Kaderbrief 2023.pdf
Tekst van het document
Inleiding Voor u ligt de Kaderbrief 2023. De Kaderbrief is het eerste document in de jaarlijkse planning- & control cyclus. In deze brief schetsen we de financiële ontwikkelingen voor het aanstaande begrotingsjaar en meerjarenperspectief. Dit is een voorstel van het huidige college. We ramen pessimistisch-realistisch en stellen alleen onvermijdelijke uitgaven voor. De kaderbrief is beleidsarm opgesteld. Mochten hier nog wijzigingen vanuit het nieuwe coalitieakkoord op komen worden deze voorafgaand aan de Programmabegroting 2023 met u gedeeld. De verdere uitwerking van deze kaders vindt plaats in de Programmabegroting 2023 en meerjarenraming 2024-2026. Deze kaderbrief geeft richting op hoofdlijnen. Uitgewerkte voorstellen komen in de Programmabegroting 2023. In deze kaderbrief nemen we u mee in de volgende aspecten: - Waarom hebben we deze kaderbrief nodig? - Hoe zijn we gekomen tot de beginpositie voor de komende begroting? - Welke richting stellen we voor om te komen tot een reëel en structureel sluitende begroting? In bijlage 1 hebben we een overzicht opgenomen van alle mutaties per programma.
Waarom deze kaderbrief? Het doel van de kaderbrief is om richting te krijgen voor het komende begrotingsproces. Het college doet voorstellen, maar de raad bepaalt die richting. De volgende richtlijnen worden voor de Programmabegroting 2023-2026 voorgesteld: • De Programmabegroting 2022 vormt het kader. We ramen pessimistisch-realistisch. Dat wil zeggen dat we realistisch zijn over onze uitgaven en pessimistisch over onze inkomsten. Daar waar deze kaders ontoereikend zijn, vallen we terug op de laatste raadsafspraken zoals die zijn vastgelegd in de Programmabegroting 2021 en in Schone Lei. • De kaderbrief is beleidsarm opgesteld, omdat er weinig financiële ruimte is en omdat er nog geen nieuw raads- of coalitieakkoord is. • Ten opzichte van de Programmabegroting 2022 stellen we alleen onvermijdelijke uitgaven voor. Onvermijdelijk wil hier zeggen dat er grote kans is dat we de uitgave moeten doen en er een kleine kans is dat we beheersmaatregelen kunnen nemen om de uitgaven naar beneden bij te stellen. Dit zijn categorie 1 en 2 uitgaven. Uitgaven krijgen pas de status 'onvermijdelijk' als buiten discussie is dat de uitgave onvermijdelijk is. Er is bijvoorbeeld een wettelijke grondslag voor de uitgave of een juridische verplichting. Bestuurlijke verplichtingen of toezeggingen aan de raad zijn onvoldoende om een uitgave onvermijdelijk te maken.
• We lopen voor op het spaartempo zoals afgesproken is in Schone Lei. Het is nodig om snel (nog) meer vet op de botten te krijgen. Ingrepen in de uitgaven blijven nodig en een grotere spaarpot betekent dat er meer tijd kan worden genomen om deze ingrepen zorgvuldig voor te bereiden en uit te voeren. Ook moeten we weerbaarder worden voor schommelingen in de inkomsten van het rijk. Dit alles maakt dat spaartempo en -doel van Schone Lei te gering zijn voor een robuuste begroting. • De inkomsten worden waar van toepassing geïndexeerd op basis van de consumentenprijsindex (CPI). Voor wat betreft de uitgaven ramen we realistische indexeringen en volumeaanpassingen. • Bezuinigingen vanuit de huidige programmabegroting worden geactualiseerd op realisme. • De structurele effecten uit de jaarrekening 2021 worden in de kaderbrief als eerste meegenomen om te komen tot een sluitend meerjarenbeeld. • Als we hiermee negatieve resultaten niet ombuigen, kijken we vervolgens naar het verminderen van de uitgaven. 1
• Als we ook hiermee negatieve resultaten niet kunnen ombuigen, dan gaan we voorstellen doen om de algemene dekkingsmiddelen, waaronder de OZB te verhogen bovenop de normale jaarlijkse indexaties.
Actualisatie Meerjarenperspectief Exploitatie Wij hebben een nieuw meerjarenperspectief samengesteld. De basis hiervoor is de bestaande meerjarenraming voor de jaren 2023 tot en met 2025. Daar is de jaarschijf 2026 aan toegevoegd. Ontwikkelingen die effect hebben op dit meerjarenperspectief zijn onder andere de ontwikkelingen van het gemeentefonds, loon- en prijsindexaties, investeringsportefeuille, spaartempo en autonome ontwikkelingen. Het financiële vertrekpunt van de kaderbrief 2023-2026 is de eindstand van de Programmabegroting 2022-2025 na 1e begrotingswijziging en ziet er als volgt uit: Omschrijving (Bedragen x €1000), "+" +nadeel, "-" =voordeel Programma's: Blijven meedoen en talentontwikkeling Gezond en Vitaal Werken aan werk Bruisend Hoogeveen Aantrekkelijk wonen Krachtige wijken en dorpen Veilige bereikbaarheid Duurzamer Hoogeveen Veilig Hoogeveen Zichtbaar en transparant bestuur Algemene dekkingsmiddelen Overzicht Overhead Reserves Totaal resultaat
2022
2023
2024
2025
36.005 30.218 24.635 2.890 3.057 5.863 6.332 -972 3.963 4.167 -139.569 18.964 1.281 -3.166
35.397 30.015 23.607 2.814 3.214 5.373 6.553 -873 3.973 4.009 -136.650 18.214 4.758 404
33.813 29.984 22.929 2.957 3.725 5.541 6.471 -779 3.992 4.004 -136.808 18.335 5.740 -96
32.524 29.355 22.178 2.889 3.905 5.551 7.210 -785 3.992 4.004 -136.879 18.586 6.102 -1.368
Actualisatie gemeentefondsuitkering De gemeentefondsuitkering is geactualiseerd op basis van de decembercirculaire 2021. In onderstaande tabel zijn de effecten hiervan opgenomen: Bedragen x € 1.000 Opgenomen in MJB 2022-2025 (o.b.v. meicirculaire'21) Uitkomsten decembercirculaire Verschil (- is voordeel, + is nadeel)
2023 -121.321 -124.207 -2.886
2024 -121.210 -123.754 -2.544
2025 -121.412 -124.336 -2.924
2026 -121.412 -124.336 -2.924
Herontwerp sociaal domein 2022-2025 In februari 2022 heeft de raad het Herontwerp sociaal domein 2022-2025-Programmaplan vastgesteld. Hierin komt naar voren dat een groot deel van de opgenomen taakstelling op het sociaal domein niet kan worden gerealiseerd. Het vertrekpunt voor de kaderbrief 2023-2026 moeten we hiermee corrigeren. De niet te realiseren taakstelling is:
2
Herontwerp sociaal domein Niet te realiseren taakstelling Niet haalbaar: extra taakstelling amendement Jeugd Totaal niet te realiseren taakstelling (- is voordeel, = is nadeel)
2023 2.339 500
2024 3.339 500
2025 5.189 500
2026 5.189 500
2.839
3.839
5.689
5.689
Het vertrekpunt voor de kaderbrief 2023-2026 na correctie van bijstelling op basis van de decembercirculaire en op de taakstelling sociaal domein is dan: Bedragen x € 1.000, "+"= nadeel, "-"= voordeel Eindstand Programmabegroting 2022-2026 Mutaties Gemeentefonds (O.b.v. decembercirculaire) Niet te realiseren taakstelling Sociaal Domein Vertrekpunt kaderbrief 2023-2026
2023 404 -2.886 2.839 357
2024 -96 -2.544 3.839 1.199
2025 -1.368 -2.924 5.689 1.397
2026 -1.368 -2.924 5.689 1.397
Herijking exploitatie Op basis van de op dit moment beschikbare informatie zijn per programma de mutaties op het vertrekpunt van deze kaderbrief onder in Bijlage 1 opgenomen. Het saldo van deze mutaties is: Bedragen x € 1.000, "+"= nadeel, "-"= voordeel Mutaties categorie 1,2 en 3 (Zie Bijlage 1)
2023 -789
2024 -3.614
2025 -4.634
2026 217
De mutaties zijn per saldo voor alle jaren voordelig. Dat we voor 2026 veel minder voordeel hebben komt grotendeels door een lagere algemene uitkering gemeentefonds vanaf 2026. Over 2026 is op dit moment nog geen duidelijkheid wat het Rijk zal doen met het schrappen van de oploop opschalingskorting en het terugvallen van het accres naar een structureel niveau. Naast de mutaties uit Bijlage 1 corrigeren we twee eerder opgenomen bezuinigingen. De bezuiniging van 4 naar 3 wethouders is niet realistisch en uitvoerbaar. Daarnaast corrigeren we de koppeling van verhoging OZB met verlaging van de afvalstoffenheffing. Deze bezuiniging komt niet overeen met afspraken uit de Programmabegroting 2022 dat we geen extra OZB-verhoging opnemen. Na deze herijking van de exploitatie komt de eindstand van de kaderbrief uit op: Bedragen x € 1.000, "+"= nadeel, "-"= voordeel Vertrekpunt kaderbrief Mutaties categorie 1,2 en 3 (zie Bijlage 1) Correctie besparing van 4 naar 3 wethouders Correctie verhoging OZB (na verlaging Afvalstoffenheffing) Eindstand kaderbrief
2023 357 -789 168 500 236
2024 1.199 -3.614 168 960 -1.287
2025 1.397 -4.634 168 960 -2.109
2026 1.397 217 168 960 2.742
De jaarschijf 2022 sluit met een negatief resultaat van € 236.000. De jaarschijven 2024 en 2025 sluiten met een positief resultaat. Jaarschijf 2026 sluit met een nadelig resultaat van € 2,742 miljoen. We kiezen ervoor om geen nieuwe bezuinigingen in te zetten en de inkomsten niet boven de jaarlijkse indexatie te verhogen. Onverwachte incidentele onvermijdelijke extra uitgaven dekken we af met de Algemene reserve. Mochten er onvermijdelijke dan wel door de raad gewenste extra structurele uitgaven aankomen in 2023, dan starten we wel een zoektocht naar nieuwe bezuinigingen waarbij we de minima zullen ontzien. Dat pakket aan bezuinigingsmaatregelen kan dan door de raad worden gewogen tegen extra verhogingen van de inkomsten.
3
Algemene reservepositie Op het moment van schrijven van deze kaderbrief is de accountantscontrole van de jaarstukken 2021 nog onderhanden. Een definitief en door de accountant gecontroleerd rekeningresultaat is om die reden niet voorhanden. Om toch input te hebben voor de doorrekening van de algemene reservepositie hebben we het rekeningresultaat ‘vastgeprikt’ op 12 april 2022. Dit saldo ad € 11,582 miljoen (na bestemming) is derhalve het voorlopige rekeningresultaat en kan dus nog wijzigen. In onderstaand overzicht is het verloop van de Algemene reserve weergegeven op basis van de concept jaarrekening 2021 en programmabegroting 2022-2025. De stortingen van de winstnemingen grondexploitatie zijn geactualiseerd op basis van de jaarrekening 2021. Algemene reserve Stand op 1-1
2021 2022 1.064 11.090
2023 2024 2025 2026 25.471 31.795 38.703 45.966
Onttrekkingen: Saldo jaarrekening 2020
-97
Bestemmingsvoorstellen 2020
-672
Verliesvoorziening BIE 2021
-70
Onttrekking t.b.v. exploitatie 2021
-1.000
Bestemmingsvoorstellen 2021 Totaal onttrekkingen
-1.839
-
-
-
-544 -544
-
-
-
0
0
0
0
Stortingen: Reservering Algemene reserve
200
-
200
200
200
200
3.500
5.000
5.500
5.500
Reservering Algemene reserve (Schone lei)
1.500
Overheveling vanuit div. reserves (GemRap 2021) Winstneming uit grondexploitaties
7.945 2.220
-
-
-
-
2.799
2.624
1.708
1.563
1.440
Saldo jaarrekening 2021 (voorlopig) Totaal stortingen
- 12.126 11.865 14.925
-
-
-
-
6.324
6.908
7.263
7.140
Stand op 31-12
11.090 25.471
31.795 38.703 45.966 53.106
Het verloop van de Algemene reserve op basis van Schone lei was: Algemene reserve bedragen x € 1.000 Stand Algemene reserve per jaareinde
2021 0
2022 3.500
2023 8.500
2024 13.500
2025 19.000
Bestemmingsreserves Bij de GemRap 2021 zijn diverse bestemmingsreserves opgeschoond en gestort in de Algemene reserve ter versterking van het weerstandsvermogen. Het verloop van de nog aanwezige bestemmingsreserve is hieronder weergegeven. Hierbij is ervan uitgegaan dat de Reserve kapitaallasten visie Stadscentrum en de Reserve transformatie jeugd (waarover regionaal wordt besloten) in 2022 volledig worden ingezet. Bestemmingsreserve Reserve structuurvisie Stand op 1-1 Onttrekkingen: Visievorming/uitvoering programma landelijk gebied Stand op 31-12
2022
2023
2024
150
100
50
-50 100
-50 50
-50 0
2025
2026
4
Kengetallen In het verleden zijn financiële kaders opgesteld waaraan we kunnen aflezen in hoeverre Hoogeveen financieel gezond is. Deze kaders zijn in ‘schone lei’ herbevestigd. De kaders zijn: 1. Schuldpositie: norm is max. 80% 2. Solvabiliteit: norm is min.18% 3. Weerstandsvermogen: norm ‘voldoende’ (1,0 > < 1.4) 4. Sluitende begroting: de begroting is structureel en reëel sluitend. De saldi in meerjarenperspectief zijn positief. De begroting is bovendien 'pessimistisch-realistisch' opgesteld, waarmee de belangrijkste risico's zijn afgedekt. Schuldpositie De netto schuld weerspiegelt het niveau van de schuldenlast van de gemeente ten opzichte van de exploitatie inkomsten (excl. reserves). De netto schuldquote geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. De schuld belast de exploitatie met rentelasten. Hoe hoger de schuld, hoe meer rentelasten. Wanneer de rente gaat stijgen, drukken de rentelasten zwaarder op de exploitatie. Solvabiliteitsratio De solvabiliteit geeft aan in hoeverre een organisatie in staat is om aan haar verplichtingen te voldoen. De solvabiliteitsratio is een kengetal dat weergeeft welk deel van het gemeentelijk vermogen is gefinancierd met eigen vermogen. Weerstandsvermogen Het kengetal weerstandsvermogen is de verhouding tussen het totaalbedrag aan risico’s en de beschikbare weerstandscapaciteit.
Met behulp van dit kengetal kan worden bepaald of het weerstandsvermogen voldoet aan de gestelde norm. Aan de hand van onderstaande tabel uit de nota risicomanagement kan de betekenis van deze ratio worden bepaald. Waardering
Ratio Weerstandsvermogen
Betekenis
>2,0 1,4 > < 2,0 1,0 > < 1,4 0,8 > < 1,0 0,6 > < 0,8 < 0,6
Uitstekend Ruim voldoende Voldoende Matig Onvoldoende Ruim onvoldoende
A B C D E F
Op basis van de programmabegroting 2022-2025 en jaarrekening 2021 komen de kengetallen uit op: kengetal Netto schuldquote Idem, gecorrigeerd met alle verstrekte geldleningen. Solvabiliteitsratio Ratio weerstandsvermogen
2021 2021 2022 2023 rekening begroting begroting begroting 58% 84% 79% 78% 53% 16% 1,76
81% 9% 0,80
77% 12% 1,54
76% 13% 1,83
2024 2025 begroting begroting 75% 70% 72% 16% 2,20
67% 20% 2,57
5
De kengetallen zijn bij de jaarrekening voor 2021 geactualiseerd op basis van de werkelijke stand eind 2021. Het ratio weerstandsvermogen is vanaf 2022 herijkt op basis van actualisatie van het verloop van de Algemene reserve. We zijn zonder meer verheugd over de ontwikkeling van de financiële kengetallen. Dat gaat echt de goede kant op en veel sneller dan we hadden verwacht (of gehoopt) in de zomer van 2020. Een flinke waarschuwing is echter op zijn plaats. Spaartempo en -doel van Schone Lei waren ontoereikend om grote schommelingen in de begroting op te vangen. Met name de rijksinkomsten worden steeds onvoorspelbaarder. Dat pakt nu goed uit voor onze begroting, maar als het rijk in dezelfde mate en met dezelfde omvang afschaalt, dan was de Hoogeveense spaarpot met de € 18 miljoen uit Schone Lei daar niet tegen bestand en zou er acuut hard moeten worden ingegrepen in de uitgaven en inkomsten. Er is alle reden vast te houden aan de ambitie om een begroting te hebben met een uitstekend weerstandsvermogen en een Algemene reserve die de € 40 miljoen overschrijdt.
Mutaties Mutaties Het proces van totstandkoming van deze kaderbrief is in grote lijnen gebaseerd op onderstaande uitvraag: - Alle van belang zijnde financiële mutaties worden voor zover bekend in de kaderbrief opgenomen. Bij de cijfermatige actualisatie van het huidige beleid geldt de gebruikelijke categorie indeling: • Categorie 1 – Onontkoombaar • Categorie 2 – Aanpassing op basis van realisatiecijfers • Categorie 3 – Nieuw beleid • Categorie 4 – Niet realiseerbare bezuinigingen - De structurele effecten uit de jaarrekening 2021 vormen een kader voor het benutten van budgettaire ruimte en dienen te worden meegenomen. - De aangepaste ramingen die ten tijde van het schrijven van de kaderbrief bekend zijn, worden meegenomen. - Nieuw beleid wordt in principe niet gehonoreerd.
Nieuw beleid Gegeven de financiële situatie en omdat er ten tijde van het opmaken van deze kaderbrief nog geen coalitieakkoord is, hebben we de kaderbrief zo beleidsarm mogelijk gemaakt.
Onzekerheden en risico's We hebben in deze kaderbrief te maken met onzekerheden en risico’s, die we hieronder uiteenzetten. Loon- en prijsontwikkelingen/ autonome ontwikkelingen Uit de groei van de gemeentefondsuitkering betalen we ook de loon- en prijsstijgingen, niet alleen van het 'eigen personeel' maar ook van andere organisaties waar de gemeente een financieel belang in heeft. Dat betekent onder andere een hogere bijdrage over 2022 aan de SWO De Wolden Hoogeveen, maar ook stijgen de andere in de begroting van Hoogeveen geraamde bijdragen aan de verschillende verbonden partijen door loon- en prijsinflatie. Verder zal de dekking van de ingeschatte verhoging van de onderhoudsbudgetten kapitaalgoederen (prijsinflatie) hieruit (deels) gecompenseerd moeten worden. 6
Vooruitlopend op de komende meicirculaire anticiperen we op een hogere uitkering uit het gemeentefonds voor deze onderdelen. Na ontvangst van de meicirculaire 2022 maken we een herberekening van de voor de komende jaren te ontvangen algemene uitkering als basis voor de ramingen in de programmabegroting 2023. De gemeentefondsuitkering ramen we voor de jaren na 2023 in constante prijzen. Met dit uitgangspunt bepalen we ook de baten en lasten voor de jaren na 2023. Onder autonome ontwikkelingen verstaan wij ontwikkelingen die van buitenaf op ons afkomen en waar wij als gemeente geen invloed op hebben. Dit kunnen bijvoorbeeld nieuwe of gewijzigde weten regelgeving en volumestijgingen zijn. Nog te realiseren bijsturingen In de huidige programmabegroting zijn nog bijsturingen opgenomen die nog niet of niet geheel zijn gerealiseerd. Dit betreft: Nog te realiseren bijsturingen bedragen x € 1.000 Blijven Meedoen en talentontwikkeling Huisvesting Voortgezet onderwijs Krachtige wijken en dorpen Beheer wijk- en buurthuizen Duurzaam Hoogeveen Afvalinzameling anders regelen Verlaging afvalstoffenheffing Overhead Taakstelling SWO
2022
2023
2024
2025
2026
-300
-300
-300
-300
-300
-50
-200
-350
-350
-350
-500 500
-960 960
-960 960
-960 960
-1.500
-1.750
-1.750
-1.750
-1.250
In de begroting 2021 van de SWO is op de bijdrage aan de SWO vanuit Hoogeveen een taakstelling verwerkt van € 956.000. In 2021 is aan de taakstelling invulling gegeven door taken te laten vervallen (o.a. te stoppen met Marketing, werken op afspraak bij de gemeentewinkel, minder inzet van de lobbyist etc.) en het benutten van synergie- en efficiencyvoordelen. Vanaf 2022 moet de taakstelling nog verder worden ingevuld. De taakstelling op het beheer van wijk- en buurthuizen is vanaf 2022 met € 50.000 ingevuld door een korting op de exploitatiebijdragen aan de huizen van 40%. Deze bijsturingen worden bij de programmabegroting 2023 geactualiseerd op basis van wat realistisch uitvoerbaar is. Onderhoud kapitaalgoederen Niet alle beheerplannen zijn meer actueel. Na actualisatie van de beheerplannen moet worden bezien of de in de begroting opgenomen onderhoudsbudgetten nog toereikend zijn. Verbonden partijen Uitzettingen van verbonden partijen hebben we momenteel niet allemaal in beeld. Een deel hiervan is als PM-post opgevoerd.
7
Investeringen In de huidige programmabegroting 2022 zijn onderstaande investeringen opgenomen voor de jaren 2023 – 2025. Investering Blijven meedoen en talentontwikkeling Onderwijs huisvesting Gezond en vitaal Renoveren bestaande buitensportvelden Bruisend Hoogeveen Tamboer Aantrekkelijk wonen Regio stedenfonds Krachtige wijken en dorpen Budget speelvoorzieningen Reconstructie openbaar groen Veilige bereikbaarheid Asfaltprogramma-wegen Asfaltprogramma-fietspaden Houtendamwand industriehaven Houtendamwand kanaalweg Zuiderparkbrug Damwand industriehaven NZ Berkenlaan brug Schooldijkje brug Duurzamer Hoogeveen Realiseren en inrichten (bergings)gebieden waterstructuur Totaal
2023
2024
2025
2.500.000
2.500.000
2.500.000
718.000
209.000
568.000
470.000
1.259.000
282.000
114.000 153.000
146.000 130.000
106.000 130.000
962.000 372.000 71.250 564.470
818.000 315.000
818.000 315.000
2026
145.000 6.538.720
7.186.420
4.838.250
352.000
Investering buiten het investeringsplafond Budget rioleringswerkzaamheden Totaal investeringen
1.145.000 7.683.720
1.145.000 8.331.420
1.205.000 6.043.250
352.000
469.000
222.000 130.000
39.000 1.770.420 65.250 54.000
Bij de kaderbrief wordt de investeringsruimte geactualiseerd. Er wordt rekening gehouden met de budgetruimte (kapitaal- en exploitatielasten) voor voorgenomen investeringen. Met de raad is een investeringsplafond van circa € 6,5 miljoen per jaar afgesproken. Verder hebben we afgesproken eerst noodzakelijke vervangingsinvesteringen te doen en pas daarna nieuwe. In de praktijk betekent dit dat we niet in staat zullen zijn om alle noodzakelijke vervangingsinvesteringen te doen. We weten immers dat er een aantal grotere noodzakelijke vervangingsinvesteringen aankomen die in zijn geheel het ‘jaarlijkse budget’ voor investeringen zullen opsouperen, zoals de brandweerkazerne. Ten slotte schuiven investeringen ook door als gevolg van vertragingen in de besluitvorming of onvoldoende capaciteit om het werk voor te bereiden. Er is al met al alle reden onze huidige systematiek tegen het licht te houden. Dat zullen we doen bij de Kaderbrief 2024. Voor de Programmabegroting 2023 houden we vast aan het plafond van ongeveer € 6,5 miljoen, vooral in te vullen met direct noodzakelijke vervangingsinvesteringen.
8
Bij de vaststelling van de programmabegroting 2021 heeft de raad besloten de extra financiële ruimte voor vervanging- en nieuwe investeringen (zoals is opgenomen in de Schone lei) te schrappen. Dit betekent dat voor extra investeringen geen financiële dekking aanwezig is in de huidige programmabegroting. Investeringen die de komende jaren nog op de rol staan, zijn o.a. - Brandweerkazerne - Zwembad - Tamboer - Sportaccommodaties Renovatie buitensportvelden In 2022 worden de eerste kunstgrasvelden voetbal in het Bentinckspark gerenoveerd. In 2021 zijn de velden sporttechnisch gekeurd. Hieruit blijkt dat een aantal velden die in de periode 2023-2025 eerder vervangen moeten worden. Dit betekent dat een aantal vervangingsinvesteringen van deze velden eerder moet plaatsvinden. In de begroting 2023 verwerken we de geactualiseerde planning. Budget speelvoorzieningen Betreft de vervanging van huidige speeltoestellen in overeenstemming met het daarvoor vastgestelde plan. Als gevolg van de hoge kostprijsstijgingen van gemiddeld 18%, is het investeringsbedrag exclusief personeelskosten met € 17.000 voor 2023 opgehoogd. Voor Jaarschijf 2026 is € 220.000 toegevoegd voor de vervanging van de speelvoorzieningen + € 2.000 voor personeelskosten in totaal is dit € 222.000.
Reconstructie openbaar groen Voor het opstellen van het groenbeheerplan is in de zomer van 2018 een groeninspectie uitgevoerd om de kwaliteit en vitaliteit van alle groenvakken in beeld te brengen. Uit deze inspectie is gebleken dat de kwaliteit en vitaliteit van het openbaar groen redelijk is, maar dat een aantal groentypen in een slechte conditie verkeren waarbij regulier onderhoud onvoldoende voldoet. Omdat een deel van het groen aan het einde van de levensduur is en wij de kwaliteit en de vitaliteit willen waarborgen, is vervanging hiervan op korte termijn noodzakelijk. Om de kwaliteit van het openbaar groen op peil te houden is vanaf 2022 structureel een vervangingsinvestering opgenomen. Als gevolg van kostprijsstijgingen van gemiddeld 18%, is het investeringsbedrag exclusief personeelskosten met € 23.000 voor 2023 opgehoogd. Voor Jaarschijf 2026 is € 127.000 voor de reconstructies toegevoegd + € 3.000 voor personeelskosten in totaal is dit: € 130.000. Investeringen veilige bereikbaarheid Als gevolg van kostprijsstijgingen van gemiddeld 18%, zijn de investeringsbedragen voor 2023 opgehoogd.
9
Bijlage 1: Ontwikkeling begroting gemeente Hoogeveen Categorie 1: onontkoombaar Categorie 2: o.b.v. realisatiecijfers Categorie 3: nieuw beleid Categorie 4: niet gerealiseerde bezuiniging Mutaties 2023-2026 Omschrijving bedragen x €1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel
Categorie
2023
2024
2025
2026
1 2 1
pm -1.700 pm
pm -1.700 pm
pm -1.700 pm
pm -1.700 pm
1 1 1 1 2
92 133 pm 250 pm
92 133 pm pm pm
92 133 pm pm pm
92 133 pm pm pm
1 2 1
pm pm pm
pm pm pm
pm pm pm
pm pm pm
1 1
166 -111
91 -111
91 -111
91 -111
Werken aan Werk Dividenduitkering NV Rendo Inkomensregelingen BUIG STARK STIB Incidenteel werkbudget Herontwerp Sociaal Domein
1 2 1 1 2 2
843 pm pm 5 -25 350
843 pm pm 5
843 pm pm 5
843 pm pm 5
350
350
-
Bruisend Hoogeveen Marketing huur Punt H Indexering subsidie Lokale Omroep Bijdrage recreatieschap Verwijderen slib Recreatiegebied Schoonhoven
2 1 1 1
-6 4 3
-13 4 3
-13 4 3
-13 4 3 20
Aantrekkelijk Wonen Legesopbrengst omgevingswet
1
pm
pm
pm
pm
Blijven meedoen en talentontwikkeling Jeugdzorg, indexatie Jeugdzorg, woonplaatsbeginsel Jeugdzorg, hervormingsagenda GGD Drenthe: -Jeugdgezondheidszorg -Veilig Thuis Drenthe jeugd SWW GKB AOB middelen Gezond en Vitaal SWW Wmo, volumestijging Wmo, prijsstijging GGD Drenthe: Algemene gezondheidszorg Veilig Thuis Drenthe 18+
10
Omschrijving bedragen x €1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel
Categorie
2023
2024
2025
2026
Krachtige wijken en dorpen Openbaar groen, indexering Openbaar groen, (her)indexering WSW 2021 Openbaar groen, (her)indexering WSW 2022 Openbaar groen, indexering WSW 2023 Openbaar groen, areaaluitbreiding Openbaar groen, actualisatie groenbeheerplan Openbaar groen, gedragscode Flora en Fauna Openbare speelvoorzieningen, veiligheidsinspecties Buurthuizen onderhoud, schoonmaakvergoeding MFC Krakeel, lagere beheersvergoedingen Buurtwerk algemeen, lagere kosten SWW Peuterspeelzaal De Sterrenhoeve Peuterspeelzaal, opbrengst verhuur
2 2 2 2 2 3 1 1 2 2 2 2 2
197 12 25 54 15 50 6 12 -25 -19 -38 3 -3
197 12 25 54 15
197 12 25 54 15
197 12 25 54 15
-25 -19 -38 3 -3
-25 -19 -38 3 -3
-25 -19 -38 3 -3
Veilige Bereikbaarheid Onderhoud wegen: kostenverhoging Openbaar groen, kostenverhoging Brugbediening Straatreiniging Parkeerservice/publiek vervoer Areaal uitbreiding wegen Waarschuwingsborden en wegwijzers Wegenbeheerplan
2 2 2 1 1 2 2 2
597 6 3 436 pm pm 10 50
597 6 3 436 pm pm 10
597 6 3 436 pm pm 10
597 6 3 436 pm pm 10
Duurzamer Hoogeveen Bijdrage RUD
1
324
303
303
303
Veilig Hoogeveen Veiligheidsregio Drenthe (VRD) Zorg- en Veiligheidshuis Drenthe (ZVHD)
1 1
98 pm
98 pm
98 pm
98 pm
Zichtbaar en transparant bestuur Salarissen en sociale lasten (bestuur) Accountantskosten Ver. Nederlandse gemeenten Verkiezingen
1 1 1 1
62 25 11 pm
62 25 11
62 25 11
62 25 11
Algemene dekkingsmiddelen Algemene uitkering: verlegging basisjaar (maart-brief) Algemene uitkering: Invoering nieuwe verdeling Indexering inkomsten Kapitaallasten -OZB-opbrengst
1 1 1 3 2
-3.542 pm -560 pm -206
-6.006 pm -560 pm -206
-7.074 pm -560 pm -206
-1.879 pm -560 pm -206
Overhead Bijdrage SWO Huisvesting: overheveling pand Vos van Steenwijklaan
1 1
1.723 -119
1.808 -119
1.856 -119
1.835 -119
-789
-3.614
-4.634
217
Totaal Mutaties
7
11
De mutaties worden hierna per programma toegelicht:
Blijven meedoen en talentontwikkeling Financiële ontwikkeling Omschrijving bedrag Categorie en x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Jeugdzorg, indexatie 1 Jeugdzorg, woonplaatsbeginsel 2 Jeugdzorg, hervormingsagenda 1 GGD Drenthe: -Jeugdgezondheidszorg 1 -Veilig Thuis Drenthe jeugd 1 SWW 1 GKB 1 OAB-middelen 2
2023
2024
2025
2026
pm -1.700 pm
pm -1.700 pm
pm -1.700 pm
pm -1.700 pm
92 133 pm 250 pm
92 133 pm pm pm
92 133 pm pm pm
92 133 pm pm pm
Op 17 februari 2022 heeft besluitvorming in de raad plaatsgevonden over het herontwerp sociaal domein. De kaderbrief 2023 is verwerkt conform deze besluitvorming. Het aandeel vanuit de Jeugdwet en Schuldhulpverlening hierin valt onder het programma Blijven meedoen en talentontwikkeling. Toelichting mutaties Jeugdhulp 1. De effecten van de stijgende prijzen in het algemeen en de stijging van de salarissen in de nieuwe cao Jeugdzorg, zullen vanaf 2023 zichtbaar zijn. De verwachting is dat er een stijging van de kosten op jeugd ca. 8% bedragen, wat neerkomt op ca. € 1,45 mln. Dit betreft grotendeels de cao-verhoging die vanaf 2023 door zal gaan werken. De verwachting is dat hier ook een hogere bijdrage tegenover staat vanuit het Rijk (nu nog onbekend). Bij het opstellen van de begroting 2023 zal er een verhoging van de kosten worden meegenomen, voor zover op dat moment bekend zal zijn. 2. Als gevolg van de invoering van het woonplaatsbeginsel verwachten we een financieel voordeel op de kosten jeugdhulp in 2023 en verder. Bij de meest recente actualisatie is de verwachting dat er per saldo sprake is van een structureel voordeel van € 1,7 miljoen. 3. De Hervormingsagenda die Rijk en gemeenten samen zullen opstellen moet zorgen voor een beheersbaar en daarmee duurzaam financieel stelsel.
De in het regeerakkoord opgenomen bezuiniging van € 500 miljoen op de jeugdzorg is in strijd met de arbitrage-uitspraak van mei 2021. Gemeenten hebben daarom de medewerking aan het opstellen van de Hervormingsagenda aanvankelijk opgeschort. Inmiddels heeft de Eerste Kamer een motie aangenomen die het kabinet oproept deze bezuiniging te schrappen. Gesprekken hierover tussen het kabinet en het parlement lopen nog, maar inmiddels heeft het kabinet al wel aangegeven dat de bezuiniging moet worden gezien binnen de kaders van de arbitrage uitspraak. Dat betekent dat deze bezuiniging voor rekening en risico van het Rijk is, en dat ze alleen kan worden gerealiseerd als daar maatregelen tegenover staan. Daarbij denkt het kabinet onder andere aan het invoeren van een inkomensafhankelijke bijdrage.
12
In de Kaderbrief gaan we ervan uit dat de compensatie van het Rijk ook voor de jaarschijf 2026 zal gelden. Ook daarover lopen momenteel gesprekken tussen het kabinet en de VNG. Verder houden we aan de inkomstenkant voorlopig nog rekening met 75% van de compensatie conform de voorschriften van het Provinciale toezicht. Bij het opstellen van de begroting zal duidelijk moeten zijn welke lijn de toezichthouder daarbij wil hanteren. GGD Drenthe In de begroting 2023 van GGD Drenthe is een loon- en prijscompensatie van 1,9% van de bijdrage aan de gemeenschappelijke regeling opgenomen. De 1,9% is tot stand gekomen op basis van de berekeningssystematiek uit Samenwerken in Drenthe. Tegenover de verhoging van Veilig Thuis Drenthe Jeugd staat een verlaging van Veilig Thuis Drenthe 18+ (programma Gezond en vitaal). SWW Voor indexering van de bijdrage aan SWW is een pm-post opgenomen. Ontwikkelingen GKB De Gemeenschappelijke regeling GKB bevindt zich in een transitiefase. De insteek is dat 2023 het laatste jaar wordt van de GKB in de huidige vorm. Gelet op de begroting van de GKB voor 2023 moet rekening worden gehouden met een extra bijdrage van ca. € 250.000. De verwachting is dat ook na 2023 de kosten in eerste instantie hoger zullen zijn dan nu begroot.
Over de omvang is echter op dit moment nog niets te zeggen OAB middelen De vertaling van een aangepaste verantwoordingswijze van de rijksmiddelen voor onderwijsachterstanden naar de gemeentelijke begroting is op dit moment nog niet te maken. We gaan vooralsnog uit van een positief effect voor de begroting, maar de omvang van het voordeel moet nog nader uitgewerkt worden.
Gezond en vitaal Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Indexering en mutaties GGD Drenthe: -Algemene gezondheidszorg -Veilig Thuis Drenthe 18+ Indexering SWW WMO, volumestijging WMO, prijsstijging
Categorie
2023
2024
2025
2026
1 1 1 2 1
166 -111 pm pm pm
91 -111 pm pm pm
91 -111 pm pm pm
91 -111 pm pm pm
Toelichting mutaties Indexering en mutaties GGD Drenthe In de begroting 2023 van GGD Drenthe is een loon- en prijscompensatie van 1,9% van de bijdrage aan de gemeenschappelijke regeling opgenomen. De 1,9% is tot stand gekomen op basis van de berekeningssystematiek uit Samenwerken in Drenthe. Tussentijdse hogere indexering dient GGD te financieren uit haar Algemene Reserve. Vanaf 2024 kan het indexeringspercentage wijzigen. Daarnaast neemt GGD incidentele en structurele kosten op voor ontwikkelingen op gebied van informatieveiligheid en privacy, datagericht werken, gezonde leefomgeving en publieke gezondheid. 13
Indexering SWW Op 1 januari 2023 worden de salarissen structureel verhoogd met 2%. De CAO Sociaal Werk heeft een looptijd tot 1 juli 2023. Wellicht leiden de recente sterke prijsstijgingen tot extra looneisen in 2023. Bij het opstellen van de begroting 2023 is er mogelijk meer zicht op de loonontwikkeling in 2023. WMO (Maatwerkvoorzieningen en maatwerkdienstverlening 18+) Ten aanzien van de Wmo kunnen er, in het licht van de kaderbrief, nog geen harde financiële ontwikkelingen worden benoemd. Wel willen wij een aantal mogelijke ontwikkelingen benoemen waarvan het financiële effect bij het opstellen van de begroting 2023 nader zal worden geduid. 1. Een eerste ontwikkeling die we wel willen benoemen is de landelijke trend betreffende het stijgen van de Wmo-kosten. Deze trend is ook binnen gemeente Hoogeveen waarneembaar, aangezien er in 2022 een stijging van maar liefst 11,2 % ten opzichte van 2019 zichtbaar is ten aanzien van het aantal klanten huishoudelijke hulp. De komende periode zullen wij blijven monitoren en indien nodig het effect voor de begroting van 2023 duiden en opnemen. Onlangs is deze trend nog benoemd in een artikel in Binnenlands bestuur: https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/betaalbaarheid-sociaal-domeinongewis?tid=TIDP2265988XA1712FEF46FE430C91DABB24F5DD1BDCYI5&utm_campaign=BB_NB _Sociaal&utm_medium=email&utm_source=binnenlandsbestuur. 2.
Een tweede ontwikkeling betreft de prijsstijgingen die zich presenteren als gevolg van de corona pandemie en de situatie in Oekraïne. Het te verwachten financiële effect zullen wij de komende periode in kaart brengen en nader duiden bij de begroting 2023. 3. Herontwerp sociaal domein onderdeel Wmo: voor het herontwerp sociaal domein zijn de financiële gevolgen reeds vertaald in de meerjarenbegroting (bezuiniging van €199.000 in 2023, €390.000 in 2024 en €95.000 in 2025). We verwachten op dit vlak geen grote wijzigingen en zijn inmiddels wel drukdoende om voorbereidingen te treffen voor het uitvoeren van de besparingsmaatregelen in 2023. Wel willen we benoemen dat bovengenoemde twee punten, toename klanten en prijsstijgingen, invloed kunnen hebben op de financiële effecten van de besparingsmaatregelen. Voor zover nodig en reeds inzichtelijk zullen wij dit nader duiden bij het opstellen van de begroting.
Werken aan werk Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Dividenduitkering NV Rendo BUIG (rijksbijdrage bijstand) Vluchtelingenstroom uit Oekraïne Begeleide participatie, exploitatie Stark STIB Incidenteel werkbudget Herontwerp sociaal domein
Categorie
2023
2024
2025
2026
1 1 1 2 2 1
843 pm pm 5 -25 350
843 pm pm 5
843 pm pm 5
843 pm pm 5
350
350
Op 17 februari 2022 heeft besluitvorming in de raad plaatsgevonden over het Herontwerp sociaal domein. De kaderbrief 2023 is verwerkt conform deze besluitvorming. Het aandeel vanuit de Partcipatiewet hierin valt onder het programma Werken aan werk.
14
Toelichting mutaties Dividenduitkering NV Rendo In de AvA NV Rendo wordt voorgesteld een lager dividend uit te keren aan de aandeelhouders dan de afgelopen jaren. Voorgesteld wordt door Rendo om de dividenduitkering 2021 vast te stellen op € 5 miljoen (75% van het resultaat). Dit betekent een dividenduitkering voor Hoogeveen van € 1,7 miljoen, waar we € 2,5 miljoen begroot hebben. Dit zal structureel doorwerken in de begroting van Hoogeveen. Vluchtelingenstroom uit Oekraïne Vanuit het Rijk is ons meegegeven dat het uitgangspunt is dat de gemeente een reële compensatie ontvangt voor de extra kosten als gevolg van de opvang van een deel van de vluchtelingenstroom vanuit Oekraïne. Het zou nagenoeg geen nadelige financiële effecten hebben voor de gemeente. Daarbij wordt gestreefd naar een robuuste systematiek, die zoveel mogelijk uit gaat van normbedragen, waarbij de kostendekkendheid tussentijds wordt gemonitord. Ook werkt het kabinet aan een specifieke uitkering voor de opvang van ontheemden Oekraïne. Dit moet gemeenten in staat stellen de opvang te bekostigen en hierover verantwoording af te leggen. De inwerkingtreding van de regeling voor deze specifieke uitkering is beoogd medio april en heeft een terugwerkende kracht.
Begeleide participatie, exploitatie Stark De meerjarenbegroting van Stark wijkt negatief af van de begrote bijdrage zoals opgenomen in de meerjarenbegroting van Hoogeveen. De begrote gemeentelijke bijdrage voor 2023 komt uit op € 1.722.000. Het aandeel van Hoogeveen in de gemeentelijke bijdrage is € 1.404.166. De gemeente heeft voor deze post een bedrag van € 1.399.087 begroot. Dit is een negatieve afwijking van € 5.079. STIB Naar aanleiding van de gemeentelijke bezuinigingsmaatregel om met ingang van 2021 de subsidie aan STIB te beëindigen (afbouw in drie jaar), heeft STIB via een brief aangekondigd per 31 december 2021 geheel te stoppen met de activiteiten. Officiële verrekening met de gemeente o.b.v. de Liquidatiebalans vindt plaats in 2022. Aangezien in de meerjarenbegroting nog rekening was gehouden met de betaling van € 25.000 in 2023 (laatste jaar van subsidiering), komt dit bedrag te vervallen. Incidenteel werkbudget Herontwerp sociaal domein Conform de besluitvorming met betrekking tot het Herontwerp sociaal domein op 17 februari 2022 voeren we een incidenteel werkbudget op voor 2023 t/m 2025 van jaarlijks € 350.000.
Bruisend Hoogeveen Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Marketing huur Punt H Indexering subsidie Lokale Omroep Bijdrage Recreatieschap Verwijderen slib Recreatiegebied Schoonhoven
Categorie
2023
2024
2025
2026
2 1 1 1
-6 4 3
-13 4 3
-13 4 3
-13 4 3 20
Toelichting mutaties Marketing huur Punt H 15
Met ingang van 2021 is gestopt met Marketing (bezuinigingsmaatregel). Uitgangspunt was dat hiermee (ook) de huurkosten van gebouw Punt H zou vervallen. Vanwege het gezamenlijk gebruik van de ruimte door Marketing en Punt H medewerkers bleek (gedeeltelijke) opzegging van het huurcontract niet mogelijk. Voor het huurdeel is in de begroting daarom nog budget aanwezig. Per 1 juli 2023 wordt het contract ontbonden. Dit betekent dat bij Marketing een bedrag vrijvalt van € 6.250 in 2023 en € 12.500 in de jaren daarna. Lokale Omroep Hoogeveen Op basis van de Mediawet (art 2.170b) heeft de gemeente een zorgplicht voor de bekostiging van het functioneren van de lokale publieke media-instelling. Voor indexatie van de kosten wordt het jaarlijks advies van de VNG gevolgd (bedrag per huishouden). Structureel betekent dit een kostenverhoging van € 3.926. Bijdrage Recreatieschap Op grond van de Kaderbrief van het Recreatieschap 2023, stijgt de bijdrage van Hoogeveen aan het Schap in 2023 met € 2.911. Hierbij is uitgegaan van indexering conform de loonvoet sector Overheid en de materiële overheidsconsumptie. Recreatiegebied Schoonhoven In 2015 is een groot gedeelte van het recreatiegebied Schoonhoven verkocht aan Stichting Het Drentse Landschap. Uitsluitend de openbare gedeelten waar de gemeente, vanuit haar publiekrechtelijke taak, een verantwoording heeft, blijven in beheer bij de gemeente.
Het gaat hier voornamelijk om behoud van de zwemkwaliteit. Eens in de twee jaar moet het slib uit de kleine vijver worden verwijderd. Om deze werkzaamheden uit te voeren in 2026 moet hiervoor € 20.000 worden opgenomen.
Aantrekkelijk wonen Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Aanpassing legesopbrengsten Wkb
Categorie
2023
2024
2025
2026
1
pm
pm
pm
pm
Toelichting mutaties Leges Wkb De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) treedt met de Omgevingswet op 1 januari 2023 in werking. Deze wet zorgt voor verschuiving van werk en verantwoordelijkheid van de gemeente naar de markt. Dit betekent ook dat we voor dat deel van het werk geen leges in rekening mogen brengen. Voor 2023 schatten we nu een minderopbrengst in van 25% (van de geschatte jaarinkomsten van € 915.000), gelijk aan de korting die nu al is opgenomen in de legesverordening voor eventuele proefprojecten. De verlaging van de legesopbrengst is al meegenomen in de programmabegroting 2022. Echter de minderopbrengst is in grote mate afhankelijk van de keuzes die nog gemaakt moeten worden, vanuit het project Omgevingswet en het Omgevingsplan. Verder is de opbrengst afhankelijk van het aantal te vergunnen grote bouwprojecten in dat jaar. De Omgevingswet vraagt van ons meer maatwerk in de vooroverlegfase, door in te zetten op de complexe initiatieven. Dit moet resulteren in meer snelheid in de afhandeling bij de vergunningverleningfase. Ook kan de gemeente keuzes maken die bijvoorbeeld leiden tot het vergunningsvrij toestaan van bepaalde
16
ruimtelijke ingrepen. Deze keuzes worden verwerkt in het nog op te stellen omgevingsplan. Dit heeft gevolgen voor de legesinkomsten. In 2023 krijgen we een beter beeld voor de daaropvolgende jaren.
Krachtige wijken en dorpen Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Openbaar groen, indexering Openbaar groen, (her)indexering WSW 2021 Openbaar groen, (her)indexering WSW 2022 Openbaar groen, indexering WSW 2023 Openbare speelvoorzieningen, areaaluitbreiding Openbaar groen, actualisatie groenbeheerplan Openbaar groen, gedragscode Flora en Fauna Openbare speelvoorzieningen, veiligheidsinspecties Buurthuizen onderhoud, schoonmaakvergoeding MFC krakeel, lagere beheersvergoedingen Buurtwerk algemeen, lagere kosten SWW Peuterspeelzaal De Sterrenhoeve Peuterspeelzaal, opbrengst verhuur
Categorie
2023
2024
2025
2026
2 2 2 2 2 1 1 1 2 2 2 2 2
197 12 25 54 15 50 6 12 -25 -19 -38 3 -3
197 12 25 54 15
197 12 25 54 15
197 12 25 54 15 7
-25 -19 -38 3 -3
-25 -19 -38 3 -3
-25 -19 -38 3 -3
Toelichting mutaties Openbaar groen, indexering Om het onderhoud op het afgesproken kwaliteitsniveau te kunnen (blijven) uitvoeren, is het noodzakelijk dat de beschikbare budgetten op peil blijven. Aanpassing van de budgetten is daarom noodzakelijk en vindt plaats op grond van de tot nu toe beschikbare informatie. Vanaf 2021 tot heden zien we prijsstijgingen van veel materialen als gevolg van Corona (schaarste in productie), crisis Oekraïne (olie en gasprijzen) en schaarste in grondstoffen. De prijsstijging is een zo goed mogelijk inschatting van prijsontwikkelingen en verwachtingen zoals ze momenteel kunnen worden gemaakt. De actuele prijsstijgingen zitten tussen de 12 en 16%. Landelijk wordt in de GWW-sector een prijsindex aangehouden van 20%. Vanwege de grote onzekerheid hebben we het uitgangspunt genomen om tussen de landelijke en actuele berekening van aannemers te gaan zitten, te weten 18%. Bij het opstellen van de begroting 2023 gaan we de indexering beoordelen en daar waar nodig corrigeren. Openbaar groen, (her)indexering WSW-werkzaamheden (2021) In de begroting 2021 is rekening gehouden met een prijsindex van 2% voor de budgetten waarvoor Stark werkzaamheden uitvoert in de openbare ruimte. De werkelijke index die Stark in 2021 heeft gefactureerd is 3,2%. Het verschil komt neer op ruim € 12.000.
Om het onderhoud in de toekomst, volgens het afgesproken onderhoudsniveau te kunnen (blijven) uitvoeren, is het noodzakelijk dat de beschikbare budgetten met € 12.543 worden verhoogd. Openbaar groen (her)indexering WSW-werkzaamheden (2022) In de begroting 2022 is rekening gehouden met een prijsindex van 1,6% voor de budgetten waarvoor Stark werkzaamheden uitvoert in de openbare ruimte.
17
De werkelijke index die Stark in 2022 heeft aangedragen is 2,8%. Het verschil komt neer op bijna € 25.000. Om het onderhoud in de toekomst, volgens het afgesproken onderhoudsniveau te kunnen (blijven) uitvoeren, is het noodzakelijk dat de beschikbare budgetten met € 24.711 worden verhoogd.
Openbaar groen, indexering WSW-werkzaamheden Om het onderhoud, volgens het afgesproken onderhoudsniveau te kunnen (blijven) uitvoeren, is het noodzakelijk dat de beschikbare budgetten voor WSW-werkzaamheden, die door het leerwerkbedrijf Stark worden uitgevoerd worden verhoogd. Vooralsnog wordt er rekening gehouden met een prijsindex van 5% % (budgetten onderhoud plantsoen, bomen en begraafplaatsen en onderhoud groen door Stark) wat neerkomt op een bedrag van € 53.725. Bij het opstellen van de begroting 2023 gaan we de indexering beoordelen en daar waar nodig corrigeren. Openbare speelvoorzieningen, areaaluitbreidingen Door uitvoering van het project Dwingelandpark is het areaal gewijzigd. Om deze reden dienen vanaf 2023 de exploitatielasten structureel te worden verhoogd met € 15.000. Openbaar groen, actualisatie groenbeheerplan De commissie BBV geeft het advies om vanuit het oogpunt van risicobeheersing en inzicht in de financiële positie actuele beheerplannen te hebben. Een beheerplan mag maximaal vijf jaar oud zijn. Omdat de gemeente verantwoordelijk is voor een veilige en duurzame leefomgeving voor haar inwoners, moeten budgetten in de begroting zijn opgenomen die bestemd zijn voor het in standhouden van kapitaalgoederen (waaronder openbaar groen). In 2019 is het groenbeheerplan voor de periode 2020-2024 vastgesteld.
Om een actueel groenbeheerplan te houden dient dit plan in 2023 te worden geactualiseerd, zodat de resultaten kunnen worden opgenomen in de begroting 2024-2027. Met het hebben van een actueel groenbeheerplan zijn de noodzakelijke uitgaven voor de komende jaren inzichtelijk en kunnen de juiste onderbouwde keuzes gemaakt worden ten aanzien van onderhoud, vervanging en besparingen. Om het groenbeheerplan te actualiseren is externe expertise nodig. Om deze reden dient het exploitatiebudget in 2023 eenmalig te worden verhoogd met € 50.000. Openbaar groen, Opstellen gedragscode Flora en Fauna In 2021 en 2022 wordt gewerkt aan de leidraad flora en fauna. Implementatie naar gedragscode is gepland voor juni 2023. Dan vervalt de huidige gedragscode. In 2026 moet er wederom een gedragscode worden opgesteld. De gedragscode (o.b.v. artikel 3.31 lid 1, Wet natuurbescherming) "Soortbescherming voor Gemeenten" moet dan in werking treden. Daarvoor is inhuur van extern expertise gewenst zoals ook is ingezet bij het opstellen van de leidraad. Op dit te realiseren is een aanvullend budget van € 6.000 geraamd en voor 2026 € 7.000. Openbare speelvoorzieningen, veiligheidsinspecties Speeltoestellen moeten veilig zijn en volgens het Warenwetbesluit Attractie- en speeltoestellen regelmatig geïnspecteerd worden.
Om te beoordelen of deze speeltoestellen veilig zijn, vindt jaarlijks door een interne medewerker een veiligheidsinspectie plaats waarbij de speelplaats, het toestel en de speelzone gekeurd worden. Om blindheid te voorkomen is het verstandig en wenselijk om deze inspectie incidenteel uit te laten voeren door een extern inspectiebureau. Om deze werkzaamheden in 2023 extern uit te laten voeren moet hiervoor incidenteel € 11.600 worden opgenomen. Buurthuizen onderhoud, schoonmaakvergoeding en overige vaste lasten De schoonmaakvergoedingen voor de volgende buurthuizen komen te vervallen: Buurthuis Wolfsbos is gesloopt (€ 7.386) Buurthuis Turkse vereniging Rozenstraat 5 is gesloopt (€ 369), Buurthuis ’t Anker geen schoonmaakvergoeding (€ 16.824). 18
Multifunctioneel centrum Krakeel De jaarlijkse kosten voor beheervergoedingen en huur voor ruimtes zijn € 19.000 lager dan de raming die in de begroting is opgenomen. Buurtwerk algemeen, lagere kosten SWW De kosten van SWW voor het gemeentelijk gebruik van kantoren in de Weideblik, Het Oor, Brede School Zuiderbreedte en het Anker zijn structureel € 37.778 lager dan begroot. Peuterspeelzaal De Sterrenhoeve Op basis van realisatiecijfers van afgelopen jaren ramen we kosten voor ozb, rioolrecht, gasverbruik en verzekeringen € 2.700. Opbrengst verhuur Peuterspeelzaal De Sterrenhoeve Op basis van realisatiecijfers van afgelopen jaren ramen we de opbrengst voor huuropbrengst structureel met € 2.700
Veilige bereikbaarheid Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Indexactie onderhoudsbudgetten Verkeer en vervoer structurele kostenverhogingen Sloten structurele kostenverhogingen Brugbediening Straatreiniging Indexatie parkeerservice/ publiek vervoer Areaal uitbreiding wegen Waarschuwingsborden en wegwijzers Wegenbeheersplan
Categorie
2023
2024
2025
2026
2 2 2 2 1 1 2 2 2
pm 597 6 3 436 pm pm 10 50
pm 597 6 3 436 pm pm 10
pm 597 6 3 436 pm pm 10
pm 597 6 3 436 pm pm 10
Toelichting mutaties Indexatie onderhoudsbudgetten Om het onderhoud op het met de raad afgesproken kwaliteitsniveau (BOR-basis) te kunnen (blijven) uitvoeren, is het noodzakelijk de beschikbare budgetten op peil te houden. Indexatie is daarom noodzakelijk en vindt plaats op grond van de aangekondigde prijsindex uit de jaarlijkse meicirculaire over het Gemeentefonds. Bij het opstellen van de begroting 2023 gaan we de indexering beoordelen en daar waar nodig corrigeren. Structurele kostenverhogingen De prijsstijging is een zo goed mogelijk inschatting van prijsontwikkelingen en verwachtingen zoals ze momenteel kunnen worden gemaakt. De actuele prijsstijgingen zitten tussen de 12 en 16%. Landelijk wordt in de GWW-sector (grond-, weg- en waterbouw) een prijsindex aangehouden van 20%. Vanwege de grote onzekerheid hebben we het uitgangspunt genomen om tussen de landelijke en actuele berekening van aannemers te gaan zitten, te weten 18%. Als gevolg van de kostprijsstijgingen moeten de budgetten opgehoogd worden om het onderhoud van de wegen uit te kunnen voeren en het achterstallige onderhoud langzaam weg te werken.
19
De kostprijsstijging geldt niet alleen voor het onderhoud van de wegen, maar ook voor het onderhoud van de bermen, het aanbrengen van de belijning, vervangen van verkeersborden, het opschonen van de sloten enzovoort. Bruggen Op basis van de realisatiecijfers van 2021, blijkt het structurele tekort voor de voor brugbediening niet € 18.000, maar € 21.000 te zijn. Straatreiniging Door de actualisatie van de productenbegroting en de herziening van de begrotingssystematiek van Area zijn de uitvoeringskosten van de straatreiniging gestegen. Indexatie bijdragen verbonden partijen De bijdragen aan de verbonden partijen ‘Parkeerservice’ en ‘Publiekvervoer’ worden in 2023 volgens verwachting geïndexeerd. Gezien de hoge inflatie zal de indexatie naar verwachting hoger zijn dan voorgaande jaren. Bij het opstellen van de begroting 2023 gaan we de indexering beoordelen en daar waar nodig corrigeren. Areaal uitbreidingen Door het uitvoeren van civiele projecten en bouwprojecten neemt het wegenareaal toe of af, wat kan leiden tot hogere of lagere onderhoudskosten. De areaaluitbreiding voor 2023 wordt in de loop van het jaar inzichtelijk gemaakt. Waarschuwingsborden en wegwijzers In het kader de bezuinigingen werd in 2020 besloten 2 jaar lang geen verkeersborden e.d. te vervangen. Dit was een eenmalige bezuiniging, die zijn weerslag heeft gehad op het straatbeeld.
Veel borden zijn vernield of gestolen. In 2023 is het om die reden nodig om het weer budget terug te brengen van € 60.106 naar € 70.201 om de nodige vervangingen te kunnen doen. In 2023 moet het wegenbeheersplan worden geactualiseerd, waar externe expertise voor nodig is, hiervoor dient het exploitatiebudget in 2023 eenmalig te worden verhoogd met € 50.000. Publiek vervoer/De Bij Voor De Bij moet rekening gehouden worden met een extra hoge NEA-indexering (brandstof en personeelskosten). Deze wordt pas in het late najaar bekend gemaakt.
Duurzamer Hoogeveen Financiële ontwikkeling Omschrijving "+" = nadeel, "-" = voordeel Bijdrage RUD
bedragen x € 1.000
Categorie
2023
2024
2025
2026
1
324
303
303
303
20
Toelichting Mutaties Bijdrage RUD Ontwikkelingen die van invloed zijn op de hoogte van de gemeentelijke bijdrage aan de RUD in onze meerjarenbegroting bestaan uit de volgende bijdragen: • Door de indexering van 2,4% wordt de bijdrage aan de RUD met € 33.329 verhoogd. • Er is een meerjarig groeimodel voor 2023 en 2024 opgesteld om het risicogericht toezicht en energie- en asbest toezicht op een aanvaardbaar uitvoeringsniveau te brengen. De bijdrage is met € 118.181 verhoogd. • Door het verschuiven van het bevoegd gezag (van Provincie naar gemeente en vice versa) voor bodemtaken en milieulocaties wordt de bijdrage met € 151.620 (milieubelastende activiteiten) • Verhoogde incidentele bijdrage van € 20.383 door aanvullende kosten ten behoeve van het verrijken van het locatiebestand met milieubelastende activiteiten (MBA’s).
Veilig Hoogeveen Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Veiligheidsregio Drenthe (VRD) Zorg- en Veiligheidshuis Drenthe (ZVHD)
Categorie
2023
2024
2025
2026
1 1
98 pm
98 pm
98 pm
98 pm
Toelichting mutaties Veiligheidsregio Drenthe (VRD) Op basis van de concept begroting 2023 van de VRD wordt de bijdrage aan de VRD met € 98.000 verhoogd. De verhoging betreft loon- en prijsstijging en extra uitzettingen. Voor de volgende onderwerpen is op korte termijn actie noodzakelijk: - Crisisbeheersing een kennis- en capaciteitsimpuls geven; - Brandweerzorg: investering in voldoende brandweervrijwilligers; - Informatievoorziening en veiligheid: data en informatie als cruciale componenten; - Verbeterplan informatieveiligheid & privacy; - Risicobeheersing als expertisepartner op fysieke veiligheid. Zorg- en Veiligheidshuis Drenthe (ZVHD) In afwachting van de begroting 2023 is de bijdrage voor 2023 met pm opgenomen.
Zichtbaar en transparant bestuur Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Salarissen en sociale lasten (bestuur) Accountantskosten (bestuur) Ver. Nederlandse gemeenten (bestuur) Verkiezingen (burgerzaken)
Categorie
2023
2024
2025
2026
1 1 1 1
62 25 11 pm
62 25 11
62 25 11
62 25 11
21
Toelichting mutaties Salarissen en sociale lasten bestuur Als gevolg van de oplopende inflatie moeten we rekening houden met een reguliere loonstijging voor de komende jaren, waarbij vooralsnog is uitgegaan van 4% inflatie t.o.v. de begroting 2022. Het gaat daarbij om de loonkosten van de raad, het college en de griffie. Het gaat hierbij om een bedrag van € 62.000. Accountantskosten De voorgestelde aanpassing met € 25.000 is nodig als gevolg van extra werkzaamheden van de controle van de jaarrekening, voornamelijk door de jaarlijkse uitbreiding van het aantal SiSa regelingen. Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG) Voor de periodieke kosten van de VNG hebben we een indexering van 2% toegepast, t.o.v. de begroting 2022. De ophoging van € 11.000 is in lijn met de verwachting. Verkiezingen In de meerjarenbegroting is uitgegaan van de organisatie van 1 verkiezing. De kosten zullen hoger uitvallen dan geraamd in de meerjarenbegroting omdat er op 15 maart 2023 verkiezingen voor zowel Provinciale Staten als de waterschappen plaats zullen vinden. Omdat we via de Algemene Uitkering uit het gemeentefonds naar verwachting worden gecompenseerd voor de kosten van de organisatie van deze verkiezingen, is hier vooralsnog een Pm-post opgenomen omdat het mogelijk budgettair neutraal doorwerkt in de begroting 2023.
Algemene dekkingsmiddelen Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Algemene uitkering: Uitkomsten Maartbrief Algemene uitkering: Invoering nieuwe verdeling Bijstelling OZB-opbrengst Indexering inkomsten Kapitaallasten investeringen
Categorie
2023
2024
2025
2026
1 1 2 1 3
-3.542 pm -206 -560 pm
-6.006 pm -206 -560 pm
-7.074 pm -206 -560 pm
-1.879 pm -206 -560 pm
Toelichting mutaties Algemene uitkering Uitkomsten decembercirculaire Het uitgangspunt van de meerjarenbegroting 2022 was de meicirculaire 2021. De uitkomsten van de decembercirculaire 2021 zijn verwerkt in de beginstand van deze kaderbrief. Uitkomsten maartbrief Vooruitlopend op de meicirculaire 2022 hebben we op 6 april jl. de Maartbrief ontvangen van het Rijk. Deze Maartbrief schetst een eerste beeld van de gevolgen voor individuele gemeenten op basis van de reeksen accres en opschalingskorting zoals is aangegeven in het coalitieakkoord.
22
Bij de voorjaarsnotabesluitvorming van het Rijk zal een actualisatie van het accres plaatsvinden en zal meer inzicht worden gegeven in de andere posten uit het coalitieakkoord die voor gemeenten van belang zijn. Over de gevolgen hiervan voor individuele gemeenten worden gemeenten via de meicirculaire 2022 geïnformeerd. Accres De jaarlijkse indexatie van het gemeentefonds heet het accres. De in het coalitieakkoord opgenomen accresreeks voor het gemeentefonds komt bovenop het accres uit de Miljoenennota 2022. Na verwerking van een nieuw CPB-macrobeeld wordt het accres tot en met 2025 herrekend op basis van de nieuwe standen. Dit gebeurt bij de Voorjaarsnota 2022. De uitkomsten van deze herberekening worden verwerkt in de meicirculaire 2022. Besloten is dat een aantal middelen die het Rijk extra beschikbaar stelt voor bijvoorbeeld het stikstoffonds en klimaatfonds zijn uitgesloten voor de berekening van het accres. Schrappen oploop opschalingskorting Het kabinet heeft besloten deze kabinetsperiode de oploop van de opschalingskorting te schrappen. De verdeling van de middelen vindt plaats naar rato van de aandelen van gemeenten in de algemene uitkering. Hieronder de berekening van de financiële gevolgen van het accres en het schrappen van de opschalingskorting. (De uitkomsten zijn voordelig).
Omschrijving (bedrag x € 1.000) Extra accres (cumulatief, vrij besteedbaar) Afslag onderuitputting Aftrek inflatie naar Constante prijzen Opschalingskorting Effect inkomensafhankelijke bijdrage huishoudelijke hulp Te heffen inkomensafhankelijke bijdrage huishoudelijke hulp Totaal (basisjaar 2022)
2023 2.747 -549 1.311 33
2024 5.084 -763 -102 1.754 33
3.542
6.006
2025 5.797 -819 -116 2.212 -262 262 7.074
2026 2.753 -819 -55 -262 262 1.879
Helaas blijft informatie over het ravijnjaar 2026 tot nu toe uit. Het terugvallen van het accres vanaf 2026 naar een structureel niveau en het schrappen van de oploop opschalingskorting in de jaren 2023-2025 blijven staan. De fondsbeheerders geven aan dat met de VNG is afgesproken een traject voor het opstellen van een contourennota in te richten. Met deze nota wordt beoogd wel duidelijkheid te geven over 2026 en volgende jaren. De eerste resultaten worden verwacht in juni 2022. Dat wordt kort dag voor de begroting 2023 en die informatie is hard nodig aangezien het jaar 2026 voor de begroting 2023 de laatste jaarschrijf is, waarop de begroting structureel en reëel in evenwicht moet zijn. Invoering nieuwe verdeling per 1 januari 2023: Bij de invoering van het nieuwe model worden de adviezen van de ROB en de VNG niet allemaal gevolgd. Aangezien niet alle geadviseerde onderzoeken zijn afgerond voorafgaand aan invoering van het model, wordt het ingroeipad het eerste jaar niet op maximaal € 15 per inwoner gezet, maar op maximaal € 7,50 per inwoner. Dit wordt beperkt tot 3 jaar. De invoering van het nieuwe model moet tijdig geëvalueerd worden en aan de hand van die evaluatie zal besloten worden over het traject 2026 en verder. We verwachten bij de meicirculaire 2022 meer duidelijkheid te krijgen wat de financiële gevolgen voor Hoogeveen zullen zijn.
Bijstelling OZB-opbrengst Op basis van realisatiecijfers 2021 kan de raming met € 206.000 worden verhoogd.
23
Indexering inkomsten Jaarlijks indexeren we onze inkomsten. Dit betreft indexering van OZB, gemeentelijke leges, huuropbrengsten etc. De indexering is gebaseerd op de consumentenprijsindex. Op dit moment (maart 2022) is de index 9,7% (ten opzichte van maar 2021). Dit betekent een aanzienlijke stijging voor de tarieven. In deze kaderbrief gaan we daarom vooreerst uit van een indexering van 3%. Hiermee worden de inkomsten met circa € 560.000 verhoogd. Dit is een netto-opbrengst. Aan de lastenkant moet ook rekening worden gehouden met een OZB-stijging van de gemeentelijke gebouwen. Kapitaallasten investeringen Bezien moet worden of nog extra ruimte moet worden opgenomen voor noodzakelijke vervangingsof nieuwe investeringen. Daarnaast zal een actualisatie worden gemaakt van de opgenomen investeringen in de programmabegroting 2022-2025.
Overhead Financiële ontwikkeling Omschrijving bedragen x € 1.000 "+" = nadeel, "-" = voordeel Bijdrage SWO Huisvesting: overheveling pand Vos van Steenwijklaan
Categorie
2023
2024
2025
2026
1 1
1.723 -119
1.808 -119
1.856 -119
1.835 -119
Toelichting mutaties Bijdrage SWO Op basis van de kadernota 2023 van de SWO wordt de bijdrage aan de SWO verhoogd. De verhoging betreft: Mutatie kadernota SWO 2023: Cao-aanpassing 2021-2022 Correctie ABP-premie 1e begrotingswijziging 2022 SWO-tractieplan Cao-aanpassing 1-1-2023 (2%) Periodieken Huisvesting De Vos van Steenwijklaan Nieuwe software en onderhoud Indexatie software en onderhoud Indexatie onderhoud tractie Indexatie schoonmaakkosten Bijstelling kapitaallasten o.b.v. jaarrekening 2021 Bijstelling tarieven gladheidsbestrijding Vergroten slagkracht informatieveiligheid Administratieve ondersteuning uitvoering Wet open overheid Extra inzet verzekeringen
2023 214 -100 14 779 467 163 117 40 19 9 -75 10 36 17 13