Bijlage 5 - Bijlage bij de toelichting Bijlage 2 Hogere waarde akoestiek
Tekst van het document
Besluit Hogere Waarde Wet geluidhinder Burgemeester en wethouders van gemeente Hoorn
Gelet op artikel 83, 2e lid Wet geluidhinder en artikel 110a, le lid Wet geluidhinder, beschouwende de noodzaak tot vaststelling van een hogere waarde wegverkeerslawaai voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting in het kader van een plan voor woningbouw gelegen aan het Keern (naast 192) te Zwaag. Overwegende dat:
In het kader van de planontwikkeling er een verzoek tot het vaststellen van een hogere waarde is ingediend. Alle wegen, met uitzondering van de 30 km/uur wegen, op basis van de Wet geluidhinder, zijn voorzien van een geluidzone. Nieuwe geluidgevoelige bestemmingen, zoals woningen, welke binnen een dergelijke zone langs een weg zijn gelegen, dienen, in principe, op een dusdanige afstand van de weg te zijn gelegen dat de geluidbelasting niet hoger wordt dan 48 dB Lden, zijnde de zogenaamde 'voorkeurgrenswaarde' uit de Wet geluidhinder (Wgh). In het kader van het planproces er een akoestisch onderzoek is uitgevoerd naar de te verwachten geluidbelasting vanwege het wegverkeer. De resultaten hiervan zijn vastgelegd in een akoestisch rapport. Uit de doelmatigheidstoets volgt dat het toepassen van geluid beperkende maatregelen, zoals bronmaatregelen en/of een geluidscherm of -wal, in het overdrachtsgebied tussen de wegen en/of de spoorlijn en de woningen stuit op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, land schappelijke of financiële aard. Uit het akoestisch onderzoek is gebleken dat, als gevolg van het wegverkeer, een hogere geluid belasting dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB zal gaan optreden.
Overeenkomstig artikel 83, 2e lid van de Wet geluidhinder in stedelijk gebied op de gevels van nieuw te bouwen woningen langs een bestaande weg, een hogere waarde kan worden vastgesteld tot een waarde van 63 dB UenAfdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is bij de totstandkoming van deze beschikking en dat de procedure overeenkomstig het bepaalde in de Algemene wet bestuursrecht is uitgevoerd. Het ontwerpbesluit hogere grenswaarde en de daarbij bijbehorende stukken vanaf vrijdag 23 december 2022 gedurende zes weken ter inzage hebben gelegen. Gedurende deze termijn geen zienswijzen zijn ingediend;
Besluiten:
Gelet op het voorgaande en het bepaalde in de Wet geluidhinder en de Algemene wet bestuurs recht, op grond van artikel 83, 2e lid Wgh en artikel 110a, le lid Wgh, de hogere waarde voor de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting ten behoeve van de bouw van nieuwe woningen op een perceel aan het Keern (naast 192) te Zwaag, als volgt vast te stellen: Adres
Keern (naast 192) Zwaag
Hogere waarde *
Geluidbron
Cumulatieve geluidbelasting
52 dB
Westfrisiaweg N307
54 dB
^Inclusief de wettelijk aftrek ex artikel IlOg Wet geluidhinder De genoemde cumulatieve geluidbelasting, exclusief de aftrek ex artikel IlOg Wet geluidhinder, is vanwege alle geluidbronnen (wegen) gezamenlijk en is van belang voor de bepaling van de minimaal vereiste geluidwering van de gevels van de woningen, waarachter zich een geluidgevoelig vertrek bevindt. De bouwkundige voorzieningen van de geluid belaste gevels van de betrokken woningen, waar achter zich geluidgevoelige vertrekken bevinden, worden zodanig uitgevoerd dat voldaan wordt aan een maximaal geluidniveau in die ruimten van 33 dB Uen overeenkomstig het bepaalde in het Bouwbesluit 2012.
Hoorn, 7 maart 2023
De vastgestelde hogere waarde is het gevolg van een akoestische afweging en toetsing aan de Wet en het Besluit geluidhinder. Zij heeft geen betrekking op andere toetsingskaders en afwegingen die in het kader van de ruimtelijke ordening (kunnen) worden gemaakt.
De verklaring van eensluidendheid
Ondergetekenden, J. Nieuwenburg, burgemeester van de gemeente Hoorn, Nieuwe Steen 29 1625 HV Hoorn en G. Heemskerk, secretaris van de gemeente Hoorn, Nieuwe Steen 29 1625 HV Hoorn, verklaren dat voormeld besluit onherroepelijk is en dat vorenstaand afschrift eensluidend is met het ter
Gedurende de termijn van ter inzage legging kan tegen het besluit beroep worden ingesteld door een belanghebbende die tijdig een zienswijze ten aanzien van het ontwerpbesluit heeft ingediend dan wel door een belanghebbende die aantoont dat hij/zij daartoe redelijkerwijs niet in staat is geweest. Tevens kan beroep worden ingesteld dooreen belanghebbende tegen de wijzigingen die bij de vaststelling van het besluit zijn aangebracht ten opzichte van het ontwerpbesluit. Beroepschriften dienen te worden gericht aan de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag. De termijn voor het indienen van een beroepschrift bedraagt zes weken en vangt aan op de dag van terinzagelegging van het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan. Voor de behandeling van het beroepschrift moet griffierecht worden betaald aan de Raad van State. Degene die beroep heeft ingesteld kan een verzoek om voorlopige voorziening indienen bij de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het besluit treedt in werking daags na afloop van de beroepstermijn, tenzij gedurende die termijn naast het indienen van beroep ook een voorlopige voorziening is gevraagd. In dat geval treedt het besluit niet in werking tot op dat verzoek is beslist.
Verzoeken om voorlopige voorziening dienen te worden gericht aan de Voorzitter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, Postbus 20019, 2500 EA Den Haag.