Beantwoording technische vragen GL
Tekst van het document
Technische vragen GroenLinks Agendapunt 5.2 Beleidsplan Samen sterk in rondkomen, bouwen op wat werkt 2026 – 2030 Algemene raadscommissie dinsdag 18 november 2025 Beste raadsleden, Fractie GroenLinks heeft op 12 november 2025 technische vragen gesteld over agendapunt 5.2 Beleidsplan Samen sterk in rondkomen, bouwen op wat werkt 2026 – 2030. Onderstaand treft u de vragen aan. Deze zijn gepubliceerd in IBabs. 1.
Voorziet het beleidsplan erin dat per 1 januari 2026 wordt gestart met een gerichte aanpak voor arbeidsinschakeling van jongeren, zoals gedoogd door het kabinet? Zo nee, waarom is ervoor gekozen om dit niet op te nemen in het beleidsplan? Antwoord:
Het beleidsplan Samen sterk in rondkomen, bouwen op wat werkt 2026 – 2030 richt zich uitsluitend op inkomensondersteuning en schuldhulpverlening. Arbeidsinschakeling valt onder de verantwoordelijkheid van WerkSaam en is daarom niet opgenomen in dit beleidsplan. De samenhang borgen we via de reguliere afstemming met WerkSaam. WerkSaam voert de Participatiewet grotendeels voor ons uit en richt zich daarbij op het aan het werk helpen van inwoners, waaronder jongeren. WerkSaam neemt de landelijke verruiming voor jongeren tot 27 jaar vanaf 1 januari 2026 mee in de uitvoering. Dit staat beschreven in het beleidsplan van WerkSaam, waar u op 30 september 2025 uw zienswijze op heeft gegeven. 2.
Wordt de door het kabinet gedoogde verruiming van de bijverdiengrenzen voor jongeren tot 27 jaar, bedoeld om belemmeringen bij het verwerven van inkomen weg te nemen, meegenomen in de uitvoering van het beleidsplan? Zo nee, waarom niet en welke overwegingen liggen daaraan ten grondslag? Antwoord:
Het beleidsplan richt zich op inkomensondersteuning en schuldhulpverlening. De bijverdiengrenzen vallen onder de Participatiewet en behoren daarom niet tot dit beleidsplan. De verruiming van de bijverdiengrenzen voor jongeren tot 27 jaar is een landelijke maatregel binnen de Participatiewet in balans. De uitvoering ervan ligt bij WerkSaam. WerkSaam past deze verruiming toe zodra dit volgens de landelijke kaders mogelijk is. Dit is beschreven in het beleidsplan van WerkSaam. 3.
Hoe en met welke frequentie wordt de raad op de hoogte gesteld van de algemene armoedecijfers, de kinderarmoede en het gebruik van de armoederegelingen binnen Hoorn? Antwoord:
De raad wordt jaarlijks geïnformeerd via de reguliere Planning & Control-cyclus en via de jaarrapportage sociaal domein. Daarin rapporteren wij over het gebruik van de gemeentelijke inkomensregelingen en andere relevante indicatoren en ontwikkelingen. Ook de uitkomsten van beleidsevaluaties nemen wij hierin op. Wanneer er tussentijds afwijkingen of knelpunten zijn, informeren wij de raad afzonderlijk. Cijfers over kinderarmoede zijn beschikbaar via landelijke bronnen, zoals het CBS. Deze gegevens gebruiken wij wanneer ze relevant zijn voor de duiding van lokale ontwikkelingen, maar wij rapporteren hier niet structureel apart over. Naast deze landelijke cijfers is er ook openbare data beschikbaar, bijvoorbeeld via het CBS datasets over Armoede en Schulden. Deze geven inzicht in trends en vergelijkingen op regionaal en landelijk niveau.
4.
Worden de inwoners die gebruikmaken van de collectieve zorgverzekering volledig gecompenseerd via de nieuwe regeling rondom hoge zorgkosten? Zo nee, kunt u aangeven welk bedrag deze inwoners maandelijks gaan missen? Antwoord:
De nieuwe regeling hoge zorgkosten is bedoeld als vangnet voor inwoners met een laag inkomen die te maken hebben met noodzakelijke, maar niet vergoede zorgkosten. De regeling is niet bedoeld om het verschil in maandelijkse premie tussen de huidige collectieve zorgverzekering en een reguliere verzekering te compenseren. Het is dus geen premiecompensatie, maar een bescherming tegen hoge, onverwachte zorgkosten (een vorm van “onderverzekeringsrisico” voorkomen). Als de raad besluit de collectieve zorgverzekering per 1 januari 2027 te beëindigen, betalen inwoners hun zorgpremie vanaf dat moment volledig zelf. Hoeveel iemand per maand kwijt is, verschilt per persoon en hangt af van het gekozen pakket en de eigen zorgsituatie. Ter indicatie: binnen de huidige collectieve zorgverzekering ontvangen inwoners nu een gemeentelijke premiebijdrage van €20 of €30 per maand. Deze bijdrage vervalt dan. De nieuwe regeling is om te voorkomen dat inwoners opdraaien voor onverwachte noodzakelijke en niet vergoed zorgkosten, zodat zij niet in de problemen komen. 5.
In Amsterdam start een pilot met gratis kraamzorg voor gezinnen met geldzorgen in Zuidoost. Heeft het college een vergelijkbare maatregel overwogen bij het selecteren van pilots? Zo nee, staat het college positief tegenover het verder onderzoeken of een dergelijke maatregel in Hoorn haalbaar en wenselijk is? Antwoord:
Bij de keuze voor pilots hebben wij ons gericht op maatregelen die direct bijdragen aan het voorkomen en oplossen van geldzorgen, zoals de proef met sociaal raadslieden en het Jongeren Perspectief Fonds. Onze partners hebben meegedacht bij het opstellen van het beleidsplan en input geleverd. Een pilot met gratis kraamzorg is daarbij niet genoemd en is ook niet als behoefte vanuit de praktijk naar voren gekomen. Wanneer gezinnen financiële knelpunten ervaren rond kraamzorg, kunnen wij binnen de bestaande instrumenten: zoals de inkomensregelingen of de regeling hoge zorgkosten beoordelen welke ondersteuning passend en haalbaar is. Voor kraamzorg geldt nu al dat ouders in bepaalde situaties een eigen bijdrage betalen, waardoor maatwerk soms mogelijk is. Mocht in de toekomst blijken dat er wél signalen of knelpunten zijn rond toegankelijkheid van kraamzorg voor gezinnen met financiële problemen, dan kunnen we onderzoeken of aanvullende ondersteuning passend en haalbaar is.