Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Tekst van het document
Duurzaamheid
wordt opgewekt en verbruikt.
Een rode draad in de Structuurvisie is duurzaamheid. Hoogeveen streeft naar een
•
Omvang van een zonnepark sluit in maat en schaal aan bij de omgeving.
ecologische, economische en sociale duurzaamheid. Voor een leefbare en duurzame
•
Een zonnepark is altijd ingepast in de omgeving.
samenleving zijn energiebesparing, gebruik van duurzame energie, vermindering van
•
Zonnepark initiatieven vanuit de dorpen (met maatschappelijk draagvlak en
de uitstoot van schadelijke stoffen en materiaalkeuze belangrijke uitgangspunten voor Hoogeveen. Groen en water krijgen aandacht vanwege de rol bij een veranderend klimaat, maar ook om de biodiversiteit en aantrekkingskracht van Hoogeveen te
meerwaarde) hebben voorrang op initiatieven van derden. •
Geen zonneparken in landschappelijk, natuurlijk of cultuurhistorisch waardevol gebied.
vergroten. Daarnaast wordt het gebied beoordeeld op 4 soorten locaties: Conclusie
0. Uitzonderingsgebieden
De voorgenomen ontwikkeling past binnen het beleid van de gemeente Hoogeveen. Voor
1. Op daken
zover nog niet aan alle voorwaarden is voldaan (onder andere het inrichtingsplan) wordt
2. Binnen bebouwd gebied
hierbij aangesloten.
3. Buiten de bebouwde kom
Cultuurhistorische beleidskaarten
Er zijn mogelijkheden om een zonnepark vrij liggend in het landschap te realiseren. Elk zonnepark zal een verandering van het landschapsbeeld met zich meebrengen.
In de cultuurhistorische waardenkaart van de provincie Drenthe wil de gemeente
Daarom wordt een maximummaat voor het totaal aan zonneparken in het landelijk gebied
Hoogeveen een koppeling maken tussen archeologie, historische geografie en
gehanteerd. Deze maat is afhankelijk van het landschapstype. In vrijwel alle gebieden
historische bouwkunde.
wordt er vanuit gegaan dat maximaal 20% van de totale oppervlakte per landschapstype
In dit document worden de landschappelijke karakteristieken van het Hollandsche Veld
mag worden benut als zonnepark. In deze optelling worden ook de eventuele
beschreven. Het centrale ontginningsblok, als restant van De 5000 morgen, met in het
zonneparken bij bedrijventerreinen en dorpen meegerekend.
hart een bosrestant zijn beeldbepalend.
De locatie is gelegen in semi besloten veenlandschap, waarbij het bebouwingspercentage per deelgebied maximaal 20% is. De omvang van de beoogde locatie is minder dan 20% van het oppervlak van het deelgebied.
16
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
17
Koppeling grootschalige infrastructuur
Maat en schaal
Er zijn mogelijkheden om een zonnepark te koppelen aan bedrijventerreinen en
Binnen de veengronden is het van belang dat de maat zich voegt naar het karakter van
infrastructuur van (boven)regionale schaal. Dat geldt in het bijzonder voor zonneweides
het landschap. Binnen het gebied kan verschil worden gemaakt tussen kleinschalige
die de lokale maat en schaal overstijgen. De rijkswegen A28 en A37 worden tot de
veenontginningen met een open karakter, kleinschalige veenontginningen met een
bovenregionale infrastructuur gerekend. Een grotere maat en schaal zonneweides is hier
besloten karakter en een grootschalige veenontginning met een open karakter. Vooral
passend zonder het landschap sterk aan te tasten. Ook de spoorlijn Zwolle – Groningen
in de meer open gebieden liggen kansen om een zonnepark als geheel te ervaren en
hoort bij de bovenregionale infrastructuur.
daarin patronen van het landschap te herkennen. In de meer besloten veengebieden is het belangrijk dat de maat van het zonnepark zich voegt naar het kleinschalige karakter
Randvoorwaarden voor zonneparken bij infrastructuur zijn:
van het landschap. Voor het plangebied Hollandscheveld zal vanwege het semi-besloten
1. dat een zonnepark direct aan de weginfrastructuur is gekoppeld.
karakter een balans moeten worden gevonden in de inrichting van het zonnepark zodat
2. dat het zonnepark geen hinder voor het verkeer mag opleveren, dat er een directe
het karakter blijft bestaan. Een zonnepark in het veengebied moet minimaal 100 meter
relatie is tussen het zonnepark en de weg en dat er goede overgangen worden
afstand houden van de ontginningsassen in het gebied. Het plangebied bevindt zich niet
ontwikkeld tussen het zonnepark en de directe omgeving.
in de directe omgeving van een ontginningsas, er hoeft hier dan ook geen rekening mee
3. draagvlak en maatschappelijke meerwaarde (bv afzet energie in wijk, participatie in
gehouden te worden.
project, aanvullende voorzieningen in wijk). Aanzicht en inpassing Zonnepark Meerboomweg-Zuid ligt parallel aan de A37. Het is hiermee gekoppeld aan
De veengronden hebben een overwegend open karakter. Zonneparken zullen daarom
de weginfrastructuur. De randen van het zonnepark worden zo ingericht dat deze een
altijd zichtbaar zijn vanuit de omgeving. Het uitgangspunt is dat er vrij zicht over het veld
passende overgang vormen met de rest van de omgeving.
gehouden moet worden, zodat de horizon gezien kan worden. Om dit te garanderen zijn er op veengronden alleen opstellingen toegestaan tot een hoogte van 1,8 meter. In
De realisatie van een zonnepark wordt door de gemeente Hoogeveen gezien als een
zonneparken langs infrastructuren is de bouwhoogte vastgesteld op 3 meter. In
kans om het landschap een impuls te geven. Daarom geldt als randvoorwaarde voor de
voorliggend plan wordt de hoogte voor de veengronden aangehouden, waardoor de
realisatie van een zonnepark in het landelijk gebied het volgende:
panelen maximaal 1,8 meter boven het maaiveld komen.
Als een zonnepark vrij liggend in het landschap van Hoogeveen wordt gerealiseerd, moet er een blijvende landschappelijke impuls aan het gebied worden gegeven. Daarnaast geldt als randvoorwaarde dat het zonnepark geen afbreuk doet aan aanwezige
Conclusie
landschappelijke en cultuurhistorische waarden (zoals vastgelegd in de gemeentelijke
In het beoogde zonnepark Meerboomweg-Zuid wordt geen afbreuk gedaan aan de
cultuurhistorische waardenkaart) en aan aanwezige natuurwaarden. Voor de aanleg van
bestaande natuur- en cultuurhistorische waarden. Deze blijven behouden. Er wordt juist
een zonnepark vindt in elk geval geen grootschalige bomenkap plaats.
gezocht naar manieren om een bijdrage te leveren aan de natuurwaarden. Daarnaast
De landschappelijke impuls is grotendeels afhankelijk van het landschapstype. In de
worden er ecologische verbindingen gemaakt langs de watergang en richting het
gemeente wordt onderscheid gemaakt in veen-en zandgronden. Op de structuurvisiekaart
bosgebied. Rondom een groot deel van het zonnepark zal geen hekwerk worden
is te zien dat het plangebied gelegen is in het semi besloten veenlandschap. De
toegepast, zodat foeragerend wild niet belemmerd wordt. Op plekken waar wel een raster
veengronden zijn landbouwkundig gezien vaak minder waardevol. De realisatie van een
wordt toegepast betreft dit een faunavriendelijk raster, zodat het plangebied voor kleine
zonnepark past daarom goed binnen dit landschapstype. De gemeente stelt dat binnen
zoogdieren en amfibieën geen barrière vormt.
de kaders van de landschapspatronen mogelijkheden zijn om zonneparken te realiseren. Hierbij worden wel voorwaarden gesteld aan de inpassing.
Verder wordt voldaan aan alle gewenste inrichtingsvormen die genoemd worden in het document op pagina 47, zie eindconclusie hoofdstuk 5.
18
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
19
4 RUIMTELIJKE ANALYSE
veld Hollandscheveld Zonneveld Hollandscheveld ............................................................................................................................................................................................... .................................................................................................................................................................................................................
0
Landschapsarchitect: E. van der Tuin
Projectnummer: P7921.9
Datum: 28-08-18
Landschapsarchitect: E. van der Tuin
Projectnummer: P7921.9
Datum: 28-08-18
Ten behoeve van de ontwikkeling van zonnepark Meerboomweg-Zuid is een landschappelijke analyse uitgevoerd. Hierbij is gekeken naar kaartmateriaal, beschrijvingen van het gebied en een veldbezoek ter plekke gedaan. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste relevante aandachtspunten benoemd.
4.1 Veenontginningsgebied Het plangebied ligt in het ontginningslandschap van hoogveen. Dit hoogveen verzorgde in de 17de eeuw een goedkope vorm van energie in het welvaren Holland. Het landschap werd ontgonnen vanaf het hoofdkanaal. Het hoogveen werd onderverdeeld in grote strookvormige kavels die door wijken van elkaar gescheiden werden. De kavels werden vervolgens door dwarsloten onderverdeeld in kleinere percelen. Van deze percelen werd vervolgens het hoogveen gewonnen. Op de kaarten van 1850 is te zien dat gestart wordt met de ontginning van het plangebied
´ Afbeelding 7. 1850 - De eerste verkavelingspatronen in het hoogveen worden 240 Meters
Legenda
Legenda
Naam_project
Naam_project
Zonneveld Hollandscheveld
Zonneveld Hollandscheveld
Open Topo
Open Topo
0 60 120 240 Meters Esri Nederland, Jan Willem van Aalst - www.imergis.nl; Esri Nederland; Kadaster; Herziening Alg. Kaart Nederland (t/m 1:192.000), TMK 1850 (t/m 1:6.000)
Esri Nederland, Jan Willem van Aalst - www.imergis.nl; Esri Nederland; Kadaster; Gemeentekaart (t/m 1:768.000), TK200 (t/m 1:192.000), TOP50 (t/m 1:48.000), Bonnebladen (t/m 1:6.000)
Afbeelding 8. 1904 - Het landschap is ontgonnen en getransformeerd in naald- en
veld Hollandscheveld Zonneveldloofbos. Hollandscheveld zichtbaar. ............................................................................................................................................................................................... .................................................................................................................................................................................................................
0
Landschapsarchitect: E. van der Tuin
Projectnummer: P7921.9
Datum: 28-08-18
Landschapsarchitect: E. van der Tuin
Projectnummer: P7921.9
Datum: 28-08-18
door de Bentinks Companie. Het plangebied wordt hier aangeduid als Bentinks Kerkkavel. Vanaf 1900 is de verkaveling gereed, een groot deel van het plangebied bestaat nog uit bos. De zuidelijke kavels betreffen naaldbos en de noordelijke kavels loofbos. Deze kavels zijn nauwelijks onderverdeeld door dwarsloten. Het plangebied ligt tussen de zevende wijk en vijfde wijk van het Hollandscheveld. Boerderijen werden op de koppen van deze kavels gebouwd. Dit geldt ook voor de boerderijen langs de Meerboomweg-Zuid. De percelen ten noorden van de zevende wijk worden gedeeltelijk na 1925 omgevormd tot landbouwgrond. Dit proces zet zich door tot de jaren vijftig. Op dat moment is vrijwel het hele westelijk deel van het plangebied ontbost en in gebruik genomen als landbouwgrond. Ten behoeve van dit nieuwe landgebruik worden wel enkele dwarssloten gegraven. Gedurende de jaren vijftig wordt ook de oostzijde van het plangebied ontbost en in gebruik genomen als akkergrond. Slechts enkele bosvakken blijven aan de zuidoostzijde van het plangebied staan. Dit bos is in het huidige landschap nog steeds aanwezig. In het plangebied zijn de diverse dwarsloten uit de jaren vijftig zijn inmiddels
´ Afbeelding 9. 1950 - Grote delen van de kavels is in gebruik genomen als akker. 240 Meters
Legenda
Legenda
Naam_project
Naam_project
Zonneveld Hollandscheveld
Zonneveld Hollandscheveld
Open Topo
Open Topo
60 TK200 120 (t/m 1:192.000), 240 TOP50 (t/m 1:48.000), Esri Nederland, Jan Willem van Aalst - www.imergis.nl; Esri Nederland; Kadaster; Gemeentekaart (t/m 01:768.000), Meters TOP25 (t/m 1:6.000)
20
Esri Nederland, Jan Willem van Aalst - www.imergis.nl; Esri Nederland; Kadaster; Gemeentekaart (t/m 1:768.000), TK200 (t/m 1:192.000), TOP50 (t/m 1:48.000), TOP25 (t/m 1:6.000)
Afbeelding 10. 1960 - Vanaf de jaren vijftig verdwijnen veel beplantingselementen en vindt schaalvergroting in het landschap plaats. Hierbij verdwenen delen van de wijken.
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
weer gedempt. Dit geldt ook voor de zesde wijk. Het dempen is veelal gebeurd met puin. Dit puin is in het huidige landschap op sommige plekken nog steeds zichtbaar. De komst van het zonnepark kan bijdragen in het opruimen van dergelijke elementen die niet horen bij dit ontginningslandschap. Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
21
Zonneveld Hollandscheveld
................................................................................................................................................................................................................. Landschapsarchitect: E. van der Tuin
Projectnummer: P7921.9
Datum: 28-08-18
3L2a 3N5
3L10
3L2a
Het plangebied is door de latere ontginningen en ruilverkaveling grotendeels haar herkenbare kavelstructuur verloren. De komst van het zonnepark kan erin bijdragen een deel van de oorspronkelijke ontginningslijnen te herstellen en weer zichtbaar te maken in het landschap. Het huidige landschap is open van karakter en wordt gebruikt voor het
2M45
houden van paarden en als akker. Het plangebied wordt vooral beleefd door de direct aanwonenden van de Meerboomweg-Zuid en gebruikers van de A37. Aandachtspunten voor het ontwerp:
2M44
2M44
•
Het zonnepark dient te passen bij de maat- en schaal van het landschap.
•
Het zonnepark dient het kavelpatroon, horend bij de veenontginning, te behouden en waar mogelijk te herstellen.
2M45
4.2 Bodem en bijhorende vegetatie De bodem aan de westzijde van het plangebied staat uit een meerveengrond. Deze
Legenda Naam_project Zonneveld Hollandscheveld
Geomorfologie 2M44 \"Veenkoloniale ontginningsvlakte, rel. laaggelegen\"
3N5
2M45 \"Veenkoloniale ontginningsvlakte, rel. hooggelegen\" 3L10 \"Dekzandwelvingen, bedekt met ten dele afgegraven veen\"
´ Zonneveld Hollandscheveld 0
60
120
3L2a \"Grondmorene (+/- welvingen, hooggelegen)\"
2M45
240 Meters
3N5 \"Laagte zonder randwal, niet moerassig\" Open Topo
3L10
3L10
2M44
2M45
Esri Nederland, Jan Willem van Aalst - www.imergis.nl
................................................................................................................................................................................................................. Afbeelding 11. Het plangebied betreft een hoogveenontginning. Landschapsarchitect: E. van der Tuin
Projectnummer: P7921.9
Datum: 28-08-18
Hn21-VI iWp-VI
bodem ligt op een zandbodem zonder een humuspodzolaag, beginnend ondieper dan 120 centimeter met grondwatertrap Vb. Daarnaast bestaat de bodem uit veengrond met een veenkoloniaal dek op zand met humuspodzol, beginnend ondieper dan 120 centimeter met grondwatertrap VI. Aan de oostzijde van het plangebied bestaat de bodem uit een moerige veldpodzolgrond met een veenkoloniaal dek en een moerige tussenlaag. De grondwatertrap is hier VI. Op deze grondsoort ontwikkelt zich van nature een droog wintereiken-beukenbos tot een vochtig berken-zomereikenbos. De diversiteit in beplantingsoorten is in dit
Hn21-VI
landschap normaliter erg schraal. Door de hoge waterstanden is er sprake van slechte
iWp-VI Hn23x-VI
groeiomstandigheden. In een droog wintereiken-beukenbos vormt beuk en wintereik de hoofdsoort. Daarnaast kunnen er ruwe berk, winterlinde, zoete kers, esdoorn, hulst, lijsterbes, hazelaar en
Hn21-VI iWp-VI
boswilg te vinden. In een vochtig berken-zomereikenbos is de hoofdsoort zomereik. Daarnaast kunnen grove den, lijsterbes, ruwe berk en vuilboom aangetroffen worden. Soms ontwikkelen zVzt-Vb
krent, vogelkers en jeneverbes zich ook op dit bodemtype. iVp-VI
Aandachtspunten voor het ontwerp: •
iVp-Vb
het plangebied als basis worden gebruikt.
iWpx-VI
iWp-VI
De hierboven genoemde inheemse autochtone beplanting zal bij de inrichting van
iWp-VI
Legenda Naam_project
iWp-VI
Zonneveld Hollandscheveld
iVpx-VI
iWp-VI
´
iVp-V 0
60
120 Hn21-VI
240 Meters
Hd21-VII
iVpx-V iWpx-V*
Bodemkaart iVp
Veengronden met een veenkoloniaal dek op zand met humuspodzol, beginnend ondieper dan 120 cm
Hn21
Veldpodzolgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand
iWp
Moerige podzolgronden met een veenkoloniaal dek en een moerige tussenlaag
Hn23
Veldpodzolgronden; lemig fijn zand
Hd21
Haarpodzolgronden; leemarm en zwak lemig fijn zand
zVz
iWpx-V Meerveengronden op zand zonder humuspodzol, beginnend ondieper dan 120 cm
iWp-V*
Open Topo
Esri Nederland, Jan Willem van Aalst - www.imergis.nl
Afbeelding 12. Bodemkaart, plangebied betreft een meerveengrond, veengrond met een veenkoloniaal dek op zand en een moerige podzolgrond.
22
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
23
4.4 Aanwezige beplanting
4.6 Ecologie
Aan zowel de noordzijde als zuidzijde van het plangebied staat beplanting. Aan de
Uit het ecologische onderzoek en gesprekken met onder meer Het Drentse Landschap
noordzijde betreft dit struweel welke zorgt voor een afscherming tussen het landschap en
is gebleken dat in het gebied meerdere dieren foerageren. Zo bevindt zich een
de A37. Aan de zuidoostelijke zijde vormen een naald- en gemengd loofbos de grens van
dassenburcht in het zuidelijk gelegen bosgebied. Ook steken hier vaak reeën en
het plangebied. Alle beplanting buiten de plangrenzen wordt behouden.
andere dieren de snelweg over. Met de komst van het zonnepark moeten de bestaande
Het plangebied zelf is open. Hier en daar staat beplantingsopschot op gestort puin. Deze
natuurwaarden in en rondom het plangebied in stand worden gehouden en waar mogelijk
beplanting heeft geen landschappelijke waarde.
worden verbeterd.
Aandachtspunten voor het ontwerp:
Aandachtspunten voor het ontwerp:
•
Behouden bestaande beplantingsstructuren in verband met hun
•
cultuurhistorische waarde.
4.5 Watersysteem Langs en door het plangebied lopen diverse watergangen. Twee daarvan zijn eigendom
Zonnepark mag geen obstakel vormen voor het foerageren van reeën en dassen in het gebied.
•
De bestaande natuurwaarden in en rondom het plangebied in stand houden en waar mogelijk verbeteren.
van het waterschap Vechtstromen. De eerste watergang OAFNK020013 loopt aan
4.7 Ontsluiting
de westzijde van het plangebied, parallel aan de Meerboomweg-Zuid, en volgt de
De ontsluiting van het plangebied is beperkt. Het plangebied is grotendeels te bereiken
plangrenzen van het zonnepark. De andere watergang OAFNK000008 doorsnijdt het
langs één van de erven aan de Meerboomweg-Zuid. Het meest oostelijk gelegen perceel
plangebied. Enkele watergangen uit het plangebied wateren op deze twee watergangen
is ook te bereiken via het erf aan de Johannes Poststraat.
af. Deze hoofdwatergangen dienen aan beide zijden toegankelijk te blijven voor beheer
Het plangebied ligt dan ook redelijk achteraf in het landschap en is zeer ontoegankelijk
en onderhoud. In de planvorming is rekening gehouden met de maatvoering van deze
voor buitenstaanders.
beheerpaden.
Het Drentse Landschap heeft aangegeven dat een recreatieve route hier niet wenselijk is
Verder wordt gezamenlijk met het waterschap Vechtstromen gekeken naar de
in verband met de aanwezige verblijfplaatsen en foerageerroutes van reeën en dassen.
wateropgaven die spelen in dit gebied. Daarbij zal worden onderzocht of het zonnepark
Door het gebied mens-luw te houden komt de natuur beter tot zijn recht. Ten zuiden van
een bijdrage kan leveren aan deze wateropgave.
het plangebied zijn er in de bossen genoeg recreatiefaciliteiten. De snelweg A37 draagt ook bij aan de ontoegankelijkheid van het plangebied. Daarnaast
Aandachtspunten voor het ontwerp: •
Hoofdwatergangen dienen toegankelijk te blijven voor het waterschap.
vormt de weg, zoals hierboven benoemd, een barrière voor foeragerende diersoorten. Een omheind zonnepark kan deze barrièrewerking vergroten. Kijkend naar een groter schaalniveau worden er momenteel langs de A37 meerdere zonneparken gepland. Daarom is het van belang de toepassing van een hekwerk rondom het zonnepark zoveel mogelijk te beperken. Aandachtspunten voor het ontwerp: •
Het zonnepark blijft ontoegankelijk voor buitenstaanders.
•
Het zonnepark mag geen bedreiging vormen voor de veiligheid van automobilisten en reeën op de A37.
24
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
25
5 ONTWERP
Het inrichtingsplan voor het zonnepark Meerboomweg-Zuid bestaat uit verschillende onderdelen. Het programma van eisen, de beleidsanalyse en de ruimtelijke analyse hebben ten grondslag gelegen aan dit inrichtingsplan. Hierna wordt dit per onderwerp toegelicht.
5.1 Landschap respecteren en versterken Het plangebied maakt onderdeel uit van veenkoloniën. Dit is een cultuurhistorisch waardevol landschap waarvan de structuren gerespecteerd dienen te worden. In het ontwerp wordt daarom de bestaande verkaveling behouden. Het zonnepark krijgt een heldere en eenvoudige vorm die de kavelstructuur benadrukt. Bij de invulling van het zonnepark worden de paneelrijen zo efficiënt mogelijk geplaatst binnen de kavel. Hierbij volgen de rijen zoveel mogelijk de contouren van de kavels en liggen zoveel mogelijk georiënteerd op het zuiden. Tussen de rijen wordt voldoende ruimte gehouden zodat zich tussen en onder de panelen een goede kruidenrijke vegetatie kan ontwikkelen. Door een efficiënte vulling binnen de kavels ontstaat rondom het zonnepark ruimte voor natuurontwikkeling en beplanting. Ontwerpmaatregelen •
Behoud bestaande kavelmaatvoering, met bijhorende nog resterende wijken (watergangen).
Afbeelding 13. Inzoom landschappelijke inpassing, langs de westzijde van de hoofdwatergang wordt een ecologische oever gerealiseerd.
26
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
27
1465, 74 m 769,7 m 679,5 m
224,42 m
‘D
Afgestemd met omwonenden, uitwerking afbeelding 15.
‘A
A
D
C
88,05 m
‘B
B
‘C
Afgestemd op plangebied Groenleven
Afbeelding 14. Ontwerp zonnepark Meerboomweg-Zuid met aanduiding van de locatie van de profielen.
28
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
29
5.2 Zonnepark directe omgeving
5.2.1 Afstand tot de omgeving en beleving De zonnepanelen komen op circa 250 meter afstand van de Meerboomweg-Zuid te staan. Hiermee behouden de erven aan deze weg ruimte rondom hun woning. Op de weilanden achter de woningen zullen onder andere paarden worden gehouden. Vanaf de Meerboomweg zal het gebied dan ook in eerste instantie landelijk ogen. Na gesprekken met de bewoners aan de Meerboomweg-Zuid is toegezegd dat langs de westzijde van het zonnepark een robuuste groene beplantingsrand komt. Daarnaast zal parallel aan de zuidwestzijde een losse haag worden aangeplant. Hiermee wordt tegemoet gekomen aan de wens om het zonnepark niet te willen zien. Door het toepassen van inheemse autochtone beplanting samen met enkele wintergroene soorten wordt het zicht op de panelen en bijhorend hekwerk beperkt. De nieuwe groenstructuur draagt bij aan de biodiversiteit in het gebied en vormt mogelijke een veilige verbindingsroute voor diverse diersoorten. Nadeel van de westelijke groenstructuur is dat de leesbaarheid van de lange smalle kavels verloren gaat. Het advies is daarom na de ontmanteling van het zonnepark alleen de landschappelijke inpassing langs de noord- en zuidzijde van het plangebied te handhaven, evenals de gerealiseerde ecologische oevers.
Door de robuuste groenstructuur aan de westzijde na 25 jaar (deels) te verwijderen wordt na de ontmanteling van het zonnepark de leesbaarheid van het landschap weer hersteld. Ontwerpmaatregelen •
Landschappelijk open ruimte tussen de bestaande erven en het beoogde zonnepark.
• Afbeelding 15. Landschappelijke inpassing tussen de Meerboomweg-Zuid en het zonnepark. Na overleg met de omwonenden is besloten dit gedeelte van het plangebied niet in te richten als zonnepark. De omwonenden kunnen deze grond overnemen. Bovendstaande voorstel voor een natuurlijkere inrichting van het terrein is samen met de omwonenden opgesteld.
30
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zicht op panelen vanaf erven aan Meerboomweg-Zuid voorkomen door middel van een robuuste groenstructuur.
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
31
5.2.3 Ontsluiting en routes Het zonnepark wordt ontsloten vanaf Meerboomweg-Zuid. Voor de ontsluiting wordt een bestaand puinpad gebruikt. Deze halfverharde weg wordt doorgetrokken tot het aansluitpunt, de containers en transformatoren binnen het zonnepark. Deze objecten dienen namelijk goed toegankelijk te zijn voor beheer en onderhoud en vooral in het geval van calamiteiten. De brandweer eist dan ook een (half)verharde ontsluitingsweg van tenminste 4,5 meter breed. Het voorgenomen plan wordt niet toegankelijk voor autoverkeer. Verder ligt het zonnepark niet langs een belangrijke recreatieve fiets- of wandelroute. Gezien de ligging van het zonnepark is er echter weinig aanleiding om het zonnepark open te stellen voor publiek. Een structurele verkeerstoename wordt daarom uitgesloten. Alleen tijdens de bouw en ontmanteling van het zonnepark zal er sprake zijn van een hogere verkeersfrequentie. Ontwerpmaatregelen •
De ontsluiting van het zonnepark zal bestaan uit een verharde weg (puinpad) van 4,5 meter breed vanaf de Meerboomweg-Zuid tot de laatste transformator.
5.2.4 Beplanting Afbeelding 16. Voorbeeld van bloemrijke vegetatie rondom een panelenveld
Bestaande beplanting De beplanting buiten het plangebied blijft behouden en wordt niet aangetast tijdens de werkzaamheden. Spontaan opgeschoten beplanting binnen het plangebied zal ten behoeve van het zonnepark worden verwijderd. Deze beplanting heeft geen landschappelijke waarde. Nieuwe beplanting Zoals hierboven beschreven wordt aan de westzijde een robuuste groenstructuur aangeplant. Dit betreft struweel van maximaal 3 meter hoog. Zo wordt het zicht op de achterliggende horizon voor de bewoners aan de Meerboomweg-Zuid behouden. Aan de zuidwestzijde van het plangebied wordt een losse haag aangeplant, deze wordt 2 meter hoog. Beide beplantingselementen bestaan voornamelijk uit autochtoon inheems plantmateriaal samen met enkele wintergroene soorten. Bij de selectie van de soorten is gekeken naar voornamelijk besdragende soorten. Het voordeel van deze inheemse soorten is dat deze van nature meer schuil- en leefomgeving bieden aan dieren en insecten. De interne onderhoudspaden en de stroken rondom het zonnepark worden ingezaaid met een inheems bloemenmengsel. Hierbij wordt gekozen voor een bloemrijk grasmengsel dat meerwaarde biedt voor insecten zoals bijen en vlinders. Tevens is dit een welkome aanvulling op de voedselvoorziening van de das. Voor de das zal een strook graan
Afbeelding 17. Referentiebeeld van losse haag bestaande uit meerdere soorten.
worden ingezaaid. Langs de hoofdwatergang, welke het plangebied doorsnijdt, wordt aan de westzijde een ecologische oever gemaakt. Hier mag meerjarig riet tot ontwikkeling komen. Alle elementen samen dragen bij aan een versterking van de biodiversiteit aan beplanting in het gebied.
32
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
33
5.2.5 Ecologische waarde / Biodiversiteit Het plangebied is gelegen nabij verschillende bosvakken met natuurwaarde. Veel van deze gronden zijn eigendom van Het Drentse Landschap. Gezien de ligging van
Geen gebruik van gewasbestrijdingsmiddelen
het plangebied en de natte ondergrond is besloten het zonnepark te combineren
Omdat de gronden niet meer agrarisch worden gebruikt, zullen ook geen
met natuurontwikkeling. Het realiseren van zonnepark Meerboomweg-Zuid te
gewasbestrijdingsmiddelen of onkruidverdelgers (bijvoorbeeld Glyfosaat) worden
Hollandscheveld biedt verschillende kansen en meerwaarde voor ecologische en
toegepast. Dit komt ten goede aan de bodemkwaliteit en het bodemleven. Aangezien het
landschappelijke waarde ter plekke.
niet gespoten wordt, is uitspoeling naar het grond- en oppervlaktewater uitgesloten.
Geen bemesting van de ondergrond De gronden zijn op dit moment agrarisch in gebruik. Dit betekent dat de gronden worden gebruikt om mest op uit te rijden. Dit verrijkt de bodem en een deel van de mineralen kan uitspoelen naar het oppervlaktewater, wat hierdoor rijk aan nutriënten wordt. Gedurende de aanwezigheid van het zonnepark zal de ondergrond niet meer worden bemest. De bodem zal hierdoor verschralen en het grondwater in het gebied wordt schoner, dat biedt kansen voor zowel flora als fauna.
Afbeelding 18. Profiel A’-A westzijde
34
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
35
Achterwege laten hekwerk waar mogelijk Vanuit de verzekering is een hekwerk rondom panelen vereist. Een hekwerk is vooral noodzakelijk om diefstal te voorkomen en de veiligheid te garanderen. Op verzoek van Het Drentse Landschap is gekeken of het hekwerk zoveel mogelijk achterwege gelaten kan worden in verband met reeën en andere diersoorten die op de locatie de A37 oversteken. Het plaatsen van een hekwerk zou een ‘ijzeren gordijn’ betekenen. Reeën die vanaf de noordzijde van de snelweg willen oversteken lopen tegen dit hekwerk aan en moeten dan terug de A37 over. In deze situatie neemt mogelijk het aantal verkeersslachtoffers (zowel mens als dier) toe. Daarom is besloten om géén hekwerk te plaatsen op plekken waar dit niet noodzakelijk is. Dit is bijvoorbeeld aan de noordzijde bij de snelweg en aan de oostzijde. Voorwaarde voor het weglaten van het hekwerk is dat er op deze locaties een watergang ligt welke breed en diep genoeg is om diefstal te voorkomen. Aan de zijde van de A37 zal de bestaande greppel daarom verbreedt en verdiept worden. De grond die hierbij vrij komt zal gebruikt worden om aan de zuidzijde van deze watergang een grondwal te maken. Deze grondwal wordt 1 meter hoog en heeft een talud van 1:3 en 1:4. Hiermee wordt het zicht op de achterzijde van de panelen vanaf de A37 voor een deel weggenomen.
Daarnaast wordt aan de zuidzijde een groot deel van het hekwerk achterwege gelaten. Aan de westzijde (de toegangszijde) en oostzijde wordt wel een hekwerk geplaatst.
Afbeelding 19. Profiel B’-B noordzijde, overgang van de A37 richting het zonnepark.
36
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
37
Biodiversiteit Door de toepassing van verschillende beplantingselementen en inheems autochtone beplantingssoorten wordt het schuil- en leefgebied vergroot. Zo wordt bloemrijk grasland
Ontwerpmaatregelen •
ingezaaid welke een bijdrage levert aan insecten, bijen en andere diersoorten in het gebied. Deze bloemenweiden kunnen interessant zijn voor een imker om zijn bijenkasten
aanwezige natuurwaarden. •
te plaatsen. In elk geval zullen twee professionele insectenhotels worden geplaatst. Een insectenhotel bevat natuurlijke elementen zoals riet en boomstammen waarin holtes zijn
Zonnepark wordt gecombineerd met het behouden en uitbreiden van de al Het toepassen van hekwerk wordt zoveel mogelijk beperkt en alleen geplaatst waar dit echt noodzakelijk is.
•
Verbreden van de watergang parallel aan de A37 is noodzakelijk om een hekwerk
aangebracht. In deze holtes kunnen wilde bijen en vlinders overwinteren. Daarmee kan
aan deze zijde te voorkomen. Met de vrijkomende grond kan een grondwal
het zonnepark ook een waardevolle bijdrage leveren voor de omliggende akkergronden.
worden gemaakt die de panelen deels uit het zicht halen.
Daarnaast wordt er struweel aangeplant dat een schuilplaats en voedselbron biedt voor
•
Twee professionele insectenhotels zullen worden geplaatst in het zonnepark.
diverse diersoorten. Langs de hoofdwatergang, welke het zonnepark doorsnijdt, zal
•
Inzaaien bloemrijk grasland, aanplant besdragend struweel en realiseren van een
een brede en flauwe ecologische oever van 12 meter worden gegraven met een talud
dassenakker dragen bij aan de biodiversiteit in dit landschap.
van 1:4. Deze strook zorgt voor een brede corridor in noord-zuidelijke richting voor zowel grote als kleinere dieren. Daarnaast draagt een ecologische oever bij aan de waterkwaliteit en het waterleven. In verband met de aanwezigheid van de das zal een dassenakker worden aangelegd. Dit gedeelte zal ingezaaid worden met graan en wilde bloemen. Daarnaast worden er besdragende heesters en laagstam fruitbomen aangeplant. Dit vormen allen voedselbronnen voor de das, hiermee worden de leefomstandigheden van de das in dit gebied verbeterd.
Afbeelding 20. Profiel C’-C Zuidwestzijde, inrichting dassenakker
38
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
39
5.3 Elementen ten behoeve van het zonnepark 5.3.1 Panelen, hoogte en oriëntatie
In het zonnepark worden panelen en toebehoren geplaatst. De panelen worden maximaal 1,80 meter hoog. De panelen hebben een oppervlakte van circa 22,5 hectare. Dit is exclusief beheerpaden rondom en tussen het zonnepark. De stellages met zonnepanelen staan in rijen, zoveel mogelijk georiënteerd op het zuiden, parallel aan de kavelstructuur. Deze panelen beginnen op circa 0,65 centimeter boven maaiveld waardoor er ruimte is voor licht en water om onder de panelen te komen. Daarbij biedt dit genoeg ruimte voor verschillende vormen van beheer.
Afbeelding 21. Referentiebeeld insectenhotel
Ontwerpmaatregelen •
De panelen worden parallel aan de kavelstructuur geplaatst.
•
De panelen worden maximaal 1,80 meter hoog.
•
Er kan een gezonde grasvegetatie ontwikkelen, omdat de panelen 70 centimeter boven het maaiveld worden geplaatst.
•
De kans op overlast door reflectie of schittering voor omliggende woningen is zeer klein.
5.3.2 Beheerpaden De ontsluitingsweg van het zonnepark naar de containers met reserveonderdelen, transformator en aansluitpunt is 4,5 meter breed en (half)verhard. Hierbij wordt gebruik gemaakt van het al grotendeels bestaande puinpad, zoals ook toegelicht in paragraaf 5.2.3 Ontsluiting en routes. Door te kiezen voor een halfverharding krijgt de ontsluitingsweg een minder prominente plek binnen het landschap. De overige beheerpaden variëren in breedte en zijn niet smaller dan twee meter breed. Dit betreffen allen graspaden. De schouwpaden van het waterschap Vechtstromen Afbeelding 22. Referentiebeeld hekwerk met wildraster
worden zoveel mogelijk gecombineerd met de beheerspaden van het zonnepark.
5.3.3 Hekwerk Op de plekken waar dit vereist is zal een onopvallend, landelijk ogend hekwerk worden toegepast. Hierbij zal het gaas 10 cm boven maaiveld beginnen. Daarnaast worden in het hekwerk om de 50 meter grotere doorgangen gemaakt voor dieren als de das. Er wordt alleen een hekwerk aan de westzijde, oostzijde en deels aan de zuidzijde van het zonnepark geplaatst.
5.3.4 Transformator- en bijgebouwen De opgewekte stroom van de zonnepanelen wordt getransporteerd naar omvormers en vervolgens naar transformatoren. Deze transformatoren worden langs het halfverharde beheerpad van tenminste 4,5 meter geplaatst. Per twee hectare zonnepark is circa één transformator nodig. Vanaf de transformatoren gaat de stroom naar een inkoopstation. Dit is het aansluitpunt voor de netverbinding. De transformatoren en inkoopstation dienen Afbeelding 23. Referentiebeeld transformator, Diabolo 5HL groen, bron: alfen.com
40
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
door hulpverlenende diensten goed bereikbaar te zijn. Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
41
5.4 Beplantingsplan De beplanting is in verschillende elementen te onderscheiden. Hieronder wordt per elementen een beschrijving gegeven.
Bloemrijk- en kruidenrijk grasland Onder de panelen en rondom het zonnepark blijft een groot deel van de bodem bestemd als grasland. Door een extensief beheer zal verschraling optreden waardoor een
moet ontnemen. Het struweel bestaat uit: sporkehout (20%), wilde lijsterbes (20%), hazelaar (20%), vogelkers (10%) en liguster (30%).
Struweelgroepen
kruidenrijk grasland zich kan gaan ontwikkelen. Dit leert ecologisch een meerwaarde aan
Ter hoogte van de A37 worden op de grondwal diverse struweelgroepen aangeplant.
het landschap.
Dit struweel bestaat uit dezelfde soorten welke op de dassenakker worden toegepast,
De interne onderhoudspaden en de stroken rondom het zonnepark worden ingezaaid
namelijk vogelkers (20%), krent (35%), jeneverbes (15%) en wilde lijsterbes (30%).
met een inheems bloemenmengsel bestaande uit meerjarige soorten. Hierbij wordt
De heesters worden groepsgewijs gemengd in groepen van 3 stuks en geplant in
gekozen voor een mengsel dat aantrekkelijk is voor bijen, vlinders en vogels, zoals
driehoekverband. Door de heesters in groepen van dezelfde soort aan te planten wordt
bloemenmengsel G3 van Cruydt Hoeck of een vergelijkbaar mengsel.
voorkomen dat snelgroeiende heesters de traag groeiende heesters overwoekeren. Over
Dassenakker
de lengte van de grondwal worden de heesterssoorten goed verspreid.
Voor de das worden twee speciale stroken ingericht aan de zuidzijde van circa 8-10
Losse haag
meter breed. In deze strook wordt een strook graan (met akkerbloemen) gezaaid
Een deel van de zuidzijde van het plangebied wordt landschappelijk ingepast met een
en enkele groepen besdragende heesters aangeplant. De heesters betreffen de
losse haag van circa 10 meter breed, bestaande uit inheems autochtone soorten; wilde
besdragende soorten; vogelkers (20%), krent (35%), jeneverbes (15%) en wilde lijsterbes
lijsterbes (25%), hazelaar (25%), vogelkers (30%) en liguster (20%). De haag zal circa 2
(30%). Deze strook vormt een extra voedselbron voor dassen maar is ook interessant
meter hoog worden, zo wordt het zonnepark aan het oog onttrokken en is er geen sprake
voor vogels en andere grondgebonden zoogdieren. Direct langs de bosgrens zullen over
van schaduwwerking op de panelen.
de gehele lengte om de circa 100meter, in clusters van 4 stuks, laagstam fruitbomen worden aangeplant. Valtfruit is een waardevolle extra voedselbron voor dassen. het
5.5 Beheer
zullen verschillende rassen zijn met een wisselende rijpingsperiode.
Per beheertype is een beschrijving gegeven hoe het beheer de komende 25 jaar moet
Ecologische oever
plaatsvinden.
Langs de hoofdwatergang, welke het plangebied doorsnijdt, wordt aan westzijde een
Beheer grasvegetatie
twaalf meter brede ecologische oever gemaakt. Gezien de kwaliteit van de oevers is de
Door het beheer extensief uit te voeren kan een kruiden- en bloemrijk grasland ontstaan
verwachting dat riet en andere oevervegetatie zich snel op eigen kracht zal gaan vestigen
met een ecologische meerwaarde. Het plangebied zal 1 à 2 keer per jaar gemaaid
na aanleg. Dit draagt bij aan de ecologische waarde van de watergang en draagt bij
worden in juni en/of september. Bij 1x in het jaar maaien kan dit het beste in september
aan de biodiversiteit van het gebied. Deze strookt vormt ook een veilige verbinding voor
worden uitgevoerd. Het maaisel dient na een korte droogperiode afgevoerd worden,
dieren tussen de A37 en het zuidelijk gelegen bosgebied.
waarbij de zaden achterblijven. Hierbij is het wenselijk de percelen alternerend te maaien
Struweel
en per perceel de fauna een uitweg te geven naar de randen. Een alternatief voor machinaal maaien is drukbegrazing, indien er een lokale
Aan de westzijde wordt een 10 meter breed struweel aangeplant. Het struweel bestaat
schaapherder beschikbaar is. Drukbegrazing houdt in dat schapen een paar keer per
uit diverse plantsoorten, passend bij de bodem en de grondwaterstand. De heesters
jaar, voor slechts een aantal dagen achtereen, op hetzelfde perceel grazen. Hierdoor
worden groepsgewijs gemengd in groepen van 4-5 stuks en geplant in driehoekverband.
ontstaat structuurvariatie in de vegetatie en kunnen bloemen tot bloei komen. De vele
Door de heesters in groepen van dezelfde soort aan te planten wordt voorkomen dat
aanwezige insecten profiteren van deze natuurlijke vorm van beheer. Tegelijkertijd
snelgroeiende heesters de traag groeiende heesters overwoekeren. Over de lengte
geeft dit geen ruimte aan de ontwikkeling van echte ruigten met bramen en bomen en
van een zijde worden de heesterssoorten goed verspreid. Zo ontstaat een variatie in
verschraalt de bodem, wat resulteert in ecologisch waardevoller gevarieerd grasland.
uitstraling gedurende het jaar. De aanplantmaat zal 60/100 cm betreffen. De heesters zullen met een dichtheid van 3 stuks per vierkante meter worden aangeplant. Hier wordt niet gekozen voor de kleinste aanplantmaat, aangezien een dichte structuur het zicht
42
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
43
Beheer ecologische oever en hoofdwatergang
Beheer struweel en struweelgroepen
De ecologische oever zal in de eerste vijf jaar één keer per jaar voor 50% gemaaid, over
In de eerste jaren na aanplant zal het struweel en het gebied eromheen intensiever
een periode van twee jaar wordt dan de hele oever gemaaid. Tijdens het maaien, mag de
worden onderhouden. Tot het derde jaar na aanplant zal tussen de heesters twee keer
gemaaide oeverlengte maximaal 200 meter betreffen. Zo is altijd een deel van de oevers
per jaar het onkruid en ongewenst opschot worden verwijderd. Daarnaast wordt het
beplant met overjarig riet; dit biedt beschutting aan kleine vogels en insecten.
struweel jaarlijks in het najaar gesnoeid zodat een compacte groei ontstaat. In de daarop
In deze eerste vijf jaren zal actief de opschot van wilgen en elzen worden verwijderd.
volgende jaren wordt elk jaar één zijde van het struweel gesnoeid. Zo kan een hoogte
Na vijf jaar zal het beheer van de oever extensiever worden. De ecologische oever wordt
van maximaal 3 meter worden gewaarborgd.
na de vorming van riet één keer per jaar voor 33,3% gemaaid, over een periode van drie jaar wordt dan de hele oever gemaaid.
Beheer losse haag
Het waterschap Vechtstromen blijft verantwoordelijk voor het beheer van de
De losse haag heeft als doel het zonnepark zoveel mogelijk aan het zicht te onttrekken.
hoofdwatergang in en aangrenzend aan het plangebied. In het ontwerp wordt voldoende
Beide zijden zullen tot het derde jaar na aanplant jaarlijks worden gesnoeid. Daarna
ruimte geboden om dit beheer te kunnen uitvoeren.
kan de haag wisselend om de 2 tot 3 jaar worden onderhouden. Zo wordt zorggedragen
Beheer resterende watergangen en greppels
voor een gesloten losse haag. De haag wordt niet hoger dan twee tot drie meter zodat schaduw op de panelen wordt voorkomen.
De kleinere watergangen en greppels dienen om te twee jaar gemaaid te worden. Hierbij dient de greppel elk jaar over één lengte gemaaid te worden. Zo blijft altijd een deel van de vegetatie staan. Het maaisel dat vrijkomt door het maaien dient te worden afgevoerd.
Afbeelding 24. Profiel D’-D Beeld na herinrichting hoofdwatergang met natuurvriendelijke oever aan de westzijde.
44
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
45
Eindconclusie Het zonnepark voldoet aan de richtlijnen die worden geschetst in de Energievisie, afwegingskader zonne-energie Hoogeveen, namelijk:
Opzet en inrichting •
Zonnepanelen worden in een rechthoekige tot vierkante opzet geplaatst.
•
Het zonnepark respecteert bestaande perceelgrenzen, beplantingsstructuren en omliggende sloten.
•
Het zonnepark versterkt waar mogelijk de kavelstructuur.
•
Ontsluiting zonnepark sluit aan op de dichtstbijzijnde weg.
•
Noodzakelijke voorzieningen zoals transformatorhuisjes e.d. worden zo dicht mogelijk bij de ontsluiting geplaatst.
•
Afstand tot woningen zo groot mogelijk. Dichtstbijzijnde woning staat op ruim 200 meter afstand van de zonnepanelen.
•
Er worden alleen hekwerken geplaatst waar dit strikt noodzakelijk is.
Inpassing •
De bestaande landschapsbeplanting rondom het zonnepark wordt behouden. In het plangebied staat landschap ontsierende beplanting en dit wordt verwijderd.
•
De nieuwe landschapsbeplanting onttrekt het zonnepark aan het zicht en draagt bij aan structuurversterking van het landschap. De grondwal met beplanting, de ecologische oever, de losse haag en dassenakker zijn blijvende elementen in het landschap, deze worden na de ontmanteling het zonnepark behouden. Het struweel aan de westzijde van het zonnepark heeft geen landschapsversterkende functie. Dit struweel is vooral bedoelt om het zonnepark uit het zicht te halen en wordt daarom verwijderd na de ontmanteling van het zonnepark.
•
Vanaf de A37 wordt het zonnepark, door de toepassing van een grondwal met beplanting, beperkt zichtbaar.
Vormgeving •
Er wordt gekozen voor een passend hoogwaardig hekwerk dat een zo hoog mogelijke transparantie heeft.
•
Het hekwerk wordt gecombineerd met beplanting (struweel en losse haag), hierdoor is het hekwerk uit het zicht geplaatst.
•
Alle zonnepanelen zijn hetzelfde en hebben een donkerblauwe/zwarte kleurstelling.
•
46
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
De transformatoren hebben een donkere groene kleur.
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld
47
Bijlage 2 Participatieplan
Zonnepark Meerboomweg-Zuid, Hollandscheveld | Eelerwoude | 98
Bijlage 2 Communicatie en (financiële) participatie rondom zonnepark Meerboomweg-Zuid Hollandscheveld Datum: 26 mei 2021 Inleiding Voorafgaand en tijdens de aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een zonnepark aan de Meerboomweg-Zuid te Hollandscheveld, is er op diverse manieren gecommuniceerd met omwonenden en belanghebbenden. In dit overzicht is weergegeven op welke manier deze communicatie heeft plaatsgevonden. Daarnaast is beschreven op welke wijze een gedeelte van de baten terugvloeit in de lokale gemeenschap. Direct aanwonenden (Meerboomweg-Zuid 11, 11a, 13 en 15) Na een positief principebesluit te hebben ontvangen op 18 mei 2018 heeft PowerField het proces om te komen tot een uitgewerkt plan voor een zonnepark verder opgepakt. Draagvlak bij omwonenden is daarbij van groot belang. Zij kijken immers uit op het plangebied en de gevolgen voor hun uitzicht zijn het grootst. Op 12 en 13 juni 2018 zijn de bewoners van de Meerboomweg-Zuid nummers 11, 11a, 13 en 15 persoonlijk bezocht. Het idee is daarbij aan hen voorgelegd en omwonenden zijn voorzien van informatie. PowerField is voornemens niet de gehele grondoppervlakte met panelen te beleggen. Dit zou namelijk betekenen dat de panelen tot aan de Meerboomweg-Zuid, op zeer korte afstand van de woningen, worden geplaatst.
Om draagvlak en uitzicht te behouden heeft PowerField aangeboden de panelen op gepaste afstand te plaatsen (circa 150-200 meter). Het gedeelte van de grond die daarmee niet belegd wordt en tussen de woningen en het zonnepark in ligt, heeft PowerField tegen gereduceerd tarief aangeboden aan de aanwonenden. De omwonenden hebben aangegeven hierin interesse te hebben. Op deze manier komt een deel van de baten terecht bij de direct aanwonenden. Daarnaast heeft PowerField aangeboden om kosteloos een set van 12 zonnepanelen inclusief omvormer te plaatsen bij deze direct aanwonenden. Op die manier profiteren ook zij van de realisatie van het zonnepark en komt een deel van de baten bij hen terecht. Voorwaarde hierbij is wel dat het plan doorgaat en er een onherroepelijke omgevingsvergunning is.
Conform het beleid is het mogelijk om zonnepanelen van 3 meter hoog te plaatsen. Om visueel zo min mogelijk hinder te veroorzaken, heeft PowerField aangeboden zonnepanelen te plaatsen met een maximale hoogte van 1,8 meter. Tevens is gevraagd dat, als het park er zou komen, wat voor wensen/eisen de omwonenden in dat geval zouden hebben met betrekking tot de landschappelijke inpassing van het zonnepark. Aangegeven is dat dit geheel open staat. Dit betroffen de volgende wensen/eisen: • • • • •
• •
De zonnepanelen volledig uit het zicht; (Winter)groene inpassing; Graag niet te hoge beplanting omdat er anders overal bos om de woningen staat; Dus lage dichte beplanting waardoor het verre zichtveld blijft behouden; Aanleg van een poel op een gedeelte van de grond waarin één van de omwonende interesse heeft (dit betreft een natte plek) PowerField heeft aangegeven zeer positief tegenover die suggestie te staan zodat ook buiten het zonnepark om meer natuur wordt ontwikkeld; Toegangspad behouden via de huidige zandweg, niet via het pad aan de noordzijde langs de snelweg; De afstand van de woningen tot het zonnepark moet minimaal 200 meter zijn. Één van de omwonenden heeft aangegeven dat hij het zonnepark graag zou willen hebben achter een grenssloot van hem. Dit zou betekenen dat het zonnepark verder weg komt te staan van de woningen.
Bovenstaande eisen en wensen zijn de basis geweest voor het inrichtingsplan voor het zonnepark. PowerField heeft daarbij tegemoet kunnen komen aan al deze punten. Daarnaast is nog de volgende opmerking gemaakt: •
Met 12 zonnepanelen wordt het krap om te voorzien in de eigen elektriciteitsvoorziening. Dit zouden er eigenlijk 15 moeten zijn.
PowerField zal omwonenden kosteloos een set van 15 zonnepanelen plus omvormer en installatie aanbieden. Op 29 augustus 2018 is een bijeenkomst georganiseerd bij de bewoners van de Meerboomweg-zuid nummer 13. De bijeenkomst was georganiseerd om het inrichtingsplan te presenteren en te vragen of alle opmerkingen goed waren verwerkt. Naast de bewoners van nummer 13 waren tevens de bewoners van huisnummers 11, 11a en 11b aanwezig. De bewoners van nummer 15 hebben aangegeven niet aanwezig te zullen zijn. Om die reden is het inrichtingsplan via de mail aan hen toegezonden. Tijdens de bijeenkomst zijn nog enkele finale opmerkingen gemaakt. Deze opmerkingen zijn verwerkt in het definitieve plan dat uiteindelijk op 21 september 2018 ter goedkeuring aan de omwonenden is toegezonden. Groenleven en Het Drentse Landschap Gaandeweg het proces is duidelijk geworden dat er nog een initiatief voor een zonnepark was. Dit betreft een initiatief van Groenleven en ligt gedeeltelijk tegen de gronden aan van het zonnepark van