Transcript Raadsavond 27 oktober 2022
Tekst van het document
Mevrouw Pullen-Muis: Ik heb u horen zeggen, ik weet ook inmiddels dat u wil komen met een initiatief, of een motie over initiatievenloket, hoe denkt het CDA dat te kunnen doen met de betreffende, met betrekking tot de personeelslasten die het oplevert voor organisaties om dat weer te organiseren? Mevrouw Koekoek: Voorzitter, in uw vraag zit een aanname dat het extra personeel zal kosten. Dat hoeft per, hoeft niet wat ons betreft. Het kan binnen de bestaande formatie gewoon opgelost worden.
Mevrouw Pullen-Muis: Kunt u daarvoor met bewijzen komen en feiten? Mevrouw Koekoek: Kijk, wij gaan niet over de dagelijkse aansturing van de ambtelijke organisatie maar als we kijken naar de jaarrekening en waar we een overschot hadden van twaalf miljoen. Dat is niet alleen dat we twaalf miljoen over hebben maar dat betekent ook dat we een aantal taken niet hebben uitgevoerd. Dus het kan ook een kwestie zijn dat we de boel anders gaan organiseren. De voorzitter: De heer Van der Meulen. De heer Van der Meulen: Mevrouw Pullen en ik hebben dezelfde vraag. Dus daaropvolgend wil ik wel concrete, heb ik daar dan nog een vervolgvraag op van dat rijmen van dat personeel, personeelstekort en het initiatievenloket. Oh god, net had ik hem in mijn hoofd, momentje. De voorzitter: Uw fractiegenoot de heer Sieders had zich gemeld. Misschien dat we hem eerst even voorlaten, krijgt u straks even de tijd om, ja zullen we het zo doen. De heer Sieders. De heer Sieders: Ja, dank u wel, voorzitter. Even een vraag, u zegt net, u geeft zelf net aan wij gaan niet over de aansturing van de SWO maar ik zie ook een motie voorbijkomen, wat u heeft aangekondigd, waarin waar het dan wel gaat over de aansturing van de SWO. Kunt u dat ook nog even plaatsen voor mij? Mevrouw Koekoek: Kijk, het klopt dat het een vrij concrete motie is, dat zal ik ook niet ontkennen.
Kijk, het punt is wel natuurlijk dat er werk blijft liggen, dat het capaciteitsprobleem vaak door het college is aangegeven als argument waarom zaken niet doorgaan of dat zaken op de plank blijven liggen. Dat is voor de raad vervelend als vragen niet beantwoord kunnen worden maar veel vervelender is het voor onze inwoners en organisaties die niet bediend worden zoals ze bediend zouden moeten worden. Dat willen we van het college, we hebben er wel vaker bij het college op aangedrongen van los het op maar we krijgen opmerkingen ja we werken eraan. Maar we hebben nu zoiets van ga er ook maar echt werk van maken en dan hebben we op deze manier een aanzet gemaakt. De voorzitter: Dank u wel. Ja, de heer Van der Meulen. Gaat uw gang. De heer Van der Meulen: Ja, dank u wel. Wat ik de laatste maanden heb gemerkt, is dat het CDA ontzettend veel waarde ook hecht aan een juiste bedrijfsvoering. In relatie tot die vraag dan van het personeelstekort en het initiatiefloket en dat het misschien anders georganiseerd moet worden, hoe gaat dan doe visie over naar succesfactoren en prestatie-indicatoren? Hoe wordt dat dan praktisch? Mevrouw Koekoek: Ja, inderdaad als ik in het college zou zitten dan zou ik zeggen ik kom er schriftelijk op terug want dit vind ik zulke detailvragen die vind ik eigenlijk niet hier thuishoren. De voorzitter: De heer Van der Meulen.
De heer Van der Meulen: Ja, dus op dit moment is het een idee, het is een wens, alleen de manier waarop die is nog onbekend. Mevrouw Koekoek: Klopt, wij vragen het ook aan het college om het uit te voeren, niet aan ons als raad om het uit te voeren. De voorzitter: De heer Klok.
De heer Klok: Ja, dank u wel, voorzitter. Ook doorgaand op een initiatiefloket. Wat voegt het initiatiefloket nog toe nu terwijl we de smederijen al hebben? Dat is eigenlijk. Mevrouw Koekoek: Dat is een terechte vraag. Kijk, de smederijen is vooral gericht op de wijken en de dorpen en het initiatievenloket is veel meer gericht op losse inwoners die met een goed voorstel langskomen. De voorzitter: De heer Klok. De heer Klok: Ja, dan nog een vraag over dat initiatiefloket. Bent u het niet met mij eens dat we dan ook weer een lage bureaucratie toevoegen in deze, in dit gemeentelijk apparaat? Is het niet veel beter om te opteren voor één loket waar inwoners met alle zaken terecht kunnen? Dank u wel. Mevrouw Koekoek: Volgens mij hebben we dat loket al, namelijk het klantcontactcentrum en dat functioneert denk ik ook niet altijd. De voorzitter: Anderen nog? Kijk nog even rond. Dat is niet het geval. Dan wil ik mevrouw Koekoek bedanken namens het CDA de pitch gedaan hebbende. Dan geef ik het woord aan de fractie van de PvdA, de heer Van Eck. Gaat uw gang. De heer Van Eck: Mooi, dan ben ik toch even GroenLinks voor deze keer. Voorzitter, een begroting van 203 pagina’s pitchen in twee minuten, dat komt neer op 0,6 seconden per pagina. In het tv-programma Even tot hier weten ze een best wel ingewikkeld onderwerp in een liedje van één minuut te duiden. Here we go.
Dan beginnen ze normaal ze zingen een minuut lang, dat ga ik jullie besparen. Ik heb vanmiddag nog geprobeerd te rappen en met een boombox erbij maar ik ga toch gewoon het op de ouderwetse manier vertellen. De gemeente die krijgt weer wat kleur op de wangen. Er is orde op zaken gesteld, lekken zijn gedicht en we sparen weer. Goed nieuws. Maar de veranderingen in de wereld gaan razendsnel en meer dan ooit zijn die veranderingen voelbaar in de gemeente en bij de mensen thuis. Dat maakt dat een begroting alweer achterhaald kan zijn als de inkt van die begroting nog niet eens droog is. De bomen groeien in Hoogeveen dan nog lang niet tot aan de hemel, er zijn onzekerheden en er zijn veel risico’s. Kalmpjes aan moet wat ons betreft nog steeds het parool zijn. Als PvdA Hoogeveen als wij naar de cijfers kijken dan denken wij altijd: eerst de mensen. Over mensen gesproken, heel veel mensen hebben op dit moeite om het hoofd boven water te houden. Als inwoners van onze gemeente steun nodig hebben dan moet de gemeente er voor hen zijn. Er is vandaag de dag terecht veel aandacht voor armoede maar wat ons stoort, is die aandacht bij sommige partijen pas ontstaat nu de middenklasse het moeilijk heeft. Er zijn grote groepen mensen die al tien, twintig jaar zwaar in de problemen zitten, dan zeg ik het netjes.
Slechts met de grootst mogelijke moeite je gasrekening kunnen betalen, ja dat is erg vervelend, laat daar geen misverstand over bestaan. Maar dat is echt wat anders dan je kinderen geen eten kunnen geven. Dat is echt wat anders dan geen kleding kunnen kopen. Dat is echt wat anders dan geen uitjes of cadeautjes kunnen veroorloven. Dan krijg je ook nog eens te maken met die energierekening daar overheen. Wij zijn blij dat de inwoners van Hoogeveen met hun stem de PvdA in de gelegenheid hebben gesteld weer deel te nemen aan het college. Een verantwoordelijkheid die we ook in deze moeilijke tijden niet uit de weg gaan. Dat is terug te zien in de begroting. In de begroting is accent gelegd op verbinden en verbeteren en dat doen we samen. Accenten zijn er ook voor bestaanszekerheid, voor wonen en voor werken. Voorzitter, de PvdA zal zich blijven inzetten voor een sociaal en eerlijk Hoogeveen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Reacties, opmerkingen, vragen? Mevrouw Koekoek.
Mevrouw Koekoek: Voorzitter, dank. Ik heb twee vragen aan de PvdA. In uw visie zegt u van we willen de samenwerking met de gemeenteraad. Ik ben wel benieuwd hoe wij dat vanavond zullen gaan zien bij de moties en amendementen. De tweede vraag die ik heb. U zegt dat er, over de begroting, dat we graag volgend jaar willen gaan voor een acht of een negen. Ik ben wel benieuwd welk cijfer u de huidige conceptbegroting geeft. De heer Van Eck: Wat uw eerste vraag betreft, dat gaan we inderdaad zien in de loop van de avond als de moties en amendementen voorbijkomen. De tweede, de huidige begroting geven wij een dikke voldoende, staat ook in onze visie, dat is in mijn ogen een zeven plus. Mevrouw Koekoek: Voorzitter, mag ik daar aanvullend? De voorzitter: Ja, gaat uw gang. Mevrouw Koekoek: Waarom wilt u niet alvast voor die acht of negen dit jaar gaan? De heer Van Eck: We hebben nu de begroting voorliggen. Ik heb net aangegeven kalmpjes aan dan breekt het lijntje niet. Dit is een begroting van kalmpjes aan. De voorzitter: Mevrouw Koekoek twijfelt nog even. We gaan even rond, kijk even of anderen nog. Is niet het geval. Dan wil ik de heer Van Eck danken. Vraag de heer Klok alvast naar het spreekgestoelte te gaan en namens de fractie van de VVD de pitch te doen. Pasje. Gaat uw gang. De heer Klok: Dank u wel, voorzitter.
Hoogeveen moet klaar staan voor haar inwoners, klaar staan voor haar inwoners wanneer dit nodig is. Hoogeveen moet er zijn wanneer het minder gaat en hoort zich naar de achtergrond te begeven wanneer het beter gaat. Dit alles kan zij alleen doen wanneer de financiën onder controle zijn. Het zakencollege was en het huidige college is hier hard mee bezig. Dit krijgt steeds meer vorm, zo ook in deze begroting. Reserves worden elk jaar hoger, er komt weer vet op de botten. Dat vinden wij ook niet meer dan normaal. Hoogeveen heeft een voorbeeldfunctie namelijk dus er gaat niet meer uit dan erbinnen komt. Door de extreem hoge inflatie kiezen wij ervoor om de OZB niet met de inflatie te indexeren, dat zou niet eerlijk zijn. Wij stellen de OZB naar beneden bij. Wij kiezen ervoor om de OZB op een zo laag mogelijk niveau te houden, op een zo laag mogelijk niveau maar wel op zo’n niveau dat het bestuurlijk verantwoord is. Want wij zijn nog steeds bezig met reparaties omtrent het verleden. Achteruitkijken is belangrijk maar vooruitzien is regeren. We hebben ons hard gemaakt voor een versnellingsteam wonen. Hier is in de begroting ruimte voor gemaakt en wij opteren voor een zo snel mogelijke invulling hiervan. In de komende raadsperiode liggen er ook een aantal grote investeringen in het vooruitschiet.
Ook investeringen die altijd nodig zijn, denkt u bijvoorbeeld aan de bereikbaarheid, bereikbaarheid in Hoogeveen met de trein maar ook juist bereikbaarheid richting en vanaf de dorpen. Naast investeringen die altijd nodig zijn, komen er de aankomende periode dus ook drie grote investeringen langs. Eén Hoofdstraat Zuid, twee brandweerkazerne en drie zwembad. Met alle drie zijn miljoenen gemoeid. Hier willen wij als partij maar ook als raad in 2023 invulling aan geven. Zelfs gaan bij de volgende vergadering, dat zijn we nu aan het vormgeven, invulling geven aan Hoofdstraat Zuid. Tot slot willen wij het college complimenteren met de begroting die voorligt. We bouwen reserves, dit is ook nodig. Immers, de beste profeet over de toekomst is het verleden. Laten we koers houden, dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie de hand van mevrouw Pullen, als eerst het woord krijgen, mevrouw Pullen.
Mevrouw Pullen-Muis: Dank u wel, voorzitter. Wij hadden ons voorbereid op een vraag over de bereikbaarheid maar u begint daar ook al in uw pitch over dat u het belangrijk vindt dat de bereikbaarheid voor de dorpen ook belangrijk is. Hebt u ideeën over hoe u dat concreet wilt invullen voor de komende periode? Hoe u dat voor u ziet? De heer Klok: Dank u wel. Concreet is het lastig, ja daar kan ik hetzelfde antwoord als mevrouw Koekoek geven. Daar hebben wij het college voor maar ik zou u sterker vertellen, ik durf u wel te zeggen dat vandaag de dag de beste wethouder op verkeer zit. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Pullen. Mevrouw Pullen-Muis: Oké. De voorzitter: Mevrouw Pullen. Mevrouw Pullen-Muis: U hebt een aantal woordspelingen in uw visie en ook die ik gelezen heb en dat zijn de woorden zinnig, zuinig en zorgvuldig. Als ik dan u vraag: wat zijn nou eigenlijk zinnige uitgaven, zuinige uitgaven en zorgvuldige uitgaven? Dat zijn er drie al, misschien kunt u er één van beantwoorden in eerste instantie. De heer Klok: Nou, ik wil er hier ook wel drie opnoemen maar dan praat ik al wel een beetje over de toekomst. Eén is Hoofdstraat Zuid, twee is de brandweerkazerne en drie is zwembad. Daar gaan wij voor zorgen als VVD zijnde. De voorzitter: Mevrouw Koekoek. Mevrouw Koekoek: Wat heeft de VVD toch ambitie.
Maar ik dacht ook altijd dat de VVD een natuurlijke partner van het CDA als het ging om lokale lasten. Maar ja, totdat ik de VVD in Hoogeveen leerde kennen. Als we kijken naar die financiële afspraken die we met elkaar hebben gemaakt, daar refereert u ook aan, dan staan alle seinen op groen en toch blijft u tegen het verlagen van de OZB. Kunt u dat nog uitleggen? De heer Klok: Ja, dank u wel. Ik ben blij dat ik de ervaringen heb van de vorige periode maar ik zit in een fractie waarbij die ervaring er wel is en als ik die verhalen wel eens aanhoor dan denk ik al: dat nooit weer. Daarom is het des te belangrijker dat we nu reserves gaan bouwen. Daarom opteren wij nu ook voor rust in de begroting. Alles komt met mate. Dank u wel. Mevrouw Koekoek: Voorzitter, dat is geen antwoord op mijn vraag. We hebben met elkaar financiële afspraken gemaakt, de heer Kreuze kan daar een hele bloemlezing over geven, maar een simpele leek als ik snap ze ook, is dat we aan alle financiële afspraken voldaan. Als het gaat om de schuldpositie, als het gaat om de solvabiliteit, om weerstandvermogen. Best een grote algemene reserve. Toch zegt u nog steeds: wij zijn voor deze OZB-verhoging. De heer Klok: Nou, ik kan u vertellen in de snelheid hoe snel het goed gaat met Hoogeveen, mede door het zakencollege en het politieke college, dat heeft ons ook verrast.
Tegen die snelheid, hoe snel het weer goed gaat, daar zijn wij ook niet tegen opgewassen. Maar wij beloven u ook dat wij de komende periode het komende jaar daarnaar gaan kijken. Wat is verstandig, waar moeten we als Hoogeveen aan houden en hoe moeten we dat gaan uitgeven?
Mevrouw Koekoek: Ik kijk uit naar volgend jaar. De voorzitter: De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ook ik wil graag over die OZB beginnen met de VVD want wij zijn ook mede-indiener van het amendement om de OZB-verhoging die voorgesteld is gewoon te schrappen. Kijk, OZB is bedoeld als je geen sluitende begroting krijgt dat je zegt van ja wij moeten toch taken uit gaan voeren en we krijgen de begroting niet sluitend, nou dan is het gerechtvaardigd natuurlijk om daar een OZBverhoging in te doen. Onze begroting is gewoon sluitend, ook zonder die drie procent, dat wijzigt zowat niks. U doet wel heel gering over wat dat voor effecten zijn maar het is de opeenstapeling van kosten die iedereen op dit moment met zich meebrengt dat wij zeggen van laten wij als gemeente daar nou niet een schepje bovenop doen. Is dat nou een onoverkomelijk iets voor de VVD of zegt u van nou ja we gaan gewoon voor wij hebben dat geld dringend nodig om nou in deze begroting taken uit te voeren? De voorzitter: Sorry, sorry. Mevrouw Van den Oord wilde even een punt van orde maken. Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Zonder dat ik dit persoonlijk richting de heer Van Rijn bedoel, ik bedoel het eigenlijk in algemene zin, ik stoor mij even aan het feit dat er nu al heel erg inhoudelijk wordt ingegaan op zaken die straks in amendementen en moties ter discussie gesteld zullen worden.
Ik zou willen dat we nu ons beperken tot het stellen van aanvullende vragen aan de inspreker die achter het spreekgestoelte staat. De voorzitter: Ik moet wel even een aanvulling geven. Het is ook het zoeken van het gesprek, niet alleen maar het stellen van vragen maar dat kan natuurlijk ook, ja als er voorbeelden moeten worden gebruikt, kan dat wel. Maar we gaan er wat scherper op letten. De heer Klok. De heer Klok: Ja, dan moet ik wel weer even graven maar ik zal een bruggetje maken ook richting het CDA. Kijk, wat u nu zegt wij hebben hetzelfde DNA qua lokale lasten maar u ziet dat nu anders. Nou ja, dat kan. Maar wat wij zien als VVD, wij hebben hetzelfde DNA als partij voor de samenleving, als baken van rust. Daarvoor opteren wij ook in deze begroting doe nou rustig, doe nou kalm. Dat komt in de loop der jaren. We moeten zuinig zijn op wat we hebben en zuinigheid met vleit bouwt huizen als kastelen. De voorzitter: De heer Pomper. De heer Pomper: Dank u, voorzitter. De VVD die zegt we gaan ervoor zorgen dat dat zwembad er komt. Nou, dat is eigenlijk heel goed. Gaat de VVD er dan ook voor zorgen dat ieder kind daar kan zwemmen? Dus dat ieder kind met de school, of met een zwemdiploma van school komt en dat ook alle kinderen in de minima daar kunnen gaan zwemmen? De heer Klok: Dank u wel, voorzitter.
Ja, uw collega opteerde al niet, uw collega partijgenoot opteerde net ga niet te ver in op de moties en dat vind ik deze ook een beetje. Maar wij komen er straks ook bij de motie op terug. Ja, wij zijn voor zo’n onderzoek want wij vinden dat ook belangrijk dat kinderen met een zwemdiploma van school afkomen. Helemaal als je ziet in wat voor een waterland wij leven en ook in wat voor een watergemeente wij leven. Dus ja, wij wachten graag dat onderzoek af maar ook hier loopt u iets te hard op de zaken vooruit. De voorzitter: Dit was al een schot voor open doel. Ja, de heer Van Hoorn.
De heer Van Hoorn: Ik had een vraagje nog over de investeringen die de VVD in de toekomst wil doen. U heeft het ook over dat u de reserves nu wil aanvullen, vult u de reserves nu aan voor het zwembad en de Hoofdstraat Zuid of vult u de reserves aan voor financiële zekerheid van Hoogeveen? De heer Klok: Ja, het is altijd, dank u wel, het is altijd rekening houden natuurlijk met wat in het vooruitschiet ligt en daar zullen wij ook niet voor weglopen. Zeker, dat is ook gebleken in de vorige periode hebben we ook die reserves nodig. Zoals mijn collega mevrouw Pullen ook al eerder zie vanavond: we gaan nu de trap op maar het kan net zo snel dat we weer de trap af gaan. Dus ja, we moeten die reserves houden en ja die investeringen liggen ook in het vooruitschiet dus je kunt ze niet los van elkaar zien. De voorzitter: Microfoon gaat steeds uit. De heer Van der Sleen, gaat uw gang. De heer Van der Sleen: Ja. De heer Klok die noemde net een betere bereikbaarheid van de dorpen. Maar wat, ik heb nog niet gehoord wat het juiste antwoord was want bedoelt u nu ook het openbaar vervoer of de fietsverbindingen of de, wat bedoelt u daar precies mee? De heer Klok: Dank u wel, voorzitter. In ieder geval ook met de motie die is net aangenomen met de wolf vinden wij het zeer belangrijk dat in ieder geval de fietsverbindingen dat daar snel beterschap voor komt.
Ook qua licht maar ook qua asfalt en beton wat daar ligt. Ja, daar zullen wij voor opteren. De voorzitter: De heer Kreuze, met bijna overstrekte arm de aandacht van de voorzitter vragen. De heer Kreuze: Bedankt. Vrachtauto’s hebben zo’n sticker van pas op voor de dode hoek. Misschien moeten we daar wat voor hebben. Ja, ja, ik ben waarschijnlijk een beetje weggepromoveerd. De heer Klok die typeert dat goed. Voorzitter, ik heb één vraag maar dat is een A en een B vraag. De voorzitter: Dat kennen we van u. De heer Kreuze: Ik had mevrouw Hooijer ook horen zeggen dat de schone lei grenzen voor haar genoeg waren. Mijn vraag aan de heer Klok is ook: zijn de schone lei grenzen voor hem ook genoeg? Daar zit ook een B vraag aan vast want hij belooft fantastische investeringen, daar zijn we natuurlijk als CDA ook heel enthousiast over, maar wanneer zijn die reserves wat hem betreft dan genoeg zodat we ook een beetje kunnen rekenen wanneer dat zeg maar zwembad, brandweerkazerne gaat komen? De heer Klok: Ja, dank u wel, voorzitter. Ja, ook zou ik deze vraag, zo wil ik niet alle vragen doen maar deze vraag komt wellicht ook wel iets te vroeg. Ja, kijk die investeringen die komen eraan en ja de ratio’s die we hebben afgesproken die zijn er en die hebben we gehaald.
Dus nu is het tijd, nu hebben we dit geconstateerd en nu is het tijd om ook te gaan kijken wanneer moeten we die investeringen plaatsen. Dus ja, dat is ook een handreiking naar iedereen hier wat ons betreft, laten we kijken hoe we dat samen kunnen invullen. En nee, we hoeven dat niet deze avond hier met zijn allen te doen, daar moeten we rustig de tijd voor nemen want uitgaven moeten zinnig, zuinig en zorgvuldig. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even rond. Geen nadere opmerkingen, vragen meer. Dan dank ik de heer Klok voor zijn pitch en de beantwoording van de vragen. Vraag inderdaad, dat gebeurt al, mevrouw Pullen van de ChristenUnie alvast naar het spreekgestoelte te gaan. Dan vraag ik uw aandacht voor de fractie van de ChristenUnie, mevrouw Pullen.
Mevrouw Pullen-Muis: Dank u wel, voorzitter. Dank u wel, voorzitter. Onlangs staken we als fractie onze handen uit de mouwen. Een tuin van iemand leegruimen zodat er iets meer orde kwam in haar bestaan. Hulpvragen is niet makkelijk. Voor je laten zorgen ook niet. Ze is haar bestaan financieel afhankelijk van de gemeente, de energielasten en de bestaanszekerheid staan onder druk. Gelukkig konden we even helpen. Die beelden heb ik op mijn netvlies staan. Met inzet van vrijwilligers in veel organisaties komen we zo samen verder. Dat is ook hebben voor wat telt, het gaat voor de ChristenUnie vooral om het sociaal Hoogeveen. Wij zijn ook afhankelijk voor een groot deel in onze begroting van geld van het rijk. Als het rijk rijker wordt en is, kunnen wij meer als gemeente. Als het rijk minder geeft aan het Gemeentefonds, krijgen wij het ook zwaarder. Dat dreigt in 2026. De trap op en de trap af, u hoorde het net al, de VVD had waarschijnlijk iets ook gelezen in onze visie. Zo noemen we dat principe en ik heb de vorige keer heb ik mijn trap vergeten maar ik heb hem nu gewoon bij me. In ieder geval als herinnering dat dit de plek is, ja het systeem is waar we mee werken. Ik zal niet zeggen waar die thuis altijd hangt. Maar wat ik ermee wil zeggen, is dat we voorzichtig moeten zijn met onze plannen en de komende investeringen. Goed dat we wensen en plannen hebben.
Volgend jaar moeten we die integraal afwegen. Dat is best spannend voor de binnenstad en voor onze inwoners en voor het zwembad en de brandweerkazerne, we hebben het er net al over gehad. Ook moeten we kijken hoe we onze culturele voorzieningen in stand kunnen houden. Nou, we hebben ook ten aanzien van de historische vereniging al het een en ander gehoord. Ook zou er moeten dus, gekeken moeten worden naar die culturele voorzieningen. We moeten niet vergeten onze kinderen en jongeren die opgroeien in Hoogeveen. Ook zij willen gezien en erkend worden in hun behoeften en vragen. Daarom hebben wij een motie jongerenwerk opgesteld. Wij dragen ook jong Hoogeveen een warm hart toe en daar moeten we mee doorgaan. Weer terug naar die inwoner die zich zorgen maakt over haar bestaanszekerheid. Zij is niet bezig met het vergroenen van haar tuin of de zonnepanelen op het dak. Afvalscheiding gaat nog net omdat er drie bakken toevallig staan in de tuin. Wij als gemeente hebben wel een stimulerende taak in bewustwording van afvalscheiding voor al onze inwoners. Ik zou haar rust en stabiliteit toe willen wensen. Een stapje hoger op die ladder van bestaanszekerheid. Rust en stabiliteit hebben we dus als gemeente nog wel nodig. Natuurlijk liggen er vraagstukken. Ja, twee zinnen.
Natuurlijk liggen er vraagstukken met betrekking tot personeelstekorten en meer gezond financieel beleid maar met deze begroting vanuit het coalitieakkoord biedt volgens de ChristenUnie dit een goede basis voor de toekomst. We wensen onszelf als raad en als college daarbij ook de wijsheid en de zegen van God toe. De voorzitter: Dank u wel. Kijk ik naar reacties. Mevrouw Koekoek. Mevrouw Koekoek: Voorzitter, dank. In uw pitch en zowel in uw visie spreekt u over bestaanszekerheid. Ik ben wel heel benieuwd hoe u dat begrip definieert. Mevrouw Pullen-Muis: Bestaanszekerheid is voor mij in eerste instantie dat ieder ook gewoon geld kan hebben om te leven en om te kunnen bestaan. Het mooiste zou zijn dat er ook werk is, eventueel wat via de participatiewet vrijwilligerswerk. Er zijn natuurlijk heel veel manieren om iemand, dat iemand het gevoel heeft van hé ik doe ertoe in deze samenleving. Nou, dat is heel breed bestaanszekerheid. Dat is niet alleen geld maar wij hebben als gemeente wel een zorgende taak om in ieder geval die basiszekerheid te geven. De voorzitter: Mevrouw Koekoek. Mevrouw Koekoek: Aanvullend wilde ik er nog even op reageren. Is er bij u sprake van variatie in bestaanszekerheid of is het gewoon we hebben bestaanszekerheid of we hebben geen bestaanszekerheid? Mevrouw Pullen-Muis: Hoe bedoelt u variatie? Dan geef ik hem even aan u terug.
Mevrouw Koekoek: Nou, in onze visie hebben wij aangegeven we hebben bestaanszekerheid wil zeggen werk, opleiding, huis en zorg. Kan ik bij u de conclusie dan trekken van als je wel werk hebt maar geen opleiding of wel werk en een huis maar geen toegang tot zorg dat er dan ook sprake is van bestaanszekerheid? Mevrouw Pullen-Muis: Kijk, uw definitie is heel compleet. Zo heb ik ook naar u geluisterd net in uw betoog. Ik heb nu gewoon even heel kort geantwoord op het feit wat die bestaanszekerheid is. Maar ik denk dat het ook heel belangrijk is om te kijken naar de persoon die je voor je hebt. Wat voor de één wel bestaanszekerheid is, kan voor de ander een andere bestaanszekerheid zijn. Dus ik kan daar geen algemene definitie op leggen. De voorzitter: Voordat iemand weer heel hard gaat zwaaien, de heer Kreuze u krijgt zo het woord, maar de heer Van der Heide was eerder. Dus dat geef ik nu alvast aan. De heer Van der Heide, gaat uw gang. De heer Van der Heide: Dank u wel, voorzitter. Ik zou aan mevrouw Pullen willen vragen: de ChristenUnie heeft duurzaamheid hoog in het vaandel staan en wij hebben als Gemeente Belangen geconstateerd, dat staat ook in het zeg maar in de Hoogeveense Courant dat duurzaamheidsmaatregelen vooral uitgevoerd kunnen worden door mensen met een dikke portemonnee.
De aanschaf van zonnepanelen, warmtepompen en dergelijke dan moet je behoorlijk in de buidel tasten om dat te kunnen doen en er zijn weinig voorzieningen voor om ook de mensen die u ook aanspreekt met een zeg maar een voorzieningenniveau, bestaansniveau op het minimum of misschien zelfs daaronder om die dook die mogelijkheid te geven. Hoe ziet u dat? Kunt u ook meegaan in onze redenering om daar mogelijkheden voor te gaan zoeken? Mevrouw Pullen-Muis: Nou, dat lijkt me sowieso een goede route. Ik weet dat de woningcorporaties in Hoogeveen natuurlijk op dat punt al een tijdje bezig zijn dus dat is een gegeven. Ik denk dat zo’n punt als duurzaamheid als je dat verbindt met armoede, dat zou bijvoorbeeld op zo’n armoedeconferentie een mooi onderwerp zijn van hoe kunnen we daarin elkaar, hoe kunnen we daar stimulerende maatregelen voor ontwikkelen als overheid. De voorzitter: Dank u wel. De heer Kreuze. De heer Kreuze: Voorzitter. Dezelfde vraag eigenlijk nog een keer, de heer Klok en mevrouw Hooijer die zeiden ook dat de in schone lei afgesproken grenzen voor hen goed genoeg waren. Ik vroeg me af of dat ook bij de ChristenUnie zo was? Omdat u zo’n leuk trappetje heeft en dat voorbeeld, vroeg ik mij af, we hebben zelf ook een keer een website gelanceerd met nieuw sociaal Hoogeveen met ene trap uit de bijstand zeg maar.
Wat vond u daarvan? Mevrouw Pullen-Muis: Ja, die trap uit de bijstand die verwees zeker naar de participatieladder denk ik. Maar dat is terzijde. Kijk, ik ken mensen, laat ik het maar persoonlijk maken, ik ken mensen die misschien wel heel hoog staan op die ladder. Dat zijn ook mensen die hier zitten. Daarnet hoor je hoe iemand zegt ja zijn leven is en hoe die zich welbevinden, dat zit hem niet alleen maar in geld en in zeg maar heel veel kunnen in het leven. Ik ken ook mensen die gewoon, nou laten we eens een voorbeeld noemen, mensen die bij Stark zijn die heel gelukkig zijn met hun werk. Dus dat even in reactie op dat laatste punt. U vroeg naar uw, naar onze visie op de afspraken met betrekking tot schone lei, nog even geloof ik. Iets duidelijker nog. De heer Kreuze: De vraag was of de grenzen die in schone lei zijn afgesproken of die voor u nog gelden zeg maar, of die nog voldoende voor u zijn.
Mevrouw Pullen-Muis: Ik denk dat het goed is als we in 2024 wat verder zijn, we spreken nu over 2023, we spreken nu over de begroting, dat we daar nog eens even opnieuw kritisch naar gaan kijken. Volgens mij ligt er ook een afspraak, ook vanuit het college, of een soort toezegging, dat de parameters en de financiële afspraken dat we dat gewoon met elkaar nog eens weer gaan bespreken. Dus dat ligt volgens mij, ik zie een knikkend hoofd achter de heer Van Rijn dus dat heb ik dan toch wel goed onthouden. Dus dat zou, dat is mijn antwoord. De voorzitter: De heer Kreuze. De heer Kreuze: Mag ik daaruit concluderen dat in tegenstelling tot de heer Klok en mevrouw Hooijer u zegt dat de grenzen van schone lei op dit moment voor u voor de meer jaren begroting niet meer geldig zijn? Mevrouw Pullen-Muis: Dat is uw conclusie, volgens mij. De voorzitter: Ik kijk even naar of er nog anderen zijn. Dat is niet het geval. Dan dank ik mevrouw Pullen voor de pitch en vraag de fractie van de SP om al naar het spreekgestoelte te gaan. Mevrouw Van den Oord. Gaat uw gang. Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Dank u wel, voorzitter. In tegenstelling tot de VVD heeft de SP geen moeite het woord crisis in de mond te nemen. Zeker wanneer ieder van ons dagelijks geconfronteerd wordt met de gevolgen hiervan.
Helaas kennen we in Nederland momenteel meerdere crises die het functioneren van ons democratisch stelsel ernstig verstoren en onder druk zetten. Ook in Hoogeveen zien we dat steeds meer mensen en ondernemingen moeite hebben om overeind te blijven en afhankelijk zijn geworden van financiële steun van de overheid. De SP is blij dat we met de motie lokaal maatregelenpakket bestrijding energie- en inflatiearmoede, wat een titel eigenlijk, mede-ingediend door PvdA, GroenLinks, ChristenUnie en CDA de steun hebben gekregen van zowel college als de gehele raad. Daarmee hopen we niet alleen de lagere inkomens maar ook met name de middeninkomens een steuntje in de rug te kunnen bieden in deze moeilijke tijden. We zien in de voorliggende begroting een duidelijke verbetering van onze financiële positie waar we uiteraard heel blij mee zijn. Ondanks de waarschuwing dat er veel onzekerheid is over hoe het Gemeentefonds er in 2026 uit zal gaan zien, zijn wij van mening dat onze huidige begroting ruimte biedt om juist nu met name onze inwoners door deze crisis helpen te komen. De SP is zeer tevreden met in ieder geval het handhaven van de meerkostenregeling en dat de bezuinigingen op de buurt- en wijkhuizen niet verder doorgevoerd zal gaan worden.
Wat ons betreft is de schone lei echter niet langer leidend, zeker nu deze door geopolitieke en daarmee gepaard gaande binnenlandse ontwikkelingen ingehaald is. Het nu aanpakken van de renovatie van de Hoofdstraat Zuid heeft voor ons en de meeste inwoners dan ook totaal geen prioriteit. De SP is echter van mening dat we de problemen met betrekking tot de brandweerkazerne en zwembad de Dolfijn niet langer meer voor ons uit moeten schuiven. We roepen het college dan ook op, bij deze op om met een collegevoorstel te komen hoe wij op korte termijn, en hierover op korte termijn met de raad in overleg te gaan. Collega’s, we leven in onzekere tijden en zien ons voor grote uitdagingen gesteld. Uiteraard is een begroting en perspectief voor de komende vier jaar van belang maar stippen op de horizon vervagen door de harde realiteit van nu. Lucebert zei het zo mooi: alles van waarde is weerloos. Laten wij als raad en college van Hoogeveen gezamenlijk zorgen voor het welzijn, de gezondheid en veiligheid van al onze inwoners maar zeker die van de weerlozen. De voorzitter: Dat was de laatste zin? Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Dat was mijn laatste zin.
De voorzitter: Ik denk van ik kijk even, dat is zo maar de tijd was ook al voorbij. Dank u wel. Ik kijk even wie, ik zie de heer Klok. U als eerste, de heer Klok, gaat uw gang. De heer Klok: Dank u wel, voorzitter. Het vertrouwen in de politiek is historisch laag, daar hebben we het vaak over, ook weer vanavond. Maar ik hoop dan dat de SP het met mij eens is: belofte maakt schuld. Wij hebben omwonenden, ondernemers hebben wij beloofd in schone lei, voor schone lei: wij stellen nu de investeringen in Hoofdstraat Zuid uit maar zodra het kan, pakken wij deze investeringen weer op. Zijn wij niet verplicht ook onze geloofwaardigheid van de politiek, van de gemeenteraad Hoogeveen dat wij dat op korte termijn weer oppakken? Dank u wel. Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Als u het zo formuleert, ben ik zeker een voorstander van belofte maakt schuld.
Maar nogmaals, ik zeg al de tijden zijn inmiddels veranderd en in onze optiek heeft de brandweerkazerne die we al jarenlang uitstellen en waar de rut en dergelijke al jaren bij ons aandringen dat we nu toch echt stappen moeten gaan ondernemen om de brandweerkazerne op het vereiste peil te brengen, vind ik dan toch nog even iets belangrijker en ook de Hoogeveense inwoners die graag onder de boompjes zitten en bij het Olde Schippershuus et cetera, die er helemaal niks mis mee vinden, kan ik het niet verkopen dat wij dan zeggen nou de brandweerkazerne moet maar wachten want de Hoofdstraat Zuid heeft de prioriteit. De voorzitter: De heer Klok. De heer Klok: Ja, ik ben sowieso benieuwd of het een of, of discussie wordt of niet maar ik vind het wel frappant wat u zegt. Iemand die daar onder de boom zit bij het Schippershuus kan wel even wachten. Nee, maar daar gaat het niet om. Wij hebben die ondernemers, we hebben die omwonenden hebben we daar beloofd een paar jaar geleden zodra het weer kan, pakken wij die investeringen weer op. Dat is de vraag, dat hebben wij die ondernemers beloofd. Mijn vraag aan u is: wil u die belofte dan nu niet nakomen? Geeft u daar geen prioriteit aan? Dank u wel. Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Indien die financiële ruimte gevonden kan worden dan ben ik ook inderdaad voor, nogmaals, belofte maakt schuld. Dan moet je die schuld inlossen.
Maar wij zeggen als SP we hebben een andere prioriteit en dat is voor ons in eerste instantie de brandweerkazerne en in tweede plaats de Dolfijn want die stellen we ook al jarenlang uit. De voorzitter: Mevrouw Pullen. Mevrouw Pullen-Muis: Nou, ik was, een andere vraag aan mevrouw Van den Oord, ik was nogal verrast door haar visie of tenminste de visie van de SP ten aanzien van nou de eigenlijk niet zo SP-achtige neiging om straks voor de begroting te gaan stemmen. Wat maakt nou dan eigenlijk dat de SP ineens zo verandert hier in Hoogeveen? Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Nou, dit hebben wij altijd al een lachwekkend frame gevonden maar ik heb het al eens vaker proberen uit te leggen. Wij kunnen, zoals de heer Scheffers van D66 dat in het verleden deed, wij stemmen in met de begroting met uitzondering van onderdeel A, B, C, D, E, hebben wij altijd gezegd, moet u luisteren: wij kijken kritisch naar de begroting. Als wij denken dat de inwoners en het sociaal domein goed voorzien zijn dan zullen wij uiteraard instemmen. Maar er zijn de laatste jaren zoveel bezuinigingen doorgevoerd op met name het sociaal domein, wij steeds niet anders konden dan toch tegen de voorliggende begroting te stemmen. Maar je weet het niet, de wind staat gunstig op dit moment.
De voorzitter: Hopen dat we de wind in de goede richting kunnen blijven laten waaien. Mevrouw Pullen. Mevrouw Pullen-Muis: mag ik dan de conclusie trekken dat de SP sowieso blij is dat de taakstelling ten aanzien van het sociaal domein dat die er helemaal uit? Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Dat kunt u rustig controleren, concluderen. Sterker nog, we hadden zelfs nog overwogen om hier en daar een uitbreiding te doen maar ook wij houden wel een gezond financieel huishoudboekje voor ogen. Alleen nogmaals, we moeten ook kijken naar de realiteit van vandaag en dan moet je soms je prioriteiten even verleggen. Althans, zo staan wij in de race. De voorzitter: Dank u wel. Ik kijk even, de heer Klok. De heer Klok: Ja, dank u wel, voorzitter. Dan wil ik toch nog even terug naar het onderwerp want ik vind echt dat hier de politieke geloofwaardigheid in het geding is. Wij hebben dat die mensen, die ondernemers, die omwonenden hebben wij die belofte gedaan. Dan is het toch frappant dat wij nu zeggen van ja jongens die belofte hebben we wel gedaan maar je sorry. Nu maar even niet, we stellen dat even op de langebaan. Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Nou ga ik even heel gemeen doen. De voorzitter: Dit is de tweede keer dat dezelfde vraag wordt gesteld. U krijgt straks hetzelfde antwoord.
Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Mag ik daar nog wel op reageren nou die toch gesteld is, voorzitter? De voorzitter: U mag erop reageren maar dan is dit punt in ieder geval ook afgerond. Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Oké, nou ja ik kan een hele gemene doen als het gaat om politieke geloofwaardigheid vind ik de VVD niet altijd het voorbeeld, het juiste voorbeeld om daaraan te kunnen refereren. De voorzitter: Ja, nee, dat vraagt natuurlijk weer om een reactie, dat begrijp ik. U mag niet meer dezelfde vraag stellen. De heer Klok. De heer Klok: Nee, ik wil refereren naar eerder op de vergadering van wij zijn een stuk adequater dan de landelijke VVD. De voorzitter: De heer Kreuze. De heer Kreuze: Voorzitter, wat is het toch hoopvol met de VVD in Hoogeveen. Ik heb weer dezelfde vraag, alleen nu anders want u zegt ja schone lei is voor ons niet meer leidend. Ik vroeg mij af: wat betekent dat? Zeg maar brandweerkazerne wordt geschat op zo’n 11,5 miljoen. Ik lees dat in Drachten een nieuw zwembad gebouwd wordt voor dertig miljoen. Dus ik was wel benieuwd wat de SP daar voor betekenis aan geeft dat schone lei niet meer leidend is? Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Nou, zoals we ook allemaal hebben kunnen lezen, sparen we op dit moment harder als dat we hebben aangenomen toen we om tafel zaten en de schone lei geformuleerd werd.
We hebben als SP altijd het voorbehoud gehouden dat wij per begrotingscyclus opnieuw zullen kijken of wij nog vinden dat de kaders wellicht bijgesteld moeten worden en dat hebben we al bij een eerdere gelegenheid ook aangegeven dat niet alleen de algemene reserve, waar nu bijvoorbeeld 50.000 euro wil halen als CDA ten
faveure van Hollandscheveld support, dat we daar zaken uit kunnen halen en daar zijn ook de investeringen overigens in ondergebracht. Als tweede zou ik willen zeggen we hebben ook aangegeven we kunnen ook het spaartempo verlagen en gewoon onze doelen niet in 2025/2026, misschien zelfs pas in 2027 behalen. De voorzitter: Dank u wel. Anderen nog? Niet het geval. Dan denk ik mevrouw Van den Oord voor haar pitch en vraag ik de fractie van Forum, de heer Vos, om naar het spreekgestoelte te gaan. Gaat uw gang. De heer Vos: Ja, dank u, voorzitter. De begrotingsdag, voor vele partijen een heugelijk moment waar ze denken dat ze binnen de gestelde kaders uiteindelijk met afzwakkingen van afzwakkingen een klein beetje hun eigen belang kunnen behartigen. Er wordt van ons verwacht dat wij ook net zoals alle andere partijen moties en amendementen gaan indienen. FvD Hoogeveen stelde zichzelf eigenlijk de vraag: wat hebben moties nou voor nut als de kaders waarbinnen deze moties en amendementen ingediend moeten worden zo opgesteld zijn dat alle uitingen die binnen deze kaders plaatsvinden uiteindelijk tot hetzelfde zullen leiden? Dat komt door een denkwijze van een systeem dat zo ontworpen is dat de conclusies uiteindelijk van elke positie binnen dit systeem tot dezelfde uitkomst leiden.
FvD Hoogeveen heeft dan ook kritiek op het hele referentiekader van dit systeem waarbinnen deze bestuurders en deze begroting is opgesteld. Maar we dachten van hoe kunnen we nou tot jullie daarin tot jullie doordringen? Ik kan wel een ellelang filosofisch verhaal hier gaan lopen houden waarom de fundamenten van de hele raad en het hele systeem niet kloppen en dat er uiteindelijk nauwelijks filosofisch gezien een verschil tussen de VVD en GroenLinks. Daarom doe ik nu eigenlijk op, ga ik het op een andere manier doen. Ik doe hier een beroep op deze raadsleden en op de mensen thuis, via de voorzitter natuurlijk, een beroep van mensen die nog wel gegrond zijn, mensen die nog wel hun ziel hebben, mensen die deze samenleving zien en zien dat we aan het afglijden zijn met zijn allen, een samenleving die van crisis naar crisis door blijft denderen en elke keer wel lijkt alsof het een stukje erger gaat. Het gaat ook veel erger.
We kunnen hier wel mooie verhalen gaan lopen houden met zijn allen over hoe gezond onze financiële kaders zijn maar als wij nu een inflatie van twintig procent hebben die ongetwijfeld alleen maar hoger en hoger wordt, ja wat gaan wij daartegen doen als raad? Zolang wij dat niet willen zien en wij niet willen zien dat uiteindelijk dit systeem tot dit soort dingen leidt en ook daarin durven een vuist te maken, de mensen thuis en wij hier als raad, zal er nooit wat gaan veranderen. Uiteindelijk is het natuurlijk gewoon de vraag van wat voor Nederland en wat voor Hoogeveen willen wij nalaten aan onze kinderen. Dat is denk ik de fundamentele vraag die iedereen zich moet afstellen en dan de vraag vragen, de vraag aan zichzelf stellen: gaan we nou juist wel echt de goede kant op met zijn allen? Als u die vraag met een ja of met een nee beantwoordt dat we niet de goede kant op gaan dan verwelkomt FvD Hoogeveen u graag en dan gaan we graag met u in gesprek. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. Ik zie een aantal handen. Ja, ik geef eerst het woord aan de heer Pomper. De heer Pomper: Dank u, voorzitter. Ja, FvD kan heel goed vertellen wat er allemaal niet goed gaat, begrijpelijk, maar er wordt helemaal niet verteld van hoe kunnen we het wel goed doen dan.
Wat zijn jullie plannen? De heer Vos: Wat wij heel erg merken en wat we denk ik ook sowieso heel erg gemerkt hebben in het halfjaar dat we hier nu in deze raad zitten, is dat er een hele mentaliteit is die gewoon, die uiteindelijk leidt dat mensen willen geen besluiten maken, verantwoordelijkheden worden afgeschoven, er zijn allemaal juridische kaders waarbinnen iedereen beweegt, daar wordt natuurlijke extra op gehamerd wanneer het de politiek een beetje moeilijk wordt. Daarin hopen wij dat wij met onze aanwezigheid dat we ook echt het politieke debat gaan aanvoeren en dat we ook echt fundamenteel over zaken gaan praten. Maar daarvoor is het dus eerst
nodig dat mensen in gaan zien dat ze positie innemen. Ik hoop dat dat uiteindelijk dat wij dat voor elkaar kunnen gaan krijgen. De voorzitter: Aanvulling door de heer Pomper en daarna ga ik naar de heer Van Rijn. De heer Pomper: Daarmee zegt u dus dat nagenoeg alle andere 29 raadsleden dus dat inzicht niet hebben en dat u dat dus wel hebt? De heer Vos: Onze oproep was dan ook aan de gegronde raadsleden die nog steeds wel allemaal hun ideologie of daadwerkelijk hart beschikken hier in deze samenleving. Volgens mij zijn het hier best wel veel die dit instinct nog steeds wel echt wel hebben. Dat merk ik heel goed. Alleen is het nu de vraag of ze zich gaan uitspreken daartegen. De voorzitter: De heer Van Rijn. De heer Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Ja, u geeft terecht aan dat besluitvorming en uitvoering dat moet binnen kaders uitgevoerd worden. Dat is ook logisch want anders dan kan iedereen op zijn eigen houtje maar zomaar wat gaan doen. Maar de kaders die worden uiteindelijk hier in deze raad vastgesteld. Kunnen wij nu ook binnenkort van u verwachten dat u met voorstellen komt om andere kaders te gaan stellen? Heb ik dat goed gehoord? De heer Vos: Dat kunt u zeker van ons verwachten maar we willen daarnaast ook het hebben over de grotere kaders. Dat het hele idee dat er constant binnen kaders bewogen moet worden daar zijn wij het niet mee eens.
De voorzitter: Mevrouw Koekoek. Mevrouw Koekoek: Voorzitter, dank. Ik heb een drietal vragen aan de heer Vos. U spreekt over crises, nou dat kunnen we niet ontkennen. Maar mijn vraag is wel van wat voor oplossing biedt u daarvoor? U spreekt ook over systeemwijzigingen, welke systeemwijziging wil u dan, ziet u dan voor ogen? En u spreekt over wat voor Hoogeveen wil u nalaten, stelt u aan ons maar mijn vraag aan u is: wat voor Hoogeveen wil u nalaten? Eentje van verbinding of eentje van rivaliteit? Tot slot, u heeft het over debat, er moet ruimte zijn voor debat. Daar vindt u mij aan uw zijde, u aan uw zijde, moet ik het wel goed zeggen. Maar is het geen kernmerk van debat dat er ruimte en respect moet zijn voor andermans opvattingen? De heer Vos: Dank u wel. De eerste vraag, kunt u nog even uw eerste vraag herhalen? Mevrouw Koekoek: Het is ook wel gewoon handig als je een pen bij je hebt, maar oké. We hebben het over crises, daar spreekt u over. Mijn vraag was: wat voor oplossingen biedt u daarvoor en elke oplossingen ziet u voor het systeem? De heer Vos: Het begin van de oplossing is dat er überhaupt begrepen wordt waar de crisis vandaan komt.
Daarom moeten we hier in de raad moeten we fundamenteel vragen gaan stellen: hoe komt het nou dat er bijvoorbeeld zo’n asielcrisis, waar we het net over hebben, is gekomen? Hoe komt het nou dat er een internationale geopolitieke crisis is ontstaan? Hoe komt het nou, als hier dan in dezer raad partijen zijn die dan vervolgens hier zeggen ja dit willen we allemaal niet en we gaan tegen de gevolgen van die crisis in, moeten ze wel snappen dat hun landelijke partijen gewoon voor die crisis en die crisis uiteindelijk hebben veroorzaakt.
Maar alsnog zullen ze, doen ze daar niks tegen. Dus ja, dan is mijn wedervraag: vinden jullie dat dan wel echt belangrijk genoeg om daar landelijk ook wel wat tegen te zeggen. Mevrouw Koekoek: Ja voorzitter, maar ik vraag naar het hier en nu in Hoogeveen. Dat er landelijke crises zijn, dat daar ook landelijk wat aan gedaan moet worden, Europees, mondiaal daar ben ik het helemaal met u eens maar we zitten hier in Hoogeveen. We zijn niet de landelijke politiek aan het doen. De heer Vos: Er wordt dus echt heel erg, dat merk ik dus ook bij de rest van de partijen, heel erg vanuit een systeem gedacht. Maar uiteindelijk je bent gewoon, je bent je eigen kracht dus als je als CDA Hoogeveen bijvoorbeeld hier of als andere partij als je hier gewoon zegt van wij zijn het hier niet mee eens en wij zetten zoveel mogelijk van onze kracht in om druk op te voeren landelijk dan maak je een vuist naar de buitenkant. Dat moeten we doen. We moeten vanuit onze eigen kracht werken en niet alles afschuiven naar andere dingen waar we zogenaamd geen inzicht op hebben. De voorzitter: Mag ik daar naar uw fractiegenoot? De heer Kreuze die. Mevrouw Koekoek: Trouwens hij heeft niet al mijn vragen beantwoord. Dit is vraag één van drie. De voorzitter: Maar misschien dat u nog even die kort kunt herhalen dat er meteen direct antwoord op gegeven kan worden.
Mevrouw Koekoek: De heer Vos had het over een Hoogeveen die we na willen laten. Mijn vraag is: wat voor een Hoogeveen wil hij nalaten? Eentje van verbinding of eentje van rivaliteit? Hoe hij naar het debat kijkt? De heer Vos: Verbinding is zo’n term wat gewoon een loge term is. Ik hoorde niemand heir over verbinding spreken tijdens de Coronacrisis waar een gedeelte van de samenleving gewoon totaal werd uitgesloten. Dat maakte toen ook niemand uit. Uiteindelijk gaat het erom dat je met elkaar in debat gaat en dat je op fundamentele wijze tegen elkaar in gaat. Pas dan kan er iets beters uitkomen en constant het pappen en nathouden om elkaar niet boos te maken of de heilige vrede te bewaren dat is nou juist het probleem van tegenwoordig. Dat is ook in een debat. Je kan best, je kan best snappen waar iemand zijn punten, waarom iemand zijn punten heeft waar ze vandaan komen en dat kan je op dat moment respecteren maar dat betekent niet dat je het eens bent met ze. De voorzitter: Nog één vraag. Ja, oké, sorry. Heb ik het verkeerd geïnterpreteerd. De heer Kreuze. De heer Kreuze: Voorzitter, dank u wel. Ja, ik ben door de heer Vos vereerd met de niet met namen genoemde aandacht die hij mij gaf in zijn visiedocument, namelijk over het dragen van het SDG-speldje. Die mooie regenboogkleuren die ik altijd op mijn jasje heb als ik niet een ander jasje aan heb.
De sustainable development goals, weliswaar een Engelse term, waar het gaat om zeventien doelen om de wereld beter te maken. Ik doe daar volledig autonoom aan mee en met mij mijn collega’s zowel op het werk als in de politiek. Is de heer Vos dan ook geïnteresseerd of bereid om met mij daarover het gesprek aan te gaan? Want ik begrijp dat hij daar heel veel moeite mee heeft dat dat zeg maar rondom geen armoede in de wereld, geen honger, goede gezondheid, ik kan ze alle zeventien opnoemen, gaan nastreven? Dat is mijn vraag. De heer Vos: Nou, ik ben erg blij dat deze vraag gesteld wordt. Ik zie inmiddels vandaag dat het twee raadsleden zijn die zo’n speldje op hebben. Dat is dus ook denk ik onderdeel van wat wij bedoelen met die fundamenten. Het CDA gaat er hiervan uit dat die doelen uiteindelijk vanuit een soort nobel streven zijn
opgesteld om de wereld te verbeteren. Maar zo is het niet, zo werkt uiteindelijk macht niet, zo werkt politiek niet. Uiteindelijk gaat het erom dat, ja dat soort doelen die zijn natuurlijk precies zo vormgegeven. Wie kan er nou tegen armoede zijn? Wie kan er nou tegen de wereld beter maken? Wie kan er tegen honger zijn? Tuurlijk. Dat lijkt me logisch maar daar gaat het niet om. Het gaat erom dat om dat soort dingen voor elkaar te krijgen, moeten er middelen aangestuurd worden en dat wordt op een globale schaal gedaan. Die ideeën worden vanuit een globaal iets worden op ons geprojecteerd. Dus niet bottom up, top down en dat zal u waarschijnlijk denken dat u zelf met die ideeën bent gekomen omdat, dat zal u ook vanzelf echt wel vanuit een intrinsieke motivatie doen, maar het is een PR-idee, het is een marketing idee en dat idee is uiteindelijk door al onze culturele instituten op ons geprojecteerd. Zo uiteindelijk zal het leiden dat wij steeds meer macht naar internationale organisaties geven en steeds meer soevereiniteit afstaan totdat we op een gegeven moment een bestuur hebben van een aantal mensen en die totaal geen feeling meer hebben met de samenleving en dat uiteindelijk ook niet dat doel hebben. Want die sustainable development goals zijn uiteindelijk gewoon een front iets voor iets groters, voor een machtsgreep, een internationale machtsgreep.
De voorzitter: De heer Kreuze nog anders ga ik even naar uw fracties. De heer Kreuze: Voorzitter, ik concludeer dat het antwoord op mijn vraag nee is. De voorzitter: De heer Feenstra. De heer Vos: Nou, daar wil ik nog even op reageren. We zijn altijd natuurlijk bereid om daarover te praten dus dat kunnen we zeker een keer doen. De voorzitter: De heer Feenstra. De heer Feenstra-Paas: Ik probeer goed naar uw verhaal te luisteren en dan voel ik toch enige spanning met de parlementaire democratie zoals wij die in ons land hebben. Terwijl u Forum Voor Democratie heeft, heet. Zou u eens kunnen reflecteren hoe u dan eigenlijk naar de democratie kijkt? De heer Vos: Dank u wel. Wij zijn voor lokale democratie, wij zijn voor, dat hebben we natuurlijk ook al laten zien en staat ook in ons lokale verkiezingsprogramma, we zijn voor directe democratie. De heer Meesters: Voorzitter, punt van orde. We hebben het hier over de visie op de begroting en er wordt nu eigenlijk iets over wat ver daarbuiten gaat. Ja, het spijt me, de heer Feenstra maar wat mij betreft duurt deze avond al vrij lang en natuurlijk mogen we politieke vragen stellen die gaan over de begroting maar nu gaat het toch wel heel erg buiten het stuk begroting, wat mij betreft.
De voorzitter: Ja, de heer Feenstra reageert op de pitch en de opmerking van de vertegenwoordiger van FvD en ik vind als dat hier ter plaatse wordt gezegd, kan hij daarop reageren. Het is onderdeel van de pitch en de visie zoals de heer Vos dat heeft neergelegd. De heer Feenstra. Nee, dat was de vraag, de heer Vos. De heer Vos: Ja, ik wilde eigenlijk graag heel even kort reageren op dat punt van orde. Dat is nou precies wat wij bedoelen, dat er dus binnen de kaders wordt gekeken alleen naar de begroting. Maar om elkaar fundamenteel te kunnen begrijpen, moet het grotere verhaal begrepen worden van elkaar hoe we er fundamenteel in zitten en daarom vind ik dit soort verhalen heel erg belangrijk om te vertellen.
De voorzitter: Ik wijs u erop dat nu de tien minuten zijn genaderd dus ik zou willen voorstellen, ja, nee, dat moeten we nu ook, ja het is wel een kader. Het is wel een kader, nee er zijn al drie of vier mensen die nog het woord willen voeren. Dan heeft u dat verkeerd geïnterpreteerd want ik heb wel een gebaar gemaakt waarop dat betkende dat, ik wil voorstellen om de heer Sieders en u dan nog gelegenheid te geven een vraag te stellen en dan af te ronden. De heer Sieders. De heer Sieders: Ja, dank u wel, voorzitter. Complimenten dat we toch in de gemeenteraad van Hoogeveen een quote van Erik Cartman van Southpark hebben gehoord. Dat ernaast. Ik heb wel even een vraag over mensen die geen ziel hebben. Ik heb even een vraag, in het visiedocument zien we terug dat u het heeft over waarom mensen in de raad zijn gestapt, ideologieën die erachter liggen. Ook dan stappen mensen natuurlijk in een raad om hun doelen te bereiken. Wat ik nu van u hoor, is dat u uw doel probeert te bereiken door aan de kant te blijven staan en op die manier mensen te activeren om iets te doen als u niks doet. Heb ik dat goed begrepen of zie ik dat nu verkeerd? De heer Vos: Nou, ik vraag me eigenlijk af of u net wel naar mijn pitch heeft geluisterd, of we dezelfde pitch hebben geluisterd.
Nee, het gaat er nou juist om, dat is ook de achterliggende gedachte van de pitch, ik geloof echt wel en wij van FvD Hoogeveen geloven ook echt wel dat iedereen hier met de beste bedoelingen in de raad zitten en dat zo’n systeem ook zo is opgebouwd maar uiteindelijk mensen worden gecorrumpeerd door het systeem. Het systeem neemt ze uiteindelijk over. Het systeem trekt eigenlijk, dat stelden we ook natuurlijk in onze visie, het systeem trekt de ziel uit de mens. Alles wordt technisch gemaakt, alles wordt met termen wordt alle enthousiasme en spontaniteit eruit getrokken. Dat is denk ik het probleem en daarom denk ik dat we het alleen maar kunnen oplossen door het systeem fundamenteel te veranderen. De voorzitter: Mevrouw Van den Oord. Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Dank u wel, voorzitter. Ik moet zeggen ik ben blij in vergelijking met de visie die toch enigszins propagandistisch naar verwachting van FvD op mij overkwam, dat er nu een poging is genomen om een pitch neer te zetten met enige inhoud. Wat mij verbaast, is dat u dan refereert en ons uitnodigt om over fundamentele zaken met elkaar in debat te gaan terwijl u de afgelopen zeven maanden zo goed als onzichtbaar was op de momenten dat er debatten gevoerd werden. Dat brengt mij bij mijn vraag.
Ik zou graag willen weten hoe het momenteel is met uw plannen voor de vorming van een renaissance school in Hoogeveen? Want daar heb ik nog niks over gehoord. De voorzitter: De heer Vos. De heer Vos: Ik wil graag eerst even op het eerste punt rekenen. We weten niet, ik snap hier niet waar de SP vandaan komt want we zijn altijd natuurlijk, dat is hetzelfde frame wat ze landelijk al proberen te zetten maar wij zijn overal altijd aanwezig en we hebben een heel fundamenteel verhaal en we kiezen ook bewust voor dat fundamentele verhaal omdat het uiteindelijk op lange termijn de enige oplossing is. Voor de rest over de FvD school, we zijn hartstikke hard bezig op dit moment met het opzetten van ons eigen infrastructuur, zowel in Hoogeveen als landelijk. Daar zullen we binnenkort meer over horen. De voorzitter: Dank u wel. Mevrouw Van den Oord-van der Bie: Ook nog op reageren?
De voorzitter: Nee, want ik heb nu gelegenheid om die vragen te stellen, we zijn nu ver voorbij de tien minuten. Het blijven kaders maar ik moet de kaders, daar heeft u wel opdracht voor gegeven om die kaders wel te handhaven. Dank, de heer Vos, voor de pitch. Dan ga ik naar de fractie van D66, de heer De Laat. Gaat uw gang. De heer De Laat: Zo. Hij doet het hè? Ja. Ik zou graag met u terug naar de begroting willen. Begin met een metafoor, een heel kleintje. Als een zware olietanker glijdt deze begroting door de zee. De koers is gezet, de bestemming is bekend maar wat als nou opeens het weer verandert? Als er opeens een storm komt? Kunnen we dan er nog wel omheen? Als het weer stabiel is, dan draait het om wendbaar zijn. Wendbaarheid in deze begroting, in deze coalitie, in het ambtelijk apparaat en ook in deze raad. De wereld verandert snel. D66 wil daarom dat in deze logge politiek snel keuzes gemaakt kunnen worden. Die keuzes die moeten passen bij de huidige tijd, bij de huidige inzichten en bij de soms weer snel wisselende omstandigheden. Keuzes betekenen beperking. Focus dus op wat er echt toe doet. Wat D66 betreft, moet er vooral gekeken worden naar drie dingen. Ten eerste: de ondersteuning voor kwetsbare inkomensgroepen. De stimuleringsmaatregelen voor duurzaamheid en klimaat. En snelheid en daadkracht qua woningbouw. Nou, over dat laatste gesproken.
Dat is een goed voorbeeld van logge politiek. De woonvisie die wordt al jaren aangekondigd en is er nog steeds niet. Op 1 januari aanstaande moet er in een regionale woondeal met de provincie Drenthe een prestatieafspraak gemaakt zijn over de aantallen te bouwen woningen. Komt onze woonvisie van 2023 dan niet veel te laat? Waarom begint het in het coalitieakkoord afgesproken versnellingsteam wonen pas nadat die woonvisie uitkomt? Er moeten nu woningen gebouwd worden, waarom is dat team dan niet nu al aan de slag? Onze oproep aan het college is dus om niet te wachten op een dik papieren rapport maar om nu actie te ondernemen. De tijd haalt de begroting nu al in. We zien een begroting die niet meer gebaseerd is op de huidige inflatie. Waarom wordt er bijvoorbeeld in de risicoparagraaf van deze begroting inflatie als laag risico bestempeld? De voorzitter: U bent op de grens van twee minuten dus. De heer De Laat: Ja, ik ga afronden. Waarom zijn er geen uiterste scenario’s benoemd? Hierover meer in onze motie. Kortom, samenvattend: zijn het college en deze begroting wendbaar genoeg? En valt deze tanker van 214 miljoen nog bij te sturen als dat nodig is? Wij hopen het laatste voor de inwoners van Hoogeveen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel. De heer Meesters, ChristenUnie. De heer Meesters: Ja voorzitter, dank u wel. Mooie metafoor van die olietanker.
Als u een beetje bekend met de natuurkunde dan zou u kunnen weten dat hoe meer massa een olietanker heeft, hoe beter zijn tegen de weersomstandigheden kan. Volgens mij zou dus de oplossing moeten zijn dat wij zorgen voor voldoende massa in onze begroting. Bent u het daarom ook met mij eens dat het verstandig is om ook gewoon deze huidige financiële koers aan te houden? De heer De Laat: U bedoelt dat er meer inkomsten zijn? Of meer massa? De heer Meesters: We zijn op dit moment, we komen uit een periode dat onze olietanker heel weinig massa had en langzamerhand is die massa steeds wat verder bijgevuld. We komen nu een beetje op een massa dat je zegt nou nu kunnen we weer aan. Maar goed, hoe zwaar het weer wordt, weten we nog niet. Vindt u het dan wijs dat we nog wat meer massa aan boord nemen?
De heer De Laat: Ja, ik denk dat het goed is als, die massa mag van mij zo groot als maar nodig is. Ik denk dat het mijn punt is vooral dat we wendbaar moeten zijn. Dus dat we, we weten niet wat er nog op ons afkomt. Misschien gaat die inflatie nog wel stijgen, misschien wordt de situatie in Oekraïne nog wel veel erger. We weten niet wat er komt, wat ik daarom vraag, is dat we met deze raad maar ook in de begroting dat we wendbaar zijn. Dus dat als het nodig is dat we snel keuzes kunnen maken om ergens omheen te gaan of ergens anders naartoe te varen. De voorzitter: Dank u wel. De heer Sieders. De heer Sieders: Ja, dank u wel, voorzitter. Ik wil wel even met uw metafoor over de tanker meegaan, ook al heb ik zelf niet zoveel verstand van varen op zee. Ik heb wel een vraag erover over de stom waar u het over heeft. Want u zegt we moeten wendbaar zijn in de stom. Maar van wat ik wel eens gehoord heb, is dat een storm ook heel veel vraagt van de bemanning. Volgens mij hebben we net een stom achter ons gelaten. Bent u het er dan ook niet mee eens dat er dan op een gegeven moment na de storm ook een tijdje rust moet zijn? De heer De Laat: Zeker weten, er moet zoveel mogelijk rust zijn. Het is ook niet dat ik een storm wil. Maar misschien om het even uit de metafoor te trekken, anders wordt het wat vaag misschien. Wat ik probeer aan te geven is dat we in onzekere tijd leven.