RvO RAAD 2023 met wijzigingen in rood was-word
Tekst van het document
Artikel 36 schriftelijke vragen aan het college 1. Een raadslid dient schriftelijke vragen aan het college of de burgemeester in bij de griffier. Daarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. 2. De griffier brengt de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen 30 dagen nadat de vragen zijn ingediend. 4. Schriftelijke antwoorden van het college of de burgemeester worden door tussenkomst van de griffier digitaal aan de raadsleden toegezonden en op de ingekomen stukkenlijst van de raad geplaatst. 5. De vragensteller kan bij schriftelijke beantwoording in de eerstvolgende raadsvergadering en bij mondelinge beantwoording in dezelfde raadsvergadering nadere inlichtingen vragen over het door de burgemeester of door het college gegeven antwoord, tenzij de raad anders beslist. 6. Als er geen sprake is van politieke actualiteit of urgentie waarvoor de deadline van 30 dagen nodig is, dan zijn het ‘overige vragen’ van de raad waarbij een termijn van maximaal 60 dagen geldt voor de beantwoording. 5.7. Indien beantwoording niet tijdig kan plaatsvinden, kan eenmaal een tussenbericht gezonden worden aan de raad met de reden voor de latere beantwoording. Toelichting Artikel 36.
Artikel 36 is een verzwaring van gewone schriftelijke vragen: er komt een deadline bij waarbinnen de antwoorden gegeven moeten worden. De fracties of het raadslid dat de vragen stelt dient zich tekens de vraag te stellen: is hier een deadline nodig, of kan het ook met de normale termijnen? | 19
Artikel 37 inlichtingen 1. Een raadslid dient verzoeken tot inlichtingen als bedoeld in de artikelen 169, derde lid, en 180, derde lid, van de Gemeentewet schriftelijk in bij de griffier. 2. De griffier brengt de inhoud van het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. 3. De verlangde inlichtingen worden zo spoedig mogelijk in de raad gegeven, in de eerstvolgende of daaropvolgende vergadering. Het onderwerp vormt een agendapunt tijdens de eerstvolgende of daaropvolgende raadsvergadering. Toelichting Artikel 37. Artikel 37 lijkt op een interpellatiedebat, al is dat als instrument zwaarder. Dit artikel is vooral het gevolg van de actieve informatieplicht van het college van 169 Gemeentewet. Het college moet zelf actief informeren, maar dat neemt niet weg dat raadsleden hierin ook zelf initiatief kunnen nemen, als zij dit nodig achten. De vraag is nog of deze inlichtingenplicht wordt beperkt door de weigeringsgrond van het openbaar belang als bedoeld in het derde lid van de artikelen 169 en 180 van de Gemeentewet. Deze vraag kan bevestigend worden beantwoord op basis van ongeschreven gemeenterecht. Het verstrekken van inlichtingen kan niet via de rechter worden afgedwongen.
Hoofdstuk 4. Slotbepalingen Artikel 38 uitleg reglement In gevallen waarin dit reglement niet voorziet of bij twijfel omtrent de toepassing van het reglement, beslist de raad op voorstel van de voorzitter. Artikel 39 intrekken oude reglement Het Reglement van Orde van de gemeenteraad 2019 2022 worden wordt gelijktijdig ingetrokken. Artikel 40 inwerkingtreding en citeertitel 1. Dit reglement treedt in werking op het exacte moment van besluitvorming in de raad. 2. Dit reglement wordt aangehaald als: Reglement van orde voor de gemeenteraad 20222023. Hoorn, 31 mei 2022, 16 mei 2023 De giffier,
De voorzitter,
M. Horjus
J. Nieuwenburg
| 20