Beantwoording technische vragen VVD - Programma Energietransitie 2023-2026
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen VVD Agendapunt 6.4 – Programma Energietransitie 2023 – 2026 Algemene raadscommissie 25 april 2023 Beste raadsleden, De heer Droste van VVD heeft op 24 april 2023 technische vragen gesteld over agendapunt 6.4 – Programma Energietransitie 2023-2026. Onderstaand treft u de vragen en beantwoording aan. Vragen 1) Wat is het exacte kader vanuit het Rijk voor de besteding van de extra beschikbaar gestelde rijksmiddelen? Onder klimaat- en energiebeleid valt beleid dat bijdraagt aan het behalen van de doelen uit de Klimaatwet. De Klimaatwet houdt in dat Nederland uiterlijk in 2050 klimaatneutraal wil zijn. Het doel voor 2030 in de Klimaatwet is om de uitstoot van C02 met minimaal 55% te verminderen. Onder de Klimaatwet, en dus ook de capaciteit decentrale overheden voor klimaat- en energiebeleid (CDOKE), valt niet het beleid gericht op reductie van fijnstof of stikstof. Ook kan de CDOKE niet worden ingezet voor beleid gericht op klimaatadaptatie of klimaatarmoede.
De uitkering wordt gebruikt voor de loonkosten die gemaakt worden voor de uitvoering van het klimaat- en energiebeleid in een van de volgende sectoren: Gebouwde omgeving Elektriciteit Mobiliteit Industrie Overig klimaat- en energiebeleid (sommige vormen van capaciteit, zoals een leidinggevende of een recruiter, vallen niet altijd onder één van de sectoren 2) Welke duurzaamheidssubsidies en leningen van de gemeente Hoorn kunnen gebruikt worden voor de energietransitie? In welke mate wordt daar gebruik van gemaakt? 1.
Verordening Duurzaamheidsleningen en Stimuleringlening VVE’s
De jaren 2019 t/m 2021 laten een stabiel aantal aanvragen zien. Dit zijn er ongeveer 65- 70. Het plafond van 1.250.000 wordt vanaf 2022 overschreden. In 2022 zien we bijna een verdubbeling van het aantal aanvragen en het gemiddeld te lenen bedrag.
2.
Subsidie Energiebesparende maatregelen particulieren woningeigenaren
Dit is een jaarlijkse subsidiepot van 100.000 euro die elke jaar volledig wordt ingezet. 3) In welke mate kunnen de rijksmiddelen gebruikt worden om gemeentelijke duurzaamheidssubsidies en leningen te verhogen? De middelen kunnen niet ingezet worden voor het verhogen van subsidie en leningen. Onderstaand een overzicht waaraan de middelen moeten worden ingezet, om een volledig beeld te geven. • de uitkering wordt voor minimaal 90% voor apparaatskosten ingezet. Deze kosten worden gemaakt voor de uitvoering van klimaat- en energiedoelen op het gebied van de eerder genoemde sectoren. Onder apparaatskosten vallen:salarissen en sociale lasten voor ambtelijk personeel (inclusief ondersteunende taken zoals HR, financiën en ICT);kosten voor ingeleend personeel;overige goederen en diensten, zoals het afnemen van technisch- of beleidsonderzoek, een onderzoeksopdracht, het inhuren van bijvoorbeeld een omgevingsdienst, het afnemen van juridische dienstverlening. • maximaal 10% van de uitkering mag gebruikt worden voor overige kosten die te maken hebben met de uitvoering van het klimaat- en energiebeleid. Denk hierbij aan materiële middelen en goederen en alle andere mogelijke uitgaven.
4) Waar kunnen inwoners en ondernemers een overzicht vinden van alle beschikbare subsidies en leningen van de gemeente Hoorn? De subsidieregeling en duurzaamheidslening staan op de gemeentesite van de gemeente Hoorn.