CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Transcript Gemeenteraad Hoogeveen 30.01.2025

Raadsavond 30 januari 2025, gemeente Hoogeveen18.239 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

De participatie, die is ook heel belangrijk, want om te beginnen gaan we participeren over het programma van eisen. Dus ja, hoe zit het precies met die routing tussen de verschillende functies, maar ook welke recreatieve voorzieningen, die hebben we allemaal nog niet bedacht, buiten binnen. Nou, daar kunnen mensen over meepraten. En we gaan kijken welke middelen we daarvoor inzetten en ook welke boodschap erbij hoort. Dus ook het goede verwachtingsmanagement. Het huidige zwembad, zo lang mogelijk of zo dicht mogelijk op de nieuwe voorziening moet hij openblijven. We krijgen nog wat noodzakelijke uitgaven, uiteraard. Het onderhoud, daar kunnen we wat in schuiven, maar dan nog weten we niet wat voor calamiteiten eventueel er nog gaan komen. Dus dat is nog wel een risico. Daarom zo snel mogelijk vernieuwing. Dan zijn we alweer bij het slot. De voorzitter: Dank u wel. Dan kunnen we misschien handig op de eigen plek gaan zitten zodat de vragen dan vandaaruit binnen worden beantwoord. Ja? Goed, dan gaan we verder met de informerende ronde, dan hebt

u ruimte … Ik zie de eerste vinger van de heer Van Eck en wat mij betreft worden de vragen direct beantwoord. Dus we gaan gewoon willekeurig door de raad heen. Maar ik ga mijnheer Van Eck als eerste de ruimte geven, laat ik het zo zeggen. De heer Van Eck: Dank u wel, voorzitter. Ik heb drie vragen. Moet ik ze dan per stuk stellen en dan de antwoorden afwachten en dan doorgaan of alle drie nu tegelijk stellen? De voorzitter: Alle drie tegelijk, als dat kan. De heer Van Eck: Oké, daar gaan we. De opdracht voor de Antea Group, wat is precies de opdracht die geformuleerd is en tot hoelang loopt deze opdracht? Gaat het alleen om het opstellen van de routekaart of langer tijdens dit project? Dan, dat hebben we eerder al gezien, opening mei 2029. Dan slaat ons de schrik om het hart. Dat is ruim vier jaar na nu. We horen net ook nog weer dat De Dolfijn op zijn laatste benen loopt. We krijgen het debat nog, maar wat de PvdA betreft, wordt mei ‘29 … Is dat niet reëel, moet het zwembad veel eerder open. Dus we zullen ook kijken van welke stappen dan gezet kunnen worden om eerder een nieuw zwembad te kunnen openen. De derde vraag is: we hebben verschillende documenten ontvangen ook van het college. We hebben enerzijds de routekaart van Antea, die is van 12 december. We hebben een brief gehad van het college van 17 december met de uitgangspuntennotitie.

In de routekaart worden nog de drie opties besproken renovatie, upgrading en nieuwbouw. Wat PvdA betreft, moet het gewoon nieuwbouw zijn en dat schemert volgens ons ook wel door in de uitgangspuntennotitie, maar wel even de check of dat inderdaad ook is waar het college voor gaat. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Van Eck. Wie kan ik het woord geven? Ik zit even te kijken. De heer Tuit? De heer Verkerk (Antea Group): Ik zal de eerste vraag beantwoorden. De voorzitter: Oké, de heer Verkerk. De heer Verkerk (Antea Group): Tot waar onze opdracht gaat. Onze opdracht is in principe tot en met de wijze van aanbesteding zoals die in de routekaart staat. Dus we doen het programma van eisen opstellen, de organisatievorm en de locatiescan en de wijze van contracteren. Dus tot daar gaat tot nu toe onze opdracht. Ja. De voorzitter: En de andere twee vragen, de heer Tuit. Wethouder Tuit: Ja, voorzitter, u ziet in de routekaart, en die routekaart is zorgvuldig vastgesteld en ik begrijp de wens van de PvdA om zo snel mogelijk tot een nieuwe zwemvoorziening te komen, maar de routekaart die wij u voorleggen, dat is een realistische routekaart en we moeten met dit grote proces een flink aantal stappen door en dat willen we zorgvuldig doen. Als we al die stappen zorgvuldig doornemen, waarbij ook participatie een belangrijk onderdeel is, dan is dit een realistische routekaart.

Dat is het antwoord. We kijken wel, wat de heer Verkerk van Antea ook zei, in zijn bijdrage, er is natuurlijk al een historie op ook het zwembadonderdeel. Dus we kijken wel ook in dit traject van nou, waar kunnen wij eventueel nog gebruikmaken van informatie, ik had het daarnet ook met wethouder Reneman over, om te kijken van nou, mocht er nog een eventuele versnelling mogelijk zijn, dan zullen we dat niet nalaten. Maar ik wil ook geen valse verwachtingen wekken, namens het college. Dit is een realistische routekaart waarbij het om een groot proces gaat, waarbij de financiën meespelen. Nou en dat. Maar we kijken nog wel even naar datgene wat er ook in het verleden al ontwikkeld en onderzocht is. En u hebt het goed gelezen, het college denkt op dit moment ook dat alles wat we nu wetende, dat een nieuwbouwvariant de meest gunstige variant is, maar we zitten nu wel ook in de fase dat we ook de huidige situatie nog willen onderzoeken, ook kijken wat een

upgrade doet, u ziet dat ook in de plannen, en uiteindelijk zullen we daar dan in september in het najaar ook met het meest wenselijke scenario, dat zullen we dan ook aan u voorleggen als raad. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Tuit. Ik kijk nog even naar mijnheer Van Eck. Is dat duidelijk, qua antwoord? De heer Van Eck: Ja. Dit is een informerende sessie, dus het debat volgt. De voorzitter: Goed. Dan gaan we naar de heer Van Rijn en daarna naar het CDA. De heer Van Rijn: Dank u wel, voorzitter. Ik heb even een vraag aan mijnheer Verkerk. Hij zei zo stellig van wat mijnheer Kerkhoven zegt, dat kan niet. Dus mijn vraag aan hem: heeft hij ook dat plan wat mijnheer Kerkhoven destijds opgesteld heeft en naar het college gestuurd, ook gezien? Want daar stond die keurig ingetekend dat dat wel kon. Dus vandaar mijn vraag van: u zei zo stellig, het kan niet. De voorzitter: Mijnheer Verkerk. De heer Verkerk (Antea Group): Ik reageerde even inderdaad op het 50-meterbad wat dan gemaakt zou moeten worden. Dus dat is twee keer zo lang. Dus dat betekent dat … Kijken we op de locatie. Maar ik ontvang graag ook het plan en ik heb begrepen dat wij … Het wordt boven water gehaald, dus ik ga het ook zeker meenemen, want dat is onderdeel van de participatie. De voorzitter: Dank u wel. Dan gaan we naar mijnheer De Weerd van het CDA. De heer De Weerd: Dank u wel, voorzitter.

Ik heb ook een aantal vragen, ik hou het bij vier, voor nu. De eerste vraag die ik heb, is het college wil graag met de projectgroep zwembaden bezoeken om te komen tot een voorstel voor de goede organisatievorm. Ik vroeg me wel een beetje af, op welke wijze wij als raad daarbij worden betrokken. We willen wel graag aan de voorkant erbij betrokken worden om een goed besluit te nemen. Dus graag een reactie van het college hierop. Tweede vraag is eigenlijk meer een bevestiging. Klopt dat ik het goed van het college heb gehoord dat ook een mogelijke grondige renovatie of een upgrade dus echt wordt onderzocht? Of ik dat goed verstaan heb. De derde vraag die ik heb, is, nou, het college geeft wel aan: we willen graag een inclusief zwembad. Op welke wijze betrekt het college hierin dan ook belangenbehartigers, zoals bijvoorbeeld het gehandicapten platform. De laatste vraag die ik heb, gaat over participatie van inwoners. We willen wel dat er een goed degelijk en toch eenvoudige, misschien zwemvoorziening komt. Hoe zorg je er dan voor dat het college daar op een goede manier aan verwachtingsmanagement doet? Want ik kan me zo voorstellen dat er inwoners zijn die een heel grote glijbaan wil of twee glijbanen of misschien nog een subtropisch zwembad met een golfslagbad, dat het allemaal wel realistisch en haalbaar is.

Hoe denkt het college aan dat verwachtingsmanagement te gaan doen? Tot zover, voorzitter. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel voor uw vier korte vragen. Ik weet niet of de antwoorden kort kunnen zijn. Mijnheer Tuit, mag ik u het woord geven? Wethouder Tuit: Ik ga mijn best doen, voorzitter. Het is een goed punt van het CDA, van die participatie. Wij zien ook echt daar een heel groot onderdeel voor u als gemeenteraad in. Dus ook dat werkbezoek, wat de heer De Weerd ook zegt, wij nodigen u ook uit om daarmee, in het participatieproces, om daar ook op een goed moment ook met ons op bezoek te gaan naar zo’n zwembad, maar die participatie is ook breder dan alleen dat werkbezoek. Het is niet dat het college u allerlei dingen gaat voorleggen. Wij willen u ook meenemen in dit proces en net zoals dat bredere participatieproces richting verenigingen en richting onze samenleving, maar dat geldt ook zeker voor u als gemeenteraad. Dus concreet ja, u gaat ook mee op

werkbezoek naar een mogelijke variant die interessant kan zijn voor de organisatievorm in Hoogeveen. De tweede vraag van klopt het dat ook de upgrade en de renovatie onderzocht wordt? Dat is in een voorstadium al grotendeels gebeurd. Maar we willen wel ook die cijfers en die gegevens meenemen in het voorstel wat we u als raad ook nu in dit proces gaan voorleggen. Dan hebt u, zeg maar, alle smaken, ook in het verlengde van de vraag net van de PvdA, dan heeft u al die scenario's ook in beeld en kunt u daar ook uw afweging in maken. De derde is: maken wij ook gebruik van participatie en u noemt specifiek het gehandicaptenplatform. Jazeker. Als u kijkt naar het huidige zwembad De Dolfijn, dat leest u ook in de stukken, dat is niet van deze tijd meer, dat mensen naar de eerste verdieping toe moeten. Dat is allemaal in de nieuwe zwembadvoorzieningen gelijkvloers en wij nemen ook … Dat gebeurt nu ook bijvoorbeeld bij de renovatie van ons poppodium, daar speelt het gehandicaptenplatform aan de voorkant een heel belangrijk proces. Maar dat zullen we ook met andere verenigingen, die natuurlijk gebruikmaken van het zwembad, doen. Dus dat is ook volmondig ja op dat antwoord.

De laatste, dat is een belangrijk punt, dat geldt niet alleen over de participatie binnen dit project maar dat geldt natuurlijk in de breedte met participatie, de heer Verkerk en de heer Hansma, die refereerden daar net ook al aan, het wordt belangrijk het momentum ook de kaders waarmee wij op participatie gaan, wat u begin maart gaat beslissen. Binnen die kaders, die dan vastgesteld zijn door uw raad, wordt de participatie ook vormgegeven. Dan kan het zijn dat er zaken gaan spelen, buiten die kaders om. Die zullen we noteren en als daar een rode draad in naar voren komt, dan leggen wij die ook weer terug in september bij u als raad. Maar de participatie, dat heeft alles te maken met het verwachtingsmanagement dat u net ook schetst. De voorzitter: Is dat voldoende? Dan gaan we naar de heer Sieders van Gemeentebelangen. Ik hoop niet dat u nu met vijf vragen komt. Laten we het maar kort houden. Helder. De heer Sieders: Ik zal beginnen eerst met een vraag aan de heer Verkerk van de Antea Group. Mijnheer Verkerk gaf inderdaad aan dat u laatst bij De Wolden heeft gestaan, over de drie buitenbaden die het daar moeilijk hebben. Maar toch, in het onderzoekpakket van eisen, wat wij hebben gelezen, staat juist: omdat er om ons heen buitenbaden zijn, hoeven wij dat allemaal niet te doen.

Maar hoe groot is dan het risico dat die buitenbaden niet misschien binnen de komende 30 jaar toch dichtgaan en dat we dan niets meer hebben? Dan zou ik me aan bij de heer Kerkhoven, misschien moeten we soms wel iets verder vooruitkijken dan alleen de komende drie jaar. Daarnaast hoorde ik u zeggen verwacht geen bassin maar een peuterbadje. Is de optie zoals bijvoorbeeld wat Hesselingen heeft, dus geen volwaardig buitenbad, maar toch iets meer dan een peuterbadje, ook nog onderzocht? Daarnaast had ik inderdaad een stukje over de participatie. Er wordt de hele tijd gesproken over medewerkers, personeel, gebruikersgroepen. Ik wil toch ook vragen: nemen wij ook de potentiële gebruikers mee? Dus niet de mensen die het nu gebruiken, maar vooral de mensen die de laatste jaren zijn afgehaakt door de staat van het zwembad, zoals het nu is. Daarnaast had ik nog een vraagje over het pakket van eisen. Wat nu voorligt, is eigenlijk een geüpgraded model van september 2023. Ik kan me nog wel heugen dat die ook weer geüpgraded was van het ijsbaan-zwembad-voorstel wat er toen lag en toen is in het zwembad gekozen voor minder recreatie, omdat er een grootschalige recreatie naast kwam, dus de ijsbaan. Dat valt nu af.

Is daar ook weer rekening mee gehouden in het bezoekersaantal dat het zwembad dus waarschijnlijk potentieel weer meer bezoek zou kunnen krijgen dan wat er toen was bedacht? Want daar was toentertijd dusdanig rekening mee gehouden dat het zwembad minder bezoek zou krijgen in de winter, omdat de schaatsbaan er naast zat, wat vrij logisch is. De voorzitter: Dit zijn vier vragen. Zouden we die eerst even beantwoorden? De heer Sieders: Deze is heel makkelijk. De voorzitter: Is er nog een laatste heel makkelijk? Oké.

De heer Sieders: Daarnaast het stukje renovatie of groot onderhoud. Volgens Gemeentebelangen is dat geen vraag, maar een gepasseerd station. Daarnaast wil ik opmerken: voor de werkbezoeken leg ik alvast mijn zwembroek klaar. De voorzitter: Goed. We hebben nog geen debat, gelukkig, dus dat scheelt. Kan mijnheer Verkerk de antwoorden geven? De heer Verkerk (Antea Group): Ik ga een poging doen. De participatie, dat zal de heer Bert Hansma doen. In ieder geval die buitenbaden van de gemeente De Wolden. De voornaamste conclusie was daar van dat ze het financieel moeilijk kregen, was dat de gemeentelijke bijdrage, die was zeven jaar geleden vastgesteld, Ruinen iets eerder zelfs nog. Die was niet geïndexeerd, dus de kosten zijn natuurlijk enorm gestegen de afgelopen zeven jaar. De tarieven zijn natuurlijk ook gestegen, maar omdat ongeveer de helft van hun omzet, hun inkomsten, bestond uit de gemeentelijke bijdrage, liep dat uit elkaar. Natuurlijk is dat geen garantie dat op het moment dat de gemeentelijke bijdrage stopt, inderdaad, dat die zwembaden open blijven. Het wordt beheerd door vrijwilligers. Er zitten in Ruinen 120 vrijwilligers. Ja, als die wegvallen, dan is dat inderdaad gebeurd. Dus dan moeten er andere maatregelen. De komende jaren blijft dat door de gemeente gemonitord worden, maar het is een gemeentebesluit van of dan die bijdrage wordt gecontinueerd.

Daar ga ik niet over. Maar dat dat is natuurlijk een risico, dat een bad dichtgaat. Dat kan ik ook nog wel zeggen, want we hebben als Antea Group, toen heette het nog ingenieursbureau Oranjewoud, 34 jaar geleden alle zwembaden in Drenthe onderzocht op de exploitatie die investeringen, onderhoud en de ‘…’ te bieden en dan bleek natuurlijk elke gemeente, een heleboel kleine gemeenten, en elke gemeente had zijn eigen zwembad. Dan zie je dat die, als je de verzorgingsgebieden bekijkt van die zwembaden, dat die overlappen, Dus ja, waarom zou je niet een dorp verderop gaan? Dus een zwembad, een overdekt bad, heeft een verzorgingsgebied met een straal van 25 kilometer. Voor een openluchtbad reken je toch vijf tot tien kilometer en je hebt natuurlijk een enorm aantal strandbaden ook gekregen. Dus dat zijn natuurlijk ook zwemvoorzieningen waar in de zomer veel gebruik van wordt gemaakt. Dus daar moet je ook weer rekening mee houden, denk ik, als je kiest voor een uitgebreidere openluchtvoorziening, denk ik, dan hier in Hoogeveen, dat er ook al het nodige voorhanden is. Dat is mijn aanbeveling, maar we gaan dat verder bekijken. De voorzitter: De heer Hansma. De heer Hansma (ambtenaar): Misschien aanvullend nog op de buitenbanen. We hebben natuurlijk ook Schoonhoven en het strand Nijstad in de eigen gemeente, waar je buiten kunt zwemmen.

En ja, een buitenbad heeft niet alleen voor de investeringen grote gevolgen, maar ook in de exploitatie. Dus dat betekent een extra opgave. De vraag over potentiële gebruikers, de participatie. Ja, dat is een goede. We moeten ook zien dat we potentiële gebruikers, niet alleen de bestaande gebruikers, maar ook nieuwe potentiële gebruikers kunnen benaderen. Dus daar gaan we over nadenken. Recreatie. Destijds, in het vorige traject, en hoe zit dat nu met de nieuwe zwembadvoorziening? Nou, dat is natuurlijk ook een grote vraag ook richting de participatie: welke recreatievoorzieningen ziet u graag? Welke zien we vanuit de ervaringen in het land? Dus dat gaan we ook meenemen. De voorzitter: Zijn de vragen dan beantwoord? Volgens mij nog niet. Ik heb ook meegeschreven. De heer Verkerk (Antea Group): Ik kan nog wat zeggen over het recreatiezwemmen, inderdaad. We hebben in het vorige traject ook gekeken naar het wel of geen glijbaan. Dat kan je inderdaad bekijken aan de hand van ‘…’ cijfers. Een ‘…’ cijfer is het aantal keren dat iemand, een inwoner gemiddeld naar een zwembad toe gaat. Er zijn ‘…’ cijfers hier bekend. In het onderzoek van 2023 staan die in een tabel weergegeven wat de ‘…’ cijfers hier voor het zwemwater De Dolfijn zijn en wat ze landelijk zijn.

Dan ziet u inderdaad, nou, dat is natuurlijk inherent aan wat er nu aan zwembad staat, dat inderdaad het recreatiezwemmen heel laag scoort en dat komt gewoon inderdaad door de voorziening. Dus ja, je kan dan kijken van als ik zeg: ik ga die

recreatievoorzieningen wat meer aan doen, dat er ook meer bezoekers komen en dan ga kijk je naar de landelijke ‘…’ cijfers van nou, als je een recreatie bad wat meer optuigt, dan komen er zoveel bezoekers. Het moet natuurlijk allemaal wel zijn plek krijgen, want dat heeft allemaal met gebruiksschema’s te maken. Dat gaan we allemaal in dat programma van eisen meenemen. De voorzitter: Volgens mij was er nog een vraag over het onderhoud, of niet? Dan kijk ik even naar mijnheer Sieders, uw laatste vraag was dat. De heer Sieders: Ik heb eigenlijk nog geen antwoord gekregen op de vraag of er ook is gekeken naar een buitenzwembad voorziening, zoals bijvoorbeeld bad Hesselink heeft. Dus niet een volwaardig bassin, maar ook geen peuterbad, maar juist wel wat groter dan. Wethouder Tuit: Misschien kan ik dan aanvullen op wat de heer Hansma en de heer Verkerk zeiden. We hebben daar zeker ook in het verleden naar gekeken, maar we zien wel ook een ontwikkeling … We hebben het net gehad over de zwembadvoorziening in Zuidwolde. Nou, we zien natuurlijk een ontwikkeling aan de kant bij ons bij Erflanden van Nijstad, wat in de zomer ook een buitenvoorziening is. Aan de andere kant van de gemeente natuurlijk Schoonhoven.

Ja, en daarmee, dat staat ook in de notitie, als je wel een uitgebreide buitenbadsituatie wil bij dit zwembad, dan kom je ook alweer met exploitatie te zitten, met afsluiting, met meer personeel en in die afweging is wat het college als dit kader aan u voorstelt. En het tweede is dat van potentiële bezoekers. Deels zit dat al in dit plan, omdat wij als wij, maandelijks doen wij schoolbezoeken, als college, en daar bleek gewoon: dit leeft echt, het amendement van uw raad: maak werk van een toekomstige zwemvoorziening en al die jongelui geven aan van: laat er dan ook alsjeblieft een glijbaan zijn, want dat missen we echt in de huidige Dolfijn. Dus daar ziet u deels dat dat ook al aan u voorgelegd wordt. Maar we zullen dat ook breder gaan oppakken, want dat is natuurlijk een belangrijke: wat zullen nieuwe bezoekers kunnen zijn? De voorzitter: Dank u wel voor de voorlopige beantwoording van de vragen van Gemeentebelangen. Is er nog een korte reactie daarop? Want dan wil ik eerst even de andere raadsleden de kans geven. Mochten daar vragen zijn, dan hoor ik dat wel. De heer Sieders: Een heel korte reactie erop. Ik heb nog steeds geen antwoord gehad of er naar de tussenoplossing is gekeken.

Want ik snap best dat er geen volwaardig bassin wordt neergelegd, wat ik ook aangeef, maar is er ook gekeken naar de lightversie die er op de markt ook heel veel is? Daar heb ik nog geen antwoord op gehad. De voorzitter: Kan de wethouder daarop reageren? De heer Hansma (ambtenaar): Daar kan ik op reageren. In het voorstel nu, in de uitgangspuntennotitie, kwamen we uit niet van zo’n light variant, wel wellicht van een peutervoorziening buiten. Dus dat is het voorstel en als we daar in de participatie andere geluiden over krijgen of als u daar iets anders over vindt, of de raad, dan horen we dat uiteraard graag. De voorzitter: Ja. We moeten ook het debat nog aan gaan, dus het is ook een informerende ronde dus u kunt alle gedachten en ideeën nog kwijt over twee weken. Maar we gaan nu naar de ene vraag van GroenLinks en daarna naar de VVD en dan naar D66. Is dat oké? Ja, oké. Ga uw gang, mijnheer Van der Meer. De heer Van der Meer: Ja, voorzitter, dank u wel. Het zit een beetje in het verlengde. We hebben nu, maar ook de vorige keer, gehoord dat De Dolfijn wel aan het eind van zijn levensduur is zo langzamerhand. De vraag die ik daar dan toch bij heb, gelet op de doorlooptijd die we nu te gaan hebben met elkaar, is: wat als De Dolfijn gaandeweg dit traject werkelijk door de hoeven zakt of de kosten voor onderhoud dusdanig groot worden dat

dat eigenlijk een desinvestering wordt en welke consequenties heeft dat bijvoorbeeld voor het zwemonderwijs wat gegeven wordt? De voorzitter: Wie kan daar een antwoord op geven? De wethouder, de heer Tuit. Ga uw gang. Wethouder Tuit: Dat is gewoon een terecht punt. U hebt dat goed geconstateerd, dat staat ook in de notitie. Dat is ook echt wel een aandachtspunt, dat wij denken dat deze planning realistisch is als je het met kwaliteit wil doen. Maar tegelijkertijd hebben we met de huidige Dolfijn, wat de heer Van der Meer van GroenLinks ook zegt, ook een voorziening die echt aan het eind loopt van zijn periode. Dus we kunnen ook niet uitsluiten dat er een periode is waarin bijvoorbeeld onderhoud zal moeten plaatsvinden, dat leest u ook terug, die nu niet voorzien is. We denken dat we heel ver kunnen komen, maar we sluiten niet uit dat het zwembad in het ergste geval ook een tijdje dicht zal moeten om daar dat onderhoud te moeten doen. Dat is echt een reëel risico wat ook op papier staat. Dus daar hebt u gewoon gelijk in. Wethouder Reneman: Misschien ter aanvulling. De voorzitter: De heer Reneman. Wethouder Reneman: Als het mag, voorzitter. Ik stak mijn vinger op, maar u zag mij volgens mij niet. Maar ter aanvulling, hoeveel sneller je het zwembad ook doet, daarmee kan je de noodzaak van nog uitgaven maken voor de oude Dolfijn niet wegnemen.

Dus je bespaart ook niet door te versnellen of iets dergelijks in wat je met De Dolfijn moet doen. Daar ben je nooit snel genoeg voor. Dus je krijgt een beetje de paradoxale situatie dat ook deze raad geld zal moeten vrijmaken voor de oude Dolfijn in aanloop naar de nieuwe voorziening. En misschien ook nog wel even goed benadrukken, een aantal van u is er al aan voorbij, om het op de huidige locatie te doen en dat niet te upgraden. Maar wat college zich wel voorgenomen heeft, is als u de uitgangspunten vaststelt, dat u dan ook meteen vaststelt wat het zou kosten om het op de huidige locatie te doen. Want dan ziet u dat ook en dan maakt u een keuze voor de uitgangspunten. Zo zullen we het ook wel voorrijden. Maar u hoeft niet steeds uw standpunt hierin te benadrukken. U krijgt gewoon een goede onderbouwing van dat standpunt. Dat geldt ook voor iets als een tussenvorm met een buitenbad, dat moet in die uitgangspunten dan wel naar voren komen dat dat iets is waarmee we dan ook verder gaan. Dus dan is er ook een moment voor de raad om in die uitgangspunten ook gewoon een amendement neer te leggen op het moment dat u het anders zou willen hebben en dan is dat ook het uitgangspunt waarmee we dan ook verder gaan. De voorzitter: Oké. Dan is dat de aanvulling van de heer Reneman. Gaan we naar de VVD, als dat akkoord is. Of hebt u nog een aanvullende vraag daarop, mijnheer Van der Meer.

De heer Van der Meer: Ja, dit roept toch nog wel opnieuw een reactie op in die zin dat ik denk van kosten zijn op een bepaald moment onvermijdbaar. Die pak ik wel. Alleen de vorige keer is er volgens mij een heel … Ik pak ze niet persoonlijk, maar ik pak de uitleg, zeg maar. Maar de vorige keer is er wel een soort van zwart scenario geschetst, volgens mij, dat als er iets moet in zuiveringsinstallatie of de verwarmingsinstallatie, dat dat een gigantische operatie wordt om dat aan te pakken of van onderhoud te voorzien. En hoe lang, hoe groot is dan de uitval en wat nog niet benoemd is, volgens mij, is mijn aanvullende vraag die ik gesteld had: wat zijn dan de consequenties voor het zwemonderwijs in Hoogeveen? De voorzitter: Dus dat is, denk ik, de belangrijkste vraag: de consequenties voor het zwemonderwijs. Wie kan ik daarvoor een reactie laten geven? De heer Reneman. Wethouder Reneman: Dat geldt vaker als een stuk vastgoed al aan het einde van zijn Latijn begint te komen, dat je gewoon wat grotere risico's hebt en in dit geval zitten dan de risico’s in de installatie en je moet dan ook

een beetje naar bevind handelen. Hoe langer je wacht met een nieuwe oplossing maken voor de oude Dolfijn, hoe groter dat risico wordt indertijd. Tegelijkertijd geldt, als je dat oude gebouw hebt, je gaat natuurlijk niet alle installaties vervangen om dat risico te vermijden. Dus je gaat voor een deel dat risico in en dan kan het zijn dat je extra kosten moet maken die je niet voorzien hebt. Wat je wel probeert in je reguliere onderhoud, is om die risico's te minimaliseren. Wat je ook met een oude, met een hr-ketel doet, dan laat je ook een monteur één keer in de zoveel tijd komen, ook als je die 18 jaar oud is. Daarmee kan je niet voorkomen dat je misschien een onderdeel later moet vervangen, maar je minimaliseert die risico’s wel, gegeven de ouderdom van de situatie. Het is iets van een risico dat je loopt, maar je probeert het natuurlijk zoveel mogelijk te voorkomen. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Reneman. Ik wil naar de VVD gaan, krijgt u later nog eventueel andere kansen. Ga uw gang, mijnheer Klok. Hoeveel vragen hebt u? De heer Klok: Nou, voorzitter, allereerst moet mij wat van het hart, want ik heb de hele tijd een beeld in mijn hoofd en ik heb dus allereerst een vraag aan de heer Sieders. Wilt u alstublieft uw zwembroek thuislaten? De voorzitter: Oké, dat gaan we niet doen. We gaan naar de volgende. De heer Klok, ga uw gang.

Mijnheer Klok, pak uw tijd voor de inhoudelijke vragen. De heer Klok: Nu is het weer even weg, nu kunnen we de inhoud in met elkaar. Allereerst mijn vraag richting het college is: welke beslissingen zijn na het vaststellen van deze routekaart en uitgangspuntennotitie onomkeerbaar? Dus wat spreken wij nu eigenlijk met elkaar af en waar kunnen we dan niet meer vanaf? Daarnaast de vraag van we huren een extern bureau in om ons met die routekaart te begeleiden en dan gaan we eigenlijk weer een stapje terugzetten. Ja. Dan komt er in mijn hoofd, als ik een beetje normaal nadenk, van ja, geven we niet heel veel geld uit wat we nu al aan de voorkant hadden kunnen besparen aan bijvoorbeeld alles wat op ons afkomt met zo’n bureau, dat we eigenlijk weer een stapje terugzetten in de tijd. Daarnaast lees ik in de uitgangspuntennotitie van: de exploitatie moet in ieder geval gelijk zijn aan de huidige Dolfijn en er staat ook een stukje over de kapitaallasten. Maar hoe staat dat met elkaar in verhouding? Zeg maar, hoeveel landt er uiteindelijk in de begroting ten opzichte van de nieuwe Dolfijn en de oude Dolfijn? En is dat ook iets waar we nu al een beslissing over maken? De voorzitter: Dat zijn uw drie vragen? De heer Klok: Nee, nog eentje, nog eentje.

En mijn laatste mijn laatste, afsluitende, vraag is: hoe adviseert u ons om een correcte financiële afweging te maken bij dit zwembad? Zeg maar, komt u daar nog mee naar de raad en welke beslissing nemen we, financieel gezien, nu al en welke komt later? Dus, als u mij daar wat in kan begeleiden, zou dat fijn zijn. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mijnheer Klok. Ik denk dat dat vooral vragen zijn voor het college. Ik kijk naar mijnheer Tuit eerst. Wethouder Tuit: Ik zal de eerste twee vragen … Ik beschouw de vragen van de heer Sieders voor de heer Sieders, dus die zal ik niet beantwoorden. De eerste twee doe ik inhoudelijk en dan de laatste twee, financieel, doet collega Reneman. Eigenlijk, de heer Klok, in het najaar is echt het eerste grote beslismoment voor u als raad. In maart geeft u eigenlijk ons de kaders mee, dus dat wat we net ook zeiden, met die kaders van uw raad gaan we de uitwerking doen. Het eerste moment, u ziet eigenlijk die oranje haltes in de routekaart, dat zijn de momenten waar u als raad ook echt aan zet bent, ook met besluitvorming. Op uw vraag terugkomende, het eerste belangrijke moment is echt in het najaar van ’25, net na het zomerreces. Doen we nu een stapje terug? Nee, wij denken van niet. De expertise van Antea is ook echt nodig bij een groot proces als deze wat ook echt hele kennis nodig heeft die wij ook niet gewoon hier in huis hebben.

Geen enkele gemeente. Dus die expertise van Antea hebben we nodig en we zijn blij dat ze in deze situatie ook ons helpen om te kijken naar die

organisatievormen, eigenlijk alle beslispunten die voorliggen. Dus dat op de eerste twee en de andere twee, die zijn voor collega Reneman. Wethouder Reneman: Dank u wel, voorzitter. Ja, hoeveel geld landt er in de begroting? Nu staat het in de kadernota als PM geformuleerd en dat blijft nog even zo, totdat u eind van het jaar de uitgangspunten heeft vastgesteld. Dan gaat de eerste raming gaat er dan de meerjarenbegroting in. Dat is een raming op grond van wat we dan weten. Dan volgt er nog een, later in de tijd, dat zal de volgende raadsperiode zijn. volgt er een investeringsbesluit, want dan is helemaal duidelijk van wat het allemaal gaat kosten. Dan landt het echt in de begroting, dus dan wordt het op geld gezet in de begroting. Maar het zal qua geld waarschijnlijk landen in de kadernota van 2027. Dan komt er van een PM gaat die over naar geld, want daar zitten … Heeft u de uitgangspunten vastgesteld, dan weten we of het een stichting wordt, of we het pad opgaan van een borgstelling of dat we het geld gaan lenen. Nou, dan weten we al dat soort dingen beter en dan hebben we ook een beter zicht op wat het ongeveer gaat kosten. Maar ja, zoals het werkt, dat is dan de raming en feitelijk gaat u echt het geld reserveren op het moment dat u dat investeringsbesluit neemt en dat laat landen in de begroting. Dat zal dan in de nieuwe raadsperiode zijn.

Ik hoop dat dat afdoende is, voorzitter. De voorzitter: Is dat voldoende qua beantwoording, de heer Klok? De heer Klok: Nog niet helemaal, want dat was, de tweede vraag, zeg maar, hoe maken wij volgens u een correcte financiële afweging op dit zwembaddossier? Zeg maar, wat zou u adviseren, wanneer moeten wij links- of rechtsaf met betrekking tot de financiële gegevens. Wethouder Reneman: Voor mij geldt, als wethouder financiën, om u ook wel te adviseren over welke risico's loopt u in de begroting en wat doet de financieringsconstructie die u vindt, voor de investeringsruimte die u hebt? En om dat even heel concreet te maken: als je met een borgstelling zou kunnen werken en een derde partij gaat geld lenen voor ons, dan haal je iets meer risico's naar de begroting toe, maar daar staat wel tegenover dat je het investeringsvolume voor de gemeenschap en voor Hoogeveen wel heel erg hoog houdt, want je gaat natuurlijk dan zelf niet geld lenen. Dat laat je een andere partij doen. Dat soort afwegingen zouden bij mij heel erg een rol spelen. U zal, ook in termen van geld, zal u op enig moment ook uzelf de vraag moeten stellen: als het niet op een manier kan die niet ten koste gaat van de investeringsdruk, is mij dit beslag op de investeringsmogelijkheden wel waard? Dat is wel ook een vraag die u zichzelf zou moeten stellen. Daar zal onze advisering ook op zijn gericht.

Ik hoop dat dat dan voldoende is, voorzitter. De voorzitter: Is dat voldoende dan, mijnheer Klok? Dan gaan we naar D66. U had ook een vraag of vragen. De heer Prakken: Ja, ik beperk mij, dank u, voorzitter, maar ik beperk me natuurlijk nooit tot één vraag, hoewel er wat uitgevallen is, maar ondertussen ook weer wat bijgekomen. Laten we met het meest eenvoudige beginnen, dat is misschien een kwestie van jargon dat ondanks het aantal jaren dat ik hier meeloop, dat ik dat toch een beetje verkeerd begrijp: twee wethouders zijn opdrachtgever. Ik denk nou, dat is leuk, opdrachtgevers betalen. Maar ik vermoed dat de gemeente opdrachtgever is. Dan over het verschil tussen buiten- of binnenbad. Kenmerkend: buitenbad wel vrijwilligers, binnenbad geen vrijwilligers. En ja, dat kan ook moeilijk anders, maar kan dat echt moeilijk anders? Waarom kan dat niet anders? Daar zou ik eigenlijk wel wat meer uitleg over willen. Dat hoeft niet per se vanavond. Een van de uitgangspunten is ook: exploitatiekosten gelijk aan wat het nu is, maar zouden de exploitatiekosten niet moeten dalen door investeringen in duurzaamheid? Of dat dan bij de uitgangspunten hoort, dat is dan vraag twee. Maar goed, het zijn vragen die zo opborrelen. En als laatste: investeringen, las ik, in renovatie in De Dolfijn, gaan in de richting van de investeringen in de nieuwbouw.

Maar wat daarnaast ook van belang is, en ik hoop dat dat toch ook voorgelegd wordt, is wat voor invloed dat op de exploitatie heeft. Want als er gerenoveerd wordt, dan zal dat ook iets doen met de exploitatiekosten. Tot zover.

De voorzitter: Dat waren uw vragen. Dank u wel, mijnheer Prakken. Dan kijk ik even naar de wethouders of wethouder, in eerste instantie. Wethouder Tuit: Ik zal de eerste twee weer doen en dan de andere twee collega Reneman. Dat is ook wel een mooie volgorde, zo steeds. Wij zijn bestuurlijk opdrachtgever, wij als wethouders, maar het college kent haar plaats. U als gemeenteraad bent natuurlijk het hoogste orgaan. U gaat er uiteindelijk over, maar u hebt dat moeten lezen als bestuurlijke opdrachtgevers. Dus laat daar geen misverstand over zijn, wij kennen nog steeds onze positie. Wij zullen even, u geeft ook aan, dat antwoord hoeft niet vandaag te komen. Wij zullen even schriftelijk terugkomen op hoe zit het nou met die vrijwilligers buitenbad, binnenbad. Dat zal ook onderdeel zijn van een organisatievorm, maar ik denk dat we dat prima schriftelijk … Ik kijk ook even, er wordt geknikt, dat we dat prima even schriftelijk, dat we daarop terugkomen bij u. En dan de andere twee vragen, die zijn van financiële aard, dus die zal de heer Reneman doen. De voorzitter: Dan gaan we naar de wethouder van financiën. Wethouder Reneman: Dank u wel, voorzitter. Nog even ter aanvulling op dat opdrachtgeverschap. Binnen de ambtelijke organisatie wordt gewerkt met opdrachtgevers die namens het college opdrachten verstrekken en zo, in die zin is dat bedoeld.

Dus er zijn twee wethouders die namens het college de dagelijkse aansturing op dit project doen, dat zijn de heer Tuit en ik nu. Wij zijn dus ook niet degenen die betalen en we zijn ook niet degene die de opdrachtgever is voor Antea. Dat is de gemeente. Zoals u weet, werkt het college weer in opdracht van de gemeenteraad. Dus om het nou toch helemaal netjes te doen, wij zijn eigenlijk altijd opdrachtnemer. De kwestie van exploitatie, duurzaamheid, kaderstelling. Wat je eigenlijk wil, is dat je in de begroting niets extra's kwijt bent aan een zwembad. Want je redenering zou eigenlijk moeten zijn: als ik een nieuw zwembad heb, dan bespaart me dat en tegelijkertijd kan ik met een nieuw zwembad een betere voorziening treffen. Die twee dingen, die kunnen elkaar mooi middelen. Dus dan maak je én een mooier zwembad, én, omdat je een betere isolatie hebt, verduurzaming hebt, betere installaties hebt, bespaar je ook weer geld in de exploitatie. Dat is eigenlijk een beetje de manier waarop je ernaar wil kijken. Dan doet zich hier het lastige probleem voor dat het ook nog om een hele smak geld gaat om te investeren. Vandaar dat er ook steeds bij staat: exclusief de kapitaallasten. Als je een heel strenge wethouder financiën hebt, dan had het woordje exclusief er niet gestaan, maar dan het woordje inclusief er gestaan. Namelijk: u blijft binnen de begroting, inclusief de kapitaallasten.

Maar goed, die kwestie van is het u waard om dat geld er extra voor uit te geven? Die kwestie zal echt nog wel terugkomen. En ja, als het gaat om de renovatie van het huidige zwembad, dan proberen we de financiële situatie van een eventuele renovatie van het zwembad dat zo goed mogelijk in kaart te brengen. Dus ook inclusief de exploitatie nadelen die er zijn ten opzichte van bouwen. Maar wij denken wel, u moet niet bang zijn dat wij u proberen te verleiden tot het op de huidige locatie opwaarderen. Daar zijn we niet mee bezig. Maar wij willen wel dat u een heel helder besluit neemt: oké, dan wordt het nieuwbouw en dat is de grond waarop we staan. Dat is de reden. De voorzitter: Dank u wel, de heer Reneman. Dan denk ik dat dit de antwoorden zijn voor D66. Dan ga ik naar de SP, want die had ook nog een korte vraag. De heer Pomper: Dank u, voorzitter, en een suggestie. Allereerst, de heer Reneman, die heeft het vermogen om altijd heel mooie antwoorden te geven op vragen waarbij de vragensteller zich wel eens afvraagt van goh, maar wat was mijn vraag ook alweer? Dus ik zal de vraag van de heer Van der Meer nog herhalen wat betreft het schoolzwemmen. Nou, ik hoef die vraag niet helemaal te herhalen, natuurlijk, want daar is geen antwoord op gegeven. En gelijk een suggestie erbij.

Mocht het ook echt worstcasescenario zijn dat het zwembad uitvalt, tip: denk serieus over een pop-up zwembad. De voorzitter: Dus u wilt weten van het college of ze nadenken over een pop-up zwembad? Dat is uw vraag?

De heer Pomper: Nee, de vraag is, er is geen antwoord gegeven op de vraag van de heer Van der Meer. De voorzitter: We gaan luisteren. Wethouder Reneman: Ik wil wel gewoon rechtstreeks antwoord geven. Dat zat wel een beetje impliciet in wat ik zei. Als het zwembad dichtgaat, is er geen schoolzwemmen. Dus we moeten proberen te voorkomen dat het oude zwembad dicht gaat. Dus je zit in je reguliere onderhoud, probeer je dat zo veel mogelijk met de ouwe meuk vol te houden, tegelijkertijd probeer je dat vol te houden totdat het nieuwe zwembad opengaat. Maar als er een calamiteit gebeurt, dan is het helaas pindakaas en dan zal er uitgeweken moeten worden naar andere zwembaden. Dat is dan wat het is. Maar je kan het niet voorkomen, want je loopt risico's met een oud zwembad. Dat is gewoon wat het is. Die risico's probeer je te mitigeren en zo klein mogelijk te maken. Ik hoop dat ik nu niet zo lang aan het woord ben ‘…’. De voorzitter: Dat is, denk ik, voor nu duidelijk en dan gaan we kijken of we naar een afronding kunnen. Er zijn vast nog een aantal die vragen hebben. Ik wil in ieder geval Gemeentebelangen nog een kans geven. Zijn er nog andere fracties? Mijnheer Otten heeft nog een vraag. Dan gaan we eerst naar Gemeentebelangen. Ga uw gang, mijnheer Sieders. De heer Sieders: Dank u wel, voorzitter.

Ik had eigenlijk meer even een verhelderde vraag aan de heer Reneman en dat ging over het schoolzwemmen. Is dat op dit moment dan zo dat er schoolzwemmen is in De Dolfijn? Wethouder Reneman: Dat hoeft u niet aan mij te vragen, want dat weet ik gewoon niet. Wethouder Bisschop: Volgens mij ging de vraag van de heer Van der Meer over zwemonderwijs dus de zwemlessen in het zwembad en niet schoolzwemmen. Schoolzwemmen op dit moment niet aan de orde in het zwembad. Wethouder Reneman: Maar de vraag van de heer Pomper was niet gegeven of er schoolzwemmen was of niet, maar wat gebeurt er met het zwemmen als het dicht is. De voorzitter: Dan gaan we naar de laatste vraag. Dat is nog van de heer Otten van het CDA. Ga uw gang. De heer Otten: Hartstikke mooi dat ik de laatste vraag mag stellen, dat vind ik hartstikke mooi. Het gaat er natuurlijk om wat de heer Klok vroeg: wat is onomkeerbaar? We hebben het over de routekaart en in die routekaart staat duidelijk de uitgangspuntennotitie: je kiest voor nieuwbouw of niet, voor de locatie en de bandbreedte van plan van eisen. Maar elke keer hoor ik weer: ja, maar jullie krijgen nog de kans om … Wij komen nog met een onderbouwing om te kijken of het huidige zwembad geüpgraded kan worden. Ja, dat doen we dan dus zonder financiële gedachten erbij.

Dat is puur … Want die argumenten die hier staan, in die notitie, dat zit geen financieels bij, dat is meer constaterend of misschien ook wel wensdenken, dat weet ik ook niet. Dus ik vind het toch wel een beetje lastig dat we dus eigenlijk ergens over besluiten wat later onomkeerbaar blijkt en dan komen later de argumenten nog van, ja, toch, het is financieel onmogelijk. Wat is dan onomkeerbaar en wat besluiten we dan precies? Daar gaat het dan om. De voorzitter: De heer Tuit, kunt u daarop reageren? Wethouder Tuit: Ja, dat kan ik. U hebt, zeg maar, als u de routekaart erbij pakt, dan ziet u als dat u als raad echt op die oranje momenten volop in het proces van besluitvorming zit. Wat de heer Otten aangeeft, en dat is ook waarom het college u al die scenario's ook voorlegt, van ook in die besluitvorming richting het najaar wat echt het eerste belangrijke moment wordt voor het onomkeerbare besluit, wat ik net ook op de

beantwoording van de heer Klok zei, dan heeft u ook in beeld van wij sorteren voor, dat klopt, dat zit ook in de beslispuntennotitie, op een nieuwbouw, maar wij brengen ook voor u in beeld de scenario's, onderbouwd, met kengetallen, met financiële parameters. Wat zou het betekenen als u voor een upgrade zou gaan? Wat zou het betekenen als u voor een variant van renovatie zou gaan? Wij vinden ook, de heer Reneman zei dat net ook, dat moet u als raad, we zijn het helemaal eens, dat moet u als raad ook tot u kunnen nemen om daar een besluit over te nemen dit najaar, want dat is het eerste moment, als we die horde overgaan, dat zei de heer Verkerk ook van Antea, dan ga je op pad met uitgewerkte kaders. Dus dat najaar, in die periode daartussen, krijgt u al die gegevens op papier zodat u ook echt als raad een gedegen besluitvorming kunt geven. Dat is ook de reden, dan ga ik wel een beetje een bruggetje maken naar het debat over twee weken. Dat is ook de reden waarvan het college zegt: wij willen dat ook gewoon al die inhoudelijke scenario's aan u voorleggen, zodat de raad ook de goede afweging kan maken en niet één scenario alleen voor nieuwbouw, dan doen we u tekort. De voorzitter: Dank u wel voor de beantwoording. Ik stel vast dat er toch nog een vraag is. Ga uw gang, mijnheer Prakken.

De heer Prakken: Ja, misschien, ik weet niet of dat mogelijk is, maar een soort cafetariamodel, als het ware. Dat je zegt van ja: dit zijn de onderdelen, onderdeeltjes, en dat onderdeel kost zoveel, dat onderdeel kost zoveel en dan zeggen we van nou, we willen tot zover en dan kiezen we die onderdelen. De voorzitter: Dat is een suggestie die u doet aan het college, begrijp ik. Dan stel ik het op die manier ook zo vast en hoeven we denk ik ook geen antwoord van het college en kunnen we, denk ik, nu gaan richting de afronding. De heer Prakken: Een inhakend, daar mogen ze best op reageren. De voorzitter: Ze mogen er wel op reageren. Ik dacht dat het alleen een suggestie was. Nou, dan wachten we nog even op de reactie van het college en dan gaan we dan naar een afronding toe. Wethouder Tuit: Volgens mij moeten we dat, voorzitter, maar u gaat over de orde, maar volgens mij is dat echt een perfect onderdeel voor over twee weken waarin u als raad ook echt die kaders … Wij leggen dit als collega aan u voor. Het staat u vrij om vrij om natuurlijk te amenderen, maar volgens mij is dat over twee weken in het debat aan de orde. De voorzitter: Ja, we gaan uitkijken naar het debat over twee weken. Ik denk dat er best heel veel gewisseld is. 2.4 Sluiting informerende ronde en vergadering De voorzitter: Ik sluit hierbij de vergadering. Dank voor uw aanwezigheid en uw bijdrage. Tot ziens.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15145962/2