Noordscheschut , deelplan uitbreiding woningbouw 2019_ontwerp_1.pdf
Tekst van het document
Slootdemping
Slootdemping
009355
Pagina 4 van 21
Bodemopbouw en geohydrologie De regionale (geologische) bodemopbouw is weergegeven in onderstaande tabel. Tabel 4: (Geologische) bodemopbouw Diepte (m -mv)
Geologische eenheid
Lithologie
0–2
Formatie van Boxtel
Zand, zeer fijn tot zeer grof, lokaal kleiig, grindig of humeus; leem, lokaal zandig, lokaal humeus; klei, siltig tot zandig; veen, kleiig
2–3
Formatie van Drenthe
Zand, zeer fijn tot uiterst grof, lokaal kleiig tot grindig; leem, kleiig tot grindig; klei, lokaal siltig tot zandig; grind; stenen; keien; blokken
3 – 12
Formatie van Drachten
Zand, matig fijn tot matig grof, kalkloos; leem, lokaal zandig
12 – 14
Formatie van Peelo
Zand, uiterst fijn tot uiterst grof; klei, lokaal siltig tot zandig
14 – 42
Formatie van Urk
Zand, zeer fijn tot uiterst grof, lokaal grindig, lokaal schelphoudend; klei, lokaal siltig tot zandig, lokaal humeus; veen, lokaal kleiig
42 - 54
Formatie van Appelscha
Zand, matig grof tot uiterst grof, lokaal grindig, kalkloos
54 -100
Formatie van Peize en Formatie van Waalre
Zand, matig fijn tot uiterst grof, lokaal kleiig tot grindig; klei, lokaal siltig tot zandig, lokaal humeus; veen, lokaal kleiig
Regionaal gezien is de stromingsrichting van het grondwater in het eerste watervoerend pakket westelijk. Op en nabij de onderzoekslocatie is oppervlaktewater aanwezig welke invloed kan hebben op de lokale grondwaterstand en -stromingsrichting. De in eerder onderzoek aangetroffen grondwaterstand op de locatie varieert van 0,2 tot 1,5 m -mv. De locatie ligt niet in het intrekgebied van een grondwaterwinning of een grondwaterbeschermingsgebied. Voor zover bekend wordt er op en in de directe omgeving van de locatie niet op relevante schaal grondwater door bedrijven en particulieren onttrokken.
009355
Pagina 5 van 21
3
HYPOTHESE EN ONDERZOEKSSTRATEGIE Hypothese
Chemische parameters Op basis van de resultaten van het eerder uitgevoerde onderzoek en het historische gebruik is uitgegaan van een 'verdachte locatie'. Als gevolg van (lokaal) aanwezige bodemvreemde bijmengingen en het (langdurig) gebruik van (kunst)meststoffen is de grond mogelijk licht verontreinigd met zware metalen, PAK en/of PCB. Ter plaatse van dam 101 (deellocatie B) is in de grond mogelijk sprake van sterk verhoogde gehalte aan zware metalen als gevolg van bijmengingen met puin en/of kolengruis. Het grondwater bevat daarnaast (mogelijk van nature) licht verhoogde concentraties aan zware metalen. Asbest Vanwege de aanwezigheid van een (lichte) puinmenging is voor de dammen (deellocatie A en B) en het gebied (strook) langs de Modderwijk (deellocatie C) uitgegaan van een 'verdachte locatie'. Omdat er geen informatie bekend is over de herkomst, ouderdom en kwaliteit van het puin ter plaatse van de Modderwijk (deellocatie F) is deze eveneens verdacht ten aanzien van de aanwezigheid van asbest. Voor het overige deel van de locatie is uitgegaan van een 'onverdachte locatie' welke niet is onderzocht op asbest. Opgemerkt wordt dat ook de visuele waarnemingen (zoals aantreffen van puin) geen aanleiding hebben gegeven tot aanpassing van deze hypothese.
Onderzoeksstrategie Voor het onderzoek naar chemische parameters en asbest zijn deellocaties gedefinieerd. In de volgende tabel is per deellocatie de strategie weergegeven. Het volgende wordt opgemerkt: • ondanks de gestelde hypothese is de locatie (grotendeels) conform NEN 5740 onderzocht voor een onverdachte locatie. Deze strategie is sober en doelmatig en geeft voldoende inzicht in de milieuhygiënische bodemkwaliteit aangezien (overwegend) slechts lichte verontreinigingen worden verwacht die geen aanleiding geven voor vervolgonderzoek en/of sanerende maatregelen. Bovendien is hiernaast sprake van diverse deellocaties welke afzonderlijk worden onderzocht; • omdat de exacte ligging van een slootdemping op basis van historisch kaartmateriaal niet nauwkeurig is vast te stellen, zijn haaks hierop enkele raaien gedefinieerd waarop verspreid (onderlinge afstand van maximaal vier meter) boringen zijn uitgevoerd. Het onderzoek richt zich hier (deellocatie D en E) uitsluitend op het traceren van een slootdemping en vaststellen van de kwaliteit van de (verdachte) grond; • vanwege de (relatief hoge) onderzoeksinspanning in de omgeving van de gedempte sloten, is het aantal ondiepe boringen bij deellocatie G (overig terrein) gereduceerd.
Het grondwateronderzoek is alleen voorzien als onderdeel van deellocatie G; • voor het verkrijgen van inzicht in de hergebruiksmogelijkheden van het puin (geen bodem) ter plaatse van de Modderwijk, is deze naast asbest ook indicatief onderzocht op chemische parameters; • er is voor landbodem niet voorzien in onderzoek naar PFAS: de gemeente heeft de beschikking over een bodemkwaliteitskaart welke ook van toepassing is voor PFAS. Op basis daarvan kan binnen de (deelnemende) gemeente grondverzet plaatsvinden. Waterbodem is wel onderzocht op PFAS (excl. GenX); • het onderzoek naar asbest is alleen uitgevoerd op de deellocaties die als ‘verdacht’ zijn aangemerkt voor asbest (op basis van voorkomen van asbestverdachte materialen en/of puin). Omdat in de waterbodem geen puinresten zijn waargenomen, is deze niet onderzocht op asbest; • volgens eerder onderzoek was langs de (huidige) westelijke locatiegrens sprake van een sloot met (lokaal) puinresten. Tijdens dit onderzoek is de sloot niet aangetroffen. Om inzicht te krijgen in de aanwezigheid van dempingsmateriaal zijn verdeeld over dit tracé (als onderdeel van deellocatie E) aanvullende boringen (E09 t/m E14) verricht; • zuidelijk c.q. in het verlengde van de noordelijke slootdemping (deellocatie E) is (nog) een ondiepe greppel aanwezig.
De greppel is beschouwd als landbodem en (als onderdeel van deellocatie G) zijn ter plaatse vier aanvullende boringen (G23 t/m G26) verricht; • vanwege sterke begroeiing en de aanwezigheid van een depot puin en zand, zijn in het deel van de locatie tussen de Coevorderstraatweg en Modderwijk niet ruimtelijk verspreid boringen verricht. Een boring en peilbuis is verricht c.q. geplaatst langs de weg; • de strategieën voor asbest vormen onderdeel van een verkennend (bodem)onderzoek waarbij kleine proefgaten (tenminste 0,3 x 0,3 m) worden gegraven. De (gewogen) asbestgehalten die hierbij worden vastgesteld zijn indicatief en worden uitsluitend gebruikt om de gestelde hypothese te toetsen en om vast te stellen of nader onderzoek nodig is.
009355
Pagina 6 van 21
Tabel 5: Onderzoeksstrategie deellocaties Oppervlakte (m2)
Deellocatie
Strategie Chemisch
Asbest
25
NEN 5740: VEP
NEN 5707: VEP
25
NEN 5740: VEP gecombineerd met NTA 5755: verificatie en vaststellen omvang immobiele verontreiniging (metalen)
NEN 5707: VEP
Landbodem / puin A.
Dam 102
B.
Dam 101
C.
Strook langs Modderwijk
300
Onderdeel van overig terrein
NEN 5707: VED-HE
D.
Potentiële slootdemping (oostelijk)
140 x 2 ≈ 280
NEN 5740: VEP middels raaien
-
E.
Potentiële slootdemping (noordelijk inclusief westelijk)
60 x 2 ≈ 120
NEN 5740: VEP middels raaien
NEN 5897: HALF NEN 5707: VED-HE (onderliggende bodem)
F.
Puinweg Modderwijk (ged.)
300
Analyse mengmonster puin (halfverharding) en onderliggende grond voor verkrijgen inzicht in hergebruiksmogelijkheden
G.
Overige terrein
18.725
NEN 5740: ONV-NL
-
Waterbodem W1
Sloot langs Boogerdweg 8 (ijsbaan)
60 x 1 ≈ 60
NEN 5720: ON (incl. PFAS)
-
W2
Calkoenswijk
95 x 3 ≈ 285
NEN 5720: ON (incl. PFAS)
-
W3
Sloot tussen Modderwijk en Calkoenswijk
90 x 1 ≈ 90
NEN 5720: ON (incl. PFAS)
-
W4
(Watergang langs) Modderwijk
95 x 2 ≈ 190
NEN 5720: ON (incl. PFAS)
-
ONV-NL
Onverdachte niet-lijnvormige locatie
VED-HE(-NL)
Diffuus belaste (niet-lijnvormige) locatie met een heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming
VEP
Verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern
HALF
Halfverhardingslagen (kleinschalig)
ON
Overig water, normale onderzoeksinspanning
De verificatie en afperking bij deellocatie B is uitgevoerd op basis van het aantreffen van bijmengingen met puin en kolengruis die mogelijk de sterk verhoogde gehalten aan zware metalen veroorzaken. Het verifiëren van de verontreiniging en vaststellen van de omvang (waarbij duidelijk wordt of deze groter of kleiner is dan 25 m 3) is hierbij de doelstelling.
009355
Pagina 7 van 21
4
VELDWERKZAAMHEDEN Opzet
Algemeen In onderstaande tabel zijn de uitvoeringsdata en de verantwoordelijke monsternemers aangegeven voor de verschillende uitvoeringsfasen van het veldonderzoek. De locaties van de onderzoekspunten zijn weergegeven op de tekening in bijlage 2. Tabel 6: Uitvoeringsgegevens Werkzaamheden
Beoordelingsrichtlijn/ protocol
Uitvoeren handboringen, plaatsen peilbuizen, maken boorbeschrijvingen, nemen grondmonsters en inmeten
2000/2001
Locatie-inspectie en monsterneming van asbest in bodem
2000/2018
15-06-2020 en 16-06-2020
Nemen van waterbodemmonsters
24-06-2020
Nemen van grondwatermonsters
Datum 12-06-2020, 15-06-2020 t/m 17-06-2020
Erkende organisatie
Verantwoordelijk medewerker
Ortageo Metingen en Controle B.V.
Dhr. T.G.A. Veldhuis, dhr. G.M. Visschedijk en dhr. R.F.A. Rieschke
2000/2003
Ortageo Metingen en Controle B.V.
Dhr. R.F.A. Rieschke en dhr. G.M. Visschedijk
2000/2002
Ortageo Metingen en Controle B.V.
Dhr. G.M. Visschedijk
In het veld is de vrijgekomen grond laagsgewijs beoordeeld en beschreven (textuur, kleur, humusgehalte). Daarnaast is gelet op het voorkomen van puin, slakken, kolengruis en dergelijke evenals op kleurafwijkingen, die kunnen duiden op de aanwezigheid van bodemverontreiniging. Ook het maaiveld is visueel geïnspecteerd op indicaties die kunnen duiden op een bodemverontreiniging. Ten slotte is visueel specifiek aandacht besteed aan het voorkomen van asbest in de bodem. Vanwege de verharding en begroeiing van de onderzoekslocatie is geen maaiveldinspectie uitgevoerd. De monstername voor onderzoek naar PFAS is uitgevoerd conform specifieke eisen volgens veldwerk-protocol “bemonstering PFAS-verbindingen in grond- en grondwater” vastgesteld door expertisecentrum PFAS (juli 2019). In de volgende tabel is een overzicht van het uitgevoerde veldwerkprogramma weergegeven.
009355
Pagina 8 van 21
Tabel 7: Overzicht veldwerkprogramma Deellocatie
Onderdeel
Aantal
Diepte (m –mv/wb)
Nummers
A01, A02
Landbodem / puin A
Proefgaten met boringen1
2
1,0 à 1,1
B
Proefgaten met boringen
4
1,0
B01, B02, B03, B04
C
Proefgaten met boringen
4
1,0
C01, C02, C03, C04
Boringen (raai 1)
4
1,0
D01, D02, D03, D04
Boringen (raai 2)
4
1,0
D05, D06, D07, D08
Boringen (raai 3)
4
1,0
D09, D10, D11, D12
Boringen (raai 1)
4
1,0
E01, E02, E03, E04
Boringen (raai 2)
4
1,0
E05, E06, E07, E08
Boringen (westelijke sloot)
6
1,0
E09, E10, E11, E12, E13, E14
Proefgaten
4
0,8
F01, F02, F03, f04
1
0,32
G22
10
0,5
G03, G05, G06, G07, G09, G11, G12, G14, G15, G16
43
0,5
G23, G24, G25, G26
8
2,0
G01, G04, G08, G13, G17, G18, G19, G20
1
1,84
G21
2
3,3
G02, G10
D
E
F
Boringen G
Boringen met peilbuis Waterbodem W1
Boringen
10
0,5
W01, W02, W03, W04, W05, W06, W07, W08, W09, W10
W2
Boringen
10
0,8
W11, W12, W13, W14, W15, W16, W17, W18, W19, W20
W3
Boringen
10
0,5
W21, W22, W23, W24, W25, W26, W27, W28, W29, W30
W4
Boringen
10
0,5
W31, W32, W33, W34, W35, W36, W37, W38, W39, W40
1
Proefgaten zijn vanaf circa 0,5 m –mv dieper doorgeboord
2
Ondiepe boring gestaakt op grof puin
3
Aanvullende boringen geplaatst in greppel
4
Maaiveld lager (peilbuis geplaatst talud sloot)
Afwijkingen ten opzichte van BRL SIKB 2000 Er is bij de uitvoering van de veldwerkzaamheden niet afgeweken van de BRL SIKB 2000.
Resultaten In bijlage 3 zijn de uitgetekende bodemprofielen weergegeven. Bodemopbouw De landbodem bestaat overwegend uit matig tot zeer fijn, zwak tot matig siltig zand. Tot 0,5 à 1,0 m -mv is het zand overwegend matig humeus. Verspreid en op wisselende dieptes is (zwak tot sterk zandig) veen aanwezig. Vanaf 0,8 m -mv tot circa 2,1 is een zwak tot sterk zandige leemlaag waargenomen. De waterbodem van Calkoenswijk (W2) bestaat uit een laag slib met een dikte van 30 cm. De waterbodem bevond zich tijdens het onderzoek circa 1,0 meter onder de waterspiegel. De overige onderzochte watergangen waren tijdens het onderzoek droogstaand. De waterbodem van de sloot langs Boogerdweg 8 (W1) en de sloot tussen de Calkoenswijk en Modderwijk (W3) bestaat uit humeus zand. De Modderwijk (W4) bestaat uit sterk zandig veen.
009355
Pagina 9 van 21
Visueel waargenomen bijzonderheden In de volgende tabel zijn de visueel waargenomen bijzonderheden weergegeven. Opgemerkt wordt dat er plaatse van de potentiële dempingen geen aanwijzingen zijn verkregen dat sprake is van bodemvreemd dempingsmateriaal. Lokaal is asbestverdachte plaatmateriaal aangetroffen. Tabel 8: Visueel waargenomen bijzonderheden Onderzoekspunt
Einddiepte (m -mv)
Diepte (m -mv)
Waargenomen bijzonderheden
Grondsoort
0,0 - 0,5
Sporen puin
Zand
0,5 - 1,0
Resten plastic
Zand
Deellocatie A A01
1,1
A02
1,0
0,0 - 0,6
Sporen puin
Zand
B02
1,0
0,0 - 0,4
Zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer
Zand
B03
1,0
0,0 - 0,4
Zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer
Zand
B04
1,0
0,0 - 0,4
Zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer
Zand
C01
1,0
0,0 - 0,5
Zwak puin- en kolengruishoudend, resten ijzer, 10 stukken asbestverdacht materiaal (0,05 kg vlakke plaat)
Zand
C02
1,0
0,0 - 0,5
Sporen puin, sporen kolengruis
Zand
0,5 - 0,8
Sporen puin, sporen kolengruis, resten plastic
Zand
C03
1,0
0,0 - 0,5
Sporen puin
Zand
C04
1,0
0,0 - 0,5
Sporen puin
Zand
F01
0,8
0,0 - 0,3
Volledig puin
-
F02
0,8
0,0 - 0,3
Volledig puin
-
F03
0,8
0,0 - 0,3
Volledig puin
-
F04
0,8
0,0 - 0,3
Volledig puin
-
0,3
0,3
Gestaakt op grof puin
Zand
Deellocatie B
Deellocatie C
Deellocatie F
Deellocatie G G22
Waterbodem (W1 t/m W4) W01
0,5
0,0 - 0,5
Zwak plastichoudend
Zand
W02
0,5
0,0 - 0,5
Zwak plastichoudend
Zand
W03
0,5
0,0 - 0,5
Zwak plastichoudend
Zand
W06
0,5
0,0 - 0,5
Sporen plastic
Zand
W38
0,5
0,0 - 0,5
Zwak kolengruishoudend
Veen
W39
0,5
0,0 - 0,5
Zwak kolengruishoudend
Veen
W40
0,5
0,0 - 0,5
Zwak kolengruishoudend
Veen
009355
Pagina 10 van 21
Grondwater Tijdens de bemonstering van het grondwater zijn visueel waarnemingen gedaan en metingen verricht. De resultaten daarvan zijn weergegeven in onderstaande tabel. De zuurgraad en het geleidingsvermogen zijn als normaal te beschouwen voor de onderzochte locatie. Ondanks het lage afpompdebiet overschrijdt de troebelheid de maximaal gewenste waarde van 10 NTU. Als dit consequenties heeft voor de conclusie van het onderzoek, is dit in paragraaf 5.4 beschreven. Tabel 9: Bijzonderheden en resultaten veldmetingen grondwater Peilbuis
Monstercode
Filterstelling (m –mv)
Waargenomen bijzonderheden
G02
G02-1-1
2,30 - 3,30
G10
G10-1-1
G21
G21-1-1
009355
Grondwaterstand (m -mv)
Zuurgraad (pH)
Geleidingsvermogen (µs/cm)
Troebelheid (NTU)
Geen
1,73
6,5
460
46,5
2,30 - 3,30
Geen
1,74
6,6
645
75
0,80 - 1,80
Geen
0,45
6,2
500
20,5
Pagina 11 van 21
5
LABORATORIUMONDERZOEK Analyseprogramma
Chemische parameters In de volgende tabel is een overzicht van de samenstelling van de (meng)monsters en het uitgevoerde analyseprogramma weergegeven (grond, grondwater, waterbodem en puinfundatie). Tabel 10: Samenstelling (meng)monsters en analyseprogramma chemische parameters Deellocatie
Monstercode
Traject (m -mv)
Deelmonsters
Waargenomen bijzonderheden
Analysepakket
Am1
0,0 - 0,5
A02-1
Sporen puin
Standaardpakket grond1
B01-1
0,0 - 0,5
B01-1
Geen
Zware metalen2
B02-1
0,0 - 0,4
B02-1
Zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer
Zware metalen
B03-1
0,0 - 0,4
B03-1
Zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer
Zware metalen
B04-1
0,0 - 0,4
B04-1
Zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer
Zware metalen
B04-2
0,4 - 0,9
B04-2
Geen
Zware metalen
Cm1
0,0 - 0,5
C03-1, C04-1
Sporen puin
Standaardpakket grond Standaardpakket grond
Grond A.
B.
C.
C01-3
0,0 - 0,5
C01-3
Zwak puin- en kolengruishoudend, resten ijzer, asbestverdacht materiaal
C01-5
0,7 - 1,0
C01-5
Geen
Standaardpakket grond
C02-1
0,0 - 0,5
C02-1
Sporen puin en kolengruis
Standaardpakket grond
D.
Dm1
0,5 - 1,0
D02-2, D03-2, D06-2, D10-2
Geen
Standaardpakket grond
E.
Em1
0,4 - 0,8
E02-2, E03-2, E06-3, E07-3
Geen
Standaardpakket grond
F.
Fm2
0,3 - 0,8
F01-2, F02-2, F03-2, F04-2
Geen
Standaardpakket grond
Gm1
0,0 - 0,5
G23-1, G24-1, G25-1, G26-1
Geen
Standaardpakket grond
Gm2
0,0 - 0,5
G01-1, G03-1, G04-2, G06-1
Geen
Standaardpakket grond
Gm3
0,0 - 0,5
G08-1, G09-1, G11-1, G12-1
Geen
Standaardpakket grond
Gm4
0,0 - 0,5
G14-1, G16-1, G18-1, G20-1
Geen
Standaardpakket grond
Gm5
0,5 - 1,1
G01-3, G02-3, G08-2, G13-3, G17-2, G20-2
Geen
Standaardpakket grond
Gm6
0,8 - 2,0
G01-4, G02-5, G04-6, G13-5, G17-4, G20-3, G21-3
Geen
Standaardpakket grond
Gm7
0,4 - 1,0
G04-3, G10-2, G13-2, G21-2
Geen
Standaardpakket grond
G22-1
0,0 - 0,3
G22-1
Geen
Standaardpakket grond
G02-1-1
2,3 - 3,3
G02-1-1
Geen
Standaardpakket grondwater3
G10-1-1
2,3 - 3,3
G10-1-1
Geen
Standaardpakket grondwater
G21-1-1
0,8 - 1,8
G21-1-1
Geen
Standaardpakket grondwater
G.
Grondwater
G
009355
Pagina 12 van 21
Tabel 10: Samenstelling (meng)monsters en analyseprogramma chemische parameters (vervolg) Deellocatie
Monstercode
Traject (m -mv)
Deelmonsters
Waargenomen bijzonderheden
Analysepakket
Wm1
0,0 - 0,5
W01-1, W02-1, W03-1, W04-1, W05-1, W06-1, W07-1, W08-1, W09-1, W10-1
Resten plastic
Standaardpakket waterbodem1 + PFAS4
Wm2-1
1,0 - 1,3
W11-1, W12-1, W13-1, W14-1, W15-1, W16-1, W17-1, W18-1, W19-1, W20-1
Geen
Standaardpakket waterbodem
Wm2-2
1,0 - 1,3
W11-2, W12-2, W13-2, W14-2, W15-2, W16-2, W17-2, W18-2, W19-2, W20-2
Geen
PFAS
W3
Wm3
0,0 - 0,5
W21-1, W22-1, W23-1, W24-1, W25-1, W26-1, W27-1, W28-1, W29-1, W30-1
Geen
Standaardpakket waterbodem + PFAS
W4
Wm4
0,0 - 0,5
W31-1, W32-1, W33-1, W34-1, W35-1, W36-1, W37-1, W38-1, W39-1, W40-1
Zwak kolengruishoudend
Standaardpakket waterbodem + PFAS
0,0 - 0,3
F01-1, F02-1, F03-1, F04-1
Volledig puin
Indicatief chemisch fundatieonderzoek5
Waterbodem W1
W2
Puinfundatie F
Fm1
1
Metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn), PCB, PAK, minerale olie, lutum, organische stof en droge stofgehalte
2
Metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn), lutum, organische stof en droge stofgehalte
3
Metalen (Ba, Cd, Co, Cu, Hg, Pb, Mo, Ni, Zn), vluchtige aromatische koolwaterstoffen (BTEXN en styreen), vluchtige gehalogeneerde koolwaterstoffen (VOCl en VC) en minerale olie
4
PFAS-verbindingen conform Bodemplus advieslijst d.d. 12 juli 2019: PFBA, PFPeA, PFHxA, PFHpA, PFOA, PFOA-vertakt, PFNA, PFDA, PFUnDA, PFDoA, PFTrDA, PFTeDA, PFHxDA, PFODA, PFBS, PFPeS, PFHxS, PFHpS, PFOS, PFOSvertakt, PFDS, 4:2 FTS, 6:2 FTS, 8:2 FTS, 10:2 FTS, N-MeFOSAA, N-EtFOSAA, PFOSA, N-MeFOSA en 8:2 diPAP
5
cryogeen malen, analyse PAK + minerale olie + PCB en uitvoeren schudproef (L/S=10, pH=7) waarna analyse eluaat op anorganische stoffen (15 metalen (As, Ba, Cd, Co, Cr, Cu, Hg, Mo, Ni, Pb, Sb, Se, Sn, Va en Zn) en 4 anionen (Br, Cl, F en SO4))
Asbest In de volgende tabel is het analyseprogramma voor asbest weergegeven. Tabel 11: Samenstelling (meng)monsters en analyseprogramma asbest Deellocatie
Analysepakket
Monstercode
Traject (m -mv)
Onderzoekspunten
Asbestverdacht materiaal > 20 mm
Fractie < 20 mm
Fractie > 20 mm
A
A-AS1
0,0 - 0,5
A01, A02
Geen
Asbest in grond
-
B
B-AS1
0,0 - 0,4
B02 t/m B04
Geen
Asbest in grond
-
C01-1
0,0 - 0,5
C01
10 x vlakke plaat (0,05 kg)
Asbest in grond
Materiaalverzamelmonster
C-AS1
0,0 - 0,5
C02 t/m C04
Geen
Asbest in grond
-
F-ASgrond
0,3 - 0,8
F01 t/m F04
Geen
Asbest in grond
-
0,0 - 0,3
F01 t/m F04
Geen
Asbest in puin
-
Grond
C F
Puinfundatie F -
F-ASpuin = Niet van toepassing
Analyseresultaten De analysecertificaten van het laboratoriumonderzoek zijn opgenomen in bijlage 4. De toetsingstabellen zijn opgenomen in bijlage 5.
009355
Pagina 13 van 21
5.2.1 Chemische parameters Grond De toetsingsresultaten van de grondanalyses zijn in de volgende tabel samengevat weergegeven. Tabel 12: Beoordeling analyseresultaten chemische parameters in grond Monstercode
Traject (m -mv)
Waargenomen bijzonderheden
Overschrijding van de achtergrondwaarde (index1 < 0,5)
tussenwaarde (index1 >0,5)
interventiewaarde (index1 >1)
Indicatief oordeel Bbk
Sporen puin
-
-
-
Altijd toepasbaar
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
zink (0,02)
-
-
Altijd toepasbaar
zink (0,12)
-
-
Altijd toepasbaar
nikkel (0,28), zink (0,12), kwik (-)
-
koper (7,51)
Niet toepasbaar
Deellocatie A Am1
0,0 - 0,5
Deellocatie B B01-1
0,0 - 0,5
B02-1
0,0 - 0,4
B04-1
0,0 - 0,4
Zwak baksteenhoudend, resten plastic en ijzer
B04-2
0,4 - 0,9
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
B03-1
0,0 - 0,4
Deellocatie C Cm1
0,0 - 0,5
Sporen puin
PAK (0,01)
-
-
Altijd toepasbaar
C01-3
0,0 - 0,5
Zwak puin- en kolengruishoudend, resten ijzer, asbest
lood (0,14)
-
zink (1,17)
Niet toepasbaar
C01-5
0,7 - 1,0
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
C02-1
0,0 - 0,5
Sporen puin en kolengruis
-
-
-
Altijd toepasbaar
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
0,4 - 0,8
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
0,3 - 0,8
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
Deellocatie D Dm1
0,5 - 1,0
Deellocatie E Em1 Deellocatie F Fm2
Deellocatie G Gm1
0,0 - 0,5
Geen
kwik (-)
-
-
Altijd toepasbaar
Gm2
0,0 - 0,5
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
Gm3
0,0 - 0,5
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
Gm4
0,0 - 0,5
Geen
kwik (-), lood (-)
-
-
Altijd toepasbaar
Gm5
0,5 - 1,1
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
Gm6
0,8 - 2,0
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
Gm7
0,4 - 1,0
Geen
-
-
-
Altijd toepasbaar
G22-1
0,0 - 0,3
Geen
PCB (-), zink (0,07), cadmium (0,02), kwik (-), lood (0,12), PAK (0,25)
-
-
Klasse industrie
1
009355
= geen parameters in gehalten/concentraties boven de betreffende toetsingswaarden aangetoond Index = (gestandaardiseerde meetwaarde- achtergrondwaarde) / (interventiewaarde – achtergrondwaarde)
Pagina 14 van 21
Grondwater De toetsingsresultaten van de grondwateranalyses zijn in de volgende tabel samengevat weergegeven. Tabel 13: Beoordeling analyseresultaten chemische parameters in grondwater Monstercode
Traject (m -mv)
Waargenomen bijzonderheden
G02-1-1
2,30 - 3,30
G10-1-1 G21-1-1
Overschrijding van de streefwaarde (index1 < 0,5)
tussenwaarde (index1 >0,5)
interventiewaarde (index1 >1)
Geen
koper (0,37), zink (0,01), barium (0,03)
-
-
2,30 - 3,30
Geen
barium (0,04)
-
-
0,80 - 1,80
Geen
kobalt (0,14), nikkel (0,35), cadmium (0,01), barium (0,19)
-
zink (1,95)
-
= geen parameters in gehalten/concentraties boven de betreffende toetsingswaarden aangetoond
1
Index = (gestandaardiseerde meetwaarde - streefwaarde) / (interventiewaarde - streefwaarde)
Waterbodem De toetsingsresultaten van de waterbodemanalyses zijn in de volgende tabel samengevat weergegeven. De resultaten zijn gebaseerd op de normen uit het Besluit bodemkwaliteit (Bbk). Het Besluit bodemkwaliteit maakt onderscheid tussen verschillende toepassingsmogelijkheden met bijbehorende toetsingskaders: • kwaliteit van grond en bagger bij toepassing op of in de bodem (T1). Bij deze toetsing worden de volgende kwaliteitsklassen onderscheiden: altijd toepasbaar, klasse wonen, klasse industrie en niet toepasbaar; • kwaliteit van bagger en ontvangende bodem bij toepassing in een oppervlaktewaterlichaam (T3). Bij deze toetsing worden de volgende kwaliteitsklassen onderscheiden: altijd toepasbaar, klasse A, klasse B en niet toepasbaar (NT); • kwaliteit van bagger bij verspreiden op een aangrenzend perceel (landbodem) (T5). Bij deze toetsing worden de volgende kwaliteitsklassen onderscheiden: verspreidbaar en niet verspreidbaar; • kwaliteit van bagger bij verspreiden in een zoet oppervlaktewaterlichaam (T6). Bij deze toetsing worden de volgende kwaliteitsklassen onderscheiden: verspreidbaar en niet verspreidbaar. Tabel 14: Beoordeling analyseresultaten chemische parameters (excl. PFAS) in waterbodem Klasse-indeling T3
T5
T6
Toepassen op landbodem
Ontvangende waterbodem/ toepassen in/op waterbodem
Verspreiden op aangrenzend perceel
Verspreiden in een zoet oppervlaktewaterlichaam
Monstercode
T1
Deelmonsters
Wm1
W01-1, W02-1, W03-1, W04-1, W05-1, W06-1, W07-1, W08-1, W09-1, W10-1
Zand
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
Verspreidbaar
Verspreidbaar
Wm2-1
W11-1, W12-1, W13-1, W14-1, W15-1, W16-1, W17-1, W18-1, W19-1, W20-1
Slib
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
Verspreidbaar
Verspreidbaar
Wm3
W21-1, W22-1, W23-1, W24-1, W25-1, W26-1, W27-1, W28-1, W29-1, W30-1
Zand
Altijd toepasbaar
Altijd toepasbaar
Verspreidbaar
Verspreidbaar
Wm4
W31-1, W32-1, W33-1, W34-1, W35-1, W36-1, W37-1, W38-1, W39-1, W40-1
Veen
Niet toepasbaar1
Nooit toepasbaar1
Nooit verspreidbaar1
Nooit verspreidbaar1
1
Hoofdbestanddeel
= geen parameters in gehalten/concentraties boven de betreffende toetsingswaarden aangetoond Koper, nikkel en zink zijn de kritieke parameters: deze overschrijden de interventiewaarde
Op basis van de gehalten aan PFAS kan sprake zijn van een toepassingsbeperking. Deze beoordeling is separaat uitgevoerd en beschreven in de volgende tabel. Opgemerkt wordt de beoordeling betrekking heeft op het toepassen van grond en/of baggerspecie boven grondwaterniveau en buiten grondwaterbeschermingsgebieden.
009355
Pagina 15 van 21
Tabel 15: Beoordeling analyseresultaten PFAS in waterbodem Gehalte (µg/kg d.s.)
Monste rcode
Deelmonsters
Wm1
Indicatief oordeel op basis van PFAS
Toepassingsbeperking op basis van PFAS?
< 0,1
Landbouw/natuur
Nee
0,11
< 0,1
Landbouw/natuur
Nee
0,37
1,3
0,14 (max.)
Landbouw/natuur
Nee
0,45
2,9
0,12 (max.)
Landbouw/natuur
Nee
PFOAsom
PFOSsom
Overige PFAS
W01-1, W02-1, W03-1, W04-1, W05-1, W06-1, W07-1, W08-1, W09-1, W10-1
0,10
0,36
Wm2-2
W11-2, W12-2, W13-2, W14-2, W15-2, W16-2, W17-2, W18-2, W19-2, W20-2
< 0,1
Wm3
W21-1, W22-1, W23-1, W24-1, W25-1, W26-1, W27-1, W28-1, W29-1, W30-1
Wm4
W31-1, W32-1, W33-1, W34-1, W35-1, W36-1, W37-1, W38-1, W39-1, W40-1
Puinfundatie (halfverharding) Uit het toetsingsresultaat van de (indicatieve) puinanalyse (Fm1) blijkt dat het materiaal op basis van het Bbk herbruikbaar is als niet-vormgegeven bouwstof. Er zijn geen parameters in gehalten aangetoond boven de betreffende maximale samenstellings- of emissiewaarde. De toetsingstabel Maximale samenstellings- en emissiewaarden is opgenomen in bijlage 5 (laatste pagina van bijlage 5).
5.2.2 Asbest De resultaten van de asbestanalyses zijn in de volgende tabel samengevat beschreven. Opgemerkt wordt het volgende: • omdat sprake is van een verkennend onderzoek, dienen de gehalten als indicatief te worden beschouwd en zijn deze getoetst aan de halve interventiewaarde (50 mg/kg d.s.); • vanwege het bij C01 aangetroffen asbestverdachte materiaal (>20 mm), is het totaal gewogen gehalte berekend conform NEN 5707. In bijlage 5 is een overzicht opgenomen met de berekende gehalten. Tabel 16: Analyse- en toetsingsresultaten asbest in grond en puin Deellocatie
Monstercode
Traject (m –mv)
Asbestdeeltjes fractie >20 mm2
A
A-AS1
0,0 - 0,5
B
B-AS1
Indicatief gewogen gehalte1 (mg/kg d.s.)
Gewogen gehalte > ½ interventiewaarde?
fractie <20 mm
fractie >20 mm
Totaal
-
-
-
-
Nee
0,0 - 0,4
-
2,6
-
2,6
Nee
C01-1
0,0 - 0,5
9 st. vlakke plaat
82,5
25,2
107,6
Ja
C-AS1
0,0 - 0,5
-
7,3
-
7,3
Nee
F-ASpuin
0,0 - 0,3
-
-
-
-
Nee
F-ASgrond
0,3 - 0,8
-
-
-
-
Nee
C
F 1
gewogen gehalte asbest = gehalte serpentijnasbest + (10 * gehalte amfiboolasbest)
2
aantal en type asbesthoudend materiaal zoals in het laboratorium vastgesteld
-
geen asbest aangetoond
5.2.3 Interpretatie In de volgende tabel zijn de onderzoeksresultaten per deellocatie samengevat beschreven.
009355
Pagina 16 van 21
Tabel 17: Overzicht onderzoeksresultaten per deellocatie Deellocatie
Interpretatie onderzoeksresultaten
Landbodem / puin A.
Dam 102
B.
Dam 101
C.
Strook langs Modderwijk
Er zijn in grond (met sporen puin) geen verhoogde gehalten aan chemische parameters en/of asbest aangetoond. De grond is voor hergebruik (indicatief) beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’. Ter plaatse van de dam (inrit) bevat de grond verspreid een zwakke bijmenging met puinresten en (meer lokaal) kolengruis. In de (puin- en kolengruishoudende) bovengrond direct naast de puinweg (afkomstig uit proefgat C01) is (net als tijdens eerder onderzoek) sprake van een sterk verhoogd gehalte aan zink. Ter plaatse is (deels visueel waarneembaar) in de grond asbesthoudend materiaal aanwezig: het indicatief gewogen asbestgehalte overschrijdt de interventiewaarde. Bij de overige grondmonsters (afkomstig uit proefgaten ten noorden en oosten van de dam) is geen asbestverdacht materiaal en/of kolengruis waargenomen. Wel is sprake van een lichte tot zwakke bijmenging met puin. Analytisch zijn geringe gehalten aan asbest aangetoond en is overwegend sprake van licht verhoogde gehalten aan zware metalen en/of PAK. In één bovengrondmonster (uit proefgat B04 verricht op geringe afstand ten noorden van C01) is echter sprake van een sterk verhoogd gehalte aan koper. De omvang van de sterke verontreiniging met koper en zink is binnen de grenzen van de onderzoekslocatie in beeld en wordt in horizontale richting begrensd door boring G20 (noord), proefgat C02 (oost), de puinweg (zuid) en locatiegrens (west).
De omvang binnen de locatie bedraagt circa 60 m2 x 0,5 m1 ≈ 30 m3. Daarmee is (mogelijk) sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
D.
Potentiële slootdemping (oostelijk)
E.
Potentiële slootdemping (noordelijk inclusief westelijk)
F.
Puinweg Modderwijk (ged.)
Er zijn geen aanwijzingen verkregen dat sprake is van een voormalige sloot welke is gedempt met bodemvreemd dempingsmateriaal. Er zijn geen verontreinigingen aangetoond. In het puin is geen asbest aangetoond en zijn geen chemische parameters aangetoond boven de maximale samenstellings- of emissiewaarden: op basis van een indicatieve toetsing is het materiaal beoordeeld als toepasbaar als niet vormgegeven bouwstof. In de grond onder het puin zijn geen verontreinigingen aangetoond. Terrein noordelijk van de Modderwijk In de bovengrond en in het grondwater, zijn licht verhoogde gehalten/concentraties aan zware metalen aangetoond. De grond is desondanks voor hergebruik (indicatief) beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’.
G.
Overige terrein
Terrein zuidelijk van de Modderwijk • Vanwege sterke begroeiing en de aanwezigheid van een depot puin en zand is het terrein beperkt onderzocht. • In de grond zijn licht verhoogde gehalte aan zware metalen, PAK en PCB aangetoond: deze grond is voor hergebruik (indicatief) beoordeeld als ‘klasse industrie’. • In de ondergrond is grof puin aanwezig waarop een boring is gestaakt. • Het grondwater (nabij de Modderwijk c.q. W4) bevat naast enkele licht verhoogde concentraties aan zware metalen een sterk verhoogde concentratie aan zink. Mogelijk is er een relatie met de aanwezigheid van zink in de waterbodem (W4).
Waterbodem W1
Sloot langs Boogerdweg 8 (ijsbaan)
Geen verontreiniging: waterbodem (zand) is elders toepasbaar / verspreidbaar
W2
Calkoenswijk
Geen verontreiniging: waterbodem (slib) is elders toepasbaar / verspreidbaar
W3
Sloot tussen Modderwijk en Calkoenswijk
Geen verontreiniging: waterbodem (zand) is elders toepasbaar / verspreidbaar
W4
(Watergang langs) Modderwijk
Waterbodem (veen) bevat sterk verhoogde gehalten aan koper, nikkel en zink en is daardoor niet elders toepasbaar en niet verspreidbaar.
009355
Pagina 17 van 21
Toetsing aan de gestelde hypothesen Chemische parameters De hypothese 'verdachte locatie' is een correcte hypothese omdat er verontreinigende parameters zijn aangetoond in gehalten boven de betreffende achtergrondwaarde en in concentraties boven de betreffende streefwaarde. Asbest De hypothese ‘verdachte locatie’ voor dam 101 (deellocatie B) en de strook langs de Modderwijk (deellocatie C) is correct omdat asbest is aangetoond in de bodem. Voor dam 102 (deellocatie A) en de Modderwijk (deellocatie F) is deze hypothese niet correct omdat ter plaatse geen asbest is aangetoond in de grond en/of puin. Voor het overige deel van de locatie blijft de hypothese ‘onverdachte locatie’ van kracht omdat tijdens het onderzoek geen aanwijzingen zijn verkregen dat ter plaatse sprake zou kunnen zijn van een (geval van ernstige) bodemverontreiniging met asbest.
Toetsing aan de noodzaak tot aanvullend onderzoek Zware metalen De aanwezigheid van de sterk verhoogde gehalten aan zware metalen in de grond, in het grondwater en in de waterbodem in (de omgeving van) de Modderwijk vormen aanleiding tot het uitvoeren van een nader onderzoek om meer inzicht te krijgen in de oorzaak en omvang van de verontreiniging. Het nader onderzoek is (in combinatie met dit verkennend bodemonderzoek) ter plaatse van dam 101 reeds uitgevoerd waarbij binnen de grenzen van de onderzoekslocatie voldoende inzicht is verkregen in de omvang van de sterke verontreiniging met koper en zink. De situatie in grondwater en eventuele samenhang met de verontreiniging in de waterbodem en in de grond ter plaatse van de dam is echter onduidelijk. Aanbevolen wordt om een aanvullend grondwateronderzoek uit te voeren. Opgemerkt wordt dat de troebelheid van het bemonsterde grondwater hoger was dan 10 NTU. Omdat voor de analyse op zware metalen het grondwater wordt gefiltreerd, wordt niet verwacht dat de aanwezigheid van vaste deeltjes in het grondwater invloed heeft gehad op de analyseresultaten. Asbest Ter plaatse van dam 101 zijn asbestverdachte materialen waargenomen en overschrijdt het totaal gewogen asbestgehalte de interventiewaarde van 100 mg/kg d.s.
Omdat sprake is van een verkennend onderzoek naar asbest (waarbij proefgaten zijn gegraven) is het gehalten indicatief en dient conform NEN 5707 een nader onderzoek naar asbest te worden uitgevoerd om vast te stellen of daadwerkelijk de interventiewaarde voor asbest wordt overschreden. Het nader onderzoek bestaat uit het graven van één of meerdere proefsleuven. Terrein zuidelijk van de Modderwijk Vanwege de sterke begroeiing van het terrein zuidelijk van de Modderwijk, is ter plaatse beperkt onderzoek uitgevoerd. Eén van de boringen (aan de Coevorderstraatweg) is gestaakt op grof puin en er is een depot puin en zand aanwezig dat zou zijn vrijgekomen bij nabij de locatie uitgevoerde graafwerkzaamheden. Als gevolg hiervan is van dit deel van de locatie onvoldoende inzicht verkregen in de actuele milieuhygiënische bodemkwaliteit. Aanbevolen wordt om (zodra het terrein vrij toegankelijk is) ter plaatse een aanvullend bodemonderzoek uit te voeren. Vanwege de aanwezigheid van (grof) puin kan overwogen worden om (in combinatie met het nader onderzoek naar asbest) gebruik te maken van een hydraulische graafmachine. Voor de afvoer van het depot zand en puin kan een (indicatieve) partijkeuring noodzakelijk zijn.
009355
Pagina 18 van 21
6
SAMENVATTING, CONCLUSIES EN AANBEVELINGEN
In opdracht van Gemeente Hoogeveen is door Buro Hollema B.V. in collegiale samenwerking met Ortageo Noordoost B.V. een verkennend (water)bodemonderzoek uitgevoerd voor het nieuwbouwplan Noordscheschut in de gemeente Hoogeveen. Onderdeel van het bodemonderzoek betreft een nader bodemonderzoek om inzicht te krijgen in de actuele mate en omvang van een tijdens eerder uitgevoerd onderzoek vastgestelde sterke verontreiniging met zware metalen ter plaatse van een dam (inrit) nabij de Modderwijk. Aanleiding en doel De aanleiding voor het onderzoek is de voorgenomen herontwikkeling van het gebied. Het doel van het onderzoek is om door het bepalen van de actuele bodemkwaliteit vast te stellen of er door een eventuele bodemverontreiniging consequenties zijn voor het voorgenomen grondwerk en/of toekomstig gebruik van de locatie. Onderzoeksstrategie Voor het onderzoek naar chemische parameters en asbest zijn deellocaties gedefinieerd. In de volgende tabel is per deellocatie de strategie weergegeven. Tabel 18: Onderzoeksstrategie deellocaties Oppervlakte (m2)
Deellocatie
Strategie Chemisch
Asbest
25
NEN 5740: VEP
NEN 5707: VEP
NEN 5707: VEP
Landbodem / puin A.
Dam 102
B.
Dam 101
25
NEN 5740: VEP gecombineerd met NTA 5755: verificatie en vaststellen omvang immobiele verontreiniging (metalen)
C.
Strook langs Modderwijk
300
Onderdeel van overig terrein
NEN 5707: VED-HE
D.
Potentiële slootdemping (oostelijk)
140 x 2 ≈ 280
NEN 5740: VEP middels raaien
-
E.
Potentiële slootdemping (noordelijk inclusief westelijk)
60 x 2 ≈ 120
NEN 5740: VEP middels raaien
NEN 5897: HALF NEN 5707: VED-HE (onderliggende bodem)
F.
Puinweg Modderwijk (ged.)
300
Analyse mengmonster puin (halfverharding) en onderliggende grond voor verkrijgen inzicht in hergebruiksmogelijkheden
G.
Overige terrein
18.725
NEN 5740: ONV-NL
-
Waterbodem W1
Sloot langs Boogerdweg 8 (ijsbaan)
60 x 1 ≈ 60
NEN 5720: ON (incl. PFAS)
-
W2
Calkoenswijk
95 x 3 ≈ 285
NEN 5720: ON (incl. PFAS)
-
W3
Sloot tussen Modderwijk en Calkoenswijk
90 x 1 ≈ 90
NEN 5720: ON (incl. PFAS)
-
W4
(Watergang langs) Modderwijk
95 x 2 ≈ 190
NEN 5720: ON (incl. PFAS)
-
ONV-NL
Onverdachte niet-lijnvormige locatie
VED-HE(-NL)
Diffuus belaste (niet-lijnvormige) locatie met een heterogeen verdeelde verontreinigende stof op schaal van monsterneming
VEP
Verdachte locatie met een plaatselijke bodembelasting met een duidelijke verontreinigingskern
HALF
Halfverhardingslagen (kleinschalig)
ON
Overig water, normale onderzoeksinspanning
De verificatie en afperking bij deellocatie B is uitgevoerd op basis van het aantreffen van bijmengingen met puin en kolengruis die mogelijk de sterk verhoogde gehalten aan zware metalen veroorzaken. Het verifiëren van de verontreiniging en vaststellen van de omvang (waarbij duidelijk wordt of deze groter of kleiner is dan 25 m3) is hierbij de doelstelling.
009355
Pagina 19 van 21
Resultaten en conclusies In de volgende tabel zijn de sresultaten en conclusies per deellocatie samengevat beschreven. Tabel 19: Overzicht onderzoeksresultaten per deellocatie Deellocatie
Interpretatie onderzoeksresultaten
Landbodem / puin A.
Dam 102
B.
Dam 101
C.
Strook langs Modderwijk
Er zijn in grond (met sporen puin) geen verhoogde gehalten aan chemische parameters en/of asbest aangetoond. De grond is voor hergebruik (indicatief) beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’. Ter plaatse van de dam (inrit) bevat de grond verspreid een zwakke bijmenging met puinresten en (meer lokaal) kolengruis. In de (puin- en kolengruishoudende) bovengrond direct naast de puinweg (afkomstig uit proefgat C01) is (net als tijdens eerder onderzoek) sprake van een sterk verhoogd gehalte aan zink. Ter plaatse is (deels visueel waarneembaar) in de grond asbesthoudend materiaal aanwezig: het indicatief gewogen asbestgehalte overschrijdt de interventiewaarde. Bij de overige grondmonsters (afkomstig uit proefgaten ten noorden en oosten van de dam) is geen asbestverdacht materiaal en/of kolengruis waargenomen. Wel is sprake van een lichte tot zwakke bijmenging met puin. Analytisch zijn geringe gehalten aan asbest aangetoond en is overwegend sprake van licht verhoogde gehalten aan zware metalen en/of PAK. In één bovengrondmonster (uit proefgat B04 verricht op geringe afstand ten noorden van C01) is echter sprake van een sterk verhoogd gehalte aan koper. De omvang van de sterke verontreiniging met koper en zink is binnen de grenzen van de onderzoekslocatie in beeld en wordt in horizontale richting begrensd door boring G20 (noord), proefgat C02 (oost), de puinweg (zuid) en locatiegrens (west).
De omvang binnen de locatie bedraagt circa 60 m2 x 0,5 m1 ≈ 30 m3. Daarmee is (mogelijk) sprake van een geval van ernstige bodemverontreiniging.
D.
Potentiële slootdemping (oostelijk)
E.
Potentiële slootdemping (noordelijk inclusief westelijk)
F.
G.
Er zijn geen aanwijzingen verkregen dat sprake is van een voormalige sloot welke is gedempt met bodemvreemd dempingsmateriaal. Er zijn geen verontreinigingen aangetoond.
Puinweg Modderwijk (ged.)
In het puin is geen asbest aangetoond en zijn geen chemische parameters aangetoond boven de maximale samenstellings- of emissiewaarden: op basis van een indicatieve toetsing is het materiaal beoordeeld als toepasbaar als niet vormgegeven bouwstof. In de grond onder het puin zijn geen verontreinigingen aangetoond.
Overige terrein
Terrein noordelijk van de Modderwijk In de bovengrond en in het grondwater, zijn licht verhoogde gehalten/concentraties aan zware metalen aangetoond. De grond is desondanks voor hergebruik (indicatief) beoordeeld als ‘altijd toepasbaar’. Terrein zuidelijk van de Modderwijk • Vanwege sterke begroeiing en de aanwezigheid van een depot puin en zand is het terrein beperkt onderzocht. • In de grond zijn licht verhoogde gehalte aan zware metalen, PAK en PCB aangetoond: deze grond is voor hergebruik (indicatief) beoordeeld als ‘klasse industrie’. • In de ondergrond is grof puin aanwezig waarop een boring is gestaakt. • Het grondwater (nabij de Modderwijk c.q. W4) bevat naast enkele licht verhoogde concentraties aan zware metalen een sterk verhoogde concentratie aan zink. Mogelijk is er een relatie met de aanwezigheid van zink in de waterbodem (W4).
Waterbodem W1
Sloot langs Boogerdweg 8 (ijsbaan)
Geen verontreiniging: waterbodem (zand) is elders toepasbaar / verspreidbaar
W2
Calkoenswijk
Geen verontreiniging: waterbodem (slib) is elders toepasbaar / verspreidbaar
W3
Sloot tussen Modderwijk en Calkoenswijk
Geen verontreiniging: waterbodem (zand) is elders toepasbaar / verspreidbaar
W4
(Watergang langs) Modderwijk
Waterbodem (veen) bevat sterk verhoogde gehalten aan koper, nikkel en zink en is daardoor niet elders toepasbaar en niet verspreidbaar.
009355
Pagina 20 van 21
Aanbevelingen Zware metalen De aanwezigheid van de sterk verhoogde gehalten aan zware metalen in de grond, in het grondwater en in de waterbodem in (de omgeving van) de Modderwijk vormen aanleiding tot het uitvoeren van een nader onderzoek om meer inzicht te krijgen in de oorzaak en omvang van de verontreiniging. Het nader onderzoek is (in combinatie met dit verkennend bodemonderzoek) ter plaatse van dam 101 reeds uitgevoerd waarbij binnen de grenzen van de onderzoekslocatie voldoende inzicht is verkregen in de omvang van de sterke verontreiniging met koper en zink. De situatie in grondwater en eventuele samenhang met de verontreiniging in de waterbodem en in de grond ter plaatse van de dam is echter onduidelijk. Aanbevolen wordt om een aanvullend grondwateronderzoek uit te voeren. Asbest Ter plaatse van dam 101 zijn asbestverdachte materialen waargenomen en overschrijdt het totaal gewogen asbestgehalte de interventiewaarde van 100 mg/kg d.s. Omdat sprake is van een verkennend onderzoek naar asbest (waarbij proefgaten zijn gegraven) is het gehalten indicatief en dient conform NEN 5707 een nader onderzoek naar asbest te worden uitgevoerd om vast te stellen of daadwerkelijk de interventiewaarde voor asbest wordt overschreden. Het nader onderzoek bestaat uit het graven van één of meerdere proefsleuven.
Terrein zuidelijk van de Modderwijk Vanwege de sterke begroeiing van het terrein zuidelijk van de Modderwijk, is ter plaatse beperkt onderzoek uitgevoerd. Eén van de boringen (aan de Coevorderstraatweg) is gestaakt op grof puin en er is een depot puin en zand aanwezig dat zou zijn vrijgekomen bij nabij de locatie uitgevoerde graafwerkzaamheden. Als gevolg hiervan is van dit deel van de locatie onvoldoende inzicht verkregen in de actuele milieuhygiënische bodemkwaliteit. Aanbevolen wordt om (zodra het terrein vrij toegankelijk is) ter plaatse een aanvullend bodemonderzoek uit te voeren. Vanwege de aanwezigheid van (grof) puin kan overwogen worden om (in combinatie met het nader onderzoek naar asbest) gebruik te maken van een hydraulische graafmachine. Voor de afvoer van het depot zand en puin kan een (indicatieve) partijkeuring noodzakelijk zijn.
009355
Pagina 21 van 21
BIJLAGE 1 Regionale ligging onderzoekslocatie
009355
Deze kaart is noordgericht
100
globale aanduiding onderzoekslocatie
300
500 meters
0 Titel:
Gecontroleerd:
Projectnaam:
Getekend:
NPA
Opdrachtgever:
X:
232750
Y:
526580
Gemeente Hoogeveen
O:\Ortageo\212382\Tekeningen\212382_V1.2.dwg
Schaal:
1:10000
Datum:
200
400
Project:
Bijlage:
Formaat:
009355
1
A4
30-06-2020
BURO HOLLEMA
BIJLAGE 2 Situatietekening met onderzoekspunten
009355
Legenda
2
Boogerdweg boring peilbuis
W01
E03 E04 E02
proefgat
W02
G01
G03 E01
boring waterbodem
W03
onderzoekslocatie
G02
W048 globale interventiewaardecontour huisnummer
123
W05 G06
kadastraal nummer W06 percelen W07 waterloop
E05 E07
W08
G05
E06 E08
4
greppel G07
G04
W09 puinverharding W10
W20
W19
W18
W17
W16
sterk begroeid terreindeel bosschage
W15
W14
W13
W12
W11
gras visuele inspectierichting maaiveld
G11 G23
G08
D01
D03
G24
D04
D02
E03
E01 G10
E04
E02
G25 G02 1:250
G09 G12 G26 A01 W30 W29
W24
A02 W25
dam 102
W28
W23
W27
W22
W26
W21
G13 E05
G16 E10
E09
D07
D05 D06
G05
E07 E06
E08
D08 1:250
G15
G14 E11
E13 1
E14
dam 101
7.5 G19
G20 ?
G17
E12
D11
D09 D10
B03 C02 F01 W32
C03
F02
C04
W34
W35
0
W36
30
Gemeente Hoogeveen W37
G21
15
D12
F03 Modderwijk
W33
37.5 meters
G18
B01 B04
B02 ? C01 W31
22.5
F04 W39
W38
W40
Verkennend bodemonderzoek Noordscheschut in Hoogeveen
Situatietekening met onderzoekspunten
?
B01
B02 st
ra
we
g
-- --
A3 01
1:750
B04 Milieu
B03
C01
C02
Civiele techniek
BURO HOLLEMA F01
Omgevingsarchitectuur
750 1:250
O:\Ortageo\212382\Tekeningen\212382_V1.2.dwg
02-07-2020
Sport & groen
?
at
2
NPA
Co ev or d
er
GKL
01
depot puin/zand
G22
009355
Asserstraat 12 9451 AC Rolde
E. W.
info@burohollema.nl www.burohollema.nl
0592 - 24 13 13
BIJLAGE 3 Bodemprofielbeschrijvingen
009355
009355
Meetpunt: A01
Meetpunt: A02
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen puin, donkerbruin
1 50
50
50
60
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2 100 110
100
100
100 Leem, sterk zandig, lichtgrijs
Meetpunt: B01
Meetpunt: B02
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, licht beigebruin
1
0
1 40
50
50
50 Zand, matig fijn, zwak siltig, beigegeel
2 100
100
Meetpunt: B04
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
1 40
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer, licht beigebruin, >20mm: 3%
2
100
100
40
50
Meetpunt: C02
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
1
2
70
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, zwak puinhoudend, zwak kolengruishoudend, matig asbestverdacht materiaal houdend, resten ijzer, donkerbruin, >20mm: 3%, avm 10x vlakke plaat: 0,05kg
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
3 50
50 4 5 100
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
Projectlocatie:
Noordscheschut
Hoogeveen
0
braak Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, sporen kolengruis, donkerbruin
1 50
50 2
80
3 100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer, licht beigebruin, >20mm: 3%
100
100
braak
gras
Zand, matig fijn, zwak siltig, beigegeel
2
Meetpunt: C01
0
0
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, beigegeel
Zand, matig fijn, zwak siltig, sporen grind, zwak baksteenhoudend, resten plastic, resten ijzer, licht beigebruin, >20mm: 4%
100
100
gras
gras
Zand, matig fijn, zwak siltig, beigegeel
2
Meetpunt: B03
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, sporen puin, donkerbruin
1
Zand, zeer fijn, matig siltig, sterk humeus, resten plastic, bruinzwart
2
0
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, sporen kolengruis, resten plastic, donkerbruin Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
Projectcode: 212382 Pagina: 1 / 13
Meetpunt: C03
Meetpunt: C04
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin
1 50
50
90 100
100
50
50
Veen, zwak zandig, donkerbruin
Zand, matig fijn, zwak siltig, bruingrijs
2 90 100
100
Meetpunt: D01
Meetpunt: D02
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, licht roestbruin 2
100
100
100
Meetpunt: D03
Meetpunt: D04
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, licht roestbruin
50
2
2 100
100
100
Meetpunt: D05
Meetpunt: D06
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, grijszwart
1 50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2 100
100
Meetpunt: D07
Meetpunt: D08
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, grijszwart
1 50
50
Noordscheschut
Hoogeveen
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, grijszwart
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2 100
gras
50
50
100
100
0
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2
Projectlocatie:
gras
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, grijszwart
50
100
0
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2 100
gras
40
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, licht roestbruin
50
0
1
40
50
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
50
2
100
Veen, zwak zandig, donkerbruin
40
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, licht roestbruin
100
0
1
40
50
braak Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, sporen puin, donkerbruin
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
2
0
100
Projectcode: 212382 Pagina: 2 / 13
Meetpunt: D09
Meetpunt: D10
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, grijszwart
1 50
50
50
50
100
100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, donkergeel
2 100
100
Meetpunt: D11
Meetpunt: D12
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, grijszwart
1 50
50
Zand, zeer fijn, zwak siltig, donkergeel
2 90 100
Zand, zeer fijn, zwak siltig, donkergeel
100
100
Meetpunt: E01
Meetpunt: E02
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 2
55
3
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
2
60
100
100
Meetpunt: E04
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige
3
Meetpunt: E03
0
gras
40
100
100
0
1
40
50
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, resten veen, grijszwart
50
100
0
1
2
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, grijszwart
1
Zand, zeer fijn, zwak siltig, donkergeel
2
0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 40
50
50 2
70
3 100
100
50 Veen, sterk zandig, donker zwartbruin Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige
2
55
3
Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige 100
100
Meetpunt: E05
Meetpunt: E06
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50 3
60 70
4 100
100
Projectlocatie:
Noordscheschut
gras
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige
Hoogeveen
3
65 75
4 100
100
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige
Projectcode: 212382 Pagina: 3 / 13
Meetpunt: E07
Meetpunt: E08
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50 65 75
4 100
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige
65 75
3
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin
4 100
100
Meetpunt: E09
Meetpunt: E10
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
50
100
Meetpunt: E12
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
50 2
50
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin
2 100
100
Meetpunt: E13
Meetpunt: E14
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
50 2
50
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin
2 100
100
Meetpunt: F01
Meetpunt: F02
Datum meting: 12-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 12-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
puin Volledig puin, >20mm: 70%
1
puin Volledig puin, >20mm: 65%
30
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin 80
Noordscheschut
0
1
30
2
braak Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
50
100
100
0
1
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin
braak Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
50
100
100
0
1
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin
braak
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin
2 100
braak
Zand, matig fijn, zwak siltig, bruinbeige
50
Meetpunt: E11
0
Veen, sterk zandig, donker zwartbruin
Zand, zeer fijn, matig siltig, zwak humeus, donkerbruin
50
100
100
0
1
Zand, matig fijn, matig siltig, lichtbruin
2
Projectlocatie:
gras
50 3
50
0
Hoogeveen
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2 80
Projectcode: 212382 Pagina: 4 / 13
Meetpunt: F03
Meetpunt: F04
Datum meting: 12-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 12-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
puin Volledig puin, >20mm: 65%
1
30
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
2
80
80
Meetpunt: G01
Meetpunt: G02
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0 1
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
50
0
gras
25
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin Zand, matig fijn, zwak siltig, geelbruin
2
0
50
60
Zand, matig fijn, zwak siltig, bruingeel
3 100
100 Leem, sterk zandig, lichtgrijs
120
4
Leem, zwak zandig, lichtgrijs 150
150
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
3 100
puin Volledig puin, >20mm: 75%
30
50
0
1
150
5
Zand, matig fijn, sterk siltig, lichtgrijs
5
6 200
200
200
210
Zand, matig grof, zwak siltig, bruinbeige 250
250
Zand, uiterst fijn, zwak siltig, lichtgrijs 300 330
Meetpunt: G03
Meetpunt: G04
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0 1
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1
0
gras
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, bruingeel
2 50
50
50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin Veen, zwak zandig, donkerbruin
3 100
100 4
150
120
Zand, matig fijn, matig siltig, neutraalbruin Zand, matig fijn, matig siltig, beigegrijs
5 170
Leem, sterk zandig, lichtgrijs
6 200
200
Meetpunt: G05
Meetpunt: G06
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
50
Projectlocatie:
gras
Noordscheschut
Hoogeveen
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
1 50
gras
50
Projectcode: 212382 Pagina: 5 / 13
Meetpunt: G07
Meetpunt: G08
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0 1
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras
20
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, donkerbruin
2 50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergeel
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, resten veen, grijszwart
1 40
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
50 2 100
100
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergeel
3 150
150
Zand, matig fijn, matig siltig, licht geelgrijs
4 200
200
Meetpunt: G09
Meetpunt: G10
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
1 40 50
50
gras
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, lichtbruin
0
gras Veen, sterk zandig, donker zwartbruin
1 50
50
Veen, bruinbeige 2 100 3 150 170
Zand, zeer fijn, zwak siltig
5 200
200
Zand, zeer fijn, matig siltig, lichtgrijs
250
300 330
Meetpunt: G11
Meetpunt: G12
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Gerard Visschedijk Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, resten veen, donkerbruin
1 50
50
Projectlocatie:
gras
Noordscheschut
Hoogeveen
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
1 50
gras
50
Projectcode: 212382 Pagina: 6 / 13
Meetpunt: G13
Meetpunt: G14
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker grijsbruin
1
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
1
40
50
2
60
50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin
3 100
Veen, bruinzwart
110
Zand, matig fijn, zwak siltig, donker beigegeel
4 150
160
Leem, sterk zandig, lichtgrijs 5 200
200
Meetpunt: G15
Meetpunt: G16
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
1 40 50
50
gras
Veen, bruinzwart
40 50
50
Meetpunt: G18
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, resten veen, grijszwart
1 45 50
50
Veen, bruinzwart
0
Veen, bruinzwart
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, grijszwart
1 50
50
Zand, matig fijn, zwak siltig, donkergeel
2 100
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
1
Meetpunt: G17
0
0
110
3 140
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig grindhoudend, lichtbruin Leem, sterk zandig, lichtgrijs
150 4
200
200
Meetpunt: G19
Meetpunt: G20
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 17-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
gras Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donker zwartbruin
1 50
50
0
Zand, matig fijn, zwak siltig, matig humeus, donkerbruin
1 50
gras
60
2 90
Zand, matig fijn, zwak siltig, lichtbruin Leem, sterk zandig, lichtgrijs
100 3 140
Zand, matig fijn, sterk siltig, lichtgrijs
150 4 200
Projectlocatie:
Noordscheschut
Hoogeveen
200
Projectcode: 212382 Pagina: 7 / 13
Meetpunt: G21
Meetpunt: G22
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 16-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Veen, zwak zandig, donker zwartbruin
1
0
1 30 31
Zand, matig fijn, zwak siltig, zwak humeus, bruingrijs Gestaakt na 3 pogingen op grof puin.
50
50
bosschage
Veen, donkerbruin
2 80
Leem, sterk zandig, lichtgrijs 100
3
150
4 180
Meetpunt: G23
Meetpunt: G24
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
0
braak Veen, zwak zandig, donker zwartbruin, Greppel
1 50
50
50
50
Meetpunt: G26
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Tom Veldhuis Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
braak Veen, zwak zandig, donker zwartbruin, Greppel
1 50
50
50
Meetpunt: W02
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Rob Rieschke Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0
Datum meting: 15-6-2020 Veldwerker: Rob Rieschke Peilen in cm t.o.v. referentievlak 0