03 Brief CDA Omgevingsvisie
Tekst van het document
Datum: 10 dec 2025 Geachte gemeenteraad, U wordt vanavond gevraagd een besluit te nemen over de omgevingsvisie. Het CDA doet een dringend appel om het voorstel in deze vorm niet vast te stellen. Niet uit partijpolitiek, maar uit bestuurlijke zorgvuldigheid, juridisch realisme en het besef dat deze visie de komende 15 jaar richting geeft aan de ontwikkeling van onze gemeente. 1. Een visie met een horizon van 15 jaar vraagt breed draagvlak De omgevingsvisie werkt door over meerdere collegeperiodes. Dan moet een visie herkenbaar zijn voor inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Wanneer juist ondernemers – doorgaans terughoudend in publieke uitingen – massaal aangeven dat de visie hen te zeer beperkt, is dat een signaal dat we serieus moeten nemen. Een meerderheid dient bij strategische keuzes altijd het gesprek met een minderheid te voeren om tot maximaal draagvlak te komen. 2. De omgevingsvisie bindt de raad bij toekomstige besluiten Er bestaat soms het misverstand dat een te concrete visie later wel kan worden “gerepareerd” in programma’s. Dat is feitelijk onjuist. Vanaf het moment van vaststelling bindt de visie de raad bij het vaststellen van programma’s én bij het opstellen en wijzigen van het omgevingsplan. Een beleidsrijke visie stuurt dus rechtstreeks de toekomstige besluitvorming.
Wat concreet in de visie staat, moet in programma’s worden verwerkt en vormt de strategische onderbouwing van ruimtelijke keuzes. Daarmee beperkt een te gedetailleerde visie de beleidsruimte van toekomstige raden en colleges. Een visie hoort richting te geven, niet vooruit te lopen op concrete keuzes. Dat laatste is nu wel het geval. 3. De visie bindt ondernemers niet direct, maar wél indirect mét juridische gevolgen Hoewel een omgevingsvisie geen rechtstreekse norm oplegt aan burgers of bedrijven, heeft zij indirect grote invloed op ondernemers en investeerders: • ondernemers nemen investeringsbeslissingen op basis van beleidsvoornemens; • een vastgestelde visie wordt beschouwd als concreet beleid, niet als intentie; • bij procedures over nadeelcompensatie geldt voorzienbaarheid: schade is niet vergoedbaar als deze voortkomt uit ontwikkelingen die onder het geldende beleid voorzienbaar waren; • de omgevingsvisie is in dat kader leidend beleid.
Dat betekent dat een ondernemer die nu investeert zich in de toekomst geconfronteerd kan zien met het argument dat een beperking “voorzienbaar” was, omdat deze al in de visie stond. Daarom moet deze visie niet alleen politiek wenselijk, maar ook juridisch consistent en toekomstbestendig zijn. 4. Misverstanden over de Omgevingswet hinderen het debat Het is belangrijk één hardnekkig misverstand weg te nemen: het niet nu vaststellen van de visie leidt niet tot een vergunningstop, niet tot stilstand en niet tot een juridisch vacuüm. Op basis van de Omgevingswet en de Invoeringswet geldt het volgende: • gemeenten zijn verplicht uiterlijk 1 januari 2027 een visie te hebben, maar • er is géén enkele sanctie gekoppeld aan niet-tijdige vaststelling; • het college blijft volledig bevoegd om omgevingsvergunningen te verlenen; • via het overgangsrecht blijven de oude strategische beleidsdocumenten (zoals de structuurvisie) richtinggevend totdat de nieuwe visie in werking treedt; • er ontstaat dus geen beleidsleemte en geen bestuursrechtelijke blokkade. De verantwoordelijkheid blijft om een visie tijdig vast te stellen, maar wel een visie die ruimtelijk, economisch én juridisch houdbaar is. Een te beperkende of onvoldoende onderbouwde visie vaststellen “omdat de deadline nadert” leidt later tot grotere bestuurlijke en juridische problemen dan zorgvuldig herzien nu. 5.
Een te gedetailleerde visie maakt toekomstige besluiten juridisch kwetsbaar Omdat de omgevingsvisie de strategische onderbouwing vormt voor programma’s en het omgevingsplan, leidt een inhoudelijk zwakke visie tot: • kwetsbare planologische besluiten; • zwakkere motiveringen bij afwijkingsbesluiten; • risico op succesvolle beroepsprocedures; • risico op schadeclaims, juist omdat concrete beleidsuitspraken in een visie niet het juiste juridische instrument zijn. Een visie hoort globaal en richtinggevend te zijn. Waar de visie te gedetailleerd wordt, ondermijnt zij haar eigen juridische robuustheid. 6. De huidige visie bevat specifieke keuzes die niet thuishoren in een visie Op verschillende onderdelen worden beleidskeuzes gedaan die eerder bij programma’s horen. Dit zet de visie “op slot” in plaats van dat zij uitnodigt tot ontwikkeling. Een beleidsarmere visie biedt meer ruimte voor: • maatwerk, • innovatie, • economische ontwikkeling, • toekomstige politieke afwegingen, • en juridisch beter onderbouwde programma’s.
7. Lessen uit het Berenschot-rapport vragen bestuurlijke rust en zorgvuldigheid Het rapport benadrukt het belang van professionaliteit, zorgvuldigheid en breed gedragen besluitvorming. Deze visie is bij uitstek een dossier waarbij die aanbevelingen toepasbaar zijn: beter goed en breed gedragen dan snel en verdeeld. 8. Voorstel van het CDA: een zorgvuldige en toekomstbestendige route • Haal de specifieke beleidskeuzes uit de visie, zodat deze beleidsarm, uitnodigend en breed gedragen wordt. Dit is uitvoerbaar binnen de huidige raadsperiode; • Laat de beleidskeuzes uitwerken in programma’s, zoals de Omgevingswet dat beoogt, onder verantwoordelijkheid van het nieuwe college en met actieve betrokkenheid van de raad • Voorkom een nieuw participatietraject: nu aanpassen kan snel en zorgvuldig, omdat participatie al is doorlopen. Vaststelling in deze vorm kan ertoe leiden dat de nieuwe raad een volledige herziening noodzakelijk vindt — met hoge kosten en druk op de organisatie. • Hanteer een helder proces: visie van de agenda, gerichte versobering, technische terugkoppeling in het voorjaar, vaststelling ruim vóór 1 januari 2027. 9. Verantwoordelijkheid voor de toekomst van Horst aan de Maas Dit gaat niet over politieke winst of verlies, maar over de vraag of wij een visie willen die 15 jaar houdbaar is, juridische zekerheid biedt en ruimte laat voor toekomstige ontwikkelingen.
Onze inwoners, ondernemers, verenigingen en organisaties verdienen een visie die duidelijkheid geeft én perspectief biedt. Het CDA doet daarom een dringend beroep op de raad: kies voor zorgvuldigheid, voorkom onnodige bestuurlijke erfenissen, en werk aan een breed gedragen visie die de toekomst van Horst aan de Maas sterker maakt. Laten we met z’n alle laten zien hoe het wél kan. Hoogachtend, Leon Litjens Lijsttrekker CDA Horst aan de Maas