Bijlage 3 - Ideeen PPH + reactie met toelichting
Tekst van het document
Reactie op ideeën Participatie Platform Hoorn September 2025 1. Waarom in gesprek? Voorstel
Reactie
Per fase wordt een plan van aanpak ontwikkeld dat aangeboden wordt aan de raad ter vaststelling. In deze plannen van aanpak wordt een participatieplan opgenomen. Dit plan wordt voorlopig vastgesteld door de raad.
Het is nog niet bekend of er per fase een plan van aanpak ontwikkeld wordt dat door de raad wordt vastgesteld. De opdracht waar we het nu over hebben, gaat over fase 1: het opstellen en laten vaststellen van een visie op Participatie. Het plan van aanpak hiervoor (inclusief participatie) wordt 1e kwartaal 2026 definitief vastgesteld door de raad. Dus niet voorlopig.
Participanten krijgen de gelegenheid om dit plan aan te passen (na vaststelling door de raad).
Het PPH wordt betrokken bij het opstellen van het plan van aanpak voor de participatievisie. Na vaststelling door de raad wordt het plan van aanpak niet aangepast. Straks, tijdens het opstellen van de visie worden belanghebbenden betrokken om uit te vinden hoe zij in toekomstige projecten graag betrokken willen worden. Bijvoorbeeld bij het opstellen van een Plan van aanpak voor toekomstige ontwikkelingen. De uitkomsten worden verwerkt in de participatie indien deze uitvoerbaar zijn.
De raad kiest ervoor dat het participatieresultaat zwaar meeweegt in de besluitvorming; niveau van co-creatie op de participatieladder.
Dit is aan de gemeenteraad om te bepalen bij het vaststellen van het Plan van aanpak voor de Visie op participatie. Het niveau van co-creatie vinden we niet geschikt voor het proces om te komen tot een visie op participatie. De groep belanghebbenden is te groot om te kunnen co-creëren. Het PPH vertegenwoordigt niet alle inwoners en andere belanghebbenden in Hoorn. De inhoud van de participatievisie is ook deels afhankelijk van de democratische rolopvatting van de gemeenteraad. De werkgroep Bestuursakkoord (15 september) deelt deze mening.
Voor het opstellen van de Visie op participatie kiezen we daarom voor de 2e en 3e tree van de participatietrap: raadplegen en adviseren. We stellen de visie als gemeente zelf op (en niet samen met participanten zoals bij co-creatie gebruikelijk is). Collega’s, inwoners en georganiseerde bewoners- en ondernemersgroepen gaan we raadplegen. Bijvoorbeeld via enquêtes, interviews en straatgesprekken. Belanghebbenden kunnen ook hun advies geven op het uiteindelijke concept. Waar mogelijk, nemen we het resultaat van de participatie zoveel mogelijk over in de te ontwikkelen Visie op participatie. We leggen uit wat we wel/ niet kunnen meenemen en waarom. Tijdens de behandeling van de visie door de raad, kan iedereen inspreken.
2. Waarover in gesprek? Voorstel
Reactie
De vragen die centraal staan in fase 1 zijn: a. Over welke onderwerpen wil men participeren b. Hoe wil men participeren
We kunnen ons meer vragen voorstellen, zoals: o
o o o
o o
o
Hoe vinden belanghebbenden dat het nu gaat? Hebben ze al weleens geparticipeerd en hoe ging dat? Wat kan beter? Waarom vinden mensen participatie belangrijk? Bij welke onderwerpen willen ze meer/ minder betrokken zijn? In welke mate willen ze bij die onderwerpen participeren (weten, meedenken, meedoen) Wat is er nodig voor goede participatie (voorwaarden)? Hoe zorgen we ervoor dat zoveel mogelijk mensen kunnen participeren? Wat levert participatie volgens belanghebbenden op?
Tekstblok: ‘Voor de vraag sub a. gelden de volgende kaders t/m ‘Overige kaders zijn er niet.’
Deze inhoudelijke kaders van het PPH wegen we af tijdens het opstellen van de participatievisie zelf. Voor het plan van aanpak zijn deze kaders nu niet relevant. De beleidsruimte voor de Visie op participatie is groot. De Omgevingswet en de wijziging van artikel 150 van de Gemeentewet schrijven voor dat er beleid en een verordening moet zijn, maar stellen nauwelijks inhoudelijke eisen of beperkingen. Toch zien we voor het Plan van aanpak een aantal andere kaders die van invloed zijn op de ruimte voor participatie. -
-
De participatievisie gaat vooral over inwonersparticipatie (dus hoe inwoners kunnen participeren bij een initiatief van de overheid). Hoe we als gemeente willen omgaan met overheidsparticipatie en het uitdaagrecht zijn geen onderdeel van dit project. Net als het opstellen van de Participatieverordening. De democratische rolopvatting van de gemeenteraad is medebepalend voor de inhoud van de participatievisie. Hoe de raad om wil gaan met participatie, bespreken we tijdens het opstellen van de visie met de raad.
-
Bij initiatieven van derden ligt de verantwoordelijkheid voor het toepassen van participatie bij de initiatiefnemer. De gemeente Hoorn wil dat een initiatiefnemer, als een omgevingsvergunning nodig is, in principe altijd aan participatie doet maar kan dit niet verplichtend opleggen. Op welke manier de initiatiefnemer participeert, is maatwerk en een eigen keuze. Geen of slechte participatie is geen afwijsgrond voor een vergunning.
-
Als er een besluit van de gemeenteraad nodig is (bindend advies) voor het verlenen van een omgevingsvergunning voor een plan van derden, kan de gemeente participatie wel verplicht stellen. Hier worden afspraken over gemaakt in de Nota van Uitgangspunten. Dit is het volledige besluit van de gemeenteraad hierover.
-
Tijdens het opstellen van de visie zullen we als gemeente met inbreng van belanghebbenden bepalen wat onze ambitie is voor participatie. Wat is voor ons optimale participatie en wat is er mogelijk uitgaande van beschikbare tijd, capaciteit, geld en de behoefte aan participatie? Dit zijn afwegingen die per project gemaakt moeten worden.
3. Met wie in gesprek? Voorstel •
• • • •
Reactie Met alle inwoners, organisaties, bedrijven van Hoorn worden uitgenodigd om deel te nemen aan de participatie. Daarbij worden groepen gespecificeerd. De groep inwoners zal per wijk worden gespecificeerd. ………..<gemeentelijke aanvullingen m.b.t. stakeholderanalyse + specificatie> ………. De gemeente zal een campagne starten om de opkomst en diversiteit van de participatiedeelnemers te bevorderen.
Dit werken we verder uit in het Plan van Aanpak. Ideeën zijn: Enquête via het stadspanel en andere inwoners en onder ondernemers. Gesprekken in de verschillende wijken en dorpen, bijvoorbeeld op een door-de-weekse dag in een winkelcentrum of op een weekmarkt. Interviews met georganiseerde belangengroepen Aparte aanpak om jongeren te bevragen, mogelijk als onderdeel van een stage-opdracht.
4. Hoe in gesprek? Voorstel
Reactie
Voorafgaande aan de inhoudelijke participatie, vindt een startbijeenkomst met alle beoogde participanten plaats, waarin het participatieplan wordt besproken. De deelnemers kunnen de gemeente verzoeken om aanpassingen van dit plan. Indien dat het geval is, neemt het bestuur van de gemeente een besluit over de aanpassingsvoorstellen.
Na besluit van de gemeenteraad over het Plan van Aanpak richten we ons op de inhoud van de visie. Natuurlijk lichten we dan wel het proces toe maar we organiseren geen aparte bijeenkomst over het proces. We verwachten dat hier ook weinig behoefte aan is. Mocht tijdens het proces blijken dat we qua proces iets over het hoofd hebben gezien, dan zijn we flexibel en voegen dit toe. Daarvoor zijn geen nieuw PvA en raadsbesluit nodig.
De gemeente voorziet de participanten voorafgaande aan en tijdens het proces van alle
We zullen een pagina aanmaken op hoorn.nl met relevante informatie.
relevante informatie met betrekking tot het proces en de inhoud. Dat betekent in elk geval dat raadsen collegebesluiten, informatie van het college aan de raad met betrekking tot de opdracht om een Participatievisie op te stellen wordt gedeeld met de participanten. De gemeente inventariseert per groep welke wensen en belangen er spelen ten aanzien van de twee vragen die onder sub 2. staan genoemd. Ook de wensen en belangen van de gemeente worden beschreven.
Dit doen we aan de hand van meer vragen – zie hierboven.
Op basis van de inventarisatieresultaten organiseert en faciliteert de gemeente een bijeenkomst waarbij stakeholders van de groepen en de gemeente met elkaar in gesprek gaan. Het resultaat van dit gesprek is dat de twee vragen sub 2 worden beantwoord. Als hierover bij de stakeholders en de gemeente verschillende opvattingen leven, wordt dat zichtbaar gemaakt in het resultaat.
We nemen in onze vraagstelling tijdens het ophalen van inhoud voor de visie mee of hier behoefte aan is onder een representatieve groep belanghebbenden.
5. Wanneer in gesprek 6. Besluitvorming over participatieresultaten Voorstel
Reactie
De gemeente beschrijft de participatieresultaten van de stakeholdersbijeenkomst.
Afhankelijk van de behoefte onder een representatieve groep stakeholders organiseren we deze bijeenkomst wel/niet.
De stakeholders krijgen gelegenheid om daarop te reageren. Evt. reacties worden toegevoegd aan de voorstellen aan de raad m.b.t. de vast te stellen visie. Indien er sprake is van een reactie van een substantiële groep stakeholders, vindt er overleg plaats tussen de gemeente en deze groep; indien dat aanleiding geeft tot aanpassing van de beschrijving van de participatieresultaten, worden alle participanten hierover geïnformeerd. Indien de gemeente of deze groep naar aanleiding van het overleg daar aanleiding toe ziet, organiseert de gemeente een stakeholdersbijeenkomst om te bespreken of de beschrijving van de participatieresultaten aanpassing behoeft.
Wat we in ieder geval van plan zijn is om de concept visie schriftelijk voor te leggen aan de belanghebbenden. En we organiseren een inloopavond waar mensen een reactie kunnen geven en hun vragen kunnen stellen. Deze vorm past beter dan een plenaire sessie. Omdat alle belanghebbenden zo de ruimte krijgen om hun vragen te stellen en een reactie te geven. Mochten één of meer stakeholders echt anders denken over bepaalde zaken, dan kunnen we besluiten één op één in gesprek te gaan. De reacties (en wat we overnemen in de visie en wat niet en waarom) worden toegevoegd aan de voorstellen aan de raad.
De gemeente vertaalt deze resultaten in een participatievisie. De concept-visie wordt voorgelegd aan de stakeholders voordat deze aan het college wordt voorgelegd. Ook hiervoor geldt de werkwijze dat er reacties mogelijk zijn, die aanleiding kunnen geven tot overleg en evt. het organiseren van een stakeholdersbijeenkomst.
Het college stelt het raadsvoorstel m.b.t. de visie vast en brengt dat in procedure. Als het college de raad voorstelt om de participatieresultaten niet/gedeeltelijk niet over te nemen, wordt dat gemotiveerd (zie pt. 1).
Het college besluit inderdaad om het raadsvoorstel voor te leggen aan de raad. In het bijgevoegde participatieverslag motiveert het college wat wel/niet gedeeltelijk is overgenomen en waarom.
Er kan op verzoek van de stakeholders of de commissie een bijeenkomst worden belegd, waarbij de commissie stakeholders gelegenheid geeft om een toelichting te geven op de participatieresultaten en waarbij zij commissieleden vragen kunnen stellen.
Dit hebben we op 15 september 2025 besproken met de werkgroep Bestuursakkoord.
De raad neemt een besluit over de participatievisie. Als dit besluit afwijkt van de participatieresultaten, motiveert de raad dat (zie pt. 1).
De motivatie vindt plaats tijdens de behandeling door de raad.
De participanten worden geïnformeerd over het besluit. Indien is afgeweken van de participatieresultaten wordt dat gemotiveerd. In dat geval wordt een stakeholderbijeenkomst georganiseerd, waarbij het bestuur van de gemeente Hoorn toelicht waarom is afgeweken. De stakeholders kunnen daarbij vragen stellen.
Dit is tot nu toe niet gebruikelijk. Raadsbesluiten worden gecommuniceerd en het zijn openbare vergaderingen waarbij iedereen welkom is. De raad belegt geen stakeholdersbijeenkomsten om besluiten toe te lichten. De werkgroep Bestuursakkoord (15 september) deelt deze mening.
De mening van de werkgroep Bestuursakkoord is dat stakeholders de mogelijkheid hebben om voorafgaand aan de commissie, in contact te treden met raadsfracties. Hier is geen aparte bijeenkomst voor nodig.