CConstaterende datHoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 ontwerp bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen toelichting

Gemeenteraad 14 maart 2023, gemeente HoornBij agendapunt: Ontwerp bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen (1966379)23.066 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

57

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

er binnen en in de directe omgeving van het plangebied geen primaire en/of regionale waterkeringen aanwezig zijn. Grondwater Uitgangspunt voor de planvorming is dat er geen ophoging van het maaiveld plaatsvindt, zodat de aanwezige bomen behouden kunnen blijven. Ten behoeve van het peil van het grondwater is een aantal peilbuizen aangebracht. Hieruit blijkt dat het grondwater ongeveer 0,84 tot 1,38 m onder het maaiveld staat. De peilbuizen worden maandelijks ingemeten. De seizoensfluctuaties komen hierdoor scherper in beeld. De kwaliteit van het grondwater is door bureau Landview in 2018 onderzocht (verkennende (water)bodemonderzoek en indicatief verhardingsonderzoek d.d. 9 oktober 2018 nr 2018272). Ondanks dat dit onderzoek 4 jaar geleden is uitgevoerd is het niet de verwachting dat de bodemkwaliteit is veranderd. Het plangebied wordt al lange tijd niet gebruikt en is grotendeels afgesloten dmv hekken. In het grondwater is bij dit onderzoek bij een van de aanwezige peilbuizen een verontreiniging tot boven de interventiewaarde met arseen geconstateerd. In het grondwater van een andere peilbuis is een matige verhoging van arseen gemeten. In het grondwater zijn verder slechts lichte verhogingen van arseen, barium en of molybdeen gemeten. Na twee herbemonsteringen is in het grondwater geen verontreiniging tot boven de interventiewaarde met arseen meer geconstateerd.

Aanvullend is een sterk verhoogde concentratie van sulfaat gemeten, hetgeen de natuurlijke oorzaak van de verontreinigingen met arseen bevestigd. Verspreiding van het slib uit alle omringende sloten op een aangrenzend perceel (landbodem) is, volgens beoordeling kwaliteit van bagger, toegestaan. Indien men het slib uit de sloten op of in de bodem wil toepassen, dan is het slib altijd toepasbaar. Conclusie Uit het oogpunt van het aspect water gelden geen belemmeringen voor de uitvoerbaarheid van het planvoornemen van dit bestemmingsplan.

5.11 Duurzaamheid 5.11.1

Energietransitie

Hoorn wil in 2030 een CO2 -reductie behalen van 49% ten opzichte van het CO2 -niveau in 1990. Doel is om in 2040 klimaatneutraal te zijn. Om in 2040 energieneutraal te zijn zullen alle partijen alle zeilen bij moeten zetten. Op dit moment wordt 4% van de energievraag duurzaam gerealiseerd binnen haar gemeentegrenzen. Om de overige 96% van de energievraag duurzaam te realiseren vóór 2040 is een enorme versnelling nodig. Daarom wordt tegelijk gewerkt aan het besparen van energie, projecten om duurzame energie op te wekken, en aardgasvrije warmte. De optimale mix aan oplossingen maakt het mogelijk om extra druk op bestaande en nieuwe infrastructuren te beperken. De elektrische infrastructuur is er een die nu al onder druk staat en daarom zal de gemeente bij uitgifte van grond vooraf een capaciteitscheck doen bij Liander. De kaders voor de energietransitie zijn hieronder weergegeven: Uitgangspunten en wettelijke eisen: Alle nieuwe gebouwen moeten voldoen aan Bijna Energie Neutrale Gebouwen (BENG123), zoals beschreven in de NTA 8800. (zie: https://www.rvo.nl/). Ook worden de plannen getoetst op het risico op temperatuuroverschrijding in het gebouw (zie: https://www.rvo.nl/), De hoeveelheid hernieuwbare energie (BENG3) bestaat uit: opbrengst van zonnepanelen, stadsverwarming, warmte- en koudeopslag. (NEN 7125, zie www.nenconnect.nl). Warmtepompen kunnen geluid maken.

Hier zijn normen voor. De hoeveelheid geluid op de erfgrens

58

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

mag in de nacht maximaal 40 dB zijn, en overdag 45 dB. Deze eisen gelden voor nieuwbouw en bestaande woningen. Voor de toepassing van bodemenergie is vaak een vergunning nodig: 1. Een klein (<70 kW) gesloten systeem moet bij de gemeente worden gemeld via www.omgevingsloket.nl 2. Voor een gesloten systeem groter dan 70 kW moet een vergunning worden aangevraagd bij de gemeente 3. Voor een open systeem is een vergunning van de provincie nodig. Aanvullende ambities: Wanneer mogelijk bij gronduitgifte zal de gemeente een hogere energie-ambitie vastleggen in de gemeentelijke bouwverordening. Voor een meerlaagsgebouw is de ambitie in dat geval Beng 3 (%DE) van 70% (BENG+): De gemeente Hoorn is aardgasvrij in 2040. Om dat te bereiken werken we aan collectieve duurzame warmte met een warmtenet en ondersteunen we kleinschalige (buurt)warmte-initiatieven. Binnen een bouwplan moet rekening gehouden worden met externe warmtelevering. Wanneer het woningbouwplan in de buurt ligt van potentiële uitbreidingslocaties van het warmtenet, dan moet de optie om aan te sluiten op het warmtenet in de ontwerpfase worden meegenomen. Vooralsnog ligt het bestaande warmtenet te ver van de planlocatie en zal waarschijnlijk worden gekozen voor bodemenergie.

In gebieden met veel initiatieven voor bodemenergie wil de gemeente voorkomen dat minder efficiënt gebruik gemaakt wordt van de ruimte om bodemenergie te winnen. In dit geval zal de gemeente bepalen of het aanwijzen van een interferentiegebied nodig of wenselijk is, Als er elektrisch verwarmd gaat worden met warmteoplossingen die een hoge piekvraag kennen (Infrarood-, weerstandverwarming en luchtwarmtepompen) dan betekent dit ook iets voor de vraag naar elektriciteit. De initiatiefnemer moet bij Liander navraag doen of de capaciteit voldoende is voor de aansluitingen in het gebied, Er wordt fysieke ruimte opgenomen in bestemmings- en/of stedenbouwkundig plan om duurzaam bouwen te stimuleren of te faciliteren, Bij de aanleg van een warmtenet wordt standaard een paragraaf 'kabels en leidingen' opgenomen in de plannen. Dit is nodig om ondergronds voldoende capaciteit te houden voor het elektriciteitsnetwerk. Alle nieuwbouwwoningen zijn geschikt voor het plaatsen van zonnepanelen, indien mogelijk in combinatie met een groen dak. De gemeente Hoorn ondersteunt geen verwarmingsoplossingen op basis van het verbranden van biomassa. 5.11.2

Duurzame mobiliteit

De gemeenteraad heeft in 2019 het besluit genomen om meer stad te worden. Daarnaast is in het collegeakkoord afgesproken om in te zetten op een aantrekkelijke, economische, goed bereikbare, veilige en duurzame stad. De mobiliteitsvisie geeft daar invulling aan. Deze visie is op 7 juli 2021 door de raad vastgesteld. De ambities daarvan zijn overgenomen. Eventuele uitgangspunten worden overgenomen wanneer de visie wordt aangenomen. Uitgangspunten en wettelijke eisen: Bij nieuwe utiliteitsgebouwen (gebouwen om in te werken zoals kantoren) en utiliteitsgebouwen die een ingrijpende renovatie ondergaan, en die meer dan 10 parkeervakken hebben, bestaat de ambitie om minimaal 1 oplaadpunt te realiseren. Daarnaast moeten voor 1 op de 5 parkeervakken (loze) leidingen voor oplaadpunten worden aangelegd. Ook bij nieuwe woningen en woningen die een ingrijpende renovatie krijgen en die meer dan 10 parkeervakken hebben, moeten leidingen voor oplaadpunten worden gerealiseerd. De verplichting geldt wanneer de parkeergelegenheid op hetzelfde terrein (bouwperceel) ligt. Als de kosten van het aanleggen van deze leidingen hoger zijn dan 7 procent van de totale kosten, geldt er een vrijstelling van deze

59

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

verplichting (zie: EPBD III, 10 maart 2020). Aanvullende ambities: Een belangrijk aandachtspunt is de brandpreventie bij laadpalen, met name in ondergrondse parkeergarages. Zorgen voor voldoende oplaadpunten voor elektrische fietsen, dit kan als eis meegenomen worden voor de inpandige fietsbergingen in de woongebouwen., We zetten in op een kwaliteitsverbetering voor lopen, fiets en het OV. In wijken maken we bredere stoepen en voorkomen we obstakels, In de nieuwe wijken staat comfort voor langzaam verkeer voorop, zo staat de fiets dichterbij geparkeerd dan de auto. Ook zien we gebiedsontwikkelingsprojecten als vliegwiel voor innovaties, bijvoorbeeld voor deelvervoer. Dit kunnen auto's zijn, maar ook (elektrische) (bak)fietsen, Er wordt prioriteit gelegd bij het reizen met een ander vervoermiddel dan de auto. 5.11.3

Circulaire Economie en Materiaalgebruik

Landelijk is bepaald dat Nederland in 2050 circulair moet zijn. De gemeente Hoorn neemt deel aan het interbestuurlijke overleg Verkeer en Vervoer, Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Economische Zaken (VVRE). Hier werken we aan een gezamenlijke circulaire strategie en bijbehorende actieagenda. De strategie is in ontwikkeling en om die reden vooralsnog gebaseerd op het landelijk beleid. Uitgangspunten en wettelijke eisen: Bij elke aanvraag voor een omgevingsvergunning is het verplicht om een Milieu Prestatie Gebouwen (MPG) in te vullen. De MPG geeft aan wat de milieubelasting is van de materialen die in een gebouw worden gebruikt, Per 1 juli 2021 zijn de eisen voor nieuwe woningen aangescherpt van 1,0 naar 0,8. De wettelijke eisen zullen stapsgewijs verder worden aangescherpt, waarbij de Rijksoverheid de norm in 2030 wil terugbrengen naar 0,5. Aanvullende ambities: Bij de materiaalkeuze en het gebouwontwerp te gaan voor maximaal waarde behoud van grondstoffen, Maatregelen waarmee de MPG kan worden verlaagd zijn o.a. het toepassen van bio-based materialen, zoals hout, isolatie met grassen en het gebruik van hergebruikte of gerecyclede materialen, zoals beton, bakstenen, elektrische installaties en dergelijke. Ook onderhoudsvrije materialen kunnen hierin een rol spelen, Er wordt gestreefd naar het realiseren van een MPG van € 0,7/m2 BVO.

Minimaal 20% van het gebruikte materiaal is gerecycled. Of de ontwikkelaar laat zien waar hij specifiek aandacht besteedt aan circulair bouwen, De milieubelasting van bouwmaterialen kan ook worden beperkt door compact te bouwen (beperk het aantal wanden, hoeken en materiaal-intensieve afwerkingen), flexibel te bouwen en het materiaalverlies te beperken. De detaillering zodanig uitvoeren dat vervanging en hergebruik van gebouwonderdelen mogelijk is en de te verwijderen materialen herbruikbaar zijn, Er wordt een materialenpaspoort opgesteld. Daarin worden de materialen die in een gebouw zitten en de kwaliteit en hoeveelheid van deze materialen vastgelegd. Het materialenpaspoort wordt binnen het project opgesteld door de gemeente, of een bureau dat in opdracht werkt van de gemeente, in samenspraak met ontwikkelaars en leveranciers. De kosten van het materialenpaspoort komen ten laste van het project.

60

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

5.11.4

Klimaatadaptatie

Recent is de stresstest klimaatbestendig West-Friesland opgeleverd. Hieruit wordt duidelijk waar effecten zijn op gebied van droogte, hitte, wateroverlast, overstromingen, bodemdaling en waterkwaliteit. Deze effecten leiden op termijn tot mogelijk grote, negatieve gevolgen voor de leefbaarheid. Maatregelen zijn nodig om veilig en comfortabel te kunnen blijven wonen, werken en recreëren. Hoofdpunten van het besloten Ambitieniveau (B) voor klimaat adaptief handelen niveau B zijn: Meegroeien met de klimaatverandering, Beschermingsniveau is vergelijkbaar met de situatie van nu, We benutten klimaatadaptatie actief om waarde toe te voegen aan onze stedelijke leefomgeving. Uitgangspunten: In strategie B wordt ingezet op een beschermingsniveau waarbij bij heftige regenbuien geen schade optreedt aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen. Ook zijn er afspraken gemaakt over hitte, droogte en wateroverlast. Per onderdeel worden de uitgangspunten benoemd: Hitte: Tenminste 40% schaduw in het plangebied op de hoogste zonnestand (21 juni) voor verblijfsplekken en gebieden waar langzaam verkeer verplaatst en minimaal 30% schaduw op buurtniveau. Koele en schaduwrijke verblijfsplekken van minimaal 200m2 zijn op loopafstand (300 meter) aanwezig en openbaar toegankelijk. 50% van alle horizontale en verticale oppervlakten wordt warmte werend of verkoelend ingericht.

De koeling van de gebouwen leidt niet tot opwarming van de (verblijfs)ruimten in de directe omgeving. Vitale en kwetsbare functies en groenvoorzieningen in de openbare ruimte moeten bestand zijn tegen hitte. Droogte: De grondwaterpeilen in het plangebied en de omgeving en de zoetwaterbeschikbaarheid in de bodem zijn sturend in de functiekeuze, systeemkeuze en inrichting in het plangebied. De inrichting van het plangebied is infiltratieneutraal bij uitbreidingslocaties en infiltratiepositief bij herontwikkeling. Bij het ontwerp en de inrichting wordt ingezet op drinkwaterbesparing, regenwaterbenutting en verbetering van de waterkwaliteit. Vitale en kwetsbare functies moeten bestand zijn tegen langdurige droogte. Wateroverlast: In het plangebied treedt bij hevige neerslag (1/100 jaar, bij 70mm in een uur) geen schade op in en aan gebouwen, infrastructuur en voorzieningen. Bij hevige neerslag (1/250 jaar, 90mm in een uur) blijven vitale en kwetsbare infrastructuur en voorzieningen functioneren en bereikbaar (hoofdwegen, drinkwater en energie). Op privaat terrein wordt een groot deel van de neerslag (range 40-70 mm) van een hevige bui op het bebouwd deel van het privaat terrein zelf verwerkt (geïnfiltreerd, opgevangen en/of vertraagd afgevoerd) of in extra watervoorzieningen in of toegerekend aan het plangebied.

De voorzieningen voeren de eerste 24 uur vertraagd af (niet extra naar riolering of watersysteem) en zijn in maximaal 60 uur weer beschikbaar. De verwerking van de neerslag op het overige deel van het private terrein is de verantwoordelijkheid van de perceeleigenaar, zoals geregeld via de Waterwet. De ontwikkeling gebeurt waterneutraal en leidt niet tot extra aanvoer/afvoer van water. Hemelwater wordt zoveel mogelijk vastgehouden en hergebruikt in het plangebied. In het gebied is natuurlijke en oppervlakkige afwatering zoveel mogelijk aanwezig. Bij een waterdiepte van 20 cm op de rijbaan door extreme regen en/of overstromingen mag geen schade optreden aan gebouwen en elektrische installaties in de openbare ruimte en blijven wegen begaanbaar.

61

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

Aanvullende ambities: De tuinen, parkeerplaatsen en het gebied worden alleen wanneer noodzakelijk verhard. Het overige wordt groen ingericht. Hierdoor kan voldoende water worden afgevoerd en het is goed voor de biodiversiteit. Groenstructuren en verschillende soorten groen zijn van belang. Dit vermindert hittestress en draagt bij aan een gezonde leefomgeving. In de plannen wordt 5% kavelgroen en 20% groen dak gerealiseerd. Waar mogelijk passen we waterdoorlatende verharding toe, Zorgen voor een voorziening voor het opvangen van regenwater voor later gebruik Conclusie Het aspect duurzaamheid staat uitvoering van het planvoornemen niet in de weg.

5.12 Kabels en leidingen In het plangebied zijn geen planologisch relevante leidingen gelegen.

5.13 Milieueffectrapportage Een plan-m.e.r. is een in de Wet milieubeheer (Wm) vastgelegde procedure waarmee voor de m.e.r.-(beoordelings)plichtige onderdelen van een ruimtelijk plan de milieugevolgen op basis van een zekere bandbreedte worden beoordeeld. Op die manier krijgt milieu een volwaardige rol in de afweging van belangen. De drempelwaarden waarbij deze verplichting aan de orde is, zijn vastgelegd in de D-lijst van het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.). Op het planvoornemen is de drempelwaarde voor stedelijke ontwikkeling, D11.2 uit de D-lijst van het Besluit m.e.r., van toepassing. D 11.2 De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen. In gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op: een oppervlakte van 100 hectare of meer; een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of; een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer. Deze drempelwaarde wordt met de ontwikkeling uit dit bestemmingsplan niet overschreden. Conform het gewijzigde Besluit m.e.r. dient voor activiteiten die wel in de D-lijst zijn opgenomen, maar niet aan de daar genoemde drempelwaarden voldoen, een toets aan 'Bijlage III van de Europese richtlijn milieubeoordeling projecten' te worden uitgevoerd, een zogenaamde vormvrije m.e.r.-beoordeling.

Aard, omvang en ligging zijn begrippen die bij deze beoordeling centraal staan. Een vormvrije m.e.r.-beoordeling moet in de meeste gevallen worden aangevraagd door middel van een aanmeldnotitie (artikel 2, vijfde lid, van het Besluit m.e.r.). Dit is niet het geval wanneer het bevoegd gezag tevens degene is die de activiteit onderneemt. De gemeente Hoorn heeft een voortrekkersrol in het op gang brengen van de projectontwikkeling. De gemeente is initiatiefnemer voor het opstellen van voorliggende ruimtelijke onderbouwing en is in dezen ook het bevoegd gezag. Er hoeft dan ook geen aanmeldnotitie te worden opgesteld. In onderstaande tabel worden de mogelijke milieueffecten behandeld. Eerst wordt een beschrijving gegeven van de kenmerken van de activiteit en de plaats van de activiteit. Vervolgens wordt ingegaan op de kenmerken van de gevolgen van de activiteit. Hierbij wordt gekeken of er mogelijk (belangrijke) nadelige milieugevolgen ontstaan en of er mitigerende maatregelen kunnen worden genomen om eventueel het milieueffect te verminderen of teniet te doen. Criteria

Beschrijving van mogelijke effecten

62

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

Hoofdthema 1: Kenmerken van het project De omvang van het project.

Het plangebied is 2,35 hectare groot en voorziet in de bouw circa 6.759 m2 aan bebouwing ten behoeve van het IKEC en 140 woningen in de vorm van appartementen in vier appartementengebouwen. Het project blijft ver onder de drempelwaarde van 100 hectare en 2.000 woningen.

De cumulatie met andere projecten.

Er zijn in de directe omgeving geen andere projecten waar rekening mee gehouden moet worden.

Gebruik van natuurlijke hulpbronnen.

Voor de bouw worden reguliere natuurlijke hulpbronnen gebruikt als bouwmateriaal (beton, hout, grond).

De productie van afvalstoffen.

Enkel relevant tijdens de bouw

Verontreiniging en hinder.

Tijdens de aanlegfase is er mogelijk sprake van tijdelijke hinder als gevolg van bouwverkeer en bouw- en sloopwerkzaamheden. Significant negatieve effecten op Natura 2000-gebieden zijn echter niet aan de orde, hetgeen blijkt uit de natuurtoets en de uitgevoerde Aerius-berekening. Ten aanzien van de toekomstige gebruiksfase kan op basis van de uitgevoerde omgevingsonderzoeken worden geconcludeerd dat er geen onevenredige verontreiniging en hinder zullen optreden. Zie voorgaande paragrafen in dit hoofdstuk

Het risico van zware ongevallen en/of rampen, waaronder rampen door klimaatverandering.

Binnen en nabij het plangebied zijn geen risicovolle inrichtingen gelegen waarvan een plaatsgebonden risicocontour of invloedsgebied van het groepsrisico over het plangebied gesitueerd is. Daarnaast is in de nabijheid geen sprake van transportroutes met vervoer van gevaarlijke stoffen die van invloed zijn op het plangebied. De meest nabijgelegen risicobronnen op ruime afstand en zijn daarmee niet van invloed op de planlocatie. Met het planvoornemen worden voorts geen risicovolle inrichtingen mogelijk gemaakt.

Risico's voor de menselijke gezondheid.

Het planvoornemen maakt geen ruimtelijke ontwikkeling mogelijk met effecten op de volksgezondheid (zoals hinderveroor-zakende objecten/activiteiten). Een goed ontwerp van de toekomstige woon- en leefomgeving op de planlocatie kan juist in positieve zin bijdragen aan de gezondheid van toekomstige gebruikers.

Hoofdthema 2: Plaats van het project Het bestaande grondgebruik

Het plangebied bestaat uit een groot vrijwel onbebouwd voormalig sportterrein. Aan de rand zijn enkele gebouwen aanwezig. In en om het plangebied is groen aanwezig.

63

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

Relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied.

Door middel van flora- en faunaonderzoek is beoordeeld of sprake is van beschermde natuurwaarden in het plangebied. Met inachtneming van de zorgplicht kan het plan worden uitgevoerd zonder significant negatieve effecten op de flora en fauna. Het plangebied heeft door het huidige gebruik geen hoge ecologische waarde. De Natura 2000-gebieden die het dichtst bij het plangebied zijn gelegen, zijn Markermeer & IJmeer en Polder Zeevang. Deze gebieden zijn gelegen op een afstand van respectievelijk circa 1 en 5 km van het plangebied. Geconstateerd kan worden dat gebieden met (hogere) natuurwaarden op een behoorlijke afstand van de planlocatie liggen en derhalve door het planvoornemen niet negatief zullen worden beïnvloed. Er bestaat namelijk geen directe ecologische relatie tussen de planlocatie, aard van het plan (woningbouwvoornemen met uitsluitend lokale effecten) en de soorten- en gebiedsbescherming van Natura 2000-gebieden in de regio.

Het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor gevoelige gebieden.

Vanwege het huidige gebruik heeft het plangebied geen hoge ecologische waarde. Het planvoornemen leidt niet tot significant negatieve effecten op bijvoorbeeld Natura 2000-gebieden, het NNN of weidevogelleefgebied. De uitgevoerde ecologische toetsing bevestigt dit. Het plangebied is verder in een gebied gesitueerd met een lage archeologische verwachtingswaarden. Archeologisch onderzoek is niet nodig. Vanuit cultuurhistorisch oogpunt is voor zowel de waterlopen als het beschermd stadsgezicht de dubbelbestemming Waarde-Cultuurhistorie opgenomen in het bestemmingsplan.

Hoofdthema 3: Kenmerken van het potentiële effect Bereik van het effect (geografische De potentiële negatieve effecten zijn beperkt en uitsluitend lokaal van zone en grootte van de getroffen aard. Daarnaast is een tijdelijk effect gedurende de aanlegfase bevolking) mogelijk. Gelet op de aard van de omgeving, waarbij gevoelige, waardevolle en woongebieden niet binnen het bereik van de potentiële effecten gelegen zijn, is het bereik van het potentiële effect zeer beperkt te noemen. Het grensoverschrijdende karakter Geen van het effect. De intensiteit en de complexiteit van het effect.

De potentieel aanzienlijke effecten op de directe woon- en leefomgeving wijzigen niet significant als gevolg van de ontwikkeling van het plangebied. Het effect is beperkt tot het plangebied en nabije omgeving. De relevante milieuaspecten zijn onderzocht waaruit geen redenen blijken om aan te nemen dat sprake is van onoverkomelijke belemmeringen voor planontwikkeling op deze planlocatie.

De waarschijnlijkheid van het effect.

Van onevenredige negatieve effecten voor de omgeving is geen sprake

Duur, frequentie en de omkeerbaarheid van het effect

De bouwfase levert tijdelijke effecten op. Na de bouwfase verdwijnen deze effecten. In de gebruiksfase treedt een permanent effect op ten aanzien van verkeer en luchtkwaliteit. De effecten van verkeer op de luchtkwaliteit en geluid zijn beperkt.

64

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

Conclusie De boordeling heeft plaatsgevonden aan de hand van de relevante criteria die staan opgenomen in de Wet milieubeheer en bijlage III bij Richtlijn 2014/52/EU (waarmee Richtlijn 2011/92/EU is gewijzigd). Dit betekent dat gekeken is naar de kenmerken van de activiteit, de locatie van de activiteit en de gevolgen van de activiteit voor het milieu. Het project is in zekere zin onomkeerbaar, maar heeft in vergelijking met de drempelwaarde van een stedelijk ontwikkelingsproject een relatief geringe omvang. Wanneer er geen 'belangrijke nadelige gevolgen' zijn voor het milieu, is het conform de wetgeving en de vigerende praktijk niet nodig om een volledige m.e.r.-procedure te doorlopen. Gezien de te verwachten effecten kan worden geconcludeerd dat het gezien de aard van de activiteit en de zorgvuldigheid waarmee het plan kan worden ingepast en gerealiseerd, is uitgesloten dat de activiteit belangrijke nadelige gevolgen met zich mee zal brengen voor het milieu. Omdat er geen sprake is van relevante effecten, zijn er geen redenen gezien die het doorlopen van een m.e.r.- procedure zinvol maken. Nadere analyse in een MER/m.e.r.-beoordeling is niet noodzakelijk. Op 1 november 2022 heeft het college van de gemeente Hoorn besloten dat er voor de herontwikkeling van de oude hockeyvelden aan de Nieuwe Steen geen milieueffectrapportage wordt opgesteld.

Dit besluit is als Bijlage 17 bijgevoegd.

65

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

66

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

Hoofdstuk 6 6.1

Juridische toelichting

Algemeen

Het beleid en de planuitgangspunten, zoals verwoord in de vorige hoofdstukken, hebben in de regels van dit bestemmingsplan hun juridische vertaling gekregen in de vorm van bestemmingen. Deze paragraaf bespreekt de juridische vormgeving van het bestemmingsplan. De Wet ruimtelijke ordening (Wro) bevat de regeling voor de opzet en de inhoud van een bestemmingsplan. In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is deze regeling verder uitgewerkt. Het bestemmingsplan bestaat uit: een verbeelding van het bestemmingsplangebied zowel analoog (bestaande uit een kaartblad, schaal 1:1.000 met bijbehorende legenda en verklaring) als digitaal, waarin alle bestemmingen van de gronden worden aangewezen; de regels waarin de bestemmingen worden beschreven en waarbij per bestemming het doel wordt of de doeleinden worden genoemd. Daarnaast is het bestemmingsplan voorzien van een toelichting, op grond van artikel 3.1.6 van het Bro is het verplicht om een bestemmingsplan te vergezellen met een toelichting. Deze toelichting geeft aan welke gedachte aan het plan ten grondslag ligt, wat de uitkomsten van verrichtte onderzoeken zijn, wat het resultaat is van de overleggen en tot slot doet het verslag van de georganiseerde inspraak bij het plan. Hiermee voldoet het bestemmingsplan aan alle vereisten die zijn opgenomen in de Wro en het Bro.

Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012. De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op een zelfde manier worden verbeeld. De SVBP 2012 is toegespitst op de regels die voorschrijven hoe bestemmingsplannen volgens de Wro en het Bro moeten worden gemaakt. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog. De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld volgens deze standaarden. Het bestemmingsplan met de daarbij behorende toelichting wordt langs elektronische weg vastgelegd en ook in die vorm vastgesteld, tegelijk met een analoge versie van het bestemmingsplan. Als de digitale en analoge versie tot interpretatieverschillen leiden, is de digitale versie leidend. Hieronder worden de aanwezige bestemmingsregels puntsgewijs besproken.

6.2

Toelichting op de bestemmingen

Groen Deze bestemming betreft het openbaar groen binnen het plangebied. Dit bevindt zich met name rondom de woongebouwen en het IKEC. Daarnaast vallen onder deze bestemming ook de paden voor langzaam verkeer en de aanlanding van de voetgangersbruggen bij het IKEC. Binnen deze bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. Maatschappelijk De bestemming 'Maatschappelijk' heeft betrekking op het IKEC, waarbinnen de volgende maatschappelijke voorzieningen zullen plaatsvinden: Speciaal basisonderwijs (inclusief jeugdzorginstelling) Kinderopvang Fysiotherapie Logopedie Sport Het IKEC mag uitsluitend binnen het bouwvlak worden gebouwd. Het is mogelijk om één berging per bouwvlak te realiseren, deze mag wel buiten het bouwvlak worden gebouwd.

67

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

Verkeer - Verblijf Deze bestemming ziet op de openbare weg welke het plangebied ontsluit. Daarnaast bevinden zich binnen deze bestemming de parkeervoorzieningen ten behoeve van de woongebouwen en het IKEC. Hierbinnen is het mogelijk om de parkeervoorzieningen (half)verdiept aan te leggen. Het plangebied bevat een fiets- en voetgangersontsluiting naar de Blokmergouw. Dit is tevens een calamiteitenontsluiting zoals aangeduid op de verbeelding. Binnen de bestemming mogen geen gebouwen worden gebouwd. Water De in het plangebied aanwezige waterlopen en -partijen, met daarbij behorende oevers en bouwwerken, vallen onder de bestemming ‘Water’. Binnen deze bestemming is het verboden om gebouwen te realiseren en bouwwerken die niet ten dienste staan van de waterhuishouding. Wonen - woongebouw De bestemming ‘Wonen-Woongebouw’ heeft betrekking op de gestapelde woningen in het plangebied. De maximale bouwhoogte van de woongebouwen en het maximum aantal wooneenheden is aangegeven op de verbeelding. Bergingen en garages zijn alleen in het woongebouw toegestaan. De gronden met deze bestemming mogen alleen worden gebruikt als dit in overeenstemming is met de bomennorm uit het Bomenbeleidsplan. Dit is uitgewerkt in een voorwaardelijke verplichting.

68

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

Hoofdstuk 7 7.1

Uitvoerbaarheid

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Participatie De planvorming rondom de Oude Hockeyvelden loopt al geruime tijd. Vanaf 2017 is gezocht naar een geschikte locatie voor het IKEC. Aan de hand van uitgebreide locatie-, verkeers- en parkeeronderzoeken is gebleken dat de Oude Hockeyvelden de meest geschikte locatie is. De raad heeft daarom op 15 juni 2021 besloten dat op de Oude Hockeyvelden het IKEC en 140 woningen kunnen worden gerealiseerd. Op 25 oktober 2021 is er een inloopavond georganiseerd. Tijdens deze avond zijn de eerste plannen voor de woningen en school gepresenteerd. De avond is heel goed bezocht. Van de avond is een participatieverslag opgesteld. Dit verslag is als Bijlage 18 toegevoegd. Tevens is er een reactie opgesteld waarin wordt ingegaan op de zorgen en wensen van omwonenden. Deze reactie is als Bijlage 19 bijgevoegd. Belangrijkste zorgpunten die uit de omgeving naar voren zijn gekomen betreffen het verkeer en het parkeren. Omwonenden geven aan dat de Nieuwe Steen en de kruisingen met de Blokmergouw als druk en onveilig worden ervaren en dat met het toevoegen van het programma deze situatie verder verslechterd. Daarnaast zijn er grote zorgen over het opheffen van de parkeerplaatsen die nu bij de Oude Hockeyvelden liggen (78 pp's) en het toevoegen van extra programma waardoor er nog meer parkeerplaatsen nodig zijn.

Goudappel Coffeng (5 januari 2021, Actualisatie verkeer en parkeren IKEC Hoorn) heeft onderzoek verricht naar het verkeer en parkeren in relatie tot het plan voor de woningen en het IKEC. Uit dit onderzoek is naar voren gekomen dat er 167 parkeerplaatsen voor het nieuwe programma moeten worden aangelegd. Dit is ingepast in het stedenbouwkundig plan. Het gemeentebestuur is zich bewust van de bestaande parkeerdruk rondom het gemeentehuis en bijvoorbeeld de Omringwinkel aan de Nieuwe Steen. De parkeerproblematiek rondom deze gebouwen wordt in een breder perspectief beoordeeld en hiervoor zal een apart voorstel worden voorbereid. In genoemd rapport van Goudappel Coffeng is ook een voorstel gedaan voor een veilige aansluiting van het plangebied op de Nieuwe Steen, zodat met name de ochtend drukte bij het brengen van schoolkinderen van het IKEC en woon-werkverkeer van nieuwe bewoners van de appartementen zorgvuldig kan worden afgewikkeld. Uit een geactualiseerde verkeersstudie van Goudappel Coffeng blijkt dat het omliggende verkeerstructuur de autonome groei en de toename van verkeer door het plan tot 2030 (planhorizon) goed kan verwerken. Ook blijkt dat van extra verkeer op de Nieuwe Steen aan de andere zijde van het spoor vrijwel geen sprake. Verkeer van en naar de Oude Hockeyvelden kiest vrijwel altijd een route via wijkontsluitingswegen, zoals de Blokmer- en Zwaagmergouw.

Bewoners van woningen in de directe omgeving hebben ook aangegeven zorgen te hebben over bezonning en privacy. Naar aanleiding van de bewonersavond is geschoven met de woongebouwen en zijn deze op grotere afstand geplaatst ten opzichte van de eengezinswoningen aan De Saffier. Tussen de woongebouwen, de sporthal van het IKEC en deze woningen zal de bestaande groene singel met bomen conform de wens van de bewoners behouden blijven. In paragraaf 3.1 en Bijlage 1 is ingegaan op de bezonning en schaduwwerking van de beoogde bebouwing. Op 23 november 2022 is een inloopavond georganiseerd. Tijdens de avond zijn panelen getoond van het

69

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

stedenbouwkundig plan voor de Oude Hockeyvelden en de tekeningen van het IKEC en de ruimte rondom het IKEC. Onderstaand is een samenvatting weergegeven van de geuite zorgen en opmerkingen nav de inloopavond. Bij de analyse van de ingekomen reacties is duidelijk dat de bewoners zich vooral zorgen maken over de afstand van de appartementencomplexen tot hun woningen aan de Saffier in relatie tot schaduwwerking en privacy. Tevens wordt vaak aangegeven dat men de appartementencomplexen te hoog vindt, mede omdat er teveel woningen in het gebied zouden moeten komen. Een bewoner heeft de moeite genomen om een aantal alternatieve indelingen voor het plan voor te stellen. Vooral bij bewoners van de Saffier, maar ook anderen hebben aangegeven dat er niet wordt geluisterd naar de zorgen van bewoners en dat bewoners meer betrokken zouden moeten worden bij de planvorming. Het weghalen van de ondergroei aan de randen van de sportvelden vinden de bewoners erg vervelend. Hierdoor is er minder privacy dan voorheen en meer zicht op de nieuwe wijk. Verzocht wordt om weer beplanting aan te brengen, bijvoorbeeld door de aanplant van knotwilgen langs de spoorlijn. Een aantal reacties zijn positief, dan gaat het met name over de groene opzet van het plan en het ontwerp van de school, tevens wordt een aantal keer aangegeven dat men niet tegen de komst van het IKEC of de bouw van woningen is.

Vanuit bewoners van de Schoener komt naar voren dat men behoefte heeft aan een geluidswal langs de Blokmergouw of meer groen, zodat daarmee het geluid en het zicht op de Blokmergouw wordt verminderd. Een bewoner heeft de moeite genomen om een aantal alternatieve voorstellen te doen voor de inrichting en ontsluiting van het plangebied. Er is er een reactie opgesteld waarin wordt ingegaan op de zorgen en wensen van omwonenden. Deze reactie is als Bijlage 20 bijgevoegd. Voor het planvoornemen is een Beeldkwaliteitsplan opgesteld. Dit plan geeft veel informatie over de architectonische kwaliteit van de bebouwing, maar ook over de inrichting van de openbare ruimte. Het beeldkwaliteitsplan zal worden besproken met de omgeving en andere belanghebbende en daar waar mogelijk worden deze verwerkt. Overleg ingevolge artikel 3.1.1 Bro Het overleg moet nog plaatsvinden. Na afronding van het overleg zullen de uitkomsten verwerkt worden.

7.2

Economische uitvoerbaarheid

De bouw van het IKEC wordt gefinancierd uit de reserve onderwijshuisvesting en algemene middelen in de begroting (ruimtevrager). De raad heeft op 15 juni 2021 besloten over de dekking voor de bouw van het IKEC. De hoogte van de investering is opgenomen in de financiële businesscase. De raad heeft besloten om deze businesscase geheim te houden, tot na de aanbesteding voor de bouw van het IKEC. Voor de destijds (juni 2021) verwachte kosten is hiermee voldoende dekking. De huidige ontwikkelingen en stijgende prijzen in de bouwsector, leiden tot hogere kosten. Dit geldt zowel voor de bouw van het IKEC als voor het bouwrijp maken van de grond. De verwachte kostentoename wordt aan de raad voorgelegd via de Begroting 2023. De planning is om in het eerste halfjaar van 2023 het beschikbaar stellen van het investerings-/bouwkrediet aan de raad voor te leggen.

70

bestemmingsplan oude hockeyvelden Nieuwe Steen

71

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hoorn&id=9948e14f-d8be-48bc-86ae-b90bad84dada