CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Raadsavond 8 september 2022

Raadsavond 8 september 2022, gemeente Hoogeveen14.792 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

TRANSCRIPT VAN DE RAADSAVOND VAN GEMEENTE HOOGEVEEN d.d. 8 september 2022

1.

Plenaire besluitvormende vergadering (Raadzaal) 1.1 Opening De voorzitter: Dames en heren, ik open de vergadering van uw raad, de eerste vergadering weer na de vakantie. U heeft natuurlijk allemaal al weer doorgewerkt, er zijn ook allerlei activiteiten en bijeenkomsten geweest, maar dit is de eerste officiële raadsavond weer na het zomerreces, zoals dat zo mooi heet. Dus hartelijk welkom. Vooral welkom natuurlijk voor de mensen die meeluisteren en die hier natuurlijk zijn maar zeker ook via de stream en via Radio Hoogeveen die ook elke keer deze vergaderingen bijwonen. Van harte welkom. Wij beginnen altijd deze vergadering met even een moment van stilte en dat wil ik ook nu van u vragen ter overdenking. Dank u wel. Ik deel u mede dat afwezig zijn met kennisgeving de heren Van der Heide en Van der Meulen. De heer Otten heeft aangegeven wat later te zullen komen, maar die zal zeker nog bij deze vergadering aanschuiven. Ik meld ook dat de wethouders Reneman en Zwiers vanavond met kennisgeving afwezig zijn. En een heuglijker feit is natuurlijk dat mevrouw Jansen weer haar plek in de fractie van het CDA en dus ook in uw gemeenteraad weer heeft ingenomen na een periode van ziekte. De heer De Wit heeft u waargenomen, maar die ziektewaarneming is nu geëindigd en we zijn allemaal bijzonder blij en ook verheugd dat het zo goed gaat dat u weer de activiteiten kunt oppakken.

Namens ons allen zijn wij ontzettend blij, ik spreek gewoon namens allen, ik heb het niet helemaal afgestemd, maar ik neem aan dat het zo is dat u weer in ons midden bent en we hopen dat ook weer crescendo ook de gezondheid weer beter gaat, maar dat blijkt wel uit het feit dat u vanavond weer hier bent, dat het al weer stukken beter gaat dan een paar maand geleden. Daar hebben we voor geduimd, daar hebben we voor gebeden, mede ook hier en dus goed dat we u weer zien. Alstublieft. Dan heb ik een bijzonder verzoek gekregen wat normaliter niet aan de orde is maar ik heb van de heer Westendorp begrepen dat hij vooraf aan de vergadering nog een mededeling wil doen. De heer Westendorp. De heer Westendorp: Ja, voorzitter, dank u wel. Verzoekt u mij … Of staat u mij toe om in elk geval ook wellicht achter het spreekgestoelte even te spreken en daarvoor uit te nodigen de vicevoorzitter van de raad, mevrouw Pullen en ook even de gemeentesecretaris, de heer Mulder. De voorzitter: Een zeer uitzonderlijke situatie, maar mij gaat wat dagen, dus u krijgt toestemming van de voorzitter. De heer Westendorp: Geachte dames en heren. Ik wil namens ons drieën, en mevrouw Pullen zal straks ook even wat zeggen, even het woord richten tot onze burgemeester, tot Karel, want er is namelijk wat bijzonders gebeurd. Hij is namelijk op 1 september 25 jaar burgemeester.

Beste Karel, jij dacht natuurlijk dat wij onopgemerkt jouw jubileum als burgemeester konden laten passeren, omdat niemand jou op 1 september feliciteerde. Maar inmiddels kan ik jou al wat beter en ik weet dat je het ook prima vindt om niet in het middelpunt van de belangstelling te staan. Maar helaas, wij, college, raad en organisatie gaan je vanavond daarin even teleurstellen. Mevrouw Pullen-Muis: Ja, we dachten dat het vandaag een mooi moment was om juist wat uitgebreider ook als raad stil te staan bij jouw rol en positie als burgemeester van Hoogeveen. Het is niet niks, 25 jaar burgemeester, echt iets om samen met elkaar te vieren. Met de leden van de gemeenteraad, de medewerkers

van de griffie, het college, mensen op de publieke tribune en eigenlijk de mensen die ook kijken en meeluisteren in Hoogeveen, ja, willen we dat hier vieren. Want hier in de raadzaal, is eigenlijk het hart van de democratie, daar ben jij de voorzitter. Ik zeg maar even jij, in je functie als voorzitter, van de gemeenteraad. Dat willen we vanavond daar echt gewoon even een moment voor markeren en wij feliciteren je, ik namens de Raad alvast, met dit jubileum. De heer Westendorp: Ja, maar voor dat we jou wellicht een cadeau gaan overhandigen misschien goed om toch even terug te blikken, Karel, want … Ik denk dat dat goed is voor iedereen, voor de mensen hier in de zaal, maar ook voor de kijkers en de luisteraars thuis, 25 jaar burgemeester, dat was niet alleen in Hoogeveen. Dus. Als opgeleid historicus weet jij hoe belangrijk het is om het heden te kennen door het verleden te doorgronden. Dus we nemen even iedereen mee, kort, in de geschiedenis van Karel. Na je studiegeschiedenis koos hij voor het vak van docent. Je begon op school voor moeilijk lerende kinderen in Enschede en later ook in Oldenzaal en nog steeds zie ik en zien wij die passie voor kinderen terug bij jou. Ik je studietijd boeide politiek jou al en vanuit die interesse nam je deel als volksvertegenwoordiger in de gemeenteraad van Oldenzaal en daar werd jij in 1990 ook wethouder.

Na zeven jaar wethouderschap solliciteerde jij naar burgemeesterschap in Wognum. En ik weet nu helemaal waar dat ligt, dames en heren, want onlangs was het VNG-congres in West-Friesland, in Hoorn vond dat plaats, verhalen in en wij waren daar als college ook en Karel vertelde over zijn tijd daar met de Dirk Scheringa deal. Nou, dat zijn bijzondere verhalen in elk geval, maar hij vertelde vooral over de mooie tijd in die kleine gemeente. Je was toen nog een jonge burgemeester om het maar zo te formuleren, misschien wel een van de jongste van Nederland, ik weet het niet precies. Maar we hebben er nog beelden van, Karel. Prachtig. Dat geeft ook misschien wel het plezier aan dat je nog steeds volgens ons hebt. Na Wognum keerde je terug naar Tukkerland en in 2002 verwelkomde gemeente Haaksbergen jou als burgemeester. Daar was je negen jaar burgemeester. Mevrouw Pullen-Muis: En nu ben je sinds 2011 onze burgemeester, zo zeg ik het maar even. Want je zei zelf: de leukste baan die je kunt hebben, zoals je zelf zegt. In die elf jaar hier hebben we je ook goed leren kennen. Tja, en wat zeg ik dan in het openbaar over jou? Dat vond ik best wel lastig, daar ben ik eerlijk in, maar ik zeg wel: onze burgemeester, want zo voelen we dat. Hier in de raad en van onze inwoners in Hoogeveen, je bent van ons en wel op je eigen manier. We leren jou hier kennen, rechtdoorzee, down to earth.

Je hecht geen waarde aan tierelantijnen, ik zou zeggen, doe maar gewoon. Ik kom zelf ook uit het Sallandse, doe maar gewoon, dat herken ik heel erg. Het gaat om de kern. Kundig en rustig leid jij de vergadering. In persoonlijke ontmoetingen heb je aandacht voor de mens. Je houdt van muziek en je kan op de saxofoon zeker ook een toontje meeblazen. En soms zien we je met een sigaar in de nog niet rookvrije tuin hier. Je bent ook onze voorzitter die een goed proces van samenwerking met de raad en de griffie en het college vooropstelt. Je kiest daarin vaak de harmonieuze weg. Waar wij wel eens te lang spreken of onze stokpaardjes hebben of heel veel vragen stellen, blijf jij rustig luisteren. Het ene raadslid vindt wel dat je wat eerder mag ingrijpen en het andere raadslid dat vindt dat juist prettig. Jij ziet het raadslid hier als een vertegenwoordiger van onze inwoners en je laat dan hem of haar ook in die positie staan. Je bent echt iemand van het midden, niet van links, niet van rechts, en dan bedoel ik niet politiek, maar je bent echt degene die neutraal de positie inneemt als voorzitter van onze raad. Ik dacht ook na over de hoeveelheid raadsvergaderingen die je hebt meegemaakt hier in Hoogeveen, daarvoor heb ik maar niet geteld, want dat weet ik dus niet hoe dat in andere gemeentes was. Maar volgens mij kom ik ergens al op 225 uit, ja.

Maar daar waren ook best wel moeilijke momenten bij, vast, als voorzitter. Uiterlijk bleef je dan rustig, maar ik denk, en ik voelde wel, laat ik maar even voor mezelf spreken, dat er vanbinnen wel van alles broeide en broedde. Maar ik wil ook twee momenten noemen die een hoogtepunt zijn. Je presentatie over de droom van Thorbecke in De Tamboer. Het is al wat vaker genoemd, het huis van het volk. In De Tamboer liep je als een docent op dat podium de visie te schetsen voor de

toekomst van Hoogeveen en onlangs deed je dat weer op een andere manier ook. Nou, dan zie ik daar weer die docent met die passie waar Jeroen het net over had. En ik noem ook vanuit je geschiedenisachtergrond je inzet voor de Joodse gemeenschap. Je betrokkenheid bij het bestuur van Hoogeveen toonde zich hier op zijn best. Je bent daarin onze burgemeester en ik feliciteer je nogmaals met dit bijzondere jubileum. De heer Westendorp: Dan gaan we naar de afronding, Karel. We kennen jou ook nog van jouw humor en misschien is dat wel de gortdroge Twentse humor, misschien is die wel even droog, af en toe, als een Twentse krentenwegge, maar vanavond vonden wij het ook leuk om een hapje van jou te nemen, letterlijk en figuurlijk. Daarom hebben wij een toepasselijk cadeau meegebracht en ook voor iedereen zal er iets naar binnen worden gebracht waarin jij … Ze van jou nogmaals mogen proeven, om het maar zo even te formuleren. Nogmaals, van harte gefeliciteerd met dit jubileum en dan gaan we uiteindelijk weer gewoon over tot de orde van de dag met het besturen van deze mooie gemeente. Namens het college, raad en de organisatie dus iets voor thuis, tenzij je er nu al aan wil beginnen. De voorzitter: Ja, dat is mooi. Heel jong nog, 25 jaar geleden, fantastisch, dank je wel. De heer Westendorp: Geniet ervan. De voorzitter: Dat zal ik zeker doen.

De heer Mulder: Karel, jij bent een tukker en ik ben een grunniger en we hebben elke week zo’n kort overleg, even dingen afstemmen met elkaar. Zo ook van de week en dan hebben we niet heel veel woorden nodig om elkaar te begrijpen, dat past bij onze achtergrond. Dus jij zei, wist jij het ook niet? Nee, ik wist het ook niet, ik weet het pas 24 uur, zei ik. Nou ja, ik vind het ook niet zo belangrijk, ik heb het met mijn vrouw gevierd, zei je en lekker voorbij laten gaan. Wij wisten natuurlijk inmiddels ietsje meer. Maar namens de organisatie en het college en de raad wil ik je, naast het mooie gebak dat net gegeven is, een mooi boeketje uitreiken als dank voor de fijne samenwerking en lekker doorgaan, zou ik zeggen. De voorzitter: Dank je wel. Ik zal heel kort even reageren. Nou begrijp ik wel waarom net, toen we de raadsvergadering voor bespraken, waarom Jeroen Westendorp die zei van, je moet mij aan het begin van de vergadering wel even het woord geven. Ik zei ja, maar waarom dan? Want het is niet normaal dat een wethouder zomaar in een keer het woord krijgt. Ja, vertrouw me nou maar dat dat … Ik zeg: nee, ik wil weten waar het over gaat. Ik zei, je moet het echt zeggen.

Ja, hij werd steeds verder in het nauw gedreven dus op een bepaald moment zegt hij, maar ja, ik moet eerst iets meedelen over de energiebelasting en dergelijke en de energieproblematiek en er zijn twee vragen aan en misschien kan dat wel wat oplossing bieden als ik er van tevoren al iets over zeg. Ik zei nou, volgens mij moet je de democratie gewoon zijn werk laten doen, laat eerst maar die vragen stellen dus doe dat nou … Vertrouw me nou maar, ik zei ja, oké, als je zo aandringt dan moet je ook je vertrouwen geven zonder dat je het precies weet en de controle niet hebt, waar ik een ontzettende hekel aan heb, dat ik van tevoren niet weet waar het precies over gaat. Ontzettend bedankt. Ik was er wel heel erg verrast door, want ik heb het maar heel weinig mensen verteld dat ik vorige week … Ik ben niet zo van dit soort dingen. Je doet je werk en je mag blij zijn dat je dat werk ook mag doen, maar dat je dan allemaal speciaal ergens bij moet stilstaan als je 12 ½ of 25 jaar … Dat hoeft van mij persoonlijk niet. Ik weet dat het voor sommige mensen wel heel belangrijk is, maar voor mij is dat niet zo belangrijk. Maar ik vind het toch wel heel fijn dat deze verrassing er komt. Dus wat dat betreft kijk ik er ook wel weer met veel plezier naartoe. Dank. Al die jaren heb ik dat met heel veel plezier gedaan en ook met passie.

Daar ga ik ook niet meer over uitweiden, jullie hebben al heel veel dingen verteld, en dat zal ik ook altijd blijven doen, ook nog veel later straks als ik met pensioen ben en wat al niet meer. Ik houd die aandacht voor het openbaar bestuur omdat ik

het zo belangrijk vind. Ik vind het belangrijk omdat je met mensen en voor mensen iets doet. En hoe klein verschil je soms ook maar kan maken, maar dat is het belangrijkste wat ons drijft. Nogmaals dank, iedereen, voor de mooie woorden. Ik zeg altijd van, de helft is waar en de andere helft niet. Maar goed, dat is nu eenmaal zoals je dit soort toespraken tot je krijgt. Dank je wel, het was een verrassing en we gaan aan het werk. Ja, dames en heren, laat het u smaken. We gaan verder met de vergadering. We hadden hem niet eens gesloten, dus we kunnen hem gewoon weer voortzetten. 1.2 Vaststelling agenda De voorzitter: Aan de orde is de vaststelling van de agenda. De heer Meesters. De heer Meesters: Voorzitter, dank u wel. Op de agenda staat in de debatronde het ontwerp bestemmingsplan stationsgebied en wij zouden graag willen voorstellen om dat gelijk in besluiten te brengen. De voorzitter: Dat is het voorstel wat van de kant van de ChristenUnie gedaan wordt, maar ik heb wel begrepen dat er al meerderen daar ook al om hadden gevraagd. Ik geef het woord aan de heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Nee, mee eens, voorzitter.

De voorzitter: Zijn er anderen die hierop wil reageren? Anders gaan we hierover stemmen en de griffier heeft me echt op het hart gedrukt aan het begin van deze week bij de voorbereiding van deze vergadering, we gaan wel digitaal stemmen, want dan is het meteen ook op de website terug te vinden. Want als u heel snel afhamert dan … Dus ja, ik wil best snelheid betrachten, maar we gaan het even op de officiële manier doen. We brengen in stemming het voorstel, dus als u het ermee eens bent dat het naar het besluiten gaat, bent u voor en wilt u het graag zo laten staan zoals het is, dan bent u daar tegen. De stemming kan gehouden worden. Dan zien we de einduitslag. Dan zien we dat 29 voor en nul tegen, daarmee is het unaniem aangenomen en veranderen we de agenda dus dat het debatpunt naar besluitvorming gaat. Dus aan het eind van de besluitvormende vergadering zal ik u vragen om dat besluit dan te gaan nemen. Dan is dat de agenda gewijzigd. Vastgesteld. 1.3 Mondelinge vragen De voorzitter: Komen we bij agendapunt 1.3, mondelinge vragen. Er zijn een viertal mondelinge vragen aangekondigd en ik zal ze ook even successievelijk even aankondigen. We hebben dat in volgorde van binnenkomst gedaan.

Misschien is het ook wel even handig omdat er twee vragen bij zijn, die worden natuurlijk netjes gesteld straks, maar die gaan allebei over de energieprijzen, energiekosten, dat die in één keer gesteld worden en dan tegelijkertijd ook beantwoord kunnen worden. Dat lijkt me dan het meest handige, dat is een blokje die hetzelfde onderwerp behelst. Dan begin ik met de mondelinge vragen van de fractie van de ChristenUnie over het initiatief voor een basisschool voor Oekraïense kinderen. Ik geef daarvoor het woord aan mevrouw Pullen. Mevrouw Pullen-Muis: Dank u wel, voorzitter. Wij vernamen als ChristenUnie fractie in april dat er een plan was om een aparte basisschool op te richten, te stichten voor Oekraïense kinderen, maar in juni vernamen we dat dit plan niet tot uitvoering zou kunnen komen. De onderwijsorganisaties Bijeen en PricoH wilden de Oekraïense basisschoolkinderen en leerlingen die in Hoogeveen worden opgevangen onderwijs aanbieden in de locatie Vos van Steenwijklaan, voorheen de oude vaccinatielocatie. Maar door personeelsgebrek en het lage aantal kinderen ging dit plan in de ijskast. Eind juli vernamen we in de media, met name van RTV Drenthe,

dat twee vrijwilligers zelf een basisschool wilden stichten. Inmiddels hebben we begrepen dat ze daarvoor de Stichting Herderskinderen hebben opgericht en een onderwijsplan hebben opgesteld. Via de ambtelijke organisatie hebben wij navraag gedaan naar deze situatie. Inmiddels is het leerlingenaantal gegroeid naar ruim veertig kinderen, werd ons verteld. Kortom, de situatie is veranderd en dit vraagt om een goed regelen van deze, naar verwachting tijdelijke, onderwijsvoorziening. We hebben de volgende vragen aan het college. Klopt het dat er nu voldoende kinderen zijn om een aparte basisschool te starten? Wat is de precieze verantwoordelijkheid van de gemeente met betrekking tot de opvang en het onderwijs aan deze kinderen uit Oekraïne? Is de beoogde locatie aan de Vos van Steenwijklaan beschikbaar voor deze groep of zijn er meer locaties? Wij zijn van mening, dat is onze vierde vraag, dat samenwerking tussen gemeenten, schoolbesturen en de initiatiefgroep Stichting Herderskinderen belangrijk is. Hoe ziet u dan de rol van het college daarin? De vijfde is: hoe wilt u de financiële garantstelling voor de basisschool voor Oekraïense kinderen regelen en als laatste: wat is het minimum of maximaal aantal kinderen voor deze te starten basisschool? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Voor de beantwoording geef ik het woord aan wethouder Tuit.

De heer Tuit: Ja, voorzitter, dank u wel. En ook ChristenUnie dank voor deze vragen. Ik zal ze een voor een beantwoorden. Uw eerste vraag was, klopt het dat er nu voldoende kinderen zijn om een aparte basisschool te starten? Ja, dat klopt. De cijfers net voor de zomervakantie waren dat er rond de vijftien kinderen uit Oekraïne bij ons bekend waren en gelijk na de zomervakantie zijn die cijfers gestegen naar ruim veertig, dus hebben we feitelijk een andere situatie, en dat daarmee dus ook voldoende kinderen, dat wordt ook door de schoolbesturen bevestigd, om een school voor kinderen uit Oekraïne te starten. Uw tweede vraag is, wat is de precieze verantwoordelijkheid van de gemeente met betrekking tot de opvang en het onderwijs aan deze kinderen uit Oekraïne? Nou, als gemeente hebben wij een verantwoordelijkheid met betrekking tot huisvesting, eventueel ook leerlingenvervoer en eventuele toegang tot zorg. Eigenlijk in feite de rol die we als gemeente normaliter hebben, hebben wij ook voor deze kinderen. Op dit moment hebben wij als college ook een actieve regierol en die regierol pakken wij ook omdat in die periode van de zomervakantie en ook dat wat in Oekraïne nu gebeurt, wij ook inschatten dat het aantal van veertig nog de komende maanden, het moet nog winter worden, wel eens kan stijgen. Dus dat is de rol die wij als gemeente hebben in dit proces en ook later.

Vraag drie, is de beoogede locatie aan de Vos van Steenwijklaan beschikbaar voor deze groep of zijn er andere locaties beschikbaar? Nou ja, de locatie aan de Vos van Steenwijklaan, daar refereerde u ook al aan als ChristenUnie in uw vragen, is ook voor de zomer al grotendeels gereed gemaakt voor die opvang. De instroom was toen beperkt, maar dat is voor ons nog steeds de locatie waar wij naar kijken om de Oekraïneschool, zo noem ik het nog maar even, om die ook op te gaan richten. Daarmee zijn er op dit moment ook niet alternatieve locaties in beeld. Uw vierde vraag is: we zijn van mening dat samenwerking tussen de gemeenten, schoolbesturen en de initiatiefgroep Stichting Herderskinderen belangrijk is en hoe ziet u daarin uw rol als college? Nou, eigenlijk de rollen van het college heb ik bij vraag twee al beantwoord. Op dit moment voeren wij een actieve regierol en ik kan niet anders zeggen dat dit ook voor het college een heel prioritair thema is. De wens die ik ook een beetje proef tussen de regels door van zorg nou voor die samenwerking tussen schoolbesturen, tussen die Stichting Herderskinderen en gemeente. Nou, die wens hebben wij ook. Ik heb er daarom ook volgende week ook alle onderwijsbesturen, PricoH, Bijeen, maar ook het Mozaïek uit Hollandscheveld, die ook kinderen uit Oekraïne op school lesgeeft, bij elkaar geroepen en ook de Stichting Herderskinderen.

Dat overleg heeft wat ons betreft maar één doel, hoe komen wij tot een oplossing die rust biedt voor deze kinderen en ook een goede manier van onderwijs. Punt vijf is: hoe wilt u di financiële garantstelling voor de basisschool voor Oekraïense kinderen regelen? Nou ja, de onderwijsbesturen ontvangen een vergoeding vanuit het Rijk voor een deel van hun kosten voor het onderwijs. Wij zijn als

gemeente verantwoordelijk voor die huisvesting en wij ontvangen daar vanuit het Rijk ook een vergoeding voor. Dus dat wat betreft de financiën. En dan uw zesde vraag en daarmee ook de laatste: wat is het minimum of maximumaantal kinderen voor deze te starten basisschool? Nou, PricoH, Bijeen, die zijn leidend eigenlijk in dit dossier. Ik heb daar wel het Mozaïek dus bij betrokken omdat daar dus ook kinderen uit Oekraïne al les krijgen, dus zij hebben ook die praktijkervaring. Maar de schoolbesturen geven aan, met dit aantal is het minimum bereikt. Dus we hebben nu ruim veertig kinderen die ingeschreven zijn, dat is voldoende om dus ook nu in een nieuwe fase te komen voor een school voor de Oekraïense kinderen. Het maximum, ja, maandag ben ik ook met de ambtelijke delegatie ook op de Vos van Steenwijklaan geweest. Nou, we kunnen daar met gemak 120 kinderen een goede plek bieden. Dus er is gewoon ook rust en er is ook doorgroeimogelijkheid. Als je het inricht zoals het onderwijs dat ook inricht, zou je zelfs nog kunnen doorgroeien op die plek naar 140. Maar dan houdt het ook wel op. Nou, dat in de beantwoording, voorzitter, op de vragen. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk of mevrouw Pullen nog aanvullende vragen heeft. Mevrouw Pullen. Mevrouw Pullen-Muis: Nou, nog twee punten.

Ten eerste, als dit proces van al die gesprekken en die samenwerking, als dat een goed einde heeft of een minder goed einde, dat moet je natuurlijk nog afwachten, dan willen we wel graag dat er in ieder geval een soort brief of informatie naar de raad daarop komt. Dus dat is één. En u spreekt over de garantstelling vanuit het Rijk. Ik meen dat dat ongeveer voor een jaar was. Klopt dat? Want dat waren de berichten in de pers. Maar daar ben ik niet helemaal zeker van. Dus dat check ik nu bij u nog even. De voorzitter: Ik moet even kijken of de rest van de raad nog aanvullende vragen heeft. Die zijn er, zie ik wel. De heer Pomper. De heer Pomper: Ja, dank u, voorzitter. De wethouder zegt dat er ongeveer maximaal 120 kinderen wel gehuisvest kunnen worden. Mocht dat ook zo gebeuren, zijn er dan ook wel voldoende onderwijskrachten? Dus ook onderwijsassistenten en leerkrachten beschikbaar? De voorzitter: De heer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, aanvullend op de vragen die gesteld zijn, maar wat ik me afvraag is, wat is nu de noodzaak van een aparte school voor deze kinderen en waarom worden ze niet geïntegreerd in het bestaande onderwijs? En als dit gaat over het basisonderwijs, hoe kijken we dan straks aan tegen het voortgezet onderwijs waar deze kinderen ongetwijfeld naar toe zullen groeien? Of al aan toe zijn. De voorzitter: Mijnheer Kreuze, CDA.

De heer Kreuze: Ik wou graag van de wethouder horen, voorzitter, of hij met die 40 kinderen alleen ook kinderen heeft die bij de gemeente zijn ondergebracht, zullen we maar zeggen, of dat er ook zicht is op alle kinderen die bij private, particuliere opvang zitten? Dat was het. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik de heer Tuit de gelegenheid om de vragen te beantwoorden. De heer Tuit. De heer Tuit: Ja, dank u wel, voorzitter. Nou, eerst de vraag van de ChristenUnie. Ja, vanzelfsprekend gaan wij u als raad daarover informeren. Dit is een belangrijk thema, ook een prioritair thema. Dus ik stel mij voor dat vrij snel na dat gesprek aanstaande woensdag, dat u daarna geïnformeerd wordt. Dus die toezegging doe ik

hierbij. De garantstelling die u zegt op het gebied van financiën, met betrekking tot het rijk. Ja, dat klopt, dat is op dit moment nog voor een beperkte periode, maar in het hele dossier vindt continu ook herijking plaats naarmate de oorlog langer voert. Maar dat houden wij ook vanuit onze rol als gemeente nauwlettend in de gaten. Dus dat op de tweede vraag van de ChristenUnie. Dan de vraag van de SP, is ook een goede vraag. PricoH, die leidend is op het PO dossier namens alle schoolbesturen, dat doen ze gezamenlijk, maar heeft ook een VOT aangevraagd en daarmee kunnen ook mensen die niet onderwijsbevoegd zijn ook gaan lesgeven. Dus ik ben heel blij dat ook de onderwijsbesturen ook op dat vlak al hun verantwoordelijkheid hebben genomen en dat biedt ook mogelijkheid om bijvoorbeeld … Ik weet een situatie dat ook een leerkracht vanuit Oekraïne bijvoorbeeld die niet volgens ons onderwijssysteem bevoegd is, maar die kan met deze oplossing wel lesgeven. Want u heeft helemaal gelijk, onze scholen hebben ook te maken met een tekort, bijna, aan leerkrachten. Dus dat is heel urgent, maar dat is op die manier door de schoolbesturen al proactief opgepakt, ja. Dan de vraag van GroenLinks, is er noodzaak om nu ook een school voor Oekraïne apart te gaan openen? Ja, volmondig ja. Dat wordt ook gevraagd door de schoolbesturen.

Er zijn nu twee locaties, zowel bij PricoH als Bijeen en al die locaties zitten vol, en beide schoolbesturen geven ook aan, we redden het niet meer. Dus het is op dat vlak echt volmondig ja. Ook in het verlengde van de vraag, er is nu echt wel een andere situatie dan net voor de zomervakantie. Dus dat. Het VO-dossier is een ander dossier. Dat is toch vaak … Op dit moment hebben we daar niet de geluiden die we nu krijgen, maar uw aandachtspunt is wel terecht, als daar doorstroom plaatsvindt, maar dat kunnen wij nu nog niet overzien, maar dat is toch ook meer via Zoom, via afstand en de signalen die we nu uit het VO krijgen is dat dat nog goed gaat. Maar ook dat houden we natuurlijk nauwlettend in de gaten. Niemand weet hoe zich dit de komende periode … Hoe dit verloopt. Ja? Dan de vraag van het CDA, hebben wij zicht op alle kinderen? Ook een goede vraag van het CDA. Dit zijn de kinderen die op dit moment zijn geregistreerd bij de schoolbesturen. De verwachting is dat wanneer wij een school gaan openen in Hoogeveen, dat dat ook wel eens bijvoorbeeld een wat meer een regiofunctie zou kunnen krijgen en op dit moment is de school in Meppel geopend, de Reestoeverschool. Nou, daar winnen wij ook informatie in, maar de verwachting is zeker zo dat als deze school gaat openen, dat zich nog meer kinderen kunnen gaan aanmelden. Dat op beantwoording, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel.

Dan gaan we over naar de volgende twee mondelinge vragen, die met energieprijzen en energiekosten te maken hebben. Daarvoor geef ik eerst het woord aan de fractie van het CDA, mevrouw Koekoek, inzake stijgende energieprijzen en inflatie. Mevrouw Koekoek. Mevrouw Koekoek: Ja, voorzitter, dank voor het woord. Bij de behandeling van de kaderbrief hebben wij al onze zorgen geuit over het spook van de inflatie en het wordt steeds concreter wat dat betekent. Afgelopen week bereikte ons via de NOS het bericht dat mensen in de schuldhulp door een hoge energierekening extra in de problemen kunnen komen. Nou, het is een problematisch als je in de schuldhulpverlening terecht komt en zeker als je ook weinig leefgeld hebt. Nou komt de inflatie niet gelegen en zeker een hogere energierekening niet en dat blijkt in veel situaties als gevolg te hebben dat mensen niet meer aan de afspraken van het schuldhulpverleningstraject kunnen voldoen. Nou, de brancheverenigingen hebben inmiddels ook aan de bel getrokken, zeker omdat dit jaar nog problemen zullen ontstaan omdat de koopkrachtsteun voorlopig nog uitblijft en pas in 2023 zal zorgen voor een financiële verlichting. Dat laatste heeft ook effect voor de middeninkomens. Tot slot bleek deze week ook dat de hoogste inflatie ooit is gemeten, 12 procent in augustus.

Dat was kortom alle reden voor het CDA om vragen te stellen over hoe dit uitpakt in Hoogeveen. Om te weten wat het college gaat doen om te voorkomen dat inwoners met een lager inkomen of een midden inkomen niet meer in de schuldhulpverlening komen. Daarom hebben een drietal vragen. Herkent het college dat een hoge energierekening kan leiden tot problemen in de schuldsanering? Heeft het college inzicht in de mogelijke omvang van het probleem in Hoogeveen? Om hoeveel huishoudens zou het kunnen gaan? Onze

tweede vraag: bent u bereid om zowel met de GKB als de energiebedrijven om tafel te gaan en samen te werken aan oplossingen? Zo ja, kunt u daar vaart achter zetten zodat in het vierde kwartaal de oplossingen beschikbaar zijn? Zo nee, waarom niet? Tot slot onze laatste vraag. Bent u het met het CDA eens dat de middeninkomens ook op korte termijn ondersteuning nodig kunnen hebben door de hoge inflatie en dat het in bepaalde situaties gewoon niet haalbaar is om te wachten tot 2023? Bent u bereid om vooruitlopend op de koopkrachtsteun al in 2022 passende maatregelen te nemen. Zo niet, waarom niet? Dat waren de vragen. De voorzitter: Dank u wel. Dan geef ik voor de … In de categorie energiecompensatie, stijgende energieprijzen, het woord aan mevrouw Van den Oord die, zeg maar, een mondelinge vraag wil stellen over compensatie energiekosten. Mevrouw Van den Oord, ga uw gang. Mevrouw Van den Oord-Van der Bie: Dank u wel, voorzitter. Met de steeds maar doorstijgende energiekosten hebben steeds meer mensen de moeite de eindjes aan elkaar te knopen zoals mevrouw Koekoek zojuist ook al aangaf. We lazen echter in het Dagblad van het Noorden dat nog steeds veel Drentse inwoners die recht hebben op de energietoeslag van 1300 euro hiervoor geen aanvraag hebben ingediend. Graag zouden wij van het college de volgende vragen beantwoord krijgen.

Kan het college ons vertellen hoe dit zich verhoudt tot de Hoogeveense inwoners, oftewel wat de huidige stand van zaken is. De tweede vraag is op welke wijze de inwoners geattendeerd worden op deze toeslag. Derde vraag, is het college van mening dat zij voldoende inzet plegen om de inwoners trachten te bereiken? Vierde vraag is, worden ook maatschappelijke organisaties zoals bijvoorbeeld voedsel- en kledingbank gevraagd hun klanten te attenderen op het bestaan van deze regeling? En de laatste vraag, is het college op de hoogte of er op dit moment inwoners zijn die door de stijgende energielasten aan moeten kloppen bij bijvoorbeeld het GKB. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Voor de beantwoording van deze beide vragen vanuit de kant van het college geef ik het woord aan de heer Westendorp. De heer Westendorp: Ja, dank u wel, voorzitter. Allereerst dank ook voor de gestelde vragen. Het college ziet ook de zorg die er in de vragen zit, de zorg voor de inwoners die gewoon te maken hebben met de stijgende kosten en de gierende inflatie. Dat is absoluut waar. Verschillende partijen hebben hier al voorstellen in deze raad daarvoor gedaan en hebben ook vragen gesteld.

Ik zie de SP meer vragen stellen over, hoe kunnen wij zorgen dat die toeslag die er is vanuit de rijksregeling ook daadwerkelijk zo goed mogelijk terecht komt bij de mensen zodat die niet eventueel in problemen komen en het CDA zoomt wat meer in, wat doet u eigenlijk als dat het zich voordoet, heeft u dan wel de goede afspraken? In die volgorde is het misschien ook handig dat ik eerst even probeer te duiden van wat wij doen om eventuele trajecten die het CDA ook aanhaalt te voorkomen en dan even in te zoomen op de energietoeslag, wat daar wel een middel voor is, en daarna om te gaan hoe kijken wij om naar de samenwerking met de ketenpartners en wat zouden we daar eventueel nog meer op moeten doen. Dus allereerst, we hebben ook dat nieuwsbericht gelezen dat de SP ook aanhaalt en inderdaad, toen dacht ik al: daar komen vast vragen over. Maar aan de ene kant, om heel eerlijk te zijn, dat is juist goed dat het nieuwsbericht er ook is. Want dat betekent inderdaad dat mensen die gewoon recht hebben op deze toeslag, energietoeslag, er nogmaals bewust van zijn dat zij die toeslag kunnen aanvragen. Dat is ook precies wat we misschien nodig hebben, het vergroten van het bewustzijn dat je in sommige gevallen, niet iedereen heeft er recht op, maar de mensen waarvoor het bedoeld is daadwerkelijk ook aanspraak kunnen maken op die middelen.

Op de eerste vraag, hebben wij een beeld, wat is de stand van zaken. De inwoners die zijn bij ons in beeld, hebben de toeslag al ontvangen, de eerste 800 euro en in oktober volgt nog een keer 500 euro, samen opgeteld de 1300 euro die in het artikel staat genoemd. Dit zijn de inwoners met een inkomen tot 110 procent van het sociaal minimum en het Rijk heeft aangegeven, we gaan hoger dan dat, we gaan tot 120

procent. Dat gaan we ook, maar die hebben we niet in beeld. Dus daarom juist hebben we gezegd, dan moet u een aanvraag doen en die aanvraag moet u zelf aanvragen. We weten dus niet precies hoe groot die laatste groep is. In Hoogeveen, nog even de huidige stand van zaken, is misschien wel goed, een beetje in parallel van de vragen van de PvdA eerder, zijn ongeveer 1100 inwoners die ambtshalve, dus op basis van de gegevens die bij ons gekend zijn, toeslag hebben uitgekeerd gekregen en die krijgen dus straks nog een keer 500 euro en er zijn ruim 1200 inwoners die dat hebben aangevraagd en die zijn bijna ook allemaal afgehandeld. Dus dat is misschien ook goed om te weten. Op welke wijze worden onze inwoners geïnformeerd, geattendeerd? Nou, dat heb ik ook al eerder aangegeven, we gebruiken daarvoor natuurlijk de geëigende communicatiekanalen, de website, Het Torentje, andere publicaties, maar tevens verwijzen wij ook en werken we samen met de verschillende vrijwilligersorganisaties die er zijn. En loketten, geldzaken, woningcorporaties. Nou, de voedselbank en kledingbank, u haalt het ook nog even aan, daar was ik vorige week ook bij op bezoek. Toen heb ik ook gevraagd, horen jullie ook wat over de situatie? Nou, zij zijn bekend met de energietoeslag en zij zeggen ook, wij wijzen de mensen er ook op.

Ik denk dat dat ook heel erg belangrijk is, willen we uiteindelijk mensen helpen, dan gaat het erom dat je dat samen doet. Dus onze ketenpartners zijn er ontzettend belangrijk in om ook dat signaal uit te dragen dat die energietoeslag er is en dat je het kunt aanvragen voor zover dat nog niet is gebeurd. Er zijn ook talloze mensen, vrijwilligers, die helpen ook met het invullen van die formulieren. Het CDA heeft daar ook nog vragen over gesteld tijdens het zomerreces: is dat niet allemaal wat ingewikkeld? Het lijkt … Voor sommige mensen is het wel ingewikkeld, laten we dat ook meteen zeggen. Dus daar is ook hulp voor beschikbaar hier of bij vrijwilligers. Aan de andere kant, we willen ook de middelen, en dat is volgens mij de heer Kreuze die daar ook altijd op hamert, dat de overheidsmiddelen rechtmatig besteed moeten worden. Dus het is ook belangrijk dat we toch enige vorm van toetsing doen en niet zomaar een beschikking uitdoen. Wat we wel opmerken is: we moeten het blijven herhalen, die boodschap. Ik heb ook naar aanleiding van uw vragen nog even gevraagd: kunnen we nog extra inzet plegen op de communicatie? Dus dat pakken we ook op. Ik was al even ingegaan op voedsel- en kledingbank. Ten slotte, dan gaat het een beetje ook naar de GKB en de schuldhulpsanering toe, om daar op terug te komen.

Om heel concreet te zijn over uw vraag, mevrouw Van den Oord, het aantal meldingen dat is doorgezet naar de GKB voor schulddiensthulpverlening, is niet hoger dan normaal. Dus we monitoren daar, we houden de vinger aan de pols. Ik denk dat dat ook heel belangrijk is, dat we wel signalen krijgen. Van die aanmeldingen zijn ook geen gevallen bekend die specifiek gaan over gestegen energielasten. Wel hebben wij een aantal vragen van inwoners gekregen die van verschillende kanten, vroegsignalering, moeite hebben om rond te komen. Dat is natuurlijk wel gewoon op dit moment aan de hand. De werkende armen, om het maar zo even te formuleren, waar mevrouw Koekoek ook in haar vragen op duidde. Daar hebben we natuurlijk … Proberen we op in te spelen, gaan we het gesprek mee aan en kijken we of we mensen kunnen helpen. De hulpvraag is uit de gesprekken naar voren gekomen dat dat niet alleen maar de energieprijs is, dus het is niet alleen maar de energietoeslag, maar dat zijn juist alle factoren bij elkaar opgeteld en wij hopen daar gewoon, door in gesprek te gaan, op maatwerk toe te passen. Om heel eerlijk te zijn, het is incidenteel geld op dit moment, de energietoeslag, en eigenlijk zou je moeten werken aan structurele oplossing.

Mijnheer Van der Meer, hij heeft geen schriftelijke vraag gesteld, maar wel bij mij via de mail is langsgekomen en die zei: ja, weet, er komt straks een grote subsidieregeling vanuit de provincie waarop 800 huishoudens eventueel gratis isolatie zouden kunnen krijgen. Dus, let op, een daadwerkelijk lagere energierekening. Nou, we waren het al van plan, maar goed dat de heer Van der Meer ons weer daarop attendeerde, we willen eigenlijk al die mensen die die energietoeslag hebben gekregen attenderen op deze regeling, zodat we wellicht kunnen werken, ook voor die mensen, via de subsidie van de provincie aan een daadwerkelijk lagere energierekening. Dus daar zijn wij op dit moment ook mee bezig, dank u wel voor de tip. Dan gaan we verder naar de vragen van het CDA, die zijn deels al een beetje beantwoord. Ik hoop dat u dat tussendoor, tussen de regels door hebt kunnen horen, mevrouw Koekoek, maar ook tegen u wil ik zeggen: wij herkennen natuurlijk de zorg en als het gaat over de

schuldsanering dan heb ik daar net al wat over gezegd, de specifieke vraag van de SP. En het is lastig, dat is gewoon … Dat kunnen we hier wel zeggen tegen elkaar, het is lastig om precies te voorspellen wat het doet op basis van de getallen die we nu hebben. We hebben wel de zorg en ik kan u ook al vertellen, we zijn als college samen met de organisatie ook aan het inventariseren welke mogelijkheden er zijn, binnen de kaders die u hebt gegeven, om mensen extra te helpen. Maar de basis blijft natuurlijk dat iemand die om hulp vraagt, die willen we proberen te helpen. Dat is de basis van maatwerk. Daarvoor hebben we eigenlijk, daar bovenlangs, dat is eigenlijk het antwoord op vraag twee, die samenwerking met die ketenpartners nodig en het gesprek hebben wij ook al en juist heel belangrijk dat die signalen, als die er zijn, dat die zo vroeg mogelijk ook bij ons terecht kunnen komen en ook bij anderen zodat je een oplossing kan treffen. Die oplossingen, die moeten aan de ene kant in de keten zitten en aan de andere kant, het kabinet heeft nu gezegd, vanaf 2023 zijn er ... Grijpen wij in. Stellen wij een heel groot pakket beschikbaar om koopkracht te repareren, om minimumloon onder andere te verhogen, maar dat werkt nu nog niet. Dat is ook een beetje de zorg die ik proef als u zegt, ja, eigenlijk moeten we het vierde kwartaal al wat doen.

Nou, binnenkort, mag u wel weten, heb ik ook een gesprek met minister Carola Schouten hierover dat eigenlijk … Het is hartstikke goed dat een kabinet koopkracht wil repareren, begrijp me goed, maar eigenlijk is er nu al wat nodig, dus ik wil u eigenlijk zelf ook oproepen, als vragenstellen, ga via uw partijlijn, en misschien ook aan de andere fracties, via uw partijlijn in gesprek om niet te wachten tot 2023 maar nu al aan de slag te gaan. Want de gemeente is er niet voor inkomenspolitiek, uiteindelijk moet dat vooral via Den Haag lopen, maar wij zijn er wel als het gaat om hulpvragen van onze mensen en dan zijn we er ook om individuele ondersteuning te bieden waar dat nodig is. Ik heb getracht om alle antwoorden een beetje bij elkaar te beantwoorden en ik hoop daarmee zo goed mogelijk deze vragen te hebben beantwoord, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel. Dan kijk ik even naar beide vragenstellers of er aanvullende vragen zijn. Mevrouw Koekoek. Mevrouw Van den Oord-Van der Bie: Nee, ik dank de wethouder voor zijn … Oh, neemt u mij niet kwalijk, ik dacht dat u mij het woord gaf. De voorzitter: Mevrouw Van den Oord, tenzij u van naam gewisseld bent, maar het was ons niet meegedeeld. Ik gaf het woord aan mevrouw Koekoek, toch echt.

Mevrouw Koekoek: Ja, ik wilde de wethouder bedanken voor de uitgebreide beantwoording, maar toch, als ik kijk naar de vraag twee, dan mis ik daar enige concreetheid van zou u toch met energiebedrijf en GKB om tafel willen. En heb ik de wethouder goed begrepen dat hij enkel en alleen naar het Rijk kijkt en niet kijkt van nou ja, kunnen we ook lokaal maatregelen treffen zoals bijvoorbeeld maatwerk binnen de bijzondere bijstand of kijkend naar de gemeente Enschede die met een noodfonds werken. Wordt daar ook naar gekeken? De voorzitter: Mevrouw Van den Oord, nu wel. Of moet ik mevrouw Koekoek zeggen? Mevrouw Van den Oord-Van der Bie: Ik vind het echt wel een beetje verwarrend, dat samentrekken van die twee mondeling vragen. Ik ben helemaal mijn kluts kwijt. Ik wilde eigenlijk alleen de wethouder mijn dank uitspreken voor de uitgebreide beantwoording en ja, ik ben ook nieuwsgierig naar de beantwoording van de vragen van mevrouw Koekoek nog even. De voorzitter: Aanvullende vragen. Ik zie in ieder geval de heer Van Rijn.

De heer Van Rijn: Ja, dank u wel, voorzitter. Terecht dat het CDA opmerkt dat ook deze problemen de middeninkomens gaan treffen. Ik hoor ook de wethouder zeggen, ja, het is niet een, het is vaak een opeenstapeling van allerlei kosten die mensen krijgen. Middeninkomens die hebben ook natuurlijk … Dat zijn ook huizenbezitters. Dus ik wil de vraag toch bij dezen stellen, het is misschien niet helemaal de juiste vraag op dit moment, of het college in overweging wil nemen om de indexatie van de ozb toch uit te stellen. Want ook dat is weer een schepje boven op de vele kosten die stijgen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Schonewille? Mevrouw Schonewille: Ja, dank u wel. Ik hoor de wethouder vertellen dat we zouden moeten kijken naar meer structurele oplossingen. Nou, ik denk dat we het daar van harte mee eens zijn. En voor het zomerreces hebben we natuurlijk ook al kort in de mondelinge vragen het over dit onderwerp gehad en toen werd de armoedeconferentie aangehaald die we ergens in de komende periode een keer zouden gaan voeren om zo tot ook meer, hopelijk structurele oplossingen te komen en ik zou eigenlijk wel graag van de wethouder willen horen wanneer die conferentie gaat plaatsvinden. De voorzitter: Mevrouw Bisschop. Mevrouw Bisschop: Dank u wel, voorzitter.

Ik vroeg mij af of er ook nog aan gedacht wordt om die energietoeslag met een hogere frequentie in lagere bedragen uit te betalen. Want ja, het zou nu kunnen zijn dat als zo’n groot bedrag in een keer wordt ontvangen, dat dat misschien toch een ander gat daarmee gevuld gaat worden. De voorzitter: Mijnheer Van der Sleen. De heer Van der Sleen: Ja, ik had ook nog een vraag voor de wethouder en dat geeft in aansluiting wat mevrouw Bisschop net eigenlijk al een beetje aanroerde. Want was het niet doelmatiger geweest om het geld wat vrijkomt voor de mensen die daar recht op hebben, omdat via de energiemaatschappij te laten verlopen zodat het geld dat uitgekeerd wordt ook voor de energienota gebruikt wordt. En als ik zo vrij mag zijn daar nog een vraag over te stellen? In hoeverre is de opmerking betreft toe te zien of het subsidiebedrag ook voor de energienota aangewend wordt? Dat was een opmerking die de wethouder maakte van we moeten wel zien hoe dat gaat. Maar ik vraag me dan af hoe dat gaat en hoe houd je daar de controle over? De voorzitter: Dank u wel. Dat waren de aanvullende vragen uit uw raad. Dan geef ik het woord aan de heer Westendorp voor de beantwoording. De heer Westendorp: Ja, dank u wel, voorzitter. Ook dank voor de aanvullende vragen. Om terug te komen over de vragen vanuit het CDA om in elk geval ook de energieketen specifiek te benadrukken.

Ik weet dat daar ook landelijke gesprekken over voeren, dus wij hebben dat zelf, zeg maar, via de ketenpartners houden we daar nauw contact over, dus die signalen komen door, maar er lopen ook landelijk gesprekken om wellicht daar maatregelen voor te treffen en het lijkt me ook, om heel eerlijk te zijn, op dat niveau juist dat je die goede afspraken moet maken. Waarom? Omdat de energieleverancier, die levert aan klanten in heel Nederland. Dat zijn er heel veel, en dan kom ik ook meteen even terug op de vraag van de heer Van der Sleen van Gemeentebelangen. Ja, die energiemaatschappij die heeft klanten en wij weten niet bij welke inwoner welke energiemaatschappij hoort en daar is landelijk ook over gesproken, ook met de VNG, is het niet doelmatiger om dat via de energiemaatschappij te doen? Nou, die hebben weer geen inkomensgegevens. Dus uiteindelijk is deze taak, na wikken en wegen, bij de gemeenten terechtgekomen en het kan dus simpelweg

niet. Wij hebben geen toegang tot die gegevens. En controle, wordt het ook daadwerkelijk besteed aan het verlagen van de energierekening of wordt er misschien, ik noem maar wat, een nieuwe koelkast van gekocht, ik hoop dan wel een heel energiezuinige, om heel eerlijk te zijn, die controle doen wij niet. Nee. Het is een toeslag die wij uitkeren en wij hebben geen controle op, wat dat betreft, wat ervoor wordt gekocht of wordt gedaan. De andere vraag rondom de uitvoering van het CDA, is het wel zo handig om dan in 800 euro uit te keren en daarna nog een keer in 500 euro? Want misschien worden er wel andere dingen van gedaan, dat zit er een beetje achter die vraag, dan het verlagen van de energierekening. Wij hebben ervoor gekozen, en daar heb ik u de vorige keer ook al over geïnformeerd en dat is uw opdracht ook van uw raad geweest, om te zorgen voor een efficiënte uitvoering van deze regeling. Wij moeten zo min mogelijk ambtelijke capaciteit inzetten die daarnaast ook gewoon het gewone takenpakket heeft van inkomensvoorzieningen en zo, om te zorgen dat deze taak wordt weggezet. Dus we hebben ervoor gekozen om dat op twee momenten te doen, dus twee bedragen in één keer. Ja, dat is een keuze geweest, maar ook vanuit de gedachte om het zo efficiënt mogelijk te doen.

Ik ben met u eens dat de mensen dus de keuze hebben om daar andere dingen voor te gaan doen en ik hoop echt dat zij het ook daadwerkelijk gebruiken voor het verlagen van de energierekening want daar is het ook echt voor bedoeld. Dan de vraag van de SGP, wat doet het college eigenlijk voor iedereen? Die vraag heb ik ook al een beetje beantwoord, want dat was ook de vraag van mevrouw Koekoek. Het college inventariseert op dit moment de mogelijkheden die er zijn, maar u heeft ons als raad ook duidelijke kaders meegegeven en daar houden wij ons ook aan en die discussie hebben we, volgens mij, ook net met elkaar gevoerd, dus we moeten kijken naar wat er nu binnen die kaders mogelijk is of u moet zeggen, die kaders moeten worden veranderd. Maar wij werken op dit moment binnen de kaders die u ons heeft verstrekt en dan nog, als er iemand hulp nodig heeft dan zijn wij er voor die persoon, want we willen naast de inwoners staan en niet tegenover de inwoner. Tenslotte nog de vraag van de PvdA, van mevrouw Schonewille, wanneer hebben we de armoedeconferentie? Die is gepland, en ik weet, als je wethouders een datum hoort zeggen dan is het automatisch een toezegging, hij is gepland eind 2022. Dus het einde van dit jaar. Daar werken we naartoe in de voorbereiding om dat te organiseren met elkaar. De voorzitter: Dank u wel.

Dan gaan we over naar de laatste mondelinge vraag, de vierde mondelinge vraag van de fractie van de SGP over brieven die uw raad gekregen heeft van de ondernemingsraad van Stark. Ik geef daarvoor het woord aan de heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Ja, dank u wel, voorzitter. Op 22 juli en op 5 september kregen wij als raad en u als college de zogenaamde brandbrief van de ondernemingsraad van Stark hierbij ook meegestuurd bij deze vragen. De zorgen die daarin gedeeld worden, zijn nogal urgent en vragen om op korte termijn stappen te ondernemen. De SGP, en wij gaan ervan uit dat alle fracties de intentie van deze noodklok onderschrijven, hebben daar grote zorgen over. Vandaar dat wij hier de volgende vragen over willen stellen. Graag horen wij een reactie van het college op de onderdelen in de brief: kwetsbare mensen, dreigend gevaar, onze brandende vragen en de lage reiskosten. Is er naar aanleiding van de brief van 22 juli en heden overleg geweest over de inhoud van die brief met het bestuur, directie en ondernemersraad van Stark om te bespreken wat er eventueel wel gedaan kan worden? Zo ja, wat is de uitkomst, zo nee, waarom niet? De opeenstapeling van kosten die de eerste levensbehoefte van de doelgroep van Stark en anderen in de participatiewet hard raken, zullen logischerwijs gevolgen hebben in de uitvoering van de participatiewet.

Zijn daar ook al negatieve gevolgen van over waar te nemen? Wij beseffen dat deze opeenstapeling van zaken die ons overkomen, gelet op de mondelinge vragen van de andere fracties, het voor onze gemeente haast onmogelijk is om al die problemen het hoofd te bieden. Maar niets doen en afwachten is geen optie. Dat het vanzelf gaat oplossen is een illusie. Hierbij dan toch nog de vraag: wat kunt u wel doen? Dank u wel, voorzitter.

De voorzitter: Dank u, de heer Van Rijn. Voor de beantwoording geef ik weer het woord aan wethouder Westendorp. De heer Westendorp: Ja, dank u wel, voorzitter. Volgens mij geeft de SGP ook duidelijk de zorg weer die zij hebben, die breed leeft in de samenleving, maar maakt het ook specifiek voor de doelgroep die aan de slag is bij Stark, aan het werk is bij Stark en ook nog wel wat breder. Ook wij hebben natuurlijk de brandbrieven gelezen, de heer Van Rijn, en dat staat ook op de agenda van de eerstvolgende bestuursvergadering om het daar ook met elkaar over te hebben. Aan de andere kant is het ook iets wat de werkgever nu al, Stark is gewoon een werkgever, nu al mee bezig is. Dus dat is vooraf even goed om te zeggen. U vraagt eigenlijk een reactie op die brief dus daar wilde ik even in een aantal punten doorheen lopen met u. Ik hoop dat zo kort mogelijk te doen, maar het zijn een heel aantal vragen, dus dan hoor ik wel of ik de vraag niet goed beantwoord heb, dan zal dat ongetwijfeld terugkomen. Laten we het zo zeggen, het college herkent ook de brief van de ondernemingsraad. Allereerst natuurlijk is de ondernemingsraad in gesprek met de directie, dat is de eerste relatie. Daar ook horen we van hoe de directie wil omgaan met dergelijke zaken. Maar aan de andere kant betreft het ook gewoon onze inwoners.

Het zijn onze inwoners die er actief zijn en het zijn ook andere inwoners van andere gemeentes. Dus daarom is het ook belangrijk om goed te kijken naar de signalen die doordringen in de brief. Het sluit ook mooi aan op de vragen die bijvoorbeeld het CDA had. Het past helemaal in die lijn. Dus wij kennen die beschrijving en het gaat ook om een kwetsbare doelgroep en vandaar dat zij ook in een beschutte werkomgeving actief zijn. Ook het college maakt zich wel zorgen over de medewerkers van Stark, maar eigenlijk ook die algemene tendens die we net bij de vragen van het CDA ook hebben genoemd. Nou ja, we hebben toen ook gezegd, dit, zoals het CDA noemt, dit inflatiespook, dat kunnen we niet in ons eentje oplossen, maar daar hebben we ook juist een nationale aanpak voor nodig. En wat ons betreft, als college, moet dat nu. De cao ligt vast tot 2025, om maar even terug te komen op uw vragen, maar wij verwachten dat wat dat betreft die cao-onderhandeling zie je in heel veel sectoren, dat er opnieuw wordt onderhandeld. Volgens mij was er vandaag ook nog een treinstaking. Dus het kan maar zo zijn dat daar weer gesprekken over worden opgestart. Wat er wel speelt, en dat is ook onderdeel van het kabinetsbeleid, dat er speelt dat eigenlijk het minimumloon gaat stijgen.

Niet alle mensen bij Stark zijn daadwerkelijk, vallen in die categorie, maar er zijn ook wel mensen die in een andere categorie vallen, maar het helpt natuurlijk wel als het minimumloon omhooggaat. Dat betekent dat het salaris van deze mensen ook omhooggaat. Dus de cao ligt vast, maar de verwachting is wel dat daar gesprekken over worden gestart en dat zullen waarschijnlijk ook vooral de landelijke gesprekken zijn over de verbetering van een eventueel … De positie van de werknemers. Dat kan ook … Laten we het zo zeggen, u heeft ook een vraag over de reiskosten, specifiek. Het klopt inderdaad dat er binnen de WSW een lage reiskostenvergoeding is. U moet u ook voorstellen dat best wel veel mensen die bij Stark actief zijn ook een vervoer hebben, gebruik maken van bijvoorbeeld Wmo vervoer. Dus lang niet iedereen maakt gebruik van de reiskostenregeling, maar er wordt gewoon vervoer geregeld om op het werk te komen. Maar de stijgende vervoerskosten zijn wel echt een uitdaging en ook een probleem. Ook daarin is overleg met de koepelorganisatie Cedris. Die herkent deze problematiek ook en dat is ook wat ik terug hoor is dat dat ook een onderdeel zal zijn van de gesprekken die over de cao zullen worden gestart. Wat hebben we gedaan naar aanleiding van de brieven, vraagt u.

Er is deze maand nog een bestuurlijk overleg waarin de beide brieven op de agenda staan en ondertussen is de directie wel aan de slag gegaan. Zij houden ook daarin de vinger aan de pols van de signalen wat ze horen. Dat doen wij ook als gemeente, heb ik u net ook verteld. Maar u moet u voorstellen dat als er sprake is van verzuim door schulden dat je gewoon goed oplet, dat je mensen ook nu een training geeft over grip op geld, dat wordt ook door de directie aangeboden en eventueel ook doorverwijzen naar bijvoorbeeld de gemeente. Dus de directie is er zich wel van bewust en heeft daarin ook haar plicht om goed werkgever te zijn en ik merk ook dat zij zich zeer bewust is dat het een kwetsbare groep mensen is en ze willen ook zorgen dat de mensen in staat zijn om in elk geval de kennis en

kunde te hebben waar ze moeten gaan, moet lopen. Dan uw vraag over de opeenstapelende oplopende kosten. Nou ja, ik heb daar eigenlijk net al een beetje antwoord op gegeven in de vragen van de SP en ook van het CDA. Wij zien geen toename. Tegelijkertijd luisteren we wel goed en er zijn wel een paar gevallen waar we gewoon in gesprek gaan over wat de situatie is. Ten slotte is vraag vier, hoe kijkt u nou aan de toekomst en wat komt u nu wel doen. Laten we dat even wederom herhalen, wij zijn als college niet doof en blind voor de situatie die hier op dit moment in Hoogeveen, maar ook in Nederland aan de hand is. Ik heb net al gezegd, we inventariseren de mogelijkheden en werken daar wel bij vanuit de gedachte, de kaders die u heeft meegegeven en ik denk dat dat eventueel ook aan het college is om op basis van die inventarisatie uw keuzes voor te leggen. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk of de heer Van Rijn aanvullende vragen heeft. De heer Van Rijn: Ja, voorzitter, wij begrijpen de beantwoording heel goed. Toch zouden we graag eventjes op het einde van vraag drie nog wel even een antwoord hebben over of er al eventuele negatieve gevolgen waar te nemen zijn in de participatiewet. De voorzitter: Ik kijk of er anderen van de raad nog aanvullende vragen hebben. Ik zie de heer Pomper. De heer Pomper: Dank u, voorzitter.

De wethouder vertelt dat er nog geen nieuwe cao ligt, maar dat er mogelijk nog wel onderhandelingen gaan komen. Maar goed, daar zijn we nu nog niet mee geholpen. Cao is natuurlijk een ondergrens, organisaties mogen zelf aanvullende voorwaarden er instellen, bijvoorbeeld een hogere beloning voor de kilometervergoeding. Wilt u dat soort zaken ook met het bestuur van Stark gaan bespreken? De voorzitter: Voor de beantwoording heb ik het woord aan de heer Westendorp. De heer Westendorp: Ja, dank u wel, voorzitter. Op de vraag van de heer Van Rijn: zijn er nu al gevolgen waar te nemen? Het antwoord daarop is niet bij ons bekend, of bij mij bekend, op dit moment. Wat er wel zit, en misschien heeft u dat ook kunnen lezen in de kadernota, de meicirculaire, dat er extra middelen beschikbaar worden gesteld voor de uitvoering van de participatiewet die ook bedoeld zijn voor het WSW-bedrijf. Maar daar bent u over geïnformeerd. Maar dat heeft weer niet zozeer alleen maar te maken met de inflatie en de stijgende kosten. Dus er speelt wel het een en ander, maar het is niet zo dat specifiek dit invloed heeft op de uitvoering van de wet. Om terug te komen, ja, het staat op de agenda. Aan de heer Pomper, excuus. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee hebben we het agendapunt mondelinge vragen afgerond. 1.4 Benoeming A.

de Weerd tot opvolgend raadslid voor het CDA De voorzitter: Gaan we naar agendapunt 1.4, benoeming van de heer De Weerd tot opvolgend raadslid voor het CDA. De heer De Weerd heeft natuurlijk een aantal maanden mevrouw Jansen vervangen toen zij met ziekteverlof was. Nou, aan het begin van deze vergadering heb ik al aangegeven dat mevrouw Jansen is teruggekeerd op haar zetel, zullen we zeggen, wat automatisch betekende dat de heer De Weerd dan weer niet die functie meer kan vervullen en tegelijkertijd de functie die de heer De Weerd als eerste vervulde, namelijk opvolgend raadslid, is door de heer Lovers ingevuld en zo krijg je zo’n doorschuifsysteem, zal ik maar zeggen. Het betekent wel dat er formeel door uw raad, omdat de heer De Weerd en het CDA ook aangegeven hebben hem als opvolgend raadslid weer te willen installeren, dat u eerst het besluit moet nemen om de heer De Weerd ook weer toe te laten als opvolgend raadslid van uw raad. Dus in die zin moet u eerst dat besluit

nemen. Dat besluit ligt nu voor en ook daar zien we weer een digitale stemming ontstaan en dus kunt u zich weer helemaal uitleven op de knopjes. Dan kan de uitslag, denk ik … Dan constateer ik dat u unaniem met 29 voor en nul tegen de heer De Weerd heeft toegelaten als opvolgend raadslid voor het CDA. Dus laten we eerst daar de hamer op vallen. Maar voordat we de heer De Weerd daar met ze allen over kunnen feliciteren dat hij deze rol weer op zich kan nemen, moet hij ten overstaan van u en van de voorzitter vooral, in dit geval de eed afleggen. Dus ik zou de heer De Weerd willen vragen om naar voren te komen, dan ga ik naar het spreekgestoelte en zal ik de eed bij de heer De Weerd afnemen. Dames en heren, het is heel mooi dat u de procedure al zo goed kent dat ik niet eens hoef te vragen of die wil gaan staan, dat heeft u uit zichzelf gedaan. Mijn complimenten daarvoor. De heer De Weerd, u kent de procedure want u heeft hem vaker meegemaakt. Ik zal de eed zo aan u voorlezen en ik vraag u aan het eind uw rechterhand op te heffen en de twee vingers naast uw duim omhoog te steken en te zeggen: zo waarlijk helpe mij God almachtig. Dit nog maar even ook voor de kijkers dat ze weten, en de luisteraars, wat er gaat gebeuren. Ik lees de tekst van de eed voor.

Ik zweer dat ik, om tot opvolgend lid van de raad benoemd te worden, rechtstreek noch middellijk, onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer dat ik, om iets in het ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk, enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen. Ik zweer dat ik getrouw zal zijn aan de grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als opvolgend lid van de raad naar eer en geweten zal vervullen. De heer De Weerd: Zo waarlijk helpe mij God almachtig. De voorzitter: Dank u wel. Daarmee is het officiële gedeelte alweer heel snel voorbij. Ik ga u feliciteren en uw bloemen overhandigen. Ja, u was het al een beetje gewend. Ja, ik zou zeggen, u was al een beetje aan deze rol gewend, dus heel veel nieuws zal er niet gebeuren, maar toch heel veel plezier en succes weer in deze mooie functie van opvolgend lid van de raad. Dank u wel. Dames en heren, ik zei het net al, dat betekent dat de heer Lovers inmiddels natuurlijk weer opvolgend raadslid af is en natuurlijk zullen ook hem thuis bloemen bezorgd laten worden zodat hij ook in deze vreugde mag delen. Dus als hij luistert of kijkt, hij is niet aanwezig vanavond, dan weet hij wat hem te wachten staat, namelijk een bos bloemen. Dat zal hem deugd doen, denk ik.

1.5 Beheersverordeningen Buitengebied Noord en Buitengebied Zuid 2022 De voorzitter: Dan ga ik met u naar het volgende agendapunt, dat is inmiddels 1.5, de beheersverordeningen Buitengebied Noord en Buitengebied Zuid 2022 en uw besluit daarover op dit moment, dat is ook een digitaal besluit. Kijken of er nog eventueel stemverklaringen zijn. Dat is niet het geval. Dan is aan de orde de besluitvorming rond dit voorstel. U kunt weer stemmen. Dan kunnen we de uitslag bekend maken. Dan constateer ik dat u op dit agendapunt beheersverordeningen een unaniem besluit heeft genomen, 29 voor, nul tegen. 1.6 Vaststelling 'Hollandscheveld, deelplan Hollandscheveldse Opgaande 39' De voorzitter: Dan gaan we naar agendapunt 1.6, de vaststelling Hollandscheveld, deelplan Hollandscheveldse Opgaande 39 en u neemt dat besluit. Kijken of daar woordmeldingen zijn of in ieder geval stemverklaringen. Dat is niet het geval, dan brengen we dat ook in stemming. De uitslag is dat u ook dit voorstel unaniem aanvaardt met 29 voor, nul tegen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11852605/2