunnen ze worden aangetroffen bij de vervaardiging en verwerking van rubber, kunststoffen, verf, lakken, minerale olie en teerproducten. In de chemische grondstoffenindustrie dienen ze als tussenproducten bij verschillende syntheses, bijvoorbeeld van verfstoffen en farmaceutica. De belangrijkste PAK-verbindingen in steenkoolteer zijn naftaleen, chryseen, fenanthreen en fluorantheen. Alle zijn praktisch onoplosbaar in water, niet vluchtig en persistent (niet afbreekbaar).

PCB (Polychloorbifenylen) zijn geen natuurlijk voorkomende stoffen. De aanwezigheid van PCB in het milieu is met name het gevolg van industriële productie en het gebruik van PCB van ongeveer 1930 tot 1980. PCB werden gebruikt als hydraulischeof warmtegeleidingsvloeistoffen, smeermiddelen en als weekmakers in producten zoals verf en koolstofvrij kopieerpapier. Sedert 1985 is de verkoop en het toepassen van PCB in Nederland verboden. Pagina | 14 AM21399

5.3

Grondwatermonsters

De analyseresultaten van de grondwatermonsters worden in de volgende tabel samengevat, waarbij door middel van onderstaande sterrencodering de mate van verontreiniging is aangegeven.

*

Het gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of de detectiegrens, indien deze hoger is) en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde;

**

het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde;

***

het gehalte is groter dan de interventiewaarde.

In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende streefwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 7 voor toetsingstabel en het analyserapport.

Peilbuis 1

Filtertraject [m-mv] 2,9 – 3,9

Grondwaterstand [m-mv.]

Verhoogde component

2,6

Barium

Gemeten concentratie [µg/l] en toetsing 170 *

Cadmium

0,84

*

Zink

210

*

Xylenen

0,35

*

Naftaleen

0,03

*

Tabel 5.3: Toetsingsresultaten van de grondwatermonsters

Uit de analyseresultaten blijkt dat het freatisch grondwater licht verhoogd is met zware metalen (barium, cadmium en zink) en vluchtige aromaten (xylenen en naftaleen).

De

licht verhoogde gehalten met zware metalen worden waarschijnlijk gedeeltelijk van buiten de onderzoekslocatie

aangevoerd, aangezien in de ondergrondmonsters geen verhoogde concentraties gemeten zijn. De licht verhoogde gehalten aan vluchtige aromaten zijn op basis van de historisch informatie en visuele waarnemingen tijdens het veldwerk niet te verklaren. Op de locatie zijn geen verontreinigingsbronnen aan te wijzen die in relatie zouden kunnen staan met de verhoogd aangetroffen gehalten. Verhogingen met zware metalen en vluchtige aromaten (xylenen en naftaleen) komen, zonder aanwijsbare oorzaak, veelal voor in het freatisch grondwater van Noord- en Midden Limburg en passen in het beeld van verhoogde achtergrondconcentraties. De verhogingen worden toegeschreven aan de diffuse grondwaterverontreinigingen in de provincie Limburg zoals vastgelegd in het provinciaal onderzoeksrapport ‘Diffuse verontreiniging in de provincie Limburg’ (Tauw, kenmerk R3342549.GVB, 1996).

5.4

Toetsing van de gestelde hypothese

Geconcludeerd kan worden dat de analyseresultaten van de grond- en grondwatermonsters in overeenstemming zijn met de vooraf geformuleerde hypothese dat de locatie als verdacht beschouwd dient te worden. Het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek is gelet op de gemeten concentraties niet noodzakelijk. Pagina | 15 AM21399

6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Tijdens de veldinspectie op de locatie zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van bodemverontreiniging of bronnen van verontreiniging. In het opgeboorde bodemmateriaal van de bovengrond zijn zintuiglijk bijmengingen met baksteen waargenomen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond licht verhoogd is met zware metalen, PAK en som PCB. In de ondergrond zijn geen gehalten gemeten verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarden. Het freatisch grondwater is licht verhoogd met zware metalen (barium, cadmium en zink) en vluchtige aromaten (xylenen en naftaleen). De aangetoonde licht verhoogde gehalten in de bovengrond en het freatisch grondwater vormen geen belemmering voor de voorgenomen bestemmingswijziging. In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN 5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een inspectie van het terrein plaatsgevonden. Op het maaiveld en in de vrijkomende grond zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Het voorliggende onderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem binnen de onderzoekslocatie.

Om de aanwezigheid van asbest in de bodem (definitief) uit te sluiten wordt aanbevolen om na sloop van de voormalige bedrijfsbebouwing en verwijdering van de betonverhardingen een verkennend onderzoek naar asbest in bodem uit te voeren. Indien er werkzaamheden plaatsvinden, waarbij grond vrijkomt, kan de grond mogelijk niet zonder meer worden afgevoerd of elders worden toegepast. Ten aanzien van hergebruik van deze grond elders is het Besluit Bodemkwaliteit en het Tijdelijk Handelingskader PFAS van toepassing. Het freatisch grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie is niet multifunctioneel toepasbaar. Het wordt daarom afgeraden het freatisch grondwater te gebruiken voor consumptie, besproeiing of proceswater.

Pagina | 16 AM21399

aeres milieu

Bijlage 1 Topografische en kadastrale situatie

AM21399

Kadastrale kaart

Uw referentie: AM21399-NP

Deze kaart is noordgericht

12345 25

Schaal 1: 500

Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens

Kadastrale gemeente Sectie Perceel

Horst M 237

Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 21 juli 2021 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers

Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.

aeres milieu

Bijlage 2 Foto’s onderzoekslocatie

AM21399

AM21399

Foto 1

Foto 2

Foto 3

Foto 4

Foto 5

Foto 6

AM21399

Foto 7

Foto 8

Foto 9

Foto 10

Foto 11

Foto 12

AM21399

Foto 13

Foto 14

aeres milieu

Bijlage 3 Situatietekening met boorpuntlocaties

AM21399

200276

383575

Legenda Plangebied

Boorpuntenkaart (A4)

Foto's

AM21399 Kogelstraat 25 Hegelsom

Boringen

Schaal

boring tot 0,5 m-mv

N

boring tot 1,0 m-mv boring tot 2,0 m-mv

v1.0_19-10-2021_LK

383575

383600

200251

383600

200226

peilbuis Achtergrond: Luchtfoto PDOK Actueel 25 cm, Kadastrale kaart WFS PDOK

200226

200251

200276

aeres milieu

Bijlage 4 Boorprofielen

AM21399

getekend volgens NEN 5104

Boring:

1

Boring: 0

0

tuin

0 7 15

0

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor

1 50

50 2

70

3 100

100 4

50

150

2 100

100

150

200

200

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig roesthoudend, neutraal oranjebeige, Edelmanboor

3

Zand, zeer fijn, matig siltig, sporen roest, oranjebeige, Edelmanboor

5

Edelmanboor

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin, Edelmanboor

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, zwak siltig, geelbeige, Edelmanboor

beton Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbeige, Edelmanboor

1

Zand, zeer fijn, zwak siltig, sporen roest, geelbeige, Edelmanboor

150

2

4 200

200 Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraal geelbeige, Edelmanboor

250

300

350

390

Boring:

3

Boring: 0 8 15 20

0

beton

0 6

0

Betonboor

50

55

Volledig asfalt, neutraalzwart, Asfaltboor

beton Betonboor

Zand, matig fijn, zwak siltig, neutraalgeel, Edelmanboor

1

4

50

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen baksteen, matig grindhoudend, lichtgrijs, Edelmanboor, Gestaakt op ondoordringbare laag

0 5

tegel

1 50

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen roest, sporen grind, sporen baksteen, neutraal oranjebeige, Edelmanboor, Gestaakt op beton

Boring:

5

0 1

Boring: 0

beton

10

Betonboor

25 30

Volledig asfalt, neutraalzwart, Asfaltboor

2 80

100

3 130

0

Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtgrijs, Edelmanboor

50

50

Volledig baksteen, neutraaloranje, Asfaltboor

6 Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen grind, grijsbruin, Edelmanboor

1 50

50 2

80

3 100

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor

100

Zand, zeer fijn, matig siltig, sporen roest, oranjebeige, Edelmanboor

0 6

beton

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, matig baksteenhoudend, donkerbruin, Edelmanboor Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen roest, neutraal grijsbeige, Edelmanboor

Boring:

7

Boring: 0

0

tuin

50

50 2

80

3 100

0

Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, matig wortelhoudend, donker grijsbruin, Edelmanboor

1

100

8 Edelmanboor 1

50 Zand, matig fijn, matig siltig, matig humeus, sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor Zand, zeer fijn, matig siltig, sporen roest, geelbeige, Edelmanboor

55

Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen roest, neutraal oranjebeige, Edelmanboor

2 100

Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen grind, donkerbruin, Edelmanboor

105

Projectnaam: Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom Projectcode: AM21399

Opdrachtgever: Reland

Legenda (conform NEN 5104) grind

klei

geur

Grind, siltig

Klei, zwak siltig

Grind, zwak zandig

Klei, matig siltig

geen geur zwakke geur matige geur sterke geur

Grind, matig zandig

Klei, sterk siltig

Grind, sterk zandig

Klei, uiterst siltig

Grind, uiterst zandig

Klei, zwak zandig

uiterste geur

olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie matige olie-water reactie sterke olie-water reactie Klei, matig zandig

Klei, sterk zandig

zand

uiterste olie-water reactie

p.i.d.-waarde >0

Zand, kleiïg

>1 >10 Zand, zwak siltig

>100

leem

>1000

Zand, matig siltig

Leem, zwak zandig

>10000

Zand, sterk siltig

Leem, sterk zandig

monsters geroerd monster

Zand, uiterst siltig

overige toevoegingen zwak humeus

veen Veen, mineraalarm

matig humeus

ongeroerd monster volumering

overig bijzonder bestanddeel

Veen, zwak kleiïg

sterk humeus

Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand

Veen, sterk kleiïg

zwak grindig

Veen, zwak zandig

matig grindig

Veen, sterk zandig

sterk grindig

Gemiddeld laagste grondwaterstand slib

water

peilbuis blinde buis

casing

hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting

grind afdichting filter

aeres milieu

Bijlage 5 Verklaring veldmedewerker

AM21399

VERKLARING Hierbij verklaar ik (ondergetekende) dat de veldwerkzaamheden onafhankelijk van de opdrachtgever zijn uitgevoerd conform de eisen van de BRL 2000 en de bijbehorende protocollen. Projectnummer

AM21399

Onderzoekslocatie

Kogelstraat 25 en Langstraat 7 te Hegelsom

Opdrachtgever

Reland

Afwijkingen van BRL 2000 (protocol)

Nee

Ja, aard en motivatie afwijkingen beschrijven

Uitvoering werkzaamheden protocol 2001

2 september 2021

Uitvoering werkzaamheden protocol 2002

13 september 2021

Gecertificeerd monsternemer

L. Koomen

aeres milieu

Bijlage 6 Analyseresultaten grond(meng)monsters met achtergrond en interventiewaarden

AM21399

Projectnaam Projectcode

Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom AM21399

Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype

MM1 1 or

MM2 2 or

br

AW 1/2(AW+I)

Ja 88.7 <1 Geen

-----

Ja 83.7 <1 Geen

-----

organische stof (gloeiverlies)(% vd DS)

2.7

--

3.2

--

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) 2.3

--

3.3

--

24 0.42 <1.5 8.4 <0.05 25 <0.5 <3 65

89.6 0.697 3.57 16.8 0.0498 38.6 0.35 5.98 149

*

*

<20 0.44 <1.5 7.4 <0.05 20 <0.5 3.1 52

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -0.04 fenantreen 0.28 -2.9 antraceen 0.08 -0.45 fluoranteen 0.72 -5.0 benzo(a)antraceen 0.48 -2.2 chryseen 0.41 -2.1 benzo(k)fluoranteen 0.26 -1.2 benzo(a)pyreen 0.43 -2.1 benzo(ghi)peryleen 0.30 -1.6 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.27 -1.5 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 3.237 3.24 * 19.09 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) <1 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) 1.2 PCB 153(µg/kgds) 1.9 PCB 180(µg/kgds) 1.6 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 7.5 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<5 6 9 7 20

27.8

74.1

Monstercode en monstertraject 1 13527343-001 MM1 1(1) 6(1) 7(1) 2 13527343-002 MM2 2(1) 8(1)

-------*

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9

-----

<5 11 14 10 40

RBK eis

br

monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

I

46.7 0.704 3.23 14.1 0.0488 30.1 0.35 8.16 113

*

0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140

6.8 102 115 18 290 96 68 430

920 13 190 190 36 530 190 100 720

20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20

1.5

21

40

0.35

20

510

1000

4.9

190

2595

5000

35

----------19.1

*

-------15.3

----125

De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.

22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 1 2.7% 2.3% 2 3.2% 3.3%

Projectnaam Projectcode

Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom AM21399

Tabel: Analyseresultaten grond (as3000) monsters (gehalten in mg/kgds, tenzij anders aangegeven) Monstercode Bodemtype

MM3 3 or

MM4 4 or

br

AW 1/2(AW+I)

Ja 91.5 <1 Geen

-----

Ja 92.0 <1 Geen

-----

organische stof (gloeiverlies)(% vd DS)

<0.5

--

0.7

--

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem)(% vd DS) 2.2

--

<2

--

<20 <0.2 2.7 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20

52.9 0.24 9.29 7.19 0.0501 11 0.35 6.02 32.9

<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen <0.01 -<0.01 fenantreen 0.36 -0.03 antraceen 0.08 -<0.01 fluoranteen 0.50 -0.07 benzo(a)antraceen 0.23 -0.03 chryseen 0.18 -0.03 benzo(k)fluoranteen 0.09 -0.02 benzo(a)pyreen 0.18 -0.03 benzo(ghi)peryleen 0.12 -0.03 indeno(1,2,3-cd)pyreen 0.11 -0.03 pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) 1.857 1.86 * 0.284 POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28(µg/kgds) <1 PCB 52(µg/kgds) <1 PCB 101(µg/kgds) <1 PCB 118(µg/kgds) <1 PCB 138(µg/kgds) <1 PCB 153(µg/kgds) <1 PCB 180(µg/kgds) <1 som PCB (7) (0.7 factor)(µg/kgds) 4.9 MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

<5 <5 <5 8 <20

-------24.5

a

----70

Monstercode en monstertraject 1 13527343-003 MM3 3(1) 4(1) 2 13527343-004 MM4 2(3) 5(3) 8(2)

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1 4.9

<5 <5 <5 <5 <20

RBK eis

br

monster voorbehandeling() droge stof(gew.-%) gewicht artefacten(g) aard van de artefacten(-)

METALEN barium+ cadmium kobalt koper kwik° lood molybdeen nikkel zink

I

54.2 0.241 3.69 7.24 0.0503 11 0.35 6.12 33.2

0.60 15 40 0.15 50 1.5 35 140

6.8 102 115 18 290 96 68 430

920 13 190 190 36 530 190 100 720

20 0.20 3.0 5.0 0.050 10 1.5 4.0 20

1.5

21

40

0.35

20

510

1000

4.9

190

2595

5000

35

----------0.284

-------24.5

a

----70

De resultaten zijn voor de interventiewaarde getoetst aan de toetsingswaarden zoals vermeld in de Circulaire bodemsanering per 1 juli 2013, Staatcourant 27 juni 2013, Nr. 16675 en voor de achtergrondwaarde aan het Besluit Bodemkwaliteit, Staatscourant 20 december 2007, Nr. 247. Tevens zijn de volgende wijzigingen doorgevoerd: De gewijzigde grenswaarden van een aantal OCB (per 30-07-2008) (www.Senternovem.nl) en de wijziging in de Staatscourant 67 van 7 april 2009 en met wijzingen zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). De gehalten die de betreffende toetsingswaarden overschrijden zijn als volgt geclassificeerd: het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de achtergrond- en * interventiewaarde het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de ** interventiewaarde *** het gehalte is groter dan de interventiewaarde -geen toetsingswaarde voor opgesteld niet geanalyseerd # Verhoogde rapportagegrens, voor meer informatie zie analysecertificaat RBK Tabel 1 (rapportagegrenzen), Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). a gecorrigeerd gehalte is groter dan of gelijk aan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), maar wel kleiner dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr.

22335 (02-11-2012), dus mag verondersteld worden kleiner dan de achtergrondwaarde te zijn. b gecorrigeerd gehalte is groter dan de achtergrondwaarde (of geen achtergrondwaarde voor opgesteld), en groter dan de RBK rapportagegrens zoals beschreven in de Staatscourant nr. 22335 (02-11-2012). + De interventiewaarde voor barium geldt alleen voor die situaties waarbij duidelijk sprake is van antropogene verontreiniging en geen sprake is van thermisch gereinigde grond en baggerspecie. ° Er staan twee interventie waardes beschreven voor kwik in grond in de circulaire bodemsanering (per 1 juli 2013); 4 mg/kg d.s. voor organisch kwik en 36 mg/kg d.s. voor anorganisch kwik. Het analyse resultaat is het gehalte aan kwik. Er kan daarin geen verder onderscheid worden gemaakt tussen de twee soorten. Voor deze toetsing wordt de eis van 36 mg/kg d.s. gehanteerd. or Origineel resultaat br Omgerekend resultaat De achtergrond- en interventiewaarden zijn afhankelijk van de bodemsamenstelling. Voor de toetsing is gebruik gemaakt van de volgende samenstelling: (Als humus/lutum niet is gemeten geldt een default waarde van lutum = 25% en organische stof = 10%.) Bodemtypehumus lutum 3 0.5% 2.2% 4 0.7% 2%

SGS Environmental Analytics B.V. Correspondentieadres Steenhouwerstraat 15 · 3194 AG Rotterdam Tel.: +31 (0)10 231 47 00 · Fax: +31 (0)10 416 30 34 www.sgs.com/analytics-nl

Analyserapport

Aeres Milieu BV Tom Thijssen Postbus 1015 6040 KA ROERMOND

Uw projectnaam Uw projectnummer SGS rapportnummer Rapport-verificatienummer

Blad 1 van 9

: Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom : AM21399 : 13527343, versienummer: 1. : W45P9135

Rotterdam, 10-09-2021

Geachte heer/mevrouw, Hierbij ontvangt u de analyse resultaten van het laboratoriumonderzoek ten behoeve van uw project AM21399. Het onderzoek werd uitgevoerd conform uw opdracht. De gerapporteerde resultaten hebben uitsluitend betrekking op de monsters zoals deze door SGS ontvangen zijn. De door u aangegeven omschrijvingen voor de monsters, het project en de monsternamedatum (indien aangeleverd) zijn overgenomen in dit analyserapport. SGS is niet verantwoordelijk voor de gegevens verstrekt door de opdrachtgever. Het onderzoek is uitgevoerd door SGS Environmental Analytics B.V., gevestigd aan de Steenhouwerstraat 15 in Rotterdam (NL). Indien het onderzoek is uitgevoerd door derden of het SGS laboratorium in Frankrijk (99-101 Avenue Louis Roche, Gennevilliers) is dit in het rapport aangegeven. Dit analyserapport bestaat inclusief bijlagen uit 9 pagina's. In geval van een versienummer van '2' of hoger vervallen de voorgaande versies. Alle bijlagen maken onlosmakelijk onderdeel uit van het rapport. Alleen vermenigvuldiging van het hele rapport is toegestaan. Voor meer informatie, omtrent bijvoorbeeld meetonzekerheid of gebruikte analysemethoden, kunt u contact opnemen met de afdeling Customer Support. Per 23 maart 2021 is SYNLAB Analytics & Services B.V. overgegaan naar de nieuwe naam SGS Environmental Analytics B.V.

Alle erkenningen van SYNLAB Analytics & Services B.V blijven van kracht en zijn/worden omgezet naar SGS Environmental Analytics B.V. Wij vertrouwen er op u met deze informatie van dienst te zijn. Hoogachtend,

Jaap-Willem Hutter Technical Director SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 2 van 9

Analyserapport Aeres Milieu BV Tom Thijssen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 02-09-2021 Startdatum 03-09-2021 Rapportagedatum 10-09-2021

Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom AM21399 13527343 - 1

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002 003 004

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM1 1(1) 6(1) 7(1) MM2 2(1) 8(1) MM3 3(1) 4(1) MM4 2(3) 5(3) 8(2)

Analyse

Eenheid

Q

monster voorbehandeling droge stof gewicht artefacten aard van de artefacten

gew.-% g -

S S S S

Ja 88.7 <1 geen

Ja 83.7 <1 geen

Ja 91.5 <1 geen

Ja 92.0 <1 geen

organische stof (gloeiverlies)

% vd DS

S

2.7

3.2

<0.5

0.7

KORRELGROOTTEVERDELING lutum (bodem) % vd DS

S

2.3

3.3

2.2

<2

METALEN barium cadmium kobalt koper kwik lood molybdeen nikkel zink

S S S S S S S S S

24 0.42 <1.5 8.4 <0.05 25 <0.5 <3 65

<20 0.44 <1.5 7.4 <0.05 20 <0.5 3.1 52

<20 <0.2 2.7 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20

<20 <0.2 <1.5 <5 <0.05 <10 <0.5 <3 <20

0.04 2.9 0.45 5.0 2.2 2.1 1.2 2.1 1.6 1.5 1) 19.09

<0.01 0.36 0.08 0.50 0.23 0.18 0.09 0.18 0.12 0.11 1) 1.857

<0.01 0.03 <0.01 0.07 0.03 0.03 0.02 0.03 0.03 0.03 1) 0.284

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1

<1 <1 <1 <1 <1 <1 <1

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

001

POLYCYCLISCHE AROMATISCHE KOOLWATERSTOFFEN naftaleen mg/kgds S <0.01 fenantreen mg/kgds S 0.28 antraceen mg/kgds S 0.08 fluoranteen mg/kgds S 0.72 benzo(a)antraceen mg/kgds S 0.48 chryseen mg/kgds S 0.41 benzo(k)fluoranteen mg/kgds S 0.26 benzo(a)pyreen mg/kgds S 0.43 benzo(ghi)peryleen mg/kgds S 0.30 indeno(1,2,3-cd)pyreen mg/kgds S 0.27 1) pak-totaal (10 van VROM) mg/kgds S 3.237 (0.7 factor) POLYCHLOORBIFENYLEN (PCB) PCB 28 µg/kgds PCB 52 µg/kgds PCB 101 µg/kgds PCB 118 µg/kgds PCB 138 µg/kgds PCB 153 µg/kgds PCB 180 µg/kgds

S S S S S S S

002

<1 <1 <1 <1 1.2 1.9 1.6

003

004

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 3 van 9

Analyserapport Aeres Milieu BV Tom Thijssen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 02-09-2021 Startdatum 03-09-2021 Rapportagedatum 10-09-2021

Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom AM21399 13527343 - 1

Nummer

Monstersoort

Monsterspecificatie

001 002 003 004

Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000) Grond (AS3000)

MM1 1(1) 6(1) 7(1) MM2 2(1) 8(1) MM3 3(1) 4(1) MM4 2(3) 5(3) 8(2)

Analyse

Eenheid

Q

001

som PCB (7) (0.7 factor)

µg/kgds

S

7.5

MINERALE OLIE fractie C10-C12 fractie C12-C22 fractie C22-C30 fractie C30-C40 totaal olie C10 - C40

mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds mg/kgds

S

<5 6 9 7 20

1)

002 4.9

<5 11 14 10 40

1)

003 4.9

<5 <5 <5 8 <20

1)

004 4.9

1)

<5 <5 <5 <5 <20

De met S gemerkte analyses zijn geaccrediteerd en vallen onder de AS3000-erkenning.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 4 van 9

Analyserapport Aeres Milieu BV Tom Thijssen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom AM21399 13527343 - 1

Orderdatum 02-09-2021 Startdatum 03-09-2021 Rapportagedatum 10-09-2021

Monster beschrijvingen

001

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

002

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

003

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

004

*

De monstervoorbehandeling en analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatieschema AS3000, dit geldt alleen voor de analyses die worden gerapporteerd met het "S" kenmerk.

Voetnoten 1

De sommatie na verrekening van de 0.7 factor voor <-waarden volgens BoToVa.

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 5 van 9

Analyserapport Aeres Milieu BV Tom Thijssen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 02-09-2021 Startdatum 03-09-2021 Rapportagedatum 10-09-2021

Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom AM21399 13527343 - 1

Analyse

Monstersoort

Relatie tot norm

monster voorbehandeling

Grond (AS3000)

droge stof

Grond (AS3000)

gewicht artefacten

Grond (AS3000)

aard van de artefacten

Grond (AS3000)

organische stof (gloeiverlies)

Grond (AS3000)

lutum (bodem)

Grond (AS3000)

barium

Grond (AS3000)

cadmium

Grond (AS3000)

kobalt

Grond (AS3000)

koper

Grond (AS3000)

kwik

Grond (AS3000)

lood

Grond (AS3000)

molybdeen

Grond (AS3000)

nikkel

Grond (AS3000)

zink

Grond (AS3000)

naftaleen

Grond (AS3000)

fenantreen

Grond (AS3000)

antraceen

Grond (AS3000)

fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)antraceen

Grond (AS3000)

chryseen

Grond (AS3000)

benzo(k)fluoranteen

Grond (AS3000)

benzo(a)pyreen

Grond (AS3000)

benzo(ghi)peryleen

Grond (AS3000)

indeno(1,2,3-cd)pyreen

Grond (AS3000)

pak-totaal (10 van VROM) (0.7 factor) PCB 28

Grond (AS3000)

Grond: conform NEN-EN 16179. Grond (AS3000): conform NEN-EN 16179 Grond: Gelijkwaardig aan ISO 11465 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934. Grond (AS3000): conform AS3010-2 en gelijkwaardig aan NEN-EN 15934 Conform AS3000 Idem Grond: gelijkwaardig aan NEN 5754. Grond (AS3000): conform AS3010-3 Grond: eigen methode. Grond (AS3000): conform AS3010-4 Conform AS3010-5 en conform NEN 6950 (ontsluiting conform NEN 6961, meting conform NEN-EN-ISO 17294-2) Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-6 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem

PCB 52

Grond (AS3000)

PCB 101

Grond (AS3000)

PCB 118

Grond (AS3000)

PCB 138

Grond (AS3000)

PCB 153

Grond (AS3000)

PCB 180

Grond (AS3000)

som PCB (7) (0.7 factor)

Grond (AS3000)

totaal olie C10 - C40

Grond (AS3000)

Grond (AS3000)

Conform AS3010-8 Idem Idem Idem Idem Idem Idem Idem Conform AS3010-7 en conform NEN-EN-ISO 16703

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

001 001 001

Y9327963 Y9327961 Y9327956

03-09-2021 03-09-2021 03-09-2021

02-09-2021 02-09-2021 02-09-2021

ALC201 ALC201 ALC201

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

Blad 6 van 9

Analyserapport Aeres Milieu BV Tom Thijssen Projectnaam Projectnummer Rapportnummer

Orderdatum 02-09-2021 Startdatum 03-09-2021 Rapportagedatum 10-09-2021

Kogelstraat 25 - Langstraat 7, Hegelsom AM21399 13527343 - 1

Monster

Barcode

Aanlevering

Monstername

Verpakking

002 002 003 003 004 004 004

Y9327946 Y9327930 Y9327944 Y9327951 Y9327947 Y9327960 Y9327948

03-09-2021 03-09-2021 03-09-2021 03-09-2021 03-09-2021 03-09-2021 03-09-2021

02-09-2021 02-09-2021 02-09-2021 02-09-2021 02-09-2021 02-09-2021 02-09-2021

ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201 ALC201

Paraaf : SGS Environmental Analytics B.V. IS GEACCREDITEERD VOLGENS DE DOOR DE RAAD VOOR ACCREDITATIE GESTELDE CRITERIA VOOR TESTLABORATORIA CONFORM EN ISO/IEC 17025:2017 ONDER NR. L 028

AL ONZE WERKZAAMHEDEN WORDEN UITGEVOERD ONDER DE ALGEMENE VOORWAARDEN GEDEPONEERD BIJ DE KAMER VAN KOOPHANDEL EN FABRIEKEN TE ROTTERDAM INSCHRIJVING HANDELSREGISTER: KVK ROTTERDAM 24265286

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11184924/1