CConstaterende datHoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Contourennota Omgevingsvisie Hoorn

Algemene Raadscommissie - Raadzaal 10 juni 2021, gemeente HoornBij agendapunt: Omgevingsvisie: meningvormende bespreking over de contourennota (wethouder Helling)12.808 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

legenda

Week van de Omgevingsvisie

‘Zonder groen kun je niet leven!’

verdeling is gebaseerd op de lokale omstandigheden in de bodem waaruit blijkt dat er een (zeer) goede potentie voor geothermie is, de aanwezigheid van de grote hoeveelheid oppervlaktewater dat kan dienen als warmtebron en de type bebouwing in Hoorn. » Klimaatbestendige woonomgeving (waterveiligheid, droogte, hittestress). Versterken van de groenstructuur en vergroten van biodiversiteit (en ook inwoners hiervan bewust maken). Verminderen versteend oppervlak door vergroening en vergroten van waterbergend vermogen.

‘Hoorn heeft mooie parken, maar van park naar park lopen is lastig. Realiseer doorlooproutes met conflictvrije kruisingen.’

10. Veilige stad

Trends en ontwikkelingen • Ondermijnende activiteiten • Geweld, vernielingen en inbraken in afgelopen jaren flink gedaald. Inzetten om deze positieve lijn voort te zetten. • Mogelijke risico’s t.a.v. de energietransitie vroegtijdig agenderen. • Klimaatverandering en mogelijk wateroverlast.

• We zien een verschuiving van zichtbare en enkelvoudige problemen naar meer onzichtbare en meervoudige veiligheidsproblemen.

Opgaven • Aanpak ondermijnende activiteiten. Met name havengebied aandachtspunt. • Zaak om bij wijkvernieuwing rekening te houden met de invloed die de fysieke omgeving heeft op de objectieve (en subjectieve) veiligheid. Denk aan zichtlijnen, voldoende belichting. • Een goed verlichte stad. • Van externe veiligheid naar omgevingsveiligheid in de Omgevingswet; aandachtsgebieden aanwijzen.

• Toezicht en handhaving mee laten groeien met het ‘Meer stad worden‘ • Waterveiligheid garanderen. • Overlastlocaties aanpakken

Bestaande beleidsuitspraken • Kersenboogerd: aanpak onveiligheid centrumgebied Kersenboogerd vormgegeven in ‘programma Kansen voor Kersenboogerd’ – brede, wijkgerichte aanpak • De komende jaren investeren we in de aanpak van woonadresfraude. • Overlastlocaties brengen we in beeld met Intermaris, wijkagent, jongerenwerk en onze BOA’s. We stellen een gezamenlijk plan van aanpak op en treden direct op. Doel is om de overlast zo snel mogelijk in te dammen.

• Als wijken zich kenmerken door een bepaalde stedenbouwkundige opzet, is het zaak bij wijkvernieuwing rekening te houden met de invloed die de fysieke omgeving heeft op de objectieve veiligheid (denk aan heldere zichtlijnen in een straat zodat daders niet gemakkelijk uit het zicht kunnen vluchten).

Kansen en zorgen • De verbinding tussen het veiligheids- en het sociaal domein wordt steeds intensiever, zoals in de Persoonsgerichte Aanpak, de GGZ problematiek en vroeg signalering. Het zwaartepunt in de aanpak is het bieden van zorg en ondersteuning. • Veiligere inrichting door stadsvernieuwing: bij bouwen van woningen of herinrichten van gebieden kan winst gehaald worden met betrekking tot veiligheid. Bijvoorbeeld heldere zichtlijnen, voldoende openbare verlichting, geen openbare portieken, etc.

• Bij ‘Meer stad worden’, hoort ook de ontwikkeling naar meer stedelijke veiligheidsproblemen. Zoals overlast, ondermijning, criminaliteit, inbraken, etc. • De politiecapaciteit zal niet (direct) meegroeien.

legenda

Week van de Omgevingsvisie • Nieuwe energievormen als geothermie en waterstof hebben specifieke veiligheidsrisico’s (Veiligheidsregio) • De fysieke veiligheid is op dit moment goed op orde en het is zaak om dat zo te houden (Veiligheidsregio) • Ruimte voor jongeren om zich te ontplooien. De veiligheid in de Kersenboogaard is ook terug te herleiden naar verveling.

• Meer 30 kilometerzones; op veel plekken in Hoorn wordt er te hard gereden; binnenstad, Willemsweg, Oude Doelenkade en Koepoortsweg.

‘De fysieke veiligheid is nu op orde, maar door de energietransitie en de verdichtingsopgave staat deze onder druk. Onze gezamenlijke taak is dit niet te laten gebeuren!’ (Veiligheidsregio) ‘Er mag best betere verlichting komen in achtersteegjes. Het is best donker in de nacht.’

11. Overzicht resultaten participatie Proces

Top 3 - Voor een Mooie Stad

In de afgelopen periode zijn de hoofdopgaven voor Hoorn en deze contourennota besproken met de stad. Daarbij hebben inwoners, ondernemers, lokale en regionale ketenpartners en maatschappelijke organisaties tijdens verschillende participatiemomenten de mogelijkheid gehad om mee te denken over de inhoud.

Via het forum ‘Voor een mooie stad’ was er de mogelijkheid om aan te geven wat men waardevol acht in Hoorn en waar nog behoefte aan is. Hiervan hebben 47 mensen gebruik gemaakt. Enkele ideeën kwamen overeen en zijn samengevoegd, zodat er 37 unieke ideeën overbleven. Op deze ideeën is in totaal 394 keer gestemd.

• Met de regionale ketenpartners van Hoorn , Provincie NoordHolland, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, PWN, GGD, Veiligheidsregio Noord-Holland Noord en Omgevingsdienst Noord-Holland Noord is op 7 april het gesprek over de contourennota gevoerd. • Twee avonden is er het gesprek gevoerd met de inwoners van Hoorn, op 6 en op 14 april 2021. In totaal hebben ongeveer negentig bewoners meegedaan aan deze digitale gesprekken. • Met het maatschappelijk middenveld (organisaties, instanties en verenigingen) en bedrijven en ondernemers is het gesprek gevoerd in de avonden op 20 en 21 april 2021. Ongeveer dertig partijen hebben actief aan deze gesprekken deelgenomen.

Op de gemeentewebsite was er de mogelijkheid een enquête in te vullen met vragen over de toekomst van Hoorn. 439 mensen hebben gebruik gemaakt van deze mogelijkheid en de enquête ingevuld. Daarnaast hebben we van onder andere Prorail, Provincie Noord-Holland en Oud-Hoorn aanvullende reacties ontvangen. Op basis van deze reacties, gesprekken en de resultaten van de enquêtes is deze contourennota verder verrijkt en aangescherpt. Het heeft ook veel input voor de volgende stap (het opstellen van de omgevingsvisie) opgeleverd.

Stellingen en resultaten Enquête 1. Met nieuwe woonmilieus zoals collectief wonen in het groen en relaxte stedelijkheid kunnen we jongeren en jonge gezinnen vasthouden en aantrekken in de Totaal gemeente Hoorn.

2. Het is belangrijk om hogere gebouwen objectief te beoordelen op valwinden, zichtlijnen, schaduw e.d.

Totaal

Helemaal niet mee eens 15

Helemaal niet mee eens 7

Enigszins niet mee eens

Enigszins niet mee eens 11

19

Neutraal/geen mening

83

Totaal

Enigszins mee eens Helemaal mee eens 50

100

150

Totaal 78

8. In de binnenstad moet er meer ruimte komen voor de voetganger en de fietser, zodat de verblijfskwaliteit Totaal toeneemt.

50

100

150

200

250

300

350

9. Het openbaar vervoer in Hoorn moet sterk worden verbeterd: meer of langere treinen naar Amsterdam en betere busverbindingen. Totaal

Neutraal/geen mening

0

50

100

150

200

250

300

0

50

29

100

33

Totaal 188

Helemaal mee eens 150

200

250

50

100

150

200

50

96

0

50

100

150

200

Enigszins niet mee eens 11

Enigszins niet mee eens

32

Neutraal/geen mening

41

100

150

200

Enigszins mee eens

159

Helemaal mee eens

0

Totaal

50

100

150

200

250

0

300

50

Neutraal/geen mening

Totaal

Neutraal/geen mening

150

200

250

250

Totaal 104

Helemaal mee eens

272 100

200

69

Enigszins mee eens

110

50

150

Totaal

38

0

100

14. Afval moet veel beter worden gescheiden, zodat veel meer materialen kunnen worden hergebruikt.

32

Helemaal niet mee eens Helemaal mee eens 200

200

Enigszins niet mee eens

147

150

150

Enigszins niet mee eens 14

Enigszins niet mee eens Enigszins mee eens

100

100

218

32

82

60

Helemaal mee eens

277 50

Totaal 116

Helemaal niet mee eens

Enigszins mee eens

50

Enigszins mee eens

123

Helemaal niet mee eens 5

72

0

Totaal

13. Er moet meer ruimte komen voor groen en water, zodat we beter kunnen inspelen op de klimaatverandering. Totaal

Enigszins mee eens Neutraal/geen mening Neutraal/geen mening

34

27

0

Neutraal/geen mening

Helemaal mee eens

110 0

155

Enigszins niet mee eens

79

Enigszins mee eens 232

0

39

Neutraal/geen mening

Helemaal mee eens

250

Enigszins niet mee eens Helemaal mee eens

32

264

200

32

Helemaal mee eens

120

34

Neutraal/geen mening

117

150

Helemaal niet mee eens

Enigszins mee eens

146

Helemaal mee eens

189

Helemaal niet mee eens 1

Neutraal/geen mening

Totaal

Helemaal niet mee eens

Enigszins niet mee eens

Helemaal mee eens

100

117

Enigszins mee eens

159

Helemaal mee eens

Neutraal/geen mening

Helemaal niet mee eens

Enigszins niet mee eens 9

Enigszins mee eens

Totaal

12. We moeten haast maken met duurzame energie: overal zonnepanelen op de daken en zo snel mogelijk de mogelijkheden van geothermie Totaal(aardwarmte) benutten.

29

99

56

45

11. Ik voel mij lang niet altijd veilig in mijn eigen woonomgeving en durf bijvoorbeeld ’s avonds niet meer naar buiten. Totaal

Enigszins niet mee eens

Totaal

Neutraal/geen mening

Enigszins niet mee eens

10. Er zijn in Hoorn (of in de directe omgeving) voldoende plekken waar ik lekker kan wandelen, fietsen, sporten of relaxen. Totaal Helemaal niet mee eens

74

50

27

7. Door een forse groei van het aantal inwoners (‘meer stad worden’) moeten we anders omgaan met mobiliteit, lees: meer inzetten op faciliteren van langzaam verkeer, minder Totaalop de auto.

Totaal

Helemaal niet mee eens 11

Enigszins mee eens 204

0

Helemaal niet mee eens 7

Enigszins mee eens

117

Helemaal mee eens

Helemaal niet mee eens 15

Totaal

Totaal

6. Hoorn moet zijn troeven veel beter uitspelen: met de historische kwaliteiten en de ligging aan het water heeft Hoorn goud in handen.

Totaal

8

Enigszins niet mee eens

45

Enigszins mee eens 315

Helemaal niet mee eens

25

Neutraal/geen mening

5. Hoorn moet inzetten op nieuwe vormen van werkgelegenheid: minder productie en logistiek, meer hoogwaardige werkgelegenheid (kenniseconomie).

Totaal

48

Enigszins niet mee eens

28

0

200

4. Het nieuwe stadsstrand zal een enorme impuls betekenen voor de economie van Hoorn, vooral op het gebied van toerisme, recreatie en horeca.

Totaal Helemaal niet mee eens

Helemaal mee eens

166 0

Neutraal/geen mening Enigszins mee eens

156

3. Hoe hoger een gebouw, hoe belangrijker de vormgeving.

202 0

300

50

100

150

200

250

Totaal 75 jaar en ouder

9

65 tot 75 jaar

120

55 tot 65 jaar

96

45 tot 55 jaar

85

35 tot 45 jaar 25 tot 35 jaar

44

18 tot 25 jaar

* Verdeling leeftijdscategorieën respondenten

Totaal

65 19

jonger dan 18 jaar 1 0

20

40

60

80

100

120

140

12. Conclusie en bespreekpunten Reflectie en conclusie Een Omgevingsvisie is vormvrij. De gemeenteraad heeft dus iets te kiezen, onder meer ten aanzien van het type omgevingsbeleid en de sturingsfilosofie. Bijvoorbeeld:

Wil de raad meer op kwalitatieve doelen sturen of meer vanuit kwantitatieve regels? En op welke schaal en op welk detailniveau dan? En voor welke thema’s kiest de raad voor welke uitgangspunten? De Omgevingsvisie moet uiteindelijk antwoord geven op dit soort vragen. De inhoudelijke basis voor de Omgevingsvisie is het raadsbesluit ‘Meer stad worden’ en het beleid dat op basis daarvan is of wordt vastgesteld, zoals de Woonvisie, de Mobiliteitsvisie, de Intensiveringsopgave en Hoogbouwvisie en de plannen voor de Poort van Hoorn. Dat heeft de raad bepaald met het besluit van 8 december 2020 (Kadernotitie Omgevingsvisie Hoorn). Ook ander recent vastgesteld beleid – op het gebied van bijvoorbeeld duurzaamheid (zoals de Regionale Energie Strategie), economie en het sociaal domein – wordt in principe niet ter discussie gesteld.

Een inventarisatie van al deze beleidsuitspraken is opgenomen in de contourennota. Deze contourennota bevat als het ware de bouwstenen voor de uiteindelijke Omgevingsvisie. Binnen die bestaande kaders valt er echter nog genoeg te kiezen. Ambtelijke gesprekken en vooral het gesprek met de stad hebben enkele bespreekpunten opgeleverd, die het college graag meningvormend aan de algemene raadscommissie wil voorleggen. De richtinggevende uitspraken van de raadscommissie worden vervolgens gebruikt voor het opstellen van de Omgevingsvisie. Het concept daarvan zal in het najaar van 2021 ter inzage worden gelegd, waarna de Omgevingsvisie ter vaststelling aan de raad zal worden aangeboden. In het onderstaande worden de vragen en bespreekpunten achtereenvolgens gepresenteerd en op hoofdlijnen toegelicht. Bij de bespreekpunten wordt de aanleiding, de achtergrond en een aantal keuzeopties toegelicht. Vraag A draait om de kernkwaliteiten. B1-6 hebben grotendeels te maken met de uitwerking van ‘Meer stad worden’ en vraag C is een algemene open vraag.

Bespreekpunten Vraag A – Wat zijn volgens de raadscommissie de drie belangrijkste kernkwaliteiten van Hoorn?

Bespreekpunt B.2 – Welke mate van functiemenging wil de raadscommissie?

De bedoeling is dat de raad door middel van de Omgevingsvisie meer gaat sturen op kwalitatieve doelen. Dan is het van belang om een gedeeld beeld te hebben van de kernkwaliteiten van Hoorn. Het benoemen en vastleggen van deze kernkwaliteiten kan hierbij helpen. In de contourennota wordt hiervoor een aanzet gegeven. Het college vraagt de raadscommissie om de drie belangrijkste kernkwaliteiten te benoemen.

Hoorn wil meer stad worden en daarom worden de komende jaren nieuwe gemengde woon- en werk-omgevingen ontwikkeld met ruimte voor duizenden nieuwe woningen én banen. Het gaat hierbij voor een deel om een ander soort banen met een ander soort huisvesting. Het gaat bijvoorbeeld om kleine kantoor-ruimtes voor nieuwe bedrijfjes in media en informatietechnologie. Of om bedrijfsruimten voor ambachtelijke bierbrouwers, koffiebranders of meubelmakers. Of om het mogelijk maken van innovatie of groei van succesvolle ondernemers. Veel economische activiteiten zijn met woningen te combineren, maar sommige ook niet. Zoals ook is opgehaald in de stadsgesprekken en bij het opstellen van de contourennota: op bepaalde bedrijventerreinen is nu eenmaal (milieu)ruimte nodig voor een goede bedrijfsvoering.

Bespreekpunt B.1 – Welk type levendigheid (‘reuring’) wil de raadscommissie? Hoorn wil meer stad worden. De komende jaren worden nieuwe gemengde woon- en werkomgevingen ont-wikkeld, zodat Hoorn aantrekkelijker wordt voor jongeren en jonge gezinnen. Het levendiger maken van de stad met plekken waar ruimte is voor ‘reuring’ voor jong en oud is van groot belang. Op het platform ‘Voor een mooie stad’ (zie ook hieronder bij Maatschappelijk draagvlak) kreeg het idee om ‘plekken te creëren voor jongeren om zich in het weekend en op vrije uurtjes te vermaken zonder overlast voor de buurten te veroorzaken’ veel stemmen. Deze behoefte kwam ook naar voren tijdens de stadsgesprekken. Daarnaast zal de komende decennia nog steeds sprake zijn van een groei van het aantal bezoekers, ho-recabedrijven en evenementen. Deze groei kan zorgen voor meer levendigheid en gezelligheid in de stad, maar heeft ook een keerzijde. Meer ‘reuring’ kan gevolgen hebben voor de eveneens gewaardeerde rust en leefbaarheid. Die tegengeluiden komen ook uit de stadsgesprekken naar voren. Er is bijvoorbeeld be-perkt draagvlak voor groei van evenementen met veel geluid in de binnenstad. Voor dit soort evenementen kan ook worden gekeken naar locaties buiten de binnenstad, maar dat past wellicht niet in het beleid of stuit ook daar op tegenstand van omwonenden.

Dat geldt ook voor andere vormen van ‘reuring’, zoals horeca of winkels. Ruimte voor functiemenging is daarom een belangrijk aandachtspunt: is functiemenging alleen mogelijk in de binnenstad of ook in een groter gebied? De (gewenste) mate van levendigheid kan per gebied nog al eens verschillen en belangen zijn hierbij niet altijd met elkaar te verenigen. De raad moet dus keuzes maken ten aanzien van de balans tussen levendigheid en leefbaarheid. Zo is het denkbaar dat in de 1.200-meterzones rondom de stations meer ruimte komt voor levendigheid, in de vorm van evenementen, horeca, detailhandel en bedrijfsruimten. Ook is het denkbaar dat er in de bin-nenstad (nog) meer ruimte komt voor kleinschalige evenementen en ambachtelijke (maar milieubelastende) activiteiten. Of dat er (nog) meer ruimte op het stadsstrand komt voor evenementen en horeca. Het college is benieuwd in hoeverre de raadscommissie ‘reuring’ wil beperken of juist mogelijk wil maken.

Momenteel is het beleid meer gericht op het concentreren van winkels en horeca dan op het spreiden ervan. Dat beperkt de mogelijkheden voor functiemenging en wisselwerking tussen activiteiten. Redenen daarvoor zijn bijvoorbeeld het beperken van leegstand van winkelruimte of het beperken van overlast voor bewoners. Maar toekomstig gebruik laat zich lastig vooraf sturen, zeker in gemengde woon- en werkomgevingen in en rond de binnenstad (in de 1.200-meterzone). Daar is behoefte aan andere typen werkmilieus en nieuwe levendige woongebieden met bijbehorende voorzieningen. Daarom is het wellicht gewenst (of zelfs nodig) om het bestaande beleid (deels) te herzien, meer los te laten en meer ruimte te bieden aan functiemenging. Bijvoorbeeld: meer ruimte voor horeca aan het water, meer ruimte voor bedrijvigheid in woonwijken of flexibele bestemmingen (en dus complete functiemenging) in de 1.200-meterzone rond het station. In welke mate functiemenging mogelijk is, hangt samen met de kaders en prioriteiten die uiteindelijk in de Omgevingsvisie worden gesteld voor de diverse gebieden. Per gebied kan bijvoorbeeld worden bepaald in hoeverre er ruimte is voor economische ontwikkeling of levendigheid, hoeveel flexibiliteit er is in de ge-biedsontwikkeling of in welke mate milieubelasting (geur, geluid, luchtkwaliteit) acceptabel is.

Met andere woorden: welke mate van functiemenging wordt per gebied toegestaan? Bij die verschillende gebieden kan worden gedacht aan de binnenstad, de levendige stadswijken binnen de 1.200-meterzone rond het station en de woonwijken buiten die zone.

Bespreekpunt B.3 – Welke kaders voor gebiedsontwikkeling wil de raadscommissie meegeven?

Bespreekpunt B.5 – Welke kansen ziet de raadscommissie voor verdere vergroening van de stad?

In de eerste twee bespreekpunten ging het over het mengen van functies en over ruimte voor ‘reuring’ – of-tewel om ruimte voor ontwikkeling. In de Omgevingswet gaat het echter niet alleen om ‘ruimte voor ontwik-keling’, maar ook om ‘waarborgen voor kwaliteit’. De kwalitatieve kaders die in de Omgevingsvisie worden gesteld, zijn van grote invloed op de toekomst. Zoals Marcus Aurelius ooit zei: ‘Wat we nu doen, echoot in de eeuwigheid’. De grote en snelle groei die Hoorn heeft meegemaakt in de jaren ’70 en ’80 van de vorige eeuw heeft bijvoorbeeld grote gevolgen gehad voor de stad van nu: een bovengemiddelde vergrijzing en een eenzijdige samenstelling van de woningvoorraad. Zo zullen ook de keuzes van nu lang doorwerken. Dat kan natuurlijk ook in positieve zin: de karakteristieke historische binnenstad is nu nog steeds aantrekkelijk voor bewoners, bezoekers en ondernemers. Als nu de juiste (kwalitatieve) kaders worden gesteld voor gebiedsontwikkeling, dan heeft de stad daar nog vele jaren – en misschien wel eeuwen – profijt van.

Groen in de stad heeft vele voordelen. De universiteit van Wageningen heeft dit onderzocht en onder-scheidt zeven voordelen: • groen vermindert de kans op wateroverlast; • groen verkoelt de stad in de zomer; • groen draagt bij aan een betere gezondheid en een hoger welzijn; • groen draagt bij aan sociale cohesie; • groen zorgt voor een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven; • groen zorgt voor biodiversiteit; • groen verhoogt de waarde van huizen en kantoren. De gemeenteraad heeft de waarde van groen in de stad onderkend en heeft recent de Groenvisie vastge-steld. Uit de stadsgesprekken en uit de enquête blijkt een groot draagvlak voor verdere vergroening. Het bestaande groen wordt hoog gewaardeerd. Met name het Julianapark krijgt veel waardering op de website ‘Voor een mooie stad’ en in de stadsgesprekken is gepleit voor meer groen in tuinen en in de openbare ruimte (straten en pleinen). Daarmee ligt de verantwoordelijkheid voor het groen niet meer alleen bij de gemeente, maar ook bij bewoners en bedrijven.

Uit de stadsgesprekken en de enquête zijn veel tips en aanbevelingen naar voren gekomen voor toe-komstige gebiedsontwikkeling. Zo is de overgrote meerderheid van de deelnemers aan de enquête het eens met de stelling dat er meer ruimte moet komen voor groen en water. Ook vindt een ruime meerder-heid dat bij nieuwbouw hoge eisen moeten worden gesteld aan duurzaamheid en dat met ‘collectief wonen in het groen’ en ‘relaxte stedelijkheid’ jongeren en jonge gezinnen kunnen worden aangetrokken of vast-gehouden. Tegelijkertijd zijn er zorgen om de stijgende prijzen van bestaande en nieuwe koopwoningen, lange wachtlijsten voor huurwoningen en een toenemende ongelijkheid tussen sociaaleconomische klas-sen. Het stellen van kwalitatieve eisen aan gebiedsontwikkelingen heeft wellicht een keerzijde: als die eisen te ver worden opgevoerd, kan de betaalbaarheid – en daarmee de bereikbaarheid voor bepaalde bevolkingsgroepen – onder druk komen te staan. Het doel is daarom het ontwikkelen van woon- en werkgebieden met voldoende kwaliteit, zodat de stad hier ook in de (verre) toekomst nog profijt van heeft. Kwaliteit heeft daarbij niet alleen betrekking op stedenbouw en architectuur (binnen- en buitenkant van de woning), maar ook op bijvoorbeeld biodiversiteit, klimaatadaptatie (water en groen), energie, gezondheid, circulariteit, sociale gelijkheid (inclusiviteit) en veiligheid.

Tegelijkertijd is het van belang om op korte termijn voldoende betaalbare woningen en bedrijfs-ruimte te produceren en daarom ontwikkelingen niet onmogelijk te maken met te hoge eisen. De vraag is dus: welke (kwalitatieve) kaders vindt de raadscommissie van belang bij gebiedsontwikkeling en welk ambitieniveau wil zij daarbij nastreven?

Bespreekpunt B.4 – Op wat voor type economische ontwikkeling wil de raadscommissie inzetten? Sinds het begin van deze eeuw zijn de ‘creatieve klasse’, diversiteit en levendigheid aandachtspunten bij de economische ontwikkeling van steden. Auteur Richard Florida heeft hier veel over geschreven en be-schrijft de creatieve klasse als de werknemers die in de creatieve en kenniseconomie (vooral met hun her-sens) werken aan nieuwe concepten, ideeën en kennis. Het centrale idee is: als je als stad deze klasse aan je weet te binden, leidt dit tot economische groei. Richard Florida haalt op zijn beurt inspiratie uit het werk van Jane Jacobs, een eerdere voorvechter van gemengde en levendige wijken. Diversiteit van eco-nomische activiteiten en het organiseren van spin-off van bestaande bedrijvigheid zijn volgens haar van belang om economisch te groeien. Dit sluit aan bij de stadsgesprekken die zijn gevoerd met bewoners en ondernemers. Daarin werd aanbevolen om met name bestaande bedrijven te stimuleren om te innoveren en uit te breiden. Dus: uitgaan van eigen kracht en daarop verder bouwen. Het gaat daarbij dan onder meer om logistiek, handel, zorg, informatietechnologie, media, bouw en nijverheid. Veel ‘nieuwe’ bedrijvigheid in sectoren als informatietechnologie en media, die behoren tot de kennis-economie, gedijen prima in gemengde stadswijken nabij de binnenstad.

Dat geldt ook voor sectoren als dienstverlening en zorg. Dat kunnen bestaande of nieuwe bedrijven uit Hoorn zijn, maar de 1.200-meter-zone rond het station is mogelijk ook interessant voor bedrijven van buiten Hoorn. Andere sectoren als logistiek, handel, bouw en nijverheid gedijen beter op grote bedrijventerreinen aan de rand van de stad, zoals ’t Zevenhuis. Daar is ook ruimte voor het aantrekken van grote bedrijven van elders, waarmee in één klap veel arbeidsplaatsen kunnen worden toegevoegd. Voor de Omgevingsvisie is het relevant om te weten op welk type economische ontwikkeling Hoorn wil in-zetten. Dus: gaat Hoorn zich vooral richten op de ontwikkeling van de kenniseconomie in en rond de bin-nenstad, door het creëren van ‘broedplaatsen’ voor de creatieve klasse, met ruimte voor allerlei start-ups en spin-offs? Of blijft Hoorn zich vooral richten op de klassieke sectoren (liefst arbeidsintensief met veel arbeidsplaatsen per hectare) als logistiek, handel en bouw, die vooral gedijen op bedrijventerreinen aan de rand van de stad? Of is het mogelijk om tegelijkertijd in te zetten op allebei? En in hoeverre gaat Hoorn zich inzetten (c.q. ruimte reserveren) voor het aantrekken van grote bedrijven van elders, bijvoorbeeld bedrijven waarvoor geen ruimte meer is in de regio Amsterdam?

Echter: de ruimte voor nieuw groen is beperkt en er moeten keuzes worden gemaakt. Hoorn wil immers meer stad worden, onder meer door duizenden woningen en arbeidsplaatsen toe te voegen, met bijbeho-rende voorzieningen. Is er dan nog ruimte voor nieuw groen, in de vorm van bijvoorbeeld een nieuw open-baar park? En gaat de gemeente per definitie dit nieuwe groen aanleggen of kan de verantwoordelijkheid daarvoor worden neergelegd bij ontwikkelende partijen? Of moet de aandacht meer worden gericht op de herinrichting van de bestaande openbare ruimte? Op dit moment is een groot deel van de openbare ruimte ingericht voor (geparkeerde) auto’s. Hier is in principe ruimte te winnen voor vergroening, maar die mogelijkheden zijn beperkt en zeker niet onomstreden – zowel in bestaande als in nieuwe wijken. Is het mogelijk om tegelijkertijd te vergroenen, te verstedelijken én voldoende ruimte te behouden voor mo-biliteit? Ja, in principe wel, maar niet zonder creatieve ideeën en alleen door de bestaande ruimte meer-voudig te gaan gebruiken. Mogelijkheden zijn bijvoorbeeld groene daken en/of gevels, groene en/of gestapelde parkeerplaatsen, collectieve woonvormen in het groen en andere creatieve ideeën.

Voor de keuzes in de Omgevingsvisie is het van belang welke rol de gemeente hierbij zelf oppakt, welke kaders worden meegegeven aan ontwikkelende partijen en welke verantwoordelijkheid wordt neergelegd bij de inwoners. Het college is benieuwd welke ideeën de raadscommissie hierover heeft.

Bespreekpunt B.6 – Hoe wil de raadscommissie sturen op gezondheid? Gezondheid is een belangrijk thema in de Omgevingswet. Maar in lijn met de ruimte voor maatwerk die door de wet geboden wordt, valt ook hier wat te kiezen voor de gemeenteraad. In de meest minimale va-riant bevat de Omgevingsvisie uitspraken omtrent gezondheidsbescherming. Om een voorbeeld te noe-men: kaders met betrekking tot geluidsbelasting van woningen nabij wegen. Daarnaast kan ook worden in-gezet op gezondheidsbevordering. Dat kan door de openbare ruimte zodanig in te richten dat dit bijdraagt aan de gezondheid van de inwoners. Denk daarbij bijvoorbeeld aan het ontwikkelen van groene openbare ruimte die uitnodigt tot bewegen (zie ook de Groenvisie). Hoge ambities voor gezondheidsbescherming en/of gezondheidsbevordering kunnen ook beperkingen opleveren voor andere activiteiten. Bijvoorbeeld: aanvullende eisen of beperkingen voor bouwen nabij wegen (of andersom voor nieuwe wegen nabij wo-ningen) en voor milieubelastende bedrijven. Bij gemeenten wordt tegenwoordig vaak gewerkt met het bredere perspectief van ‘positieve gezondheid’ (zie voor een nadere toelichting de contourennota). Vanuit Platform31 zijn de volgende drie strategieën geformuleerd om (positieve) gezondheid een plek te geven in ruimtelijk beleid: 1.

Stel gezondheid centraal: Dit betekent dat gezondheid een belangrijk politiek thema is en centraal staat in alle beleid en plannen. Gezondheid kent dan vaak een brede definitie. 2. Plaats één thema voorop: Dit kan bijvoorbeeld het thema luchtkwaliteit of overgewicht zijn. Allerlei beleid wordt in deze strategie gekoppeld aan dat specifieke gezondheidsdoel. 3. Koppel gezondheid mee met ruimtelijke ingrepen: Bij deze strategie sluiten gezondheidsdoelen aan op maatschappelijke en ruimtelijke opgaven, zoals klimaatadaptatie, energietransitie of mobiliteit. De raad hoeft niet per se te kiezen voor één strategie. Het is ook mogelijk om op meerdere sporen in te zet-ten. Voor de Omgevingsvisie is het wel van belang om samen van gedachten te wisselen over deze vra-gen: wil de raad (positieve) gezondheid centraal zetten, wil de raad meer op specifieke thema’s inzetten en/of wil de raad gezondheid koppelen aan andere opgaven? Met andere woorden: hoe wil de raad sturen op gezondheid?

Bespreekpunt 3. Welke ingrediënten wil de raadscommissie verder nog meegeven voor de Omgevingsvisie? Welke Algemene aandachtspunten wilt u voor het vervolg meegeven? Waar wenst u een verdieping op? Wat wilt u in ieder geval terugzien in de omgevingsvisie?

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hoorn&id=983143a3-9175-4b87-a3e0-338e3939c60a