CConstaterende datHoogeveen
Koppel je AI →
Document · PDF

Printversie transcript

Raadsavond 22 december 2022, gemeente Hoogeveen21.829 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Het beleid is onder andere gebaseerd op gesprekken met een klankbordgroep van werkgevers, uitzenders, en huisvesters. En ook de uitvoering van dit beleid is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van

gemeente, werkgevers, uitzenders, en huisvesters. Het tweede debatpunt van ons sluit hierop aan. In de tabel staat … In dit beleid staat een tabel met activiteiten die uitgevoerd gaan worden. De gemeente staat nu steeds als initiatiefnemer bij de activiteiten. En ja, wij vragen ons af of het woord regienemer het niet beter recht doet aan de uitvoering en de rol van de gemeente daarin. Dus dat is ons tweede debatpunt. Nog een kleine, klein derde debatpunt. In het beleidsstuk ontbreekt het in mijn beleving de definiëring van short-, midstay, en longstay, dus ik had het ook in de technische vragen gevraagd nog naar die definiëring. En ik zou mij kunnen voorstellen dat we dat ook opnemen in het beleid zodat het ook helder is voor nu voor de toekomst. Dus ik was ook even benieuwd wat de andere partijen daarvan vinden. Bedankt, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Bisschop. Gaan we verder met de heer Dekker. De heer Dekker: Ja, dank u wel voorzitter. Het grote aantal arbeidsmigranten en het belang voor de Hoogeveense economie maakt dat wij arbeidsmigranten goed willen huisvesten, zo lazen we in de stukken. Gelukkig stond er verderop ook dat we het als taak zien dat de arbeidsmigrant zich welkom en thuis voelt. En dat is wat de PvdA fractie betreft ook zeer van belang. Het gaat, het is niet alleen een economische maar vooral ook een humanitaire afweging.

Hoe, wat wil je zijn als gemeente? Wat voor beleid wil je voeren? Niet alles is in beeld nu, dat bleek ook uit de stukken. En van daaruit is het ook lastig uit een soort van nul situatie te reageren, en alles in één keer te regelen. En dat snappen wij ook. Onze fractie heeft daar ook zo naar gekeken. Wat ons betreft is dit dan ook een prima startpunt, deze nota. Kunnen we van hieruit verder kijken waar we tegenaan gaan lopen. Tussentijds bijsturen, in de gaten houden, of wat we nu beslissen of dat de goeie dingen zijn. En als dat niet zo is, ja dan kunnen we nog wat aan gaan passen. We hebben niet echt debatpunten, maar nog een paar opmerkingen, aandachtspunten zogezegd. Het is van het uitvoeringsniveau, maar de SNF-norm die genoemd wordt van tien of twaalf vierkante meter die nou afhankelijk van je definitie gehanteerd wordt, die lijkt inmiddels wat achterhaald als je kijkt naar wat het aanjaagteam onder leiding van Emile Roemer heeft gerapporteerd. Dus onze opmerking is: nou ja, sluiten we daar dan nog genoeg bij aan of is dat dan wel goed overwogen? Nou, verder een aantal dingen ook al door het CDA gezegd. Prima hoe wij meegenomen zijn als raad, en ook hoe er met stakeholders gesproken is. Opmerkingen over bestemmingsplan, en dat dat planschade op kan leveren, ja dat mag zo zijn. Onze opmerking is: natuurlijk moet je dat goed in kaart brengen en goed gaan afwegen.

Maar laat niet de kostenpost uiteindelijk per definitie het doorslaggevende argument zijn. Leefbaarheid en geschiktheid zijn minstens zo belangrijk. Gemeente, ja die moet faciliteren. Huisvesters en werkgevers dragen uiteindelijk de verantwoordelijkheid, staat er in het stuk. Dan komt er een convenant. Dat is hartstikke goed, dat dat convenant er komt. De rollen van de verschillende partijen worden daarin benoemd. Maar papier is gewillig, voorzitter, en ja wij verwachten ook wel dat er uiteindelijk als dat convenant er ligt, dat er ook wel een goeie check is, van pakt ieder ook zijn rol? En doet ieder ook wel wat afgesproken is? Dan nog een punt even over de afstemming. Kijk, wij vinden wel dat er goed verzorgd moet worden voor de arbeidsmigranten. En moet balans zijn in, nou ja het aantal mensen wat je hier kunt hebben, en het aantal mensen wat hier werkt. Maar daar staat ook van in: er moet afstemming komen met gemeentes om ons heen. En ja, dat stond er toch wel een beetje vrijblijvend. Wat ons betreft is dat wel een inspanningsverplichting die net wat verder gaat dan vrijblijvendheid, omdat wij natuurlijk wel de mensen goed willen huisvesten, maar ook echt wel wat willen doen voor de mensen die wij hier aan het werk hebben. Nou, het nachtregister zijn ook al technische vragen over gesteld.

En tot slot, omwonenden moeten worden geïnformeerd, communicatie ook tijdens de exploitatie. Bij nieuwe huisvestingsinitiatieven, lazen we, ligt het initiatief voor communicatie bij de huisvester. Verder zag je heel vaak dat dat bij de gemeente ligt. Gelet toch wel op de specifieke verantwoordelijkheid van de gemeente voor hoe wij samenleven, ik ga niet aan een kersttoespraak beginnen, maar van hoe wij samen leven is dat wat ons betreft toch wel even de vraag of dat nou de meest logische verdeling is. We hoeven daar niet over te

debatteren, het is een vraag die wij zo wel even in ons, nou die we zo even in het midden willen neerleggen. En nogmaals wat ik zei: wij kunnen prima met de nota uit de voeten, ga ermee aan de slag. Rapporteer waar je tegenaan loopt, en stuur bij indien nodig. Dat was het. De voorzitter: Dank u wel, heer Dekker. Ik hoor geen debatpunten, maar wel heel veel punten die mogelijk in het debat naar voren zouden kunnen komen, dus wellicht komen ze nog weer terug. Gaan we verder met de heer Kleine. De heer Kleine: Dank u wel, voorzitter. Ja, wat ons betreft staan hier eigenlijk helemaal niet zulke hele rare dingen in. Huisvestingsbeleid arbeidsmigranten. We hebben even gekeken naar de definitie die er gehanteerd wordt. En daar hadden we eigenlijk een vraag over, nog niet eens zozeer een debatpunt. Er staat in, en ik zal hem er ook even bij pakken. Dus, voor wie … even een duiding van het begrip arbeidsmigranten. Een arbeidsmigrant in Nederland is iemand die naar Nederland komt om te werken. Om even zeker te stellen dat we dus niet gaan faciliteren aan mensen die hier niet werken. Wordt hiermee bedoeld dat iemand dan ook werk heeft? Dat is eigenlijk even de concrete vraag, dus niet dat we een soort optie hebben dat iemand hier eventueel wel of niet werk kan vinden.

Een tweede zorg die we hadden, hè het was een beetje van nou ja, wordt dit dan niet een soort, omdat we het hier in Hoogeveen allemaal zo goed voor elkaar gaan maken, wordt dat dan niet een aantrekkingspunt voor allerlei arbeidsmigranten omdat hier maar te komen vestigen en elders te gaan werken? Maar dat punt wordt eigenlijk ook wel keurig in het document als risico ingeschat met het waterbedeffect, waarbij tachtig procent werkzaam moet zijn in de gemeente Hoogeveen. Nou ja, dan is tachtig procent een arbitrair getal, dus je kunt er ook honderd procent van maken, maar goed het feit dat er over na wordt gedacht, ja dat stelt ons ook wel enigszins gerust. Ja, en voor de rest wat hier in staat klinkt eigenlijk ook al vrij logisch. De mensen die hier in Nederland werken, ja of ze nou van buitenlandse komaf zijn of niet, maar als zij meedraaien met onze economie met onze samenleving, ja dan het recht op wonen, dat hebben zij natuurlijk niet meer of minder dan de mensen de autochtone bevolking, als je het dan toch in twee groepen zou willen splitsen. Dus dat recht, dat is natuurlijk impliciet als je hier mee komt draaien, dat je dat aan de ene kant zelf moet verdienen.

Maar dat die ruimte er moet zijn, en dat daar dan kennelijk beleid over moet komen, ja dat is dan het meest fundamentele hè, dus moet een overheid dan ingrijpen in het reguleren van huisvesting van werknemers van een bedrijf? Nou goed, dat debatpunt wil ik bij deze even laten vallen. Maar dat is iets waar wij dan zelf wel meespelen, en dat zou ook de afweging zijn of we hier dan wel of niet uiteindelijk in zullen meegaan. Dus een voorlopig standpunt hebben wij nog niet. De voorzitter: Dank u wel, de heer Kleine. Ik haal daaruit in ieder geval een vraag ook aan de wethouder hè, met betrekking tot definitie arbeidsmigranten. En een standpunt, of een debatpunt straks voor het ingrijpen van de overheid. De heer Kleine: Nee, dat debatpunt, dat laat ik vallen voorzitter. De voorzitter: Oké, nee. Dan gaan we verder met de heer van der Meer, GroenLinks. De heer Van der Meer: Voorzitter, dank u wel. Er is inmiddels al heel veel gezegd en daar sluiten we grotendeels ook bij aan. We zijn blij dat er nu een situatie is waarbij er beleid op tafel ligt waarmee we verder kunnen en vooruit kunnen kijken naar wat ongetwijfeld een uitvoeringsprogramma zal worden. Regulering is al genoemd als argument. Leefomstandigheden heb ik al voorbij horen komen, maar ik zou daarbij toch ook wel echt willen pleiten dat we oog blijven houden voor de leefomgeving van arbeidsmigranten.

We hebben het net gehad, en in het vorige debat over gezondheid en samenhang met een goede leefomgeving, die geldt dan ook voor mensen die voor de economie van Hoogeveen zo belangrijk zijn, en een waardevolle plaats

innemen binnen die economische situatie. Dus in die zin willen we daar toch wel de nadruk op blijven leggen dat dat zijn vorm krijgt in de uitvoering. Wat ons betreft geen debatpunten, en uit mijn reactie hoort u ook wel dat wij blij zijn met deze beleidsnotitie, en dat we die ook zullen steunen. We zien wel in de uitvoering nog een aantal punten voorbijkomen waarbij we in aansluiting ook wat ook de ChristenUnie naar voren bracht hè, als het gaat om registratie, ja waar begint hij, waar eindigt hij, en wat is uiteindelijk het doel van die registratie? En hoeveel belemmeringen leg je daarmee wel of niet mee op? Aan de andere kant hebben we uitvoerig met de wethouder gesproken ook over onze technische vragen, daar hebben we antwoord op gehad. Eén waar ik nog wat minder duidelijkheid over heb is: er staan in een van de tabellen, tabel twee, staan een groot aantal uitvoeringspunten voor 2022. En dat betekent of dat er geen kerstreces is, of dat er nog heel hard gewerkt moet worden, maar ik zou me voor kunnen stellen dat dat niet de bedoeling is. En ik zou ook de suggestie mee willen geven om dit vooral ook, nou ja op te nemen in de meerjarenplanning vanaf 2023. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, heer van der Meer. Gaan we verder met mevrouw Rutgers, D66. Mevrouw Rutgers: Dank u wel, voorzitter.

Bevreemd me wel dat ik de beurt krijgt, want ik had mijn hand nog helemaal niet opgestoken. En de heer Klok volgens mij een tijdje geleden al. Maar dat zal wel een één tweetje zijn waar ik niet van op de hoogte ben. De voorzitter: Dit is de eerste ronde, daar krijgt iedereen gelegenheid in om in drie minuten hun voorlopig standpunt bekend te maken. Argumenten daarvoor bekend te maken, en eventueel ook punten voor debat aan te gooien. Als je die niet heeft is het ook goed. Maar dan … Mevrouw Rutgers: Nee, ik heb zeker wel een verhaal. De voorzitter: Maar u krijgt het woord. Mevrouw Rutgers: Ik ken natuurlijk ook de werkwijze, en wij hebben maximaal drie minuten om ons verhaal te doen. En wij hebben in debattraining daar wel een aantal handvatten over meegekregen, hè wanneer wil je het woord en wanneer vraag je het woord? En op deze manier wordt het voeren van ook de eerste ronde van het debat niet helemaal conform die training gedaan. Dus daarvoor wil ik wel even aandacht vragen. Maar misschien kunt u dat meenemen naar het presidium. Dan terug naar het beleid. Ja, is dit een taak van de gemeente heb ik om mij heen wel gehoord. En ik moet zeggen dat ik daarvan denk: ja. Maar anderen zeggen: dit is toch een taak van werkgevers? Nou, volgens mij is het antwoord daar ook ja op.

Dit is een samenspel tussen enerzijds goed werkgeverschap vanuit werkgevers voor hun werknemers en zorgplicht voor alle inwoners in Hoogeveen vanuit de gemeente. Dus dat dat samenspel in deze notitie ook tot uiting komt, dat vinden wij heel positief. Wanneer je in verband met je werk in Hoogeveen moet wonen, of dit nou voor lange tijd is korte tijd, of je nou Nederlands staatsburger bent of niet, er is gewoon goede en veilige huisvesting nodig. En gezien een aantal voorvallen waaruit bleek dat werknemers dit niet hadden, lijkt het ons goed om hier actief beleid op te gaan maken. En dat wat er dus nu ligt, vinden wij goed. Niet alleen voor deze arbeidsmigranten, maar ook voor de leefomgeving in Hoogeveen. Wij zijn het dan ook eens met dit voorstel, en we zijn voornemens voor te stemmen en hebben geen punten voor debat, waar we graag met het CDA in gesprek gaan over het punt van de bospercelen. Dank u wel. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Rutgers. We gaan verder met de heer Schipper, SGP.

De heer Schipper: Dank u wel. Ja, ik kan niet zo heel veel meer toevoegen, want er wordt al heel veel gezegd. Wij zijn blij met het stuk wat voorligt, dat er inderdaad aandacht nu voor is, en dat er ook de arbeidsmensen die hier komen vanuit buiten, ook een goede plek kunnen krijgen. Aan de andere kant is het wel een uitdaging, want er zijn toch heel veel mensen die hier een eigen woning ook zoeken. Ik denk dat dat een stukje samenspel moet gaan zijn van dat het elkaar niet gaat verdringen. Ook de vraag: voor wie zijn die woningen straks, voor die mensen die hier komen? Is dat die hier in Hoogeveen werken, of buiten Hoogeveen werken? We zouden dat wel streng urgenter willen hebben misschien, in het geheel van, ja het woord tachtig procent is net ook al genoemd, tachtig procent wordt er genoemd. We kunnen niet zeggen: dat moet honderd procent zijn, dat zou ook niet kunnen. Maar dat we wel een soort intentie hebben om zo hoog mogelijk de mensen hier hebben die er ook werkelijk werken. Dat zouden we graag wel, ja toch als aandachtspunt willen hebben. En ik ben ook eigenlijk wel benieuwd wat de anderen daarvan vinden. Hoewel ‘…’ Een paar keer gehoord is. We vinden het echt goed, dat er goed gereguleerd wordt. De leefomstandigheden goed zijn, ook voor deze mensen. Dat is toch wel een aanfluiting hoe ze soms moeten leven, dat is echt intriest.

Maar ook door de leefomgeving is denk ik ook wel van belang. En ja, best wel … er worden inderdaad heel veel plekken aangewezen waar het kan en waar het niet kan. Ja, ik ben ook wel heel benieuwd hoe we daar over denken. Maar dat sluit aan bij een van de punten voor discussie, volgens mij. Dit was het. De voorzitter: Dat was het de heer Schipper, dan noteer ik toch een debatpunt, dat ze hier ook daadwerkelijk werken, dat is uw debatpunt hè, om daarmee in te spraken. Dan komen we bij de heer Klok, VVD. De heer Klok: Dank u wel, voorzitter. Allereerst als ik zo’n document lees, dan bekruipt mij een gevoel van trots. Trots op Hoogeveen, trots op onze industrie. Toch maar knap dat wij als zo’n gemeente zoveel industrie mogen huisvesten hier in onze gemeente. Het document wat voor ons ligt, dat doet ons goed. Dat ziet er goed uit, en daarmee complimenten naar het college en ook naar de ambtenaren. Wel hebben wij nog twee debatpunten, twee opmerkingen of aanmerkingen op het document. Allereerst gaat ons dat eerste debatpunt gaat over huisvesting op locatie. Voor zoals zoveel dingen, is hier niet één oplossing voor dit hele arbeidshuisvestingdocument. Daarom willen wij graag kijken naar meerdere opties. Wat ik mis in het document, is huisvesting op locatie bij of op industrie, of zelfs in de agrarische sector. In Hoogeveen zal dit met name in de industrie zitten.

Hier staat wel iets kort over vermeld op pagina 10, maar met veel mitsen en maren. Graag wil ik hier in de raad proeven of deze mening wordt gedeeld. Wat ons betreft kan door middel van wederkerigheid voor beide groepen dit zeer goed uitpakken. Arbeidsmigranten zijn dichtbij werk, bevordert veiligheid, kortere reistijden, en kwalitatief hoge mate van wonen door met de nieuwbouw flexwoningen. Anderzijds, voor de werkgever kun je snel opschakelen. Je weet als werkgever wat je in huis hebt, letterlijk, en goed doen zorgt ook voor wederkerigheid. Graag wil ik de raad en het college vragen hoe zij hierover denken. Ik heb gepeild bij verschillende stakeholders hierin, onder andere Ondernemend Hoogeveen, en zij voelen hier hetzelfde voor. Het andere debatpunt wat wij als VVD hebben is het debatpunt wat het CDA ook aankaartte, dat is het bospercelen. Ook hier hadden wij schriftelijke vragen over gesteld, en het was een hele speurtocht om te komen tot waar dat nou staat, en hoe dit tot stand is gekomen. En om eerlijk te zijn: ik heb er aantal wat uurtjes inzitten, maar ik ben er nog steeds niet helemaal uit. Waar ik wel uit ben, is dat het kaartje stamt uit de structuurvisie Hoogeveen 2.0 uit 2012. Dan is de structuurvisie 2.0, is weer gebaseerd op het visie landelijk gebied gemeente Hoogeveen uit 2004. 2004. Bijna 20 jaar geleden. Dat is nog voor de bankencrisis.

Ik ben ervan overtuigd dat u het met mij eens bent dat deze tijd waar wij nu in leven compleet andere vragen stelde dan nu. Helemaal op het gebied van huisvesting, in dit geval arbeidshuisvesting. In de geactualiseerde versie, waar wij nu op sturen, dus die versie uit 2012, is de groei van de gemeente qua inwonersaantal zelfs naar beneden aangepast. Ja, naar beneden. Dus een compleet andere wereld waar we hedendaags in leven. Dit document spreekt over arbeidszekerheden, dus het document uit 2012 spreekt over

arbeidszekerheden en realiseren van arbeidsplaatsen. Vragen die nu niet meer aan de orde zijn. Nu stellen we vragen zoals: waar halen we zo snel mogelijk werknemers vandaan? En hoe kunnen we die zo goed mogelijk binden? Ten eerste zou ik willen voorstellen dat wij als raad dit document nog eens onder de loep gaan nemen. Voldoet dit nog aan de hedendaagse uitdagingen? Maar dat is voor later. Voor nu: wij zijn van mening dat we niet op kaarten moeten sturen die gebaseerd zijn op 2004 met compleet andere uitgangspunten. In deze kaart valt te zien dat zoekgebieden nieuwe bospercelen een zeer groot oppervlakte heeft, wel dertig procent van heel de gemeente Hoogeveen. Wat ons betreft is dit voer voor discussie. Wij zien juist mogelijkheden om verduurzaming en vergroening hand in hand te laten gaan met huisvesting van elke soort groep inwoner, dus ook huisvesting van arbeidsmigranten. Voorstel van ons, ons debatpunt is: moeten wij dit kaartje weglaten uit de huisvesting arbeidsmigranten? Of moeten wij dit kaartje wijzigen naar de tijd van nu? Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Dank u wel, heer Klok. Dan maken we even de samenvatting van wat we opgehaald hebben in de eerste ronde. Dat zijn een aantal vragen voor het college en een aantal debatpunten.

Dat zijn onder andere de verdringing van huisvesting door de heer Van Dijk, en de registratie van de arbeidsmigranten in de basisregistratie. Dan de kaart, die is zowel bij het CDA als bij de VVD aan de orde geweest. Wat doen we daarmee, met die kaart is eigenlijk de vraag vanuit de VVD. Dan hebben we ook nog vanuit de VVD de huisvesting op locatie, de bospercelen, en … maar die ander, dat document van 2014, dat wilde u nu niet bespreken hè? Dat was voor andere orde hè? Ja. Oké. En dan hebben we nog voor, vanuit het CDA de tabel met activiteiten, was dat een debatpunt? Ja hè. Ja. En of ook als regienemer als gemeente moeten zijn of initiatiefnemer was ook een debatpunt. Hetzelfde tabel. Oké. Dan is eigenlijk de hoofdvraag: regienemer of initiatiefnemer? Ja. Dan gaan we voor de vragen naar het college. De heer Zwiers. De heer Zwiers: Even kijken of ik de vragen allemaal nog scherp heb, voorzitter. Ik ga toch nog gewoon even het rijtje af, en er was ook wat aandachtspunten denk ik, die op een gegeven moment misschien toch wel wat ook van mijn kant wat aandacht vragen. Maar ik wil toch wel even beginnen, allereerst met aan te geven dat dit ook echt een eerste stap is, die wij gaan maken. En geen voldragen beleid tot in de toekomst.

We hebben daar ook melding van gemaakt, dat we op een later moment daar nog weer op gaan terugkomen en dat we het ook gaan evalueren, om het daarna weer bij te stellen. En dat we deze tussenstap echt nodig hebben om te zorgen dat we juist die eerste stap kunnen maken. En dat gaat ook over alternatieven voor huisvesting van arbeidsmigranten die nu weliswaar onder slechte omstandigheden gehuisvest zijn, of niet op plekken waar wij het willen, maar dat ze wel gehuisvest zijn. En als we geen alternatief hebben, hebben ze helemaal geen dak meer boven hun hoofd, en dat kan ook niet de bedoeling zijn. Dus daar wil ik toch nog wel graag ook even op wijzen, en ja ook het uitbuiten en dergelijke hè, wat we echt willen tegengaan. Dat is echt wel een reden geweest om dit beleid te gaan opstellen samen met, nou ja het dan ook beheersbaar krijgen, want we hebben echt die beheersbaarheid nodig, en het inzicht nodig om ook straks een volgende stap überhaupt te kunnen maken. En dat betekent ook dat we moeten registreren. En dat betekent ook dat we wat mij betreft moeten gaan clusteren, en niet versnipperen. Dat we informatie moeten geven aan de arbeidsmigranten, en dat we ze moeten gaan begeleiden. En dat staat ook allemaal in deze, in dit beleid. Dat zijn de eerste stappen. Het gaat ook over, soms eerst over verleiden in plaats van dwingen. Hè, omdat we dat op dit moment nog amper kunnen.

Nou, een meerderheid van u concludeert in ieder geval ook dat we zonder de arbeidsmigranten in Hoogeveen niet kunnen. Hè en dat daar, ja dat de noodzaak er is, omdat anders een deel van onze economie stilligt. En het gaat er niet alleen omdat we bedrijven hiernaartoe moeten halen, het gaat er ook om dat onze eigen bedrijven moet kunnen groeien, moet kunnen overleven, om te zorgen dat zij zeg maar voor de toekomst hier werkgelegenheid kunnen bieden. Want kennis is soms niet meer aanwezig, is onze regio ontvlucht, maar dat moeten we wel weer hiernaartoe halen. En dat betekent ook dat het ook om bestaande

bedrijven gaat die op zoek zijn naar mensen. En ik heb daar vele voorbeelden van. Overlast voorkomen hebben we ook aandacht voor gehad denk ik in de volle breedte, om te kijken naar de wijken, om te kijken ook naar de bedrijventerreinen waar wel en waar niet. En wij hebben daar al wat initiatieven genomen. Of je nou daar initiatiefnemer of regie op moet nemen, kijk we zullen op een aantal zaken zullen wij misschien wel regisseur blijven. Maar er zullen ook een aantal zaken zijn, waarbij wij het initiatief nemen om het iets aan te jagen en te stimuleren. En vervolgens moeten wij weer loslaten, omdat wij het niet willen blijven doen. Maar we kunnen het wel aanjagen. En dat zal ook allemaal in het uitvoeringsprogramma in 2023, heer van der Meer, zal dat hopelijk goed tot uitdrukking komen. Dank overigens voor de tip, en ik hoop ook dat de raad daarin meegaat, zodat we niet tussen kerst en oud en nieuw door hoeven werken. Dan even naar de vragen. Even kijken dat ik dat zo terug kan zien. Ja, de zorgen over de registratie, die waren er. Maar goed, we moeten toch echt registreren. Daar moeten we een start mee maken. In het convenant waar ook over gesproken wordt, dat is er juist om die afspraken te bekrachtigen. Dat is er juist om ook in de toekomst die samenwerking te kunnen hebben.

En dat betekent ook dat bedrijven en ook huisvesters, maar ook uitzendorganisaties zich conformeren aan dat beleid, en ook blijven conformeren, ook aan de uitvoeringsagenda straks. En dat ze daar ook aan bij willen dragen. En gelukkig, moet ik zeggen, is de meerderheid van de organisaties, zijn dat betrouwbare organisaties. En die willen dit ook. Dat hebben wij ook gemerkt in de klankbordgroep. Even kijken. Gemeentebelangen had verder geen debatpunten. Het CDA, het kaartje. Nou, daar wilt u het straks in het debat nog over hebben, dus dat laat ik ook graag even aan u. Ik denk dat een kaartje niet leidend moet zijn. Het gaat over de locaties die wij uiteindelijk in bestemmingsplannen moeten gaan vastleggen, waar we iets wel en waar iets niet mag. Dat komt in de uitvoering nog terug. Het is indicatief, waar komt het vandaan? Ik heb de ‘…’ Bouwkundige nog even gevraagd die hier al wat langer werkt, en die geeft aan dat het met name in beginsel ook is ontstaan vanuit het landgoedregelingen, om het op die manier aan te vliegen en dat je in het buitengebied daar ruimte voor maakt. En daarnaast uit de bossenstrategie. En er is een nieuwe bossenstrategie vastgesteld, ook recentelijk nog. En hij heeft mij ook verzekerd dat het kaartje wat er nu ligt, als het gaat om die strategie ook nog steeds actueel is.

En dan mag het kaartje wel uit 2004 komen, maar het kaartje kan best nog actueel zijn. Dat zegt niets over de ouderdom van het kaartje dus. Dan een definitie van short stay, om dat mee te nemen in dit document. Ja, dat zou ik inderdaad ook prevaleren dat we dat wel gaan doen, en dat lijkt me ook goed dat dat nog goed duidelijk wordt opgeschreven. PvdA deelt vooral een aantal aandachtspunten. De planschade is even genoemd, nou dat heeft zijn beloop via de bestemmingsplannen. De SNF-normen. Ja, die hebben wij benoemd, maar we gaan ook liefst nog wat hoger zitten. Maar het is echt het minimum als het om die SNF-norm gaat. Daar willen we ook op toezien. Daar komt het convenant nog even aan de orde, heb ik het al over gehad. De afstemming met de gemeenten om ons heen. Ja, ik denk dat dat echt belangrijk is dat we dat doen. Daar zijn een aantal gemeenten ook ten noorden van ons maar ook ten oosten van ons, die hebben daar al goed beleid voor liggen. En die hebben dat ook al vastgesteld. Maar goed, het kan ook zijn dat er in Coevorden mensen zeg maar gehuisvest worden die in Hoogeveen gaan werken omdat dat net over de grens is, of die van baan wisselen door de uitzendorganisatie, ja daar kunnen we niet helemaal naar een honderd procent. Maar dat we de intentie hebben om daar zoveel mogelijk zeg maar mensen die hier wonen, dat die ook in Hoogeveen werken. Dat vind ik op zich prima.

Maar het blijft ook wel bij die intentie. En de tachtig procent, wat de heer Kleine ook zei, die is arbitrair. Ja, of iemand dan ook echt werkt hier. Ja, de uitzendorganisaties die werven de arbeidsmigranten over het algemeen. En dat betekent dat ze hiernaar toekomen omdat er behoefte is. En dat betekent ook dat ze hier gaan werken en ook het salaris ontvangen, hetzij van een werkgever, hetzij van een uitzendorganisatie. Maar ja, daar moet wel gewerkt worden. En bovendien heeft een arbeidsmigranten ook hier kosten. Dus ze moeten wel iets doen om aan de kost te komen en om geld over te houden. Nou, de leefomgeving. De heer van der Meer aangeeft dat, ja dat zou ik niet bestrijden dat is natuurlijk ook van groot belang. Ook daar de registratie nog even, nou daar heb ik net al even op geanticipeerd dat dat ook echt strikt noodzakelijk is. De heer

Schipper die geeft aan dat er ook het liefst binnen de gemeente Coevorden gewerkt moet worden. Nou, daar heb ik het ook al over gehad. Oh nee, ik heb hier een voorbeeld van Coevorden opgeschreven, dat die mensen in Hoogeveen werken, dus excuses daarvoor. Dan de heer Klok, debatpunt huisvesting op locatie. En geeft daar ook bij aan de kortere reistijden, en splitsing tussen werkgever en werknemer vind ik wel een groot goed. Dat vind ik ook dat we daar paal en perk aan te stellen, dat niet een werkgever ook de huisvester kan zijn. Daar gaat ook het rapport van Roemer over. Juist die splitsing, en als wij hier in dit gebied naar de geschiedenis kijken, dan weten wij volgens mij maar al te goed wat het betekent vanuit het veenkoloniale deel van ons gebied, wat het betekent dat er grootgrondbezitters zijn, en dat er bedrijfswoningen zijn, en dat er gedwongen winkelnering is. Nou, daar willen wij toch hopelijk niet naar terug. Dan, ja die huisvesting op locatie zegt ook iets over de mogelijke versnippering die ik daarin voorzie. En die versnippering, die willen we juist niet. Want die hebben we nu, en die willen we juist door middel van dit beleid graag oplossen. En dat betekent dat wij vooralsnog zeggen: we gaan die bouw vooral clusteren. En dat betekent dat we er ook meer zicht op krijgen, dat we het ook beter handhaafbaar krijgen.

En dat is denk ik voor die eerste stap juist heel erg belangrijk, dat we dat doen. Nou volgens mij, bosperceel heb ik al iets over gezegd, en dan heb ik volgens mij alles gehad, voorzitter. De voorzitter: Ja, mijnheer Zwiers, u bent zeer uitgebreid in uw beantwoording geweest. Ik denk dat ik eerst even een rondje moet maken om te kijken of er punten voor debat kunnen afvallen, want u hebt een aantal antwoorden gegeven die mogelijk tot inzicht leiden dat debat niet meer nodig is. Ik maak even, ik begin even bij de heer Kleine, die heeft zijn hand opgestoken. De heer Kleine: Ja ik, dank u wel voorzitter. Ik had eigenlijk een vraag over het proces. Mag ik nu ook nog een aanvullende vraag stellen op de uitleg die de heer Zwiers geeft, of is dat punt nu afgesloten en gaan we verder met de volgende processtap? De voorzitter: Nee hoor, u mag een verhelderingsvraag stellen. De heer Kleine: Top, dank u. Ja, dan heb ik een vraag over het faciliteren van die, bijvoorbeeld die 650 woningen wordt dan in dit rapport genoemd. Wordt daar dan mee benoemd: wij gaan niet in de weg lopen als gemeente, dus bedrijfsgebouwen mogen bijvoorbeeld omgebouwd worden naar woningen of naar kamers? Of is het een stap verder en zeggen we: en we gaan het ook financieel mogelijk maken. Dus een soort subsidietraject starten voor het ombouwen van die gebouwen? De voorzitter: De heer Zwiers.

De heer Zwiers: Nou, als gemeente hebben we daar geen regeling om die woningbouw te financieren, dus het is echt een opdracht voor de werkgevers om dat te doen. En wij faciliteren zeg maar wel dat het mogelijk wordt. Het is zelfs zo dat wij daar ook een anterieure overeenkomst voor gaan afsluiten zodat wij ook goed uit de kosten komen, want uiteindelijk ja zijn wij de faciliterende overheid in dit geval, en niet … Het gaat ons niet op de winst, maar het gaat ons ook zeker niet om het verlies. De voorzitter: Goed, dan kijk ik nog even rond of er nog debatpunten kunnen vervallen. De heer Schipper. De heer Schipper: Ik denk de toezegging van de wethouder van maximaal proberen de mensen hier te laten kopen die hier ook werken, dat dat voldoende is. Misschien dat er nog in het stuk wat duidelijker omschreven zou kunnen worden, maar wat mij betreft is het duidelijk geweest.

De voorzitter: Anderen? Mevrouw Bisschop. Mevrouw Bisschop: Oké. Als ik de wethouder goed begrijp, dan is hij het met CDA eens om de definiëring van de short- de midstay en de longstay op te nemen in het beleidsdocument, dus dan kan dat wat mij betreft ook als agendapunt, debatpunt verwijderd worden. De voorzitter: Anderen nog? Niets. Dan blijven er nog een paar debatpunten over. Dat is onder andere de verdringing op de huizenmarkt van de heer Van Dijk. De heer Van Dijk: Dank voor het woord, voorzitter. Ja, ik bedoelde hem iets anders. Mijn punt was meer: als we weten dat we te maken hebben met een tekort aan huisvesting in Hoogeveen, we weten ook dat bijvoorbeeld vakantieparken, hè dat daar minder permanente bewoning mag plaatsvinden vanuit dat programma vitale vakantiepark. Ja, in hoeverre moeten we dan nog blijven streven naar het aantrekken van nieuwe bedrijven in Hoogeveen die ook weer extra vraag zullen hebben naar arbeidsmigranten? En als ik dan de wethouder hoorde dat ook bestaande bedrijven in Hoogeveen waarschijnlijk ook verder willen groeien, wat weer leidt tot extra vraag naar arbeidsmigranten, blijft mijn debatpunt daarom ook staan. Hij is iets anders dan u hem het verwoordde. De voorzitter: Nee, de verheldering is prima. Dus wat mij betreft gaan we ook direct daarover in debat. Wie wil daarop reageren? De heer Klok, VVD. De heer Klok: Ja, dank u wel voorzitter.

Onze mening hierin is: weet je, we moeten zeker bedrijvigheid verleiden voor Hoogeveen. Maar wel bedrijvigheid die een toegevoegde waarde heeft voor Hoogeveen. En dat kunnen wij, althans dat kan het college kan dat zeer goed toetsen, dat heeft ze ook laten zien dat dat de afgelopen tijd gebeurd is. Maar ook juist daarin voorziet dit document wat voorligt, voorziet daar juist in. Het gaat juist om clusteren van arbeidsmigranten, en juist op industriegebieden. En je zou daar zelfs over na kunnen denken om dat te doen op locatie van bedrijven, maar daar kom ik zo nog op. Dank u wel. De voorzitter: Anderen nog op dit punt? Niet, dan gaan we naar het volgende debatpunt. De heer Kleine wil nog reageren. De heer Kleine: Ik was nog wel benieuwd naar het standpunt van de heer Van Dijk zelf. De voorzitter: De heer Van Dijk? De heer Van Dijk: Nou ja, ik denk dat, of ik moet zeggen: de ChristenUnie denkt wel dat we in de toekomst wel iets voorzichtiger hierin zouden moeten gaan worden, want ik ben het helemaal eens met de heer Klok: goede bedrijvigheid is goed, als het toegevoegde waarde heeft voor Hoogeveen. Je zou zelfs kunnen zeggen: als een bedrijf zichzelf overeind houdt volgens de wet- en regelgeving, is het al bestaansrecht op zich.

Alleen ik denk dat we juist omdat we het hier vanavond hebben over het huisvesten van arbeidsmigranten, en de spanningen die daar ook omheen zijn hè voor wat betreft het mogelijk maken. Dat het best wel goed is om hier iets voorzichtiger naar te gaan kijken. En als er een bedrijf is wat zich graag hier wil vestigen, dat we dan ook de effecten op de huisvesting daarin gaan meewegen. De voorzitter: Mevrouw Rutgers, D66.

Mevrouw Rutgers: Ja, ik vroeg me af in hoeverre dit een speculatief punt is of dat er voorbeelden zijn van bedrijven die hier zijn gekomen waarbij dit een probleem heeft opgeleverd? Want ik kan me juist voorstellen dat het ook speelt, of dat het speelt bij bedrijven die hier al heel lang zijn, en dus bestaansrecht hebben, en nu meer en meer gebruik moeten maken wellicht ook gezien de tekorten op de arbeidsmarkt van arbeidsmigranten. Dus ja, is het speculatief of zijn er concrete voorbeelden en aanwijzingen? De voorzitter: De heer van Dijk. De heer Van Dijk: Dank voor het woord. Nee het is toch wel vooral speculatief, ook omdat deze uitkomst niet per se meteen invloed zal hebben of wij gaan instemmen ja of nee. Wij zijn ook meer even benieuwd om hier de stemming te peilen wat betreft dit onderwerp, omdat we op andere momenten ook wel weer over het aantrekken van nieuwe bedrijven gaan spreken. Dus dat was even mijn achtergrond. De voorzitter: De heer van der Meer, GroenLinks.

De heer van der Meer: Ja, een korte reactie dan toch op de heer van Dijk: in die zin denk ik wel, van dat je kritisch kijkt naar wat zich vestigt, en hoe je daar met de beschikbare arbeidsplaatsen om gaat is één, twee is en volgens mij ook nog aanstaande een zeer uitgebreide woonvisie, waarbij je rekening zou kunnen houden met groei en krimp, net wat er aan de orde is, waardoor je hier ook een vooruitziende blik creëert zeg maar, als je verwacht dat er in toenemende mate gebruik gemaakt zal moeten worden van de inzet van arbeidsmigranten. De voorzitter: De heer van Dijk, u heeft voldoende input gekregen om de stemming te peilen. De heer Van Dijk: Zeker, dank. De voorzitter: Dan gaan … de heer Zwiers op de achtergrond heeft het handje omhoog. Wellicht heeft hij een zinvolle toevoeging. De heer Zwiers: Nou, dat is nog maar de vraag natuurlijk, voorzitter. Nou, ik wil in ieder geval de heer van Dijk in ieder geval complimenteren met de manier waarop hij meedenkt, maar ook nuanceert daarin. Ik denk dat we altijd rekening moeten houden met ons huisvestingsbeleid in combinatie met werk. En ook de mogelijkheden om het goede personeel hier ook op te leiden. En dat doen we ook in samenspraak met onze onderwijsinstellingen hier.

En daarnaast mocht ik gister de woondeal zeg maar mede ondertekenen met minister de Jonge, die ook ons aangaf dat als het om wonen gaat, de streven is gericht op het noorden en het oosten, en dat we niet allemaal op een kluitje kunnen wonen in het westen. Dat waren zijn letterlijke woorden. Dat betekent dat daar misschien ook nog wel kansen zitten, dat wij toch wat kennis en kunde en handjes deze kant op kunnen krijgen, maar dat hangt wel samen met wat de heer van der Meer zegt: het anticiperen via de woonvisie. En volgens mij doen we dat daar ook in, in de conceptvisie heeft u dat al kunnen lezen, en we maken ook de zinspeling wel in ons beleidsplan dat we dat op die manier ook doen. Hè, we kijken ook al verder naar voren dan die 650, en wat er dan daarna nog komt, daar verwachten we ook al van, dat het nog wel eens te weinig kan zijn. Maar dat evalueren we over een jaar of twee, drie. De voorzitter: Dank u wel, heer Zwiers. Voldoende. Dan had mijnheer Van Dijk nog een punt voor debat, dat was de basisregistratie met betrekking tot arbeidsmigranten. Leidt hem maar in.

De heer Van Dijk: Bedankt voor het woord voorzitter. We hebben het hier over een wat meer algemene beleidsnota vanavond, en als je het hebt over een onderwerp als registratie, is dat toch wel iets meer de uitvoering. Daar ben ik me van bewust met het inbrengen van dit debatpunt. Tegelijkertijd, bij het lezen van de nota, en ik hoor het de wethouder net ook zeggen, is registratie echt wel een sleutel. Cruciaal, zou je kunnen zeggen. Want als we het hebben over: wie zijn de arbeidsmigranten? Waar werken ze? Waar wonen ze? Hè, dat zijn vragen waar je het antwoord op nodig hebt als je, nou, het woonbeleid wil beheersen. Dan begint dat bij de registratie, en daarom breng ik hem hier toch in, ook al is dat wat meer de uitvoering. Ik wil ook graag beginnen met een positief punt, wat ik lees in de nota, om het niet alleen maar negatief te laten zijn voor wat betreft dit punt. En dat is het punt dat de gemeente meer zicht wil krijgen op registratie door gebruik te maken van het koppelen van verschillende bronnen, hè de basisregistratie personen en andere informatiebronnen. Wat verder dan zou kunnen helpen, dat wordt daar dan vervolgens bij genoemd, is dat je een arbeidsimmigrant, als je aan hem of haar de vraag stelt om zich in te schrijven in de basisregistratie, dat dat een voorwaarde is om op een nieuw op te richten woonlocatie te mogen gaan wonen.

Want uiteindelijk is registratie een vrijwillige keus van een arbeidsmigrant, en hiermee verleid je hem of haar om dat te doen. Tegelijkertijd is dit ook een pilot, dus kunnen we hier niet enorme effecten van verwachten de komende jaren, terwijl we wel graag wat effect willen gaan zien. Een ander punt wat ik dan lees is het verplichte nachtregister, om ja, als ander instrument om wat meer zicht te krijgen op wie en waar zijn onze arbeidsmigranten als medewerkers? Dan zie ik dat de collega van GroenLinks een vraag heeft gesteld, waarop dan een antwoord volgt wat mij toch een beetje aan een cirkelredenatie doet denken. De vraag was: hoe gaat de gemeente dan handhaven, op nou ja eigenlijk nu de volledigheid van zo’n nachtregister. Met andere woorden: hoeveel heb je aan de informatie? En daar komt dat het antwoord op dat de gemeente aanleiding ziet om te handhaven, als er signalen zijn dat er meer mensen op een locatie wonen dan er staan ingeschreven. Ja, daar kom ik niet helemaal uit, hoe dat dan kan helpen bij de registratiegraad. Een ander punt is … De voorzitter: Mijnheer van Dijk, ik onderbreek u even. Er zitten meer mensen aan tafel die mogelijk ook wat willen zeggen. Stel uw vraag aan de collega’s aan tafel om het debat op gang te brengen. De heer Van Dijk: Ik kan hem snel afmaken.

Een ander punt, maar die kan ik verkeerd begrepen hebben, maar dat is dat toeristenbelasting heffen helpt als manier om de registratiegraad te verhogen. Dan moet je wel even weten waar je toeristenbelasting moet heffen om dat ook te kunnen doen. Dus mijn vraag is dan een beetje: wat blijft er dan nog over van de plannen om de registratiegraad te verhogen? Daar ben ik benieuwd naar, hoe de collega’s daarover denken. De voorzitter: Wie wil daarop reageren? Mevrouw Rutgers van D66. Mevrouw Rutgers: Ja. Ik snap wel het punt, alleen ik denk wel: dit gaat heel erg over de uitvoering. En volgens mij gaan wij daar niet over. Dus het college heeft in dit voorstel opgeschreven dat dit aandachtspunten zijn, en nou, blijkbaar herkent u dat. Dus laten we dan zeggen: succes ermee in het uitvoeringsprogramma. Want dat is waar het thuishoort. De voorzitter: Mevrouw Bisschop, CDA. Mevrouw Bisschop: Ja, wij sluiten ons aan bij wat mevrouw Rutgers zei. Ook wij hebben het er in de fractie wel even over gehad, ook wij hebben er technische vragen over gesteld, inderdaad dat hoort heel duidelijk bij de uitvoering en ik denk dat we wat dat betreft het vertrouwen moeten geven aan het college dat dat op een correcte manier wordt uitgevoerd.

De voorzitter: De heer van Dijk, ChristenUnie. De heer Van Dijk: Ja, bedankt voor het woord. Ik zou dan nog wel benieuwd zijn hoe u daar tegenaan kijkt om de tekst voor wat betreft de registratie, om die iets algemener en iets korter op te nemen, zodat we beleid ook echt bij beleid laten en uitvoering ook echt bij uitvoering. Want ik vind het nu een beetje een schemerzone waar ik allerlei vragen bij heb, en daardoor kunnen we de splitsing wat duidelijker maken. Dus daar ben ik nog wel even benieuwd naar. De voorzitter: De heer Dekker, PvdA. De heer Dekker: Ja, ik vind de tekst zoals u die nu formuleert een beetje een schemerzone, zeg maar. Dus ik zou zeggen: ja, als er een concreet voorstel is, kom daarmee, dan kijken we er dan naar, maar ik kan daar nu niet zo even ad hoc wat van vinden nog. De voorzitter: Voldoende op dit debatpunt? Dan gaan we naar het volgende debatpunt, en die is van de heer Klok van VVD: huisvesting op locatie, wellicht kunt u daar even nader inleiden. De heer Klok: Ja, dank u wel voorzitter. Ik heb eigenlijk in het eerste blokje al een groot deel van de inleiding gedaan. Maar waar het mij concreet over gaat, is dat wij de mogelijkheid stellen aan, in Hoogeveen is het met name industrie, maar het kan bijvoorbeeld ook agrarische sector zijn, om huisvesting op locatie, om dat mogelijk te maken.

Dat gebeurt in verschillende gemeentes al, en dat werkt zeer positief. Wat belangrijk is, is de scheiding tussen werkgever en werknemer hierin, maar ook daarin kan bijvoorbeeld een uitzendbureau, of een ander bureau, kan daar prima in voorzien. Dat gebeurt. Dan, het college heeft hier net op gereageerd, en dan komt bij mij wel weer wat vragen naar voren. Zeg maar, we willen het aantal clusters verminderen. Dat begrijp ik, helemaal hier in het centrum zie je verschillende clusters van arbeidsmigranten, en dat zien wij als zeer onwenselijk. Maar hoeveel clusters wil de gemeente dan? Hoe groot moet een cluster minimaal zijn? Want ik kan me voorstellen dat bij grote industrie in Hoogeveen best veel mogelijk is om daar een groot cluster te maken. Bij wat kleinere industrie zou die cluster wat kleiner zijn. Maar dat zien wij niet als een drempel om dit wel of niet te doen. Ook spreekt de wethouder over, ja dit document is een eerste stap. Nou, dat onderstrepen wij. Maar laat die stap dan wel de goeie kant op zijn. En wij zien dit als een stap de goeie richting op. Dus tot zover eigenlijk. En dus mijn vraag aan mijn collega raadsleden is: voor jullie er wat voor om hier het document licht op aan te passen dat wij huisvesting op locatie toestaan? Hij wordt nu ook wel toegestaan in het document, maar wat ik zoals ik in mijn eerste blokje vertelde, met heel veel mitsen en maren.

En het liefst draai ik het om: we staan het toe, maar met inachtneming van de volgende punten. Dus ik, het is een kleine aanpassing, maar die details kunnen soms grote gevolgen hebben. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: De heer van der Meer, GroenLinks. De heer Van der Meer: Ja, dit daagt wel uit tot een reactie, moet ik zeggen. En ik ben het hier ook volstrekt mee oneens. Het kan niet zo zijn dat we hè, en in die zin raakten de woorden van de wethouder wel, in de zin van: hé, gaan we nu zo ver terug in de tijd dat we weer komen in de situatie van de verveender, met zijn arbeiders, en iedereen moet maar op locatie wonen? En wat is nou de reden om juist voor arbeidsmigranten deze bepaling op te willen nemen, terwijl we dat bij gewoon werkgevers en werknemers niet doen. Als we het in de nota hebben over inclusie, over integratie, over welkom zijn, over … dan hoort dit hier niet bij wat GroenLinks betreft. De voorzitter: Mevrouw Bisschop, CDA.

Mevrouw Bisschop: Nou, in tegenstelling tot de heer van der Meer riepen de woorden van het veenkoloniale verleden, ik kom er bijna niet eens uit, wat andere gevoelens bij me op. Ik heb zoiets van: we leven in 2022, bijna 2023, dus volgens mij hebben we wat geleerd van het verleden en kunnen we daar best op een andere manier mee omgaan. Ik zou het best mee terug willen nemen naar de fractie om het daarover te hebben. Ik, ja het CDA heeft al vaker gezegd: we kunnen soms ook best dingen overlaten aan mensen die dat zelf op een goeie manier kunnen regelen. Dus wij staan er op dit moment nog niet onwelwillend denk ik tegenover. Maar ik wil het wel graag even in de fractie bespreken. De voorzitter: De heer Dekker, ik kom zo bij u. Eerst even naar de heer Klok, die even wil reageren. De heer Klok: Ja, dank u wel voorzitter. En wat de heer van der Meer van GroenLinks zegt, dat onderstrepen wij ook, en daar moeten wij ook voor waken. Dus vandaar dat ik ook oproep dat er een duidelijke scheiding moet zijn tussen werkgever en nemer. Wat ik echter mogelijk wil maken, is dat we omdat de ruimte schaars is, dat we het mogelijk gaan maken dat het wel op die locatie kan.

En dat er tussen die werkgever en werknemer, tussen dat lijntje, dat daar nog wat tussen komt, ja dat moet duidelijk zijn, daar moeten wij ook het … Daar moeten wij ook het document dat Roemer heeft opgesteld volgen, dat heeft de wethouder ook gezegd en onderstrepen wij ook. Echter, maar dat is het punt niet. Wat wij willen, wat wij zouden willen voorstellen is om juist die arbeidshuisvesting mogelijk maken op een locatie van industrie. Dus nou ja, je kan genoeg voorbeelden bedenken in Hoogeveen. En het mooie is: het gebeurt ook al in andere gemeentes, en wat er in die gemeentes gebeurt is dat het een zeer positieve uitwerking heeft. Dus het is hier niet iets uit de lucht gegrepen, maar het komt, het voorstel komt uit praktijkvoorbeelden. Dank u wel. De voorzitter: De heer Dekker, PvdA. De heer Dekker: Natuurlijk willen wij ook best in de fractie het hebben over serieuze voorstellen, maar de eerste reactie is toch wel dat wij wat meer aan de kant van de heer van der Meer van GroenLinks zitten, dat wij er niet direct bij staan te juichen. En ja, als je dan hebt over die commissie Roemer bijvoorbeeld, die noemde ook echt nadrukkelijk dat je arbeidscontracten en huurcontracten ook echt moet ontkoppelen, hè, dat je juist ook helemaal niet meer moet zorgen dat die binding er is tussen de huisvester en, nou ja degene waar je werkt.

Dus zorgen daarover, als het wat dat betreft die kant opgaat, maar als u met een heel ingenieus voorstel komt waarin het toch mogelijk is, ja wij willen er wel naar kijken, maar wij hebben daar grote zorgen over. De voorzitter: Eerst de heer van der Meer van GroenLinks. De heer Van der Meer: Ja, toch nog een reactie op de heer Klok hè, want of er nou wel of niet een tussenschakel tussen zit vind ik eerlijk gezegd niet zo interessant. Het gaat me erom dat je ook een gezonde scheiding hebt van je werkplek en je woonplek. Waarbij die woonplek niet verstoord wordt door vrachtwagens die ‘s nachts laden en lossen, door heftrucks die rondrijden, weet ik veel wat. Dus daar zou ik echt heel voorzichtig mee willen zijn, en vooral pleiten om dat niet te doen. Als reactie op mevrouw Bisschop, het gaat er me niet omdat we niet leren uit het verleden, maar we hoeven ook niet te proberen dat in een betere versie terug te krijgen wat mij betreft. De situatie als je zo afhankelijk bent hè, als gesteld binnen de nota, van arbeidsmigranten om de economie in Hoogeveen draaiende te houden, dan verdienen ze beter dan dit. De voorzitter: De heer van Dijk, ChristenUnie.

De heer Van Dijk: Ja, ik heb toch nog even iets meer beeld nodig bij uw voorstel om het goed in de fractie terug te kunnen leggen. Huisvesting op industrieterrein, daar kun je onder verstaan bij wijze van spreken vijf kilometer bij de werkgever vandaan, maar ook op het terrein van de werkgever zelf hè, dat zijn twee behoorlijk verschillende situaties. Welke van die twee doelt u dan vooral op? De heer Klok: Dank u wel, voorzitter, of nou dank u wel voorzitter … De voorzitter: De heer Klok. De heer Klok: Ik nam het woord zelf al. ik denk ik doe het even voor. Ik help een beetje. De voorzitter: Gaat uw gang, heer Klok. De heer Klok: Nee, want ik bedoel, wat ik zeg maar … in het document wordt al veel geschreven over huisvesting juist op de industriegebieden. Dus volgens mij, als wij hiervoor gaan stemmen als ik hier zo’n beetje hoor wat er leeft, is dat het punt niet. Wat ik bedoel is daar werkelijk op die locatie. En ook nog als reactie op de heer van der Meer van GroenLinks: het is heel goed gedacht vanuit die werknemer, het beste voor die werknemer, en dat is ook zeer belangrijk. En dat is ook één van de grondbeginselen wat wij hier in Nederland hebben, sinds … en dat gaat niet zo ver terug tot het veenkoloniale verleden, zo nou heb ik hetzelfde probleem.

Nee maar, zelf heb ik dagelijks te maken met dit vraagstuk, en wat wij horen is juist van die werknemers dat zij hier ook naar vragen. Want wat nu vaak gebeurt is dat er best wel een behoorlijke reistijd is, en dat vergat ik nog net te zeggen, maar het gaat ons met name om de arbeidsmigranten voor de shortstay tot midstay. Dus die hier maximaal voor een jaar zijn. Hè die arbeidsmigranten die komen hier maar voor één doel, dat is geld verdienen en zoveel mogelijk werken. En die arbeidsmigranten, die hebben niet per se de behoefte om helemaal mee te draaien in het sociale leven, want die zijn hier vaak maar voor een half jaartje en dan gaan ze weer terug naar hun huis. Dus om, voor die werknemers, die daarin een short stay zitten, om het voor hun zo makkelijk mogelijk te maken om juist die veiligheid voorop te stellen voor die werknemers, dat zij niet ‘s nachts over de weg moeten helemaal een uur lang rijden. Daarom willen wij juist dit verwezenlijken. Juist onder andere voor die werknemers, voor die veiligheid van die werknemers. Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Ik voel een amendement aankomen maar de heer Kleine wilde ook nog even reageren, Forum voor Democratie. De heer Kleine: Ja, dank u wel voorzitter. Ik was nog even benieuwd naar wat dan het risico is als een werkgever dan zorgt voor woningen, en wanneer een werkgever dat dan niet doet.

Waar zit hem dat dan in? Er wordt verwezen naar het verre verleden, daar is kennelijk iets misgegaan, maar wat is dan … want je zou kunnen pleiten, ik weet het antwoord niet hoor, maar je zou ook kunnen pleiten: de werkgever treft er belang bij dat zijn personeel ja fit is, gezond is, een beetje vermaak heeft, dus energie kan opdoen buiten het werk. Je zou hem ook andersom, kun je hem zo redeneren, door te zeggen: nou ja, dat is een prima taak voor de werkgever. De voorzitter: Ik kom zo bij u, heer Klok. We gaan eerst even naar de heer Zwiers, die had zijn hand al een tijdje omhoog. De heer Zwiers: Ja, ik denk dat in het rapport Roemer daar echt veelvuldig over gesproken wordt dat je niet als werkgever de macht moet hebben over de werknemer vanwege huisvesting. En dat betekent dat als die, ja

niet voldoende zeg maar zijn best doet, dat die ook uit zijn huis moet. En dat soort situaties, ja daar willen we toch niet naartoe. Ik denk dat dat echt een paard achter de wagen is. Ik denk ook dat, ja je risico loopt wanneer je datzelfde doet gewoon op het terrein bij een bedrijf. Want ook dan is er iemand waarbij die medewerker in dienst is, of dat nou een uitzendbureau is of het bedrijf zelf, er is altijd een arbeidsverhouding. Dus die zal er zijn. En dat betekent ook op het moment dat hij op die plek waar hij werkt zeg maar niet meer gewenst is, dat hij daar dan ook weg moet, hè dat zou zomaar zo eens kunnen zijn. Verder wil ik nog wijzen op de versnippering als het gaat om de controle die we zeg maar minder goed hebben. En als het dan een clusters gaat, hoe groot moeten die clusters dan zijn? Nou ja, dat zou je niet zomaar in getallen zeg maar kunnen benoemen. Maar er moet wel enige ruimte zijn om, ook financieel, om een aantal voorzieningen aan te bieden. En dat hoeft niet, bij voorkeur niet op de plek waar ze werken, niet bij de werkgever op het terrein. En de grotere clusters, daar worden ook wel voorschriften voor aangedragen, ook in het rapport van Roemer wel, waarbij met meer dan honderd huisvestingsplaatsen, ja je gewoon een huisarts en zorg ter plekke hebt.

En dat levert allemaal toch wel comfort op voor een goede medewerker, die gezond en fit de volgende dag weer aan zijn werk moet. Nou, dat moeten we niet vergeten, en ik denk dat het heel belangrijk is dat we daar ook aandacht voor blijven houden. Dat willen we juist doen in dit beleid. En in het beleid staat ook dat we willen huisvesten op bedrijventerreinen, daar staat niet dat we dat bij werkgevers willen doen op het terrein. En als we het dan over reisafstand hebben, als we dat in de gemeente Hoogeveen zien, dan denk ik: dan hebben we het volgens mij nergens meer over, als het om een reistijd gaat. Want het is allemaal heel dichtbij, zowel het centrum als de bedrijven. De voorzitter: Ik wil dit punt van het debat afronden, de heer Özbilir, Gemeentebelangen wou nog wat zeggen, dat geef ik hem graag de gelegenheid. De heer Özbilir: Ja, er is ook gehoord, hè de reactie van de fractieleden maar ook van de wethouder, zijn de zorgen groter dan de voordelen die ook hè de heer Klok schetst, op het … om de vestiging op het bedrijventerrein te richten, daar zitten meer risico’s in. De voorzitter: Voldoende over dit punt, dan gaan we naar het volgende debatpunt. Dat gaat over de bospercelen. Die is ingebracht door de heer Klok, VVD en ook mevrouw Bisschop, CDA. Ik wou mevrouw Bisschop de inleiding laten doen. Mevrouw Bisschop: Wethouder, uiteraard bedankt voor de reactie.

Wat mij opviel in de reactie van de wethouder is dat de wethouder aangeeft dat het kaartje indicatief is. En zo heb ik de tekst van het huisvestingsbeleid in het kaartje niet gelezen. Als het kaartje inderdaad indicatief is, dan kan wat mij betreft de tekst ook aangepast worden in het huisvestingsbeleid, en dan denk ik dat we elkaar behoorlijk kunnen vinden. Want dat is eigenlijk ook waar het CDA wat moeite mee heeft, dat we zo’n groot gebied op voorhand uitsluiten. We zeggen niet dat het daar per se moet, dat zegt ook niet, maar we hebben er wel moeite mee dat zoals ik het beleid nu lees, dat het volledig uitgesloten wordt. Dus we zouden graag een opening in het beleid willen hebben waarin staat dat het, ja eventueel wel kan. De voorzitter: De heer Klok, VVD, heeft u nog aanvulling op dit punt voor het debat? De heer Klok: Ja, dank u wel voorzitter. Ja, aanvullingen in dezelfde lijn, want ik, wij hoorden het college zeggen: het kaartje is niet leidend. Maar ook indicatief, maar het kaartje komt ook uit de bossenstrategie, en die is zeer recent maar wel leidend, dus eigenlijk een concrete vraag aan het college: is deze kaart leidend of is hij niet leidend? Dank u wel.

De voorzitter: Wellicht om de discussie wat te stroomlijnen wilde ik eerst de heer Zwiers daar het antwoord van vragen. De heer Zwiers: Nou kijk, het is natuurlijk niet dat het kaartje zeg maar volledig nutteloos is, zo zou ik het niet willen benoemen. We hebben wel te maken met een buitengebied waar huisvesting zeg maar, of nieuwbouw kwetsbaar kan zijn, en waar we ook met de provincie in het geweer moeten om die reden. Maar goed, om nou helemaal uit te sluiten, en daar wil ik wel zeg maar in meegaan, om nou helemaal uit te sluiten dat er in die zoekgebieden niets gebouwd kan worden, ja dat wil ik ook niet zeggen. Maar het heeft niet onze voorkeur om het daar te doen, omdat we ook die zoekpercelen niet voor niets hebben aangewezen. Maar als daar ergens een opening zou kunnen zijn, hè laat ik het maar zo zeggen, ja dan willen we daarnaar kijken. Dus als er een locatie is waar het echt geen kwaad kan, en die toevallig wel binnen dat zoekgebied, want het is wel vrij rechttoe rechtaan en strak omlijnd, als daar locaties zijn dan willen we daar ook serieus naar kijken. Maar als uitgangspunt, laten we zeggen: liever niet. Maar ik geef een opening. De voorzitter: Mevrouw Bisschop, CDA. Mevrouw Bisschop: Nou, dat is plezierig om te horen.

Betekent dat ook dat we daar geen amendement voor in hoeven te dienen? Dat het college daar zelf mee gaat komen? Hoe ziet u dat precies? De voorzitter: De heer Zwiers. De heer Zwiers: Nou, ik denk dat dat dan bij de uitvoering aan de orde komt, want op het moment dat er een initiatief is zullen we het moeten beoordelen, en dan komt het via het bestemmingsplan ook terug bij u raad. De voorzitter: De heer Klok, VVD. De heer Klok: Ja, dank u wel voorzitter. Dan zou ik toch willen oproepen om of de tekst of het kaartje aan te passen, want dan wellicht is de kaart niet helemaal leidend, maar ik vind hem in dit geval misleidend. Dank u wel. De voorzitter: Mevrouw Bisschop, CDA. Mevrouw Bisschop: Ja, daar sluit ik mij bij aan. Ik denk dat beleid helder moet zijn, en dat deze opening dan ook in het beleid opgenomen moet worden. En daar nog even op doorgaand, ik heb ook begrepen dat dit kaartje ook leidend is voor reguliere woningbouw in dit hele gebied. Dus dan wil ik toch een beetje ook aansluiten wat mijnheer Klok eerder heeft gezegd: misschien moeten we er toch eens naar gaan kijken wat dit kaartje nou precies is, en of dit allemaal nog steeds past bij huidig beleid. Het hoeft niet nu, maar dat zou misschien wel iets kunnen zijn om op de agenda te zetten van de raad, van ambtenaar, ik weet niet wat de juiste weg is.

Maar inderdaad, 2004, 2012, dat klinkt wel als het een keer toe is aan een update. De voorzitter: Mevrouw Rutgers, D66, voordat ik bij de heer Zwiers nog even weer terecht komt zo meteen. Mevrouw Rutgers: Dank u wel. Ik denk dan ook dat er een amendement moet komen om dat tweede deel van dat zinnetje even eruit te halen, hè dat mits niet in nieuwe zoekgebieden nieuwe bospercelen. En dan dat kaartje daarop aan te passen, wij zouden dat wel steunen. En het andere punt wat mevrouw Bisschop net aandraagt, daar moeten we het volgens mij zeker over hebben. Dat is ook wat er nu wel schort aan de lange

termijn agenda, volgens mij is dat probleem al onderkend en wordt daaraan gewerkt, en hoort het niet helemaal bij dit agendapunt. Maar ik steun wel de oproep om daar nog eens goed naar te kijken. De voorzitter: Dank u wel, mevrouw Rutgers. De heer Zwiers nog. De heer Zwiers: Ja, als de raad mij toestaat om daar zelf een tekstvoorstel voor te doen, omdat ik daarin al aan heb gegeven dat ik dat wel zou willen. Dan zal ik die tekst ook aan u voorleggen, tijdig, zodat u daar ook nog even op kunt reageren en ik hoop dat we dan in samenspraak tot een goede verbetering zouden kunnen komen. De voorzitter: Dank u wel voor die toezegging. Voldoende op dit punt, nog anderen? Niet? Volgens mij hebben we dan alle debatpunten gehad. Ik kijk nog even rond, zie ik mevrouw Bisschop. Mevrouw Bisschop: Ja, ik had nog een klein puntje, dat ging over ook over de tabel in het document waarbij de gemeente nu als initiatiefnemer steeds genoemd wordt. En waarvan wij zeggen: nou, doet het niet wat meer recht aan de rol van de gemeente om daar regienemer van te maken. De voorzitter: Ja. Ik kijk even rond of daar anderen het met u eens zijn, of dat meer de regienemer moet zijn. Dan kom ik uit bij mevrouw Rutgers, D66. Mevrouw Rutgers: Ja, ik onderstreep dat. Ik vond alleen dat de wethouder daar wel voldoende over had toegezegd, dus wat mij betreft hoeven we er nu niet meer over in debat.

Maar ik onderstreep wel uw punt. De voorzitter: Mevrouw Bisschop, CDA. Mevrouw Bisschop: Dat heb ik dan gemist, dus kan de wethouder even bevestigen dat dat ook meegenomen wordt, die aanpassing? De voorzitter: De heer Zwiers. De heer Zwiers: Nou ik heb, dat heb ik niet helemaal zo gezegd. Sorry voorzitter, dat heb ik niet helemaal zo gezegd. Ik heb aangegeven dat wij op sommige momenten ook gewoon initiatiefnemer zijn, maar daarna ook weer loslaten. En regie, dat houdt in dat je hem waarschijnlijk vasthoudt. En we willen geen regisseur blijven, zeg maar. Hè, dat kan niet de bedoeling zijn. Dus ik zou toch wel willen vragen om de terminologie zeg maar vooralsnog even zo te laten. En ja, niet als regisseur te hoeven optreden als gemeente, daar waar wij los kunnen laten, laten we het liefst los. En moeten we ook zeg maar de verantwoordelijkheid weer daar neerleggen waar het hoort. De voorzitter: Voldoende voor u? Mevrouw Bisschop: Voldoende voor mij, ja. De voorzitter: Voldoende voor de anderen? De heer Özbilir, Gemeentebelangen. De heer Özbilir: Dank u wel, voorzitter. Er werd al eerder gesproken over afstemmen met de gemeente. Zou het college ook SMART willen maken waarover dan afstemming gaat plaatsvinden? De voorzitter: De heer Zwiers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12297087/1