Uitwerking sociaal domein taakstelling 2021 versie 10mrt2021 def b
Tekst van het document
Sociaal domein: taakstelling 2021 Versie 10 maart 2021
Inhoud 1. Inleiding...........................................................................................................2 Relatie met Herontwerp sociaal domein .................................................................2 Taakstelling vanuit opdracht Herontwerp sociaal domein ..........................................2 2. Voorstel invulling taakstelling 2021 ......................................................................3 3. Criteria voor maatregelen ...................................................................................3 Is de maatregel in lijn met Schone lei en de programmabegroting? ...........................4 Past de maatregel binnen de beleidskaders die vastgesteld zijn door de raad? ............4 Is de maatregel financieel dicht gerekend?.............................................................4 Is de maatregel uitvoerbaar voor de organisatie?....................................................4 Is de maatregel verstandig?.................................................................................4 Past de maatregel binnen de wettelijke kaders? ......................................................5 4. Maatschappelijke effecten van de maatregelen ......................................................5 5. Advies van adviesraden ......................................................................................5 6.
Voorstel taakstelling Participatie ..........................................................................7 7. Voorstel taakstelling Wmo.................................................................................10 8. Voorstel taakstelling Jeugdhulp..........................................................................12 9. Extra bijdragen Rijk voor het sociaal domein 2021 ...............................................13 10. Rapporteren aan de raad van resultaten............................................................13 11. Vervolgstappen taakstelling 2021 .....................................................................14 Bijlagen .............................................................................................................14 1. Adviezen adviesraad sociaal domein en cliëntenraad sociale zekerheid (separaat) ..14 2. Reactie college op deze adviezen (separaat) .....................................................14 3. Welke maatregelen zijn al eerder genomen in het sociaal domein?.......................14 4. Vragen raad van 1 maart 2021 .......................................................................14
1
1. Inleiding Deze memo is van het college aan de raad. De memo is een bijlage bij het raadsvoorstel over de taakstelling op het sociaal domein voor 2021.
Relatie met Herontwerp sociaal domein Deze taakstelling is onderdeel van het programma ‘Herontwerp sociaal domein’ (HSD). Momenteel vinden voorbereidende gesprekken en bijeenkomsten plaats om tot een programmaplan te komen, met het streven dit plan voor het zomerreces af te ronden. Het college vindt een zorgvuldig proces van groot belang. Dat kost echter wel de nodige tijd. Tegelijkertijd ligt er een opgave voor 2021. Daarom knippen we de taakstelling voor 2021 en het Herontwerp. Structureel of incidenteel? De maatregelen voor de taakstelling 2021 zijn zo veel mogelijk in lijn met de gedachten over het herontwerp, maar de financiële opgave is nu leidend. We gaan ervan uit dat de maatregelen voor Jeugdhulp en Wmo en Participatie-Inkomen structureel zijn en voor Participatie–Werk & Re-integratie in eerste instantie incidenteel. Over structurele maatregelen na 2021 volgen op een later moment het voorstel en de besluitvorming.
Taakstelling vanuit opdracht Herontwerp sociaal domein De gemeenteraad heeft in de begroting 2021-2024 opdracht gegeven om het Herontwerp sociaal domein vorm te geven en maatregelen te nemen om de daaruit voortvloeiende financiële taakstelling te realiseren. Onderdeel van deze opdracht is een taakstelling die oploopt van € 1 miljoen in 2021 tot 8 miljoen in 2025. Extra taakstelling voor 2021 op jeugdhulp Bij de begrotingsbehandeling is daarnaast een amendement aangenomen dat deze taakstelling specifiek voor jeugdhulp met € 0,5 miljoen verhoogd. Extra taakstelling door collegebesluiten Daarnaast zag het college zich genoodzaakt om de taakstelling te verhogen met € 80.000. De reden hiervan is dat de gemeente per 1 januari 2021 verantwoordelijk is voor extra taken op het gebied van Inburgering. In het gemeentefonds zijn hiervoor extra middelen beschikbaar gesteld, maar deze dienen conform afspraken uit Schone Lei ten gunste van de algemene reserve te komen en konden we dus niet vrijmaken voor de uitvoering. Deze moet toch plaatsvinden, daarom verhogen we de taakstelling sociaal domein om hier alsnog dekking voor te vinden. In totaal is de taakstelling voor 2021 dan € 1,580 miljoen. In deze memo werken we deze taakstelling van € 1,580 miljoen voor 2021 verder uit.
Vragen raad 1 maart 2021 Op 1 maart zijn tijdens een themabijeenkomst over de taakstelling 2021 vragen gesteld door gemeenteraadsleden. De vragen en antwoorden erop vindt u in een bijlage.
2
2. Voorstel invulling taakstelling 2021 Alleen cijfermatig bekeken zou de volgende verdeling per wet passen bij de taakstelling:
€ 360.000 voor Participatie € 360.000 voor Wmo € 860.000 voor Jeugdhulp
In deze memo komen we tot een andere verdeling. Dit op basis van de onderzochte mogelijkheden voor de taakstelling. We komen op deze bezuinigingen:
€ 107.500 voor Participatie – Inkomen € 190.000 voor Participatie – Werk & Re-integratie € 298.000 voor Wmo € 425.000 voor Jeugdhulp € 1.021.000 totaal
De taakstelling van € 1,580 miljoen is dus niet alleen met bezuinigingen op uitgaven te halen. We komen met bezuinigingen op uitgaven tot (afgerond) maximaal € 1,0 miljoen. Het is wat het college betreft dus niet mogelijk om de taakstelling te realiseren, zoals door de raad in de (geamendeerde) Programmabegroting geformuleerd. Inzet extra bijdragen Toch denkt het college dat het begrotingsevenwicht daardoor niet in gevaar komt. We verwachten namelijk ook voordelen in de vorm van extra bijdragen van het Rijk. Hoewel meevallers conform de afspraken in Schone Lei naar de algemene reserve zouden moeten gaan, gaat het hier om rijksinkomsten ten behoeve van het sociaal domein. Uitgangspunt is dat we de rijksinkomsten en gemeentelijke uitgaven in het sociaal domein met elkaar in evenwicht houden en daarom is verdedigbaar om deze niet begrote inkomsten niet te gebruiken voor het extra versterken van de algemene reserve, maar in te zetten ter dekking van het ontstane gat in de begroting. We stellen de raad daarom voor om bij de Gemrap de taakstelling te verlagen tot € 1 miljoen. In het vervolg van deze memo werken we dit verder uit. PM posten Van een aantal maatregelen is het nog onzeker of er een financiële opbrengst volgt en zo ja hoe groot. We hebben die posten daarom op ‘PM’ gezet. Om toch een beeld te krijgen, hebben we een bandbreedte toegevoegd.
Gezien de onzekerheid hebben we die niet meegenomen in de optelling. We geven twee bandbreedtes aan voor de PM-maatregelen: 0-10.000 en 10.000-50.000.
3. Criteria voor maatregelen Om de taakstelling voor 2021 te realiseren, zijn maatregelen nodig. Om de maatregelen af te wegen hebben we de volgende zes criteria gehanteerd. 1. Is de maatregel in lijn met ‘Schone lei’/Programmabegroting 2021-2024? 2. Past de maatregel binnen de beleidskaders die zijn vastgesteld door de raad? 3. Is de maatregel financieel dicht gerekend? 3
4. Is de maatregel uitvoerbaar voor de organisatie? 5. Is de maatregel verstandig? 6. Past de maatregel binnen de wettelijke kaders? Hieronder een toelichting per criterium.
Is de maatregel in lijn met Schone lei en de programmabegroting? Alle maatregelen die we in deze memo noemen, zijn in lijn met Schone lei en de programmabegroting en geven invulling eraan.
Past de maatregel binnen de beleidskaders die vastgesteld zijn door de raad? Soms is een besluit nodig van de raad om het beleid aan te passen voor de uit te voeren maatregel. Waar de raad een rol heeft, komt verderop terug bij de voorgestelde maatregelen.
Is de maatregel financieel dicht gerekend? De maatregelen die in dit voorstel staan, zijn financieel dicht gerekend. Of ze ook realiseerbaar zijn in 2021 hangt met name af van de juridische risico’s. Het is namelijk niet op voorhand te zeggen wat de gevolgen zijn van de te verwachten procedures bezwaar en beroep en van een mogelijk beroep van inwoners op de Wet Dwangsom.
Is de maatregel uitvoerbaar voor de organisatie? De maatregelen zijn uitvoerbaar voor de organisatie, maar gaan wel met risico’s gepaard, namelijk:
Capaciteitsrisico: werken aan taakstelling naast het reguliere werk Werkdruk en ziekteverzuim: het ziekteverzuim ligt bij de uitvoerende eenheid (D&A) hoger dan gemiddeld bij de SWO
Is de maatregel verstandig? Met verstandig bedoelen we dat een maatregel bijdraagt aan het doel wat we voor ogen hebben, namelijk de taakstelling 2021 halen. Als maatregelen naar onze verwachting alleen op korte termijn tot besparing leiden maar op lange termijn tot kostenverhoging, hebben we ervan af gezien deze op te nemen in deze memo. Twee voorbeelden zijn:
KANS-trajecten: de optie was € 50.000 te korten op deze trajecten, maar we zien hiervan af. Binnen het KANS-traject stroomt 80-90% van de jongeren uit naar opleiding of werk. Via KANS wordt een langdurig verblijf van jongeren (vaak met meerdere problemen) in de bijstand voorkomen en ook dat jongeren een beroep doen op andere voorzieningen. Mantelzorg: de optie was € 20.000 tot € 35.000 te korten op ‘Mantelzorg Vitaal’, maar ook hier zien we vanaf. Dit instrument is belangrijk om juist zwaar belaste mantelzorgers te helpen, via professionele mantelzorgondersteuners van de SWW. Mantelzorg-Vitaal voorkomt uitval van mantelzorgers en daarmee ook extra ondersteuningskosten.
Of de maatregelen maatschappelijk verstandig zijn, is een complexe vraag. Voor de maatschappelijke risico’s die het college ziet en die de adviesraden zien, zie hieronder (bij 5 en 6). 4
Past de maatregel binnen de wettelijke kaders? In dit voorstel staan alleen maatregelen die passen binnen de wettelijke kaders. Wel raken de maatregelen in sommige gevallen de grens van de wet en lopen we daarmee enig juridisch risico. Inwoners kunnen bezwaar en beroep aantekenen en zich beroepen op de Wet Dwangsom. Bij welke voorgestelde maatregelen dit aan de orde is, geven we verderop aan.
4. Maatschappelijke effecten van de maatregelen Hoe vallen de maatregelen bij inwoners? Hoe schatten we dat zelf in? We zien vooral deze maatschappelijke risico’s:
Realisatie van de taakstelling is alleen haalbaar door ook maatregelen te nemen die inwoners raken.
We verwachten als gevolg van de maatregelen een toename van klachten en bezwaren, omdat de nadruk komt op meer zelfredzaamheid en minder ondersteuning.
De reikwijdte van deze taakstelling kan ook tot onzekerheid en onrust bij de doelgroepen leiden. De taakstelling is voor 2021. Of de invulling van de taakstelling met deze maatregelen ook voor 2022 en verder overeind blijft, is voor een latere besluitvorming. We gaan ervan uit dat de maatregelen voor Jeugdhulp en Wmo en Participatie-Inkomen structureel zijn en voor Participatie – Werk & Reintegratie in eerste instantie incidenteel.
De taakstelling 2021 loopt vooruit op een inhoudelijke visie, die met het programmaplan Herontwerp sociaal domein gepland is dit jaar. Voor het bouwen aan deze visie hebben we adviesraden, ‘het werkveld’ en inwoners nodig.
5. Advies van adviesraden Wat vinden ervaringsdeskundigen van de beoogde maatregelen voor de taakstelling 2021? Hoe schatten zij de maatschappelijke effecten in? Daarvoor hebben we ons concept voorstel taakstelling 2021 neergelegd voor advies bij de adviesraad sociaal domein (Jeugdhulp en Wmo) en de cliëntenraad sociale zekerheid (Participatie). Adviesraden hebben een ‘breder’ concept gezien Het concept voorstel dat we aan de adviesraad en cliëntenraad hebben voorgelegd, omvatte meer maatregelen dan de voorgestelde maatregelen in dit document (zoals de eerder genoemde KANS-trajecten en Mantelzorg Vitaal). De zoektocht naar maatregelen om de taakstelling 2021 te realiseren, heeft namelijk in eerste instantie meer dan 1.5 miljoen opgeleverd. Deze informatie is ook meegegaan in de adviesvraag naar de adviesraden. College heeft al geselecteerd uit dit ‘bredere’ concept Een aantal van de gevonden maatregelen in dit ‘bredere’ concept voorstel, achten we, mede op basis van de adviezen van de adviesraden, op voorhand al niet verstandig. Het gaat dan om maatregelen waarbij we een maatschappelijk te groot risico zien, maatregelen die niet realiseerbaar zijn in 2021, of maatregelen waarvan we zeker achten dat ze tot een waterbedeffect zullen leiden (korte termijn financiële voordelen en lange termijn financiële nadelen). 5
Dus in afwachting van de reactie van de adviesraden, hebben we als college deze maatregelen al terzijde gelegd (zoals KANS en Mantelzorg Vitaal). Kritische reacties De reacties van beide adviesraden zijn (zeer) kritisch. Zie de bijlagen voor de complete adviezen en de uitgebreidere reactie van het college hierop.
6
6. Voorstel taakstelling Participatie Participatie is verdeeld in drie budgetten: Begroot in 2021 BUIG*/INKOMEN
€ 24.365.219
STARK/WSW
€ 20.942.248
WERK & RE-INTEGRATIE
€ 1.606.080
TOTAAL
€ 46.908.547
BUIG is een afkorting voor een ‘gebundelde uitkering’ van het Rijk aan gemeenten voor het bekostigen van uitkeringen. Het gaat om:
Participatiewet-uitkeringen gericht op participatie in de samenleving en toeleiding naar werk (algemene bijstand, bijzondere bijstand en individuele inkomenstoeslag) Uitkeringen voor oudere mensen zonder werk (IOAW en IOAZ) Bijstand voor zelfstandigen (Bbz) En om loonkostensubsidie aan werkgevers (om iemand met een ziekte of handicap in dienst te nemen)
Voor participatie hebben we een taakstelling van € 297.500 gevonden. Deze omvat maatregelen rond Inkomen (€ 107.500) en rond Werk en re-integratie (€190.000) . Algemene risico’s taakstelling Participatie Hieronder per maatregel een toelichting. Vooraf twee algemene risico’s voor de taakstelling op Participatie:
De impact van de bezuinigingen van vóór 2021 en deze taakstelling op inwoners met een minimuminkomen is hoog. Voor deze groep kan een kleine achteruitgang in het inkomen grote gevolgen hebben, zoals armoede, schulden, criminaliteit en gezondheidsproblemen. We verwachten door de (nasleep van de) coronacrisis dat er minder mensen uitstromen uit de bijstand en meer mensen instromen. Dat betekent minder budget en inzet per persoon in de bijstand. We hebben een extra bijdrage van het Rijk gekregen om de effecten van de coronacrisis te dempen, maar in dit voorstel is deze hiervoor niet inzetbaar: we gebruiken die dan voor de invulling van de taakstelling 2021.
Incidenteel en structureel Voor Participatie-Werk & Re-integratie geldt dat we de maatregelen in eerste instantie incidenteel alleen voor 2021 inzetten. Voor Participatie-Inkomen gaan we uit van structurele maatregelen.
7
Voorstel taakstelling Participatie – Inkomen Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
Toelichting en maatschappelijk effect
7.500
Beleidsaanpassing via raad nodig? Nee
1
Besparing op de post Diverse kosten
2
Verlagen van het bedrag van individuele inkomenstoeslag (bijzondere bijstand)
100.000
Ja
De gemeente is verplicht om de toeslag aan te bieden voor inwoners die lange tijd een uitkering ontvangen of een inkomen hebben op uitkeringsniveau. Hoe en hoeveel bepaalt de gemeente zelf. Dit voorstel gaat over 75% verlaging. Voor deze groep kunnen de gevolgen groot zijn, zoals hierboven geschetst.
3
Besparing bewindvoeringskosten door inzet van het adviesrecht
PM (010.000)
Nee
Gemeenten mogen sinds 2021 rechtbanken adviseren over schulden bewinden van inwoners. Bij het afraden van dergelijke bewinden kunnen de directe kosten voor de gemeente dalen. Effect hiervan kan zijn dat inwoners voor wie het nuttig is onder bewind te staan, nu de vrije hand houden over hun uitgaven. Mogelijk met grotere financiële problematiek tot gevolg.
4
Het draagkracht percentage in de bijzondere bijstand verhogen (bijzondere bijstand)
PM (10.00050.000)
Ja
Minder bijzondere bijstand betekent meer (eigen) draagkracht. De risico’s zijn gelijk aan die bij voorstel verlagen individuele inkomenstoeslag.
TOTAAL 107.500
8
Dit budget wordt niet volledig gebruikt en kan daarom krapper.
Voorstel taakstelling Participatie - Werk en Re-integratie Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
Toelichting en maatschappelijk effect
80.000
Beleidsaanpassing via raad nodig? Nee
1
Stoppen met reintegratievoorzieningen
2
Minder reintegratietrajecten bij Stark
100.000
Nee
Doel van trajecten bij Stark is het werkfit maken van cliënten. Verminderde afname van deze trajecten betekent voor cliënten meer afstand tot de arbeidsmarkt.
Gevolg is minder uitstroom van bijstandscliënten naar werk. Langdurig verblijf in de bijstand werkt negatief door op andere gebieden voor de inwoner.
Als eigenaar van Stark zijn wij verantwoordelijk voor eventuele tekorten. Het directe besparende effect van deze maatregel zou daarmee beperkt zijn. 3
Minder medische keuringen cliënten
10.000 TOTAAL 190.000
9
Nee
Medische keuringen zijn een schakel in de uitstroom van bijstandscliënten naar werk. Risico is minder uitstroom.
7. Voorstel taakstelling Wmo Het budget voor Wmo is verdeeld over vijf posten: Begroot in 2021 SAMENKRACHT EN BURGERPARTICIPATIE
€ 5.737.472
WIJKTEAMS
€ 1.653.838
MAATWERKVOORZIENING WMO
€ 3.298.066
MAATWERKDIENSTVERLENING 18+
€ 17.201.440
GEËSCALEERDE ZORG 18+
€ 744.561
TOTAAL
€ 28.635.376
Structurele maatregelen We gaan ervan uit dat de maatregelen voor Wmo structureel zijn. Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
Toelichting en maatschappelijk effect
200.000
Beleidsaanpassing via raad nodig? Ja
1
Verlagen van het budget voor Wmo-begeleiding en het budget hanteren als plafond
2
Het algemeen gebruikelijk maken van bepaalde woonvoorzieningen
5.000
Nee
Strakker indiceren bij verhuizing van een aangepaste woning naar een woning waarbij aanpassingen nog moeten worden gerealiseerd. Eenvoudige woonvoorzieningen niet meer vergoeden, zoals eenvoudige douchestoelen, eenvoudige toiletstoelen, drempelhulpen en het nivelleren van drempels bij de voordeur en/of achterdeur. We doen een groter beroep op eigen kracht en eigen financiële middelen.
3
Het innemen van scootmobielen waar geen gebruik van wordt gemaakt
PM (10.00050.000)
Nee
Heronderzoek uitvoeren bij cliënten die hun scootmobiel weinig gebruiken. Bij geen gebruik, de voorziening aanwenden voor anderen en verzekering en onderhoudscontract stopzetten.
4
Het maken van tilliftenpools
PM (010.000)
Nee
In wooncomplexen tilliftenpools realiseren voor gezamenlijk gebruik: bijvoorbeeld 1 tillift per vleugel of galerij.
Aan het eind van het jaar ontstaan wachtlijsten voor niet-spoedeisende ondersteuning. Risico op claims op grond van de Wet Dwangsom.
Hierdoor moet een cliënt mogelijk langer wachten op persoonlijke verzorging. 5
10
Check op rechtmatigheid 100% facturaties
PM (10.00050.000)
Nee
Controle van facturen voor Wmo begeleiding waarbij 100% in rekening wordt gebracht, terwijl er normalerwijze ook sprake is van zogenaamde ‘no show’ en vakanties. Onrechtmatige betalingen worden terug- en ingevorderd.
Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
Beleidsaanpassing via raad nodig?
Toelichting en maatschappelijk effect
Deze maatregel stimuleert zorgaanbieders om correct te factureren. 6
Toepassen 5% boeteclausule bij late facturatie aanbieders
PM (10.00050.000)
Nee
Conform contract bij facturen die te laat worden aangeleverd 5% van het factuurbedrag in mindering brengen, tenzij sprake is van overmacht. Dit vooraf goed communiceren. Deze maatregel leidt tot snellere facturatie en eerder inzicht in kosten.
7
Stoppen dubbele vervoersindicaties dagbesteding
13.000
Nee
Inwoners uit hetzelfde flatgebouw en echtparen die op hetzelfde tijdstip naar dezelfde dagbestedingslocatie gaan samen laten reizen. Dubbele indicaties intrekken. Dit leidt tot minder inkomsten voor zorgaanbieders.
8
Maandlonen omzetten in uurlonen
13.000
Nee
Alle maandlonen PGB omzetten naar uurlonen. Hierdoor sluit de betaling beter aan op de daadwerkelijk geleverde zorg. Uurlonen zijn beter controleerbaar. Dit leidt tot een toename van de administratieve lasten van budgethouders die nu nog maandlonen hanteren. Zij moeten met hun zorgverlener een nieuwe overeenkomst sluiten en gewerkte uren controleren en laten uitbetalen door de SVB.
9
Aanpassen werkprocessen toegang
PM (10.00050.000)
Nee
1. 2. 3. 4. 5.
Nog beter checken op de mogelijkheid om voorliggende voorzieningen in te zetten. Strakker verwijzen naar het sociaal netwerk. Indicaties niet direct te hoog inzetten. Strenger controleren op het behalen van de doelen in de zorgplannen. Indicaties waar geen verbetering wordt verwacht (zonder uitzicht op WLZ) administratief verlengen (scheelt inzet capaciteit medewerkers SWO).
Dit betekent een groter beroep op eigen kracht en voorliggende voorzieningen. 10
11
Beperken dubbele indicaties begeleiding individueel voor echtparen
PM (010.000)
PGB-tussentarief voor ZZP-aanbieders van begeleiding individueel
65.000
Nee
Waar echtparen dezelfde begeleiding door dezelfde zorgverlener en met hetzelfde doel krijgen, komt 1 indicatie te vervallen. Cliënten krijgen minder uren begeleiding, maar nog wel de begeleiding die nodig is. Zorgaanbieders ontvangen minder inkomsten.
Ja
Voor ZZP-aanbieders die individuele begeleiding bieden op PGB-basis niet meer het professionele tarief hanteren, maar een tussentarief tussen professioneel tarief en een netwerktarief. ZZP-aanbieders ontvangen minder inkomsten.
TOTAAL 298.000
11
8. Voorstel taakstelling Jeugdhulp Jeugdhulp is te verdelen in deze budgetten: MAATWERKDIENSTVERLENING 18GEËSCALEERDE ZORG 18TOTAAL
Begroot in 2021 € 16.396.692 € 2.789.932 € 19.187.000
Motie raad Bij het programmaplan Herontwerp sociaal domein houden we rekening met de motie Relatie – Aandacht – Regie in de Jeugdzorg (gemeenteraad 18 februari 2021). Structurele maatregelen We gaan ervan uit dat de maatregelen voor Jeugdhulp structureel zijn. Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
1
Terugdringen instroom
2
3
12
Toelichting en maatschappelijk effect
100.000
Beleidsaanpa ssing via raad nodig? Nee
Doorstroom en uitstroom bespoedigen, behandel- en begeleidingsduur verkorten
150.000
Nee
Niet ‘u vraagt, wij draaien’, maar samen toewerken naar de gewenste situatie. Als er geen duidelijk doel is of geen commitment van de ouders, dan wordt er geen jeugdhulp uit de categorie ‘zwaar’ ingezet. Dit kan leiden tot frustratie en discussie bij inwoners en aanbieders en toename bezwaar. Ook dit vereist een goede samenwerking met huisartsen.
Van Jeugdwet naar wet langdurige zorg (WLZ)
175.000
Nee
Er zit een grijs gebied tussen de Jeugdwet en de WLZ. Kinderen met ontwikkelperspectief vallen onder de Jeugdwet. In sommige gevallen is het perspectief echter zeer beperkt. In dat geval zou de zorg eigenlijk onder de Wlz moeten vallen ipv de Jeugdwet. Voor de ouders en kind kan een wijziging van zorg/aanbod een behoorlijke impact hebben. De zorg voor het kind is met de WLZ wel duurzaam goed
Verder inzetten op versterken basis en normaliseren als tegenwicht op problematiseren en te snel zorg inzetten. Meer inzet op eigen kracht, het netwerk en voorliggende voorzieningen. Minder inzet op individuele voorzieningen. Dit kan discussies met ouders opleveren en leiden tot bezwaren. Dit vereist een goede samenwerking met de huisartsen. De POH Jeugd is dé schakel in de samenwerking tussen gemeente en huisartsen.
Bezuinigingsmaatregel
Beoogde besparing
Beleidsaanpa ssing via raad nodig?
Toelichting en maatschappelijk effect geborgd. Het kind mag in ieder geval niet de dupe worden van het vraagstuk Jeugdwet of WLZ.
TOTAAL 425.000
9. Extra bijdragen Rijk voor het sociaal domein 2021 Voor de drie sociaal domein wetten hebben we extra bijdragen ontvangen van het Rijk. We stellen voor die deels in te zetten voor de taakstelling 2021.
Participatie: Via het gemeentefonds (decembercirculaire 2020) is €490.733 extra beschikbaar gesteld, om de effecten van de coronacrisis op de arbeidsmarkt te dempen. De verwachting is dat er meer mensen (gaan) instromen in de bijstand. Jeugdhulp: We krijgen als gevolg van onze aanvraag een bijdrage van € 865.000 vanuit de compensatieregeling voogdij (decembercirculaire 2020). Dit is ter compensatie van de kosten van voogdijplaatsingen van kinderen van buiten de gemeente Hoogeveen. Wmo: we ontvangen een mogelijk overschot Beschermd Wonen in 2021. De hoogte van het bedrag is nog onzeker.
Hoewel meevallers conform Schone Lei naar de algemene reserve zouden moeten gaan, gaat het hier om rijksinkomsten ten behoeve van het sociaal domein. Uitgangspunt is dat we de rijksinkomsten en gemeentelijke uitgaven in het sociaal domein met elkaar in evenwicht houden en daarom is verdedigbaar om deze niet begrote inkomsten niet te gebruiken voor het extra versterken van de algemene reserve, maar in te zetten ter dekking van het ontstane gat in de begroting.
10. Rapporteren aan de raad van resultaten Hoe rapporteren we aan de raad de voortgang van de resultaten van deze taakstelling en van eerdere bezuinigingen in het sociaal domein? Dat is in de tabel aangegeven. Voor de taakstelling 2021 gaan we dus dit jaar tweemaal rapporteren (zie punt 4). Welke maatregelen?
Hoe rapporteren?
1.
Maatregelen bijlage F (begroting 2020)
Hierover wordt in de jaarrekening 2020 afsluitend gerapporteerd. Maatregelen zijn gerealiseerd of aangepast in begroting 2021-2024
2.
Programmabegroting 2021-2024, bijlage (voor programma’s BMTO, GV, Waw) Maatregelen die voorvloeien uit amendementen bij begroting (bv. stoppen Activiteitenfonds) Realisatie maatregelen gericht op behalen taakstelling 2021
2x per jaar rapporteren over voortgang realisatie
3. 4. 13
2x per jaar apporteren over voortgang realisatie Besluitvorming staat gepland voor 8 april
2021. 2x per jaar rapporteren over voortgang realisatie 5.
Realisatie maatregelen gericht op bereiken (structureel) Herontwerp Sociaal Domein
PM, kan worden bepaald zodra deze maatregelen bekend zijn
11. Vervolgstappen taakstelling 2021
Na 9 maart (besluit college): informeren inwoners en betrokken organisaties 25 maart: debat raad taakstelling 2021 8 april: besluitvorming raad taakstelling 2021, vaststellen benodigde beleidswijzigingen, incl. begrotingswijziging (verlagen programmabudgetten, invulling taakstelling) Na 8 april: monitoring realisatie en besluitvorming beleidswijzigingen
Bijlagen 1. Adviezen adviesraad sociaal domein en cliëntenraad sociale zekerheid (separaat) 2. Reactie college op deze adviezen (separaat) 3. Welke maatregelen zijn al eerder genomen in het sociaal domein? 4. Vragen raad van 1 maart 2021
14
Bijlage 3: Welke maatregelen zijn al eerder genomen in het sociaal domein?
Bezuinigingsmaatregelen Wmo 2019, 2020 en 2021 1
Verwachte realisatie per jaar €197.000
2
Cliëntondersteuning en thuiscoaches van Mee Drenthe/Cosis naar SWW/gemeente Stimuleren algemene/voorliggende voorzieningen
3
Begeleiding kritischer indiceren
€ 89.508
4
Scherpere afbakening Wmo/WLZ
€ 136.469
5
Scherper toezicht op rechtmatigheid
€ 34.000
6
Verlagen normtijden thuishulp
€ 1.400.000
7
Versoberen meerkostenregeling
€ 316.000
8
Herindiceren overgangsregeling vervoersvoorziening
€16.000
9
Verlagen maximum kilometers Wmo-vervoer
€12.000
11
Verlagen budget Mantelzorg Vitaal/informele zorg
€ 61.000
12
Beëindigen GGZ inloopvoorziening
€109.000
13
Beëindigen Logeerkring Mee Drenthe
€25.000
Totaal
Bezuinigingsmaatregelen Jeugd 2019, 2020 en 2021
€ 61.024
€ 2.457.000
Verwachte realisatie per jaar
1
Methodiek opvoedondersteuning/benaderingswijze
€50.000
2
€250.000
3
Extra inzet SMW Jeugdconsulent onderwijs Buurtgezinnen
4
Scherpere afbakening Jeugdwet/WMO/WLZ
€100.000
5
Scherper toezicht op rechtmatigheid
€50.000
6
€310.000
7
Aanpassen beleidsregels (w.o. doelgericht, afbakenen huiswerkbegeleiding, tegengaan oneigenlijk gebruik, afwijzingsgronden PGB Inzet POH Jeugd
8
Moeders van Hoogeveen
p.m.
9
Vroeg erbij op school
p.m.
Totaal
15
€150.000
€200.000
€ 1.110.000
Bezuinigingsmaatregelen Participatie 2019, 2020 en 2021
Verwachte realisatie per jaar
1
Opvang werkzaamheden mobiliteitscentrum
2
Sociaal domein consult
3
Vervallen studiebudget schoolgaande kinderen
€ 136.000
4
Toetsen van alimentatie
€ 120.000
5
Wijziging geldleningen statushouders
€ 110.000
6
Extra formatie invordering
€ 38.000
7
Schrappen activiteitenfonds
€ 230.000
Totaal
€ 762.000
Daarnaast is bezuinigd op Schuldhulpverlening
€ 100.000
NB
16
€123.000 € 5.000
Bijlage 4: Vragen raad 1 maart 2021 Op 1 maart zijn tijdens een themabijeenkomst over de taakstelling 2021 vragen gesteld door gemeenteraadsleden. Deze staan hieronder met de antwoorden. Vragen Participatie - Inkomen Hoe zien de bedragen van de individuele inkomenstoeslag er op dit moment uit? En hoe zouden ze eruitzien bij doorvoering van de bezuiniging? Huidige bedragen individuele inkomenstoeslag:
Gehuwd of samenwonend: € 598,- per jaar Alleenstaande ouder met thuiswonende kinderen onder de 18 jaar: € 538,- per jaar Alleenstaande: € 421,- per jaar
Bedragen bij een verlaging van 75%:
17
Gehuwd of samenwonend: € 149,50 per jaar, dus een inkomensverlies van € 448,50 Alleenstaande ouder met thuiswonende kinderen onder de 18 jaar: € 134,50 per jaar, dus een inkomensverlies van € 403,50 Alleenstaande: € 105,25 per jaar, dus een inkomensverlies van € 315,75
Wat wordt er verstaan onder een goed inkomen? Een ‘goed’ inkomen is lastig aan te geven. Hier lijkt geen eenduidige definitie van te bestaan. Het Sociaal en Cultureel Planbureau geeft echter inzicht in een budget aan basisbehoeften wat de minimale uitgaven van een zelfstandig huishouden aan onvermijdbare, basale zaken als voedsel, kleding en wonen bevat. Dit ziet er als volgt uit:
18
Het Rijk hanteert het criteria “Sociaal Minimum”. Het sociaal minimum is het bedrag dat u minimaal nodig heeft om van te leven. Hoe hoog het sociaal minimum is, hangt af van de leeftijd en leefsituatie. Leefsituatie
Bedrag per dag
Bedrag per week
Bedrag per maand
Gehuwd / gelijkgestelden
€ 77,46
€ 387,30
€ 1.684,76
Alleenstaande van 21 jaar en ouder
€ 56,68
€ 283,40
€ 1.232,79
Hoe zou een voorbeeldcasus met oog op de bezuinigingen eruitzien? Een moeder met twee jonge kinderen. De vader van de kinderen is uit beeld en draagt niet financieel bij aan het gezin. De kinderen zijn jong. Het betreft een baby van enkele maanden oud en een kind van drie jaar. De moeder heeft een bijstandsuitkering en ontvangt daarnaast kinderbijslag, kind gebonden budget en individuele inkomenstoeslag. Doordat de moeder een lichte verstandelijke handicap heeft is het voor haar bijzonder lastig om werk te vinden, en zal zij voor de voorzienbare toekomst afhankelijk blijven van haar uitkering. Buiten de noodzakelijke kosten van het bestaan om heeft het gezin eigenlijk geen geld om uit te geven. Bij verlaging van de individuele inkomenstoeslag gaat het gezin er op jaarbasis € 403,5 op achteruit. Zo’n € 33,6 euro per maand. De relatief kleine aanslag op het budget door deze bezuinigingen kan directe gevolgen hebben voor een gezin wat maar net de eindjes aan elkaar kan knopen. Een scenario wat zich zou kunnen voordoen is het niet betalen van de zorgverzekering door de moeder waardoor een betalingsachterstand ontstaat die door boetes uiteindelijk oploopt tot een aanzienlijke schuld. Ander mogelijk scenario is dat de moeder in mindere mate zal kunnen voorzien in de voeding voor de kinderen.
In het ergste geval zal de moeder zich in zo’n situatie kunnen wenden tot diefstal om toch in de benodigdheden van haar kinderen te voorzien. Vragen Participatie – Werk en re-integratie Kunnen we inzicht krijgen in de resultaten van de re-integratie-inspanningen die we doen/hebben gedaan? Huidig budget en besteding 100.000 Re-integratie voorzieningen 60.000 vaste kosten AMRD bijdrage en Vluchtelingen werk 225.000 Stark 190.000 Beschut werk 19
200.000 Jeugd 50.000 keuringen ======= 825.000 In Hoogeveen hebben ongeveer 1.270 inwoners een bijstandsuitkering. Op jaarbasis stromen er tussen de 350 en 400 inwoners van Hoogeveen in de bijstand en mede door de inzet van re-integratie voorzieningen stromen er ook weer tussen 340 en 400 inwoners uit de bijstand. Bezuiniging Re-integratievoorzieningen € 80.000,-Re-integratie voorzieningen zijn: kortdurende opleidingen, begeleiding door een gespecialiseerde externe coach, inzet ervaringsdeskundigen, mobiliteitsoplossingen of deelname aan gericht opleidingstraject met direct uitzicht op een arbeidscontract. Op jaarbasis helpen we ongeveer 50 inwoners met een bijstandsuitkering (incl. statushouders) met een re-integratie traject. De gemiddelde kosten bedragen dus € 2.000 per traject. Dit wisselt overigens van een paar honderd euro tot langere trajecten met ervaringsdeskundigen die enkele duizenden euro’s kosten: het is maatwerk. Van de mensen die we helpen stroomt 30% binnen 6 maanden terug naar de arbeidsmarkt, 40% binnen 6 tot 12 maanden en bij de overige 30% duurt dat langer dan 12 maanden omdat daar vaak meerdere problemen moeten worden opgelost. Met een bezuiniging van € 80.000,-- kunnen we dus tussen de 30 en 40 inwoners minder ondersteunen met een traject.
Ondersteunen wij deze cliënten niet dan zal het voor hen moeilijk worden de stap te maken naar de arbeidsmarkt of terug te keren naar een opleiding. In een krappe arbeidsmarkt is dit al lastig. Als de concurrentie op de arbeidsmarkt toeneemt, zoals nu, zal het voor deze cliënten alleen maar moeilijker worden. Hun verblijf in de bijstand zal dan langer zijn of ze komen er nooit meer uit. Naarmate mensen langer in de bijstand verblijven is het lastiger om ze daar weer uit te krijgen. Deelname in de maatschappij en op de arbeidsmarkt zorgt er ook vaak voor dat andere problemen die cliënten hebben vaak sneller opgelost worden. We streven altijd naar duurzame uitstroom. In het merendeel lukt dit ook of vinden cliënten dan na een terugval sneller weer zelf een baan. Samenvattend: ondersteunen we de cliënten niet dan zal de verblijfsduur in de bijstand toenemen. Voor een deel van de cliënten zal dit betekenen dat zij moeilijk of niet meer uit de bijstand komen Bezuiniging Stark € 100.000,-Bij Stark nemen we trajecten af voor de reguliere doelgroep maar ook voor de doelgroepen met een extra beperking waaronder Beschut werk, Baan afspraak Baan cliënten en statushouders. Groen trajecten en Werkinzicht trajecten (productie) worden het meeste ingezet. Deze trajecten richten zich op het verkrijgen van arbeidsvaardigheden en/of specifieke beroepsvaardigheden.
Jaarlijks nemen ongeveer tussen de 60 en 90 cliënten deel aan de leer/werktrajecten bij Stark. De kosten hangen af van het type en duur van het traject, maar zijn gemiddeld dus zo’n € 3.000. Met een bezuiniging van € 100.000,-- kunnen we tussen de 25 en 40 inwoners minder ondersteunen met een traject. 50% hiervan stroomt binnen 12 maanden terug naar de arbeidsmarkt. Bij de overige 50% duurt dat langer dan 12 maanden. Dit heeft te maken
20
met de samenstelling van de doelgroep die gebruikt maakt van de trajecten bij Stark zoals boven beschreven. Ondersteunen wij deze cliënten niet dan zal het voor hen moeilijk worden de stap te maken naar de arbeidsmarkt of terug te keren naar een opleiding. In een krappe arbeidsmarkt is dit al lastig. Als de concurrentie op de arbeidsmarkt toeneemt, zoals nu, zal het voor deze cliënten alleen maar moeilijker worden. Hun verblijf in de bijstand zal dan langer zijn of ze komen er nooit meer uit. Naarmate mensen langer in de bijstand verblijven is het lastiger om ze daar weer uit te krijgen. Deelname in de maatschappij en op de arbeidsmarkt zorgt er ook vaak voor dat andere problemen die cliënten hebben vaak sneller opgelost worden. We streven altijd naar duurzame uitstroom. In het merendeel lukt dit ook of vinden cliënten dan na een terugval sneller weer zelf een baan. Samenvattend: ondersteunen we de cliënten niet dan zal de verblijfsduur in de bijstand toenemen. Voor een deel van de cliënten zal dit betekenen dat zij moeilijk of niet meer uit de bijstand komen Bezuiniging Kans op Toekomst € 50.000,-Kans op Toekomst richt zich op 16 t/m 27 jarige met een bijstandsuitkering en zonder startkwalificatie. De deelnemers aan Kans op Toekomst zijn vaak als gevolg van meerdere problemen uitgevallen in het onderwijs.
Door een intensieve begeleiding (24/7) van een kleine groep werkcoaches in samenwerking met Rewind (externe coach) en Alfa college stroomt 80% tot 90% van de deelnemers weer terug naar het reguliere onderwijs of een leer/werk traject. Jaarlijks worden 60 jongeren met dit traject geholpen. Bij Kans op Toekomst is de prijs een gemiddelde. We betalen voor een klas met maximaal 15 leerlingen. Deze leerlingen krijgen vanuit Rewind 24/7 begeleiding gedurende de opleiding en tot maximaal 3 jaar nazorg tijdens hun opleiding of baan. Hiermee voorkomen we terugval. De gemiddelde kosten zijn € 3.300 per deelnemer. Met een bezuiniging van € 50.000,-- kunnen we 15 (= 1 groep) jongeren minder laten deelnemen aan Kans op de Toekomst. Eigen onderzoek heeft uitgewezen dat Kans op Toekomst een duurzaam effect heeft mede door de lange periode van nazorg. Bij de jongeren in Kans op de Toekomst liggen diverse oorzaken vaak ten grondslag aan de uitval in het onderwijs. Hierdoor hebben ze geen startkwalificatie en is het op korte en zeker op lange termijn moeilijk duurzaam werk te vinden en te behouden. Ook zij hebben vaak een rugzak(je) met andere problemen Bezuiniging Bedrijfsarts/Medische keuringen € 10.000,-Deze gelden worden gebruikt om de mogelijkheid tot arbeidsinspanning objectief te laten bepalen.
In de praktijk komt het voor dat er twijfel bestaat aan de klachten/beperkingen die de bijstandsgerechtigde aanvoert. In deze gevallen zetten we een arts in om de belastbaarheid te bepalen. Dit geeft dan een nieuw vertrek punt voor de re-integratie. Met een bezuiniging van € 10.000,-- kunnen we tussen de 20 en 30 keuringen minder laten uitvoeren.
21
Vragen Jeugdhulp Er is een signaal van de William Schrikker groep: Emmen zou ‘strakker’ jeugdhulp benaderen dan Hoogeveen? Het proces tussen Emmen en Hoogeveen verschilt niet. Als wij bepalingen jeugdhulp constateren die niet conform de afspraken inkoop zijn nemen we contact op. Dat geldt voor alle drie de GI’s (William Schrikker Stichting, Jeugdbescherming Noord en Leger des Heils). Punt is dat het proces bepalingen jeugdhulp niet uniform is ingeregeld. Door het inzetten van de zorgmakelaars (dat gebeurt vanuit de jeugdhulpregio) proberen we dit te verbeteren. Zij hebben o.a. de opdracht om dit eenduidig te gaan regelen.
22