Eindrapport voortgang voortgang van de energietransitie in Hoorn
Tekst van het document
Dit blijkt nog niet uit de cijfers, om twee redenen: er is geen actueel overzicht van het aantal aardgasvrije woningen en de focus lag tot nu toe op de planning en het vaststellen van het Warmteprogramma. Om de haalbaarheid van de doelstelling te bepalen, kijken we naar de laatste projecties en metingen. De gemeente heeft als doel gesteld dat in 2026 14% van de woningen aardgasvrijgereed is. Met een totale woningvoorraad van ruim 39 duizend woningen betekent dit dat ongeveer 5.500 woningen aardgasvrij-gereed moeten zijn om de doelstelling te behalen. Op basis van de huidige projecties zal woningcorporatie Intermaris tegen 2026 1.843 aardgasvrije woningen realiseren. Dit betekent dat er nog ongeveer 3.631 particuliere woningen aardgasvrij-gereed moeten worden via andere maatregelen, zoals verduurzaming van particuliere woningen, nieuwbouw en verdere uitbreiding van het warmtenet. De voortgang wordt ondersteund door maatregelen zoals: • Een subsidieaanpak en beleid gericht op isolatie en verduurzaming van woningen met een lage WOZ-waarde. • Wijkuitvoeringsplannen. Doordat er nog geen actueel inzicht is in de monitoring van het doel en er grote uitdagingen zijn voor deze doelstelling, kunnen we op dit moment niet bepalen of deze doelstelling gehaald wordt in 2026.
Het tweede deel van de doelstelling, namelijk een plan voor het realiseren van een duurzame warmtebron in 2026 voor de woningen die aardgasvrij-gereed zijn, is nog niet haalbaar door de aanwezige net congestie en regelgeving van uitvoeren van warmtenetten.
/ 25
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
Samenvatting De gemeente Hoorn streeft ernaar om in 2026 14% van de woningen aardgasvrij-gereed te hebben. Tot nu toe zijn er diverse maatregelen genomen en is er voortgang geboekt, maar de ontwikkelingen verlopen trager dan gepland. Woningcorporatie Intermaris zal naar verwachting 1.843 gasloze woningen realiseren tegen 2026, wat betekent dat er nog ongeveer 3.631 particuliere woningen aardgasvrij-gereed moeten worden via andere maatregelen. De voortgang wordt ondersteund door subsidies en wijkuitvoeringsplannen, maar als gevolg van netcongestie en regelgeving rondom warmtenetten acht de gemeente dit zelf inmiddels niet meer haalbaar. Het tweede deel van de doelstelling, een plan voor een duurzame warmtebron voor elke woning in 2026, is wel haalbaar.
/ 26
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
Casestudy: Warmtenet Kersenboogerd Het Warmtenet Kersenboogerd is een lopend project in de gemeente Hoorn, gericht op het verduurzamen van de wijk Kersenboogerd door woningen aan te sluiten op een collectief warmtenet. Het project wordt uitgevoerd in samenwerking met HVC, de gemeente Hoorn en woningcorporatie Intermaris. Planning en Uitvoering De aanleg van het warmtenet is gestart in 2023 en verloopt in verschillende fasen: • Hoofdnet: De aanleg van het hoofdnet begon in 2023 en zou naar verwachting afgerond zijn in het derde kwartaal van 2024. • Wijknet: In 2023 is begonnen met de aanleg van het wijknet in de straten Patio en Pergola (fase 1). In de daaropvolgende jaren zou het wijknet verder worden uitgebreid naar andere gebieden. • Aansluitingen: De eerste woningen in het gebied van fase 1 (Betsy Perk, Patio, Pergola en Prieel) zouden naar verwachting in de loop van 2024 aangesloten worden op het warmtenet. Vertragingen Het project heeft te maken gehad met vertragingen. Oorspronkelijk was de ingebruikname van de warmtecentrale gepland voor 2022, maar door diverse tegenslagen was dit uitgesteld naar 2024. Deze vertraging heeft geleid tot een aanpassing in de planning en uitvoering van het project. Hoewel de plannen van het hoofdnet en fase 1 van het wijknet zijn gerealiseerd, verloopt het huidige tempo van uitbreiding van het warmtenet traag.
Er is een tempo van 300500 woningen per jaar nodig, maar momenteel zitten de samenwerkende partijen op 100 woningen per jaar, met beperkte verbetering in zicht. Stand van zaken (eind 2024) De aanleg van het warmtenet in Kersenboogerd vordert gestaag. In het najaar van 2024 zijn de huurwoningen in Betsy Perk aangesloten op het warmtenet. Eind 2024 is begonnen met het aansluiten van de huurwoningen in Pergola, en in 2025 volgen de huurwoningen in Patio. Op 12 november 2024 werd de eerste warmte geleverd aan het woonzorgcomplex Betsy Perk, waar 190 appartementen nu warm water en verwarming ontvangen van het warmtenet. Eind november 2024 werden de eerste beneden- en bovenwoningen en tussenwoningen van Intermaris op de Pergola aangesloten op het warmtenet. Tegelijkertijd startte de aanleg van het wijknet in Groef, Stijl en Messing. Toekomstige Ontwikkelingen Het warmtenet wordt in eerste instantie gevoed door tijdelijke warmtevoorzieningen. Op termijn zal het worden aangesloten op een duurzame energiebron, zoals aquathermie of geothermie. Momenteel wordt onderzocht welke bron het meest geschikt is voor het warmtenet in Kersenboogerd. Conclusie Ondanks de opgelopen vertragingen vordert de aanleg van het Warmtenet Kersenboogerd gestaag. De betrokken partijen blijven zich inzetten om de geplande aansluitingen te realiseren en de wijk te voorzien van duurzame warmteoplossingen.
/ 27
/ 28
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
4.3 Duurzame opwek Doel: aandeel duurzaam opgewekte energie verhogen tot 31% in 2026. Uit de interviews is gebleken dat dit doel lineair is gekozen in lijn met het Klimaatakkoord. Echter, deze doelstelling komt niet overeen met de bredere doelstelling voor 2030 en de startdatum van 2019. Dit verschil is belangrijk om te bepalen of deze doelstelling reëel is. Voortgang Als we kijken naar Figuur 4.2, dan zien we dat er 7% hernieuwbare opwek beschikbaar is voor de gemeente Hoorn bij de laatste meting. Figuur 4.2 Voortgang en doelstelling duurzame energie opwek gemeente Hoorn
Percentage bekende hernieuwbare energie
Doel
35
31
30 25
%
20 15 10 5 0 2012
2014
2016
2018
2020
2022
2024
2026
De gemeente Hoorn zet vooral in op een regionale aanpak via het Regionale Energie Strategie (RES) bod voor West-Friesland en de energieregio Noord-Holland Noord. De energieregio heeft als doelstelling om tegen 2030 een duurzame energieopwekking van 3,6 TWh te realiseren. De herijking van RES 1.0 heeft aangetoond dat er binnen de aangewezen zoekgebieden in West-Friesland in potentie 812 GWh duurzame energie opgewekt kan worden. Hiervan wordt momenteel al 306 GWh opgewekt, wat betekent dat er een resterende potentie van 506 GWh is. Significante wijzigingen ten opzichte van de originele RES 1.0 omvatten een toename van 76 GWh in duurzame opwekking door middel van zonnepanelen op grote daken en een toename van de potentiële opwekking door zon op grote daken. De effecten van duurzame opwekking in de gemeente Hoorn en de regio West-Friesland zijn te zien in Tabel 4.3. De hernieuwbare opwekking in de gemeente Hoorn is momenteel 7%, wat aanzienlijk lager is dan het regionale gemiddelde van 20%.
/ 29
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
Tabel 4.3 Effecten van de voortgang van de duurzame energie opwek in gemeente Hoorn Gemeente Hoorn
Deel RES-regio
RES Noord-Holland
Westfriesland
Noord
Energieverbruik 2022
3125 TJ
16073 TJ
58831 TJ
Hernieuwbare opwek 2022
225 TJ
3174 TJ
14910 TJ
Percentage hernieuwbare
7%
20%
25%
0 TJ4
2510 TJ
12960 TJ
opwek 2022 RES 1.0 bod (2021): -
Bestaand
0 TJ
828 TJ
7488 TJ
-
Nieuw
0 TJ
1692 TJ
5400 TJ
0 TJ4
2923 TJ
13068 TJ
Herijking RES 1.0 bod (2024): -
Bestaand
0 TJ
1102 TJ
8424 TJ
-
Nieuw
0 TJ
1822 TJ
4644 TJ
Situatie gemeente Hoorn Als we kijken naar de specifieke situatie van de gemeente Hoorn, dan zien we dat het industriegebied ‘Hoorn 80’ aanvankelijk werd verkend als potentieel zoekgebied voor grootschalige opwekking van duurzame energie in het ‘Raadsvoorstel Herijking Regionale Energiestrategie Noord-Holland Noord’. Zoekgebieden zijn locaties die binnen de RES worden aangewezen als potentiële locaties waar grootschalige opwekking van duurzame energie mogelijk is. Hoewel Hoorn 80 nooit officieel als zoekgebied is vastgesteld, werd het wel overwogen in de verkenningen. Het ‘Amendement B Stop proces windmolens Hoorn 80’ op 9 juli 2024 legde de verkenning van het gebied ‘Hoorn 80’ echter stil. Dit amendement, ingediend door CDA Hoorn, Hart van Hoorn, Fractie Tonnaer en HOE?!, verzocht het college om verdere voorbereidingen rondom het zoekgebied voor windmolens bij Hoorn 80 te staken en richting de RES 2.0 aan te geven dat dit zoekgebied niet langer in beeld is. De indieners van het amendement gaven aan dat er zorgen waren over de mogelijke impact van windmolens op de leefomgeving en het landschap. Als gevolg hiervan beschikt Hoorn momenteel over geen enkel potentieel zoekgebied binnen de gemeentegrenzen voor de herijking van RES 1.0.
Dit impliceert dat de doelstellingen voor duurzame opwekking volledig afhankelijk zijn van zonnepanelen op daken binnen gemeente Hoorn en de duurzame opwekking in andere regio’s van West-Friesland. Daarnaast wordt er gekeken naar de opwekking van energie op Rijksvastgoed (OER), waarbij de A7, die deels langs de gemeentegrens loopt, als potentieel zoekgebied is aangewezen. Uitdagingen Er zijn verschillende uitdagingen voor de duurzame energie opwek doelstellingen van de gemeente: • Samenwerking en capaciteit: er is een sterke behoefte aan regionale samenwerking en gedeelde capaciteit om de doelen te bereiken. Externe partijen zoals de Omgevingsdienst, Klimaatroute, Intermaris, HVC, en Liander spelen een cruciale rol, maar de samenwerking moet efficiënter om tijdverlies te minimaliseren. • Veranderende Regelgeving en Financiering: Veranderende regelgeving en financiering vormen grote uitdagingen voor de rentabiliteit van zonneprojecten. Deze belemmeringen 4 Gemeente Hoorn heeft geen individueel RES bod.
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
•
•
•
moeten worden aangepakt om de voortgang van duurzame opwekking te versnellen. Een voorbeeld hiervan zijn de strikter geworden veiligheidsregels voor zonneparken op landbouwgrond, hierdoor hebben de zonneweides een veel ongunstiger rendement, en zijn ze minder aantrekkelijk geworden voor (particuliere) investeerders. Beleidsaanpassingen: Er is behoefte aan meer middelen en capaciteit vanuit de gemeente. Een meer regionale aanpak en betere ondersteuning van kleinere gemeenten door grotere gemeenten zoals Hoorn zijn noodzakelijk om de doelstellingen te behalen. Netcongestie: Netcongestie belemmert de voortgang van duurzame opwekking, voornamelijk veroorzaakt door de sterke groei van zonnepanelen op daken. Om deze netcongestie te mitigeren zou volgens de RES Noord-Holland Noord het slim inpassen van opweksystemen en het gebruik van de Taskforce Energie-infrastructuur Noord-Holland kunnen worden ingezet. Deze Taskforce, bestaande uit de provincie Noord-Holland, netbeheerders Liander en TenneT, Gasunie en gemeenten, werkt samen om knelpunten in het elektriciteitsnet aan te pakken. De Taskforce bevordert samenwerking en coördinatie tussen betrokken partijen en draagt concrete knelpunten en projecten aan voor ondersteuning en uitvoering. De gemeente Hoorn maakt sinds de oprichting actief gebruik van de Taskforce.
Dit biedt de gemeente inzicht in actuele ontwikkelingen en stelt hen in staat om energiefixers in te zetten bij lokale uitdagingen. Daarnaast kan Hoorn specifieke projecten en knelpunten aandragen en coördineren via de Taskforce om zo bij te dragen aan een oplossing voor netcongestie. Afhankelijkheid van de regio: De gemeente Hoorn is sterk afhankelijk van de duurzame opwekking in andere regio’s van West-Friesland. Dit maakt de gemeente kwetsbaar voor vertragingen en problemen die buiten haar directe controle liggen.
Haalbaarheid Het verhogen van het aandeel duurzaam opgewekte energie tot 31% in 2026 in de gemeente Hoorn lijkt op dit moment niet haalbaar. Uit de laatste metingen blijkt dat slechts 7% van de energie hernieuwbaar is, wat aanzienlijk lager is dan het regionale gemiddelde van 20%. De afhankelijkheid van duurzame opwekking in andere regio’s van West-Friesland maakt de gemeente kwetsbaar voor externe vertragingen en problemen. Daarbovenop vormen veranderende regelgeving, het ontbreken van een goede business case en netcongestie grote uitdagingen die de voortgang belemmeren. Hoewel er goed zicht is op de opgave en er significante stappen zijn gezet, zoals de toename van duurzame opwekking door zonnepanelen op daken, blijft de totale voortgang beperkt. Samenvatting De gemeente Hoorn heeft als doel gesteld om het aandeel duurzaam opgewekte energie te verhogen tot 31% in 2026. Uit de laatste metingen blijkt dat slechts 7% van de energie hernieuwbaar is, wat aanzienlijk lager is dan het regionale gemiddelde van 20%. De gemeente zet in op een regionale aanpak via het Regionale Energie Strategie (RES) bod voor West-Friesland en de energieregio Noord-Holland Noord, met als doel om tegen 2030 een duurzame energieopwekking van 3,6 TWh te realiseren.
Het industriegebied ‘Hoorn 80’ is geschrapt als zoekgebied, waardoor de gemeente op dit moment volledig afhankelijk is van zonnepanelen op daken en duurzame opwekking in andere regio’s van West-Friesland. Deze afhankelijkheid maakt de gemeente kwetsbaar voor externe vertragingen en problemen.
/ 30
/ 31
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
Daarnaast belemmeren veranderende regelgeving, het ontbreken van een goede business case en netcongestie de voortgang. De doelstelling voor 2026 lijkt op dit moment dan ook niet haalbaar.
4.4 Energiebesparing Doel: Besparing op elektriciteit 9% ten opzichte van peiljaar 2019 De gemeente Hoorn heeft zich ten doel gesteld om een besparing van 9% op elektriciteit te realiseren ten opzichte van het peiljaar 2019. Dit komt neer op een doelstelling van 222 GWh consumptie in 2026. Voortgang Figuur 3 toont het energieverbruik en de energiebesparingsdoelstelling van gemeente Hoorn. Sinds 2019 is het elektriciteitsverbruik gedaald van 244 GWh naar 228 GWh in 2023, een daling van ongeveer 6,6%. Om het doel van 222 GWh in 2026 te bereiken, moet het verbruik verder dalen met ongeveer 2,6% ten opzichte van 2023. De jaarlijkse daling toont aan dat de geïmplementeerde maatregelen effect hebben. Deze data zijn afkomstig uit de Klimaatmonitor en daarom niet actueel. Figuur 4.3 Het energieverbruik van de gemeente Hoorn versus de Energiebesparingsdoelstelling.
245
Elektriciteitsverbruik Doel
GWh
240 235 230 225 220
222
2019
2020
2021
2022
2023
2024
2025
2026
De voortgang van de energiebesparingsmaatregelen wordt op dit moment gemonitord via kwartaalrapportages aan de raad aan de hand van de genomen maatregelen. Maar deze rapportages over besparingsmaatregelen zijn nog niet systematisch geïntegreerd in de beleidscyclus. Er wordt gewerkt aan een monitoringsdashboard met de meest actuele stand van zaken. Uitdagingen • Vertrouwen in de politiek: Het vertrouwen van burgers in de politieke besluitvorming en uitvoering van maatregelen is laag. Er is bijvoorbeeld subsidie beschikbaar voor inwoners om hun woning mee te verduurzamen en energie te besparen. Sommige bewoners weigeren deze subsidie echter, omdat zij bezorgd zijn dat zij het geld op een later moment alsnog terug moeten betalen. Deze zorgen zijn mondeling gemeld door de energiefixers,
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
• •
•
die langs de deuren gaan om bewoners te informeren. Daarnaast zijn er signalen ontvangen vanuit de wijk door de handhaving en van bezorgde bewoners zelf. Veel tijd gaat verloren aan overleg: hierdoor is er minder tijd beschikbaar voor de uitvoering. Veranderende en complexe regels van de Rijksoverheid: het begrijpen en implementeren van steeds nieuwe regels is ingewikkeld en kost veel tijd. Dit gaat ten koste van een efficiënte uitvoering. Onduidelijkheid m.b.t. de voortgang: besparing is moeilijk rechtstreeks te meten. Daarnaast hebben veel woningen nog geen energielabel.
Haalbaarheid Op basis van de huidige trend en de voortgang van de genomen maatregelen, lijkt de gemeente Hoorn op koers te liggen om de doelstelling in 2026 te halen. Als de jaarlijkse daling van het elektriciteitsverbruik sinds 2019 de komende jaren doorzet, ligt de doelstelling binnen bereik. Samenvatting De gemeente Hoorn heeft sinds 2019 het elektriciteitsverbruik met ongeveer 6,6% verminderd. Dit suggereert dat de genomen maatregelen, zoals de collectieve isolatieactie en de inzet van energiecoaches, effectief zijn. De gemeente ligt op koers om de doelstelling van 9% besparing in 2026 te halen. Er zijn echter uitdagingen die aandacht vereisen. Het vertrouwen van burgers in de overheid is laag, wat het succes van de maatregelen kan belemmeren. Ook is er geen duidelijk zicht op de resterende opgave. Dit maakt het moeilijk om de benodigde middelen te bepalen. Als laatste is het belangrijk om rapportages over besparingsmaatregelen systematisch te integreren in de beleidscyclus en een monitoringsdashboard te ontwikkelen voor actuele gegevens.
/ 32
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
4.5 Conclusie Dit hoofdstuk geeft antwoord op de volgende deelvragen: B2: Wat is de gerealiseerde of verwachte impact van deze maatregelen op i) de beoogde doelen, ii) buurgemeenten en iii) andere beleidsterreinen? C1: Is er voldoende voortgang geboekt met het realiseren van de doelen? De gemeente Hoorn streeft ernaar om in 2026 14% van de woningen aardgasvrij-gereed te hebben. Tot nu toe zijn er diverse maatregelen genomen en is er voortgang geboekt, maar de ontwikkelingen verlopen trager dan gepland. Woningcorporatie Intermaris zal naar verwachting 1.843 gasloze woningen realiseren tegen 2026, wat betekent dat er nog ongeveer 3.631 particuliere woningen aardgasvrij-gereed moeten worden via andere maatregelen. De voortgang wordt ondersteund door subsidies en wijkuitvoeringsplannen, maar als gevolg van netcongestie, het ontbreken van verplichtende regelgeving rondom warmtenetten en het gebrek aan financiering, acht de gemeente dit zelf inmiddels niet meer haalbaar. Het tweede deel van de doelstelling, in 2026 een plan gereed hebben voor een duurzame warmtebron voor de gehele woningvoorraad, is wel haalbaar. De gemeente Hoorn heeft als doel gesteld om het aandeel duurzaam opgewekte energie te verhogen tot 31% in 2026. Uit de laatste metingen blijkt dat slechts 7% van de energie hernieuwbaar is, wat aanzienlijk lager is dan het regionale gemiddelde van 20%.
De gemeente zet in op een regionale aanpak via het Regionale Energie Strategie (RES) bod voor West-Friesland en de energieregio Noord-Holland Noord, met als doel om tegen 2030 een duurzame energieopwekking van 3,6 TWh te realiseren. Het industriegebied ‘Hoorn 80’ is geschrapt als zoekgebied, waardoor de gemeente op dit moment volledig afhankelijk is van zonnepanelen op daken en duurzame opwekking in andere regio’s van West-Friesland. Deze afhankelijkheid maakt de gemeente kwetsbaar voor externe vertragingen en problemen. Daarnaast belemmeren veranderende regelgeving, het ontbreken van een goede business case en netcongestie de voortgang. De doelstelling voor 2026 lijkt op dit moment dan ook niet haalbaar. De gemeente Hoorn heeft sinds 2019 het elektriciteitsverbruik met ongeveer 6,6% verminderd. Dit suggereert dat de genomen maatregelen, zoals de collectieve isolatieactie en de inzet van energiecoaches, effectief zijn. De gemeente ligt op koers om de doelstelling van 9% besparing in 2026 te halen. Er zijn echter uitdagingen die aandacht vereisen. Het vertrouwen van burgers in de overheid is laag, wat het succes van de maatregelen kan belemmeren. Ook is er geen duidelijk zicht op de resterende opgave. Dit maakt het moeilijk om de benodigde middelen te bepalen.
Als laatste is het belangrijk om rapportages over besparingsmaatregelen systematisch te integreren in de beleidscyclus en een monitoringsdashboard te ontwikkelen voor actuele gegevens. De gemeente Hoorn streeft naar een CO2-emissiereductie van 33% in 2026, 55% in 2030 en 100% in 2040, ten opzichte van 2019. Tot nu toe is de CO2-uitstoot met 21% gedaald tussen 2019 en 2022. De projecties van Ecorys laten zien dat als de subdoelstellingen worden gehaald (met betrekking tot het aardgasvrij maken van woningen, het opwekken van duurzame energie en het verminderen van het elektriciteitsverbruik), het overkoepelende CO2reductiedoel ook gehaald wordt.
/ 33
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
5 Doeltreffendheid en doelmatigheid van het gemeentebeleid
In dit hoofdstuk beoordelen wij de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gemeentelijk beleid in het kader van de energietransitie. Na een korte introductie van de theoretische basis (paragraaf 5.1), bespreken wij onze concrete bevindingen op het gebied van de doeltreffendheid (paragraaf 5.2) en de doelmatigheid (paragraaf 5.3).
5.1 Beleidstheorie In beleidsevaluaties wordt vaak een beleidsindeling gehanteerd die bestaat uit vijf categorieën: input, activity, output, outcome en impact. Deze hebben een opeenvolgend karakter. Het beleid begint met input en eindigt (als het goed is) met impact. In de context van een gemeente gaat het bij de input om het beschikbaar stellen van geld en mankracht om beleid te ontwikkelen en uit te voeren. De ‘activity’ bestaat dan uit de daadwerkelijke uitvoering. Dit leidt vervolgens tot resultaten die uiteenvallen in concrete uitkomsten op de korte termijn (output), de doorwerking daarvan op de beleidsdoelen (outcome) en de uiteindelijke gevolgen die dit heeft voor de maatschappij (impact). Een concreet voorbeeld kan dit verduidelijken. Een rijkssubsidieregeling voor het isoleren van woningen vraagt om geld van de (Rijks)overheid, maar ook om uitvoeringscapaciteit van de gemeente zelf. Met deze middelen worden subsidies verstrekt aan woningeigenaren waarmee zij hun huis kunnen isoleren. De directe output hiervan is dat woningen een verhoogde isolatiegraad hebben. Dit is echter geen doel op zich. Het doel van een betere isolatie is (naast verhoogd wooncomfort) een daling van het energieverbruik. Deze daling draagt dan bij aan het uiteindelijke maatschappelijke doel van CO2-emissiereductie en daarmee het tegengaan van klimaatverandering.
Dit is schematisch weergegeven in figuur 5.1. Figuur 5.1: schematisch overzicht van de beleidstheorie.
/ 34
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
5.2 Evaluatie doeltreffendheid Bij het beoordelen van de doeltreffendheid is het van belang om rekening te houden met het onderscheid tussen output, outcome en impact. Een positieve impact veronderstelt een positieve outcome en een positieve outcome veronderstelt op zijn beurt weer positieve output. Dit zijn echter wel noodzakelijke, maar geen voldoende voorwaarden. Als de veronderstelde causale relaties tussen output, outcome en impact niet opgaan, is het beleid niet doeltreffend. Een andere belangrijke overweging is dat de gemeente de outcome en impact van het beleid niet volledig in eigen hand heeft. De gemeente is in grote mate afhankelijk van andere beleidsmakers (zie paragraaf 3.1) en van de bereidheid van burgers en bedrijven om zelf stappen te zetten op duurzaamheidsgebied. Dit betekent dat wat de gemeente doet en wat de uitkomst is van het beleid niet 1-op-1 aan elkaar te koppelen is. Het is mogelijk dat de gemeente goede stappen zet, maar dat andere partijen het laten afweten. Omgekeerd is het ook mogelijk dat er goede resultaten worden geboekt, maar dat deze met name tot stand komen door andere partijen en dat de gemeente daar weinig aan bij heeft gedragen (het zogenaamde additionaliteitsvraagstuk). Een derde, meer praktische overweging is in hoeverre de resultaten van het beleid meetbaar zijn. De gemeente loopt hierbij tegen diverse beperkingen aan.
Ten eerste zit er soms veel tijd tussen de uitvoering van het beleid en het materialiseren van de resultaten, ten tweede is informatie vaak verspreid over verschillende partijen en kost het veel moeite om deze te verzamelen (bijvoorbeeld m.b.t. energieprestaties van individuele woningen) en ten derde zijn sommige zaken inherent moeilijk meetbaar, zoals de mate van draagvlak voor beleid of de mate waarin partijen voldoende geïnformeerd zijn om zelf tot effectieve actie over te gaan. Met deze overwegingen in het achterhoofd, constateren wij de volgende zaken met betrekking tot de doeltreffendheid van het beleid van de gemeente Hoorn: • De hoofddoelen, subdoelen en maatregelen vormen een logisch en samenhangend geheel. In theorie volstaat het geplande beleid om de doelen te behalen en zou het doeltreffend moeten zijn. • De beschikbare data die inzicht kunnen geven in de voortgang op de doelen zijn nog niet op één plek verzameld en toegankelijk gemaakt. Dit beperkt het inzicht in de voortgang. Er is wel een dashboard in ontwikkeling dat het technisch mogelijk zal maken om data te verwerken en visueel inzichtelijk te maken. Het is nu dus vooral zaak om werk te maken van het verzamelen van de data, zodat deze op basis van het dashboard breed gecommuniceerd kunnen worden en de doeltreffendheid van het beleid in de praktijk getoetst kan worden.
De gemeente heeft hier nog geen streefdatum voor vastgesteld. Er wordt nu gewerkt aan een projectopdracht om de ontwikkeling te concretiseren. • Op basis van de aanwezige data en onze eigen projecties zien we dat de gemeente op koers ligt om in 2026 het besparingsdoel te behalen, dat er een achterstand is op warmtegebied en dat het doel voor duurzame opwek uit zicht lijkt. Het behalen van alle drie de subdoelen is nodig om het overkoepelende doel van CO2-reductie te behalen. Er lijken dus additionele maatregelen nodig te zijn om de doelen te behalen en het beleid doeltreffend te laten zijn. • De doelen voor 2026 zijn vastgesteld als mijlpalen op weg naar de doelen om in 2040 energieneutraal en CO2-neutraal te zijn. Het is op dit moment niet te zeggen of deze doelen behaald zullen worden, daarvoor zijn ze nog te ver weg en zijn er te veel
/ 35
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
•
onzekerheden. Wel is duidelijk dat er nog veel moet gebeuren om daar te komen en dat dit slechts ten dele binnen de invloedssfeer van de gemeente ligt. Toch kunnen deze langetermijndoelen een nuttige functie vervullen als stip op de horizon en als indicator of de gemeente op dit moment voldoende doet en op koers ligt. Op het gebied van besparing voert de gemeente doeltreffend beleid, maar is zij grotendeels afhankelijk van het Rijk voor financiële middelen en van inwoners en bedrijven voor het nemen van maatregelen. Hier is de doeltreffendheid van het beleid dus sterk verweven met de inzet van andere partijen. Op het gebied van warmte staat de gemeente voor de complexe taak om verschillende stakeholders bij elkaar te brengen op basis van vrijwilligheid en zal de doeltreffendheid van haar beleid afhangen van de mate waarin het gaat lukken om tot een succesvol businessmodel voor duurzame warmtenetten te komen. Op het gebied van duurzame opwek wordt de gemeente vooral gehinderd door haar eigen keuzes, die mogelijkheden uitsluiten zonder daar alternatieven voor in de plaats te stellen. Hier is het beleid dus niet doeltreffend, maar heeft de gemeente wel mogelijkheden om doeltreffender te worden.
5.3 Evaluatie doelmatigheid Ook op het gebied van doelmatigheid is het van belang een onderscheid te maken tussen output, outcome en impact. De gemeente streeft naar een maximaal doelbereik met een minimale inzet van middelen. De relatie tussen input en output geeft daarbij vooral aan of de gemeente een efficiënte bedrijfsvoering heeft, terwijl de relatie tussen input en outcome/impact laat zien of de beleidsdoelen zelf ook op efficiënte wijze worden behaald. Doelmatigheid kan nooit in absolute zin worden vastgesteld, maar draait altijd om de vergelijking met een alternatief. Voor het bepalen van de doelmatigheid is daarom een benchmark nodig waartegen de uitgaven van de gemeente kunnen worden afgezet. Een volledige doelmatigheidstoets valt buiten het bestek van dit onderzoek, maar als een globale indicatie hebben wij een eerste analyse uitgevoerd. Hiervoor vergelijken we de kosteneffectiviteit van het Programmaplan Energietransitie 2022-2026 met de gemiddelde kosteneffectiviteit van energietransitiemaatregelen in de gebouwde omgeving, zoals vastgesteld door het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Het PBL heeft in het rapport ‘Nationale kosten energietransitie in 2030’ verschillende maatregelen voor de gebouwde omgeving geanalyseerd. Uit deze maatregelen hebben wij de drie meest voorkomende maatregelen in Hoorn gekozen om een gemiddelde te berekenen.
De meegenomen maatregelen zijn isolatie van woningen, installatie van warmtepompen en installatie van zonnepanelen door huishoudens. Dit levert een kengetal op van € 423 per ton bespaarde CO₂5. Deze maatregelen zijn onderdeel van de pijler energiebesparing en zijn dan ook niet representatief voor het totale gemeentelijke beleid. Daarvoor zou ook een inschatting moeten worden gemaakt van de kosten van duurzame energieopwekking en het aardgasvrij maken
5 Nationale kosten energietransitie in 2030
/ 36
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
van woonwijken. Hiervoor zijn er echter geen geschikte data beschikbaar. De gekozen maatregelen geven dan ook slechts een eerste, globale indicatie. Het totale budget van het Programmaplan bedraagt € 8.700.000 over vier jaar, inclusief aanvullende financiering van € 1.200.000 door het Rijk. Hiermee wordt een reductie beoogd van 31 kton CO₂-emissie (van 196 kton in 2022 naar 165 kton in 2026). Dit leidt tot een geschatte kosteneffectiviteit van € 281 per ton CO₂, wat aanzienlijk lager is dan de PBLbenchmark van € 423 per ton CO₂. Dit kan betekenen dat de gemeente zeer kosteneffectief werkt, maar zou ook kunnen betekenen dat er te weinig middelen beschikbaar worden gesteld om de doelen te behalen. Om hier uitsluitsel over te krijgen is verder onderzoek nodig. Er is in ieder geval geen indicatie dat de gemeente haar middelen ondoelmatig besteedt. De gemeente geeft ook aan op dit moment geen gebrek aan middelen te hebben. De bottleneck zit hem eerder in een gebrek aan gekwalificeerd personeel als gevolg van een krappe arbeidsmarkt en de aanwezigheid van barrieres zoals netcongestie, die ervoor zorgen dat beschikbare middelen niet uitgegeven kunnen worden. Uit interviews met stakeholders komt naar voren dat zij wel een tekort aan middelen ervaren. Investeringen in verduurzaming komen soms niet van de grond omdat de kosten hoger zijn dan de opbrengsten.
De gemeente rekent het echter niet tot haar taak om dergelijke investeringen te laten renderen. Zij ziet dit als een taak voor de Rijksoverheid. Zo bezien is het probleem dus niet een gebrek aan doelmatigheid bij de gemeente, maar een gebrek aan doeltreffendheid bij de Rijksoverheid. Het is wel van belang dat de gemeente hierover duidelijk communiceert, zodat stakeholders weten wat zij wel en niet van de gemeente kunnen verwachten en op welke manieren zij hun financieringsgat zouden kunnen dichten.
/ 37
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
5.4 Conclusie Dit hoofdstuk geeft antwoord op de volgende deelvraag: C2: Waar kan de gemeente zich verbeteren, mede kijkend naar andere gemeenten? De gemeente heeft een helder theoretisch raamwerk opgesteld van hoofddoel, subdoelen, beleidsmaatregelen en beschikbare middelen. Dit biedt een goede basis voor het vaststellen in hoeverre het beleid doeltreffend en doelmatig is. In de praktijk is de monitoring van de beleidseffecten echter onvolledig, waardoor niet altijd duidelijk is wat de voortgang is op elk subdoel en in hoeverre deze voortgang het gevolg is van het gevoerde beleid of van autonome ontwikkelingen. Het gestructureerd verzamelen, op een centrale plek bij elkaar brengen en helder communiceren van data met betrekking tot de voortgang op de doelen en de effecten van het beleid is daarvoor een noodzakelijke stap. Het geplande dashboard kan daarbij behulpzaam zijn. Op basis van de beschikbare data en onze eigen analyses, is onze inschatting dat het beleid van de gemeente maatregel voor maatregel doeltreffend is, maar dat het maatregelenpakket als geheel onvoldoende is om de doelen te bereiken. Een complicerende factor hierbij is dat de gemeente afhankelijk is van zowel andere overheden als van lokale stakeholders om haar doelen te bereiken. Een uitzondering op deze algemene bevinding is het beleid op het gebied van duurzame opwekking.
Hier heeft de gemeente geen doeltreffend beleid ontwikkeld om haar eigen doelen te bereiken. Op basis van een benchmark lijkt de besteding van middelen door de gemeente doelmatig te zijn. De gemeente geeft zelf aan over voldoende middelen te beschikken, maar beperkt te worden in het besteden van middelen door een gebrek aan gekwalificeerd personeel en door externe barrières, zoals netcongestie.
/ 38
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
Reactie van college van B&W
/ 39
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
/ 40
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
Nawoord van de rekenkamer
De energietransitie is een veld met vele spelers; Europese, het rijk, provinciale, regionale en gemeentelijke. En er wordt niet alleen veel gevraagd van overheden; ook burgers, ondernemers en organisaties hebben hier een rol. Het is niet altijd even makkelijk om te zien welke rol de gemeente(raad) hier nu precies in heeft. En hoe die rol samenhangt met die van alle andere partijen. De rekenkamer Hoorn heeft de afgelopen maanden onderzoek gedaan naar de context waarbinnen het gemeentelijk beleid van de energietransitie zich bevindt en welke taken en mogelijkheden de gemeente heeft om de energietransitie gestalte te geven. Doel van dit rapport is om de raad inzicht en instrumenten te bieden om hun rol op het gebied van de energietransitie optimaal vorm te geven. De rekenkamercommissie is verheugd dat het bestuur zich kan vinden in de conclusies en aanbevelingen uit dit rapport. We rekenen er dan ook op dat dit rapport bijdraagt aan de realisatie van de energietransitie. We willen alle betrokkenen bedanken voor hun medewerking. Hoorn, juli 2025 Namens de Rekenkamer Hoorn, Evert Jan van den Brink lid-rapporteur
/ 41
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
Bijlage A: Geïnterviewde personen • • • • • • • •
Arthur Helling, Wethouder gemeente Hoorn (portefeuille Duurzaamheid en Energie), gesproken op 16 januari 2025. Charlotte Bakker, Programmamanager Energietransitie gemeente Hoorn, gesproken op 8 november 2024 & 17 januari 2025. Erik Vos, regionaal strategisch adviseur gemeente Hoorn, gesproken op 10 december 2024. Hans-Peter Baars, voorzitter West-Friese Bedrijvengroep en voorzitter energie coöperatie Westfrisia, gesproken op 19 december 2024. Harmen Westra & Marc van der Aart, bestuursleden Zonnecoöperatie West-Friesland, gesproken op 17 december 2024. Marlijn Hemprig, Portefeuillemanager, woningcorporatie Intermaris, gesproken op 16 december 2024. Robertjan Spaans, Projectmanager Energietransitie gemeente Hoorn, gesproken op 17 december 2024 Sanne van Gyseghem, Projectmanager Energietransitie gemeente Hoorn, gesproken op 17 december 2024
/ 42
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
Bijlage B: Geraadpleegde documenten
Openbare documenten: •
Programmaplan Energietransitie (2023-2026 met doorkijk 2030 en 2040), gemeente Hoorn
•
Programma Duurzame Stad, gemeente Hoorn
•
Evaluatie Duurzame Stad, gemeente Hoorn
•
Routekaart Energieneutraal Hoorn 2040, gemeente Hoorn
•
Transitievisie Warmte Hoorn, gemeente Hoorn
•
Warmteprogramma gemeente Hoorn: Wonen in Hoorn zonder aardgas, Arcadis
•
Regionale warmtevisie West-Friesland, Overmorgen
•
Pact van West-Friesland 7.1: zeven gemeenten, één geluid, Pact van West-Friesland
•
Regionale Energiestrategie 1.0, RES Noord-Holland Noord
•
Herijking RES 2024, RES Noord-Holland Noord
•
Uitgangspuntennotitie Herijking RES (2.0), RES Noord-Holland Noord
•
Omgevingsvisie Hoorn, gemeente Hoorn
•
Handreiking Duurzame (her)ontwikkeling, Omgevingsdienst Noord-Holland Noord
•
Stresstest gemeente Hoorn, Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie
•
Raadsbrief: Voortgang programma energietransitie en opgave duurzame stad 12 december 2023, gemeente Hoorn
•
Raadsbrief: Voortgang programma energietransitie en opgave duurzame stad 8 april 2024, gemeente Hoorn
•
Wilde Motie 2: Stop proces windmolen Hoorn ’80, door o.a. CDA Hoorn.
•
Raadsbrief: Reactie college wilde moties raadsvergadering 9 april/14 mei, gemeente Hoorn
•
Amendement B stop windmolens Hoog 80, gemeente Hoorn
•
Ondersteunen van bewonersinitiatieven in de energietransitie, gemeente Hoorn
•
Projectopdracht en Uitvoeringsplan aardgasvrij Hoorn-Noord, gemeente Hoorn
•
Standaard Wijkaanpak Aardgasvrij, gemeente Hoorn
Interne gemeentelijke documenten: •
Ambtshalve beschikking voor de aanvraag van SPUK voor Lokale Aanpak Isolatie (2x)
•
Ambtshalve beschikking voor de aanvraag van SPUK voor Aanpak Energiearmoede (3x)
•
Subsidieverordening voor het Duurzaamheidsfonds Hoorn, gemeente Hoorn
•
Raadsvoorstel en raadsbesluit subsidieverordening duurzaam energiepakket bestaande bouw 2022-2024, gemeente Hoorn
•
Verordening Duurzaamheidsleningen en Stimuleringsleningen VvE’s 2025-2027, gemeente Hoorn
•
Stand van subsidieaanvragen duurzaam energiepakket bestaande bouw van 2023 en 2024, gemeente Hoorn
•
Financieel overzicht programmaplan energietransitie, gemeente Hoorn
•
Conceptrapport Energievisie 2.0: Keuzes voor het enerigesysteem van de toekomst, Provincie NoordHolland
•
Afwegingskader en voorbereiding pMIEK atelier 3, Royal HaskoningDHV
•
Concept Projectopdracht Energie infrastructuur, gemeente Hoorn
•
Rapportage CO2-monitor gemeente Hoorn & regio Westfriesland, Berenschot
•
Convenant Regionale samenwerking duurzaamheid in regio Westfriesland, Pact van Westfriesland
•
Jaarplan 2025 ‘Duurzaamheid – energieneutraal 2040’, Pact van Westfriesland
/ 43
Voortgang van de energietransitie in de gemeente Hoorn
•
Onderzoek: Consequenties van een (gemeentelijk) warmtebedrijf in Hoorn, Transact & 2RC
•
Haalbaarheidsstudie: Collectief warmtenet Hoorn, HVC
/ 44
Postbus 4175 3006 AD Rotterdam Nederland Watermanweg 44 3067 GG Rotterdam Nederland T 010 453 88 00 F 010 453 07 68 E netherlands@ecorys.com K.v.K. nr. 24316726 W www.ecorys.nl