Beantwoording technische vragen HL Dementiebewuste stad
Tekst van het document
Technische vragen Hoorn Lokaal Agendapunt 5.1 Dementiebewuste stad Algemene raadscommissie dinsdag 15 april 2025 Beste raadsleden, Mevrouw Visser heeft op 9 april technische vragen gesteld over agendapunt 5.1 Dementiebewuste stad. Onderstaand treft u de vragen aan. Deze zijn gepubliceerd in IBabs. 1.
In de conclusie staat dat de doorverwijzing naar gemeentelijke voorzieningen beter moet. Om welke voorzieningen gaat het precies? Antwoord: Het betreft de verwijzing naar 1.Hoorn en het aanbod respijtvoorzieningen. Deze conclusie is in de afgelopen periode goed opgepakt wat geresulteerd heeft in meer bekendheid daarvan onder mensen dementie en hun mantelzorgers.
2.
Bij de argumentatie wordt genoemd dat er veel trainingen en voorlichtingsbijeenkomsten zijn georganiseerd voor onder andere sportclubs en winkeliers. Kunt u aangeven hoeveel sportclubs en winkeliers hier aan hebben deelgenomen? Antwoord: De training dementie is georganiseerd voor vrijwilligers en bestuurders van een grote voetbalclub en een schaakvereniging. Medewerkers van twee supermarkten en een bakkerij. Medewerkers van een makelaardij en een bank. Daarnaast voor de medewerkers van de wooncorporatie en onze maatschappelijke partners. De training is ook georganiseerd voor onze gemeentebestuur en medewerkers van onze gemeente die dagelijks in contact met onze inwoners staan. Daarnaast zijn vele voorlichtingsbijeenkomsten over dementie in alle wijkcentra en overige locaties waar mensen bij elkaar komen georganiseerd.
3.
In het rapport staat dat zorgvrijwilligers een belangrijk taak hebben bij het bereiken van doelgroepen, zoals mensen met een niet-westerse achtergrond. Zijn er daarnaast nog andere specifieke doelgroepen waarop de inzet van zorgvrijwilligers gericht is? Antwoord: Naast het bereiken van mensen met een migratieachtergrond behoort ook jongeren tot de doelgroep van zorgvrijwilligers. Het gaat hierbij in het bijzonder om jonge mantelzorgers van mensen met dementie
4.
Activiteit 1C: Passende zorg en ondersteuning via zorginstellingen De Zorgstandaard Dementie noemt bij fase 4 ‘nazorg’. Kunt u toelichten wat onder nazorg wordt verstaan en waaraan deze moet voldoen? Antwoord: De nazorg is gericht op mantelzorgers van mensen met dementie voor wie geen mantelzorg meer nodig is. Bijvoorbeeld door het overlijden van de zorgontvanger. De casemanager voert in voorkomende gevallen gesprekken met de mantelzorger. Doel van de gesprekken is terugkijken op het gehele proces en daarbij een analyse te maken of
psychologische hulp met worden ingezet bij rouwverwerking. Bij het gesprek is een arts en een psycholoog aanwezig.