bijlage 1.12 Externe veiligheid 220404
Tekst van het document
Externe veiligheid herontwikkeling Keern 39 Hoorn
4 april 2022
Toelichting Inhoud: 1.
2.
Inleiding ........................................................................................................................................... 3 1.1
Planlocatie ............................................................................................................................... 3
1.2
Externe veiligheid .................................................................................................................... 4
Beleid ........................................................................................ Fout! Bladwijzer niet gedefinieerd. 2.1
3.
Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt) ................................................................... 4
Beoordeling planlocatie................................................................................................................... 5 3.1
Algemeen................................................................................................................................. 5
3.2
Plaatsgebonden risico ............................................................................................................. 5
3.3
Groepsrisico ............................................................................................................................. 5
3.4
Beperkte verantwoording ....................................................................................................... 5
1.
Inleiding
1.1
Planlocatie
Op de planlocatie aan de Keern 39 in Hoorn staat momenteel een bedrijfsgebouw van 2 bouwlagen met een kelder. Met uitzondering van de kelder, zal het bestaande bedrijfsgebouw worden gesloopt. Evenwijdig aan de Provincialeweg N506 zal een drielaags gebouw met 32 huurwoningen worden gerealiseerd. Voor het plangebied is externe veiligheid een relevant milieuaspect in verband met het vervoer van gevaarlijke stoffen over de Provincialeweg N506.
Planlocatie met 32 huurwoningen 3
Bron: TPAHG Architecten
1.2
Externe veiligheid
Externe veiligheid beschrijft de risico’s die ontstaan als gevolg van opslag of handelingen met gevaarlijke stoffen. Dit kan betrekking hebben op inrichtingen (bedrijven), transportroutes of buisleidingen. Rond de planlocatie zijn geen bedrijven of inrichtingen aanwezig waar handelingen met gevaarlijke stoffen worden uitgevoerd of buisleidingen waardoor transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Wel is aan de zuidzijde van de planlocatie de Provincialeweg N506 gelegen waarover transport van gevaarlijke stoffen plaatsvindt. Beoordeeld moet worden of het veilig is om woningen op de planlocatie te bouwen in verband met het transport van gevaarlijke stoffen over de Provincialeweg.
1.3
Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt)
Het beleid voor transportmodaliteiten staat beschreven in het Besluit externe veiligheid transportroutes (Bevt). Binnen het beleidskader voor externe veiligheid staan twee kernbegrippen centraal: het plaatsgebonden risico en het groepsrisico. Het plaatsgebonden risico (PR) gaat over de kans om op een bepaalde plaats te overlijden ten gevolge van een ongeval bij een risicovolle activiteit.
Het groepsrisico (GR) is een maat voor de kans dat bij een ongeval een groep slachtoffers valt met een bepaalde omvang. Het GR wordt bepaald binnen het invloedsgebied van een risicovolle activiteit. Dit invloedsgebied wordt doorgaans begrensd door de 1% letaliteitsgrens, ofwel door de afstand waarop nog 1% van de blootgestelde mensen in de omgeving komt te overlijden bij een calamiteit met gevaarlijke stoffen.
4
3.
Beoordeling planlocatie
3.1
Algemeen
De planlocatie bevindt zich binnen het invloedsgebied van de Provincialeweg N506, waarover gevaarlijke stoffen worden getransporteerd. De woningbouwlocatie ligt op ongeveer 28 meter vanaf de N506. Gezien de afmetingen van de huurwoningen en een kengetal van 1 persoon per 30 m² bvo wordt de personendichtheid voor 32 woningen ingeschat op 1 of 2 per woning (56 personen).
3.2
Plaatsgebonden risico
De planlocatie ligt op circa 25 meter vanaf de N506. Het plangebied ligt niet binnen de normcontour voor het plaatsgebonden risico en vormt daardoor geen belemmering voor het plan.
3.3
Groepsrisico
Voor het groepsrisico van de N506 dienen de vuistregels uit de bijlagen van het Hart (Handleiding risicoanalyses transportroutes, bijlage versie 1.2, 11 januari 2017) te worden toegepast. Voor het toepassen van de vuistregels kan uitgegaan worden van een weg binnen de bebouwde kom met tweezijdige bebouwing. Er is een verkeersprognose gemaakt tot 2022 en hieruit blijkt dat er getoetst moet worden met jaarlijks 197 transporten GF3 (brandbaar gas, maatgevende vervoersklasse). De huurwoningen zijn gelegen op een afstand van circa 28 meter tot aan de as van de weg. Bij een personendichtheid van 56 personen/hectare (32 appartementen met 1 of 2 personen) en meer dan 1240 GF3-transporten vindt er een overschrijding plaats van 10% van de oriëntatiewaarde. Met toepassing van de drempelwaardentabel 1-6 in het Hart kan worden geconcludeerd dat het groepsrisico minder dan 0,1 van de oriëntatiewaarde bedraagt voor de ontwikkeling van 32 huurwoningen. Dat wil zeggen dat een verantwoording van het groepsrisico niet aan de orde is. Opgemerkt wordt dat in de huidige situatie het pand een bedrijfsfunctie heeft en er qua personendichtheid weinig verschil is met een woning (30 m² bvo). Aangezien het transportaandeel overdag het grootst is, dragen aanwezigen in de dagperiode meer bij aan het groepsrisico dan in de nachtperiode.
Dit betekent concreet dat bij een wijziging van de bebouwing op de planlocatie naar huurwoningen, het groepsrisico juist zal afnemen.
3.4
Beperkte verantwoording
Voor het plan kan worden volstaan met een beperkte verantwoording en dient te worden gekeken naar de bestrijdbaarheid en zelfredzaamheid van bewoners. Over de ontwikkeling van het plan heeft overleg plaatsgevonden met Veiligheidsregio Noord-Holland Noord. Daarin zijn de maatregelen besproken die nodig zijn voor de ontwikkeling van het plan, zoals onder andere het compartimenteren van ruimtes, het realiseren van brandwerende muren, het aanbrengen van rookmelders, het toepassen van brandwerende en zelfsluitende deuren. Bij de ontwikkeling van het plan worden deze maatregelen toegepast. 5