Bijlage 9 Verkennend bodemonderzoek Skatepark Hoorn
Tekst van het document
-
Verkennend bodemonderzoek te realiseren skatepark aan de Nieuwe Wal te Hoorn
Verkennend bodemonderzoek te realiseren skatepark aan de Nieuwe Wal te Hoorn Aeres Milieu Projectnummer Status rapport Datum
: AM23146 : Definitief (versie 1) : 24 april 2023
Opdrachtgever
: BRO Rhijnspoorplein 38 1018 TX Amsterdam
Opgesteld door Paraaf
: ing. J.A Peters :
Gecontroleerd door Paraaf
:ing. J.M.G. Reuver :
Aeres Milieu B.V. Noordhoven 4 6042 NW ROERMOND (t) 0475 – 320 000 e-mail: info@aeres-milieu.nl www.aeres-milieu.nl
2001 + 2002
Disclaimer Het onderzoek is op zorgvuldige wijze uitgevoerd volgens de algemeen gebruikelijke inzichten en methoden (opzet conform NEN 5740 en interpretatie aan de hand van de Leidraad Bodembescherming). Opgemerkt wordt dat bij een verkennend bodemonderzoek sprake is van een steekproefsgewijze bemonstering en het nemen van een beperkt aantal monsters. De mogelijkheid blijft daarom bestaan dat puntverontreinigingen, welke niet voortkomen uit het historisch onderzoek, niet door het onderzoek worden aangetoond. Daarnaast blijft het mogelijk dat lokale afwijkingen in de samenstelling van het bodemmateriaal voorkomen. Tot slot wordt erop gewezen dat het uitgevoerde bodemonderzoek een momentopname is. Het bovenstaande betekent dat Aeres Milieu op voorhand geen aansprakelijkheid accepteert voor maatregelen of mogelijke beslissingen die de opdrachtgever naar aanleiding van het door Aeres Milieu uitgevoerde bodemonderzoek neemt. Tevens wordt opgemerkt dat Aeres Milieu voor het verkrijgen van de voor het historisch onderzoek noodzakelijke informatie (mede) afhankelijk is van externe bronnen. Voor Aeres Milieu is niet te verifiëren of deze bronnen altijd volledig en zonder fouten zijn. Hierdoor kan Aeres Milieu niet instaan voor de juistheid en volledigheid van de verzamelde historische informatie.
Pagina | 2 AM23146
INHOUDSOPGAVE 1.
INLEIDING..............................................................................................................................................................................................................4
2.
VOORONDERZOEK .............................................................................................................................................................................................5 2.1
Inleiding ............................................................................................................................................................................................................5
2.2
Topografische beschrijving........................................................................................................................................................................5
2.3
Bewonings- en bebouwingsgeschiedenis ............................................................................................................................................6
2.4
Dossieronderzoek ..........................................................................................................................................................................................6
2.5
Bodemopbouw en geo(hydro)logie ...................................................................................................................................................... 10
2.6
Beschrijving van de onderzoekslocatie .............................................................................................................................................. 11
2.7
Asbest ............................................................................................................................................................................................................. 11
2.8
Bodemkwaliteitskaart ............................................................................................................................................................................... 11
2.9
Onderzoekshypothese .............................................................................................................................................................................. 11
3.
ONDERZOEKSSTRATEGIE ............................................................................................................................................................................. 12 3.1
Inleiding ......................................................................................................................................................................................................... 12
3.2
Onderzoeksstrategie ................................................................................................................................................................................. 12
4.
VELDWERKZAAMHEDEN ............................................................................................................................................................................... 13 4.1
Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 13
4.2
Grondbemonstering ................................................................................................................................................................................... 13
4.3
Grondwatermonstername ........................................................................................................................................................................ 14
5.
LABORATORIUMONDERZOEK..................................................................................................................................................................... 16 5.1
Algemeen ...................................................................................................................................................................................................... 16
5.2
Grond(meng)monster(s)............................................................................................................................................................................ 16
5.3
Grondwatermonster(s) .............................................................................................................................................................................. 18
5.4
Toetsing van de gestelde hypothese .................................................................................................................................................. 18
6.
CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN ........................................................................................................................................................... 19
Bijlagen: 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12
Topografische en kadastrale overzichtskaart Foto’s onderzoekslocatie Situatietekening onderzoekslocatie met boorpunten Boorprofielen Verklaring veldmedewerker Toetsingstabellen en analyserapport grond(meng)monster(s) Toetsingstabellen en analyserapport grondwatermonster(s) Bodemrapportage omgevingsdienst Noord-Holland Noord Rapport bodemloket NH040500003 Julianapark/Schellinkhouterdijk vml. Stortplaats Tekening Indicatief bodemonderzoek Wareco kenmerk 1236/hv.210 d.d. 29 september 1988 Tekening bodemonderzoek julianapark, Grontmij, kenmerk 25023 d.d. 1 augustus 1997 Tekening actualiserend onderzoek cyanideverontreiniging,Grontmij, kenmerk GM-0113547 d.d. 4 oktober 2013 Pagina | 3
AM23146
1. INLEIDING In opdracht van BRO heeft Aeres Milieu een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de locatie: Adres onderzoekslocatie
: Nieuwe Wal (ong.) te Hoorn
Gemeente
: Hoorn
Kadastrale registratie
: sectie D, nummer 3845 (ged.) en 7907 (ged.)
Oppervlakte
: circa 3.500 m2
Huidig gebruik van de locatie
: openbaar groen
Toekomstig gebruik
: skatepark
Dit bodemonderzoek is uitgevoerd conform de richtlijnen van de NEN 5740. Het verkennend bodemonderzoek bestaat uit een vooronderzoek naar de historie en bodemgesteldheid van de onderzoekslocatie en aanvullend hierop een bodemonderzoek op het perceel.
Aanleiding De aanleiding voor het laten uitvoeren van dit bodemonderzoek is de geplande realisatie van een skatepark op de locatie.
Doel Het doel van het verkennend onderzoek is, middels een steekproef, het vaststellen van de actuele bodemkwaliteit ter plaatse. Het onderzoek is niet bedoeld om een exacte aard en omvang van een eventuele verontreiniging aan te geven.
Onderzoek Aeres Milieu B.V. heeft geen binding met de opdrachtgever en de onderzoekslocatie anders dan als onafhankelijk onderzoeksbureau. In hoofdstuk 2 is het vooronderzoek en de daaruit volgende onderzoekshypothese beschreven. Naar aanleiding van de opgestelde hypothese wordt in hoofdstuk 3 de onderzoeksstrategie opgesteld. In hoofdstuk 4 worden de veldwerkzaamheden (grond-
en
grondwateronderzoek)
beschreven.
Hoofdstuk
5
beschrijft
de
laboratoriumwerkzaamheden
en
de
onderzoeksresultaten. Het rapport wordt afgesloten met hoofdstuk 6, waarin de conclusies en enkele aanbevelingen staan beschreven. Bemonstering en laboratoriumonderzoek vonden plaats in april 2023. De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd conform de protocollen van de BRL SIKB 2000. De chemische analyses zijn uitgevoerd door Eurofins Analytico B.V. te Barneveld. Eurofins Analytico B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025. Alle analyses zijn uitgevoerd conform Accreditatie Schema 3000 (AS3000).
Pagina | 4 AM23146
2. VOORONDERZOEK 2.1
Inleiding
Conform het onderzoeksprotocol NEN 5725 is ten behoeve van de bepaling van de onderzoeksstrategie op onderhavige locatie een vooronderzoek uitgevoerd. De resultaten van dit vooronderzoek zijn opgenomen in voorliggend hoofdstuk. De in paragraaf 2.1 t/m 2.6 opgenomen informatie is afkomstig van/uit: •
de opdrachtgever;
•
het kadaster;
•
topotijdreis.nl;
•
het dinoloket;
•
gemeente Hoorn;
•
omgevingsdienst Noord Holland Noord;
•
provincie Noord Holland;
•
terreininspectie.
In principe richt het vooronderzoek zich op alle percelen waarop het onderzoek betrekking heeft én de direct hieraan grenzende percelen. Indien een direct aangrenzend perceel smal (< 10 m breed) is, worden ook de percelen hier weer aan grenzend meegenomen. Indien de aangrenzende percelen groot zijn, wordt alleen het gedeelte van deze percelen binnen 25 meter vanaf de grens van de bodemonderzoekslocatie in beschouwing genomen, tenzij er aanleiding bestaat toch het gehele perceel te onderzoeken.
2.2
Topografische beschrijving
De onderzoekslocatie ligt in het Julianapark in Hoorn. Kadastraal is de locatie bekend als gemeente Hoorn sectie D, nummer 3845 (ged.) en 7907 (ged.). De coördinaten volgens het R.D. stelsel zijn X = 133.790/ Y = 316.964. Zie bijlage 1 voor een topografische en kadastrale kaart. Op onderstaande luchtfoto is de globale begrenzing van de onderzoekslocatie weergegeven.
Afbeelding 1: globale begrenzing onderzoekslocatie (bron luchtfoto: PDOKviewer) Pagina | 5 AM23146
2.3
Bewonings- en bebouwingsgeschiedenis
In het kader van het vooronderzoek is historisch kaartmateriaal bestudeerd. Uit kaartmateriaal van de geraadpleegde historische kaarten is af te leiden dat de onderzoekslocatie tot in de jaren veertig van de vorige eeuw geen landbodem was maar water (IJsselmeer). De onderzoekslocatie en de omgeving was van circa 1890 tot in de jaren zeventig van de vorige eeuw in gebruik als stortplaats en gemeentelijk terrein voor opslag van zand en grond en stalling van vrachtwagens. Op de locatie is vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw een weg aanwezig geweest die toegang gaf tot de stortplaats. Verder is de onderzoekslocatie volgens de kaarten niet bebouwd geweest.
1922
1948
1980 1999 Afbeelding 2: geraadpleegde historische kaarten (bron kaarten: topotijdreis.nl)
2.4
1950
2006-2021
Dossieronderzoek
Voor het verkrijgen van historische informatie van de onderzoekslocatie is op 27 maart 2023 een informatieverzoek ingediend bij de gemeente Hoorn. Gevraagd is naar uitgevoerde bodemonderzoeken en/of bodemsaneringen, verleende hinderwet- of milieuvergunningen, bouw- en/of sloopvergunningen, de aanwezigheid van onder- en/of bovengrondse brandstoftanks en gegevens over calamiteiten. Tevens is gevraagd of de locatie en de directe omgeving verdacht is op het voorkomen van verhoogde gehalten aan PFAS en/of GenX, of dat er ter plaatse bronlocaties bekend zijn voor PFAS of GENX. Via de website van de omgevingsdienst Noord Holland Noord is bodeminformatie gedownload van de locatie en directe omgeving. De bodemrapportage is opgenomen in bijlage 8. In de rapportage van het Bodemloket (bijlage 9) is een overzicht opgenomen van alle bekende onderzoeken en besluiten met betrekking tot de gehele stortlocatie. Pagina | 6 AM23146
Dit betreft dus alle onderzoeken over een groter gebied dan enkel onderhavige onderzoekslocatie ter plaatse van het geplande skatepark. Derhalve zijn niet alle in bijlage 9 vermelde bodemonderzoeken relevant. Op de stortlocatie zijn meerdere bodemonderzoeken uitgevoerd, met name onderzoeken die betrekking hebben op de vuilnisbelt zelf. Deze zijn niet allemaal relevant voor onderhavig onderzoek. Voor zover wel relevant geacht, zijn de binnen het plangebied en in de directe omgeving uitgevoerde bodemonderzoeken in tabel 2.1 weergegeven. Kenmerk
Bijzonderheden
Indicatief voormalig
bodemonderzoek beltterrein,
Dit onderzoek betreft het gehele voormalige beltterrein. Een tekening van de onderzoekslocatie is
Wareco,
bijgevoegd in bijlage 10. De huidige onderzoekslocatie (globaal ingetekend met rode lijn) bevindt
kenmerk 1236/hv.210 d.d. 29
zich ter plekke van wat toen terreindeel II is genoemd. Daar werd voorheen zand en grind opgeslagen.
september 1988
Tevens heeft er op dit terreindeel een mobiele asfaltinstallatie gestaan.
Bij terreindeel I is de bodem (dieptetraject 0,0 -1,5 m -mv.) matig verhoogd met lood en benzo(a)pyreen. In het grondwater werden geen verhoogde concentraties aangetroffen. Ter plaatse van terreindeel II (ter plaatse van onderhavige onderzoekslocatie) zijn plaatselijk sterk verhoogde gehaltes aan lood aangetroffen in de bodem (dieptetraject 0-1,5 m -mv.) alsmede matig verhoogde gehalten aan koper, minerale olie en aromaten en licht verhoogde gehalten aan cyanidetotaal aangetroffen. Het grondwater ter plaatse is matig verhoogd met cyanide, anthraceen en fenantreen en sterk verhoogd met PAK. In deelgebied III zijn zowel in de bodem als in het grondwater geen verhoogde gehalten boven de tussenwaarde aangetroffen. Verkennend onderzoek vml
Dot onderzoek is uitgevoerd volgens VOS-systematiek op de stortplaats. Een tekening van de
stortplaats Schellinkhouterdijk,
onderzoekslocatie ontbreekt in deze rapportage. Doel van het onderzoek is om een beeld te verkrijgen
IWACO, kenmerk 10.4656.0 d.d.
van de verontreinigingsinvloed van de stortplaats op de omgeving, waarmee inzicht ontstaat in de
21 juli 1995
mogelijke bedreiging van bodem- en watergebruik in de directe omgeving van de stortplaats. Uit deze rapportage blijkt dat er ook bedrijfsafval en chemisch afval is gestort van onder andere een PVC-fabriek, een koperwarenfabriek en de gasfabriek Hoorn. Ter plaatse van de asfaltcentrale ontbreekt plaatselijk een deklaag. Tevens zijn er hopen asfalt aanwezig. In de huidige situatie is er op basis van de VOS-systematiek een urgentiewaarde van 5,0. Voor de toekomstige situatie geldt een urgentiewaarde van 9,1. Om meer inzicht te krijgen in de risico’s en deze te verminderen, wordt voorgesteld om: -
de afdeklaag te verbeteren,
-
een ander onderzoek uit te voeren naar de aard en omvang van de eventuele gasemmisie,
-
beperken van het gebruik van het oppervlaktewater,
-
aanbrengen van een civieltechnische of geohydrologische isolatie.
Bodemonderzoek Julianapark,
Het onderzoek is uitgevoerd in het kader van de herinrichting van het Julianapark. Het oostelijk deel
Grontmij, kenmerk 25023 d.d. 1
van dit onderzoek is weergegeven in bijlage 11. Onderhavige onderzoekslocatie (het toekomstige
augustus 1997
skatepark) is daarop rood omlijnd ingetekend. Ter plaatse van het toekomstige skatepark zijn destijds boringen geplaatst (038 t/m 047) tot 1,0 m -mv. Analytisch zijn ter plaatse van deze boringen lichte verhogingen aan zware metalen en PAK aangetroffen. Direct ten noorden van het geplande skatepark zijn in 1995 de boringen 194 t/m 200 geplaatst. Hier is plaatselijk een sterk verhoogd gehalte aan arseen, cyanide, PAK en minerale olie aangetroffen alsmede een matig verhoogd gehalte aan lood en lichte verhogingen aan cadmium, koper en kwik. Pagina | 7
AM23146
Kenmerk
Bijzonderheden
Eindrapportage grondwater
Er zijn 3 monitoringsronden uitgevoerd in de periode 2000-2003.
Schellinkhouterdijk, Bodemzorg,
Conclusie: beïnvloeding van stortplaats op het grondwater is gering, er zijn geen maatregelen
kenmerk Finabo locatiecode
noodzakelijk. Echter direct gebruik van het grondwater wordt ontraden. Het grondwater rondom de
180/0003, februari 2005
voormalige stortplaats is sterk tot licht verontreinigd met zware metalen. De macroparameters CZV en sulfaat zijn sterk verhoogd. Verdichting van het meetnet wordt niet noodzakelijk geacht. Er is niet onderzocht op cyanide.
Eindrapport NAVOS II deklaag,
De oppervlakte van de stortplaats is 17.029 m2 (zie onderstaand figuur, gele omlijning).
Bodemzorg, kenmerk Finabocode
Over een oppervlakte van 13.300 m2 is de dikte van de deklaag minder dan 0,5 meter (waarvan 10.111
NH/180/0003 d.d. maart 2008
m2 dunner dan 0,3 meter). Er zijn geen verontreinigingen boven de interventiewaarde aangetoond. Daarom is er geen risicobeoordeling uitgevoerd.
Actualiserend onderzoek cyanide
Deze onderzoekslocatie bevindt zich direct ten noorden van het onderhavig onderzoek (zie bijlage
verontreiniging Julianapark,
12). De rode lijn in deze bijlage betreft het noordelijk deel van de huidige onderzoekslocatie. Het
Grontmij, kenmerk GM-0113547
betreft de locatie met een cyanide-verontreiniging nabij de parkeerplaats aan de Nieuwe Wal die
d.d. 4 oktober 2013
volgens een saneringsplan zou worden gesaneerd middels het aanbrengen van een leeflaag. Deze spot heeft een oppervlakte van circa 400 m2. De cyanideverontreiniging zou worden gesaneerd middels het aanbrengen van een leeflaag. In 1998 is een beschikking afgegeven op het saneringsplan, maar er is echter geen evaluatierapport van de sanering te vinden. Doel van dit onderzoek is na te gaan of de ernstige verontreiniging met cyanide is gesaneerd middels het aanbrengen van een leeflaag. Tevens dient de dikte en kwaliteit van de leeflaag en de aanwezigheid van een afscheidende laag te worden vastgesteld. Er wordt geconcludeerd dat de locatie waar in 1997 cyanide is aangetroffen, in 1998 functioneel is gesaneerd. De locatie is opgehoogd met (vermoedelijk) gebiedseigen klei en zand. De dikte van deze laag varieert van 0,7 tot 1,5 meter. Er is geen signaleringslaag aangebracht. In de zandige ophooglaag zijn geen verontreinigingen aangetroffen. In de kleiige ophooglaag is in het betreffende mengmonster een sterk verhoogd gehalte aan cyanide aangetroffen.
Pagina | 8 AM23146
Kenmerk
Bijzonderheden Bij uitsplitsing van het mengmonster zijn er geen sterk verhoogde gehaltes meer aangetroffen. Aanvullend onderzoek in fase 2 heeft bevestigd dat in de contactzone geen verontreinigingen met cyanide aanwezig zijn. Er zijn derhalve geen humane risico’s. De aanwezigheid van cyanide in de stortlaag wordt bevestigd. De omvang van de verontreiniging met cyanide in de stortlaag is niet vastgesteld. Het grondwater is ten hoogste matig verontreinigd met cyanide.
Tabel 2.1: Overzicht uitgevoerde relevante bodemonderzoeken
Er is geen informatie bekend dat op de locatie of directe omgeving (bedrijfs)activiteiten hebben plaatsgevonden die een potentiële bron zijn voor PFAS en/of GenX. Echter wordt PFAS al sinds de jaren vijftig van de vorige eeuw toegepast in allerlei producten. Mogelijk zijn er dan ook PFAS-houdende producten gestort op het stort. Er zijn geen aanwijzingen dat buiten het stortlichaam PFAS-verdachte activiteiten zijn geweest. De afdeklaag en het gebied buiten het stortlichaam zijn dan ook niet verdacht voor PFAS. De onderzoekslocatie is onderdeel van het gebied waar in de periode 1890-1975 een vuilnisbelt aanwezig was. In eerste instantie werd huisvuil gestort in de (toenmalige) Zuiderzee waarbij gebruik werd gemaakt van de getijdestromingen bij eb en vloed: huisvuilafval werd gestort bij eb en werd vervolgens met de vloed weggespoeld. Nadat in 1932 de Afsluitdijk is gereedgekomen, kon de getijdewerking niet meer worden toegepast en werd de locatie volgestort. Met de opkomst van de industrie, is er ook bedrijfsafval gestort op de locatie. Vanaf de jaren vijftig van de vorige eeuw tot aan 1975 is er ook een (mobiele) asfaltcentrale op de locatie aanwezig geweest en werd onderhavige onderzoekslocatie gebruikt als opslagterrein voor grind en zanddepots.
Een deel van de stortlocatie is in gebruik geweest voor het stallen van vrachtauto’s van de gemeente (met garagebedrijf en brandstofpomp). Waarschijnlijk bevonden de brandstofpomp en de stalling zich direct ten noorden van de weegbrug, buiten onderhavige onderzoekslocatie. In 1975 is de stortplaats en het opslagterrein gesloten. Sindsdien is het gebied openbaar terrein en deels ingericht als park en recreatiegebied (inclusief een parkeerplaats ten zuidwesten van de onderzoekslocatie). De onderzoekslocatie zelf is geheel begroeid met gras. Ten zuidwesten is een sportpark aangelegd. Er zijn vanaf 1975 geen bodembedreigende activiteiten bekend. In onderstaande afbeelding 3 is globaal de situering van het stortlichaam ten opzichte van de geplande skatebaan weergegegeven.
Pagina | 9 AM23146
Afbeelding 3: situering stortlichaam ten opzichte van geplande skatebaan
2.5
Bodemopbouw en geo(hydro)logie
De bodemopbouw van de onderzoekslocatie wordt schematisch weergegeven in tabel 2.2. Diepte [m-mv]
Lithostratigrafie
Lithologie
0.00 m - 20.21 m
Holocene afzettingen, complexe eenheid
Complexe eenheid, bestaande uit een afwisseling van zandige klei, midden en fijn zand, klei en veen en een weinig grof zand
20.21 m - 21.66 m
Formatie van Boxtel, vierde zandige eenheid
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en fijn zand, met weinig zandige klei en grof zand en een spoor klei, veen en grind
21.66 m - 27.01 m
Formatie van Kreftenheye, derde zandige eenheid
Zandige eenheid, hoofdzakelijk bestaande uit midden en grof zand, met weinig zandige klei, fijn zand en grind en een spoor klei en veen
Tabel 2.2: Geo(hydro)logische indeling (bron: Dinoloket)
Het maaiveld centraal op de onderzoekslocatie bevindt zich op een hoogte van circa 4,0 meter +NAP (bron: AHN.nl), circa 1 à 1,5 meter hoger dan aangrenzende parkeerplaats ten zuiden van de locatie. De stroming van het freatisch grondwater is globaal zuidwestelijk gericht en zou zich volgens de eindrapportage van het monitoringsonderzoek op circa 1 à 2 m -NAP bevinden. De onderzoekslocatie bevindt zich niet binnen de grenzen van een grondwaterbeschermingsgebied.
Pagina | 10 AM23146
2.6
Beschrijving van de onderzoekslocatie
Op 5 april 2023 is een veldinspectie uitgevoerd. Hierbij is gelet op het terreingebruik en de aanwezigheid van ondergrondse tanks, stookplaatsen, (half)verhardingslagen, ophogingen, storthopen, dempingen, afgravingen en asbestverdacht materiaal op het terrein. Een fotoreportage van de onderzoekslocatie is opgenomen in bijlage 2. De locatie is geheel onbebouwd en onverhard en volledig begroeid met gras. Ten opzichte van de nabij gelegen parkeerplaats, ligt de onderzoekslocatie ongeveer 1 tot 1,5 meter hoger. Er zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van bodemverontreinigingen of bronnen van verontreinigingen. Tijdens de veldinspectie is op het terrein geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. De onderzoekslocatie wordt aan de noord- en oostzijde begrensd door de voormalige stortplaats waarop tegenwoordig een bos is aangeplant, aan de zuidzijde door een betegeld voetpad en aan de westzijde door een parkeerplaats.
2.7
Asbest
Uit het dossieronderzoek en de uitgevoerde veldinspectie is geen informatie naar voren gekomen dat ter plaatse van de onderzoekslocatie asbestverdachte activiteiten hebben plaatsgevonden. Echter is in het gestorte materiaal mogelijk wel asbest aanwezig. Bij de onderzoeken die zijn uitgevoerd is in de deklaag geen asbestverdacht materiaal aangetroffen. Derhalve is de toplaag en het gebied buiten het stortlichaam onverdacht voor asbest.
2.8
Bodemkwaliteitskaart
Uit de bodemkwaliteitskaart van omgevingsdienst Noord-Holland Noord (Lievense, kenmerk 15M1207.RAP002 d.d. november 2020) gemeente Hoorn blijkt dat voor de onderzoekslocatie de ontgravingsklasse ‘landbouw/natuur’ geldt voor zowel de bovengrond als ondergrond. Op de bodemfunctieklassenkaart heeft de locatie de functieklasse ‘wonen’.
2.9
Onderzoekshypothese
Gebaseerd op de verzamelde gegevens uit het vooronderzoek is de onderzoekslocatie als “heterogeen verontreinigd” beschouwd. De aanwezigheid van asbestverdacht materiaal in de bodem wordt ter plaatse van de onderzoekslocatie niet verwacht (niet verdacht). Ter plaatse van het stortlichaam kan mogelijk wel asbest aanwezig zijn.
Pagina | 11 AM23146
3. ONDERZOEKSSTRATEGIE 3.1
Inleiding
Op basis van de verzamelde informatie uit het vooronderzoek (NEN 5725) en de gestelde onderzoekshypothese(n) voor de onderzoekslocatie, is een onderzoeksstrategie opgesteld conform de richtlijnen van de onderzoeksnorm NEN 5740 (BodemLandbodem; Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek – onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond van het Nederlands Normalisatie-Instituut.
3.2
Onderzoeksstrategie
Het bodemonderzoek is uitgevoerd conform de strategie ‘VED-HE’ uit de NEN 5740. In principe worden boringen willekeurig verspreid over de gehele onderzoekslocatie. Voor het vaststellen van de milieuhygiënische conditie van de bodem (grond en grondwater) van de onderzoekslocatie zal volgens onderstaande strategie veldwerk en monstername voor laboratoriumanalyse plaatsvinden. ONDERZOEKSNORM NEN 5740 'VED-HE' Aantal boringen oppervlakte (m²) tot 0,5 m in de boring tot de onderzijde van de èn boring met verdachte laag1) verdachte laag met een maximum van peilbuis 1,2) 2m 3.500 0 14 1
Aantal te onderzoeken (meng)monsters grond grondwater (verdachte laag) 3
1
Tabel 3.1: Veldwerk, monstername en analysestrategie volgens NEN 5740 “heterogeen verontreinigd” 1) vanwege de mogelijke aanwezigheid van een stortlichaam, worden alle boringen doorgezet tot 2,0 m -mv 2) Wanneer de verontreiniging vooral in het grondwater wordt verwacht, wordt het aantal peilbuizen uitgebreid.
Legenda bij tabel 3.1 De bovengrond en de ondergrond worden onderzocht op de stoffen uit het NEN 5740 ‘standaardpakket’: • drogestof-bepaling • 9 zware metalen • 10 polycyclische aromatische koolwaterstoffen • 7 polychloorbifenylen (PCB) • minerale olie Tevens bepaalt het laboratorium het gehalte aan organische stof en lutumgehalte voor het vaststellen van een toetsingskader voor de lokale bodemkwaliteit. Het grondwater wordt onderzocht op de stoffen uit het NEN 5740 ‘standaardpakket’: • 9 zware metalen • 8 vluchtige aromatische koolwaterstoffen (incl. naftaleen) • 21 vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen • minerale olie Aangezien in het verleden cyanide is aangetroffen, wordt het grondwater aanvullend ganalsyseerd op cyanide totaal.
Pagina | 12 AM23146
4. VELDWERKZAAMHEDEN 4.1
Algemeen
Conform de onderzoeksstrategie, zoals beschreven in hoofdstuk 3, is op de onderzoekslocatie een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd. De werkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat op grond van BRL SIKB 2000 conform protocollen 2001 en 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. Voor het traceren van de kabels en leidingen is voorafgaand aan de uitvoering van de veldwerkzaamheden een KLIC melding verricht.
4.2
Grondbemonstering
Op 5 april 2023 zijn de boringen geplaatst volgens de in paragraaf 3.2 weergegeven onderzoeksstrategie. De werkzaamheden zijn uitgevoerd door de heer H. van den Tillaar en de heer L. Koomen. Beiden zijn erkend monsternemer in het kader van de BRL SIKB 2000 voor de protocollen 2001, 2002 en 2018. De boringen zijn verricht met behulp van de Edelmanboor (ø 7 of 10 cm). Zie voor de boorpuntlocaties bijlage 3. Gebaseerd op de diepte en stroming van het freatisch grondwater is een boring afgewerkt met een peilbuis (zie bijlage 2). Vanwege een grindlaag bleek het niet mogelijk om deze peilbuis centraal op de onderzoekslocatie te plaatsen. Derhalve is ze op het laagste punt van de onderzoekslocatie geplaatst, ter plaatse van boorpunt 4. De bovenkant van het peilbuisfilter is onder de aangetroffen grondwaterstand geplaatst. Tijdens de installatie van de peilbuis is geen werkwater gebruikt. Het opgeboorde bodemmateriaal is volgens de classificatienorm voor onverharde bodems (NEN 5104) beoordeeld. Daarnaast is vastgesteld in hoeverre het opgeboorde materiaal mogelijke aanwijzingen biedt voor de aanwezigheid van visueel zichtbare verontreiniging. Op basis van de zintuiglijke waarnemingen en de bodemopbouw heeft laagsgewijze bemonstering plaatsgevonden. De uitkomende grond en alle zintuiglijk waargenomen bijzonderheden zijn per boring beschreven in de profielbeschrijvingen (zie bijlage 4).
In tabel 4.1 zijn de boringen beschreven waarin zintuiglijk afwijkingen zijn geconstateerd. Boring
Traject (m -mv) 2,60 - 3,20
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
01
Diepte boring (m -mv) 3,20
Grind
Gestaakt op grindlaag
02
1,50
1,00 - 1,50
Klei
Gestaakt op grindlaag
03
1,50
0,00 - 0,50
Klei
Sporen baksteen
0,50 - 1,00
Klei
Matig baksteenhoudend, sporen beton
1,00 - 1,50
Klei
Boring gestaakt op harde laag Pagina | 13
AM23146
Boring 04
Diepte boring (m -mv) 1,25
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50
Grondsoort
Waargenomen bijzonderheden
Klei
Sporen baksteen
0,50 - 0,75
Klei
Sporen baksteen
0,75 - 1,25
Grind
Gestaakt op grindlaag
05
2,00
0,50 - 1,50
Klei
Sporen baksteen
07
1,70
1,00 - 1,70
Klei
Boring gestaakt op grindlaag
09
2,00
0,00 - 0,50
Klei
Sporen baksteen
0,50 - 1,00
Klei
Sporen beton, sporen baksteen, sporen kolengruis
1,00 - 1,50
Klei
Sporen baksteen
0,00 - 0,50
Klei
Zwak baksteenhoudend
0,50 - 1,50
Klei
Sporen baksteen, sporen beton
2,00 - 2,50
Grind
Gestaakt op grindlaag
10
2,50
11
2,00
0,50 - 1,00
Klei
Sporen baksteen
14
2,00
0,00 - 0,50
Klei
Sporen baksteen, sporen beton
0,50 - 1,50
Klei
Zwak baksteenhoudend, sporen beton
Tabel 4.1: Overzicht zintuiglijke afwijkingen
Op basis van bovenstaande waarnemingen blijkt dat er in geen enkele boring stortmateriaal is aangetroffen wat is te relateren aan het stortlichaam. Daarmee is aangetoond dat de onderzoekslocatie niet gelegen is op de stortplaats, maar daarbuiten. In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN 5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een inspectie van het terrein plaatsgevonden. Op het maaiveld en in de vrijkomende grond zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. De sporen tot zwakke bijmengingen met baksteen, kolengruis en beton worden niet gezien als asbestverdacht. Het voorliggende onderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aanof afwezigheid van asbest in de bodem binnen de onderzoekslocatie.
4.3
Grondwatermonstername
De peilbuis is op 5 april 2023 bemonsterd conform protocol 2002 van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer. De bemonstering is uitgevoerd door erkend veldwerker van Aeres Milieu, de heer H. van den Tillaar. In afwijking van het protocol is de peilbuis bemonsterd op dezelfde dag van plaatsing. Dit in verband met de spoedeisendheid van de opdracht. Tevens is de peilbuis snijdend geplaatst (grondwaterstand 0,25 m – bovenzijde filter) omdat handmatig dieper boren niet mogelijk was vanwege een grindlaag. Voorafgaand aan de bemonstering is de grondwaterstand opgenomen en zijn de zuurgraad (pH) en het elektrischegeleidingsvermogen (Ec) van het grondwater bepaald. Deze waarden waren constant bij monstername. De geleidbaarheid is gecorrigeerd voor de grondwatertemperatuur. De geleiding is een maat voor de concentratie aan opgeloste stoffen in het water, terwijl de pH de zuurgraad van het water aangeeft (pH<7: zuur, pH = 7: neutraal, pH>7: basisch). De grondwatermonsters zijn in het veld, voor zover noodzakelijk gefiltreerd en geconserveerd. De in het veld gemeten parameters zijn in tabel 4.2 samengevat.
Pagina | 14 AM23146
Peilbuis 04
Filterdiepte (m-mv.) 0,25 - 1,25
Grondwaterstand (m-mv.) 0,50
pH (-) 7,1
Ec (µS/cm) 1184
Troebelheid (NTU) 411
Tabel 4.2: Resultaten veldmetingen tijdens grondwatermonstername
De meetresultaten betreffende de pH en de Ec wijken niet af van natuurlijk of regionaal voorkomende waarden.
In het grondwater in de peilbuis is sprake van een verhoogde troebelheid (>10 NTU). Een verhoogde troebelheid kan in sommige gevallen leiden tot een overschatting van de gehalten aan organische parameters in het grondwater. Bij het voorliggende onderzoek is de index van geen enkele organische parameter verhoogd (zie 5.3 grondwateranalyse). De eventuele overschatting van de gehalten als gevolg van een verhoogde troebelheid heeft geen gevolgen voor de interpretatie van de onderzoeksgegevens en de conclusies van dit rapport. Aanvullend onderzoek naar de verhoogde troebelheid is daarom niet uitgevoerd. De overige waarden geven geen aanleiding tot opmerkingen.
Pagina | 15 AM23146
5. LABORATORIUMONDERZOEK 5.1
Algemeen
De analyses zijn uitgevoerd door het onderzoekslaboratorium van Eurofins Analytico B.V. te Barneveld. Eurofins Analytico B.V. is geaccrediteerd volgens de door de Raad voor Accreditatie gestelde criteria voor Testlaboratoria conform ISO/IEC 17025, waar verdere conservering en (voor)behandeling van de monsters plaats heeft gevonden.
5.2
Grond(meng)monster(s)
In het laboratorium zijn voor het chemisch onderzoek van de grondmonsters uit de boven- en ondergrond al dan niet mengmonsters samengesteld volgens onderstaande tabel 5.1. De keuze voor het samenstellen van deelmonsters tot een mengmonster of het analyseren van individuele monsters is gebaseerd op de zintuiglijke waarnemingen in het veld en op de onderzoeksstrategie.
Analysemonster MM1
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50
Deelmonsters
Analysepakket
03 (0,00 - 0,50), 04 (0,00 - 0,50), 10 (0,00 - 0,50),
Standaardpakket grond incl. LUOS
14 (0,00 - 0,50) MM2
0,50 - 1,00
03 (0,50 - 1,00), 14 (0,50 - 1,00)
Standaardpakket grond incl. LUOS
MM3
0,00 - 0,50
01 (0,00 - 0,50), 05 (0,00 - 0,50), 07 (0,00 - 0,50),
Standaardpakket grond incl. LUOS
MM4
0,50 - 1,00
11 (0,00 - 0,50) 05 (0,50 - 1,00), 09 (0,50 - 1,00), 10 (0,50 - 1,00)
Standaardpakket grond incl. LUOS
Tabel 5.1: samenstelling analysemonsters en analysepakket
De analyseresultaten van de grond(meng)monsters worden in de volgende tabel 5.2 samengevat, waarbij door middel van onderstaande sterrencodering de mate van verontreiniging is aangegeven. *
Het gehalte is groter dan de achtergrondwaarde en kleiner dan of gelijk aan de het gemiddelde van de achtergronden interventiewaarde;
**
het gehalte is groter dan het gemiddelde van de achtergrond- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde;
***
het gehalte is groter dan de interventiewaarde.
In de Regeling bodemkwaliteit (RBK) is vastgelegd dat de toetsing altijd moet plaatsvinden door het gevonden gehalte in een monster eerst te corrigeren met het lutum en organisch stofgehalte (=berekende concentratie) en vervolgens te vergelijken met de grenswaarden van de Regeling Bodemkwaliteit. In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende achtergrondwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 6 voor de toetsingstabellen en het analyserapport.
Pagina | 16 AM23146
(Meng)monster MM1
MM2
Traject (m -mv) 0,00 - 0,50
Zintuiglijke waarnemingen
0,50 - 1,00
Verhoogde component Kwik
Berekende concentratie [mg/kg d.s.] en toetsing 0,312 *
Lood
88,5
*
Koper
78,4
*
Kwik
0,98
*
Lood
1730
***
Zink
175
*
MM3
0,00 - 0,50
-
-
-
MM4
0,50 - 1,00
Kwik
0,234
*
Tabel 5.2: Toetsingsresultaten van de grond(meng)monsters
Uit de analyseresultaten blijkt dat grondmengmonster MM1 (dieptetraject 0,0 -0,5 m-mv.) licht verhoogd is met kwik en lood. In grondmengmonster MM2 (dieptetraject <0,5 – 1,0 m-mv.) is een sterk verhoogd gehalte aan lood aangetroffen alsmede licht verhoogde gehalten aan koper, kwik en zink. In grondmengmonster MM3 (dieptetraject -0,0 - 0,5 m-mv.) zijn geen gehalten gemeten verhoogd ten opzichte van de achtergrondwaarde. Grondmengmonster MM4 (dieptetraject 0,5 – 1,0 m-mv.) bevat een licht verhoogd gehalte aan kwik. Naar aanleiding van het gemeten sterk verhoogde gehalte aan lood is, in overleg met de opdrachtgever, besloten om de beide deelmonsters waaruit grondmengmonster MM2 is samengesteld separaat te analyseren op lood. De analyseresultaten van de grondmonsters worden in de volgende tabel 5.3 samengevat. In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende achtergrondwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 4-2 voor het analyserapport. (Meng)monster
Zintuiglijke waarnemingen
3-2
Traject (m -mv) 0,50 - 1,00
03 (0,50 - 1,00)
Verhoogde component Lood
Berekende concentratie [mg/kg d.s.] en toetsing 493 **
14-2
0,50 - 1,00
14 (0,50 - 1,00)
Lood
118
*
Tabel 5.3: Toetsingsresultaten uitsplitsing grond(meng)monster MM2
Uit de analyseresultaten blijkt dat grondmonster 3-2 (dieptetraject 0,5 – 1,0 m-mv.) matig verhoogd is met lood. Grondmonster 14-2 (dieptetraject 0,5 – 1,0 m-mv.) is licht verhoogd met lood.
Zware metalen bezitten een geringe mobiliteit in de bodem en hechten zich met name aan slib- en kleideeltjes. Zware metalen komen van nature in bepaalde concentraties in de bodem voor. Deze concentraties kunnen verhoogd voorkomen in het stedelijk milieu. De afgifte vindt onder andere plaats door dakpannen, dakgoten, kabels en leidingen, verkeer en afval. Ook depositie van zware metalen op de bodem door industriële activiteiten is een mogelijke oorzaak van verhoogde concentraties. Tot de bedrijfsactiviteiten die verontreiniging van de bodem met zware metalen kunnen veroorzaken worden onder andere gerekend galvanische bedrijven, grafische industrie, sloperijen en metaalbewerkende industrie.
Pagina | 17 AM23146
5.3
Grondwatermonster(s)
De analyseresultaten van de grondwatermonsters worden in de volgende tabel 5.4 samengevat, waarbij door middel van onderstaande sterrencodering de mate van verontreiniging is aangegeven. *
Het gehalte is groter dan of gelijk aan de streefwaarde (of de detectiegrens, indien deze hoger is) en kleiner dan of gelijk aan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde;
**
het gehalte is groter dan het gemiddelde van de streef- en interventiewaarde en kleiner dan of gelijk aan de interventiewaarde;
***
het gehalte is groter dan de interventiewaarde.
In de kolommen zijn alleen die stoffen vermeld waarvan de analyseresultaten na toetsing hoger zijn dan de bijbehorende streefwaarde voor duurzame bodemkwaliteit. Zie bijlage 7 voor de toetsingstabellen en het analyserapport.
Peilbuis 04
Filtertraject [m-mv] 0,25 – 1,25
Grondwaterstand [m-mv.]
Verhoogde component
0,5
Koper
Gemeten concentratie [µg/l] en toetsing 35 *
Molybdeen
12
*
Tabel 5.4: Toetsingsresultaten van de grondwatermonsters
Uit de analyseresultaten blijkt dat het grondwater afkomstig uit peilbuis 04 licht verhoogd is met koper en molybdeen. Het gehalte aan cyanide bevindt zich onder de detectielimiet en is dus niet verhoogd.
De licht verhoogde gehalten met koper en molybdeen worden waarschijnlijk gedeeltelijk van buiten de onderzoekslocatie aangevoerd, aangezien in de ondergrondmonsters geen verhoogde concentraties gemeten zijn. Of deze verhoogde gehalten veroorzaakt worden door de stortplaats of een andere oorsprong hebben, is onbekend.
5.4
Toetsing van de gestelde hypothese
Geconcludeerd kan worden dat de berekende concentraties in de grond in overeenstemming zijn met de vooraf geformuleerde hypothese dat de locatie als verdacht beschouwd kan worden. De gemeten concentratie aan lood ter plaatse van boring 3 bevindt zich boven de tussenwaarde, maar onder de interventiewaarde. Voor het overige zijn er zowel in de grond als in het grondwater slechts licht verhoogde gehalten aan zware metalen aangetroffen. Het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek ter plaatse van boring 3 wordt aanbevolen. Geconcludeerd kan worden dat de gemeten concentraties in het grondwater ook in overeenstemming zijn met de vooraf opgestelde hypothese dat de locatie verdacht is. Het uitvoeren van een aanvullend of nader bodemonderzoek is gelet op de aangetroffen componenten en gemeten concentraties niet noodzakelijk.
Pagina | 18 AM23146
6. CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN Tijdens de veldinspectie op de locatie zijn geen waarnemingen gedaan die wijzen op de aanwezigheid van bodemverontreiniging of bronnen van verontreiniging. In het opgeboorde bodemmateriaal zijn sporen tot zwakke bijmengingen met baksteen, kolengruis en beton waargenomen. Deze bijmengingen worden niet gezien als asbestverdacht. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bodem ter plaatse van boring 3 (dieptetraject 0,5 – 1,0 m -mv.) matig verhoogd is met lood. Voor het overige zijn er zowel in de bovengrond als in de ondergrond hooguit licht verhoogde gehalten aan zware metalen aangetroffen. Het grondwater is licht verhoogd met koper en molybdeen. Er is geen verhoogd gehalte aan cyanide aangetroffen in het grondwater. De resultaten van dit bodemonderzoek geven aanleiding tot het uitvoeren van een nader bodemonderzoek rondom boring 3.
Tijdens de veldwerkzaamheden is het stortlichaam niet aangetroffen. De onderzoekslocatie bevindt zich derhalve niet op de stortplaats zelf maar daarbuiten.
In het kader van dit onderzoek is geen specifiek onderzoek (conform NEN 5707) verricht naar het voorkomen van asbest in de grond en op het maaiveld. Wel heeft een inspectie van het terrein plaatsgevonden. Op het maaiveld en in de vrijkomende grond zijn geen asbestverdachte materialen aangetroffen. Het voorliggende onderzoek doet echter geen bindende uitspraak over de aan- of afwezigheid van asbest in de bodem binnen de onderzoekslocatie. Indien er werkzaamheden plaatsvinden, waarbij grond vrijkomt, kan de grond mogelijk niet zonder meer worden afgevoerd of elders worden toegepast. Ten aanzien van hergebruik van deze grond elders is het Besluit Bodemkwaliteit en het Handelingskader PFAS van toepassing. Het grondwater ter plaatse van de onderzoekslocatie is niet multifunctioneel toepasbaar. Het wordt daarom afgeraden het freatisch grondwater te gebruiken voor consumptie, besproeiing of proceswater.
Pagina | 19 AM23146
aeres milieu
Bijlage 1 Topografische en kadastrale overzichtskaart
AM23146
Kadastrale kaart
Uw referentie: AM23146
Deze kaart is noordgericht
12345 25
Schaal 1: 2000
Perceelnummer Huisnummer Vastgestelde kadastrale grens Voorlopige kadastrale grens Administratieve kadastrale grens
Kadastrale gemeente Sectie Perceel
Hoorn D 3845
Bebouwing Voor een eensluidend uittreksel, geleverd op 22 maart 2023 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor het kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor, waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
aeres milieu
Bijlage 2 Foto’s onderzoekslocatie
AM23146
AM23146
Foto 1
Foto 2
Foto 3
Foto 4
Foto 5
Foto 6
AM23146
Foto 7
Foto 8
Foto 9
Foto 10
Foto 11
Foto 12
aeres milieu
Bijlage 3 Situatietekening onderzoekslocatie met boorpunten
AM23146
Legenda
Foto's Boringen boring tot maximaal 2,0 m-mv boring tot 2,5 m-mv boring tot 3,2 m-mv peilbuis Achtergrond: Luchtfoto PDOK Actueel 25 cm, Kadastrale kaart WFS PDOK
Boorpuntenkaart (A4) AM23146 Hoorn skatepark (Julianapark) Schaal
N v1.0_21-4-2023_LK
Plangebied
aeres milieu
Bijlage 4 Boorprofielen
AM23146
getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 25
boring:
01
boring:
02
Datum:
5-4-2023
Datum:
5-4-2023
X:
133781,62
Y: 0
0
516965,40 gras
X:
133740,12
Y: 0
0
Klei sterk zandig matig humeus, , sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
517009,39 gras Klei sterk zandig zwak humeus, , sporen grind, sporen wortels, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
1
1
50
50
50
50 Klei sterk zandig, , sporen wortels, resten schelpen, neutraal grijsbeige, Edelmanboor
Zand matig fijn matig siltig, , sporen roest, brokken klei, neutraalgrijs, Edelmanboor
2
2
100
100
100
Klei sterk zandig, , sterk grindhoudend, donkergrijs, Edelmanboor, Gestaakt op grindlaag 3
3
150
150
150
150 Klei sterk zandig, , brokken veen, neutraal blauwgrijs, Edelmanboor
4
200
200
Klei sterk zandig, donkergrijs, Edelmanboor
250 260
Grind sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor, Gestaakt op grindlaag
300
320
boring:
03
boring:
04
Datum:
5-4-2023
Datum:
5-4-2023
X:
133752,49
Y: 0
0
516998,37 gras
X:
133745,65
Y: 0
0
Klei sterk zandig matig humeus, , sporen schelpen, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor 1
2
100
100
50
50 Klei sterk zandig matig humeus, , matig baksteenhoudend, zwak schelphoudend, sporen beton, sporen kooldeeltjes, donker grijsbruin, Edelmanboor
Klei sterk zandig matig humeus, , sporen baksteen, neutraalbruin, Edelmanboor
2 75
Grind sterk zandig, neutraalgrijs, Edelmanboor, Gestaakt op grindlaag 100
3
Klei sterk zandig, donkergrijs, Edelmanboor, Boring gestaakt op harde laag 125
3
150
150
Projectnaam: Skatepark, Hoorn Projectcode: AM23146
gras Klei sterk zandig matig humeus, , sporen baksteen, sporen keramiek, sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
50
50
516979,44
getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 25
boring:
05
boring:
06
Datum:
5-4-2023
Datum:
5-4-2023
X:
133768,81
Y: 0
0
516995,92 gras
X:
133767,66
0
Klei sterk zandig matig humeus, , sporen roest, resten schelpen, sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
50
50
Y:
0
516980,87 gras Klei sterk zandig matig humeus, , sporen wortels, resten schelpen, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
50
50 Klei sterk zandig, , sporen baksteen, resten schelpen, zwak roesthoudend, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
Klei sterk zandig, , resten schelpen, sporen roest, neutraal grijsbeige, Edelmanboor
2
2
100
100
3
3
150
150
150
150 Klei sterk zandig, donkergrijs, Edelmanboor
Klei sterk zandig, , brokken veen, neutraal blauwgrijs, Edelmanboor
4
4
200
200
200
200
boring:
07
boring:
08
Datum:
5-4-2023
Datum:
5-4-2023
X:
133784,13
Y: 0
0
516989,82 gras
X:
Klei sterk zandig matig humeus, , zwak roesthoudend, sporen schelpen, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
50
133768,63
Y: 0
0
516961,18 gras Klei sterk zandig matig humeus, , sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
50
2
2
100
100
3
150
100
100 Klei sterk zandig, , sporen schelpen, sporen roest, donkergrijs, Edelmanboor, Boring gestaakt op grindlaag
Klei sterk zandig, , sporen wortels, donkergrijs, Edelmanboor 3
150
170
4
4
200
Projectnaam: Skatepark, Hoorn Projectcode: AM23146
200
getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 25
boring:
09
boring:
10
Datum:
5-4-2023
Datum:
5-4-2023
X:
133798,33
Y: 0
0
516979,94 gras
X:
133767,44
0
Klei sterk zandig matig humeus, , sporen grind, sporen wortels, sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
50
50
100
150
150
Klei sterk zandig, , sporen baksteen, sporen beton, sporen grind, resten schelpen, neutraal beigegrijs, Edelmanboor
2
Klei sterk zandig matig humeus, , sporen baksteen, zwak roesthoudend, resten schelpen, neutraal grijsbruin, Edelmanboor
3
gras
50
50
100
100
516946,27 Klei sterk zandig matig humeus, , zwak baksteenhoudend, zwak grindhoudend, sporen wortels, sporen roest, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
Klei sterk zandig, , sporen beton, sporen baksteen, resten schelpen, sporen roest, sporen kolengruis, neutraal bruingrijs, Edelmanboor
2
Y:
0
3
150
150 Klei sterk zandig, neutraal blauwgrijs, Edelmanboor
Klei zwak zandig, , resten schelpen, neutraal grijsblauw, Edelmanboor
4
4
200
200
200
200
Grind sterk zandig, donker zwartbruin, River, Gestaakt op grindlaag
250
250
boring:
11
boring:
12
Datum:
5-4-2023
Datum:
5-4-2023
X:
133781,84
Y: 0
0
516952,78 gras
X:
133796,47
Y: 0
0
Klei sterk zandig matig humeus, , sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
gras Klei sterk zandig, bruingrijs, Edelmanboor
1
1
50
50
516962,28
50 Klei sterk zandig matig humeus, , sporen baksteen, donker grijsbruin, Edelmanboor
2
2
100
100
100
100 Klei sterk zandig, , brokken veen, sporen schelpen, grijsbeige, Edelmanboor
Klei sterk zandig matig humeus, , zwak schelphoudend, donkerbruin, Edelmanboor
3
3
150
150
150 Klei sterk zandig, donkergrijs, Edelmanboor
4 170
4
200
Grind, neutraalgrijs, River
200
Projectnaam: Skatepark, Hoorn Projectcode: AM23146
200
200
getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 25
boring:
13
boring:
14
Datum:
5-4-2023
Datum:
5-4-2023
X:
133786,86
Y: 0
0
516938,95 gras
X:
133801,51
Y: 0
0
Klei sterk zandig matig humeus, donker grijsbruin, Edelmanboor
516947,48 gras Klei sterk zandig matig humeus, , sporen baksteen, sporen beton, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
1
50
50
50
2
Klei sterk zandig matig humeus, , zwak baksteenhoudend, sporen keramiek, sporen beton, donker grijsbruin, Edelmanboor
2
100
100
100 Klei sterk zandig, , brokken veen, donkergrijs, Edelmanboor
3
3
150
150
150
Klei sterk zandig, , sporen grind, donker, Edelmanboor 4
4
200
200
boring:
15
Datum:
5-4-2023
X:
133802,07
Y: 0
0
200
516935,03 gras Klei sterk zandig matig humeus, , sporen wortels, donker grijsbruin, Edelmanboor
1
50
2
100
100
Klei sterk zandig matig humeus, , sporen wortels, donker bruingrijs, Edelmanboor 3
150
4
200
200
Projectnaam: Skatepark, Hoorn Projectcode: AM23146
200
Legenda (conform NEN 5104)
getekend volgens NEN 5104
Schaal 1: 25 grind
klei Grind, siltig
geur Klei, zwak siltig
geen geur zwakke geur
Grind, zwak zandig
matige geur
Klei, matig siltig
sterke geur Grind, matig zandig
Klei, sterk siltig
Grind, sterk zandig
Klei, uiterst siltig
uiterste geur
olie geen olie-water reactie zwakke olie-water reactie Grind, uiterst zandig
Klei, zwak zandig
matige olie-water reactie sterke olie-water reactie
Klei, matig zandig
Klei, sterk zandig
zand
uiterste olie-water reactie
p.i.d.-waarde >0
Zand, kleiïg
>1 >10
Zand, zwak siltig
>100
leem
>1000 Zand, matig siltig
Leem, zwak zandig
Zand, sterk siltig
Leem, sterk zandig
Zand, uiterst siltig
>10000
monsters
geroerd monster
overige toevoegingen
ongeroerd monster
zwak humeus volumering
veen Veen, mineraalarm
matig humeus
Veen, zwak kleiïg
sterk humeus
Veen, sterk kleiïg
zwak grindig
Veen, zwak zandig
matig grindig
Veen, sterk zandig
sterk grindig
overig bijzonder bestanddeel Gemiddeld hoogste grondwaterstand grondwaterstand Gemiddeld laagste grondwaterstand slib
water
peilbuis
blinde buis
casing
hoogste grondwaterstand gemiddelde grondwaterstand laagste grondwaterstand zand afdichting bentoniet/mikoliet/klei afdichting
grind afdichting filter
Projectnaam: Skatepark, Hoorn Projectcode: AM23146
aeres milieu
Bijlage 5 Verklaring veldmedewerker
AM23146
VERKLARING Hierbij verklaar ik (ondergetekende) dat de veldwerkzaamheden onafhankelijk van de opdrachtgever zijn uitgevoerd conform de eisen van de BRL 2000 en de bijbehorende protocollen. Projectnummer
AM23146
Onderzoekslocatie
Nieuwe Wal (ong.) te Hoorn
Opdrachtgever
BRO
Afwijkingen van BRL 2000 (protocol)
Nee Ja, aard en motivatie afwijkingen beschrijven
Uitvoering werkzaamheden protocol 2001
5 april 2023
Uitvoering werkzaamheden protocol 2002
5 april 2023
Gecertificeerd monsternemer
H. van den Tillaar
L. Koomen
aeres milieu
Bijlage 6 Toetsingstabellen en analyserapport grond(meng)monster(s)
AM23146
Uw Project
Skatepark, Hoorn (AM23146)
Certificaat
2023051878
Toetsing
BoToVa T12 kwaliteit van grond volgens Wbb
Versie
2.0.24
Toetsingsdatum
19 April 2023 10:12
Analyse
Eenheid
MM1 03 (0-50) 04 (0-50) 10 (0-50) 14 (0-50) G.W. G.S.S.D Index Oordeel
Bodemtype correctie Fractie < 2 µm
16.2
Organische stof volgens gloeiverlies methode
3.9
Voorbehandeling Cryogeen malen
RG
>AW
I
920
Uitgevoerd
Bodemkundige analyses Droge stof
% (m/m)
77.9
77.9
Organische stof
% (m/m) ds
3.9
3.9
@
Gloeirest
% (m/m) ds
95
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
16.2
Metalen Barium (Ba)
mg/kg DS
30
41.9
@
20
190
Cadmium (Cd)
mg/kg DS
<0.20
0.185
-
0.2
0.6
13
Kobalt (Co)
mg/kg DS
5.4
7.44
-
3
15
190
Koper (Cu)
mg/kg DS
20
26.6
-
5
40
190
Kwik (Hg)
mg/kg DS
0.27
0.312
> AW
0.05
0.15
36
Molybdeen (Mo)
mg/kg DS
<1.5
1.05
-
1.5
1.5
190
Nikkel (Ni)
mg/kg DS
14
18.7
Lood (Pb)
mg/kg DS
73
88.5
Zink (Zn)
mg/kg DS
60
Minerale olie Minerale olie (C10-C12)
mg/kg DS
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg DS
Minerale olie (C16-C21)
16.2
-
4
35
100
> AW
10
50
530
80.4
-
20
140
720
<3.0
5.38
@
<5.0
8.97
@
mg/kg DS
<5.0
8.97
@
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg DS
<11
19.7
@
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg DS
5.9
15.1
@
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg DS
<6.0
10.8
@
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg DS
<35
62.8
-
35
190
5000
Polychloorbifenylen, PCB PCB 28
mg/kg DS
<0.0010
0.00179
PCB 52
mg/kg DS
<0.0010
0.00179
PCB 101
mg/kg DS
<0.0010
0.00179
PCB 118
mg/kg DS
<0.0010
0.00179
-
0.007
0.02
1
-
0.35
1.5
40
PCB 138
mg/kg DS
<0.0010
0.00179
PCB 153
mg/kg DS
<0.0010
0.00179
PCB 180
mg/kg DS
<0.0010
0.00179
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg DS
0.0049
0.0126
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen
mg/kg DS
<0.050
0.035
Fenanthreen
mg/kg DS
0.077
0.077
Anthraceen
mg/kg DS
<0.050
0.035
Fluorantheen
mg/kg DS
0.19
0.19
Benzo(a)anthraceen
mg/kg DS
0.13
0.13
Chryseen
mg/kg DS
0.14
0.14
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg DS
0.074
0.074
Benzo(a)pyreen
mg/kg DS
0.17
0.17
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg DS
0.11
0.11
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg DS
0.12
0.12
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg DS
1.1
1.08
0.08
Eurofins Nr.
Monsteromschrijving
Datum Monstername
Eindoordeel
421-13570588
MM1 03 (0-50) 04 (0-50) 10 (0-50) 14 (0-50)
05-04-2023
Overschrijding Achtergrondwaarde
Legenda #
Aangenomen waarde
G.W.
Gemeten waarde
G.S.S.D.
Gestandaardiseerde meetwaarde
RG
< streefwaarde/aw2000 of RG
>AW
Streefwaarde/aw2000
T
Tussenwaarde (T)
I
> Interventiewaarde (I)
@
Geen toetsoordeel mogelijk
-
<= Achtergrondwaarde
> AW
> Achtergrondwaarde
Deze toetsing is met de grootste zorg samengesteld Eurofins Analytico B.V. is echter niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.
Mocht u een probleem in deze toetsing signaleren dan verzoeken wij u vriendelijk dit door te geven aan eol.helpdesk@eurofins.com
Page 1 of 4
Uw Project
Skatepark, Hoorn (AM23146)
Certificaat
2023051878
Toetsing
BoToVa T12 kwaliteit van grond volgens Wbb
Versie
2.0.24
Toetsingsdatum
19 April 2023 10:12
Analyse
Eenheid
MM2 03 (50-100) 14 (50-100) G.W.
G.S.S.D
Index
RG
>AW
I
920
Oordeel
Bodemtype correctie Fractie < 2 µm
23.6
Organische stof volgens gloeiverlies methode
5.0
Voorbehandeling Cryogeen malen
Uitgevoerd
Bodemkundige analyses Droge stof
% (m/m)
68.3
68.3
Organische stof
% (m/m) ds
5.0
5
Gloeirest
% (m/m) ds
93
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
23.6
@
23.6
Metalen Barium (Ba)
mg/kg DS
73
76.5
@
20
190
Cadmium (Cd)
mg/kg DS
<0.20
0.164
-
0.2
0.6
13
Kobalt (Co)
mg/kg DS
8.5
8.89
-
3
15
190 190
Koper (Cu)
mg/kg DS
70
78.4
0.26
> AW
5
40
Kwik (Hg)
mg/kg DS
0.94
0.983
0.02
> AW
0.05
0.15
36
Molybdeen (Mo)
mg/kg DS
<1.5
1.05
-
1.5
1.5
190
Nikkel (Ni)
mg/kg DS
22
22.9
-
4
35
100
Lood (Pb)
mg/kg DS
1600
1730
3.50
> IW
10
50
530
Zink (Zn)
mg/kg DS
160
175
0.06
> AW
20
140
720
Minerale olie Minerale olie (C10-C12)
mg/kg DS
3.3
6.6
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg DS
<5.0
7
@ @
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg DS
11
22
@
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg DS
15
30
@
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg DS
8.5
17
@
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg DS
<6.0
8.4
@
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg DS
43
86
-
35
190
5000
-
0.007
0.02
1
> AW
0.35
1.5
40
Chromatogram olie (GC)
Zie bijl.
Polychloorbifenylen, PCB PCB 28
mg/kg DS
<0.0010
0.0014
PCB 52
mg/kg DS
<0.0010
0.0014
PCB 101
mg/kg DS
<0.0010
0.0014
PCB 118
mg/kg DS
<0.0010
0.0014
PCB 138
mg/kg DS
<0.0010
0.0014
PCB 153
mg/kg DS
<0.0010
0.0014
PCB 180
mg/kg DS
<0.0010
0.0014
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg DS
0.0049
0.0098
Naftaleen
mg/kg DS
<0.050
0.035
Fenanthreen
mg/kg DS
0.16
0.16
Anthraceen
mg/kg DS
0.076
0.076 0.43
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK
Fluorantheen
mg/kg DS
0.43
Benzo(a)anthraceen
mg/kg DS
0.29
0.29
Chryseen
mg/kg DS
0.24
0.24
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg DS
0.16
0.16
Benzo(a)pyreen
mg/kg DS
0.31
0.31
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg DS
0.22
0.22
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg DS
0.22
0.22
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg DS
2.1
2.14
0.02
Eurofins Nr.
Monsteromschrijving
Datum Monstername
Eindoordeel
421-13570589
MM2 03 (50-100) 14 (50-100)
05-04-2023
Overschrijding Interventiewaarde
Legenda #
Aangenomen waarde
G.W.
Gemeten waarde
G.S.S.D.
Gestandaardiseerde meetwaarde
RG
< streefwaarde/aw2000 of RG
>AW
Streefwaarde/aw2000
T
Tussenwaarde (T)
I
> Interventiewaarde (I)
@
Geen toetsoordeel mogelijk
-
<= Achtergrondwaarde
> AW
> Achtergrondwaarde
> IW
>Interventiewaarde
Deze toetsing is met de grootste zorg samengesteld Eurofins Analytico B.V. is echter niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.
Mocht u een probleem in deze toetsing signaleren dan verzoeken wij u vriendelijk dit door te geven aan eol.helpdesk@eurofins.com
Page 2 of 4
Uw Project
Skatepark, Hoorn (AM23146)
Certificaat
2023051878
Toetsing
BoToVa T12 kwaliteit van grond volgens Wbb
Versie
2.0.24
Toetsingsdatum
19 April 2023 10:12
Analyse
Eenheid
MM3 01 (0-50) 05 (0-50) 07 (0-50) 11 (0-50) G.S.S.D Oordeel G.W. Index
Bodemtype correctie Fractie < 2 µm
15.0
Organische stof volgens gloeiverlies methode
3.3
Voorbehandeling Cryogeen malen
RG
>AW
I
920
Uitgevoerd
Bodemkundige analyses Droge stof
% (m/m)
76.4
76.4
Organische stof
% (m/m) ds
3.3
3.3
@
Gloeirest
% (m/m) ds
96
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
15.0
Metalen Barium (Ba)
mg/kg DS
26
38.4
@
20
190
Cadmium (Cd)
mg/kg DS
<0.20
0.191
-
0.2
0.6
13
Kobalt (Co)
mg/kg DS
5.7
8.27
-
3
15
190
Koper (Cu)
mg/kg DS
13
18
-
5
40
190
Kwik (Hg)
mg/kg DS
0.12
0.141
-
0.05
0.15
36
Molybdeen (Mo)
mg/kg DS
<1.5
1.05
-
1.5
1.5
190
15
Nikkel (Ni)
mg/kg DS
15
21
-
4
35
100
Lood (Pb)
mg/kg DS
38
47.3
-
10
50
530
Zink (Zn)
mg/kg DS
54
75.6
-
20
140
720
Minerale olie Minerale olie (C10-C12)
mg/kg DS
<3.0
6.36
@
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg DS
<5.0
10.6
@
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg DS
5.3
16.1
@
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg DS
19
57.6
@
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg DS
20
60.6
@
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg DS
6.1
18.5
@
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg DS
53
161
-
35
190
5000
-
0.007
0.02
1
-
0.35
1.5
40
Chromatogram olie (GC)
Zie bijl.
Polychloorbifenylen, PCB PCB 28
mg/kg DS
<0.0010
0.00212
PCB 52
mg/kg DS
<0.0010
0.00212
PCB 101
mg/kg DS
<0.0010
0.00212
PCB 118
mg/kg DS
<0.0010
0.00212
PCB 138
mg/kg DS
<0.0010
0.00212
PCB 153
mg/kg DS
<0.0010
0.00212
PCB 180
mg/kg DS
<0.0010
0.00212
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg DS
0.0049
0.0148
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen
mg/kg DS
<0.050
0.035
Fenanthreen
mg/kg DS
0.11
0.11
Anthraceen
mg/kg DS
<0.050
0.035
Fluorantheen
mg/kg DS
0.16
0.16
Benzo(a)anthraceen
mg/kg DS
0.094
0.094
Chryseen
mg/kg DS
0.10
0.1
Benzo(k)fluorantheen
mg/kg DS
0.053
0.053
Benzo(a)pyreen
mg/kg DS
0.100
0.1
Benzo(ghi)peryleen
mg/kg DS
0.076
0.076
Indeno(123-cd)pyreen
mg/kg DS
0.085
0.085
PAK VROM (10) (factor 0,7)
mg/kg DS
0.85
0.848
Eurofins Nr.
Monsteromschrijving
Datum Monstername
Eindoordeel
421-13570590
MM3 01 (0-50) 05 (0-50) 07 (0-50) 11 (0-50)
05-04-2023
Voldoet aan Achtergrondwaarde
Legenda #
Aangenomen waarde
G.W.
Gemeten waarde
G.S.S.D.
Gestandaardiseerde meetwaarde
RG
< streefwaarde/aw2000 of RG
>AW
Streefwaarde/aw2000
T
Tussenwaarde (T)
I
> Interventiewaarde (I)
@
Geen toetsoordeel mogelijk
-
<= Achtergrondwaarde
Deze toetsing is met de grootste zorg samengesteld Eurofins Analytico B.V. is echter niet verantwoordelijk voor de uitkomst van deze toetsing.
Mocht u een probleem in deze toetsing signaleren dan verzoeken wij u vriendelijk dit door te geven aan eol.helpdesk@eurofins.com
Page 3 of 4
Uw Project
Skatepark, Hoorn (AM23146)
Certificaat
2023051878
Toetsing
BoToVa T12 kwaliteit van grond volgens Wbb
Versie
2.0.24
Toetsingsdatum
19 April 2023 10:12
Analyse
Eenheid
MM4 05 (50-100) 09 (50-100) 10 (50-100) G.S.S.D Oordeel G.W. Index
Bodemtype correctie Fractie < 2 µm
16.2
Organische stof volgens gloeiverlies methode
1.5
Voorbehandeling Cryogeen malen
RG
>AW
I
920
Uitgevoerd
Bodemkundige analyses Droge stof
% (m/m)
79.7
79.7
Organische stof
% (m/m) ds
1.5
1.5
@
Gloeirest
% (m/m) ds
97
Korrelgrootte < 2 µm (Lutum)
% (m/m) ds
16.2
Metalen Barium (Ba)
mg/kg DS
23
32.1
@
20
190
Cadmium (Cd)
mg/kg DS
<0.20
0.198
-
0.2
0.6
13
Kobalt (Co)
mg/kg DS
3.9
5.37
-
3
15
190
Koper (Cu)
mg/kg DS
13
18.1
-
5
40
190
Kwik (Hg)
mg/kg DS
0.20
0.234
> AW
0.05
0.15
36
Molybdeen (Mo)
mg/kg DS
<1.5
1.05
-
1.5
1.5
190
16.2
Nikkel (Ni)
mg/kg DS
10
13.4
-
4
35
100
Lood (Pb)
mg/kg DS
28
34.9
-
10
50
530
Zink (Zn)
mg/kg DS
37
51
-
20
140
720
Minerale olie Minerale olie (C10-C12)
mg/kg DS
<3.0
10.5
@
Minerale olie (C12-C16)
mg/kg DS
<5.0
17.5
@
Minerale olie (C16-C21)
mg/kg DS
<5.0
17.5
@
Minerale olie (C21-C30)
mg/kg DS
<11
38.5
@
Minerale olie (C30-C35)
mg/kg DS
7.6
38
@
Minerale olie (C35-C40)
mg/kg DS
<6.0
21
@
Minerale olie totaal (C10-C40)
mg/kg DS
<35
122
-
35
190
5000
Polychloorbifenylen, PCB PCB 28
mg/kg DS
<0.0010
0.0035
PCB 52
mg/kg DS
<0.0010
0.0035
PCB 101
mg/kg DS
<0.0010
0.0035
PCB 118
mg/kg DS
<0.0010
0.0035
-
0.007
0.02
1
-
0.35
1.5
40
PCB 138
mg/kg DS
<0.0010
0.0035
PCB 153
mg/kg DS
<0.0010
0.0035
PCB 180
mg/kg DS
<0.0010
0.0035
PCB (som 7) (factor 0,7)
mg/kg DS
0.0049
0.0245
Polycyclische Aromatische Koolwaterstoffen, PAK Naftaleen
mg/kg DS
<0.050
0.035
Fenanthreen
mg/kg DS
0.065
0.065 0.035
Anthraceen
mg/kg DS
<0.050
Fluorantheen
mg/kg DS
0.15
0.15
Benzo(a)anthraceen
mg/kg DS
0.084
0.084
Chryseen
mg/kg DS
0.096
0.096
Benzo(k)fluorantheen