Bijlage 3b - Meningvormend raadsvoorstel bij de Contourennota (behandeld 10 juni 2021)
Tekst van het document
GEMEENTE HOORN Raadsvoorstel Zaaknummer: 1816121 Stellers: M.E. Sikkema en E. Vos E-mail: m.sikkema@hoorn.nl en e.vos@hoorn.nl
Team: DIR Teammanager: drs. Guy H.S. Heemskerk MBA Portefeuillehouder: A. Helling
Onderwerp Omgevingsvisie: meningvormende bespreking over de contourennota
Agendering Ter meningvormende bespreking in de Algemene Raadscommissie
Bijlagen 1 Contourennota Omgevingsvisie Hoorn 2 Kadernotitie Omgevingsvisie Hoorn (vastgesteld in de raadsvergadering van 8 december 2020) 3
Vragen van het college aan de raadscommissie voor de meningvormende bespreking zijn: A. Wat zijn volgens de raadscommissie de drie belangrijkste kernkwaliteiten van Hoorn? B. De raadscommissie wordt gevraagd zich uit te spreken over de volgende bespreekpunten, waarna de Omgevingsvisie in concept kan worden opgesteld: 1. Welk type levendigheid ('reuring') wil de raadscommissie? 2. Welke mate van functiemenging wil de raadscommissie? 3. Welke kaders voor gebiedsontwikkeling wil de raadscommissie meegeven? 4. Op wat voor type economische ontwikkeling wil de raadscommissie inzetten? 5. Welke kansen ziet de raadscommissie voor verdere vergroening van de stad? 6. Hoe wil de raadscommissie sturen op gezondheid? Deze zes bespreekpunten worden verderop in het voorstel nader toegelicht. C. Welke ingrediënten wil de raadscommissie verder nog meegeven voor de Omgevingsvisie? Samenvatting Op 8 december 2020 heeft de gemeenteraad de proceskaders voor de Omgevingsvisie vastgesteld. De periode tot en met april 2021 is benut voor een analyse van het bestaande beleid, ambtelijke gesprekken en het gesprek met de stad (participatie). Het resultaat hiervan is uitgewerkt in een contourennota, met daarin verwerkt de resultaten van het gesprek met de stad.
De contourennota is een tussenproduct waarin de eerste contouren (of bouwstenen) van de Omgevingsvisie worden geschetst, maar waar ook bepaalde bespreekpunten uit voortkomen. Deze contourennota en bespreekpunten worden meningvormend aan de raadscommissie voorgelegd, zodat de raadscommissie de gelegenheid heeft om bij te stu ren in de richting van het eindproduct. De basis voor de Omgevingsvisie wordt gevormd door recent vastgesteld beleid en beleid dat nog in ontwikkeling is. Het gaat dan bijvoorbeeld om het raadsbesluit ‘Meer stad worden’, de Woonvisie, de Mobiliteitsvisie en de Intensiverings- en Hoogbouwvisie. Die besluiten en visies worden in de Omge vingsvisie niet opnieuw ter discussie gesteld. Maar dan blijven er nog een aantal bespreekpunten over, die het college graag voorlegt aan de raadscommissie. Het gaat dan concreet over (1) de mate van le vendigheid in de stad, (2) de mate van functiemenging, (3) de kaders voor gebiedsontwikkeling, (4) eco nomische ontwikkeling, (5) vergroening en (6) gezondheid. Nadat de raadscommissie op deze onderde len richting heeft bepaald, wordt de Omgevingsvisie in concept opgesteld. Deze wordt na de zomer ter inzage gelegd, waarna het college de Omgevingsvisie ter vaststelling aan de raad zal aanbieden. 1/9
HTS GEMEEN’ HOORN 1.
Inleiding: reden van het voorstel
Aanleiding Op 8 december 2020 heeft de gemeenteraad de proceskaders voor de Omgevingsvisie vastgesteld. Daarin is opgenomen dat er nog vóór de zomer van 2021 een tussenproduct wordt voorgelegd aan de raadscommissie, in de vorm van een meningvormende bespreking. Belang Het is belangrijk dat de raadscommissie richting bepaalt ten aanzien van enkele specifieke onderwerpen. Deze richtinggevende uitspraken zal het college gebruiken als basis voor de uiteindelijke Omgevings visie. Centrale vraag Welke ingrediënten wil de raadscommissie aan het college meegeven voor het opstellen van de Omge vingsvisie? 2. Beoogd maatschappelijk resultaat Een integrale en breed gedragen visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving, die tot stand is gekomen in samenspraak met de stad (inwoners, bedrijven en instellingen). 3. Bijdrage aan de duurzaamheidsambitie Duurzaamheid is één van de centrale thema’s van de uiteindelijke Omgevingsvisie. 4. Kaders Omgevingswet De Omgevingswet treedt waarschijnlijk in de loop van 2022 in werking. Eén van de instrumenten uit de Omgevingswet is de Omgevingsvisie: een integrale visie voor de lange termijn voor de gehele fysieke leefomgeving. Deze Omgevingsvisie vormt de basis voor het Omgevingsplan en de andere instrumenten uit de Omgevingswet.
Iedere gemeente moet voor haar grondgebied een Omgevingsvisie vaststellen, uiterlijk op 1 januari 2024 (of zo veel later als de uiteindelijke Omgevingswet bepaalt). Raadsbesluiten van 5 juni 2018 en 18 december 2018 - Procesakkoord en Bestuursagenda Bij de start van deze bestuursperiode heeft de raad het Procesakkoord vastgesteld. Daarmee werd in vulling gegeven aan de in de vorige bestuursperiode ingezette koers van bestuurlijke en democratische vernieuwing. In het Procesakkoord staat het op tijd betrekken van raad en samenleving bij zware maat schappelijke opgaven centraal. De Omgevingswet is één van de grote maatschappelijke opgaven, zoals die zijn benoemd in de Bestuursagenda. Raadsbesluit van 7 mei 2019- Regionaal Koersdocument Omgevingswet Met dit besluit heeft de gemeenteraad het ‘Regionaal Koersdocument Omgevingswet’ vastgesteld. Eén van de kernpunten daarbij was dat de Omgevingsvisie Hoorn uiterlijk in 2021 moet worden vastgesteld. Raadsbesluit van 6 juni 2019- Meer stad worden Met dit besluit heeft de raad de ambitie uitgesproken om een levendige en leefbare stad te blijven, door in te zetten op het vasthouden en aantrekken van jongeren en jonge gezinnen. Het doel is een complete stad, met woningen en voorzieningen die bereikbaar zijn voor alle inwoners. Met name in de 1,200-meterzones rond de beide stations liggen mogelijkheden voor nieuwe woon- en werkmilieus.
Daarvoor is het nodig om de slag te maken van ‘beheergemeente’ naar ‘ontwikkelgemeente’. De raad heeft in dit be sluit ook bepaald dat deze ambities leidend moeten zijn bij het formuleren van nieuw beleid. Interactieve raadsbijeenkomst van 10 september 2020 Een Omgevingsvisie is in principe vormvrij en ook de manier waarop de stad bij het proces wordt betrok ken (de wijze van participatie) is aan weinig regels gebonden. Tijdens een interactieve raadsbijeenkomst Zaaknummer: 1816121 2/9
n^GEMEEr T HOORN op 10 september 2020 zijn de mogelijkheden voor het inrichten van het proces verkend, een en ander in lijn met de afspraken vanuit het Procesakkoord en de Bestuursagenda. De resultaten van deze bijeen komst zijn verwerkt in de Kadernotitie die de raad op 8 december 2020 heeft vastgesteld. Raadsbesluit van 20 oktober 2020 - Woonvisie Hoorn 2020-2025 Met dit besluit heeft de raad het raadsbesluit ‘Meer stad worden’ als het ware vertaald in concreet beleid voor het onderdeel Wonen. De Woonvisie zet in op groei van de stad, met de bouw van 500 woningen per jaar. Kwalitatief wordt ingezet op meer sociale huurwoningen, woonmilieus die jongeren en jonge ge zinnen kunnen vasthouden of aantrekken en een betere doorstroming. Ook heeft de raad met dit besluit bepaald dat er een Hoogbouwvisie moet komen. De inhoud van de Woonvisie wordt op hoofdlijn overge nomen in de Omgevingsvisie. Raadsbesluit van 8 december 2020 - Kadernotitie Omgevingsvisie Hoorn Met dit besluit heeft de raad de proceskaders en het inhoudelijk vertrekpunt voor de Omgevingsvisie vastgesteld.
Qua proces is gekozen voor de volgende hoofdlijn: • april 2021: gesprek met de stad; • juni 2021: meningvormende bespreking over een tussenproduct • zomer 2021: opstellen van een concept-Omgevingsvisie; • najaar 2021: terinzagelegging van dit concept; • december 2021: vaststelling van de Omgevingsvisie door de raad. De inhoudelijke basis voor de Omgevingsvisie is het raadsbesluit ‘Meer stad worden' en de beleidsdocu menten die op basis daarvan zijn vastgesteld, zoals de Woonvisie. Raadsbesluit van 20 april 2021 - Kadernotitie Intensiverings- en Hoogbouwvisie Met dit besluit heeft de raad de kaders vastgesteld waaraan de uiteindelijke Intensiverings- en Hoog bouwvisie moet voldoen. Deze kaders worden overgenomen in de Omgevingsvisie. De Intensiveringsen Hoogbouwvisie wordt volgens de huidige planning in december 2021 door de raad vastgesteld. Meningvormende besprekingen van 30 maart en 18 mei 2021 over de Mobiliteitsvisie In deze meningvormende besprekingen heeft de algemene raadscommissie gesproken over de uit gangspunten voor de nieuwe Mobiliteitsvisie. Volgens de bestuurlijke planning wordt de Mobiliteitsvisie nog vóór het zomerreces van 2021 door de raad vastgesteld. De inhoud van de Mobiliteitsvisie wordt op hoofdlijn overgenomen in de Omgevingsvisie. 5. Argumenten Een Omgevingsvisie is vormvrij.
De gemeenteraad heeft dus iets te kiezen, onder meer ten aanzien van het type omgevingsbeleid en de sturingsfilosofie. Bijvoorbeeld: wil de raad meer op kwalitatieve doelen sturen of meer vanuit kwantitatieve regels? En op welke schaal en op welk detailniveau dan? En voor welke thema’s kiest de raad voor welke uitgangspunten? De Omgevingsvisie moet uiteindelijk antwoord geven op dit soort vragen. De inhoudelijke basis voor de Omgevingsvisie is het raadsbesluit ‘Meer stad worden’ en het beleid dat op basis daarvan is of wordt vastgesteld, zoals de Groenvisie, de Woonvisie, de Mobiliteitsvisie, de In tensiverings- en Hoogbouwvisie en de plannen voor de Poort van Hoorn. Dat heeft de raad bepaald met het besluit van 8 december 2020 (Kadernotitie Omgevingsvisie Hoorn) en de urgentie van het raadsbe sluit ‘Meer stad worden’ is onverminderd hoog. Ook ander recent vastgesteld beleid - op het gebied van bijvoorbeeld duurzaamheid (zoals de Regionale Energie Strategie), economie en het sociaal domein wordt in principe niet ter discussie gesteld. Een inventarisatie van al deze beleidsuitspraken is opgeno men in de contourennota. Deze bevat als het ware de bouwstenen voor de uiteindelijke Omgevingsvisie. Binnen die bestaande kaders valt er echter nog genoeg te kiezen: er is nu nog ruimte om richting te be palen.
Ambtelijke gesprekken en vooral het gesprek met de stad hebben enkele bespreekpunten opgele verd, die het college graag meningvormend aan de algemene raadscommissie wil voorleggen. De rich3/9
'ITS GEMEENTE HOORN tinggevende uitspraken van de raadscommissie gebruikt het college vervolgens voor het opstellen van de Omgevingsvisie. Het concept daarvan legt het college in het najaar van 2021 ter inzage, waarna de Omgevingsvisie ter vaststelling aan de raad wordt aangeboden. In het onderstaande worden de vragen en bespreekpunten gepresenteerd en op hoofdlijnen toegelicht. Bij de bespreekpunten beschrijft het col lege kort de aanleiding, de achtergrond en een aantal keuzeopties. Vraag C is een open vraag en wordt verder niet toegelicht. Vraag A - Wat zijn volgens de raadscommissie de drie belangrijkste kernkwaliteiten van Hoorn? De bedoeling is dat de raad door middel van de Omgevingsvisie meer gaat sturen op kwalitatieve doe len. Dan is het van belang om een gedeeld beeld te hebben van de kernkwaliteiten van Hoorn. Het be noemen en vastleggen van deze kernkwaliteiten kan hierbij helpen. In de contourennota wordt hiervoor een aanzet gegeven. Het college vraagt de raadscommissie om de drie belangrijkste kernkwaliteiten te benoemen. Bespreekpunt B.1 - Welk type levendigheid (‘reuring’) wil de raadscommissie? Hoorn wil meer stad worden. De komende jaren worden nieuwe gemengde woon- en werkomgevingen ontwikkeld, zodat Hoorn aantrekkelijker wordt voor jongeren en jonge gezinnen.
Het levendiger maken van de stad met plekken waar ruimte is voor ‘reuring’ voor jong en oud is van groot belang. Op het plat form ‘Voor een mooie stad’ (zie ook hieronder bij Maatschappelijk draagvlak) kreeg het idee om ‘plekken te creëren voor jongeren om zich in het weekend en op vrije uurtjes te vermaken zonder overlast voor de buurten te veroorzaken’ veel stemmen. Deze behoefte kwam ook naar voren tijdens de gesprekken met inwoners. Daarnaast zal de komende decennia nog steeds sprake zijn van een groei van het aantal bezoekers, ho recabedrijven en evenementen. Deze groei kan zorgen voor meer levendigheid en gezelligheid in de stad, maar heeft ook een keerzijde. Meer ‘reuring’ kan gevolgen hebben voor de eveneens gewaardeer de rust en leefbaarheid. Die tegengeluiden komen ook uit de gesprekken met inwoners naar voren. Er is bijvoorbeeld beperkt draagvlak voor groei van evenementen met veel geluid in de binnenstad. Voor dit soort evenementen kan ook worden gekeken naar locaties buiten de binnenstad, maar dat past wellicht niet in het beleid of stuit ook daar op tegenstand van omwonenden. Dat geldt ook voor andere vormen van ‘reuring’, zoals horeca of winkels.
Ruimte voor functiemenging is daarom een belangrijk aandachts punt: is functiemenging alleen mogelijk in de binnenstad of ook in een groter gebied? De (gewenste) ma te van levendigheid kan per gebied nog al eens verschillen en belangen zijn hierbij niet altijd met elkaar te verenigen. De raad moet dus keuzes maken ten aanzien van de balans tussen levendigheid en leef baarheid. Zo is het denkbaar dat in de 1.200-meterzones rondom de stations meer ruimte komt voor levendigheid, in de vorm van evenementen, horeca, detailhandel en bedrijfsruimten. Ook is het denkbaar dat er in de binnenstad (nog) meer ruimte komt voor kleinschalige evenementen en ambachtelijke (maar milieubelas tende) activiteiten. Of dat er (nog) meer ruimte op het stadsstrand komt voor evenementen en horeca. Het college is benieuwd in hoeverre de raadscommissie ‘reuring’ wil beperken of juist mogelijk wil ma ken. Bespreekpunt B.2- Welke mate van functiemenging wil de raadscommissie? Hoorn wil meer stad worden en daarom worden de komende jaren nieuwe gemengde woon- en werk omgevingen ontwikkeld met ruimte voor duizenden nieuwe woningen én banen. Het gaat hierbij voor een deel om een ander soort banen met een ander soort huisvesting. Het gaat bijvoorbeeld om kleine kan toorruimtes voor nieuwe bedrijfjes in media en informatietechnologie.
Of om bedrijfsruimten voor am bachtelijke bierbrouwers, koffiebranders of meubelmakers. Of om het mogelijk maken van innovatie of groei van succesvolle ondernemers. Veel economische activiteiten zijn met woningen te combineren, maar sommige ook niet. Zoals ook is opgehaald in de gesprekken met inwoners en bij het opstellen van de contourennota: op bepaalde bedrijventerreinen is nu eenmaal (milieu)ruimte nodig voor een goede bedrijfsvoering. Zaaknummer: 1816121 4/9
nTS GEMEENTE HOORN
Momenteel is het beleid meer gericht op het concentreren van winkels en horeca dan op het spreiden ervan. Dat beperkt de mogelijkheden voor functiemenging en wisselwerking tussen activiteiten. Redenen daarvoor zijn bijvoorbeeld het beperken van leegstand van winkelruimte of het beperken van overlast voor bewoners. Maar toekomstig gebruik laat zich lastig vooraf sturen, zeker in gemengde woon- en werkomgevingen in en rond de binnenstad (in de 1.200-meterzone). Daar is behoefte aan andere typen werkmilieus en nieuwe levendige woongebieden met bijbehorende voorzieningen. Daarom is het wellicht gewenst (of zelfs nodig) om het bestaande beleid (deels) te herzien, meer los te laten en meer ruimte te bieden aan functiemenging. Bijvoorbeeld: meer ruimte voor horeca aan het water, meer ruimte voor bedrijvigheid in woonwijken of flexibele bestemmingen (en dus complete functiemenging) in de 1.200meterzone rond het station. In welke mate functiemenging mogelijk is, hangt samen met de kaders en prioriteiten die uiteindelijk in de Omgevingsvisie worden gesteld voor de diverse gebieden. Per gebied kan bijvoorbeeld worden bepaald in hoeverre er ruimte is voor economische ontwikkeling of levendigheid, hoeveel flexibiliteit er is in de gebiedsontwikkeling of in welke mate milieubelasting (geur, geluid, luchtkwaliteit) acceptabel is.
Met andere woorden: welke mate van functiemenging wordt per gebied toegestaan? Bij die verschillende gebieden kan worden gedacht aan de binnenstad, de levendige stadswijken binnen de 1.200-meterzone rond het station en de woonwijken buiten die zone. Bespreekpunt B.3- Welke kaders voor gebiedsontwikkeling wil de raadscommissie meegeven? In de eerste twee bespreekpunten ging het over het mengen van functies en over ruimte voor 'reuring’ oftewel om ruimte voor ontwikkeling. In de Omgevingswet gaat het echter niet alleen om ‘ruimte voor ont wikkeling’, maar ook om ‘waarborgen voor kwaliteit’. De kwalitatieve kaders die in de Omgevingsvisie worden gesteld, zijn van grote invloed op de toekomst. Zoals Marcus Aurelius ooit zei: 'Wat we nu doen, echoot in de eeuwigheid'. De grote en snelle groei die Hoorn heeft meegemaakt in de jaren '70 en ’80 van de vorige eeuw heeft bijvoorbeeld grote gevolgen gehad voor de stad van nu: een bovengemiddelde vergrijzing en een eenzijdige samenstelling van de woningvoorraad. Zo zullen ook de keuzes van nu lang doorwerken. Dat kan natuurlijk ook in positieve zin: de karakteristieke historische binnenstad, die eeuwen geleden is ontstaan, is nu nog steeds aantrekkelijk voor bewoners, bezoekers en ondernemers.
Als nu de juiste (kwalitatieve) kaders worden gesteld voor gebiedsontwikkeling, dan heeft de stad daar nog vele jaren - en misschien wel eeuwen - profijt van. Uit de gesprekken met inwoners en de enquête zijn veel tips en aanbevelingen naar voren gekomen voor toekomstige gebiedsontwikkeling. Zo is de overgrote meerderheid van de deelnemers aan de en quête het eens met de stelling dat er meer ruimte moet komen voor groen en water. Ook vindt een ruime meerderheid dat bij nieuwbouw hoge eisen moeten worden gesteld aan duurzaamheid en dat met 'col lectief wonen in het groen’ en 'relaxte stedelijkheid’ jongeren en jonge gezinnen kunnen worden aange trokken of vastgehouden. Tegelijkertijd zijn er zorgen om de stijgende prijzen van bestaande en nieuwe koopwoningen, lange wachtlijsten voor huurwoningen en een toenemende ongelijkheid tussen sociaaleconomische klassen. Het stellen van kwalitatieve eisen aan gebiedsontwikkelingen heeft wellicht een keerzijde: als die eisen te ver worden opgevoerd, kan de betaalbaarheid - en daarmee de bereikbaar heid voor bepaalde bevolkingsgroepen - onder druk komen te staan. Het doel is daarom het ontwikkelen van woon- en werkgebieden met voldoende kwaliteit, zodat de stad hier ook in de (verre) toekomst nog profijt van heeft.
Kwaliteit heeft daarbij niet alleen betrekking op ste denbouw en architectuur (binnen- en buitenkant van de woning), maar ook op bijvoorbeeld biodiversiteit, klimaatadaptatie (water en groen), energie, gezondheid, circulariteit, sociale gelijkheid (inclusiviteit) en veiligheid. Tegelijkertijd is het van belang om op korte termijn voldoende betaalbare woningen en be drijfsruimte te produceren en daarom ontwikkelingen niet onmogelijk te maken met te hoge eisen. De vraag is dus: welke (kwalitatieve) kaders vindt de raadscommissie van belang bij gebiedsontwikkeling en welk ambitieniveau wil zij daarbij nastreven?
5/9
Tan gemeente HOORN Bespreekpunt B.4 - Op wat voor type economische ontwikkeling wil de raadscommissie inzetten? Sinds het begin van deze eeuw zijn de ‘creatieve klasse’, diversiteit en levendigheid aandachtspunten bij de economische ontwikkeling van steden. Auteur Richard Florida heeft hier veel over geschreven en be schrijft de creatieve klasse als de werknemers die in de creatieve en kenniseconomie (vooral met hun hersens) werken aan nieuwe concepten, ideeën en kennis. Het centrale idee is: als je als stad deze klas se aan je weet te binden, leidt dit tot economische groei. Richard Florida haalt op zijn beurt inspiratie uit het werk van Jane Jacobs, een eerdere voorvechter van gemengde en levendige wijken. Diversiteit van economische activiteiten en het organiseren van spin-off van bestaande bedrijvigheid zijn volgens haar van belang om economisch te groeien. Dit sluit aan bij de gesprekken die zijn gevoerd met bewoners en ondernemers. Daarin werd aanbevolen om met name bestaande bedrijven te stimuleren om te innoveren en uit te breiden. Dus: uitgaan van eigen kracht en daarop verder bouwen. Het gaat daarbij dan onder meer om logistiek, handel, zorg, informatietechnologie, media, bouw en nijverheid. Veel ‘nieuwe’ bedrijvigheid in sectoren als informatietechnologie en media, die behoren tot de kennis economie, gedijen prima in gemengde stadswijken nabij de binnenstad.
Dat geldt ook voor sectoren als dienstverlening en zorg. Dat kunnen bestaande of nieuwe bedrijven uit Hoorn zijn, maar de 1.200-meterzone rond het station is mogelijk ook interessant voor bedrijven van buiten Hoorn. Andere sectoren als logistiek, handel, bouw en nijverheid gedijen beter op grote bedrijventerreinen aan de rand van de stad, zoals ’t Zevenhuis. Daar is ook ruimte voor het aantrekken van grote bedrijven van elders, waarmee in één klap veel arbeidsplaatsen kunnen worden toegevoegd. Voor de Omgevingsvisie is het relevant om te weten op welk type economische ontwikkeling Hoorn wil inzetten. Dus: gaat Hoorn zich vooral richten op de ontwikkeling van de kenniseconomie in en rond de binnenstad, door het creëren van 'broedplaatsen’ voor de creatieve klasse, met ruimte voor allerlei start ups en spin-offs? Of blijft Hoorn zich vooral richten op de klassieke sectoren (liefst arbeidsintensief met veel arbeidsplaatsen per hectare) als logistiek, handel en bouw, die vooral gedijen op bedrijventerreinen aan de rand van de stad? Of is het mogelijk om tegelijkertijd in te zetten op allebei? En in hoeverre gaat Hoorn zich inzetten (c.q.
ruimte reserveren) voor het aantrekken van grote bedrijven van elders, bijvoor beeld bedrijven waarvoor geen ruimte meer is in de regio Amsterdam? Bespreekpunt B.5- Welke kansen ziet de raadscommissie voor verdere vergroening van de stad? Groen in de stad heeft vele voordelen. De universiteit van Wageningen heeft dit onderzocht en onder scheidt zeven voordelen: • groen vermindert de kans op wateroverlast; • groen verkoelt de stad in de zomer; • groen draagt bij aan een betere gezondheid en een hoger welzijn; • groen draagt bij aan sociale cohesie; • groen zorgt voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven; • groen zorgt voor biodiversiteit; • groen verhoogt de waarde van huizen en kantoren. De gemeenteraad heeft de waarde van groen in de stad onderkend en heeft recent de Groenvisie vast gesteld. Uit de gesprekken met inwoners en uit de enquête blijkt een groot draagvlak voor verdere ver groening. Het bestaande groen wordt hoog gewaardeerd. Met name het Julianapark krijgt veel waarde ring op de website ‘Voor een mooie stad’ en in de gesprekken is gepleit voor meer groen in tuinen en in de openbare ruimte (straten en pleinen). Daarmee ligt de verantwoordelijkheid voor het groen niet meer alleen bij de gemeente, maar ook bij bewoners en bedrijven. Echter: de ruimte voor nieuw groen is beperkt en er moeten keuzes worden gemaakt.
Hoorn wil immers meer stad worden, onder meer door duizenden woningen en arbeidsplaatsen toe te voegen, met bijbe horende voorzieningen. Is er dan nog ruimte voor nieuw groen, in de vorm van bijvoorbeeld een nieuw openbaar park? En gaat de gemeente per definitie dit nieuwe groen aanleggen of kan de verantwoorZaaknummer: 1816121 6/9
'ITS GEMEENTI HOORN delijkheid daarvoor worden neergelegd bij ontwikkelende partijen? Of moet de aandacht meer worden gericht op de herinrichting van de bestaande openbare ruimte? Op dit moment is een groot deel van de openbare ruimte ingericht voor (geparkeerde) auto’s. Hier is in principe ruimte te winnen voor vergroe ning, maar die mogelijkheden zijn beperkt en zeker niet onomstreden - zowel in bestaande als in nieuwe wijken. Is het mogelijk om tegelijkertijd te vergroenen, te verstedelijken én voldoende ruimte te behouden voor mobiliteit? Ja, in principe wel, maar niet zonder creatieve ideeën en alleen door de bestaande ruimte meervoudig te gaan gebruiken. Mogelijkheden zijn bijvoorbeeld groene daken en/of gevels, groene en/of gestapelde parkeerplaatsen, collectieve woonvormen in het groen en andere creatieve ideeën. Voor de keuzes in de Omgevingsvisie is het van belang welke rol de gemeente hierbij zelf oppakt, welke kaders worden meegegeven aan ontwikkelende partijen en welke verantwoordelijkheid wordt neergelegd bij de inwoners. Het college is benieuwd welke ideeën de raadscommissie hierover heeft. Bespreekpunt B.6- Hoe wil de raadscommissie sturen op gezondheid? Gezondheid is een belangrijk thema in de Omgevingswet. Maar in lijn met de ruimte voor maatwerk die door de wet geboden wordt, valt ook hier wat te kiezen voor de gemeenteraad.
In de meest minimale va riant bevat de Omgevingsvisie uitspraken omtrent gezondheidsbescherming. Om een voorbeeld te noe men: kaders met betrekking tot geluidsbelasting van woningen nabij wegen. Daarnaast kan ook worden ingezet op gezondheidsbevordering. Dat kan door de openbare ruimte zodanig in te richten dat dit bij draagt aan de gezondheid van de inwoners. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het ontwikkelen van groene openbare ruimte die uitnodigt tot bewegen (zie ook de Groenvisie). Hoge ambities voor gezondheids bescherming en/of gezondheidsbevordering kunnen ook beperkingen opleveren voor andere activiteiten. Bijvoorbeeld: aanvullende eisen of beperkingen voor bouwen nabij wegen (of andersom voor nieuwe wegen nabij woningen) en voor milieubelastende bedrijven. Bij gemeenten wordt tegenwoordig vaak gewerkt met het bredere perspectief van ‘positieve gezondheid’ (zie voor een nadere toelichting de contourennota). Vanuit Platform31 zijn de volgende drie strategieën geformuleerd om (positieve) gezondheid een plek te geven in ruimtelijk beleid: 1. Stel gezondheid centraal Dit betekent dat gezondheid een belangrijk politiek thema is en centraal staat in alle beleid en plannen. Gezondheid kent dan vaak een brede definitie. 2. Plaats één thema voorop Dit kan bijvoorbeeld het thema luchtkwaliteit of overgewicht zijn.
Allerlei beleid wordt in deze strategie gekoppeld aan dat specifieke gezondheidsdoel. 3. Koppel gezondheid mee met ruimtelijke ingrepen Bij deze strategie sluiten gezondheidsdoelen aan op maatschappelijke en ruimtelijke opgaven, zoals klimaatadaptatie, energietransitie of mobiliteit. De raad hoeft niet per se te kiezen voor één strategie. Het is ook mogelijk om op meerdere sporen in te zetten. Voor de Omgevingsvisie is het wel van belang om samen van gedachten te wisselen over deze vragen: wil de raad (positieve) gezondheid centraal zetten, wil de raad meer op specifieke thema’s inzet ten en/of wil de raad gezondheid koppelen aan andere opgaven? Met andere woorden: hoe wil de raad sturen op gezondheid?
7/9
179 GEMEENTE HOORN 6. Maatschappelijk draagvlak In lijn met de proceskaders die de raad op 8 december 2020 heeft vastgesteld, heeft in april 2021 het gesprek met de stad plaatsgevonden. Vanwege de coronamaatregelen waren fysieke bijeenkomsten he laas niet mogelijk. Alle georganiseerde activiteiten waren daarom digitaal. Het ging daarbij om de volgen de onderdelen: a. Een gesprek (7 april 2021) met de zogenaamde ketenpartners. Het ging daarbij om de pro vincie Noord-Holland, het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord, de Veiligheidsregio Noord-Holland Noord, de GGD Hollands Noorden en PWN. b. Twee gesprekken (20 en 21 april 2021) met het maatschappelijk middenveld. Daarvoor zijn in totaal ongeveer tachtig organisaties, instellingen en bedrijven uitgenodigd, waarvan ruim dertig actief aan de gesprekken hebben deelgenomen. c. Twee gesprekken (6 en 14 april 2021) met bewoners. Bewoners zijn hiervoor uitgenodigd via de gemeentepagina, via facebook en via directe mail. Ook hebben 2.500 huishoudens een uitnodigingsbrief ontvangen (door middel van een steekproef). In totaal hebben ongeveer negentig bewoners meegedaan aan deze digitale gesprekken. Voor een deel waren dat mensen die vaker dit soort bijeenkomsten bezoeken.
Voor een deel was het echter ook een andere categorie, zoals jongeren (18-30 jaar) of mensen die overwegen om in Hoorn te ko men wonen. d. Een enquête op de website van de gemeente Hoorn. Bewoners zijn hiervoor op dezelfde manier uitgenodigd als voor de gesprekken: gemeentepagina, facebook, directe mail en een uitnodigingsbrief (in dit geval 6.000 huishoudens, steekproefsgewijs). Aan deze enquête hebben 439 mensen meegedaan. e. De mogelijkheid om ideeën te delen op de website 'Voor een mooie stad’. Hiervan hebben 47 mensen gebruik gemaakt. Enkele ideeën kwamen overeen en zijn samengevoegd, zodat er 37 unieke ideeën overbleven. Op deze ideeën is in totaal 394 keer gestemd. De resultaten van deze gesprekken en activiteiten zijn verwerkt in de contourennota. Voor zover van be lang voor de bespreekpunten zijn de belangrijkste resultaten ook verwerkt in dit raadsvoorstel, onder het kopje Argumenten. 7. Financiële consequenties Dit raadsvoorstel heeft geen (financiële) gevolgen voor de gemeentelijke begroting. De raad heeft eerder middelen beschikbaar gesteld voor het Programma Omgevingswet. Onderdeel daarvan was een budget voor het opstellen van de Omgevingsvisie. De verwachting is dat het opstellen van de Omgevingsvisie mogelijk is binnen deze financiële kaders. 8. Communicatie Er is een (pers)bericht uitgegaan over de bespreking van de contourennota in de raadscommissie.
Dit bericht is verspreid via de gemeentelijke kanalen en de website ‘Voor een mooie stad’. Iedereen die heeft meegedaan aan de gesprekken heeft de contourennota (met daarin opgenomen de resultaten van het gesprek met de stad) en dit raadsvoorstel per mail ontvangen. Zij hebben bovendien de gelegenheid gekregen om de gesprekken te evalueren. Deze groep wordt ook actief geïnformeerd over de verdere stappen in het proces (tenzij mensen hebben aangegeven dit niet op prijs te stellen). Bij belangrijke vol gende stappen in het proces, zoals de terinzagelegging van de concept-Omgevingsvisie, zal een (pers-) bericht via de gemeentelijke kanalen worden verspreid.
Zaaknummer: 1816121 8/9
'ITS GEMEENTI HOORN 9. Realisatie Het college gaat na de meningvormende bespreking aan de slag met het opstellen van de conceptOmgevingsvisie. Dit concept wordt in het najaar van 2021 ter inzage gelegd, zodat iedereen in de gele genheid is om een zienswijze in te dienen. Het college biedt de Omgevingsvisie vervolgens ter vaststel ling aan de gemeenteraad aan (volgens de huidige planning in december 2021).
Hoorn,
1 8 MEI 2021
9/9