Stark - Beleidsbegroting 2022 met meerjarenraming tm 2025
Tekst van het document
Begroting 2022 met meerjarenraming tot en met 2025 Deze begroting dient gelezen te worden als programmabegroting in het kader van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).
Voorlopig vastgesteld in het bestuur van Stark op 26 maart 2021
Gemeenschappelijke Regeling Stark Dieselstraat 3, 7903 AR Hoogeveen Postbus 740, 7900 AS Hoogeveen Telefoon 0528 29 48 11 www.wijzijnstark.nl Facebook : @wijzijnstark Twitter : @wijzijnstark Linkedin : Stark, leerwerkbedrijf Instagram : @wijzijnstark
1
Inhoudsopgave Inhoudsopgave.......................................................................................................... 2 1 Voorwoord ............................................................................................................. 3 2 Organisatie ............................................................................................................ 4 2.1 Missie en visie .............................................................................................. 4 2.2 Organisatieschema ....................................................................................... 5 3 Beleidsbegroting.................................................................................................... 6 3.1 Programmaplannen en beleidsindicatoren ....................................................... 6 3.1.1 Plaatsingen ................................................................................................ 6 3.1.2 Participatie – Beschut Werk ....................................................................... 6 3.1.3 Participatie – Trajecten .............................................................................. 7 3.1.5 Overhead ...................................................................................................
8 3.2 Paragrafen ...................................................................................................... 9 3.2.1 Weerstandscapaciteit en continuïteit .......................................................... 9 3.2.2 Risico’s en bijzonderheden ........................................................................ 9 3.2.3 Benodigd weerstandsvermogen ............................................................... 11 3.2.4 Kengetallen .............................................................................................. 11 3.2.5 Investeringen met een economisch nut .................................................... 12 3.2.6 Financiering ............................................................................................. 12 3.2.7 Onderhoud kapitaalgoederen ................................................................... 13 3.2.8 Verbonden partijen ................................................................................... 13 4 Financiële begroting ............................................................................................. 14 4.1 Uitgangspunten voor deze begroting .............................................................. 14 4.2 Overzicht van baten en lasten 2021 ...............................................................
15 4.2.1 Toelichting vooraf..................................................................................... 15 4.2.2 Overzicht van baten en lasten .................................................................. 16 4.3 Meerjarenbegroting 2022-2025 ................................................................... 20 5 Bijlagen ............................................................................................................... 22 5.1 Meerjarenbegroting na gemeentelijke bijdrage exploitatie ........................... 22 5.2 Geprognosticeerde balans .......................................................................... 22 5.3 Overzicht gemeentelijke en rijksbijdragen 2022-2025 ................................. 23 5.4 Verdeling taakvelden .................................................................................. 24
2
1 Voorwoord Voor u ligt de begroting 2022 van Stark met een meerjarenraming tot en met 2025. Als basis voor deze begroting is de Kadernota 2022 gebruikt. De Kadernota 2022 is op 22 januari 2021 in het bestuur voorlopig vastgesteld en ter informatie aangeboden aan de Gemeenteraden conform de vereisten uit de Gemeenschappelijke Regeling. De Kadernota wordt in de bestuursvergadering van 25 juni 2021 definitief vastgesteld. Het Bedrijfsplan van Stark dient als leidraad voor wat betreft het beleid. Het Bedrijfsplan is in het najaar 2018 vastgesteld door de gemeenteraden van Hoogeveen, Midden-Drenthe en De Wolden. Het beleid voor Stark wordt bepaald door de drie gemeenteraden. Stark voert namens de gemeenten dit vastgestelde beleid uit. Stark maakt zelf geen beleid, omdat Stark een Bedrijfsvoerings-organisatie (BVO) is. Stark streeft ernaar om medewerkers en deelnemers zoveel mogelijk op de reguliere arbeidsmarkt te laten werken. Onze ambitie is een inclusieve arbeidsmarkt voor iedereen. Om dit te realiseren, zetten we in op extra detacheringsplekken, meer trajecten en uitbreiding van de leerwerkroutes, om ontwikkeling passend bij de doelgroep te realiseren. De deelnemende gemeenten dragen jaarlijks maximaal 2 m€ bij aan de exploitatie van Stark. In de meerjarenbegroting van Stark laten we zien dat we (ruim) onder de maximale bijdrage van 2 m€ blijven.
Dit resultaat bereiken we naast detachering van medewerkers, door het bieden van HR-gerelateerde diensten aan werkgevers en gemeenten, ook door vernieuwing van de huisvesting en het inzetten op reële tarieven.
Hoogeveen, 26 maart 2021 S. Hertog, directeur
3
2 Organisatie 2.1 Missie en visie Stark streeft bij de uitvoering ernaar om medewerkers en deelnemers zoveel mogelijk regulier te laten werken op de inclusieve arbeidsmarkt. We hebben dit vertaald in onze missie en visie welke in onderstaande infographic is weergegeven.
4
2.2 Organisatieschema In onderstaand schema is onze organisatiestructuur weergegeven.
5
3 Beleidsbegroting We geven uitvoering aan de opdrachten van de gemeenten, zoals die zijn vastgelegd in het Bedrijfsplan voor Stark, waarbij het accent ligt op de ontwikkeling als leerwerkbedrijf van en voor de inwoners van onze gemeenten. In het hoofdstuk Beleidsbegroting gaan we verder in op onze plannen voor 2022 met de daarbij behorende verplichte beleidsindicatoren. Eveneens bevat dit hoofdstuk een uiteenzetting van de verplichte paragrafen.
3.1 Programmaplannen en beleidsindicatoren 3.1.1 Plaatsingen Stark streeft ernaar om medewerkers en deelnemers zoveel mogelijk regulier te laten werken op de inclusieve arbeidsmarkt. Wij bieden hierbij mogelijkheden om medewerkers te detacheren bij reguliere werkgevers. Het instrument kan via een individuele detachering ingezet worden, maar ook door middel van groepsdetacheringen. We streven jaarlijks naar nieuwe detacheringen. Dit is, als gevolg van krimp in onze SW-populatie, niet altijd te zien in een daadwerkelijke groei van onze bruto omzet detachering ten opzichte van voorgaand jaar. Voor 2022 hebben we onszelf als doel gesteld om ten opzichte van 2020 75 k€ meer omzet te genereren uit (nieuwe) detacheringsplekken tegen reële, onafhankelijke tarieven. Naast detacheringen heeft Stark ook het instrument Begeleid Werken om SW op de reguliere arbeidsmarkt te laten participeren. We zien bij dit instrument weinig ontwikkeling, anders dan een krimp van 5% als gevolg van een ouder wordende populatie.
3.1.2 Participatie – Beschut Werk In de afgelopen jaren hebben we een gestage groei gezien in het aantal beschutte werkplekken bij Stark. We verwachten dat deze groei zich voortzet in de komende jaren. In onderstaand overzicht wordt het verwachte aantal werkplekken (gemiddeld) voor de komende jaren per gemeente weergegeven.
Beschut werk Participatiewet Hoogeveen Midden-Drenthe De Wolden Totaal
Begroting 2022 40 17 6 62
Begroting 2023 45 21 7 72
Begroting 2024 50 24 8 82
Begroting 2025 56 27 9 92
6
3.1.3 Participatie – Trajecten Centraal staat bij Stark het samen met de gemeenten ontwikkelen en uitvoeren van trajecten voor mensen vanuit de Participatiewet. Het doel van deze trajecten is dat er medewerkersvaardigheden opgebouwd worden, waardoor de deelnemers kunnen uitstromen naar regulier werk. Nadat het traject is afgerond, kunnen de gemeenten de deelnemers plaatsen op de arbeidsmarkt. Bij voorkeur direct aansluitend aan het traject, waardoor er sprake is van een naadloze overgang. Daarom is het van groot belang dat de samenwerking tussen de gemeenten en Stark goed verloopt. Stark investeert daarom veel in deze samenwerking. We organiseren het Taalcafé, geven de opleiding SoVaRet/ Empowerment, geven sollicitatietrainingen, begeleiden een groot aantal mensen in het vacaturecafé en houden (waar mogelijk) werkgeversbijeenkomsten. Op deze wijze rust Stark personen beter uit om succesvol een baan te kunnen vervullen op de reguliere arbeidsmarkt. De werkgeversbijeenkomsten zijn ervoor om werkgevers te vertellen op welke wijze zij mensen van Stark kunnen inzetten voor hun werkzaamheden in het kader van detachering en/of begeleid werken of plaatsingen in het kader van de WSW. Diverse ondernemers delen dan met andere ondernemers hun positieve ervaringen met medewerkers van Stark.
Daarnaast zijn deze bijeenkomsten gericht op het vergroten van de samenwerking met het bedrijfsleven. We kunnen tijdens deze bijeenkomsten onderzoeken waar Stark en het bedrijfsleven elkaar versterken. Dit kan bijvoorbeeld in de vorm van ondersteuning in de productie of technische werken bij Stark of bij het begeleiding van re-integratietrajecten van medewerkers bij bedrijven door Stark. Onder het motto “Samen sterker”.
3.1.4 Leerwerkroutes en ontwikkeling Stark heeft als missie om te ondersteunen in de ontwikkeling van talenten wat leidt tot duurzaam werk. In onze organisatie gaan we een verandering door om van een werk-leerbedrijf een leer-werkbedrijf te worden. Wij geloven dat iedereen zich kan ontwikkelen en kan blijven leren. Om deze missie tot uiting te brengen, hebben we het project “Stark naar Buiten” ontwikkeld. Dit project bestaat uit meerdere plannen, onder andere de beweging van binnen naar buiten, het ontwikkelgericht inrichten van onze Binnenafdelingen, het meetbaar maken van de ontwikkeling, diversiteit in werkaanbod en het bieden van perspectief. Door het kennen van de kwaliteiten en talenten van medewerkers, en het gesprek te voeren over de ontwikkeling om buiten Stark te werken, worden er meer detacheringen gerealiseerd. We hanteren het Dariuz Assessment om de talenten van onze medewerkers te ontdekken. Daarnaast wil Stark, zoals gezegd, perspectief bieden voor de brede doelgroep. Dit betekent dat we op projectbasis gaan bekijken of we voor trajectdeelnemers ook het vakfit worden kunnen organiseren. Leerwerkroutes helpen medewerkers en deelnemers werkfit en/of vakfit te worden. Een voorbeeld van een nog te ontwikkelen leerwerkroute is de leerlijn schoonmaak. Werken in de schoonmaak is laagdrempelig en er is veel vraag vanuit de markt.
De leerlijn geeft een beeld van de mogelijkheden van de medewerker of deelnemer, het draagt bij aan het ontwikkelen van werknemersvaardigheden en de medewerker of deelnemer kan hierin tot een bepaald niveau vakvaardigheid ontwikkelen. Hierdoor kan hij doorstromen naar een reguliere functie.
7
Ook in het groen trainen wij op werknemersvaardigheden en de verschillende competenties die nodig zijn in het werkzame leven. In Hollandscheveld is een leerwerk-trainingscentrum gecreëerd waar vanuit medewerkers of deelnemers gecoacht en getraind worden om vervolgens ingezet te worden in groenprojecten bij gemeenten of reguliere werkgevers. We trainen ze bijvoorbeeld op vaardigheden in het bosmaaien, maar ook het veilig kunnen werken langs de weg. Voor 2022 gaan we ons inzetten in samenwerkingsverbanden met reguliere (groen-)werkgevers en collega SW-bedrijven in de (arbeids-)regio. Hierdoor ontstaat een diversiteit aan werkzaamheden (en omgeving), maar ontstaat ook een grotere kans op een detachering of een reguliere baan.
3.1.5 Overhead Een uiteenzetting van de overhead wordt toegelicht in de bijlagen van deze begroting. De in 2022 begrote overheadslasten van Stark bedragen 7,6% van het begrotingstotaal. Daarmee laten we een verbetering zien van 0,6% ten opzichte van de beheersbegroting 2021.
8
3.2 Paragrafen In dit hoofdstuk is specifieke informatie opgenomen volgens de artikelen 9 en 26 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV).
3.2.1 Weerstandscapaciteit en continuïteit De weerstandscapaciteit van Stark bestaat uit de algemene bedrijfsreserve. In onderstaande tabel wordt de algemene bedrijfsreserve weergegeven. Afbouw vermogen beleidsbegroting 2022 * € 1.000 Algemene Reserve 01-01-2019 Resultaat 2019 Algemene reserve 31-12-2019 Resultaat 2020 Algemene reserve 31-12-2020 Begroot ten laste van algemene reserve 2021 Algemene reserve 31-12-2021 Begroot ten laste van algemene reserve 2022 Algemene reserve 31-12-2022
2.137 -632 1.505 632 2.137 -495 1.642 -33 1.609
Indien de reserve is uitgeput wordt op grond van de Gemeenschappelijke Regeling Stark en de Wet Gemeenschappelijke Regeling, mede in combinatie met eisen van de Bank Nederlandse Gemeenten de tekorten van Stark gedekt door de deelnemende gemeenten. De deelnemende gemeenten zijn verantwoordelijk voor de continuïteit. Daarmee is de continuïteit van de organisatie gewaarborgd.
3.2.2 Risico’s en bijzonderheden Binnen iedere organisatie zijn er risico’s. Er zijn algemene risico’s waar iedere organisatie mee te maken krijgt, risico’s welke af te dekken zijn door verzekeringen, risico’s waar beheersmaatregelen voor te treffen zijn en risico’s waarop de organisatie geen invloed op heeft. Ook is niet bij ieder risico direct een waarde aan te koppelen. Een risico betekent niet dat het ook gaat gebeuren. Bij een risico waar enigszins waarde aan te koppelen is, is het risicobedrag: kans x effect/impact. In onderstaande tabel is deze berekening weergegeven. Risico (bedragen x € 1.000) a. Lagere gemeentelijke bijdrage Beschut Werk b. Vertraging optimalisering ondersteunend personeel c. Omzetderving Corona d. Debiteurenrisico i.v.m. Corona e. Uitkomst oriënterend onderzoek SW De Wolden f. Stijging ziekteverzuim - omzetderving g, Vertraging realiseren nieuwbouw Totaal
Kans (%) 50% 70% 50% 20% ntb 25% 50%
Impact -906 -1.002 -760 -86 ntb -180 -80 -3.014
Risicobedrag -453 -702 -380 -17 ntb -45 -40 -1.637
Ad. A. Lagere gemeentelijke bijdrage Beschut Werk Vanaf 1 januari 2021 is de basis voor het factureren de loonkostensubsidie van Beschut Werk aan de gemeenten de werkelijke loonwaarde van onze medewerkers. De loonwaardemetingen vinden in 2021 plaats. De werkplekken van Beschut Werk
9
zijn dusdanig aangepast voor de medewerker dat deze niet 1 op 1 te meten zijn met een reguliere werkplek. Wat maakt dat we verwachten dat de loonwaarde hoger uitvalt dan de 30% welke voor 2021 als basis diende voor ons contract. Voor de komende jaren verwachten we daarmee een daling in onze omzet/bijdrage. Ad. B. Vertraging optimalisering ondersteunend personeel In voorgaande beleidsbegrotingen en in de beleidsbegroting met meerjarenraming van 2022 en verder is uitgegaan van een geleidelijke daling in loonkosten van ondersteunend personeel. In verhouding tot de krimp in de SW-populatie lijkt dit een logisch gevolg. Echter constateren wij dat, mede als gevolg van schaalnadelen uit de splitsing Alescon, er nog professionalisering van het ondersteunend personeel moet plaatsvinden om deze financiële besparing mogelijk te maken. In het genoemde risicobedrag is rekening gehouden met de loonkosten en met de inhuur van externen, maar nog niet met de beheersmaatregel om ondersteunend personeel te detacheren. Als de professionalisering niet tijdig lukt en daardoor de detacheringsopbrengsten niet gehaald worden, zal het risicobedrag nog groter worden. Ad. C. Omzetderving corona Nederland is nog steeds in de ban van corona. Dit heeft naast maatschappelijke consequenties ook financiële consequenties.
Medewerkers kunnen of mogen niet werken doordat zij, in termen van het RIVM, tot de risicogroep behoren of doordat ze met corona-gerelateerde klachten thuis moeten blijven. Daarnaast ondervinden ook de bedrijven waar Stark mee samenwerkt nadelen als gevolg van corona. Waardoor het mogelijk is dat sommige bedrijven minder of geen werk meer hebben. Met als gevolg dat er minder werk voor Stark is. We zien bij Stark in de eerste maanden van 2021 een negatief effect op de omzet. Zowel bij de Binnenafdelingen als bij de Werkwinkel. Wat de toekomstige effecten gaan zijn, is niet te overzien. Voor nu is 10% van de omzet 2020 als omzetderving meegenomen. Ad. D. Debiteurenrisico i.v.m. corona Hoe langer de economische crisis als gevolg van corona duurt, hoe groter het risico wordt dat debiteuren niet meer in staat hun rekeningen te betalen. Het risicobedrag is bepaald door 10% van het debiteurensaldo per 31-12-2020 te nemen. Ad. E. Uitkomst oriënterend onderzoek SW De Wolden In onze kadernota hebben we opgenomen dat gemeente De Wolden een oriënterend onderzoek in 2021 uitvoert naar de toekomstmogelijkheden voor het georganiseerd bieden van passend werk aan de groep SW werknemers en werkzoekenden met een arbeidsbeperking. Of hier financiële gevolgen voor Stark uit voort vloeien, is niet bekend. Ad. F. Stijging ziekteverzuim - omzetderving Het ziekteverzuim binnen Stark is fors.
Het jaar 2020 sloten we af met een ziekteverzuim van circa 17%. We zien door de vergrijzing van ons medewerkersbestand dat het ziekteverzuim lastig te reguleren is. Het merendeel van het ziekteverzuim is middellang tot lang ziekteverzuim, welke nagenoeg niet te beïnvloeden is door Stark. Ziekteverzuim betekent een lagere bezetting, waardoor potentieel omzetderving kan ontstaan. Ad. G. Vertraging realiseren nieuwbouw Stark heeft op 25 februari 2020 akkoord gekregen van het bestuur om herhuisvesting te regelen. Met deze nieuwe huisvesting was een behoorlijke kostenbesparing te realiseren. De verwachting in voorgaande beleidsbegroting met meerjarenraming was dat Stark per 2023 een nieuwe huisvesting gerealiseerd zou hebben. In welke 10
vorm de nieuwe huisvesting gerealiseerd gaat worden, wordt eind Q1 2021 besloten door het bestuur. Het wordt een uitdaging om in het tijdsbestek van circa 1,5 jaar nieuwe huisvesting te realiseren. Wat zou kunnen betekenen dat de begrote kostenbesparingen niet tijdig gerealiseerd kunnen worden.
3.2.3 Benodigd weerstandsvermogen De deelnemende gemeenten dragen jaarlijks maximaal 2 m€ bij ter dekking van de begroting (een afspraak uit 2018). Om deze afspraak te garanderen en met de in 3.2.2 genoemde risico’s te kunnen financieren, is een weerstandsvermogen ter hoogte van minimaal 1,6 m€ benodigd. Daarnaast hebben we een beheersbegroting 2021 met daarin een onttrekking uit de reserve ter hoogte van 495 k€ afgegeven. Totaal is het benodigd weerstandsvermogen circa 2 m€. Daarnaast is in deze beleidsbegroting nog geen rekening gehouden met projectkosten voor de bouw van een nieuw pand. Hiervoor zal dan nog een aparte projectbegroting opgesteld moeten worden. Als onderdeel van de reserves van Stark kan voor het project een deel als bestemmingsreserve projectkosten nieuwbouw aangewend worden.
3.2.4 Kengetallen Onderstaande kengetallen zijn er op gericht om op eenvoudige wijze inzicht te geven in de financiële positie (en het verloop daarvan) van voor Stark. Financiële kengetallen:
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Beleids begroting 2022 26,90% 26,90% 32,15% n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Beheers Verschil Bgr begroting '22 - Bgr '21 2021 19,87% 19,87% 33,01% n.v.t. n.v.t. n.v.t.
7,03% 7,03% -0,86% n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Jaar rekening 2020 7,33% 7,33% 44,00% n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Netto schuldquote en de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen De netto schuldquote geeft inzicht in het niveau van de schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. Het geeft zodoende een indicatie in welke mate de rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken. In 2022 zal naar verwachting de liquiditeit van Stark dalen, hierdoor stijgt de netto schuldquote. Solvabiliteitsratio De solvabiliteitsratio geeft inzicht in de mate waarin Stark in staat is zijn financiële verplichtingen te voldoen. Onder de solvabiliteitsratio wordt verstaan het eigen vermogen als percentage van het totale balanstotaal. Door het positieve resultaat welke Stark behaalt heeft in 2020, is het eigen vermogen voldoende op niveau om potentiële risico’s af te kunnen dekken.
11
3.2.5 Investeringen met een economisch nut De waardering van de materiële vaste activa is gebaseerd op de historische kostprijs of vervaardigingsprijs, verminderd met de afschrijvingen. In de meerjarenraming is in 2023 een investering in nieuwe huisvesting opgenomen.
3.2.6 Financiering Op grond van de Wet Financiering Decentrale Overheden (wet FIDO) dient een treasuryparagraaf bij begroting te worden toegevoegd. Het algemene beleid betreffende de uitvoering van de treasuryfunctie is neergelegd in het treasurystatuut, deze is vastgesteld in de bestuursvergadering van 25 januari 2019. Het treasurybeleid is gericht op het minimaliseren van de financiële risico’s en binnen de geldende kaders een zo optimaal mogelijk rendement te behalen. Onderstaande tabel geeft de begrote omvang van de kasgeldlimiet weer. Kasgeldlimiet (* € 1.000) Omvang van de begroting per 1 januari (= grondslag) Omvang kasgeldlimiet 1. Toegestane kasgeldlimiet in procenten van de grondslag in een bedrag
2022 27.912
8,2% 2.289
2. Omvang vlottende korte schuld Opgenomen gelden korter dan 1 jaar Schuld in rekening-courant Gestorte gelden door derden korter dan 1 jaar Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld
0 630 0 0
3. Vlottende middelen Contante in kas Tegoeden in rekening-courant Overige uitstaande gelden korter dan 1 jaar
0 0 0
4. Toets kasgeldlimiet Totaal netto vlottende schuld (2 - 3) Toegestane kasgeldlimiet (1) Ruimte (+) c.q. overschrijding (-) (1 - 4)
630 2.289 1.659
12
De jaarlijkse verplichte aflossingen en de renteherzieningen mogen, conform de wet Ufdo, niet meer bedragen dan 20% van het begrotingstotaal. In onderstaande tabel is de berekening van de renterisiconorm weergegeven. Renterisiconorm (* € 1.000) Basisgegevens 1. Renteherziening op vaste schuld o/g 2. Betaalde aflossingen 3. Renterisico (1 + 2) 4. Renterisiconorm 5a. Ruimte onder renterisiconorm (4 > 3) 5b. Overschrijding renterisiconorm (3 > 4)
2022
0 186 186 5.582 5.396 0
Berekening renterisiconorm 4a. Totale lasten op de begroting 4b. Het bij Ministeriële regeling vastgestelde % 4. Renterisiconorm (4a x 4b/100)
27.912 20% 5.582
3.2.7 Onderhoud kapitaalgoederen Stark heeft geen meerjarig onderhoudsplan voor haar huisvesting. Als gevolg hiervan worden jaarlijks alle onderhoudsuitgaven ten laste van de exploitatie gebracht.
3.2.8 Verbonden partijen Stark participeert in Stark Sales en Participation B.V. (SSP). SSP B.V. is een moedermaatschappij van diverse deelnemingen. In onderstaand overzicht zijn deze deelnemingen weergegeven. Waarbij Stark-Flex B.V. en PVA B.V. personeels-B.V.’s zijn. De overige deelnemingen worden naar verwachting 2021 geliquideerd. In deze deelnemingen vinden geen activiteiten plaats. Overzicht deelnemingen SSP B.V. Naam en jaar van oprichting Stark-Flex B.V. (2007) PVA B.V. (2010) Job Support & Facilities II B.V. (2003) Job Support & Facilities B.V. (2001) Drentse Horeca Bedrijven B.V. (2004) Stark Cleaning B.V. (2007)
Belang SSP 100% 100% 100% 100% 100% 100%
13
4 Financiële begroting De financiële begroting bestaat uit de baten en lasten van de begroting 2022 en een toelichting daarop. Daarnaast wordt er inzage gegeven in de meerjarenraming over de jaren 2023 tot en met 2025.
4.1 Uitgangspunten voor deze begroting Bij het opstellen van deze begroting zijn de volgende documenten als uitgangspunt genomen: de beleidsbegroting 2022 van Stark; de interne beheersbegroting 2021, zoals die op 22 januari 2021 in het bestuur is vastgesteld; de kadernota 2022 Gemeenschappelijke Regeling Stark, zoals die op 22 januari 2021 in het bestuur voorlopig is vastgesteld en vervolgens aan de gemeenteraden ter informatie werd aangeboden. Overige uitgangspunten in de begroting zijn: de verwachtingen voor 2021 op basis van de op dit moment bekende feiten en omstandigheden, exclusief eventuele effecten van de coronapandemie; het volume SW 2022 in arbeidsjaren (aja) wordt gebaseerd op de verwachte eindstand voor het jaar 2021, geen nieuwe instroom vanaf 2021 en een uitstroom van circa 5% per jaar vanwege natuurlijk verloop; aantal plaatsingen Beschut Werk in het kader van de Participatiewet is gebaseerd op taakstellingen en prognoses van het Rijk; de grondslag voor de bepaling van de rijksbijdrage Stark is de septembercirculaire van 2020. Het macrobudget SW uit de circulaire is gecorrigeerd met een LPO-compensatie. Het aandeel van Stark in het macrobudget is bepaald op basis van een gemiddelde percentage van de afgelopen jaren; er is een inschatting gemaakt van een salarisverhoging SW, een gemiddelde van 2,12% (op basis van het verleden).
Daarnaast is rekening gehouden met een krimp in aantal van circa 5% per jaar; er is nog geen rekening gehouden met eventuele uitkomsten uit de Cao Aan de Slag, of eventuele verschuiving in medewerkers tussen Stark Flex B.V. en Stark als gevolg van de uitkomsten Cao Aan de Slag; een eventuele uitbreiding van de beschutte werkplaats met arbeidsmatige dagbesteding uit de huidige WMO wordt – vooralsnog – niet meegenomen in de begroting; er wordt ingezet op nieuwe detacheringsplekken de komende jaren; de afgesproken beheersmaatregelen vanuit de hei-avond van 25 februari 2020; in de meerjarenbegroting gaan wij ervan uit dat we kostenbesparingen realiseren als gevolg van het bouwen van een nieuw en duurzaam pand. De projectkosten voor deze nieuwbouw zijn niet meegenomen in deze exploitatiebegroting. Hiervoor zal een aparte projectbegroting opgesteld worden; gelijkblijvende economische omstandigheden; omzet in trajecten Participatiewet ter hoogte van 375 k€.
14
4.2 Overzicht van baten en lasten 2021 4.2.1 Toelichting vooraf Gemeentelijke omzet Beheer Openbare Ruimte In 2020 is tussen Stark en de gemeenten een uitgangspunt inzake gelijke en reële tarieven voor BOR afgesproken. Deze uitgangspunten zijn nog niet geconcretiseerd in aantallen en totaal budget per gemeente. In 2021 wordt dit verder uitgewerkt en is voornamelijk afhankelijk van de budgetten van de gemeenten. In deze beleidsbegroting met meerjarenraming is uitgegaan van de oude contractwaarden aangezien informatie op basis van de nieuwe uitgangspunten nog ontbreekt. Raamovereenkomst Stark De raamovereenkomst Stark 2019-2023 geeft aan dat de gemeentelijke bijdrage wordt samengesteld uit het exploitatietekort minus de verwachte rijksbijdrage gebaseerd op de taakstelling. Voor de verdeling van het hiervoor genoemde exploitatietekort hanteert Stark een verdeling op het aantal SE. Weergave staat van baten en lasten De staat van baten en lasten in paragraaf 4.2.2. is opgesteld conform de richtlijnen uit de BBV voorschrijven. In bijlage 5.1 wordt de staat van baten en lasten 2022 inclusief de meerjarenraming weergegeven in een exploitatie- en subsidieresultaat, het resultaat na gemeentelijke bijdrage in de exploitatie en eventuele onttrekking aan de algemene bedrijfsreserve.
15
4.2.2 Overzicht van baten en lasten Onderstaande tabel is een samenvatting van de baten en lasten van de beleidsbegroting 2022 in vergelijking met de beheersbegroting 2021 en jaarrekening 2020. Het overzicht van baten en lasten is exclusief de gemeentelijke bijdrage in de exploitatie.
(bedragen * € 1.000) Bruto omzet Overige opbrengsten Gemeentelijke bijdrage Beschut en vervoer Rijksbijdrage Incidentele baten Resultaat deelnemingen Totaal Baten
Beleids begroting 2022 7.642 50 1.051 17.862 0 0 26.604
Beheers begroting 2021 7.761 50 926 18.344 0 0 27.082
Verschil Bgr '22 Bgr '21 -120 0 124 -482 0 0 -478
Jaar rekening 2020 7.598 250 3.027 20.127 0 -58 30.945
Inkoopwaarde van de omzet Personeelskosten begeleidend personeel Personeelskosten SW & Beschut Werken Afschrijvingskosten Huisvestingskosten Indirecte productiekosten Beheerskosten Incidentele lasten Financiële lasten Totaal Lasten
735 4.197 21.237 298 791 873 423 50 33 28.637
774 4.482 21.805 298 768 919 432 50 49 29.577
-39 -285 -568 0 23 -46 -9 0 -16 -940
911 4.049 22.375 372 993 883 370 34 62 30.049
Resultaat
-2.033
-2.495
462
896
Toelichting op de begroting Brutomarge De brutomarge bestaat uit de bruto omzet verminderd met de inkoopwaarde van de omzet. In onderstaand overzicht wordt dit weergegeven.
(bedragen x € 1.000) Bruto omzet Inkoopwaarde van de omzet Totaal
Beleids begroting 2022 7.642 -735 6.906
Beheers begroting 2021 7.761 -774 6.988
Verschil Bgr '22 Bgr '21 -120 38 -82
Jaar rekening 2020 7.598 -911 6.687
16
De brutomarge is te categoriseren in diverse rubrieken. In onderstaand overzicht wordt de brutomarge per rubriek weergegeven.
(bedragen x € 1.000) Leer/werk bedrijf excl BOR BOR Detacheringen Externe markt (trajecten e.d.) Overige Totaal
Beleids begroting 2022 1.260 2.688 2.154 550 255 6.906
Beheers begroting 2021 1.326 2.828 2.129 500 205 6.988
Verschil Bgr '22 Bgr '21 -66 -140 25 50 50 -82
Jaar rekening 2020 1.484 2.928 1.720 437 118 6.687
In de omzet van het leer/werkbedrijf en BOR is rekening gehouden met een krimp van 5% in de SW populatie. De detacheringsopbrengsten stijgen licht met 25 k€ ten opzichte van de beheersbegroting 2021. In beide jaren zit een ambitie begroot om extra te detacheren tegen reële tarieven. De brutomarge Externe markt stijgt ten opzichte van de begroting van 2021. Stark heeft in de begroting rekening gehouden met te verlenen dienstverlening aan andere gemeenten. De ambitie voor 2022 is om deze omzet te verhogen met 50 k€. Daarnaast is een verhoging in de overige omzet opgenomen in de begroting als gevolg van uitbreiding van detachering ondersteunend personeel. Beide stijgingen in 2022 ten opzichte van 2021 zijn conform de afgesproken beheersmaatregelen op de hei-avond van 25 februari 2020. Gemeentelijke omzet In onderstaand overzicht wordt de post gemeentelijke omzet weergegeven.
(bedragen * € 1.000) Hoogeveen Midden-Drenthe De Wolden Totaal
€ € € €
Beleids Beheers begroting begroting 2022 2021 1.398 € 1.461 € 1.942 € 2.037 € 240 € 251 € 3.580 € 3.749 €
Verschil Bgr '22 Bgr '21 -63 € -95 € -10 € -169 €
Jaar rekening 2020 1.481 2.034 218 3.733
De omzet van Stark komt voor een substantieel deel tot stand door opdrachten van de gemeenten. De omzet van de deelnemende gemeenten zal naar verwachting over 2022 3.580 k€ bedragen, een negatieve afwijking ter hoogte van 169 k€ ten opzichte van de beheersbegroting 2021. In de gemeentelijke omzet houden we rekening met de krimp in de SW populatie. Met uitzondering van de omzet van trajecten welke we voor 375 k€ hebben meegenomen, conform de huidige omzettaakstelling met de gemeenten. De bonus van 6% over de omzet zal op basis van de werkelijke omzet na afloop van het boekjaar worden verrekend. De berekening van de gemeentelijk bijdrage op basis van de bonus voor het jaar 2022 is opgenomen in de bijlage 5.2.
17
Gemeentelijke bijdrage Beschut en vervoer In onderstaand overzicht wordt de post gemeentelijke bijdrage Beschut en vervoer weergegeven.
(bedragen * € 1.000) Beschut Werk Collectief Vervoer Loonkostensubsidie BAB Totaal
Beleids begroting 2022 844 207 1.051
Beheers begroting 2021 709 217 926
Verschil Bgr '22 Bgr '21 135 -10 125
Jaar rekening 2020 771 220 36 1.027
De bijdrage Beschut Werk stijgt naar verwachting ten opzichte van de beheersbegroting 2021. De verwachting is dat we kunnen groeien in het aantal beschutte werkplekken. De daling in de omzet van 2021 ten opzichte van de jaarrekening 2020 wordt veroorzaakt door wijziging in de grondslagen voor facturering van de bijdrage. Zie ook de paragraaf 3.2.2 risico’s en bijzonderheden. De bijdrage collectief vervoer daalt naar verwachting met 5% ten opzichte van de beheersbegroting 2021. De gemeentelijke bijdrage in de exploitatie bedraagt 2.000 m€. De verdeling van deze bijdrage per gemeente is opgenomen in de bijlage van deze rapportage. Rijksbijdrage In onderstaand overzicht wordt de post rijksbijdrage weergegeven.
(bedragen * € 1.000) Bijdrage WSW Bijdrage buitengemeente Totaal
Beleids begroting 2022 17.862 17.862
Beheers begroting 2021 18.344 18.344
Verschil Bgr '22 Bgr '21 -482 -482
Jaar rekening 2020 20.143 -16 20.127
De rijksbijdrage van 2022 is bepaald op basis van de septembercirculaire gecorrigeerd met een ingeschatte loon- en prijscompensatie. Het aandeel van Stark in het macrobudget SW is ingeschat op een gemiddeld percentage over de afgelopen jaren. Het verschil van bijna 2 m€ tussen de beheersbegroting 2021 en de jaarrekening 2020 wordt met name veroorzaakt door de in 2020 uitgekeerde coronamiddelen. Personeelskosten begeleidend personeel In onderstaand overzicht wordt de post loonkosten begeleiden personeel weergegeven.
(bedragen x € 1.000) Loonkosten ambtenaren Personeel van derden Assessment/potentieel onderzoeken Overige secundaire personeelslasten Totaal
Beleids begroting 2022 585 3.489 2 121 4.197
Beheers begroting 2021 621 3.703 2 157 4.482
Verschil Bgr '22 Bgr '21 -37 -214 -35 -286
Jaar rekening 2020 588 3.434 1 26 4.049
18
De daling in personeelskosten begeleidend personeel kunnen we in 2022 nog realiseren door de inleenkosten van PVA B.V. voor het grotendeel van ons ondersteunend personeel te verlagen. Zoals reeds aangegeven bij de paragraaf Risico’s en bijzonderheden, is de professionalisering van Stark nog een uitdaging. Voor 2022 nog geen financiële uitdaging. Maar wanneer we ook na 2022 de vorige meerjarenraming willen blijven halen, zal er voor de jaren erna circa 100 k€ per jaar aan inhuur derden en totaal 2,5 FTE besparing gerealiseerd moeten worden Loonkosten SW en Beschut werken In onderstaand overzicht wordt de post loonkosten SW en Beschut werken weergegeven.
(bedragen x € 1.000) Loonkosten SW Vorming en opleiding Geneeskundige zorg en arbo Reiskosten Kosten werkkleding Secundaire personele lasten Begeleid Werken Beschut Werken Totaal
Beleids begroting 2022 18.553 61 155 334 74 191 1.034 834 21.237
Beheers begroting 2021 19.163 64 163 352 78 174 1.061 750 21.805
Verschil Bgr '22 Bgr '21 -610 -3 -8 -18 -4 17 -27 84 -569
Jaar rekening 2020 19.817 64 162 387 75 136 1.099 635 22.375
In de loonkosten SW is rekening gehouden met een gemiddelde loonstijging van 2,12% (op basis van een gemiddelde van voorgaande jaren) en er is rekening gehouden met 5% krimp. In de kosten van het Begeleid Werken is ook rekening gehouden met 5% krimp. Bij het Beschut Werken verwachten we een groei in het aantal werkplekken. Overige bedrijfskosten In onderstaand overzicht worden de overige bedrijfskosten weergegeven.
(bedragen x € 1.000) Afschrijvingskosten Huisvestingskosten Indirecte productiekosten Beheerskosten Financiële kosten Totaal
Beleids begroting 2022 298 791 873 423 33 2.418
Beheers begroting 2021 298 768 919 432 49 2.466
Verschil Bgr '22 Bgr '21 23 -46 -9 -16 -48
Jaar rekening 2020 372 993 883 370 62 2.680
De afschrijvingskosten zijn gelijk gehouden aan 2021, omdat alleen in vervanging van middelen wordt geïnvesteerd. De indirecte productiekosten houden verband met de omzet welke met 5% daalt. Bij de beheerskosten is rekening gehouden met een kostenbesparing van 2%. Daarnaast verwacht Stark dat de energiekosten gaan stijgen.
19
Incidentele kosten In onderstaand overzicht zijn de incidentele kosten weergegeven.
(bedragen x € 1.000) Incidentele kosten Totaal
Beleids begroting 2022 50 50
Beheers begroting 2021 50 50
Verschil Bgr '22 Bgr '21 -
Jaar rekening 2020 34 34
In 2022 wordt een budget van 50 k€ aangehouden om incidentele kosten op te kunnen vangen.
4.3 Meerjarenbegroting 2022-2025 In onderstaand overzicht wordt de meerjarenbegroting weergegeven. Beleids begroting 2022
Beleids begroting 2023
Beleids begroting 2024
Beleids begroting 2025
(bedragen * € 1.000) Bruto omzet Overige opbrengsten Gemeentelijke bijdrage Beschut en vervoer Rijksbijdrage Incidentele baten Totaal Baten
7.642 50 1.051 17.862 0 26.604
7.367 0 1.186 17.331 0 25.885
7.069 0 1.317 16.729 0 25.115
6.760 0 1.466 16.066 0 24.292
Inkoopwaarde van de omzet Personeelskosten begeleidend personeel Personeelskosten SW & Beschut Werken Afschrijvingskosten Huisvestingskosten Indirecte productiekosten Beheerskosten Incidentele lasten Financiële lasten Totaal Lasten
735 4.197 21.237 298 791 873 423 50 33 28.637
699 4.022 20.569 548 377 829 415 50 84 27.593
664 4.052 19.915 548 388 788 407 50 75 26.886
630 4.063 19.276 548 400 749 398 50 68 26.183
Resultaat
-2.033
-1.708
-1.771
-1.891
Toelichting op de meerjarenbegroting In de meerjarenbegroting zijn de volgende ontwikkelingen afwijkend van de meerjarenbegroting van voorgaand begrotingsjaar: We hanteren het voorzichtigheidsprincipe in de meerjarenbegroting; In de huisvestingskosten en in de afschrijvingskosten is vanaf 2023 rekening gehouden met de aanschaf/bouw van een nieuw pand ter vervanging van de Dieselstraat 3 in Hoogeveen. Deze herhuisvesting brengt de nodige kostenbesparingen met zich mee; In de rijksbijdrage is ook vanaf 2023 rekening gehouden met een afwijking op de septembercirculaire als gevolg van een verwachte bijdrage in loon- en prijsontwikkeling. De afwijking op de septembercirculaire is respectievelijk,
20
3,33%, 3,60% en 2,99% ten opzichte van het voorgaande jaar. Waarbij compensatie ieder jaar naar verwachting lager wordt; In de personeelskosten is rekening gehouden met een jaarlijkse loonstijging. Hierbij is rekening gehouden met een jaarlijks gelijkblijvend gemiddeld percentage; De exploitatie van Stark wordt aangevuld met een gemeentelijke bijdrage van maximaal 2 m€. De rijksbijdrage is in de meerjarenbegroting ieder jaar steeds voorzichtiger begroot. De personeelskosten SW jaarlijks een gelijkblijvende prijsontwikkeling is begroot. Hierdoor ontstaat er een negatief effect op de exploitatie van Stark, met als effect een jaarlijkse stijging in de gemeentelijke bijdrage
Indien bovenstaande punten en de kostenbesparing op personeelskosten begeleidend personeel gehaald worden, ontstaat er vanaf 2023 een positieve ontwikkeling op de gemeentelijke bijdrage in de exploitatie van Stark.
21
5 Bijlagen 5.1 Meerjarenbegroting na gemeentelijke bijdrage exploitatie In onderstaand overzicht wordt de meerjarenbegroting uit paragraaf 4.3 weergegeven in een bedrijfsresultaat, exploitatieresultaat, subsidieresultaat en een resultaat na gemeentelijke bijdrage in de exploitatie en eventuele onttrekking uit de algemene bedrijfsreserve: Beleids begroting 2022
Beleids begroting 2023
Beleids begroting 2024
Beleids begroting 2025
7.642 -735 6.906 50 50 -4.197 -298 -791 -873 -423 -33 -6.615 342 -50 292 -21.237 17.862 1.051 -2.324 -2.033 2.000 33 0
7.367 -699 6.669 0 0 -4.022 -548 -377 -829 -415 -84 -6.276 393 -50 343 -20.569 17.331 1.186 -2.051 -1.708 1.708 0 0
7.069 -664 6.405 0 0 -4.052 -548 -388 -788 -407 -75 -6.257 148 -50 98 -19.915 16.729 1.317 -1.869 -1.771 1.771 0 0
6.760 -630 6.129 0 0 -4.063 -548 -400 -749 -398 -68 -6.226 -97 -50 -147 -19.276 16.066 1.466 -1.744 -1.891 1.891 0 0
(bedragen * € 1.000) Bruto omzet Inkoopwaarde van de omzet Brutomarge (a) Overige opbrengsten Overige opbrengsten (b) Personeelskosten begeleidend personeel Afschrijvingskosten Huisvestingskosten Indirecte productiekosten Beheerskosten Financiële lasten Overige bedrijfskosten (c) a+b+c Bedrijfsresultaat (d) Incidentele lasten (e) d+e Exploitatieresultaat (f) Personeelskosten SW & Beschut Werken Rijksbijdrage Gemeentelijke bijdrage Beschut en vervoer Subsidieresultaat (g) Resultaat voor bijdrage exploitatie (h) f+g Gemeentelijke bijdrage in exploitatie (i) Onttrekking algemene bedrijfsreserve (j) h+i+j Resultaat na bijdrage exploitatie (k)
5.2 Geprognosticeerde balans In onderstaand overzicht wordt de geprognosticeerde balans weergegeven: (bedragen * € 1.000) Vaste activa Vlottende activa Totaal Activa Eigen vermogen Voorzieningen Langlopende schulden Kortlopende schulden Totaal Passiva
Per 1-1- Per 31-12- Per 31-12- Per 31-12- Per 31-12- Per 31-12- Per 31-122020 2020 2021 2022 2023 2024 2025 3.192 2.893 3.030 3.030 12.780 12.530 12.280 1.945 2.615 1.943 1.943 1.943 1.943 1.943 5.137 5.508 4.973 4.973 14.723 14.473 14.223 1.505 0 1.558 2.074 5.137
2.402 0 1.005 2.101 5.508
1.642 0 819 2.512 4.973
1.609 0 633 2.731 4.973
1.609 0 10.477 2.637 14.723
1.609 0 10.076 2.788 14.473
1.609 0 9.746 2.868 14.223
In de geprognosticeerde balans zijn wij ervan uitgegaan dat het positieve resultaat van 2020 wordt gedoteerd aan de algemene reserve van Stark tot op het niveau van de reserve op 1 januari 2019 (de start van Stark). Vanaf 2023 hebben we rekening gehouden met de aanschaf van een nieuw pand welke we financieren middels een hypothecaire lening. 22
5.3 Overzicht gemeentelijke en rijksbijdragen 2022-2025 Algemeen De opdracht aan Stark is dat de deelnemende gemeenten niet meer dan maximaal 2 m€ aan gemeentelijke bijdragen per jaar betalen. De gemeentelijke bijdrage SW wordt bepaald aan de hand van het aantal Aja werkzaam bij Stark per gemeente. De bonuskorting bestaat uit 6% van de totale omzet die een gemeente besteedt bij Stark. In de bijdrage in onderstaande tabel is de bonuskorting verwerkt. Bijdragen in exploitatie 2022 In onderstaand overzicht wordt de berekening 2022 van de gemeentelijke bijdrage per gemeente weergegeven. Rijksbijdrage en gemeentelijke bijdrage
Aja 2022
Hoogeveen Midden-Drenthe De Wolden Totaal Overig (buitengemeenten) Totaal
438 97 31 566 62 628
Gemeente lijke bijdrage
€ € € €
1.547.703 342.756 109.541 2.000.000
Bonus per gemeente
€ € € €
-83.883 -116.490 -14.425 -214.798
Correctie bonus per gemeente € € € €
166.222 36.812 11.765 214.798
Gemeente Rijksbijdrage lijke bijdrage na correctie bonus € 1.630.042 € 17.861.538 € 263.077 € 106.880 € 2.000.000 €
19.861.538
Bijdrage in exploitatie meerjarenraming In onderstaand overzicht wordt de verdeling van de gemeentelijke bijdrage per jaar weergegeven. Gemeentelijke bijdrage Hoogeveen Midden-Drenthe De Wolden Totaal
€ € € €
2022 1.630.043 € 263.077 € 106.880 € 2.000.000 €
2023 1.399.087 € 216.114 € 92.847 € 1.708.048 €
2024 1.447.654 € 229.041 € 94.514 € 1.771.209 €
2025 1.534.657 254.032 102.736 1.891.425
23
5.4 Verdeling taakvelden Taakveld 0.4 Overhead Het onderstaande overzicht laat een weergave zien van het taakveld 0.4 Overhead. Beleids begroting 2022 355 50 0 405
Beheers begroting 2021 280 50 0 330
Inkoopwaarde van de omzet Personeelskosten begeleidend personeel Afschrijvingskosten Huisvestingskosten Indirecte productiekosten Beheerskosten Incidentele lasten Financiële lasten Resultaat deelneming Totaal Lasten
0 1.883 46 158 0 408 50 33 0 2.578
0 2.025 46 154 0 417 50 49 0 2.740
0 -143 0 5 0 -8 0 -16 0 -162
0 1.870 126 146 11 329 32 30 58 2.602
Resultaat
-2.173
-2.411
238
-2.434
(bedragen * € 1.000) Bruto omzet Overige opbrengsten Incidentele baten Totaal Baten
Verschil Bgr '22 - Realisatie Bgr '21 2020 75 118 0 50 0 0 75 168
Als overheadkosten zijn de kosten opgenomen die samenhangen met de sturing en ondersteuning van de medewerkers in het primaire proces. Brutomarge De brutomarge is een doorbelasting van werkzaamheden van de afdeling Finance aan de deelnemingen. Personeelskosten begeleiding overhead De afdeling Middelen, waaronder Directie, Finance, HRM, Kwaliteit, Administratie, Inkoop en Huisvesting. Daarnaast de managers van de diverse leerwerkafdelingen en de manager van de werkwinkel worden gerekend als overhead. Afschrijvingskosten Dit betreft met name de afschrijving van de gebouwen, daarnaast een gedeelte van de inrichting ten behoeve van de afdeling Middelen. Huisvestingskosten In totaal is 20% van de huisvesting ten behoeve van de overhead, hierbij is gekeken naar oppervlakte en naar kosten met betrekking tot de kantoren. Indirecte productiekosten Alle directe en indirecte productiekosten zijn ten behoeve van het primair proces. Beheerskosten Alle beheerskosten komen ten laste van de overhead.
24