Bijlage 2 Uitwerking keuzemogelijkheden
Tekst van het document
Bijlage 2: Uitwerking keuzemogelijkheden In deze bijlage is per keuze toegelicht wat er verandert, wat het effect is voor inwoners en de uitvoering en de welke kansen en risico’s eraan verbonden zijn. De vrijgekomen middelen kunnen worden ingezet om preventie te versterken en het bereik te vergroten. Daarmee ontstaat ruimte om versoberingen te voorkomen en het beleidsambities volgens de gewenste richting uit te voeren. Niet alle onderwerpen zijn in dit voorstel uitgewerkt, omdat ze al eerder zijn vastgesteld of al onderdeel zijn de meegegeven richting:
Preventie, vroegsignalering en communicatie worden in het beleidsplan verder uitgewerkt. De studietoeslag blijft buiten beschouwing vanwege de voorgenomen overdracht naar DUO per 20261. Het adviesrecht bij onderbewindstelling is beëindigd vanwege hoge uitvoeringslast en beperkt effect. Schuldhulpverlening is niet opgenomen, omdat de nadruk ligt op het voorkomen van schulden. Binnen de huidige uitvoering zijn geen substantiële besparingen mogelijk zonder risico’s voor inwoners.
Bijlage 2: bij meningsvormend raadsvoorstel Beleidskeuzes Rondkomen 2026–2030 – keuzemogelijkheden voor ondersteuning (zaaknummer 2278205)
Keuze 1: Stoppen of verlagen van de collectieve zorgverzekering 1. Wat verandert er? De gemeentelijke bijdrage aan de collectieve zorgverzekering wordt verlaagd of volledig beëindigd. De gemeente biedt nu twee pakketten: Compleet en Compleet Plus. In het laatste pakket wordt ook het eigen risico volledig vergoed. De pakketten zijn ruim, maar sluiten niet altijd aan de op persoonlijke situatie van inwoners, inwoners zijn soms over verzekerd. Inwoners moeten voortaan zelf een passende verzekering kiezen en afsluiten, eventueel met hulp van de gemeente of een partner. 2. Wat betekent dit voor inwoners? Vooral inwoners met hoge zorgkosten of beperkte gezondheidsvaardigheden kunnen hierdoor onzekerheid ervaren. Er is risico op zorgmijding, ongeschikte pakketten en onverwachte kosten. Tegelijk biedt dit meer keuzevrijheid en mogelijk lagere maandlasten, zeker voor inwoners die nu over verzekerd zijn. In Hoorn maken 2.050 volwassen gebruik van de collectieve zorgverzekering (kinderen tot 18 jaar zijn gratis meeverzekerd). 3. Wat vraagt dit van de uitvoering? Bij verlaging of beëindiging is tijdelijk extra inzet nodig voor communicatie en begeleiding bij het overstappen. Daarna nemen de structurele uitvoeringslasten af. Voor kwetsbare groepen blijft goede voorlichting en ondersteuning essentieel. 4.
Financiële ruimte (indicatie) Voor de collectieve zorgverzekering betaald de gemeente jaarlijks € 240 per deelnemer aan pakket Compleet en € 360 per deelnemer aan pakket Compleet Plus. Er doen nu 600 volwassen mee aan Compleet en 1.450 volwassen aan Compleet Plus. Samen is de gemeentelijke bijdrage ongeveer € 660.000 per jaar. 1a) Bij beëindigen is de besparing € 660.000 per jaar vanaf 2027. Voorstel is een nieuwe regeling uitwerken voor een vangnet, voor inwoners die de hoge zorgkosten anders niet kunnen betalen en de zorgverzekeraar niet vergoed. Zoals kosten voor eigen bijdragen voor Wmo, Wlz-thuiszorg, medicijnen, tandarts, fysiotherapie of een bril/lenzen voor kinderen. Inwoners kunnen hier dan een beroep doen. Inschatting hoogte noodfonds € 200.000. 1b) Bij halvering van deze bijdrage ontstaat een besparing van circa € 330.000 per jaar. Een noodfonds is dan niet nodig. 5. Kansen en risico’s in balans brengen Kansen:
Grote financiële besparing. Meer keuzevrijheid en regie voor inwoners. Voorkomen van oververzekering Minder uitvoeringslasten voor de gemeente. Duidelijk en eenvoudig uitvoerbare maatregel
Risico’s:
Onderverzekering vooral bij kwetsbare inwoners met hoge zorgkosten. Dit kan worden ondervangen met een noodfonds en begeleiding bij overstap. Inwoners met hoge zorgkosten kunnen hogere uitgaven krijgen als zij overstappen naar een verzekering waarin het eigen risico niet is meeverzekerd. Dit kan leiden tot een hogere kans op schulden. Deze groep heeft vaak weinig overstapmogelijkheden door medische voorwaarden of hoge vaste zorgkosten.
Bijlage 2: bij meningsvormend raadsvoorstel Beleidskeuzes Rondkomen 2026–2030 – keuzemogelijkheden voor ondersteuning (zaaknummer 2278205)
Keuze 2: Verlagen van de inkomensgrens (van 120% naar 110%) 1. Wat verandert er? De inkomensgrens voor alle gemeentelijke regelingen gaat van 120% naar 110% van het wettelijk sociaal minimum (WSM). Uit CBS-cijfers (2023) blijkt dat de doelgroep daardoor daalt van ongeveer 4.100 huishoudens (11,9%) naar 3.300 huishoudens (9,5%). Deze keuze maakt het mogelijk om inwoners tot 110% beter te ondersteunen binnen het bestaande budget. 2. Wat betekent dit voor inwoners? Huishoudens met een inkomen tussen 110% en 120% verliezen toegang tot gemeentelijke regelingen. Dit raakt vooral alleenstaanden, gezinnen met één werkende ouder, jongeren met een startersfunctie en zelfstandigen met een wisselend inkomen. Zij missen ondersteuning die bijdraagt aan bestaanszekerheid, zoals deelname aan sport en cultuur, of inkomensondersteuning. Dit vergroot het risico op verborgen armoede, schulden en sociaal isolement. Ook kan het vertrouwen in de gemeente afnemen bij inwoners die eerder wel hulp kregen. 3. Wat vraagt dit van de uitvoering? De keuze verlaagt de werkdruk. Tegelijk is heldere communicatie nodig om verwarring en frustratie te voorkomen. Inwoners die net buiten de inkomensgrens vallen zullen waarschijnlijk vaker vragen stellen of bezwaar maken. Ook wordt een toename van maatwerkverzoeken verwacht. Dat vraagt tijd, beoordelingsruimte en deskundigheid. 4.
Financiële ruimte (indicatie) De bandbreedte van de besparing zit tussen de € 675.000 en € 825.000 per jaar. De besparing komt voort uit het verschil in doelgroep grootte bij 120% ten opzichte van 110% van het Wettelijke Sociaal Minimum. Hiervoor zijn de meest recente landelijke CBS-cijfers gebruikt over huishoudens per inkomensgroep (jaar 2023). We rekenden met het gemiddeld ondersteuningsbedrag van € 1.454 per huishouden per jaar. Omdat we niet precies weten hoeveel huishoudens met een inkomen tot 110% gebruikmaken van onze regelingen hebben we een marge toegepast. Zo ontstaat een reëlere inschatting van het werkelijke bereik en de bijbehorende ruimte. 5. Kansen en risico’s in balans brengen Kansen:
Grote financiële besparing binnen Rondkomen. Meer middelen beschikbaar voor inwoners met de laagste inkomens. Mogelijkheid om vrijgekomen middelen te investeren in preventie en intensievere ondersteuning.
Risico’s:
Uitsluiting van inwoners net boven de grens (werkende armen, zelfstandigen, alleenverdieners). Grotere kans op verborgen armoede, stress, sociaal isolement en schulden. Toename van maatwerkverzoeken met risico op hogere werkdruk en ongelijke behandeling. Extra druk op andere voorzieningen. Mogelijk negatief effect op vertrouwen in de gemeente.
Bijlage 2: bij meningsvormend raadsvoorstel Beleidskeuzes Rondkomen 2026–2030 – keuzemogelijkheden voor ondersteuning (zaaknummer 2278205)
Keuze 3: Verlagen van de individuele inkomenstoeslag 1. Wat verandert er? De individuele inkomenstoeslag kent drie doelgroepen: eenoudergezinnen, alleenstaanden en gehuwden/samenwonenden. Voor iedere groep geldt een ander bedrag. Deze jaarlijkse toeslag wordt verlaagd met € 50 of € 100 per huishouden. De toeslag is bedoeld voor inwoners die langdurig moeten rondkomen van een laag inkomen, zonder uitzicht op verbetering van inkomen. 2. Wat betekent dit voor inwoners? Deze doelgroep is structureel financieel kwetsbaar. De toeslag biedt nu nog enige ruimte voor onverwachte uitgaven, sociale activiteiten of zorg voor zichzelf. Door de verlaging houden inwoners minder ruimte over. Het risico bestaat dat inwoners noodzakelijke kosten uitstellen. De keuze kan leiden tot gevoelens van onmacht, stress, en wantrouwen richting de overheid versterken. Juist deze groep heeft weinig andere keuzemogelijkheden en of steun. 3. Wat vraagt dit van uitvoering? Een verlaging van het bedrag heeft weinig gevolgen voor de uitvoering. 4.Financiële ruimte (indicatie) Inwoners ontvangen nu jaarlijks: € 400 (alleenstaanden), € 500 (een ouder gezinnen) en € 550 (gehuwden). De besparing hangt af van de hoogte van de verlaging. 3a)
Bij € 50 minder per huishouden levert dit een besparing op van ongeveer € 45.000 per jaar.
3b)
Bij € 100 minder per huishouden is de besparing ongeveer € 90.000 per jaar. De bedragen zijn gebaseerd op het huidige toekenningsbeleid.
De toeslag kan ook met een ander bedrag worden verlaagd. 5. Kansen en risico’s in balans brengen Kansen:
Beperkte besparing zonder beleidswijziging of grote uitvoeringslast. Eenvoudig uit te voeren.
Risico’s:
Directe impact op een kwetsbare groep met weinig perspectief op inkomensverbetering. Risico op stille armoede, uitgestelde zorg of kosten, en sociaal isolement. Kan wantrouwen richting de overheid versterken.
Bijlage 2: bij meningsvormend raadsvoorstel Beleidskeuzes Rondkomen 2026–2030 – keuzemogelijkheden voor ondersteuning (zaaknummer 2278205)
Keuze 4: Verlagen of stoppen met het meedoenbudget voor volwassenen 1. Wat verandert er? Het meedoenbudget voor volwassenen wordt verlaagd van €100 naar €50 per jaar of volledig afgeschaft. Deze regeling ondersteunt deelname aan sport, cultuur en maatschappelijke activiteiten. 2. Wat betekent dit voor inwoners? Door de verlaging hebben inwoners minder financiële ruimte om mee te doen aan activiteiten die bijdragen aan gezondheid, persoonlijke ontwikkeling en sociale contacten. Voor mensen met een laag inkomen is dit vaak een van de weinige manieren op buitenhuis actief te zijn. Minder toegang tot sport, cultuur en ontmoetingsactiviteiten kan leiden tot sociale uitsluiting, gezondheidsproblemen, eenzaamheid en inactiviteit. 3. Wat vraagt dit van de uitvoering? De uitvoeringslast blijft beperkt: er worden minder aanvragen verwacht of de bijdrage per persoon is lager. Wel wordt een toename verwacht van vragen inwoners en maatschappelijke organisaties. Heldere communicatie over het waarom van de keuze is belangrijk. 4. Financiële ruimte (indicatie) In 2024 zijn 2.547 Hoornpassen met daarop het meedoenbudget verstrekt aan volwassenen. Van deze groep hebben 1.512 inwoners het bedrag volledig of gedeeltelijk gebruikt. De bijdrage € 100 per pas is het vastgestelde bedrag binnen het meedoenbudget per jaar.
4a) Op basis van het huidige gebruik levert afschaffing van het meedoenbudget een structurele besparing op van ongeveer € 135.000 per jaar. 4b)
Bij een verlaging van het bedrag naar € 50 per pas bedraagt de besparing op basis van het huidige gebruik ongeveer € 67.500 per jaar.
5. Kansen en risico’s in balans brengen Kansen:
Relatief eenvoudig uitvoerbare besparing. Meer ruimte voor andere beleidsprioriteiten. Meer keuze in het aanbod betekent dat inwoners het budget beter kunnen besteden aan wat voor hen belangrijk is.
Risico’s:
Minder deelname aan sport, cultuur en ontmoeting, vooral onder kwetsbare inwoners Grotere kans op sociale isolatie, gezondheidsproblemen en ongelijkheid. Vermindering van kansen op meedoen, wat haaks staat op onze inclusieve doelstellingen.
Bijlage 2: bij meningsvormend raadsvoorstel Beleidskeuzes Rondkomen 2026–2030 – keuzemogelijkheden voor ondersteuning (zaaknummer 2278205)
Keuze 5: Verlagen of aanpassen van het kindpakket 1. Wat verandert er? De hoogte of inhoud van het kindpakket wordt verlaagd of aangepast. Dit betekent: minder vergoedingen voor sport, cultuur of educatieve activiteiten, of het stoppen met het verstrekken van bijvoorbeeld kermismunten, laptops of zwemdiploma’s. 2. Wat betekent dit voor inwoners? Kinderen uit gezinnen met een laag inkomen kunnen hierdoor minder meedoen aan school, sport, cultuur of andere ontwikkelingsactiviteiten. Dit kan hun gezondheid, zelfvertrouwen en sociale contacten aantasten. Het kindpakket is laagdrempelig en waardevol, vooral voor kosten die ouders anders niet kunnen betalen. 3. Wat vraagt dit van de uitvoering? De regeling blijft uitvoerbaar zolang doelgroep en voorwaarden voor vergoedingen niet ingrijpend wijzigen. Wel is duidelijke communicatie nodig, richting ouders én samenwerkingspartners. Een verlaging kan leiden tot onbegrip of weerstand, zeker als kinderen activiteiten missen die eerder wél haalbaar waren. Dit kan ook negatieve beeldvorming oproepen. 4. Financiële ruimte (indicatie) In 2024 zijn 1.353 Hoornpassen verstrekt. Hiervan hebben 1.176 kinderen de pas gedeeltelijk of volledig gebruikt. Daarnaast zijn er 63 kinderen gestart met zwemles en zijn er 78 laptops verstrekt.
Op basis van het huidige gebruik van de regelingen, levert afschaffen of verlagen het volgende op: 5a) Een verlaging met € 50 van het bedrag op de Hoornpas levert een besparing op van € 43.500; 5b) Het afschaffen van het zwemdiploma levert € 55.000; 5c) Het afschaffen van het kermisbudget € 16.000; 5d) Het niet meer verstrekken van laptops € 17.500. 5. Kansen en risico’s in balans brengen Kansen:
Financiële ruimte door aanpassing van onderdelen die mogelijk minder worden gebruikt. Gerichtere inzet van middelen op basis van gebruik en noodzaak. Bij goede afstemming kunnen lokale fondsen of andere initiatieven het effect deels opvangen.
Risico’s:
Minder toegang tot sport, cultuur en ontwikkeling voor kinderen in armoede. Grotere kans op schoolachterstand, eenzaamheid en minder zelfvertrouwen. Verkleining van ontwikkelkansen kan bijdragen aan blijvende armoede in de volgende generatie. Hogere druk op partners die proberen alternatieve hulp te bieden.
Bijlage 2: bij meningsvormend raadsvoorstel Beleidskeuzes Rondkomen 2026–2030 – keuzemogelijkheden voor ondersteuning (zaaknummer 2278205)
Keuze 6: Aanscherpen bijzondere bijstand 1. Wat verandert er? De voorwaarden voor bijzondere bijstand worden aangescherpt. Mogelijk opties zijn: invoering van een drempelbedrag per jaar, het (deels) meetellen van vermogen en maximumvergoedingen voor bepaalde kostenposten in plaats van werkelijke kosten. Inwoners moeten kosten vaker (deels) zelf dragen. 2. Wat betekent dit voor inwoners? Bij noodzakelijke kosten zoals eigen bijdragen, bewind of medische zorg kan hulp uitblijven of uitgesteld worden. De toegankelijkheid wordt complexer. Dit kan leiden tot meer financiële stress, schulden, zorgmijding en verminderd vertrouwen in de gemeente. 3. Wat vraagt dit van de uitvoering? Strengere beoordeling of meer maatwerk leidt tot hogere werkdruk en meer kans op bezwaren of beroep. Leningen in plaats van giften zorgen voor extra administratie, langere doorlooptijden en risico op wanbetaling. Tegelijk kan standaardisering zorgen voor meer duidelijkheid en efficiëntere afhandeling. 4. Financiële ruimte (indicatie) De financiële ruimte is op dit moment nog niet exact te bepalen. Deze hangt af van de precieze invulling van maatregelen zoals draagkrachtregels, leenconstructies of maximumvergoedingen. 5. Kansen en risico’s in balans brengen Kansen:
Financiële ruimte voor andere beleidsprioriteiten. Duidelijker afbakening van wat noodzakelijk is. Efficiëntere uitvoering door standaardisering van beleid.
Risico’s:
Inwoners kunnen noodzakelijke kosten niet meer opvangen, wat kan leiden tot problematische schulden. Meer stress, schulden en verminderde bestaanszekerheid. Complexere voorwaarden kunnen bijdragen aan onbegrip en verminderde toegang tot ondersteuning voor de doelgroep. Het risico bestaat dat ondersteuning wordt afgewenteld op andere systemen zoals schuldhulpverlening of lokale netwerkinitiatieven. Verlies aan vertrouwen in de overheid.
Bijlage 2: bij meningsvormend raadsvoorstel Beleidskeuzes Rondkomen 2026–2030 – keuzemogelijkheden voor ondersteuning (zaaknummer 2278205)
Keuze 7: Herijking subsidies partners 1. Wat verandert er? De gemeente beoordeelt bestaande subsidierelaties met maatschappelijke partners opnieuw op effectiviteit, doelmatigheid en overlap. Dit kan leiden tot verlaging of beëindiging van subsidies. De herijking maakt deel uit van een breder traject gericht op het versterken van de sociale basis. Hoewel het herijkingsproces mogelijk financiële ruimte biedt en inhoudelijke verbetering kan opleveren, is het geen directe keuzemogelijkheid binnen dit voorstel. De herijking wordt integraal voorbereid in een apart, reeds gestart project en vraagt zorgvuldige betrokkenheid van maatschappelijke partners. Het resultaat van dat project wordt op een later moment aan de raad voorgelegd We verstrekken jaarlijks ongeveer € 200.000 aan subsidies vanuit het budget rondkomen aan de volgende organisaties: Humanitas Thuisadministratie, Humanitas Formulierenbrigade, Schuldhulpmaatje Westfriesland, Kinderkledingbank, Stichting Leergeld, Straat Pastoraat (Smalle Beurzen Festival), Straat Pastoraat (Maaltijdproject) en Hart voor Hoorn 2. Wat betekent dit voor inwoners? Inwoners kunnen merken dat er minder informele of laagdrempelige hulp beschikbaar is, zoals ondersteuning bij geldzaken, vrijwilligersmaatjes of hulp bij meedoen. Ook kan vroegsignalering verminderen als vertrouwde initiatieven verdwijnen.
Tegelijk kan meer focus leiden tot betere resultaten, minder versnippering en gerichtere inzet op wijken of doelgroepen. 3. Wat betekent dit voor de uitvoering? De directe uitvoeringslast is beperkt. Wel vraagt de herijking om een zorgvuldig proces met betrokken partners, met oog voor samenwerking, impact en communicatie. 4. Financiële ruimte (indicatie) De financiële ruimte is nu nog niet te bepalen. Deze wordt pas zichtbaar na afronding van de herijking en de gemaakte keuzes. 5. Kansen en risico’s in balans brengen Kansen: – Gerichtere inzet van middelen op partners die aantoonbaar bijdragen aan gemeentelijke doelen. – Meer samenhang en samenwerking binnen de sociale basis. – Minder overlap en versnippering in het aanbod. Risico’s: – Minder beschikbaarheid van laagdrempelige ondersteuning en signalering. – Kwetsbare inwoners kunnen informele hulp mislopen. – Demotivatie of uitval van vrijwilligers als initiatieven verdwijnen of krimpen. – Vertrouwensverlies bij inwoners of partners bij onverwachte afbouw van bekende voorzieningen.
Bijlage 2: bij meningsvormend raadsvoorstel Beleidskeuzes Rondkomen 2026–2030 – keuzemogelijkheden voor ondersteuning (zaaknummer 2278205)