CConstaterende datHoorn
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1.3 - Ontwerp bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied - Regels

Gemeenteraad 26 oktober 2021, gemeente HoornBij agendapunt: Ontwerpbestemmingsplan Stationsgebied (1889037)11.489 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Extra doorsteken

Naast de te realiseren doorsteken ter plaatse van de "specifieke bouwaanduiding - doorsteek" mogen in het plangebied in totaal twee extra doorsteken binnen een bestemmingsvlak met de bestemming 'Gemengd' of 'Wonen - Woongebouw' worden gerealiseerd, die elk een breedte hebben van ten minste 8 m.

45

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

46

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

Artikel 17 17.1 a.

b.

17.2

Algemene aanduidingsregels

Milieuzone - trillingshinder spoor Het bouwen van bouwwerken in de bestemming 'Gemengd' en 'Wonen - Woongebouw' is ter plaatse van de aanduiding 'Milieuzone - trillingshinder spoor' uitsluitend toegestaan wanneer minimaal uit een dynamische berekening van de trillingssterkte blijkt dat de streefwaarden voor 'Wonen nieuwe situatie', zoals bedoeld in Richtlijn deel B van Stichting Bouwresearch, niet worden overschreden. In afwijking van het bepaalde onder a is het bouwen van bouwwerken in de bestemming 'Gemengd' en 'Wonen - Woongebouw' ook toegestaan op voorwaarde dat alle doelmatige en kosteneffectieve maatregelen om de trillingssterkte te verminderen worden getroffen en uit een dynamische berekening blijkt dat tenminste de streefwaarden voor 'Wonen in bestaande situatie', zoals bedoeld in Richtlijn deel B vanStichting Bouwresearch, niet worden overschreden. Overige zone - GSI

Ter plaatse van de aanduiding 'Overige zone - GSI' mag het bebouwingspercentage van een bouwvlak niet meer bedragen dan is aangegeven ter plaatse van de aanduiding "maximum bebouwingspercentage (%)". 17.3

Overige zone - parkeren ondergronds

Op de gronden ter plaatse van de aandjuiding 'Overige zone - parkeren ondergronds' geldt, aanvullend op de ter plaatse geldende bestemmingen, dat de gronden tevens mogen worden gebruikt ten behoeve van ondergronds parkeren, met bijbehorende voorzieningen met dien verstande dat: a. 17.4

de bouwhoogte van bouwwerken beneden peil niet meer dan 5 m per bouwlaag mag bedragen. Overige zone - zoekgebied bouwhoogte

In afwijking van de aangegeven bouwhoogte ter plaatse van de aanduiding "maximum bouwhoogte (m)" mag de bouwhoogte van gebouwen: a.

b.

c.

17.5

ter plaatse van de aanduiding "overige zone - zoekgebied 19 m" niet meer dan 19 m bedragen, met dien verstande dat deze bouwhoogte in het zoekgebied is toegestaan tot maximaal het percentage dat is aangegeven ter plaatse van de aanduiding "bebouwingspercentage (%)", met dien verstande dat ter plaatse van de figuur 'relatie' het aangegeven bebouwingspercentage geldt voor beide aangepijlde delen van het zoekgebied tezamen; ter plaatse van de aanduiding "overige zone - zoekgebied 26 m" niet meer dan 26 m bedragen, met dien verstande dat deze bouwhoogte in het zoekgebied is toegestaan tot maximaal het percentage dat is aangegeven ter plaatse van de aanduiding "bebouwingspercentage (%)", met dien verstande dat ter plaatse van de figuur 'relatie' het aangegeven bebouwingspercentage geldt voor beide aangepijlde delen van het zoekgebied tezamen; ter plaatse van de aanduiding "overige zone - zoekgebied 38 m" niet meer dan 38 m bedragen, met dien verstande dat deze bouwhoogte in het zoekgebied is toegestaan tot maximaal het percentage dat is aangegeven ter plaatse van de aanduiding "bebouwingspercentage (%)". Overige zone - zoekgebied museum

Op de gronden ter plaatse van de aandjuiding "Overige zone - zoekgebied museum" geldt, aanvullend op de ter plaatse geldende bestemmingen, dat de gronden tevens mogen worden gebruikt ten behoeve van een stoomtrammuseum met bijbehorende voorzieningen en bedrijfsmatige activiteiten in de vorm van onderhoudswerkzaamheden, met dien verstande dat: a. b.

de bouwhoogte van gebouwen niet meer dan 11 m mag bedragen; de bouwhoogte van de overkapping niet meer dan 6,5 m mag bedragen.

47

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

17.6

Overige zone - zoekgebied openbaar vervoer

Op de gronden ter plaatse van de aanduiding "Overige zone - zoekgebied openbaar vervoer" geldt, aanvullend op de ter plaatse geldende bestemmingen, dat de gronden tevens gebruikt mogen worden ten behoeve van wachtruimtes en/of kapaanlandingen voor het openbaar vervoer, met dien verstande dat: c. 17.7

de bouwhoogte van overkappingen niet meer mag bedragen dan 20 m. Overige zone - zoekgebied podium en stationsfuncties

Op de gronden ter plaatse van de aanduiding "Overige zone - zoekgebied podium en stationsfuncties"geldt, aanvullend op de ter plaatse geldende bestemmingen, dat de gronden tevens gebruikt mogen worden ten behoeve van een verhoogde weg (loopbrug) met bijbehorende aanlandingen en stationsgerelateerde voorzieningen, alsmede spoorgebonden functies en voorzieningen zoals een relaishuis, met dien verstande dat: a.

b. c. d.

er maximaal 500 m2 stationgerelateerde en spoorgebonden voorzieningen, zoals voorzieningen ten behoeve van het openbaar vervoer, zoals een stationsrestauratie, detailhandel, dienstverlening, onderhoud en beheer mogen worden gerealiseerd; de bouwhoogte van de traverse ter plaatse van de overspanning van de sporen niet minder dan 8 m en niet meer dan 10 m mag bedragen, gemeten vanaf de bovenzijde spoorstaven tot onderzijde traverse; de bouwhoogte van het overkapte deel van de traverse niet meer mag bedragen dan 15 m, gemeten vanaf de bovenzijde spoorstaven; de dekbreedte van de traverse niet meer dan 10 m mag bedragen;

48

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

Artikel 18 18.1

Algemene gebruiksregels

Voorwaardelijke verplichting ecologisch onderzoek

Het is in strijd met dit bestemmingsplan om bestaande bebouwing te slopen en bomen met holtes te kappen, vóórdat aanvullend ecologisch onderzoek is gedaan naar de aanwezigheid van: verblijfplaatsen van vleermuizen in deze bebouwing en bomen en steenmarter in de bestaande bebouwing. De resultaten van dit onderzoek (eventueel in de vorm van mitigerende maatregelen en/of een Wnb-ontheffing) moeten vervolgens in acht worden genomen. 18.2

Strijdig gebruik

Tot een gebruik in strijd met dit bestemmingsplan wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijvingen, waaronder in ieder geval wordt begrepen: a.

b. c. d. e. f. 18.3

het gebruik van gronden en bouwwerken voor het houden van evenementen, met uitzondering van kortstondige, incidentele evenementen, festiviteiten en manifestaties met een laag hinderniveau en, indien daarvoor ingevolge een wettelijk voorschrift vergunning of ontheffing is vereist, deze is verleend; het gebruik van gronden als standplaats voor detailhandel indien niet is voldaan aan de uitgangspunten van de Beleidsregel standplaatsenbeleid Hoorn 2014; het storten van puin en afvalstoffen; het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van seksinrichtingen; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van smart- en growshops. Niet strijdig gebruik

Tot een strijdig gebruik met dit bestemmingsplan wordt niet gerekend: kleinschalige duurzame energiewinning.

49

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

50

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

Artikel 19 19.1

Algemene afwijkingsregels

Algemene afwijkingsregels

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeerssituatie, de milieusituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken, bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. b. c.

d.

e.

f.

g. h.

i.

19.2

de bij recht in het plan gegeven maten met ten hoogste 10%, voor zover dit voortvloeit uit meetverschillen of gewijzigde bouwregelgeving; de regels ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de bouwhoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot ten hoogste 10 m; de regels en toestaan dat gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen worden gebouwd, mits: 1. de bouwhoogte van een gebouw ten hoogste 3 m zal bedragen; 2. de oppervlakte van een gebouw ten hoogste 15 m² zal bedragen; de regels ten aanzien van de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde en toestaan dat antenne-installaties en daarmee gelijk te stellen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, op gebouwen worden geplaatst, mits: 1. de bouwhoogte van het betreffende bouwwerk, geen gebouw zijnde, ten hoogste 5 m gemeten vanaf de voet, mag bedragen; 2.

wordt voldaan aan het gemeentelijk beleid met betrekking tot zendmasten; de regels ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, en ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten, wordt vergroot tot ten hoogste 40 m, mits wordt voldaan aan het gemeentelijk beleid met betrekking tot zendmasten; de regels en toestaan dat een kleine windturbine wordt gebouwd waarvan de masthoogte niet meer mag bedragen dan 6 m, waarbij indien sprake is van een gebouwgebonden windturbine deze hoogte wordt gemeten vanaf het dak, en waarvan de rotor een oppervlakte beschrijft van maximaal 19,5 m² (een maximale rotordiameter van ongeveer 5 m); de regels en toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeerssituatie en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft; het gebruik van gronden en bouwwerken waardoor een parkeerbehoefte ontstaat waarmee niet wordt voldaan aan de regels voor het parkeren en laden&lossen zoals opgenomen in artikel 20, lid 20.2, met uitzondering van het bestaande gebruik waarbij minimaal de bestaande parkeervoorzieningen dienen te worden gehandhaafd, indien niet is voldaan aan de regels voor het parkeren en laden&lossen zoals opgenomen in artikel 20, lid

20.2; het bepaalde ten aanzien van de maximale (bouw)bouwhoogte van gebouwen en toestaan dat de (bouw)bouwhoogte van de gebouwen ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers en lichtkappen wordt vergroot, mits: 1. de maximale oppervlakte van de vergroting ten hoogste 10% van het betreffende bouwvlak zal bedragen; 2. de bouwhoogte leidt tot een bouwhoogte welke ten hoogste 1,25 maal de maximale (bouw)hoogte van het betreffende gebouw zal bedragen.

Wetgevingzone - afwijkingsgebied

Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeerssituatie, de milieusituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken, bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in: artikel 5 Gemengd en 11 Wonen - Woongebouw voor het overschrijden van het bouwvlak, met dien verstande dat de overschrijding beperkt blijft tot de margezone ter plaatse van de aanduiding "Wetgevingzone - afwijkingsgebied" en tevens voldaan wordt aan de beeldkwaliteitseisen. [p.m. bij vaststelling]

51

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

52

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

Artikel 20 20.1

Overige regels

Woningdifferentiatie

Binnen het plangebied dient te worden voldaan aan de volgende woningdifferentiatie: a.

b.

c.

20.2

minimaal 15% van het totaal aantal maximum toegestane wooneenheden in de categorie sociale koopwoningen conform het bepaalde in de Verordening doelgroepen sociale woningbouw en middenhuur gemeente Hoorn d.d. 6 juni 2019; minimaal 5% van het totaal aantal maximum toegestane wooneenheden in de categorie geliberaliseerde woning voor middenhuur laag conform het bepaalde in de Verordening doelgroepen sociale woningbouw en middenhuur gemeente Hoorn d.d. 6 juni 2019; minimaal 5% van het totaal aantal maximum toegestane wooneenheden in de categorie geliberaliseerde woning voor middenhuur hoog conform het bepaalde in de Verordening doelgroepen sociale woningbouw en middenhuur gemeente Hoorn d.d. 6 juni 2019. parkeren en laden&lossen

a.

Bij de verlening van: 1. een omgevingsvergunning voor het bouwen; en/of 2. een omgevingsvergunning voor een gebruiksverandering; en/of 3. een omgevingsvergunning voor het afwijken; dient, indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, ten behoeve van: een te verwachten behoefte aan het parkeren of stallen van auto's, (motor)fietsen en/of andere voertuigen krachtens een voorschrift verbonden aan de omgevingsvergunning in voldoende mate verzekerd te zijn dat voldoende parkeervoorzieningen zijn aangebracht in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort en dat deze parkeervoorzieningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden; een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn bvoorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort en dat deze laad- en losvoorzieningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden.

b.

Van voldoende mate van parkeervoorzieningen zoals bedoeld in sub a is sprake indien is voldaan aan een parkeernorm van 0,6 parkeerplaats per woning en voor de overige functies is voldaan aan de parkeernormen zoals opgenomen in het beleid 'Parkeernormennota Hoorn' zoals vastgesteld op 28 juni 2018 dan wel het vastgestelde parkeerbeleid zoals dat geldt op het tijdstip van indiening van de aanvraag als bedoeld in sub a voor het bouwen en/of voor een gebruiksverandering en/of afwijking of het uitwerken of het wijzigen. Van voldoende mate van laad- en losvoorzieningen voor het laden en lossen van goederen zoals bedoeld in sub a en/of sub b is sprake indien is voldaan aan de normen zoals opgenomen in het ASVV 2012 (uitgave van het CROW), dan wel het geldende ASVV 2012 (uitgave van het CROW) zoals dat geldt op het tijdstip van indiening van de aanvraag als bedoeld in sub a en/of sub b voor het bouwen en/of voor een gebruiksverandering en/of afwijking of het uitwerken of het wijzigen.

c.

d.

Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in sub a: 1. indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of 2. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeervoorzieningen en/of laad-en losvoorzieningen wordt voorzien.

e.

De afwijking als bedoeld in sub e kan uitsluitend worden toegepast, indien er door de aanvrager en naar oordeel van het bevoegd gezag is aangetoond dat:

53

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

1. 2. 3. 4.

geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de bereikbaarheid en verkeersveiligheid in de omgeving; en de parkeerdruk op de omgeving niet toeneemt; en de parkeerdruk op de omgeving niet wordt vergroot; en geen sprake is van een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat.

54

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

Hoofdstuk 4 Artikel 21 21.1 a.

b.

c.

21.2 a. b.

c. d.

Overgangs- en slotregels

Overgangsrecht

Overgangsrecht bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het gestelde in sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het eerste lid met maximaal 10%. Het bepaalde in sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. Overgangsrecht gebruik Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.

Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in sub a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in sub a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Het bepaalde in sub a is niet van toepassing op gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

55

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

56

bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied

Artikel 22

Slotregel

Deze regels worden aangehaald als: “Regels van het bestemmingsplan Poort van Hoorn - Stationsgebied".

57

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hoorn&id=3726482a-37b3-4457-a59d-7f8c3d68f53f