Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend (ontwerp 14-1-2022)
Tekst van het document
11.5.3
Toelaatbaarheid
De in lid 11.5.1 genoemde vergunning zal uitsluitend worden verleend indien: a. b. c.
d.
de bouwtechnische kwaliteit dusdanig slecht is dat hergebruik in alle redelijkheid niet mogelijk is; of het delen van een pand betreft, die op zichzelf niet als waardevol zijn aan te merken, en door het verwijderen daarvan geen onevenredige aantasting van de karakteristieke waarden plaatsvindt. de aanvrager informatie overlegt waaruit, naar het oordeel van het bevoegd gezag, blijkt dat met de sloopactiviteiten de beeldbepalende c.q. kenmerkende elementen van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing niet op onaanvaardbare wijze worden verstoord; omgevingsvergunning voor het bouwen is verleend voor: 1. een in plaats van het te slopen bouwwerk op te richten bouwwerk of 2. voor het verbouwen van het bouwwerk
11.5.4
Bouwhistorisch- en/of een cultuurhistorisch rapport
Het bevoegd gezag kan, vanuit bouwhistorisch of cultureel-historisch belang, een bouwhistorisch- en/of een cultuurhistorisch rapport eisen waarin bouwhistorische- en/of een cultuurhistorische waarden worden gedocumenteerd. 11.5.5
Commissie
Alvorens te beslissen omtrent een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 11.5.5 wordt door het bevoegd gezag advies ingewonnen bij de Commissie voor monumenten en welstand.
72
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Hoofdstuk 3 Artikel 12
Algemene regels
Anti-dubbeltelregel
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
73
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
74
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Artikel 13 13.1
Algemene bouwregels
Bestaande bouwwerken
Wanneer een bestaand gebouw of bouwwerk, geen gebouw zijnde: a. b. c. d. e.
een grotere goothoogte; een grotere bouwhoogte; een grotere oppervlakte; een grotere dakhelling; een kleinere dakhelling,
heeft dan in de bouwregels in de van toepassing zijnde bestemming is toegestaan, dan mag: 1. 2.
de goot- en/of bouwhoogte en/of oppervlakte en/of dakhelling ten hoogste de bestaande goot- en/of bouwhoogte en/of oppervlakte en of dakhelling bedragen; de dakhelling ten minste de bestaande dakhelling bedragen.
Deze bepaling ziet op gebouwen of bouwwerken, geen gebouw zijnde, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet of de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht tot stand zijn gekomen. 13.2
Doorvaarthoogte en -breedte van bruggen en duikers en hoogte van beschoeiingen
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. b. c. d.
de bouwhoogte van beschoeiingen mag maximaal 0,30 m boven het polderpeil bedragen; de doorvaartbreedte van bruggen en duikers ter plaatse van de vaarroute zoals aangegeven op de kaart in Bijlage 2 bij deze regels dient minimaal 2,50 m te bedragen; de doorvaarthoogte van bruggen en duikers ter plaatse van de vaarroute zoals aangegeven op de kaart in Bijlage 2 bij deze regels dient minimaal 1,10 m te bedragen; de bouwhoogte van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde, mag niet meer bedragen dan 3 m.
75
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
76
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Artikel 14 14.1
Algemene gebruiksregels
Strijdig gebruik
Tot een gebruik in strijd met dit bestemmingsplan wordt begrepen het gebruik dat afwijkt van de bestemmingsomschrijvingen, waaronder in ieder geval wordt begrepen: a.
b.
c. d. e. f. g. h. 14.2
het gebruik van de gronden voor de opslag van schroot, afbraak- en/of bouwmaterialen, anders dan ten behoeve van de uitvoering van krachtens de bestemming toegelaten bouwactiviteiten en werken en werkzaamheden; het gebruik van gronden en bouwwerken voor het houden van evenementen, met uitzondering van kortstondige, incidentele evenementen, festiviteiten en manifestaties met een laag hinderniveau en, indien daarvoor ingevolge een wettelijk voorschrift vergunning of ontheffing is vereist, deze is verleend; het gebruik van gronden als standplaats voor detailhandel indien niet is voldaan aan de uitgangspunten van de Beleidsregel standplaatsenbeleid Hoorn 2014; het storten van puin en afvalstoffen; het gebruik van gronden als standplaats voor kampeermiddelen; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van seksinrichtingen; het gebruik van de gronden en bouwwerken ten behoeve van smart- en growshops; de stalling en/of opslag van (aan het oorspronkelijk gebruik onttrokken) voer-, vaar- en/of vliegtuigen. Niet strijdig gebruik
Tot een strijdig gebruik met dit bestemmingsplan wordt niet gerekend: a.
kleinschalige duurzame energiewinning.
77
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
78
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Artikel 15
Algemene afwijkingsregels
Het bevoegd gezag kan, mits geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woonsituatie, de verkeerssituatie, de milieusituatie en de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken, bij een omgevingsvergunning afwijken van: a. b. c.
d.
e.
f.
g. h. i.
j.
de bij recht in het plan gegeven maten met ten hoogste 10%, voor zover dit voortvloeit uit meetverschillen of gewijzigde bouwregelgeving; de regels ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de bouwhoogte van de bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wordt vergroot tot ten hoogste 10 m; de regels en toestaan dat gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen worden gebouwd, mits: 1. de bouwhoogte van een gebouw ten hoogste 3 m zal bedragen; 2. de oppervlakte van een gebouw ten hoogste 15 m² zal bedragen; de regels ten aanzien van de hoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde en toestaan dat antenne-installaties en daarmee gelijk te stellen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, op gebouwen worden geplaatst, mits: 1. de bouwhoogte van het betreffende bouwwerk, geen gebouw zijnde, ten hoogste 5 m gemeten vanaf de voet, mag bedragen; 2.
wordt voldaan aan het gemeentelijk beleid met betrekking tot zendmasten; de regels ten aanzien van de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en toestaan dat de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten behoeve van kunstwerken, geen gebouwen zijnde, en ten behoeve van zend-, ontvang- en/of sirenemasten, wordt vergroot tot ten hoogste 40 m, mits wordt voldaan aan het gemeentelijk beleid met betrekking tot zendmasten; de regels en toestaan dat een kleine windturbine wordt gebouwd waarvan de masthoogte niet meer mag bedragen dan 6 m, waarbij indien sprake is van een gebouwgebonden windturbine deze hoogte wordt gemeten vanaf het dak, en waarvan de rotor een oppervlakte beschrijft van maximaal 19,5 m² (een maximale rotordiameter van ongeveer 5 m); de regels en toestaan dat bestemmings- c.q.
bouwgrenzen worden overschreden, indien een meetverschil daartoe aanleiding geeft; de regels en toestaan dat het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate wordt aangepast, indien de verkeerssituatie en/of -intensiteit daartoe aanleiding geeft; het gebruik van gronden en bouwwerken waardoor een parkeerbehoefte ontstaat waarmee niet wordt voldaan aan de regels voor het parkeren en laden&lossen zoals opgenomen in artikel 16, lid 16.1, met uitzondering van het bestaande gebruik waarbij minimaal de bestaande parkeervoorzieningen dienen te worden gehandhaafd, indien niet is voldaan aan de regels voor het parkeren en laden&lossen zoals opgenomen in artikel 16, lid 16.1; het bepaalde ten aanzien van de maximale (bouw)hoogte van gebouwen en toestaan dat de (bouw)hoogte van de gebouwen ten behoeve van plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers en lichtkappen wordt vergroot, mits: 1. de maximale oppervlakte van de vergroting ten hoogste 10% van het betreffende bouwvlak zal bedragen; 2. de bouwhoogte leidt tot een bouwhoogte welke ten hoogste 1,25 maal de maximale (bouw)bouwhoogte van het betreffende gebouw zal bedragen.
79
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
80
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Artikel 16 16.1
Overige regels
Parkeren en laden&lossen
a.
Bij de verlening van: 1. een omgevingsvergunning voor het bouwen; en/of 2. een omgevingsvergunning voor een gebruiksverandering; en/of 3. een omgevingsvergunning voor het afwijken; dient, indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, ten behoeve van: een te verwachten behoefte aan het parkeren of stallen van auto's, (motor)fietsen en/of andere voertuigen krachtens een voorschrift verbonden aan de omgevingsvergunning in voldoende mate verzekerd te zijn dat voldoende parkeervoorzieningen zijn aangebracht in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort en dat deze parkeervoorzieningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden; een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort en dat deze laad- en losvoorzieningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden.
b.
Bij de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid, dient, indien de omvang of de bestemming van een gebouw daartoe aanleiding geeft, ten behoeve van: 1. een te verwachten behoefte aan het parkeren of stallen van auto's, (motor)fietsen en/of andere voertuigen krachtens een voorschrift verbonden aan de omgevingsvergunning in voldoende mate verzekerd te zijn dat voldoende parkeervoorzieningen zijn aangebracht in, op of onder het gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw hoort en dat deze parkeervoorzieningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden; 2. een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet in deze behoefte in voldoende mate zijn voorzien aan, in of onder dat gebouw, dan wel op of onder het onbebouwde terrein dat bij dat gebouw behoort en dat deze laad- en losvoorzieningen worden gerealiseerd en in stand worden gehouden.
c.
Van voldoende mate van parkeervoorzieningen zoals bedoeld in sub a en/of sub b is sprake indien is voldaan aan de parkeernormen zoals opgenomen in het beleid 'Parkeernormennota Hoorn' zoals vastgesteld op 28 juni 2018 dan wel het vastgestelde parkeerbeleid zoals dat geldt op het tijdstip van indiening van de aanvraag als bedoeld in sub a en/of sub b voor het bouwen en/of voor een gebruiksverandering en/of afwijking of het uitwerken of het wijzigen.
d.
Van voldoende mate van laad- en losvoorzieningen voor het laden en lossen van goederen zoals bedoeld in sub a en/of sub b is sprake indien is voldaan aan de normen zoals opgenomen in het ASVV 2012 (uitgave van het CROW), dan wel het geldende ASVV 2012 (uitgave van het CROW) zoals dat geldt op het tijdstip van indiening van de aanvraag als bedoeld in sub a en/of sub b voor het bouwen en/of voor een gebruiksverandering en/of afwijking of het uitwerken of het wijzigen.
e.
Het bevoegd gezag kan afwijken van het bepaalde in sub a en/of sub b: 1. indien het voldoen aan die bepalingen door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit; of 2. voor zover op andere wijze in de benodigde parkeervoorzieningen en/of laad-en losvoorzieningen wordt voorzien.
f.
De afwijking als bedoeld in sub e kan uitsluitend worden toegepast, indien er door de aanvrager en naar oordeel van het bevoegd gezag is aangetoond dat:
81
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
1. 2. 3. 4.
geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de bereikbaarheid en verkeersveiligheid in de omgeving; en de parkeerdruk op de omgeving niet toeneemt; en de parkeerdruk op de omgeving niet wordt vergroot; en geen sprake is van een onevenredige aantasting van het woon- en leefklimaat.
82
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Hoofdstuk 4 Artikel 17 17.1 a.
b. c.
17.2 a. b.
c. d.
Overgangs- en slotregels
Overgangsrecht
Overgangsrecht bouwwerken Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het gestelde in sub a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in sub a met maximaal 10%. Het bepaalde in sub a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan. Overgangsrecht gebruik Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in sub a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. Indien het gebruik, bedoeld in sub a, na de inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. Het bepaalde in sub a is niet van toepassing op gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
83
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
84
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Artikel 18
Slotregel
Deze regels worden aangehaald als: “Regels van het Bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend".
85
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
86
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Bijlagen bij de regels
87
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Bijlage 1 Lijst van consumentverzorgende bedrijfsactiviteiten
88
Lijst van beroepen en bedrijven Maken en repareren van onder meer: beelden ict-apparatuur kleding meubels mobiele telefoons muziekinstrumenten sieraden tassen uurwerken het repareren van fietsen, brommers, motorvoertuigen en vaartuigen is niet toegestaan. Dienstverlening, waaronder: assurantie- en verzekeringsadviseur belastingadviseur budget-coach communicatie-adviseur dronespecialist financieeladviseur fotograaf/filmer hondentrimmer honden-uitlaatservice huiswerkbegeleider huwelijksplanner interieurstylist juridisch adviseur kapper kinderopvang tot een maximum van 4 kinderen kledingstylist loopbaanadviseur makelaar/taxateur nagelstylist reis-adviseur rijinstructeur sociale media coach software-ontwerper schoonheidsspecialist/visagist vertaler 3D-specialist Gezondheid, waaronder: acupuncturist diëtist fysiotherapeut gewichtsconsulent huidtherapeut leefstijlconsulent logopedist mindfulness-leraar 1
pedicure personal coach personal-trainer sportmasseur yogaleraar Grafisch, waaronder: copywriter gamedesigner grafisch ontwerper illustrator webdesigner Overig, waaronder: internetbedrijf (alleen opslag van en afhalen goederen) blogger/influenzer
2
bestemmingsplan Bangert en Oosterpolder Lintbebouwing Koewijzend
Bijlage 2 Kaart vaarroute
91