Beantwoording technische vragen fractie Tonnaer
Tekst van het document
Beantwoording technische vragen fractie Tonnaer Agendapunt 5.3 Vaststellen bestemmingsplan Westerblokker achter 143 Algemene raadscommissie 12 november 2021
Beste raadsleden, De heer O. Egtberts van fractie Tonnaer heeft op 6 januari 2021 een technische vraag gesteld over het Vaststellen bestemmingsplan Westerblokker achter 143. Onderstaand treft u de vraag aan. Op het moment dat deze beantwoord is, wordt de vraag met het bij behorende antwoord gepubliceerd in Ibabs. Vraag Kunt u ons uitleggen waarom u op basis van de voorliggende stukken wel voorstelt om akkoord te gaan met bebouwing achter Westerblokker 143 en niet met bebouwing achter Bangert 16? In onze ogen betreft het namelijk gelijkwaardige situaties en we horen daarom graag waarom u dat blijkbaar anders ziet. Antwoord Wij kunnen ons voorstellen dat u deze vraag stelt. Toch zit er wel degelijk een verschil tussen de situatie Westerblokker 143 en Bangert 16. Bij Bangert 16 heeft inderdaad een soortgelijke kwestie gespeeld, ware het niet dat het daar ging om verdere uitfasering van Bangert en Oosterpolder. Er hebben onderhandelingen plaatsgevonden om het achterste deel van het perceel te verwerven en dit te betrekken bij de ontwikkeling van de nieuwe wijk. Er is geen overeenstemming bereikt tussen aanvrager en gemeente. Met instemming van de aanvrager is besloten een sloot te trekken om het perceel om het duidelijk af te scheiden van de nieuwe wijk. De eigenaar van Bangert 16 wil een woning bouwen op het achtererf.
Dit zou tweedelijns bebouwing van het lint zijn, het maakt geen onderdeel uit van de nieuwbouwwijk en ontsluiting zou via het lint moeten gaan. Hier is de gemeenteraad niet mee akkoord want het past niet in het beleid om tweedelijns bebouwing toe te staan. Hierbij wordt verwezen naar het besluit van 31 maart 2020 (zaaknummer 1728998) over de vaststelling van het bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder fase 3-oost en 4b waarin is besloten de zienswijze van de eigenaar van Bangert 16 hierover ongegrond te verklaren. Dit zou ook zo zijn als het plan was om achter Westerblokker 143 één woning te realiseren die ontsloten wordt op het lint. Verzoeken hiervoor zijn ook, conform de lijn
die in Hoorn wordt gehanteerd, afgewezen. De unieke situatie bij voorliggend plan voor de Westerblokker is dat er stedenbouwkundig niet wordt aangesloten bij het lint, maar bij de woningen aan de Ermgardlaan. Dit wordt nog versterkt door het doortrekken van de sloot. Stedenbouwkundig gezien worden er dus twee woningen gerealiseerd aan de Ermgardlaan en is er daardoor geen tweedelijnsbebouwing bij het lint. Dit is de reden waarom er bij Westerblokker 143 wel een stedenbouwkundig akkoord ligt en wordt voldaan aan een goede ruimtelijke ordening.
Met vriendelijke groet, Henri Koldewijn Adviseur ruimtelijke ontwikkeling